Onze gesteunde projecten













Bezoek onze gouden sponsors !!!

Bezoek onze sponsors!
IDEA reclame
Brakelsesteenweg 66
9400 Ninove

 

 


Bezoek onze sponsors!
Adviesbureau Walravens
Albertlaan 200
9400 Ninove

 

 



Moto's Van Rossom nv
Edingsesteenweg 416
9400 Denderwindeke

 

 

Bezoek onze zilveren sponsors !!

Bezoek onze sponsors!
RICHA
Westerring, 27
9700 Oudenaarde

 

 


 

 

U kunt ons kosteloos steunen
door gebruik te maken van onze
Trooper pagina:

 

 

Desertlions 2016
A daring challenge to Tadzjikistan & Mongolië

09-10-2016
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dag 58: Kazachstan (1)
SMS
18:20 : Na een ijzig koude rit over de bar slechte wegen  in Kazachstan, ben ik na 11u botsen toch 590 km opgeschoten richting Russische grens, morgen 3 paar kousen, want 2 is onvoldoende :)
 

Reisverhaal:


Terwijl moeder haar roes nog ligt uit te slapen zorgen vader en Alexey voor een ontbijt en maak ik me klaar voor mijn vertrek. Vader is duidelijk de pantoffelheld van het gezin en fluistert stilletjes om de dame des huizes niet te wekken. Ik rits mijn binnenvoering in mijn motorjas, trek twee paar kousen en een alge-onderbroek aan en zip alles tot boven dicht want het blijkt opnieuw een vrieskoude dag te worden vandaag.


De auto batterij van vaders' Audi uit de jaren '90 heeft het duidelijk moeilijk met de vriestemperaturen van afgelopen nacht. We duwen hem samen in gang om daarna ook de oude Oeral motorfiets op de zelfde manier tot leven te wekken zodat Alexey me in de juiste richting kan escorteren. We nemen afscheid in ware biker stijl met vuistgroet en high five alvorens ik alleen verder rijd en nog heel wat navraag moet doen om tenslotte in de juiste richting Almati te verlaten.


De vernieuwde snelweg die me richting noorden voert is in perfecte staat en de eerste uren schiet ik dan ook ongelooflijk goed op. Desondanks dat ik zeer alert moet zijn voor politieagenten met hun speedguns die er op toezien dat niemand de belachelijke snelheidsbeperkingen overtreedt. De hoogst toegelaten snelheid varieert tussen de 50 en 90 km/h en dit op een splinternieuwe drievaksbaan. Zo zorg je er natuurlijk voor dat er dagelijks boetes bij de vleet uitgeschreven kunnen worden en de agenten een flinke duit kunnen opzij slaan voor hun privé rekening. De uitgestrekte steppes bieden weinig verstrooiing en na de natuurpracht van Tadzjikistan en Kirgizië kunnen de besneeuwde bergtoppen aan de horizon me maar weinig meer boeien. Ik tracht de tijd wat te verdrijven door liedjes te neuriën en me te concentreren op het verkeer. Overal langsheen de weg staan nieuwe grote advertenties van casino's waarop te lezen staat welke astronomische bedragen je er wel kan winnen en worden grote Europese luxewagens als de Ranchrover V8 en aanverwanten -met kleurrijke linten over hun daken geknoopt- op podiums tentoon gesteld. Aan de andere zijde zie je op de weg een mix van oude Russische trucks en Duitse import personenwagens jaren 90 en splinternieuwe Lexussen en Daewoos.


Naarmate in noordelijker vorder maakt de vlakke rijbaan plaats voor de oude hobbelweg en word ik opnieuw genadeloos door elkaar geschud. Het gaat uren na elkaar zo door en de temperatuur zakt steeds verder richting vriespunt naarmate de zon lager komt te staan. Desondanks mijn winteruitrusting zit ik kompleet verkleumt op mijn motor en vecht tegen de putten en bulten in het wegdek. Sporadisch stuit ik op een politiepatrouille langs de weg maar telkens kom ik er probleemloos voorbij. De agenten hebben het duidelijk meer gemunt op de autobestuurders en truckers. Verder is er niet veel te beleven op het Kazachse platteland en onderga ik gewoon mijn lot en tracht zo veel mogelijk kilometers te kloppen vandaag wat me vandaag trouwens, na 11 uur rijden, 590 km opbracht.


Ik ben vandaag opnieuw in een nieuwe tijdzone terecht gekomen en loop ondertussen vijf uur voor op België (nvdr: zie in de rechtermarge, onder de weerberichten, voor de locale tijd bij Alain). De zon is al een uurtje onder en de politiewagens razen me rakelings voorbij terwijl ze terugkomen van hun posten. Ze laten me ongemoeid en hebben waarschijnlijk al genoeg geld kunnen aftroggelen van mijn mede weggebruikers. Ze gaan ongetwijfeld hun buit berekenen in hun hoofdkwartier in de stad. Torkent is het eerste teken van beschaving dat ik tref vanavond en daar vind ik dan ook onderkomen voor de nacht op een slaapzaal in een truckstop.


De gemeenschappelijke douche en toilet op de gang is onbruikbaar om hygiënische redenen en het bed is keihard terwijl de kamer onverwarmd en ijskoud is. Het maakt me dan ook slechts 4 euro armer en ik ben al blij dat ik mijn tent niet moet opzetten vandaag. Ik tokkel nog wat op mijn laptop in de verbruikerszaal van het restaurantje terwijl de serveuses naar een Russisch verkoopskanaal zitten te kijken op tv. Slechts drie klanten wippen deze avond even binnen voor een snelle hap en dus hebben ze de tijd van de wereld om rustig wat met me te kletsen en zich te concentreren op de prularia dat op het scherm wordt aangeboden.
 

09-10-2016 om 00:00 geschreven door Webbie


08-10-2016
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dag 57 : Kirgizië (2)
Reisverhaal




08-10-2016 om 00:00 geschreven door Webbie


07-10-2016
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dag 56 : Kirgizië (1)
Reisverhaal:

Mijn Russisch transit visa begint binnen vijf dagen te lopen en is slechts vier dagen geldig. Dit wil zeggen dat ik er wat vaart moet achter zetten. Door het akkefietje met mijn frame en bekabeling ben ik achter geraakt op mijn schema, voor zover ik dat heb.

Mijn eerste taak vandaag is geld omwisselen. De resterende Tadzjiekse Sumoni krijg ik nergens ingeruild in Kirgizië en kan ik dus enkel nog gebruiken om mijn kampvuurtjes aan te steken. Het immense Lenin-standbeeld dat het centrale plein domineert trekt even mijn aandacht en ik neem vlug een foto. Nadat ik wat dollars omgewisseld heb en wat eten en benzine heb ingeslagen verlaat ik Osh in noordelijke richting.


Het is opletten geblazen want de Kirgizische chauffeurs nemen het niet zo nauw met de verkeersregels. De hoofdweg volgt de Uzbeekse grens en dit wil zeggen dat elk dorpje onderweg één grote markt is waar ijverig gehandeld wordt tussen de twee landen. Toen we hier zes jaar terug waren lag het puin van de burgeroorlog tussen de Kirgiezen en Oezbeken nog te smeulen. Alle restaurants, winkels, banken en benzinepompen die door Oezbeken uitgebaat werden waren uitgebrand en de avondklok was nog steeds in voege. Vandaag merk je daar echter niets meer van en lijkt alles terug in zijn plooi te zijn gevallen. In Jalalabad word ik voor de eerste maal opzij gezet door de politie omdat ik te snel reed. Op hun speed camera zie je een kleine glimp van mijn motor omdat ik net achter de auto aanreed die ze onderschept hadden. Ook ik reed natuurlijk sneller dan de toegestane 50km/h maar was niet van plan om dat toe te geven. Nadat ze mijn rijbewijs en pasport achter hielden begon hun betoog maar ik bleef stellig ontkennen dat ik te snel reed en na een half uurtje bekvechten kreeg ik mijn documenten terug en kon ik door rijden. De vrouw die de geflitste wagen bestuurde kwam er met een steekpenning vanaf; een officiële boete wordt hier nooit uitgeschreven. Alles verdwijnt in de zakken van de agenten. Ik zou later op de dag nogmaals opzij moeten omdat ik zogezegd zigzaggend reed terwijl daar niets van waar was. Ook deze keer kan ik me er uitpraten.


In Kirgizië zijn de hoofdwegen geasfalteerd en meestal in goede staat. Grote kuddes vee lopen geregeld over de weg tot ergernis van de lokale vrachtwagen bestuurders. Ikzelf vind het eerder entertainment. De meeste herders begeleiden hun dieren te paard en overal zie je grote kuddes paarden lopen op de groene bergflanken.

De Kirgiezen zijn net als de Oezbeken en Turkmenen allen afstammelingen van Dzjengis Khan en dat merk je meteen op aan hun typische Mongoolse gelaatstrekken. De Tadzjieken daarentegen zijn verre afstammelingen van de Perzen en spreken dan ook nog steeds Farsi. Het is ongelooflijk hoe een paar honderd kilometer verder je meteen in een andere wereld doen belanden. Het verwondert me als ik op mijn dagteller aflees dat ik deze voormiddag reeds meer dan 100km aflegde. In Tadzjikistan deed ik daar soms een ganse dag over. Het is een welkome luxe om terug eens rustig te kunnen rijden zonder halsbrekende manoeuvres te moeten doen om de Deauville recht te houden.


De Kirgizische bergen zijn nog steeds onbeschrijflijk mooi en ze omringen de turkooise meren die schitteren in het zonlicht. Ook de temperatuur klimt opnieuw de hoogte in en ik ruil mijn winterhandschoenen opnieuw in voor mijn zomerpaar. Naarmate ik meer noordwaarts rijd wordt het uitzicht met de kilometer mooier en ik kan het me dan ook niet laten om af en toe te stoppen voor een foto. Behalve een snelle picknick onderweg rijd ik de ganse dag non-stop rustig door tot zonsondergang.


Bij een banden monteur langs de weg demonteer ik mijn achterwiel en laat de off-road band vervangen door mijn straatband want ik zal vanaf hier enkele duizend km asfalt onder de wielen krijgen. Noppenbanden zijn te zacht voor asfalt gebruik en ze zouden te ver versleten zijn voor ik de Mongoolse grens bereik.

De man is behulpzaam maar beschikt niet over deftig materiaal en terwijl hij een afgebroken stuk bladveer van een auto gebruikt als bandijzer trekt hij een klein stukje rubber uit mijn noppenbad. Ik hoop dat hij hierdoor niet zal lekken als ik hem later terug monteer.

07-10-2016 om 00:00 geschreven door Webbie


06-10-2016
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dag 55 : Tadzjikistan - Kirgizië
Reisverhaal:

Om wat verloren tijd goed te maken ga ik al om zeven uur terug op pad richting Kirgizische grens. Het had vorige nacht zo hard gevroren dat de tandpasta in de tube vastgevroren zat. Ik trok dan ook maar meteen mijn winterhandschoenen en wat extra kledij aan.


Toch zat ik de hele voormiddag verkleumd op de motor die gelukkig opnieuw uitstekend bleek te werken en rijden. Asfalt kreeg ik vandaag niet meer onder de wielen, wel alles wat je als motorrijder beter kan missen ...
Het zijn bovenal de eindeloze wasbord ribbels die het rijden bijna onmogelijk maken. Door mijn kleine 17" wielen was ik natuurlijk nog wat extra benadeeld op deze folterwegen.


Vandaag volg ik de Chinese grens richting noorden en kan ik aan de verleiding niet weerstaan om een China binnen te glippen door het gat in de prikkeldraad omheining die Tadzjikistan va buurland China scheidt. De weg is buitenmaats slecht maar de omgeving des te mooier. Het is vooral Lake Karakol dat er boven uitspringt en me even zoet houd met enkele foto's.




Na de middag kom ik aan bij de Tadzjiekse grenspost waar ik in het verleden ook al wat problemen met corrupte grenswachters meemaakte. Ook deze keer proberen enkele soldaten om me een paar onterechte rekeningen aan te smeren maar als ze ondervinden dat ik wat Russisch spreek en voet bij stuk houd geven ze het na een tijdje op en stempelen me hun land buiten.


De twintig kilometer niemandsland ligt er indien mogelijk nog slechter bij en het is pas als ik de Kirgizische grenspost verlaat dat ik terug wat stukgereden asfalt aangeboden kreeg. Na de kale rossige bergen van Tadzjikistan zijn de asfalt wegen en groene bergen van Kirgizië een welkome verandering en rijd ik vastberaden richting Osh.

Tijdens de laatste tweehonderd kilometer merk je direct op dat de grote groepen vee hier op zijn minst een paar maatjes meer hebben dan aan de overkant van de bergpas.


Het zal tenslotte veertien uur in beslag nemen om tot in Osh te rijden maar ik ben blij dat ik mijn zelfopgelegd doel voor vandaag bereikt heb en kijk al uit naar enkele dagen in de sprookjeachtige Kirgiezische bergen.

06-10-2016 om 00:00 geschreven door Webbie


05-10-2016
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dag 54 : Tadzjikistan - Mughab (2)
Reisverhaal:

Na wat navraag kom ik terecht bij de lokale openlucht werkplaats van Mughab. Op het terrein staan enkele oude Russische vrachtwagens waar een paar mannen druk aan bezig zijn met zwaar gereedschap. In het zand ligt een motorblok helemaal uit elkaar en de andere blijkt een afgescheurde laadbakdeur te hebben. Maar ze hebben een stroomgenerator en lastpost en een berg oud ijzer en dus kan ik aan de slag.




Als ik alle plastieken bekleding van de Deauville gedemonteerd heb komt het maar aan het licht dat het volledig frame in twee is gebroken en slechts nog met wat plastieken onderdelen samen hield. Ik zoek wat ijzeren profielen tussen de berg roestig afval en we gaan aan de slag. De lasser van dienst komt met een voorhistorisch lasapparaat voor de dag en begint eerst het frame terug vast te punten om daarna het boeltje af te lassen. Ik had eerst nog aangeboden om het zelf te lassen maar hij blijkt een talentvolle lasser te zijn en ik laat hem maar begaan. Maar doordat zijn laspost geen massa klem had en zijn kabel contact maakte met mijn kabelboom begon plots de gehele kabelboom te smeulen en tegen dat ik het opmerkte leek de ganse bekabeling van voor tot achter in elkaar gesmolten te zijn.


Hiermee kwamen er nog ontelbare uren van herstelwerk bij en was ik verplicht heel de bekleding en de benzinetank te demonteren zodat ik de kabelboom helemaal kon losmaken en alle draden een voor een isoleren met elektriciteitstape. Gelukkig had ik een voorraadje tape bij want de overjaarse rol waarmee zij kwamen aandraven bleek nog uit de Russische periode te stammen en was enkel nog bruikbaar als brandstof voor de kachel.


