Inhoud blog
  • Zoeken in blog

    Beoordeel dit blog
      Zeer goed
      Goed
      Voldoende
      Nog wat bijwerken
      Nog veel werk aan
     
    Honeymoon in Australia
    De avonturen van Mowgly en Totof
    11-03-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.

    Ik ben nog vergeten te melden dat ik een “egale” (arend) die een kangoeroecadaver aan het uit elkaar reten was, heb gespot. Spijtig genoeg is de vogel gaan vliegen eenmaal hij me had opgemerkt net toen ik een foto wou trekken.

    Het zwembad en de jacuzzimomenten waren zeer aangenaam en rustgevend. Dit alles laten volgen door een bad. De luxe kan zalig smaken.

    Net bij het inchecken merkten we dat onze straat voor een groot gedeelte afegezet was. De reden was : een festivalleken met allerlei straatartiesten, zowals zotte Daphne, 2 rondhuppelende zeemeeuwen en een travestiet op stelten.

    Een pluspunt voor Australië zijn de “dryzones” : buiten het festival, geen alcoholische dranken en dit wordt bewaakt. Ook wordt ervoor gezorgd dat er geen verkeer doorkomt en liggen er geen peuken op trottoirs en straten want aan verscheidene gevels zijn lange proper asbakken bevestigd.

    Voor Adelaide is hét pluspunt de festivals, want zonder deze heeft deze stad naar mijn gevoel weinig ziel en vreugde. Jammer.

    Bij het afsluiten van de avond hebben we gedineerd in ons hotel. We hebben kangoeroe gegeten met een lokale rode wijn. Heerlijk was dat.

    KANGAROO ISLAND – 10/03/12-11/03/12

    Op onze weg van ons hotel naar Cape Jervis (met de Kangarro Island Coach) hebben we onze ogen uitgekeken naar kangoeroes, kangoeroes, kangoeroes, zot ronddwarrelende papegaaien in rood, groen en sommigen felblauw. Lama’s (Impala’s), schapen, geiten, koeien en paarden mogen ook op de erelijst. Prachtig ! Wat we gedurende 7 dagen niet hebben kunnen spotten, liep en vloog hier in ’t rond en dat gedurende een busrit van maar 2 uurtjes. J

    Aangekomen op het eiland, dienden we eerst onze wagen (type medium) af te halen. Wat kregen we, de pietzakken die we soms wel kunnen zijn ? Nen schone witte 4X4. Een Nissan. Wij content.

    Wij des te contenter, want met een gewoon wagentje rondkoersen op deze wegen, dat moet ni te doen zijn : meer off road dan wat anders. Pluspunt : er staan 4 Grandtreks onder (inside info voor de bandenmensen onder ons).

    Cape Willoughby – Lighthous : gesloten en niet veel soeps... Ne vuurtoren, da was’t.

    Seal Bay aan the South Coast : zeeleeuwen te spotten vanop een ponton voor 15Dollar pp (wou je met gids even op het strand op afstand van de zeeleeuwen was het 30 Dollar. Eerlijk : viel wat tegen, we zijn meer gewoon (Zuid-Afrika en Galapagos).

    Knor, knor begonnen de magen zich te manifesteren. Snelle hap in het Seal Bay Cottage café, uitgebaat door een jong koppeltje.

    Onder een boom stond een plaat met een peil naar omhoog en met het opschrift “Find the Koala”. We hebben hem gevonden (zie foto’s). Met de sandwich op de buitenbank kwamen we “Chrissie” tegen : een kleine gris-rode (maar anders dan coco) papegaai, die heel sociaal is en direct op mijn hand, arm, schouder en rug kwam. Ze was maar al te blij, want ze kon toch nog efkes meesnoepen van mijnen sandwich. Als bedankinkje kreeg ik dan een dikke vette drol op mijn rechterschouderblad. Bedankt Chrissie. J

    Kingscote : de hoofdstad, waar we om 5pm “the pelican feed” konden meepikken : YES, meevaller. Op ne scheet van ons nen hoop pelikane aan het schijten, geeuwen, slapen en ruziemaken. Daartussen af en toe en meeuw die de kaka van de pelikanen kwamen versnaperen (smakelijk).

    De show werd gegeven door ne toffe pé, met volle overtuiging, nen emmer vis en een visserpak tot onder zijn tetten getrokken. Het werd me daar een overrompeling van zeemeeuwen vechtend met pelikanen, pelikanen vechten met henzelf en de portie vis die ze niet konden doorslikken. Het netterde en kletste tot net voor ons tenen en neuzen. Leuk !

    Aangekomen in ons “hotel”. Ja wadde, wat is dat jong : een soort Cottage Huis in zeer goed staat. Eerst vonden we den ingang niet (wij blond) alle kanten van het huis afgekeken, tot een koppel met thee de entrée-deur wees. Wij binnen, ja wat het was binnen zonder bellen (geen bel), tot in de keuken, waar gastvrouw en gastheer aan het koken waren en ons zeer hartelijk ontvingen. Ze noemen Lyn en Graham. Lyn toonde onze kamer, onze badkamer en apart toilet : de max ! De foto’s zullen wel spreken (zeker voor Koentje).Zeer stijlvol met oog voor detail. Onze kamer is by the way niet zomaar een kamer, maar de suite des huizes.

