E-mail mij

Druk oponderstaande knop om mij te e-mailen.

Gastenboek
  • cialis discounts canada
  • only here cialis prescriptions
  • canada viagra welcome to
  • Problems
  • Goed idee

    Druk oponderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek

    gezondheid

    22-06-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.

    Wat is een depressie?

    ‘ik zie het de laatste dagen helemaal niet meer zitten’, of ‘ik voel me zo depressie’.

    Zoiets wordt tegenwoordig heel gemakkelijk gezegd, maar het is de vraag of er werkelijk sprake is van een depressie, of dat het hier gewoon om een wat sombere stemming gaat?

    Een depressie is immers officieel een psychiatrische ziekte, zelfs één van de meest voorkomende. Een sombere stemming daarentegen is géén ziekte, maar een gewone tijdelijke verandering van stemming.

     

     

     

    Wanneer is er sprake van een echte depressie?

    Bij een echte depressie is de stemming abnormaal verlaagd. Er is dan sprake van een pathologische daling van de stemming. Nu is de grens tussen normaal en abnormaal moeilijk te trekken, de overgang verloopt namelijk geleidelijk. Daarom heeft men in de loop der jaren een aantal normen of maatstaven ontwikkeld zijn, aan de hand waarvan de arts kan bepalen of er nu wel of geen sprake is van een echte depressie. Die maatstaven zijn algemeen aanvaard. Bij een echte depressie zien we dat de stemming in de loop der tijd verder en verder daalt, tot aan een eventueel ernstige depressieve stemming. Hoe dieper de stemming daalt, des te ernstiger de depressie is. Die stemmingsdaling moet minimaal 2 weken bestaan hebben voordat van een depressie gesproken mag worden. Het langer duren van de depressieve stemming is dus een belangrijke voorwaarde. Een tweede belangrijk kenmerk voor het mogen stellen van de diagnose depressie is dat de depressieve stemming het functioneren op allerlei gebied negatief beïnvloedt. Wanneer we hier spreken over een depressie bedoelen we dus de psychiatrische ziekte of stoornis en niet van een sombere of depressieve bui.

     

     

     

    Wat zijn de gevolgen voor de omgeving?

    Een depressie betekent niet alleen veel leed voor de betrokkene zelf, maar ook voor de naaste omgeving. Partner, gezin en familie voelen zich vaak erg machteloos omdat ze de patiënt niet kunnen bereiken. Ook maatschappelijk gezien heeft een depressie grote gevolgen. Het ziekteverzuim ligt bij de depressieve patiënten vrij hoog, omdat zij niet naar behoren kunnen functioneren. Bovendien voelen zij zich lichamelijk niet fit, zodat zij veel medische zorg ‘consumeren’. Vergeleken met mensen die niet depressief zijn, worden zij vaker door doktoren onderzocht. Vaak komen er zelfs verschillende specialisten bij, die dan ook nog eens allerlei duur hulponderzoek aanvragen. Dit alles heeft tot gevolg veel depressieve mensen veel medicijnen voorgeschreven krijgen en veel ‘vaak onnodig’ onderzocht worden.

     

     

     

    Welke soorten depressies zijn er?

    -         dystheme depressie

    -         postpartum depressie

    -         seizoensgebonden depressie

    -         manische-depressieve stoornis

    daarbij zijn er ook specifieke groepen die in aanraking kunnen komen met depressie:

    -         jongeren

    -         ouderen

     

     

    dystheme depressie:

    bij iemand met dystheme depressie doen zich minder verschijnselen voor dan bij iemand met een gewone depressie. En de verschijnselen die zich voordoen zijn minder intens. Wanneer de klachten van zo’n milde depressie tenminste 2 jaar aanwezig zijn, wordt gesproken van een dystheme depressie. Deze klachten kunnen dan optreden:

     

    -         slechte eetlust of teveel eten

    -         veel of juist heel weinig slapen

    -         weinig energie of vermoeidheid

    -         gering gevoel van eigenwaarde

    -         slechte concentratie of mogelijkheden om tot een besluit te komen

    -         gevoelens of hopeloosheid

     

    postpartum depressie:

    Een kind krijgen is een ingrijpende gebeurtenis. De jonge moeder maakt in korte tijd veel veranderingen door. Lichamelijk en hormonaal, maar ook emotioneel en sociaal. Ze staat opeens voor een nieuwe verantwoordelijkheid en de baby vraagt veel zorg. Geen wonder dat veel vrouwen de eerste dagen na de bevalling snel last hebben van spontane huilbuien, prikkelbaarheid, nervositeit en slaapproblemen. Baby blues worden die huildagen wel genoemd. Maar liefst 50% tot 80% van alle vrouwen die een kind krijgen hebben hier last van, veelal in de derde tot tiende dag na de bevalling. Meestal gaan deze baby blues vanzelf over. Maar sommige vrouwen zijn maandenlang somber. Al hadden ze zich vooraf nog zo op de baby verheugd, nu die er is voelen ze zich niet blij. Ze zijn prikkelbaar, angstig en neerslachtig. Jonge moeders met deze klachten hebben een postpartum depressie, soms ook wel postnatale depressie genoemd. Soms beginnen de klachten pas na enkele weken, als de moeder stopt met borstvoeding geven of weer gaat werken. De verschijnselen zijn:

     

    -         sombere stemming

    -         gebrek aan interesse en initiatief

    -         weinig plezier beleven aan de baby of zelfs heftige gevoelens van afkeer en haat t.o.v. de baby

    -         geen ‘moedergevoel’ hebben of juist overbezorgd zijn voor de baby

    -         extreme vermoeidheid en lusteloosheid

    -         huilbuien

    -         prikkelbaarheid en agressieve uitvallen

    -         concentratieproblemen, verwardheid en vergeetachtigheid

    -         slapeloosheid of juist een extreem grote slaapbehoefte

    -         gebrek aan eetlust of juist overdreven eetlust

    -         weinig zelfvertrouwen

    -         het gevoel van binnen dood of leeg te zijn

    -         gevoelens van machteloosheid, wanhoop en angst en sterke neiging tot piekeren