De arme man was zo beschaamd in het voorval en excuseerde zich herhaaldelijk en nodigde me onder de middag uit om mee te komen eten bij zijn familie. Het had geen zin om boos te worden; in deze contreien gaat dat er gewoon zo aan toe door het gebrek aan deftige gereedschappen.


Tegen de avond had ik alles terug aangesloten en in elkaar geschroefd en was het leed al een beetje vergeten. Mijn vriend de lasser weigerde om mijn rekening te maken maar na wat aandringen van mijn kant aanvaarde hij toch de vijf dollar die ik hem aanbood voor zijn laswerk waar trouwens niets op aan te merken viel.


Hiermee verloor ik natuurlijk een volledige dag in Mughab en kreeg de hoogteziekte me ook nog wat harder te pakken op deze plateau van meer dan 4000 meter.

05-10-2016 om 00:00 geschreven door Webbie


04-10-2016
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dag 53 : Tadzjikistan - Murghab (1)
Reisverhaal:

Om kwart voor zes komt de zon al op en kruipen ook wij uit de veren. Na een ontbijt, excuseer ik mij en neem ik afscheid van mijn nieuwe vrienden en start opnieuw aan mijn bergetappe.


Het is een moeizame strijd en de achterzijde van de motor begint steeds meer te bewegen als ik over de hobbelige bergpas bodder. Ik vrees dat het niet erg lang meer zal duren alvorens de achtersteven het zal begeven.


De omgeving is adembenemend, de rotsachtige bergen zijn zo imposant dat een mens er zich nederig en klein gaat door voelen. De kleine bergstroompjes zorgen hier en daar voor groene oases tussen de rotswoestijn.


Ik kom de hele morgen geen levende ziel tegen tot ik bij de gevreesde checkpoint kom die een niet al te beste reputatie geniet in de streek. Twee militairen registreren mijn gegevens en willen mijn bagage doorzoeken. Ik blijf maar herhalen dat er niets speciaals in zit behalve wat kledij en kampeer gerei en mag ten slotte toch ongecontroleerd verder rijden.


Ik tel welgeteld drie voertuigen vandaag, allen militaire jeeps met soldaten die de wacht moeten aflossen bij de checkpoint. Verder is er geen menselijke activiteit in dit onherbergzaam gebied. In de late namiddag kom ik tenslotte op de E41 terecht die beter bekend staat als de Pamier highway.


Het is de verbindingsweg die Murghab en Khoroch verbindt via het hoogplateau. Het is niet meer dan een compleet stuk gereden asfaltweg die bijna niet meer gebruikt wordt sinds de grens met China werd afgesloten. Vroeger werd hij vooral gebruikt door Chinese truckers maar vandaag heb ik de weg bijna helemaal voor mezelf. Ik zit bijna door mijn benzine en watervoorraad en ook mijn rantsoen begint te slinken. Tot overmaat van ramp begeeft ook het achterframe van de Deauville het volledig. Ik slenter rustig verder tot Murghab en zoek een slaapplaats. Het was een uitputtende rit en morgen zal ik me ontfermen over het probleempje van mijn frame.

04-10-2016 om 00:00 geschreven door Sabine


03-10-2016
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dag 52 : Tadzjikistan - Wachan vallei (2)
Reisverhaal:

De Wachan vallei ligt er nog mooier bij als gisteren in het felle ochtendlicht deze morgen maar ik zit met mijn handen even in het haar want ik kwam tot de constatatie dat ik gisteren mijn laptop vergeten was in de Pamier lodge. Door de regen gistermorgen had ik alles in het droge gelegd en zo was hij uit het oog geraakt en merkte ik nu pas op dat hij niet in mijn bagage zat. Ik heb geen gsm signaal of telefoon nummer waar ik kan naar bellen maar mijn gastheer stelt me gerust dat hij dit kan oplossen. Dat zou een klein mirakel zijn in mijn ogen maar hij beweert dat hij de mensen in de Pamier lodge kan contacteren en dat hij mijn laptop met een jeep naar Muughab zal sturen zodat ik hem morgenavond kan oppikken als ik daar aankom. Ik wil hem wel geloven maar heb toch moeite om dit voor waarheid te aanvaarden maar hij blijft me geruststellen dat het allemaal goed komt. Ik vraag hoeveel dat zal kosten maar krijg het antwoord dat het een vriendendienst is en ik me niets moet aantrekken. In Tadzjikistan draait niet alles om geld maar om vriendschap beweert hij.




Na een welgemeende dankbetuiging neem ik afscheid en tracht me recht te houden op de pistes die er ook vandaag super slecht bijliggen. Vooral in het losse zand volgt het voorwiel niet altijd mijn orders en wil wel eens eigenwijs zijn eigen gang gaan. De wasbordribbels zijn moordend voor de Deauville en het is niet de vraag of er iets stuk zal gaan maar wel wanneer het stuk zal gaan.


Ik hoor al de hele dag dat het achtereinde van de motor een klakkend geluid maakt en demonteer even het zadel om te polsen naar de oorzaak. Het subframe blijkt stilaan af te scheuren aan beide zijden maar ik zal moeten wachten tot ik terug in de bewoonde wereld ben om het te herstellen. Ik kan enkel hopen dat het nog een dagje geheel blijft. De vallei word stilaan breder vandaag en zeker niet minder mooi. Ook de dorpjes zijn wondermooi met hun berkenbomen langs beide zijden van de weg en de grote groene akkers. Mensen werken met handwerktuigen zoals honderden jaren geleden of ploegen het land om met ossen. Slechts zelden zie ik een tracktor ten velde. De kinderen komen van in de verte aangelopen als ze me zien langsrijden om toch maar een glimp van de motor op te vangen en eventjes naar me te kunnen wuiven. Letterlijk iedereen steekt zijn hand op en het is bij mij al een automatisme geworden om ook iedereen te begroeten.



Opschieten is hier onmogelijk. Ik merk op dat de naald van mijn snelheidsmeter vaak niet hoger komt dan 20km/h maar probeer gewoon om constant verder te rijden én rechtop te blijven. Tegen de late namiddag start ik de klim over de hoge pas die me naar het hoogplateau zal moeten brengen. Het is een steile klim met verschillende haarspeldbochten in zwaar terrein. De piste bestaat uit los grind en rotsbodem en de Deauville heeft de grootste moeite om zijn zware belasting naar boven te stuwen. De combinatie van minderwaardige 92 octaan benzine en het zuurstof- en luchtdruk gebrek op deze hoogtes zorgen er voor dat het motorvermogen zowat gehalveerd wordt. Ik moet constant met de koppeling werken om toch maar boven te raken. De piste blijft maar stijgen en het is een titanenstrijd om het gevaarte op het juiste spoor te houden langs de diepe afgrond. Verkeer is er nergens te bespeuren maar tegen een uur of vijf word ik plots opzij geroepen door een groepje herders die op een bergflank samen zitten te eten en een fles wodka kraken. Ik loop erheen en word uitgenodigd om te gaan zitten en krijg meteen een kopje wodka aangeboden. Het is een vader met zijn zoon en wat collega herders en ze vragen of ik bij hun blijf slapen. Ze hebben een beestenstal op de bergflank met één kamertje waar zij de gehele zomer verblijven met hun kuddes terwijl hun familie in de vallei woont.


Het is een primitieve nederzetting die van op de weg niet zichtbaar is en waar geen pad heen loopt. Ik heb dan ook wat moeite om mijn zwaar beladen lastdier tot bij het hutje te sturen. Maar binnenin brandt een mestkacheltje en is het knus warm. Ik haal een blik bonen uit mijn bagage en zij zorgen voor brood en thee en samen drinken we de rest van de zelfgestookte wodka op en maken er een gezellige avond van.


De zoon vraagt of hij deze nacht mijn zaklampje mag lenen in geval de honden wolven zouden opmerken. Ze sluiten hun kudden elke nacht op in de ommuurde plaats die met kippengaas overdekt is want anders springen de wolven gewoon over de muren 's nachts vertellen ze me.

Ik heb al twee dagen geen gsm verbinding en ben bezorgd om mijn familie die waarschijnlijk ongerust zijn en ik kan dan ook niet direct de slaap vatten. Het zal nog minstens een dag duren alvorens ik terug in de bewoonde wereld ben en hun kan contacteren.

Rond een uur of vier worden we alle drie gewekt door het geblaf van de herdershonden. De zoon gaat even polsen maar komt even later terug en zegt dat de honden de wolven al verjaagd hebben en we gaan allen terug verder slapen.

03-10-2016 om 00:00 geschreven door Webbie


02-10-2016
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dag 51 : Tadzjikistan - Wachan vallei (1)
Reisverhaal:

Als ik ontwaak hoor ik de regen op mijn tentzeil druppelen en steek mijn hoofd nieuwsgierig naar buiten om de situatie in te schatten. De wolken hangen vast aan de toppen van de bergen en als ik goed en wel aangekleed ben begint het plots harder te regenen. Ik schuil onder het afdak van de lodge en tokkel nog even op mijn laptop in de hoop dat het snel zal overwaaien maar het gaat net de andere kant uit. Een ondoordringbaar wolkendek sluit zich boven mijn hoofd en het regent alsmaar harder. Het is een onaangename bezigheid om je tent ik de regen op te plooien en al je bagage te pakken terwijl alles langzaamaan nat wordt. Ik haal mijn regenkledij boven en trek het aan alvorens ik mijn rit inzet.


Het is ondertussen al bijna middag maar ik heb geen zin om hier op beter weer te wachten. Khorog is slechts een klein stadje en aan de buitenzijde van de stad stop ik even bij een Lenin standbeeld voor een foto. Lenin wordt in Tadzjikistan nog steeds vereerd voor zijn introductie van het communisme destijds en overal in het straatbeeld tref je zijn standbeeld nog aan. Ook de cccp en hamer en sikkel logos sieren het pleintje.


Een tienermeisje spreekt me aan om te vragen of ze even wat Engels mag oefenen met mij. Ze volgt momenteel een cursus Engels en is gedreven om de taal zo vlug mogelijk onder de knie te krijgen verteld ze. Ze nodigt me uit om mee te gaan naar haar huis en haar familie te ontmoeten. Heel de familie zit net aan de lunch en natuurlijk moet ik terug blijven eten. Haar vader en opa zitten al aan de wodka en schenken me er ook een uit: echte Tadzjiekse wodka zeggen ze fier en ik krijg zelfs de kans niet om te weigeren. Eentje kan geen kwaad zeggen ze en de politie is geen probleem want die drinken allen zelf als ze van dienst zijn. Dat wist ik natuurlijk ondertussen wel al maar ik houd het wijselijk toch maar bij eentje. Een uurtje later neem ik met een rondgesmuld buikje afscheid en rijd langzaam verder.


Algauw beland ik terug in de vallei maar deze keer zorgt de regen voor een extra moeilijkheidsgraad. De Wakhan vallei wordt beschouwd als een van de mooiste natuur fenomenen van centraal Azië. Het is tevens het minst bereikbaar deel van Tadzjikistan maar vooral het mins bereidbare deel. En door het feit dat ze grenst aan de meest beruchte stan-landen van allemaal ook voor vele mensen de meest gevreesde streek.

De enige auto's die ik deze vanaf hier tref zijn gestrande wrakken die stilaan wegkwijnen langsheen de weg en stelselmatig geplunderd worden want hier wordt alles gerecycleerd. Het is een hele opdracht om de Deauville recht te houden. De regen heeft de smalle bergweg omgetoverd in een grote glijbaan en hier schieten de offroad banden zelfs tekort. Grote delen van de weg staan volledig onder water en zo in het moeilijk in te schatten waar de putten zich juist bevinden en hoe diep ze zijn. Maar toch raak ik er met wat stunt en vliegwerk steeds veilig door.


De bergen rijzen als grote monsters langs me op uit de vallei. De dorpjes volgen elkaar in een redelijk snel tempo op en eens de regen wat gemilderd is komen de kinderen terug op straat om me te verwelkomen. Zelfs onder deze druilerige omstandigheden is de natuur prachtig en kijk ik mijn ogen uit op de groene omgeving. Buiten een primitief chekpoint en wat groepjes patrouillerende soldaten is er nergens iets van politiemacht te bespeuren.

Tegen de late namiddag klaart de hemel uit en wordt de vallei breder en de rivier smaller. Op de meeste plaatsen kan je er gewoon over wandelen naar Afghanistan. Ooit was dit de uiterste grens van de Verenigde Staten van Rusland maar prikkeldraad vind je hier niet omdat de onoverkomelijke bergen de natuurlijke grens vormen. Voor de eerste keer wordt mijn roep beantwoord als ik wuif naar Afghaanse jongeren aan de overkant. Ze zwaaien vrolijk terug met hun armen in de lucht. Net op tijd vind ik er benzine in een afgelegen benzine station. De uitbater vraag hoeveel liter ik wens en sloft rustig naar zijn oude Duitse pomp met opschrift bleifrie. Het is onvoorstelbaar hoe dat ding hier ooit belandde en hij duwt handmatig de magneetschakelaar in. De pomp krijst rauw terwijl mijn tank tot de nok gevuld wordt waardoor ik ben alweer eens op de valreep gered van benzine nood.


Wat verder komen er een paar kinderen op me afgelopen en zeggen me dat ik bij hen kan overnachten. Misschien niet zo'n slecht idee denk ik en ik volg hun instructies tot bij het erf van hun familie. Vader komt me tegemoet en heet me welkom. Het is een primitieve boerderij met aanpalende akkers op de oevers. Door een netwerk van kleine irrigatie kanaaltjes worden de akkers bevloeid en is er landbouw mogelijk. Een van de dochters spreek een paar woorden Engels maar vader draaft maar door in het Russisch en verteld me dat hij van zijn moeders kant Afghaans bloed meegekregen heeft en hij toont mij fier zijn traditionele Afghaanse kledij en hoofddeksels.

Een volwassen hond ligt aan de ketting en een pub huppelt vrolijk rond en komt wat met me dollen. Onlangs zijn er een paar van zijn herdershonden doodgebeten door wolven vertelt vader me en daarom heeft hij er een pub bijgenomen om op te leiden tot herdershond. Deze man hangt een volledig ander beeld op van zijn buren aan de overkant van het water. Hij zegt me dat ze als vrienden met elkaar omgaan en drijven samen handel op de Afghaanse bazaars die hij geregeld bezoekt. Het is typisch dat mensen die er nog nooit geweest zijn dikwijls de wildste verhalen vertellen over sommige streken terwijl de mensen die er wonen en echt weten hoe het er aan toegaat een heel wat gemoedelijker verhaal vertellen. Hij beweert dat iedereen langs beide zijden van de rivier in vrede leeft en elkaars vrienden zijn.