    Vanavond kookt Lyn voor ons. We konden kiezen tussen 2 voorgerechten (een salade met schapenkaas of een tomatensoep) en 2 hoofdgerechten (varkensfilet of snapper). We kijken er al naar uit, want we eten met zijn allen rond 1 tafel. Ik denk dat het gezellig gaat worden.

    Het was dus overheerlijk en een zeer goed en gezellig gezelschap. 2 Britse schatrijke koppels en 1 man (Dan) die een wereldreis aan het maken is. Dan is volgens ons beiden een homo, wij hebben echter geen bevestiging (ja, ik heb dat niet durven vragen zenne), die zijn leven wil veranderen op professionaal vlak. Hij woont in Zurich (lap, zeg, nu komt hij net binnen in de luchthaven, ook toevallig, op zoek naar een bankautomaat – ni te doen). Hij was voor 10 jaar marketing verantwoordelijke in een financieel bedrijf, heeft finance gestudeerd en zou nu graag willen gaan voor General Manager en denkt zelfs na om naar Vietnam te gaan om een deel van zijn Vietnamese roots en de taal te leren... Wat een speciale mensen die wij al tegen gekomen zijn, dat kunnen jullie niet geloven.

    Bij de koffie en thee kwam de gastheer bij ons aan tafel zitten en stelde voor om Don, Totof en mezelf mee te nemen voor een 4X4 nachtsafari in de velden. Natuurlijk zagen wij dat zitten. Graham kent dus al zijn velden met alle poorten en deurtjes eraan uit het hoofd. Hij heeft de farm van zijn grootvader overgenomen, heeft 2 zonen (dus opvolging is gegarandeerd) en heeft maar liefst 2500 schapen die hij kweekt voor de wol en het vlees.

    Het is zeer bizar om midden in de nacht (het was immers al 22u00) door de dorre velden te crossen en vanalle oogjes te zien verschijnen in het licht van de 4X4 : schapen, kangoeroe’s, walabi’s , possums en een kitten. Schattig was dat. Bepaalde kangoeroe’s en walabi’s bleven gewoon zitten verder eten en trokken zich van ons plots bezoek niks aan. Dan even de wagen volledig stil zetten,lichetn uit, uitstappen en kijken naar de prachtige sterrenhemel met  ontdekking van de Zuidster en Orion.

    Dan was aangeduid als “gate-opener”. We zagen af en toe wel dat hij toch op zijn hoede was met al die beesten rondom zich en hij had zelfs schrik dat we hem gingen achterlaten. Dit zou ons vermoeden over het feit dat we denken dat hij gay is, wel eens kunnen bevestigen J Schattig.

    Om 23u00 smeet Graham ons af in the cottage om dodo te doen.

    Het was een goede nachtrust, zeer rustig en heel zacht bed.

    Na douche richting “familietafel” hebben we met zijn allen gezellig en uitgebreid ontbeten. Een zalig ontbijt. Een dikke pluim voor Lyn. Het was tijd om afscheid te nemen, nog even te verduidelijken dat we echt genoten hebben van deze korte ontmoetingen en ervaringen, ons e-mail adres af te geven aan Dan, zodat hij de nachtfoto’s naar ons zou doorsturen, en vervolgens te vertrekken richting Zuid-West kant van het eiland.

    We zijn tot de Remarquable Rocks gereden : een panoramisch natuurspektakel. Moeder natuur heeft uit het binnenste van haar buik magna naar buiten gespuugd dat langzaam aan is beginnen verharden tot deze schitterende oranjekleurige speciaal gevormde rotsen.

    Flinders Chase Park was eveneens een mooi stuk natuur van maar liefst 70000ha. We hebben een wandeling geplaatst van maar liefst anderhalf uur om op zoek te gaan naar beestjes. De platypus had geen zin en was te verlegen om zich te tonen aan ons, maar toen ik plots zei tegen Totof : dat stinkt hier naar een besst dook er een al te trotse en paraderende leguaan op, die dan schoon bleef staan voor de fotosessie. Nog even een koala’s hangend in een boom meegepikt en langs de weg een egel.

    Van daaruit nog even de vuurtoren van Cape du Couedic meegepikt en dan volle bak richting het Noorden, een lunchken binnengehapt in de “stad” Parndana en doorgereden naar Kingscote om na het voltanken van de wagen op een terras toch nog eens te genieten van een goei frisse pint.

    Op het terras vroegen we ons af met wat voor vliegtuig (met accent op “tuig”) we naar Adelaide zouden vliegen en hoe de luchthaven er dan wel zou utizien.

    Nu dat we er zitten, kunnen we jullie vertellen dat het een open veld is met een klein gebouwtje en parking langs en met 2 gates. We zouden vliegen met REX (Regional Express)... Als dat maar goedkomt...

    11-03-2012 om 22:21 geschreven door Mowgly  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (3 Stemmen)
    09-03-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    09-03-2012 om 08:10 geschreven door Mowgly  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.


















    09-03-2012 om 08:10 geschreven door Mowgly  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.


















    09-03-2012 om 08:08 geschreven door Mowgly  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (2 Stemmen)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.


















