SCHRIEK
Verleden - Heden - Toekomst


Tekstgrootte aanpassen?
Klik op + of -

BLOG ZOOM

Foto

Wapenschild van SCHRIEK

Zoeken in blog

We zijn de 10de week van 2021
 

Parochie
St.-Jan Baptist

Inhoud blog
  • Overlijdensakten BS 1895-
  • Huwelijksakten BS 1916
  • Familieberichten
  • Infogids Schriek
  • Ons Oorlogsdagboek 1914-1919 (11)
  • Huwelijksakten BS 1911-1915
  • Remember 14-18
  • Remember 40-45
  • Overlijdensakten BS 1891-1894
  • Pv-WO I Itegem
  • Overlijdens Schriek 2020-
  • Pv-WO I Tremelo-8
  • Huwelijksakten BS 1891-1898
  • Huwelijksakten BS 1899-1904
  • Huwelijksakten BS 1905-1910
  • Wijzigingen van de berichten.
  • Ons Oorlogdagboek 1914-1919 (10)
  • KOM MEE RADIO MAKEN IN SCHRIEK.
  • Geboorteakten BS 1891-1893
  • Geboorteakten BS 1894-1896
  • Geboorteakten BS 1897-1899
  • Geboorteakten BS 1900-1901
  • Geboorteakten BS 1902-1903
  • Geboorteakten BS 1904-1905
  • Geboorteakten BS 1906-1907
  • Geboorteakten BS 1908-1909
  • Geboorteakten BS 1910-1911
  • Geboorteakten BS 1912-1913
  • Geboorteakten BS 1914-1915
  • Geboorteakten BS 1916-1918
  • Geboorteakten BS 1919-1920
  • OPROEP.
  • Oproep aan de genealogen.
  • Ons Oorlogdagboek 1914-1919
  • Ons Oorlogdagboek 1914-1919 (2)
  • Ons Oorlogdagboek 1914-1919 (3)
  • Ons Oorlogdagboek 1914-1919 (4)
  • Ons Oorlogdagboek 1914-1919 (5)
  • Ons Oorlogdagboek 1914-1919 (6)
  • Ons Oorlogdagboek 1914-1919 (7)
  • Ons Oorlogdagboek 1914-1919 (8)
  • Ons Oorlogdagboek 1914-1919 (9)
  • Kerkrestauratie 2016-2017
  • Overlijdens 2015-2019
  • Geboorteakten BS 1809-
  • Rouwprentjes Schriek A-B
  • Rouwprentjes Schriek C
  • Rouwprentjes Schriek D
  • Rouwprentjes Schriek H-I
  • Rouwprentjes Schriek J-L
  • Rouwprentjes Schriek M-O
  • Rouwprentjes Schriek P-R
  • Rouwprentjes Schriek S-T
  • Rouwprentjes Schriek U-V
  • Rouwprentjes Schriek -Van den P
  • Rouwprentjes Schriek Van H
  • Rouwprentjes Schriek Van R
  • Rouwprentjes Schriek Verl
  • Rouwprentjes Schriek Vert.-Z
  • Open brief
  • Kerkrekening 1561
  • Kerkrekening 1561-(1)
  • Kerkrekening 1561-(2)
  • Kerkrekening 1561-(3)
  • Kerkrekening 1561-(4)
  • Kerkrekening 1561-(5)
  • Kerkrekening 1561-(6)
  • Kerkrekening 1561-(7)
  • Kerkrekening 1561-(8)
  • Kerkrekening 1561-(9)
  • Kerkrekening 1561-(10)
  • Kerkrekening 1561-(11)
  • Kerkrekening 1561-(12)
  • Kerkrekening 1561-(13)
  • Kerkrekening 1561-(14)
  • Kerkrekening 1561-(15)
  • Kerkrekening 1659-1660
  • Kerkrekening 1658-1659
  • Kerkrekening 1657-1658
  • Kerkrekening 1656-1657
  • Schriek - Het onderwijs tot 1800
  • Wijzigingen in het blog
  • Altaarsteen in de St.-Jan Baptist kerk
  • Pastoorsverslagen WO I
  • Pastoorsverslagen WO I
  • Pv WO I Tremelo-1
  • Pv WO I Tremelo-2
  • Pv WO I Tremelo-3
  • Pv WO I Tremelo-4
  • Pv WO I Tremelo-5
  • Pv WO I Tremelo-6
  • Pv-WO I Tremelo-7
  • Overlijdensakten BS 1816-
  • Huwelijksakten BS 1816-
  • Geboorteakten BS 1816-1819
  • Overlijdensakten BS 1807-1809
  • Gezinnen 1604-... (B)
  • Gezinnen 1604-... (A)
  • Overlijdensakten BS 1797-1807
  • Huwelijksakten BS 1800-1808
  • Parochiegeschiedenis-1
  • Parochiegeschiedenis-2
  • Parochiegeschiedenis-3
  • Parochiegeschiedenis-4
  • Geboorteakten BS 1797-1804
  • Geboorteakten BS 1804-1808
  • Overlijdens 1930-1935
  • Overlijdens 1935-1942
  • Overlijdens 1942-1948
  • Overlijdens 1948-1956
  • Overlijdens 1956-1965
  • Overlijdens 1965-1971
  • Huwelijken (man) 1604-1929 (A-D)
  • Huwelijken (man) 1604-1929 (E-L)
  • Huwelijken (man) 1604-1929 (M-S)
  • Huwelijken (man) 1604-1929 (T-Van O)
  • Huwelijken (man) 1604-1929 (Van P- Z)
  • Huwelijken vrouw 1604-1929 (A-D)
  • Huwelijken vrouw 1604-1929 (E-K)
  • Huwelijken vrouw 1604-1929 (L-S)
  • Huwelijken vrouw 1604-1929 (T-Van Rom)
  • Huwelijken vrouw 1604-1929 (Van Roo-Z)
  • Overlijdens 1604-1929 (A-B)
  • Overlijdens 1604-1929 (C)
  • Overlijdens 1604-1929 (D)
  • Overlijdens 1604-1929 (E-G)
  • Overlijdens 1604-1929 (H-J)
  • Overlijdens 1604-1929 (K-M)
  • Overlijdens 1604-1929 (N-Q)
  • Overlijdens 1604-1929 (R-S)
  • Overlijdens 1604-1929 (T-Van den Bra)
  • Overlijdens 1604-1929 (Van den Bro-Van Dy)
  • Overlijdens 1604-1929 (Van E-Van L)
  • Overlijdens 1604-1929 (Van M- Van U)
  • Overlijdens 1604-1929 (Van V-Verha)
  • Overlijdens 1604-1929 (Verhe-Vers)
  • Overlijdens 1604-1929 (Vert-Wa)
  • Overlijdens 1604-1929 (We-Z)
  • Gezinnen 1604-1923 (A-B)
  • Gezinnen 1604-1923 (C-Cl)
  • Gezinnen 1604-1923 (Co-De C)
  • Gezinnen 1604-1923 (De D-De V)
  • Gezinnen 1604-1923 (De W-Du)
  • Gezinnen 1604-1923 (E - F)
  • Gezinnen 1604-1923 (G-Go)
  • Gezinnen 1604-1923 (Go-Hen)
  • Gezinnen 1604-1923 (Her-Hu)
  • Gezinnen 1604-1923 (I-Li)
  • Gezinnen 1604-1923 (Lo-N)
  • Gezinnen 1604-1923 (O-Q)
  • Gezinnen 1604-1923 (R-Ser)
  • Gezinnen 1604-1923 (Sey-T)
  • Gezinnen 1604-1923 (U - Van Cr )
  • Gezinnen 1604-1923 (Van D-Van den Bu)
  • Gezinnen 1604-1923 (Van den C-Van der)
  • Gezinnen 1604-1923 (Van Des-Van Hou)
  • Gezinnen 1604-1923 (Van Hove-Van M)
  • Gezinnen 1604-1923 (Van N - Van V)
  • Gezinnen 1604-1923 (Van W-Verha)
  • Gezinnen 1604-1923 (Verhe-Versch)
  • Gezinnen 1604-1923 (Verst-Vi)
  • Gezinnen 1604-1923 (Vo-Z)
  • Dopen 1604-1621
  • Dopen 1621-1630
  • Dopen 1631-1641
  • Dopen 1641-1651
  • Dopen 1651-1669
  • Dopen 1670-1673
  • Dopen 1673-1685
  • Doopregister 4 -afbeeldingen
  • Dopen 1685-1692
  • Dopen 1692-1697
  • Dopen 1698-1703
  • Dopen 1703-1707
  • Dopen 1707-1708
  • Dopen 1708-1710
  • Dopen 1711-1720
  • Dopen 1721-1730
  • Dopen 1730-1739
  • Dopen 1740-1749
  • Dopen 1750-1759
  • Dopen 1760-1769
  • Dopen 1770-1776
  • Dopen 1776-1780
  • Dopen 1781-1784
  • Dopen 1785-1788
  • Dopen 1788-1791
  • Dopen 1792-1794
  • Dopen 1795-1796
  • Dopen 1797-1797
  • Dopen 1798-1800
  • Dopen 1800-1803
  • Dopen 1803-1806
  • Dopen 1807-1810
  • Dopen 1810-1813
  • Dopen 1813-1817
  • Dopen 1817-1820
  • Dopen 1820-1823
  • Dopen 1823-1826
  • Dopen 1826-1827
    Foto

    PAROCHIE

    * Parochie info
    * Parochiale Leven
    * Parochiecentrum
    * Verenigingen
    * Onderwijs
    * Vormsel 2008
    * Vormsel-jaarprogramma
    * Catechesegroepen
    * Vormsel-start
    * Vormsel-kerkbezoek
    * Vormsel-datumwijziging
    * H.Doopsel
     Genealogie: zoek uw voorouders op, publiceer uw genealogie, consulteer de burgerlijke stand ...
    15-11-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Overlijdens 1925-1928

     OVERLIJDENSREGISTER 1879- 1929 
    KAS 536
    bewerkt door
    René Lambrechts

    Blz 196
    1924.12.29 Overleden te Schriek CLAES Theresia Emma - ° Schriek 08.04.1851 dochter van Claes Joannes & Frans Catharina echtgenote van Verstraeten Joannes Baptist – 1925.01.02 hier begraven
    Die 29 Decembris 1924 obiit in Schrieck Theresia Emma Claes nata in Schrieck 8 Aprilis 1851 filia Joannis et Catharina Frans uxor Joannis Baptista Verstraeten hic sepulta 2 Januarii 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.01.19 Overleden te Schriek VAN NUFFEL Ida Maria Melania - ° Schriek 22.08.1905 dochter van Van Nuffel Leopoldus & Van Meerbeeck Ludovica – 1925.01.22 hier begraven
    Die 19 Januarii 1925 obiit in Schrieck Ida Maria Melania Van Nuffel nata in Schrieck 22 Augusti 1905 filia Leopoldi et Ludovica Van Meerbeeck hic sepulta 22 Januarii 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.01.22 Overleden te Schriek DE WULLé Rosalia - ° Putte 22.10.1866 dochter van De Wullé Joannes Baptist & Van Roosbroeck Anna echtgenote van Nagels Franciscus Leopoldus – 1925.01.24 hier begraven
    Die 22 Januarii 1925 obiit in Schrieck Rosalia De Wullé nata in Putte 22 Octobris 1866 filia Joannis Baptista et Anna Van Roosbroeck uxor Francisci Leopoldi Nagels hic sepulta 24 Januarii 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.02.08 Overleden te Schriek VAN DEN BRANDE Ludovica Mathildis Magdalena - ° Schriek 19.04.1922 dochter van Van den Brande Amandus Arthurus & Muys Melania Maria – 1925.02.10 hier begraven
    Die 8 Februarii 1925 obiit in Schrieck Ludovica Mathilda Magdalena Van den Brande nata in Schrieck 19 Aprilis 1922 filia Amandi Arthuris et Melania Maria Muys hic sepulta 10 Februarii 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.02.10 Overleden te Schriek VERBIEST Joannes - ° Beerzel 27.06.1853 zoon van Verbiest Andreas & Serneels Maria Anna weduwnaar van Serneels Joanna – 1925.02.12 hier begraven
    Die 10 Februarii 1925 obiit in Schrieck Joannes Verbiest natus in Beersel 27 Junii 1853 filius Andrea et Maria Anna Serneels viduus a Joanna Serneels hic sepultus 12 Februarii 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.02.21 Overleden te Schriek IWENS Georgius Theophilus - ° Schriek 08.03.1924 zoon van Iwens Ludovicus Alphonsus & Meuris Regina Paulina – 1925.02.23 hier begraven
    Die 21 Februarii 1925 obiit in Schrieck Georgius Theophilus Iwens natus in Schrieck 8 Martii 1924 filius Ludovici Alphonsi et Regina Paulina Meuris hic sepultus 23 Februarii 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.02.21 Overleden te Schriek RUYMAEKERS Antonius Alphonsus Emilius - ° Schriek 10.02.1924 zoon van Ruymaekers Melchior & Torfs Maria Josephina – 1925.02.23 hier begraven
    Die 21 Februarii 1925 obiit in Schrieck Antonius Alphonsus Emilius Ruymaekers natus in Schrieck 10 Februarii 1924 filius Melchioris et Maria Josephina Torfs hic sepultus 23 Februarii 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.03.02 Overleden te Schriek VAN OOSTERWYCK Aloysius - ° Schriek 01.02.1924 zoon van Van Oosterwyck Henricus & Van Herck Maria Theresia Virginia – 1925.03.03 hier begraven
    Die 2 Martii 1925 obiit in Schrieck Aloysius Van Oosterwyck natus in Schrieck 1 Februarii 1924 filius Henrici et Maria Theresia Virginia Van Herck hic sepultus 3 Martii 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    Blz 197
    1925.03.06 Overleden te Schriek DE BIE Julius Constantinus Georgius - ° Schriek 05.01.1925 zoon van De Bie Maria Theresia – 1925.03.08 hier begraven
    Die 6 Martii 1925 obiit in Schrieck Julius Constantinus Georgius De Bie natus in Schrieck 5 Januarii 1925 filius Maria Theresia De Bie hic sepultus 8 Martii 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.03.09 Overleden te Schriek SCHOOVAERTS Eduardus - ° Schriek 07.02.1922 zoon van Schoovaerts Joannes Baptist & Van Nuffelen Ludovica – 1925.03.11 hier begraven
    Die 9 Martii 1925 obiit in Schrieck Eduardus Schoovaerts natus in Schrieck 7 Februarii 1922 filius Joannis Baptista et Ludovica Van Nuffelen hic sepultus 11 Martii 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.03.10 Overleden te Schriek VAN OOSTERWYCK Joannes - ° Schriek 11.10.1922 zoon van Van Oosterwyck Henricus & Van Herck Maria Theresia Virginia – 1925.03.12 hier begraven
    Die 10 Martii 1925 obiit in Schrieck Joannes Van Oosterwyck natus in Schrieck 11 Octobris 1922 filius Henrici et Maria Theresia Virginia Van Herck hic sepultus 12 Martii 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.03.20 Overleden te Schriek OP DE BEECK Joanna Catharina - ° Schriek 28.08.1851 dochter van Op de Beeck Carolus & Uyterhoeven Petronella – 1925.03.23 hier begraven
    Die 20 Martii 1925 obiit in Schrieck Joanna Catharina Op de Beeck nata in Schrieck 28 Augusti 1851 filia Caroli et Petronella Uyterhoeven hic sepulta 23 Martii 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.04.05 Overleden te Schriek DE HAES Norbertus - ° Heist-op-den-Berg 28.12.1857 zoon van De Haes Petrus Ludovicus & Dockx Maria echtgenoot van Van der Auwera Dorothea – 1925.04.08 hier begraven
    Die 5 Aprilis 1925 obiit in Schrieck Norbertus De Haes natus in Heyst in Monti 28 Decembris 1857 filius Petri Ludovici et Maria Dockx vir Dorothea Van der Auwera hic sepultus 8 Aprilis 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.04.28 Overleden te Schriek VOLKAERTS Yvonna - ° Schriek 16.10.1924 dochter van Volkaerts Franciscus & Geeraerts Emma – 1925.04.29 hier begraven
    Die 28 Aprilis 1925 obiit in Schrieck Yvonna Volkaerts nata in Schrieck 16 Octobris 1924 filia Francisci et Emma Geeraerts hic sepulta 29 Aprilis 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.04.24 Overleden te Schriek DE COCQ Franciscus Alphonsus Isidorus Achillus Casimirus - ° Schriek 03.04.1925 zoon van De Cocq Josephus & Van Roosbroeck Joanna Berthilia – 1925.04.27 hier begraven
    Die 24 Aprilis 1925 obiit in Schrieck Franciscus Alphonsus Isidorus Achilles Casimirus De Cocq natus in Schrieck 3 Aprilis 1925 filius Josephi et Joanna Berthilia Van Roosbroeck hic sepultus 27 Aprilis 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.04.29 Overleden te Schriek VAN DEN BROECK Anna Maria - ° Schriek 15.03.1855 dochter van Van den Broeck Petrus Josephus & Op de Beeck Sophia echtgenote van Goossens Josephus Cornelius – 1925.05.02 hier begraven
    Die 29 Aprilis 1925 obiit in Schrieck Anna Maria Van den Broeck nata in Schrieck 15 Martii 1855 filia Petri Josephi et Sophia Op de Beeck uxor Josephi Cornelii Goossens hic sepulta 2 Maii 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.05.05 Overleden te Schriek AERTGEERTS Stephania Eugenia - ° Schriek 13.02.1909 dochter van Aertgeerts Franciscus & Van Bael Maria Theresia – 1925.05.07 hier begraven
    Die 5 Maii 1925 obiit in Schrieck Stephania Eugenia Aertgeerts nata in Schrieck 13 Februarii 1909 filia Francisci et Maria Theresia Van Bael hic sepulta 7 Maii 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    Blz 198
    1925.06.04 Overleden te Schriek GOOSSENS Anna Maria - ° Schriek 07.11.1850 dochter van Goossens Franciscus & Storms Anna Catharina – 1925.06.08 hier begraven
    Die 4 Junii 1925 obiit in Schrieck Anna Maria Goossens nata in Schrieck 7 Novembris 1850 filia Francisci et Anna Catharina Storms hic sepulta 8 Junii 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.06.27 Overleden te Schriek VAN HOOF Cornelius - ° Schriek 27.04.1844 zoon van Van Hoof Michael & Verschueren Maria Theresia – 1925.06.30 hier begraven
    Die 27 Junii 1925 obiit in Schrieck Cornelius Van Hoof natus in Schrieck 27 Aprilis 1844 filius Michaelis et Maria Theresia Verschueren hic sepultus 30 Julii 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.07.06 Overleden te Schriek BRABANTS Maria Theresia - ° Schriek 15.12.1853 dochter van Brabants Franciscus & Vermylen Ludwina – 1925.07.09 hier begraven
    Die 6 Julii 1925 obiit in Schrieck Maria Theresia Brabants nata in Schrieck 15 Decembris 1853 filia Francisci et Ludwina Vermylen hic sepulta 9 Julii 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.08.18 Overleden te Schriek VERSTRAETEN Marcellus Theophilus - ° Schriek 11.07.1924 zoon van Verstraeten Joannes Henricus & Verloy Maria Regina – 1925.08.20 hier begraven
    Die 18 Augusti 1925 obiit in Schrieck Marcellus Theophilus Verstraeten natus in Schrieck 11 Julii 1924 filius Joannis Henrici et Maria Regina Verloy hic sepultus 20 Augusti 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.08.26 Overleden te Schriek WYCKMANS NN - ° Schriek 26.08.1925 zoon van Wyckmans Alphonsus Carolus & Van Camp Julia – 1925.08.28 hier begraven
    Die 26 Augusti 1925 obiit in Schrieck NN Wyckmans natus in Schrieck eadem die filius Alphonsi Caroli et Julia Van Camp hic sepultus 28 Augusti 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.09.30 Overleden te Schriek VERBEECK Joannes Baptist - ° Keerbergen 25.12.1844 zoon van Verbeeck Petrus Joannes & Wyns Joanna Catharina weduwnaar van Tielemans Theresia Joanna – 1925.10.03 hier begraven
    Die 30 Septembris 1925 obiit in Schrieck Joannes Baptista Verbeeck natus in Keerbergen 25 Decembris 1844 filius Petri Joannis et Joanna Catharina Wyns viduus a Theresia Joanna Tielemans hic sepultus 3 Octobris 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.10.25 Overleden te Schriek VAN KELST Emma Maria - ° Schriek 27.04.1914 dochter van Van Kelst Henricus & Heremans Joanna Melania – 1925.10.27 hier begraven
    Die 25 Octobris 1925 obiit in Schrieck Emma Maria Van Kelst nata in Schrieck 27 Aprilis 1914 filia Henrici et Joanna Melania Heremans hic sepulta 27 Oct. 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.11.19 Overleden te Schriek KEMPENAERS NN - ° Schriek 19.11.1925 dochter van Kempenaers Augustus Dominicus & Michiels Emma – 1925.11.21 hier begraven
    Die 19 Novembris 1925 obiit in Schrieck NN Kempenaers nata in Schrieck 19 Novembris 1925 filia Augusti Dominici et Emma Michiels hic sepulta 21 Novembris 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1925.11.24 Overleden te Schriek GORIS Maria Theresia - ° Schriek 20.11.1848 dochter van Goris Petrus Franciscus & Van Noten Maria weduwe van Van den Acker Josephus – 1925.11.27 hier begraven
    Die 24 Novembris 1925 obiit in Schrieck Maria Theresia Goris nata in Schrieck 20 Novembris 1848 filia Petri Francisci et Maria Van Noten vidua a Josepho Van den Acker hic sepulta 27 Novembris 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    Blz 199
    1925.12.13 Overleden te Schriek GOOVAERTS Melania - ° Tremelo 23.12.1862 dochter van Goovaerts Petrus & Verbeeck Rosalia echtgenote van Docxs Joannes Norbertus Leopoldus – 1925.12.16 hier begraven
    Die 13 Decembris 1925 obiit in Schrieck Melania Goovaerts nata in Tremeloo 23 Decembris 1862 filia Petri et Rosalia Verbeeck uxor Joannis Norberti Leopoldi Docxs hic sepulta 16 Decembris 1925
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.01.10 Overleden te Schriek DE MEUTTER Carolus - ° Itegem 19.06.1858 zoon van De Meutter Ludovicus & Van den Vijver Rosalia Ludovica weduwnaar van Goris Maria Theresia – 1926.01.13 hier begraven
    Die 10 Januarii 1926 obiit in Schrieck Carolus De Meutter natus in Itegem 19 Junii 1858 filius Ludovici et Rosalia Ludovica Van den Vijver viduus a Maria Theresia Goris hic sepultus 13 Januarii 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.01.12 Overleden te Keerbergen NAGELS Anna Clara - ° Heist-op-den-Berg 20.09.1892 dochter van Nagels Franciscus Leopoldus & De Wullé Rosalia echtgenote van Verbeeck Guilielmus Alphonsus – 1926.01.15 hier begraven
    Die 12 Januarii 1926 obiit in Keerbergen Anna Clara Nagels nata in Heyst o.d.B. 20 Septembris 1892 filia Francisci Leopoldi et Rosalia De Wullé uxor Guillelmi Alphonsi Verbeeck hic sepulta 15 Januarii 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.01.16 Overleden te Schriek BRABANTS Augustus Dionysius - ° Schriek 04.09.1847 zoon van Brabants Franciscus & Vermeylen Ludwina – 1926.01.18 hier begraven
    Die 16 Januarii 1926 obiit in Schrieck Augustus Dionysius Brabants natus in Schrieck 4 Septembris 1847 filius Francisci et Ludwina Vermeylen hic sepultus 18 Januarii 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.02.06 Overleden te Schriek VAN ROMPAEY Maria Julia - ° Schriek 26.01.1926 dochter van Van Rompaey Josephus & Van Essche Maria Irma – 1926.02.09 hier begraven
    Die 6 Februarii 1926 obiit in Schrieck Maria Julia Van Rompaey nata in Schrieck 26 Januarii 1926 filia Josephi et Maria Irma Van Essche hic sepulta 9 Februarii 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.02.10 Overleden te Schriek WOUTERS NN - ° Schriek 10.02.1926 dochter van Wouters Georgius & Brabants Ludwina Clementina – 1926.02.13 hier begraven
    Die 10 Februarii 1926 obiit in Schrieck NN Wouters nata in Schrieck 10 Februarii 1926 filia Georgii et Ludwina Clementina Brabants hic sepulta 13 Februarii 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.02.20 Overleden te Schriek VERBEECK Albertus Alphonsus Alfridus - ° Keerbergen 07.01.1926 zoon van Verbeeck Wilhelmus Alphonsus & Nagels Anna Clara – 1926.02.22 hier begraven
    Die 20 Februarii 1926 obiit in Schrieck Albertus Alphonsus Alfridus Verbeeck natus in Keerbergen 7 Januarii 1926 filius Wilhelmi Alphonsi et Anna Clara Nagels hic sepultus 22 Februarii 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    Blz 200
    1926.02.25 Overleden te Schriek VERSCHOREN Maria Theresia Amanda - ° Schriek 23.01.1913 dochter van Verschoren Petrus Franciscus & De Wever Maria Theresia – 1926.02.27 hier begraven
    Die 25 Februarii 1926 obiit in Schrieck Maria Theresia Amanda Verschoren nata in Schrieck 23 Januarii 1913 filia Petri Francisci et Maria Theresia De Wever hic sepulta 27 Februarii 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.02.26 Overleden te Schriek VAN DEN ACKER Martha Philomena - ° Schriek 30.09.1925 dochter van Van den Acker Joannes Baptist & Van Looy Maria Melania – 1926.03.01 hier begraven
    Die 26 Februarii 1926 obiit in Schrieck Martha Philomena Van den Acker nata in Schrieck 30 Septembris 1925 filia Joannis Baptista et Maria Melania Van Looy hic sepulta 1 Martii 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.03.08 Overleden te Schriek VAN DEN WYNGAERT Joannes Baptist - ° Schriek 17.02.1926 zoon van Van den Wyngaert Petrus Alphonsus Gerardus & Van den Broeck Joanna Maria – 1926.03.10 hier begraven
    Die 8 Martii 1926 obiit in Schrieck Joannes Baptista Van den Wyngaert natus in Schrieck 17 Februarii 1926 filius Petri Alphonsi Gerardi et Joanna Maria Van den Broeck hic sepultus 10 Martii 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.03.28 Overleden te Schriek WYCKMANS Emilius Aloysius - ° Schriek 18.04.1919 zoon van Wyckmans Alphonsus Carolus & Van Camp Julia – 1926.03.30 hier begraven
    Die 28 Martii 1926 obiit in Schrieck Emilius Aloysius Wyckmans natus in Schrieck 18 Aprilis 1919 filius Alphonsi Caroli et Julia Van Camp hic sepultus 30 Martii 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.02.28 Overleden te Werchter BEYENS Josephus - ° Schriek 08.11.1905 zoon van Beyens Petrus Ludovicus & Verstraeten Anna Maria – 1926.03.31 hier begraven
    Die 28 Februarii 1926 obiit in Werchter Josephus Beyens natus in Schrieck 8 Novembris 1905 filius Petri Ludovici et Anna Maria Verstraeten hic sepultus 1926 31 Martii
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.04.09 Overleden te Schriek WYCKMANS Adolphus Julius - ° Schriek14.07.1922 zoon van Wyckmans Alphonsus Carolus & Van Camp Julia – 1926.04.10 hier begraven
    Die 9 Aprilis 1926 obiit in Schrieck Adolphus Julius Wyckmans natus in Schrieck 14 Julii 1922 filius Alphonsi Caroli et Julia Van Camp hic sepultus 10 Aprilis 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.04.09 Overleden te Schriek VAN HOF Lucia Theresia - ° Schriek 12.12.1866 dochter van Van Hof Rumoldus & Heremans Maria – 1926.04.12 hier begraven
    Die 9 Aprilis 1926 obiit in Schrieck Lucia Theresia Van Hof nata in Schrieck 12 Decembris 1866 filia Rumoldi et Maria Heremans hic sepulta 12 Aprilis 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.04.14 Overleden te Schriek VAN DEN BOSCH Catharina Sylvia - ° Schriek 09.07.1897 dochter van Van den Bosch Josephus Cornelius & Claes Angelina echtgenote van Delen Joannes Franciscus – 1926.04.17 hier begraven
    Die 14 Aprilis 1926 obiit in Schrieck Catharina Sylvia Van den Bosch nata in Schrieck 9 Julii 1897 filia Josephi Cornelii et Angelina Claes uxor Joannis Francisci Delen hic sepulta 17 Aprilis 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    Blz 201
    1926.04.23 Overleden te Schriek STORMS Florimondus Franciscus - ° Schriek 13.04.1926 zoon van Storms Joannes Baptist & Borremans Regina – 1926.04.25 hier begraven
    Die 23 Aprilis 1926 obiit in Schrieck Florimondus Franciscus Storms natus in Schrieck 13 Aprilis 1926 filius Joannis Baptista et Regina Borremans hic sepultus 25 Aprilis 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.05.06 Overleden te Schriek JANSSENS Rosalia - ° Schriek 16.11.1849 dochter van Janssens Josephus & Feyaerts Rosina echtgenote van Roothooft Josephus – 1926.05.08 hier begraven
    Die 6 Maii 1926 obiit in Schrieck Rosalia Janssens nata in Schrieck 16 Novembris 1849 filia Josephi et Rosina Feyaerts uxor Josephi Roothooft hic sepulta 8 Maii 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.05.29 Overleden te Schriek VERSTRAETEN Joanna Catharina - ° Putte 21.04.1853 dochter van Verstraeten Augustinus & Verschueren Maria Magdalena weduwe van Geeraerts Franciscus – 1926.06.01 hier begraven
    Die 29 Maii 1926 obiit in Schrieck Joanna Catharina Verstraeten nata in Putte 21 Aprilis 1853 filia Augustini et Maria Magdalena Verschueren vidua a Francisco Geeraerts hic sepulta 1 Junii 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.05.31 Overleden te Schriek JORDENS Joanna - ° Antwerpen 27.05.1853 dochter van ongekende ouders weduwe van Van den Put Joannes Baptist – 1926.06.02 hier begraven
    Die 31 Maii 1926 obiit in Schrieck Joanna Jordens nata Antverpia 27 Maii 1853 filia parentum ignotorum vidua a Joannis Baptista Van den Put hic sepulta 2 Junii 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.06.05 Overleden te Schriek SWEECK NN - ° Schriek 05.06.1926 kind van Sweeck Josephus Leonardus & Claes Emma Maria Delphina – 1926.06.06 hier begraven
    Die 5 Junii 1926 obiit in Schrieck NN Sweeck natum in Schrieck 5 Junii 1926 puer Josephi Leonardi et Emma Maria Delphina Claes hic sepultum 6 Junii 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.
    1926.06.17 Overleden te Schriek VAN MEEL Alphonsus Joannes Laurentius - ° Schriek 24.04.1925 zoon van Van Meel Guisbertus Eduardus & Berckx Maria Coleta – 1926.06.19 hier begraven
    Die 17 Junii 1926 obiit in Schrieck Alphonsus Joannes Laurentius Van Meel natus in Schrieck 24 Aprilis 1925 filius Guisberti Eduardi et Maria Coleta Berckx hic sepultus 19 Junii 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.06.17 Overleden te Schriek ZEDERS Adrianus - ° Antwerpen 25.04.1859 zoon van ongekende ouders echtgenoot van Van Calster Philomena Dorothea – 1926.06.19 hier begraven
    Die 17 Junii 1926 obiit in Schrieck Adrianus Zeders natus Antverpia 25 Aprilis 1859 filius parentum ignotorum vir Philomena Dorothea Van Calster hic sepultus 19 Junii 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.06.21 Overleden te Schriek VERMYLEN Julius Florentinus - ° Schriek 23.03.1863 zoon van Vermylen Petrus Ludovicus & Mylemans Angelina weduwnaar van Van Paeschen Anna Maria – 1926.06.25 hier begraven
    Die 21 Junii 1926 obiit in Schrieck Julius Florentinus Vermylen natus in Schrieck 23 Martii 1863 filius Petri Ludovici et Angelina Mylemans viduus ab Anna Maria Van Paeschen hic sepultus 25 Julii 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    Blz 202
    1926.06.29 Overleden te Schriek FEYAERTS Joanna - ° Schriek 03.01.1857 dochter van Feyaerts Petrus & Croonen Theresia weduwe van Volkaerts Carolus – 1926.07.01 hier begraven
    Die 29 Junii 1926 obiit in Schrieck Joanna Feyaerts nata in Schrieck 3 Januarii 1857 filia Petri et Theresia Croonen vidua a Carolo Volkaerts hic sepulta 1 Julii 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.08.08 Overleden te Schriek OP DE BEECK Franciscus - ° Schriek 17.04.1926 zoon van Op de Beeck Julius Ludovicus & Van den Bosch Anna Maria – 1926.08.09 hier begraven
    Die 8 Augusti 1926 obiit in Schrieck Franciscus Op de Beeck natus in Schrieck 17 Aprilis 1926 filius Julii Ludovici et Anna Maria Van den Bosch hic sepultus 9 Aug. 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.08.07 Overleden te Schriek GYSEMANS Josephus Adolphus - ° Heist-op-den-Berg 10.03.1844 zoon van Gysemans Franciscus & Boyemans Maria Antonetta weduwnaar van Vervloet Maria Theresia Constantia – 1926.08.09 hier begraven
    Die 7 Augusti 1926 obiit in Schrieck Josephus Adolphus Gysemans natus in Heyst in Monti 10 Martii 1844 filius Francisci et Maria Antonetta Boyemans viduus a Maria Theresia Constantia Vervloet hic sepultus 9 Augusti 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.08.09 Overleden te Schriek PELGRIMS Anna Catharina - ° Begijnendijk 14.03.1834 dochter van Pelgrims Joannes Franciscus & De Ryck Anna Barbara weduwe van Van den Broeck Ambrosius, Van den Bosch Petrus en Van Nuffel Ludovicus – 1926.08.11 hier begraven
    Die 9 Augusti 1926 obiit in Schrieck Anna Catharina Pelgrims nata in Beggijnendijck 14 Martii 1834 filia Joannis Francisci et Anna Barbara De Ryck vidua ab Ambrosio Van den Broeck, a Petro Van den Bosch, a Ludovico Van Nuffel hic sepulta 11 Augusti 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.08.14 Overleden te Schriek VERTOMMEN Anna Maria Delphina - ° Schriek 19.07.1926 dochter van Vertommen Maria Virginia – 1926.08.16 hier begraven
    Die 14 Augusti 1926 obiit in Schrieck Anna Maria Delphina Vertommen nata in Schrieck 19 Julii 1926 filia Maria Virginia Vertommen hic sepulta 16 Augusti 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.08.17 Overleden te Schriek HUYBRECHTS Maria Constantia Francisca - ° Schriek 06.06.1926 dochter van Huybrechts Gummarus Alphonsus & Verhoeven Maria Bibiana – 1926.08.19 hier begraven
    Die 17 Augusti 1926 obiit in Schrieck Maria Constantia Francisca Huybrechts nata in Schrieck 6 Junii 1926 filia Gummari Alphonsi et Maria Bibiana Verhoeven hic sepulta 19 Augusti 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.09.07 Overleden te Schriek GOOVAERTS Alphonsus Bernardus Jacobus - ° Schriek 12.01.1926 zoon van Goovaerts Josephus Bonaventura & Wouters Juliana Nathalia – 1926.09.09 hier begraven
    Die 7 Septembris 1926 obiit in Schrieck Alphonsus Bernardus Jacob Goovaerts natus in Schrieck 12 Januarii 1926 filius Josephi Bonaventura et Juliana Nathalia Wouters hic sepultus 9 Septembris 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.09.26 Overleden te Schriek VERSCHUEREN Rosalia Clara - ° Schriek 04.09.1908 dochter van Verschueren Franciscus Leonardus & Kog Maria – 1926.09.28 hier begraven
    Die 26 Septembris 1926 obiit in Schrieck Rosalia Clara Verschueren nata in Schrieck 4 Septembris 1908 filia Francisci Leonardi et Maria Kog hic sepulta 28 Septembris 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.10.09 Overleden te Schriek BORGLEVENS Anna Catharina - ° Schriek 06.09.1868 dochter van Borglevens Franciscus Ludovicus & De Bie Maria Theresia echtgenote van Steurs Franciscus – 1926.10.12 hier begraven
    Die 9 Octobris 1926 obiit in Schrieck Anna Catharina Borglevens nata in Schrieck 6 Septembris 1868 filia Francisci Ludovici et Maria Theresia De Bie uxor Francisci Steurs hic sepulta 12 Octobris 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.
    Anna Catharina = Anna Philomena
    Blz 203
    1926.11.03 Overleden te Schriek DE WEVER Maria Amanda - ° Schriek 03.11.1911 dochter van De Wever Ludovicus & Heremans Theresia Amelia – 1926.11.06 hier begraven
    Die 3 Novembris 1926 obiit in Schrieck Maria Amanda De Wever nata in Schrieck 3 Novembris 1911 filia Ludovici et Theresia Amelia Heremans hic sepulta 6 Novembris 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.11.03 Overleden te Schriek VAN DEN BOSCH Elisa Florentina - ° Schriek 05.02.1892 dochter van Van den Bosch Josephus Cornelius & Claes Angelina echtgenote van Gysemans Alphonsus – 1926.11.06 hier begraven
    Die 3 Novembris 1926 obiit in Schrieck Elisa Florentina Van den Bosch nata in Schrieck 5 Februarii 1892 filia Josephi Cornelii et Angelina Claes uxor Alphonsi Gysemans hic sepulta 6 Novembris 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.11.08 Overleden te Schriek TORFS Georgius Leonardus Ludovicus - ° Schriek 10.05.1924 zoon van Torfs Melania – 1926.11.10 hier begraven
    Die 8 Novembris 1926 obiit in Schrieck Georgius Leonardus Ludovicus Torfs natus in Schrieck 10 Maii 1924 filius Melania Torfs hic sepultus 10 Novembris 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.11.27 Overleden te Schriek VERHAEGEN Isabella Maria Helena - ° Schriek 11.05.1911 dochter van Verhaegen Petrus Joannes & De Mees Maria Elisabeth – 1926.11.30 hier begraven
    Die 27 Novembris 1926 obiit in Schrieck Isabella Maria Helena Verhaegen nata in Schrieck 5 Maii 1911 filia Petri Joannis et Maria Elisabeth De Mees hic sepulta 30 Novembris 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.12.01 Overleden te Schriek VERSCHAEREN Adrianus Franciscus - ° Schriek 08.05.1852 zoon van Verschaeren Petrus Franciscus & Op de Beeck Catharina weduwnaar van Van Hoof Anna Catharina – 1926.12.03 hier begraven
    Die 1 Decembris 1926 obiit in Schrieck Adrianus Franciscus Verschaeren natus in Schrieck 8 Maii 1852 filius Petri Francisci et Catharina Op de Beeck viduus ab Anna Catharina Van Hoof hic sepultus 3 Decembris 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.12.11 Overleden te Schriek VAN ROMPUY Marcellus Joannes - ° Schriek 25.11.1926 zoon van Van Rompuy Camillus Henricus & Peeters Catharina Eugenia – 1926.12.13 hier begraven
    Die 11 Decembris 1926 obiit in Schrieck Marcellus Joannes Van Rompuy natus in Schrieck 25 Novembris 1926 filius Camilli Henrici et Catharina Eugenia Peeters hic sepultus 13 Decembris 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1926.12.16 Overleden te Schriek LAMBRECHTS Petrus Leonardus - ° Schriek 14.04.1901 zoon van Lambrechts Antonius & Gysemans Maria – 1926.12.20 hier begraven
    Die 16 Decembris 1926 obiit in Schrieck Petrus Leonardus Lambrechts natus in Schrieck 14 Aprilis 1901 filius Antonii et Maria Gysemans hic sepultus 20 Decembris 1926
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    Blz 204
    1926.12.30 Overleden te Schriek GEERINCKX Margareta - ° Kessel 16.04.1857 dochter van Geerinckx Petrus Josephus & Bastiaens Maria weduwe van Verhoeven Casimirus en De Weerdt Petrus Josephus – 1927.01.03 hier begraven
    Die 30 Decembris 1926 obiit in Schrieck Margareta Geerinckx nata in Kessel 16 Aprilis 1857 filia Petri Joseph et Maria Bastiaens vidua a Casimiro Verhoeven et Petri Josephi De Weerdt hic sepulta 3 Januarii 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1927.01.01 Overleden te Schriek ROPCIER NN - ° Schriek 01.01.1927 dochter van Ropcier Melania Leopoldina Augusta – 1927.01.03 hier begraven
    Die 1 Januarii 1927 obiit in Schrieck NN Ropcier natum eadem die in Schrieck filia Melania Leopoldina Augusta Ropcier et hic sepulta 3 Januarii 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1927.01.02 Overleden te Schriek BRABANTS Paula Francisca Maria Amanda Hilda - ° Schriek 29.09.1926 dochter van Brabants Norbertus & Delen Maria Ludovica – 1927.01.04 hier begraven
    Die 2 Januarii 1927 obiit in Schrieck Paula Francisca Maria Amanda Hilda Brabants nata in Schrieck 29 Septembris 1926 filia Norberti et Maria Ludovica Delen hic sepulta 4 Januarii 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1927.01.14 Overleden te Schriek SERNEEL Joanna - ° Schriek 04.01.1854 dochter van Serneels Philippus & De Preter Regina – 1927.01.17 hier begraven
    Die 14 Januarii 1927 obiit in Schrieck Joanna Serneels nata in Schrieck 4 Januarii 1854 filia Philippi et Regina De Preter hic sepulta 17 Januarii 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1927.03.02 Overleden te Schriek ADAMS Melchior Carolus - ° Schriek 19.02.1854 zoon van Adams Ferdinandus & Nys Joanna weduwnaar van Vonckx Paulina echtgenoot van De Cleyn Theresia – 1927.03.05 hier begraven
    Die 2 Martii 1927 obiit in Schrieck Melchior Carolus Adams natus in Schrieck 19 Februarii 1854 filius Ferdinandi et Joanna Nys viduus a Paulina Vonckx vir Theresia De Cleyn hic sepultus 5 Martii 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1927.03.06 Overleden te Schriek KEMPENAERS Josepha Bertha Augusta - ° Schriek 12.05.1926 dochter van Kempenaers Augustus Dionysius & Kempenaers Joanna Irma – 1927.03.08 hier begraven
    Die 6 Martii 1927 obiit in Schrieck Josepha Bertha Augusta Kempenaers nata in Schrieck 12 Maii 1926 filia Augusti Dionysii et Joanna Irma Kempenaers hic sepulta 8 Martii 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1927.03.10 Overleden te Schriek IWENS Georgius Theophilus - ° Schriek 02.07.1925 zoon van Iwens Ludovicus Alphonsus & Meuris Regina Paulina – 1927.03.12 hier begraven
    Die 10 Martii 1927 obiit in Schrieck Georgius Theophilus Iwens natus in Schrieck 2 Julii 1925 filius Ludovici Alphonsi et Regina Paulina Meuris hic sepultus 12 Martii 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1927.03.13 Overleden te Schriek VAN CAMP Franciscus - ° Schriek 26.11.1926 zoon van Van Camp Dorothea Stephania – 1927.03.15 hier begraven
    Die 13 Martii 1927 obiit in Schrieck Franciscus Van Camp natus in Schrieck 26 Novembris 1926 filius Dorothea Stephania Van Camp hic sepultus 15 Martii 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    Blz 205
    1927.03.24 Overleden te Schriek FEYAERTS Leopoldus Amandus - ° Schriek 24.07.1926 zoon van Feyaerts Josephus & Van Dessel Maria Josephina – 1927.03.26 hier begraven
    Die 24 Martii 1927 obiit in Schrieck Leopoldus Amandus Feyaerts natus in Schrieck 24 Julii 1926 filius Josephi et Maria Josephina Van Dessel hic sepultus 26 Martii 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1927.03.26 Overleden te Schriek GEENS Petrus - ° Booischot 07.08.1855 zoon van Geens Cornelius & Wyns Agnetis echtgenoot van Janssens Regina – 1927.03.29 hier begraven
    Die 26 Martii 1927 obiit in Schrieck Petrus Geens natus in Boisschot 7 Augusti 1855 filius Cornelii et Agnetis Wyns vir Regina Janssens hic sepultus 29 Martii 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1927.04.12 Overleden te Schriek LIEKENS Leonardus Franciscus Maria - ° Schriek 10.04.1927 zoon van Liekens Petrus Franciscus & Serneels Maria Florentina – 1927.04.13 hier begraven
    Die 12 Aprilis 1927 obiit in Schrieck Leonardus Franciscus Maria Liekens natus in Schrieck 10 Aprilis 1927 filius Petri Francisci et Maria Florentina Serneels hic sepultus 13 Aprilis 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1927.05.09 Overleden te Schriek VERSCHUEREN Franciscus - ° Schriek 24.02.1872 zoon van Verschueren Joannes Baptist & Gyzemans Anna Catharina echtgenoot van Thys Rosalia – 1927.05.12 hier begraven
    Die 9 Maii 1927 obiit in Schrieck Franciscus Verschueren natus in Schrieck 24 Februarii 1872 filius Joannis Baptista et Anna Catharina Gyzemans vir Rosalia Thys hic sepultus 12 Maii 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1927.05.17 Overleden te Schriek HEREMANS Rosalia - ° Berlaar 24.09.1849 dochter van Heremans Petrus Cornelius & Roothooft Maria Theresia weduwe van Storms Richardus Joannes Baptist – 1927.05.20 hier begraven
    Die 17 Maii 1927 obiit in Schrieck Rosalia Heremans nata in Berlaer 24 Septembris 1849 filia Petri Cornelii et Maria Theresia Roothooft vidua a Richardo Joanne Baptista Storms hic sepulta 20 Maii 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1927.05.24 Overleden te Schriek BOSMANS Rosalia - ° Heist-op-den-Berg 18.05.1848 dochter van Bosmans Carolus & Verschueren Catharina weduwe van Nys Victor – 1927.05.27 hier begraven
    Die 24 Maii 1927 obiit in Schrieck Rosalia Bosmans nata in Heyst o.d.B. 18 Maii 1848 filia Caroli et Catharina Verschueren vidua a Victore Nys hic sepulta 27 Maii 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1927.06.20 Overleden te Schriek VERHOEVEN Eduardus - ° Tremelo 16.04.1851 zoon van Verhoeven Joannes Baptist & Beggijn Hubertina echtgenoot van Brabants Maria – 1927.06.23 hier begraven
    Die 20 Junii 1927 obiit in Schrieck Eduardus Verhoeven natus in Tremeloo 16 Aprilis 1851 filius Joannis Baptista et Hubertina Beggijn vir Maria Brabants hic sepultus 23 Junii 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1927.07.10 Overleden te Schriek VOLKAERTS Franciscus Joannes Baptist - ° Schriek 17.08.1919 zoon van Volkaerts Ludovicus & Claes Maria Regina – 1927.07.12 hier begraven
    Die 10 Julii 1927 obiit in Schrieck Franciscus Joannes Baptista Volkaerts natus in Schrieck 17 Augusti 1919 filius Ludovici et Maria Regina Claes hic sepultus 12 Julii 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    Blz 206
    1927.09.10 Overleden te Schriek GOOVAERTS Yvonna Celina - ° Schriek 19.06.1927 dochter van Goovaerts Franciscus & Meuris Maria Bertha – 1927.09.12 hier begraven
    Die 10 Septembris 1927 obiit in Schrieck Yvonna Celina Goovaerts nata in Schrieck 19 Junii 1927 filia Francisci et Maria Bertha Meuris hic sepulta 12 Septembris 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1927.09.18 Overleden te Schriek VAN DEN BOSCH Ludovica Delphina Josepha - ° Schriek 16.02.1923 dochter van Van den Bosch Petrus Leonardus & De Weyer Leonia Maria Elisabeth – 1927.09.20 hier begraven
    Die 18 Septembris 1927 obiit in Schrieck Ludovica Delphina Josepha Van den Bosch nata in Schrieck 16 Februarii 1923 filia Petri Leonardi et Leonia Maria Elisabeth De Weyer hic sepulta 20 Septembris 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1927.09.27 Overleden te Schriek GOOSSENS Rosalina - ° Schriek 25.11.1862 dochter van Goossens Franciscus & Storms Anna Catharina weduwe van Ceuppens Ludovicus en Tielemans Alphonsus Philippus – 1927.09.30 hier begraven
    Die 27 Septembris 1927 obiit in Schrieck Rosalina Goossens nata in Schrieck 25 Novembris 1862 filia Francisci et Anna Catharina Storms vidua a Ludovico Ceuppens et Alphonso Philippo Tielemans hic sepulta 30 Septembris 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1927.10.10 Overleden te Schriek MEEUS Leonia Carolina Josepha - ° Schriek 06.04.1927 dochter van Meeus Eduardus Ludovicus & Likens Emma Rosalia – 1927.10.12 hier begraven
    Die 10 Octobris 1927 obiit in Schrieck Leonia Carolina Josepha Meeus nata in Schrieck 6 Aprilis 1927 filia Eduardi Ludovici et Emma Rosalia Likens hic sepulta 12 Octobris 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.
    1927.10.17 Overleden te Schriek WUYTS NN - ° Schriek 17.10.1927 zoon van Wuyts Franciscus & Van Camp Isabella Melania – 1927.10.19 hier begraven
    Die 17 Octobris 1927 obiit in Schrieck NN Wuyts natus in Schrieck 17 Oct. 1927 filius Francisci et Isabella Melania Van Camp hic sepultus 19 Octobris 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1927.10.30 Overleden te Schriek VAN WOINSEL Irma Stephania - ° Schriek 16.06.1927 dochter van Van Woinsel Ludovicus & Nys Joanna – 1927.11.01 hier begraven
    Die 30 Octobris 1927 obiit in Schrieck Irma Stephania Van Woinsel nata in Schrieck 16 Junii 1927 filia Ludovici et Joanna Nys hic sepulta 1 Novembris 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1927.11.02 Overleden te Schriek VAN HOOF Philomena - ° Keerbergen 27.05.1848 dochter van Van Hoof Franciscus Ignatius & Verbeeck Elisabeth weduwe van Croonen Joannes Baptist en Ceulemans Joannes Franciscus – 1927.11.04 hier begraven
    Die 2 Novembris 1927 obiit in Schrieck Philomena Van Hoof nata in Keerbergen 27 Maii 1848 filia Francisci Ignatii et Elisabeth Verbeeck vidua a Joanne Baptista Croonen et Joanne Francisco Ceulemans hic sepulta 4 Novembris 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1927.11.15 Overleden te Schriek CROONEN Joannes Albertus - ° Schriek 14.05.1927 zoon van Croonen Augustinus & Jacobs Maria Coleta – 1927.11.16 hier begraven
    Die 15 Novembris 1927 obiit in Schrieck Joannes Albertus Croonen natus in Schrieck 14 Maii 1927 filius Augustini et Maria Coleta Jacobs hic sepultus 16 Novembris 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1927.12.11 Overleden te Schriek VAN DEN BROECK Isabella Antonetta - ° Heist-op-den-Berg 22.09.1840 dochter van Van den Broeck Joannes Baptist & Van den Broeck Anna Maria weduwe van Vermylen Joannes Norbertus Leopoldus – 1927.12.15 hier begraven
    Die 11 Decembris 1927 obiit in Schrieck Isabella Antonetta Van den Broeck nata in Heyst-op-den-Berg 22 Septembris 1840 filia Joannis Baptista et Anna Maria Van den Broeck vidua a Joanne Norberto Leopoldo Vermylen hic sepulta 15 Decembris 1927
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    Blz 207
    1928.01.07 Overleden te Schriek PEETERS Joseph Albertus - ° Schriek 11.04.1915 zoon van Peeters Ludovicus & Peeters Julia – 1928.01.09 hier begraven
    Die 7 Januarii 1928 obiit in Schrieck Joseph Albertus Peeters natus in Schrieck 11 Aprilis 1915 filius Ludovici et Julia Peeters hic sepultus 9 Januarii 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.01.09 Overleden te Schriek FRANS Catharina Virginia - ° Putte 01.07.1860 dochter van Frans Petrus Josephus & Bogaerts Elisabeth – 1928.01.12 hier begraven
    Die 9 Januarii 1928 obiit in Schrieck Catharina Virginia Frans nata in Putte 1 Julii 1860 filia Petri Josephi et Elisabeth Bogaerts hic sepulta 12 Januarii 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.01.11 Overleden te Schriek CEULEMANS Henricus - ° Schriek 23.06.1845 zoon van Ceulemans Cornelius & Van den Broeck Anna weduwnaar van Nauwelaerts Elisabeth – 1928.01.14 hier begraven
    Die 11 Januarii 1928 obiit in Schrieck Henricus Ceulemans natus in Schrieck 23 Junii 1845 filius Cornelii et Anna Van den Broeck viduus ab Elisabeth Nauwelaerts hic sepultus 14 Januarii 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.02.05 Overleden te Schriek JACOBS Maria Theresia - ° Keerbergen 25.11.1861 dochter van Jacobs Joannes Baptist & Van Rompaey Isabella echtgenote van De Bie Edmondus – 1928.02.08 hier begraven
    Die 5 Februarii 1928 obiit in Schrieck Maria Theresia Jacobs nata in Keerbergen 25 Novembris 1861 filia Joannis Baptista et Isabella Van Rompaey uxor Edmondi De Bie hic sepulta 8 Februarii 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.03.21 Overleden te Schriek VERWIMP Bernardus - ° Schriek 07.12.1927 zoon van Verwimp Casimirus Alphonsus & Van Rompuy Maria Theresia – 1928.03.23 hier begraven
    Die 21 Martii 1928 obiit in Schrieck Bernardus Verwimp natus in Schrieck 7 Decembris 1927 filius Casimiri Alphonsi et Maria Theresia Van Rompuy hic sepultus 23 Martii 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.04.06 Overleden te Schriek RUYTIENS Maria - ° Schriek 05.11.1868 dochter van Ruytiens Joannes Baptist & Jacobs Dorothea – 1928.04.09 hier begraven
    Die 6 Aprilis 1928 obiit in Schrieck Maria Ruytiens nata in Schrieck 5 Novembris 1868 filia Joannis Baptista et Dorothea Jacobs hic sepulta 9 Aprilis 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.04.24 Overleden te Schriek RUYMAEKERS Marcellus - ° Schriek 15.07.1927 zoon van Ruymaekers Melchior & Torfs Maria Josephina – 1928.04.26 hier begraven
    Die 24 Aprilis 1928 obiit in Schrieck Marcellus Ruymaekers natus in Schrieck 15 Julii 1927 filius Melchioris et Maria Josephina Torfs hic sepultus 26 Aprilis 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.05.01 Overleden te Schriek VAN DE PUTTE Josephus - ° Schriek 19.05.1927 zoon van Van de Putte Cyrillus Gustavus & Witters Josephina Celina – 1928.05.03 hier begraven
    Die 1 Maii 1928 obiit in Schrieck Josephus Van de Putte natus in Schrieck 19 Maii 1927 filius Cyrilli Gustavi et Josephina Celina Witters hic sepultus 3 Maii 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    Blz 208
    1928.05.03 Overleden te Schriek DE VEUSTER Josephus Norbertus Vitalis - ° Schriek 20.03.1870 zoon van De Veuster Victor Vitalis & Vermylen Ursula Maria Dorothea echtgenoot van Smedts Maria Theresia Carolina – 1928.05.07 hier begraven
    Die 3 Maii 1928 obiit in Schrieck Josephus Norbertus Vitalis De Veuster natus in Schrieck 20 Martii 1870 filius Victoris Vitalis et Ursula Maria Dorothea Vermylen vir Maria Theresia Carolina Smedts hic sepultus 7 Maii 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.05.08 Overleden te Schriek MEURIS Anna Maria - ° Schriek 11.05.1874 dochter van Meuris Joannes Baptist & Van der Auwera Catharina echtgenote van Witters Joannes Florimondus – 1928.05.11 hier begraven
    Die 8 Maii 1928 obiit in Schrieck Anna Maria Meuris nata in Schrieck 11 Maii 1874 filia Joannis Baptista et Catharina Van der Auwera uxor Joannis Florimondi Witters hic sepulta 11 Maii 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.05.13 Overleden te Schriek VAN OOSTERWYCK Aloysius - ° Heist-op-den-Berg 15.05.1843 zoon van Van Oosterwyck Joannes Baptist & Verhaegen Joanna weduwnaar van Van den Broeck Maria – 1928.05.16 hier begraven
    Die 13 Maii 1928 obiit in Schrieck Aloysius Van Oosterwyck natus in Heyst in Monti 15 Maii 1843 filius Joannis Baptista et Joanna Verhaegen viduus a Maria Van den Broeck hic sepultus 16 Maii 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.05.15 Overleden te Schriek VAN DEN BROECK Maria Clementina - ° Schriek 14.03.1911 dochter van Van den Broeck Aloysius Augustinus & Van den Eynde Maria Stephania – 1928.05.18 hier begraven
    Die 15 Maii 1928 obiit in Schrieck Maria Clementina Van den Broeck nata in Schrieck 14 Martii 1911 filia Aloysii Augustini et Maria Stephania Van den Eynde hic sepulta 18 Maii 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.08.05 Overleden te Schriek VAN DEN EYNDE Celina - ° Tremelo 06.04.1925 dochter van Van den Eynde Joannes Baptist & Van Looy Paulina – 1928.08.07 hier begraven
    Die 5 Augusti 1928 obiit in Schrieck Celina Van den Eynde nata in Tremeloo 6 Aprilis 1925 filia Joannis Baptista et Paulina Van Looy hic sepulta 7 Augusti 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.08.15 Overleden te Schriek VAN HERCK Joannes Baptist - ° Heist-op-den-Berg 07.02.1861 zoon van Van Herck Josephus & Bastaens Joanna Josephina weduwnaar van Van Oosterwyck Josephina – 1928.08.18 hier begraven
    Die 15 Augusti 1928 obiit in Schrieck Joannes Baptista Van Herck natus in Heyst in Monti 7 Februarii 1861 filius Josephi et Joanna Josephina Bastaens viduus a Josephina Van Oosterwyck hic sepultus 18 Augusti 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.08.20 Overleden te Schriek WAUTERS Melchior - ° Schriek 17.06.1853 zoon van Wauters Joannes Baptist & Verhaegen Theresia weduwnaar van Van Herck Regina – 1928.08.22 hier begraven
    Die 20 Augusti 1928 obiit in Schrieck Melchior Wauters natus in Schrieck 17 Junii 1853 filius Joannis Baptista et Theresia Verhaegen viduus a Regina Van Herck hic sepultus 22 Augusti 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.08.25 Overleden te Schriek VAN GYSEL Rosa - ° Schriek 02.12.1840 dochter van Van Gysel Catharina weduwe van Ceuppens Josephus – 1928.08.28 hier begraven
    Die 25 Augusti 1928 obiit in Schrieck Rosa Van Gysel nata in Schrieck 2 Decembris 1840 filia Catharina Van Gysel vidua a Josepho Ceuppens hic sepulta 28 Augusti 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.08.31 Overleden te Schriek KEMPENAERS Alphonsus Renatus - ° Schriek 07.11.1927 zoon van Kempenaers Augustus Dominicus & Michiels Emma – 1928.09.01 hier begraven
    Die 31 Augusti 1928 obiit in Schrieck Alphonsus Renatus Kempenaers natus in Schrieck 7 Novembris 1927 filius Augusti Dominici et Emma Michiels hic sepultus 1 Septembris 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    Blz 209
    1928.09.04 Overleden te Schriek GYSEMANS Joanna - ° Tremelo 28.05.1849 dochter van Gysemans Petrus & Berckx Catharina weduwe van Verschueren Joannes – 1928.09.07 hier begraven
    Die 4 Septembris 1928 obiit in Schrieck Joanna Gysemans nata in Tremeloo 28 Maii 1849 filia Petri et Catharina Berckx vidua a Joanni Verschueren hic sepulta 7 Septembris 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.09.29 Overleden te Schriek VAN HOVE Joseph Eugenius - ° Schriek 01.07.1928 zoon van Van Hove Joannes Baptist & Verbiest Rosalia – 1928.10.01 hier begraven
    Die 29 Septembris 1928 obiit in Schrieck Joseph Eugenius Van Hove natus in Schrieck 1 Julii 1928 filius Joannis Baptista et Rosalia Verbiest hic sepultus 1 Octobris 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.10.04 Overleden te Schriek VAN BEIRENDONCK Maria Monica (zuster Jumilla) - ° Vorselaar 28.01.1884 dochter van Van Beirendonck Franciscus & Verbeeck Dimphna – 1928.10.06 hier begraven
    Die 4 Octobris 1928 obiit in Schrieck Maria Monica Van Beirendonck (zuster Jumilla) filia Francisci et Dymphna Verbeeck nata in Vorsselaer 28 Januarii 1884 hic sepulta 6 Octobris 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.10.16 Overleden te Schriek VAN OOSTERWYCK Vitalis - ° Baal 03.04.1847 zoon van Van Oosterwyck Joannes & Janssens Constantia weduwnaar van Goossens Maria Dorothea – 1928.10.18 hier begraven
    Die 16 Octobris 1928 obiit in Schrieck Vitalis Van Oosterwyck filius Joannis et Constantia Janssens natus in Bael 3 Aprilis 1847 viduus a Maria Dorothea Goossens hic sepultus 18 Octobris 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.11.01 Overleden te Schriek VAN ROMPUY Emma Coleta - ° Schriek 30.11.1871 dochter van Van Rompuy Henricus & Goossens Maria Theresia echtgenote van Pelgrims Franciscus Livinus – 1928.11.05 hier begraven
    Die 1 Novembris 1928 obiit in Schrieck Emma Coleta Van Rompuy nata in Schrieck 30 Novembris 1871 filia Henrici et Maria Theresia Goossens uxor Francisci Livini Pelgrims hic sepulta 5 Novembris 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.11.14 Overleden te Schriek VERBEECK Magdalena Maria - ° Schriek 14.01.1928 dochter van Verbeeck Petrus Alphonsus & Scheirs Ludovica – 1928.11.15 hier begraven
    Die 14 Novembris 1928 obiit in Schrieck Magdalena Maria Verbeeck nata in Schrieck 14 Januarii 1928 filia Petri Alphonsi et Ludovica Scheirs hic sepulta 15 Novembris 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.11.16 Overleden te Schriek HEREMANS Antonius Emilius - ° Schriek 26.10.1926 dochter van Heremans Joannes Franciscus & Van den Acker Maria Theresia – 1928.11.18 hier begraven
    Die 16 Novembris 1928 obiit in Schrieck Antonius Emilius Heremans natus in Schrieck 26 Octobris 1926 filius Joannis Francisci et Maria Theresia Van den Acker hic sepultus 18 Novembris 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.11.19 Overleden te Schriek NYS Joseph Augustus Julius - ° Schriek 15.05.1928 zoon van Nys Carolus & Verhaegen Anna Maria – 1928.11.20 hier begraven
    Die 19 Novembris 1928 obiit in Schrieck Joseph Augustus Julius Nys natus in Schrieck 15 Maii 1928 filius Caroli et Anna Maria Verhaegen hic sepultus 20 Novembris 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.11.14 Overleden te Schriek NAVELD Anna Maria Paulina - ° Schriek 02.08.1927 dochter van Naveld Joannes Baptist & Op de Beeck Elisabeth Julia – 1928.11.16 hier begraven
    Die 14 Novembris 1928 obiit in Schrieck Anna Maria Paulina Naveld nata in Schrieck 2 Augusti 1927 filia Joannis Baptista et Elisabeth Julia Op de Beeck hic sepulta 16 Novembris 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    Blz 210
    1928.11.27 Overleden te Schriek VAN DEN EYNDE Irma - ° Schriek 14.07.1927 dochter van Van den Eynde Joannes Baptist & Van Looy Paulina – 1928.11.28 hier begraven
    Die 27 Novembris 1928 obiit in Schrieck Irma Van den Eynde nata in Schrieck 14 Julii 1927 filia Joannis Baptista et Paulina Van Looy hic sepulta 28 Novembris 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.11.30 Overleden te Schriek LENS Franciscus - ° Schriek 21.04.1856 zoon van Lens Josephus & Boexstaens Catharina echtgenoot van Meys Maria Sophia – 1928.12.03 hier begraven
    Die 30 Novembris 1928 obiit in Schrieck Franciscus Lens natus in Schrieck 21 Aprilis 1856 filius Josephi et Catharina Boexstaens vir Maria Sophia Meys hic sepultus 3 Decembris 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.12.14 Overleden te Schriek GORIS Emilius - ° Schriek 02.08.1927 zoon van Goris Victor & Van Essche Angelina Stephania – 1928.12.15 hier begraven
    Die 14 Decembris 1928 obiit in Schrieck Emilius Goris natus in Schrieck 2 Augusti 1927 filius Victoris et Angelina Stephania Van Essche hic sepultus 15 Decembris 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1928.12.16 Overleden te Schriek VERWIMP NN - ° Schriek 16.12.1928 zoon van Verwimp Casimirus Alphonsus & Van Rompuy Maria Theresia – 1928.12.17 hier begraven
    Die 16 Decembris 1928 obiit in Schrieck NN Verwimp natus in Schrieck 16 Decembris 1928 filius Casimiri Alphonsi et Maria Theresia Van Rompuy hic sepultus 17 Decembris 1928
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.



