|
Misschien toch geen spijt dat de
Belgian Cats verloren tegen Japan.
Dat De Belgische katjes verloren
tegen de kleine Japanners met het kleinste verschil en Topspeelster An heeft
gelijk dat de Belgen hadden kunnen winnen maar dan hadden ze uit een ander
vaatje moeten tappen.
Ze speelden als katjes. Te braaf en
te traag. Tegen de overmacht van de zeer goed shots van de Japanse meisjes viel
weinig te beginnen. Ze zijn uiterst trefzeker en ook hebben ze allen snelle
voetjes.
Met dergelijke tegenstander moet je
benutten wat je troeven zijn en dat was de lengte van onze speelsters. Onder
het kot kunnen die kleintjes niks beginnen tegen een overmacht van lange
armen. Dit deden de Belgische speelsters te weinig en dat is een minpuntje voor
de coach.
We mogen niet te kritisch zijn want
onze meiden hebben te weinig ervaring op wereldniveau. Wedstrijden zoals tegen
die Jappen zijn een formidabele leerschool. We moeten ook wat chauvinist worden
en in ons eigen kunnen durven geloven.
An heeft de ervaring maar het begint
op te vallen dat ze een dagske ouder aan het worden is. Naast het knie probleem
is de souplesse en de snelheid een beetje weg.
Illusies over de volgende wedstrijd
tegen Spanje maakten we ons niet. Ook die wedstrijd zou een leerschool
worden en hopelijk zet het onze jeugd aan om lid te worden van de basketclub in
de buurt.
We oordeelden zoals nogal vaak te
vroeg. Spanje werd niet enkel een leerschool maar bewees dat men kan groeien in
een tornooi.
De Spaanse ploeg heeft ervaring zat
maar de Cats hadden meer lef dan tegen de Jappen. De inzet en wil was er en
zelfs met op bepaalde momenten nogal dubieuze beslissingen van de
scheidsrechters bleven ze knokken.
Het werd zelfs een thriller tot de
allerlaatste seconde. Een toonbeeld voor jongeren dat men nooit mag opgeven.
Met 1 puntje de kwart finale halen
had niemand durven hopen.
Wel spijtig is dat An op het einde
van haar carrière meer vanop haar hometrainer de wedstrijd zal meedoen dan
vanop het terrein. An zal met haar karakter wel haar opvolgsters met raad en
daad blijven bijstaan. De speelsters mogen haar dankbaar zijn en respecteren
want zij was de eerste Belgische die het internationaal maakte. Haar toekomst
zou als rechterhand een jobke moeten worden naast de trainer.
Ervaringsdeskundige in hart en nieren en ze zal respect afdwingen bij
scheidsrechters en dat is naar de toekomst een pluspunt.
Zoals met het resultaat van het
Belgische volleybalteam mogen we fier zijn.
In tegenstelling tot al die landen die profspelers
hebben moeten wij het doen met veredelde amateurs. We mogen terecht fier zijn
op onze sportlui die vaak na hun dagtaak de moed hebben om intensief te trainen.
Verder spenderen ze vaak hun spaarcentjes om mee te kunnen gaan naar het
buitenland en ontzeggen ze vaak hun gezin aan luxe.
We moeten dus zeker stilstaan bij de
inzet van onze sportmensen
.
|