    09-03-2012 om 08:05 geschreven door Mowgly  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.


















    09-03-2012 om 08:03 geschreven door Mowgly  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.


















    09-03-2012 om 08:02 geschreven door Mowgly  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.


















    09-03-2012 om 08:01 geschreven door Mowgly  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.

    MELBOURNE – 02/03/12 :

    De vlucht is smoothly verlopen.

    Bagage pick up ging vlot en met de shuttlebus naar het hotel Travelodge Southbank, net naast de Eureka Tower.

    Toen we Melbourne center zagen liggen vanop de autostrade van luchthaven naar hotel, vielen ons de vele moderne giga-wolkenkrabers op. Toen we aankwamen in ons hotel vielen dan weer het Victoriaanse stijl gemixed met moderne wolkenkrabbers op. Een mengelmoes van gebouwen. Alles kan, alles mag.

    Eenmaal bagage geïnstalleerd in de kamer (die redelijk simpel was), hadden we besloten Melbourne te ontdekken via de gratis oude tram van in de jaren stillekes met een stationaankondiger aan boord (een man die elk naderend station live afriep – grappig).

    Eerst stoppunt was de Docklands met aan de voet ervan het Etihad Stadium. Verder niets bijzonders en spaghetti gegeten. Melbourne is hier toch wel duidelijk minder duur dan Sydney : in Sydney vragen ze 8 Dollar per pint, hier kon je er al verkrijgen aan 3,5 Dollar. De spaghetti Marinara was lekker pikant en kostte ook maar 9 Dollar.

    Buikje vol, besloten we naar het centrum te gaan en hebben ons een citybike gehuurd.

    Natuurlijk vergaten we de helmen mee te nemen, dus telkens als we flikken zagen, stapten we af of staken we de straat over... Met de fiets zijn we via Southern Cross Station de hele Collin Street doorgereden : de Melbournese Louizalaan (Prada, Cartier...). Aan het eind van deze heel lange straat hebben we de fiets achtergelaten om alzo de binnenstad verder te verkennen. Prachtige gebouwen en kerken, zeer speciaal met soms een moderne giga-wolkenkrabber achter of naast. Onze ogen konden de verrassende mengelmoes niet volgen. We trokken de Swanson Street door, een wandelvolle straat met allerlei soorten winkeltjes, paardenkoetsen en culturele gebouwen. Prachtig en vooral heel gezellig.

    Maar dorst dat wij hadden = “pint”stop aan jaja alweer 8 Dollar.

    Vanuit de Swanson Street trokken we verder en ontdekten we het prachtige Flinders Street Station : 1 woord “IMPRESSIONANT”. Langs de Federal Source, waar je al liggend in een strandstoel naar de cinema kan kijken, door de Alexandra Gardens en via de Yarra River slenterden we naar Southbank.

    Deze overkant is een hippe, funky place to be. Alle cafés zijn hipmodern en bonkvol. Na een pint van alweer 8 Dollar was het tijd om ons te verfrissen en terug te keren voor het avondmaal.

    In één van de hippe restaurants genoemd “Waterfront” hebben we letterlijk en figuurlijk een Rib Eye on Bone. Sukkulant en mals. Het personeel was zeer gedienstig. Dit hebben we dan ook duidelijk gemaakt aan de gerant, een Nieuw-Zeelander met Duitse roots. Een grappig ventje en lokk-a-like van Carl (Van Haesendonck) : zelfde houding, zelfde zotte kop J.

    Na een afsluitende koffie zijn we dan dodo gaan doen. Eerst nog even enige fotokes op de blog gepost en nest in.

     

    CAMPERAVONTUUR VAN MELBOURNE NAARADELAIDE – 02/03/2012-09/03/2012

    ’s Ochtends iets later opgestaan, valiezen naar beneden en gauw nog een ontbijt nuttigen bij de buren.

    Na het ontbijt hebben we een taxi genomen richting Apollo Camper.

    We hadden weer een speciale taxichauffeur. Een indiër, die absoluut weg wil uit Australië om 3 hoofdredenen : Australië is duur om te leven en hij wordt niet geaccepteerd door zijn schoonouders omdat hij Indiër is en omdat zijn familie allen in België en Noorwegen wonen. We zijn dan ook nog te weten gekomen dat zijn girlfriend Linda noemt. Hij heeft vele vragen gesteld over België en Brussel : is het daar duur ? Wat verdient het ? Wordt je gemakkelijk toeglaten...

    Weten jullie dat een taxichauffeur hier maar liefst 4000 Dollar verdient !

    Met dat getater waren we sneler dan gedacht toegekomen bij Apollo. De zaak wordt uitgebaat door een zeer gezellige homo en heel pientere lesbische. Na incheck en campercheck, wij weg on the road richting Ballarat.