    15-11-2010, 00:00 geschreven door renic
    Reacties (0)
    13-11-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Overlijdens 1929-1929

     OVERLIJDENSREGISTER 1879- 1929 
    KAS 536
    bewerkt door
    René Lambrechts

    Blz 210
    1929.01.12 Overleden te Schriek VERHAEGEN Elza Maria Regina - ° Schriek 30.12.1928 dochter van Verhaegen Alphonsus & Serneels Catharina Josephina – 1929.01.14 hier begraven
    Die 12 Januarii 1929 obiit in Schrieck Elza Maria Regina Verhaegen nata in Schrieck 30 Decembris 1928 filia Alphonsi et Catharina Josephina Serneels hic sepulta 14 Januarii 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.01.19 Overleden te Schriek VERWIMP Carolus Emilius - ° Schriek 10.12.1928 zoon van Verwimp Julius Joannes Baptist & Van Dessel Josephina Magdalena – 1929.01.21 hier begraven
    Die 19 Januarii 1929 obiit in Schrieck Carolus Emilius Verwimp natus in Schrieck 10 Decembris 1928 filius Julii Joannis Bapt. et Josephina Magdalena Van Dessel hic sepultus 21 Januarii 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.01.20 Overleden te Schriek GEERAERTS Pelagia Joanna Irma - ° Schriek 25.08.1928 dochter van Geeraerts Petrus Theophilus & Vingerhoets Maria Celina – 1929.01.21 hier begraven
    Die 20 Januarii 1929 obiit in Schrieck Pelagia Joanna Irma Geeraerts nata in Schrieck 25 Augusti 1928 filia Petri Theophili et Maria Celina Vingerhoets hic sepulta 21 Januarii 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.01.24 Overleden te Schriek SERNEELS Elisabeth - ° Schriek 22.12.1862 dochter van Serneels Josephus & Van den Eynde Regina echtgenote van Van Itterbeeck Joannes Baptist – 1929.01.26 hier begraven
    Die 24 Januarii 1929 obiit in Schrieck Elisabeth Serneels nata in Schrieck 22 Decembris 1862 filia Josephi et Regina Van den Eynde uxor Joannis Baptista Van Itterbeeck hic sepulta 26 Januarii 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.
    Blz 211
    1929.02.06 Overleden te Schriek VERTOMMEN Maria Josephina - ° Schriek 25.12.1855 dochter van Vertommen Joannes Baptist & Eggers Maria echtgenote van De Groodt Joannes Baptist – 1929.02.08 hier begraven
    Die 6 Februarii 1929 obiit in Schrieck Maria Josephina Vertommen nata in Schrieck 25 Decembris 1855 filia Joannis Baptista et Maria Eggers uxor Joannis Baptista De Groodt hic sepulta 8 Februarii 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.02.11 Overleden te Schriek LAMBRECHTS Emma Maria - ° Beerzel 22.12.1867 dochter van Lambrechts Bernardinus & Verbruggen Anna Catharina echtgenote van Wyns Carolus Franciscus – 1929.02.14 hier begraven
    Die 11 Februarii 1929 obiit in Schrieck Emma Maria Lambrechts nata in Beersel 22 Decembris 1867 filia Bernardini et Anna Catharina Verbruggen uxor Caroli Francisci Wyns hic sepulta 14 Februarii 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.02.23 Overleden te Schriek OP DE BEECK Joanna Catharina - ° Schriek 25.09.1853 dochter van Op de Beeck Guibertus & Kennis Catharina echtgenote van Van Meel Andreas Dominicus – 1929.02.26 hier begraven
    Die 23 Februarii 1929 obiit in Schrieck Joanna Catharina Op de Beeck nata in Schrieck 25 Septembris 1853 filia Guiberti et Catharina Kennis uxor Andrea Dominici Van Meel hic sepulta 26 Februarii 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.03.05 Overleden te Schriek WAUTERS Emilius Joseph Celina - ° Schriek 03.03.1929 zoon van Wauters Joannes Norbertus & Wouters Emma Joanna – 1929.03.06 hier begraven
    Die 5 Martii 1929 obiit in Schrieck Emilius Joseph Celina Wauters natus in Schrieck 3 Martii 1929 filius Joannis Norberti et Emma Joanna Wouters hic sepultus 6 Martii 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.03.06 Overleden te Schriek GEERAERTS Joseph - ° Schriek 01.01.1836 zoon van Geeraerts Franciscus & Volkaerts Joanna Maria – 1929.03.08 hier begraven
    Die 6 Martii 1929 obiit in Schrieck Joseph Geeraerts natus in Schrieck 1 Januarii 1836 filius Francisci et Joanna Maria Volkaerts hic sepultus 8 Martii 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.03.26 Overleden te Schriek GORIS Elisabeth - ° Putte 01.12.1861 dochter van Goris Josephus & Ceulemans Florentina echtgenote van Wuyts Joannes Franciscus – 1929.04.01 hier begraven
    Die 26 Martii 1929 obiit in Schrieck Elisabeth Goris nata in Putte 1 Decembris 1861 filia Josephi et Florentina Ceulemans uxor Joannis Francisci Wuyts hic sepulta 1 Aprilis 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.04.05 Overleden te Schriek JACOBS Constantinus Ludovicus Amandus - ° Schriek 20.05.1928 zoon van Jacobs Josephus & De Winter Maria Clementina – 1929.04.07 hier begraven
    Die 5 Aprilis 1929 obiit in Schrieck Constantinus Ludovicus Amandus Jacobs natus in Schrieck 20 Maii 1928 filius Josephi et Maria Clementina De Winter hic sepultus 7 Aprilis 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.04.10 Overleden te Schriek JACOBS Rosalia - ° Keerbergen 04.09.1863 dochter van Jacobs Joannes Baptist & Van Rompaey Isabella echtgenote van Van Camp Joannes Baptist – 1929.04.13 hier begraven
    Die 10 Aprilis 1929 obiit in Schrieck Rosalia Jacobs nata in Keerbergen 4 Septembris 1863 filia Joannis Baptista et Isabella Van Rompaey uxor Joannis Baptista Van Camp hic sepulta 13 Aprilis 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.
    Blz 212
    1929.05.05 Overleden te Schriek VOLKAERTS Elisabeth Julia - ° Schriek 08.03.1929 dochter van Volkaerts Joannes Franciscus & Geeraerts Emma Rosalia – 1929.05.07 hier begraven
    Die 5 Maii 1929 obiit in Schrieck Elisabeth Julia Volkaerts nata in Schrieck 8 Martii 1929 filia Joannis Francisci et Emma Rosalia Geeraerts hic sepulta 7 Maii 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.05.10 Overleden te Schriek TIELEMANS Maria Josephina Alphonsa - ° Schriek 29.07.1928 dochter van Tielemans Petrus Julius & Goris Anna Maria Ursula – 1929.05.13 hier begraven
    Die 10 Maii 1929 obiit in Schrieck Maria Josephina Alphonsa Tielemans nata in Schrieck 29 Julii 1928 filia Petri Julii et Anna Maria Ursula Goris hic sepulta 13 Maii 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.05.23 Overleden te Schriek DIRICKX Joanna Elisabeth - ° Haacht 30.09.1873 dochter van Dirickx Josephus & Janssens Joanna Maria weduwe van Brabants Josephus – 1929.05.25 hier begraven
    Die 23 Maii 1929 obiit in Schrieck Joanna Elisabeth Dirickx nata in Haecht 30 Septembris 1873 filia Josephi et Joanna Maria Janssens vidua a Josepho Brabants hic sepulta 25 Maii 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.06.14 Overleden te Schriek MICHIELS Franciscus Joannes - ° Baal 30.01.1850 zoon van Michiels Lambertus & De Haes Catharina echtgenoot van Van den Put Catharina – 1929.06.17 hier begraven
    Die 14 Junii 1929 obiit in Schrieck Franciscus Joannes Michiels natus in Bael 30 Januarii 1850 filius Lamberti et Catharina De Haes vir Catharina Van den Put hic sepultus 17 Junii 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.07.12 Overleden te Schriek VAN OOSTERWYCK Maria Antonia - ° Putte 31.12.1873 dochter van Van Oosterwyck Josephus & Docx Paulina weduwe van Van Meerbeeck Petrus Theophilus – 1929.07.15 hier begraven
    Die 12 Julii 1929 obiit in Schrieck Maria Antonia Van Oosterwyck nata in Putte 31 Decembris 1873 filia Josephi et Paulina Docx vidua a Petro Theophilo Van Meerbeeck hic sepulta 15 Julii 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.07.13 Overleden te Schriek ADAMS Carolus - ° Schriek 18.02.1851 zoon van Adams Ferdinandus & Nys Joanna – 1929.07.17 hier begraven
    Die 13 Julii 1929 obiit in Schrieck Carolus Adams natus in Schrieck 18 Februarii 1851 filius Ferdinandi et Joanna Nys hic sepultus 17 Julii 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.07.15 Overleden te Schriek DE CLEYN Theresia - ° Schriek 11.03.1858 dochter van De Cleyn Theodorus & Meuris Bernardina weduwe van Serneels Josephus en Adams Carolus Melchior – 1929.07.18 hier begraven
    Die 15 Julii 1929 obiit in Schrieck Theresia De Cleyn nata in Schrieck 11 Martii 1858 filia Theodori et Bernardina Meuris vidua a Josepho Serneels et Caroli Melchioris Adams hic sepulta 18 Julii 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.07.28 Overleden te Schriek NITOR Joseph - ° Schriek 29.12.1859 zoon van Nitor Paulus & Van Loock Maria – 1929.07.31 hier begraven
    Die 28 Julii 1929 obiit in Schrieck Joseph Nitor natus in Schrieck 29 Decembris 1859 filius Pauli et Maria Van Loock hic sepultus 31 Julii 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.07.31 Overleden te Schriek DE CUYPER Emilius Florentinus - ° Schriek 20.05.1929 zoon van De Cuyper Julius & Vingerhoets Elisa Amanda – 1929.08.02 hier begraven
    Die 31 Julii 1929 obiit in Schrieck Emilius Florentinus De Cuyper natus in Schrieck 20 Maii 1929 filius Julii et Elisa Amanda Vingerhoets hic sepultus 2 Augusti 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.
    Blz 213
    1929.08.02 Overleden te Schriek CEULEMANS Anna Maria - ° Schriek 31.03.1910 dochter van Ceulemans Josephus & Aertgeerts Eulalia – 1929.08.05 hier begraven
    Die 2 Augusti 1929 obiit in Schrieck Anna Maria Ceulemans nata in Schrieck 31 Martii 1910 filia Josephi et Eulalia Aertgeerts hic sepulta 5 Augusti 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.08.07 Overleden te Schriek CEUPPENS Maria Josephina Bertha - ° Schriek 15.06.1902 dochter van Ceuppens Amandus & Verbeeck Maria Theresia – 1929.08.09 hier begraven
    Die 7 Augusti 1929 obiit in Schrieck Maria Josephina Bertha Ceuppens nata in Schrieck 15 Junii 1902 filia Amandi et Maria Theresia Verbeeck hic sepulta 9 Augusti 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.08.31 Overleden te Schriek VLEMINGS Maria Melania - ° Schriek 20.06.1929 dochter van Vlemings Antonius & Ropcier Joanna – 1929.09.01 hier begraven
    Die 31 Augusti 1929 obiit in Schrieck Maria Melania Vlemings nata in Schrieck 20 Aprilis 1929 filia Antonii et Joanna Ropcier hic sepulta 1 Septembris 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.09.05 Overleden te Schriek GOOSSENS NN - ° Schriek 04.09.1929 zoon van Goossens Franciscus Alphonsus & Eggers Josepha Josephina Celina – 1929.09.07 hier begraven
    Die 5 Septembris 1929 obiit in Schrieck NN Goossens natus in Schrieck 4 Septembris 1929 filius Francisci Alphonsi et Josepha Josephina Celina Eggers hic sepultus 7 Septembris 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.09.10 Overleden te Schriek VAN WOENSEL NN - ° Schriek 10.09.1929 dochter van Van Woensel Josephus Julius & De Haes Maria Theresia Irma – 1929.09.12 hier begraven
    Die 10 Septembris 1929 obiit in Schrieck NN Van Woensel nata in Schrieck 10 Septembris 1929 filia Josephi Julii et Maria Theresia Irma De Haes hic sepulta 12 Septembris 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.10.01 Overleden te Schriek WOUTERS Florentina - ° Schriek 05.07.1910 dochter van Wouters Joannes & Op de Beeck Joanna Maria – 1929.10.04 hier begraven
    Die 1 Octobris 1929 obiit in Schrieck Florentina Wouters nata in Schrieck 5 Julii 1910 filia Joannis et Joanna Maria Op de Beeck hic sepulta 4 Octobris 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.10.02 Overleden te Schriek JANSSENS Regina - ° Schriek 12.03.1857 dochter van Janssens Victor & De Bie Maria weduwe van Ceuppens Carolus en Geens Petrus – 1929.10.05 hier begraven
    Die 2 Octobris 1929 obiit in Schrieck Regina Janssens nata in Schrieck 12 Martii 1857 filia Victoris et Maria De Bie vidua a Caroli Ceuppens et Petri Geens hic sepulta 5 Octobris 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.10.03 Overleden te Schriek VAN UFFEL Josephina - ° Schriek 23.01.1859 dochter van Van Uffel Joannes Baptist & Claes Joanna echtgenote van Brabants Augustus Dionysius – 1929.10.05 hier begraven
    Die 3 Octobris 1929 obiit in Schrieck Josephina Van Uffel nata in Schrieck 23 Januarii 1859 filia Joannis Baptista et Joanna Claes uxor Augusti Dionysii Brabants hic sepulta 5 Octobris 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.10.08 Overleden te Schriek LAMBRECHTS NN - ° Schriek 08.10.1929 dochter van Lambrechts Amandus & Van Kerckhoven Rosalia Julia – 1929.10.10 hier begraven
    Die 8 Octobris 1929 obiit in Schrieck NN Lambrechts nata in Schrieck eadem die filia Amandi et Rosalia Julia Van Kerckhoven hic sepulta 10 Octobris 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.
    Blz 214
    1929.10.23 Overleden te Itegem DE PRETER Petrus Antonius - ° Schriek 25.12.1856 zoon van De Preter Josephus & Nagels Theresia – 1929.10.26 hier begraven
    Die 23 Octobris 1929 obiit in Itegem Petrus Antonius De Preter natus in Schrieck 25 Decembris 1856 filius Josephi et Theresia Nagels hic sepultus 26 Octobris 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.10.29 Overleden te Schriek HUYGENS Georgius Gaston - ° Schriek 25.09.1929 zoon van Huygens Joannes Alphonsus & Ruttens Dorothea Ludovica – 1929.10.31 hier begraven
    Die 29 Octobris 1929 obiit in Schrieck Georgius Gaston Huygens natus in Schrieck 25 Septembris 1929 filius Joannis Alphonsi et Dorothea Ludovica Ruttens hic sepultus 31 Octobris 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.11.19 Overleden te Schriek ROOTHOOFT Joseph - ° Heist-op-den-Berg 30.04.1851 zoon van Roothooft Joannes Baptist & Geens Angelina weduwnaar van Janssens Rosalia – 1929.11.22 hier begraven
    Die 19 Novembris 1929 obiit in Schrieck Joseph Roothooft natus in Heyst in Monti 30 Aprilis 1851 filius Joannis Baptista et Angelina Geens viduus a Rosalia Janssens hic sepultus 22 Novembris 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.12.05 Overleden te Schriek FRANS Joannes Dionysius - ° Putte 21.03.1864 zoon van Frans Petrus Josephus & Bogaerts Elisabeth echtgenoot van Beyens Maria Josephina – 1929.12.06 hier begraven
    Die 5 Decembris 1929 obiit in Schrieck Joannes Dionysius Frans natus in Putte 21 Martii 1864 filius Petri Josephi et Elisabeth Bogaerts vir Maria Josephina Beyens hic sepultus 6 Decembris 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.12.09 Overleden te Schriek WOUTERS Emma Joanna - ° Schriek 24.03.1896 dochter van Wouters Josephus & Verhaegen Dorothea echtgenote van Wauters Joannes Norbertus – 1929.12.12 hier begraven
    Die 9 Decembris 1929 obiit in Schrieck Emma Joanna Wouters nata in Schrieck 24 Martii 1896 filia Josephi et Dorothea Verhaegen uxor Joannis Norberti Wauters hic sepulta 12 Decembris 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    1929.12.17 Overleden te Schriek VERSCHOREN Maria Ursula - ° Schriek 28.09.1874 dochter van Verschoren Petrus & De Peuter Catharina weduwe van Verlinden Petrus Joannes – 1929.12.20 hier begraven
    Die 17 Decembris 1929 obiit in Schrieck Maria Ursula Verschoren nata in Schrieck 28 Septembris 1874 filia Petri et Catharina De Peuter vidua a Petro Joanne Verlinden hic sepulta 20 Decembris 1929
    Quod attestor Hub. Van Hoof Par.

