|
Met de overgang van zomer naar herfst
moeten we van de laatste zonnestraaltjes profiteren.
Een leuke 21°en een kleine bries, het
ideaal om te toeren met de fiets.
Voor mij een ganse verandering want gedaan
met de tandem. Mijn baas ziet dat waggelen en kwakkelen niet meer zitten en hij
wil het bij één heupprothese houden.
Vanaf nu is het met een duofiets te doen.
Dat we een soort kermisattractie zijn wanneer we voorbijrijden, deert hem niet
Een ganse verandering voor mij. Gedaan met
het naar boven sleuren van mijn baas op een helling. Vanaf nu volg ik achteraan
tussen de twee fietsen.
Duwen doe ik niet, ik laat me een beetje
meevaren en loop uit de wind. Wel moet ik me beter concentreren want met die
rieten mand voor mijn snuit moet ik tijdig mijn remmen dichttrekken of ik knots
iedere keer tegen die mand. Omdat het gedaan is met mijn hulp als trekker nam
mijn baas elektrische ondersteuning op zijn Ferrari! Al fluitend vliegt hij nu
de hellingen op! Niet altijd natuurlijk want hij vergeet al eens dat je die
ondersteuning in een stopcontact moet steken om op te laden
Van mijn
ondersteuning was hij zeker maar met zijn moderne technologie?
Vanuit mijn gemeente vertrokken wij op de
meest erbarmelijke fietspaden van gans west Vlaanderen voor een tochtje. Voor
prestigeprojecten heeft de gemeente geld zat maar het is op de fietspaden
rijden met het mondje half open of door het schudden en beven ben je al de
glazuur van je tanden kwijt. Op een nazomers dagje ben je dan uiteraard constant
aan het knabbelen op insecten die aangezogen worden door die half open mond.
Misschien aangenaam voor de Groenen uit mijn gemeente maar diezelfde groenen
zouden beter de bermen eens opkuisen. Al die decreten over milieu hebben voor
gevolg dat het onkruid een meter hoog staat. Dat die slordige bermen een pure
uitnodiging zijn om sluikstorten te promoten, daar denken die groene jongens en
meiskes niet aan. Hoe kikkers en padden hun weg nog vinden in die wildernis van
netels is me een raadsel.
Rijden op paadjes in bossen is leuker.
Waarom mijn baas stopte aan een paar mooie paddenstoelen was me niet duidelijk.
Dacht hij misschien dat er effectief kaboutertjes in die paddenstoelen wonen?
Dat hij misschien zijne accu kon laten opladen bij die kaboutertjes?
De voorziene stop voor een koffie sloeg
tegen. De witte kassa, die stilaan de weg van die groene box voor gevaarlijk
afval aan het opgaan is, zou de reden kunnen zijn dat veel horecazaken gewoon
de deur dicht doen. Verpozen met een aangenaam zonnetje is er nog enkel bij op
zat- en zondagen. De overige dagen van de week moeten de uitbaters uitrusten of
telefoneren om aan personeel te geraken.
Wat me opvalt dat de enige hondjes die ik
tegenkom van die kleintjes zijn die gezellig meerijden op de fiets. Op een
ganse namiddag kom ik hoogstens één concurrent tegen die ook meeloopt en sportief
is.
Vorige week, net over de grens, was dat
anders. In Nederland zijn de fietspaden vooreerst breder en liggen op een
veiligere afstand van het autoverkeer. In Cadzand was ik zowat de uitzondering
die aan de fiets meeliep. Mijn soortgenoten loepen volledig vrij in de buurt
van hun fietsende baasjes. Dus ze hadden meer geluk dan ik want ze konden zich
al eens afkoelen in een beek of in zee als het water op geen te verre afstand
stond.
Het ene Europese land tegenover het andere is
ook voor ons honden ongelijk.
In eigen land mogen wij viervoeters zijn
nog enkel welkom in Bredene en een stukje van Zeebrugge!
Ik zou wel weten voor wie ik stem met de
volgende verkiezing
.



|