    Ik had gelezen dat dit dorpje echt het bezoeken waard was. Het is bekend omwille van de goudzoekersgeschiedenis. Sovereign Hill is de reconstructie van het 19de eeuwse Ballarat. Alleen is een bezoekje toch wel tastbaar in je portemonee (42,50 Dollar per persoon). Dat vonden we wat te veel van het goeie en temeer het regende besloten we dan maar verfder door te rijden naar Geelong, waar we iets buiten deze stad onze eerste campingslaapplaats zijn binnen gereden : Barwon River Tourist Park. Vooraleer te besluiten onze nest in te kruipen zijn we wat verder on the road een pasatgerechtje gaan eten met lekkere koele Australische Lambrusco. Een gezellige tent met een nogal trage bediening welliswaar, maar we moesten geen trein, tram of bus pakken. Dus het kon ons niet schelen : besluit was dat we dan maar een 2de fles van dat sprankelend hemels rood water hebben besteld.

    Maagje vol, beentjes strekken, wandeling richting camping en hop bedje in.

    De hele nacht heeft het liggen druppelen en gieten. Slecht geslapen, maar ja, het was ook onze eerst nacht op een weeral vreemde plaats, niet waar. Het zal wel wennen.

    ’s Anderendaags om 8u00 uit ons bed, zelfgemaakt ontbijt gevolgd door een douche (propere toestand).

    Wielen richting Torquay met veel zon en wind : stranden, rotsen en baaien met surfer, chique buurten, dikke villa’s, gevolgd door Lorne : een schilderachtige baai met verkenning van het Lorne State Forest Park. Een natuurgebied gekenmerkt door eucalyptusbossen met reuzevarens, volbegroeide kloven en watervallen. We hebben de bekendste bezocht met een lange afdalende (nadien stijlstijgende helling) wandeling : Erskine Falls. Adembenemend prachtig in een tropisch klimaat (vochtige warmte). Bij het afdalen naar de onderkant van de waterva hoorden we van ver Hari Skishna (of hoe je het ook mag schrijven) muziek weerklinken. Indische Hari Krishna’s op teensletsen en omwikkeldn met doeken, met instrumenten en versterkers... Bizarre mesnen.

    En plots, toen ik toevallig even naar boven keek, hing er een koala in een boom : hup stop, handrem en fotokes pakken van da beestje. Op onz eterugweg naar beneden richting strand zagen we plots een straat met als naam “Gay Street”. Hilarisch.

    Nadien reden we verder richting Apollo Bay waar we iets weg van het drukke strand een lunch (zelfgeplakte boterhammekes) hebben benuttigd en waar we op de parking werden aangesproken door een heel fijn koppel : gescheiden man met zoon. Man is farmer en aannemer in het bouwen van bruggen, wegen en ... Heel simpathiek.

    De nieuwe partner had Brugge reeds bezocht tijdens een rondtoer door Europa met bezoek aan Nederland, Frankrijk, Oostenrijk, Zwitserland en Duitsland ... gedurende 4 weken.

    Plots beseften we dat het al 14u50 was, tijd om door te rijden, want we willen voor “den donkere” in Warrnambool arriveren en we moeten nog zoveel zien...

    Langs onze weg stopten we natuurlijk bij de 12 Apostelen : prachtige rotsformaties, adembenemend zicht, maar wat een hevige wind. Even gingen we checken wat een helikoptervlucht langs deze natuur kostte. We vielen bijna omver : korte vlucht van 5 minuutjes kostte al gauw 95 Dollar PP, van 10 minuten was het al 195 Dollar PP, 20 minuten liet al gauw een gat gapen van 295 Dollar ... enzovoort... Té duur, degoutant !

    Tegen de avond, rond een uur of 18 zijn we dan aangekomen in onze slaapplaats genoemd “Warrnambool Holliday Park” in de Simpson Street (J). Het buikje gromde hevig, dus besloten we verder door te wandelen, met plan, naar de restaurant straat (Liebig Street) om zo’n 3km van onze camping. Te voet moet zeker lukken, besloten we, tot wanneer God dan weer hevig de hemelsluizen opende en we wijs terugkeerden om met de camper naar deze resto-straat te trekken. Het werd Mexicaans (Fajittas) met 1 liter Sangria. Lekker en goedgekeurd.

    De dag is weer om en dus is het tijd om de ogen te sluiten, zoals meneer de uil altijd zegt. Glaasje wijn en dan slaapwel.

    En ja, ’s ochtends er weer uit om 8u00. Deze keer hebben we geweldig goed geslapen en zijn gewekt door een speciaal vogelgeluid. Ik moet toegeven dat het aangenaam was.

    Na een boken en warme douche zijn we vertrokken ricting Mount Gambier. We hebben niet de bekende Great Ocean Road gebomen, maar eerder de minder bekende weg via Heywood en allerlei kleine dorpjes. We ontdekten de wijdsheid van Australië, maar ook het feit dat sommige farmers wel heel mooie luxe-boerderijen met immense landen bezitten. Deze route wordt blijkbaar ook heel frekwent bereden door de grote truckers. Langs de weg ontdekten we dat iedereen goeiedag zij aan ons (handje omhoog bij het passeren). Dus wij begonnen er ook aan. 1 feit is zeker : dit gebaar past iedere Apollo-driver toe bij het zien van een andere Apollo-mate. Neig !

    Na een goei 150km kwamen we toe in Mount Gambier met zijn mooie lakes (Blue Lake is de meest bekende). Prachtige ervaring; Vele foto’s gemaakt en dan doorrijden richting Naracoorte met een kleine lunch-tussenstop (een overmalse gebraden kip) om duimen en vingers af te likken.