    -         meer algemene klachten zoals hoofdpijn, duizeligheid en misselijkheid

     

     

     

     

     

     

     

     

    seizoensgebonden depressie:

    depressieve stemmingen tijdens het najaar, de winter en het vroege voorjaar zijn voor veel mensen elk jaar een terugkerend probleem. Winterdepressie kan iedereen krijgen. Vooral vrouwen in de leeftijd van 13 tot 55 jaar hebben er grote gevoeligheid voor. De voornaamste klachten van een winterdepressie zijn:

     

    -         somberheid, neerslachtigheid

    -         veel slapen, soms meer dan 14 uur per dag

    -         veel eten

    -         gewichtstoename

    -         prikkelbaarheid

    -         vermoeidheid

    -         neiging zich in zichzelf terug te trekken

     

    manisch – depressieve stoornis:

    Kenmerkend voor deze aandoening is bovendien de afwisseling tussen de depressieve en de manische periodes. Tussen de periodes van afwisselend extreme somberheid en extreme vrolijkheid of uitgelatenheid voelt en gedraagt de persoon zich veelal gewoon.

    De verschijnselen van de manische periode zijn:

    -         hebben buitengewoon veel energie en zijn vaak erg druk

    -         hebben nauwelijks behoefte aan slaap

    -         maken ontelbare plannen

    -         presteren veel en zijn erg creatief en actief

    -         kunnen meer aan dan een normaal mens (of denken dat)

    -         hebben veel zelfvertrouwen en leggen makkelijk contacten

    -         zijn opgewonden en vrolijk, maar ook veeleisend en bij tegenwerking snel geprikkeld en boos

    -         praten druk en chaotisch en maken onbegrijpelijke gedachtesprongen

    de verschijnselen van de depressieve periode zijn:

    -         vervalen tot grote besluiteloosheid en dodelijke vermoeidheid

    -         kunnen niet voorstellen dat ze voorheen (tijdens manische periode) actief waren en voelen zich niets waard

    -         hebben geen enkele belangstelling meer voor anderen, hobby’s of gewone dingen van het leven

    -         hebben last van concentratieproblemen, lichamelijke klachten, slaapproblemen, gebrek aan eetlust en kampen soms met de wens om dood te zijn

     

    jongeren:

    een jongere met een depressie voelt zich langere tijd rot, neerslachtig en lusteloos. Ook is hij vaak verdrietig, heeft hij huilbuilen of het gevoel te willen huilen. Op school, thuis, met vrienden en met zichzelf loopt het niet lekker. De toekomst ziet er somber uit. Een jongere met een depressie heeft de neiging zich te isoleren. Sommige gaan blowen of drinken. Ook piekeren, faalangst, gevoelens van wanhoop en besluiteloosheid komen veel voor. Een depressie gaat ook gepaard met lichamelijke klachten, zoals vermoeidheid, gebrek aan energie, hoofdpijn en vage buikklachten. De ene jongere heeft geen zin om te eten, de andere eet juist extreem veel. Dat kan samengaan met enorm afvallen of aankomen. Veel meer slapen dan gebruikelijk en toch de hele dag moe zijn of juist erg weinig slapen horen er ook bij.

    Deze lichamelijke klachten komen bij gewone ‘pubers’ minder vaak voor.

    De depressie komt vaak ook tot uiting in schuldgevoelens en het gevoel tekort schieten. Depressieve jongeren hebben meestal een negatief zelfbeeld. Ze voelen zich mislukt, minderwaardig  aan hun leeftijdsgenoten en buitengesloten. Ook met hun uiterlijk zijn ze ongelukkig. Jongeren met een depressie kunnen zo somber worden dat ze niet meer willen leven. Soms loopt dat uit op een poging tot zelfmoord. Van alle 12 tot 18 jarigen heeft bijna 1 op de 20 één of meerdere zelfmoordpogingen gedaan.

     

    Depressie bij kinderen:

    Ook jongere kinderen kunnen depressief zijn. Van alle kinderen in de basisschoolleeftijd heeft 1 tot 2% een depressie. Deze kinderen zeggen zich rot of leeg te voelen en zijn moeilijk op te vrolijken. Ze willen geen vrolijke dingen doen en hebben geen plezier in zaken die ze normaal wel leuk vinden. Ze barsten soms zomaar in huilen uit, ze zijn afwezig en trekken zich terug. Ze denken negatief, ook over zichzelf en voelen zich snel schuldig en onbemind. Kinderen met een depressie zijn vooral prikkelbaar en onrustig in plaats van somber en futloos. Ze zijn opstandig, boos of driftig zonder dat ze zelf weten waarom. Bij kinderen kan de depressie verborgen blijven achter verschijnselen zoals angsten, hangerigheid, afhankelijk gedrag, bedplassen en slechte schoolprestaties. Kinderen met een depressie hebben weinig vriendjes en worden regelmatig gepest. Ze hebben vaker last van slaapproblemen, nachtmerries, verminderde eetlust en klagen over onverklaarbare lichamelijke pijn doordat ze zich zo rot voelen (buikpijn, rugpijn, hoofdpijn).

     

    Ouderen:

    Hoort het bij de leeftijd of is het een depressie?

