roadtrip Australia
Inhoud blog
  • Van Yulara Ayers Rock via Kings Canyon naar Alice Springs
  • Van Marla naar Yulara Ayers Rock
  • Van Port Augusta via Coober Pedy naar Marla
  • Victor Harbor naar Port Augusta
  • Van Kangaroo Island naar Victor Harbour
    Zoeken in blog

    Beoordeel dit blog
      Zeer goed
      Goed
      Voldoende
      Nog wat bijwerken
      Nog veel werk aan
     
    25-02-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Victor Harbor naar Port Augusta
    Helaba,

      
    Victor Harbor, waar we gisteren aankwamen is een alleraardigst, toeristisch stadje aan de kust.  
    Het hotel waar we verbleven was gelegen in een residentieel gebied waar ook huizen gebouwd zijn en werden.  Vermoedelijk voor de iets oudere, rijkere inwoners.  Het waren kasten van huizen, wel heel mooi maar opnieuw hadden de meeste huizen een zinken golfplaten dak.  We blijven het een raar zicht vinden.  De bouwgronden waren hier niet zo groot , klein, zelf minuscuul naar Australische normen.  Ik spreek dan van 4 à 500 m².  Maar die oppervlakte werd dan ook gans, en ik bedoel echt gans, volgebouwd.  Als er rondom de huizen nog een meter vrij was, was het veel.  Letterlijk één tot anderhalve meter tussen twee woningen, waar dan ook nog een blinde afsluiting tussen stond. En toch hadden ze dan toch nog ramen in die muren.  Dat moet een benauwd gevoel én een prachtig uitzicht geven!
    Aan de straatkant was alles dan weer mooi beplant en heel ruim opgevat.

    Deze morgen hebben we er twee tweedehands platen- en boekenzaken bezocht waar Annick toch weer iets gevonden heeft van ABBA dat ze nog niet in haar verzameling heeft.
    Men is hier wel Rock en Blues gericht met de nadruk op het hardere werk.  AC/DC krijgt hier uiteraard een prominente plaats.  Enfin, de mensen hebben hier een hele goede smaak wat betreft muziek.

    Daarna alweer de weg op voor een lange rit.  Hierbij moesten we na ongeveer 100 km Adelaide passeren.  Wel via de ringweg maar voor het eerst in drie weken hebben we daar opnieuw kennis gemaakt met druk verkeer.  Was me dat even slikken.  Voorbij Adelaide werd het op de weg opnieuw rustiger.  De volgende 100km reden we ononderbroken door onmetelijke graanvelden.  Het graan was weliswaar gemaaid maar dit was toch wel een stuk van de graanschuur van Australië.  We reden ook opnieuw onder een helblauwe hemel waar precies een paar plukken watten in gedropt waren.
    In het plaatsje Lochiel, drie huizen en en openbaar toilet, stopten we aan een immense zoutvlakte waar we even het kind weer in ons los lieten.  Eigenlijk hadden we wel een dubbel gevoel bij die vlakte.  Enerzijds was dat prachtig om zien maar anderzijds moest dat eigenlijk een meer zijn, het Lake Bumbunga.  Is het de opwarming van de aarde die zich laat voelen of is het een normaal fenomeen hier? Ik moest het eens gevraagd hebben.
    ...
    Ondertussen heb ik het eens opgezocht en blijkbaar is het toch de normale gang van zaken, oef. 

    Er stond trouwens een strak windje op die vlakte, zie foto.  En dat waren wij niet, maar andere, wie anders, Chinezen.