    In Naracoorte zijn we de “caves” gaan bezoeken. De site bekend om haar archeologie en oud-Australië onderzoek. Ik keek er echt naar uit, maar kan jullie vertellen dat het niet veel wauw-effect heeft. Té gemaakt, té gekunstled voor toerisme.

    Onze Totof vraagt zich nu nog altijd af hoe ze deze grotten hebben gevonden in the middle of no where...

    Via onze Australische gps hebben we dan een camping gevonden “Naracoorte Big 4 Holliday Park”.

    Weer ontmoeete we een zeer aangename dame aan de receptie, die alle moeite deed om ons te ontvangen en ons op ons gemak te voelen. Bij het buitengaan van de receptie ontmoette we Garfield de eerste Australische kat die we zagen. En weet je wat deze vetzak deed : jagen achter vogels ... en weet je wat... onder onze neus heeft hij toch wel 1 vogel gepakt en zitten oppeuzelen zeker... De vetzak !

    De Australiërs zijn zeer sociaal en vriendelijk. Europa kan er veel van leren. Europa kan – by the way – eveneens heel veel leren van de toilet- en douchehygiëne. Echt indrukwekkend in welke luxe je jezlef kan opfrissen in een camping. Zelfs de openbare toiletten waren zeer proper.

    Het werd tijd om onze vuile was te doen, dus naar de laundry en 2 machines laten draaien : 1 gratis, want onze voorganger had zijn programma niet afgeweerkt (mooi meegenomen), een 2de voor 4 Dollar. Lap geen coines genoeg. Ikke de Rutten naar de receptie gestuurd om geld in te wisselen, maar toen kwam plots de klusjesman (immers de echtgenooot van mevrouw receptie) binnen.

    Het tetteren sloeg weer aan in volle vaart : van waar zijn we, wat doen we hier, wat is ons beroep... en toen wisselde hij – door 1 machine te openen – 5 Dollar in voor 5 coines. Ondertussen was de Rutten back in town en is hij diene meneer beginnen helpen bij het herstellen van een droogkast (en luister nu goed !) die op butaangas werkt. Jaja, inderdaad.  Maar ze hebben ze niet aan de praat gekregen. Machien kapoet ! Ondertussen was de was gedaan en gedroogd via de 2de droogkast die gelukkig wel werkte.

    Dorst dat we ervan hadden gekregen, zijn we op een pint gevlogen in onze strandstoelekes langs onze camper onder de bomen vol met van die vogels die een raar lawaai maken (weet je nog); Awel het zijn kaketoes. Dat krioelt hiervan.

    Als dinner zijn we afgezakt naar “citycenter” zoals de receptiemama ons verteld had. Veel city was er ni aan, het kan 6 keer in Merchtem... maar ja... Geen kat op straat, 3/4 gesloten. Maar er was er nog 1the open. Wij binnengevallen. Een blijkbaar typische Australische bar-resto waar we weer als Goden in Frankrijk werden ontvangen en waar ik aan den toog, voor het bestellen van de wijn, de wijn mocht degusteren : Malone van 2008. Een zeer donkere lokale (bijna zwart van kleur) rode wijn. Zalig genoten met een T-Bone en een penne van Mac (lokale specialiteit).

    Nu zitten we in onze camper met een laatste glas wijn en volle stilte rondom ons (zelfs de kaketoes slapen al).

    Ik hoor het jullie al vragen : “En hebben jullie al springende kangoeroes in ’t wild gezien tijdens jullie wilde tochten langsheen binnenwegen ?” Hte antwoorrd is : jaja, al 2, maar alleen lagen ze dood langs de weg L sorry.

    Slaapwel !

    De volgende ochtend vanaf 8u00 al uit bed, na ontbijt en douche richting Keith. Keith is een heel klein dorpje in the middle of no where, waar we een lekkere koffie hebben gedronken en wat naar de lokale mensen hebben zitten kijken. Wat opviel was dat hier heel veel dikke mensen rondlopen en ja achter de toog van het koffiehuisje stond een lesbische en bibi had weer eens prijs.

    Plots kwam er een Marina met een Marinabak aangestormd. De wagen was een pick up met 2 giga-antennes vooraan aan de buffelbumper van wel 2 meter hoog. Gieren van ’t lachen !

    Van Keith via binnenwegen naar Kingston. Op deze wegen, net zoals we al opgemerkt hadden eenmaal we afwijken van de hoofdwegen, komen ze hun brievenbus leegmaken met de wagen. De brievenbussen zijn zodanig geplaatst dat je er gemakkelijk met je auto kan rondrijden om je post eruit halen zonder uit te stappen.

    Kingston : een mooi pitoresk stranddorpje aan een helderblauwe-groene zee met prachtige ongerepte witte stranden.  We liepen langs een postkantoor, dat zo oud als de straat wasen met honderden kleine brievenbusjes over een muur van 10m lang en 1,5m hoog. Grappig zicht.

    Het was 13u00, na een kleine wandeling besloten we dus een boken te eten. Na de boterham trokken we verder via de Princess Highway langsheen uitgestrekte landen en vele salt lakes. Adembenemend. Plots zagen we pelikanen voorbij vliegen en in the lakes peddelen en viskes pakken. Impressionant : ik maar fotokes trekken J

    We besloten “aan te meren” in Meningie in een 5-sterren Holiday Park langs Lake Albert : rustig en fel bezocht door onze pelikaan-brothers en –sisters J. Tijd zat om mooie foto’s van hen te maken.

