Naar Colombia ?!? is de eerste reactie bij iedereen als we onze volgende reisbestemming bekend maken. We moeten ook eerlijk toegeven dat Colombia niet echt bovenaan ons lijstje stond maar dat we ons laten inspireren door een laaiend enthousiast Belgisch koppel dat we vorig jaar in Cuba tegen het lijf gelopen zijn. En Colombia stond begin dit jaar ook als gastland in de kijker op de Reismarkt in Brugge.
Qua veiligheid is dit land er de laatste jaren enorm op vooruit gegaan. Het blijkt ook perfect te doen op eigen houtje en dus wagen we ons eraan. Ondertussen massa's reisverslagen & reisgidsen doorgenomen, tips gekregen van vrienden en de route zit in grote lijnen in elkaar. De auto voor ons eerste deel is net geboekt, voor de rest zien we nog wel ter plekke hoe we dat zullen aanpakken.
Momenteel zijn we nog de laatste voorbereidingen aan het treffen thuis (voor Kristel zijn dat er deze keer toch iets meer dan voor Geert, hierover later meer) en dan zijn we klaar voor een nieuw avontuur.
We nemen jullie mee op reis en trakteren jullie via deze weg af en toe eens op een reisverslag en wat foto's.
Zondag, 7 december, 7 dagen ver. Een goeie week eerder waren
we nog (overwelmd door de emoties na het heengaan van Luc De Vos) onze zak aan
het pakken, de laatste formaliteiten aan het regelen, nog een familiebezoekje
aan het doen, kortom de normale dingen als je voor lang van huis bent. Maandag
: dag van afreis. Kort na de middag worden we afgehaald door taxi Urbain (merci
ventje, alsook een grote dank aan de stakers van de NMBS) die ons naar het
station van Rijsel gebracht heeft. Vandaar naar Parijs met den TGV en
vervolgens voor 8,5 uur de vlieger op naar New York. Tot daar verloopt alles
naar wens. In New York aangekomen meldt
men ons dat we onze bagage moeten ophalen en opnieuw inchecken (in
tegenstelling tot Parijs waar men ons gezegd had dat de bagage automatisch zou
doorgaan naar Bogota, zoals quasi altijd gebeurt trouwens). Goed, na een hoop
administratieve formaliteiten, geregeld door uitermate onvriendelijke mensen,
doen we braafjes zoals gevraagd. Ons bagage rolt als laatste van de band, we
checken opnieuw in, pakken nog een treintje naar de andere kant van de
luchthaven en vertrekken dan op schema richting Bogota waar we na 6 uur vliegen
vroeg in de ochtend arriveren. En dan
loopt het pas echt mis. Na lang wachten blijkt onze bagage niet mee te zijn. We
doen aangifte en ze wordt inderdaad nog in New York gesignaleerd. De prutsers.
