Afgelopen woensdag trad de Ierse folklegende Christy Moore op in de Electric Ballroom in het Londense Camden. Dat de man uit County Kildare vooral in eigen land een mythe is getuigt zijn tourneelijst. Zowat de helft van de optredens zijn gepland in Dublin en allemaal uitverkocht. Op 21 mei volgend jaar speelt hij in Brussel in de Cirque Royal, maar deze week trad hij dus op in Londen.
De bard met zijn gouden stem en akoestische gitaar was daarbij vergezeld van Declan Sinnott, de man die Christy uit zijn slaap heeft gehaald. In 1999 had hij immers besloten niet meer op te treden en zelfs geen muziek meer te maken. In 2002 echter kwam er een nieuwe studioplaat en sindsdien treedt Moore weer veel op, meestal vergezeld door Sinnott.
De eerste avond van in Camden (s anderendaags trad hij er weer op) was niet eens uitverkocht, wat in Londen niet gebruikelijk is. Naar schatting 400 man verwelkomde het duo warm en met Yellow Triangle zorgde hij voor een sterke opener en al meteen een eerste hoogtepunt. Tijdens de eerste nummers van de set werd het optreden wat ontsierd door een overijverig fan die steevast om hetzelfde nummer schreeuwde. Toen de fan in zijn zoveelste antwoord op een opmerking van Moore zelf luidop schreeuwde hoe het duo überhaupt is toegelaten is geweest (Moore had net gegrapt dat ze met de boot waren gekomen maar in 2004 was hij onder het mom van de strijd tegen het terrorisme een tijd vastgehouden geweest), legde hij de man vakkundig het zwijgen op. De verstoring na drie nummers zorgde ervoor dat de initiële gedrevenheid plaats maakte voor routine en beleefd enthousiasme. Laat het echter duidelijk zijn dat zelfs dan nog een Smoke and Strong Whiskey en Hattie Carroll van klasse blijven getuigen.
Pas bij Ride On en 'North and South of the River' kwam hij pas echt weer op dreef, oversteeg hij het gewone goede concert. In gestrekte draf groeide het optreden uit tot een doldriest feestje waarbij aan de ene kant smadelijk werd gelachen om het feit dat hij geen jukebox is en dat hij alles wel op een rijtje had voor het verder verloop van de avond, maar aan de andere kant was er voldoende ruimte om verzoeken in te willigen en te breken met de vooropgestelde set, getuige de vaak soms licht paniekerige gitaarwisselingen van Sinnott. Die mocht zelf af en toe een elektrische solo inlassen en één nummer zingen, Corina Corina. De bijval die hij kreeg, zou Moore toch moeten vermurwen tot een nog groter rol van de man. Snel ging het daarna naar McIlhatton en Black is the Colour, het Moore-moment voor de koppeltjes?
Het einde van het concert onderscheiden van de bisrondes werd moeilijker naarmate de avond vorderde. Drie keer kwam Moore terug, waarbij de overgang naar de laatste twee toegiftes eigenlijk een verderzetting waren. Moore bleef immers langdurig handjes schudden vooraleer hij half wegging en meteen, met Sinnott achter hem aan, terugkeerde om meteen gevat verder te gaan. 'Joxer Goes To Stuttgart' zette de hele zaal op stelten. Back Home in Derry en Spancil Hill bleven uit, maar met een Nancy Spain krijg je natuurlijk de zaal (nogmaals) plat en zorg je ervoor dat iedereen met een glimlach naar huis gaat die de gloed van een Ierse avond in Londen verbergt.
De tabakswereld gaat in het offensief en een dag voor de doden, zo kopt De Standaard vandaag. Los van het cynisme van het samengaan van die twee titels, om nog maar te zwijgen over het feit dat De Standaard meer en meer vooral kopt, schort er toch wel één en ander aan de samenleving en blijken beide artikels eerder wél met elkaar verbonden dan niet. In hoeverre sluit het huidige antirokersklimaat niet aan bij het makkelijk denken van de doorsnee burger. 1 november, ah, bloemekes op het graf. Roken, dat mag niet.
Dat een afgevaardigd bestuurder van de Tabaknatie, werelds grootste opslag- en overslagbedrijf voor tabak, met een hele rits lukrake commentaren, halve initiatieven en clichés als wederwoord op de proppen komt, hoef je de goede man niet kwalijk te nemen. Uiteindelijk moet hij toch zijn winkel verdedigen. Echter, hoe verschrikkelijk platitude ook, hij heeft een platgetreden punt als hij aanhaalt dat we na tabak "misschien het whiskyverbod" krijgen. Nu dacht ikzelf niet meteen aan whisky, maar toch zijn er toch wel enkele andere voor de hand liggende maatregelen die deze regering dringend moet implementeren zodat op restaurant gaan weer een feest wordt en pinten pakken een aangenaam relaxerend, als in: niet-stresserend, tijdverdrijf.