    De oude dag gaat vaak gepaard met vergeetachtigheid, weinig energie, lichamelijke ongemakken, pijn en stramheid. Ook hebben veel ouderen last van somberheid, lusteloosheid en eenzaamheid. Dat is niet zo vreemd. Door de jaren heen zijn allerlei mensen die hen dierbaar zijn, overleden. Dat brengt verdriet en rouw met zich mee. En omdat de sociale contacten afnemen, neemt ook het alleen zijn toe. Toch is het niet vanzelfsprekend dat ouderen somber en lusteloos zijn of veel lichamelijke klachten hebben. Zulke verschijnselen kunnen ook wijzen op een depressie. Een depressie bij ouderen wordt vaak niet herkend. Dat komt omdat de klachten aan de leeftijd worden toegeschreven, maar ook omdat ze verschillen van die bij de jongeren. Hierdoor krijgen depressieve ouderen vaak niet de juiste hulp. De algemene verschijnselen bij ouderen zijn:

    -         concentratieproblemen, vergeetachtigheid en besluiteloosheid

    -         moeite met in slaap vallen of doorslapen

    -         lichamelijke klachten zoals verstopping, een droge mond, onverklaarbare pijn, duizeligheid, hartkloppingen, trillende handen, druk op de borst en hoofd – en rugpijn

    -         somberheid, lusteloosheid en prikkelbaarheid

    -         denken aan zelfdoding

    -         gebrek aan interesse en plezier, nergens van genieten

    -         sterke neiging tot piekeren

    -         grote vermoeidheid

    -         gebrek aan eetlust en gewichtsverlies, of juist overdreven eetlust en gewichtstoename

    -         traagheid in praten, denken en bewegen

    -         het gevoel van binnen dood of leeg te zijn

    -         gevoelens van machteloosheid, wanhoop en angst

    -         huilen zonder dat dit oplucht of graag willen huilen maar dit niet kunnen

    -         schuldgevoelens en het gevoel niets waard te zijn

    -         nauwelijks of geen zin seksueel contact

     

    wat zijn de symptomen?

    Een depressie kan zich op erg veel verschillende manieren uiten. Deze uitingsvormen noemen we verschijnselen of symptomen. Het aantal en de aard van deze symptomen kan van persoon tot persoon verschillen. Het is dan ook niet zo vreemd dat een depressie vaak kortere of langere tijd niet zodanig wordt herkend. Aan de hand van de bijkomende klachten kan er ook een onderscheid gemaakt worden tussen de typen depressie.

     

    -         depressieve stemming

    -         geen plezier

    -         interesseverlies

    -         slaapstoornissen

    -         eetstoornissen

    -         dagschommeling

    -         traagheid of juist onrust

    -         gespannenheid

    -         angstklachten

    -         energieverlies

    -         verminderd zelfgevoel

    -         schuldgevoelens

    -         concentratieproblemen

    -         stoornis in het denken

    -         besluiteloosheid

    -         dwanggedachten

    -         denken aan de dood

    -         zelfdoding

    -         lichamelijke klachten

    -         libidoverlies

    -         hypochondrie

    -         psychotische verschijnselen

     

    wat zijn de oorzaken?

    Hoe ontstaan depressies? Waarom krijgt de één onder bepaalde omstandigheden wel een depressie, en de ander niet. Het antwoord hierop is verre van eenvoudig. In de loop van de tijd ontwikkelde men een aantal theorieën, die tot nu toe niet volledig bewezen zijn. Voor een deel berusten ze op hypothesen. Hoewel de wetenschappelijke ontwikkeling op dit gebied wel ontzettend snel gaan, blijft er vooralsnog veel onduidelijk. Dit zijn sommige oorzaken:

     

    -         één of meerdere oorzaken

    -         erfelijke factoren

    -         oorzaak binnen in de hersenen

    -         lichamelijke ziekten

    -         door medicijngebruik

    -         door gebruik van middelen (alcohol,…)

    -         andere biologische factoren

    -         onderzoek naar bestaande ziekten

    -         psychologische en/of psychosociale factoren

     

     

     

     

    hoe stellen ze de diagnose vast?

    Het kan niet genoeg benadrukt worden dat het erg belangrijk is om een juiste diagnose te stellen. Alleen dan kan er een passende behandeling gestart worden. Maar depressieve patiënten hebben niet alleen recht op het stellen van een juiste diagnose, ze mogen ook verlangen dat deze diagnose met hen wordt besproken. Als de arts nog niet geheel duidelijk is waarvan hij denkt, moet hij dat zeggen. Ook hoort hij te bespreken welke behandeling de patiënt zal krijgen en wat het te verwachten resultaat daarvan is. Of iemand aan een depressie lijdt, is soms niet eenvoudig vast te stellen. Zo’n patiënt is altijd depressief. Maar het omgekeerde gaat niet op! Niet iedereen die depressief is, lijdt automatisch aan een depressie.

    Om de juiste diagnose te kunnen stellen zijn er psychologische tests ontwikkeld. Dat zijn gestandaardiseerde interviews, waarmee bij psychiatrische stoornissen bepaald kan worden welke diagnose (door DSM-IV) bij iemand gesteld moet worden.

     

    Wat is DSM-IV?

    Sinds ongeveer 20 jaar is men in toenemende mate gebruik gaan maken van een amerikaans indelingssysteem. DSM betekent: diagnostic and statiscal mental disorders. Dit indelingssysteem is vervat in een handboek voor het stellen van een diagnose bij psychiatrische ziekten. In het boek staat bij elke psychiatrische ziekte vermeld welke klachten en ziekteverschijnselen bij iemand aanwezig moeten zijn voordat de arts een bepaalde diagnose mag stellen.

     

    Hoe behandelen?

    Als een patiënt depressief is en bijvoorbeeld schuld – en zondewanen heeft, of als de depressie gepaard gaat met een verhoogd risico op zelfdoding, zal niemand eraan twijfelen dat professionele hulp geboden moet worden. Wanneer de stemming licht gestoord is of als de patiënt nog niet zo lang somber is en er bovendien voor de sombere stemming een duidelijke reden aanwezig is, dan is de keuze tussen wel of geen hulp zoeken niet zo eenvoudig. Maar als de sombere stemming langer aanhoudt dan verwacht en het dagelijkse functioneren eronder gaat lijden, is het verstandig om toch de huisarts te raadplegen. Heel veel mensen aarzelen in dat stadium nog om hulp te zoeken. Ze vinden zichzelf bijvoorbeeld een aansteller, schamen zich en willen de huisarts niet lastig vallen.

