Enkele jaren geleden kreeg ik van een oude meneer die wist dat ik een zwak had voor koken en kookboeken, een heel mooi cadeau. Het is "Het Spaarzame keukenboek" door Caudelier oud-tafelhouder te Gent. Het is een prachtig boek dat uitgegeven is in Gent in 1907. De auteur heeft elk boek gehandtekend en schrijft: "Wie mij zal lezen, zal koksbaas wezen".
De eerste woorden van het boek zijn de volgende: "Het spaarzame keukenboek is bestemd om een goede keuken in het bereik te stellen van de nederigste fortuinen"; Schitterend!
Ik ben een verwoed lezer van thrillers en misdaadverhalen (ook van andere soorten boeken trouwens). Op een nacht toen ik weer eens lag te lezen dook er midden in een verhaal plots een recept op van pasta carbonara. De hoofdpersoon kreeg haar nieuw liefje op bezoek en maakte voor hem deze pasta klaar, waarop het niet mer stuk kon tussen die twee. Ik denk dat het een verhaal van Patricia Cornwell met Key Scarpetta was. Toen ik de beschrijving las, dacht ik dat moet toch wel lekker zijn. Hier is de reconstructie: gebruik liefst verse pasta (penne, tagliatelle of andere iets bredere pasta). Bak in een heel grote pan pancetta of spek goudbruin. Doe hierbij een sjalotje of kleine stukjes courgette en kruiden (tijm is hierbij heel lekker). Laat nog even bakken. Intussen heb je al een kom water aan de kook gebracht, doe hier de pasta in en kook die gaar. Kluts intussen in een apart kommetje vier eierdooiers. Als de pasta klaar is giet je ze af en stort ze vervolgens in de pan met het spek. Heel goed omroeren op een hoog vuur, tot de pasta en het vlees heel goed gemengd zijn. Een flinke hoeveelheid vers geraspte parmezaan erbij en nog eens goed omscheppen. Dan komt de finale. Giet de eierdooiers over het geheel en schep vlug om. Dit moet met veel allure en heel snel gebeuren anders krijg je zo dikke klonters ei, het is de bedoeling dat het ei smeu blijft. Voila dat is alles. Het is een heerlijke maaltijd. Gewetensvol stel ik voor om er nog sla bij te eten, maar stiekem weet ik dat deze toch zal blijven staan.
Het kookboek der kookboeken in Vlaanderen is Ons Kookboek. Als kind heb ik het altijd gekend, het enige kookboek dat mijn moeder ooit had aangeschaft en waarin je alles kon terugvinden. Het was vooral heel vuil op de bladzijden met recepten voor wafels, pannenkoeken en cake. Voor de rest werd er zelden iets anders dan de gewone kost bereid. Toch had het boek wel een zekere aantrekkingskracht want ik kocht het mij toen ik apart ging wonen ook zelf aan. Inmiddels is er reeds jaren een nieuwe, uitgebreidere en modernere versie verschenen van deze kookbijbel. Maar ondertussen had ik een verzameling van misschien wel 500 kookboeken en keek ik met enig misprijzen op dergelijke basisliteratuur neer. Tot vorige week. Toen Dirk op de rommelmarkt in Ledeberg het nieuwe ONS KOOKBOEK vond voor slechts 1 euro. Waarom niet? Misschien voor de kinderen? Inmiddels heb ik al verschillende dingen uitgeprobeerd. Echt waar als je het ook eens ziet liggen op een rommelmarkt, moet je het zeker meebrengen.
Een interessante toepassing voor een restje kipfilet. Als je klaargemaakte kipfilet van de vorige dag hebt, dan kan je onmiddellijk beginnen. Indien niet moet je eerst de kipfilet grillen of bakken en laten afkoelen. Snijd de kipfilet in kleine blokjes en meng ze met een doos perziken op siroop (kan waarschijnlijk ook met ananas maar dat heb ik zelf nog niet geprobeerd). Roer gied door elkaar en voeg nog wat extra zout en peper toe indien gewenst. Doe er vervolgens een flinke portie gedroogde walnoten bij die je eerst hebt grof gehakt. Nog eens mengen. Alles in de glaasjes doen. Om wat meer kleur en diepte te krijgen in elk glaasje vlak voor het opdienen, nog wat versgehakte peterselie strooien, dat geeft een schitterend effect. Een mooi voorgerechtje.