Er zijn plezanter dingen maar men belooft ons dat de bagage normaal gezien s
avonds zal nagestuurd worden en zal worden afgegeven in ons hotel. Op zich nog
geen ramp en we pakken de taxi naar het hotel. Ondertussen zijn we rond 9 uur,
zijn we doodop en zouden we al graag eens een paar uur ons bed zien maar
(begrijpelijkerwijs) waren deze op dat uur nog niet vrij en gekuist. Dan maar
tegen beter weten in zombiegewijs een wandelingske in Bogota gedaan, teruggekeerd,
nog wat in de zetel zitten indommelen en dan tegen 13.00 uur konden we toch
onze kamer betrekken. We wilden algauw een uiltje knappen maar aan de gang
zijnde rennovatiewerken aan het hotel staken hier een stokje voor. Na een paar
uur deuzelen toch nog onze moed bijeengeraapt en nog eens de stad ingetrokken
op zoek naar een deftig diner (à propos, op de service van Air France op de
vlieger was niets aan te merken, er werd zelfs champagne geserveerd) en een
eerste lokaal (best te pruimen) biertje. Aangekomen in het hotel was de bagage
nog niet gearriveerd, het zou voor maniana zijn (ach ja, we zitten nu éénmaal
in Zuid-Amerika). Met één verse onderbroek en één tandenborstel in de
handbagage kan de mens al wel eens zijn plan trekken en na goed 45 uur zonder
deftige slaap zijn we als een blok in slaap gevallen en hebben we een relatief
goede nachtrust gehad. Wel vroeg op, om
7 uur al aan het ontbijt (bagage is ondertussen terecht, yesss !!!) en al vrij
snel ons bezoek aan Bogota gestart. Met
de kabelbaan naar boven voor een schitterend uitzicht over de stad, bezoek aan het goudmuseum (wereldvermaard en
overal geroemd maar we zijn nu éénmaal geen echte museumgangers en stonden dus
ook al snel weer op de stoep) en in de namiddag onder begeleiding van de lokale
Jean Blaute een fietstochtje door de stad. Uitermate interessant was dat. Je
komt al eens in (ongure) buurten waar je anders nooit alleen naartoe zou gaan
(drugs/prostitutie/ ). De dag afgesloten met wat local food en wij weer vroeg
onzen tram in.
Na een alweer lekker ontbijt was het tijd om onze huurauto
te gaan ophalen waar we de komende 2 weken zullen mee rondtoeren. In
tegenstelling tot was afgesproken hadden ze geen auto meer met GPS.
Na veel vijven en zessen en heel wat Westvlaamse overredingskracht
(iedereen ziet het tafereel waarschijnlijk wel voor zich J ?!? ) kregen we toch
wat ons was beloofd en kunnen we zelfs via bluetooth onze eigen muziek afspelen,
zalig. Weinig tellen later scheurden we met onze geweldige Renault Lagun de
parking af op weg naar Zipaquira, de eerste (en enige) stop van de dag. We bezochten er een ondergrondste kathedraal
uitgehouwen in zoutgesteente, 190 meter onder de grond. Speciaal, heel mooi
maar ook heel toeristisch. Na de
plaatstelijke bbq-specialiteiten te hebben geproefd, trokken we verder noordwaarts.
En het dient gezegd, het verkeer vlot hier voor geen meter. Draaien, keren, op en af. Wie bij ons al eens
vloekt als hij op de baan van Oudenaarde naar Erpe-Mere ne keer 5 minuten
achter nen tracteur zit en niet voorbij geraakt moet zeker alhier niet komen.
Maar geduldig als wij zijn (ook nog eens half uur opgehouden door wegenwerken)
laten we daardoor de pret niet vergallen. Als je dan al eens een kilometer kan
doorvlammen heb je wel al gauw de neiging om te snel te rijden. Ze controleren
hier toch niet, geeft de copiloot mij nog mee. Maar nog geen tien minuten
later, staan ze daar toch wel zeker wij aan de kant. Bleek het een
routinecontrole te zijn van de papieren van de auto & internationale
rijbewijzen. Overklapt en ingenomen door de copiloot mochten we al gauw
onze route verder zetten, handig toch
wel als je met hen een klapke in het Spaans kunt doen.
Bij schemerdonker moeten we wat later op zoek naar ons verblijf
en dat blijkt geen sinecure te zijn (blijkt nogal afgelegen en straat zit niet
in de GPS). Na een aantal keer de weg te hebben gevraagd is er toch iemand die
ons de goede richting uitstuurt en na een pittige klim van goed 2 km
(Koppenbergwaardig maar onverhard) bereiken we ons logement bovenop een
bergflank bij de stad Villa de Leyva. Maar het was de inspanning waard want het
is een toppertje. Het wordt ons onderkomen voor de 2 volgende nachten. Villa de
Leyva is een prachtig koloniaal stadje met allemaal straten in grove kasseien.