Slapen doe ik in de kamer van een van de dochters terwijl zij vannacht de kamer ernaast deelt met haar ouders. Op de muur hangen twee posters met een afbeelding van een meisje dat vroom bidt voor een afbeelding van Mekka. Verder is de kamer volledig kaal. Het dakraampje is een oude auto ruit die ontleend werd aan het wrak van een busje die op het erf staat. Het toilet is gewoon het dak van een auto waar twee gaten in gemaakt zijn. Dit is Wakha stijl zegt hij terwijl hij zijn gouden tanden bloot lacht. De mensen hier zijn gedwongen om heel inventief te zijn want in afgelegen streken kan je niet gewoon even naar de lokale doe-het-zelf zaak lopen ...

02-10-2016 om 00:00 geschreven door Webbie


01-10-2016
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dag 50 : Tadzjikistan - Khorog
Reisverhaal:

Ik word gewekt door een warme lucht in mijn aangezicht en wanneer ik mijn ogen open word ik van heel kort bij aangestaard door twee grote ogen. Er staan een vijftal koeien rond mijn bivak en eentje ervan blijkt nogal veel bewondering te hebben voor mijn slaapzak. Ik sta op en word begroet door een herdersjongen van zo'n jaar of tien die de koeien al op dit onbetamelijke vroege uur de bergen in leidt. Hij stelt zich niet te veel vragen over mijn aanwezigheid want het is hier de gewoonte dat herders op plaatsen zoals deze overnachten als ze op meerdaags uitstappen zijn met hun kuddes.


Het kampvuurtje dat ik hier gisteravond trof maakte me duidelijk dat deze plaats geregeld gebruikt werd door de herders. De jonge knaap heeft vooral oog voor mijn motorfiets en mijn helm. Hij klimt op mijn motor en zet mijn helm op terwijl hij constant het motorgeluid nabootst. Terwijl ik mijn kamp opbreek smikkelt hij zonder veel schaamte de overschot van mijn noedels naar binnen en drinkt mijn fles fruitsap leeg. Ik laat hem rustig begaan want ik ben tenslotte een gast in zijn land en ik ben al ontelbare keren uitgenodigd om te komen eten door zijn landgenoten. Terwijl ik mijn afwas doe in de rivier en me vlug wat opfris zet ook hij zijn tocht verder en verdwijnt met zijn koeien achter de rotsen, de bergen in.


De weg blijft de rivier volgen langsheen de Afghaanse grens. Ondanks dat hoge rotsachtige bergen en stenen de hoofdmoot van het uitzicht voor zich nemen is er toch een zekere variatie. De weg bestaat grotendeels uit gravel en zand. Geregeld maakt de carterplaat contact met uitstekende rotsen en wipt de motorfiets even omhoog. De twinduro banden leveren uitstekende prestaties op deze pistes en bijten zich zo goed mogelijk vast in de ondergrond. Doordat ik oostwaarts rijd bevind ik me aan de afgrond zijde van de weg. Het is dan ook elke keer een spannende operatie om de grote Chinese vrachtwagens te kruisen. Het is verwonderlijk hoe deze mastodonten zich over zo'n bergpad kunnen wurmen. Gelukkig is het verkeer schaars en zie ik ze in een grote stofwolk in de verte aankomen waardoor ik me steeds kan voorbereiden op de kruising. Het openbaar vervoer gebeurt met grote 4X4 jeeps die aan hoge snelheid over het pad denderen en niet al te veel oog hebben voor een kleine motorrijder. Vaak liggen er rotsblokken op de weg die van de bergen naar beneden getuimeld zijn en ook in en langs de rivier liggen op vele plaatse grote rotsblokken ter grote van een klein huis.


Het leven aan de Afghaanse zijde gaat gewoon zijn dagelijks gangetje. Ik zie mannen bij het water vissen, vrouwen die de was doen aan de oevers en mensen op kleine motorfietsen over het ezelspad scheuren. Mijn gemiddelde snelheid ligt zeer laag en ik sta meestal rechtop de voetsteuntjes om mijn rug wat te ontlasten. Af en toe kruis ik kleine dorpjes daar waar er een stroompje uit de bergen naar beneden stroomt. Op andere plaatsen is er geen vegetatie en dus ook geen leven.


Gelukkig vind ik een benzinestation langs de weg alhoewel, station is een groot woord voor een hof met enkele Jerry kannen en een oude citerne met mazout voor de vrachtwagens. De man tankt me een emmer benzine zodat ik terug verder kan. Groepjes militairen patrouilleren geregeld langs de weg met kalashnikov over de schouder en in uniformen uit de vorige eeuw. Op hun broeksriem prijkt nog steeds de communistische hamer en sikkel . Iedereen begroet me onderweg wanneer ik een dorpje doorkuis en alle kinderen hebben er een hobby van gemaakt om hun hand uit te steken voor een high five terwijl ik voorbij rijd. Het is niet altijd even makkelijk om met één hand door te putten te laveren terwijl we handjes pletsen maar ik wil hun het geluk niet ontnemen en speel het spelletje gewoon mee.


Ik ben vastberaden om deze avond tot in Khorog te raken en verkwist niet te veel tijd onderweg en rijd aan een min of meer constant tempo door. Het zicht is vaak adembenemend en ik rijd onder hoge overhangende rotsen door richting zuid oost. Je kan hier onmogelijk verloren rijden want er is slechts één weg en die volgt de rivier door de vallei.


Tegen de late namiddag stop ik voor de slagbomen van een check point. Een politie agent vraagt me om mee naar binnen te gaan. Het is een oud gebouwtje met enkel een gammele tafel en een stoel maar de vier aanwezige agenten zijn super vriendelijk en ik sla een praatje in mijn beste Russisch en speel wat met de puppies die er rond huppelen. Ik laat hen een foto zien van mijn hond in België en we verbroederen ondertussen wat verder. Ze waren net bezig met een flesje wodka te kraken toen ik arriveerde en het was naar mijn mening niet de eerste vandaag want het ging er nogal vrolijk aan toe in hun kantoortje. Ze bieden me een koffie kop met wodka aan maar ik weiger beleefd met het excuus dat ik nog verder moet met de motor. Eentje kan geen kwaad dringen ze aan en ik kan moeilijk weigeren. Het is nogal een rijkelijke slok maar ik krijg er ook een bordje gezouten paprika's en tomaat bij geserveerd. Ze stellen allerlei vragen over België en één van hen nodigt me uit om bij hem te blijven slapen in zijn huis iet verderop. We zullen samen eten en verder drinken verteld hij mij en hoe aantrekkelijk het aanbod ook klinkt, ik besluit toch om mijn gezond verstand te laten zegevieren en excuseer me en zet mijn reis stilletjes verder.

Wat later word ik opzij geroepen door een grote groep arbeiders die met pikhouweel en schop een gracht voor een kabel aan het graven zijn. Het is echte slavenarbeid in deze rotsige bodem maar de mannen zijn het blijkbaar gewend en troepen lachend samen rond mijn motor. Ze zeggen Pakistanen te zijn en wijzen op hun typisch Pakistaanse hoedjes en zetten er eentje op mijn hoofd wanneer ik mijn helm afzet. Heel de groep lacht zich een deuk en ik neem even een foto. Ze zijn volledig opgewonden om eens iemand uit België te ontmoeten en vuren de ene vraag na de andere af. Tenslotte nodigen ze me uit om te komen eten in hun barakken maar opnieuw moet ik weigeren want ik had graag nog eventjes internet verbinding gezocht deze avond in Khorog.


Ondertussen gaat de schemering over in totale duisternis en rijd ik langzaam verder, me concentrerend op wat er zich afspeelt in de lichtvlek voor mijn voorwiel. Ik ben al meer dan twaalf uur onderweg en heb slechts tweehonderd km afgelegd. Het hoeft dan ook geen betoog hoe mijn lichaam zich voelt na een rit als deze. De spreekwoordelijke laatste loodjes wegen het zwaarst en de opluchting is dan ook zeer groot als ik  in de verte enkele lichtjes waarneem tussen de bergen, die aangeven dat ik mijn einddoel voor vandaag bijna bereikt heb.

Ik kreeg een tip van een schotse wielertoerist over een low budget lodge waar ik voor 5 dollar kan kamperen met internet verbinding. Een vriendelijke man in een jeep rijdt me voor,  langs een uitdagende rotsachtige helling tot bij de lodge. De internet verbinding is al even primitief als de accommodatie maar ik slaag er toch in om enkele foto's te posten alvorens het internet volledig uitvalt. De temperatuur is al flink gedaald en ik trek mijn slaapzak hoog over mijn oren en trek de rits van mijn tentje tot boven toe.

01-10-2016 om 00:00 geschreven door Sabine


30-09-2016
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dag 49 : Tadzjikistan - Afghanistan
Reisverhaal:

Om zes uur 's ochtends hoor ik al gekraak op de houten terrasplanken en ik zie vader stilletjes opstaan terwijl zijn zoon Ibrahim en ik ons nog even omdraaien voor een extra half uurtje. Wanneer we vanonder de wol kruipen , zijn het legertje vrouwen al opnieuw bezig met brood te bakken op een houtvuurtje. We gaan opnieuw naar de woonkamer voor het ontbijt.

Het is een kale kamer met slechts het klein tv'tje als meubilair en vandaag staat er derderangs Tadzjiekse soap op het menu. Opnieuw reageert vader op alle gebeurtenissen in de fictiereeks en lacht om het minste grapje dat op de buis verschijnt. Het is duidelijk dat de man geniet van simpele dingen in zijn leven maar mijn bezoek draagt hij hoog in het vaandel. Het gebeurt natuurlijk immers niet elke dag dat er een vreemdeling uit België voor zijn deur staat.

Hij is bezorgt dat ik met honger zou verder reizen en hij blijft maar aandringen om meer te eten. Wanneer ik me klaar maak om te vertrekken wordt mij warm water aangeboden om mij te wassen en krijg ik mijn jas en laarzen aangereikt al was ik een koning. Een deel van de kinderen wil nog even mee op de foto alvorens ik door de mannen omhelst word en vaarwel gekust. Het is het zoveelste afscheid tijdens deze reis en ik kan maar moeilijk wennen aan de heldenstatus die ik mij aangemeten krijg.


Ik rijd verder de bergen in die vandaag in een dikke mistlaag verborgen liggen. Gelukkig kom ik niet veel verkeer tegen want elke tegenligger brengt een grote stofwolk teweeg die mij het zicht nog verder ontneemt en mijn tanden doet knarsen. Ik steven recht op de Afghaanse grens af en zie geregeld militaire nederzettingen en bordjes die waarschuwen voor mijnenvelden langs de weg. Verder is er niet veel beschaving te bemerken en tracht ik me zo goed mogelijk door de hindernissenpistes te werken. Ik krijg dikke keien, grind, modder, los zand en stukgereden asfalt te verwerken vandaag en dit op vaak bochtige bergpassen in een dikke mist. Het hoeft geen betoog dat mijn gemiddelde snelheid er lichtjes onder lijdt en het ziet er naar uit dat ik de stad Khoroch vandaag niet meer zal halen.


Af en toe tref ik Chinese wegenarbeiders die werken aan een nieuwe weg. Ze zijn een uitzonderlijk zicht in deze contreien en vallen meteen op daar met hun typische tanden, hoedjes en Chinese vrachtwagens. Iedereen die ik vandaag tegen kom steekt zijn hand op en zwaait als ik voorbij rijd. Tijdens een afdaling zie ik plots een grote vrachtwagen die van de weg is geraakt en op zijn zijde in de ravijn geklonken ligt. Ik snel er heen en tref de twee chauffeurs ongedeerd aan naast hun verhakkelde wagen. Ik vraag of ze ongedeerd zijn en ze stellen me gerust dat het enkel de vrachtwagen is die er niet zo goed aan toe is. Het gevaarte ligt ongemakkelijk op zijn zij en er zal heel wat stunt en vliegwerk bij te pas komen om hem uit zijn hachelijke situatie te bevrijden. Ik bied hun water en eten aan want ze zeggen dat ze hun wagen niet mogen alleen laten om de vracht te beschermen en dat ze hier waarschijnlijk nog een paar dagen zullen moeten bivakkeren in de bergen alvorens er hulp zal arriveren uit Duchanbe. Ze stellen me gerust dat het wel goed komt en ik rijd met enige aarzeling toch door en laat hen achter bij hun wagen.


Ik ontmoet op deze berg weg slechts sporadisch een tegenligger met de cadans van één per uur maar geniet van de omgeving zonder mijn concentratie op de weg te verliezen. Het is een grote uitdaging om de Deauville door deze steenwoestijn te loodsen. Gelukkig bieden de offroad banden genoeg grip op deze steeds variërende ondergrond om veilig verder te rijden. Na een paar uurtjes heb ik mijn rijstijl aangepast en geniet van de voldoening om elke hindernis feilloos te overwinnen.


Ik volg de rivier die Tadzjikistan van Afghanistan scheidt en ik kan het niet verhelpen dat mijn aandacht afdwaalt naar de overzijde waar ik het dagelijkse leven gadesla in de Afghaanse dorpjes die langs de rivier liggen. Aan mijn zijde is er trouwens toch niet veel te beleven want de dorpjes zij hier zeer schaars. Op vele plaatse is de rivier zeer smal en kan je er eigenlijk zo overlopen naar het gevreesde buurland. Ik heb dan ook een goed zicht op het leven aan de overkant. Ik zie mannen in traditionele Afghaanse jellabas en vrouwen in uitsluitend zwarte kledij. Kinderen spelen op de oevers va de rivier maar  beantwoorden mijn roep niet als ik naar ze wuif met mijn armen in de lucht. Ze snappen waarschijnlijk niet waarom er plots iemand uit Tadzjikistan naar hen wuift terwijl de meeste mensen aan deze zijde weinig goeds te vertellen hebben oven hun buren aan de overzijde.


Tegen halverwege de namiddag klaart de mist eindelijk een beetje op en krijg ik een beter zicht op de bergen die aan beide zijden van de rivier honderden meters hoog oprijzen. De bergpistes liggen er zo slecht bij dat ik de hoop om Khorog vandaag nog te bereiken allang opgegeven heb en zoek tegen een uur of zes een geschikte kampeerplaats. Ik merk een smal ezelspad op dat tot achter enkele grote rotsblokken leidt op een bergflank en ontdek een verlaten slaapplaats van de lokale herders. Een perfecte overnachtingplaats naar mijn mening: niet te ver van de weg, dicht bij de rivier en uit het oog van het verkeer. Ik parkeer de Deauvi achter de rots en gooi mijn luchtmatras uit. Mijn tent kan ik onmogelijk opzetten in deze steenwoestijn maar dat deert niet want de temperatuur zakt nog niet te erg 's nachts en muggen komen hier niet erg veel voor langs deze snelstromende rivier. Op mijn gasvuurtje kook ik nog wat noedels als avondmaal en geniet van de rust.