    De natuur is hier adembenemend, zo adembenemend dat ik per malheur met fototoestel voor de neus in een mierennest ben getraptmet als resultaat dat er honderden miertjes aan mijn voet zaten te knabbelen. Ze dachten waarschijnlijk dat het een reuze stuk kaas in een teenslets was J. Wel pijnlijke ervaring, maar allée we zijn meer gewoon.

    Randbemerking : in alle Holiday Parks (campings bij ons genoemd) zit het vol met senioren. Weinig kinderen of jongere mensen. Opvallend.

    Vandaag hebben we 2 koala’s gezien, maar weer eens lagen ze dood langs de weg. Ik spotte ook kangoeroe’s, maar we zijn niet kunnen stoppen, gezien de gevaarlijkheid van de wegen hier. Zielig als je al die dode beestjes langs de weg ziet liggen, terwijl je dan de ene zware vrachtwagen na de andere met buffelbumpers ziet voorbij razen tegen 100km per uur.

    Na onzen apero besloten we op resto-jacht te gaan. Het enige open en beschikbare resto in het straatlange en brede dorp werd gevonden : eureka ! Het was wel even schrikken, want de bediening gebeurde door Miss Yeti. Echt waar, wat een rare snoet vol haar dat die juffrouw had. En het restaurant leek ook al niet te proper, dus we begonnen naar elkaar te kijken en ons af te vragen wat we op ons bord gingen geschoteld krijgen... Dat meisje was zo lelijk dat Christophe zelfs haar mooie castanjebruine ogen zag. Ik wel. J Maar de bevestiging dat je nooit mag vooroordelen, maar eerder mag oordelen, want het eten was super. De Rosé-wijn uit de streek – Lindemans – eveneens.

    De kokkin was een reuzin waar je absoluut geen ruszie mee wil hebben, geloof me. Haar handen en voeten waren groter dan die van Totof !

    Het valt op dat Australiërs gewoon zijn grote porties te eten. Ik heb mijn bord niet leeg kunnen maken en nochtans weet iedereen dat ik een heel goede eter (en drinker, ja ik weet het) ben... Maar mijn overbuur bood zich maar al te graag aan om ook mijn bord te finishen met de opmerking : allée ni slecht voor een entrée. Wat lag er allemaal op : 2 lamsbouten, 2 dikke reuzechipollata’s, 1 entrecôte van ong. 200gr en dikke frieten.

    Bon, na het eten druipten we nog ne bruine baar op zo’n 10m verder binnen. De leste drinken, hé.

    Lap, wat viel op, is dat Mister Yeti de bediener was en dat Miss Yeti via een achterdeur ook even kwam piepen. Beide etablissementen communiceren blijkbaar met elkaar. Mister Yeti kwam onmiddellijk naar ons toe – al grimmassend, want die armeman had dan ook nog een tik in het gelaat waardoor zijn mond vele malen van links naar rechts trok, een bizar zicht. Om schrik te kijgen.

    Maar wat bleek, Mr. Yeti kent België, jaja, en zo goed zelfs dat hij weet dat in het Noorden de Vlamingen en in het Zuiden de Walen leven en dat ze elkaar niet verstaan. We hebben hem natuurlijk trachten uit te leggen dat het niet verstaan eerder op politiek niveau ligt, maar we hebben het opgegeven. Te ingewikkeld voor deze mens, zijn tics begonnen helemaal tilt te slaan J het was wel verrassend dat hij de woorden “de rekening” en “l’addition” kende. Neig ! In het hol van Pluto spreken ze Nederlands en Frans. Na een glas lekkere rode wijn, die Mr. Yeti voor ons speciaal had gekozen zijn we dan in onze camper gekropen.

    Ah ja : vergeten te melden dat we langsheen die “outside” streets in niemandsland vele speedways en renbanen (voor paarden en windhonden) voorbij zijn gesnort. Australië is een mysterieus veelbedend land. Je gelooft je eigen ogen niet !

    Allée sloppel.

    Vanochtend naar Strathalbyn gereden (weer een klein schattig dorpje) via Wellington met kleine gratis overzet. Wellington komen je binnenrijden en na 2 kruispunten ben je er al voorbij. Grappig.

    Koffie is leeg, nu gaan we verder door naar Victor Harbor.

    Aangekomen in Victor Harbor valt het ons onmiddellijk op dat dit geen klein dorpje is zoals onze voorgaande. Een heel mooi dorp gelegen aan de Encouter Bay. Weer helblauw water met lichte tot goeie bries. Eenmaal de camper geïnstalleerd besloten we een knappe wandeling te plaatsen langsheen het towncenter en de promenade. In deze stad – net zoals in Strathalbyn – worden de soldaten enorm geërd en herdacht. Ook hier vind je een Soldiers Memorial Garden. Mooie tuinen met kleine monumentjes waarop alle namen van alle vechtende soldaten van WOII schitteren op goudkleurige platen. Bij onze wandeling hebben we eveneens Granite Island bezocht. Een klein eilandje dat verbonden is door een houten wandelpier, die momenteel in hestelling is en waardoor je hem te voet dient te bewandelen. Normaliter wordt het eiland bezocht door een tram getrokken door paarden, maar door de werken kon dit niet. Op Granite island komen ’s avonds eveneens de kleine wit-zwarte pinguins uitrusten. Ze “springen” aan vanaf een uur of 19 à 20.