Makkelijk stappen is het niet maar het is wel mooi. Bovendien hebben ze ook hun
best gedaan om er met allerhande kitcherige versiering ook wat kerstsfeer in te
brengen. We bezoeken er ook nog de lokale wijnboer en trekken dan verder noordwaarts
richting Barrichara waar we momenteel verblijven. Nog niet goed en wel
vertrokken mochten we alweer aan de kant voor een nieuwe controle. Opnieuw van
t zelfde : papieren en rijbewijs. Ook van t zelfde : het gaat hier niet
vooruit. We rijden gemakkelijk vier uur op 160 kilometer. Bij aankomst ons eens
in de lokale rum gesmeten en een zeer goede nachtrust gehad (sommigen toch J), ook al zijn ze hier
om 4.30 uur op de hoek achter ons vuurwerk beginnen afsteken.
Inmiddels maken we ons klaar om hier in de buurt aan één of
andere spectaculaire adrenaline activiteit deel te nemen. Meer daarover,
volgende week.
De groeten.
Kristel en Geert
Hier nog enkele wist-je-datjes:
· * Bogota is de hoofdstad van Colombia, telt
ongeveer 7 miljoen inwoners (Colombia 45 miljoen) en ligt op een hoogte van
2550 meter. Colombia zelf is 40 keer groter dan België
· * In grote steden mag je niet alle dagen met je
wagen naar buiten komen. Vandaag de autos met nummerplaten eindigend op een
paar cijfer, morgen deze met onpare cijfers. De al wat beter gestelde lossen
dit op door 2 wagens te voorzien.
· * Er wordt ons aangeraden om geen drankjes van
vreemden aan te nemen. Er zou wel eens iets verdovends kunnen inzitten. Het is
eveneens opletten voor wapperende zakdoeken waar ze al eens Burandanga (de
plaatselijke Rohypnol) op aanbrengen waardoor je bij bewustzijn blijft maar
volledig jouw wil kwijt bent
· * We hadden de vrouwtjes net iets mooier verwacht
maar voor de rest zijn ze redelijk goed besteld en vooral hun bolle poepje
vinden we wel mooi
· * Er zijn hier enorm veel mensen tewerkgesteld als
politieman. Het loopt er hier vol van. Bovendien lijken ze hier ook beroepen te
hebben uitgevonden, die wij niet kennen. Zo komen we hier af en toe wat volk
tegen dat verkeersplakkaten aan het afwassen is. Heel belangrijk : ook de
achterkant wordt grondig gekuist.
Dag 2 in Barrichara en we maken een kleine verplaatsing naar
San Gil, de adrenalinestad van Colombia. Er staat hier vanalles op de kaart
maar wij kiezen voor Paragliding omdat we dit nog niet eerder gedaan
hebben. We worden ingechecked en krijgen
een festivalbandje om met een noodnummer dat dient gebeld te worden in geval
er iets misgaat. Onze tikker begint op
slag een aantal tellen sneller te slaan. Veel illusies maken we ons echter niet
voor het geval er iets misgaat, ik zie ons nog niet direct bellen nadat we 800
meter naar beneen gestuikt zijn. Maar goed, het zal wel ergens goed voor zijn
zeker We doen eerst een verplaatsing met een bus van een uur. Hoe langer we
rijden, hoe dieper de ravijnen worden, hoe minder er wordt gepraat. Ter plaatse
gekomen is het wachten op de juiste condities. Genoeg warmte, genoeg wind, enz
We zijn met een groep van 14 en er zijn 7 parachutes. De mensen met het
lichtste gewicht mogen starten. Kristel
is als zesde aan de beurt en ziet het eventjes niet zitten, hoogtevrees speelt
haar parten. Ze komen haar halen en er is geen weg meer terug. Ze wordt
vastgekoppeld en luttele minuten later hangt ze in de lucht. Geert is er
evenmin gerust in en slaat het schouwspel gade.
