Inhoud blog
  • 3. Alaska in 't kort
  • De Dempster Hway - geschiedenis - ons verhaal - permafrost
  • Rijden in Canada
  • Churchill - zijn ijsberen en info over ijsberen
  • Lewis en Clark en de Oregon Trail
  • Goldrush en Chilcoot trail
  • DOI - grondbeheer BIA - BLM - Nationale Parken
  • Montgomery Alabama
  • I have a dream
  • rijden in de VS
  • De voorbereiding
  • Van NY via de kust van New England naar Canada
  • Canada Info
  • allerlei info over reizen
  • Verenigde staten: INFO
  • Onze eigen camper overseas
  • Wat anderen over ons weten
  • THAILAND EN LAOS jan/feb 2005
  • TUNESIE -Sousse El Hana Beach hotel
  • TENERIFE feb 2004
  • ZUID INDIA - de fotoalbums
  • Zuid India - het vertrek
  • Badami
  • Hampi
  • Bangalore
  • Mamallapuram
  • Pondicherry
  • Auroville
  • Thanjavur - Tanjore
  • Tiruchirappalli - Trichy
  • Madurai
  • Zuid India - the Backwaters
  • Kochi - Cochin
  • Zuid India - naar Ooty
  • Nationale Parken
  • Mysore
  • Belur
  • Halebid
  • tempelfeest op de terugweg
  • Naveen beach resort Murudeshwar beach
  • straatbeeld India
  • mensen in de tempels
  • eten in India
  • markten
  • onze chauffeur
  • stenen kappen
  • Zuid India - ambachten - van suikerriet tot suikerklomp
  • Zuid India - rijst
  • Zuid India - ambachten - touw maken
  • Zuid India - ambachten - stenen bakken
  • EGYPTE dec 2000
  • bijlage verslag
  • VS ATLANTA Oct nov 2000
  • MALLORCA sept 2000
  • GRIEKENLAND kreta mei 2000
  • DOMINIKAANSE REPUBLIEK jan/feb 2000
  • 1 CHILI tot Vuurland
  • 2 Vuurland en noord tot Villarica
  • 3 Villarica noord naar Antofagasta
  • 4 Antofagasta naar San Pedro en terug tot ChiuChiu
  • 5 terug zuidwaarts, nog 2x de Andes over en naar huis
  • gletsjers
  • NIEUW ZEELAND zuideiland
  • NZ Noordeiland
  • NZ Rotorua - geothermiek en Maori
  • De Maori
  • rijden in Nieuw Zeeland
  • AUSTRALIE Brisbane zuid tot Warnambool
  • AU Warnambool via Stewart Hway naar Darwin
  • AU van Darwin via Cairns naar Brisbane en thuis
  • Platypus
  • ZUID AFRIKA BOTSWANA NAMIB najaar 1998
  • THAILAND MYANMAR CAMBODJA VIETNAM voorjaar 1996
  • PAKISTAN najaar 1995
  • ZIMBABWE Mei 1995
  • SRI LANKA voorjaar 1994
  • MALEISIE EN THAILAND januari 1994
  • INDONESIE - fotoalbums
  • Indonesië 1993 - het verhaal.
  • THAILAND - de kennismaking
    ribbe2
    teksten
    22-02-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.3. Alaska in 't kort

     

    Image hosted by Photobucket.com

    blij weerzien in
    Tok


    Eigenlijk hoort het bij de Verenigde Staten maar 't is zo heel anders dat ik er ook  apart iets wil over schrijven.
    Alaska dat was voor mij 't einde van de wereld, overdekt met een dik pak sneeuw en waar het zowat altijd vroor.

    35°C was het toen we de grens Yukon/Canada naar Alaska overstaken en onze klok nogmaals één uur terugzetten. Na een paar uren rijden stoppen we in Tok en ontmoeten er Luc Soetaert een rasechte vlaming die op zijn fiets van Alaska naar Ushaia wil. Toen we na onze rondrit door Alaska en voor we de Top of the World wilden aanvangen in Tok op 't Visitor center langs gingen voor verdere informatie over de toestand van de baan lag daar een bericht op ons te wachten. Jos en Germaine, onze beste vrienden, waren met hun MH in de buurt. Wat een weerzien.

    't Eind van de wereld (?) waar Vlamingen en vrienden mekaar ontmoeten onder een brandende zon.
    Tok is dus een plaatsje op de kruising van routes met info, hulppost, benzinestations/garages, school en kerkje en een paar blokhutten.
    Alaska is nog steeds één grote wildernis en er zijn slechts weinig wegen.
    De grote baan Tok - Fairbanks - Anchorage en terug naar Tok is geasfalteerd maar steenslag is een groot probleem. De rest zijn gravel roads en de toestand voornamelijk afhankelijk van 't weer.
    De gravelbaan Fairbanks naar Prudhoe bay waar olie gewonnen wordt is nu ook voor 't publiek opengesteld. De baan diende voor aanleg en 't onderhoud van de pipeline.
    Waar ge ook kijkt ziet ge met eeuwige sneeuw en gletsjers bedekte bergen. Beren en elanden steken regelmatig de baan over en 't is dus oppassen bij 't vallen van de avond. Rivieren en meren zijn er in overvloed en er is geen dag voorbij gegaan zonder dat ons verse zalm werd aangeboden. Op vele plaatsen wordt nog gevist met viswielen op de rivier. Overal wordt ook heel secuur de zalmen geteld die in de paaitijd de rivier op zwemmen.Op Homer Spit ziet men vissers met heilbotten die groter zijn dan zijzelf.
    Een pick-up is de familiewagen die voor alles dient... vooraan op de motorkap zijn 4 tot 6 vishengels te zien, achteraan hangt meestal een boot, een 5th wheel=een camper er bovenop gebouwd of zelfs een helicopter. Vele plaatsen zijn over de weg niet te bereiken - vliegtuigjes zijn er dus een veel gebruikt vervoersmiddel. Op vele plaatsen hebben ze zelfs voorrang op de openbare weg om te landen.
    Valdez de grote overslaghaven die bij ons bekend werd door het ongeval met de Exxon Valdez
    Skagway en de Chilkoot pas- de route voor de avonturiers van de legendarische Klondike Goudkoorts van 1898 en de zovele plaatsen die aan die periode herinneren. De eerste trein - de eerste nederzettingen.
    De nationale parken Wrangell maar vooral Denali lieten een zeer diepe indruk na.
    Een hele strook Alaska ligt tussen Canada en de Pacific en is over land bijna niet te bereiken - daar is het glacier bay NP dat wij spijtig genoeg niet konden doen.
    De grootste attraktie voor ons was Hyder helemaal in 't zuiden. Alleen te bereiken vanuit Meziadin Junction in Canada. Hier komt half augustus de zalm binnengezwommen en de beren komen uit de bergen om zich te vetten voor de winter. National Geographic in levende lijve als ge die machtige beesten ziet zalm vangen. Meestal wordt alleen het vel en het daaronderliggend vet verorberd de rest laten ze liggen.
    De steden hebben weinig charme. Gebouwen hebben vooral een beschuttende functie en hebben weinig kleur. Anchorage is groot in oppervlakte maar lijkt een provinciestadje. Fairbanks heeft wel een paar mooie oude gebouwen. Veel dorpen hebben gewoon een houten keet die dienst doet als gemeentehuis, post en school. Maar overal is wel internettoegang...
    De mensen: Er wonen nog heel veel native-people en afstammelingen van de Russen. De meesten zijn heel vriendelijk maar wel wat terughoudend - eens het ijs gebroken kan het niet op. Ze leven eigenlijk wat naast mekaar. Opvallend is ook de vele dorpen die onder hun eigen recht functioneren.
    Het zijn ook gokkers. In Talkeena wordt jaarlijks een driepoot met vlag op 't ijs gezet en er wordt grof gegokt op de tijd dat het ijs zal breken en de driepoot sneuvelen. Als de eerste barsten verschijnen is er dag en nacht volk en worden er grote lampen aangestoken want 't gaat om heel veel geld.
    Het andere grote evenement zijn de sleehondenraces waarvan de beroemdste en langste de Iditarod Trail. Honden worden er dan ook zeer goed verzorgd en vele kennels kan men bezoeken.

    Image hosted by Photobucket.com
     Voor mij was Alaska een openbaring met een enorm gevoel van   vrijheid en rust. 
     Er was heel wat te beleven en de geschiedenis boeide.


    Een paar websites met info:
    Alaska
    http://www.dorizon.nl/amerika/ame_staten_alaska.htm

    goldrush
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Goudkoorts_van_Klondike

    22-02-2007 om 13:14 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (19 Stemmen)
    >> Reageer (2)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De Dempster Hway - geschiedenis - ons verhaal - permafrost
    De Dempster Hway - ons verhaal van de baan - permafrost

    Image Hosted by ImageShack.us

    De Dempster Hway verbindt Dawson City, Yukon Canada met Inuvik ;de Northern Territories.
     