Het is af en toe eens leuk om even alleen te zijn want het constant overnachten bij andere mensen kan zeer vermoeiend zijn op den duur. Ik heb deze avond dan ook rustig de tijd om even wat verslagen te tokkelen voor onze Desertlions blog. Na een uurtje valt het verkeer volledig stil want het is al een redelijk extreme route overdag; 's nachts waagt er zich blijkbaar niemand meer op deze pistes. Ik kruip in mijn slaapzak en geef mijn ogen even de tijd om te wennen aan de duisternis. Na enkele minuten komt de kosmos stilaan tot leven en neem ik steeds meer sterren waar aan her firmament. Het is verwonderlijk hoeveel vallende sterren ik tel op een korte tijd alvorens ik stilletjes indommel.


30-09-2016 om 00:00 geschreven door Sabine


29-09-2016
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dag 48 : Tadjikistan - Duchanbe - afscheid
Reisverhaal:

Met het openbaar vervoer ga ik naar de Russische ambassade en dat op zich is al een avontuur. Het is nog niet zeker of mijn visa vandaag klaar zal zijn maar ik kruis de vingers en voeg me bij de groep die samengepakt staat voor het ijzeren hek van het Russische consulaat. Ik spreek enkele mensen aan om te zien of ze Engels spreken en een jongeman stapt naar voor en antwoordt me dat hij Engels spreekt en me wil helpen. Ik leg hem mijn situatie uit en de rest van de groep stemt toe dat ik als eerste binnen mag. Als eerste betreed ik dus het consulaat en de dame achter het loket herkent me meteen. Het is dan ook de derde keer dat ik langs kom deze week en de Belgen liggen hier natuurlijk niet dik gezaaid.

Ik spreek haar aan in 't Russisch en kan mijn enthousiasme niet verbergen als blijkt dat mijn visa klaar ligt. Ik zeg dat ik dolgelukkig ben en bedank haar met een uitbundige "spasiba". Mijn enthousiasme werkt blijkbaar aanstekelijk want er gebeurt een klein mirakel: ik slaag er voor de eerste maal in om iemand te doen glimlachen op de Russische ambassade
Shocked Cool . Hiermee behaal ik twee overwinningen in één slag en verlaat blijgezind het consulaat en laat Mergan het goede nieuws weten.


Tegen lunchtijd zijn we terug bij hem thuis en maak ik me klaar voor mijn vertrek,  maar zijn moeder protesteert, zegt dat ik eerst nog moet blijven mee-eten. Er komt ook nog een groepje vrienden van Mergan langs om me mee uit te wuiven. Het zijn vlotte jonge mensen en enkele onder hen spreken Engels en zo wordt het een zeer entertainend laatste middagmaal samen.

Ik betrap mezelf er op dat ik terug wat sneller begin te functioneren en excuseer me tegen 13 u en neem afscheid van iedereen. Vooral Mergan  zijn ouders zijn zeer emotioneel bij het afscheid en zeggen dat ze elke dag voor mij zullen bidden tot ik veilig thuis ben teruggekeerd.


Even later rijd ik alleen door het centrum van Duchanbe en hoef geen enkele keer de weg te vragen want ik ken de stad ondertussen als mijn broekzak. Ik was al bijna vergeten hoe het voelde om met de zwaar bepakte Deauville door het verkeer te manoeuvreren, terug in de warme motorkledij te zitten en me te concentreren op het verkeer. Toen ik hier vorige week in jeans en T-shirt rondliep op mijn zomer sloffen kon ik me een beetje verbergen in de menigte. Niemand staarde me na maar nu ik terug op de motor zit word ik opnieuw aangesproken aan de verkeerslichten en krijg ik thumbs up van voorbijgangers. Eens ik de stadspoort door rijd kom ik algauw terug in de bergen terecht. Het uitzicht is prachtig: hier en daar ligt er een mooi meer tussen de glooiende bergen. Naarmate ik vorder worden de dorpjes kleiner en stoffiger. Grote kuddes vee komen in grote stofwolken terug van hun dagelijkse graas sessies in de bergen en overal slenteren koeien, geiten en ezels over de straten. De wegen in de dorpjes zijn niet van de beste kwaliteit en alles, van auto's tot bomen, mensen en huizen, zitten onder het stof.
Tot in de kleinste dorpjes tref je grote borden waarop de Tadzjiekse president vereerd wordt terwijl iedereen in Tadzjikistan weinig lof over heeft voor hun corrupte regering, geniet de president een soort helden status en ontsnapt aan alle blaam.



Ik tracht zoveel mogelijk vordering te maken en ik rijd door tot het begint te schemeren. Wanneer ik een nieuw dorpje nader spreek ik een jonge man op zijn ezel aan en vraag of hij een geschikte plaats weet om te kamperen. Hij gebaart me om hem te volgen en maant zijn ezeltje aan tot een galopje. We arriveren bij een groot ijzeren hek dat hun compound afsluit en nadat ik binnenrijd kom ik op het erf van zijn familie terecht. Een groep vrouwen zit buiten wat potten en pannen af te wassen en zowat uit alle richtingen komen kinderen op me afgelopen. Op de vraag waar ik mijn tent mag opslaan antwoordt hij hoofdschuddend en zegt dat ik mee naar binnen moet komen.


Het is een verouderd maar groot huis met vele kamers. We nemen plaats in de woonkamer en de vrouwen rollen het mooiste tapijt open en brengen me een avondmaal en verdwijnen terug in "hun" kamer. Even later springen de twee zonen recht en begroeten eerbiedig hun vader die ons komt vergezellen. Het is een oudere man met een traditionele moslimbaard en hij begroet me vriendelijk en heet me welkom in zijn huis. Later die avond kom ik te weten dat hij vier dochters heeft en zes zonen met zijn twee vrouwen. De oudste zoon verklapt me dat ook hij er van droomt om een tweede vrouw te hebben net als zijn vader en zijn gezin met twee kinderen uit te breiden.

Vader is een eenvoudige maar supervriendelijke man en blijft me constant thee bijschenken en laat allerhande snoep en fruit aanhalen door zijn legertje van vrouwen en schoondochters. Hij gaat net als zijn zonen zeer liefdevol om met de allerkleinsten van het gezin en de kinderen komen elk om beurt eens bij opa langs terwijl we samen naar een Russische actiefilm kijken op hun Chinese tv. Een antenne of kabel tv hebben ze niet maar wel een dvd speler waarop we zeker vijf afleveringen van de derderangs actie reeks op bekijken. Vader gaat volledig op in het tv gebeuren en geeft op alles wat er gebeurt in de serie zijn commentaar. We spreken wat over geitjes en schaapjes en terloops komt het terroristen probleem in Europa ter sprake. Ik licht hun wat in over de betreurende voorvallen op de luchthaven en de metro in Brussel en vader keurt elke vorm van moslim extremisme stellig af. Wij zijn muzelmannen zegt hij en we zijn de meest vredelievende mensen op aarde; iedereen die misdaden pleegt in de naam van de Islam is een crimineel. Hij vraagt of er in België ook moslims leven en hoe het er met de relatie tussen hen en de christenen aan toe gaat. Ik antwoord hem dat er nagenoeg geen problemen zijn en dit maakt hem gelukkig. Wij zijn je vrienden zegt hij en je bent van harte welgekomen.


Door mijn gegeeuw kan ik mijn vermoeidheid niet verbergen en de jongens laten hun vrouwen onze slaapplaats voor de nacht opstellen. Ik slaap samen met vader en de twee oudste zonen buiten op het overdekte terras onder exotische dekens. Het geeft een onbeschrijfelijk gevoel van samenhorigheid en je voelt je ongelooflijk welkom als je  tussen deze mensen mag slapen en elkaar een goede nachtrust toewenst alsof je bij je eigen familie zou liggen. Het is muisstil op het erf en enkel het geblaf van de hond doorbreekt even de stilte terwijl ik mezelf gelukkig prijs dit moment hier te mogen meemaken.

29-09-2016 om 00:00 geschreven door Sabine


27-09-2016
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dag 44 - 46: Tadzjikistan - Duchanbe - visum perikelen.
Reisverhaal:

Toen ik mijn Russisch visa aanvroeg in Brussel verwachtte ik een dertig dagen visum te ontvangen maar achteraf bleek ik slechts 15 dagen in de Russische federatie te mogen verblijven. Zoals gevreesd is mijn Russische visum ondertussen al bijna verlopen en raak ik nooit meer op tijd aan de grens, laat staan het land terug buiten. Door het feit dat ik pas op vrijdag arriveerde zit ik een weekend vast tot de Russische ambassade opent op maandag. Dit is de uitgelezen plaats om mijn Russisch visum te hernieuwen omdat Mergan mij kan bijstaan in de aanvraagprocedure die volledig in het Russisch moet ingevuld.


Naast een gedetailleerde routebeschrijving en reisplanning moet ik ook allerhande formulieren online invullen en afdrukken. Dit kan allemaal in het kantoor van Mergan en ik ben er meteen een paar uurtjes zoet mee. Mijn Belgische telefoonkaart blijkt hier niet te werken en we installeren een Tadzjiekse zodat ik later in het Pamier gebergte meestal ontvangst zal hebben en Mergan kan bereiken in geval van nood. In Tadzjikistan gaat alles net iets trager als in Europa en ik moet me aanpassen aan hun ritme. Dit lukt me al aardig want ik verblijf ondertussen al enkele dagen bij zijn familie.

Hij helpt me om mijn banden te demonteren en de off-road rubbers om de velgen te leggen en om motorolie te kopen van Europese kwaliteit. Ik heb sinds mijn vertrek in België al meer dan 12000KM gereden en nog geen druppel olie bijgevuld maar door de eindeloze ritten in de uitzonderlijke hitte en omstandigheden is de olie aan vervanging toe. Ik ben tevens ook door mijn voorraad reserve lampen heen en vul ook deze aan in de lokale auto bazaar waar je zowat alles kan kopen voor allerhande voertuigen. De meeste onderdelen zijn echter van bedenkelijke kwaliteit en geïmporteerd uit China. Mergan zijn vader maakt nog de grappige opmerking dat alles behalve de mensen zelf, alles in Tadzjikistan chinees is. Vroeger was alles Russisch en dat was al niet veel beter lacht hij.


Mergan neemt me elke dag mee naar de stad en ik voel me ondertussen al één van hen. We gaan samen naar het "afscheidsfeest" zoals hij het zelf noemt van zijn overleden nonkel. Het is een variante van de Vlaamse koffie tafel maar dan met veel meer pracht en praal en vooral heel veel eten.

Ik ben ook getuige van het ontslag van zijn vrouw en baby uit de materniteitsafdeling van het lokale hospitaal. Wij waren er eerder deze week al langs geweest met wat eten voor zijn pas bevallen echtgenote maar het gebouw is verboden terrein voor mannen. We mogen slechts tot aan de deur en geen stap verder. De verpleegsters handelen alles verder af vanaf hier. Bij de afhaling van de baby is de ganse familie aanwezig en het lijkt wel een drive through van McDonald's. Iedereen staat zijn beurt af te wachten in een lange rij en één voor één worden de baby's naar buiten gedragen door een forse verpleegster gevolgd door een klein legertje van mede verpleegsters die met de bagage van de moeders zeulen. Na de overhandiging van de pasgeborenen steekt iedereen zijn hand uit voor een kleine vergoeding. Mergan zegt dat hij deze vorm van corruptie niet goedkeurt maar er niet kan aan ontkomen; zo werkt het hier gewoon.

Zijn vrouw zal samen met de baby enkele maanden bij haar ouders intrekken voor een pamper opleiding door haar moeder alvorens ze opnieuw bij zijn familie zal intrekken. Het is een unieke ervaring voor mij om enkele dagen deel uit te maken van zijn familie en hun leven van dicht bij mee te maken.

Ondertussen leerde ik zowat iedereen kennen en werd ik reeds tot hun Belgisch familielid omgedoopt. Eten staat steeds centraal in Centraal-Azië en alle dagen moet ik mee aanzitten aan het feest tapijt. Ze blijven me maar volstouwen met allerhande voedsel en fruit. 's Avonds komen er dikwijls neven van Mergan op bezoek en maken we het steeds gezellig met enkele flessen bier of een paar wodka's zonder ooit te overdrijven weliswaar. Mergan is lid van de kleine protestantse christelijke beweging in Duchanbe en zijn schoonvader is de pastoor van hun kerkgemeenschap. Hij neemt me mee naar de zondagdienst en ik word voorgesteld als de nieuwe "broeder" uit Europa. Het is een amusante ervaring met veel vrolijke gospel muziek en héél veel lachende gezichten. Mijn verblijf in de stad is niet enkel een rustperiode maar vooral een aaneenschakeling van unieke ervaringen. Op maandag ochtend hebben we afspraak met de hospitaal directie in het Bozhor district waar we twee jaar geleden de "Desertlions ambulance" schonken aan een hospitaal. Dit is de hoofdreden van mijn bezoek aan Tadzjikistan en het is een blij terugzien na twee jaar. Ik word als een hoge gast ontvangen en begroet. Er was mij gevraagd om als mekanieker bij te staan in het onderhoud en nazicht van de Franse wagen omdat de lokale mekanieker die instaat voor het onderhoud niet zo vertrouwd is met deze technologieën. En daar maken we dan samen eerst werk van!


Buiten remblokken, banden en een oliewissel help ik ook nog even met het oplossen van enkele eenvoudige elektrische euveltjes zodat de ambulance opnieuw paraat staat voor een nieuwe service periode. Ondertussen krijg ik nogmaals te horen wat een zegen deze ambulance wel is voor de regio en hoe hij dikwijls hij wordt uitgeleend in Duchanbe bij speciale gelegenheden zoals de jaarlijkse marathon en zo. De nieuwe vleugel van het ziekenhuis die twee jaar  geleden slechts een ruwbouw was is ondertussen in gebruik waardoor de capaciteit meteen verdubbelde. De bouw werd deels gefinancierd door de nationale volksgezondheidsdienst maar voertuigen vallen hier niet onder en moeten door de ziekenhuizen zelf bekostigd worden met kleine, lokale budgetten.