Een kwartier later is ook hij aan de beurt. Parachute vastkoppelen,
wachten op een windstoot, 20 meter den berg aflopen, en hup, ook vertrokken. In
eerste instantie voelt het vrij comfortabel aan omdat de wind nog niet echt
speelt en de ondergrond nog dichtbij lijkt. Hoe hoger we gaan, hoe harder we
ons vastklampen aan ons harnas. We hangen boven een kloof 800 meter boven de
grond en het uitzicht is fantastisch. De wind lijkt met ons te spelen maar de
piloot heeft alles onder controle. Op de koop toe vraagt hij of hij wat
pirouettes mag maken en om nu toch niet als watjes te worden aanzien, stemmen
we hierin toe. Het is nu niet dat we 100 % op ons ongemak gezeten hebben maar
we zijn toch content dat we na drie kwartier weer op de begane grond staan om
nog maar te zwijgen van de maag die volledig overhoop lag. Voor wie de landing
van Geert wil zien : https://www.youtube.com/watch?v=Hx5drzwEBb0
We zouden later op de dag nog een wandeling naar Guane maken
maar de paragliding heeft redelijk wat energie gekost en we besluiten het
rustig aan te doen en smijten ons in de aperitief. s Avonds trekken we er nog
op uit in de stad want ze vieren daar de blijde intrede van Maria. Iedereen zet
zijn stoep vol met kaarsjes waarmee ze de Heilige Maagd de juiste weg willen
aantonen. Dat Maria ook niet zo onschuldig is als ze eruit ziet, blijkt uit het
feit dat de kaarsjes haar hier en daar een herberg inloodsen. Jong en oud
steekt vuurwerk af en de risicos worden niet geschuwd. Drank is nogmaals den
duvel en op het nieuwsbericht 2 dagen later horen we dat er 170 man in het
ziekenhuis is opgenomen met brandwonden. Het verwondert ons niets. Het schouwspel gaat de ganse nacht door maar
net voor middernacht kruipen we moe maar voldaan toch onder de wol. De dag
nadien starten we met de wandeling die we eerder hadden gepland en tegen de
middag zetten we dan koers terug richting Bogota. We hebben geluk, het is
hoogdag in Colombia en de camions mogen niet rijden. In plaats van 40 per uur
halen we nu gemakkelijk 50 (foutje trouwens in het vorig verslag : onze blitze
witte bolide is een Renault Logan en niet Lagun). In een voorstad (Chia) pikten
we s avonds in het vermaarde restaurant Andres Carne de Res nog onze portie
côte à los mee. De locatie is echt iets bijzonders.
s Morgens zijn we al vroeg uit de veren en we zetten koers
naar Villavieja, onze uitvalsbasis voor bezoek aan de woestijn Tatacoa.
Temperaturen kunnen hier in deze tijd van het jaar oplopen tot tegen de 40
graden maar voor ons doen ze er tien af, het is immers een beetje bewolkt. Het
loont evenwel zeer de moeite, de woestijn ligt er prachtig bij. Kort na de middag
zijn we terug, we slenteren nog even door het dorp en genieten voorts van
lekker niets doen. s Avonds keren we nog eens terug naar de woestijn om naar
de sterren te kijken. Het zijn er echt veel, het is mooi maar onze aandacht
gaat toch vooral uit naar de lichtshow van een in aantocht zijnd onweder.
Het is nu woensdagmorgen en we nemen afscheid van onze super
vriendelijke huisbazin. We spreken onderling af om niet in één keer naar het
eindpunt van de dag te rijden maar om het rustig aan te doen en eens te stoppen
als er iets te zien of te doen is. We moeten ongeveer 250 km afleggen en
stoppen een aantal keer om ons tegoed te doen aan het fruit dat Colombia te
bieden heeft. Naast de klassieke mandarinen, bananen, mangos en ananas doen we
ons hier tegoed aan diverse soorten die we bij ons niet kennen. Alles te koop
langs de straat (4 mangos kosten hier bijvoorbeeld 1 euro, 2 kgr mandarinen
hetzelfde, een gekuiste ananas : evenzeer).