    In de vooravond kwamen we aan in Port Augusta.  Dit zou de poort tot de Outback zijn.  Dat zegt men alleszins in de boekskes.  We zien morgen wel of het waar is.
    We hebben vandaag ook de eerste echte Aboriginals ontmoet.  Alhoewel...  En men had er ons al voor gewaarschuwd...
    Ik hoop dat diegene die we vandaag ontmoetten niet de echte vertegenwoordigers van hun volk zijn.  Ze zien er, om het zacht uit te drukken, niet echt aaibaar uit.
    Ook het feit dat we logeren op een domein dat omheind is en 's nachts afgesloten wordt met een poort geeft niet echt een geruststellend gevoel.  Zonder dan ook weer te zeggen dat we hier bibberend in ons appartement zitten hé.  Maar soms kunnen te veel voorzorgen een averechts effect hebben, ik weet waarover ik spreek.
    Er is alleszins een contrast met de gemoedelijkheid in de rustige afgelegen plaatsen die we de voorbije weken bezochten.  Maar goed, het is maar een, hopelijk verkeerde, eerste indruk.  Maar vermoedelijk zullen we in de Outback toch iets meer op onze tellen moeten passen.  We laten het jullie zo spoedig mogelijk weten. 

    Oh ja, vandaag beseften we plots dat we tot hiertoe in feite nog geen enkele echte kangoeroe gezien hebben, dood of levend.
    Voor ons is elk springbeest een kangoeroe (ik kom er nu ook achter dat ik het  altijd verkeerd spelde) maar eigenlijk hebben we tot nu enkel Walabies, Walaroos en konsoorten gezien.  Dit zijn de kleinere soorten want een echte kangoeroe kan tot 100kg wegen en moet dus een serieus beest zijn.  Zulke zouden we in de Outback moeten gaan zien, we zijn benieuwd. 

    Ziezo, het was mijn bedoeling bovenstaand epistel in het klad op te slaan en morgen de rest te schrijven maar ik zal het maar doorsturen.
    Dit keer niet veel foto's want eerlijk gezegd was er vandaag niet zoveel te fotograferen.  En aan die Aboriginals durfde ik het niet vragen want ik wou geen ambras.

    Ik ga nog eens zwemmen en dan de beddebak in.

    Tot volgende keer.

    CU 

    de reizigers









    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (1 Stemmen)
    25-02-2018, 12:18 geschreven door reiziger  
    Reacties (0)
    24-02-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Van Kangaroo Island naar Victor Harbour
    Klik op de afbeelding om de link te volgen G'day,

    Gisteren verbleven we een ganse dag op Kangaroo Island.  Nadat het eergisteren echt wel een druilerige, regenachtige dag was begon  deze dag onder een blauwe hemel.  
    We dachten er een rustig dagje van te maken maar toch was hij weer goedgevuld.
    Zoals ik al zei zitten we nu precies op het einde van de wereld.  150km van een dorp, midden in de bush en 16 km verder houdt het land gewoon op en is er niks dan water tot aan Antartica.  Na een ontbijtje reden verder naar het Zuiden, Flinders Chase National Park in.  De naam Flinders heeft trouwens niks te maken met vlinders maar met diegene die het gebied als eerste westerling doorkruistte.

    Onze eerste stop was aan de 'Remarcable Rocks', een granieten rotsformatie die sinds 500 miljoen jaar in kunstzinnige vormen gesculpteerd is door blootstelling aan de elementen.  Met een beetje verbeelding kan je er allemaal vreemde wezens in ontwaren.
    Het rare aan de plaats is ook manier waarop ze in het landschap zijn ingeplant.  Het is alsof ze net daar zijn neer geplant door een reuzenhand want nergens in de wijde omgeving is iets dergelijks te vinden.
    Op de weg er naartoe hadden we op een haar na een ongeval.  Zoals je op sommige foto's kan zien zijn de wegen hier heel golvend. Toen we naar die Rocks reden stond er net na zo'n golf een idioot, en geen Chinees deze keer, midden op de weg geparkeerd en een vijftal meter achter die auto liep zijn vrouw te fotograferen, ook midden op de weg.  We moesten hard in de remmen gaan en ons ook op het tegemoetkomende rijvak werpen.  Ik was er effenaf niet goed van.  Gelukkig liep alles goed af.

    De volgende halte was Admirals Arch.  Ook al weer een wondermooie creatie van de natuur.  En wat zeker zo fascinerend was, beneden op de rotsen leefde een grote kolonie Zeeleeuwen.  Het was alsof we live naar een documentaire van National Geographic aan het kijken waren.  We zagen de mannetjes met elkaar vechten, de pups met elkaar spelen en overal in de zee waren dieren gekke capriolen aan het uithalen.  We hebben er zeker een uur staan naar kijken.  Omdat de South Pacific Ocean ook het leefgebied is van de witte haai en zo'n zeehondenkolonie zorgt voor een lekker brokje voor hen hebben we ook op de uitkijk gestaan naar vinnen die het water doorkliefden, zonder succes evenwel. We zagen wel plots een school jagende dolfijnen vlak onder de kust.