Vooreerst zijn er natuurlijk de allerhande mobieltjes. Het hoeft simpelweg geen betoog. Handig voor als je als kind veilig van punt A naar punt B moet geraken (nu ja, het mobieltje verhoogt de directe veiligheid niet, wel het veiligheidsgevoel, de zekerheid bij onraad meteen deze of gene instantie te kunnen mobiliseren) of om af te spreken is een gsm op café even idioot als een gsm in de supermarkt. Kielhalen die idioten die de hele tijd dat ze in één afspanning zitten, bellen en sms'en naar andere vrienden met wie later is afgesproken of die elders op café zitten. De vergeetput in de ziekelijke miniatuur ramptoerist die bij het geluid van een sms jouw betoog onderbreekt en vraagt of hij even mag terugbellen en na het gesprek vraagt 'waar hadden we het nu weer over?'. Over het weer jong, niet zo goed de laatste tijd niet? Er is geen andere oplossing voor dan rond elke afspanning een loden sarcofaag te bouwen zodat het bereik er volledig wegvalt. Stel je voor, nog eens daadwerkelijk praten met je medemens zonder de futiele drang om in nietszeggende metacommunicatie te vervallen.
Verder zijn er de pseudos, je kent ze wel, uiterlijk op een intellectueel willen lijken, allicht half geschoren of licht slonzig gekleed, en uiterst geëngageerd in een boek aan het turen of een schrift aan het volpennen in een mooi op voorhand uitgekiend geschrift. De valse wereldverbeteraars voor wie de horizon eindigt bij de bar of de deur en voor wie de rijke wereld aan de andere kant van het raam, of net buiten het terrasoppervlak, slechts een passerende vitrine is van een winkel waar toch niet veel te kopen valt wegens geen solden. Voor hun geveinsd sociaal engagement, dat er enkel op uit is complimentjes te krijgen over hun schrijfsels of een warme blik van het gewenste geslacht, en zo niet dan toch een pint of wijn of twee van een concurrerende leegloper, veel consumeren ze uit eigen beweging namelijk zelf niet, voor dat geveins moeten ze worden bedacht met een alternatieve straf. Boodschappen voor oudjes in de buurt of zo. Mochten er nog authentieke lantaarns hangen in de straten ze waren de meest geschikten zijn om de olie bij te vullen en zo hun omgeving ook eens daadwerkelijk te verlichten. Nu echter nemen ze enkel plaats in die door andere klanten veel beter kan worden benut.
Nog zon irritant stukgoed is de bril. De bril in zijn vele gedaanten. De wc-bril bij mannen moet dringend worden afgeschaft. Er zijn immers teveel heerschappen die op den vreemde plots minder doelgericht het zaakje kunnen afhandelen en enkel een rolbaleffect veroorzaken waarbij de personen die na hem komen nog minder geneigd zijn het proper te houden. De aanpak van dit probleem begint zeker bij het bekeuren van scheefpissers omdat zij de aanwezige pissijnen niet gebruiken. Hoe het daarna verder moet, repressief of preventief, is een politiek debat waard. De bril op het gezicht is ook zon onding. Los van de vaak verschrikkelijke esthetiek wat is er in godsnaam mis met een ziekenkasbrilleke? lijkt mij het hygiënische aspect te belangrijk om niet aan te klagen in zaken waar eten en drinken worden geserveerd en genuttigd. Brildragers immers, zo is wetenschappelijk bewezen, zitten vaker met hun vingers te pulken, aan de bril, aan de oren, haaruiteinden, ooringangen en jawel ook de neusgaten. Niet alleen raken die handen andere objecten aan die in onrechtstreeks verband steevast ook contact hebben met dingen die op jouw tafel terecht komen of in dezelfde afwasbak achter de bar het is gewoon verwerpelijk een oester te moeten doorslikken als je overbuur net een lange groene heeft opgevist en er trost een balletje van maakt, maar het niet van zijn wijsvinger krijgt afgeschud.
Bijgevolg steun ik niet alleen de Tabaknatie in de heksenjacht op de rokers, ik wil hierbij ook mijn steun betuigen aan de rokers, de parias van onze samenleving als we het allemaal moeten geloven. Ikzelf ben al meer dan tien jaar gelukkig gestopt, maar dat gelukkig is uitsluitend mijn zaak en hoeveel andere mensen roken in mijn bijzijn kan mij au fond niet schelen. Ik heb uiteraard liever dat mijn vader en moeder niet in hun auto zitten te roken als mijn twee kinderen op de achterbank zitten, maar dan houdt het op. Meer nog, al de vrienden met wie ik nog steeds uitga roken of hebben ooit gerookt en ik steun ze in regel nooit bij eventuele voornemens om te stoppen, dat is iets wat ze echt wel zelf moeten uitmaken. Onze huidige samenleving bestaat al genoeg uit regeltjes van wat niet mag en wel en hoe wat te doen in welke hokje. Rook overstijgt dat alles, niet?