En of het smaakt.En we hebben het geweten ook. Tegen de avond slaan de darmen
al lichtjes op hol.
Net voor we aankomen in San Augustin wordt onze aandacht
getrokken door een druk gedoe op een kruispunt. We denken dat het iets te maken
heeft met de activiteiten van een plaatselijke raftingclub en nemen even
poolshoogte. Blijkt dat het gaat om een weg die afgesloten werd omwille van
wegwerkzaamheden. De eerste autos staan hier al meer dan 6 uur te wachten.
Daar we deze weg 2 dagen later ook moeten nemen, informeren we ons en blijkt
dat de weg elke dag afgesloten is van 9 tot 16 uur. Je moet het maar weten
De slaapplaats die we
in San Augustin voor ogen hadden blijkt volgeboekt en we moeten uitkijken naar
iets anders. Een kleine kilometer verder stuiten we op een al even prachtige
finca en besluiten hier 2 nachten te slapen. San Augustin is bekend voor zijn
vele archeologische sites en we regelen 2 paarden om deze op die manier te
bezoeken. We zouden in de namiddag nog de grootste site bezoeken maar laten dit
schieten en genieten dan maar wat van de couleur local op het plaatselijke
marktje. We overwegen om een derde nacht te blijven maar gezien ons redelijk
strakke schema laten we dat plan varen en zetten we koers naar Popayan. In
diverse reisverslagen hadden we ook gelezen dat in dit gebied nog FARC-rebellen
actief zijn en er wordt aangeraden om een omweg te nemen. Onze gastheer
verzekert ons echter dat de guerillas dit gebied nu niet meer bevolken en dat
we zonder risico die weg mogen nemen. De weg blijkt echter in heel erg slechte
staat en gaat op en neer dwars door de jungle. We moeten 135 km doen vandaag
waarvan de helft onverhard. Vergelijk het met de Holle weg in Mater die ze nog
eens omgeploegd hebben. Op de koop toe begint het nog eens water te gieten ook.
Iets over halfweg stuiten we toch wel op een vijftiental tot de tanden
gewapende groenhemden zeker die aan de rand van de jungle hun campement aan het
opslaan zijn. Ze laten ons met rust en niet geheel op ons gemak rijden we
verder. Zijn het rebellen of niet ? We zullen het nooit weten maar aan de uitrusting
te zien denken we van wel. Verderop zien we ook nog een koe in de gracht liggen
die ter plaatse wordt versneden. We houden even halt en het blijkt een koe te
zijn die van een helling 10 meter naar beneden getuimeld is en dit niet
overleefd heeft. Na een kleine 5 uur zijn we waar we moeten zijn, in Popayan
waar we morgen (mits goed weer) de vulkaan Puracé zullen beklimmen.
Tot de volgende.
Voor de geïnteresseerden ook nog wat fait dhivers :
· * de bolle poepjes uit voorgaand verslag krijgen
een verklaring. Blijkbaar steken ze vullingen in de broek die een soort van
push-up creëert.
· * op camions staat een trucknummer en een
telefoonnummer waarnaar je kan bellen om het rijgedrag van een chauffeur door
te geven via een score per sms
· * in het begin hadden we ons ook miskeken op de
benzineprijzen. We wisten wel dat het niet goedkoop was maar omgerekend een
goeie drie euro bleek toch wel heel veel te zijn. Blijkt dat de benzineprijs
aangegeven staat per galon, wat overeenkomt met 3,8 liter.
· * in vele restaurants kan je bij je eten een vers
sapje krijgen maar Belg als we zijn mag dit ook al eens iets alcoholisch zijn.