     

    Wat kan de huisarts doen?

    Net als bij lichamelijke klachten biedt de huisarts de eerste opvang voor patiënten die in psychische nood verkeren. Hiernaast heeft hij vanzelfsprekend de taak een eventuele depressie te herkennen en te behandelen. De huisarts kent de patiënt, het gezin en mogelijk ook de verdere familie. Iemand met depressieve klachten kan zich al wat beter voelen na een aantal gesprekken waarin hij heeft verteld hoe hij zich voelt en wat zijn problemen zijn. Uitleg en informatie over het ziektebeeld depressie kan ook een belangrijke bijdrage leveren. De patiënt krijgt erkenning, waardoor het gevoel dat hij een aansteller is kan verminderen. De gesprekken kunnen eventueel gecombineerd worden met een behandeling met medicijnen tegen de depressie. Het praten moet echter op de voorgrond staan: het is dus praten en eventueel pillen. Meestal zal de huisarts de behandeling beginnen en ook afmaken. Soms is de depressie te ernstig en/of te langdurig om door de huisarts behandeld te worden. In dat geval zal de huisarts de patiënt verwijzen naar een zelfstandig gevestigd psychiater.

     

     

     

     

     

    Behandeling met medicijnen.

    Wanneer er sprake is van een depressie is vaak ook een behandeling met medicijnen op zijn plaats, vooral als er bovendien zogeheten vitale kenmerken bij voorkomen. Medicijnen die tegen depressies worden voorgeschreven, worden antidepressiva genoemd. Deze hebben bij 80% van de patiënten succes. Soms helpt het eerste voorgeschreven middel niet en moet een tweede of zelfs een derde worden geprobeerd.het gebruik van kalmerende middelen en slaapmiddelen moet bij depressies zoveel mogelijk beperkt blijven.

     

    Erfelijkheid?

    Een erfelijke aanleg is ontegenzeggelijk van belang bij het ontstaan van een depressie. Deze conclusie kan worden getrokken na uitgebreide familiestudies, waarbij de ziektegeschiedenissen van de verschillende familieleden bestudeerd zijn. Wanneer iemand uit een familie komt waarin veel depressies voorkomen, heeft hij gemiddeld een grotere kans zelf ook depressief te worden. Wanneer beide ouders aan depressies lijden of hebben geleden is de kans hierop bijvoorbeeld 10 maal zo groot als normaal.

     

    Woordenlijst:

    Gestandaardiseerde: brengen tot een gewoon of verband in afmeting, vorm, inhoud,…

     

    Hypochondrie: overdreven bezorgdheid om de eigen gezondheid

     

    Hypothesen: veronderstellingen

     

    Psychologische: wetenschap die bezighoudt met het onderzoek van de bewustzijnsverschijnselen

     

    Psychosociale: invloed van de sociale factoren op geestelijke verschijnselen

     

    Psychotische: geestesziekte waarbij men verbeelding heeft

     

    Vitaal: noodzakelijk

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

       

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (3 Stemmen)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.

    Wat is een hersenbloeding?

    Een hersenbloeding ontstaat als er een bloedvat in de hersenen openbarst.

    In de volksmond spreekt men ook wel van een beroerte. Maar wat is een beroerte?

     

     

     

     

    Wat is een beroerte?

    Een beroerte is voor de hersenen wat een hartinfarct is voor het hart.

    De medische benaming voor een beroerte is CEREBRO VASCULAIR ACCIDENT,

    Meestal afgekort met CVA. Letterlijk betekent dit ‘ongeluk in de bloedvaten van de hersenen’

    Ongeveer 75% van de beroertes ontstaan door zuurstoftekort doordat een slagader of een ader verstopt raakt. Wanneer dit gebeurt begint een stukje van het hersenweefsel af te sterven.

    Men spreekt in dit geval ook van een herseninfarct.en van de meest voorkomende vormen van beroerten is de trombose.

    Daarbij wordt meestal vet en kalk afgezet in de wand van een slagader,tot deze volledig verstopt is. Een andere vorm van een beroerten wordt veroorzaakt door een zogezegd embolie.

    Dit betekent dat vanuit het hart of de grote bloedvaten zoals de aorta of de halsslagader een brokje met bloedplaatjes, vet en/of kalk loskomt en gaat vastzitten in een bloedvat dat naar de hersenen gaat.

    In ongeveer 20% van de gevallen wordt een beroerte veroorzaakt door een bloeding in de hersenen zelf. Een hersenbloeding wordt veroorzaakt door een scheur van een hersenbloedvat met bloedingen in het weefsel dat de hersenen bedekt (de subarachnoïdale bloeding) of in het hersenweefsel zelf (de intra-cerebrale bloeding).

    De meest frequente oorzaak van een dergelijke subarachnoïdale bloeding is een aneurysma, een verbreding van een bloedvat de meest frequente oorzaak van een intra-cerebrale is een verhoogde bloeddruk (hypertensie).

     

     

     

     

    Wat is een TIA?

    Een transiënt ischemisch attack.

    Een voorbijgaande periode van lokale neurologische uitval, die enkele minuten tot enkele uren kan duren. Het is niet mogelijk om het onderscheid te maken tussen een beroerte en een TIA op het ogenblik waarop de symptomen zich presenteren. Indien echter de neurologische toestand zich volledig herstelt binnen de 24 uren, dan spreekt men van een TIA.

    De meeste TIA’s duren minder dan 15 minuten.