Het is verwonderlijk om te zien in welke prachtstaat de ziekenwagen zich nog bevindt na twee jaar dienst en zijn staat bevestigt hun verhaal dat hij met de grootste zorg vertroeteld wordt. De wagen brengt zoveel mooie herinneringen naar boven bij mij. Gedurende twee jaar stoomde ik hem klaar voor zijn reis naar Centraal-Azië en hij werd het visitekaartje voor de Desertlions. Samen met Sabine leefde ik er twee maanden in terwijl we hem naar Tadzjikistan reden en daar tenslotte schonken. Het lijkt wel gisteren dat we hier door de poort reden en als koningen ontvangen werden door de voltallige staf. De directrice van het hospitaal vertelt me terloops nog dat één van de verpleegsters nog steeds elke dag de schoenen draagt die ze van Sabine cadeau kreeg en hierdoor elke dag aan ons denkt. Het was een hoogtepunt in deze reis om hier terug te keren en het gevoel is onbeschrijflijk: het laat me al de fysieke ongemakken van deze reis meteen vergeten en natuurlijk moet ik plechtig beloven om later met Sabine nog eens terug te keren. En ik hoop deze belofte ook te kunnen nakomen in de toekomst want ik ben ondertussen onherroepelijk verbonden met dit land. De meeste mensen in Europa weten bitter weinig over dit uitzonderlijke Centraal-Aziatisch land maar ik ben verknocht aan de Tadzjiekse mensen en de ruige natuur van het Pamier gebergte met zijn hoge besneeuwde toppen, kolkende rivieren en zijn hoogvlaktes van meer dan 5000m De arenden, de wolven en de herders met hun kuddes kleden het geheel verder aan.

Mijn verblijf in Duchanbe wordt steeds maar verder verlengd wanneer ik te horen krijg dat ik minimum drie dagen zal moeten wachten op mijn Russisch visa. Mergan merkt mijn teleurstelling op wanneer ik het nieuws ontvang en omhelst me broederlijk en troost me dat god dit zo gewild heeft. En, ik mag zolang blijven als ik wil. Ook zijn familie stelt me gerust,  dat ze voor me zullen zorgen en dat mijn bezoek voor hun een zegen is en dat ze er ten volle van genieten om mij als gast te hebben. Ik kan niets anders doen dan me bij mijn lot neer te leggen en mijn tijd nuttig  besteden.


Ondertussen help ik de familieleden met enkele reparaties aan hun auto's. Ik merkte op dat ook Mergans' auto kampte met een ontstekingsprobleem en terwijl hij 's morgens nog sliep was ik al uit de veren en haalde mijn gereedschapsset boven en ontfermde me over het probleem. De verdeelkap en bougiekabels bleken in ondermaatse staat maar met een paar simpele trucjes slaagde ik er toch in om het probleem te verhelpen. Het voelt goed om toch een kleine wederdienst te kunnen doen voor mijn Tadzjiekse gastfamilie.

27-09-2016 om 00:00 geschreven door Sabine


24-09-2016
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dag 43 : Tadzjikistan - Feels like coming home

Reisverhaal
Omdat er zoveel familie verbleef in het huis van Mergan's familie overnachtte ik mijn eerste nacht in Duchambe bij zijn schoonfamilie. Maar de volgende dag stond hij er op dat ik meeging bij hem thuis om zijn familie te ontmoeten. Eerst houden we een kleine vergadering om te bespreken wat mijn plannen zijn voor de komende dagen en we maken meteen wat afspraken hoe ik het sponsorgeld zal overmaken. Mergan stelt voor dat hij het onderhoudsfonds voor de Desertlions ambulance beheert want hij wijst me er nogmaals op dat het er in zijn land nog steeds niet zo gedisciplineerd aan toe gaat als in Europa. Hij wil ten allen tijden volledige verantwoording over alle kosten die aan de ziekenwagen gebeuren zodat hij er kan op toe zien dat er nergens iets aan de vingers blijft kleven.


De Tadzjiekse overheid begon zo'n twee jaar geleden met de vernieuwing van het wegennet en stelde hiervoor een Chinese wegenmaatschappij aan die ook meteen instaat voor het bouwen van twee heuse tunnels. Deze tunnels moeten naast een snellere verbinding met het industriële noorden ook vele mensenlevens redden want vroeger moest iedereen elke keer de hele bergpas over die nogal gevoelig was voor lawines. Hierbij kwamen elke winter vele mensen onder de sneeuw vast te zitten, dikwijls met fatale afloop.

De Desertlions ambulance werd ondertussen geregeld ingezet om slachtoffers van deze lawines de eerste zorgen toe te brengen en ook om arbeiders die gewond werden tijdens de bouw van de tunnel zo vlug mogelijk naar het ziekenhuis te brengen zo'n 120km verder. Kortom, het is een en al lof voor hun Belgische ziekenwagen. Hij wordt nog steeds als een grote zegen beschouwd en is van onschatbare waarde voor het ziekenhuis. Hij wordt dan ook navenant behandeld en vertroeteld.

Mergan laat meteen weten aan de ziekenhuis directeur dat ik terug in het land ben en een vergadering wil opzetten met de ziekenhuisdirectie om een paar zaken te bespreken. We spreken af volgende maandag omdat dat dan de voltallige directie en alle medewerkers aanwezig zullen zijn. Ik kan mijn ongeduld om onze ambulance terug te zien niet onder stoelen of banken steken maar Mergan troost me dat hij me gans het weekend zal bijstaan om mijn motorfiets voor te bereiden op zijn Pamier trip en me voor te stellen aan zijn familie.


Er hangt een opgewonden sfeer ten huize Mergan want iedereen is in de wolken over de nieuwe baby en het bezoek van hun Belgische gast. Hun gastvrijheid loopt werkelijk de spuigaten uit en ze blijven maar met allerlei eten en lekkernijen en fruit komen aandraven. De gehele familie woont samen in een ommuurde compound met een mooie bloementuin en het bruist er van de gezelligheid. Terwijl de vrouwen de hele dag in de weer zijn met het huishouden neemt vader me mee naar de lokale bazaar om boodschappen te gaan doen. Het is een prachtige ervaring om enkele dagen bij een traditionele Tadzjiekse familie te verblijven en hun levenswijze van dichtbij te beleven. Het is een komen en gaan van nonkels en tantes die soms van heel ver naar Duchanbe zijn afgereisd om de familie te feliciteren met de geboorte van de jongste telg Elio. Iedereen neemt plaats op het feesttapijt en ze lachen hun gouden tanden bloot terwijl de vrouwen met hele namiddagen aan elkaar kakelen met de laatste nieuwtjes.




Mergan rijdt me tussen de eetpartijen rond de stad in zijn gammele auto en we installeren een Tadzjiekse simkaart in mijn telefoon zodat ik later deze week steeds telefoonverbinding zal hebben in geval van nood want mijn Belgische telefoonkaart blijkt hier om een of andere duistere reden niet te werken. Ik monteer ondertussen ook mijn offroad rubbers en kijk de Deauville nog eens grondig na. Iedereen in de familie heeft wel een paar probleempjes met zijn auto en ze maken gebruik van mijn aanwezigheid om even een diagnose van de euvels te maken. Het is van mijn zijde een graag gedane wederdienst voor hun onbeperkte gastvrijheid.




En het is onvoorstelbaar in welke erbarmelijke staat de meeste wagens zich bevinden. Vader spreekt geen woord Engels en ondanks mijn beperkt Russisch slagen we er toch in om lange conversatie te voeren en elkaar perfect duidelijk te maken wat we bedoelen. Hij blijkt een meester in gebarentaal en mimiek en vertelt me lange verhalen over zijn militaire dienst in Moskou onder het Sovjet regime en zijn professionele carrière als tunnelbouwer en schrijnwerker. Maar ook veel over het dagelijkse leven en zij familie. Momenteel staat hij op invaliditeitspensioen en ontvangt ongeveer 100€ per maand.

24-09-2016 om 00:00 geschreven door Webbie


22-09-2016
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dag 41: Uzbekistan-Tajikistan - border happiness
SMS
23:45 :Na 15u "on the road" en 6u "at the border" ben ik veilig en wel in Dushanbe aangekomen en heb onderdak gevonden bij de schoonfamilie van onze Tajikse vrien Mergan. Het is een beetje "thuis" komen, en ik sta al te popelen om "the big yellow (desertlios) ambulance terug te zien. Maar eerst een beetje slapen :)
 Mergan zijn vrouw is eergisteren bevallen van hun 1ste kindje !!
Ik heb aan de grens nen Engelsman geholpen die vast zat in 'niemandsland' zonder visa, lang verhaal, ik vertel het later wel ;)


Reisverhaal
Om 06:00h komt mijn gastheer Behzot me al terug wekken en besef ik pas in wat een afgelegen gebied ik me bevind. Er is in de verste omtrek geen levende ziel te bespeuren. Het verwondert me helemaal niet dat ik hier gisteren zo lang zocht naar een teken van leven.



De honden zijn intussen al gewend aan mijn aanwezigheid en na een paar minuutjes kan ik ze al overhalen om pootjes te geven. Hun oren en staart zijn geknipt omdat ze de kudde moeten beschermen tegen wolven. Hij vertelt me dat oren en staart een kwetsbaars iets zijn in een gevecht en daarom zijn ze preventief geknipt. Terwijl de vrouwen het ontbijt klaar zetten in de kamer en daarna terug van het toneel verdwijnen toont hij me trots zijn boerderij en de dieren. Het is een primitief nederzetdingetje op een bergtop maar een kleine bergstroom achter et huis zorgt voor water en maakt het een leefbare plaats in deze steenwoestijn. Ondertussen is het allemaal een beetje doorgedrongen wat er hem de voorbije uren overkomen is en beschouwt hij me als een hemelsgeschenk en wil me dan ook belonen voor mijn komst. Ik word overstelpt met voedsel en een immense watermeloen die ik onmogelijk kan weigeren en maar met veel moeite op de motor kwijt kan. Ik kan hem overhalen voor een paar foto's, zelfs eentje met zijn moeder erbij maar zijn vrouw blijft op de achtergrond. Deze mensen zijn sterk gelovig en ik benader ze steeds met het grootste respect en voorzichtigheid als het om hun familie gaat. Het doet iets met je hart als je over je schouder kijkt terwijl je vertrekt en het kleine gezinnetje ziet staan met hun hand in de lucht om je vaarwel te wensen. Temeer als je weet dat je ook deze mensen waarschijnlijk nooit meer terug zal zien in je leven. Maar, zeker zal ik ze nooit meer vergeten zoals ook zij mij nooit meer zullen vergeten maar voor altijd zullen herinneren als hun vriend uit België die hier ooit eens op bezoek is geweest.

Ik raap mijn moed bij elkaar en hobbel verder richting Termiz, het is een lange omweg maar ik heb geen keuze doordat er een lange bergketen parallel loopt met de Tadzjiekse grens en er geen enkele weg is die over deze bergen leidt. Naarmate ik de grens nader met Afghanistan volgen de checkpoints vlugger elkaar op en groeit de militaire troepenmacht langs de wegen. Op een of andere manier is het gps signaal hier verstoord want de geotracker op mijn telefoon registreert vanaf hier geen route meer. Ik ontkom aan geen enkele politiecontrole en word overal geregistreerd. Wanneer in uiteindelijk het vier-landen-punt bij Tremiz bereik vervult de stad al mijn verwachtingen van een grensstadje: het is er druk en overal wordt er ijverig handel gedreven in allerlei waren. Verder ligt de stad zowat in puin en is het er zeer warm en stofferig. Ik vind er spotgoedkoop benzine en vers gebakken brood en rijd even door tot bij de friednship bridge die de grens met Afghanistan vormt. Maar van veel friendship tussen beide buurlanden is hier geen sprake. Er staan een handvol vrachtwagens geduldig aan te schuiven aan de grens en een goederentrein rijdt net langzaam de lage ijzeren brug over als ik er aankom. Het hele gebied is ingepalmd door de Oezbeekse militaire macht en langs de wegen zijn grote trainingskampen voor soldaten en zwaar beveiligde kazernes. Desondanks gaat het leven in het stadje gewoon zijn alledaagse gangentje en iedereen vraagt me of ik ga oversteken naar Afghanistan. Hun gefronste wenkbrauwen verdwijnen en maken plaats voor opluchting als ik zeg dat ik op weg ben naar Tadzjikistan.


De weg van hier naar de Tadzjiekse grens is afgezoomd door kleine boompjes en dorpje. Het is een groene streek langs de rivier en de wegen zijn van aanvaardbare kwaliteit waardoor ik sneller als gepland aan de grens aankom. Ik heb geen zin om net voor de grens te bivakkeren en besluit om te zondigen tegen mijn gezond verstand in en toch nog aan de grensprocedure te beginnen. Hierdoor zal ik waarschijnlijk slechts na zonsondergang Tadzjikistan bereiken maar mijn Tadzjiekse vriend Mergan zal me opwachten in Duchambe zodat ik niet op zoek moet naar een overnachtingplaats.


De Oezbeekse zijde van de grens is terug een lang gerokken procedure en opnieuw moet ALLES uit mijn bagage gecontroleerd worden. Ik maak nog een vergissingetje wanneer ik een verkeerd bedrag invul op mijn declaration-formulier en mag nog eens helemaal opnieuw beginnen. Nadat ik uiteindelijk Oezbekistan uitgestempeld ben en voor de Tadzjiekse slagboom sta merk ik een fietser op die zijn tentje opgeslagen heeft in niemandsland.

Ik loop er even heen en pols naar zijn probleem. Hij is al verschillende maanden onderweg en zijn plan was om overmorgen terug te vliegen naar zijn thuisland Engeland om de trouwfeest van zijn beste vriend bij te wonen. Ondertussen is zijn visa echter verlopen en zit hij vast in niemandsland zonder eten of drinken. Water kreeg hij ondertussen al wel van enkele truckers maar echt veel verkeer is er hier niet. We overleggen even samen hoe ik hem kan helpen. Zijn telefoonkrediet is opgebruikt en hij heeft geen internet verbinding. Ik leen hem even mijn telefoon om zijn vrienden op de hoogte te brengen van zijn situatie. We proberen om via mijn telefoon in te loggen met zijn laptop maar hij blijkt al even hopeloos met deze technologie als ik en het lukt maar niet. Ondertussen blijven de Tadzjiekse borderguards me maar opjagen en zeggen dat ik hier niet mag blijven.

Ik maak hen wijs dat dit mijn vriend is en smeek hen om hem te mogen helpen want hij zit zonder eten en drinken. Gelukkig krijg ik het voor elkaar dat ik hem even mag meehelpen en haal al mijn eten tevoorschijn en mijn vanmorgen gekregen watermeloen. Grey vliegt er op als een uitgehongerde en bedankt me mateloos. Ik ben blij dat ik kan helpen want ik weet goed genoeg hoezeer je als solo-reiziger soms afhankelijk bent van de hulp van je medemens. Hij zit klem tussen twee landen en kan geen kant op maar na navraag kom ik te weten dat er een winkeltje is aan de Tadzjiekse zijde waar ze telefoonkaarten verkopen. Ik haal mijn beste Russisch boven en krijg de toestemming van de overste om te voet tot daar te stappen en terug te komen met een simkaart voor mijn makker. Zonder enige controle of stempelwerk mag ik alle grensposten doorwandelen tot bij het winkeltje en kom een uurtje later terug met een telefoonkaart. De douaniers vertrouwen me blijkbaar en tenslotte staat mijn motorfiets nog steeds aan de andere kant. Grey is door het dolle heen en weet niet hoe hij me zou bedanken. Ik zeg dat hij me maar op één manier kan belonen voor mijn werk en dat is door hier snel uit te geraken. Hij gaat meteen aan slag met de aanvraag van een nieuwe online visa voor Tadzjikistan maar de douane officieren verplichten me nu wel om voort te maken en stempelen me op twee uurtjes hun land binnen. Met Grey heb ik geen contact meer sindsdien maar ik hoop dat hij zijn problemen kon oplossen.