    Hij werd genoemd naar WJ Duncan Dempster. Tijdens de Klondike Gold Rush kwam hij in 1898 naar de Yukon.
    Hij meldde zich bij de RCMP (Royal Canadian Mounted Police) en kreeg al vlug de bijnaam "iron man of the trail" Gwitchin indianen hadden het pad geëffend tot de Peel river waar ze hun lading waren overlaadden op driehoekige vlotten. Later werd het ook de route van trappers en pelshandelaren. Dempster deed met zijn hondenslee tientallen malen deze 760km lange trail, van Dawson City naar Fort Mc Pherson, in de winter, soms bij -40°C. Hij bracht niet alleen de wet maar ook brieven en nieuws naar 't noorden door diepe sneeuw en over bevroren rivieren.
    Van trail tot Hway
    De olie en gas exploitatie was aan explosie toe. In 1958 besliste het Canadese gouvernement een verbindingsbaan aan te leggen tussen de Mackenzie delta en het zuiden. De beslissing stond op papier en dit papier verdween in een schuif.
    Toen in Augustus 1959 in de Eagle plains de eerste olie werd bovengehaald gaf de regering steun aan de olieindustrie en werden ze zich bewust dat ze vlug moesten zijn om die olie ook over land binnen te halen. De pipeline volgde zowat het oude trail en er werd begonnen met de aanleg van een baan.
     Aangezien de ondergrond permafrost is moest er een dikke laag (tot 2,5m) steenslag worden aangebracht zodat ze bij dooi niet zou wegzakken. Het kostte tijd en geld en in 1961 was slechts een deel van de baan klaar en werden de werken stilgelegd.
    Toen in 1968 de Amerikanen in Prudhoe Bay in Noord Alaska begonnen olie te winnen kwam iedereen weer in aktie. Het werd een dollar wedstrijd op hoog niveau tussen de VS en Canada. Er waren zelfs nog geen claims gelegd voor de winning aan de Beaufort Sea en verder in de arctische wateren. Geen geld of moeite werden nu gespaard om de weg verder af te werken. Het leger bouwde bruggen over de Ogilvie en Eagle rivier; veerponten kwamen er op de MacKenzie rivier en over de Arctic Red River. Inuvik was ondertussen uitgegroeid tot een ferme nederzetting.
    Op 18 Aug. 1973 werd in Flat Creek de eerste "all weather" baan in de Northern Territories ingehuldigd


    Ons verhaal


    Zouden we of zouden we niet - 1300km over een gravelbaan die, volgens horen zeggen, soms goed, soms bar slecht is? Onze nieuwsgierigheid wint het. We hebben immers tijd zat. In Dawson city gaan we errst langs het warenhuis en de benzinepomp. Het zal immers duren tot Eagle Plains voor we enige voorraad kunnen indoen.
    Wat er onderweg allemaal te zien is zou me te ver brengen en 't is allemaal al eens geschreven in vele reisgidsen.
    Aan de afslag naar de Dempster is het druk. We ontmoeten er zwitsers die een oude ziekenwagen hebben omgevormd tot kampeerauto. De helft van hun huishouden ligt in de graskant en de wagen zelf staat in de car wash stof en modder is het verhaal maar we moeten het zeker doen.
    Onze eerste halte is het visitor interpretation center. We ontmoeten er een jonge dame die hier als parkranger werkt. Ze woont, daar....achter de berg. Ze doet 14 dagen dienst en gaat dan weer naar huis. Als wij zeggen dat we blij zijn met het mooie zomerweer kijkt ze ons meewarig aan. Hier komt haar verhaal.
    De zomer, dat zijn muggen en nog eens muggen. Er is hier nergens iets te zien. De kinderen moeten thuisblijven want ze kunnen niet naar hun vriendjes omdat de rivieren open zijn en men vele kilometers om moet met de slee. Vlees kunnen ze niet bewaren. Zij moet hier 14 dagen blijven omdat van de parkeerplaats van haar auto tot hun blokhut een rit met de hondenslee ligt van bijna 18u. En ze is gelukkig dat ze hier kan komen werken want verder valt er niks te doen.
    De winter, dat is de zaligheid. De lucht is helder en door de sneeuw is er altijd wel klaarte. Mannen hebben werk in de bosbouw; er kan gejaagd worden want tegen de sneeuw steekt het wild goed af;  kinderen kunnen elk met hun eigen hondenslee naar school, zij kan gaan buurten. Elk WE trekken ze er met vrienden op uit in de natuur en gaan kamperen (met tenten!) en vissen en jagen. Als ze thuiskomen kunnen ze villen en invriezen.
    Ze wonen in een grote blokhut. De keuken is gebouwd boven een riviertje zodat ze altijd drinkbaar water hebben. Verwarmen doen ze met hout. Electriciteit maken ze met de generator. Verbinding met de buitenwereld met de radiozender/ontvanger en.....via de satelliet zijn ze verbonden met het WWW. Ze hebben zelfs een aparte bungalow voor gasten en we zijn hartelijk uitgenodigd. Ze blijft vertellen. Ze verwondert zich dat het ons allemaal interesseert want de meeste Dempster reizigers willen zo vlug mogelijk noordwaarts, willen alleen roadmaps en info over de toestand van de baan.
    Daar stond ik dan met mijn mond vol tanden, eigenaar van een huisje met al erop en eraan wat ik kan dromen, snakkend naar de zon en bibberend als het -5°C is thuis....
    In de late namiddag begint het te regenen.Eagle Plains - het regent nog steeds.- tanken en even in het enige hotelletje gaan rondneuzen. 't Zit er vol stoere mannen die instaan voor het onderhoud van de weg.
     De afdaling is smal maar vooral spekglad. Zo willen we niet in de duisternis rijden en zoeken ons een plekske uit waar we wat van de baan af staan (zagen later dan het een verbreding was van de baan daar waar vliegers mogen landen) Een jong koppel kletsnatte fietsers uit Nova Scotia komen naast ons hun tentje opslaan. Ze zijn doodop en wilden Eagle plains halen maar dat is nog vele kmers. We kikkeren ze een beetje op met een kom hete soep.
    Geen regen meer en de zon probeert er door te komen. We rijden rustig en stoppen veel om te genieten of om te bekomen en de banden te controleren als we weer een stuk  zeer slechte baan overwonnen hebben. We verwonderen ons over de stilte en hoe hard onze stemmen klinken in deze zuivere lucht.. gek gevoel.
    Fort McPherson - een kleine nederzetting met een klein visitor center en een grote winkel waar ze vooral "tenten" maken en verkopen.- echte trapperstenten - met klanten over heel de wereld.
    Sommigen kennen misschien het boek/de film "the lost patrol" waarbij een patrouille van de RCMP in de sneeuw de richting verloor en weken ronddoolde en de leden later dood aangetroffen werden op een boogscheut van het fort. Hadden ze nog de kracht gehad om te roepen, ze zouden ze in het fort hebben gehoord.
    Inuvik. De omgeving was vroeger enkel bewoond door Inuit. Het stadje zelf is nu een mix van Inuit, gastarbeiders en Canadezen uit andere regionen die de toeristische industrie draaiende houden. De Inuit houden niet zo van de comfortabele huisjes die de Canadese regering hier heeft ingeplant. De buizen voor aan- en afvoer van water liggen boven de grond om breuken te voorkomen en lijken wel op de buizen van 't atomium. Er is een groot verwarmd "greenhouse" waar ieder een eigen lapje grond kan bewerken. Men zou denken dat ze hier de zo dure groenten zouden kweken..niks van, zelfs geen tomaat, maar wel heel veel bloemen. De kerk is gebouwd in de vorm van een iglo. In het visitor center is veel handwerk te koop van de indiaanse kunstenaars maar peperduur. De artiest zelf krijgt hier echter weinig van - ze zijn verplicht een bepaald aantal werken per seizoen te maken en die voor een habbekrats af te staan aan de cooperatieve. Er is ook een paal met sensor in de grond gedreven zodat men kan aflezen hoe dik de permafrost laag is...En ja, ook in deze uithoek kan men als toerist in de public library gratis gaan internetten.
    Verder rijden tot Tuktoyatuk is een hele opgave over een baan met een laag zand van 5cm. Na een paar km geven we het op ...
    Nu nog 671km terug. We kunnen nog alleen door de voorruit en de kleine zijvensterkens van de kabine zien- de rest draagt een korst slijk. Nabij  het monumentje van de poolcirkel zien we plots een familie grizly's, ook deze dag kan weer niet meer stuk.  Als we aan 't einde van onze Dempster Hway rit zijn doen we lijk de Zwitsers....stof vegen en auto wassen -  onszelf goed inzepen en afspoelen...een mooi plekske zoeken, de zetels buiten en nagenieten van 6 dagen hoge noorden.

    Permafrost

     

    Huis in Dawson City gebouwd tijdens de goldrusch. In dit stadje zijn buiten het centrum heel veel van deze voorbeelden te zien.
    Het centrum zelf is gerenoveerd en grotendeels heropgebouwd als pioniersdorp.


    De naam permafrost wordt gegeven aan het verschijnsel waarbij de ondergrond meer dan 2 jaar bevroren blijft. Dit verschijnsel ziet men rond de polen en in 't hooggebergte.
    Men schat dat 20% van het aardoppervlak permafrost is.
    's Winters is de grond volledig en zeer diep bevroren in Barrow, Alaska,  heeft men ooit een diepte van 400m gemeten.
    In de zomer smelt de bovenste laag. Door het ijs kan het water niet weg en vormt een moerassige bodem. Dit wordt de actieve laag genoemd en daar kunnen mossen in groeien. De dikte van deze laag wisselt elk jaar, naargelang temperatuur en andere externe factoren en kan van 50cm tot 350cm bedragen.
    Bouwen op deze gronden is dan ook niet evident. Vroeger ten tijde van de goldrush en lang daarna werd er geen rekening mee gehouden en binnen de kortste keren waren de huizen en wegen verzakt.
    Voor de aanleg van wegen voorziet men nu een heel dikke laag grind die een paar meters dik kan zijn. Gebouwen plaatst men op palen, vooral ook omdat door de warmte uitstraling het ijs vlugger gaat smelten. Er worden ook huizen op een grindlaag gebouwd waar permanente verwarming doorloopt zodat deze niet bevriest en stabiel blijft.
    De grootste kost bij de aanleg van de Alaska pipeline waren dan ook de stabiliseringswerken

    22-02-2007 om 13:11 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (8 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Rijden in Canada
    Rijden in Canada

    Anders dan in de VS rijden de Canadezen absoluut niet gedisciplineerd. De maximum snelheid is een must en liever nog even het gaspedaal verder indrukken. De politie doet er blijkbaar ook veel minder controle.
    Door Canada loopt slechts 1 grote Hway de trans canadian met hier en daar een paar kleine aftakkingen. Waar de banen in de VS meestal perfect onderhouden zijn, zijn die in Canada, buiten de grote centra, echte slagvelden met gaten en uitgespoelde voegen.
    In Noord Quebec, Britisch Columbia, Yukon en hogerop rijden vooral veel log-trucks en ook die gevaartes willen vlug ter plaatse zijn. Op 2 vaksbanen zijn dan ook iuitwijkplaatsen. Van zodra er 3 wagens achter u rijden wordt ge geacht u op de eerst mogelijke plaats aan de kant te zetten. Claxoneren kunnen ze zo goed als de Italianen en velen gebruiken héél vlug hun middenvinger. Nochtans zijn het doorgaans zeer gemoedelijke mensen als ze niet in hun wagen zitten.
    Als wij in onze achteruitkijkspiegel zo'n mastadont zagen aankomen maakten we dat we vlug zo'n plaatske vonden en zo ver mogelijk aan de kant voor de opspattende stenen.
    Er zijn nog heel veel onverharde banen en na de winter op veel plaatsen roadworks.
    Getuigenissen van de toestand van de wegen: om de haverkap ziet ge uithangborden met windshield repair... tires.... en de afbraakproducten liggen in stapels rond de ateliers en in hun achtertuin.
    Veel kleinere banen zijn er gekomen door de houitindustrie en worden nog intens daarvoor gebruikt. Soms staat aan 't begin van zo'n baan een bord met een telefoonnummer om zich te informeren of de baan vrij is of dat er geen mastodont als tegenligger is... er geen rekening mee houden is levensgevaarlijk .. wie geen mobile bij heeft rijdt best met gedraaide venster en met oog op alle uitwijkplaatsen...
    Een ander gevaar op de baan is het plots overstekende wild: caribou's, mooses en beren... vooral als de duisternis valt en men met lichten gaat rijden. Wij deden het slechts één maal uit noodzaak en 't was heel spannend.
    Denk nu niet dat het vervelend rijden is in Canada. Integendeel, er is veel minder verkeer dan hier en de natuur is prachtig. Ze zijn alleen wat minder heer in het verkeer dan hun zuiderburen.

