|
Carnaval is niks
voor mij. Als puppy mocht ik aan de leiband mee met mijn baasje en
zijn toen nog jonge kinderen. Ik herinner me nog zeer goed dat ik
verscholen achter de grote voeten van mijn baas me probeerde te
verstoppen. Ik drukte mijn flaporen tegen mijn kop want die boem-boem
muziek was om zoals de carnavalisten om zot van te worden in mijn
kopje. Een luidruchtig gedoe en om de vijf minuten werd ik bedolven
onder papieren snippers, dat intussen blijkbaar ook reeds verboden is
in veel steden. Na de stoet en op terugweg naar de auto werd het voor
mij strompelen over het ene blik na het andere van dat merk van
mannen weten waarom. Dezelfde avond moest ik dan nog kotsen
omdat ik de geworpen snoepjes met papier en al naar binnen had
gewerkt. Het was toentertijd ook nog goed opletten waar ik mijn
kleine pootjes zette of ik had snijwonden van gebroken glas. Ook
bierflesjes zijn intussen verboden en ook de niet-recupereerbare
bekertjes mogen niet meer van de overheid.
Carnaval is niet
mijn ding als hond maar ik heb wel begrip dat er carnavalisten zijn.
Mensen die houden van zich te verkleden, een masker op te zetten,
zich te bezuipen en met alle miserie van de wereld te lachen.
Uit mijn kinderjaren
weet ik dat iedere Franse Lowie een nar in dienst had. Een soort
plezante kwast die de koning moest helpen om zijn miserie van
het regeren te laten vergeten tijdens de bourgondische maaltijden.
Aalst zit nu
in een wereldwijde storm en de media staat niet stil dat de gewone
man uit de straat niks meer of minder wil dan lachen, gieren en
bulderen met alleman en iedereen die in het afgelopen jaar domme of
absurde dingen deed.
Uiteraard zijn
politiekers, wereldleiders kop van jut maar die mensen gaven ook
voeding aan de carnavalist om zich te laten bespotten.
Los van het carnaval
herinner ik me als puppy ook dat bij een bezoek aan Antwerpen mijn
kleine baasjes ook aan mijn grote baas vroegen wie die rare mensen
waren met van die krullen die normaal in een schrijnwerkerij te
vinden zijn. Waarom die kindjes met zon soort pannenkoekje op hun
achterhoofd rondliepen en hoe het kwam dat dat pannekoekske niet
wegwaaide wanneer we de wind trotseerden richting Antwerpse Zoo!
Dat sommige
Joden zich gekwetst voelen is begrijpelijk, maar dat moeten
Nederlanders, Schotten ook zijn want die beledigen carnavalisten ook
over hun zuinigheid.
Humor daar moet men
mee leren leven en humor is zeker niet altijd fijngevoelig. Men
sleurt er al jaren alle schoonmoeders door en toch zijn er
schoonmoeders die schatten van vrouwen zijn. Ook alle echte
blondines moeten veel grapjes verdragen. Voor mij persoonlijk kwispel
ik zowel naar blonde, rosse, zwarte of bruine meiskes. Ik kwispel
zelfs naar die donkere dame met krulletjes die meestal op andere
plaatsen van het menselijk lichaam te vinden zijn dan op het hoofd.
Aalst heeft een
traditie en is in Vlaanderen wellicht de carnavalsstad bij uitstek.
Wie niet van Aalst is moet het doen met het visuele van de stoet want
Aalst heeft zoals elke stad of dorp zijn eigen dialect. Ben je niet
van Aalst dan begrijp je de
Woordspeling van
klaagmuur naar klaagmier niet!
Het is dus
begrijpelijk dat een Franstalige de humor van het woord klaagmuur
niet snapt. Ook voor Joden zou de carnavalist een programmaboekje
moeten uitdelen om hun bedoelingen en hun humor uit te leggen
Veel moeilijker te
begrijpen is dat 30 buitenlandse zenders hun tijd verbeuzelen om de
carnavalstoet onder de loep te nemen. Er is nochtans veel meer nieuws
met waarde te rapen maar blijkbaar kiezen nogal wat journalisten naar
de gemakkelijkste manier om mensen te bespelen met nieuws dat
eigenlijk fake nieuws is
|