Net over de grens bel ik met de telefoon van een omstaander naar Mergan. Hij is dolgelukkig om me te horen en we spreken af aan de stadspoort van Duchambe waar hij met komt oppikken. Het is een blij weerzien na twee jaar en hij vertelt met het geweldige nieuws dat zijn vrouw twee dagen geleden bevallen is van hun eerste kindje. Hun familie is uit alle streken naar Duchambe gekomen om de geboorte te vieren en verblijven allen in zijn huis waardoor er geen plaats meer overschiet voor mij. Hij brengt me evenwel naar het huis van zijn schoonouders waar ik met open armen ontvangen word en eindelijk wat kan rusten na deze bewogen dag.


22-09-2016 om 00:00 geschreven door Webbie


21-09-2016
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dag 40: Mahala (Uzbekistan)
SMS
21:35 : Door een wat lang uitgelopen check-point ben ik gestrand in een klein berg dorpje, genaamd: Mahala.. Ik ben uitgenodigd door een vriendelijke boeren familie met verse melk vd. koe en een stevige groentesoep als avondmaal. We zullen er morgen sterk op staan
Cool

Reisverhaal

Met een nieuwe voorraad benzine, eten en drinken zijn we klaar voor een nieuwe start en eens ik het drukke stadscentrum buiten ben kan ik terug wat relaxen. Niet te lang echter want de wegen vergen grote concentratie maar ik ben blij terug on the road te zijn.


Ik word nogal vlug onrustig als ik niets omhanden heb en alhoewel het woestijnlandschap niet veel verstrooiing brengt heb ik mijn handen vol op de uitdagende Uzbeekse wegen. Onderweg houd ik even halt bij een grote katoenplantage waar tientallen mensen bezig zijn met hun verplichte staatsdienst. Ze kijken niet zo vrolijk terwijl ze de grote zakken om hun rug vullen met katoenproppen. Ik haal mijn camera boven en neem een foto. Een van de staats officials die er over waakt dat alles in goede banen geleid wordt merk me op en komt duidelijk misnoegd op me afgestapt en zegt in het Russisch dat het verboden in om hier te fotograferen. Ja, ik kan me wel voorstellen dat de staat niet zo trots is op het feit dat ze haar bevolking dwingt tot deze milde vorm van dwangarbeid en het liever verborgen houdt voor de buitenwereld. Ik lach vriendelijk en acteer alsof ik hem niet begrijp en wimpel hem af door wat Engels te brabbelen waar hij toch geen yota van begrijpt en ik berg mijn camera terug op met het "bezwarend bewijs".


Onderweg tref ik grote jaknikkers in de woestijn die op een langzaam tempo ruwe olie oppompen en dit in een land waar er bijna nergens benzine te verkrijgen is aan de pompen. De stad Qarshi is een oase van leven in de dode woestijn. Het is een stad in de steigers en overal worden er grote nieuwe gebouwen opgetrokken. De micro taxi busjes zoemen me rond de oren als kleine bijtjes en verwelkomen me bijna allemaal met het gepiep van hun claxon. Ik kan het gewuif en getoeter niet altijd beantwoorden want in moet mijn handen stevig op het stuur houden en mijn ogen op het verkeer houden in het drukke stadscentrum. Naar Uzbeekse normen is het een moderne stad maar er is nergens een wegwijzer te bespeuren en ik worstel om de juiste richting te vinden tot een vriendelijke taxi chauffeur het opmerk en me begeleidt tot aan de rand van de stad. Het zal nog tot Ghuzar duren alvorens het landschap wat boeiendere vormen aanneemt.


Vanaf hier kom ik terug in de bergen terecht en maak meteen een flinke klim. Het leven is anders in de bergen en de wegen zijn redelijk; 't is te zeggen ze variëren tussen redelijk goed en redelijk slecht. Vele stukken zijn onverhard maar overal wordt er druk aan verbetering gewerkt. De kleine lage huisjes, het loslopend vee en de mooie omgeving brengen opnieuw wat verstrooiing voor een lange afstands reiziger. Jongens van zo'n zeven jaar komen terug van de bron met grote waterkannen, gezeten op kleine ezeltjes. Sommigen hebben gewoon hun klein broertje achterop en rijden wat rondjes in het dorp. De honden liggen veelal langs de weg te slapen in het mulle zand en kijken me met één oog ongeïnteresseerd aan wanneer is langsrijd. Sommigen springen recht en lopen me luid blaffend achterna, ik pest ze een beetje door net iets sneller te rijden dan zij kunnen lopen zodat ze net vlak achter me hollen tot ze zich uiteindelijk gewonnen geven. Een mens moet af en toe iets doen om het boeiend te houden niet?


De zon begint stilaan te zakken en ik ben van plan om een slaapplaats te zoeken van zodra ik ergens een dorpje tegen kom onderweg als ik plots op het super grote check point van Sayrab stuit. Alle voertuigen moeten opzij en iedereen wordt geregistreerd in het hoofdgebouw. Ik word doorverwezen naar een man achter een gammel tafeltje die de lokale bevolking niet al te respectvol behandeld. Ze worden op brute wijze afgesnauwd en als een kudde dieren door de scanner gejaagd terwijl hun bagage doorzocht wordt. Mijn pasport wordt even opzij geschoven en ik wacht geduldig meer dan een half uur terwijl ik het ganse schouwspel van intimidatie en verwarring bij de mensen aanschouw. Er passeren af en toe Afghaanse en Tadzjiekse pasporten over de tafel en iedereen krijgt een klein belachelijk papiertje in de hand geduwd met een resem stempels die bewijzen dat hun volledige controle afgehandeld is. Na lange tijd word ik door een soldaat begeleid naar een achterkamer waar ik vriendelijk uitgenodigd word door een officier om het me comfortabel te maken en te gaan zitten aan zijn grote bureau. Het is een jonge man die tot mijn verbazing vloeiend Engels spreekt en mij direct een kopje thee aanbied. Koude thee weliswaar maar het is het gebaar dat telt. Hij zegt dat hij me al registreert heeft en polst naar mijn reisplannen. Als ik vraag waarom dit checkpoint zo belangrijk is legt hij me uit dat het de grens is met de zuidelijke provincie die grenst aan Turkmenistan, Tadzjikistan en Afghanistan en dat er daarom extra maatregelen getroffen worden om de veiligheid te garanderen. Hij brengt op het onderwerp ter sprake van de moslim extremisten die in Brussel de aanslagen pleegden vorige zomer en vraagt me wat meer uitleg over hoe het er in België momenteel aan toe gaat. Ik tracht hem een zo goed mogelijk beeld te schetsen over de situatie en hij aanhoort aandachtig mijn verhaal. Hij vraagt zich af waarom we onze grenzen niet sluiten en strenge controles uitvoeren zoals zij hier doen. Dat is toch de enige manier om terroristen buiten te houden merkt hij op. Hier zijn er geen problemen met veiligheid, garandeert hij me. Ik kan dit zeker geloven met zo'n militaire en politionele macht op straat. Met zoveel checkpoints wordt het wel erg moeilijk voor mensen met slechte bedoelingen. Het is een zeer intelligente en vriendelijke kerel en algauw gaan we op in onze conversatie dat ik de tijd volledig uit het oog verlies en er reeds twee uur verstreken zijn alvorens ik me excuseer en zeg dat ik verder moet. Het is ondertussen al donker en hij raadt me aan om tot het eerste dorpje te rijden, zo'n dertig kilometer verder in de bergen om daar te kamperen. Gelukkig heb ik krachtige verstralers op mijn motor gemonteerd voor uitzonderlijke gevallen als deze. Gelukkig zijn er ook bijna geen tegenliggers waardoor ik steeds een goed overzicht heb over de bergpas.


De lage maan verbergt zich achter de bergen waardoor de nacht inktzwart kleurt en ik enkel zie wat er in mijn lichtbundel passeert. Ik heb geen idee wat er zich langs de weg bevind en het duurt nog even alvorens ik één enkel lichtje opmerk dat duidt op menselijke activiteit. Ik word naar het licht getrokken als de drie koningen naar de staartster en kom na wat navigatiewerk aan op het erf van een boerderijtje waar mijn bezoek aangekondigd wordt door twee grote blaffende herdershonden. Een aman van begin de dertig komt naar buiten en ik stel me voor als een toerist uit België en maak hen duidelijk dat ik een slaapplaats zoek voor de nacht. Hij opent het ijzeren hek en nodigt me uit om binnen te rijden. Ik kan me voorstellen dat hij zich niet verwacht dat er plots iemand van uit Europa op zijn erf beland en geef hem even de tijd om het te verwerken. Ik zie een schuurtje op het erf en wijs er op dat dit voor mijn part goed genoeg is om te overnachten maar hij vertelt dat ik welkom ben om in zijn huis te slapen. Hij woont er met zijn moeder, vrouw en twee kindjes en nodigt me uit om in de kamer te gaan zitten en laat de vrouwen een avondmaal klaar maken voor hun onverwachte gast. Even later doe ik me tegoed aan verse koeienmelk, een stevige groentesoep en zelf gebakken brood. Op dit moment heb ik nog geen idee in wat voor afgelegen dorpje in mij bevind. Dit zal pas morgen bij dagenraad aan het licht komen. Het dessert bestaat uit meloen en hij wijst me er op dat het sap zeer gezond is en beter is als de fles limonade die ik uit mijn bagage tevoorschijn haal. Het is een eenvoudige boerenzoon die er een simpel leven leidt met zijn kleine familie en zijn dieren. Hij spreekt dan ook niet veel Russisch omdat hij naar eigen zeggen nooit naar school is geweest en niet veel contact heeft met de buitenwereld. Hij heeft geen gemotoriseerd vervoer, geen internet en slechts een met kleefband aan elkaar gekleefde Chinese telefoon zonder krediet. Het grootste deel van zijn leven spendeert hij in de bergen op zijn ezel terwijl hij zijn kuddes hoedt. Maar toch wordt het een aangename avond en leert hij meer over het leven in Europa als ooit ervoor en ik krijg de kans om even binnen te gluren in het leven van een schaapshoeder. Hij excuseert zich voor het harde brood want er is nergens een winkel in de wijde omtrek. Hij zegt dat ze alles zelf maken: brood, kaas en yoghurt.


Zijn interesse gaat vooral uit naar mijn smartphone met al zijn apps, zoals het Russisch-Nederlands vertaalprogramma maar bovenal naar mijn batterijpack waarmee ik mijn telefoon tot vijf maal kan herladen. Ze kampen hier vaak met dagenlange stroompannes en dat zou ideaal zijn deze contreien legt hij me uit en vraagt of ik het hem wil verkopen. Het breekt mijn hart dat ik deze gastvrije man moet teleurstellen en maak hem duidelijk dat ik het zelf nog nodig zal hebben tijdens mijn reis en hij toont eerbiedig veel begrip voor mijn situatie. Ik vraag zijn adres en speel met de gedachte om hem later er eentje op te sturen per post maar een adres blijken ze niet te hebben: het dorpje bestaat uit drie huizen en heeft zelfs geen naam; enkel een regio maakt hij me duidelijk. Hoe de postbedeling hier in zijn werk gaat blijft mij een raadsel maar waarschijnlijk is zoiets hier onbestaande en onbelangrijk.

We bekijken samen foto's van België en hij raakt er maar niet overheen hoe groen België wel is en een paradijs voor schaapsherders moet zijn terwijl het hier bij hun zo dor is. Hij leeft duidelijk in een andere wereld met andere prioriteiten die wij westerlingen soms maar moeilijk kunnen bevatten. Na een avond van verbroedering gaan we pas beiden na middernacht met een geweldig gevoel van voldoening slapen.

21-09-2016 om 00:00 geschreven door Webbie


20-09-2016
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dag 39: Buchara - Holiday
Beste familie, vrienden en sympathisanten,
vandaag werden de reisverhalen van de afgelopen dagen aangevuld. U kan deze lezen vanaf "Dag 33" (klik in de index hiernaast in de rechtermarge) en ook de foto reeksen zijn aangevuld en vanaf HIER terug te vinden. Veel kijkplezier!

Reisverhaal
Ik heb een druk schema opgesteld voor mijn vrije dag in Buchara. Na al deze duizenden km heeft de motor een grondig nazicht nodig. Ook ben ik door mijn voorraad propere kledij en moet dringen mijn was doen, de blog berichten doorsturen en eens iets deftig achter de kiezen slaan om terug wat op krachten te komen.

Doordat ik op de gravel en zandwegen veelal met de achterrem werk zijn de achterste remblokken al de helft versleten en de achterband begint ook stilaan op z'n einde te lopen. Ik ga dus mijn remstijl wat moeten aanpassen en binnenkort mijn offroad banden monteren. Ik wil deze echter niet te vroeg monteren omdat de noppenbanden een zachte compound hebben waardoor ze wel goede grip bieden maar ook meteen zeer snel slijten. Het plan is som ze te monteren in Duchambe alvorens ik het Pamier-gebergte in trek.

Tegen de namiddag ben ik zowat door mijn takenlijst heen en profiteer ik van het feit dat ik eens over een deftige internet verbinding beschik en heb een lang FaceTime gesprek met Sabine. Het was al van halverwege Iran geleden en het doet goed om haar nog eens terug te zien en contact te hebben met België.


Ondanks het feit dat ik Buchara al twee maal bezocht in het verleden blijft het toch een prachtige stad die me blijft boeien met haar imposante historische gebouwen, gezellige pleintjes en drukke bazaars. Het oude centrum is door de jaren heen onveranderd gebleven maar toch zie je een zekere evolutie in het straatbeeld. Zo werden ondertussen de oude Russische benzine slurpende wagens vervangen door zuinige Koreaanse Daewoo's. De Daewoo Matisse en het kleine micro busje maken zowat een zeventig percent van de weggebruikers uit en het levert vaak grappige taferelen op als er aan de verkeerslichten een paar van deze mini wagentjes naast je komen staan met daarin zeker een zestal volwassenen die naar je zitten te wuiven terwijl ze met hun aangezicht tegen het glas geduwd zitten.