    22-02-2007 om 12:54 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (13 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Churchill - zijn ijsberen en info over ijsberen
    Image hosted by Photobucket.com Image hosted by Photobucket.com

    Churchill

    Meer dan 1000km noordelijker dan Winnipeg, hoofdstad van de provincie Manitoba in Canada, ligt een onooglijk maar wereldbekende nederzetting aan de Hudson Bay: Churchill.
    Reeds meer dan 250 jaar geleden werd er een buitenpost van de Hudson Bay Company opgezet. De eerste settlers kwamen dan ook via deze weg uit het westen. Er werd een fort gebouwd om de pelshandel van de company te beschermen. Inuit en pelsjagers gingen zich immers korter bij de buitenpost vestigen. In 1929 werd de spoorweg aangelegd en opende zo een kortere weg voor het vervoer van de graanteelten uit centraal Canada. De haven ligt korter bij Europa dan Montreal. Tijdens de oorlog werd een legerbasis aangelegd. De haven is nog steeds van zeer groot belang - de militaire basis werd een luchthaven en raketbasis Er is een studiecentrum en er worden proeven gedaan om satellieten in de ruimte te krijgen.- het spoor heeft wat aan belang ingeboet toen de graanteelt instortte maar is ondertussen fel in trek bij toeristen. Er wonen een 1000 tal mensen in dit noordelijke oord waar slechts Juli en Augustus sneeuwvrij zijn. De meesten werken in de haven, luchthaven, openbare instellingen en het toerisme. De meeste Inuit zijn er langzaamaan vertrokken of zijn door huwelijken met trappers zuidelijker getrokken.
    De voornaamste attractie in deze uithoek is dan ook de natuur, zowel toendra en flora als de fauna. Ze noemen zich de ijsberenhoofdstad ter wereld, de walvishoofstad , de stad van the northern lights enz.  Genoeg dus om vele toeristen te trekken vooral omdat de plek relatief gemakkelijk te bereiken is.

    Hoe er naartoe?

    Van Winnipeg kan men vliegen. Met de trein (VIA rail) komt men er vanuit Winnipig (1600km) in 2 nachten en 1 dag . Over land met de auto kan men ten hoogste tot Thompson vanwaar men nog 1 nachtje trein te gaan heeft. Hoe verder men met de auto gaat  hoe goedkoper de tickets niet alleen omdat de afstand korter is maar vooral omdat hoe noordelijker men gaat alleen de lokale bevolking er gebruik van maakt en er geen andere openbare mogelijkheden zijn. Tickets die 7 dagen tevoren besteld worden geven grote reductie en de trein zit nooit vol...Tot Thompson rijden er ook bussen.
    Dat maakt het dus zo betaalbaar om ijsberen te gaan kijken in Noord Canada in verhouding met de peperdure georganiseerde trips die men in Europa kan doen. (allé als men ginder in de omgeving is)
    Ijsberen kijken: Oktober- November zijn de piekmaanden en is het er zeer druk - ze laten uitschijnen dat ge een jaar op voorhand moet bestellen om een bed te vinden. Is gewoon praat van de touroperatoren die tevoren vluchten en couchettes willen bestellen... September zijn er ook veel mogelijkheden, veel goedkoper,  maar zult ge misschien een dagske langer moeten wachten op een onvergetelijke encounter. De ijsbeer spotting wordt meestal gedaan met tundrabuggy's een soort cabine op rupsbanden. Te voet op pad gaan is absoluut af te raden.
    In Winnipeg Visitor center zijn reductie coupons voor accommodatie en "polar bear watching"

    Het ganse jaar door is er wel wat te beleven in Churchill

    Noorderlicht: september tot April
    Zeehonden: half Maart tot eind Augustus
    Migrerende vogels (tot 50 verschillende soorten) Mei en Juni
    Beluga walvissen: half Juni tot half Augustus
    Caribou's: Juli en Augustus
    Ijsberen: Juli tot November.

    Voor wie het interesseert:

    een Nederlandse site waar veel uitleg te vinden is over ijsberen: http://www.ijsbeer.info/nieuws/201005.htm

    Elk jaar tijdens de maanden Oktober en November is in churchill de webcam aan en kan je van achter uw peceke de ijsberen migratie volgen:
    http://www.polarbearcam.com/

    Ijsberen migreren in de zomer zuidelijk. Ze voeden zich vooral met zeehonden/robben, soms walvisresten en een beetje zeewier. Op land zijn ze nogal log maar in water bewegen ze zich heel gemakkelijk en elegant. Een vrouwtje weegt gemakkelijk 300kg een mannetje 600kg. Zich bevoorraden gaat dus best in de winter wachtend aan een gat in 't ijs of verscholen achter een ijsblok waarbij ze hun met hun poten hun zwarte neus bedekken om zo min mogelijk op te vallen. Ze eten niet de hele prooi maar vooral de huid en het daaronder liggend vet. De ijsbeer is ook het enige dier dat mensen "eet". Als het kouder wordt trekken ze weer noordwaarts en wachten op 't land tot het bevriezen van de zee. Zo komt het dat ze naar de winter toe te zien zijn in Churchill. Daar ze honger hebben omdat er aan land voor hen niet veel eten te rapen valt begeven ze zich regelmatig richting bewoonde wereld met een voorkeur voor afvalbelten. Er is in Churchill een beeralarm opgesteld. Ze worden in vallen of netten gevangen en naar een "berengevangenis" gebracht waar ze zonder eten en zonder verder menselijk kontakt verblijven tot de Hudson Bay begint te bevriezen. Dit om te voorkomen dat ze er een gewoonte gaan van maken om naar het stadje te komen en zich gemakkelijk te bevoorraden.
    IJsberen azen op zeehonden en mensen maar alleen de mens aast op ijsberen... wij zijn hun enige predator...

    22-02-2007 om 12:07 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (6 Stemmen)
    >> Reageer (2)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Lewis en Clark en de Oregon Trail

    De Oregon Trail is een meer dan 3400 km lange route die over land door de Verenigde Staten loopt van Missouri tot aan de monding van de Columbia Rivier aan de grens tussen Washington en Oregon


    Het begin van de Europese kolonisatie van het Noord-Amerikaanse continent beperkte zich vooral tot de oostkust en het zuiden en extreem zuidwesten van wat nu de Verenigde Staten is.
    Na afloop van de Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog bezat de VS een uitgestrekt gebied van New England tot aan Georgia en westelijk tot aan de Mississippi. In 1803 kwam daar het Louisiana Territory bij die van Frankrijk werden gekocht.
    President Thomas Jefferson zond daarna in 1804 een expeditie onder leiding van Meriwether Lewis en William Clark uit om de nieuw verworven gebieden te verkennen en in kaart te brengen. Deze expeditie reikte tot aan de westkust van het continent en verstevigde de Amerikaanse aanspraken op het westelijk deel van het continent.
    Al vrij snel na de expeditie van Lewis en Clark begonnen pioniers naar het westen te trekken. Eerst waren het vooral ontdekkingsreizigers en zogenaamde Mountain Men die vooral op bevers jaagde in de Rocky Mountains. Ook wetenschappers trokken naar het grote onbekende. Later werd het gebied ook aantrekkelijk voor pioniers die zich in het westen wilde vestigen. De Prairies werden niet erg aantrekkelijk voor kolonisatie geacht maar de gebieden in wat toen Oregon Country heette trok wel de aandacht vanwege de gunstige omstandigheden, de grond en het klimaat waren bevorderlijk voor de landbouw.
    Rond 1830 begon de route die de Oregon Trail zou gaan worden meer en meer vast te liggen. William Sublette leidde de eerste huifkarren over de Rocky Mountains en andere pioniers volgde. Marcus Whitman organiseerde de eerste grote trek over de Oregon Trail. Op 22 mei 1843 ging een groep van zo'n 800 pioniers op weg vanuit Elm Grove, een plaatsje vlakbij Independence, Missouri. De groep verplaatste zich in karren getrokken door ezels alsmede ossen allereerst naar het huidige Topeka in Kansas. Daarna zette zij de tocht voort naar het westen waar in de herfst van 1843 ruim 700 pioniers veilig aankwamen in Oregon. Meer dan 30 pioniers hadden zich onderweg afgesplitst en trokken meer zuidwaarts richting Californië.
    In de jaren die volgde trokken honderd duizenden pioniers westwaarts via ruwweg dezelfde route. Er zijn nu nog op enkele plaatsten sporen te vinden die de huifkarren in de modder hebben achtergelaten.
    De tocht langs de Oregon Trail was niet makkelijk voor de meeste pioniers en de meeste vingen de tocht aan in min of meer georganiseerde groepen van tientallen tot soms wel honderden mensen. Sommige groepen trokken met de bekende Conestoga huifkarren getrokken door ossen westwaarts. Deze karren bleken echter weinig geschikt voor de tocht en vaak stierven de ossen met een derde van de tocht nog te gaan. De trek over de Rocky Mountains werden ook vele huifkarren fataal en in enkele gevallen bleven de pioniers in onherbergzaam gebied achter. De meeste bezittingen moesten dan worden achtergelaten en alleen wat gedragen of gesleept kon worden werd meegenomen terwijl het per voet verder ging.
    Al snel schakelde men over naar de Independence huifkarren, geproduceerd door dezelfde firma die de Conestogas maakte. Deze karren waren meer dan drie meter lang en één meter breed en veel lichter dan de Conestoga karren. Deze karren waren niet bepaald comfortabel tijdens de tocht en de meeste pioniers liepen langszij.
    Nadat in 1869 de transcontinentale spoorweg was voltooid nam de Oregon Trail in betekenis af hoewel het tot aan het eind van de 19e eeuw nog werd gebruikt.
    Tegenwoordig volgen snelwegen grotendeels dezelfde route die de pioniers hadden gevolgd.