     

     

     

    Hoeveel hersenbloedingen bestaan er?

    1.bloedingen in de hersenen, de intra-cerebrale bloeding

    2.bloedingen rond de hersenen

    -         de subarachnoïdale bloeding

    -         de subdurale bloeding

     

     

     

     

    Intra-cerebrale bloeding:

    De bloeding in het hersenweefsel is onder te verdelen in 2 categorieën:

    -         een bloeding ‘zonder oorzaak’

    -         een bloeding ‘met een oorzaak’

     

    een bloeding ‘zonder oorzaak’.

    Uiteraard heeft deze bloeding wel een oorzaak, daarom staat het in de aanhef tussen aanhalingsteken. Bij dit soort bloedingen is het echter niet mogelijk met nader onderzoek (angiografie) een oorzaak aan te tonen, zodat een operatie hier niet in aanmerking komt.

    Het gaat hier meestal om oudere patiënten (ouder dan 65jaar) met in de voorgeschiedenis hoge bloeddruk,suikerziekte,aanwijzingen voor ‘aderverkalking’ of een combinatie hiervan.

    De bloeding treedt plotseling op en is meestal gelegen diep in de hersenen, in een gebied dat de basale ganglia genoemd wordt. Vrijwel altijd heeft de bloeding een halfzijdige verlamming aan de tegenover gelegen lichaamshelft tot gevolg (eventueel ook een spraakstoornis) en meestal is er enige bewustzijnsdaling. De behandeling vindt meestal door de neuroloog plaats, slechts zelden is er reden operatief in te grijpen. De verschijnselen lijken sterk op die van het herseninfarct (de beroerte of CVA)

     

    Een bloeding ‘met een oorzaak’.

    Deze bloedingen treden eveneens plotseling op,maar verschillen van de eerste categorie doordat ze meestal op jongere leeftijd optreden en vaak meer aan de oppervlakte liggen.

    Bij dit soort bloedingen wordt na de ct-scan altijd angiografie gedaan om na te gaan of er een afwijking aan de bloedvaten bestaat als oorzaak.

    Er zijn 2 soorten van afwijkingen van belang:

     

                -de aterio-veneuze malformatie (avm), dit is een misvorming, een kluwen van bloedvaten bestaande uit aders en slagaders. Al heel vroeg in de zwangerschap (2e tot3e week) ontstaan deze misvormingen tijdens de aanleg van het vaatbed. Ze zijn dus altijd al aanwezig en kunnen in de loop van het leven aanleiding zijn tot een hersenbloeding. Een andere wijze waarop ze aan het daglicht komen kan zijn door een epileptische aanval. En ze kunnen natuurlijk het hele leven onontdekt blijven. Ongeveer drie kwart van de gevallen kan geopereerd worden, de overige liggen zo diep, zijn zo groot of zijn moeilijk toegankelijk dat opereren zonder grote schade te veroorzaken niet mogelijk is. Voor zulke vaatkluwens is speciale bestraling eventueel mogelijk. Een AVM kan ook op de angiografie onzichtbaar zijn,maar b.v.op de ct-scan of mri wel gezien worden.

     

                -het aneurysma. Dit is ook een aangeboren afwijking van een bloedvat, en wel van een slagader. Hoewel de bloeding meestal rond de hersenen plaatsvindt, kan ook een bloeding in het hersenweefsel een gevolg zijn van een gebarsten aneurysma.

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

    Subarachnoïdale bloeding:

    Een subarachnoïdale bloeding is een plotselinge bloeding die optreedt rondom de hersenen.

    Vrijwel altijd is een dergelijke bloeding het gevolg van een gebarsten aneurysma.

    Een aneurysma is een uitstulping, uitbochting van de wand van een van de slagaders van de hersenen. Er zijn typische plaatsen waar deze zich vooral voordoen, maar in principe kunnen ze overal voorkomen. De zwakke plek is aangeboren, het aneurysma zelf ontwikkelt zich waarschijnlijk langzaam tijdens het lichaam.begunstigende factoren hiervoor zijn hoge bloeddruk en ‘aderverkalking’. Bij dit laatste gaat het om verstarring van de wand van de slagaders. Dit gebeurt versterkt onder invloed van factoren als hoge bloeddruk, suikerziekte,roken en een hoog cholesterolgehalte van het bloed.

     

     

     

     

    De subdurale bloeding:

    Deze bloeding gelegen tussen het harde hersenvlies (de dura) en de hersenen, hoort eigenlijk niet in dit verhaal thuis, omdat het hierbij om een bloeding als gevolg van een ongeval gaat.

    We onderscheiden twee vormen:

     

     

                -het acute subdurale hematoom

                -het chronische hematoom

     

     

     

    het acute subdurale hematoom:

    Dit wordt gezien direct in aansluiting aan een meestal ernstig ongeval met schedelletsel.

    Door het afscheuren van de aders kan er een laagje bloed gezien worden op de ct-scan.

    Meestal is dit niet zodanig erg dat het geopereerd hoeft te worden. De prognose van het acute subdurale hematoom is zeer slecht. Er is immers veel meer aan de hand dan alleen het bloedfilmpje.

     

     

     

     

    Het chronische subdurale hematoom:

    Dit treedt meestal op bij oudere mensen, en het heeft te maken met de vermindering van de hoeveelheid hersenweefsel, zoals bij het ouder worden gebruikelijk is. Vaak wordt er een klein onbetekend ongevalletje aangegeven, zoals b.v. een stoot met het hoofd tegen een kofferbak. Veel patiënten kunnen zich geen ongeval herinneren. Het ziektebeeld ontwikkelt zich sluipend en kan bestaan uit sufheid, verwardheid, spraak-en begripstoornissen, eventueel een halfzijdige verlamming. Het kan sterk lijken op dementie, zoals die ook bij ouderen gezien wordt. Een ct-scan brengt de diagnose aan het licht.

