Van Castetnau-Camblong tot Aroue: Ongi etorri! Welkom in Baskenland!
Na het ontbijt samen met ons gastpaar - meneer plukt ons nog wat vijgen van de boom voor onderweg - vertrekken we bij zonnig wandelweer. Jammer genoeg lopen we driekwart van de tijd op asfalt. De Pyreneeën, waar we evenveel langs als naartoe lopen, verschijnen geregeld in de verte.
We komen plots aan een ambachtelijk conservenfabriekje. Dat biedt zijn producten aan en zo wordt het Baskische paté bij de picknick. Wat verder steken we het riviertje de Saison over en komen we echt in Baskenland.
De mensen zijn hier vriendelijk. Als je even opzij gaat staan voor een zeldzame passerende auto wordt er meestal gezwaaid. In een gehucht staan drankjes klaar voor passerende Compostelagangers, een gift is vrijblijvend. Wanneer we aan een kruising de wegwijzers staan te bekijken, stopt iemand om te vragen of hij soms kan helpen. Enkele km voor onze bestemming stopt weer een auto: "Vous êtes monsieur Paul Sermeus?" Het is onze gastheer, die even weg moet, maar vertelt dat we naar binnen kunnen en er een drankje klaarstaat.
Tegen 4 uur zijn we er. Aan de trap is de Baskische vlag opgehangen. Vanuit het raam zien we de Pyreneeën. Nog even!
We zetten vandaag 21 484 stappen, goed voor 15 km.
Van Bugnein tot Castetnau-Camblong: met droge voeten (bijna) de dag door
De hele tijd wisselen droge momenten en regen mekaar af, het wordt dus een dag regenjas aan - regenjas uit. Marina begint met dat eerste en wel in haar nieuwe all-over poncho. Dat all-over is heel letterlijk op te vatten: wandelaar en rugzak verdwijnen eronder. Het resultaat is een niet te elegant silhouet met een opvallende bochelrug. Gelukkig van die camouflagekleur! Op een vorig traject noemden wij een (overigens heel lieve) wandelaarster die een hele regendag zo voor ons uit sjokte onder mekaar al lachend "de heks van de Gévaudan", willen we die term nu maar opbergen?
Op zo een regendag is het nog een voordeel dat de Fransen de wandelaars aanhoudend het asfalt op sturen, want zo blijven de voeten droog. We houden het stappen vandaag kort om in alle rust de versterking van Navarrenx te kunnen bekijken. De Taverne Saint-Jacques mag er wezen en in de kerk krijgen we de kans om een kaars te branden voor onze beschermheilige op deze tocht, maar verder ziet het stadje eruit alsof er een B-bom gevallen is. Het wordt dus picknicken op een verlaten Place de la Mairie.
De stadsmuren, poedertoren en grote kanonnen zijn indrukwekkend, vooral langs de oever van de Gave d'Oloron, waar zich enkele kilometers verder de onbetrouwbare Basken bevinden. Rond 3 uur stappen we de brug over. We overnachten in het volgende dorp en worden er ontvangen als nog nooit. Terwijl buiten de regen valt, schuift de gastvrouw voor onze neus een drankje (haar persoonlijke mix) en onder onze voeten een voetbadje (ook persoonlijke mix). Gênant voor wandelaars die zo extreem lui zijn geweest!
We zetten vandaag 14 588 stappen, goed voor 10 km.
Van Argagnan-Orthez tot Bugnein: paddenstoelen en palmen
In Argagnan, langs waar we in april Orthez binnenfietsten, nemen we de draad weer op, deze keer in wandeluitrusting. Raquel, het huis-hangbuikzwijn van onze Engelse gastheer, ligt nog lekker te slapen als we vertrekken. Een afscheidspootje of -kusje hoeft dus niet.
Op deze meestal bewolkte en voor het Zuiden toch wel frisse dag steken we in een ruk de rivier de Gave de Pau, de TGV-lijn en de snelweg over en wandelen we de charmante zuidelijke Béarn in. Rond de boerderijen verschijnen meer en meer palmbomen, maar in de weiden zijn de paddenstoelen evengoed aanwezig, zelfs in de vorm van een pingpongbal!