    Tussen mei en november organiseren ze hier eveneens verscheidene boottochten in de Encounter Bay om walvissen, dolfijnen en zeeleeuwen te bewonderen.

    Na een stevige wandeling op het eiland en in Victor Harbor zochten we een gezellig terras op om na te genieten met een goei lokaal pint. Het was happy hour en je kon een pint drinken voor 4 Dollar (normaal 8 Dollar) en er was een wedstrijd waarbij je een quad kon winnen bij het drinken van 4 pints met het invullen van je naam en gsm-nummer op een papierken. Dat hebben we dan ook gedaan. Stel je voor dat we nu uitgeloot en gebeld worden... De eerste vraag die reist : hoe pakken we diene Quad mee naar Belgenland ???

    Na enige minuten genieten kwam er een ouder koppeltje naast ons plaatsnemen met 3 hondjes. De dame sprak me onmiddellijk aan en vroeg of ik zo lief wou zijn om de kleinste (heel verlegen) trachten aan te raken, want ze komt uit een asiel en moet iets meegemaakt hebben in haar klein leventje, want ze heeft een grote schrik van alle mensen en gromt naar iedereen... Jaja, behalve naar mij en Christophe. Ze liet zich zelfs even strelen door me. Die dame was in de hemel en we slaagden aan den babbel. Zij is Ierse, hij is Brit. Zij is op haar 18 jaar naar Adelaide gekomen om een tante te bezoeken en is gebleven (ik kan haar begrijpen) en hij was een zakenman en heeft eveneens op één van zijn vele zakenreizen besloten in Adelaide te blijven wonen. Ze hebben elkaar leren kennen tijdens een wandeling (georganiseerd door een wandelgroep waar ze beiden waren ingeschreven). Het is de man’s 2de echtgenoot. Wij vertelden dan weer onze kan van het verhaal en onze ervaring en onze afkomst. Wat dacht je : de dame had eveneens België bezocht tijdens haar kinderjaren omdat haar opa gelegerd was in België en ze heeft Brugge bezocht.

    Nu wonen ze hier. Net zoals vele oudere mensen, hadden ze hier eerst hun buitenverblijf en hun hofdverblijf in Adelaide. Ze kwamen hier om uit te rusten tijdens weeekends en vakantiedagen tot ze besloten hier permanent te blijven wonen. En dit is de reden waarom we in vele dorpen in deze regio veel senioren tegenkomen, want het koppel vertelde ons immers dat vele senioren genoeg krijgen van Adelaide en naar de buitendorpjes trekken om hun oude dagen te slijten.

    Toen we vertelden dat we gepland hadden om de McLaren Valle te bezoeken voor het proeven van de wijn, bevestigden ze ons dat dit de juiste keuze was en raadde ze ons ook aan om Woodstock Valle te gaan bezoeken. Ze vertelden ons ook dat het aantal pinguins dat op het eiland aankomen de laatste jaren steeds lager en lager wordt? Vroeger waren het er duizenden, nu amper nog 100 !

    De vraag die we ons met zijn vieren stelden, is “wat zoude reden nu zijn : de climate-change ? De zeeleeuwen die de pinguins meer aanvallen ? De vervuiling van de oceaan ? De vraag bleef onbeantwoord.

    Om terug te komen op Woodstock : deze wijngaard vindt je blijkbaar niet op de kaart, maar het is een zeer gezellige wijngaard waar je met hap en drank ontvangen wordt. Dit wordt dus onze planning voor morgen vooraleer we doorrijden naar Adelaide.

    Het valt ons trouwens op dat het weer beter en beter en warmer en warmer wordt des te korter we bij Adelaide komen.

    Plots reed er een luidruchtige Johnybak voorbij. Ik vertelde hen dat “bij ons” dergelijke wagens en jongere mensen bestempeld werden als een “Johny”. Hier worden dat “Hoons” genoemd. Grappig.

    Ze wezen ons eveneens een goed Italiaans restaurant aan, toen we dit vroegen, net rechtover onze bar. Zij besloten “home” te gaan for dinner en wij de straat over te steken. Bij het eten (pasta voor Totof en vis met Thaïse rijst voor mij : trouwens overheerlijk gekruid met gember) dronken we een McLaren wijntje. Lekker dat dat was. En dan wandelden we weer voldaan naar onze camper om de oogjes te sluiten.