    22-02-2007 om 11:44 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Goldrush en Chilcoot trail

    YUKON TERRITORY
     
    ‘De Yukon’ kreeg rond de eeuwwisseling ineens bekendheid omdat er goud gevonden werd. Jack London speelde daarin een grote rol door zijn boeken. Voor die tijd werd het gebied nauwelijks bezocht en wist vrijwel niemand wat er te halen viel. In korte tijd kwamen toen goudsteden op als Dawson City en Whitehorse. De combinatie van een spectaculaire maar rauwe natuur en de geschiedenis van deze Klondike Goldrush is het grootste aantrekkingspunt van deze provincie. Als de Tweede Wereldoorlog niet had geleid tot de aanleg van de Alaska Highway (om de continentale VS met Alaska te verbinden), zou het isolement van de Yukon nog steeds enorm zijn. Nu draait de hoofdstad Whitehorse, tevens het regionaal centrum van de provincie, steeds meer op toerisme.
    De natuur hier domineert de mensen. Zoals de provincie het zelf zegt: Yukon Territory heeft 50.000 elanden, 28.000 bosland-kariboes, ontelbare vogels, ten minste drie soorten vliegende eekhoorns, 40 tot 50 biologen en verder nog 32.000 bewoners.
    Kluane National Park, in de zuidwesthoek aansluitend op Alaska en op British Columbia, is het populairste park in de Yukon. In het park ligt het hoogste punt van Canada, Mt. Logan van ruim 5900 meter hoogte. De bergrug waar hij deel van uitmaakt, de Icefield Ranges, ligt in het zuidwesthoekje van het park, op slechts 65 kilometer van de Stille Oceaan. De backcountry, het gebied waar je alleen te voet kunt komen, is vrijwel leeg. De 60.000 mensen die ieder jaar stoppen bij de receptie van Kluane National Park gaan meestal snel verder op de Alaska Highway. In dit stuk wildernis zo groot als Zwitserland, kunt u werkelijk alleen zijn. Er zijn slechts 240 kilometer beschikbaar als wandelpaden of oude mijnweggetjes, de rest is echt wildernis. Voor beschikbare trails zie bijvoorbeeld The Outdoor Traveler’s Guide Canada, door David Dunbar (Stewart, Tabori & Chang, importeur Nilsson & Lamm).
    Wie serieus wil meemaken wat de goudzoekers ervoeren, kan het Chilkoot Trail wandelen. Het wandelpad begint in Dyea, Alaska, en voert over de Chilkoot Pass die voor veel goudzoekers een onoverkoombaar obstakel bleek. Het is nog steeds een tocht van drie tot vijf dagen, alleen voor geoefende wandelaars. Voor fietsers, die ook getraind moeten zijn, is er de Canol Road, een weg op (letterlijk) hoog niveau.
    In het onherbergzame en ontoegankelijke noordelijke gedeelte van de provincie wonen de First Nation-volkeren. In de zomer organiseren zij een aantal festivals om hun cultuur uit te dragen.
    De Yukon warmt nooit echt op. In juli, de warmste maand, is het er gemiddeld zo’n 15 graden en in januari ligt de temperatuur rond de min 20 (met uitschieters naar beneden van meer dan 50 graden Celsius beneden nul). Daar staat tegenover dat het ’s zomers, als de zon niet ondergaat, wel 35 graden kan worden.

     

    Het spoor van de goudzoekers
    door Gé de Bot
     
    Haines en Skagway vormden de toegangspoorten tot het legendarisch beloofde land: Eldorado. Het goudland aan de Yukon River en de Bonanza Creek, de Klondike. In deze vrij droge overslagplaatsen vonden de goudzoekers alles wat ze nodig hadden voor de gouddelving. Hier begon het grote ongemak van de gelukzoekers, nog voordat, in Canada de, 'Klondike Goldrush' (1897 - 1898) uitbrak. Alle gereedschappen, levensmiddelen en persoonlijke bezittingen, tot grote stukken meubilair en timmerhout toe, moesten met een pakpaard of op de rug gedragen, naar boven gezeuld worden. Vertrekpunt was toen Dyea, aan de overkant van de Skagway River. Dat ging via een steil indianenpad, de 'Chilkoot Trail' en dan door de Chilkoot Pass over de top naar Lake Bennett, en Carcross. Eén tocht volstond vaak niet en men moest terug om de achtergebleven goederen op te halen. Sommigen maakte de tocht vele malen. Vanuit Carcross ging het met vlotten of rivierboten over de Yukon naar de Dawson City en de 'Klondike'. Captain William Moore, een goutineerde rivierbootsman, handelaar, vervoerder en landmeter, paalde in 1888 een claim af aan de monding van de Skagway River. Van 'Mooresville' een eenmans-havenhoofd, groeide uit tot Skagwuay met 10.000 inwoners ten tijde van de goudkoorts. Het was een fascinerende ontwikkeling. Hij bouwde een kade en begon aan een eigen, 'gemakkelijke' trail naar Lake Bennett in Canada. Het spoor dat ook voor paarden begaanbaar moest worden, leidde over de White Pass. Vanaf dit punt ging een nauwelijks begaanbare route over het dak van de Coastal Mountains met aansluitend een gevaarlijk stuk moeras-achtig toendrabos. Vier jaar handelde de route al het verkeer van en naar de Yukon af. Deze route kostte het leven aan ongeveer 3000 paarden en het goudzoekersspoor kreeg de bijnaam 'Dead Horse Trail'. Van een rustieke vallei tot een door bandieten gerunde en vervuilde 'wildwest' onderneming, werd Skagway na 1900 de eerste stad van Alaska. De Canadese Mounties noemde het niet onterecht: "A place little better than hell on eart Deze 'hel' zakte na de goudkoorts terug in de vergetelheid van een paar honderd zielen, die hun kost verdienden met het vervoer over de spoorweg naar Canada.
     Ondertussen was er een smalspoorweg, met een spoorbreedte van 914 mm onder constructie. De trein nam in 1900 het vervoer van mens en dier over. Deze 'White Pass & Yukon Route' werd in eerste instantie door deskundigen voor onmogelijk gehouden, maar er ontpopte zich een plan voor een spoorweg over de White Pass bij Sir Thomas Tanerede. Deze, niet onbekende Britse geldschieter en belegger, sprak hierop de Canadese spoorwegingenieur Michael Heney aan. Onder zijn durf en enthousiasme werd begonnen met het in kaart brengen van de route en uiteindelijk startte men in 1898 vanuit Skagway. De eerste 20 mijl koste per strekkende mijl ongeveer $ 100.000. Bijna constant was er een werkploeg van rond de 2000 bezig met de bouw, maar wanneer de goudkoorts toesloeg, snelden de werkers met medeneming van pikhouwelen en schoppen naar de plaats waar ze dachten een fortuin te kunnen vinden. Aangezien de hele route van 179 km zowat met de hand werd gebouwd waren er gedurende de constructietijd af en aan ongeveer 35.000 mensen a het werk. Kun je dat tegenwoordig nog voorstellen? Het moet een ware mierenhoop zijn geweest. Het verzetten van grond, het opblazen van rotsen, het bouwen van een tunnel hoog in een steile bergwand en een grote brug boven een 80 m diep ravijn. Praktisch alles is met de hand en de toen bestaande technische middelen gedaan. Waarschijnlijk heeft het hele project $ 10 miljoen gekost! Een enorm bedrag voor die tijd. De Tweede Wereldoorlog bracht een opleving, hoewel de spoorweg door het leger genaast werd. De stad groeide naar 3000 inwoners, maar ook dat ging voorbij. Toegegeven, tot de sluiting in 1982 heeft de lijn op- en neergaand zonder subsidie voortbestaan en dat is in de spoorwegwereld een uitzondering. De route kwam echter te laat voor de grote toeloop van de Goldrush, maar paste perfect in de ontwikkeling van zowel Skagway, noordelijk British Columbia en het Yukon Territorium.
    Gedurende de oorlog werd de spoorlijn beheerd door 'The 770th Railway Operating Battalion', die enorme hoeveelheden vracht en voertuigen verscheepte naar de Alaska Highway Route.
    Soms moet het reizen met deze trein een verschrikking zijn geweest. Temperaturen naar en op de top van de White Pass van ver beneden het vriespunt voor de lange winterperiode. Sneeuwval en sneeuwstormen belemmerden het vervoer en treinen kwamen wel eens voor dagen vast te zitten. Toch heeft deze spoorweg enkele wereldprimeurs. Het was de eerste maatschappij die auto's en bussen vervoerde... de eerste in het containervervoer en de eerste die pijpleiding over 'the right of way' aanlegde en zich op transportgebied uitbreide tot ver in het achterland van Noordwest-Canada.
    Vanaf het begin in Skagway stijgt de spoorlijn vrijwel meteen en komt snel boven de boomgrens. De maximale stijging is 3.9 % en waar de route op plaatsen de natuur moet overwinnen zijn er bogen op krap 16 graden gelegd. Bij het bereiken van de White Pass, ontdekt nadat de Chilkoot Pass als route in gebruik was bij de goudzoekers, moet de spoorlijn een zijdal in om hoogte te winnen en een grote 'loupe' te maken. In 'Dead Horse Gulch' lag bij 'Mijl 19' de enige brug van betekenis. Voor de bouw ervan in 1901 zigzagden de treinen langs de kloofwand omhoog en omlaag. Deze brug werd op haar beurt in 1969 vervangen door een brug-tunnel-brug combinatie, en verkorte het traject. Op de top van de White Pass krijgen we de grensovergang bij 'Mijl 20.4' Op de daaropvolgende hoogvlakte van veengrond en gras strekken zich de meren uit in een zompig en ijzig landschap. Het hoogste punt van de lijn wordt hier bereikt en we steken de bronrivier van de Yukon over. Aan de zuidpunt van Lake Bennet is voor geoefende ogen de rou van de Chilkoot Trail nog waarneembaar. Er staat een markeringsbord met de tekst 'Log Cabin'. Aan het lange Lake Bennett lag, de voor de goudzoekers zo belangrijke plaats Bennet (Mijl 41). Nu staat er in het verlaten land een station, een kerkje en enkele huizen. In haar topdagen telde de plaats minstens 7000 inwoners en een enorme gevarieerde vloot van alles wat maar varen kon lag hier afgemeerd, voor de lange trek naar het noorden en de goudvelden. De dagelijkse treinen hadden hier hun wisselplaats. Gesitueerd aan de zuidelijkste arm van Lake Bennett, was het de toegang tot de Yukon River and beyond... to the Klondike. Bij 'Mijl 53' wordt de 60th parallel overgestoken en daarmee de grens tussen de Canadese provincie British Columbia en het Yukon Territory. De spoorlijn scheert langs de oostelijke zijde van het meer en kruist de toegangspoort tot de Yukonarm bij Carcross. Hier ontmoeten we ook weer de 'Klondike Highway', die vanuit Skagway via Whitehorse naar Dawson loopt. Het voormalige 'Cariboo Crossing'anwege de kuddes rendieren die hier overstaken, is een gezellige pleisterplaats met restaurants, barbecues op een picknickplaats met speeltuintje. Historische gebouwen zoals het 'Cariboo Hotel' en 'Watson's General Store' zijn nog volop in gebruik. Bij de houten draaibrug over de waterweg tussen Lake Bennet en Tagish Lake staan op de oever verschillende vervoersmiddelen uit de goudkoortstijd opgesteld. De raderboot 'Tutshi', een postkoets en het stoomlocje: 'Duchess'. Gebouwd door Baldwin fabrieken in Engeland, deed het dienst op het New York's luchtspoor van het metro-net. In 1900 kwam het naar de Yukon en werd bekend als de 'Taku Tram'. Het deed dienst tot 1915 over een 2,5 mijl lang traject. De stomer Tutshi onderhield een dienst op Lake Tagish en in Taku City kon men dan het treintje nemen naar Atlin, een vakantiekolonie van de WP&YR aan het prachtige Lake Atlin, een schakel in de bevaarbare Boven Yukon. De rails strekken zich nagenoeg kaarsrecht door toendragebied en het dal van de Watson River naar hetindpunt. Voordat we dat bereiken, krijgen we bij Macrae (Mijl 104) aan de rechterkant gezelschap van de hier al zeer brede Yukon River. Vlak voor de stad Whithorse liggen als enige obstakel nog de gelijknamige stroomversnellingen, die met laag water uiterst voorzichtig genomen werden.
    In 1982 sluit de spoorweg, om even later als toeristische stoomspoorlijn weer te openen en opnieuw te sluiten. Vandaag de dag is toerisme de grootste bron van inkomsten en heeft men ingezien dat het herstelde oude Skagway een publiekstrekker is van de eerste orde. Ook het spoorbedrijf gaat weer gouden tijden tegemoet met het herstel van het historisch materieel. Ze rijdt nu weer in de zomermaanden onder de naam 'White Pass & Yukon Route' naar Fraser over 62 km, over het mooiste gedeelte van de lijn door het Skagway ravijn en over de White Pass. In connectie met busvervoer van en naar Whitehorse is de route 179 km lang. Er is een mogelijkheid van een looproute over de Chilkoot Trail naar Lake Bennet en met de bus/trein terug of omgekeerd.
    Een moderne tweebaans 'Klondike Highway' verbindt Skagway met Whitehorse en Dawson City, waar het goudspoor eindigde aan de Bonanza Creek. Om het goudspoor tot in Alaska te volgen, moet men de bus naar Fairbanks of Anchorage nemen. Op die reis krijgt de reiziger een goed beeld voorgeschoteld van het wilde gebied waardoor de mens met enige goede wegen hun sporen hebben getrokken. Whitehorse zelf is buitengewoon saai en als centrum van het Yukon Territorium een administratieve voorpost van Ottawa, met daarnaast het middelpunt van overslag en handel. Het is wel de enige echte 'stad' in de Yukon, niet groter dan welke provincieplaats dan ook. Tot 1953 was Dawson City nog de hoofdstad van het Territorium, maar Whitehorse haalde het, na de aanleg van de 'Alaska Highway', in en werd belangrijker. Hier begon de bevaarbare Yukon en eerst lag de plaats op de rechteroever. Toen de spoorlijn eindigde op de linkeroever, verplaatste men gewoon de stad naar die locatie. Nu is er ook weer bebouwing op de rechteroever en Whihorse terug in huis. Het openbaar vervoer bestaat uit enige maatschappijen die zich op het transport van mensen hun sporen hebben verdiend en de concurrentie voor konden blijven. De prijzen zijn wat aan de pittige kant, maar dat is te verwachten in een van de uithoeken van Canada...en die zijn er veel. In 1960 is er sprake van geweest een 1122 km lange spoorlijn te bouwen, zodat Whitehorse verbonden zou worden met het spoorwegnet in de rest van Canada. Deze voorgestelde normaalspoorlijn zou bij Ft. McLeod/ Mc Leod Lake van de bestaande spoorweg: Prince George (BC) - Dawson Creek (Alb), afbuigen naar het noorden. Vervolgens was de lijn voornaamlijk in British Columbia gesitueerd; door het dal van de Peace-, Finlay- en Ketchika River naar de grens met het Yukon Territory en dan noordwestelijk naar Whitehorse. Vandaar was een 750 km lange route naar Fairbanks gepland. Dan zou er vanuit Alaska rechtstreeks railvervoer mogelijk zijn met de rest van de VS. Vrachtwagens en bussen hebben inmiddels allang het vervoeovergenomen over twee perfecte wegverbindingen met de rest van het land.

