..................................................... Jaarlijkse Algemene vergadering in de maand september in Café 't Hoekske ....................................................
Een jare duizennegenhonderd zes en vijftig, de twaalfde februari, om twee uur s namiddags, werd alhier ten Stadhuize, vóór de heer Emile Gilis, Ambtenaar van de Burgerlijke Stand, aangifte gedaan der geboorte op heden, van: Tiske Tienen, zoon van de Tiense reuzen Janneken en Mieken. In een vorig stukje Tien eeuwen Tienen werd al verteld hoe de Tiense reuzen Jan en Mie het levenslicht zagen. Op 10 juli vierden ze zelfs hun 84ste verjaardag. Ze bleven een tijd gezellig met zijn tweeën zonder kinderen, tot de carnavalsvereniging De Ridders van Brunengeruz in 1956 het initiatief nam om de reuzenfamilie uit te breiden. Niet lang daarna, op 12 februari 1956, wordt de geboorte van Tiske Tienen aangegeven op het gemeentehuis. Zijn geboorteakte wordt nog bewaard in het stadsarchief, en werd ondertekend door de toenmalige burgemeester Edgar Rowie (1955 61), in aanwezigheid van Prins Carnaval Jan I en Louis Gerval, voorzitter van het carnavalscomité. Op een foto uit de Publipers van kort na 12 februari 1956 zien we de zeer hartelijke verwelkoming van Tiske door Prins Carnaval.
Terwijl Jan en Mie in 1927 een 300 kilo zwaar kleien hoofd kregen van de beeldhouwer M. Spaelant, werd het gezicht van Tiske gemaakt van papier-maché. In grootte verschilt hij ook met zijn ouders: Jan en Mie meten beiden 4,8 meter, terwijl Tiske maar 2 meter lang is. Met zijn 20 kilo is hij ook gemakkelijk door één persoon rond te dragen, terwijl Jan en Mie een aantal dragers nodig hadden om zich te kunnen bewegen. Deze taak werd toen met veel enthousiasme uitgevoerd door de Getuigen van de Reuzen. Tot slot kreeg Tiske een matrozenpakje aangemeten, waarschijnlijk om zijn status als reuzenkind wat meer nadruk te geven. Jan en Mie dragen vanaf hun geboorte de typische Hagelandse boerenkledij.
Reuzen kunnen per stad een andere betekenis hebben. Zo zijn Jean en Alice van Waver de reuzenversie van twee belangrijke historische personen, die in het verleden voor de stad de stadsrechten hebben verkregen. Jan en Mie verwijzen echter naar een belangrijke traditionele waarde: samen verbeelden zij als sympathieke Hagelanders de huwelijkse trouw. Later, met de geboorte van Tiske, is het plaatje (bijna) compleet en vormen ze het voorbeeld als gelukkige familie. Tienen is hiermee een vreemde eend in de bijt: in de traditionele familiestructuren van de reuzen is er normaal sprake van één reus, waarna enkele jaren later een andere, meestal vrouwelijke reus wordt geïntroduceerd. Doorgaans wordt er kort daarna een zoon en/of dochter geboren. Met betrekking tot de Tiense reuzenfamilie is het iets anders verlopen: Jan en Mie zijn op dezelfde dag geboren, maar moesten welliefst 29 jaar wachten op een nakomeling. (bron: s.a. Marionetten en reuzen in Brabant, tent. cat., Brussel, 1979: 17, 30.).
De drie reuzen worden ook als gelukkige familie geportretteerd op een schilderij van de Tiense schilder Willy Lecomte (1943 2009) gedateerd begin jaren 70. In het kleurrijke werk staan Jan, Mie en Tiske te midden van feestvierende carnavalsgangers en de dansende Getuigen van de Reuzen (in blauw vest met rode halsdoek). Op de achtergrond zien we de duidelijk herkenbare Onze-Lieve-Vrouw-ten-Poelkerk. Met een beetje fantasie zien we Lecomte nog staan op de Grote Markt met een schetsboek in de hand, op de plaats waar nu een appartementsgebouw tussen twee brasseries in staat.
