Druk oponderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek
Zoeken in blog
03-08-2009
We tried to conquer another volcano and lost!!
Na enkele daagjes luieren in Popayan vertrokken we naar het
nationale natuurpark Puracé. We werden ergens afgezet in the middle of nowhere
waar het enkele graadjes kouder bleek te zijn dan in Popayan. Blijkbaar zaten
we ook al op zo´n 3300 meter hoogte en het is nog altijd het regenseizoen hier
in Colombia. We kwamen iemand tegen die ons zei dat we naar boven moesten
wandelen om aan de ingang van het park te komen en hij zei ons dat het niet
zoveraf was. Net voor we rechtsomkeer wilden maken om beneden, in de bewoonde
wereld, iets te gaan zoeken, zagen we huisjes staan. Zoals we vaak
tegenstrijdige informatie kregen in Mexico,zijn het hier eerder detijds- en afstandsberekeningen die een beetje
onderschat worden. Na dus meer dan een halfuur te stijgen in een niet al te
aangename lichte motregen konden we ons gaan verwarmen aan het houtvuur in het
goed gevulde salon. Er bleek die avond een groep van zo´n 30 tal cyclisten te
verblijven. Na enkele shotjes rum waren we opgewarmd en klaar om de koude nacht
te trotseren, dicht tegen elkaar aanliggend natuurlijk.
De volgende ochtend
stonden we vroeg op om de vulkaan te beklimmen. Een klim die ons tot een hoogte
van ongeveer 4600 meter zou brengen. Aangezien we niet echt uitgerust zijn voor
koude en natte omgevingen konden we enkele zaken lenen van de parkwachter.
Freeke leende een kw-achtig iets (wat toch al een iets betere bescherming gaf
dan haar plastieke poncho) en kreeg een paar niet-waterdichte handschoenen mee.
Nanna besloot dat de leren (eveneens niet-waterdichte) schoenen van de
parkwachter een betere optie waren dan haar open sandalen, ook al waren de
schoenen 2 maten te groot. Volledig ingeduffeld vertrokken een kleine hel
tegemoet.
Na een goed uurtje waren we beide al sompend aan het wandelen met
doorweekte kousen en koude voeten. Het regende nog niet en was niet al te koud dus
wij trokken moedig verder. Hoe hoger we kwamen, hoe meer wind er opstak. Dan
werd het koude harde wind met regen, om nadien over te gaan in een wind die je
bijna van de berg zou blazen. Toen we een rots tegenkwamen waarop stond dat het
nog 1000meter verder was tot aan de krater besloten we rechtsomkeer te maken.
Volledig verkleumd met gevoelloze handen en voeten, allebei denkend dat we het
nog nooit ZO koud hadden gehad en dat we nooit meer opgewarmd gingen geraken,
begonnen we naar beneden te strompelen. Het nooit meer opgewarmd geraken was
slechts een klein beetje overdreven. Het leek of het houtvuur bijna geen warmte
afgaf, maar waarschijnlijk zal het tekort aan een glaasje rum om ons op te
warmen het verschil hebben gemaakt.
Nog steeds een beetje rillend vertrokken we
de volgende ochtend naar de warme thermalen. Dit was ongelooflijk en eigenlijk
onbeschrijflijk mooi. We zullen de foto´s dan ook voor zichzelf laten spreken,
alhoewel dat een foto nooit alles kan weergeven, maar toch