    Jack London – Wittand & de Roep van de Wildernis

    Jack London is een jongen die tijdens de Goldrush naar Alaska vertrok in de hoop er goud te vinden, niets vond, daar boeken over schreef, en daar goud mee verdiende. Zijn omschrijvingen van het gebied zijn schitterend en beide boeken zijn een must om te lezen. Wittand is ook prachtig verfilmd door Disney (White Fang). Laatsgenoemde geeft een heel goed beeld van de Goldrush.

    Samenvatting bibliotheek:
    Twee verhalen uit de goudzoekerstijd, die al vele malen eerder in Nederlandse vertalingen zijn verschenen. In vergelijking met vorige uitgaven wijkt deze vertaling niet noemenswaard af.
    Het eerste verhaal 'De roep der wildernis' gaat over een legendarische sterke hond die, nadat hij gestolen is, vecht voor zijn bestaan in een meedogenloze wereld, ten slotte zijn oerinstincten volgt en de wildernis verkiest boven de wereld der mensen.
    Het tweede boek 'Wittand', eerder ook verschenen als 'Pit-tah, de grijze wolf', heeft een omgekeerd thema. Het is het verhaal over een jonge wolf, die in de wildernis de natuurwetten heeft geleerd, later door de mens wordt getemd, gebruikt en misbruikt en ten slotte zijn onwrikbaar vertrouwen geeft aan een meester die hem begrijpt. Beide verhalen, oorspronkelijk verschenen in het begin van deze eeuw, blijven boeiend en meeslepend en dragen bij tot een beter begrip voor de reacties van een karaktervolle hond.
    Geïllustreerd met enkele paginagrote zwart-witte hout- of linoleumsnedes.
    Ruim lezerspubliek, zowel jeugd vanaf ca. 13 jaar als volwassenen. Normale druk. - Fem Bijlsma.


    nog over de goldrush:
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Goudkoorts_van_Klondike

    22-02-2007 om 11:29 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 4/5 - (10 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    21-02-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.DOI - grondbeheer BIA - BLM - Nationale Parken
    Het DOI Department of the Interiors beheert in de VS 1/5 van het grondoppervlak. Ze bekommeren zich over landbouw, waterhuishouding, olie en gas, bescherming planten en dieren en nog zoveel andere zaken. Waar wij het meest mee in contact kwamen waren de National Parks, Bureau of Landmanagement, Bureau of Indian Affairs.

    Bij het BIA leerden we veel over Indianen, het verleden en het heden. Mijn jeugdlectuur een beetje aan de werkelijkheid getoetst. De huidige toestand is fel verwarrend. Op sommige plaatsen, vooral in Alaska, hebben de first people een eigen bestuurssysteem voor hun dorpen met een grote onafhankelijkheid en men ziet dat de mensen fier zijn en iets opbouwen. Op andere plaatsen was er een begin van integratie maar op vele was de toestand schrijnend. Ik heb er nog steeds een heel dubbel gevoel over.
    Hadden de kans een paar inwijdingsrituelen bij te wonen,  met toestemming van de chief en de belofte niet te filmen...onvergetelijk ... grote vreugde maar ook schroom om zo'n intiem gebeuren te mogen meemaken.
    Aan de andere kant zijn de rodeo's van de indianen echte belevenissen, zonder veel tralala maar met halsbrekende toeren, veel plezier en vertier.
    De PowWows die wij hebben meegemaakt daarentegen konden ons niet echt inspireren. Toespraken, wat activiteiten voor de kinderen en de hoofdbrok: de danswedstrijd die over verschillende avonden loopt en waarvan alleen de traditionele kledij van de verschillende groepen ons kon bekoren...de dansen zelf waren bijna identiek. En 's avonds kan men de dronken mannen en vrouwen in de parken en op de pleinen hun roes zien uitslapen.. aan de kinderen wordt dan nog weinig gedacht. 

    BLM grond gebruikten we regelmatig om een tentje en later onze kampeerauto neer te zetten .. men mag vrij op hun grond staan op 10m van de weg. Op hun kantoren krijgt men gratis kaartmateriaal en er is heel veel info te halen over bvb waterrechten, bosbeheer, brandbestrijding enz.