    De Admirals Arch is ook een 'last bushfire resort' m.a.w.  een laatste schuilplaats bij bosbranden.  Aanduidingen van zulke 'last resorts' zie je hier trouwens regelmatig.  Meestal zijn dat gebieden aan een strand of toch aan water en anders is dit een plaats waar op een vrij grote oppervlakte niets, maar dan ook niets van begroeiing staat.  Met bosbranden lacht men hier trouwens niet.  Momenteel is het hier overal code very high.  Dit betekent dat vuur dat onder deze omstandigheden ontstaat vrij gemakkelijk onder controle te krijgen is.  Het hoogste level is 'catastrophic' (nog twee levels te gaan dus) en dan moet je maken dat je weg komt.  Op welke manier ook.  Eigenlijk komt het hier op neer: trek uw plan.  Maar goed, zo ver zijn we nog helemaal niet maar je ziet wel overal sporen van vroegere bosbranden.  Nu is het wel zo dat deze natuur die bosbranden eigenlijk van tijd tot tijd eens nodig heeft om oude begroeiing te verwijderen en nieuwe te doen groeien.  Het is zelfs zo dat er soms gecontroleerde branden aangestoken worden om de vegetatie te vernieuwen.
    En de dieren die hier leven weten er mee om te gaan op zo een manier dat het aantal slachtoffers binnen de perken blijft.  Wij als zwakke mens zouden natuurlijk vlug het loodje leggen.
    We zouden er echt niet graag in terecht komen.

    Een volgende stop was  aan Weirs cove, een plaats waar in de negentiende eeuw een vuurtoren stond en waarvan de bewoners pas om de drie maand bevoorraad werden per schip.  Pas in 1940 geraakte een eerste vrachtwagen tot aan deze plaats.

    Nadien reden we terug naar onze slaapplaats om een dutje te doen, de boog moet immers niet altijd gespannen staan.
    Na een verkwikkende pauze bezochten we nog de 'Platypus waterholes' en omdat de plaats ons zo bekoord had keerden we nog eens terug naar Admirals Arch.  Ondertussen was het al in de vooravond en waren we moederziel alleen op deze plaats.  Toffe ervaring.  We waren er nog getuige van een aandoenlijk tafereel recht uit een natuurprogramma op tv.  Zoals ik al vertelde waren er op de rotsen ook zeehondenpups aan het spelen.  Op een bepaald ogenblik kwam er een volwassen exemplaar aan land.  Zij, want dat bleek het te zijn, begon te roepen en plots hoorde één van die pups die schreeuwen, stopte met spelen en haastte zich naar het volwassen dier dat zijn moeder bleek te zijn die terug kwam van de jacht.  Wij voelden als het ware de blijdschap die van die pup afstraalde. 
    Wat het geheel nog mysterieuzer, zelfs spookachtiger maakte was het feit dat er in de loop van de namiddag een dikke mist opgekomen was.  Alhoewel de plaats hetzelfde gebleven was beleefden we ze op een heel andere manier.

    Vandaag hadden we niks anders te doen dan de ferry te halen en naar Victor Harbour te rijden.  We zijn enkel eens gestopt aan Little Sahara, een duinengebied, maar dan zo groot dat het inderdaad doet denken aan een woestijn.

    Morgen trekken we naar het Noorden, naar Port Augusta, volgens de brochures de officiële toegang tot de Outback.
    Vandaag hebben we trouwens de vierduizendste kilometer afgemaald.

    Ondertussen hebben we al een pak mooie dingen gezien, veel interessante mensen ontmoet en een koffer fantastische ervaringen rijker.  Iedereen waarmee we aan de praat geraken heeft wel een verhaal, en willen ook ons verhaal horen.  
    Australië, een land met zijn inwoners met hun eigenaardige ingesteldheid.  De meeste mensen waarmee we al spraken verwijzen altijd eerder naar hun afkomst dan naar hun huidige nationaliteit.  Men kan hier niet omheen het feit dat het land nu éénmaal een jonge natie is.