     

     

     

     

     

     

     

    Tekens van een beroerte.

    Snelle actie kan uw leven redden of een beroerte voorkomen. Deze verschijnselen duren altijd maar heel even. Ze lijken dus onschuldig, maar het zijn wel voorbodes van een beroerte.

     

     

    -         uw been, hand of arm voelt opeens heel slap

    -         u heeft geen of een voos gevoel in één kant van uw lichaam of gezicht

    -         u kunt plotseling maar met één oog zien

    -         u begint plotseling trager of onsamenhangend te spreken

    -         u begrijpt opeens helemaal niet meer wat iemand zegt

    -         u voelt zich opeens duizelig en valt bijna op de grond

    -         u heeft de zwaarste hoofdpijn van uw leven

    Indien één van deze symptomen zich voordoet, moet u zo snel mogelijk naar een ziekenhuis.

     

     

    Hoe kan een beroerte voorkomen worden?

    Voorkomen van een beroerte kan door voldoende aandacht te besteden aan de risicofactoren.

    Sommige van de risicofactoren zijn immers te behandelen.

    De voornaamste risicofactoren zijn:

     

    -         leeftijd (hoe ouder men wordt, hoe meer kans op een beroerte)

    -         mannelijk geslacht

    -         hypertensie (verhoogde bloeddruk)

    -         suikerziekte

    -         te hoog cholesterolgehalte in het bloed

    -         sommige hartritmestoornissen, vernauwing van een halsslagader, voorafgaande beroerte of TIA

    -         erfelijkheid

    -         roken

    -         zwaarlijvigheid

    -         overmatig alcoholgebruik

    -         drugs

     

    wat zijn de gevolgen van een  beroerte?

    Beroerte is de derde doodsoorzaak in de westerse wereld, na hartaandoeningen en kanker.

    Van alle patiënten met een beroerte overlijdt een derde binnen het eerste jaar na de beroerte.

    De gevolgen worden bepaald door de plaats in de hersenen waar een beroerte zich voordoet.

    In elk deel van de hersenen bevindt zich een ander ‘regelcentrum’ voor bepaalde lichaamsfuncties,emoties en gevoelens. Naast lichamelijke gevolgen zoals éénzijdige verlamming, is er vaak sprake van ‘minder zichtbare’ gevolgen, zoals gedeeltelijke blindheid, vergeetachtigheid,spraakstoornissen, depressiviteit en gedragsverandering.

     

     

     

     

     

     

     

     

    Behandeling?

    De behandeling van een aneurysma bestaat uit een operatie. In principe wordt er geprobeerd zo vroeg mogelijk te opereren. Bij de keuze van het tijdstip voor operatie wordt rekening gehouden met de tijd na de bloeding, de algemene toestand van de patiënt, de plaats en de grootte van het aneurysma en eventueel opgetreden vaatkrampen.

     

     

    Operatie?

    Bij de operatie wordt via een luikje in de schedel onder de microscoop het bloedvat waar het om gaat opgezocht. Waarna over de uitstulping een klemmetje wordt geplaatst. Na de ingreep verblijft de patiënt op de intensive care afdeling zolang het nodig is.

     

    Erfelijkheid?

    Hersenbloedingen zijn soms erfelijk. Zwakke plekken in de bloedvaten kunnen namelijk erfelijk zijn. In sommige families komt een plaatselijke verwijding van een aneurysma veel voor. In u geval is het verstandig indien mogelijk te achterhalen wat de mogelijke oorzaken waren van de hersenbloeding. Met u huisarts kunt u bespreken of preventief onderzoek zinvol is.

     

    Woordenlijst.

    Aneurysma: slagaderbreuk

     

    Angiografie: het zichtbaar maken van bloedvaten op röntgenfoto’s met behulp van        contrastvloeistof.

     

    Ct-scan: computertomografie, afbeeldingstechniek waarbij met röntgenstraling en computer een dwarsdoorsnede van het te onderzoeken lichaamsdeel wordt gemaakt.

     

    Embolie: verstopping van een bloedvat

     

    MRI-scan: magnetic resonance imaging, techniek waarbij met behulp van magneetgolven een afbeelding van een orgaan, gewricht,enz. kan worden verkregen.

     

    Uitstulpen: op een beperkte plaats buiten zijn vorm of grens treden.

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (14 Stemmen)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.

     

    Wat is epilepsie?

     

    Epilepsie is een veel voorkomende aandoening die ongeveer 1op de 150 mensen hebben.

     

    In feite bestaan er verschillende vormen van epilepsie en zou men eigenlijk kunnen spreken van ‘epilepsien’.ze beginnen meestal tijdens de kinderleeftijd maar kunnen op eender welke leeftijd optreden.

     

     

    Hoe zien de hersenen eruit?

    De hersenen bestaan uit een aantal belangrijke onderdelen. Het meest opvallend zijn de grote hersenen. Deze bestaan uit twee helften of hemisferen, elk opgebouwd uit een aantal kwabben.

    Onder de grote hersenen zitten de kleine hersenen. Tussen de grote en de kleine hersenen zit de hersenstam. De hersenstam verbindt de verschillende hersendelen en gaat via het verlengde merg over in de ruggenmerg.

     

     

    Hoe werken je hersenen?

    Je hersenen krijgen de informatie in de vorm van een prikkel: een elektrische impuls die door de zenuwen loopt. En op dezelfde manier sturen ze informatie aan spieren of klieren in het lichaam. Die spieren of klieren die een prikkel van een zenuwcel hebben gekregen, gaan op hun beurt tot actie over. Je begrijpt natuurlijk hoe belangrijk het is dat je hersenen goed functioneren. Als er ergens een storing optreedt, dan heeft dat onmiddellijk gevolg voor jou en je omgeving. Door een ongeluk of ziekte kan er een permanente storing in de hersenen optreden. Het kan bvb.dat een gedeelte van je hersenen helemaal niet meer werkt omdat het in de knel is komen te zitten. Iemand die dat overkomt kan dan bvb verlamd raken. Ook epilepsie heeft te maken met storingen in de hersenen, maar het grote verschil met een ziekte of een ongeluk is dat die storing bij een aanval van epilepsie meestal kort duurt en daarna ook weer helemaal voorbij is. Je houdt van een epileptische aanval geen hersenschade over.

