Nijlpaarden zijn verre verwanten van de zwijnen. Oudere mannetjes kunnen tot 4,25 meter lang zijn en 4 ton wegen. Het lichaam is niet behaard, enkele haren op de snuit, de oren en staartpunt uitgezonderd. De enorme kop is bovenaan afgeplat, de muil is groot en gewapend met snijtanden en grote op slagtanden lijkende hoektanden. De ogen zitten hoog, de oren zijn klein en de spleetvormige neusgaten staan boven op de kop. Dit brengt mee dat een nijlpaard praktisch onzichtbaar in het water kan liggen, met enkel ogen, oren en neusgaten boven water. Over 't algemeen blijft een nijlpaard ongeveer 2,5 tot 4,5 minuten volledig ondergedompeld alvorens terug naar boven te komen om lucht te scheppen. De nijlpaarden leven in Afrikaanse rivieren en meren; ze verlaten 's nachts het water om op zoek te gaan naar voedsel. Ze verslinden grote hoeveelheden gras en waterplanten. Het dwergnijlpaard van West-Afrika is niet langer dan 1,50 meter.