Buchara wordt steeds meer bezocht door mensen die op zoek zijn naar alternatieve bestemmingen en interesse hebben in andere culturen. In de bazaar word ik aangesproken door een jonge man en we hebben het over het verleden en de veranderingen in zijn land. Als ik hem vertel dat ik eerder deze week het Aral meer bezocht weet hij me te vertellen dat oudere mensen nu nog steeds beweren dat het voorheen, toen het meer nog intact was, het veel aangenamer en koeler was in Buchara omdat de lucht dan vochtiger en koeler was, ten opzichte van de huidige woestijn lucht.

Belgen tref ik er niet aan maar tussen de Russische toeristen heen hoor ik soms Duitse en Amerikaanse accenten. Het historische centrum is verkeersvrij en je kan er rustig rondwandelen tussen de eeuwenoude gebouwen of gewoon op een bankje gaan zitten en wat mensjes kijken. Een ideale plek om even te recupereren dus.






Vlak buiten het centrum bevinden zich drie grote staatshotels uit de Sovjet perioden. Ze zijn opgetrokken in strak beton en stralen een onvervalste USSR stijl uit. Ooit waren ze druk bezocht, veelal door Russische toeristen, maar sinds de Sovjet-Unie uiteenviel en alles geprivatiseerd werd komt niemand er nog en staan ze alle drie leeg. Het is triest om te zien hoe duizenden kamers leeg staan terwijl het merendeel van de bevolking in verkrotte huizen moet leven. De Uzbeekse staat ligt er blijkbaar niet wakker van en laat ze liever onbenut ipv ze een tweede leven en een nieuwe functie te geven.

Na een paar dagen van brood en kaas doe ik me eens tegoed aan rijst met kip en profiteer van een deftig bed en een douche alvorens terug te keren naar mijn nomaden bestaan.

20-09-2016 om 00:00 geschreven door Webbie


19-09-2016
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dag 38 : Oezbeekse pretjes
Reisverhaal
Ik ben zo'n honderd muggenbeten rijker deze morgen en was me vlug met koud water dat zo zwart ziet als een hoge hoed. De kamer is net als de rest van het hotel een smerige boel maar dat heeft me toch niet uit mijn slaap gehouden. Er is zelfs een ontbijt inbegrepen in de 15 dollar. Nu eerst op zoek naar geld.


In de banken krijg je geen goede wisselkoers; in Uzbekistan moet je geld wisselen op de markt. Als ik rondvraag naar iemand die 50 dollar kan omwisselen springen er meteen twee dubieuze figuren recht maar een omstaander trekt me opzij en zegt dat die niet te vertrouwen zijn. Zo zagen ze er ook uit. De man gaat op zoek naar een vertrouwenswaardige marktkramer en komt even later terug met een man die een grote plastiek zak met bankbiljetten bij zich heeft. Ik had al wat voorstudie gedaan omtrent de gangbare koers op de zwarte markt en kan een goede deal afdwingen van 325000 Som voor 50$. Zo ben ik op slag schatrijk.


Ter plaatse natellen is altijd moeilijk met zulke bedragen maar achteraf bleek alles toch te kloppen. Na een half uurtje navraag vind ik ook benzine op de zwarte markt aan 4000 Som per liter, niet goedkoop maar wel het normale tarief en de enige keuze die ik heb.

Ik verlaat de stad in oostelijke richting en val meteen terug op een stukgereden asfalt weg. Deze loopt langs de groene oevers van de rivier, dwars door kleine dorpjes en katoenvelden. De schoolgaande jeugd loopt in kleine groepjes langs de wegen en kosten me heel wat handjes gezwaai als ik ze voorbij dobber. De katoenpluk is nog volop aan de gang en in Uzbekistan wordt er van de regering uit nog altijd dwangarbeid opgelegd aan de burgers. Iedereen is verplicht van een zekere quotum katoen te plukken in dienst van de staat: groot, klein, arm of rijk; niemand ontkomt zijn plicht. De rijweg blijkt nog te verslechteren naarmate ik verder rijd en de stukgereden asfalt is het ergste van al.



Het is onmogelijk om de putten te ontwijken want het wegdek is één grote puttenverzameling en ik weet niet hoe lang mijn lichaam en motor deze folteringen nog kunnen weerstaan. Ik roep alle goden bij elkaar en smeek hen voor een mirakel want ik had gepland om deze avond Buchara te bereiken. Mijn aanvraag werd met enige vertraging toch beantwoord maar ik kan mijn ogen niet geloven als ik plots een volledig nieuwe vierbaans betonweg voor me zie opduiken. Ik vrees dat het zoals gewoonlijk terug maar voor enkele kilometers zal zijn maar deze keer blijft de vernieuwde rijweg gewoon kilometers lang doorgaan. Ik knijp mezelf in de arm om te checken of ik niet droom maar het blijkt werkelijkheid te zijn
Confused.

Mijn plan om de historische stad Buchara nog voor duisternis te bereiken krijgt per afgelegde kilometer steeds meer slaagkans. De omgeving blijft de hele tijd eentonig en onveranderd. De Oezbeekse en Turkmeense woestijn vormen eigenlijk één geheel en zijn gewoon uitgestrekte zandvlaktes die besprenkeld zijn met kleine struikjes. Miljoenen jaren geleden was dit gebied een grote oceaan maar door de verschuiving van de tektonische platen raakte het afgescheiden van de rest van de oer oceaan en droogde door de eeuwen heen op en veranderde in een zandwoestijn. Maar zo'n 50 meter onder de grond bevinden zich nog steeds grote zout water reserves en daardoor is er plantengroei mogelijk in deze anders kurkdroge omgeving. Tot groot jolijt van de wilde paarden, geiten en kamelen natuurlijk die overleven op een eentonig dieet van deze stekelige struikjes.


De aanleg van de weg is nog aan de gang waardoor ik geregeld even het zand moet oversteken naar het andere rijvak maar mij hoor je niet klagen en ik rijd zorgeloos enkele uren verder tot er een einde komt aan het sprookje. De laatste 150 km bots ik terug over een horror weg en ik kan het nu wel vergeten om nog voor donker in de stad te geraken. Het is een hobby van de Oezbeken om 's nachts zonder licht rond te rijden en ik tref vrachtwagens, ezelskarren, fietsers, voetgangers, tracktoren met meerdere trailers, auto's, voetgangers al dan niet met stootkar en loslopend vee aan op mijn weg. Allen zonder verlichting natuurlijk wat het extra spannend maakt Rolling Eyes op deze hobbelige weg die gehuld is in een grote stofwolk. Mijn grootlicht weerkaatst op de stofwolk en het is een kleine nachtmerrie om na een uitputtende rit van meer dan 500km de dag zo te moeten afsluiten maar ik bijt door.

Buchara is een grote stad met een klein historische centrum , en ik rijd nog bijna twee uur in cirkeltjes alvorens ik het guesthouse achter het blauwe deurtje terugvind in een klein steegje van de buitenwijken. De opluchting is groot en ik plof me neer naast m'n motor en wacht op de vrouw die het pensionnetje uitbaat om het deurtje voor me te openen. De laatste uitdaging bestaat er in om een motor door het deurtje te wurmen dat eigenlijk een centimeter smaller is als mijn motor. Maar met wat duwen en trekken slaag ik er toch in om zonder al te veel schade mijn Deauville veilig binnen te krijgen.

Ik kijk vermoeid maar voldaan terug op een uitputtende dag en val enkele minuten later in slaap als een blok.

19-09-2016 om 00:00 geschreven door Webbie


18-09-2016
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dag 37: Schepen en zand
Reisverhaal
Ik zie het dorp stilaan wakker worden vanuit mijn bivak maar veel leven zit er niet in blijkbaar. Er slenteren wat mensen door de zanderige straten en nu en dan stuift er een grote stofwolk voorbij waar te midden ergens een auto in zit; waarschijnlijk.

Ik plooi mijn boeltje samen en ga op zoek naar een bank en benzine. Het dorp bestaat vooral uit kramikige huisjes maar ik vind toch redelijk snel de weg naar de bank. In het portaal staat een agent die me meteen op dreigende toon beveelt om mijn motor niet voor de bank maar wel aan de overkant van de weg te parkeren. Het is al meteen duidelijk dat hij het niet echt begrepen heeft op een gekke Belg met een motor.


Alhoewel het zondag is lopen er mensen binnen en buiten en ik vraag of ik dollars kan inwisselen tegen Uzbeekse Som. Het antwoord klinkt resoluut NJET. Ik moet wel de agent naar binnen volgen en de deur achter me sluiten. Met een manuele metaaldetector word ik van kop tot teen gescand en moet elke biep van het toestel verantwoorden. Ondertussen worden mijn gegevens geregistreerd in een groot boek. Ik dring nogmaals aan om geld om te wisselen maar meneer agent wil er niets van weten en blijft een autoritaire toon tegen me aanslaan. Ik laat me niet intimideren door een pummel met een pannenkoek pet en vraag terloops welke richting het Aral meer -of tenminste de plaats waar het ooit lag/ligt. Hij herhaalt tot twee maal toe dat hij me niet begrijpt terwijl ik zeker weet dat hij me maar al te goed verstaat. Ik geef de glimlach niet op en bedank hem vriendelijk voor de hulp en denk in mijn binnenste: fuck you. Crepeer hier maar een beetje in je godvergeten gat waar je misschien denkt iets voor te stellen.

Een van de omstanders spreekt me aan en zegt dat hij gerust enkele dollars wil inwisselen met mij. Ondertussen komt een bankbediende met een officieel document aanlopen waarop de wisselkoers staat. Ik weet dat ik normaal op de straat meer moet krijgen als de officiële tarieven maar het gaat slechts om 15 dollar en ik ben al blij om toch iets van lokale valuta op zak te hebben. Achter de hoek vraag ik aan een paar oudere mannen op een bankje naar het Aral meer en krijg direct een ellenlange uitleg die eigenlijk wil zeggen dat het gewoon achter de hoek is.

Ooit was dit een florerend vissersdorp maar toen de toenmalige Sovjet ingenieurs het lumineuze idee hadden om enkele rivieren die het meer voedden om te leiden om de katoenplantages in Turkmenistan te bevloeien, kwam het meer langzaamaan droog te staan.


Op weg naar het meer rijd ik nogmaals vast in het zand en de Honda zat meteen tot aan het blok ingegraven. Ik haal de bagage er af en roep de hulp in van twee herdersjongens die er een kudde geiten aan het hoeden zijn. We zwoegen zeker een klein half uur om de motor te bevrijden in deze hitte en staan alle drie te puffen in ons zweet wanneer hij terug op vaste grond staat. Ik heb nog één balpen op zak en schenk ze hun als beloning en ze blijken super enthousiast over hun cadeau en willen ook nog eventjes met me op de foto.

De boten die hier destijds aan de kade lagen liggen nu gestrand op het zand en zijn door de jaren heen roestige skeletten geworden te midden van een zandwoestijn. De oever van het meer bevindt zich momenteel 130 KM hiervandaan en zover het oog reikt zie je allen maar een uitgestrekte zandvlakte. Het geeft een speciaal gevoel om tussen de schepen te lopen die ooit vroeger zo'n 30m hoger op het oppervlak dobberden en nu enkele nog dienen als schaduwbron voor de koeien die naast de rompen liggen te rusten. Door het feit dat ik altijd al een zwak gehad heb voor oud ijzer heb ik het hier perfect naar mijn zin en neem een honderdtal foto's alvorens terug richting bewoonde wereld te rijden.


Het dorp dat leefde van het meer en de visvangst is volledig verkommerd en uitgestorven. Het hotel waarvoor ik kampeerde staat ook al jaren leeg en is net als de schepen volledig aan het ontbinden. Ik had het eigenlijk wel verwacht maar er is hier nergens een druppel benzine te vinden. Alle auto's in Oezbekistan rijden op methaan of propaan gas en de ezelskar is  nog één van de meest doeltreffende vervoermiddelen in deze contreien. Op het oude stadsembleem prijkt ironisch genoeg nog steeds een vis als symbool terwijl er in de weidse omtrek geen druppel water meer te bespeuren is. Om het brandstof verbruik te beperken rijd ik aan een slakkengangetje tot bij het eerste stadje zo'n !80 km verder. De weg laat eigenlijk ook geen grotere snelheden toe door zijn erbarmelijke staat.


In Qongirat is echter ook nergens benzine te vinden: alle pompen staan al jaren droog en het vergt heel wat navraag om op de zwarte markt vijf liter benzine te vinden. Hiermee sukkel ik tot in de grote stad Nukus waar er volgens sommige bronnen wel benzine voorradig zou zijn maar ook dit blijkt een utopie. Opnieuw moet ik op zoek naar iemand die me een paar plastieken flessen benzine wil verkopen. Hiermee is mijn zakgeld alweer bijna opgesoupeerd en ik vind slechts met veel moeite een kamer die ik na heel wat aandringen en bedelen toch met dollars mag betalen.


Ik leef al meer dan twee dagen op brood, water en kaas en zou eigenlijk nog eens iets stevigers achter de kiezen moeten slaan. Hopelijk raak ik morgen in deze grote stad aan geld, benzine en eten.






18-09-2016 om 00:00 geschreven door Webbie


17-09-2016
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dag 36 : Turkmenistan - Oezbekistan
Reisverhaal
Net als bij elke grensovergang bereid ik me ook deze ochtend voor op een lange dag. Ik sorteer op voorhand al mijn documenten en om Turkmenistan te verlaten zijn dat er nogal wat.

Ik ga ook winkelen en zorg dat ik voldoende eten en drinken heb om de dag door te komen. Mijn jerrycan ledig ik in mijn tank om problemen aan de grens te voorkomen. Ik wil nog wat bijtanken maar een benzinepomp vinden blijkt niet zo evident. Na veel navraag kan ik uiteindelijk aan de rand van de stad mijn tank nokvol vullen met spotgoedkope benzine. De politieman die me gisteren opzij zette ter controle van mijn documenten herkent me deze morgen en heeft me een thump up als ik voorbij rijd. De kinderen troepen overal samen om naar school te gaan en de meisjes lijken wel één groen legertje in hun groene jurken. Groen is trouwens de nationale kleur van Turkmenistan en alom tegenwoordig: van de uniformen van de schoolmeisjes tot ijzeren golfplaten daken van de huizen en de petten van de politieagenten.


De weg naar de Oezbeekse grens blijkt al even makkelijk te vinden als een benzinepomp en vergt ook enige rondvraag alvorens ik eindelijk op het juiste spoor zit. Onderweg stop ik nog even bij een historische site waar gelovigen allerlei godsdienstige rituelen uitvoeren. Ze stappen allen eerst rond een paar kleine ronde gebouwen terwijl ze met hun handen over de koepel wrijven. Daarna lopen ze twee maal rond een houten paal die versierd is met kleurrijke sjaals en ondertussen leunen mensen met hun voorhoofd tegen de deuren van de eeuwenoude moskee aan terwijl ze een gebed prevelen. Ik word uitgenodigd door enkele mensen om hun voorbeeld te volgen en loop dus ook een paar rondjes mee en volg hun voorbeeld. Ze appreciëren mijn gebaar blijkbaar want ik krijg van één van de vrouwen een handvol snoep en moet nog even mee op de foto. Een man nodigt me uit voor een rondleiding rond het moskee complexje maar ik bedank hen en maak duidelijk dat ik dringend naar de grens moet.