    Volgens de man waarbij we een tijdje geleden verbleven moet er trouwens jaren geleden eens een heel gedoe ontstaan zijn  naar aanleiding van een vrouw  van Aboriginal afkomst die tot het parlement wou toetreden.  De vraag werd toen gesteld of zij wel de Australische nationaliteit bezat.  Die vrouw maakte daar een hele zaak van  met als resultaat dat bleek dat aantal mandatarissen eigenlijk niet mochten zetelen omdat zijzelf nog steeds over de nationaliteit van hun voorvaderen beschikten en dus het parlement moesten verlaten.  Wie een put graaft voor een ander...

    Nog even de foto's toevoegen en ons bed in.

    Tot de volgende,

    CU,

    Annick & Rony



























    Bijlagen:
    IMG_0602.JPG (628.4 KB)   
    IMG_5860 (2).jpg (1.3 MB)   
    IMG_5874 (2).jpg (855.8 KB)   


    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    24-02-2018, 12:53 geschreven door reiziger  
    Reacties (0)
    22-02-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Kangaroo Island
    Hey daar, ver weg,

    Wanneer we eergisteren in Robe toekwamen kregen toch wel een beetje stress. De dag erna, gisteren dus, moesten we om 15h00 de ferry naar Kangaroo Island nemen, maar het was wel een rit van 465 km, eigenlijk de langste al tot nu toe.  Aangezien de allerhoogste maximumsnelheid hier 110 is maar je dat natuurlijk niet kan aanhouden als gemiddelde hadden we toch wel een rit van 5 à 6 uur voor de boeg.  Die max. snelheid is trouwens bijlange niet overal van toepassing.
    We hadden dus niet al te veel veiligheidsmarge.  Gelukkig was de gastvrouw weer heel behulpzaam en regelde ze het dat we de ferry van 18h00 konden nemen.  Zo waren we een beetje meer op ons gemak.
    Deze gastvrouw en -heer waren trouwens al eens in Brugge geweest.  Een uitzondering want de meesten waarmee we spraken kunnen België zowat situeren in Europa maar daar houdt het meestal op.
    Alhoewel...momenteel is de dienstdoende premier van Australië iemand van Belgische afkomst , Martin Cormann.  Iemand van onze leeftijd die pas op zijn zeventiende naar Australië geëmigreerd is.

    Wat ik raar vind aan de Australiërs is hun manier van bouwen. Ze  zetten weliswaar degelijke huizen  maar  90% van de daken zijn dan weer niet bedekt  met dakpannen maar gewoon met zinken golfplaten.
    Hier rijden ook serieuze auto's rond.  Wij hebben met onze Toyota landcruiser Prado al geen kleine wagen onder onze kont maar we vallen hier zeker niet uit de toon.  De Toyotota Landcruiser V8, nog een categorie groter, zie je hier bv ongelooflijk veel rijden.  Dat is een auto die in België niet meer ingevoerd wordt wegens onbetaalbaar aan BIV en verkeersbelasting.
    Europese topmerken als BMW, Mercedes en Volkswagen zie je hier omzeggens niet.  Toyota is hier veruit het populairste merk.  Wat er ook veel rondrijdt is een bij ons onbekend merk, nl. Holden.  Kende ik totaal niet.  Volgens mij is dit hun versie van Vauxhall of Opel.  Het symbool is toch een leeuw met de poot op een bal, Vauxhall dus volgens mij.  Dat merk heeft hier een tof model.  Een sportieve pickup.  Echt een soort sportwagen maar dan in pickup versie.  Die zie je hier trouwens ook courant met een dikke V8 onder de kap.

    Zodus, we hadden ruim de tijd om de ferry te halen en we konden op de weg van Robe naar Jervis Bay stoppen om boodschappen te doen en een omweg via een toeristische weg te maken.  Dat bleek dan weer een hele leuke gravel road te zijn.  Autorijden kan hier soms plezanter zijn dan vroeger met de matchboxkes spelen. 

