Nadat ik de zondag nog doorbracht met een kudde Duitsers aan de Atlantische oceaan, in het idyllische Puerta de Santa Maria, volgde maandag de ontnuchtering. De eerste lessen bleken semi-onverstaanbaar, en met mijn "una cerveza por favor" en "vamos a la playa" kom je niet zo heel ver in burgieland. De eerste prof viel nog mee, de tweede was een Andaluciër (lees: onverstaanbaar) en mijn derde les verliep als volgt. Ik kwam te laat mijn lokaal binnen, alhoewel ik dacht dat ik nog ruim op tijd was. Maar goed, dat overkomt mij in België ook regelmatig. Ik zette me ergens vanachter, en probeerde te verstaan wat de prof aan het vertellen was. Dat ging in feite niet. Hoe hard ik mijn best ook deed, ik kon echt niet verstaan wat dit heerschap te vertellen had. Dat is vooral frustrerend als je merkt dat iedereen van de klas soms tegelijkertijd iets begint op te schrijven, en jij alleen een beetje duf vooruit kan blijven kijken. Belangrijk item net gemist. Ik dacht mezelf dan maar nuttig te maken met de naam van het vak op te schrijven, toen mijn oog viel op het blad van de persoon voor mij. Die had enkel de initialen van de vaknaam opgeschreven, doch dezen kwamen niet overeen met de mijne. Er zat dus ergens een haar in de boter. Met hernieuwde moed probeerde ik te verstaan waarover dat er gesproken werd, maar wederom zonder succes. Toen plotseling de prof naar zijn boekentas ging om er iets uit te halen, achtte ik mijn kans rijp. Ik draaide me om naar de chico achter mij, nog net iets later gearriveerd, en fluister: T: Este curso es motores y maquinas termicos? C: stomverbaasd: No, es quimica. T: No soy de aqui, no comprendo nada. C: stommerverbaasder: Nada!? T: Es possible de partir ahora? C: Stomstverbaasdst: Creo que no. Heb dan tot tien geteld, mijn boeltje gepakt en onder dat typische aula-hoongelach de zaak verlaten. Ik voel me hier soms echt lost in translation. Maar goed, seffens weer een nieuwe poging, mijn aula is al dubbel gechecked, en slechter als niks verstaan kan het in feite niet worden. De taallessen beginnen trouwens morgen. En het is hier weeral meer dan dertig graden. Zo gemakkelijk krijgen ze me hier niet weg.
Zoals geweten, ben ik hier niet alleen. Mijn compañero te velde is Thomas, www.bloggen.be/thomas_in_sevilla, die woensdag arriveerde na een familiale trip door Andalucië. Thomas zou zichzelf niet zijn, als hij niet voordat hij vertrok, al contact had gelegd met een Spaanse uit Sevilla, Maria, die toevallig 18 werd, en daarvoor een bijzonder groot feest gaf. Ikzelf zou mezelf niet zijn, moest ik me hier niet mede voor uitgenodigd voelen. Doch van de omvang van dit alles, waren wij ons die woensdagmiddag nog absoluut niet bewust. Smokings bleken noodzakelijk te zijn, dus smokings werden gehuurd. Dat dit niet meer evident is, zo een vijf uur voor de start van het feest, leerden we vrijdagnamiddag. Bussen bleken noodzakelijk te zijn, dus bussen waren ingelegd. We werden in het centrum van Sevilla verwacht om negen uur 's avonds. Een presentje bleek onmisbaar maar was gelukkig al gekocht. Oorbelletjes gekozen door Thomas' moeder en zus, zijn zelden een miskoop. Ons doel: vaste voet aan grond zetten in de Sevillaanse high society. Vooral bij mijn compañero stonden de zenuwen gespannen, en na een chaotische busreis ( onder gezangen als: "chofer la perdido") kwamen we aan op een prachtige hacienda, waarbij de ingang naar de eerste patio gevormd werd door een erehaag van lakeien en diensters. Nadat we een drankje en hapje (kaviaar!) gekregen hadden, maakten we een eerste verkenningsronde over de patio. We konden natuurlijk niet de hele avond op ons eentje blijven staan. We zochten het kleinste groepje (drie personen) en bedachten een tactiek om hierin te infiltreren. Het plan bestond erin te wachten tot een ober dit groepje naderde met een rijkelijk gevulde plateau, dan ook rond die ober te