    vervolgd



    13-11-2010, 00:00 geschreven door renic
    Reacties (0)
    31-10-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Akte-1 Van der Stegen

    1748-12-14

    Ontvoogding van Philip Norbert Maria Van der Stegen

    Ludovicus by de gratie godts Coninck van Vranckryck ende van Navarre, alle de gene die dese onse tegenwoordighe opene brieven sullen sien ofte hooren lesen Saluyt doen te weten dat wy hebben ontfanghen, de supplicatie van Philippus Norbertus Maria Van der Stegen Baron van Putte Heere van Schrieck ende Grootloo etcª oudt dry en twintigh jaeren volgens het extract baptismael sub n° 1° ende Maria Carolina Van der Stegen ontrent de twee en twintigh jaeren volgens dier gelyck extract sub n° 2° innehoudende dat Maria Clara De Ridwyck Douariere van wylen Jean Jacques De Broeckhoven in syn leven Baron van Putte etcª hunne moederlycke grootmoeder by haer testaement van den 5 november 1731 aldaer gevoegt sub n° 3 naer de supplianten geinstitueert te hebben haere universele erfgenaemen hadde geordonneert dat de selve niet in het minste van de revenuen ofte innecomen van haere naergelaetene goederen en souden moghen genieten nochte proffiteren voor ende aleer sy souden gecomen syn tot den ouderdom van vier en twintigh jaeren, hebbende voorders tot de directie, ende administratie van de selve haere goederen aengestelt den persoon van wylen Guilielmus Reyntiens in welckers plaetse alsnu was gesurrogeert den Advocaet Aerts dat de supplianten waeren buyten hunne momboirdye ende vertrouwden nut ende bequaem te wesen om hunne goederen selfs te regeren ende administreren, dat sy oock dusdaenighe geoordeelt wirden door hunne naeste vrienden soo van vaederlycke als moederlycke syde als bleke uyt hunne orignele declaratie aldaer gevoeght sub n° 4° in pede van dewelcke den voorschreven Advocaet Aerts oock consenteerde dat de supplianten de directie ende administratie hadden van hunne goederen ende vermits wynighen tydt ontbrack tot de vierentwintigh jaeren by het voorschreven testament geordonneert oorsaecke van recours tot ons, oodmoedelyck biddende ten eynde wy gedient waeren de supplianten te authoriseren tot den ontfanck, directie ende administratie van hunne goederen, hun ten dien effecte voor soo veele noodig accorderende opene brieven van venia ætatis in forma waeromme soo ist dat wy het gene voorschreven aengemerckt ende gesien het besoigne geordonneert by den appointemente op de voorschreve supplicatie gemargeert in date 26 september lestleden geschiedt voor commissarissen van onsen Raede geordonneert in Brabant daer toe ten selven daeghe gedeputeert naementlyck het verbael van den 27 ditto alwaer Charles Van der Meren Baron de Boulez, Francoise Ridwyck de Linghem, Marie L’offrancht de Cruybeke, ende Joanna Carolina Van der Meren de voor de respective vaederlycken oom ende moederlycke moeyen ende nichten ende naestbestaende vrienden der suppliante alle comparerende in persoon, verclaert hebben om redenen by de gemelde supplicatie vervat, te consenteren in de vraeghe aldaer gedaen, welcken aengaende de twee eerst genoemde vrienden hun refereerden tot hun advies van 12 september voorschreven mitsgaeders gesien het verbael van den 7 october daer naer alwaer den voornoemden Advocaet Aerts in qualiteydt als boven verclaerde sigh aengaende het versoeck by de selve supplicatie gedaen te refereren tot ons gesien tot dien het appointement naer voorgaenden rapport in onsen gemelden Raede gegeven op den 10 october insgelyckx lestleden waer by aleer op het versoeck der supplianten te disponeren aen den geseyden Advocaet Aerts wirde geordonneert rekeninghe van syne administratie te doen voor de voorschreven commissarissen ter interventie der selve supplianten, ende het verbael van den 16 november oock lestleden met de voormelde rekeninghe aldaer ten voorgaenden daeghe gesloten gesien daertoe ex officio sekere transactie voor commissarissen van onsen voorschreven Raede op den 14 juny 1740 aengegaen tusschen den voornoemden advocaet Aerts in qualiteyt van administrateur der goederen der supplianten ter eenre ende Charles Van der Steghen Heere van Schrieck ende Grootloo ter andere zeyden mede de rekeninghe ende naerdere rekeninghe van den voorschreven advocaet Aerts voor de meergemelde commissarissen gesloten respective op den 7 ende 9 juny 1745 mede desselfs tweede rekeninghe daer over aen den voorschreven Charles Van der Steghen gedaen ende gesloten op den 27 juny 1747 geneghen wesende ter oodmoediger bede der supplianten, naer voorgaende rapport daer van gedaen in onsen voorschreven Raede hebben hun gepermitteert geoctroyeert ende geconsenteert, permitteren octroieren ende consenteren uytsonderlinghe gratie by desen dat sy voortaen hunne goederen selfs sullen vermoghen te regeren ende administreren de selve verhueren ende verpachten d’innecomen van dien ontfanghen van hunnen ontfanck geven valide quittantie, rekeninghe metter minnen ofte metten rechte te heysschen ende generaelyck alle voordere acten te doen die naer rechte gepermitteert syn aen de meerderjaerighe in de vrye regie ende administratie van hunne goederen niettegenstaende der supplianten minderjaerigheydt ende de coustumen locael daer aen contrarie aen dewelcke voor soo vele aengaet dese onse tegenwoordighe gratie ende consent wy gederogeert hebben ende derogeren by desen sonder prejudicie der selve in andere saecken, ontbieden daer omme ende bevelen onse lieve ende getrouwe Raeden die luyden van onsen Raede geordonneert in Brabant, Meyer van Loven, Amman van Brussel, Schouteth van Antwerpen ende alle andere officieren justicieren ende ondersaeten ons voorschreven Landts van Brabant dat sy de voorschreven supplianten van dese onse tegenwoordighe gratie octroy ende consent peyselyck ende vredelyck doen ende laeten genieten ende gebruycken sonder hun daer inne te doen ofte te laeten geschieden eenigh hinder stoornisse ofte letsel ter contrarie van ons alsoo gelieft gegeven binnen onse stadt Brussele onder onsen grooten segele desen 14 december 1748 was geparapheert Goch notaris leeger stont by den Coninck in synen Raede ende was onderteeckent I.I. Ingelberts
    (Privé verzameling)

    Vermelde personen :
    Aerts Advocaet
    De Broeckhoven Jean Jacques Baron van Putte
    De Ridwyck Maria Clara
    Goch notaris
    Ingelberts I.I.
    L’offrancht de Cruybeke Marie
    Reyntiens Guilielmus
    Ridwyck de Linghem Francoise
    Van der Meren Charles Baron de Boulez
    Van der Meren Joanna Carolina
    Van der Stegen Maria Carolina
    Van der Stegen Philippus Norbertus Maria Baron van Putte Heere van Schrieck ende Grootloo
    Van der Steghen Charles Heere van Schrieck ende Grootloo
    Vermelde plaatsen :
    Antwerpen
    Boulez
    Brussel
    Cruybeke
    Linghem
    Loven
    Putte
    Schrieck ende Grootloo



    31-10-2010, 00:00 geschreven door renic
    Reacties (0)
    30-10-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Akte 2 Van der Nath

    1648-09-19 tot 1651-02-25
    Extract uit het register van het Leenhof van Mechelen

    Extract vuytten register van contracten verheffen van leenen goedenissen, erffenissen belastinghen testamenten, ende andere acten ghepasseert in syne conincklycke Majesteyts Leenhove s’ Lants van Mechelen by thyde van Joncker Julius Boeabella heere van Ophombeke etcª respective stadthouder ende griffier van den selven hove begonst negenthiensten september sesthien hondert achtenveertigh ende eyndende den 25e febry sesthien hondert eenenvyftigh ende was onderteeckent J. Van Voorspoel

    De heerelyckheyt van Schrieck ende Groodtloo fol.85 verso

    Wy Christiaen Van Laethem heere van Lagres etcª bewaerende als oudtsten leenman de plaetse van Joncker Julius Boeabella heere van Ophombeke etcª als stadthoudere van syne Majesteyts Leenhove s’ Lants van Mechelen doen te weten etcª

    Philips by der gratie Godts Coninck van Castillien etcª hertogh van Oostenryck van Bourgondien van Brabant etcª

    Ende onder andere terhandt genomen hebbende de vercoopinge van den dorpe ende heerelyckheyt van Schriek ende Groodtloo, gelegen in onsen Lande ende hertogdomme van Brabant het quartier van onsen Lande van Mechelen soo verre wyt ende breedt als hun de limiten van deselve heerelyckheyt syn streckende met hooghe middele ende leege justitie reserverende ende behoudende tot onsen profyte allen het innecomen van wat nature hetselve soude moghen wesen behoudens ende vuytgesondert de baeten dewelcke sullen syn tot proffyte van den cooper ende andere daer wy recht toe hadden, voorts op conditie dat den ontfanck vant voorschreve innekomen ende de geschillen die soude mogen reysen ter oorsaecke derselver, niet en sullen onderworpen syn aen de justitie, die den voorschreven cooper sal stellen binnen de voorschreve heerelyckheyt van Schrieck ende Grootloo nemaer wy sullen ten dien eynde stellen een besonder banck, ende voorts metten jachte volghens de placcaerten daerop gemaeckt vogelrye visscherye keuren ende breucken, ende alle andere amenden, criminele ende civile confiscatien van bastaerden goederen gevonden, vacante ende gestrangeerde goederen daermen den proprietaris niet af en weet, voorts met alsulcke andere gerechtigheden preeminentien ende authoriteyten als wy selve hebben vermogen te doen, oock met recht van vermogen planten op s’heeren straeten ende gemeyne weghen, leghe ende eydele plaetsen, alsulck opgaende ende andere boomen als hun goetduncke sal ende gelyck wy recht hebben tselve aldaer te moghen doen, ende voorts ten effecte van de executie van de voorschreve jurisdictie soo daer geen en is ende aldaer stellen meyer schepenen ende andere officiers aldaer nootelyck wesende, die kennisse bevels ende judicature sullen hebben van alle saecken criminele ende civile met dat daer aen cleeft behoudelyck ende ons ghereserveert, den klockslagh beden heirgewyden ressort vonissen van overjaerde delicten legitimatien alle octroyen soo van waeter als wint ofte van minerale, confiscatien van goederen ter canse van oorlogh ofte partye tegens ons houdende oft oock van crimen van leze majesteyt, goddelyck oft weerlyck ende gelyck regalen

    Doen te weten dat wy houden de voorschreven absolute vercoopinghe voorgoet vast ende van wende, ende willende den voorschreven Dierick Vander Nath, syne naercomelinghen, ende actie hebbende vol concentlyck verseekeren, hebben aen den selven vuyt onse volle ???? ende wetentheyt eindelyck ende erffelyck by absolute vercoopinghe opgedraegen gecedeert ende getransporteert draegers op eerderen, ende transporteren by desen tegenwoordighe de voorschreve heerelyckheyt van Schrieck ende Grootloo, sonder innecomen, maer mette rechten appendentien ende depentendien van dyen, ende op de voorwaerden ende conditie hier voren naerder gheroort behalvens

    Destoir conden hebben wy onsen zegel hier aen doen hangen gegeven in onse stadt van Brussel den 9e april int jaer ons heeren duysent seshondert vyftigh ende vinden JB Ryeken het dertighste onder ons geparapheert

    Der stondt geschreven by den coninck myne heere den Aertsch hertogh stadthouder goeverneir ende capitain generael etcª Grave Van Isembourgh Riddere van t’ordre van Gulden Vlize, ierste hooftheere Jacques Dennentieres, riddere, heere van Gurlebois Tresorier generael, Louys Rogier Clarisse, Riddere van het Crychs ordre van St. Jacob, Peeter Roberti, heere van Aisere ende Philips Le Roy heere van Broechem gecommitteerde van de finantien, ende andere tegenwoordighe, ende was onderteeckent Verreycken, ende besegelt met syne majesteyts grooten zegel in den rooden wasse onder uythangende aen dobbelen sterte van parquensente, welcken comparant penninghe ende lecture aen ons gedaen hebbende van de voorschreven brieven, heeft versocht dat wy achter volghens deselve ende de acten daer inne geinsereert, met de opdracht daerby ghedaen hun ter profyte van de voorschreven Joncker Dierick Van der Nath, soude willen goedenvestigen ende in de voorschreve dorpe ende heerelyckheyt van Schrieck ende Groodtloo, met allen den toebehoorten ende gerechtigheden by de voorschreven brieven geexpresseert, gelyck wy tonser manisse, ende wysdomme van de voorschreve heeren leenmannen den voorschreven St. Truyen ten proffyte als voren met alle behoorlycke, ende gewoonelycke solemniteyten naer des leenhofs recht gerequireert daerinne hebben gegoeyt ende geherft behoudelyck syne voorschreve majesteyt ende een ieghelyck syn goet recht syn delen voornoemden Van der Nath sterfman gebleven, ende den voorschreven van St. Truyen desso den eedt van hulde manschap ende trouwe daertoe staende in kennisse den waerheyt hebben wy onsen segel neffens deghene van de voorschreven heere leenmannen dese letteren doen aenhanghen int jaer ons Heeren duysent ses hondert vyftigh negen daegen in de maendt van July
    (Privé verzameling)

    Vermelde personen :
    Boeabella Julius Joncker heere van Ophombeke (=Boccabella)
    Clarisse Louys Rogier, Riddere van het Crychs ordre van St. Jacob
    Dennentieres Jacques, riddere, heere van Gurlebois
    Le Roy Philips heere van Broechem
    Roberti Peeter, heere van Aisere
    Ryeken JB
    Truyen St.
    Van Isembourgh Grave Riddere van t’ordre van Gulden Vlize
    Van Laethem Christiaen heere van Lagres
    Van Voorspoel J.
    Vander Nath Dierick Joncker
    Verreycken

    Vermelde plaatsen :
    Aisere
    Broechem
    Brussel
    Gurlebois
    Lagres
    Mechelen
    Ophombeke
    Schrieck ende Groodtloo



    30-10-2010, 00:00 geschreven door renic
    Reacties (1)
    29-10-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Akte 3- de Brouckhoven

    1686.09.30
    Verdeling van de nalatenschap van Antoon Ferdinand de Brouckhoven.

    Op heden den dertighsten september sesthien hondert sessentachentigh comparerende etcª den heere Jan Jacques de Broeckhoven oudtschepene deser voorschreve stadt Brussele, heere Joannes Baptista de Brouckhoven en jouffvrouwe Helena de Brouckhoven alle kinderen wylen heere Anthonio Fernando de Brouckhoven Baenderheere van Putte etcª de welcke om int’ minnelyck te neder te leggen de questien, ende geschillen dyer geschapen waeren tusschen hun te reysen, over, ende ter oorsaecke van de successie, ende achtergelaeten goederen van wylen den voorschreven heere Baenderheer van Putte hunnen vaeder, ende van desselffs testamentaire dispositie daer over gemaeckt ten behoeve van den heere eersten comparant, hebben verclaert door tusschenspreken van goede vrienden daer over te hebben getransigeert, ende veraccordeert te wesen in der voegen ende manieren naervolgende, te weten heefft den selven heere eersten comparant affgegaen ende gerenuntieert, gelyck hy doet by desen aen den voorschreven testamente, ende aen allen het voordeel hem daer by gemaeckt ende gelaten gelyck oock is doende de voorschreve jouffvrouwe derde comparante, ende vrouwe Marie de Caluart Baronesse douagiere van Putte alhier mede comparerende verclaerende vuyt crachte dyer recht nochte actie te hebben nochte te pretenderen aen, offte op de goederen hun daer by gelaten, voorders offte anderssints als hier naer sal wesen gereguleert, synde dyen volgens partyen overcommen, dat eerst, ende voor al de schulden, ende lasten ten sterffhuyse van hunnen voorschreven vaeder bevonden sullen voldaen ende gequeten worden, ende dat het selve gedaen synde, de overende goederen tusschen hun heeren comparanten, ende jouffvrouwe derde comparante sullen gepartageert worden als volght te weten sal den heere eersten comparant voor vuyt hebben de Baronnie van Putte bestaende in hooge middele ende leege justitie, met allen de rechten ende gerechtigheden daer toe behoorende, ende daer van dependerende, waer tegens aen den heere tweeden comparant sal volgen de heerelyckheyt van Schrieck ende Grootloon insgelycx mette heerelycke rechten ende gerechtigheden daer toe behoorende ende daervan dependerende, ende raeckende de resterende goederen by den voorschreven heere Baron van Putte party en vader achtergelaeten t’sy leenen, chyns, offte allodiaele daer onder oock begrepen de hellicht van de legitime van hunne voorschreve vrouwe moeder die sy by particuliere acte hadden gecedeert aen den selven haeren man, om daer van te disponeren naer goetduncken allen de selve sullen tusschen de voorschreve heeren eersten ende tweeden ende jouffvrouwe derde comparante gescheyden ende gedeylt worden hooffde gelyck, behoudelyck dat den heere eersten comparant soo by forme van prerogatieff, als om syne diensten bewesen aen wylen synen voorschreven heere vader, ende vrouwe moeder, daer vuyt ende voor al sal trecken ende profiteren eene somme van acht duysent guldens, eens, ende den heere tweeden comparant in consideratie van syn prerogatiff als joncxsten sone in de Grimberghsche leenen , de somme van twee duysent guldens eens, waer tegens de jouffvrouwe derde comparante voor hare juweelen sal trecken, ende proffiteren allen de achterstellen verschenen tot heden date deser van eene erffelycke rente van vyff hondert guldens t’sjaers, beseth op den impost van Vlaenderen ten recepte van den heere Sersander, ende boven dyen oock de capitalen der selver mette verloopen voor het toecommende te verscheynen tot egaleringe van gelycke renten waer van die heeren eersten ende tweeden comparanten actuelyck in besit syn, hoe wel de capitalen van de selve hunne renten just soo vele niet vuyt en brengen als de ghene van de voorschreve rente van Vlaenderen, synde noch voorders besproecken dat den heere eersten comparant in de masse van de goederen die als vooren tusschen hun gelyckelyck te deylen staen, sal innebrengen een capitael van vyffthien hondert guldens eens by hem genoten van eene vercochte rente op de stadt van Antwerpen, offte emmers gedoogen dat den heere tweeden ende jouffvrouwe ende derde comparanten daer tegens sullen vuyttrecken ider van hun gelyck capitael van vyffthien hondert guldens eens, remitterende ende schellende quyte de voorschreve heere tweeden ende jouffvrouwe derde comparanten aen den voorschreven heere eersten comparant allen de verloopen by hem genoten soo van de voorschreve rente van vyffthien hondert guldens capitael op de stadt van Antwerpen, als de verloopen van eene rente van veertigh guldens t’sjaers tot laste van de staten van Brabant int quartier van Antwerpen beyde by den voorschreven heere eersten comparant vercocht , item sal den voorschreven heere eersten comparant moeten goetdoen ende doen volgen aen den voorschreven heere tweeden comparant de somme van twee hondert guldens wesende het derde paert hem competerende in het capitael van de voorschreve rente van veertigh guldens t’sjaers op de voorschreve staten, ende dat soo haest de egaleringe sal geschieden tusschen de voorschreve twee eerste heeren comparanten, ende jouffvrouwe derde comparante nopende de sesse hondert guldens die de voorschreve heere tweeden ende jouffvrouwe derde comparanten meerder syn hebbende als den voorschreven heere eersten comparant, remitterende ende schellende de voorschreve jouffvrouwe derde comparante quyte aen den voorschreven heere eersten comparant het derde paert haer insgelycx competerende in het capitael van de voorschreve rente van veertigh guldens t’sjaers tot laste van de voorschreve staten, ende alsoo hunnen voorschreven heere vader in syn leven proces heeft moeten sustineren voor den souvereynen Raede van Brabant tegens den heere marquis van Deynze Baron des lants van Duffele ter oorsaecke van pretentien op de domeynen ende goederen van Duffle, d’welck alnoch ongedecideert hanght, is tusschen party en contractanten oock besproecken dat het selve proces sal vervolght worden totten diffinitiven toe ten gemeynen coste, ende dat het selve gewonnen synde, vuytte aengewesene penningen aen den heere eersten comparant voor vuyt sal volgende somme van vier duysent guldens eens, ende aen den heere tweeden comparant de somme van twee duysent guldens eens, ende dat het surplus van de selve penningen tusschen de voorschreve heeren eersten en tweeden comparanten mitsgaders jouffvrouwe derde comparante gepartageert sal worden hooffde=gelyck, synde eyndelyck de selve party en noch overcommen, dat soo de wederhellicht van de legitime van hunne voorschreve vrouwe moeder, als haere resterende erffgoederen belast met fideicommis van wat natuere offte conditie die souden mogen wesen, leen, cheyns, offte allodiale geene vuytgesondert, nochte gereserveert tusschen de twee heeren, ende jouffvrouwe derde comparante oock sullen gescheyden, ende gedeylt worden hooffde=gelyck, ende sonder eenigh prerogatiff aen d’een, offte d’ander landerende, ende approberende ende ratificerende als oock voor soo vele noodigh is daer inne consenterende de voorschreve vrouwe vierde comparante gelyck sy doet by desen allen de voorschreve conventien soo ten opsichte van haere legitime, als andere gefideicommitteerde goederen, behoudelyck dat sy is reserverende haere tochte haer leven lanck geduerende, onder welcke reserve, sy verclaert te vreden te wesen, dat van nu aff aen allen de selve goederen tusschen haere voorschreve kinderen gelyckelyck sullen worden gescheyden, ende gedeylt in der voegen ende manieren hier vorens vermelt, alle welcke conventien der voorschreve heeren, vrouwe ende jouffvrouwe comparanten respectivelyck hebben beloefft goedt, onverbrekelyck ende van weerden te houden ende nimmermeer daer tegen te sullen commen in rechte nochte daer buyten directelyck offte indirectelyck renuntierende tot dyen eynde aen alle wetten costuymen ende vsantien daer aen eenighsints contrarierende besonderlyck de voorschreve vrouwe ende jouffvrouwe comparanten aen het benificie senat : consult : vell : authent : si qua mulier van de crachte dyer by my notaris alvoren verwittight synde, hebbende noch boven dyen de selve party en contractanten gerenuntieert aen alle benefitien van rechten t’sy van rescissien relivement vuyt wat hooffde het soude mogen wesen, mitsgaders oock aen het dictamen van rechten dat generaele renuntiatie niet en gelt ten sy de speciaele voorgae, hebbende finalyck de voorschreve heeren ende jouffvrouwe comparanten mits het gene voorschreven oock gerenuntieert aen alle questien, actien, ende pretentien, die sy tot elexanders last eenighssints soude connen, offte mogen hebben, offte pretenderen vuyt wat hooffde, offte redene het selve soude mogen wesen : alles onder verbintenisse van hunnen persoon ende goederen present, ende toecommende, constituerende voorts de selve comparanten onwederroepelyck mits desen N. ende N. t’samen ende elcken van hun int’ besonder thoonder deser om in hunnen naem, ende van hunnen t’ wegen te compareren soo in den souvereynen Raede van Brabant, souvereynen leenhove van Brabant, voor heeren wethouderen deser stadt Brussel, ende alomme elders daer des behooren, ende van noode wesen sal, ende aldaer hetgene voorschreven is vernieuwende hun ieder int’ particulier offte alle t’samen int’ achtervolgen, volbrengen, ende voldoen van het gene voorschreven is gewillighlyck te doen, ende laeten condemneren cum expensis gelovende ende verbindende etcª actum Bruxellis ut ante coram Andrea Panneels, ende meester Jan Breeckpot testibus, ende was onderteeckent, J.J.Brouckhoven, J.B.De Brouckhove, Helene De Brouckhoven, Marie de Caluart Baronne de Putte, Andries Panniels ende by forme van een cruysken waer by geschreven stondt, dits het merck van den voorschreven tweeden getuygen, leeger stondt, me presente quod attestor, ende was onderteeckent, P. Van Cutsem, nots 1686

    Accordeert met de Minute Quod Attestor J.L.Dulieu Notaris generael 16 novembris 1754
    (Privé verzameling)

    Vermelde personen :
    Breeckpot Jan
    de Broeckhoven Jan Jacques
    de Brouckhoven Anthonio Fernando
    de Brouckhoven Helena
    de Brouckhoven Joannes Baptista
    de Caluart Marie
    Dulieu J.L. Notaris
    marquis van Deynze
    Panniels Andries
    Sersander
    Van Cutsem P. Notaris

    Vermelde plaatsen :
    Antwerpen
    Brussele
    Deynze
    Duffele
    Grimberghe
    Putte
    Schrieck ende Grootloon



    29-10-2010, 00:00 geschreven door renic
    Reacties (0)
    28-10-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Akte 4-de Brouckhoven

    1701-08-19
    Deling van de nalatenschap van Joannes Baptist de Brouckhoven

    Op den negenthienden augusti seventhien hondert een comparerende voor my notaris etcª ende de getuygen naer genoemt M’her Joan Jacques de Brouckhoven, Baron van Putte, Heere van Riethoven, Fontanies, Lingegem, Paddegem, etcª ter eenre ende vrouwe Helene de Brouckhoven met m’her Joan Peeter Christyn, Riddere etcª secretaris van Souverynen Raede van Brabant haeren man ende momboir die de selve syne compagne tot tgene naebes. Is authoriserende ter andere syden de welcke met vrindelyckheden rypen raede ende voorsinnigen adviese door tusschen spreken van goede mannen ende luyden hun des verstaende verclaeren met malcanderen gescheyden ende gedeylt te hebben alsulcken successie van goeden ende renten als op hun gesuccedeert ende vervallen syn door d’afflyvigheydt van wylen Heer Joan Baptista de Brouckhoven in synen leven Heere van Schrieck ende Grootloo in der manieren naervolgende,

    Alsoo dat daer aff aen den voornoemden Heere eersten comparant by gemeynen consente toegevoeght ende aengeschreven worden

    Ierst een huys met allen syne toebehoorten gestaen ende gelegen binnen de stadt Antwerpen op den Wapper, by de brugge gemynelyck genoemt den witten Leeuw,

    Item alnoch eene hoffstadt metten huyse daer op staende gelegen binnen de voorschreve stadt Antwerpen in de Spierinckstraete gemeynelyck genoemt het gulde Tonneken

    Item alnoch twee derde paerten in sekere hoffstadt ende huysinge gelegen binnen dese stadt Brussele ontrent de nieuw brugge gemynelyck genoemt het Magasyn ende alsoo aen wylen den voornoemden Heer Jan Baptista de Brouckhoven oock heeft gecompeteert een derde paert in de nabeschreve twee renten ende dat hy gemaeckt hebbende syn testament maer en heeft connendisponeren van een derde paert conform de costuymen van Vlaenderen, soo worden midts desen alnoch aengeschreven ende toegevoeght aen den eersten comparant de twee derde deelen van het voorschreve derde paert in twee renten d’eene van hondert acht en sestigh guldens s’jaers ten laste van syne majesteyt specialyck gehypotecqueert op de bosschen van Nieppe ende Cassel in Vlaenderen comende uytten hooffde van Vander Goes ende d’andere van vier en tachentigh guldens s’jaers ten laste als de voorgaende comende uytten hooffde van Caluart, cederende ende transporterende de voornoemde tweede comparanten aen den eersten comparant tot ten dyen een ander derde paert in de voorschreve twee renten respective van hondert acht en sestigh ende vier en tachentigh guldens s’jaers soo in capitaelen als achterstellige interesten verschenen ende te verschynen d’welck derde paert aen de voornoemde vrouwe Helene de Brouckhoven particulier uytten hooffde van haere ouders is competerende verclaerende tot de selve renten geene de minste actie oft recht meer te hebben oft reserveren in eeniger manieren hebbende voorts de voorschreve tweede comparante alnoch overgegeven ende gecedeert aen den eersten comparant alsulcken restant paert ende deel als aen hun is competerende ten laste van den heere Marquies van Deynse uytten hooffde van sekere transactie aengegaen voor Heeren Commissarissen van den Souverynen Raede van Brabant specialyck geassigneert op de thienden van Duffele ende St. Cathelyne Wavre bedraegende derthien hondert acht guldens salvo justo

    Waer tegens aen de voorschreve tweede comparanten by gemeynen consente worden toegevoeght ende aengeschreven de Heerlyckheden van Schrieck ende Grootloo met de hooge middele ende leege jurisdictie, recht van jaegerye, visscherye, keuren, breucken, gerechtigheden, preeminentien ende authoriteyten geene gereserveert soo ende gelyck wylen den voornoemden Heer Joan Baptista de Brouckhoven de selve in synen leven heeft beseten op expressen last ende conditie nochtans dat naer de doodt van beyde de voorschreve tweede comparanten sonder wettigh kindt oft kinderen van den lyve der voornoemde vrouwe Helene de Brouckhoven geprocreert ende int leven te syn de voorschreve Heerlyckheden van Schrieck ende Grootloo met allen syne preeminentien ende gerechtigheden hier vooren vermelt sullen gaen ende keeren tot den voornoemden eersten comparant oft synen oudsten sone ten waere den Heere Baron eersten comparant dienaengaende anders quaeme te disponeren met welckescheydinge ende deylinge de voorschreve comparanten verclaeren wederseyts hun te houden voor wel content ende vergenoeght, gelovende d’een den anderen daer aff waerschap ende altoos genoeck te doene ofter iet aengebraecke mitsgaeders allen t’gene voorschreve is in allen syne pointen t’onderhouden, onder verbintenisse van hunne respective persoonen ende goeden present ende toecomende, renuntierende aen alle exceptien relivementen ende beneficien van rechten die d’een oft d’ander souden mogen te staede comen, constituerende tot meerder vasticheydt onwederroepelyck ende alle thoonders om in hunne respective naemen te compareren voor alle Heeren, hoven ende gerichten daer des behooren sal ende aldaer ’t gene voorschreve voor soo veele des noodt te vernieuwen ende realiseren met alle gerequireerde solemniteyten mitsgaders om den gebreckelycken voor den Souverynen Raede van Brabant ende alomme elders int achtervolgen ende volbrengen van allen ’t gene voorschreve voluntairelyck te laeten duemen ende condemneren met costen gelovende ende verbindende etcª

    Actum Bruxellis date voorschreve ter presentien van Adriaen Matthys ende Laureys de Quanter als getuygen ende waeren onderteeckent

    J.J. de Brouckhoven Baron de Putte
    J.P.Christyn secretaris
    Helena de Brouckhoven ende
    Ferd.Ph. Thys notaris 1701
    Dese copye gecollationeert tegens d’originele munite onder my notaris berustende is daer mede bevonden t’accorderen quod attestor H.J.Van Mons notaris 1755
    (Privé verzameling)

    Vermelde personen :
    Caluart
    Christyn Joan Peeter
    de Brouckhoven Helene
    de Brouckhoven Joan Baptista
    de Brouckhoven Joan Jacques
    de Quanter Laureys
    Marquies van Deynse
    Matthys Adriaen
    Thys Ferd.Ph. notaris
    Van Mons H.J. notaris
    Vander Goes

    Vermelde plaatsen
    Antwerpen in de Spierinckstraete
    Antwerpen op den Wapper
    Brussele
    Cassel
    Duffele
    Fontanies
    Lingegem
    Nieppe
    Paddegem
    Putte
    Riethoven
    Schrieck ende Grootloo
    St. Cathelyne Wavre



    28-10-2010, 00:00 geschreven door renic
    Reacties (0)
    27-10-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.akte 5-de Brouckhoven

    1731.11.05
    Testament van Maria Clara de Rydwyck, wwe Jan Jacques de Brouckhoven

    In den naem ons Heeren amen.

