Twee domme blondjes lopen ieder aan een kant van het kanaal. Roept de een naar de ander: "Hoe kom ik aan de overkant?" Zegt de ander: "Hoezo? Daar ben je toch al!"
De moeder van Jantje vertelt aan Jantje dat hij volgende week waarschijnlijk de geboorte van een kalf zal meemaken. "Eerst komen de voorpoten, dan de kop, dan de schouders vervolgens het lijf en tenslotte de achterpoten", legt moeder alvast uit. Vraagt Jantje:"En wie zet hem dan in elkaar?"
Er lopen twee ambtenaren over straat. Trapt er eentje een slak dood. Zegt de tweede: 'Waarom doe je dat nou weer? Is toch helemaal nergens voor nodig!' Antwoordt de eerste: 'Hij liep me al de hele dag voor de voeten.'
Jantje zegt tegen zijn vader: "Pap, ik ga binnenkort trouwen!" Zegt vader: "Zo, met wie dan wel?" "Met oma", zegt Jantje. "Maar dat kan toch helemaal niet, dat is mijn moeder!", roept vader verbaasd. Waarop Jantje antwoordt: "Dat is toch niet erg, jij bent toch ook met mijn moeder getrouwd !"
Een man komt bij de Gamma en bestelt 20.000 bakstenen. Zegt de verkoper: "Twintigduizend bakstenen, ga je een huis bouwen of zo?" Zegt de man:"Nee, een barbecue." Waarop de verkoper zegt: "Je hebt toch geen twintigduizend stenen nodig voor een barbecue ?" Zegt de man: "Nee, maar ik woon op 12 hoog..."
Er komt een man bij de kapper met een enorme bos haar. De kapper vraagt wat de man wil. Hij wil kortgeknipt worden. Na een half uurtje vraagt de kapper: 'Heeft u in het leger gezeten?' 'Ja,' zegt de man, 'hoe weet u dat?' Zegt de kapper: 'Ik kom net je baretje tegen.'
Een moeder loopt met haar dochtertje in de dierentuin. Dan komen ze bij de apen. Zegt het dochtertje: "He, die aap lijkt precies op oom Geert." Haar moeder antwoordt: "Dat mag je niet zeggen!" Dan zegt het dochtertje: "En dan, die aap hoort het toch niet."