Voorbij Maslacq gaan we nog even op zoek naar het sierlijke kapelletje van de Notre-Dame de Muret, hoog boven de rivier, dan draaien we naar Sauvelade. De kleine abdijkerk daar is gewijd aan Sint-Jacob de Meerdere en kunnen we dus niet overslaan. De goede plaats voor een picknick.
We krijgen de Compostelaknop weer helemaal aan door de vriendelijkheid van andere Compostelagangers (een jongedame stelt vriendelijk voor ons samen te fotograferen, wat we niet weigeren) en door iets als het bezinningsplekje van een jong, alternatief koppel: naast de weg voorzagen ze een rustplek met zitmogelijkheid, rijkelijk voorzien van korte, bezinnende teksten. We gaan aan het "rondlezen ". "Si l'on n'attend rien, tout devient une surprise". Zo gaan we het weer proberen te doen.
We zetten vandaag 25 433 stappen, goed voor 17,5 km.
Midden september is de hitte van de zomer echt wel voorbij én zijn in de Pyreneeën winterse toestanden nog veraf. Het is dus een goed moment om de Compostelatocht verder te zetten. We proberen weer te voet, omdat we vinden dat stappen de echte pelgrimsbeleving geeft. Marina heeft extra geïnvesteerd in nieuwe steunzolen en goede stapschoenen (Duits fabricaat neen, geen Aldi, zoals ons fietsondergoed). Op zondag 17 september beginnen we weer voor een tiental dagen te stappen. Dan verschijnt op de blog weer dagelijks een verslagje.
We nemen de draad weer op in Orthez in de Franse Béarn, maar lopen al snel in Frans en Spaans Baskenland, tot Pamplona (Sp.) / Iruña (Bask.). We kijken uit naar die grondige kennismaking: al honderden kilometers terug noemde een tekst langs de weg de moeite én de heerlijkheden die ons nog wachtten: Avec les Basques tu vas chanter, tu boiras du vin de la Rioja. De wijn komt later pas. Afwachten hoe zinggraag die Basken écht zijn. We hebben alvast ons Baskisch opgepoetst
Alweer beleefden wij op weg naar Compostela het begin van de lente. Het blijft altijd even mooi en in Zuidwest-Frankrijk gaat het met een vaart. In dit eerst zeer mooie (Lot en Tarn-et-Garonne), daarna geleidelijk eentonigere gebied schoten we met de fiets redelijk goed op, al speelde een typisch gegeven van de streek ons als niet-sportievelingen parten: alle dorpen en stadjes zijn als bastides op de hoogste punt van de heuvel gebouwd en daardoor rij je veel van heuveltop naar brug naar heuveltop naar brug naar
We behoorden tot de eerste voorbijtrekkende Compostelagangers van het seizoen, hadden fijne gesprekken en ontmoetten weer veel oprechte vriendelijkheid. Het mooiste moment van dit traject was zeker toen we na een bocht in de weg plots de Pyreneeën voor ons zagen opdagen, nog 100 km ver.
We hadden een paar dagen meer kunnen doen, maar moesten het wegens de terugkeer met de fiets op de trein bij 9 houden. We legden 378 km af. In totaal zijn we nu 1911 km ver. Daarvan hebben we 661 km gestapt en 1250 km gefietst. Daarmee zijn we in 2/3 van ons parcours naar Compostela op voorwaarde dat we in Spanje de kortste route, de Camino francés, zouden volgen.
De blog ligt nu weer stil. In de nazomer vertrekken we opnieuw, als God het wil.