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

    Welke soorten epilepsie bestaan er?

     

    1.koortsstuipen

    2.patiele aanvallen

    3.gegeneraliseerde aanvallen (grand mal)

     

     

    koortsstuipen: epilepsieaanvallen bij hoge koorts.

     

    Partiele aanvallen: de stoornis treedt in een gelokaliseerd deel van de hersenen op.

                                  De exacte plaats is bepalend voor de manier waarop de aanval verloopt.

    -   eenvoudige partiele aanval:

                                                      de persoon blijft bij bewustzijn.

                                                -    complexe partiele aanval:

     de persoon verliest het bewustzijn

     

    Gegeneraliseerde aanvallen: de stoornis treedt op in het volledige brein.

    -   absence (petit mal):

    de persoon verliest kortstondig

    het bewustzijn maar kan blijven staan

    of zitten.

    -   tonisch-clonische aanval (grand mal):

    de persoon valt en verliest het bewustzijn,

    ondergaat hevige schokkende bewegingen.

    Dit is de aanval waarvan de omstanders

    het meeste schrikken.

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

    Medisch onderzoek.

    Wanneer de arts denkt dat zijn patient epilepsie heeft,is het voor hem heel belangrijk een zo nauwkeurig mogelijke beschrijving van de aanval te hebben van iemand die er bij was.

    De arts kan de patient doorverwijzen naar een neuroloog,kinderarts of een kinderneuroloog.

    De specialist zal de patient onderzoeken en vragen stellen over zijn voorgeschiedenis en die van zijn familie.Hij zal een opname maken van de elektrische activiteit van de hersenen met een E.E.G.(electro-encefalogram).Met dit onderzoek kan de arts een abnormale (overactieve)

    activiteit opsporen.

     

    In sommige gevallen zal de patient ook een CT-scan of een NMRscan (nucleaire magnetische resonantie) ondergaan.Deze onderzoeken zijn pijnloos en zonder gevaar, en worden door een radioloog uitgevoerd.Er worden een aantal foto’s van de hersenen genomen, die door de computer in kaart gebracht worden.Deze onderzoeken helpen de specialist een mogelijke oorzaak van de aanvallen te vinden.

     

     

     

     

     

     

     

     

     

    Hoe behandelen?

    Wanneer een diagnose ‘epilepsie’ gesteld wordt bij een patient, kan de arts medicijnen voorschrijven om het optreden van aanvallen te voorkomen.Hiermee kan de frequentie van de aanvallen verminderen, of kunnen zo mogelijk de aanvallen weg blijven. De medicijnen bestaan meestal onder een vorm van pillen,maar voor kinderen zijn er ook korrels of siroop.

     

    Soms kan men de aanvallen niet volledig onder controle houden met medicatie. Het is mogelijk dat een hogere dosis medicijnen niet aangewezen is, zelfs al treden er nog enkele aanvallen op. Een te hoge dosering medicijnen doet soms (zelden) meer en zwaardere aanvallen optreden, en kan ook bijwerkingen hebben zoals duizeligheid en slaperigheid.

     

    Wanneer men de aanvallen niet onder controle kan houden, hoewel de medicatie stipt wordt genomen, kan de neuroloog in sommige gevallen en mits specifieke onderzoeken, overwegen een heelkundige ingreep uit te voeren op de zone van de hersenen die verantwoordelijk is voor het optreden van de aanvallen.

     

     

     

     

     

    Komt epilepsie veel voor?

    Ja. Wereldwijd lijden er 40 miljoen mensen aan epilepsie.

    Zowel baby’s,kinderen als volwassenen.

    In belgie zijn er 60.000 tot 70.000 epilepsiepatienten.

    150.000 belgen zouden op een of ander moment in hun leven aan epilepsie lijden.

    Jaarlijks komen er per 100.000 mensen 50 nieuwe epilepsiepatienten bij.

    Is epilepsie besmettelijk?

    Neen. U kunt geen epilepsie oplopen door met een epilepsiepatient in contact te komen.

     

     

    Is epilepsie erfelijk?

    Hoewel duidelijk is dat erfelijkheid een rol kan spelen,bestaan er hierover nog veel vragen.

    Bepalende factoren zijn bv.: type epilepsie, aantal mensen in de familie met epilepsie en de mate van bloedverwantschap tot die familieleden.

     

     

     

    Is epilepsie leeftijdsafhankelijk?

    Ja. Het eerste levensjaar is de kans op epilepsie het hoogst.

    Vervolgens neemt ze langzaam af om daarna weer toe te treden bij oudere mensen.

    Mannen en vrouwen hebben evenveel kans op epilepsie.

    Meestal treedt epilepsie voor het eerst op bij kinderen onder de 15 jaar.

     

     

     

     

    Zwangerschap en epilepsie?

    Er zijn verschillende soorten epilepsie en het is moeilijk te zeggen welk risico uw kind loopt om de ziekte te krijgen. Daarvoor is individueel advies nodig. Soms wordt u verwezen naar een klinisch geneticus ( een specialist op het gebied van erfelijkheid) voor verder onderzoek.

    Een deel van de ernstige afwijkingen kan nog voor de geboorte worden ontdekt met prenataal onderzoek.

    -   de aanvallen zijn niet alleen slecht voor u,

    maar ook voor uw kind. Doe er alles aan om

    ze niet op te wekken. Een regelmatig leven

    en voldoende nachtrust zijn belangrijk.