    Op heden den vyfden november seventhienhondert eenendertigh compareerde voor my Martinus Thibaut openbaer notaris by den Souverynen Raede van zyne keyserlycke ende catholycke Majestyt geordonneert in Brabant geadmitteert binnen de stad Brussel residerende ende ter presentie van de getuygen naergenoemt vrouwe Maria Clara de Rydewyck Baronesse van Putte Douariere van wijlen M’her Jan Jacques de Brouckhoven Baron van Putte etc…. gesont van lichaeme gaende staende, haer memorie ende verstant ghebruyckende gelyck dat aen mij notaris ende getuygen volcommentlyck is gebleeken, de welcke overdenckende de broosheyt der menschelycke nature, de sekerheyt van de doodt ende onsekerheyt van de ure der selve, daeromme ende wenschende uyt dese weirelt niet te scheyden aleen gedisponeert te hebben van de goelycke goederen aen haer door den almogende op dese weirelt verleent, heeft met voorbedachten Rade ende onbedwongen van jemanden soo sy verklaerde gemaeckt haer tegen tegenwoordigh testament ende ordonantie van uytersten wille, begurende dat den selven naer haer overlyden sal worden achtervolght ende volcomen effect sorteren, t’sy als testament, codicille, donatie tusschen den levende, ofte ten saecke van doodt, oft inder maniere als t’selve beste sal connen subsisteren, niettegenstaende hier inne niet en waeren geobserveert alle solemnityten volgens den rechte gerequireert, oock niet tegenstaende eenighe costumen, placcaerten, ofte landt rechten ter contrarien waer aen sy Testatrice heeft ghederogeert, gelyck sy is derogerende by ende mist desen, ende gebruyckende de opene brieven van octroy aen haer vergunt gedepecheert in syne voorschreve Majestyts Souverynen Raede van Brabant den vyffentwintighsten augusti seventhienhondert negenthien geparapheert Grysp.Vt geteeckent Loeyens, ende gesegelt in forma, revoceert annullent doodt ende doet te niet by desen alle voorganede testamenten maeckagien ofte andere dispositien van uyttersten wille by haer Testatrice voor dat deser eenighsints gemaeckt ende naementlyck seckere acte gepasseert voor wylen den notaris Hulin ende getuygen op dese derthienden meert sesthienhondert vierenneghentigh, ten tweeden seker testament by haer gemaeckt ende gepasseert voor den notaris J.C.Verhulst den dryentwintighsten september seventhienhondert sevenentwintigh, ten derden seker codicille gepasseert voor den selven notaris Verhulst ende getuygen den sesden november daernaer, ten vierden secker besloten testament berustende by d’heer Reyntiens ofte by andere persoonen, ende ten vyffden haer testament gepasseert voor den noataris P.V. Beemen ende getuygen op den vierentwintighsten december seventhienhondert neghenentwintigh, ende generaelyck alle andere testamenten ofte dispositien testamentair, de welcke sy testatrice begeert ende verclaert by desen dat die geen effect ofte vigeur en sullen hebben, al waert oock dat in de voormelde ofte andere hare dispositien van uyttersten wille bevonden magh worden dat sy testatrice soude geseght hebben dat geene testamenten ofte dispositienvan uyttersten wille saude stadt grypen ten waer daerinne uytdruckelyck gheexpomeert saude wesen de naervolgende woorden Mon Dieu et mon Jesus ayez pitié de moy, alle welck sy revoceert doodt ende te niet doet mist desen, ten dyen effecte alhier repeterende de selve woorden Mon Dieu et mon Jesus ayez pitié de moy

    Bevelende vervolgens de Testatrice hare siele, soo haest die uyt haer lichaem sal scheyden, God Almachtigh haeren Schepper ende Verlosser, door de voorspraecken van de alderheylighsten Maeght ende moeder Maria, van haeren Enghelbewaerder, ende van allen den hemelschen geselschappe ende haer doodt lichaem ten geweyden aerde, d’welck sy begeert des avonts in stilte begraeven te worden sonder enighen pompa in de kercke van de Eerwerdighe Paters Cathuysers binnen dese stadt Brussel alwaer haeren Heere man saliger begraeven leyt, ende dat corts naer haer overlyden tot laeffenisse van haere ziele gecelebreert sullen moeten worden sesse hondert gelesene missen van requiem a seven stuyvers iedere misse door den Eerwerdighen heere Valentyn Symons weerlycken priester, ende ingevalle hy quaeme te sterven voor haer Testatrice, door alsuleken andere priesters als haeren naer te noemen executeur sal gelieven daer toe te aensoecken,

    Item om te beloonen de lanckdurighe ende getrouwe diensten van Anna de Telle haere camenier, laet ende maeckt sy Testatrice aen de selve eene lyffrente van twee hondert guldens s’jaers courant haer leven geduerende, ende bovendien allen het lynwaet gedient hebbende tot der Testatrice lyve, het ledikant, bedde, hooftpulinck, sargien, ende dry paer slaeplaekens die de selve haere cameniere is gebruyckende, ende dat ingevallen sy by haer Testatrice noch is woonende ten tyde van haer overlyden, ende boven t’gene voorschreve sal moeten genieten haere openstaende gagie,

    Item laet ende maeckt de Testatrice aen haer keuckenmeyssen, ende aen den knecht die ten tyde van haer aflyvigheyt by haer sullen woonen ieder een de somme van vyfentwintigh pattacons voor een rouwkleedt, ende daer en boven de huere die sy respective sullen goet vinden,

    Item laet ende maeckt sy Vrouwe Testatrice aen jouffrouwe Isabella Jacqueline Rydewyck haere sustere Religieuse in het Clooster van Vredenbergh tot Lier voor eene gedenckenisse een Lieve Vrouwe Beeld gemaeckt uyt den boom genaemt Jesus Eyck,

    Item laet ende maeckt de Testatrice aen den sone tegenwoordigh levende van Vrouwe Marie Magdalena de Broeckhove compagne van den Heere vander Stegen, van welcken sone sy vrouwe Testatrice Meter is, den autaer portatief in eene houte casse staende binnen haeren huyse, met allen het silverwerck ende ornamenten daertoe behoorende, voor een prelegaet ende vooren uyt,

    Ende coemende hier mede sy Vrouwe Testatrice tot de dispositie van alle haere resterende tydelycke goederen soo leenen, haeffelycke, als erffelycke patrimoniele, matrimoniele, geconquesterende, uccelsche, cheynsgoederen, jericosche, allodiale, collaterale, ende generalyck alle andere waer ofte ter wat plaetse die gelegen syn ofte bevinden sullen mogden worden, van wat nature ofte conditie die souden mogen wesen egeene uytgescheyden nochte gereserveert haer vrouwe Testatrice competerende, heeft sy die gelaeten ende gemaeckt gelyck sy die laet ende maeckt by ende mist desen aen de kinderen van haere dochtere Vrouwe Maria Magdalena Clara Nicola de Broeckhoven in houwelyck verevecht met den Heere Charles vander Stegen, ende de kinderen die de selve haere dochtere in wettelycken houwelyck alsnoch sal comen te procreeren de gemelde kinderen noemende ende instituerende haere universele erfgenaemen met volle recht van justitutie by ende mist desen,

    Item wilt ende begeert sy Testatrice dat het kint ofte kinderen van haere voornoemde dochtere, de voorseyde goederen niet en sal ofte sullen mogen vercoopen, belasten, vercautioneren, ofte veralieneren, maer dat het een kint stervende, desselfs postra sal vallen op het ander oft andere, ten waere sulcken kint van synen lyve wettighe descendent ofte descendenten naerlieten die sullen comen by representatie, belastende alvolgens de selve met den bandt van fiderommis tot den derden graet ofte val, soo in linie descendente reciproque, als collateralen,

    Item soo laet ende maeckt sy vrouwe Testatrice gelyck sy laet ende maeckt by ende mist desen aen haere voornoemde dochter Marie Magdalena Clara Nicola de Broeckhoven eene somme van thienduysent guldens courant gelt eens t’haerder libere dispositie, op cinditie ende op den last nochtans van geene de minste processen ofte moeyelyckheden te mogen intenteren ofte aendoen by haer, haeren Heere Man, ofte wie het saude mogen wesen aengaende de successie van haer vrouwe Testatrice, in welcken gevalle dit legaet sal comen te cesseren, doodt ende te niet syn al ofte het selven in dit testament niet en waere geinsereert, soo dat sy ende haeren man aen alle aentedoene rusien ende mogelyckheden sullen moeten renuncieren voor ende aleer sy de voorschreve somme van thienduysent guldens courant sal mogen profiteren,

    Item is den wille ende begeerte der voruwe Testatrice dat haer voor erfgenaemen niet het minste van de revenuen ofte innecomen van haer naer te laetene goederen en sullen mogen genieten oft daer van profiteren voor ende aleer sy sullen gecomen syn tot den ouderdom van vierentwintigh jaeren, tot welcken tyde alles de revennen ende innecomen sullen moeten worden ontfanghen door den naer te noemen momboir over de voorschreve kinderen nominerende tot dyeneynde voor momboir d’heer Guillielmus Reyntiens griffier van d’oppersaegerye van Syne Majestyt in Brabant den welcken voor syne recepte sal hebben ende profiteren vyf par cent, sonder meer, ende sal gehouden wesen synen ontfanck te doen rekeninghe bewys ende reliqua ten minsten alle twee jaeren voor eenen Heer Commissaris van den Souverynen Raede van Brabant te committeren by den Eerwerdighen Heere Cancellier van den selven Raede,

    Laetende aen den voornoemden Reyntiens in de maeckende eene particuliere somme van tweehondert guldens courant voor een honorair ofte recognitie ende ingevalle den selven momboir op de voorschreve ciriditie ende last de voorschreve recepte niet en wilde aennemen, soo en begeert sy Testatrice geenen anderen momboir als den genen door den voorschreven Heere Cancellier daer toe nut ende bequaem sal gelieven te nomineren uytgenoemen den Heere haeren schoensone, waer mede voor soo veel nodigh, sy vrouwe Testatrice is excuserende ende uyt haeren sterfhuyse is sluytende die heeren oppermomboiren ende gesworene Lothers deser stadt, ende alle andere die des halvens eenigh recht saude connen ofte willen pretenderen niet begeirende oock dat haere voornoemde dochter ofte schoensone eenigh het minste gesagh ofte directie sullen hebben in haeren sterfhuyse, maer dat het selve sal moeten gedirigeert woorden ende gegouverneert door den naer te noemen executeur Testamentair op den voet ende maniere als volght,

    Tot welcken eynde sy kiest ende nomineert voor haeren executeur testamentair mist desen Sieur Hendricus Franciscus vander Vecken notaris ende procureur van den Souverynen Raede van Brabant hem biddende dien last te willen aenvaerden, laetende ende maeckende aen den selven voor honorair eene somme van vierhondert guldens, tot voltrecken van desen haeren testamente ende uyttersten wille, authoriserende den selven excenteur om corts naer der Testatrice overlyden alle haere naertelaetene meubilaire effecten priblackelyck te doen vercoopen door de ghesworene pachters van de oproepers desen stadt Brussel, uytgenoemen twee touren feyne peerlen, met de brasseletten voor de handen,

    Item eene horlogie met dobbele casse van goudt,

    Item eene groote silvere flesse met een dobbel decksel van binnen vergult

    Item twee silvere croesen van binnen vergult,

    Item twee diamante ringen waer van den middelsteen in forme van een hert,

    Item een houte cofferken met verscheyde ladekens gaende van boven open met twee deurckens, ende allen het gene daer inne is en sal niet mogen vercocht worden, maer bewaert voor de twee kinderen van haer Testatrice dochter,

    Item alle de portraiten van de familie met een italiaens stuck schilderye representerende Ste Sebastiaen

    Item eene goude medaillie verbeldende de begraeffenisse van syne doorluchttighste Hoocheyt den Aertshertogh Albertus hoogloffelycke memorie alle welcke voorgaende stucken sy vrouwe Testatrice niet en begeert vercocht mochte veralieneert te worden soo lange haere dochters kinderen ofte hunne descendenten sullen in het leven wesen,

    Item is den wille ende begeerte der vrouwe Testatrice dat de penninghen van de te vercoopen mobilaire effecten voortscomende sullen moeten worden geemployeert tot betalinghe van alle haers Testatrice schulden soo van begraeffenisse, preuse werken, legaeten ende van alle andere schulden die naer haer overlyden bevonden sullen worden,

    Ende oft het gebeurde dat naer de betaelinghe den schulden bevonden wierden eenighe contante penninghen over te schieten, soo sal den executeur Testamentait de selve penninghen tot behoeft van haere voorschreve erfgenaemen doen aenleggen ende remplaceren, waer van het innecomen oock sal moeten ontfanghen worden door den voornoemden momboir over haere erfgenaemen M Reyntiens, dese welcken oock gehouden sal syn de jaerlycksche revenuen aen te leggen t’sy met duysent guldens t’seffens, ofte daer mede coopen erfrenten ofte erfgoederen naer syn beste goetduncken welcken revenuen sullen alsoo moeten accresseren tot dat haere erfgenaemen sullen syn gecomen tot den auderdom van vierentwintigh jaeren soo verseyt is,

    Ende en sullen haeren voornoemden schoonsone ofte haere dochtere syne compagne daer over geen gesaeck hebben,

    Item is den wille ende begeerte der vrouwe Testatrice dat den executeur testamentair sal moeten doen inventarieren alle de brieven, notulen , ende pampieren die in haer sterfhuys ofte elders sullen bevonden worden haer regarderende, alle welcke geinventarieert synde, sullen alsoo worden ter handt gestelt aen den voornoemden M. Reyntiens gestelden momboir, onder behoorlycke recepisse, laetende haere dochter, ofte haeren man ende alle degene des raeckende geheel om daer uyt tot hunnen coste te mogen lichten de copyen hun nodigh authoriserende sy vrouwe testatrice voorts gelyck sy authoriseert by ende mist desen den voorschreven momboir M;Guillielmus Reyntiens om te mogen vergunnen aen alsulcken eerelycke ende deughdelycke persoonen als hij niet ende bequaeme sal oordeelen alle offreren comende naer der vrouwe doodt te vaceren in haere voorschreve Baronnie van Putte ofte in ander heerlyckheden ofte Laethoven by haer achter te laeten haer competerende, ende om voorts te doen allen t’gene des behoort tot exneitie ende conservatie van de heerlycke rechten, t’sy int’ versetten van de wetten, stellen van kerck ende armmeesters in haere voorse Baronnie ende Heerlyckheden, sonder iemant des raeckende daer toe te moeten kennen, ende dat totten tydt de voornoemde haere erfgenaemen sullen gecomen syn tot den auderdom van vierentwintigh jaeren,

    Item wilt ende begeert de vrouwe testatrice dat de reparatien ende melioratien die aen haere casteelen, huysinghen, ende bauwen sullen moeten geschieden, sullen gedaen worden ter directie van den voornoemden d’heer Reyntiens, ende dat daertoe egeenen hout ofte boomen en sullen mogen gecapt worden ten sy hy die tot de voorschreve reparatien noodigh soude oordeelen, ende anders niet,

    Ende oft het gebeurde dat den voorschreven schoensone, ende haer dochtere ofte iemanden anders wie het oock saude mogen wesen, den voorschreven executeur ofte momboir souden willen molesteren met proceduren t’sy ter occagie van hunne aenstellinghe, t’sy in den naeme van de kinderen ofte om wat occagie het saude mogen wesen, soo authoriseert de vrouwe testatrice by ende mits desen die voornoemden executeur, ende momboir van als nu voor als dan om sonder eenigh octroy, ofte andere permissie dusdanigh proceduren te deffenderen ende vervolgen, ten koste van de kinderen, ofte van haer testatrice naer te laetene goederen, met oock authorisatie om daer toe te assumeren alsulcken advocaetenende substitueren procureurs als hy geraetsam sal vinden, ende die te vervolgen tot den diffinitiven toe, sonder te mogen recorderen, ten waere die voorschreve processen ten accorde wierden gewesen door de rechters,

    Item ingevallen voorseyden kintskinderen quaemen aftlyvigh te worden sonder achter te laeten wettigh hoir, soo laet sy vrouwe testatrice by ende mits desen eerst de Baronnie van Putte aen syne Excellentie den heere Marquis van Westerlo die sal vermogen belasten veralieneren ofte vercoopen, ende voorts alle hare resterende goederen egeen uytgesondert noch te gereserveert t’sy leenen ofte van wat nature ofte qualityt die soude mogen wesen egeene daervan geexcipieert laet ende maeckt aen den Heere J.Æ.van Cannaert de Hamale ende aen den Heere N.Dierickx schouteth tot Ruremonde, ende synen broeder mistgaeders aen den Heere N. Rodry wiens moeder was d’Absalons haer testatrice cosynen de selve in den gevalle alsvoor hoofdegelyck instituerende ende substituerende haere eenighe ende universele erfgenaemen met volle recht by ende mits desen op den last van fideicommes tot den derden graet ende valinelus, met conditie ende op den last nochtans dat de selve aleer te pouisseren van hun erfdeelsullen verobligeert wesen te fonderen in de kercke van Ste. Catharina binnen de stadt Mechelen dry daegelycksche Missen voor altyt de eerste ter eeren van de Alderheylighste dryvuldigheyt, de tweede ter eeren van onse Lieve Vrouwe van seven ween ende de derde van de Heylighe Anna, alle dry tot laeffenisse der geloovighe Zielen, eerst voor de gene van haer testatrice, van wylen haeren Heere man ende van haere naeste vrinden, te celebreren in de fontes capelle door dry weirelycke priesters, de eene ten seven uren, de tweede ten acht uren, ende de derde ten negen uren dewelcke sullen moeten gehoort worden door dry Begyntiens van het clyn Beggynhoff aldaer, welcke priesters ende Beggyntiens sullen gecosen worden door den voorschreven Heere J.Æ.van Cannaert de Halmale haeren cosyn ende by synen ghebreke door syne naeste vrinden hem ende hun biddende sy vouwe testatrice daer van de preferentie altyt te geven aen dochters de welcke souden dote : den wille hebbende om hun tot den staet van Begyntien te begeven : niet en saude connen worden geaccepteert, laetende ende maeckende sy testatrice voor iederen priester tweehondert guldens courant gelt s’jaersende voor ieder beggyntie t’sestigh gulden s’jaers courant gelt, op conditie dat de selve sorghe sullen draegen voor het palleren ende schoenmaecken der voorseyde cappelle, aen dewelcke cappelle sy vrouwe testatrice laet ende maeckt in den gevalle als voor vyftigh guldens s’jaers courant gelt voor kerssen, wyn voor de missen ende onderhout dier, de begeerte ende wille der selve testatrice synde dat de voorschreve fondatien ende betaelingen sullen moeten worden geaffecteert ende reelyck gehypothequeert op goede ende suffissante panden van haere achter te laetene goederen aleer de voorschreven gesubstitueerde erfgenaemen de selve goederen sullen mogen vercoopen, ofte veralieneren selfts aleer van de selve goederen te mogen profiteren ofte genieten eenighe de minste vruchten ofte revenuen,

    Item wilt ende begeert de vrouwe testatrice dat allen het gene sy alnoch hier naer sal comen te disponeren door geschrift by haer onderteeckene, het selve sal gehauden worden voor goet ende van weerde ende al ofte dat in dit haer testament waere geinsereert het selve van als nit voor als dat daer van deel maeckende

    Het gene voorschreve verclaerde sy vrouwe testatrice te wesen haeren dispositie van uyttersten wille, den welcken sy begeert alleen te worden achtervolghe haer reserverende nochtans het veranderen naer haere geliefte, aldus gedaen ende gepasseert binnen de stadt Brussel ontrent dry uren naer middagh ten huyse van de vrouwe testatrice op den vyfden dagh der maend novembris seventhienhondert een endertigh, ter precentien van Sr.Jan Francois Van de Laer officiael ter Griffie van den Souverynen Raede van Brabant ende Francois van Ophem als getuygen hier over geroepen ende gebeden ende aen de vrouwe testatrice ende getuygen respective door my Notaris gevraeght synde oft sy conden schryven hebben alle verclaert ende geantwoort dat jae, ende was de minute desen becledt met segel van sesse guldens

    Onderteeckent M. C. L. De Rydwyck Baronnes de Putte,
    F. van Laer 1731
    F. van ophem,
    Ende van my notaris
    Onder stont Quod attestor ende was ondt. M. Thibaut Nost

    Deze tekst komt van een originele copie gemaakt door notaris J.Emons (‘Collata concordat cum fria copia authentiqua quod attestor J.Emons Nots.’)
    (Privé verzameling)

    Vermelde personen :
    Beemen P.V. notaris
    d’Absalons
    de Broeckhove Marie Magdalena Clara Nicola
    de Brouckhoven Jan Jacques Baron van Putte
    de Rydewyck Maria Clara Baronesse van Putte
    de Telle Anna
    Dierickx N. schouteth tot Ruremonde
    Emons J. notaris
    Hulin notaris
    Loeyens
    Marquis van Westerlo
    Reyntiens Guillielmus griffier
    Rodry N.
    Rydewyck Isabella Jacqueline kloosterlinge
    Symons Valentyn priester
    Thibaut Martinus notaris
    van Cannaert de Hamale J.Æ.
    Van de Laer Jan Francois
    van Ophem Francois
    vander Stegen Charles
    vander Vecken Hendricus Franciscus notaris
    Verhulst J.C. notaris

    Vermelde plaatsen
    Brussel
    Lier Clooster van Vredenbergh
    Mechelen
    Putte
    Ruremonde
    Westerlo



    27-10-2010, 00:00 geschreven door renic
    Reacties (0)
    26-10-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Akte 6-de Brouchoven

    1726.05.04
    Staat van alle goederen van wijlen Magdalena Clara Nicola de Brouchhoven

    Pertinenten en Gereralen Staet van alle ende iegelycke goederen, renten, actien, ende credieten in vollen eygendom ende proprieteyt toebehoort hebbende ende achtergelaeten by wylen Vrouwe Magdalena Clara Nicola De Broeckhoven Dochter wylen M’her Jean Jacques De Broeckhoven Baron van Putte etcª ende van Vrouwe Maria Clara Louise De Ridwyck haere Ouders waeren, ende welcke Vrouwe Magdalena Clara Nicola De Broeckhoven in houwelyck is geweest met den heere Charles Louis Vander Stegen etcª die achtergelaeten hebben Philippus Norbertus Vander Stegen Baron van Putte heere van Schrieck ende Grootloo etcª eenigen sone suppliant, ende vrouwe Maria Carolina Vander Stegen eenighe Dochter in houwelyck met M’her N. de Man Baron van Attenrode ende Wever, heere van Hoelede, Beersel etcª Gedaegde ende om gedeylt ende gepartageert te worden op den voet van de testamentaire dispositie van wylen de voorschreve Vrouwe Magdalena Clara De Broeckhoven hunne moeder ende schoonmoeder respective, gepasseert de voorschreve testamentaire dispositie opden 4 Mey 1726 binnen dese stadt Brussele voor den Notaris Rousseau ende sekere getuygen aldaer genoemt alles by provisie ende sonder prejuditie van alle voordere goederen renten actien ende credieten naermaels te decouvreren ofte die aen wylen syne Vrouwe Moeder souden mogen hebben gecompeteert uyt wat hoofde bywat tittel, ofte uyt wat crachte het soude mogen wesen, als mede sonder preuiditie in alle voordere gerechtigheden des supplians inne te voorderen ende te verhaelen tot laste van de gene daer ende alsoo des behooren sal

    Primes de heerlyckheyt van Poddegem met casteel, hovingen, vyvers, schuere, stallingen, pachthove ende alle voordere appendentien ende dependentien van dien met de landen, weyden, meerschen ende voordere partye van goederen mits uytgenomen nochte gereserveert synde het voorse pachthoff met de landen, weyden cum appendentien alsnu in huere beseten by Henricus Van Hemelryck met Geertruyde Van Heuvel breeder vermelt in het contract van verhueringe ten processe overgelevert

    Item dry bunderen lants satvo justo gelegen tot Gaesbeke

    Item een stuck lants gelegen binnen de prochie van Goyck

    Item eenen eesterbosch tot Wolverthem genaemt den Waeterput groot sesse dachwandts

    Item eene weyde nu bosch gelegen binnen de prochie van Erps aende Langedonckstraete groot dry bunderen gemeyndlyck genaemt de drooge weyde

    Item eenen wintmolen gelege tot Beygem met de landen, weyden, bempden ende voordere partye van goederen daer aen gelege

    Item eene capitaele rente van sesthien duysent guldens wisselgelt staende tot laste van den heere Prince van Chimay geassecteert op diesselfs goederen

    Item eene jaerlycksche erffelycke rente van hondert vyffentwintigh guldens s’jaers tot laste van haere Majesteyts Domynen in het Quartier van Antwerpen

    Item de heerlyckheyt van Fontenes met alle de gerechtigheden appendentien ende depentendtien vandien

    Item de heerlyckheyt van Linghem met alle syne gerechtigheden ende toebehoorten appendentien ende dependentien vandien

    Item eene jaerelycksche rente van twee guldens tot laste van Van Overstraeten

    Item eene gelycke rente van twee guldens tot laste van d’heere Charles Vanden Bergen

    Item een stuck lant onder Uyttingen verhuert aen Dionisius Peterbroeck voor dertigh guldens s’jaers

    Item een ander stuck lant oock gelegen onder Uyttingen in huere by Adriaen Van den Vreucker voor vyff guldens s’jaers

    Item de Baronnie ende heerlyckheyt van Putte met alle preemunentien gerechtigheden ende toebehoorten vandien met het recht van planten ende cappe van boomen het recht der jachte visscherye ende generaelyck alle voordere gerechtigheden ende preeminentien met elle appendentien ende dependentien vandien niets uytgenomen nochte gereserveert

    Item den heerlycken chynsboeck genaemt Gortens sich betreckende onder de voorschreve Baronnie van Putte ende daer ontrent met alle voordere gerechtigheden daer van dependerende

    Item de hoeve met hoff schuere stallinge ende voordere appendentien ende dependentien vandien met de landen ende voordere goederen daer aen gelegen gemeynelyck genoemt de Swerte Poorte ende in huere by de weduwe Vander Auwera

    Item eene hoeve met alle voordere appendentien vandien ende lant daer aen annex gelegen onder de voorschreve Baronnie van Putte gemeynelyck genaemt de Boeretange respectieel verhuert aen Goeswinus Aertgeets ende Adriaen Sutens

    Item eene jaerelycksche rente van twee hondert guldens s’jaers staende tot laste deser stadt Brussele croiserende tegens den Penninck vyffentwintigh ende gehypothiqueert op de specien van sout, zeep, toeback, etcª dus

    Item eene rente van vierensestigh guldens s’jaers staende tot laste der stadt Brussele croiserende den Penninck vyffentwintigh ende gehypothiqueert op des selffe sotificatien der selve stadt dus

    Item eene rente van hondert twintigh guldens s’jaers tot laste der voorschreve stadt Brussele croiserende den Penninck vyffentwintigh ende beseth op desselffe sortificatie

    Item eene rente van twee endertigh guldens s’jaers staende tot laste der voorschreve stadt Brussele croiserende arate van den vyffentwintighsten Penninck ende beseth op desselffe sortificatien

    Item de hellicht eender rente van tachentigh guldens s’jaers staende tot laste deser stadt Brussele croiserende den Penninck vyffentwintigh beseth op de vier stuyvers op ieder aeme wyn

    Item eene rente van tachentigh guldens s’jaers staende tot laste deser stadt Brussele croiserende den Penninck vyffentwintigh ende beseth op het mout

    Item eene jaerelycksche rente van hondert twintigh guldens s’jaers staende tot laste deser stadt Brussele croiserende arate van den vyffentwintighsten Penninck beseth op desselffe stadtsmiddelen

    Item eene erffelycke rente van veertigh guldens s’jaers staende tot laste deser stadt Brussele croiserende arate den Penninck vyffentwintigh beseth op desselffe middelen

    Item eene erffelycke rente van vyff hondert guldens s’jaers beseth op den import van Vlaenderen in het Quartier van Gent

    Item de hellighte van een huys gestaen ende gelegen binnen dese stadt Brussele achter het hotel van Duc d’Ursel gemeynelyck genaemt het Hoff van Beyere verhuert aen Sieur Van Hove

    Item de hellicht van een huys met hoff vyver ende voordere appendentien ende dependentien vandien gestaen ende gelegen tot Anderleght gemeynelyck genoemt De Motte verhuert aen Arnoldus Hallemans

    Item een huys gestaen ende gelegen binnen dese stadt Brussele achter de Finisterra kercke in het pastoors straetje verhuert aen Petrus De Sweert

    Item sesse bunderen weyde alsnu lant gelegen tot Haeght in huere by Jan Wouters

    Item een huys op de hairgracht tot Mechelen

    Item een stuck lant groot onder halff dachwant gelegen tot Wespelaer

    Item dry huysen vinnen de stadt Antwerpen in de Keyserstraet

    Item de hellight van eene hoeve schuere stallingen ende voordere appendentien ende depententien vandien gelegen tot Roxem by Nieuwpoorte groot int’ geheel vyffenseventigh gemeten

    Item een pachthoff schuere stallingen hoff ende vyver met de landen ende weyden daer aen annex gelege tot Grootloo gemeynelyck genaemt de Schransse groot vyff bunderen salvo justo

    Item eene partye lants achter het pastoorshuys tot Schrieck waervan pachter is N. Geens

    Item sekeren bouw ende erve gestaen ende gelegen binnen dese stadt Brussele achter de Finisterra kercke ontrent de pastorye gemeinelyck genaemt het Stadtsmagazyn ofte de Weirde dier

    Item de heerlyckheden van Schrieck ende Grootloo met alle hunne gerechtigheden ende recht van pachte, vogelrye, visscherye, planten ende cappen van boome mede alle ende iegelycke hunne toebehoorten niets uytgenomen nochte gereserveert met het casteel pachthoff, vyver, dreef, landen, weyden, bosschen, bempten ende alle voordere partyen van goederen

    Item een pachthoff gelegen onder Schrieck met de landen daer aen annex verhuert aen Peeter Geens

    Item eene partye lants oock gelegen onder Schrieck groot seven bunderen salvo justo in huere by Joos Weyns

    Item een ander stuck lant groot twee bundere verhuert aen Jan Dox

    Item differente parceelen lants gelegen tot Schrieck voorschreve verhuert aen Gillis Geens

    Item de partye lants gemeynelyck genoemt de Verbrande Bosschen verhuert aen Jan Holemans

    Item een ander stuck lants verhuert aenden voorschreven Jan Holemans

    Item een huys met een stuck lant daer aen annex verhuert aen …. Officier ofte Dienaer der voorschreve heerlyckheyt van Schrieck

    Item een pachthoff met schuere, stallingen ende alle syne voordere appendentien ende dependentien vandien gelegen tot Schrieck voorschreven met de landen ende partyen van goederen daer aen annex verhuert aen Peeter Vanden Branden

    Item een stuck lant gemynelyck genaemt het Terwe Land gelegen onder Grootloo verhuert aen Jan Vercammer

    Item een pachthoff met schuere, stallinge ende alle syne voordere toebehoorten landen ende partyen van goederen verhuert aen Jan Meylemans

    Item eene dachwant lant onder Schrieck gelegen ontrent de Trommelstraete verhuert aen Guilliam Treuts

    Item alnoch dry dachwanden lants oock daer by gelegen verhuert aen Thomas Voet

    Item een stuck lants gelegen tot Schrieck voorschreve verhuert aen Jan Meylemans ende Rombout De Hont

    Item twee stucken lants oock aldaer gelegen ende verhuert aen Jacobus Weyns

    Item een huys met syne toebehoorten gelegen tot Schrieck verhuert aen Jacobus Stockels

    Item eenen bosch gelegen tot Schrieck voorschreve gemeynelyck genaemt den Boschbempt

    Item eenen bosch gelegen tot Schrieck voorschreve genaemt het Cruysbosch

    Item eenen bosch op d’Achterheyde tot Schrieck voorschreve

    Item tweevierdedeel in het elsboschken onder Laecken byden Donderbergh groot ontrent een dachwant

    Item tweevierde in eene jaerlycksche rente van hondert achtensestigh guldens comende van Vander Goes in acht negenste deelen

    Item twee vierde in acht negenste deelen van eene rente van vierentachentigh guldens s’jaers beseth op de Bosschen van Nieppe ende Cassel in Vlaenderen

    Item een vierde deel inde jaerelycksche rente van hondert guldens staende tot laste deser stadt Brussele altyd vallende halff veerthien juny ende veerthien decembris geenregistreert sube n° 2°

    Alles nochtans onder protestatie van geene preuiditie salvis omissis et errore mede van alle voordere gerechtigheden ende actien als in Preemio deser endevoors van het recht inde successie van wylen jonker N. Van Broeckhoven waer over proces is ventilerende voor heeren Wethouderen der stadt Antwerpen tegens Joncker Guiot gewesenen Schepenen van aldaer endevoors onder protestatie van in alles voorder geheel te blijven daer ende alsoo
    (Privé verzameling)

    Vermelde personen :
    Aertgeets Goeswinus
    De Broeckhoven Jean Jacques Baron van Putte
    De Broeckhoven Magdalena Clara Nicola
    De Hont Rombout
    de Man N. Baron van Attenrode ende Wever, heere van Hoelede, Beersel
    De Ridwyck Maria Clara Louise
    De Sweert Petrus
    Dox Jan
    Geens Gillis
    Geens N.
    Geens Peeter
    Guiot Joncker
    Hallemans Arnoldus
    Holemans Jan
    Meylemans Jan
    Meylemans Jan
    Peterbroeck Dionisius
    Prince van Chimay
    Rousseau Notaris
    Stockels Jacobus
    Sutens Adriaen
    Treuts Guilliam
    Van Broeckhoven N. jonker
    Van den Vreucker Adriaen
    Van Hemelryck Henricus
    Van Heuvel Geertruyde
    Van Hove
    Van Overstraeten
    Vanden Bergen Charles
    Vanden Branden Peeter
    Vander Auwera weduwe
    Vander Stegen Baron Philippus Norbertus van Putte heere van Schrieck ende Grootloo
    Vander Stegen Charles Louis
    Vercammer Jan
    Voet Thomas
    Weyns Jacobus
    Weyns Joos
    Wouters Jan

    Vermelde plaatsen
    Achterheyde tot Schrieck
    Anderleght De Motte
    Antwerpen
    Antwerpen Keyserstraet
    Attenrode
    Beersel
    Beygem
    Brussele
    Brussele de Finisterra kercke
    Brussele het Hoff van Beyere
    Brussele het Stadtsmagazyn ofte de Weirde dier
    Brussele hotel van Duc d’Ursel
    Chimay
    Erps aende Langedonckstraete
    Fontenes
    Gaesbeke
    Gent
    Goyck
    Grootloo de Schransse
    Haeght
    Hoelede
    Laecken byden Donderbergh
    Linghem
    Mechelen de hairgracht
    Nieppe ende Cassel in Vlaenderen
    Poddegem
    Putte
    Putte de Boeretange
    Putte de Swerte Poorte
    Putte Gortens
    Roxem by Nieuwpoorte
    Schrieck de Verbrande Bosschen
    Schrieck den Boschbempt
    Schrieck ende Grootloo
    Schrieck Grootloo het Terwe Land
    Schrieck het Cruysbosch
    Schrieck Trommelstraete
    Uyttingen
    Wespelaer
    Wever
    Wolverthem genaemt den Waeterput



    26-10-2010, 00:00 geschreven door renic
    Reacties (0)
    25-10-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Akte 7-VanderStegen

    1766-08-23

    Testament van Philip Norbert Van der Stegen

    In den naem ons Heere
    Amen
    By den inhoude van desen openbaeren instrumente van testament sy kennelyck een ieder dat op heden desen dry en twintighsten augusty duysent sevenhondert sesensestigh voor my Jacobus Carolus Coenders als openbaer notaris geadmitteert by den Souverynen Raede van Brabant tot Brusselle residerende, ende in de presentie van de getuyghen naergenoemt gecompareert syn in persoon Mynheer Philippus Norbertus Van der Steghen Baron van Putte, Heer van Schrieck, Grootloo, Poddeghem, Linghem, Fontaines, Beyghem, Tambergen, etcª ende vrouwe Maria Fransoise geborene Baronnesse de Gruutere, vrouwe in Ideghem, compagne des Heere comparants byde gesont van lichaem gaende ende staende hunne memorie verstant ende sinnen over alles machtigh synde ende gebruykende gelyck sulcks volcomentlyck is gebleken, de welcke niet desireerende uyt desen werelt te scheyden sonder alvoorens gedisponeert te hebben van het geene door godt onsen Heere alreede is verleent, ende alnoch te verleenen hebben daer omme uyt eygen vryen wille onbedwonghen van iemanden soo sy verclaerden gemaeckt, ende geordonneert desen hunnen muntuelen testamente, ende uytersten wille begeerende dat het selve naer hunne aflyvigheyd ende volcommen effect hebben sal soo, ende gelyck het alderbest sal connen, ende moghen subsisteren niet tegenstaende hier inne niet en waeren geobserveert de solemnityten ten desen gerequireert, waer aen sy testateuren derogeeren, ende renuntieren by desen, ende tot dien revoceerende casserende doods ende te niet doende alle voorgaende testamenteire dispositien eenigsins smaeck hebbende van uytersten wille, als oock houwelycks contract door hunne testateuren aengegaen, gemaeckt, ende gepassert voor den notaris J.B. Douroy ende getuygen op den negenthienden september duysent sevenhondert dryenvyftigh ende ten effecte naer beschreven gebruykende de opne Brieven van Octroy door hun verworven in den voorschreven Raede van Brabant den seventhienden mey duysent seven hondert vyfensestigh geparapheert Streish Voorzitter

    Onderteeckent J.V. Misson ende gesegelt in forma

    Ende voor eerst recommandeeren sy testateuren hunne onsterfelyje ziele soo haest die uyt hun lichaem scheyden sal aen godt almachtigh, Maria syne gebenedyde moeder ende soo voorts den geheelen hemelschen geselschappen ende hun doodt lichaem yer geweyden aerde dat sy willen begraven hebben in het clooster der Eerwerdige paters Chartroysen binnen dese stadt Brussele in den kelder in den welcken de ouders materneel van heere testateur begraven ligghen sonder eenighe pompe, laetende deselve begraefenisse als oock het uytvaert ter discretie van den langhs levende van hun beyde welcken langhs levenden wilt, ende begeirt oock op de selve maniere begraven te worden als den eerst stervenden ende dat in het clooster ende in den selven kelder als voorschreven staet

    Item willen ende begeiren sy testateuren dat in het voorschreve clooster der paters Chartroisen alhier jaerelycks sal moeten gedaen worden twee jaergetyden tot laeffenisse van hunne ziele te weten het eerste jaergetyde op den sterfdag van den eersten afstervende, ende het tweede op den dagh van de afleyvigheyd van den tweeden afstervende van hun beyde ende daer mede soo langhe jaerelycks te continueeren totdat het leste kindt van hun leyve voorts comende in het leven syn sal

    Item willen ende begeiren sy testateuren dat op hunne begraefplaetse sal moeten gestelt worden eenen sercksteen met de wapens daer op met de sesthien quaertieren voor een eeuwighe memorie

    Waer mede comende tot dispositie van alle hunne goederen ruerende ende onruerende, naestelycke ende erfelycke, vercreghen ende te vercreyghen, hoedanigh die souden moghen wesen, ofte op wat plaetse die geleghen zyn ofte zouden bevonden worden, hetsy cheyns goederen, leengoederen als andersins geen uytgenomen ofte gereserveert ende van de welcke sy macht hebben te moghen testeeren, hebben alle de selve gelaten ende gemaeckt soo, ende gelyck sy die laeten ende maecken by desen aen elcanderen ende d’een d’ander reciprokelyck den eersten afstervende aen den langhs levende van hun beyde, als oock alle de meubelen, juwielen personele obligatien, ende generaelyck allen het gene dat voor meubelen gereputeert wort, ende in cas den langhs levende sig begeeft tot eenen tweeden houwelycke soo en sal den langhslevende maer behouden de nackte tochte aen de goederen van de eerst stervende waer in oock begrepen sullen syn de hellicht der geconquesten gedaen staenden desen houwelycke ende alnoch te doen met de gratie godts te acquireeren, ende in cas dat ten tyde van den langhs levende van hun beyde testateuren door hun, eenighe goederen souden worden vercoght soo sal den langhslevende het import van de voorschreve vercoghte goederen van den eerst afstervende moeten gauranderen ofte wel assigneeren op andere suffisante panden welck capitael als dan dienen sal tot profyte van hunne naer te laetene kinderen voorts gecomme synde van desen houwelycke ende degene diensch van hunnen leyse sullen geprocceert worden, ofte wel dat met de selve penninghen sullen worden afgelost ende gequeten de cappitaelen door hun testateuren te samen der handt gelicht reserverende den Heere testateur, ende syne vrouwe compagne het veranderen, vermeerderen, ofte verminderen deser het sy by codecille als andersins, ende oock dat den langhs levende der testateuren sal hebben de libere dispositie tot de veranderinghe van desen uytersten wille nochtans met de restrictie hier vooren vermelt

