30
Overdaggers verzamelen aan Den Tichel voor een bezoek aan PXL Stem Academy in
Hasselt, Kempische Kaai 85.
Iedereen was wel benieuwd wat het ging worden.
De uitnodiging riep toch heel wat vragen op: een workshop robots, wetenschap,
nijverheid.
Maar ja, we lieten ons uitdagen.
Rond de klok van veertien uur werden wij welkom geheten door drie leerkrachten
PXL. Onmiddellijk werden wij in drie groepen van elk 10 deelnemers verdeeld
naargelang ieders keuze.
Workshop 1:
Lego en techniek
Een grote
doos met legoblokken en een laptop voor ons. De bedoeling was zeer planmatig te
werken: stap voor stap zoals de laptop aangaf. Het was de bedoeling per twee het
aangegeven project op de laptop nauwkeurig uit te voeren met een licht-, kleur-,
en bewegingssensor, aansluitingen maken in de juiste poort en verbinden met de laptop
zodat op het einde alles werkte. Na de pauze mochten wij een ander projectje op
de laptop kiezen en zelfstandig uitvoeren zoals een breakdancer die benen en
armen kon bewegen.
Workshop 2:
Figuurzagen
Wie herinnert
zich nog zijn jeugdjaren dat wijzelf als ontspanning mochten figuurzagen. Heel
wat zaagjes sneuvelden toen heel zeker. Eerst moesten gekozen tekeningen
overgebracht worden op triplex en dan begon het secuur werk: met een figuurzaag
zo juist mogelijk de lijnen wegzagen. Daarna mochten wij een aantal lijnen met
een verwarmingsbout kleur geven. Heel wat fijne werkjes mochten wij bewonderen.
We voelden ons terug jong.
Workshop 3:
Een programma schrijven.
Deze
workshop leek mij de moeilijkste van de drie. Een programma schrijven waarbij
een lichtsensor, een ventilator of een warmtesensor werkte door middel van een
schuifregelaar. Het was logisch puzzelen en nog eens puzzelen om het geheel te
doen werken.
Besluit:
Deze
namiddag was een heel andere invulling als we gewoon waren. Meestal zien wij
mensen aan het werk maar nu moesten wij zelf aan de slag. Deze workshops worden
in principe aangeboden aan jonge kinderen van de basisschool of aan jongeren
van de middenschool. In elk geval wij amuseerden ons heel goed.
Een nababbel in Den Tichel was zonder meer niet weg te denken. Een geslaagde
namiddag.
KWB-Overdag op bezoek aan het crematorium Stuifduin te Lommel
Dinsdag 22
februari 2022: 29 Overdaggers zijn
present om een bezoek te brengen aan het crematorium Stuifduin in Lommel in de
Vonderstraat naast het stedelijk kerkhof van Lommel.
Tot tweemaal toe moest omwille van coronamaatregelen dit bezoek uitgesteld
worden. Stuifduin valt onder de grote koepel van Pontes die naast Lommel ook
nog een vestiging heeft in Wilrijk en Turnhout en is neutraal en dus niet
gebonden aan een religie.
De inplanting van het gebouw
De omgeving van het gebouw was uitermate verzorgd. Er werd gewerkt met hoogtes
en laagtes als een klein stukje Sahara .
Ook heel het plantsoen was aangepast aan
de Kempisch zandgrond: heel veel heide, die nu volop bloeide en
aangepaste bomen.
In de gebouwen van Stuifduin In heel het gebouw is er met veel hout gewerkt.
Dit gaf onmiddellijk een huiselijkere sfeer.
Stuifduin beschikt over 2 aulas: één waar 210 mensen en één waar 110 mensen
het afscheidsmoment kunnen bijwonen.
Naast iedere aula was een huiskamer voorzien waar de naaste familie kon wachten
tot het begin van de dienst. Zo kon de familie als laatste de aula binnenkomen.
De aulas waren beiden ingericht met de
laatste snufjes op gebied van communicatie naar de mensen toe.
Ze willen in de mate van het mogelijke zoveel mogelijk aan de wensen van de
familie van de overledene tegemoet komen.
Er kan zelfs een afscheidsviering in open lucht doorgaan.
Stuifduin kan ook instaan voor het verloop van de afscheidsviering.
De voorganger kan een personeelslid zijn
of de begrafenisondernemer, die de overledene aanbrengt. De viering kan in
aanwezigheid ofwel van de urne of de lijkkist.
Een koffietafel naderhand kan hier ook aan gekoppeld worden.
.Hiervoor zijn er drie zalen de Grote Nete, de Dommel en de Demer- ter
beschikking. Ook in de hoogtes van het meubilair kwam het Sahara-effect tot
uiting.
