Samen met Beate en Johnny gingen we naar het strand Ancon. Daar hebben we even gebruind (of gerood), en daarna gingen we met een catamaran op zee om te snorkelen. Johnny paste op onze rugzakken want hij zwemt niet graag. Er was een Nepalees die Cuba rondfietste en die meeging op de catamaran. De plek was heel ondiep, op sommige plaatsen kon je gewoon op het koraal staan. Wel uitkijken want er zitten zeeegels. Er waren veel mooie vissen en het koraal heeft ook verschillende kleuren. Beate snorkelde voor de eerste keer en ze had geen eigen gerief mee, daarom dronk ze nogal wat water. Een hele belevenis. 's Avonds gingen we eten in een Paladar en daarna nog iets drinken. Dan pakten we alles in want we moesten op tijd aan de bus zijn. Die misten we echter omdat we dachten dat ze om 7:45 was, maar ze bleek al om 7:30 te zijn vertrokken. Dan maar met een taxi. Onderweg merkten we plots een baby hagedis op mijn arm. Na een koffie reden we tot in Havana. Voor de laatste nachten hebben we hotel Sevilla geboekt, een heel oud hotel (van 1908), gerenoveerd en heel mooi maar onze kamer was niet al te groot. Het uitzicht over Havana bij het ontbijt vanaf de 9de verdieping was fantastisch. We besloten een sigarenfabriek te bezoeken achter het Capitole. Die was dicht, maar we konden wel in het winkeltje binnen en kochten wat sigaren en koffie. We bezochten het Theater (Gran Teatro de la Habana) met een gids. Nadien wandelden we over de Prado, een boulevard met veel schaduw van de bomen en waar schilders hun werkjes tentoonstellen. Je moet je hier bij het wandelen de rijke dametjes met lange rokken en heertjes met stok van voor 1958 voorstellen. Daarna dook mama in het zwembad en ik ben hier even komen zitten.
29-03-2008 om 00:00
geschreven door Vic en Diane 
|