    Item laet ende prelegateert den Heere ende Vrouwe testateurs aen hunnen oudste sone de Baronie van Putte, den heerelycken cheynsboeck van sekere Gorters, hebbende het recht te stellen meyer schepenen ende greffier resorterende onder Putte, ende elders

    Item de heerelyckheden van Schrieck ende Grootloo met het casteele rontomme bewaetert visserye ende plantagie met alle de goederen onder de voorschreve jurisdictie ligghende geene uytgenomen, nochte gereserveert, ende bovendien oock den leenboek van Gasbeet, mits conditie dat den oudsten sone van de voorschreve testateuren sal moeten uytkeren ofte betaelen eene capitaele somme van thien duysent guldens wissel gelt aen syne broeders ende susters, ende ofte het geviel dat alsulcken capitael bevonden wirdt gelicht te syn door de testateuren op de voorschreve goederen soo sal den selven hunnen oudsten sone de voorschreve cappitaele schult aen hen moghen nemen, ende daer van den intrest jaerelycks als dan moeten betaelen aen den geltschieter

    Item laten ende prelegateeren aen hunnen jongsten sone het casteel van Poddeghem geleghen onder de hooftbancke van Grimberghen rontomme bewatert met alle de landen weyden ende plantagien gelyck het selve tegenwoordigh in huere gebruykt wort by Hendrik Van Hemelryck

    Item bovendien den Heerelyken schoof, ende den heerelyken rentenboeck met den Heerelyken titel van Ideghem gelegen in Vlaenderen waer vooren den selven hunnen jongsten sone verobligeert syn sal den naem te voeren van syne moeder ende de waepens sal, oock gehouden syn te betaelen eene capitaele somme van vyf duysent guldens wisselgelt aen syne broeders ende susters daeronder niet begrepen synen voorschreven oudsten broeder, ende in cas dat het geviel datter mer schulden waren als vyf duysent guldens wisselgelt sal den voorschreven jongsten sone de voorschreve schult aen hen mogen nemen ter concurentie van vyf duysent guldens wisselgelt met macht van naerin als het voorschreven capitael te moghen aflegghen volgens goetdunken ende geliefte

    Item laten en prelegateeren hy Heere ende vrouwe testateuren aen hunnen tweeden sone het Hof ten Berghe tot Beyghem met de thiende ende den Heerelyken cheynsboeck ten Berghen die het recht heeft van te stellen Meyer, schepenen ende greffier met de landen weyden ende plantagie geene uytgenomen nochte gereserveert als nu in huere by Petrus Josephus Van Bever, ende in cas van aflyvigheyd van den selven hunnen tweeden sone sonder wettigh kindt, ofte kinderen agter te laten alsdan aen hunnen derden soon, ende dat in cas eene der voorschreven sonen quaeme te begeven tot den geestelyken staet sal het voorschreven pachthof moeten volghen op de volgende broeders die dien staet niet en sullen aenveerden, ende in gevalle maer twee van hunne sonen in het leven blyven sal het voorschreven pachthof met alle syne appendentien en dependentien dier commen aen den voorschreven oudsten sone, welcken tweeden, ofte derden van hunne sonen als dan van hun beyden den oudsten synde sal hy alle jaeren moeten geven aen alle de andere kinderen geene uytgenomen de somme van duysent guldens courant gelt om de selve onder hun egaelyck gepartageert te worden in welcke duysent guldens hunnen voorschreven sone oock sal hebben ende genieten syn paert ende deel beneffens syne broeders ende susters, ende by hunnen gebrecken aen de wettige naercommelinghen staecks geweys daer en boven sal hy alle jaeren moeten betalen vyf en twintigh guldens aen de fundatie van de Fontiscappelle in de parochie van Ste.-Catharina binnen Mechelen tot het lesen der misse

    Item alnoch vierthien guldens s’jaers tot onderhoudt van de voorschreve cappelle van wasschen, bovendien sal hy oock moeten doen de reparatie van de voorschreve cappelle in de welcke de voorouders materueel des Heere testateurs syn begraven

    Ende hier mede commende so Heere ende vrouwen testateuren tot dispositie van hunne resterende goederen soo leenen, cheyns, Uckelsche ende allodiale goederen van wat nature qualityt ofte conditie de selve souden moghen wesen, ende op wat plaetse die souden moghen geleghen syn geene uytgesondert ofte gereserveert selfs de gene die geleghen syn in Holland hebben sy testateuren alle de selve gelaeten ende gemaeckt soo, ende gelyck sy die laeten ende maecken by desen aen hunne kinderen soo dochters als sonen synde ende naerin als noch van desen houwelycke voorts te commen om de voorschreve goederen onder hun geleyckelyck ende hoofde gelyck te paerten ende te deylen sonder eenigh prerogatif van sexe ofte ouderdom op wat pretest het soude mogen wesen ende in cas van eenighe oppositie tusschen malkanderen soo danigh kint ofte kinderen sal, ofte sullen hun moeten contenteeren met de legitieme portie de selve op dien voet noemende ende instituerende hunne voorschreve kinderen hunne eenighe universele erfgenamen met volle recht van instititie, op den last ende conditie nochtans dat niemant van hunne kinderen naer de doot van den Heere ende vrouwe testateuren van de goederen aen hun hier vooren door de testateuren gelaeten hetsy by titel van prelegaet ofte institutie en sal moghen disponeren, vercoopen, belasten, ofte alieneren maer moeten vallen van d’een op d’ander ende soo voorts op de wettighe dessendenten van hunnen broeders en susters kinderen staecks geweys ten waere sy getreden waren in wettighen houwelycke met consent van de vaderlyke vrinden, ende achterlatende wettighe dessendenten, behoudelyck hier inne gereserveert hunne legitieme portie, waer van sy sullen moghen disponeeren volgens geliefte sonder hier onder te begrypen de legaeten van de Heerelyke getituleerde goederen, als mede het hof, landeryen, appendentie en dependentie genoemt het Hof ten Berghe tot Beyghem, ende bovendien dat niemant der kinderen van den voorschreven Heere testateur ende vrouwe testatrice sal moghen ionisseren van eenige revennen der voorschreve goederen aen hun hier vooren gelaeten ten sy dat sy gecommen syn te weten de sonen tot den ouderdom van achtentwintigh jaeren, ende de dochters tot den ouderdom van vyfentwintigh jaeren compleet, ende sal hunnen eersten ofte oudsten sone gecommen synde tot den ouderdom van vyfentwintigh jaeren compleet, hebben de volcommen administratie der goederen van syne minderjaerighe broeders ende susters, mits jaerelycks daer van doende behoorelycke reheninghe beweys, ende reliqua eerst, ende voor al daer aen te corten, het onderhout van syne susters ende broeders hunne nootsaekelycheyt van cleederen, leguwaet, montcosten, het leeren van alle het gene daer sy genegentheyt sullen toe hebben ofte den uyt te woonen in de scholen, ofte cloosters volgens staet ende conditie, welken exressence ofte overschietende penninghen alles afgerekent synde dienende tot het onderhoudt ende het leeren der voorschrevene kinderen sullen moeten aengeleyt worden totdat ieder van hun in het particulier tot het jongste kindt inclus sal gecommen wesen tot den completen ouderdom van vyf en achtentwintigh jaeren uytgenomen dat eenighe van de selve kinderen hun quamen te begeven tot den geestelyken staet, sal moghen trekken de dottie en alle hetgene daer toe noodigh wesen sal, ende voorts ofte eenighe der voorschreve sone eene capiteyns plaetse, ofte onder amploy wilde coopen alsdan in dien gevalle ieder op syn paert ende deel in de voorschreve goederen sal moghen lichten het import van synen coop ende niet voorder dit verclaeren sy testateuren te wesen hunnen uytersten wille behoudelyck hun verminderen, vermeerderen ende corrigeeren het leven geduerende ende voorts allen het gene sy onder signature sullen willen laten maecken ende geven van alsulcken kracht, macht ende uytwercksel wesen sal ofte hetselve hier inne waere geinsereert

    Aldus gedaen ende gepasseert binnen Brusselle ten huyse myns notaris ten daeghe, maende ende jaere voorschreven ter presentie van myn Heer Claudius De Quickelberghe ende Heer Andreas Van den Elst, als getuygen hiertoe geroepen ende gebeden, dewelcke beneffens de testateuren afgevraeght synde ofte sy conden schryven hebben alle geantwoort van jae, synde de minute deser becleet met eenen zegel van twelf guldens byde testateuren ende getuyghen beneffens my notaris onderteekent

    Quod attestor J.C. Coenders notaris

    Grimbergen in de Weesenhaeghe

    - Item het pachthof met het casteel, vyver, en boomgaert groot dry bunderen salvo justo : paelende ter eendere syde tegen de straete, ter andere syde tegen het goedt van Poddeghem

    - Item eene weyde groot negen daghwanden : ter eendere syde paelende de Meulebeeck ter andere seyde tegen de straet

    - Item eene weyde groot een half bunder paelende ter eendere syde tegens de Meulebeeck ter andere syde tegen de straet

    - Item noch eene weyde groot twee daghwanden en half salvo justo ter eendere seyde tegen de straet, ter andere tegen het goedt van den armen van Grimberghen

    - Item eene weyde groot een half daghwant : ter eendere syde de Meulebeeck ter andere syde de straet

    - Item noch eene weyde in Grimberghen gemeynte groot een daghwant salvo justo ter eendere syde paelende tegen het goedt van d’abdye van Grimberghen : ter andere seyde den dyck

    - Item een stuck landts groot seven daghwanden salvo justo ter eendere syde tegen het goedt van Jan Maes ter andere seyde Anthon Mertens

    - Item een stuck landts groot seven bunderen en half ter eendere syde tegen het goedt van Anthon Mertens ter andere syde het goedt van Poddeghem salvo justo

    - Item een stuck landts groot vier bunderen ter eendere syde tegen het goedt van Poddeghem ter andere syde tegen s’Heeren straet

    - Item een stuck landts groot vyf bunderen en half ter eendere syde tegen die Gemput ter andere seyde tegen d’errebaen

    - Item een stuck landts groot een bunder gelegen op Beyghem ter eendere syde tegen het goedt van Jan Maes ter andere seyde tegen d’errebaen

    - Item een stuck landts groot dry daghwanden en half ter eendere syde tegen het goedt van Van der Elst ter andere syde tegen het goedt van Francis Freebos

    - Item een stuck landts groot ses bunderen ter eendere seyde tegen het goedt van Francis Freebos ter andere syde tegen het goedt van de Weduwe Jan Leemans

    - Item een stuck landts groot vier bunderen ter eendere seyde tegen het goedt van Francis Freebos ter andere syde tegen het goedt van de Weduwe Francis Meyskens

    - Item een stuck landts groot twee daghwanden en half ter eendere syde tegen het goedt van St.Nicolaes tot Brussel, ter andere syde tegen het goedt van Poddeghem

    - Item een stuck landts groot twee bunderen ter eendere syde tegen het goedt van Francis Freebos ter andere syde tegen den boomgaert van Poddeghem

    in alle posten salvo justo
    (Privé verzameling)

    Vermelde personen :
    Coenders Jacobus Carolus notaris
    de Gruutere Maria Fransoise
    De Quickelberghe Claudius getuyge
    Douroy J.B. notaris
    Freebos Francis
    Leemans Jan Weduwe
    Maes Jan
    Mertens Anthon
    Meyskens Francis Weduwe
    Misson J.V.
    Streish
    Van Bever Petrus Josephus
    Van den Elst Andreas getuyge
    Van der Elst
    Van der Steghen Philippus Norbertus
    Van Hemelryck Hendrik

    Vermelde plaatsen
    Beyghem
    Beyghem Hof ten Berghe
    Brussele het clooster der Eerwerdige paters Chartroysen
    Brusselle
    Fontaines
    Gasbeet leenboek
    Grimbergen Gemput
    Grimbergen het goedt van St.Nicolaes tot Brussel
    Grimbergen Meulebeeck
    Grimbergen Weesenhaeghe
    Grimberghen
    Grimberghen d’abdye
    Ideghem
    Linghem
    Mechelen de Fontiscappelle in de parochie van Ste.-Catharina
    Poddeghem
    Poddeghem het casteel
    Putte
    Putte Gorters
    Schrieck ende Grootloo met het casteele
    Schrieck, Grootloo
    Tambergen



    25-10-2010, 00:00 geschreven door renic
    Reacties (0)
    24-10-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Akte-8 VanderStegen

    1770-10-30

    Houtverkoop te Schriek door de Baron

    Conditie van vercoghten sleun op de straete onder Schriek ende Grootloo met vercoop van het bleckhoudt etcª in date 30 october 1770.

    Conditie ende voorwaerde waer op dat men wegens den heere Baron van Putte heere van Schriek ende Grootloo sal presenteren te vercoopen een partye sleun schaer houdt ende blek eersters met den onderslagh door my ondergeschreven notaris ende dat op de naer volgende conditie

    In den eersten wort het selve vercoght in wisselgelt te weten den nieuwen ducatton tot dry guldens eenen stuyver den pattacon tot twee guldens acht stuyvers ende soo voorts alle andere specien naer advenant gerekent, soo nochtans de gene betaelende hunne coop somme op den naer te noemen valdagh sullen als dan volstaen in corant gelt

    Item alle de coopen sullen naer het geven van den geluckwens syn ende staen tot de coopers laste ende pereyckel

    De coopers sullen hunne coopen behoorelyck moeten sleunen volgens heeresreght, ende geslendt hebbende primo nieuwejaer 1771 op de pene van confisqaetie van hunne coopen

    De coopers sullen tydt genieten om hunne eersters ende onderslagh gecapt ende van den gront te hebben geammoveert uytganck van de maende mey van den toecoemende jaere 1771

    De coopers en sullen niet moegen slenen ofte cappen eenige opgaende boomen die in hunne coopen bevanden worden op de pene van thien guldens amende die sy sullen sleunen ofte cappen boven de verbeurte van het houdt ofte boom

    De coopers sullen tydt van betaelinge genieten tot Loven kermis van den toecoemenden jaere 1771 in handen van eenen door den heere vercooper daertoe te stellen in Ste Janneken tot Schriek

    De coopers sullen inhautelyck moeten betaelen van iederen gulden van hunne coop somme twee stuyvers ende voor borghtoghte van iederen coop ofte in plaetse van vierthien stuyvers twee kaeren mest te brenge aen de heyde van den voorschreven heere aen het cappelleke

    De coopers hunne coop somme op hunnen valdaegh niet en voldede ende daer over moeste vermaent worden sullen voor ieder vermaeninge moeten betaelen vierthien stuyvers

    De coopers en sullen niet minder moegen hoogen dan met vyf stuyvers seffens maer wel met meer

    De coopers sullen instantelyck moeten stellen goede ende sifficante borge ten contentemente van den heere vercooper welcke borge soo wel als den principaelen cooper sal respansaebel ende excuitaebel wesen ten welcken effeckte verstaen de selve borge soo wel als den principaelen cooper alhier gerenuntieert te hebben ende te renuntieren by ende mits desen aen alle beneficien behulsele ende exceptie van reghten die hun ten dese eenighsints te staede soude moegen comen inde naementlyck aent beneficie ordinis divisiocis et excutionis synde al vooren van het effeckt door my notaris behoorelyck onderright

    Ten effeckten van allent gene voorschreve is coopers ende hunne borge hun geloven te reguleren onder verbintenisse van hunnen persoon ende goederen present ende toecoemende constituerende onwederoepelyck mits desen N N ende alle thoonders deser ofte copye autenticq der selvere om in hunnen naem ende van hunnen twegen te gaen ende te compareren voor haere Majestydt Souvereynen Raede van Brabant haere Majestydt Hooftbancke van Befferen wethouderen van Schriek Grootloo als al omme elders om aldaer in cas van eenigh gebreck den inhoudt deser tot laste van den gebreckelycken te laeten vernieuwen inde ende centcatieren met costen en gedaeght gelovende ende verbindende etcª

    Op heden desen 30 october 1770 is de conditie publiek voor een ieder voor gelesen ende vercoght als het volght

    Den eersten coop op de straete naest de Steyne hoeve is gebleven aen den notaris voor 12=0=0

    Den eycken boom aen Govaert Neys voor 13=0=0

    Den 2 coop naest het huys van den officier is gebleven aen Jan Hoelemans voor 6=0=0

    Den 3 coop van aen het huys van Jan Van den Auwera is gebleven aen Jan Fondry voor 5=5=0

    Den 4 coop in de Putte ende Gommerreynstraedt is gebleven aen Adriaen Budts voor 0=16=0

    Den 5 coopin de straete naer Hest is gebleven aen Jan Fondry voor 5=0=0

    Den 6 coop is gebleven aen Mercelius Van der Auwera voor 2=0=0

    Den 7 coop is gebleven aen Peeter Goris voor 4=10=0

    De eersters met den onderslagh bestaende in 260 eersters 24 calveren aen Fransus Docx voor 187=0=0

    24 struncken staende op s’heere straete aen Guilliam Milis voor 10=5=0

    den sleun in de Hoeghsche straete aen den selven 2=10=0

    47 wilge porten aen 2 oorden in de Schrieksche straete van wederseyde aen Jan Reymaecker voor 6=0=0

    Den 2 coop van Peeter De Vries tot Hoelemans is gebleven aen Jan Goevaerts voor 5=15=0

    Den 3 coop volgende aen den selven voor 2=10=0

    Den 4 coop volgende aen Jan Schroyers voor 5=0=0

    Den vyfden coop aen Jan Goevaerts voor 4=0=0

    Het schaerhaudt in de dene dreve aen Jan Schroyers voor 17=10=0

    ________

    279=1=
    (Privé verzameling)

    Vermelde personen :
    Budts Adriaen
    De Vries Peeter
    Docx Fransus
    Fondry Jan
    Goevaerts Jan
    Goris Peeter
    Hoelemans Jan
    Milis Guilliam
    Neys Govaert
    Reymaecker Jan
    Schroyers Jan
    Van den Auwera Jan
    Van der Auwera Mercelius

    Vermelde plaatsen
    Loven
    Putte
    Schriek de heyde aen het cappelleke
    Schriek de Steyne hoeve
    Schriek de straete naer Hest
    Schriek ende Grootloo
    Schriek Gommerreynstraedt
    Schriek Hoeghsche straete
    Schriek Puttestraedt
    Schriek Schrieksche straete
    Schriek Ste Janneken tot Schriek



    24-10-2010, 00:00 geschreven door renic
    Reacties (0)
    30-09-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Het Schrieks dialect -A

    Het Schrieks dialect
     door René Lambrechts © 

    Om de dialect woorden goed te kunnen uitspreken heb ik de schrijfwijze enigszins aangepast met enkele fonetische tekens, welke ik in onderstaande lijst tracht te verklaren, liever dan een zuivere fonetische voorstelling te geven van het woord, omdat dit voor de gewone man bijna onleesbaar zou worden. De lettergrepen worden onderling gescheiden door het ' teken. Samengestelde woorden worden niet opgenomen in de lijst tenzij ze erg specifiek zijn, dus geen aa’zer’vaal maar wel aa’zer’moal in deze lijst.

    Mocht u nog een specifieke uitdrukking of woord kennen met deze letter a dan mag je die altijd via een reactie of mail laten weten.

    å : zoals in het Franse woord: blanc
    a : zoals in het woord: pak
    aa : zoals in het woord: piano
    aai : zoals in het woord: amaai
    æ : zoals in het Engelse woord: chat
    au : zoals in het woord: oud
    èè : zoals in het Franse woord: élève
    e : zoals in het woord: de
    é : zoals in het woord: mes
    éé : zoals in het woord: kees
    ei : zoals in het Franse woord: chien
    eu : zoals in het Franse woord: fleur
    ey : zoals in het Engelse woord: stay
    i : zoals in het woord: zit
    ie : zoals in het woord: niezen
    ieu : zoals in het woord: nieuw
    o : zoals in het woord: kot
    oa : zoals in het dialect woord: stoan = staan
    oe : zoals in het woord: boer
    oei : zoals in het woord: koeien
    oo : zoals in het woord: radio
    ooi : zoals in het woord: hooi
    oy : zoals in het woord: hooi maar kort
    u : zoals in het woord: nut
    ui : zoals in het woord: lui
    uu : zoals in het woord: uur
    ye : zoals in het Engelse woord: beer

    A

    - a’bon’dans : naar 9 slagen bij het wiezen
    - a’ges’te : achterste
    - a’ges’te’ vey : omgekeerd
    - a’joa’en : ajuin
    - a’lie’jen : alleen
    - a’loa’en : aluinsteen
    - a’ne’ze’rum : andersom
    - a’poat : apart
    - a’va’sey’re : voortgaan
    - a’ve’koat : advokaat
    - a’ve’ron : omgeving
    - aa : 1) u of uw zie ook aa’ve 2) oud (voor woorden met een meervoud) ‘aa wave’ zie ook aat 3) deel van begroeting ‘aa de Zjok’ke’
    - aa’joen’ge doch’ter : ongehuwde vrouw
    - aa’land : eiland
    - aa’te : erwten
    - aa’ve : 1) oude 2) uw, uwe
    - aa’ve’joenk’man : ongehuwde man
    - aa’ver : 1)ouder 2) vergrotende trap van oud
    - aa’vers : ouders
    - aa’ze’re’weg : het spoor of de spoorweg
    - aa’zel : ijzel
    - aa’zer : ijzer
    - aa’zer’moal : grondsoort, soort steenzavel
    - aai’ge : eigen
    - aai’ke’mél’der : meikever
    - aaik : eik of eikenhout
    - aa're : 1) eieren 2) are 3) eierkolen waa stau’ke mey aa’re-gezegden :1) wa zalt zaan, aa're of joeng ? = vraag aan iemand om een keuze te maken. 2) lecht do zoe’e’veil aa’re ni on’der = verwen hem niet zo veel
    - aas : ijs
    - aat : oud (voor woorden met een klinker) ‘aat’aa’zer’
    - ach’ter’ge’rokt : achterhaald
    - ach’ter’haa’ve : niet terugbezorgen
    - ach’ter’ie’jen : 1) achter elkaar 2) weldra
    - acht’noen : namiddag ook sacht’noens
    - æ’chel : bloedzuiger
    - æ’chel’top : draaitol
    - æ’re’bol : knikker
    - æ’re’moei : armoede
    - æk’ser : ekster
    - æks’pèèr : veearts
    - æks’præs : moedwillig
    - æng : eend
    - æt’raas : stok om aan erwten te plaatsen, rijshout
    - af : veel die’je héé noch’al wa af geblet (af ge’jankt – af ge’zie’e’verd)
    - af’blaai’ke : bleken
    - af’blot’te : afschilferen van de verf
    - af’bol’le : vertrekken
    - af’daa’ve : 1) afduwen 2) ophoepelen
    - af’dok’ke : betalen
    - af’drie’e’ge : 1) afdrogen 2) verslagen bij spel of sport
    - af’fèè’re : zaken
    - af’fer : in de richting van noo Schriek af’fer
    - af’gank : 1) achterplaats in het huis 2) diaree
    - af’ge’bes’telt : er goed voorkomen
    - af’ge’trok’ke : erg vermagerd
    - af’héf’fe : handeling bij het kaartspel waarbij de laatste gever de kaarten deelt in twee.
    - af’joo’ge : afjakkeren
    - af’pit’se : heimelijk een wind laten ‘wie héé ter hie ie’e’nen af’ge’pitst?’
    - af’ros’se : afslaan, een rammeling geven
    - af’schaf’fe’le : een grachtkant beschadigen zodat de aarde naar beneden schuift
    - af’strein : ontkennen (V.D.=‘af’ge’stréé’je’)
    - af’strep’pe : een dier van zijn pels of huid ontdoen bv een haas of een paling
    - af’taa’re : al snijdend scheiden bv vlees van de beenderen
    - af’tæk’ke : bij aansluiten bv elektriciteit
    - af’to’te’re : ergens afvallen
    - af’trék’ker : 1) kurkentrekker 2) vloer- of raamwisser
    - af’troe’ve : 1) pak rammel geven 2) verslagen bij spel of sport
    - af’zæ’be’re : veelvuldig zoenen
    - al’koul : alcohol
    - al’le’baa : allebei, begroeting van twee mensen
    - al’le’bot’te : heel dikwijls
    - al’le’goo’e : allemaal
    - al’le’me’nak : kalender
    - al’le’ze’léé’ve : altijd
    - al’ler’haa’le’ge : allerheiligen
    - al’vey : alvorens
    - am’be’tant : moeilijk doende
    - am’ber’jaas : ontkoppelingspedaal
    - am’me’zoo’se : amusement
    - an’nes : anders
    - ap’pel : gezegde : vei nen ap’pel en een sik = voor een appel en een ei
    - ar’zaan : azijn
    - as : 1) als 2) begaafd iemand ‘gaa zaa nen as’
    - as’siet : koolzuurgas

    wordt vervolgd



    30-09-2010, 00:00 geschreven door renic
    Reacties (0)
    29-09-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Het Schrieks dialect-B

    Het Schrieks dialect
     door René Lambrechts © 

      B
    - ba’rél’tje : plaatsnaam te Schriek : het Bareeltje
    - ba’rie’el : bareel
    - ba’sæng : 1) waterkuip 2) goan wær’ke noa de ba’sæng : gaan werken naar de dokken
    - baa : 1) bij 3) bouw haa werkt in den baa 2) uitdrukkelijke bevestiging of ontkenning aa baa joo - aa baa nie’je
    - baa’ne : binden
    - baa’re : kinderspel
    - baa’spie’je : bijpassen met geld
    - baa’te : bijten gezegde : da es nen dey baa’ter : dat is een doordrijver
    - baa’tel : beitel
    - baal : bijl
    - baar : ijzeren ronde staaf
    - baar’sjok : bumper
    - baas : regenbui
    - bæ’be’ke : voorkeurleerling
    - bæ’des : schotten die men op een kruiwagen plaatst
    - bæ’re’bier : haarkapper
    - bæ’re’vits : blootvoets
    - bæst : barst
    - bæt : plank
    - Bal’der : Berlaar
    - bal’le : ballen gezegde : ik snap doa gie’en bal’le van = ik snap er niets van
    - bal’le’ke : veelvuldig boeren
    - ban’ne : 1) banden 2) maandverbanden gemaakt uit textiel
    - bank’ke : 1) kaartspel om het geld = gokspel 2) financiële instelling 3) zitmeubelen
    - bat’te’klank : al uw spullen = aa’ven hie’e’len bat’te’klank
    - bat’te’re : vechten
    - bat’te’rie : batterij van een auto
    - bat’te’vie : het bont maken die hem’me doo den bat’te’vie gedroa’et
    - bau’ke : boterham in kindertaal
    - bau’te’re : 1) boteren 2) bepaalde wijze van fietsen als het zadel iets te hoog staat
    - bau’ter : boter
    - be’dér’re’ve : 1) bedorven 2) rotverwend be’der’re’ve joeng
    - be’di’se’le : heimelijk afspreken
    - be’die’e’me : seffens
    - be’die’ne : berechten
    - be’gaan : begijn
    - be’géz’ze : slechte waren, materialen
    - be’hang’sel : behang
    - be’kal : bokaal
    - be’kan : bijna
    - be’kést : gedaan
    - be’lon : 1) ballon 2) bout
    - be’lon’ne’ke : gloeilamp
    - be’naat : benauwd
    - be’ney’je : beneden
    - be’rak : woonwagen van zigeuners
    - be’rak’vænt : zigeuner
    - be’schie’e’lek : duidelijk
    - be’sloa’ge : 1) met hoefijzers 2) er warmpjes inzitten die’jen es goe be’sloa’ge 3) er wanordelijk bijliggen da lee doa nog’al be’sloa’ge
    - be’ta’fe’le : bepotelen
    - be’toa’le: betalen
    - be’vey’ze : angstig mey e be’vey’ze gat
    - béé’wech : bedevaart oep béé’wech goan
    - béés : 1) bes 2) snoepje
    - béésj : beige kleur
    - bék’ke : beetje
    - bél’le’kes : bloem = fuchsia
    - bén : voorste deel van de koeienstal
    - béng’ke’rein : op een ijsbaan glijden
    - bér’ger : burger den bér’ger = de burgemeester
    - bér’re : treem van kruiwagen of kar gezegde : haa és au’ver de bér’re ge’sproen’ge = hij is te ver gegaan
    - bér’re’græcht : water rond grote hoeven
    - bér’re’pit : bornput
    - bés : zonder kousen bés in zen schoe’ne
    - bés’de’gat : zonder kousen of naakt
    - bés’tel : borstel
    - bes’tjæt : bezorgd
    - bést : borst
    - bét : 1) deel van de stal waarop de koeien staan 2) bed
    - beus : beurs gezegde : das tey’gen aa beus ge’schey’te = daar ga je naast vissen
    - beus’ze : doe maar voort géf moa beus’ze
    - bey’le’kes : prentjes
    - bey’teg : bijtend zoals in bey’teg kaat
    - bey’voat : bedevaart
    - bie’en : been
    - bie’en’haa’ver : beenhouwer
    - bie’er : mannelijk varken
    - bie’et : biet zegswijze : haa es noa den bie’et : hij was als seizoenarbeider werken in Vlaams-Brabant, meestal op de suikerbietvelden.
    - bie’est : beest, dier
    - bie’ke’noy’ke : beukenootje
    - bie’ze’ke : boordje
    - bie’ze’pjæt : paardehorzel (ook voor libellen gebruikt)
    - biek : beuk of beukenhout
    - bil’le’klet’ser : klucht
    - bil’le’man : kalf met een grote vleesproductie
    - bin’ne’dey : binnen door
    - bis : 1) autobus 2) kruik en melk’bis 3) busje e biske kou’la
    - Bis’skot : Booischot
    - bit’te’re : gebrande cichorei voor de koffie
    - bit’ter’pey : cichoreiwortel
    - bits’koem’mer : is men als men een kemel schiet, lomperik
    - Bjei’zel : Beerzel
    - bla’gey’re : opscheppen
    - blaa’kes : lobelia’s
    - blaa’sel : blauwsel voor een extra witte was
    - blaa’ve’réé’gen : blauwe regen (bloem)
    - blaaik : grasveld onder de wasdraad waarop men het linnen te bleken legde gezegde : haa zit oep maa’nen blaaik = hij moeit zich met mijn zaken
    - blaan : blaar of balein
    - blaat : blauw
    - blaf’fe’tuur : slagvenster
    - blak : blank, onder water die plék stoa blak
    - blat : tong gezegde 1) gaa hét a lank blat = gij kunt niet zwijgen = verklappen 2) die’je héé a voal blat = kwaadspreken
    - bléé’te : wenen ha blét, ha hee geblét
    - blék’ke : het omkeren van een kaart in het kaartspel blék’ke tien = ruiten tien in het kaartspel
    - bleu’ke : beginneling
    - blie’ek’schaa’ter : een mager en bleek ventje
    - blink : schoensmeer
    - blink’doe’es : 1) schoensmeerdoos om met te hinkelen 2) een opgetut meisje (omwille van de schmink)
    - bloa’ze : 1) blazen 2) pochen, stoeffen
    - bloas’koak : pocher, stoeffer
    - bloe’me’kéé : ruiker bloemen
    - bloei’je : bloeden
    - blok’ke : 1) klompen 2) studeren
    - blos’kes : blaasjes gezegde gaa mokt maa gie’en blos’kes waas = ik geloof u niet
    - blot : 1) kaal 2) blut
    - boa’e : baden die zwe’rez’ze moe’te boa’e
    - boa’e’ge : buigen
    - boa’es : buis
    - boa’ke’le : een kind verzorgen
    - boan : baan gezegde ik kan mey hém au’ver de boan = wij komen overeen
    - boat : baard
    - bod’ding : pudding
    - boe’em : 1) boom 2) bodem ik zin den boe’em
    - boe’en : boon
    - boe’et : boot
    - boe’mers’kon’ten : een onbekende en onderontwikkelde plaats van waar iemand afkomstig is
    - boe’re’gat : streek waar de tijd is blijven stilstaan
    - boe’re’haa : kleine wervelwindjes op zonnige dagen die zand en hooi omhoog zuigen.
    - boe’re’kloe’et : lomperik
    - boe’zjie : ontstekingskaars bij motoren
    - boef : eten gezegde oep de wil’den boef = willekeurig
    - boef’fer : beroepsvrijwilligers
    - boei’kaar : speelkar voor twee personen
    - boek : 1) boek 2) geitebok
    - boek’se’ring : bakharing
    - boeng’kers : een soort van grote vleestomaten
    - boo’mes : 1 oktober, bamis
    - booi’ek : buik
    - bos’se’man : sporter zonder prijs vb een visser die niets heeft gevangen is bos’se’man
    - bot’te : laarzen
    - bots : plots
    - braa’ve’raa : brouwerij
    - bræk : mier gezegde : dat és doa nen bræk’ke’nest = dat is daar een rommeltje!
    - bral’le : brullen
    - brém’bey’ze : braambessen
    - bri’két : in blokken geperste brandstof van bruinkool
    - briers : gebroeders, broers
    - brig : brug
    - brisk : bruusk
    - brit’te: brutale
    - broa’e : 1) kuit van het been 2) braden
    - broa’en : bruin
    - broek : bij een koe : het aangekoekte mest op de billen
    - broek’schaa’ter : bangerik
    - broek’zak : driehoekige koek met een stuk appel erin en gebakken van de deegrestanten.
    - brok’ke : stukjes brood mé’lek mey brok’ke
    - bron’zje’lét : armband
    - bros : 1) voetbaluitslag 0-0 2) korte haarsnit welke met zeep werd recht gezet e bros’ke

      C

    - chi’che’le : giechelen
    - chi’chel’trien : meisje dat veel giechelt
    wordt vervolgd



    29-09-2010, 00:00 geschreven door renic
    Reacties (1)
    28-09-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Het Schrieks dialect-D

    Het Schrieks dialect
     door René Lambrechts © 

     - D - 

    - da : dat
    - daa : 1) duw, por 2) dauw ’t héé ge’daat
    - daa’ve : duwen
    - dab’be : krabben haa dabt in zen hoar æx’pé’zes bloa’et dab’be
    - dæ’ge’re : door het slijk gaan
    - dæ’teg : dertig
    - dæk : dak gezegde das nen dæk’schaa’ter = postduif welke steeds naast de prijzen valt
    - dærm : darm
    - dæs’sel : dissel
    - dæs’tag : dinsdag
    - dals : betonnen vloerstenen
    - dam : 1) dame in het kaartspel 2) dam, dijk 3) dubbel schijfje in het damspel
    - dans : dans gezegde ne be’dér’ven dans = verwend kind
    - dau : achterlijk iemand
    - dau’re : doorn
    - décht : deugd
    - déém : uierspeen
    - dél’le’per : dorpel
    - der’rie’en : dooreen
    - dés’mey’le : dorsmolen
    - dés’se : dorsen
    - dést : dorst
    - déts : Duitser
    - dey : 1) deur 2) door
    - dey’doen : 1) door de roerzeef draaien 2) nieuwjaarsnacht vieren
    - dey’ge’niet : deugniet
    - dey’joa’ger : iemand die veel eet maar toch mager blijft
    - dey’trap’pe : onnozele praat vertellen
    - deyn : den of dennenhout
    - dib’be : dubben
    - die’eg : deeg
    - die’el : deel
    - die’pe’rik : diepte gezegde: die’je goa den die’pe’rik in die gaat er onderdoor
    - die’ve’le : opspelen, uitvaren
    - die’vel : 1) duivel 2) hardwerkende persoon 3) soda voor de afwas 4) klein rond kacheltje een die’vel’tje 5) bier
    - die’zent : duizend
    - dier : duur
    - dig’ge’le : dat ligt in duigen da léé in dig’ge’le
    - dik’kes : dikwijls
    - ding’e ; klederen gezegde : ding’en oan ding’en oa’et = wat gaat de tijd snel
    - djæm’me’le : ter plaatse trappelen
    - djæm’me’leer : onrustig persoon
    - djéts’kop : doodskop
    - djuu : vooruit !, ook gebruikt bij het paardrijden de’djuu = klein vloekje
    - doa : daar
    - doa’e’ver : doffer, mannetjes duif
    - doa’ef : duif
    - doa’em : duim; maar een klein dem’me’ke
    - doa’ze’rik : daas, steekvlieg
    - dob’bel : dubbel
    - dod’de’le: stotteren
    - doe’e’pe : dopen
    - doe’ef : doof, dof
    - doe’es : doos
    - doe’et : dood
    - doef : muf, laf weer
    - doef’fes : kapot zitten, op ik zit doef’fes
    - doem’pe’léér : sukkelaar, behoeftige
    - doemp : damp
    - doeng’ker : donker
    - doesj : stortbad
    - dok’taur : geneesheer gezegde: haa dok’taurt al’lank = hij heeft de hulp van de geneesheer al lang nodig
    - dol : vleesvlieg
    - dop’pe : stempelen
    - draa : drie
    - draa’pik’kel : stoeltje met drie poten
    - dræs’se : spatten zegswijze : haa héé den dræs = hij heeft diaree
    - drak’sel : vocht van ogen die tranen
    - dréf : grondsoort, soort drijfzand
    - drie’ech : droog
    - drie’em : droom
    - drip’pel : 1) druppel 2) borrel, klein glaasje likeur of jenever
    - droa’e 1) draaien 2) bocht in den droa’e
    - droa’e’ve : druiven
    - dwæs : dwars nen dwæ’se = iemand die altijd moeilijk doet, tegendraads

    - E -

    - éé’pis’tel : een zeer lange brief
    - éé’ve’ræks : averechts
    - éé’ze : het voeden bij vogels
    - éés : aas
    - éf’kes : eventjes
    - él’le’goet : flanel, katoen, … dat verkocht werd per el, later per meter, maar de naam bleef.
    - ér’re’gel : orgel
    - érk : gierigaard
    - és : 1) is 2) es, essenhout
    - ét’ter : 1) etter 2) moeilijk mens gaa zaa nen ét’ter
    wordt vervolgd



    28-09-2010, 00:00 geschreven door renic
    Reacties (0)
    27-09-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Het Schrieks dialect-F