    Vandaag en morgen zitten we op Kangaroo Island, één groot reservaat eigenlijk.  We bezochten  onder meer op Seal Bay een kolonie zeeleeuwen.  We mochten ze tot op min of meer tien meter naderen.  Vrij imposante beesten toch wel.
    We hadden vandaag ook onze echte regendag.  Niet zo tof maar niet aan te doen.  Morgen gaan we het eiland verder verkennen.
    We zitten ondertussen eigenlijk onderaan in het midden van Australië en het verste punt dat we in westelijke richting komen.  Vanaf overmorgen rijden we naar het Noorden, richting Outback.

    Toen we in het begin van onze reis(ik spreek dan van Sydney en omgeving) tegen de mensen zegden dat we ook naar Alice Springs reden was het alsof we hel en duivel gingen tegenkomen.  Men gaf ons de raad veel extra water mee te nemen, zelfs extra brandstof, op te letten voor slangen én zatte aboriginals.  Uit onze doppen te kijken op de weg , enfin we konden niet voorzichtig genoeg zijn.  
    Hoe dichter we echter bij die Outback komen, niet vergeten dat we ondertussen toch al een 3600km gereden hebben, hoe meer de mensen ons geruststellen over de tocht in de woestijn.  Uiteraard moet je er een beetje het hoofd bij houden.  De meesten hier hebben trouwens die tocht al eens gemaakt terwijl diegene waar we in het begin mee spraken nog nooit in de Outback geweest waren.
    We vergeten soms ook dat we zo ver van huis zijn of hoeveel afstand we hier wel afleggen.  Zo vroegen we op een bepaald moment in een kledingzaak, het waren solden weet je, of de verkoopster ongeveer wist welke Australische maat overeenkwam met de onze.  Achteraf moesten we daar mee lachen, alsof een verkoopster bij ons zou weten met welke Australische maat een maatje 38 overeenkomt.
    Bij een andere gelegenheid vroegen we of onze gastvrouw wist of er op Kangaroo Island degelijke supermarkten waren.  We waren er verdorie nog 465km van verwijderd, alsof wij weten welke supermarkten er zijn 100 km voorbij Parijs.

    De plaats waar we vanavond en morgenavond logeren ligt op een goede 150km verwijderd van de dichtsbijzijnde plaats van betekenis.  150km dus zonder winkels.  En daar profiteren ze hier wel van op economisch vlak.  Ze bieden ontbijt en diner aan maar hier zijn de kamers dan niet uitgerust met een keukentje, iets dat we tot hiertoe altijd gehad hebben.  Maar we trekken onze plan.  We hadden er ons gelukkig op voorzien en inkopen gedaan voor een paar dagen.
    Aan dit hotel is ook één brandstofpomp maar da's ongeveer de enige die er is tussen hier en de plaats waar we van de ferry kwamen.
    We hebben trouwens tot hiertoe bijna altijd zelf voor ons eten gezorgd.  Men kan hier in de supermarkten een heel uitgebreid assortiment vinden.  Ook om gezond te eten met verse groenten en fruit.  We moeten er alleen een beetje op letten dat we er van profiteren als we in een plaats komen waar een supermarkt is en daar kan soms wel wat afstand tussen liggen.
    Je vraagt je misschien af hoe we dat dan wel doen om dat allemaal te bewaren.  Wel, in de eerste supermarkt hebben we ons een grote piepschuimen box aangeschaft.  Deze keer kregen we hem van een sympathieke winkelbediende, op andere reizen kochten we hem, kost meestal niet zo heel veel.  We kopen dan ook een paar koelblokken die we op de kamer in het vriesvak leggen en zie, in uiterste nood blijven onze voedingswaren twee dagen koel.

    Oh ja, we hebben gisteren ook onze eerste slang gezien.  Een serieuze gust van ongeveer anderhalve meter.  Het liep trouwens bijna fataal af voor dat beest want we hebben ze op een haar na plat gereden.  Ze moet gelukkig tussen onze wielen geglipt zijn want toen we achteruit reden was ze verdwenen.