                                                                     
                                                                    Glacier NP

    De NP's zorgden voor ontelbare uren genieten en "leren" Vooral over deze laatste wil ik het hier hebben.
    Een National Parks Pass is verkrijgbaar voor 50$ en men kan er een gans jaar alle parken mee bezoeken - geldig voor 1 auto en alle inzittenden. Doet men er 15$ bovenop voor een Eagle pass dan staan ook alle reservaten en recreation area's met deuren wagewijd open.
    Alles bijeen beheren ze bijna 500 sites gaande van park - parkway - monument - trail of river - lakeshore of seashore -  heritage area of corridor - historic site, park, trail, military park, battlefield en  zelfs cemetery,  recreation area's en vermoedelijk vergeet ik er nog een deel.
    Zowat elk park heeft zijn visitor centre waar men alles kan te weten komen wat men graag over het park weet, meestal zijn er rangers die uitleg geven en zelfs gratis tours doen. De meesten hebben ook films of slideshows die ofwel heel interessant ofwel ontroerend mooi zijn.... Maar wat voor mij het interessants was: overal rolstoelvriendelijk. Van speciaal aangelegde wandelpaden tot speciale rolstoelen om over 't strand en in zee te rijden, zelfs een zitje op hun buggy's voor turtle watching...
    Wij leerden er over de immigratie, de trails van Mormonen en Carl en Lewis, de pony express, de goldrush en de pipeline, de civil war, de trek van de zalm, de verstoorde winterslaap van de beren, electriciteitscentrales en jaknikkers op de olievelden, keken van ver toe bij een snake round-up in Arizone en een bison round-up in Custer NP South Dakota en nog zoveel meer.
    Wat ook opviel is hoe men probeert te beheren en toch open te houden voor het grote publiek
    Weet niet hoeveel sites wij gedaan hebben.. héél veel in alle geval. Welke het mooiste was of ons het beste beviel kan ik moeilijk zeggen maar zeker niet de Grand Canyon...die staat denk ik ergens halfwege...Bryce? Smokey mountains? de seashores?
    Hoop dat het er ooit nog mag van komen om terug te gaan... 'k zou geen seconde twijfelen.

    Een paar interessante websites:


    www.doi.gov/
    http://www.doi.gov/bureau-indian-affairs.html

    www.blm.gov/
    gratis kaartmateriiaal en heel veel info op hun kantoren

    www.nps.gov/
    met alle info over elk park afzonderlijk - op de site staat een alfabetische lijst

    http://www.pueblo.gsa.gov/cic_text/travel/parkserv/NPSmap2.pdf - hier kan u een kaart bekijken met de meeste parken op...mogelijkheid om ze te vergroten.

    www.freecampgrounds.com
    op deze laatste website wordt heel veel info gegeven over vrije staanplaatsen - soms met routebeschrijvingen - soms ook de activiteiten 

    21-02-2007 om 19:19 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (8 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Montgomery Alabama

    Een stad als geen andere

        First White House of  
             
          the Confederation   

                                                            

                Capitol

    Montgomery, de hoofdstad van Alabama,
    Met iets meer dan 200 000 inwoners lijkt op de zaterdag dat we er aankomen een ingeslapen provinciestadje. Geen mens, geen kat op straat. Vermoedelijk is er door de week wel heel wat meer beweging.
    Ik hoor jullie al denken... wat valt er dan over zo'n "gat" te vertellen? Maar het lampje zal wel vlug gaan branden als de naam Jefferson Davis, Roza Parks en Martin Luther King valt... juist?
    Jefferson liet in Montgomery het eerste Witte Huis van de geconfedereerde staten bouwen. Het gerechtshof werd een copie van het Kapitool in Washington. Het samenleven van blank en zwart gaat er zeer moeizaam en veel wetten zijn gebaseerd op apartheid
    Op 1 december 1955 kwam Roza doodmoe van haar werk toen er een blanke dame op de bus stapte en haar maande, zoals de wet toen voorschreef, haar plaats af te staan. Roza weigerde. Ze werd opgepakt, gevangengenomen, kwam voor de rechtbank en werd verooordeeld tot een boete en een jaar gevangenis. Eén van haar zwarte advokaten contacteerde Jo Ann Robinson die vele duizenden flyers liet maken en oproep voor een boycot van het openbaar vervoer de volgende maandag. Een jonge zwarte dominee, Martin Luther King, deed 's anderendaags in de zondagsdienst een oproep om massaal het openbaar vervoer te boycotten. Die maandag, en ook de volgende dagen, reden de bussen leeg. Langs de straten zag het zwart van 't volk dat zich tevoet en per fiets naar 't werk begaf. Wie een auto had deed aan carpooling, taxi's verlaagden hun tarief tot de prijs van een busticket, sommige blanken zorgden zelf voor 't vervoer van hun personeel uit angst dat ze niet zouden opdagen. Het openbaar vervoer ging bijna failliet. De blanken gingen zich ook massaal rechts organiseren.  KKK en andere White power organisaties werden enorm populair.
    De stad verplichtte de taxichauffeurs hun prijs op te drijven wilden ze niet zwaar gestraft worden. Verzekeringsmatschappijen werden aangemaand geen verzekeringen af te sluiten, of ze in te trekken, voor chauffeurs die aan carpooling deden. De organisatoren van de boycot gingen dan maar in Londen bij Lloyds een gezamelijke verzekering afsluiten. Kerken gingen geld inzamelen om de boycot te steunen.
    Boycotters werden opgepakt omdat ze "de normale werking van het openbare vervoer" tegenwerkten, huizen van de leiders werden in brand gestoken, ook dat van ML King. Die werd ook opgepakt en kreeg een zware boete. Dat deed de emmer over lopen. De kranten en nieuwszenders in de naburige staten gingen de rellen verslaan en zo werd het nationaal nieuws - later zelfs internationaal.
    Een lokale rechtbank verklaarde de scheiding van rassen op bussen onwettig en dit werd door het Hooggerechtshof in Washington over genomen.
    King bleef zich inzetten voor andere rechten en er kwamen rellen: in 1963 in Birmingham en in 1965 was er de fameuze voettocht van Selma naar Montgomery waar blind in de massa werd geschoten en vier zwarten het leven lieten. Uiteindelijk leidden deze rellen tot het ontstaan van de Civil Right. Martin Luther King werd voor velen een held.
    In Montgomery is een museum/monument aan deze "rechten van de mens" gewijdt.

    Roza Parks werd na haar overlijden opgebaard in de hal van het Capitool. Dit was nog nooit gezien want dit recht werd alleen voorbehouden voor presidenten.



    UNIVERSELE VERKLARING VAN DE RECHTEN VAN DE MENS

    Preambule

    Overwegende, dat erkenning van de inherente waardigheid en van de gelijke en onvervreemdbare rechten van alle leden van de mensengemeenschap grondslag is voor de vrijheid, gerechtigheid en vrede in de wereld;
    Overwegende, dat terzijdestelling van en minachting voor de rechten van de mens geleid hebben tot barbaarse handelingen, die het geweten van de mensheid geweld hebben aangedaan en dat de komst van een wereld, waarin de mensen vrijheid van meningsuiting en geloof zullen genieten, en vrij zullen zijn van vrees en gebrek, is verkondigd als het hoogste ideaal van iedere mens;
    Overwegende, dat het van het grootste belang is, dat de rechten van de mens beschermd worden door de suprematie van het recht, opdat de mens niet gedwongen worde om in laatste instantie zijn toevlucht te nemen tot opstand tegen tyrannie en onderdrukking;
    Overwegende, dat het van het grootste belang is om de ontwikkeling van vriendschappelijke betrekkingen tussen de naties te bevorderen;
    Overwegende, dat de volkeren van de Verenigde Naties in het Handvest hun vertrouwen in de fundamentele rechten van de mens, in de waardigheid en de waarde van de mens en in de gelijke rechten van mannen en vrouwen opnieuw hebben bevestigd, en besloten hebben om sociale vooruitgang en een hogere levensstandaard in groter vrijheid te bevorderen;
    Overwegende, dat de Staten, welke Lid zijn van de Verenigde Naties, zich plechtig verbonden hebben om, in samenwerking met de Organisatie van de Verenigde Naties, overal de eerbied voor en inachtneming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden te bevorderen;
    Overwegende, dat het van het grootste belang is voor de volledige nakoming van deze verbintenis, dat een ieder begrip hebbe voor deze rechten en vrijheden;
    Op grond daarvan proclameert de Algemene Vergadering deze Universele Verklaring van de Rechten van de Mens als het gemeenschappelijk door alle volkeren en alle naties te bereiken ideaal, opdat ieder individu en elk orgaan van de gemeenschap, met deze verklaring voortdurend voor ogen, er naar zal streven door onderwijs en opvoeding de eerbied voor deze rechten en vrijheden te bevorderen, en door vooruitstrevende maatregelen, op nationaal en internationaal terrein, deze rechten algemeen en daadwerkelijk te doen erkennen en toepassen, zowel onder de volkeren van Staten die Lid van de Verenigde Naties zijn, zelf, als onder de volkeren van gebieden, die onder hun jurisdictie staan:

    Artikel 1
    Alle mensen worden vrij en gelijk in waardigheid en rechten geboren. Zij zijn begiftigd met verstand en geweten, en behoren zich jegens elkander in een geest van broederschap te gedragen.
    Artikel 2
    Een ieder heeft aanspraak op alle rechten en vrijheden, in deze Verklaring opgesomd, zonder enig onderscheid van welke aard ook, zoals ras, kleur, geslacht, taal, godsdienst, politieke of andere overtuiging, nationale of maatschappelijke afkomst, eigendom, geboorte of andere status.
    Verder zal geen onderscheid worden gemaakt naar de politieke, juridische of internationale status van het land of gebied, waartoe iemand behoort, onverschillig of het een onafhankelijk, trust-, of niet-zelfbesturend gebied betreft, dan wel of er een andere beperking van de soevereiniteit bestaat.
    Artikel 3
    Een ieder heeft het recht op leven, vrijheid en onschendbaarheid van zijn persoon.
    Artikel 4
    Niemand zal in slavernij of horigheid gehouden worden. Slavernij en slavenhandel in iedere vorm zijn verboden.
    Artikel 5
    Niemand zal onderworpen worden aan folteringen, noch aan een wrede, onmenselijke of onterende behandeling of bestraffing.
    Artikel 6
    Een ieder heeft, waar hij zich ook bevindt, het recht als persoon erkend te worden voor de wet.
    Artikel 7
    Allen zijn gelijk voor de wet en hebben zonder onderscheid aanspraak op gelijke bescherming door de wet. Allen hebben aanspraak op gelijke bescherming tegen iedere achterstelling in strijd met deze Verklaring en tegen iedere ophitsing tot een dergelijke achterstelling.
    Artikel 8
    Een ieder heeft recht op daadwerkelijke rechtshulp van bevoegde nationale rechterlijke instanties tegen handelingen, welke in strijd zijn met de grondrechten hem toegekend bij Grondwet of wet.
    Artikel 9
    Niemand zal onderworpen worden aan willekeurige arrestatie, detentie of verbanning. Artikel 10
    Een ieder heeft, in volle gelijkheid, recht op een eerlijke en openbare behandeling van zijn zaak door een onafhankelijke en onpartijdige rechterlijke instantie bij het vaststellen van zijn rechten en verplichtingen en bij het bepalen van de gegrondheid van een tegen hem ingestelde strafvervolging.
    Artikel 11
    Een ieder, die wegens een strafbaar feit wordt vervolgd, heeft er recht op voor onschuldig gehouden te worden, totdat zijn schuld krachtens de wet bewezen wordt in een openbare rechtszitting, waarbij hem alle waarborgen, nodig voor zijn verdediging, zijn toegekend.
    Niemand zal voor schuldig gehouden worden aan enig strafrechtelijk vergrijp op grond van enige handeling of enig verzuim, welke naar nationaal of internationaal recht geen strafrechtelijk vergrijp betekenden op het tijdstip, waarop de handeling of het verzuim begaan werd. Evenmin zal een zwaardere straf worden opgelegd dan die, welke ten tijde van het begaan van het strafbare feit van toepassing was.
    Artikel 12
    Niemand zal onderworpen worden aan willekeurige inmenging in zijn persoonlijke aangelegenheden, in zijn gezin, zijn tehuis of zijn briefwisseling, noch aan enige aantasting van zijn eer of goede naam. Tegen een dergelijke inmenging of aantasting heeft een ieder recht op bescherming door de wet.
    Artikel 13
    1 Een ieder heeft het recht zich vrijelijk te verplaatsen en te vertoeven binnen de grenzen van elke Staat.
    2 Een ieder heeft het recht welk land ook, met inbegrip van het zijne, te verlaten en naar zijn land terug te keren.
    Artikel 14
    1 Een ieder heeft het recht om in andere landen asiel te zoeken en te genieten tegen vervolging.
    2 Op dit recht kan geen beroep worden gedaan ingeval van strafvervolgingen wegens misdrijven van niet-politieke aard of handelingen in strijd met de doeleinden en beginselen van de Verenigde Naties.
    Artikel 15
    1 Een ieder heeft het recht op een nationaliteit.
    2 Aan niemand mag willekeurig zijn nationaliteit worden ontnomen, noch het recht worden ontzegd om van nationaliteit te veranderen.
    Artikel 16
    1 Zonder enige beperking op grond van ras, nationaliteit of godsdienst, hebben mannen en vrouwen van huwbare leeftijd het recht om te huwen en een gezin te stichten. Zij hebben gelijke rechten wat het huwelijk betreft, tijdens het huwelijk en bij de ontbinding ervan.
    2 Een huwelijk kan slechts worden gesloten met de vrije en volledige toestemming van de aanstaande echtgenoten.
    3 Het gezin is de natuurlijke en fundamentele groepseenheid van de maatschappij en heeft recht op bescherming door de maatschappij en de Staat. 
    Artikel 17
    1 Een ieder heeft recht op eigendom, hetzij alleen, hetzij tezamen met anderen.
    2 Niemand mag willekeurig van zijn eigendom worden beroofd. 
    Artikel 18
    Een ieder heeft recht op vrijheid van gedachte, geweten en godsdienst;dit recht
    omvat tevens de vrijheid om van godsdienst of overtuiging te veranderen, alsmede de vrijheid hetzij alleen, hetzij met anderen zowel in het openbaar als in zijn particuliere leven zijn godsdienst of overtuiging te belijden door het onderwijzen ervan, door de praktische toepassing, door eredienst en de inachtneming van de geboden en voorschriften.
    Artikel 19
    Een ieder heeft recht op vrijheid van mening en meningsuiting. Dit recht omvat de vrijheid om zonder inmenging een mening te koesteren en om door alle middelen en ongeacht grenzen inlichtingen en denkbeelden op te sporen, te ontvangen en door te geven.
    Artikel 20
    1 Een ieder heeft recht op vrijheid van vreedzame vereniging en vergadering.
    2 Niemand mag worden gedwongen om tot een vereniging te behoren.
    Artikel 21
    1 Een ieder heeft het recht om deel te nemen aan het bestuur van zijn land, rechtstreeks of door middel van vrij gekozen vertegenwoordigers.
    2 Een ieder heeft het recht om op voet van gelijkheid te worden toegelaten tot de overheidsdiensten van zijn land.
    3 De wil van het volk zal de grondslag zijn van het gezag van de Regering; deze wil zal tot uiting komen in periodieke en eerlijke verkiezingen, die gehouden zullen worden krachtens algemeen en gelijkwaardig kiesrecht en bij geheime stemmingen of volgens een procedure, die evenzeer de vrijheid van de stemmen verzekert.
    Artikel 22
    Een ieder heeft als lid van de gemeenschap recht op maatschappelijke zekerheid en heeft er aanspraak op, dat door middel van nationale inspanning en internationale samenwerking, en overeenkomstig de organisatie en de hulpbronnen van de betreffende Staat, de economische, sociale en culturele rechten, die onmisbaar zijn voor zijn waardigheid en voor de vrije ontplooiing van zijn persoonlijkheid, verwezenlijkt worden.
    Artikel 23
    1 Een ieder heeft recht op arbeid, op vrije keuze van beroep, op rechtmatige en gunstige arbeidsvoorwaarden en op bescherming tegen werkloosheid.
    2 Een ieder, zonder enige achterstelling, heeft recht op gelijk loon voor gelijke arbeid.
    3 Een ieder, die arbeid verricht, heeft recht op een rechtvaardige en gunstige beloning, welke hem en zijn gezin een menswaardig bestaan verzekert, welke beloning zo nodig met andere middelen van sociale bescherming zal worden aangevuld.
    4 Een ieder heeft het recht om vakverenigingen op te richten en zich daarbij aan te sluiten ter bescherming van zijn belangen.
    Artikel 24
    Een ieder heeft recht op rust en op eigen vrije tijd, met inbegrip van een redelijke beperking van de arbeidstijd, en op periodieke vakanties met behoud van loon.
    Artikel 25
    1 Een ieder heeft recht op een levensstandaard, die hoog genoeg is voor de gezondheid en het welzijn van zichzelf en zijn gezin, waaronder inbegrepen voeding, kleding, huisvesting en geneeskundige verzorging en de noodzakelijke sociale diensten, alsmede het recht op voorziening in geval van werkloosheid, ziekte, invaliditeit, overlijden van de echtgenoot, ouderdom of een ander gemis aan bestaansmiddelen, ontstaan ten gevolge van omstandigheden onafhankelijk van zijn wil.
    2 Moeder en kind hebben recht op bijzondere zorg en bijstand. Alle kinderen, al dan niet wettig, zullen dezelfde sociale bescherming genieten.
    Artikel 26
    1 Een ieder heeft recht op onderwijs; het onderwijs zal kosteloos zijn, althans wat het lager en basisonderwijs betreft. Het lager onderwijs zal verplicht zijn. Ambachtsonderwijs en beroepsopleiding zullen algemeen beschikbaar worden gesteld. Hoger onderwijs zal openstaan voor een ieder, die daartoe de begaafdheid bezit.
    2 Het onderwijs zal gericht zijn op de volle ontwikkeling van de menselijke persoonlijkheid en op de versterking van de eerbied voor de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden. Het zal het begrip, de verdraagzaamheid en de vriendschap onder alle naties, rassen of godsdienstige groepen bevorderen en het zal de werkzaamheden van de Verenigde Naties voor de handhaving van de vrede steunen.
    3 Aan de ouders komt in de eerste plaats het recht toe om de soort van opvoeding en onderwijs te kiezen, welke aan hun kinderen zal worden gegeven.
    Artikel 27
    1 Een ieder heeft het recht om vrijelijk deel te nemen aan het culturele leven van de gemeenschap, om te genieten van kunst en om deel te hebben aan wetenschappelijke vooruitgang en de vruchten daarvan.
    2 Een ieder heeft het recht op de bescherming van de geestelijke en materiële belangen, voortspruitende uit een wetenschappelijk, letterkundig of artistiek werk, dat hij heeft voortgebracht.
    Artikel 28
    Een ieder heeft recht op het bestaan van een zodanige maatschappelijke en internationale orde, dat de rechten en vrijheden, in deze Verklaring genoemd, daarin ten volle kunnen worden verwezenlijkt.
    Artikel 29
    1 Een ieder heeft plichten jegens de gemeenschap, zonder welke de vrije en volledige ontplooiing van zijn persoonlijkheid niet mogelijk is.
    2 In de uitoefening van zijn rechten en vrijheden zal een ieder slechts onderworpen zijn aan die beperkingen, welke bij de wet zijn vastgesteld en wel uitsluitend ter verzekering van de onmisbare erkenning en eerbiediging van de rechten en vrijheden van anderen en om te voldoen aan de gerechtvaardigde eisen van de moraliteit, de openbare orde en het algemeen welzijn in een democratische gemeenschap.
    3 Deze rechten en vrijheden mogen in geen geval worden uitgeoefend in strijd met de doeleinden en beginselen van de Verenigde Naties.
    Artikel 30
    Geen bepaling in deze Verklaring zal zodanig mogen worden uitgelegd, dat welke Staat, groep of persoon dan ook, daaraan enig recht kan ontlenen om iets te ondernemen of handelingen van welke aard ook te verrichten, die vernietiging van een van de rechten en vrijheden, in deze Verkaring genoemd, ten doel hebben.






    21-02-2007 om 19:09 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.I have a dream

    I have a dream door Martin Luther King jr.

    Martin Luther King jr.

    Ik ben blij vandaag bij jullie te zijn op de dag die de geschiedenis zal in gaan als de grootste demonstratie voor vrijheid ooit, in ons land.
    Vijf maal twintig jaar geleden tekende een groot Amerikaan, in wiens symbolische schaduw wij staan, de Proclamation of Emancipation. Dit gedenkwaardige decreet werd een groots baken van hoop voor miljoenen negerslaven die waren verschroeid in de vlammen van een verwelkend onrecht. Het was als de vreugdevolle ochtend na de lange nacht van gevangenschap.