De prijs van de koffietafel hangt volledig af van de wensen van de familie. Allerlei
formules zijn voor het personeel haalbaar: van een Kempische koffietafel tot
een receptie.
De
crematie zelf Op voorhand moet
toelating verleend worden tot crematie van de overledene. De begrafenisondernemer
brengt de overledene in een lijkkist aan.
Deze wordt naar de crematieruimte gebracht waar zich de drie ovens bevinden.
De lijkkist wordt op een lift geplaatst.
Vanaf nu verloopt alles computergestuurd. Bij de lijkkist wordt er een vuurvast
steentje gelegd met een identificatienummer op. De nummer wordt gelinkt aan de
naam van de overledene en wordt zo ook geregistreerd op computer.
De temperatuur bedraagt 800° C. De verbranding, het afkoelen, het vermalen van
de assen en het in de urne verzamelen bedraagt twee uur.
De prijs van de crematie is afhankelijk
van de dag dat de crematie gebeurt.
s Zaterdag is er een meerprijs.
De uitvaartverzorger kan de urne nu ophalen
om uitgestrooid te worden, om in een urne of een columbarium geplaatst
te worden. Tegenwoordig mag de urne ook in de huiskamer een fijn plaatsje
krijgen om de overledene nog lang bij zich te hebben.
Besluit
Afscheid nemen van een dierbare gaat vaak gepaard met heel verdriet.
Maar als je voelt dat de afscheidsviering samen met de familie sfeervol, sereen
en rustig verloopt, welke jouw geloofsovertuiging ook is, maakt het verdriet
wat draaglijker.
Bonhoeffer schrijft het zo mooi: Afscheid nemen is met dankbare handen
weemoedig meedragen al wat waard is niet vergeten.
Dat wij alle mooie herinneringen van hen mogen meedragen tot in lengte van
dagen.
Twee jaar na datum hebben we weer een
bowlingnamiddag kunnen organiseren, ditmaal in de supermooie bowlingzaak
Antares in Lommel (12 banen).
Vijftien enthousiaste dames en heren waren van
de partij en hadden de schoentjes al snel verwisseld om naar de banen te gaan.
En of er enthousiasme was. Eén van onze dames (we gaan geen namen noemen .) wou
snel proberen een bal te gooien, had het opstapje niet gezien, struikelde en
haar bal rolde naar de baan erlangs, in de goot naar het einde voila de
eerste bal voor de eerste gooier op die baan was een feit
Iedereen gewaarschuwd voor het opstapje zijn
er verder geen ongelukken meer gebeurd, maar nog wel veel ballen in de goot
beland
Vijftien deelnemers, drie ploegen: één
damesploeg en twee herenploegen, opgedeeld in sterkte naar we ons herinnerden
van twee jaar geleden.
Bij de damesploeg (Alice, Annie, Marleen,
Liliane en Ghislaine) ging de strijd voornamelijk tussen Aliceen Marleen. De eerste ronde gooide Marleen
voortreffelijk, maar ze raakte misschien vemoeid en Alice wer beter naarmate
het spel vorderde. Eindscore: Alice 280 punten, Marleen 275 punten.
Bij de eerste herenploeg (Christ, Roger,
Guido, Henri en Albert) was Christ ongenaakbaar. Voor de start had hij gezegd
dat hij ging proberen omwille van zijn schouder, maar dat was enkel maar zand
in de ogen strooien van de tegenstrevers, niemand kon hem bijbenen. Enkel Henri
kwam een beetje in de buurt en Albert had zijn scherpe conditie blijkbaar
verloren in de coronamalaise. Eindscore: Christ 386 punten en Henri 324 punten.
Tenslotte de tweede herenploeg (Franci, Willy,
Gust, Staaf en Ludo). Hier ging het aanvankelijk tussen Franci en Willy voor de
eerste plaats, maar door een sterke remonte in de tweede en derde ronde Stak
hij Willy voorbij en kwam gelijk met Franci. Eindscore: Franci en Ludo: 300
punten.
Weer een gezellige namiddag met veel
spelplezier waar iedereen wat heeft kunnen bijbabbelen.
We zullen zien of we eventueel nog een tweede
keer kunnen gaan in dit werkjaar.
KWB-Overdag op bezoek op de Alpacaboerderij in Kaulille
16 november
2021: met 32 Overdaggers verplaatsten wij ons naar Kaulille, een bezoek wat
korter bij deze keer.
Dat wij welkom waren toonde ons het infobord aan de ingang van het bedrijf.
In de ontmoetingsruimte werd ons eerst koffie of thee aangeboden. Ontstaan van het bedrijf: De eigenaar vertelde ons in het kort hoe hij er toekwam om alpacas te
houden. Bij hem thuis hadden ze allerlei dieren: schapen, geiten maar ook twee
alpacas. Op het laatste jaar op de landbouwschool was een verplichte stage een
deel van de leerinhoud. Hij wilde toch wel iets speciaals. En omdat ze thuis
twee alpacas hadden wilde hij meer over deze dieren te weten komen.