    ’s Ochtends weer voreg uit bed en naar verschillende dorpjes langsheen de kust rijden, was het plan. Eerst naar Cap Jersey, waar we overmorgen de ferry naar Kangoeroe Island nemen. Zo hebben we al een idee. Het idee was zeer simpel in te vullen : een niemandsdorp dat duidelijk leegloopt; Nog geen 200m2 groot, schat ik. Delamere : nog kleiner, ne scheet groot. Normanville voor een koffie : mooi klein seniorendorp met veel aandacht voor de vele soldaten die hun leven hebben gelaten voor WOII. Yankalilla : ongeveer eenzelfde dorp als Normanville, minder gezellig, kleiner. Willunga : doorgevlogen zonder dat we het beseften, zo klein was het J. En dan eindelijk Mc Laren Valle : direct naar de informatiesite : hop brochuurken meegepikt met het adres van Woodstock. Mo ho, eerst boken in ons maag duwen zenne, kwestie van een fondke te leggen.

    Woodstock : inderdaad een kleine lieve wijngaard, straatoud, met achter den toog een jonge praatgrage kerel die dewereld wil verzetten op de planetenkaart J Hij is 1/3 Italiaan, 1/3 Auistraliër en 1/3 Joegoslaaf. Man man man, wat kon hij praten, wil naar Europa, Italië, want zijn familie woont daar, is ni zo intelligent zegt hij, kent zijn talen niet, heeft al veel geld verdiend maar ten koste van zijn relatie, gezien hij tot 60 uren per week heeft geklopt.... blablablablabla, en terwijl wij (later alleen ik, want diene van ons is bob) ons alle rode wijnen van Woodstock heeft laten proeven... De Brit van Victor Harbor had gelijk : zeer fijne wijnen, zeer fijn.

    Bij het weggaan heb ik de jonge kerel van 24 jaar als raad gegeven eerst nog wat ervaring op te doen en de taal van het land waar hij naartoe gaat te leren . We sloten af met “nice talking to you” en “good luck, mate”.

    Vandaaruit vertrokken we naar AdelaÎde, alwaar we incheckten in de volgend Caravan Park “Rockwood”. Alles afgedropt, den bus op richting city.

     

    Adelaïde : de festivalstad, druk, rumourig, geen stijl, veel te veel kerken tussen smakeloze buildings en een mengelmoes van mensen... De eerste indruk was niet ok. We hebben vele straten afgelopen, heel wat kantoren, heel wat winkels en dan een resto-bar straat, met nog steeds hetzelfde lawaai en dezelfde drukte. We besloten onze avond met Thaïs en een mooie “moon-view” over Adelaïde.

    En dan kwam de kat op de koord : waar moeten we weer diene bus pakken richting onze camping ? Het is de 171, dat weten we... maar ondertussen was het al donker, dus alles leek anders...

    Stap-voor-stap en kramp-voor-kramp. Yes een bushalte waar hij “blijkbaar” naar ons gevoel zou moeten stoppen en ja, daar is hem, oei bijna voorbij. Loop-loop-loop – ook dan nog.

    En dan relax achteraan de bus in de airco.

    Opvallend ding : iedereen die de bus verlaat, zegt dank u aan de chauffeur. Wat een mooie blijk respect voor elkaar. I like it.

    Ik heb de route trachten te volgen op de kaart en geef plots teken aan de Rutten om te bellen. Hij vindt dat het nog niet nodig is, want hij heeft “de lichten” nog niet gezien (ik vroeg me af over welke lichten hij het had).  Dan zag hij lichten en besloot dat het hier was. Doh ! Niet dus.

    Even de chauffeur geconsulteerd en wat bleek : de Rutten had beter naar zijn vrouwken geluisterd en vroeger gebeld, want we waren al 5 haltes te ver.

    Dus we hebben een keer-ne-keer-weer bustrip extra en gratis mogen doen (dank u meneer de buschauffeur die zelfs geen dienst meer had en ons toch nog mee opgepikt heeft).

    We zijn goed en wel in onze camper geraakt voor ne goeie dodo.

    Vanochtend hebben we dan na ons ontbijtje alles netjes opgeruimd, zijn we nog even naar Glenelg gereden : een zeer aangenaam en rustig dorp net buiten Adelaïde getrokken voor een wandeling op de dijk en op de pier en een smakelijke koffie. Ook hier maken de mensen veel lawaai : ze praten gewoon heel luid. Ik begrijp de senioren die meer en meer Adelaïde ontvluchten, echt waar.

    Ingecheckt in ons hotel RendezVous : een suite met bad in kamerzicht op 13de verdieping, een zwembad en jaccuzzi. Wat een luxe nade campertocht. Wordt geapprecieerd.

    Camper uitgeladen, kamer volgeladen, camper binnengebracht bij Apollo, waar ze ons lieten weten dat het zelden is dat ze de camper zo proper terug ontvangen (pluim voor de Ruttens) J

    Via de bus terug in ons hotel, waar ik nu eerst de blog aanvul, zodat jullie weer wat lectuur en pictuur hebben... en dan plons in zwembad en jac, wees maar zeker !

    Morgen gaan we Kangoeroe Island onveilig maken voor 2 dagen met wagen. We kijken er al naar uit en hopen jullie ook ?

    Tot later. Dikke beis !



















    09-03-2012 om 07:59 geschreven door Mowgly  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)


    Archief per week
  • 26/03-01/04 2012
  • 19/03-25/03 2012
  • 12/03-18/03 2012
  • 05/03-11/03 2012
  • 27/02-04/03 2012
  • 20/02-26/02 2012

    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Blog als favoriet !


    Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op https://www.bloggen.be - Meer blogs