Ook verrast door de plotse inval van de herfst? Laat het niet aan je hart komen, het is weer tijd voor heerlijke ovenschotels. Gisteren maakte ik: kip met prei en aardappelen in de oven. Dat gaat zo: Neem een normale hoeveelheid prei en snijd het wit in stukjes. Doe wat olijfolie in je ovenschotel terwijl de oven op 200 graden voorverwarmt, en leg hierin de prei in één lag. Voeg knoflook toe naar smaak. Laat de prei half gaar worden en leg daar dan de in stukken gesneden kip op (kipfilet of restjes van de dag ervoor, maar wel alles zonder been). Maak vervolgens de saus: verse kaas (mascarpone, mozarella, zachte geitenkaas, ...) wat je maar graag lust of een combinatie. Doe de kaas in een blender of pot voor te mixen. Voeg ruim kruiden toe: kervel, peterselie, bieslook,... Voeg witte wijn toe en evt. wat kippenboullon, zout en peper. Als het goed is krijg je na het mixen een dikke half vloeibare massa die heerlijk ruikt. Giet deze massa over de kip. Nu komt de kroon op het werk. Schil een voldoende portie aardappelen en snijd vervolgens de aardappelen in dunne schijfjes (zoals je pommes dauphin zou maken). Leg deze aardappelen bovenop de rest. Nog eens met de peper- en zoutmolen overgaan... en nu geduld hebben. Zoals met alle ovenschotels heeft dit gerecht zijn tijd nodig. De smaken mengen zich dan heerlijk en de textuur wordt onvergelijkbaar. Dit duurt dus wel zeker een uurtje of zo. Je mag intussen beginnen aperitieven want je hoeft niets meer te doen, alles zit in één schaal. Je kan natuurlijk wel jezelf overtreffen en er een frisse sla bij serveren, maar daar zar waarschijnlijk niet veel van gegeten worden.
In deze periode zijn de tomaten het lekkerst en ook het goedkoopst. Ik maak er gebruik van om een wintervoorraadje tomatenpuree aan te leggen. Een heel gedoe? Eigenlijk valt het nog best mee. Neem minstens 5 kg tomaten (mogen verschillende varieteiten door elkaar zijn) en doe ze in een grote kookketel. Laat flink aan de kook komen om de tomaten zacht te maken. Dan draai je ze door een zeef. Ik heb zo een echte Italiaanse tomatenzeef op de kop kunnen tikken, waarmee (in mijn fanatasie althans) dames met een zwarte schort tientallen liters tomatensap fabriceren. Het gaat supersnel en je hebt enkel nog de droge velletjes en pitjes over. Intussen laat ik fijngesneden courgette en ajuin smoren in olijfolie. Als ze glazig worden het sap van de tomaten erbij gieten en nog een halfuur met open deksel laten inkoken. Daardoor wordt de brij nog wat dikker. Vervolgens alles in schone bokalen doen en onmiddellijk hermetisch afsluiten. De bokalen steriliseren gedurende meer dan een uur (als je geen wektoestel hebt kan dit ook in de oven).
Uit de tuin: - ajuin - courgette - tomaten
Van de rommelmarkt: - een prachtige rode "passapomedori"
Dit jaar had ik zelf tomatenplantjes gezaaid. Ik verwachtte daar veel van omdat ik verschillende soorten had uitgeprobeerd. Het resultaat was teleurstellend: de grote tomaten (coeur de boeuf, marmandes enz) bleven ondermaats en de kleintjes (zo groot als een kers) overwoekerden de volledige tuin. Kleine tomaten zijn vaak wel lekker van smaak, maar wat doe je daar dan mee? Je kan ze heel goed drogen. Dit gaat zo: snijd elk tomaatje overlangs in twee. Leg ze naast elkaar op een ovenschaal. Verwarm de oven voor op 70 graden. Strooi wat grof zout over de tomaten en wat oregano (mag vers zijn, die droogt mee samen met de tomaten). Zet de schaal gedurende minstens 14 uur in de oven, mag ook langer. Afhankelijk van het type oven zullen ze op een andere manier gaan drogen. Het resultaat mag dan wel gezien worden, dus het geduld wordt weer eens beloond. Dan kan je de gedroogde tomaten in een bokaal doen. Als je ze vervolgens overgiet met goede kwaliteit olijfolie, hoef je nooit meer te piekeren wat je als aperitiefhapjes zult geven. Deze tomaten zijn heerlijk op ciabatta, of met gezouten vlees, of wat je hartje maar belieft.