Veelal is dit niet voorhanden maar ze lossen dit op door snel de
dichtstbijzijnde buurtwinkel op te zoeken om daar een pint of wat dan ook te
gaan kopen. Gin tonic, sinds jaar en dag onze aperitief op reis, is hier
nagenoeg niet te vinden
Maandag 15/12 en er moeten keuzes worden gemaakt. Of we gaan
naar Cali, hoofdstad van de salsa, of we gaan naar Silvia, een klein bergdorpje
waar op dinsdagmorgen een markt is waar de mensen uit de naburige dorpjes hun
waar te koop aanbieden. We kiezen voor de tweede optie en komen daar kort na de
middag aan. We betrekken één van de weinige hotelkamers die het dorp rijk is en
verkennen de omgeving. Wat vooral onze aandacht trekt, dat is de typische
klederdracht van de bevolking (zo bijvoorbeeld dragen de mannen blauwe rokken)
en het grote aantal zatte mensen, ronddolend op straat. De ene al
aanhankelijker en openhartiger dan de andere. Ganser liefdeshistories worden
openbaar gemaakt De markt op dinsdag blijkt de moeite en we betreuren onze
keuze niet. Gelukkig kennen ze hier geen voedselinspectie en we maken ons wel
de bedenking dat het bij ons niet zou waar zijn. Maar dit is nu éénmaal Zuid-Amerika. Vlees
wordt bij 30 graden ter plaatse op de kapblok versneden en verwerkt, Een roedel
honden zorgt voor de opkuis van de restjes.
Darmen, magen en andere ingewanden hangen aan de haak en vinden een
afnemer. De markt is zeer kleurrijk en je kan hier zowat alles vinden. Wij doen
ons nogmaals tegoed aan het lekkere fruit en zetten nadien onze weg verder
richting Salento waar we een trekking doen in de Cocora-vallei. Prachtige
landschappen vol met waspalmen, de nationale boom van Colombia.
Weer een dag verder zetten we koers richting Bogota waar we
s avonds onze auto inleveren en de dag nadien het vliegtuig zullen nemen naar
Cartagena. We doen zowat 9 uur over een kleine 300 kilometer en komen redelijk
afgepeigerd toe. De vriendelijke man van het verhuurbureau biedt een lift aan naar een naburig hotel en
daar gaan we gretig op in. Aangekomen blijkt het een heel chique spel te zijn
en geen spek naar onze bek. We zoeken een ander verblijf in de omgeving via
booking.com en we vragen een veilige taxi te bellen (je moet weten dat Bogota
vol rijdt met kleine gele taxis, sommige officieel en andere niet, er wordt
ten zeerste aangeraden altijd een officiële taxi te nemen owv de veiligheid). Het hotel stelt ons voor dat ze ons met hun
eigen shuttle-bus wegbrengen en zo gebeurt. De chauffeur zegt dat het hotel dat
we gekozen hebben in een nogal gevaarlijke buurt ligt en zet ons ongevraagd ergens
anders af, een etablissement waar nergens aan de buitenkant vermeld staat dat
het een hotel is. We vragen de prijs voor één overnachting aan één of ander
lichtekoooi. Van zodra ze de chauffeur in de gaten krijgen doet de man des huizes
daar direct 20 % bij. Wij, doodop en niet veel goesting om te discussiëren, bekijken
het simpele kamertje en besluiten te blijven. Maar dan gebeurt er van alles wat
ons niet aanstaat en wat ons verdacht lijkt (ze zitten te loeren waar we ons
geld bewaren, ze blijven aandringen om ons eten aan te bieden omdat het buiten
te koud is, die vrouw ontvangt andere mannen, we zoeken het hotel op internet
en vinden niets terug ). We zijn niet langer op ons gemak en voelen ons
geenszins veilig. We willen hier zo snel mogelijk weg en dat kan maar als we
aan een officiële taxi geraken. Daar we de hoteleigenaars niet van onze
verhuisplannen op de hoogte willen stellen, wordt Kristel de baan op gestuurd
op zoek naar een taxi terwijl Geert de bagage in het obscure achterkamertje
bewaakt. Niemand op straat bleek over een telefoonnummer te beschikken om te bellen
maar na enige tijd keert Kristel toch terug met het nieuws dat er een App
bestaat waarmee taxis kunnen besteld worden. Dit lukt vrij snel, is een
geweldig iets (je krijgt een veiligheidscode en de nummerplaat van de taxi
door) en binnen het kwartier staat een
taxi voor de deur die ons naar een ander hotel brengt. We discuteren nog even
met de eigenaars om ons geld terug te krijgen maar dat lukt niet. Maar goed, we
zijn dan wel ons geld kwijt, we zijn tenminste op ons gemak.