Na heel wat zoekwerk op internet vertrok hij naar Australië waar heel wat
alpacabedrijven gevestigd waren.
In dit land waren er een 10-tal zeer grote en een 100-tal kleinere bedrijven.
Hij bezocht er menig bedrijf.
Daar zag hij onmiddellijk wat een schitterende dieren die alpacas wel waren.
Meteen was hij er vol van en dacht meteen: Die dieren wil ik later ook
houden.
Zijn stage kon niet stuk. Het scheren van de dieren kreeg hij rap onder de
knie.
In 1999 werd het bedrijfje opgestart met het geld dat hij verdiende met het
scheren van alpacas in Australië. De boerderij werd gekocht met enkele
hectaren grond bij, gerenoveerd en er werden een 30-tal dieren aangekocht.
In 2002 kwam dan de huidige stal waar de dieren een onderkomen hebben.
Wat voor een dier is de alpaca? De alpaca is een eenhoevig en kameelachtig dier dat heel sterk verwant
is met de lama. Daarom wordt hij wel eens de berglama genoemd. Hij komt uit het
Andes gebergte in Zuid-Amerika. We vinden ze in Ecuador, Bolivia, Chili,
Uruguay en vooral Peru. Ze gedijen zeer goed op een hoogte tussen 4400 m-5300 m
hoogte. Daar kan het overdag 30° worden en s nachts afkoelen tot -30°.
Het verschil tussen de twee dieren zit in het gewicht en de schofthoogte. Een lama is tussen de 1,20 m-1,50 m
groot met een gewicht rond de 150 kg terwijl de alpaca tussen de 0,80 m- 0,90 m
meet en met een gewicht rond de 60 kg.
De lama is veel struiser gebouwd. De alpaca heeft een brede snuit met spitse
oren. We kennen deze dieren als de spuwers vooral wanneer ze gestresseerd zijn.
De
verzorging van de dieren: Het voedsel van
de alpaca bestaat voornamelijk uit gras en/of hooi aangevuld met twee keer per
dag tussen de 150 g-250 g krachtvoer. Het hooi moet van zeer goede kwaliteit
zijn voornamelijk van de tweede snede gras. Er is altijd zuiver water ter beschikking.
De meeste dieren staan jaar in jaar uit op stal.
Vier keer per jaar worden de dieren ontwormd en tweemaal ingeënt vooral tegen
coccidiose. Er is ook een veterinaire ruimte aanwezig waar de
bedrijfsdierenarts een ziek dier kan onderzoeken.
De
voortplanting: De draagtijd
bedraagt 11,5 maand. De kleine alpacas worden nooit s nachts of s morgens
heel vroeggeboren maar meestal in het midden van de voormiddag. Dit heeft nog
te maken met hun afkomst waar het klimaat erg koud kon zijn.
Het geboortegewicht bedraagt ongeveer 6 à 8 kg. Ze blijven ongeveer 6 maanden
bij de moeder en worden dan gespeend.
De prijs van een hengst van zeer goede kwaliteit kan meerdere duizenden euros
bedragen.
De
wol: Alpacas worden
niet gehouden voor het vlees maar uitsluitend voor de wol.
De wol kan tot 22 erkende kleuren hebben.
De witte wol is de meest aantrekkelijke in de handel.
De zachtheid van de wol wordt gemeten met de computer.
Vroeger werd door de scheerder de wol ingedeeld in minstens vijf categorieën.
De glans en de krulling waren hier cruciaal. Ook de lengte, de dichtheid en de
verdeling over het lichaam waren een must voor goede wol.
De allerbeste wol wordt momenteel aan 80 per kg verkocht.
Wol van alpacas is vijfmaal warmer dan wol van schapen.
Het scheren van de dieren gebeurt machinaal door de eigenaar tijdens het
voorjaar.
Toerisme: Momenteel kan je
voor allerlei activiteiten op deze alpacaboerderij geworden: rondleidingen,
wandelen met alpacas, spelletje boerengolf tussen de alpacas,
een hindernissenparcours, een cursus alpacaboer, enz. De website geeft nog tal
van andere mogelijkheden.
Bezoek aan de alpacashop: In het winkeltje kon men zien wat er allemaal van alpacawol kan gemaakt
worden. Natuurlijk konden die dingen ook aangekocht worden.
Rond de klok
van vier zakten wij af naar Den Tichel om nog wat na te praten over het
geslaagde bezoek. Weerom een ervaring rijker.
Dinsdag 2
november 2021: KWB-Overdag trekt er op uit. Deze keer bezoeken wij een museum
in Asten, iets verder dan Weert en Nederweert.