Als we onze vrienden Karen en Philippe uitnodigen, dan is het inmiddels een traditie geworden dat Karen een zelfgebakken taart meebrengt. Hieronder het recept voor haar overheerlijke bosbessenkwarktaart. Deze taart kan natuurlijk ook met ander fruit worden gemaakt.
Ingrediënten:
Voor het koekjesdeeg:
100 gr. volkorenkoekjes
100 gr. havervlokken + 2 eetl rietsuiker
100 gr. boter
(je kan ook 200 gr. koekjes nemen + boter maar het eerste vind ik het lekkerste)
Voor de vulling:
10 gelatine blaadjes (kan vervangen worden door agar agar voor de vegetariërs onder ons)
een beetje warm water voldoende om de gelatine blaadjes volledig op te lossen
250/300 gr bosbessen
500 gr kwark
sap van een citroen
100 gr witte suiker
2 dl half stijfgeklopte slagroom
Voor de topping:
100 gr bosbessen
bessengelei en 1 eetl armagnac of iets dergelijks dat goed samengaat met bessen
Bereiding:
Kruimelkorst maken door in een pannetje de boter te smelten en de verkruimelde koekjes, suiker en havervlokken goed door elkaar te mengen.
In een springvorm (ong. 22cm diameter) eerst op de bodem ingevet bakpapier leggen en zijkanten ook een beetje invetten en daarop de helft van het koekjesdeeg verdelen, goed aandrukken.
De andere helft tegen de wand.
20 min laten opstijven in de koelkast
ONDERTUSSEN
de vulling maken:
gelatineblaadjes weken in koud water, nadien uitknijpen en in een kommetje met net genoeg warm water oplossen
2dl slagroom half opkloppen (moet nog wat vloeibaar zijn)
250 gr bosbessen pureren met de mixer
De kwark, suiker en het sap van de citroen goed door elkaar mengen
3 eetl van het kwarkmengsel voegen bij de gepureerde bosbessen + de helft van de opgeloste gelatineblaadjes
slagroom bij het resterende kwarkmengsel voegen + de andere helft van de gelatine bijvoegen.
AFWERKING:
Eerst een witte laag op het koekjesdeeg uitstrijken daarna het bosbessenmengsel en eindigen met de witte laag.
Bovenkant versieren met de overgebleven bosbessen en eventueel ,is niet echt noodzakelijk, een topping maken door de bessengelei te smelten in een pannetje met de likeur. Eventjes laten doorkoken en wat afkoelen en daarmee de bosbessen en de bovenlaag van de taart bestrijken. Enkele uren laten opstijven in de koelkast of een hele nacht. Smakelijk!
Er gaat niets boven traditioneel klaargemaakte mossels: zo vers mogelijk en rijkelijk klaargemaakt met heel veel ajuin, wortels, prei, selder en wat mij betreft ook fijngesneden courgette. Dit gaat dan in een leuke kom (liefst knaloranje) op het vuur. Ik vind het jammer dat mossels zo vaak in een zwarte pot worden gepresenteerd, daarin komt hun schoonheid toch niet tot zijn recht? Alle exotische bereidingen van mossels zijn wel eens verrassend, maar toch gaan ze snel vervelen en heb je het gevoel dat die mossels zelf niet helemaal tot hun recht komen. Het enige wat ik wel af en toe als variant aandurf is een tikkeltje fijngesneden citroengras bij de mossels mengen, niet te veel want de smaak is nogal krachtig. Het resultaat is dan een heel frisse mosselbereiding met een kleine Oosterse toets.
Vandaag lijkt het me een dag om cheesecake te maken
Cheesecake heeft zijn naam niet mee, maar wel zijn smaak en textuur. Deze is heel eenvoudig te maken: neem een bodem (liefst kruimeldeeg). Meng 500gr roomkaas (liefst met hoog vetgehalte) samen met een tweetal eitjes en 200gr. suiker goed door elkaar. Stort deze mengeling op de taartbodem en laat bakken bij 200 graden tot de cheese stevig is. Een frisse zoetzure smaak is de beloning voor deze (toch wel kleine) inspanning.
