|
Passages (tot de wonderzucht is weggekust - Ferdy Karto):xml:namespace prefix = o ns = "urn:schemas-microsoft-com:office:office" />
Ze maakte een cirkel met duim en wijsvinger en tikte het blaadje aan terwijl ze verder sprak. Ze tilde haar hand op en de handpositie verplaatste zich naar het boek, alsof ze de woorden bij de kraag vatte en zo het boek in liet vallen. Haar ogen waren wijd opengesperd en de woorden met finesse uitgesproken, geen medeklinker werd overgeslagen. Hij knikte en liet een stilte vallen.
- Ik zie het. Die neem ik mooi mee, als ie af is, sprak hij met dezelfde zoetgevooisde stem en wees naar het contract. Daarna stond hij op. Zijn stoel gleed al naar achter over de pas gepolijste vloer, aangestuurd door zijn knieholtes. Ze bleef hem aankijken, haar onderarmen vormden een X op de tafel, alsof ze een kat was die precies wist wat er gebeurde en wachtte op verwezenlijking.
- Doet u geen muts op?, vroeg ze, vanuit haar bewegingloze pose.
- Nee. Kwestie van je hoofd koel houden, grapte hij en hij slingerde zijn sjaal om zijn nek. Bij wijze van groet hield hij zijn rechterarm omhoog, met zijn rug naar haar toe, lopend naar de uitgang.
De deur trok hij geruisloos achter zich dicht, enkel de plint kraakte nog na toen hij zijn gewicht verzette. (uit De Karamelier)
Ze heeft gortdroge handen gekregen die zo koud zijn als marmer. Voorheen waren haar handen klam en gloedheet.
Ze opent haar mond zodra ik de lepel soep richting haar mond stuur. Ze spreekt geen woord uit. Ik wel.
- Het is niet meer zo heet, of wel? Kijk eens, woordjes ter geruststelling. In het begin had ik me ongemakkelijk gevoeld. De intieme daad van het eten. Mijn vader had me geleerd dat er maar een klein aantal momenten zijn waarbij je niemand mocht storen. Eten was daar een van.
Nog steeds voel ik ongemak bij deze rituele geneugte.
Ze kijkt me niet aan. De bloemkool, waar ze vroeger een flinke heibel om kon maken, verdwijnt nu zonder enige weifeling, na zorgvuldig kauwen, in haar keel. Haar oogleden zijn gestremd ergens halverwege haar ogen. Halve pupillen zijn zichtbaar, als twee onverschillige manen die zinken in een gelijkgestemde horizon.
(uit: Ademen in de sarcofaag)
Haar Afrikaanse tongval deed Erics oren bekoren. Man, wat een leven spreekt er uit die stem!
De Ghanese had volle wimpers met wijd opengesperde oogleden. Het oogwit was het eerste wat hij altijd opmerkte bij haar. Ze was goed gekleed. Hij wist niet of dit hoorde bij de gewoonte van het land - hij had de moeite nog niet genomen om dit te vragen - en ging er eigenlijk van uit dat dit waarheid was.
Ze had dreads. Korte dreads. Dit deed haar gezicht meer spreken, haar voorhoofd glom soms. Haar onderrug had een curve, alsof de rug zich opmaakte voor het pronkstuk van haar lichaam; haar achterwerk. Ze had een brede neus en haar verfijnde filtrum was een lust voor zijn oog. Haar huid was zacht bruin, haast van melkchocolade. Voor hem was het niet zozeer haar fysieke voorkomen, het was die zweem van elektrische lading die hij voelde tussen haar en zichzelf. Het was haar aanwezigheid die onmiskenbaar was. Ook was het iets in haar ogen, iets waar hij niet kundig genoeg voor was om het te lezen. Een dimensie van de metafysica die hij nooit geleerd had. Soms zette Olive hem voor het blok, in de groep. Wat vind u ervan?, kon ze plots zeggen, zich ten volle ervan bewust dat ze zijn les verstoorde. (uit: Rakelings langs de gading)
Hij was van zijn á propos, zocht was in zijn papieren voor hem en stamelde onsamenhangende woorden die leken op een argumentatie. -Ik wil niet dat je
Pijn is niet goed, kwam er met horten en stoten uit.Hij had vier jaar als rayonmanager versleten en elk mogelijk gesprek met onaantastbare kalmte gevoerd, maar dit was een bijzonder niveau. Buiten het lijfelijke hadden ze niet zoveel gemeen. Het delen van sores met zijn amant zou burgerlijk aandoen, wendde hij zich voor. Absurd burgerlijk. Als een theaterstuk opgevoerd in ruimtepakken. Een dierentuin in een onderzeeboot. High-tea op een crashtest-set. (uit: Het drastische en het behaaglijke)
NB: alle rechten voorbehouden.
|