Ook weer een druilerige namiddag. De weergoden zitten ons precies niet mee.
Maar niet getreurd, het was een binnen bezoek.
Wat was er dan te zien. Het museum is tweeledig: enerzijds het klokkenmuseum en
anderzijds een natuurmuseum.
De groep van 23 Overdaggers werd opgedeeld in twee. De ene groep begon met het klokkenmuseum
en de andere met het natuurmuseum. Het klokkenmuseum In 1975 opende prins Bernhard het museum dat voordien was ondergebracht
in het gemeentehuis. Maar hier werd het veel te klein. Er moest dus een
oplossing gezocht worden. Na een grondige renovatie werd het museum heropend in
2012.
De eerste
belletjes dateren van 700 voor Chr. Dierenbellen hebben doorheen de eeuwen
steeds bestaan. Zo kon de eigenaar zijn dieren gemakkelijk herkennen en het was
tevens een bescherming tegen het kwaad.
Zelfs de Romeinen kenden reeds al dan niet kleine en grotere bellen of klokjes.
Klokken werden ook als muziekinstrument gebruikt. De klank van een klok hangt
af van de grootte van de klok, de dikte en de samenstelling al dan niet uit een
legering van koper, tin of zuiver brons. De smelttemperatuur bedraagt 1100°
Celsius. Het stemmen van een klok gebeurde door aan de binnenzijde dunne of
dikkere groeven te trekken.
In Zuid-Europa werd tijdens de erediensten een bellenrad gebruikt.
Al in de 12e eeuw werden in de grote kathedralen ook bijna
mastodonten van klokken geïnstalleerd. De grote klokken gaven een zware toon.
Deze droeg ook veel verder dan de toon van de kleinere klokken.
Af en toe vond je op de klok de naam van de maker. Het was een eerste vorm van
reclame.
Doorheen de jaren bracht men allerlei versieringen aan.
De oudste
vorm van het aangeven van de tijd was de zonnewijzer. We herinneren ons nog
allen de zonnewijzer voor de vroegere apotheek van Wijchmaal.
Een monnik
bedacht het mechanisch uurwerk. Hij had er de tijd voor en waarschijnlijk de
middelen.
Doorheen de eeuwen werd dit steeds gesofisticeerder.
Een hele tijd werd er stilgestaan bij de werking van de klokkengieterij. De
gids legde haarfijn de vijf stappen uit om een volwaardige klok te gieten. Het
was toch wel een beetje titanenwerk.
Vanaf 1740 doet de beiaard zijn intrede. We kunnen regelmatig de deuntjes van
de beiaard van Peer beluisteren als wij ter plekke zijn.
Als laatste konden wij de reizende beiaard van André Rieu bewonderen.
Het
natuurmuseum De peel was een
zeer uitgestrekt moerassig gebied in de omgeving van Asten en hogerop. Het
woord peel zou afkomstig zijn van het Latijnse woord palus.
Het gebied moet ontstaan zijn ongeveer 10 miljoen jaren geleden tijdens het
mioceen. Alles was hier toen zee met de baardwalvis als grootste walvis. De
periode nadien het plioceen was gekenmerkt door de grote beesten die er woonden.
Ook toen waren er klimaatveranderingen. Tijdens het pleistoceen leefden er
edelherten en mammoeten.
Zo zagen wij dat de wereld steeds in ontwikkeling was en nog is. Denk maar aan
de klimaatopwarming.
Op de kaart van 1853 zagen wij duidelijk aan de hand van kleuren waar de
ondiepe en de diepe peel zich bevonden. De ondiepe peel was begroeid met riet
en biezen. De diepe peel was ontoegankelijk.
Vroeger bedroeg de grootte van de peel 148000 ha en nu nog 3000 ha.
Doorheen de eeuwen zochten de mensen voedsel, veiligheid en een stek om er te
kunnen wonen.
Het veenmos overwoekerde alles en lagen stapelden zich op elkaar. Zo ontstond
turf. Deze begon men te ontginnen. Dit zware werk werd gedaan door de
turfstekers. Ze werkten tot 14 u. per dag met zelf zware, gesmede werktuigen.
Zwartveen, een eerste vorm van turf, werd gebruikt als brandstof. Het kon ook
gebruikt worden als strooisel in de stallen.
Heel de peel
is nu een beschermd natuurgebied.
Doorheen de rondleiding maakten wij kennis met een hele rits aan opgezette
dieren en vogels die vroeger en/of nu nog hun gastverblijf hebben in de peel.
En tot slot.. De beide rondleidingen waren zo interessant dat
het al gauw vijf uur werd en het museum sloot. En toen moesten we nog een klein
uurtje rijden om terug in onze heimat te zijn. Weerom een geslaagde activiteit.
Leo Vandervelden