|
Om
6u s morgens is het beginnen regenen, onophoudelijk, met momenten met bakken.
Eigenlijk zie ik het niet zitten om in die drash te vertrekken. Om 9u steken we
de koppen bij elkaar. Ik pleit voor een snipperdag maar Thierry weet me te
overtuigen, 10°C duidt de thermometer aan, weeral net geen winter.
We
stellen half elf voorop om te vertrekken en hopen tevergeefs op beter. De moed
zakt in mn schoenen als ik de pedalen vastklik. We gaan proberen om de etappe
van vandaag, 73km, in één ruk te rijden. Stilstaan staat gelijk aan afkoelen en
kou krijgen en dat willen we zeker vermijden.
De
laatste 5km op Belgische bodem zijn er om rap te vergeten. Mijn bril, eigenlijk
tegen de zon bedoeld, hangt in een mum van tijd vol met waterdruppels, zowel de
binnen- als de buitenkant. Diepe plassen liggen verspreid over het wegdek,
dikke druppels spetteren omhoog, we zijn amper vertrokken en ik voel het water
al zo langs mijn benen in mn schoenen lopen, nog 70km, we zijn er bijna
Net
de Franse grens over wacht ons een fameuze klim. Thierry voelt zich goed en
geeft er een lap op, ik haak wat af en moet de helling met nog koude
beenspieren enkele versnellingen kleiner bedwingen, maar het lukt. De beentjes
hebben de inspanningen van de laatste dagen wonderwel verteerd, eigenlijk voelen
ze wat moe aan maar geen spatje pijn.
We
duiken de vallei van de Thonne in maar stoppen eerst aan de mooie kerk van
Avioth. We hadden er afgesproken met de motorhomes. Het weerzien is kort en
krachtig. We plaatsen de fietsen tegen de gevel van het gemeentehuis en gaan al
op zoek naar de stempel van de dag. De bediende heeft echt kompassie met ons.
Het
blijft gieten, dit is corvee, van genieten is in de verste verte geen sprake.
De weg gaat constant op en neer, geen lange klimmen of afdalingen maar pittig
des te meer. We rijden door Montmédy, verlaten, geen levende ziel op de baan,
alleen 2 zotten op een fiets.
Het
is nog 30km tot Dun s/Meuse, we volgen de D110. Elke kilometer voel ik me
minder en minder lekker. De constante regen en het ijskoude gevoel begint op
het moreel te werken. In Louppy s/Loison draai ik de ketting tussen de
achterderailleur. Het materiaal heeft het hard te verduren, wij nog meer
Alles
is doorweekt, weeral, ik geraak niet meer opgewarmd, alles begint bij elke
pedaalslag meer en meer pijn te doen, ik krijg honger.
Ondanks
het voornemen beslissen we om te stoppen in Dun s/Meuse. Een koffie, verse
kleren, ik kan mn handschoenen eens uitwringen, en mn sokken, ik kan mezelf
best eens uitwringen!
Stilaan
en na 2 grote café au Lait begin ik wat te ontdooien. We kunnen weer een
klapke doen tegen elkaar, iets wat de laatste uren nauwelijks ging.
Nog
een Cola en dan maar weer op weg. De regen is eindelijk overgegaan in drup, na
50km in dat geklets meer dan welkom. De boekjes van Sweerman beschrijven het
landschap nogal door een roze bril. Als er staat matig glooiend, ga er dan
maar van uit dat er pittige hobbels tussenzitten. De heuvelruggen staan vol met
gele koolzaadbloemen. In Romagne s/s Montfaucon ligt het grootste Amerikaanse
kerkhof van Europa, wij rijden rechtdoor, maar Jef en de vrouwen hadden het
eerder bezocht. Indrukwekkend en je kan er een heel parcours in afleggen met de
auto, lees motorhome.
In
Véry ligt weer zon hobbel, kort, enkele honderden meters, maar meer dan 15%.
We zijn in Varonnes-en-Argonne na 73km en 645htm.
Alles
is kletsnat, dan maar direkt onder de douche, minutenlang.
We
zijn er door, weer een dag dichter bij de zon, hopelijk, want das zonder meer
het grootste gemis!
|