    Het Schrieks dialect
     door René Lambrechts © 

     - F -

    - faan : fijn gezegde gaa zaa ne faa’ne = jij bent een slimme
    - faar : groot licht
    - faat : 1) feit das e faat 2) fijt haa héé het faat
    - færm : mooi - "e færm mok’ke" = een mooi meisje
    - fak’tèèr : postbode
    - fan’ton’te : gie’jen fan’ton’te = gie’jen pril’le = geen spelletjes
    - fars : gezegde : ik haa doo en fars vey se = ik had daar wat voor, zeg!
    - fas : kraakbeen (zoals in geperste kop)
    - fas’se : bakkebaarden
    - fe’joans’kes : faience stenen
    - fèè’bel : zachte kleur
    - fer’két : vork als eetgerei
    - fer’naas : fornuis
    - feu’ter : vilt
    - fey’ber’woa’re : februari
    - fi’dey’ke : koininginnehapje
    - fie’jest : feest
    - fik’fak’ke : ravotten, speels vechten
    - fiks : rechtop (staan of zitten)
    - fis : bunzing
    - flæt’se’boa’es : kinderspeeltuig dat gemaakt werd uit een vlierstok of een fietstrapper
    - flæts : flets
    - flaus’veng’ke : een opgetut manneke
    - flei’res : longontsteking
    - fleut’je : klein bierglas van 20 cl, een kermispintje
    - fli’saan : reuma
    - flie’e’me : flemen
    - flik’ke : 1)politiemannen 2) maken, doen wie héé maa da ge’flikt
    - flik’ker : in zenne flikker stoan = in zijn blootje staan
    - flip’pe : 1) peer 2) doorslaan
    - floa’e’te : fluit gezegde : gaa kint noa aa gelt floa’e’te = gij gaat dat geld niet krijgen
    - flod’der : gezegde : skie’te mey los’se flod’ders = schieten zonder scherp
    - floer : fluweel
    - flos : hevige stortbui
    - flosj : gordijnkwast
    - flots’broek : soort kniebroek
    - foe’fe’le : bedriegen, vals spelen
    - foef : 1) mislukking tés en foef 2) vagina  gezegde : ge moet nie mey foef’kes af’kau’me = geen uitvluchten!
    - foem’pe : 1) manier van knikkeren 2) porren, stompen haa zit hie te foem’pe
    - foer’re : razend in en foer’re
    - foers : vork van een fiets
    - fon’taan : fontein
    - fors’bal : biceps of armspier
    - fos : steenkoolmijn
    - fos’keu : schampstoot in het biljarten
    - frak : jas gezegde : haa héé a stik in zaa’ne frak = hij is dronken
    - frang : frank
    - frank : brutaal
    - fréé’te : 1) vreten 2) kaarten rapen bij bepaalde kaartspelen
    - frein : remmen
    - fring’ket : vork als fer’két
    - frit : specifiek behangpapier
    - froe’ze’le’wis : froe’zel’pa’pier = versieringspapier met veel franjes

    -G-

    - ga’leg : 1) galg 2) houten constructie die men op de kar plaats om hooi of schoven graan te vervoeren
    - ga’let : rond ijskoekje vey maa ie’e’ne in en ga’let
    - ga’raasj : garage
    - ga’rie’jel : gareel
    - gaa : 1) gij 2) gauw
    - gaa’ve : gouden ne gaa’ven tant
    - gaa’zen’taar : zwarte teerverfstof voor onder aan de muren in de stallen
    - gaas : gas
    - gaas’kau’le : cokes
    - gaat : 1) geit 2) goud 3) ook gebruikt om een domme vrouw te typeren
    - gæl’le : julie
    - gær’re’noat : garnaal
    - gæs : gras
    - gæs’dooy’kel : hondendrol in het gras
    - gæst : gerst
    - gal’jaar : kerel ga zaa ne gal’jaar se
    - gangk : 1) manier van gaan 2) gang in het huis
    - gar’de : veldwachter
    - gat : gat, opening meervoud : goa’te gezegde: 1) haa wént in a ver’lau’re gat = hij woont ver achterin 2) haa es in ze gat ge’bey’te = hij is slecht gezind 3) haa es nie oep se gat ge'djépt = hij is zeker niet achterlijk
    - gat’boe’re’ke : kleine boer met weinig land en beesten
    - gat’læk’ker : flemer
    - gaut : goot
    - ge’baa : gebouw
    - ge’bak’ke : gezegde : tes ge’bak’ke = ’t is in orde
    - ge’bie’re : buren
    - ge’die’est : stilhouden aa ge’die’est haa’ve
    - ge’djépt : gedoopt, wordt ook gezegd van iemand die is nat geworden door een bui
    - ge’don :fietsstuur
    - ge’hof’fe : geheven
    - ge’kæt’telt : gekarteld als de rand van vele munten
    - ge’kapt = gehakt
    - ge’laaik : gelijk, effen
    - ge’læt’teg : glad
    - ge’ley’je : geleden, afgezien
    - ge’lie’e’ve : geloven
    - ge’lit : gewricht trékt die’je vin’ger es trig int gelit
    - ge’loei’eg: gloeiend
    - ge’maan : slecht, onbetrouwbaar gemaan stof – ne ge’maa’ne kéé’rel
    - ge’mak : toilet
    - ge’mét : oppervlaktemaat gebruikt door de boeren van een klein half hectare
    - ge’rie’jet : gereed est ey’te noch ni ge’rie’jet
    - ge’wænt : teelbed
    - ge’wén’te : gewoonte
    - ge’win : teelt
    - ge’woe’en : gewoon
    - ge’zaaik : overdreven gezaag
    - géb’be’le : braken
    - géé’re : gaarne, graag
    - gééf : gaaf, schoon
    - géél : gezegde : 1) haa héé het géél = hij lijdt aan een leverkwaal 2) haa stoa doa te géél oe’e’ge = hij staat daar te giezen
    - gés : gist
    - gét : vuil water, slijk
    - gét’te : beenlappen (leger)
    - gey’ve : geven : ik geyf, gaa géft, haa héé gegeyve, haa haa gegauve
    - geyt : geut, scheut
    - gi’és’sel’dop : tol om te gie’e’se’le = aandrijven met een koord
    - gie’jen : geen
    - gie’jep : geep, soort vis
    - gie’jest : geest gezegde : haa héé doa zaa’ne gie’jest ge’loa’te = hij is daar gestorven
    - gie’ze : verlangend kijken
    - gis’ting : goesting
    - goa’pe : gapen
    - goa’re : garen
    - goan : gaan
    - goap’ban’ke : bankjes in de kerk aan de zijkant waarvoor men geen stoelgeld moest betalen
    - goar : gaar
    - goei’vraa : vroedvrouw
    - goei’ze : gonzen
    - gooi’e’koe’ep : goedkoop
    - gra’di’jaul : gladiool
    - gra’woe’el : greppel in laaggelegen bossen, zoals in de Puttebossen
    - graa’pe : grijpen
    - graa’ve’lek : gruwelijk, verschrikkelijk
    - graaf : straf das graaf
    - graas : grijs
    - graat : bruin-grijs, grauw graat pa’pier
    - græk : spul, produkt
    - grauf : 1) grof grauf broe’wet = grof brood, bruin brood grau’ven deyn = grove den 2) zwaar das grauf = dat is zwaar ; bv. werk
    - grél’leg : verschrikkelijk, grillig
    - gréng’el : grendel
    - grien : groen
    - grik’sel : werktuig om het hooi te keren, rijf
    - groa’e’ze’le’mén’te : in scherven
    - groas : gruis ne groas’wech
    - grok’taat : beroete
    - grop : handvol
    - gros’kés : grote trommel
    wordt vervolgd



    27-09-2010, 00:00 geschreven door renic
    Reacties (0)
    26-09-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Het Schrieks dialect-H

    Het Schrieks dialect
     door René Lambrechts © 

     - H -

    - ha’ne’kes’nest : wanorde
    - haa : 1) heide 2) hij 3) Pijpelheide die van de Haa
    - haa’bel : kleine ruzie doa was doa zoo’e wa haa’bel mey de Zjok’ke
    - haa’leg : heilig gezegde : das oe’ek gie’je’nen haa’le’ge = Hij is ook niet echt te vertrouwen
    - haa’roak : akkerhaak welke aan de ploeg werd gehaakt om de ploegsnede te egaliseren den haa’roak haa’ve
    - haa’ve : houden ik haaf én gaa hot
    - haai’ge : hijgen
    - haai’kes : heideplantjes
    - haak : had ik haak da ge’wey’te
    - haas : handvat van emmers en grote ketels
    - haat : hout gezegde: 1) das nen haa’te = hij is houterig, stijf 2) khém nen haa’te kop = ik heb een kater
    - hæns : handspel (voetbal)
    - hæs’se’ne : hersenen kop mey hæs’se’saas
    - Hæs’selt : Herselt
    - hæs’te : roosteren ne ge’hæs’ten bau’ter’ham
    - hæt : hart : hard gezegde : das nen hæt’te = die weent niet snel
    - hæt’te’ne : harten = kaartsoort ook hæt’ten hoas
    - hak : hark
    - hal : overdekte speelplaats on’der de hal spey’le
    - Hal’der : Hallaar
    - hal’le’ve’goa’re : gek, zot
    - hal’le’ver : half (uur) hal’le’ver twie’e = half twee, hal'le'ver wéé'ge = halfweg
    - hal’lef : half gezegde : 1) hal’lef’én’hal’lef = onvolledig 2) hal’lef’se’gat = onvoldoende 3) hal’lef’jost = 15 augustus 4) maa’nen hal’le’ven traa’boek = echtgenoot (e) 5) zen klak stoa oep hal’le’ver’zey’ve = zijn pet staat scheef, meestal een teken van dronkenschap 6) ik zæn moa nen hal’le’ve = zich slapjes voelen na ziekte
    - hal’lef’acht’noen : 16 uur
    - hal’lef’bak : middenvelder (voetbal)
    - hal’lef’moan : borstel om tussen de plafondbalken te kuisen
    - han’ne : handen gezegde : haa kan zen han’ne nie thoa’es haa’ve = een handtastelijk mannetje
    - han’te’klaa : kluns
    - han’ten’tas’ter : iemand met losse handjes
    - hang’er’ke : juweeltje aan een kettinkje
    - hant’hééf : handvat
    - hau’re : hoorn en koei mey hau’res; en hau’re’ke = ijskoekje
    - hau’ren’dul : gek ik wér doa hau’ren’dul van = ik wordt daar gek van
    - hau’ræt’teg : opgewonden aa’ven hont és hau’ræt’teg séch
    - hau’ze : aflopen die’jen haust wat’af zel’le = rond’hau’zer
    - haus : gezegde : tés en haus = ’t gaat niet door
    - hauw : 1)stop !, 2) hak = soort spade
    - : wat zegt u?
    - hé’ze’le : onrustig gedrag
    - hécht : oud paard
    - hèèr : 1) om het paard links te sturen 2) houding
    - hélp : kruiwagenriem
    - hém : hemd
    - hém’me : hebben ik hém gaa hét haa héé
    - hen’ne : heen hen’ne én trich
    - hés’ke : toilet, komt van huizeke , het toilet stond vroeger los van het huis.
    - hés’teg : haastig
    - hey’ning : honig
    - hey’veg : heftig
    - hie : hier
    - hier : huur
    - hie’e’ke : jeuken jékt da? hie’e’ke da ta doe !
    - hie’e’le’gans : helemaal
    - hie’e’ze : dræs’sen = mey woa’ter hie’e’ze
    - hie’el : heel
    - hie’er : heer
    - hie’néf’fe : hiernaast
    - hik’ke : gehurkt ha zit oep zen hik’ke
    - hil’le : steenkolen
    - hil’le’bis : kolenemmer
    - hin : hen gezegde : wa moe’te hém’me ? das ge'laaik ! das en hin’ne’gat !
    - his’te : hoesten
    - hit : 1) hut 2) om het paard rechts te sturen gezegde : van hit noa hèèr = van hier naar daar
    - hit’se’le : hutselen, opschudden
    - hoa’ef’kaar : huifkar
    - hoa’es : huis
    - hoa’es’haa’ve : gezin haa es mey zen hoa’es’haa’ve oep kon’zjey
    - hoa’es’haat’skool : huishoudschool
    - hoa’es’plot : persoon die bijna nooit uitgaat
    - hoa’ge’mis’ke : heggemus
    - hoa’gel : hagel
    - hoa’le : halen ik hoal gaa hélt haa héé ge’hélt
    - hoa’mer : hamer hoa’mer skéér of més = kinderspel
    - hoa’ne’kroa’we : sport met kraaiende hanen
    - hoa’ne’poe’e’te : lelijk geschrift
    - hoa’re : 1) haren 2) een zeis scherpen met een hamer
    - hoa’ver : haver
    - hoa’ze’poe’per : man die snel klaarkomt
    - hoa’ze’slo’pe’ke : korte siësta
    - hoa’zel’noy’ke : hazelnootje
    - hoach : haag gezegde : hoach’skaul haa’ve = spijbelen
    - hoach’weyf : ongehuwde moeder
    - hoaf’koe’ep’dag : verkoop van bezittingen
    - hoak : haak gezegde : da hangt mey hoa’ken en oe’e’gen oan’ie’en = is maar in elkaar geflanst
    - hoar : haar gezegde : hoar doen = vals spelen (in de omgang = coifferen)
    - hoar’kroa’e : haarspit, ijzeren pin met klein aambeeldje in een houten blok
    - hoar’zak : valsspeler
    - hoas : 1) haas khém nen hoas ge’strépt : 2) aas in het kaartspel kloa’ve’ren hoas
    - hob’bel’de’sob’bel : wanordelijk da bét és hob’bel’de’sob’bel oep’ge’mokt
    - hoe’chel : schaamhaar ze lépt mey héé’ren hoe’chel bloe’et
    - hoe’e : hooi of hooien
    - hoe’e’mes : hoogmis
    - hoe’e’ve’jær’reg : hovaardig, ijdel
    - hoe’eg : hoog
    - hoe’eg’zoal : doksaal
    - hoe’mel : hommel "en hoe’mel mey e vos’se’gat "
    - hoe’ter’de’koe’ter : hals over kop
    - hoecht : heester, struik
    - hoep : zangvogel
    - hok’ke’naut : okkernoot
    - hoks : haaks, loodrecht
    - hoks’kes : 1) nietjes doet die hoks’kes in de voa’el’bak 2) leestekens
    - hol’der’de’bol’der : hals over kop
    - hon’ne’stiel : triestig beroep
    - hos’klos : slecht, wanordelijk gemaakt das hos’klos in’ie’jen ge’smey’te
    - hot : rug, schouder haa pakt die’je zak oep zen hot

    - I -

    - i’vaur : ivoor
    - ie’je’ke’nis’se : lies
    - ie’je’mer : emmer
    - ie’ve’rans : ergens
    - ie’ver : ijver
    - iet : iets
    - im’pær’mé’a’bel : regenjas
    - in’doe’fe’le : induffelen
    - in’hém’me : inhebben, lang duren da héé no’gal wat in = dat duurt nogal
    - in’ie’en’flan'se : knoeierig samenstellen
    - in’jons : ineens, plots
    - in’key’ve : inkorven (duivenspel)
    - in’læs’te : inlijsten
    - in’ney’me : innemen gezegde : haa és goe van in’ney’me = hij leert snel
    - in’pas’sant : te gelijker tijd
    - in’pik’ke : uitrusten, van het nodige voorzien haa és goe in’ge’pikt = hij is goed uitgerust
    - in’poem’pe : aan zijn verstand brengen ik hém het er moe’te in’poem’pe
    - in’sloa’ge : 1) indraaien oan den bak’ker in’sloa’ge 2) in elkaar zakken maa’ne bis’kwi és in’ge’sloa’ge
    - in’sméé’re : 1) insmeren 2) pak rammel geven ze hém’me ten es goe in’ge’sméérd
    - in’stét’te : instorten
    - in’stop’pe : met draad en stopnaald een gat dichten ons moe héé maan kaa’se in’ge’stopt
    - in’tæts : op tijd
    - in’voa’ze : invasie, indraaien
    - in’zie’e’pe : inzepen van een baard

    wordt vervolgd



    26-09-2010, 00:00 geschreven door renic
    Reacties (0)
    25-09-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Het Schrieks dialect-J

    Het Schrieks dialect
     door René Lambrechts © 

     - J -

    - jak’beys : aardbei
    - jam’men’kloe’e’te : een strekenventje, stoefer gaa zaa nen æch’te jam’men’kloe’e’te
    - jan’ne’woa’re : januari
    - jau’ke’re : een bepaald kaartspel
    - jau’ker : joker ne jau’ker meych’de au’ve’ral oan’lé’ge
    - jéch’te : hoogte oep wél’le’ke jéch’te moet da stoan
    - jèèr : grond
    - jèèr’dol’le’ke : veldmuis
    - jèèr’klot : grondkluit
    - jék’sel : jeuk
    - jét’je : gezegde : die gey’ve ser’jeys van jet’je : die gaan serieus van bil
    - joa : ja gezegde : haa es moa ne joa’knik’ker = hij is maar een gemeenteraadslid
    - joa’en : ajuin
    - joa’ge : jagen
    - joag’zak’ke : hevig hijgen
    - joar’ge’taa : jaargetijde
    - joar’ling’e : één jaar oude duiven in de duivensport
    - joar’mæt : jaarmarkt
    - joe’kel : zeer groot da was ne joe’kel van nen bult
    - joeng : kinderen gezegde : joeng moe’te hém’me = er is wel altijd iets
    - joeng’e : 1) jonge das noch ne joen’ge gast 2) jongen werpen ons kat héé ge’joenkt
    - joeng’man : ongehuwde man Sooi, das nen aa’ve joeng’man
    - joeng’skes : jonge dieren : on’zen hond héé joeng’skes
    - joenk : jong haa és noch joenk gezegde : haa héé oe’ek al e joenk = hij heeft ook al een kind
    - joenk’haat : jeugd ge moet de joenk’haat loa’te doen
    - jok : bij het kaartspel ‘præs’sen’ is de boer de hoogste kaart
    - jol’lek : lelijk
    - jon’de’léék : vreselijk uitziend die was jon’de’léék ge’stélt se. Het zach er jen’de’lek oat!
    - jon’der : eender, gelijk ik hém veyl jon’der bey’le’kes
    - jong’es’zot : meisje dat gek is van jongens
    - jot’te : 1) hitte wat en jot’te 2) noemt = heet hoe jot’te gaa?
    - ju’fraa : juffrouw, onderwijzeres

    -K-

    - ka’bar’does’ke : bordeel
    - ka’bas : winkeltas, boekentas
    - ka’dau : geschenk ik kraaich géé’re ka’dau’kes
    - ka’dey : kereltje
    - ka’dul’droa’e : = zot’droa’e = als de vijsdraad het niet meer doet
    - ka’lan’die’se : cliënteel
    - ka’me’lot : brol, slechte waren was da vey ka’me’lot
    - ka’paut : 1) motorkap 2) condoom 3) zware winterjas
    - ka’rot’ten’trék’ker : plantrekker die vlucht in de ziekte
    - ka’toen : gezegde : van ka’toen gey’ve = met veel inzet iets doen
    - ka’zak’ken’droa’er : overloper, iemand die met de andere partij samenwerkt
    - kaa : kou khém kaa = ik heb het koud tés kaat : het is koud
    - kaa’re’kot : loods voor karren
    - kaa’se : kousen gezegde: ge voel’tem oep zen kaa’se oan’kau’me = hij heeft iets tekort
    - kaa’zer : keizer gezegde : we zél’le die flæs es kaa’zer moake = we gaan die fles uitdrinken
    - kaai’kes : 1) bloem duizendschoon 2) keien
    - kaar : kar gezegde : haa héé tey’ge maan kaar ge’rey’e = hij heeft mij gekrengt
    - kaar’lie’es : uitgereden karrespoor gezegde : haa héé in de kaar’lie’es ge’pist = hij heeft een oogontsteking
    - kab’be’le : schiften, stremmen
    - kab’bi’ne’kes : kleedkamers bij het voetbalveld Jean van de pin stamp’te de dey van de kab’bi’ne’kes in
    - kæ’ze’le : schiften, stremmen
    - kæmp : hennep, kemp
    - kæn : pit das nen ap’pel’sien mey veyl kæn’ne
    - kæs : biggetje
    - kæs’kes’pis’ser : misdienaar
    - kæt’se : paren bij dieren die’jen doa’e’ver héé’se zjust ge’kætst se gezegde : die zoak és af’ge’kætst = die zaak is afgesprongen, mislukt
    - kæt’te’le : gezegde ze zit’te ach’ter maan kæt’te’le = ze jagen mij op
    - kaf’fe : koffie
    - kaf’fe’bés : 1) linnen koffiebeurs 2) iemand die veel koffie drinkt
    - kak : gezegde : mey veyl kak én zwier = met veel pracht en praal
    - kak’ka’jau : cacao, chocomelk vey maa ne wær’me kak’ka’jau
    - kak’ma’dam : hoovaardige dame
    - kak’stoel : speciale hoge stoel voor kleine kinderen om hen bij aan de tafel te plaatsen
    - kal : (slit)pen, ijzeren staafje
    - kal’key’re : natekenen met ‘kalkpapier’
    - kal’lot’te’ke : kapsel als Mireille Mathieu
    - kalfs’poe’et : arondskelk (bloem)
    - kalk’pa’pier : een matig doorschijnend papier
    - kant : 1) houtwal 2) kant
    - kap’blok : gezegde : haa léé mey saa’ne kop oep de kap’blok = hij heeft niet lang meer te leven
    - kap’pe’ke : een doorschijnend plastiek hoofddeksel tegen de regen
    - kar’dan : aandrijfas
    - kar’toes : jachtgeweerpatroon haa héé zen lés’te kar’toes ver’schau’te = hij geeft het op
    - kas : 1) kas 2) kast gezegde : haa héé doa zen kas oep’ge’frét = hij heeft zich daar verveeld
    - kas’saa : kasseisteen
    - kas’se’rol : kookpot
    - kas’taar : sterke durfal doa moe’te ne kas’taar vey zaan
    - kasj’ot : cel in een legerkazerne
    - kasj’pau : sierbloempot
    - kat’te’ge’spin : gezegde : klaan ge’win és kat’te’ge’spin = kleine winst
    - kat’te’kis’se’mes : voorbereiding op de plechtige kommunie noa de kat’te’kis’se’mes goan
    - kat’te’pis : gezegde : das gie’e’ne kat’te’pis = dat is iets waardevol
    - kau’per : kopermetaal
    - kau’re’poa’ter : pater van een bedelorde welke jaarlijks bij de boeren om wat graan of aardappelen kwamen bedelen
    - kaur : koord
    - ke’min’ne : communie haa héé gis’te’re zen ke’min’ne ge’doan
    - ke’reyr : renner
    - ke’réz’ze : moed die’je héé noch veyl ke’réz’ze
    - ke’tier : kwartier (tijd) a ke’tier vey draa ie’re (vierdedeel van een beest) ze droe’ge de ke’tier’re doa bin’ne
    - kéé’ze’mie’ke : koolmees
    - kéép : schoudermantel
    - kéér’bés’tel : straatveger
    - kéés : kaas
    - kéés’kop : Nederlander
    - keis : kaars
    - kél’le’koa’mer : kelderkamer
    - ker’die’el : leisel bij de paarden
    - ker’jeys : nieuwsgierig gaa zaa noch’al ker’jeys
    - ker’mæl : karamel
    - ker’naan : konijn herre gaa noch ker’naa’ne?
    - ker’nis : kroonlijst van de dakgoot
    - kér’re’boek : kerkboek
    - kér’re’mes : kermis gezegde : tés kér’re’mes in dhél : regenen als de zon schijnt
    - kér’re’woa’ge : kruiwagen
    - kérf : korf
    - kés : kers
    - kés’se’mes : kerstmis
    - kes’tæn : kastanje
    - kés’ze’stie’en : kersepit
    - kést : korst de kés’te oe’ek oep’ey’te
    - két : kort
    - két’jes’knip’per : kaartjesknipper
    - kéts : koorts die’e klaa’ne héé veyl kéts
    - key’mels’vet : kamelenvet tegen de gesprongen handen
    - key’re : keuren
    - key’te’le : kittelen
    - key’te’re : koteren, met een kachelpook = key’ter’hoak
    - key’ting : ketting
    - keyf : duivenkorf
    - keys : 1) keuze 2) verkiezingen
    - ki’me’nau’maa’ve : zonder mouwen
    - kid’de : kudde
    - Kie’e’berg : Keerbergen
    - kie’e’re : 1) keer, keren 2) omgooien hoe’e kie’e’re = hooi keren
    - kie’ke’frét’ter : Brusselaar
    - kie’ke’pél’der : lattenwerk waarop kippen slapen
    - kie’ke’vlie’es : kippevel
    - kin’ne: kunnen
    - kin’ne’kes’kak : doopsuiker
    - kip’per : 1) doelman 2) kipwagen
    - kir’re : jonge biggen werpen die zoeg héé te’nacht ge’kirt
    - kirk’drie’eg : kurkdroog
    - kis’se : kussen gezegde : ge kint ze kis’se = ge kint er oan’hang’e = gij kunt het vergeten
    - kjép’dag : koopdag
    - kjép’man : koopman
    - kla’wie’re : ongecontroleerde bewegingen van kleine kinderen die’je klaa’ne léé doa te kla’wie’re in zaan wieg
    - klaa’gelt : kleingeld
    - klaan : klein
    - klæf’fe’re : klauteren
    - klæt’ter’mey’le : klappermolen wie kent deze nog?
    - klæts : 1) slag 2) een beetje vey maa nog a klæts’ke 3) helemaal ik zæn da klæts ver’gey’te 4) praten haa klætst noch’al wat af zel’le
    - klam’per : roofvogel
    - klap’hau’re : oude grammofoon
    - klaun : clown, wordt ook gezegd van iemand die wat stoms doet
    - kléé’reg : woedend
    - kléér : klaar
    - kley’te’re : knutselen
    - klik’ke’én’klak’ke : gezegde : ze hém’men hém mey klik’ke’én’klak’ke boa’e’te ge’smey’te = ze hebben hem onverwijld buitengegooid
    - kling’ke : 1) drinken we zél’le der es oep kling’ke 2) kantelen die kroan goa kling’ke
    - klink : 1) deurkruk 2) helemaal ik ben da klink ver’gey’te
    - klip’per : knuppel
    - klis’oe’er : deel van een baksteen
    - klis’sen’haat : zoethout
    - kloa’e’ze’néér : kluizenaar
    - klod’der’vos : een onverzorgd iemand
    - kloe’e’te : 1) knoeien 2) bedriegen lét aa nie kloa’e’te 3) teelballen gezegde : haa és gie’e’ne stamp tey’ge zen kloa’e’te weit = hij is niets waard, je kan er niets mee aanvangen
    - kloef’kaf’fer : pummel
    - knaat : 1) kauwt ik knaa gaa knaat wæl’le knaa’ve 2) niets ik kén doa gie’en knaat van
    - knæb’bers : bonensoort in duivenvoer
    - knæp : kin
    - knæt’ser : 1) drukknoop 2) insekt, kniptor
    - kney’kel : kneukel
    - kneyt : vittende vrouw
    - knie’ep : knoop
    - knoa’e’ter : zangvogel
    - knoe’sel : 1) enkel 2) stekelbes
    - knop’pe : 1) knopen 2) gezegde : tés noa de knop’pe = het is om zeep
    - koa’ep : kuip
    - koa’ke’nest’je : een zich minder ontwikkelend jong dier (of kind), een achterblijvertje
    - koa’mer : kamer gezegde : haa héé’get in zen boa’ve’koa’mer = hij heeft ze niet alle vijf
    - koat : kaart
    - koe’che’le : hoesten
    - koe’e’le : kolen wit’te, roe’e en se’voe’e koe’e’le
    - koe’e’pe : kopen ik koe’ep haa kjépt
    - koe’e’ze : 1) klagen 2) jammeren
    - koe’er ; koor
    - koe’ke’ne : ruiten in het kaartspel
    - koe’ken’bak : gezegde : tés koe’ken’bak = ’t is in orde
    - koe’we : een vlucht vogels en koe’we bos’doa’e’ve
    - koef’fe’le : veelvuldig hoesten
    - koem : kom, schaal en koem aa’re
    - koeng’kel’foe’ze : heimelijk bedisselen
    - koerp : bocht
    - koks’bie’en : kaaksbeen
    - kom’af : afkomst
    - kom’es’vey : grote borsten van een vrouw das ie’en mey ne sé’ri’ey’se kom’es’vey
    - kom’mis’se : boodschap ik moet noch en poar kom’mis’kes doen on’zen hond moet zen kom’mis’se noch doen
    - kom’pas’se : medelijden mey da veng’ke moet’te gie’en kom’pas’se hém’me
    - kon’se’teyr : klok om de duivenaankomst te registreren
    - kon’sèèr : toneel, concert
    - kon’zjéé : verlof
    - kont : achterste
    - koo : kwaad kéd’der = meer kwaad
    - koo’e’kes : restant van het uitgebakken varkensvet dat bij in de pensen werd gedraaid
    - kooi : koe
    - kor’ner : hoekschop
    - kor’sey : korset
    - kor’vey : zwaar werk
    - kot’se : braken
    - koz’ze : ko’zaan : kozijn, neef
    - kra’mik’kel : niet stevig, wankel das moa kra’mik’kel in’ie’en ge’stau’ke
    - kraa’ge : krijgen ik kraach haa krægt ik hém ge’krey’ge
    - kraat : krijt
    - krab’be’le : stuntelen wa lig’ge ze doa naa te krab’be’le vey die gaul, krab’bers zænt
    - kræ’ze’le : het gevoel in de mond van zand bij het eten die mos’sel kræ’zelt
    - kræs’se : krijsen
    - krak : ergens heel goed in zijn das ne krak int tie’e’ke’ne, moa oe’ek int pin’te dring’ke
    - kram’me : gezegde : on’ze voa és doa oe’et zen kram’me ge’schau’te : mijn vader is daar uitgevlogen
    - krap : 1) rijf 2) krap, niet ruim
    - kré’mels : kruimels
    - kre’wél’leg : hevig haa ging doa noch’al kre’wél’leg te kie’er
    - kréé’me’rie : ijssalon
    - kréé’te : plagen, pesten, druk maken
    - kréém : ijsroom ne groe’e’te kréém mey kréém’frésj = ijs met slagroom
    - kréft : 1) kreeft 2) deugniet gaa zaa nen æch’te kréft
    - krép’pa’pier : papier waaruit men rozekes maakte
    - krey’ve’le : kriebelen
    - kri’zan’téém : chrysant (bloem)
    - krik’kel : vlug geërgerd das e krik’kel man’ne’ke, en æch’te krik’kel’bés
    - krip : voederbak, voorste deel van de stal waar de dieren gevoederd werden gezegde : das nen æch’te krip’baa’ter = vitter,
    - kris’ta’le’zey : kristalsuiker kris’ta’le’zey of klok’kes’ soa’e’ker
    - kro’che : 1) persen bij een moeilijke stoelgang krocht noch es goe! 2) kreunen bij zwaar tilwerk da was doa kro’che en daa’ve
    - kro’két : zegwijze : hal’lau kro’ket = halloo zeg!
    - kro’sjét : zangwedstrijd
    - kroa’e : 1) kraai 2) kraaien
    - kroa’e’naut : kruidnagel
    - kroa’ep’pin : zeer klein huisje haa wént in ne kroa’ep’pin
    - kroa’es : kruis gezegde : a krés’ke moake = een kruisteken slaan
    - kroa’es’jas’se : kaartspel
    - krocht : oud vervallen huis haa wén’de doa in en æch’te krocht
    - krod’der : sportman die slecht presteert die’e krod’der kon ni vol’le’ge in de koers
    - kroei’e : draaien, duwen, trekken, sleuren om iets los of vrij te krijgen
    - kroes : 1) drinkbeker 2) eendekroos (klein waterplantje) de béék léé vol kroes
    - krok : onkruid in graanvelden
    - kros : 1) cross 2) roetaanslag op potten en pannen
    - kwaat : kwijt, verloren haa ést kwaat
    - kwæ’de’le : 1) ruzie ik wil hie gie’en kwæ’de’le 2) brol, slecht materiaal mey wa vey kwæ’de’le ræd’de gaa?
    - kwæt : vulling van de bloedpens
    - kwats : gezwel of zwelling na kwetsuur on’der oan zen knæp hing en hie’el kwats
    - kwats’ke : minder dan een halve zak (bv aardappelen)
    - kwatsj : onzin, zever das kwatsj, das dik’ke zie’e’ver
    - kwéék : mond hot aa kwéék es toe
    - kwei’ker : keep (vogel)
    - kwék’ke : kwartje = 25 centiemen
    - kwiet : snul gaa se kwiet
    - kwing’kwank : schommel

    wordt vervolgd



    25-09-2010, 00:00 geschreven door renic
    Reacties (0)
    24-09-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Het Schrieks dialect-L

    Het Schrieks dialect
     door René Lambrechts © 

     - L -

    - la’ve’lier : laurier
    - laa : 1) lei schraa’ve op en laa 2) lag haa laa noch in ze bet 3) lauw maa’ne kaf’fe és laa
    - laa’der : leider
    - laa’ter’vænt : vogelschrik
    - laaf : lichaam
    - laai’ke : 1) een lijk afleggen, opbaren 2) smal straatje haa wén’de int laai’ke oan de pas’te’raa
    - laaik : lijk
    - laaik’bid’der : begrafenisondernemer
    - laan : 1) lijn 2) vislijn
    - læf’ke : onderhemd
    - læk’ske : het likken
    - læk’stok : snoep op een stokje
    - lækt : gelijkt gaa lækt zjust oep aa voa’der
    - læs’ter : lijster
    - læst : lijst gezegde : haa stoa oep de læst = hij is kandidaat bij de verkiezingen
    - laf : 1) drukkend laf weyr 2) vals das laf van aa
    - laf’foot : lafaard
    - lak : 1) gelijk haa héé dat oe’ek zjust lak zaa 2) lakverf 3) haarlak
    - lam’mey’re : lang blijven praten die héé den hie’e’le vér’noen ge’lam’meyrt
    - lam’pe’déér : staanlamp
    - lam’pét’te : drinken haa és gis’te’ren oa’vent wey goan lam’pét’te
    - lan’gen’oa’sem : kauwgom
    - lan’téé’re : lantaren gezegde : en groe’e’te lan’téé’re moa e klaan licht’je = een grote mond maar weinig verstand
    - lank : lang ik hém dat al lank ge’zéé
    - last : langs ge ræt bést last de Haa
    - lau’re’jas : iemand waaraan men zich ergert
    - lau’te’re : heen en weer bewegen ge moet e bék’ke mey die’en tant lau’te’re
    - lau’ter’dop : onbevrucht ei dat na het broeden overblijft, ook een slecht geworden ei
    - le’waat : lawaai gaa mey aa le’waat
    - léb’be : doodbrave simpele man die héé ne léb’be van ne vænt
    - léé’per : lepel
    - lééch’loe’e’per : een band die stilaan lucht verliest
    - lék : siroop das goei’e péé’re’lék = perensiroop
    - lék’neis : druipneus
    - lél’le : lelie
    - léng’sel : op lengte gesneden behangpapier
    - lés’te’re : luisteren, gehoorzamen klaan man’ne moe’te lés’te’re
    - lést : laatst ik hém em lest noch ge’zien haa es de lés’te
    - lét : 1) laat 2) schakel van een ketting mey vaaf lét’te kon’ne wæl’le bik’ke’le
    - lét’te : gezegde : oep de doa’e’ve lét’te =de duiven opwachten na een vlucht
    - lét’ters : gezegde : die’jen héé veyl lét’ters gey’te = die heeft lang gestudeerd
    - ley : 1) scharnier 2) lende, zij das ie’en mey a faan ley’ke
    - léz’ze : horloge
    - licht : longen van geslachte dieren haa gaf de licht oan de kat’te
    - lie’e’ne : lenen ik lie’en haa lént haa héé gelént
    - lie’e’peg : paardrift bij vrouwelijke dieren die koei stoa lie’e’peg = die koe is tochtig
    - lie’e’re : leren
    - lie’e’wærk : leeuwerik
    - lie’eg : laag gezegde : das ne lie’eg’vlie’ger = iemand die veel te snel rijdt
    - lie’em : leem gezegde : khém lie’e’me bie’e’ne = ik heb zwaar benen
    - lie’ep : leep
    - lie’er : ladder gezegde : mey de lie’er oa’et’goan = stelen
    - lie’ke : lied da was a schoe’e lie’ke
    - lie’vraa’ke : 1) lieveheersbeestje da zat vol lie’vraa’kes 2) O.L.Vrouw
    - lig’ge : liggen ik lich gaa licht haa léé haa héé ge’ley’ge gezegde : ik lich baa Mart in de bau’ves’ste schoa’ef = Mart heeft het voor mij, heeft mij graag
    - lik’ke : lukken da goa lik’ke
    - lil’le’put’ter : mens met dwerggroei
    - lits : lus oan maan zip stoa gie’en lits ne’mie’e
    - loa’e : laden
    - loa’e’ze’poa’ter : iemand met veel luizen
    - loa’ke : laken
    - loa’te : 1) laten ik loat, haa lét 2) de late ploeg ik stén mey de loa’te
    - loa’ze’rus : lazarus, iemand met vreselijke huiduitslag
    - lod’ders : lompen ik haa doa ne zak lod’ders stoan
    - loe’bas : groot en struis en rustig (dier of mens) aa’ven hont és nen æch’te loe’bas
    - loe’e’kes’ge’wéér : luchtbuks zoals op het schietkraam
    - loe’e’per : loper, een kind dat pas kan lopen die hey’re klæn’ste és al ne loe’e’per
    - Loe’e’zen’hoek : Lozenhoek onder Keerbergen
    - loe’es : 1) op een geheime plaats ik zal dat es loe’es wech’stey’ke 2) zonder vrucht das en loe’e’ze hok’ke’naut
    - loe’ke’beer : gefantaseerde afschrikker voor kinderen pas oep want de loe’ke’beer komt
    - loe’ter : afgeroomde melk, diende vroeger tot voer van kleine kalveren
    - loecht : 1) lucht de loecht zach zwét van de sprie’e’we 2) niet zwaar oo das e loecht paks’ke
    - loei’e : 1) luiden het loeit vey de mis 2) lui dat és ne loei’e vænt
    - loei’e’rik : luierik
    - loei’waa’ve’soep : pakjes of dozensoep
    - loem’mer : lommer, schaduw de bjés’te gén in de loem’mer stoan
    - loen’ke : gluren, loeren
    - loet : eigenaardige karaktertrekken die van ons héé wey en loet hé
    - loik’ke : lotje vey maa draa loik’kes van de lau’te’raa
    - lot’se : zuigen
    - lots : oud zuigdoekje met honig voor kleine kinderen, later tutter

