Rustig genieten van gedichten, liedjesteksten, muziek, vertellingen, prenten en foto's.
Welkom in mijn thuishaven. Zoals het klokje thuis tikt, tikt het nergens.
07-04-2013
Herfst. H Moulijn-Haitsma Mulier
Wanneer de wind zoeft door de bruine wand, van de nog zomers dichtgesloten haag, hoor ik gekraak en ritselend geklaag, en dorre bladeren vallen langs de kant.
De oranje kruin in de verlaten laan, omtint de boom als afgedragen tooi, naar binnen dringt het sap, het vlammend mooi, verstromend in de kleur, in stil vergaan.
Zo keert ook voor het hart, seizoen en tijd, de oevers groenden glanzend in de baan, van de rivier; een spiegeling, een waan, blijkt op de tocht het beeld dat ons ontglijdt.
Maar binnen klankt de kleur; zo in die kring, verschijnt mij de eeuwige gloed, die ik bezing.
07-04-2013, 08:31
Geschreven door André
Geluk en Bouwen H Moulijn-Haitsma Mulier
1.Geluk
Mensen als eens geluk u draagt, dan zal van u opklinken een volle, rijke toon, reeds hoor ik uw stem, zacht en toch machtig, als de zwellende klank van een orgel is.
In het wijde ruim waar duizend kelen zingen, er blijft geen stofje zonder geluid, zo vol stromen de sferen van uw muziek, mensen, liefelijk, als gij gelukkig zijt, juicht gans het heelal.
2.Bouwen
Ik bouwde mijn huis voor de eeuwigheid, het stond voor de mensen in ruimte en tijd, zij staarden, en zagen alleen vreemde vormen aan, mijn eeuwigheidslach werd nergens verstaan.
Toch bouwde ik voort in wonder geluk, het was, als groeide mijn huis door de druk, en, toen was voleindigd mijn jarental, toen droeg het de sterren, het was het heelal.
07-04-2013, 08:30
Geschreven door André
Ritme. H Moulijn-Haitsma Mulier
Als in een schelp het zeegeruis, zo dringt het leven in ons huis, het geeft er maar een zwakke galm, en binnen is het veilig kalm.
Zoals door het slaan van een golf op haar baan, het binnenste openrijt, en uit de zoom waait een zilveren droom, zo rijst aan de grens van de enkele mens, het ritme van de tijd.
07-04-2013, 08:29
Geschreven door André
06-04-2013
Zoeken. H Moulijn-Haitsma Mulier
Zingend staan de heuvels aan het water, Zingend staan de bloemen in de wind, ach, zij vangen klanken van het geklater, van een bron, die ik alleen niet vind.
Echo's zijn ze van het zoet gesnater, van een nieuw geboren aardekind, dat de luchten vult met het geschater, van de vreugd, die het aan de wereld bindt.
Hoger klimt het fijne ijle zingen, in de bloemen luidt het aan de stroom, vaster trekt de maan haar lichte kringen, om de geurenvolle avondboom.
Zingend met de bloemen in de wind, zoekt mijn hart de vreugde van het kind.
06-04-2013, 07:41
Geschreven door André
Liefde. H Moulijn-Haitsma Mulier
Wil soms een man van zoete liefde spreken, het is aan zijn edelste zelf dat hij zich richt, niet aan een vrouw, zij is hem slechts het teken van lente, die in een nieuwe bloei hem licht.
En ook een vrouw, wil zij van liefde dromen, ziet niet een man, uit liefdes diepe vliet, ziet zij een beeltenis naar voren komen, haar schoonste zelf, dat zij in de spiegel ziet.
Zo is dan liefde in elk de drang tot leven, zij is in menseljkheid enkel lust tot groei, zij doet de dromenbloesems openbeven, zij drijft de mens tot de eindelijke bloei.
Maar vraag ik de liefde zacht, vanwaar zij kwam, dan lacht ze, dat zij uit de eenheid alles nam.
06-04-2013, 07:41
Geschreven door André
05-04-2013
Nymfenliedje. H Moulijn-Haitsma Mulier
Ik ben de stem van de natuur, ik ben in de lucht het gerucht van vallend water, hoort gij mij niet in het geklater van de fontein, in het avondpark?
Ik ben in het geratel van de donder, die slaat uit de bergen vonkensproeiende vlam, ik ben in het fluweel van de vogelkeel, hoort gij mij niet in het branden van de zee op de lage landen?
Ik ben het vuur van de natuur, ik ben haar lach in de openwaaiende dag, en ik zoek mijn makker, die huwt zijn stem aan mij, en danst met mij in de rei van de lachende nymfen.
05-04-2013, 09:23
Geschreven door André
Mijn vreugde. H Moulijn-Haitsma Mulier
Ik sta aan mijn raam en staar, in de zee van al mijn leed, dreunend valt zij mij aan.
Zie haar vloeien, zie haar loeien, gloeiende pijnen branden, schuimslijpend wijdt zij de wanden, van het zinkend hart.