Na een twintigtal kilometer stoot ik op een groot ijzeren hek. Een groen hek natuurlijk en een soldaat controleert eerst mijn paspoort alvorens hij het slot opent. En daarmee is mijn grens procedure dan officieel van start gegaan. In de zes uur die ik aan de grens zal doorbrengen zie ik geen enkel ander voertuig binnen of buiten rijden. De douaniers hebben dus alle tijd van de wereld om zich over mij te "ontfermen". Ik leerde door de jaren dat een glimlach, wat humor en een mondje Russisch wonderen doen bij grensovergangen. En, dat je vooral niet te veel logica moet zoeken achter sommige regeltjes.

De Turkmeense procedure verliep uitzonderlijk vlot maar wanneer ik me aanbied aan de Oezbeekse zijde is het ondertussen lunch break en een soldaat vertelt me dat ik tot 14 uur zal moeten wachten alvorens de douaniers aan hun namiddag shift beginnen. Ik heb dus twee uur tijd om wat te rusten en maak van mijn vrije tijd gebruik om m'n bagage wat te ordenen: mijn landkaart te wisselen, mijn banden spanning en oliepeil na te zien en de motor een visueel nazicht te geven.


Tijdens de middagpauze komen een groepje douaniers me gezelschap houden en bestoken me met een spervuur van vragen. Onofficieel weliswaar en in een aangename sfeer. De steeds weerkerende vragen zijn: de technische gegevens van de motor, welke landen en steden bezocht je reeds, hoeveel verdien je in België, wat vond je van ons land , enz ... Iedereen luistert geboeid naar mijn antwoorden en gooit er af en toe nog eens een vraag tussen. Ze vinden het amusant dat ik een woordje Russisch spreek en al gauw noemen ze me bij mijn voornaam en lachen met mijn opmerkingen over de Turkmeense politie en hun uitzonderlijk wegdek.

Maar toch ontkom ik niet aan een volledige en grondige controle van mijn motor waarbij letterlijk alles er uit moet en stuk voor stuk nagekeken wordt. Ik ben er echter nog niet uit of het puur uit persoonlijke interesse is of een verplicht procedé, opgelegd van hogerhand. Tegen 16 uur sta ik eindelijk op Oezbeekse bodem en stuit meteen na de grens al op één van de enorme begraafplaatsen. In Oezbekistan lijken de kerkhoven meer op een dorp, met graftombes als kleine huizen. Maar aan deze begraafplaats lijkt wel geen einde te komen en het beslaat volgens mij dezelfde oppervlakte als het stadscentrum van Ninove.


Ik stippel een route uit en rijd even later de E40 op richting Qonghirat als het plots hevig begint te regenen. De temperatuur is al flink gedaald tegenover gisteren middag en met de combinatie van koude regen en de E40 voel ik me bijna terug thuis in België. Gelukkig stopt het regenen zowat tegen dat ik afbuig richting Moynaq want vanaf hier val ik terug op een hobbelige asfalt- en zandweg die dwars door de steppe loopt. De laatste 80 km nemen zo'n twee uur in beslag en als in onderweg opzij moet om te registreren bij een check point kom ik te weten dat het morgen zondag is en er geen banken open zijn. Waarschijnlijk zal er ook geen benzine te verkrijgen zijn in Moynaq en dat het lokale hotel al een tijdje gesloten is.

Goede vooruitzichten dus met een tank die bijna leeg is en met enkele dollars en euro's op zak en dreigende regenwolken boven mijn hoofd. Tegen dat ik het stoffige stadje binnenrijd is het volledig donker en blijkt het verhaal van het hotel te kloppen. Buren zeggen dat ik gerust in de tuin van het hotel mag kamperen. Ik sluit het grote ijzeren hek achter me en parkeer m'n motor voor het portaal en zet mijn kamp op voor de nacht.


17-09-2016 om 00:00 geschreven door Webbie


16-09-2016
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Dag 35 : Kunya-Urgench


SMS
17:39 Oef ... Eindelijk contact met België, ik heb een zéér zware dag achter de rug, 300km onvoorstelbaar slechte wegen gehad, écht niet te doen, geen halve meter deftig asfalt .2 dagen doorheen de woestijn op weg naar de gaskraters van Darwaze, daar deze nacht gekampeerd, super mooi schouwspel....Vandaag dan de zéér slechte weg naar Dashovus, maar we geraken er wel, langzaam  maar zeker :)


Reisverhaal

Uitputtingsslag

Om half zeven ben ik al uit de veren, net op tijd om de zonsopgang mee te pikken alvorens ik mijn kamp opbreek.
Nadat mijn vrienden me komen oppikken in hun grote zandmonster, brengen ze me tot bij hun barakken waar ze vorige nacht mijn motor bewaakt hebben.
Iedereen staat me op te wachten, niemand wou naar hun werf vertrekken voordat ze samen met me ontbeten hadden en afscheid hadden genomen.
Ze zijn allen zeer benieuwd naar de foto's die ik deze nacht gemaakt heb bij de krater, en ze lijken er zeer van onder de indruk.

Zij passeren de krater waarschijnlijk dikwijls als ze naar hun sites in de woestijn rijden, maar ik betwijfel het erg of ze er ooit 's nachts al eens geweest zijn.
Terwijl we zitten te ontbijten toon ik ze nog even wat foto's uit België en vraag terloops of ze niet moeten gaan werken.
We zullen wel beginnen als jij weg bent zeggen ze en ze zien er eerlijk gezegd niet gehaast uit.
Ze vertellen me ook nog over twee andere kraters in de buurt, eentje die vol met water staat en eentje met modder én een paar vlammen.
Ze raden me aan om daar ook nog even een kijkje te gaan nemen alvorens ik verder trek.
Maar eerst moet iedereen nog even op de foto met mijn motorfiets,
ze lachen zich een deuk als hun collega's mijn motor harnas en helm eens opzetten voor de foto en zijn uitgelaten als een bende kleuters in en speeltuin.
Het voltallige team staat me uit te wuiven als ik de berg afrijd en nog eventjes stop bij de twee voorgenoemde kraters.
Na mijn nacht bij de vuurspuwende krater kunnen deze twee varianten me natuurlijk minder boeien maar ik ben hun toch dankbaar
 voor de tip want het zou zonde zijn om ze zomaar voorbij te rijden.

Als ik uiteindelijk terug op de hoofdweg ben en stilaan op kruissnelheid kom neemt mijn motor plots een sprongetje met de twee wielen van de grond,
en een kleine adrenaline stoot doet m'n hart even overslaan.
Het asfalt is op sommige plaatsen omhoog geduwd door de hitte, en de bobbels zijn héél moeilijk waar te nemen van op afstand,
als je ze eenmaal opmerkt is het al te laat om te remmen of te ontwijken.
Het was de eerste voorbode van velen, en de weg word alsmaar slechter naarmate ik noordwaards rijd.
Ik moet mijn snelheid constant laten zakken om het een beetje veilig te houden.
Zelfs bij snelheden van slechts vijftig km/u moet je uiterst  geconcentreerd zijn en constant uitwijken en afremmen.
Gans het wegdek zit onder de diepe kuilen en bulten,
en als je de ene ontwijkt kom je meestal in een andere terecht waardoor je de ene na de andere klap moet incasseren.

Ik heb de Turkmeense woestijn reeds in alle richtingen doorkruist in het verleden maar deze route breekt echt alle records qua moeilijkheidsgraad.
Het word een zeer moeizame en uitputtende rit, en gelukkig is er weinig te zien onderweg buiten het eentonige
woestijnlandschap zoals ik het al honderden kilometers achtereen heb gezien.

Tegenliggers komen zig zaggend naar me toe gereden terwijl ze het optimale spoor trachten te vinden tussen de putten.
Hier en daar staan er wagens langs de weg met pech en af en toe kom ik ook achtergelaten of uitgebrande autowrakken tegen in de berm.
Niet alle voertuigen halen blijkbaar de eindstreep van deze uitputtingsslag.
De rit blijkt eindeloos te blijven duren en er is dan ook nergens een greintje menselijke activiteit  te bespeuren onderweg.
Ik overleef de dag sinds mijn ontbijt deze morgen, op een chocoladereep en warm water, die door de plastiek van de jerrykan vies begint te smaken in deze hitte.
Veel lol is er niet te beleven op deze weg maar ik heb geen alternatief
omdat ik door mijn transit visa gebonden ben aan de mij opgelegde grensovergang naar Oezbekistan,
en dus onderga ik gedwee mijn lot en tracht de motor op het juiste spoor te leiden.

Bij de afslag naar Dashovus word ik opzij gezet bij een politie check point, maar de agenten blijken ' tot mijn verbazing '
 enkel geïnteresseerd in mijn motorfiets en mijn reisplannen.
Ik vraag hoeveel km het nog is tot Keneurgench en het blijken er maar 70 meer te zijn.

(Ondertussen heb ik eindelijk terug een flauwe gsm ontvangst )

Wist ik veel dat het de zwaarste 70km's van de dag zouden worden. Vanaf hier is het echt onmogelijk te begrijpen hoe dit nog een weg genoemd kan worden, terwijl het de hoofdweg is richting grens.
Ik krijg echt geen halve meter makkelijk verteerbaar asfalt meer onder de wielen geserveerd,
en het is een zeer zware beproeving voor lijf en leden, maar ook zeker voor het rijwielgedeelte van de deauville.
Het asfalt is compleet aan flarden gereden en er zijn putten waar makkelijk een volwassen olifant in past,
 daarbovenop kamp ik ook nog met diepe spoorvorming, asfalt ophopingen, grint, zand en wasbordjes.
als extraatje krijg ik elke keer ik een tegenligger kruis ook nog eens een flinke stofwolk te verteren.
Deze route verdient zeker een plaatsje in de top drie van de ergste op mijn palmares en zonder mijn bescheidenheid te verliezen
 mag ik toch zeggen dat er daar al een paar kanjers van formaat tussen staan.

Er komt maar geen einde aan de geseling en mijn max snelheid valt terug naar 25km /u waardoor het nog een paar uur zal
duren alvorens ik mijn einddoel voor vandaag zal bereiken.
Ondertussen heb ik de woestijn verlaten en kom stilaan in het groene en ook koelere noorden van Turkmenistan.
Ik rijd uren achter elkaar door katoenplantages en als ik even halt houd bij een katoen verwerkings bedrijf om een foto te nemen
van de immense katoen bergen die er opgeslagen liggen, breng ik een kleine volksverhuizing op de been.
Na vijf minuten staan er maar liefst een vijftigtal katoenplukkers vol verwondering naar mijn motor te staren.

De Turkmeense politie behoren nu niet meteen tot mijn favoriete wetsdienaars, maar deze maal was ik wel blij om de check- point van Keneurgench te zien opduiken in de verte, en te weten dat ik het gehaald heb.
En zij waren blijkbaar al even blij me te zien want vijf minuten later stond ik al opzij voor een document controle, zonder enige nasleep gelukkig.
Morgen staat de oversteek naar Ouzbekistan op het programma en ik hoop niet te veel hinder te ondervinden van het betreurend voorval dat hun President onlangs overleden is.


 


16-09-2016 om 00:00 geschreven door Sabine




Oorspronkelijke tekst


Mogelijk gemaakt door Translate
Mogelijk gemaakt door Translate

Oorspronkelijke tekst



Inhoud blog
  • Desertlion on Australian TV
  • Uitnodiging lezing
  • Bookhouse
  • Priscilla!
  • Dag 72 : Mongolië - The last one hundred
  • Nieuwe verhalen!
  • Dag 71 : Mongolië - Arvaikheer
  • Dag 70 : Mongolië - Bayangonhor
  • Dag 69 : Mongolië - Bombogor
  • Dag 68 : Mongolië - Buutsagaan
  • Dag 67 : Mongolië - From Altay to Altay in one day
  • Dag 66 : Mongolië - Altay?
  • Dag 65 : Mongools geluk
  • Dag 64 : Mongolië (1)
  • Dag 63 : Siberië - Altay gebergte
  • Dag 62 : Siberië (2)
  • Dag 61 : Siberië - Barnaoul
  • Dag 60 : Kazachstan - Siberië
  • Dag 59: Kazachstan (2)
  • Dag 58: Kazachstan (1)
  • Dag 57 : Kirgizië (2)
  • Dag 56 : Kirgizië (1)
  • Dag 55 : Tadzjikistan - Kirgizië
  • Dag 54 : Tadzjikistan - Mughab (2)
  • Dag 53 : Tadzjikistan - Murghab (1)
  • Dag 52 : Tadzjikistan - Wachan vallei (2)
  • Dag 51 : Tadzjikistan - Wachan vallei (1)
  • Dag 50 : Tadzjikistan - Khorog
  • Dag 49 : Tadzjikistan - Afghanistan
  • Dag 48 : Tadjikistan - Duchanbe - afscheid



    Weersverwachtingen

    België

    Tajikistan (Dushanbe)


    Mongolië


    Lokale tijd Mongolië


    Geplande evenmenten


    Hoofdpunten blog desertlions4
  • Uitnodiging lezing
  • Desert Lions terug in het land na expeditie - Nieuwsblad
  • Bedankt voor de hartverwarmende reacties!
  • Een nieuw begin
  • Tranen van geluk
  • Dag 31 : Finish line in zicht!
  • Dag 30 : Fuck Murphy!!!
  • Dag 29 : Oezbekistan
  • Dag 28 : Desert Moon
  • Dag 27 : The blue door

    Hoofdpunten blog desertlions3
  • Uitnodiging lezing
  • Update Priscilla
  • Priscilla at work!
  • Powerpoint Presentatie inhuldiging Priscilla
  • Mobile Desertlions-Bookhouse

    Hoofdpunten blog desertlions2
  • Uitnodiging lezing
  • Einde missie = start nieuwe missie
  • Dr Robert Shenk.
  • Filmavond 30/4/2011
  • Film, spectaculaire foto's en een sterk verhaal!

    Hoofdpunten blog desertlions
  • Uitnodiging lezing
  • Afsluiting van het project Gambia
  • In memorium
  • Een avonturier met het hart op de juiste plaats.
  • Film & diapresentatie 28 maart 2009


    Forum / Gastenboek
    Wilt u een bericht nalaten of in contact treden met onze Leeuwen, klik dan HIER.




    Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op https://www.bloggen.be - Bloggen.be, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!