    -M-

    - ma’ka’rau’ne : pasta
    - ma’sjoef’fel : vagina
    - maa : 1) mei 2) mij haa héé’chet maa in de maa noch ge’zéé 3) mouw we zél’le doa es en maa oan’pas’se = we zullen dat eens verhelpen
    - maa’ne : 1) mijne das de maa’ne 2) menen ik maan gaa mænt het es ge’mænt
    - maa’nes : gemeend tés maa’nes dey’ze kie’e
    - maa’se : meid het maa’se van de pas’toe’er
    - maa’te’raa : mouterij haa wærkt oep de maa’te’raa
    - maa’véé’ger : iemand die fleemt
    - maan : 1) mijn da zæn maan zoa’ke 2) vismijn die kau’me van de vis’maan
    - maat : mijt baa élk bak’hoa’es ston en haat’maat
    - Mæ’che’léér : 1) Mechelaar ne Mæ’che’léér zéé : nei’je 2) hond, Mechelse scheper haa héé ne Mæ’che’léér ge’kocht
    - mæm’me : 1) grote borsten 2) zagen en zeveren die’e zat doa oan den toe’eg te mæm’me
    - mær’re’bels : knikkers mey de mær’re’bels spey’le
    - mær’re’ge : morgen
    - mær’re’mer : marmer haa héé vloer in de mær’re’mer
    - mær’re’mit : (steriliseer)ketel doe de mær’re’mit moa half’vol
    - mæs’ke : meisje das e schoe’e mæs’ke hé
    - mæt’te : waren verkopen op de markt oep de roe’mel’mæt kin’de al’les mæt’te
    - mæt’te’le : martelen
    - mæt’waaf : taterende vrouw zaa doa mey ge’traat, zoe’e mæt’waaf
    - maf’fe : slapen baa den troep hém’me kik dik’kes lig’ge maf’fe oep de wacht
    - mal’broek : grote kar op drie wielen
    - mal’lét : aktentas haa goa doa wey mey zen mal’lét on’der zen ær’me
    - mal’ley’re : ongelukken hot me tey’ge of ik doen mal’ley’re
    - mal’sjans : tegenslag die’jen héé al dik’kes mal’sjans ge’hat
    - mam’brey’re : beschilderen als marmer
    - man : mand en man pe’toa’te
    - man’ne : 1) manden 2) de kinderen van één gezin son’doas kau’me ons man’ne al’taa noar hoa’es
    - man’ne’vlich’ter : mandenmaker
    - mang’e’le : ruilen
    - mans’lie : de mannen de mans’lie zoa’te réchs in de kérk
    - mans’mæns : man das en te’loe’er vey a mans’mæns
    - mar’sæl’le’ke : onderlijfje zonder mouwen
    - mar’sjan’dies : koopwaar die’en héé al’taa goei’e mar’sjan’dies baa
    - mas : massa, tesamen ik pak die draa koe’epe in mas
    - mas’se’paan : marsepein
    - mast : conifeer ook dennenboom khém last’ach’ter al’les af’ge’zét mey mas’te
    - mat’te : 1) matten 2) niet glanzend, mat 3) vlokken in het koemelk
    - mau’ze’gaut : afvoergreppeltje voor het afwaswater de mau’ze’gaut kost se’waa’le nog’al sting’ke
    - maus : achterplaats in het huis waar de afwas gebeurde den af’was ston oep de maus’bank
    - Me’daar’de’zaai’ker : H.Medardus mær’re’ge ést Me’daar’de’zaai’ker, khoe’ep dat ni réé’gent
    - me’dél’le : medaille die’e wint krægt en gaa’ve me’dél’le
    - me’las : 1) siroop 2) residu van de siroopproductie verkocht als paardenvoer
    - me’ney’vers : legeroefeningen ten’nés’te week gém’me oep me’ney’vers
    - me’niet : minuut gezegde : ne me’niet hé = een ogenblikje
    - me’teyr : motor de me’teyr és noa de voeing’kes
    - mé’ze’le : kruimels kést de mé’ze’le es vant toa’fel
    - me’zey’re : miserie doa és noch’al wa me’zey’re in de wé’relt
    - mein : mijden ik mey hem gaa mæt hem wæl’le mein hem
    - mél’der : molenaar de mél’der wærk’te in de mél’der’raa
    - mél’taat : maaltijd oem twélf ie’re wast al’taa ne wær’me mél’taat
    - mén’dach : maandag a mén’dach komt hem
    - mént : maand deys mént gie’e’ne voet’bal
    - mér’reg : gaar de koe’e’le zæn mér’reg
    - mes’sing : hof van huis ik moest al’taa de mes’sing oep’kéé’re én oep’krab’be
    - mes’tæs : 1) snor haa héé en groe’e’te mes’tæs 2) onderwijzeres da was gie’en sim’pel mes’tæs vey baa te zit’te
    - mét’je : kameraadje hey mét’je kom’mes hie
    - mét’te : kalf ne mét’te lotst oan aa ving’e’re
    - mét’ter : mortel mét’ter stie’en én bier tlés’te jost
    - mey : mee of mede wie doe’ter mey
    - mey’ge : 1) mogen ze mey’ge naa ni kau’me spey’le 2) lusten veyl joeng mey’ge gie’en té’mat’te
    - mey’le : molen gezegde: gaa zaa ne mey’le = een wispelturig mens
    - mey’mel : 1) bladluizen die’e sloat zit vol mey’mel 2) houtworm die kas és hie’e’le’moal ver’mey’melt
    - mey’ning : loodverf, menie as ghet ni wil loa’te ver’jos’te’re moe’te der roe’e mey’ning oep’zét’te
    - mey’ter : meter
    - mey’ter’taat : mettertijd mey’ter’taat goa da ver’an’de’re
    - mi’jæt’se : maartse mi’jæt’se baa’ze
    - mi’jeit : maart in de mi’jeit kant noch kaat zaan
    - mich : mug das ne mich’ge’zif’ter ség = haarklovers
    - mie’e’ze’ke : mees
    - mie’jei’rel : merel
    - mie’re : mikken oept schiet’kroam moe’te goe mie’re
    - mie’zaai’kers : mieren mie’zaai’kers noe’me ze oe’ek bræk’ke
    - miech : moe wér’re gaa da naa nie miech = word jij dat niet moe
    - mier : muur baa den troep dey’e wæl’le de mier = na de avondklok over de muur naar binnen
    - mik : gaffelvormige tak om een katapult te maken en goei mik vey ne slin’ger
    - mil’jaar’de : vloek
    - mil’tert : midden goa es int mil’tert stoan
    - milt : homklier nen héé’ring mey ne milt of ne zoat
    - mint : munt als plant of smaak mint tit’te’frit
    - mis : mus en koe’e mis’se
    - mit’soat : mutsaard en haat’maat da was ge’stoa’pel’de mit’soat
    - mjos’ter : meester khém baa mjos’ter Fil noch ge’zey’te
    - mjot’ste : meeste haa héé de mjot’ste bey’le’kes
    - moa : maar moa ni mey maa hé
    - moa’e : 1) made in maa’ne sloat zit en moa’e 2) maaien ze gén den bémt af’moa’e
    - moa’e’bits : gangetje van een made a pey’ke mey veyl moa’e’bit’se
    - moa’e’ze : muizen zit’te gæl’le mey moa’e’ze
    - moa’e’zen’tand : siermetselwerk onder de dakgoot
    - moa’ger : mager moa’ger vlie’es : vlees zonder vet
    - moa’ke : maken ik moak gaa mokt haa héé gemokt
    - moa’le : malen ik moal gaa mélt haa héé gemoalen
    - moa’ling : bepaald onkruid trékt die’je moa’ling es oa’et de pe’toa’te
    - moa’ze : mazen van het net die moa’ze zæn te klaan
    - moat : maat gezegde : de moat pak’ke = de maat nemen
    - moe’der’hoa’es : kraamkliniek ze léé noch int moe’der’hoa’es mey héy’re klaa’ne
    - moef : slechtgezind haa lépt doa mey en moef ront
    - moei’e’noks : poedelnaakt moei’e’noks oep ne vlau, wat e zicht
    - moei’er : 1) vrouwelijk dier (bv konijn) khém de moei’er bij de reir ge’zét 2) moeder (beledigend) die zwæt’te moei’er goei’de de stie’e’ne oep on’zen dam
    - moem’bak’kes : masker on’der da moem’bak’kes hém’mek noch’al ge’zwét
    - moem’pe’le : mompelen wa moem’pel’de gaa doa
    - mok’ke : meisje das e færm mok’ke
    - mos’toat : mosterd ie’e’ne mey kees én mos’toat
    - mot : 1) nachtvlinder 2) slaag 3) gezegde : de mot zit ‘er’in = de geestdrift is weg
    - mot’te : slagen kzal aa se’biet es wa mot’te gey’ve
    - mot’tech : 1) vuil hoe mot’tech és aa broek naa 2) onwel kzæn pe’sies mot’tech

    wordt vervolgd



    24-09-2010, 00:00 geschreven door renic
    Reacties (0)
    23-09-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Het Schrieks dialect-N

    Het Schrieks dialect
     door René Lambrechts © 

     - N -

    - naa : 1) nu naa ést oan aa 2) nauw tstékt ni zoe’e naa
    - naa’pe : nijpen ik naap gaa næpt haa héé ge’ney’pe
    - naa’ve’leks : nauwelijks khém naa’ve’leks ge’sloa’pe
    - naap’licht : zaklantaarn doet da naap’licht es oan
    - nacht’noen : namiddag dey’zen nacht’noen héé’tem ge’weyst
    - næk : nek gezegde : das ie’e’ne mey nen dik’ke næk = hij is hoovaardig
    - naft : benzine kval zon’der naft = ik heb geen energie meer
    - nat’teg’haat : nattigheid gezegde : kvoel nat’teg’haat = iets voelen aankomen
    - nau’re : noorden in de nau’re ést jost doeng’ker
    - nau’te : noten kin’de gaa me’ziek nau’te ley’ze gezegde : haa héé veyl nau’te oep zaa’ne zang = hij heeft veel eisen
    - ne’mie’e : niet meer ik zint ne’mie’e zit’te
    - néf’fe : naast haa lépt noa’e néf’fe zen schoe’ne
    - nél’le : naald zikt maan nél’le es
    - nés’tel : veter de nés’tels van maan schoe’ne gezegde : ik hém maa’ne nés’tel doa af’ge’droa’et = ik heb daar hard gewerkt
    - ney: neer légt da ney
    - ney’ge : negen draa kie’e’re draa és ney’ge
    - ney’ke : strikje twas ne plas’te’ron of e ney’ke
    - neys: neus ik hém ne groe’e’te neys en za e wip’nui’ze’ke
    - neys’doek: hoofddoek welke de oudere vrouwen vroeger droegen ons moe droeg al’taa e neys’doek’ske
    - ni : niet ni mey maa hé
    - nich’ter : nuchter haa és noe’et ni nich’ter
    - nie’e : nee, neen nie’e ik doen da ni
    - nie’man’nie : niemand dat héé noch nie’man’nie ge’zéé
    - nie’te’léér : vitter gaa zaa ne nie’te’léér joa
    - nie’ve’joar : nieuwjaar nie’ve’joar zing’e
    - nie’ve’rans : nergens haa goa nie’ve’rans gie’e gélt kraai’ge
    - nief : nieuw haa héé e nief lief nief bés’tels kéé’re goe hé = hij heeft een nieuw lief, voor zolang als het duurt
    - nik’se : niets doen haa zit doa te nik’se
    - nip : gezegde : da was nip zel’le = dat was bijna raak
    - noa : naar van Pit noa de Haa
    - noa de voeing’kes : naar de vaantjes, kapot
    - noa’e : naaien ze lét ne rok noa’e
    - noa’gel : nagel khém maa’ne noa’gel in’gescheyrt
    - noa’gel’bloe’me : seringen khém schoe’en blaa noa’gel’bloe’me
    - noa’gel’boa’ek : navel Eé’va héé gie’e’ne noa’gel’boa’ek want zés ni ge’bau’re
    - noa’mok’sel : namaak das gie’en æch’te Rub’bes, das en noa’mok’sel
    - noa’paa’ze : nadenken ik zal der es au’ver noa’paa’ze
    - noa’ter : 1) dar ne noa’ter stékt ni 2) jongman doa hém’me noch twie’je noa’ters thoa’es
    - noa’ve’nant : naar gelang das noa’ve’nant hoe gaa da zie
    - noat : naad gezegde : haa wærkt de noat oa'et zen bés = hard werken
    - noe’e : niet graag da doe’nek naa noe’e se
    - noe’ne : zot gaa zaa ne noe’ne gaa
    - noe’ne’ke : mondharmonica ik speyl oep e noe’ne’ke
    - noeng’kel : nonkel, oom hér’re gaa ne soa’e’ker’ noeng’kel

    -O-

    - o’laa’ve : olijven meyg’de gaa o’laa’ve?
    - oa’el : uil
    - oa’et : uit
    - oa’et’ge’bloemt : uitgebloeid de roe’e’ze zæn oa’et’ge’bloemt
    - oa’et’ge’læb’bert : uitgerokken maa’ne pe’lau’ver és hie’e’le’moal oa’et’ge’læb’bert
    - oa’et’ie’en : uiteen, gescheiden die zæn al een tæt’je oa’et’ie’en
    - oa’et’klap’pe : uitpraten lém’me naa es oa’et’klap’pe
    - oa’et’kléé’re : het verdwijnen van de bewolking se’biet goat da hie’e’le’moal oa’et’kléé’re
    - oa’et’laa’pe : uitrekken pas oep want das ne pe’lau’ver die’e ge’mak’ke’léék goat oa’et’laa’pe
    - oa’et’lich’te : doorlichten haa héé zen’ne rich moe’te loa’ten oa’et’lich’te
    - oa’et’loe’ep : koortsblaasje khém hie wa oa’et’loe’ep oan maan lip
    - oa’et’moa’e’ze : er stilletjes vandoor gaan zés er stil’le’kes oa’et’ge’moast
    - oa’et’naa’pe : uitknijpen kzal die’e mey’ey’ter es oa’et’naa’pe
    - oa’et’ney’me : uitnemen ge kint da doa oa’et’ney’me gezegde : das iet dat oa’et’némt = dat is buitengewoon
    - oa’et’pæs’se : uitpersen ik gén die’en ap’pel’sien oa’et’pæs’se
    - oa’et’schaa’te : uitschelden lét aa ni oa’et’schaa’te hé
    - oa’et’schoa’e’ve : 1) uitschuiven ge moet die’en bak doa oa’et’schoa’e’ve 2) uitglijden ik zæn doa oep die’en trap oa’et’ge’schau’ve
    - oa’et’sjot’te : uittrappen door de doelman (voetbal)
    - oa’et’span’ne : tot armoede brengen, ruïneren ze hém’me die aa’vers hie’e’le’moal oa’et’ge’span’ne
    - oa’et’vlie’ge : met woorden te keer gaan die’e zaa’ne pey kon ser’jeys oa’et’vlie’ge
    - oa’et’zwie’e’te : uitzweten gezegde : da gor’re noch oa’et’zwie’e’te = dat gaat u nog bekopen
    - oa’re : aren oept stop’pel’lant oa’re roa’pe
    - oa’rech : eigenaardig kvin dat oa’rech dat hem er nie és
    - oa’sem : adem ha héé’get oep zaa’nen oa’sem
    - oan’baa’ne : aanbinden de te’mat’te oan’baa’ne
    - oan’doem’pe : de roa’e’te doem’pe oan
    - oan’ge’brant : 1) aangebrand de raas’pap és oan’ge’brant 2) vuil, gewaagd en oan’ge’bran’de mop
    - oan’ge’stau’ke : aangestoken haa héé die an’de’re joeng oe’ek oan’ge’stau’ke = hij heeft de andere kinderen ook besmet
    - oan’gey’ve : aangeven gezegde da zor’re hém ni oan’gey’ve = dat had je van hem niet verwacht
    - oan’haa’ve : liefde buiten het huwelijk ze zaa oan’haa’ve mey de Rik
    - oan’haa’ven’de : om de haverklap haa és oan’haa’ven’de ziek
    - oan’ie’en : aaneen we gén da oan’ie’en zét’te
    - oan’jèè’re : 1) aanaarden de pe’taa’te oan’jèè’re 2) ie’mant oan’jèè’re = iemand opjagen
    - oan’pap’pe : 1) een kaart aanleggen die’en hoas kin’de oan’pap’pe 2) het aanleggen met iemand tschænt da ze zaa oan’pap’pe mey de Rik
    - oan’pi’ke : aankoppelen, aansluiten die’e ke’reir kon trig oan’pi’ke
    - oan’stey’ker : 1) aansteker voor de sigaret 2) pantoffel soa’ves loe’e’pe’kik al’taa oep maan oan’stey’kers dey hoa’es
    - oan’was : abnormaal aangegroeid deel die’en haa e klaan oan’was’ke oep zaa laaf
    - oan’zaan : 1) in het spel aangetikt zijn gaa zaa’ter’oan 2) stervende zaa tem ‘er ni waat oan’zaan
    - oap : aap doa moet’te naa ne stoem’men oap vey zaan
    - oat : 1) levenslust khém gie’enen oat 2) geaardheid noa wie héé die’je den oat
    - oe’e’ge : 1) ogen ghét schoe’en oe’e’ge 2) vetdruppel soep mey oe’e’ge gezegde: haa héé en oe’ech’ske oep Marie = hij is verliefd
    - oe’ek : ook ik kén dat oe’ek
    - oe’er : 1) oor neslag rond zen oe’e’re 2) handvat pas’oep die oe’e’re zæn hie’jet
    - oe’er’naa’per : oorworm in maan pæs zit nen oe’er’naa’per
    - oe’et : ooit oe’et héé die’e da ge’zéé
    - oei’er : uier soe’me’ge koei haan ne groe’e’te oei’er
    - oem : om aa’ven taat és oem
    - oem’ge’léé : veranderd die’en héé hem hie’e’le’moal oem’ge’léé
    - oem’hoe’eg : omhoog gezegde : de wint és van oem’hoe’eg = noorderwind
    - oem’poar : oneven, onpaar a loik’ke mey oem’poar saa’fers
    - oem’sloa’ge : verzwikken haa héé zaa’ne poe’et oem’ge’sloa’ge
    - oem’vaar : omver khém hem oem’vaar ge’loe’e’pe
    - oep : op de kéés és oep - kzæn oep = ik ben uitgeput gezegde : oep de wil’den boef = op goedvallen uit oep en an’der ést béé’ter = ergens anders is het beter
    - oep’ge’poeft : opgezwollen khém te hæt gey’te, kzæn hie’e’le’moal oep’ge’poeft
    - oep’ge’schépt : opgescheept haa zit doa goe mey zaan Mie oep’ge’schépt
    - oep’ge’te’loe’ert : opgesmukt die van den braa’ver was noch’al oep’ge’te’loe’ert
    - oep’ge’tut : opgesmukt die liep er oep’ge’tut baa
    - oep’gey’te : opgegeten haa héé dat al’lie’en oep’gey’te
    - oep’lég’ge : inmaken, steriliseren ik moet die boe’e’ne van’doag noch oep’lég’ge
    - oep’lein : opleiden baa den troep zél’le ze aa wél oep’lein
    - oep’lig’ger : oplegger kgén die’en oep’lig’ger noch oan’pik’ke
    - oep’per : in de richting van die vlaug noa tGoor oep’per
    - oep’rie’re : omroeren ge moet da ie’est goet oep’rie’re
    - oep’schaa’re : opscharrelen joeng, joeng, haa héé doa ie’en oep'ge’schaart
    - oep’schie’ter : plant welke voortijdig een zaadstek aanmaakt ze moe’te die oep’schie’ters doa noch oa’et’trék’ke
    - oep’smau’re : oproken haa lét zen sig’ge’rét zoe’e moa lig’ge oep’smau’re
    - oep’sol’fe’re : aansmeren lét aa niks oep’sol’fe’re hé
    - oep’stoem’pe : verplicht doen eten ge moet hem da ne’mie’e baa oep’stoem’pe
    - oep’te’nieft : opnieuw be’gint moa oep’te’nieft, want trékt oep niks
    - oep’tur’re’lut’te : geld over de balk gooien die’en héé dal wa oep’ge’tur’re’lut in zaa léé’ve
    - oep’vil’le : opzetten van dode dieren haa héé zaa’ne poa’pe’goa’e loa’te oep’vil’le
    - oep’waa’ne : opwinden, opdraaien ge moet oe léz’ze oep’taat oep’waa’ne
    - ok’ke’ley’re : enten roe’e’ze moet’te oe’ek ok’ke’ley’re
    - ok’ke’naut : okkernoot wæl’le knik’ker’de vey ok’ke’nau’te
    - on’der’dey : onderdoor gezegde : haa goa’ter on’der’dey = hij gaat instorten
    - on’der’vaa’ne : ondervinden ge gaa da wél on’der’vaa’ne
    - on’der’waa’zer : onderwijzer haa lie’ert vey on’der’waa’zer
    - on’der’zip : ondervest zie ook zji’ley
    - on’ge’die’rech : ongedurig haa was hie’el on’ge’die’rech
    - on’ge’lie’e’ve’gen’tau’mas : iemand die niets geloofd gaa zaa nen on’ge’lie’e’ve’gen’tau’mas
    - on’ge’rist : ongerust ik was vrie’et on’ge’rist hé
    - on’nes’te’bau’ve : ondersteboven haa goei’de al’les on’nes’te’bau’ve gezegde : ik was doa hie’e’le’moal on’nes’te’bau’ve van = ik was daar heel erg van geschrokken
    - ont’haa’ve : onthouden ik kan dat al’le’moal ni ont’haa’ve
    - os’se’toen’ge : soort rode aardappel de os’se’toen’ge moeg’te ni groe’et zaan vey de mæt
    - ot’tau : auto kom’de gaa mey de vlau of mey den ot’tau?

    wordt vervolgd



    23-09-2010, 00:00 geschreven door renic
    Reacties (0)
    22-09-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Het Schrieks dialect-P

    Het Schrieks dialect
     door René Lambrechts © 

     - P -

    - pa’tey’ke : gebak e pa’tey’ke goat er al’taat in
    - paa’hoan – paa’hin : pauw ne paa’hoan héé ne schoe’e’ne stjeit
    - paa’ze : denken ge meygt doa niet te’veyl oep paa’ze
    - paal : pijl oan de wip goan paa’le roa’pe
    - paap : pijp vrie’ger woa’re de broeks’paa’pe brie’er en mey ne zie’em
    - paas : paus dat de paas moa in Roe’e’me blæft zél’le
    - pad’de : op handen en knieën voortbewegen die’e klaa’ne kan goe pad’de
    - pad’de’slot : hangslot
    - pad’de’ver’gif : een heel slechte smaak hebbende die flæs van den dok’toar és just pad’de’ver’gif
    - pæk : teer ze gie’te pæk tis’se die be’ton’ploa’te
    - pæl’tje : 1) sprietje e gæs pæl’tje 2) pijltje pæl’tje pik = darts
    - pæn’ne’læk’kers : lisdodde khém pæn’ne’læk’kers in maa’ne vaa’ver
    - pær’re’me’nant : watergolf (haartooi) aa vraa’ve loa’te dik’kes ne pær’re’me’nant zét’te
    - pær’re’me’tey’re : 1) veroorloven die’e kan hem da goe pær’re’me’tey’re 2) klagen én moa pær’re’me’tey’re, man man
    - pær’re’plie : 1) paraplu, regenscherm 2) scheef maa stier stoa pær’re’plie
    - pærk : perk mæs’kes hin’kel’de in e pærk
    - pæs : perzik vey maa ne ki’lau pæs’ze
    - pæst : pest haa stinkt lak de pæst
    - pæt’te : heel lastig zijn die’e klaa’ne kan pæt’te
    - paf’fe : roken zonder te inhaleren ie’est lie’er’de we paf’fe en dan smau’re
    - pak’ske : pakje gezegde : komt mey gie’e pak’ske thoa’es = zorg dat je niet zwanger wordt
    - pal’jas : 1) strozak 2) trekpop 3) persoon die men niet ernstig neemt
    - pal’tau : mantel das ne schoe’e’ne pal’tau
    - Pan’doe’ren’hoek : plaatsnaam te Schriek afgeleid van pandoeren = agenten van Leuven welke voor de uitvoering van de doodstraf door verhanging in de Galgestraat daar hun tenten opsloegen in afwachtijng van de uitvoering van het vonnis
    - pan’dul : slingerklok
    - pap’pe : 1) kaartspel 2) inlijmen van behangpapier da léng’sel goe in’pap’pe
    - pap’schaul : kleuterschool khém mey Gréét noch oep de pap’schaul ge’zey’te
    - par’taa : 1) partij 2) mannelijk geslachtsdeel haa kreych doa ne stamp oep zen par’taa
    - pas’se : 1) passen en zip pas’se 2) niet meegaan in het kaartspel ik moet pas’se, zoe’en slæch’te koa’te
    - pas’sey’re : gebeuren ge lét da toch nie pas’sey’re
    - pas’til’le’ke : pilletje, geneesmiddel hér’re gaa e pas’til’le’ke vey maan kéél
    - pas’vit : roerzeef vey de soep dey te doen héd’de ne pas’vit van doen
    - paut : poort de paut stoat au’pe
    - pe’dal : trapper ne pe’dal van maa’ne vlau
    - pe’ris : parkiet ne pe’ris kin’de goe oep’lie’e’re
    - pe’sies : precies gaa wét da pe’sies ne mie’e
    - pe’tie’ter : zeer kleine ( bv. Aardappeltjes) de pe’tie’ters woa’re vey de vær’re’kes
    - pe’toa’te : aardappelen ook pe’taa’te ver’gét gie’e zaat oep aa pe’toa’te te doen
    - pe’trol : petroleum géf moa pe’trol = geef maar gas, vlieg er maar in
    - péé’per’kau : bruine huidvlek haa héé veyl péé’per’kaus in zaa ge’zicht
    - péé’rel : parel, parelsnoer ze haa ne schoe’e’ne péé’rel oan
    - péé’wésp : wesp kbén gestau’ke dey en péé’wésp
    - péét : 1) doopmeter 2) grootmoeder péét Schriek zaa on’ze Pol’le al’taa
    - pél : schil, schaal, vlies de pél van nen ap’pel, en aar, oept mé’lek,…
    - pél’der : slaapstok voor kippen gezegde : ik kroa’ep in maa’ne pél’der = ik ga slapen
    - pen’nen’tie : strafschop (voetbal)
    - per’rey : puree haa zit in de per’rey = hij zit in de problemen
    - per’sey : dringend haa wilt per’sey noa Lier rein
    - per’tang : nochtans haa héé per’tang ge’laaik
    - pést : puist das en sér’jey’se pést
    - pey ook pey’re : vader gezegde : khém maa’ne pey’re ge’zien = ik heb afgezien
    - pey’kel’teyf : moeilijke vrouw zaa mey zoe’en pey’kel’teyf ge’traat
    - pey’kel’vis : haring in azijn wærm ge’mok’te pe’toa’te mey pey’kel’vis en joa’en, goe zaan
    - pey’kes : 1) wortelen pey’kes mey aa’te 2) oude mannen zés noat pey’kes’hoa’es = ze is naar het rusthuis
    - pey’pel : vlinder deys joar woa’re der ni veyl pey’pels
    - pey’te’re : 1) dooppeter 2) grootvader maa’ne pey’te’re és aat ge’wér’re
    - pey’ze’’wey’ver : vitter de Lau was nen æch’te pey’ze’’wey’ver
    - peys : pees die peys in maa’ne næk doe zie’er
    - pi’néé’re : penarie haa zit in de pi’néé’re
    - pi’néés : duimspijker
    - pie’jes : kaartterm
    - pie’pe’dol’le’ke : spitsmuis kat’te ey’te gie’en pie’pe’dol’le’kes
    - pie’pe’ling : verstoppertje spelen we gén pie’pe’ling spey’le
    - piet : 1) pier, aardworm ne piet mey ne kor’sey = aardworm met een ring 2) geluk
    - piet’zak : gelukzak
    - pil’le’ke : 1) pilletje 2) afkrabben, pulken ge meygt die kést doa ni af pil’le’ke
    - pil’le’per : purper aa lip’pe zin pil’le’per van de kaa
    - pil’léér’baa’ter : kerkloper met een negatieve bijklank
    - pil’licht : zaklantaren mey a pil’licht oept zol’der goan sney’ke’le
    - pin’jèèr : steekmes gebruikt om dieren te doden door de halsader door te snijden
    - pin’ne’kes’droad : prikkeldraad khém maan broek ge’scheyrt oan de pin’ne’kes’droad
    - ping’ker : richtingaanwijzer zét aa’ve ping’ker moar af
    - pir’re’wit : kleine asperges de pir’re’wit és vey de soep
    - pis’bloem : paardebloem doa stén wey veyl pis’bloem’me in aa’ve ga’zon
    - pis’doek : luier van textiel vrie’ger woa’ret pis’doek’ke én naa pam’pers
    - pis’kaas : meisje of vrouw die veelvuldig moest plassen
    - pis’saa’ne : urinoir oept jong’es’schaul haan ze groe’e’te pis’saa’ne
    - pis’to’ley : broodje, pistolet draa pis’to’leys én e sant’wisj’ke
    - pis’ton : gulp van een broek doet aa pis’ton toe
    - pis’ton’ne’kes : papieren knallertjes voor speelgoedwapens
    - Pit : Putte
    - pit’je : kleine penis gezegde : khém hem baa ze pit’je = ik heb hem te pakken
    - pit’te’léér : ceremoniekledij voor mannen met zwaluwstaart
    - pjæts’hoar : paardehaar de be’zét’ters ge’broa’e’ke pjæts’hoar
    - pjæts’sés’ze : paardehorzel niet verwarren met pjei’re’sés’ze = paardedeken
    - pjé’de’stal : houten meubeltje waarop men meestal een beeld plaatste
    - pjei’ren’oe’ech : spiegelei
    - pjei’ren’tés’ser : paardenhandelaar
    - pjeit : paard baa ons hém’me ze e boe’re pjeit moa de Lod’de héé draa pjei’re
    - plaan = plein gezegde : haa és de plaan au’ver = hij is weg, vertrokken
    - plæk : 1) plak ik plæk die’en tæm’per hie 2) veld doa ston en schoe’en plæk aa’te 3) vlek kraaich die plæk doa nie oa’et
    - plæk’ker : 1) bezetter de plæk’kers zæn bey’zeg 2) iemand die blijft hangen de Swa és nen æch’ten toe’ech’plæk’ker 3) een trage tango dau’pe’nings’dans was ne plæk’ker
    - plæk’pot : vuil mens noa de schil’der’lés zach hem er’oa’et lak ne plæk’pot
    - plas’te’ron : das aa’ve plas’te’ron hangt schie’ef
    - plat’te : pasgeboren de kat héé draa plat’te joeng gezegde : 1) ge zaa toch gie’e’ne plat’te ne’mie’e = ge zijt toch geen kind meer 2) ge ziet er moa plat’te’kes oa’et = ge ziet er erg bleekjes uit
    - plés’ter : plaaster veyl van die bél’de zæn van plés’ter
    - pléts : plaats we gén ten oep zen pléts zét’te
    - ploa’em : pluim vrie’ger schrey’ve ze mey en ploa’em
    - ploach : 1) plaag 2) zware verkoudheid kzit mey en ploach
    - ploat : 1) plaat 2) geld haa héé gie’en ploat ne’mie’e
    - ploe’e : plooi of plooien helpt da loa’ke es oep ploe’e
    - plon : zekering de plon és ge’sproen’ge
    - plot : schootkat die plot goa gie’en moa’e’ze vang’e
    - plusj : zwierkwast op paardemolen wie de plusj pakt mach ver’niet mey
    - poa’e : paaien de vis’se zæn noch oant poa’e
    - poa’te’nos’ter : rozenkrans vey nen doe’e leys’de ze draa poa’te’nos’ters
    - poa’ter : 1) pater haa zat baa de poa’ters oept school 2) donker paterbier as kint droenk’ek poa’ter baa de noen’mél’taat
    - poal : paal
    - poas’bloem : narcis
    - poat : part gezegde : vey maa poat meych’de gaa naa ver’trék’ke = wat mij betreft mag u nu vertrekken
    - poe’e’ze : weëen de poe’e’ze kau’men al rap ach’ter’ie’en
    - poe’es : 1) pauze mey de poe’es gink het licht trig oan 2) slaapje khém al en poe’es oa’et
    - poe’et’ziek’te : mond- en klauwzeer
    - poe’pe’ke : popje, meisje das e schoe’e poe’pe’ke
    - poe’pers : gezegde : haa zit mey de poe’pers = hij heeft schrik
    - poe’ze’laan : porselein en Sji’ney’se voas in poe’ze’laan
    - poef : 1) schuld khém noch poef 2) voetmeubeltje ni mey aa schoe’nen oep de poef hé
    - poef’fe ; op krediet kopen Lie’za mak’kik poef’fe
    - poei’er : poeder en vraa dey poei’er oep heyr gezicht een opgetutte vrouw = poei’er’doe’es - géft maa es e poei’er’ke vey de kop’paan = geef mij een pilletje tegen de hoofdpijn
    - poek’kel : pukkel haa héé ne poek’kel oep zaa’ne neys
    - poem’pe’loe’re’ke : kikkervisjes doa zit’te veyl poem’pe’loe’re’kes in de béék
    - poem’pe’loe’re’zat : stomdronken haa was poem’pe’loe’re’zat
    - poemp’af : doodop haa és poemp’af
    - poep’hoan : stoomtram die reed van Mechelen naar Aarschot
    - poep’zje’laa : Luikse siroop vey maa ne pan’ne’koek mey poep’zje’laa
    - pol’le : handen gaa meycht aa pol’le’kes oe’ek es voa’el moa’ke
    - pol’le’vie : hiel van damesschoen hey’re pol’le’vie zat vast in de rés’ter vey de dey
    - pon’ne’koek : peperkoek
    - por’trét’ten’trék’ker : fotograaf
    - pot’te’féér : hij die potten en ketels herstelde en van een nieuwe laag tin voorzag
    - pots : muts haa trékt zen pots au’ver zen oe’e’re
    - praa : prei ne praa of vaaf in en bis’sel
    - praas : prijs khém praas
    - praas’kamp : examen mey de praas’kamp’e wir’ter noch’al wat af’ge’key’ke
    - præs’se : 1) persen 2) kaartspel
    - præt’te : grillen, kuren die van ons goa heyr præt’te wey oa’et’wæ’re’ke
    - prey : zakgeld, loon e zon’dach ést wey prey
    - preyk : preek prey’ke van’oep de prék’stoel
    - prie’ve : proeven, smaken haa prieft da ni hé
    - pries : stopcontact kzaa doa en pries moet’te baa’zét’te
    - pril’le : prullen ge moet mey gie’en pril’le af’kau’me
    - pril’le’man : iemand die belang hecht aan prullaria
    - prim : premie oep dæn vant joar kraai’ge die ne prim
    - prit : oogdraksel véégt die’e prit es oa’et aa oe’e’ge
    - prit’se : kleinigheid da zæn gie’en prit’se hé
    - prit’ser : klungelaar doa és doa ne prit’ser bey’zeg se
    - prom’bey’re : proberen ge moet da ni prom’bey’re
    - prop’pe : gezegde : mey iet oep de prop’pe kau’me = met iets naar voren komen
    - pros’se : spelen zés wey mey de kat ont pros’se
    - prot’te : een wind laten pjei’re die kin’ne prot’te