Zwijgend zie ik haar aan, maar dan, uit de sproeiende vonken, van haar dofbonzend bonken, schuimt een kopje seringenwit, en huppelt op het schaduwend golven.
Mijn vreugde, nog lachend uit zorgen, mijn wichtje, mijn bloeiende morgen, gij zijt mijn liefste bezit.
05-04-2013, 09:21
Geschreven door André
04-04-2013
Aan zee. H Moulijn-Haitsma Mulier
De wateren van uw begeren o zee, omspoelen mij, eeuwig, eindeloos, en het omdeinde hart, zinkt in uw tovergrotten zachtjes neer, koel is uw grond, en uit uw groene schemer weef ik mijn droom.
Al uw groeisels neigen zich zacht naar mij, en strelend vatten mijn handen uw milde blad, uw wemeling is boven mij, maar diep in u, hoor ik uw stilte spreken.
In u is de rust, het eeuwig licht hebt gij gevonden, gij rust in uw hart zelf, vrijheid is uw naam.
04-04-2013, 08:30
Geschreven door André
Het offer. H Moulijn-Haitsma Mulier
Het offer wordt gebracht, hoog houdt de priester, het vlammend hart van het lam, en alles zwijgt, geen vogelkeel durft spreken.
Tot plotseling koren breken, in jubelende galm, en juichend schalt, door de stilte van het woud, de hoge roem van het hart, dat stervend lichtte.
04-04-2013, 08:30
Geschreven door André
03-04-2013
Klimmen. H Moulin-Haitsma Mulier
Wonderlijk doet het lopen aan, langs peilloze afgrond, hij wil mij verslinden.
Duizelend, verzet ik mijn voet, maar hoger, steeds hoger, steigeren de bergen, top lokt mij na top, en ik klim.
Zo roep ik in mij ook de hoogten aan, vlak toont zich na, na vlak, aarzelend zie ik omlaag, maar diep drink ik sferen van eenzaamheid, tintelend en ijl, en ik zing, juichende veer ik omhoog.
03-04-2013, 07:47
Geschreven door André
Dageraad. H Moulijn-Haitsma Mulier
Nog heerst op de aarde het droef gezag, van de zwijgende nacht, ik ben het, die alle pijnen draag, van het eerste breken, ik, dageraad.
Als een vlammende gouden straal, stort ik mij om de rand, in iris bloei ik omlaag, aan de waterkant, alles kan door mij spreken, ik ben het geluid van de lucht, die mij draagt.
03-04-2013, 07:47
Geschreven door André
02-04-2013
Scheppen. H Moulijn-Haitsma Mulier
Zwaar stond de luchtkoepel om mij heen, en roerloos zat ik in die koperen klok, ik zag mijzelve als een gloeiend blok, stil beefde ik, want geluiden vond ik niet.
Maar toen de klok te beieren begon, stroomde mijn lichaam van zware klank heel vol, het wild bewegen sloeg mijn oren als dol, totdat uit chaos klonk de verre bron.
En schaterend klateren vulde heel mijn zin, ik danste klingend door de sferen voort, ik voelde noch een einde, noch begin, van eeuwige stroom had ik het geruis gehoord.
En in van overvloed donkere fontein, zag ik het nieuwe beeld in lichte schijn.
02-04-2013, 07:25
Geschreven door André
In de slag. H Moulijn-Haitsma Mulier
De zware ritmen loeien door mijn hoofd, en bonken tegen mijn vermoeide oren, mijn stem gaat in geluidengolf verloren, mijn zinnen zijn door de eeuwige klank verdoofd.
O chaos, die de mens de krachten rooft, hoe moeilijk is het, door uw gewoel te boren, de klanken zo te vatten, dat herboren, hij in harmonie weer de hoogste wet gelooft.
Hoe zwellen weer de brullende geluiden, en beeft de aarde onder het helse koor, toch hoor ik in de sfeer de klokken luiden.
Het zijn andere klanken dan dat hel verkoor, zwaart dreunt het lied de purperen hemel in, in donderend eind, hoor ik het eerste begin.
1916
02-04-2013, 07:24
Geschreven door André
01-04-2013
De nacht. H. Moulijn-Haitsma Mulier
Hoe ver is wel de avond van de morgen, er leeft daartussen heel een lange nacht, die is als dood, die altijd scheiding bracht, en stil verraadde, die in hem zich borgen.
O nacht, zo vol van fluisterende kolken, uit uw diepten delf ik toon en rijm, hoe zwaar draagt gij aan uw zwijmelend geheim, het is in u, dat mijn gedachten wolken.
Gij zijt de demping, het helderrood verlangen, dat avond naar de lichte morgen trekt, doordraaft in gulden gloed uw donkere gangen, tot in uw listenkolk het wordt neergestrekt.
En smalend telt gij dan de lange uren, dat nog uw sombere heerschappij kan duren.