Hier volgen nog wat foto's van mooie plekken of wat bijzondere momenten van de eerste zeven dagen:
* van de 1ste (van dit traject) / 58ste (in het totaal) reisdag: bloeiende wilde sleutelbloemen, bijna dit hele traject onze gezellen en een typisch tegen de rotswand aan gebouwd huis in de vallei van de Célé
* van de 2de / 59ste reisdag: de zon die door de ochtendnevel prikt in Sauliac-sur-Célé en een van de gloednieuwe, met de computer getekende glasramen in Cahors
* van de 3de / 60ste reisdag: een routebordje dat gelukkig geen voorspellende waarde had en zilver en goud in de Quercy Blanc
* van de 4de / 61ste reisdag: de bijzonder in onze picknick geïnterresseerde katten van onze Engelse gastheren Paul en Sue in Lauzerte en Daniël in de leeuwenkuil in de gewezen abdij van Moissac
* van de 5de / 62ste reisdag: een Compostelafietser op een wegwijsbordje en een vóór ons opvliegende reiger langs het Canal de la Garonne
Hier nog wat foto's van mooie plekken of wat bijzondere momenten van het tweede deel van de tocht:
* van de 6de / 63ste reisdag: landschap met bloeiende koolzaadvelden bij Mas-dAvignon en al volop bloeiende pioenen en blauwe regen
* van de 7de / 64ste reisdag: het vestingkerkje ven Larressingle en het goedgevulde glas voor de aankomende pelgrims in Arblade-le-Haut
* van de 8ste / 65ste reisdag: een van de eerste zich openende bladeren van de wijnstok en onze eerste blik op de verre Pyreneeën van bij Luppé-Violles
* van de 9de / 66ste reisdag: een beeld in Arthez-de-Béarn en de afstandsaanduiding naar Compostela daar
En ten slotte de bewijsfoto: Marina op de pelgrimsbrug in Orthez. Daar nemen we volgende keer de draad weer op.
Wil je graag op de hoogte gebracht worden wanneer de blog weer in werking gaat? Laat dan gewoon even je e-mailadres weten. Dat kan via "reacties" hieronder.
Een dagje om (niet) naar de Pyreneeën uit te kijken
We nemen een dag om van alle gefiets wat te bekomen. Aan de oude brug van Orthez, die eigenlijk op de pelgrimsroute uit Vezelay ligt, nemen we de onmisbare bewijsfoto, hopende dat Marina daar in het najaar net zo present zal zijn.
We brengen het grootste deel van de dag door in Pau.Vanop de fameuze Promenade des Pyrenées hopen we nog even een visueel voorproefje van dat gebergte te krijgen. Maar dat valt flauwtjes uit. Slechts bij momenten levert een scherpe blik rechts van de sparren een suggestie van een verre bergflank op. Als we later verder stappen wordt dat gegarandeerd anders.
Over enkele dagen verschijnen nog enkele mooie foto's van dit 7de traject op onze blog.
Op onze 60ste reisdag fietsen we al vlug over de Luy de France, waar in vroeger tijden Frankrijk eindigde en even later over de Luy de Béarn, waar de Béarn, heimat van de onovertroffen bearnaisesaus, begint.
(Onze gastvrouw in A.-A. had ons al verteld dat de befaamde Bayonneham haar naam slechts gekregen heeft doordat ze vanuit Bayonne werd verscheept, maar niet bewerkt, gedroogd en verhandeld. We moeten absoluut Arzacqarraziguetham gaan zeggen.)
In Morlanne maken we een boog rond het 14de-eeuwse kasteel. In Pombs neemt Paul bij de Sint-Jacobskapel plaats op de "banc de la pensée", mag toch op een Compostelatocht? In Arthez-de-Béarn duidt een dikke blauwe bol op een stenen kaart van de Compostelaweg aan waar we nu al zijn. Dat geeft moed, zo dicht bij de Pyreneeën. Alleen, als we naar het zuiden kijken, zien we vandaag alleen nevel. Maar we weten met zekerheid dat de Col du Somport, waar ooit een Compostelafietser uit het Denderleeuwse de hoogtes trotseerde, pal voor ons ligt.
Op het eind van onze tocht vinden we waar we al lang op hoopten: een echte "route des crêtes", die ons niet almaar van rivieroversteek maar heuveltop brengt, maar rustig aan naar de brede vallei van Orthez en Pau voor ons. Heerlijk is ook de Atlantische wind, die de hitte tempert.
Wanneer we bij aankomst in ons eindpunt Orthez een foto willen maken van het plaatsnaambord en een paar palmen en bananenbomen erachter, komen de bewoners van het gebouw geagiteerd naar buiten gerend. Verbod hun bomen te fotograferen?? Neen, het paar is gewoon zo enthousiast Compostelafietsers voor de deur te zien halt houden. Mijnheer, de voorzitter van de plaatselijke wielerclub, wil ons samen fotograferen. Daarmee is meteen bewezen dat we het eindpunt van dit traject bereikt hebben.
We hopen morgen de Pyreneeën eens helder van nabij te zien.