    Half twaalf alweer.  Tijd om er in te kruipen.  Geniet van de foto's en tot volgende keer,

    CU,

    Annick & Rony























    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    22-02-2018, 13:51 geschreven door reiziger  
    Reacties (0)
    20-02-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Lange zwarte linten
    How you doin'?,

    Als men je dat hier vraagt is het niet de bedoeling heel je leven te vertellen maar gewoon te antwoorden : and how you doin'?  Ik had in het begin nogal de neiging om over te gaan tot het eerste maar aangezien de aandacht van de mensen al vlug weg ebde ben ik daar maar mee gestoptWink.

    We zijn ondertussen jammer genoeg al over de helft.  Bijna niet te geloven dat het al twee weken geleden is dat we in Sydney vol bewondering voor het Operahouse stonden.
    Over de voorbije dagen valt er niet zo veel te vertellen eigenlijk, ofwel begin ik gebrek aan inspiratie te krijgen.
    Vanuit Port Fairy reden we twee dagen geleden naar het natuurgebied 'The Grampians', een bosrijk, heuvelachtig en rotsachtig terrein met spectaculaire vergezichten.  het was eigenlijk maar een overgangsritje van 160km.

    We logeerden er in Hall's Gap, een heel gezellig stadje waar ik tijdens een wandeling in gesprek geraakte met een nogal markant figuur.  Een oudere kerel, bijna zo groot als ik maar gemakkelijk 25kg zwaarder met een opvallende walrus snor en een tshirt van een snorrenclub. Hij droeg een korte broek en daar onder werkbottines.  Achteraf heb ik altijd spijt dat ik van zulke sinjoren geen foto genomen heb maar ik ben altijd een beetje verlegen om dat te vragen.  
    Enfin, ik had met die man, die Michael noemde, een leuk onderonsje over koetjes en kalfjes en ik vond dat eigenlijk wel een toffe peer.  Achteraf bleek dit een dorpsfiguur te zijn die geen vlieg kwaad deed maar die men op één of andere manier toch liever kwijt dan rijk was.
    Eigenlijk een eenzaam iemand die blij is dat hij zijn ei eens bij iemand kwijt kan.  Zo een beetje als Eddy de fotograaf, formerly known als Eddy de whiskyfreak.  Mensen uit Buggenhout weten zeker over wie ik het heb.
    Blijkbaar trek ik zulke specimen aan want het is niet de eerste keer dat ik met zulke 'sjarels' in gesprek geraak tijdens één van onze reizen.

    Diezelfde avond aten we een spaghetti op het terras van onze chalet en hebben we ons gedurende een hele tijd vrolijk gemaakt over de capriolen van kaketoes en magpies (eksters) die om eten kwamen bedelen.  Het was op sommige ogenblikken echt hilarisch.  In een park in het stadje waren er al een paar op onze arm en been komen zitten maar het echte spektakel was 's avonds.
    Eerst waren er de eksters die we al eens een stukje spaghetti gaven.  De eksters kunnen hier trouwens mooi fluiten.  
    Als ze in het snuitje kregen dat er iets te halen viel kwamen de kaketoes ook dichterbij.  Eerst de kat uit de boom kijken van op afstand, dan vanop het dak boven het terras en daarna lieten ze alle schaamte varen en kwamen ze gewoon letterlijk mee aan tafel zitten.  We hadden een bord op de grond gezet samen met een kom waar de overschot van de slierten lag.  Eén van die kerels heeft daar gewoon een flinke portie pasta op zijn gemak soldaat gemaakt.
    Dat zijn mooie beesten en je mag er eigenlijk niet aan denken dat die bij ons soms in een kooi zitten.
    Een groot nadeel aan die beesten is wel dat die hun stoelgang niet zo onder controle hebben als wij, want als dankbaarheid voor de succulente hapjes hadden ze tegen 's morgens één van onze terrasstoelen ondergescheten.(excuseer)  Ik had dit niet gezien met als resultaat dat ik mijn lievelingsbroek voor de rest van de vakantie niet meer kan dragen, de smeerlappen.
    's Morgens hadden we de ontbijttafel voor de vliegendeur gezet en toen we alles op tafel aan het zetten waren stonden ze al terug op het terras en begonnen ze zelfs met hun bek tegen het raam te tikken omdat het niet vlug genoeg ging naar hun zin.