Op de www.bloggen.be/levensgenieters las ik heel wat leuke barbecuetips. eén van de ingedrienten bij een barbecue die maken of het lekker is of saai, zijn de sausjes. Bij ons komen er nooit DevosLemmens of andere commerciële sausjes aan tafel (sorry Devos en sorry Lemmens) jullie zijn best wel sympathiek op de radio, maar jullie sausjes zitten vol vieze brol; Als je vertrekt van een zelfgemaakte mayonaise dan heb je niet alleen een goede basis om naar alle fantasie zelf andere sausjes te maken (tartaar, cocktail, mosterdsaus etc), maar het kost je ook maar een fractie van de rest en bovendien blijf je niet zitten met al die half opgegeten bokalen die je uiteindelijk dan toch maar weggooit wegens plaatsgebrek in de frigo.
Mijn man en ik hebben natuurlijk een andere manier van mayonaise maken. Ik doe het zoals ik het thuis geleerd heb, en het mislukt bijna nooit (bij hem trouwens ook niet). Neem een bokaal die je kan afsluiten (steriliseerbokaal is perfect). doe er een volledig ei in, een grote schep mosterd, peper en zout, en citroen of azijn. Mix dit met de staafmixer door elkaar en druppel er voorzichtig wat olie onder. In het begin is het belangrijk dat je heel traag olie toevoegt, eenmaal de mayonaise begint te 'pakken' dan mag je flink doorgieten. Je mayonaise is echt op 1 minuut klaar en overheerlijk. Als basis voor andere sausjes of zo voor bij frietjes met sla.
Tip: als je mayonaise toch mislukt, gewoon opnieuw beginnen en eenmaal het begint te pakken het mislukte goedje er langzaam bijgieten. Je hoeft het zeker niet weggooien.
Grappig: in Frankrijk kijken ze neer op ons omdat wij mayonaise eten. maar als de pot op tafel staat, verdwijnt de inhoud razendsnel op hun bord.
Toen ik nog kind was ging er geen enkele kermis of speciale gelegenheid voorbij of er werd bij grootmoeder (meetje Paap) vlaaien gebakken. Deze werden in grote hoeveelheden in de oven gezet en iedereen kreeg dan een kommetje mee. Een mooie gewoonte, die we beter in eer zouden herstellen.
Hier volgen de ingrediënten - 1 pak beschuiten - 1 liter volle melk - 5 eieren - 1/2 potje candijsiroop (van die donkere vloeibare plaktoestand) - 1/2 pak peperkoek - 1 koffielepel kaneel - 1 koffielepel foelie
Alle ingredienten in een grote kom doen en fijn mixen. Er mogen geen stukjes meer inzitten. Dan overgieten in een aarden schaal. Liefst zo van die oude bruine ovenschalen (dat zijn de echte vlaaienkommen van vroeger). Deze komm in een voorverwarmde oven (180°) zetten. Langzaam laten garren. Dt duurt toch wel ongeveer een uurtje. De vlaai moet stevig aanvoelen als je erop klopt, en uiteraard moet een naald die je erin prikt er redelijk droog uitkomen. Jammer, maar deze vlaai moet je eerst laten afkoelen vooraleer je hem opeet, want anders is die echt niet lekker. Hij wordt zelfs beter als je hem een dagje op een koele plaats laat rusten . De hoeveelheden hierboven beschreven zijn natuurlijk slechts minima. Ik denk dat mijn grootmoeder soms het 10-voudige ervan klaarmaakte. Je kan de vlaai zo eten in punten gesneden. Maar je moet ook eens proberen om een dikke laag ervan de smeren op een verse witte boterham. Je weet niet wat je proeft, ik denk dat dit de speculoospasta gewoonweg een miljoen keer overtreft. Een tip voor Lotus?
Van de rommelmarkt: - bruine ovenkommen ovaal of rond in steen, liefst met wat "barsten" binnenin, dan krijgen ze een mooie patine.
Als je indruk wil maken op gasten dan moet je opletten met Brésiliennetaart. Mij is het al meer dan ééns overkomen dat ik die taart maak, in de frigo zet en dat er maar een klein hoekje overblijft wanneer de gasten komen. Deze taart is zo lekker dat wanneer je ze ziet staan, er onweerstaanbaar stukken afgesneden worden. Gelukkig is ze zo gemakkelijk te maken dat het geen probleem is.