De Tiense reuzen op de Grote Markt tijdens Carnaval, Willy Lecomte, begin jaren '70 (Eigenaar: Jacques Natens, Fotografie Leyssens)
De familie was echter nog niet compleet. Bijna twintig jaar later komt Nieke ten tonele, geboren op Vastenavond, maar van onbekende ouders. Zij werd gevonden in de kinderkribbe van de afdeling Plastische Kunsten van de Provinciale Normaalschool in Tienen. Tiske wordt verliefd en trouwt met Nieke op 22 november 1975. Vijf jaar later werd hun zoon de Delta Kweiker geboren. Helaas is de reuzentraditie van de verbeelding van de gelukkige familie wreed verbroken: kort na de introductie van de Delta Kweiker is hij verdwenen. OpgewekTienen is nog altijd hard op zoek naar de gouden tip die de kleine reus terug naar het Tiense straatbeeld kan brengen.
Trouwakte Tiske en Nieke. Nieke zou volgens de akte geboren zijn op Vastenavond 1957, terwijl zij in werkelijkheid in 1975 het levenslicht zag. Mogelijk is dit opzettelijk gedaan, zodat Tiske en Nieke officieel bijna even oud zouden zijn bij hun huwelijk.
Weet jij waar de Delta Kweiker is of wat er met het reusje gebeurd is? Laat het ons weten via opgewekTienen@opgewekTienen.be of 0498 68 44 10. Alle tips zijn welkom!
Met dank aan de medewerkers van het stadsarchief Tienen. Tekst en onderzoek: Diantha Osseweijer Foto bij bericht: geboorteakte Tiske, stadsarchief Tienen In Tien eeuwen Tienen belichten we historische weetjes over de suikerstad. De rubriek wordt verzorgd door kunsthistorica Diantha Osseweijer en historicus Jakob Ulens
Molly Peeters, weduwe van dokter Jean Smeesters, is afgelopen woensdag aan de gevolgen van een slepende ziekte in het H.Hartziekenhuis in Tienen overleden. Ze werd 75 jaar.
Molly Peeters had er een volledige carrière als lerares opzitten. Ze doceerde chemie en biologie aan de Provinciale Normaalschool te Tienen waar ze vooral om haar toewijding en haar enorme liefde voor de natuur bekendstond.
Later, na haar pensionering, was Molly samen met haar oud-collega George Massaer actief in de reisclub GTS-Travel waar zij samen tientallen cultuurreizen organiseerden waarbij George als gids optrad voor alles wat met de geografie had te maken en Molly zich toelegde op kunst en historisch erfgoed. De reisboekjes die ze daarover samenstelde en aan de deelnemers uitdeelde tijdens de reizen waren erg in trek. Om de boekjes - echte reisgidsen - zelf te kunnen afwerken en van foto's en tekeningen te voorzien, leerde Molly zichzelf op betrekkelijk late leeftijd in haar eentje met de pc werken, een prestatie waar ze enorm trots op was.
'Even de waarheid over de namen Viandra en Viander.' Dat laat Paul Kempeneers weten.
Eerder in de maand kondigden kondigden exploitant en stadsbestuur de wedergeboorte aan van het Viandradomein. 'Viandra!', benadrukte schepen Patrick Grootjans (SP.A), 'Viander is een verbastering.'
Dr. Paul Kempeneers, plaatsnaamkundige, reageert: 'In 1935-1936 begon Felix Gelpkens met de uitbating van een zwembad en roeivijver. Het water kwam van de Vosselborn, verder lopend als Bruinissembeek (nu ondergronds). Deze beek komt in het riviertje Viander uit. Gelpkens vergiste zich en dacht dat het water van het zwembad van de Viander kwam.
Uit een pamflet uit 1976.
Hoe dan ook, hij leidde van de naam Viander "Viandra" af. De naam komt de eerste keer voor op 22 december 1936 (schepencollege) als "badinrichting Viandra" (zie Kempeneers, Tiense Plaatsnamen, 1987, p. 77-78). Bekend was ook Viandra-Baden (1959).'