De vlucht naar Cartagena verloopt vlot. Binnen het kwartier
rolt onze bagage van de band en nog eens een half uur later liggen we aan het
zwembad van het hotel. Cartagena is een koloniale kuststad in het noorden van
Colombia en het is hier zeer aangenaam toeven. Beetje rondkuieren, daguitstapje doen naar
Playa Blanca (lekker relax en heel veel couleur local) en voor de rest doen we het hier rustig aan.
We blijven drie nachten en maken dan met de bus de verplaatsing naar het
vissersdorp Taganga, onze uitvalsbasis aan de Caraibische kust voor de komende
vier dagen. Ook nu gaat het er zeer op t gemak aan toe met o.a. een tweedaagse
uitstap naar het mooie Nationale Park Tayrona. Voor de rest genieten we er van
de geneugten des levens. De temperaturen lopen hoog op, de cocktails lopen vlot
binnen en het eten is uitstekend.
Na 4 dagen hebben we het hier evenwel gezien en maken we nog
een laatste verplaatsing naar een ander kustplaatsje Palomino, een nog
onontgonnen paradijsje. Ons eigen hutje aan het zwembad en de zee op
wandelafstand. Meer moet dat niet zijn om ons vakantie af te sluiten.
Via een vlucht vanuit Santa Marta zijn we nu opnieuw
aanbeland in Bogota waar onze wegen voor 2,5 maanden zullen scheiden. Geert
stapt vandaag de vlieger op die hem naar ons koude Belgenlandje terugbrengt,
Kristel reist door naar Peru waar haar een nieuwe uitdaging te wachten staat
tussen de straatkinderen van Trujillo.
Colombia in het algemeen is ons zeer goed bevallen. Het zal
niet direct in onze top drie aller tijden terecht komen, maar het leunt er wel
tegenaan. Het landschap op zich is verscheiden en zeer mooi, de (meeste) mensen
zijn vriendelijk en behulpzaam en op een paar momenten na hebben we ons niet
echt onveilig gevoeld. Eten en drinken waren OK. Het land is wel heel groot en we
hebben keuzes moeten maken, we hebben dan ook min of meer een compromis
gesloten dat we hier later nog eens terugkomen, mogelijks in combinatie met
Panama of een ander buurland.
Een goed einde en een goed begin voor jullie allen
Grtz,
Kristel en Geert
PS1 Inmiddels weten we ook vanwaar die indrukwekkende
politiemacht vandaan komt. Gelijkaardig aan onze voormalige legerdienst worden
jongeren hier verplicht om 2 jaar te dienen bij het leger of de politie.
Uitzonderingen zijn studenten aan de universiteit en zij die het geld hebben om
een afkoopsom te betalen.
PS 2 Colombia heeft een drugsreputatie maar we moeten
eerlijk bekennen dat we hier niet zo heel veel van gemerkt hebben, we kregen
wel eens torta de marijuana aangeboden onder het alziend oog van de politie
die dit door de vingers ziet en we zijn eens gefouilleerd geweest op zoek naar
drogas bij ons bezoek aan Tayrona, maar dat was het dan ook
PS 3 Mobile phones zijn hier nog veel meer ingeburgerd dan
bij ons, maar toch staan er op de hoeken van de straat zeer vaak gasten met
verschillende GSMs die deze per minuut uitlenen aan toevallige passanten die
willen bellen. Sommmige gebruikers van deze service hebben zelf een smartphone
waarin ze hun telefoonnummers opzoeken. Very strange.