Maak een flan bereiding, poeder dat je in de supermarkt kan kopen doet het zeer goed. Zorg er wel voor dat het geen banketbakkersroom of vanillepudding is; het moet flanbereiding zijn.
Rol een kruimeldeeg uit in de taartvorm (standaardvorm) en giet de flanbereiding erin. Zet in een niet te warme oven (180 graden is ok) en laat gedurende ongeveer 40 minuten bakken. Neem de taart uit de vorm en laat afkoelen. Als er stukjes van de deeg boven de flan uitsteken, dan kan je die gemakkelijk wegknippen met een schaar. Doe er nu versgeklopte slagroom op. Bovenop de slagroom strooi je van die heerlijke zoete Brésilienne nootjes. Zet de taart in de frigo en kijk wat gebeurt...
Deze taart is net zoals de "Coupe Brésilienne" in onmin geraakt. Vroeger was ze heel populair. Het wordt tijd voor een revival.
Dit is natuurlijk niet echt een recept, maar je moet het echt eens doen. De kleur is onvergetelijk en de smaak ook. Je kan trouwens volop in Kringwinkels of op rommelmarkten yoghurtapparaten kopen. Dit is wel een aanrader als je van natuuryoughurt houdt, want deze kan je tegenwoordig bijna niet meer krijgen in de supermarkten, het is allemaal zo van de chemisch spul. Dergelijke apparaten zijn makkelijk in onderhoud en makkelijk in gebruik. Ik ben zelf de trotse bezitter van een Aga en maak al jaren zelf yoghurt, ik zet gewoon een grote pot melk met daarin wat natuuryoghurt gemengd, op een warm plaatsje (niet te heet) en laat dat een tiental uren staan. De yoghurt komt vanzelf klaar.
Dit jaar hadden we voor het eerst staakbonen. Normaal zien we op tegen het vele werk van de staken zetten, maar eigenlijk valt dat nog wel mee. We hadden een speciale soort boontjes erbij. Deze hadden we gekocht op de markt in Ledeberg (elk zondagochtend).Daar kun je nog bij echte kwekers zaden en planten kopen. Het zijn boontjes met felle paarse bloemen en met heel lange donkere peulen (paars tot zwart). Ze zijn enorm groeikrachtig en heel lekker van smaak. Het bizarre is dat als je ze kookt, ze gewoon ook donkergroen worden net zoals andere bonen. Misschien weet iemand de naam van die boontjes, want wij zijn de zakjes kwijtgeraakt en zouden er volgend jaar zeker graag opnieuw willen zetten van deze soort.
Heb je al eens gekeken op www.denieuwetuin.be daar kan je allerhande originele en smakelijke zaden van planten en bloemen bestellen, een aanrader als je iets buitengewoon wil of wat meer risico durft te nemen.
Appelflappen zijn toch een heerlijke uitvinding. Ze zien er prachtig uit en ze smaken zo goed dat het een plezier is om ze te zien verdwijnen. Je kan ze heel eenvoudig zelf maken en met alle eer gaan lopen. Maak eerst appelmoes (ik doe meestal een restje van de maaltijd van de vorige dag, ik schil enkele appels extra en bewaar die appelmoes in de frigo. Kan gemakkelijk twee dagen bewaard worden). Dan bladerdeeg in vierkantjes van ong. 10 cm snijden. Ik gebruik daarvoor de vierkante bladerdeegjes die je in de diepvries kunt kopen. Daar zitten zo 10 velletjes bladerdeeg in en dat verwerkt heel gemakkelijk. Leg op elk velletje een schepje bladerdeeg. En vouw de velletjes dan zo toe dat je driehoekjes krijgt. Druk de randen goed aan, want ander loopt de appelmoes eruit. Vervolgens alles nog even bestrijken met eigeel, dan krijg je straks goudgele koeken. Ik doe er zelf geen suiker meer op, maar dat kan je natuurlijk ook nog doen. Dan mag alles de oven in, ongeveer 20 minuten op 200 graden.
Dit is een geliefd gerecht in Tunesisch en wil ze graag overbrengen aan mes amis Belges.