    Drink geen alcohol tijdens de zwangerschap

    En vermijd lichtflitsen als u er gevoelig

    Voor bent.

                                                -     welke invloed zwangerschap heeft op epilepsie

    valt niet te voorspellen.

                                                -     een ernstige aanval kan bij de bevalling optreden,

    maar slechts in een paar procent van de bevallingen.

    Vaak kiest de behandelende arts dan voor een keizersnede.

    -   geneesmiddelen maken de kans op een afwijking van uw kind

    wel groter dan normaal.

    -   overleg met uw huisarts,neuroloog,gynaecoloog en eventueel

    klinisch geneticus: liefst voor de conceptie.

                                                 -    gebruik van anti-epileptica door de aanstaande vader geeft,

    voor zover thans bekend,geen gevaar voor het kind,ook niet

    wanneer hij het middel ten tijde van de bevruchting gebruikt.

    -   soms kan met prenataal onderzoek een ernstige afwijking

    worden aangetoond.overleg wat u zult doen,als de uitslag

    niet goed is.

     

     

    Moet iedereen het weten?

    Epilepsie is niets om je voor te schamen en wat dat betreft zou het vanzelfsprekend moeten zijn dat iemand met epilepsie heeft dat gewoon aan de mensen om zich heen vertelt. Maar de praktijk is anders. Mensen met epilepsie worden vaak voor raar uitgemaakt. Er wordt soms gedacht dat ze ook in andere opzichten anders dan anderen zijn. Dat is niet zo, maar het is moeilijk er tegen in te gaan, vooral omdat die gedachten meestal niet hardop worden uitgesproken. Als mensen er wat gewoner over zouden denken, zou het voor degene die epilepsie heeft ook niet zo vervelend zijn om het te vertellen. En het is natuurlijk juist zo belangrijk om het te vertellen omdat het voor je eigen veiligheid beter is als de mensen in je omgeving het weten. Klasgenoten, leraren, sporttrainers, tandartsen moeten in ieder geval op de hoogte worden gebracht.

     

     

     

     

    Soorten medicijnen?

    Er zijn meer dan 20 soorten medicijnen. Soms zijn die medicijnen gratis of terugbetaald door het ziekenfonds, sommige moet je zelf betalen. De medicijnen zijn samengesteld door een neuroloog. Meer informatie over de medicatie vind je op www.epilepsie.net.

     

     

    Epilepsie en geheugen.

    Mensen met epilepsie kunnen in het dagelijkse leven problemen hebben met het geheugen.

    Een epilepsie-aanval wordt veroorzaakt door een tijdelijke stoornis in de hersenen.

    Een geheugenstoornis kan veroorzaakt worden door een dezelfde stoornis in de hersenen.

    In deze situatie zullen we zien dat een geheugenstoornis een rechtstreekse link heeft naar de epilepsie-aanvallen.

     

    Ook andere factoren kunnen een samenhang tussen epilepsie en geheugenproblemen bevorderen:

    -   zowel de epilepsie als de geheugenproblemen kunnen een gevolg zijn van een hersenletsel. 

    -   De geheugenproblemen kunnen indirect een gevolg zijn van de epilepsie. Hieronder verstaan we bvb.:achterstand in het leren door afwezigheid op school,gedragsproblemen,…

     

    In welke mate het geheugen bij mensen met epilepsie verstoord wordt is afhankelijk van de plaats in de hersenen waar de aanval zich voor doet. Ook het aanvalstype, de aanvalfrequentie kunnen een invloed hebben. Zo zien we bvb. Dat als aanvallen zich voordoen in een plaats waar het geheugen een belangrijke rol speelt de kans op geheugenproblemen groter is.

                                                                                                                                                                                          

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

    Wat zijn de symptomen?

    De diagnose wordt meestal door een neuroloog gesteld.

    Die baseert zich op de medische voorgeschiedenis van de patient en op een EEG.

    De volgende factoren kunnen wel wijzen op een vorm van epilepsie.

    -   black-outs

    -   verward geheugen

    -   bewusteloosheid waarbij men de controle over blaas en darmen verliest

    -   kinderen die leeg voor zich uitstaren en niet reageren op vragen of instructies

    -   kinderen die regelmatig zonder aanleiding struikelen of vallen

    -   knipperen met de ogen of kauwbewegingen maken

    -   een aanval, al dan niet gepaard met hoge koorts

    -   opeenstapeling van hevige, schokkende bewegingen

     

     

     

    Wat zijn de oorzaken?

     

    Bij 60% van de patienten is het niet mogelijk een oorzaak aan te duiden.

    Dit noemt men ideopathisch. In de andere gevallen ligt meestal een storing

    in andere lichaamsfuncties aan de basis.

    -   gebrek aan vitamine b

    -   erfelijke stofwisselingsziekte

    -   alcohol en drugs

    -   sterk verlaagde suikerspiegel in het bloed

    -   hoge koorts door infecties

    -   gebrek aan zuurstof in het bloed

    -   sterk verminderde lever-of nierfunctie

    -   hersenletsel

    -   hersentumoren

     

     

     

     

    De meest uitlokkende factoren vermijden.

    De volgende omstandigheden kunnen een aanval uitlokken.

    Epilepsiepatienten proberen ze dan ook best te vermijden.

    -   stress

    -   ongezonde voeding

    -   niet consequent innemen van medicatie

    -   flikkerende lichten

    -   overslaan van maaltijden

    -   ziekte,koorts en allergieen

    -   slaapgebrek,uitputting

    -   emoties zoals woede,bezorgdheid en angst

    -   uitzonderlijke hitte en/of vochtigheid

                                                - alcohol en drugs

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (19 Stemmen)


    T -->

    Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op https://www.bloggen.be - Bloggen.be, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!