    -R-

    - ra’dæs’kes : radijzen ra’dæs’kes mey plat’te kéés
    - raa : 1) rechte lat om beton of chape te egalizeren we gén die’e be’ton af’trék’ke mey en raa 2) rij goa es in de raa stoan 3) rauw raa vlie’es 4) rouw zés in de raa 5) ruw da voelt raa oan
    - raa’ze : 1) reizen ze raa’ze dey noa Bris’sel 2) rijzen die’jen die’ech moet noch wa raa’ze
    - raai’ger : reiger ge zie veyl blaa raai’gers de lés’ten taat
    - raaich’nél’le : rijgnaald, lange naald waarmee jutte zakken werden gedicht die men niet kon dichtbinden
    - raaik : rijk haa és raaik getraat
    - raap : rijp de kéz’ze zæn noch ni raap
    - raas : 1) rijst keyt géé’re raas’pap 2) reis zés oep raas 3) rijs,twijg ne raas’bés’tel
    - raas’af : schuif af die’e groe’e’te zit oe’ek noch oep de raas’af
    - ræ’chel : richel de zwél’le’me zoa’ten oep de ræ’chel in de koei’stal
    - ræchs : rechts ræchs af’sloa’ge = rechts afslaan
    - ræcht’dey : rechtdoor ræt es ræcht’dey
    - ræcht’oa’et : eerlijk zéch et es ræcht’oa’et
    - ræm’me’ke : rijmpje kén’de gaa da ræm’me’ke noch : loei zwie’et és rap ge’rie’et
    - ræs : pas das noch moa ræs ge’beyrt
    - ræt’tech : rap groot das e ræt’tech ding’ske
    - ram’me’næts : rammenas kan’daa’soa’e’ker oep ram’me’næt’se zét’te
    - ram’me’nant : rommelwaar mey die’e ram’me’nant kin’de noa de roem’mel’mæt
    - ram’me’sey’re : bijeen rapen al die bloks’kes baa’ie’en ram’me’sey’re
    - ram’pla’sant : vervanger den dok’taur héé vey ne ram’pla’sant ge’zércht
    - rap : 1) snel mok’tes rap da ge wég zaa 2) verharding op een wonde oan die rap meyg’de ni pil’le’ke
    - rap’al’le’gaa : snel goa es rap’al’le’gaa noa den dok’taur
    - ras : goed voor de stoelgang proa’e’me zæn ras hé
    - rats : helemaal ik zæn da rats ver’gey’te
    - rau’we : met de handen zoeken in een hoop mey de sol’de zid’de die vraa’ve noch’al rau’we in de bak’ke
    - raus : roze woa és den taat van de rau’ze ba’lét’te
    - raut : rij, reeks zét ze moa in de raut
    - re’fe’zey’re : weigeren ge kint da ni re’fe’zey’re
    - ré’gle’teyr : klok waarop de andere klokken werden geregeld (duivensport)
    - re’kom’man’dey : aangetekende brief hér’re gaa oe’ek ne re’kom’man’dey ge’hat
    - re’véér : kraag van een vest of jas
    - re’ze’ney’re : van gedachten wisselen we woa’re ont re’ze’ney’re au’ver de keys
    - réén : slank das e réén man’ne’ke
    - rein : rijden ik rei haa ræt zaa héé ge’rey’e
    - reir : mannetjes konijn ne reir én en voe’e
    - réls : spoorstaven den traan stoa oep de réls
    - rén : kinderpark zét’hem moa in zen rén, dan zæm’me wa ge’rist
    - rép : ruk we trék’ke in ie’ene rép die’e der’oa’et
    - rép’koe’e’le : raapkolen rép’koe’e’le hém’me ze in den aur’log veyl gey’te
    - rés’se : wrijven ge moet dat es goe in’rés’se mey za’lef
    - rés’ter : rooster légt die’e rés’ter es trig toe
    - résp : 1) rups doa zit’te veyl rés’pe oep de koe’e’le 2) rupsmolen in de résp hém’me der veyl lie’e’re kis’se
    - rét’sel’ke : raadsel die klapt in rét’sel’kes
    - rey’gels : 1) regels de Læm’me sloech mey ne rey’gel oep aa kney’kels 2) maandstonden die van ons héé heyr rey’gels
    - ri’jon : 1) spaak van een wiel draa ri’jons ka’pot 2) afdeling in winkel in wé’le’ke ri’jon léé da
    - rich : rug khém in maa’ne rich
    - rich’ge’broe’et : roggebrood rich’ge’broe’et wir ge’bak’ke mey nen hééf
    - rie’e’ke : roken zie da doa rie’e’ke – die stauf rékt
    - rie’e’pe’ke : metalen onderzetter voor pannen of kookpotten op tafel
    - rie’e’pel : repel, strook snæt doa vey maa es ne rie’e’pel af
    - rie’e’sem : een ganse reeks doa ston nen hie’e’le rie’e’sem oan den dop
    - rie’ep : reep, velg van fietswiel wæl’le spél’de dik’kes mey ne rie’ep
    - rie’ke : ruiken ik riek haa rikt én zaa héé ge’roa’ke
    - rier : 1) roer 2) lokvogel op het steek de rier zat oept steyk oem de vau’gels te lok’ke
    - ringk’oan’ie’en : voortdurend ringk’oan’ie’en kwam doa volk bin’ne
    - ris’se : 1) Russen 2) graszoden de ris’se groei’e tot oep den dél’le’per
    - ris’te : rusten we gén wa ris’te
    - rit’nél’le : ritnaald, larve van de kniptor doa hém’me veyl rit’nél’les oan de pey’kes ge’zey’te
    - ro’zaa’ne : rozijnen vey maa draa ro’zaa’ne koe’ke
    - ro’zæl : grenadine ne geys mey ro’zæl
    - ro’zas : rozet, ronde versiering aan het plafond
    - roa’e : raden da gor’re ni kin’ne roa’e
    - roa’e’ge : ruwe ne mæt’ser héé roa’e’ge han’ne
    - roa’e’le : ruilen vey te roa’e’le gor’re noa de roa’el’bés
    - roa’e’ter : 1) ruiter 2) droogstokken voor het hooi zét dat hoe’e es oep die roa’e’ters
    - roa’e’ve : ruien, haar verliezen ik zæn ont roa’e’ve
    - roa’en : gesneden hengst
    - roa’es : geruis vrieger hær’re noch’al wa roa’es oep de ra’di’jaus
    - roa’et : ruit die roa’et és noa de vén’kes
    - roa’pe : rapen ik roap gaa répt haa héé ge’répt
    - roa’zech : razend hey die’e was roa’zech se
    - roe’e’ze : rozen haa zit oep roe’e’ze
    - roe’e’ze’krans : rozenkrans, gebeden voor de overledene in het sterfhuis, later in de kerk
    - roe’ef = rap : verharding op een wonde stoa’ter al en roe’ef oep
    - roe’et : rood rode = roe’e - roe’et licht én roe’e koe’e’le
    - roe’fe’le : wrijven, met een houten stamper bewerken me gén die nief pe’roa’te es roe’fe’le
    - roe’lét’te : rolschaatsen dau roe’lét’te van vrie’ger zæn oe’et de mau’de
    - roe’mel : rommel ge moet aa’ve roe’mel noch oep’kés’se
    - roe’mel’pot : persoon zonder orde ge zaa nen æch’te roe’mel’pot
    - roe’per : mond in het gezegde : ast dey de roe’per goa, goa’get oe’ek dey de poe’per = als men iets had ingeslikt, zou het er wel doorgaan
    - roe’toat : Vlaamse gaai ne roe’toat noe’me ze oe’ek ne rot’zak
    - roef’fe : weigeren iets te doen hot in doe’ech haa goa roef’fe se
    - roei : roede gezegde : ge moet er de roei on’der haa’ve = ge moet ze in toom houden
    - roet : spoorweg haa wærkt oan de roet
    - rols : rolluiken trékt de rols moa oemhoe’ech
    - ron’dæl : ijzeren ringetjes gét groe’e’te én klaan ron’dæls
    - ront’bræk’ke = ront’hau’ze = ront’ros’se: rondhangen die joeng lig’ge hie ront te bræk’ke
    - ront’rein : rondslingeren ge moet dat hie nie loa’te ront’rein
    - ros : roskleurig, kwade vrouw das en koa’e ros
    - ros’kes’mey’le : paardenmolen
    - rot : rot gezegde ik hém hem oa’et’ge’schey’te veyt rot van de stie’e’wech = iemand zeer erg uitschelden

    wordt vervolgd



    22-09-2010, 00:00 geschreven door renic
    Reacties (0)
    21-09-2010
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Het Schrieks dialect-S

    Het Schrieks dialect
     door René Lambrechts © 

     - S -

    - sa’le’wey’re : wuiven ze ston’nen oan den an’de’re kant vant Schel te sa’le’wey’re
    - sa’loat : sla oep maa’ne kaa’ve pla ni te veyl sa’loat hé
    - saan : sein joa, tés ne saan gey’ver oept vliech’plaan
    - saas : 1) saus nen boef’steyk mey péé’per’saas 2) gezegde : ik hém doa en saas ge’hat joa = ik heb onder mijn voeten gekregen
    - sacht’noens : ’s namiddags swoen’stoas sacht’noens ést gie’e schaul
    - sæm’me’léér : zeveraar, mompelaar
    - sænt : geld in kindertaal vey aa oe’ek ne sænt?
    - sæs’kes : 1) sijsjes (zangvogel) 2) stress ik hémt oep men sæs’kes
    - sam’me’léér : rammelaar voor kleine kindjes
    - san’te’boe’tik : bezit haa vlauch mey hie’el zaa’ne san’te’boe’tik oept stroat
    - sap’pe : beitsen, hout een kleur geven kmoet de dey’re noch sap’pe én ver’nis’se
    - sau’te : soorten vier sau’te a’pe’le hém’mek stoan
    - saut : van te mijden mensen das ie’e’ne van æch’te saut
    - scha’chel : kramslijster ge hét scha’chels, klamp’læs’ters en tit’sers
    - scha’pey’re : ontsnappen mey die lés’te hoa’gel’baas zæm’me oan iet ge’scha’peyrt
    - scha’vak : groot deel van beschadigde huid oep aa knie’je was er en ser’jey’ze scha’vak af
    - schaa : 1) schouw tpor’trét stoa oep de schaa 2) schuw die kat és æcht noch schaa
    - schaa’ver : schouder gaa hét brie’e schaa’vers
    - schaaf : schijf ver’gét aa par’keyr’schaaf ni
    - schaan : schijn da doet hem vey de schoe’e’ne schaan
    - schaat’kleyr : oker daa kérk was vrie’ger van on’der ge’værft in en schaat’kleyr
    - schacht : rekruut, nieuweling (studentenclub of leger) den doe’ep van de schach’te
    - schæt’kut : extreem hoovaardige vrouw
    - schaf’fe’le : moeilijk gaan met kleine stapjes zoals zeer oude mensen woa schaf’felt em naa wey hén’ne
    - scham : gedeelte in een veld waar de planten duidelijk minder opbrengst gaan geven mey die baas léé’ter een groe’e’te scham oem’vaar in de ma’ies
    - schamp’pa’vie : er van door ha és schamp’pa’vie
    - schap : 1) schap zét die te’loe’er moa oept schap 2) boezem das ie’en mey e groe’et schap
    - schau’tel’vod : schoteldoek zie moa da ge de schau’tel’vod ni in aa’ve næk kræcht
    - schau’ve : eten tés taat vey te schau’ve
    - schauf’zak : werkzak met het eten erin ver’gét aa’ve schauf’zak ni
    - schaul’mes’tæs : schooljuffrouw ons Rie lie’ert vey schaul’mes’tæs
    - schaur : schoorbalk, stut ge goa mey ie’en schaur ni toe’kau’me
    - schéé’re’sliep : rondtrekkende messenslijper de schéé’re’sliep rey mey en stoe’et’kaar
    - schéél : 1) scheel 2) deksel lécht da schéél moa oep die’e kas’se’rol
    - schéér : 1) schaar die schéér és zoe’e bot as en krap 2) dakbalk den oe’el zat oep de bau’ves’te schéér
    - schél : 1) schil de schél van nen ap’pel 2) plak, sneetje gém’maa es en schél hésp 3) Schelde de Flan’dri’a boe’e’te lig’ge oept schél
    - schél’les : schaliën ga hét oe’ek schél’les zey’ker, én mey schél’le’bæt?
    - schél’tje : kroonkurk ik kén en ka’fey mey die’zen’de schél’tjes tey’ge de mier
    - schélft : hooizolder boven stal of schuur oep ne schélft és er van ze léé’ve veyl ge’beyrt
    - schéns : schuin die toa’fel stoa schéns
    - schés : schors doe die schés moa van die’en dey’ne’boe’em
    - schés’se : schorsen ze gén ten vier wéé’ke schés’se gezegde en vraa die ge’schést és kræcht der rey’gels ne mie’e = een vrouw in de menopauze
    - schey’ne : scheen, schenen haa kreych doa ne stamp tey’ge zen schey’ne
    - schey’pe’ne : schepen, wethouder haa és schey’pe’ne van on’der’waas
    - schey’re : scheuren lét ze da moa ka’pot schey’re
    - scheyt : scheut gezegde : das moa ne scheyt in en flæs = dat is de moeite niet
    - schich’teg : schuchter oo das e schich’teg væng’ke
    - schie : schuur gezegde : en aa schie brant noch hæt = wordt gezegd van een oude vrouw die nog een man in huis haalt aa schie’paut stoat au’pe = uw broek staat open
    - schie’e : 1) grens, scheiding die’e poal stoat oept schie’e 2) scheiden die twie’e gén schie’e
    - schie’ef : scheef den tau’re van Pie’za stoa schie’ef
    - schie’loe’es : schuchter das e schie’loe’es man’ne’ke
    - schie’re : 1) schuren ge moet de gank noch schie’re 2) verslaan, kloppen lét aa ni schie’re hé
    - schilt : schuld tés zen aai’ge schilt
    - schip : 1) schip 2) spade die’e doe zaa’nen hof noch oem mey de schip
    - schip’pe’ne : schoppen in het kaartspel schip’pe’zot
    - schip’pes : kzæn schip’pes = ik ben er mee weg
    - schit’sel : schut, verplaatsbare wand we zét’te doa e schit’sel tis’se
    - schoa’e : schade mey die lés’te wint’haus was er veyl schoa’e
    - schoa’e’le : schuilen zés moe’te goan schoa’e’le vey de réé’gen
    - schoa’ef : 1) lade tléé in de schoa’ef 2) schuif das en schoa’ef’dey
    - schoa’pe’péls : schapevacht klaan kin’ne’kes wir’re ge’trok’ke oep ne schoa’pe’péls
    - schoa'em : schuim doa stoa ni veyl schoam oep maan pint
    - schoe’en : schoon gét schoe’en’aa’vers én en schoe’e’moe’der
    - schoe’et : schoot ze droa’e’de heyr in maa’ne schoe’et
    - schoe’fel : op de kap van een ander haa héé den hie’e’len oa’vent oep de schoe’fel ge’droeng’ke
    - schoeft : schouders bij koeien en paarden, ook bij mensen ze zit’ten oep maa’ne schoeft = ik heb pijn in de bovenrug, schouders
    - schoen’blink : schoensmeer mey de doe’es van de schoen’blink kon’ne de mæs’kes hing’ke’le
    - schof : 1) sluitstuk van een kar ghét e schof van vey en ie’en van ach’ter 2) tijd om te eten tussen het werk man’ne tés schof, taat vey de schauf’zak
    - schof’fer’daa’ne : ijsschaatsen wæl’le gin’ge schof’fer’daa’ne rein oep de bém’me’kes
    - schok : gezegde : oep schok goan = uitgaan, op reis gaan
    - schom’te : schaamte haa krépt van schom’te in de gront
    - schot : 1) schot 2) vaars die slechts éénmaal heeft gekalfd het bés’te vlie’es és van e schot
    - schraa’ve : schrijven ik schraaf gaa schræft haa héé ge’schrey’ve
    - schraan’wær’ker : schrijnwerker de schraan’wær’ker és de roa’me ont zét’te
    - schrab’be : doorstrepen, anuleren schrabt da vey maa moa
    - schrank : hooi op een rij samen rijven voor het pakken het hoe’e léé al oep schrank’ke
    - schrap : tijdelijk onvoldoende geld ik zit er vey de mo’ment moa schrap vey
    - schrey : schrede die’e fa’zant zat oep draa schrey’e van maa
    - schrie’e’ve : schreien schrie’e’ve dat die dey oept kerk’hof
    - schrik’ken’tist = schrik’schaa’ter: bangerik dérf’de gaa da ni, gaa se schrik’schaa’ter
    - schroaf : schraag we hém’me vrie’ger noch’al mey schroa’ve ge’sleyrt
    - se’biet : dadelijk se’biet goa’get réé’ge’ne
    - se’sis : soort worst Ar’deyn’se se’sis das goe jong
    - se’taan : satijn se’taa’ne loa’kes das kaat zél’le
    - se’ti’ei : bustehouder de se’ti’ei van ons moe’moe da was ne groe’e’te
    - se’voe’e : savooikool gezegde : die’e ze waaf das en loei se’voe’e = hij heeft een luie vrouw
    - se’waa’le : soms se’waa’le zaak paa’ze da zaa ni wilt
    - sèèr : serre da zæn sèèr te’mat’te
    - sér’re’wau’rech : tegenwoordig sér’re’wau’rech ést ge’voar’lek oept stroat
    - sér’zjant : 1) sergeant (leger) 2) spanvijzel zét doa moe ne sér’zjant of draa oep
    - sés’ze : deken oep maa bét lig’ge wél draa sés’zes
    - siet’kaar : zijspan nen toef’fer mey en siet’kaar
    - sik : 1) een prop pruimtabak haa stak zen sik al’taa on’der zen klak 2) karamel mey de stoet goei’e ze noch’al wa sik’ken oa’et
    - sin’te’me’dink : ingebeelde ziekte ik paas dat on’ze klaa’ne het sin’te’me’dink hey oem ni noat schaul te moe’te
    - sja’kos : handtas die van ons héé heyr sja’kos al’taa baa
    - sjaa’fe’le : kletsen, praten die waa’ve kon’ne sjaa’fe’le
    - sjaa’te’kaa : hernia van een lendewervel haa zit thoa’es meyt sjaa’te’kaa
    - sjam’pét’ter : veldwachter
    - sjans’saar : gelukzak vey de lot’tau te win’ne moe’te ne sjans’saar zaan
    - sjap’pe’mænt : uitlaat ze sjap’pe’mænt hangt los
    - sjar’lot : sjalot boe’e’ne mey sjar’lot’te’saas
    - sjau’se’taat : fanfare de sjau’se’taat van hoen’ger én dést
    - sje’loes : jaloers doa moe’te nie sje’loes vey zaan
    - sje’pap : ventiel haa ést top’pe’ke van zaan sje’pap kwaat
    - sjip’pe’ke : kuikentje en kloek mey sjip’pe’kes
    - sjoe’ke : soes, gebak draa sjoe’kes én ne kaf’fe’koek
    - sjon’der : schoner die van Bris’sel és sjon’der lak gaa
    - sjot’ter’kes : tafelvoetbalspel khém veyl oep de sjot’ter’kes ge’spélt
    - slaa’pe’raa : slijperij vrie’ger woa’re der hie noch ver’schaa di’a’mant’slaa’pe’raas
    - slaa’te : door de tijd gaan berusten da goa wél slaa’te mey de joa’re
    - slaaik : slijk ze hém’me die’e doa deyt slaaik ge’sleyrt
    - slaaik’lap : spatbord de slaaik’lap van maa vér’res’te wiel és schie’ef
    - slaaik’mos’sel : zoetwatermossel
    - slæf’fers : muiltjes haa kwam doa oep zen slæf’fers oan
    - slæk : slak de slæk’ke ey’te maa’ne se’loat af
    - slæp’stie’en : slijpsteen das ne slæp’stie’en mey woa’ter
    - slæt’se : muiltjes das tzélf’ste lak slæf’fers
    - slats : dweil ge moet die slats jost oa’et’vring’e
    - slém’me’kes : sluimerwten, peulerwten on’ze voa rey mey slém’me’kes noa de mæt
    - slér’re’pe : slurpen ge meygt zoe’e ni slér’re’pe oan toa’fel
    - slét : sleede mey de slét noa de plæ
    - slét’jes’dag :
    - sley : grote luxe wagen die’e rey mey en færm sley
    - sley’ter : sleutel haa és zen’ne sley’ter kwaat
    - sleyr : voorschoot gemaakt van een jute zak Læd’de’res Ca’tau haa hey’re sleyr al’taa oan
    - slik’ker : adamsappel zie zen’ne slik’ker es goan
    - slin’ger : katapult khém mey maa’ne slin’ger oe’et en mis ge’schau’te
    - slis’pa’pier : fijn schuurpapier
    - slis’se : fijn schuren kmoet die kas noch slis’se vey dak ze kan ver’nis’se
    - sloa’e’pe : sluipen zie die kat doa sloa’e’pe
    - sloa’e’te : sluiten de stam’me’ney hém’me ze moe’te sloa’e’te
    - sloa’em : peul de sloa’eme van de aa’te zæn vey de koei
    - sloa’es : sluis de sloa’es és toe
    - sloa’per : 1) slaper 2) rattenval waarin deze dieren zich konden schuil houden tot men de ingang dicht draaide
    - sloap’læf’ke : nachthemd in de winter doe’nek e sloap’læf’ke oan
    - slod’de’re : regelmatig iets laten vallen hey, ge zaat aa boe’e’ne ont slod’de’re
    - sloe’er : onverzorgde vrouw die aa sloe’er wént doa noch
    - sloef : pantoffel hoe’er’dhem oep zen sloef’fe af’kau’me
    - sloei’er : sluier doa es ne sloei’er ront de moan
    - sloek : slok pakt doa es ne sloek van
    - slop : gezegde : int slop zit’te = er zit geen vooruitgang meer in
    - smaa’te : gooien ze kin’nen aa oe’ek boa’e’te smaa’te
    - smaat : smout mey de kér’re’mes ey’te we smaat bol’le
    - smær’re’ges : ’s morgends smær’re’ges és hem noe’et ni oat’ge’sloa’pe
    - smau’re : roken vrie’ger ging’e ze in de ge’bie’re es smau’re (twas aai’ge’lek vey de mæs’kes da ze kwoa’me)
    - smén’doas : ’s maandags smén’doas ést mæt in Hæst
    - smey’e : smeden ne smét moet het aa’zer smey’e ast hie’et és
    - smeyt : gezegde : khém gie’e’ne smeyt hoeng’er = ik heb totaal geen honger
    - smie’re : witte sierduif oe’et e kop’pel smie’re ge’hat
    - smos’se : morsen nie te veyl mey die værf smos’se
    - snein : snijden ik snei gaa snæt haa héé ge sney’e
    - snér’re’ke : snurken man’ne die ge’droeng’ke hém’me kin’ne hæt snér’re’ke
    - sney’ke’le = snol’le : snuffelen, doorzoeken in aa pa’pie’re zit’te sney’ke’le
    - snie’e : sneeuw de joeng spey’le géé’re in de snie’e
    - snip’snie’e : motsneeuw, fijne sneeuw
    - snit’te : de neus snuiten snit’te doe de ni in de slip van aa hém
    - snoa’e’ve : snuiven snoa’eft naa moa se = het onder zijn neus wrijven
    - snot : 1) neusslijm 2) kippenziekte 3) hars oan die’en deyn hangt veyl snot
    - soa’e : breiwol ghét sér’re’wau’rech veyl sau’te soa’e
    - soa’e’ker : suiker haa lééft naa oep soa’e’ker woa’ter
    - soa’e’ze : suizen maan oe’e’re soa’e’ze
    - sol : loden werpschijf bij het teppeschieten ik giet maa’ne sol in ne pol’léé’per
    - sol’le’ke : oud muntstuk van 5 centiemen na ge’broa’e’ke ze die sol’le’kes vey ron’dæl
    - sop : 1) zeepwater 2) top die æk’ser hot int sop van den boe’em
    - spaa’ve : overgeven moe’te gaa naa wey spaa’ve
    - spaas : confituur vey aa oe’ek proa’e’me’spaas gezegde : zoe’e rot as spaas = volledig verrot
    - spaat : spijt doa moe’te gie’e spaat van hém’me
    - spæl : speld das en spæl mey e plas’ti’ke kop’pe’ke
    - spæt’te’le : spartelen die’e klaa’ne léét doa in zen wieg te spæt’te’le
    - spau’se : portie vey maa e spau’se frit
    - spéén : aambeien haa héé veyl last vant spéén
    - spérk : sporkehout, hout van de vuilboom
    - spét : sport van een ladder pas oep hé want de dæd’de spét és ge’krokt
    - spey’te : met spelden hechten of markeren die van ons moest hél’le moe der’re rok af’spey’te
    - speyl’kaar : kleine kar waarmee men ’s zondags uitreed
    - speyl’vau’gel : speels kind ik was vrie’ger nen æch’te speyl’vau’gel
    - speyt’spæl : wasspeld vrie’ger woa’ret speyt’spæl’le, naa zænt naa’pers
    - spie : deel van een gesneden taart vey maa en spie van die proa’e’me’vloa’e
    - spie’e’ke : spuwen ik spie’ek gaa spjékt haa héé ge’spjokt
    - spie’le : spoelen ge moet de mél’lek’bis noch oa’et’spie’le
    - spik’ke’loas : speculaas dau man’ne sop’pen hél’le spik’ke’loas in de kaf’fe
    - spin’hoer : spin veyl mæn’se hém’me schrik van en spin’hoer
    - spin’ne’kop : spinneweb oep de zol’der hang’et vol spin’ne’kop’pe
    - spin’se’tærf : mais kgeyf naa ge’kap’te spin’se’tærf oan de kie’kes
    - spjok’sel : speeksel het spjok’sel lépt oa’et ze bak’kes
    - splin’ster : splinter doa zit ne splin’ster in maa’nen doa’em
    - spoa’e : spitten die’e kan zaa’nen hof noch al’lie’en oem spoa’e
    - spoa’et : spuit hér’re gaa schrik van en spoa’et
    - spoei’e : spoeden, haasten kgén me moe’te spoei’e
    - spon : sponde van het bed haa zat oept bet’spon
    - sport’kaar : sportauto die’e ræt mey en vrie’e sport’kaar
    - spraa : sprei das en schoe’en bét’spraa
    - sprein : uitspreiden vrie’ger dik’kes moe’te mést sprein
    - sprey’ke : spreken ik spreyk gaa sprékt haa héé ge’sprau’ke
    - sproa’e’te : spruitjes meych’de gaa gie’en sproa’e’te
    - stæk : reep vey maa ne stæk sjo’ko’lat
    - stæks’kes : lucifers zie da die klaan joeng nie oan de stæks’kes kin’ne
    - stæs’sel : stijfsel doe wa stæs’sel oan de man’sjét’te en de kol
    - stam’me’ney : herberg oep stam’me’ney goan
    - stamp : stamp gezegde : haa és gie’e’ne stamp on’der ze gat weit = met hem is niets aan te vangen
    - stauf’vlie’es : karbonade ne frit mey stauf’vlie’es
    - stéks : steil das ne sték’sen trap
    - stét : stort tstinkt oept stét
    - stey’ker : roofvogel volgens vogelvangers
    - steyk : 1) steek baat brein meych’de gie’e’ne steyk loa’te val’le 2) plaats waar de vogelvanger zijn netten heeft opgeslagen
    - stéz’ze : plaats, verdiep ik gén en stéz’ze véts en ga goa en stéz’ze oem’hoe’ech
    - stie’en : steen haa kloacht stie’en en bie’en = hij is erg te beklagen
    - stie’pel’zat : stomdronken de Waa’re was stie’pel’zat
    - stie’re : sturen gén ze da naa oep stie’re of ni
    - stie’ve : stuiven da zand stieft
    - stil’le’kes’oan : stilaan twét stil’le’kes’oan win’ter
    - stjæts’bie’en : staartbeen haa és oep ze stjæts’bie’en ge’val’le
    - stjeit : staart haa és oep zen’ne stjeit ge’trapt = hij voelt zich geraakt
    - stoa’e’ve : stuiven het goat er stoa’e’ve
    - stoa’se : 1) statie en stoa’se van de kroa’es’wæch 2) station den traan stopt in de stoa’se van Lier
    - stoan : staan ik stén gaa stoa stor’re gaa haa héé ge’stoan
    - stoe’e’re : storen ik stoe’er toch nie
    - stoe’e’te : 1) duwen we stoe’e’te die’e mier oem’vaar 2) ’t zijn toeren da zæn stoe’e’te hé, noch zoe’e joenk én al moe’te goan
    - stoe’ep : stoop, kruik ne mél’lek’stoe’ep
    - stoe’et’kaar : handkar en stoe’et’kaar of en mæt’kaar mey twie’e wie’le
    - stoef’fer : 1) opschepper 2) wit doekje in de bovenzak van een vest
    - stoem : dom das stoem van maa, khaa’get moe’te wey’te
    - stoem’pe : duwen pro’beyrt maa’nen ot’tau es in gank te stoem’pe
    - stoemp : aardappelpuree met een groente als wortelen, spinazie, boerekool, …
    - stoemp’ke : sigarettepeuk de stoemp’kes in de voa’el’bak
    - straai’ke : strijken doa stoa noch ne groe’e’te straaik
    - strein : diskusiëren die twie’e woa’re doa tey’gen’ie’en ont strein
    - strép’per : 1) stroper 2) magere vaars die weinig melk geeft
    - strés’sel : hooi van slechte kwaliteit, nog goed om mee te strooien
    - strie’e : strooien, stro spreiden onder de dieren ge moet het pjeit noch strie’e
    - strie’e’ke’le : strelen die kat zor’re al’taa moa moe’te strie’e’ke’le
    - strie’e’pe : stropen strie’e’pe in de bos’se van de groaf
    - stringk : tronk die’en oe’el heyf in die’en aai’ke’stringk
    - stroa’e’ze : stoere kerel hey stroa’e’ze, kom es hél’le’pe
    - stroa’ek : struik haa zit doa in de stroa’e’ke
    - stroe’e : stro khém noch oep ne stroe’e’zak ge’sloa’pe
    - swænst : sedert swænst dat haa mey ne nie’ven o’tau ræd ként hem nie’mant ne’mie’e
    - sik’ke : 1) pruimtabak kauwen 2) roepnaam voor Franciscus sik’ke, kom es hie
    - sin’tan’ne’kat : een kat met drie kleuren
    - sus : 1) roepnaam voor Franciscus 2 ) gezegde : van aa’ve sus val’le : flauwvallen

    -T-

    - ta’paat : tapijt haa héé oept ta’paat ge’smost
    - taa’ning : bericht hér’re gaa oe’ek taa’ning ge’hat van de ge’mæn’te
    - taai’ger : tijger en ge’rangk’te kat és oe’ek nen taai’ger
    - taam : tijm in de mos’se’le moet oe’ek en tæk’ske taam
    - taat : tijd khém taat zat = ik heb tijd te over
    - tæk’ke : 1) takken doa moe’te en poar tæk’ke af’ge’zoagt wér’re 2) aantikken in het spel haa kon maa ni tæk’ke
    - tæl’tje : teiltje, aarden kom gezegde: die’en héé pre’sies en tæl’tje ge’brau’ke = er bedeesd bijzitten
    - tæm’per : postzegel goa es tæm’pers hoa’le noa de post
    - tæn’ter’jot : jodiumtinctuur om wonden te verzorgen tæn’ter’jot da pikt joa
    - tæp’pe : houten paaltje bij het teppeschieten (volkssport)
    - tærf : tarwe ik eyt veyl vol tær’ve broe’et
    - tæs : zak van een vest hot aa tæs’se toe want ze hém’me aa baa aa kloe’e’te
    - tæs’sen’doek : zakdoek hér’re ne prau’pe’ren tæs’sen’doek baa
    - tæs’toas : dinsdags tæs’toas gém’me win’ke’le
    - tæt’te’re : tateren khém ge’noech van aa ge’tæt’ter
    - tæt’ter : mond hot aa’ven tæt’ter moa toe
    - taf’fe’le : knoeien ie’e’ne die’e taf’felt és nen taf’fe’léér
    - tan’tist : tandarts baa nen tan’tist moe’te aa tan’ne loa’te noa’zien
    - tang : 1) tang (werktuig, venijnige vrouw) 2) tank k’hém men tang vol gedoan
    - tang’tey’re : plagen we gén ten e bék’ke tang’tey’re
    - tas : deel van de schuur waar de graanschoven werden getast of gestapeld
    - tau’re : toren ge moet ni te hoe’ech van den tau’re bloa’ze
    - taut : 1) tuit haa drinkt oan den taut van de flæs 2) smoel ge moet zoe’e’nen taut ni trék’ke
    - te’fræn’te : verschillende haa héé veyl te’fræn’te bey’le’kes
    - te’két : tekort haa héé vaaf eu’roo te’két
    - te’lau’re’goan : teloorgaan ze hém’me da loa’te te’lau’re goan
    - te’loe’er : bord vey maa noch en te’loe’er soep
    - te’mat : tomaat te’mat’te soep mey bal’le’kes
    - te’rau : bloemenaarde vey schoe’en bloe’me moe’te væs’sen te’rau pak’ke
    - te’raut : achtereenvolgens zés doa’ge te’raut héé die’e hie ge’weyst
    - tél’le’fon : telefoon hér’re aa’ven nie’ven tél’le’fon al
    - tél’le’vies : televisie ze spey’le ni veyl ne mie’e oep den tél’le’vies
    - témst : zeef git die aa’te moa dey den témst
    - ten’nés’te : volgende ten’nés’te mént gén’nek oep pén’sjoen
    - ter’maan : termijn den ter’maan és dey
    - tér’re’le’vis : schroevendraaier ne plat’te of ne kroa’es tér’re’le’vis
    - tér’ref : turf vrie’ger wén’de hie tér’ref stey’kers
    - tét’te : 1) kleine borsten ons Lis’ke be’gint al tét’te’kes te kraai’ge 2) onnozelaar doa és die’en tét’te wey se
    - tét’ter : zuigspeen die’e klaa’ne wilt noch al’taa en tét’ter’flæs
    - tey’ge : tegen zaa zaa tey’ge maa
    - tey’ge’snæ’be’re : reclameren ge moet ni tey’ge’snæ’be’re hé
    - tey’ge’stroem : tegendraads ge moet zoe’e tey’ge’stroem ni zaan, gaa zen dwæ’se
    - tey’gen’haa’ve : verhinderen ze gén me moe’te tey’gen’haa’ve
    - tey’gen’ie’en : tegen elkaar ze moe’te noch tey’gen’ie’en spey’le
    - tie’e’ke’ne : tekenen, handtekenen ge moet die’e sjék noch tie’e’ke’ne
    - tie’en : teen die’en és rap oep zen tie’e’ne ge’trapt
    - tiep : 1) tube pla’koat’værf in tiep’pe’kes 2) fietsband haa haa ne pla’ten tiep
    - tier : schietstand baa den troep moes’te we rey’gel’moa’teg noa den tier
    - tik’ken’aai’ke : ei in kindertaal
    - tip’zak : puntzak frit in nen tip’zak
    - tis’se : tussen doa kin’de ni tis’se kau’me
    - tit’se : speciale manier van knikkeren ge kint tit’se of foem’pe
    - tit’ser : soort lijster nen tit’ser kan hie’el schoe’en floa’e’te
    - tit’tel’doa’ef : tortelduif de tit’tel’doa’e’ve ey’te mey int kie’ke’kot
    - tit’ten’tol’le’ke : klein blauw mutsje haa haa al’taa zen tit’ten’tol’le’ke oep
    - tits’ke : heel weinig ge meycht doa moa en tits’ke van oep doen
    - toa’e : taaie, harde das nen toa’e kéé’rel
    - toa’e’me’le : tuimelen da pjeit be’gint al’taa de’rækt te toa’e’me’le
    - toa’en : tuin haa goa noa de toa’en’baa’schaul
    - toa’fel : tafel kén’de gaa aa toa’fels noch
    - toal : taal gezegde : doa komt gie’en toal oa’et = dat is een hele stille
    - toe’bak : tabak toe’bak vey te sik’ke és an’de’re lak vey te rol’le
    - toe’e’ve’re : toveren paast ni da kik kan toe’e’ve’re
    - toe’re : tzæn toe’re zaa de Floe’re én haa trok ze waaf deyt sley’ter’gat
    - toe’spæl : veiligheidsspeld vrieger wir de pis’vot vast’ge’mokt mey en toe’spæl
    - toef’fer : moto haa rey mey zaa’nen toef’fer noa ze wærk
    - toek : gezegde : gaa se val’se toek = gij valse vrouw
    - toem’moat : gras dat in het najaar geoogst wordt kgén noch wa toem’moat moa’e
    - toer’ney : trakteren voor de andere aanwezigen de bér’ger gaf nen toer’ney baa Polle Pæs
    - toet : taart en toet of en vloa’e
    - top’æn : einde van een teelbed (= ge’wænt)
    - tots : dennenappel dey’ne tot’se vey de stauf in brant te doen
    - traa’ve : trouwen woa’roem zor’re noch traa’ve
    - traan : trein mey den traan noat Schél
    - trak’teyr : traktor de boe’re doen hél’le wærk naa mey nen trak’teyr
    - tram’roet : tramlijn, tramweg van Schriek noa Groe’te’loe’e last de tram’roet
    - tre’wie’el ; truweel aa tre’wie’el goe af’was’se
    - trééch : traag hoe trééch rein die naa séch
    - tréék : 1) inkomen zaa die’e noch nen an’de’ren tréék hém’me 2) lang teeltbed oep de hoe’ege plæk wast lan’gen tréék
    - tréf’ter : trechter pakt den tréf’ter vey dat in de flæs te gie’te
    - trék : tocht hie zit’te in den trék
    - trék’stoal : magneet in nen di’ne’mau zit trék’stoal
    - trék’zak : accordeon haa spélt noch al’taa oep ze’nen trék’zak
    - trél’le : tralie vrieger ston’ne der trél’les vey de væn’sters
    - trés’te : troosten ge kint die doa nie mey trés’te
    - trey’zel : zeef die het kaf van het koren scheidt
    - tri’nét : trien, meid tés en mol’le’ge tri’nét
    - trich : terug haa és trich
    - troe’fel : schop mey en troe’fel én en schip den hof oem’doen
    - troem’pey’re : vergissen troem’peyrt er aa ni oan hé
    - tros’sel : tros vey maa nen tros’sel ba’naa’ne
    - trot : haa és veyl oep trot = haa és veyl oep gank = iemand die veel uithuizig is
    - trot’te’nét : autoped joeng rein mey en trot’te’nét
    - trut’te’bæl : een dom blondje das en æch’te trut’te’bæl
    - truut : onwaarheden das dik’ken truut
    - tsaa’te’kaa : spit, rugpijn haa zit meyt tsaa’te’kaa
    - tsoe’pe’ke : topje doa stoa doa en tsoe’pe’ke oep
    - tut’te’frut : kauwgom en sik of nen tut’te’frut
    - twaa’fe’léér : 1) hij die twijfelt 2) een bed tussen een één- en een tweepersoonsbed ik sliep in den twaa’fe’léér oep de kél’le’koa’mer
    - twé’de : tweede haa és moa den twé’de
    - twélf : twaalf twélf kie’e’re twélf és e gros
    - twie’e : twee twie’e das e kop’pel

    wordt vervolgd



    21-09-2010, 00:00 geschreven door renic
    Reacties (0)

    ARCHIEF
    Genealogie

    Doopregisters
    Geboorteakten BS

    Huwelijksregisters
    Huwelijksakten BS

    Overlijdensregisters
    Overlijdensakten BS

    Gezinnen

    Wereldoorlog I

    Akten BS en PR
    Heist-op-den-Berg

    Booischot

    Akten BS en PR
    Putte & Beerzel

    Akten BS en PR
    Baal
    Tremelo
    Werchter
    Keerbergen

    Akten Bierbeek
    Korbeek-lo
    Lovenjoel
    Ophelp

    Archief per maand
  • 02-2021
  • 01-2021
  • 12-2020
  • 10-2020
  • 07-2020
  • 02-2020
  • 01-2020
  • 04-2019
  • 12-2018
  • 02-2017
  • 01-2016
  • 02-2015
  • 01-2015
  • 12-2014
  • 11-2014
  • 10-2014
  • 09-2014
  • 08-2014
  • 06-2014
  • 05-2014
  • 02-2014
  • 01-2014
  • 12-2013
  • 10-2013
  • 06-2013
  • 05-2013
  • 03-2013
  • 03-2012
  • 02-2012
  • 10-2011
  • 09-2011
  • 08-2011
  • 07-2011
  • 06-2011
  • 03-2011
  • 12-2010
  • 11-2010
  • 10-2010
  • 09-2010
  • 06-2010
  • 03-2010
  • 02-2010
  • 02-2009
  • 01-2009
  • 11-2008
  • 07-2008
  • 05-2008
  • 02-2008
  • 01-2008
  • 11-2007
  • 10-2007
  • 09-2007
  • 08-2007
  • 07-2007
  • 06-2007
  • 05-2007
  • 04-2007
  • 03-2007
  • 02-2007
  • 01-2007
  • 12-2006
  • 11-2006
  • 10-2006
  • 09-2006
  • 08-2006
  • 07-2006
    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.

    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek

    Blog als favoriet !
    Mijn favorieten
  • bloggen.be
    Zoeken met Yahoo


    Foto
    Steyne Hoeve 1651

    De Heren van SCHRIEK

    Foto

    De graven van Loon

    Foto

    De graven van Aarschot

    Foto

    Familie Berthout

    Foto

    Graven van Gelre

    Foto

    Huis Van Kleve

    Foto

    Huis Van Arkel

    Foto

    Graven van WEZEMAAL

    Foto

    KAREL DE STOUTE
    MARIA van BOURGONDIË

    Foto

    VAN DER LAEN

    Foto

    VAN DER NATH

    Foto

    DE BROUCHOVEN

    Foto

    VAN DER STEGEN


    Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op https://www.bloggen.be - Bloggen.be, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!