'Viandra is geen verbastering, maar gewoon een naamkeuze van Gelpkens. Het gevolg was dat de Bruinissemweg in de volksmond vanzelf veranderde in Viander- of Viandrastraat. Dit was echter de naam van de huidige Oorlogsvrijwilligersstraat. Om aan de verwarring een einde te maken werd Bruinissemweg officieel veranderd in Vianderstraat.'
Viander is een rivier. Viandra een recreatiezone. Maar de Viander voedt niet (rechtstreeks) de Viandra. De Viander (waterloop 4.041) volgt grosso modo de huidige Vianderstraat. De Bruinissembeek moet je zoeken in de nieuwere Vianderwijk, waarvan een deel ten onrechte de naam Vianderdal kreeg. Voor de bebouwing, na 1970, werd de aanblik vanaf de Oplintersesteenweg in de Aardrijkskundeles meegegeven als model voor een V-dal. (Billen - HNB)
De heraanleg van de Tiense vesten kost al 2 miljoen euro meer dan aanvankelijk begroot. Ook het stadsbestuur moet een pak geld bijleggen.
Aanvankelijk bestond het plan erin om alleen de zogenaamde zwarte verkeerspunten op de vesten aan te pakken. Op die plaatsen gebeuren er geregeld ongevallen, niet zelden met voetgangers. Het ging dan meer bepaald om de kruispunten Kapucijnenstraat/Slachthuisstraat/Leopoldvest (1,9 miljoen euro), Guffensstraat/Leopoldvest (1,3 miljoen euro), Oplintersesteenweg/Veldbornstraat/Sliksteenvest (2,5 miljoen euro) en Aandorenstraat/Beauduinstraat/Vinckenboschvest (1 miljoen euro). Dat maakt dat de aanvankelijke raming op ongeveer 6,7 miljoen euro lag.
Toch liggen de kosten nu al veel hoger, zegt Vlaams parlementslid Peter Reekmans (LDD) uit Glabbeek. Het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) geeft toe dat de oorspronkelijke plannen gewijzigd zijn. De werken blijven niet beperkt tot de aanpak van de vier kruispunten, maar omvatten onder meer ook het terugbrengen van twee rijvakken in beide richtingen tot een met ventwegen. Die wijken op hun beurt uit naar zijwegen. Ook worden de vesten omgetoverd tot een lange groene boulevard. Het gevolg van de gewijzigde plannen is ook dat het kostenplaatje fors hoger ligt: 8.650.000 euro. Daarbovenop komt nog een extra bijdrage voor het Tiense stadsbestuur: 750.000 euro. En ook dan gaat het nog maar om ramingen. Nochtans zouden volgend jaar de werken starten.
Nieuwe raming
Uit het antwoord van minister van Openbare Werken Hilde Crevits (CD&V) op een parlementaire vraag van Reekmans moet blijken dat de nieuwe prijzen in overeenstemming zijn met de huidige stand van de plannen. Over een gedetailleerde financiële verschillenanalyse van de oude en nieuwe raming beschikt de minister niet.
Wel is de terreinkennis verbeterd tussen het voorontwerp en het uiteindelijke ontwerp. Die drijft de kosten ook op. Ook de inflatie telt mee. Het bedrag, dat het stadsbestuur moet bijleggen, is bestemd voor de heraanleg van lokale wegen, stoepen, groenaanplantingen en plaatsing van straatmeubilair.
Bij de bewoners van de vesten zijn er voor- en tegenstanders van de heraanleg. Vooral handelaars zijn niet echt opgezet met de plannen. Anderen wel omdat de heraanleg de kans geeft om komaf te maken met het snel rijdende verkeer. Onlangs trokken de voorstanders van de heraanleg nog van leer omdat andermaal een wagen uit de bocht vloog en brokken maakte. De tegenstanders zien het anders. Volgens hen had de chauffeur te diep in het glas gekeken. Ze betreuren dat daarover met geen woord gerept wordt. (Het Nieuwsblad)