gaan staan, een eventueel grappige opmerking te maken, en als de ober zich verplaatste, onszelf in het groepje te bevinden. En dat dan in het Spaans. Eerste poging mislukte deerlijk. Met mijn mopje werd niet gelachen (in feite straal genegeerd), het groepje sloot zich weer en we stonden erbuiten. Even weer wat afstand nemen, want het is ook geen zicht om zo naast een groepje te staan schuren, en dan nog eens proberen. De moed opgeven staat niet in mijn woordenboek, ook niet het Spaans-Nederlandse. Opnieuw een ober, opnieuw erop af. Thomas vroeg deze keer iets en kijk, we waren vertrokken. Na de receptie volgde het avondmaal. Je moest gaan zitten aan de tafel die voor jou bestemd was. Thomas kwam terecht bij de familie van Maria, die hij al eens ontmoet had, en had een avondmaal met pubers. Ikzelf moest blijkbaar aan de andere kant van de zaal plaatsnemen, en kwam terecht naast de strafste kerel van de klas, die enerzijds voortdurend communiceerde met zijn vrienden over drie tafels heen, en anderzijds mij schunnige mopjes vertelde met zo een zware andalusische tongval dat ik er geen bal van begreep. Blijven lachen blijkt internationaal te werken. Hierna volgde de eigenlijke party, weer een patio verder, waarbij we zoveel cocktails geserveerd kregen als dat we maar wilden/konden. Iedereen begon te dansen, wij te socializen met zowat iedereen, en toen om zeven uur de bussen naar huis vertrokken, waren de uptown-connecties gelegd. We hebben gidsen en verblijf in Madrid, zijn volgende week zaterdag uitgenodigd op het feest van twee vriendinnetjes (smoking niet nodig, kostuum is genoeg) en vrijdag worden we meegenomen op stap in Sevilla. Dat gaat hier nog leuk worden.
Het zoeken naar een slaapplaats bleek algauw geen gemakkelijke opgave. Er is een soort van huisvestigingsdienst, maar die is totaal niet up-to-date en voor de rest ben je afhankelijk van announcements rond campussen en faculteiten. Maar aangezien er twee -tot drieduizend erasmussers arriveren, voornamelijk rond de laatste week, kun je je wel voorstellen dat het echt een soep wordt. Om een langdurig en frustrerend verhaal kort te maken, ben ik uiteindelijk met een Duitser en een Roemeen die in Oostenrijk studeert op zoek gegaan naar hele appartementen, in plaats van één plaatsje in een huis of appartement. Dat had meer succes, en maandag konden we onze intrek nemen in een flat juist buiten het centrum van de stad. Het is geen paleis, maar het is goedkoop en heeft een terras. Na een stevige inauguratie de avond erna, konden we eindelijk aan het jaar beginnen.
De vliegreis naar Malaga was turbulent. In de letterlijke zin van het woord dan. Er werd zowel links als rechts van mij danig naar de kotszakjes gegrepen, en toen de brokkenpiloot zijn toestel met een harde klap op de grond kreeg, barstte het vliegtuig uit in een applaus, zoals ze dat tien jaar geleden deden na een lange afstandsvlucht. Ryanairs finest aan het stuur. Daarna volgde een slaapverwekkende busrit naar Sevilla, alwaar ik introk in een van de goedkoopste herbergjes van de stad. Voorwaar een louche plek, mijn tweepersoonsbed deelde ik met een colonne mieren, maar toen ze mijn snoep ontdekten, sprongen ze daarop en verdwenen ze uit mijn bed. Die avond voor het eerst eens ergens op mijn eentje gaan eten, wat best wel leuk is, en dan mijn bed in. De volgende dagen zouden in het teken staan van mijn queeste naar een vaste verblijfplaats.
Dag allemaal en welkom op mijn blog. Zet je lekker neer, ontspan jezelf en haal er desgewenst een drankje bij. De laatste keer dat we elkaar nog hoorden, zal waarschijnlijk de koude zomeravond van vrijdag 8 september geweest zijn. De dagen erna hield ik me vooral onledig met afscheid nemen, en nog wat praktische zaken in orde te brengen. Woensdagmiddag verliet ik voorgoed het Belgisch grondgebied, en twee uur later landde ik op mijn eigen terra incognita.