    Op het grasperk voor de chalet zat er gedurende een hele tijd een grote kangoeroe rustig te grazen.  Nu moet er me over kangoeroes toch iets van het hart.  Er is bij die beesten een duidelijk onderscheid tussen de mannetjes en de vrouwtjes. En het is niet de buidel.  Die ziet men moeilijk.  Maar mensenlief, ik zou niet graag een mannetjeskangoeroe zijn.  Die kan volgens mij nooit zonder pijn op zijn achterste gaan zitten.  Ik ga er niet verder over uitweiden want ik ben deftig opgevoed maar laat ons zeggen dat de klokken van de Big Ben er niks tegen zijn.

    Vandaag hadden we een rit van 360km voor de boeg.  We hebben ondertussen trouwens  ook  al  de kaap van 3000km gerond.
    Van die 360km waren de eerste 200 over de Wimmera Highway  een omzeggens rechte baan (vandaar de titel van deze episode) door de bush zonder een kruispunt van enige betekenis.  Juist af en toe een tros kangoeroes in de schaduw van een boom, een paar emoes tussen de bomen en een echidna die langs de weg rondscharrelde.  Mensen die we zagen tijdens dit traject : <10.  De paar dorpen die we passeerden leken wel uitgestorven en de enige voertuigen die we zagen waren af en toe een paar reusachtige trucks die ons kruistten.  Ik blijf zo'n Kenworth of Mack trouwens mateloos fascinerend vinden.  Waarschijnlijk een overblijfsel uit mijn jeugd toen ik door één of andere vreemde hersenkronkel het merk van een vrachtwagen van ver kon benoemen aan de hand van zijn achterlicht of spiegel.

    Je moet je die baan proberen voor te stellen.  In België zou je dus van Oostende tot, laat ons zeggen, Bastogne, rechtdoor kunnen rijden zonder kruispunten, zonder oponthoud en bijna zonder mensen tegen te komen.  Onvoorstelbaar toch?  
    En toch wordt het niet vervelend.   Een mooi deuntje uit de jukebox en rijden door het grote niets wordt zelfs rustgevend.  
    We zijn ondertussen ook in South Australia aangekomen, wat betekent dat we onze horloge een half uur moeten terug draaien.

    Australiërs zijn volgens ons ook kouwelijke mensen.  Vandaag hadden we temperaturen tot 34° en toch lag er op elk bed waar tot hiertoe al in sliepen een elektrische deken.  Het liedje van André Van Duin, ik wil met jou wel zeven weken onder... is al dikwijls door mijn hoofd geflitst.

    Ik vertelde eerder ook al dat de meeste dorpjes waar we door rijden een zekere rust en gezelligheid uitstralen.  Vandaag snapte ik plots waarom.  Buiten uiteraard in de grote steden is hier nergens hoogbouw. Op die manier wordt het zonlicht nergens tegengehouden. Als je onze manier van bouwen bekijkt maakt dat wel een wereld van verschil.

    Zo zijn er nog wel een paar eigenaardigheden die ons zijn opgevallen maar ik bewaar die voor een volgende keer wanneer ik eens echt niet weet wat te vertellen.
    Ondertussen is het alweer kwart voor elf.  
    Tijd dus om doda te doen want morgen hebben we een nog langere rit voor de boeg.  Dan rijden we naar de ferry die ons naar Kangaroo Island zal brengen.  

    Geniet van de foto's en tot volgende keer.

    CU,

    Rony en Annick
































    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (2 Stemmen)
    20-02-2018, 00:00 geschreven door reiziger  
    Reacties (0)
    Archief per week
  • 26/02-04/03 2018
  • 19/02-25/02 2018
  • 12/02-18/02 2018
  • 05/02-11/02 2018
  • 29/01-04/02 2018
    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.

    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek

    Blog als favoriet !

    Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op https://www.bloggen.be - Bloggen.be, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!