01-04-2013, 08:59
Geschreven door André
Leven. H Moulijn-Haitsma Mulier
Ach, er zijn dagen dat ik alles haat, de lichte zon, de groen omwaasde boom, de volle beek in de bebloemde zoom, dat heel de wereld mij onbevredigd laat.
Dan voel ik aan mijn hart, hoe fel het leeft, en toch in koele klop draagt haar lust tot de dood, ik haat de weelde om smarten, die zij bood, zo fel ben ik van de ogenlust doorleefd.
Dan voel ik mij doorvlamd van heet verzet, die stelt mij mijn natuur als hoogste wet, nooit mag ik de wereld nemen om te leven.
Maar ik moet leven enkel om haar schoon, in spiegelend dromen om haar terug te geven, op zulk een dag doet dromen mij aan als hoon.
1916 Hester Henriette Jacoba Moulijn-Haitsma Mulier. 1877-1948. Oldeboom. Zij studeerde te Utrecht en was actief in de vrouwenbeweging. Naast eigen werk vertaalde zij gedichten van Shakespeare. Zij vertaalde ook werk van Rudolf Steiner. In 1902 huwt zij met de grafisch kunstenaar Simon Moulijn.
01-04-2013, 08:56
Geschreven door André
31-03-2013
Pasen in oude prenten 2
Prenten uit grootmoeders tijd. Zo mooi.
31-03-2013, 08:38
Geschreven door André
Zalig Paasfeest
Zalig Paasfeest. Zalig Paasfeest. Zalig Paasfeest. Zalig Paasfeest. Pasen is het feest van de overwinning van het goede op het slechte. En de paasklokken komen nu terug uit Rome met allemaal paaseieren. Maar de warmte heeft nog niet gewonnen van het vriesweer. Als de klokken maar niet bevriezen. Anders krijgen wij niets. Misschien vliegen zij wel door naar warmere streken?
Feesten doen wij toch.xxxxxxxxxx
31-03-2013, 08:32
Geschreven door André
Voor al die jaren. Annie Salomons
Voor al de jaren dank ik u, dat gij mij verre, waart nabij, dat liefde, die vogel vreemd en schuw, was zwevend tussen u en mij, Voor al die jaren dank ik u.
Voor duizend nachten schone droom, die nimmer een vervulling vond, en die ik genoot met dieper schroom, dan de enkele kussen van uw mond, uw droeve, donkere mond.
Nu, aan de drempel van een rijk, waar nieuw, waar tastbaar heil mij wacht, heb ik plots zo fel aan u gedacht, dat ik voor de werkelijkheid bezwijk,
Uw verre handen, sterk en zacht, waar vind ik hun gelijk, na zoveel jaren over u verdroomd, verdicht in mijmerij, lijkt waarheid slechts een waanbeeld nu, laat ooit herinnering mij vrij?
Hoe dank ik u, hoe vloek ik u, voor al die jaren?
31-03-2013, 08:31
Geschreven door André
Weemoed. Annie Salomons.
Ken je de weemoed die komt binnensluipen, zacht, sleepvoetend, naderend mijn bed, als maanlicht valt blekend door mijn venster, de dingen staan al dan zo vreemd belicht, en het is heel stil, zo stil, dat, als ik adem, ik hoor mijn lakens even schuivend kraken, de hele wereld ligt stil en maanwit, maar in mij brandende jeugd en fel verlangen?
Ken je de weemoed die als een kil dier, als gladgehuidde slang mij komt omkronkelen, op schitterdagen vol brutale zon, die alles slaat met zij scherpgouden roeden, op dagen als het drukke leven ratelend, een fel gekleurd rad voor mijn ogen draait, als mensen lachen, gillen, schreeuwen, stampen, tot ik mij eigen hartstem niet meer hoor, maar willoos als een pop wordt rondgezeuld, om het ratelend rad met schelle zonneschichten?
En ken je ook de starre weemoedsangst, wanneer de huiverstille maannacht , langzaam gaat wijken voor de zonnedag, die mij zal slaan met zijn brutharde leven, en de wanhopigwilde weemoedsmart, als het vlammend dagoog weer zacht weer dicht gaat vallen, als het martelend dagleven matter wordt, en de zoele, lange angstigstille nacht, mij trekt in haar verlammende weke armen?
31-03-2013, 08:30
Geschreven door André
30-03-2013
Sappho 1. Annie Salomons
Ik weet niets dan deze ene zang, van het hart dat zocht, en nimmer vond, en van een altijd droeve mond, die dorstte, heel het leven lang.
Ik weet alleen dit ene lied, van trouw, die leeg en bitter is, van schrille vreugd en staag gemis, en onvrede, martelend als verdriet.
Mijn stem was jong en sterk, en stout, zong zich de grootste wereld in, mijn hart werd moe, mijn hart werd oud, en zingt nog als in het eerste begin.
Ik zocht de liefde in het stille dal, op steile bergen, in het feestelijk groen, ik zocht de liefde overal, en derf nog steeds haar zuivere zoen.