Geschiedenis en domesticatie van de Kwartel
Historie
Kwartels worden al sinds lange tijd door de mens gebruikt als voedselbron. In oude Egyptische geschriften van meer dan 4000 jaar oud worden al kwartels beschreven. Het ging niet om gefokte kwartels, maar om kwartels die in het wild werden gevangen. Ook in de Bijbel wordt beschreven dat kwartels (of kwakkels) uit de lucht vielen en tot voedsel dienden voor het Joodse volk in de Sinai-woestijn. De kwartel komt zelfs voor in het Egyptische hiëroglyfen schrift en staat voor de letter W. Het is bekend dat de oude Grieken en later de Romeinen kwartels hielden. Niet zozeer voor vlees
en/of eieren, maar voor zijn roep (d.i. zang) en voor hanengevechten.
Kwartels van het geslacht Coturnix werden in het oude China gehouden als huisdier, ook voor zijn roep en voor hanengevechten. Het betrof de soort die wij kennen als Coturnix japonica, de Japanse kwartel. In de 11de eeuw werden deze kwartels vanuit China naar Japan gebracht. De eerste geschriften over het houden van kwartels in Japan dateren uit de 12de eeuw. In dit land werden kwartels gefokt en gehouden voor hun roep. Het bedrijfsmatig houden en fokken van kwartels voor de productie van vlees en eieren kwam pas in het begin van de vorige eeuw goed op gang. Het vlees van kwartels is zeer fijn van structuur en smaak. Kwarteleieren worden geprezen om hun smaak en in sommige landen gelden ze als een echte delicatesse. Vroeger werden vooral in Japan aan kwarteleieren geneeskundige eigenschappen toegekend.
In vele ontwikkelingslanden wordt steeds vaker de Japanse kwartel gehouden als producent van eieren. Deze kwartel is gemakkelijk te houden, is een alleseter en een productieve legger van eieren. Op deze manier zorgt de Japanse kwartel voor de broodnodige aanvulling van dierlijke eiwitten in de voeding in die landen. Pas sinds een jaar of 50 worden kwartels in de Westerse wereld als hobby gehouden en gefokt.
Domesticatie
Wilde dieren kunnen na verloop van tijd, door er bewust mee te fokken, veranderen in huisdieren met andere eigenschappen en meestal ook andere uiterlijke kenmerken. Dit proces noemen we domesticatie. Denk bijvoorbeeld aan de oorspronkelijke wilde hoenders die werden gedomesticeerd met als resultaat de vele huidige rassen tamme kippen.
Het woord domesticatie wordt ook wel gebruikt bij verschillende soorten kwartels en dat is niet juist. We kunnen bij kwartels niet spreken over domesticatie zoals die heeft plaats gevonden bij de hoenders. Alle kwartels, behalve de Japanse kwartel en de Chinese dwergkwartel, zijn in feite nog natuurlijke vogels in hun vorm en gedrag. De huidige Japanse kwartel bij de fokkers en liefhebbers verschilt wel van de wilde vorm. Deze Japanse kwartel wordt daarom wel als gedomesticeerd beschouwd.
De eerste geschreven meldingen van tamme kwartels komen uit China en Japan en dateren uit de 11de en de 12de eeuw. De Japanse kwartels bij de liefhebbers, fokkers en in de bedrijfsmatige pluimveehouderij zijn groter dan de wilde vorm en de kleur en tekening zijn ook anders dan die van de wilde vorm. Bovendien komen er naast de wildkleur veel meer kleuren voor. Tegenwoordig kennen we ook nog speciaal op de productie van vlees en eieren doorgefokte Japanse kwartels. Deze leg- en vleesrassen wijken ook af van de wilde vorm.
De Chinese dwergkwartel, ook al eeuwen lang door de mens gehouden, wordt ook als gedomesticeerd beschouwd. Bij de dwergkwartel zijn niet zulke opvallende veranderingen in uiterlijk en grootte doorgefokt als bij de Japanse kwartel. Ook bij de andere dan de Japanse kwartel en de Chinese dwergkwartel zien we meer kleurslagen dan alleen de natuurlijke wildkleur.
Dit feit is geen uiting van domesticatie, maar heeft te maken met het natuurlijke proces van mutaties. Worden er grote aantallen van een soort gefokt, dan is de kans groter dat er spontane mutaties optreden. Deze mutanten worden door fokkers beschermd en vermeerderd door er mee verder te fokken.