Wat heb je nodig (voor 2 personen )
- brickdeeg vellen ( 1/pers ) - 1/4 ui - een paar takjes peterselie - 1 kleine aardappel of 1/2 grote aardappel in blokjes gesneden - 50gr tonijn in olijfolie - gemalen kaas - 50gr garnalen - 2 medium eieren - gemalen kaas - olijf olie - peper en zout
Bereiding:
Snijd de ui fijn, de ui bakken in een beetje olijfolie tot ze goud/bruin kleuren. De peterselie fijn knippen. Breng de aardappelblokjes in gekookt water tot ze gaar zijn. Tonijn pletten en mengen met de gemalen kaas en gebakken ui.
De brickdeeg vellen omvouwen tot een vierkant , vul nu de brick met aardappel, tonijn, garnalen en ei. Strooi de gemalen peterselie over de brick vullingen, breng ze tot smaak met peper en zout. Plooi nu de brickdeeg vellen in een driehoek en bak ze in hete olijfolie tot de brick lichtbruin kleuren.
Toen we ons eerst in ons huis installeerden, kreeg ik de deegrol van mijn moeder mee. Ze had die ooit gekocht maar eigenlijk nooit gebruikt. Ik dacht: daar doe ik wel eens iets mee. Maar 10 jaar later had ik ze nog nooit gebruikt en 30 keer van plaats verhuisd.
Op een dag besloten we het toch eens te gaan proberen en zelf pastabodems te maken. Het was niet onmiddellijk een groot succes, maar de aanhouder wint. Nu kunnen we de deegrol niet meer missen. Meer nog we kochten onlangs een extra groot exemplaar omdat die nog stukken beter gaat.
Toen we vorige herfst in Shanghai waren, hebben we daar een hele tijd staan kijken naar een oude man die, met heel veel energie deeg aan het rollen was, het was een imposante lap deeg van wel 2 meter doorsnede. Hoe meer de man het deeg aan het rollen was, hoe boeiender het werd. Vervolgens werd die enorme lap deeg in stukjes gesneden en gevuld met lekkernijen, die vervolgens gestoomd werden. In China is dit niet echt ravioli, maar het lijkt er wel heel fel op.
Toen we een doosje met plastieken vormpjes voor pasta (wijkrommelmarkt Gentbrugge) ontdekten gingen we ook aan het experimenteren.
Eerst een deeg plat uitrollen. Vervolgens snijden. Intussen spinazie klaarmaken. Van het vuur nemen en mengen met een flinke schep mascarpone, of mag ook andere kaas zijn. Goed kruiden dat het geheel wat pit krijgt. De vulling op de deegvierkantjes leggen en in de vormpjes dichtknijpen. Goed zorgen dat de randen gesloten zijn.
Laten gaar worden in ruim kokend water. Na het opdienen nog wat verse parmezaan over raspen. Mooi.
Van de rommelmarkt:
-vormpjes om ravioli te maken
-deegrol
Uit de tuin:
- verse spinazie of andere groene blaadjes: snijbiet, sla, andijvie
Een vegetarier zal ik waarschijnlijk nooit worden, maar ik vind het wel een uitdaging om als er vergetariers komen, ook voor hen een lekkere maaltijd te maken en niet alleen hetzelfde van anders ,maar dan zonder vlees te maken .
Een groentenlasagne is verrassend lekker. Ik maakdie zo: snijd enkele aardappelen in dikke schijven en laat ze halfgaar koken. Doe er de laatste twee minuten ook enkele schijven van een pompoen bij. Liefst een pompoen met heel donker oranje vruchtvlees. Laat afkoelen. Doe een scheut olijfolie in een pan en doe er een flinke portie gourgetteschijfjes, ajuin en prei in. Laat alles zacht worden. Goed kruiden. Ik gebruik als kruiden een snuif zout en een flinke koffielepel chinees vijfkruidenpoeder. Hierin zitten veel aromas gemengd die de groenten een extra parfum geven.
Schik nu alles in laagjes in een vuurvaste schotel zoals bij lasagne. De laatste laag is pompoen. Giet hierover room en werk af met Parmezaanse kaas; De schotel kan nu in de oven. Reken op ong. 3 kwartier in een oven van 180 graden. Maar dat hangt een beetje af van de oven, dus je moet het gewoon in de gaten houden. Je zal het wel merken wanneer het klaar is.
Voor ovenschotels gebruik is bijna altijd de gietijzeren schalen van Le Creuset. Je hebt ze in verschillende kleuren en maten. Als je heel veel geluk hebt kan je er soms een op de kop tikken in een kringwinkel.