    Maar honderd jaar later moeten we het tragische feit onder ogen zien dat de neger nog steeds niet vrij is. Honderd jaar later wordt het leven van de neger nog altijd droevig beperkt door de handboeien van rassenscheiding en de ketenen van discriminatie. Honderd jaar later leeft de neger op een eenzaam eiland van armoede te midden van een grote oceaan van materiële welvaart.

    Honderd jaar later verkommert de neger nog altijd in de uithoeken van de Amerikaanse maatschappij en bevindt hij zich in ballingschap in zijn eigen land. Daarom zijn we vandaag hier samengekomen, om een afschuwelijke toestand te benadrukken. In zekere zin zijn wij naar onze nationale hoofdstad gekomen om een cheque te innen. Toen de ontwerpers van onze republiek de prachtige woorden van de Grondwet en de Onafhankelijkheidsverklaring schreven, ondertekenden ze een promesse waarvan elke Amerikaan erfgenaam zou worden. Deze belofte was een belofte die alle mensen het onbetwistbare recht zou garanderen op leven, vrijheid en het najagen van geluk.
    Het is nu overduidelijk dat Amerika haar verplichting niet nakomt wat betreft haar gekleurde burgers.

    In plaats van deze heilige verplichting na te komen, heeft Amerika de negerbevolking een waardeloze cheque overhandigd; een cheque die wordt geretourneerd met de opmerking 'ontoereikende fondsen'. Maar we weigeren te geloven dat de bank van gerechtigheid failliet is. We weigeren te geloven dat er ontoereikende fondsen zijn in de grote kluizen van mogelijkheden van dit land. Dus zijn we gekomen om deze cheque te innen, een cheque die ons na inning de rijkdom van vrijheid geeft en de veiligheid van gerechtigheid. Wij zijn tevens naar deze aanbeden plek gekomen om Amerika te herinneren aan de heftige noodzaak van nu. Er is geen tijd om rustig tot bedaren te komen of de verdovende drug der geleidelijkheid te slikken.

    Nu is het moment om de belofte van democratie na te komen.
    Nu is het moment om uit de duistere en dorre vallei van rassenscheiding te trekken naar het zonovergoten pad van raciale gerechtigheid.
    Nu is het moment om alle kinderen van God een kans te geven.
    Nu is het moment om ons land uit het moeras te tillen van raciale ongerechtigheid op de solide rots van broederschap.
    Het zou fataal voor het land zijn de uiterste noodzaak hiervan over het hoofd te zien en de vastberadenheid van de neger te onderschatten.
    Deze verzengende zomer van de legitieme onvrede van de neger zal niet voorbijgaan tot er een stimulerend najaar aanbreekt van vrijheid en gelijkheid. Negentien drieënzestig is geen einde maar een begin. Diegenen die hopen dat de neger stoom moest afblazen en nu tevreden zal zijn, zal ruw wakker geschud worden als het land terugkeert naar hoe het vroeger was. Het zal rustig noch stil in Amerika zijn tot aan de neger zijn burgerrechten zijn verleend. De wervelwinden van opstand zullen de grondvesten van ons land doen schudden tot de schitterende dag van gerechtigheid opdoemt. Maar er is iets wat ik mijn mensen moet zeggen die op de warme drempel staan die ons het paleis van gerechtigheid binnenleidt.

    Tijdens het verkrijgen van onze rechtmatige plaats moeten we ons niet schuldig maken aan foute daden. We moeten er niet op uit zijn uit dorst voor vrijheid uit de beker van bitterheid en haat te drinken. We moeten onze strijd voeren vol waardigheid en discipline. We moeten niet toelaten dat ons creatieve protest vervalt in lichamelijk geweld. Steeds weer moeten we reiken naar de majestueuze hoogten waarin lichamelijk geweld wordt tegemoet getreden met de kracht van de ziel.

    De wonderbaarlijke nieuwe strijdlust die de negergemeenschap heeft overspoeld mag niet leiden tot een wantrouwen van alle blanke mensen, want velen van onze blanke broeders, zoals blijkt uit hun aanwezigheid hier vandaag, zijn tot het besef gekomen dat hun lot is verbonden met ons lot en hun vrijheid onlosmakelijk is verbonden met onze vrijheid. We kunnen niet alleen lopen.

    En terwijl we lopen, moeten we de plechtige belofte afleggen dat we door zullen gaan. We kunnen niet terugkeren. Er zijn mensen die de aanhangers van burgerrechten vragen: 'Wanneer zijn jullie tevreden?' We kunnen nooit tevreden zijn zolang de neger het slachtoffer is van onuitsprekelijke gruweldaden door wangedrag van de politie. We kunnen nooit tevreden zijn zolang onze lichamen, dodelijk vermoeid van het reizen, geen onderkomen kunnen krijgen in de motels langs de snelwegen en in de hotels in de steden. We kunnen niet tevreden zijn zolang de neger alleen maar kan verhuizen van een klein naar een groot getto.

    We kunnen nooit tevreden zijn zolang een neger in Mississippi niet kan stemmen en een neger in New York gelooft dat hij niets heeft om voor te stemmen.

    Nee, nee, we zijn niet tevreden en we zullen niet tevreden zijn tot gerechtigheid en rechtvaardigheid ons deel zullen zijn.
    Ik ben niet vergeten dat sommigen van u hier zijn gekomen na grote beproevingen en onheil.
    Sommigen van u komen net uit benarde gevangeniscellen.
    Sommigen van u zijn uit gebieden gekomen waar uw zoektocht naar vrede u geslagen heeft achtergelaten door vervolging, en wankelend door wreedheden van de politie.
    U bent de veteranen geweest van creatief lijden.
    Blijf doorgaan in de overtuiging dat onterecht lijden bevrijdend is.
    Ga terug naar Mississippi, ga terug naar Alabama, ga terug naar Zuid-Carolina, ga terug naar Georgia, ga terug naar Louisiana, ga terug naar de krottenwijken en getto's van onze noordelijke steden, in de wetenschap dat op de een of andere manier deze situatie kan en zal veranderen. We moeten ons niet overgeven aan wanhoop.

    Ik zeg u vandaag, mijn vrienden, dat ondanks de moeilijkheden en frustraties van nu, ik nog altijd een droom heb.
    Het is een droom die ferm geworteld zit in de Amerikaanse droom.
    Ik heb een droom dat op een dag dit land zal verrijzen en zal leven naar de ware betekenis van haar credo: 'Wij beschouwen deze waarheden als vanzelfsprekend; dat alle mensen gelijk geschapen zijn.'

    Ik heb een droom dat op een dag op de rode heuvels van Georgia de zonen van vroegereslaven en de zonen van vroegere slavenhouders naast elkaar kunnen zitten aan de tafel van broederschap.
    Ik heb een droom dat op een dag zelfs de staat Mississippi, een woestijnstaat die verzengt in de hitte van ongerechtigheid en onderdrukking, omgevormd zal worden in een oase van vrijheid en gerechtigheid.

    Ik heb een droom dat mijn vier kleine kinderen op een dag in een land zullen leven waar ze niet zullen worden beoordeeld op de kleur van hun huid maar op hun karakter.

    Ik heb een droom vandaag.

    Ik heb een droom dat op een dag de staat Alabama, waar de mond van de gouverneur op dit ogenblik vol is van woorden als interventie en nietigverklaring, omgevormd zal worden in een plaats waar kleine zwarte jongens en zwarte meisjes hand in hand kunnen gaan met kleine blanke jongens en blanke meisjes en samen kunnen lopen als broeders en zusters.

    Ik heb een droom vandaag.

    Ik heb een droom dat op een dag elke vallei omhoog zal komen, elke heuvel en elke berg klein gemaakt zullen worden, de dichtbegroeide plaatsen tot vlakten zullen worden, en de scheve plaatsen recht zullen worden gemaakt en de glorie van de Heer onthuld zal worden en al wat van vlees en bloed is dit tezamen zal zien.
    Dit is onze hoop.
    Dit is het geloof waarmee ik naar het zuiden van de Verenigde Staten terugkeer. Met dit geloof zullen we in staat zijn een kiezelsteen van hoop te houwen uit de berg van wanhoop.
    Met dit geloof zullen we m staat zijn de schetterende wanklanken van ons land om te vormen tot een prachtige symfonie van broederschap. Met dit geloof zullen we in staat zijn samen te werken, samen te bidden, samen te vechten, samen naar de gevangenis te gaan, samen op te komen voor vrijheid in de wetenschap dat wij op een dag vrij zullen zijn.

    Dit zal de dag zijn dat alle kinderen van God met een nieuwe betekenis zullen kunnen zingen:
    'Mijn land, het is van u
    Zoet land van vrijheid
    Over u zing ik:
    Land waar mijn vaders stierven
    Land waarop pelgrims trots zijn,
    Laat van elke berghelling
    Vrijheid klinken.'

    En als Amerika een grote natie wil zijn, dan moet dit waarheid worden.
    Dus laat vrijheid klinken vanaf de enorme heuveltoppen van New Hampshire.
    Laat vrijheid klinken vanaf de machtige bergen van New York.
    Laat vrijheid klinken vanaf de hoogten van de Allegheny Mountains in Pennsylvania! Laat vrijheid klinken vanaf de besneeuwde toppen van de Rocky Mountains in Colorado!
    Laat vrijheid klinken vanaf de weelderige pieken van Californië!

    Maar niet alleen dat; laat vrijheid klinken vanaf Stone Mountain in Georgia!
    Laat vrijheid klinken vanaf Kaap Lookout in Tennessee!
    ' Laat vrijheid klinken vanaf elke heuvel en molshoop in Mississippi.

    Vanaf elk berghelling, laat vrijheid klinken.

    Wanneer we vrijheid laten klinken, wanneer we het vanuit elk dorp en elk gehucht vanuit elke staat en elke stad laten klinken, zullen we in staat zijn de dag te bespoedigen waarop alle kinderen van God, zwarte mensen en blanke mensen joden en niet-joden, protestanten en katholieken, de handen ineenslaan en de woorden zingen van de oude gospelsong van de negers: '

    Eindelijk vrij! Eindelijk vrij! Dank God almachtig, wij zijn eindelijk vrij

    EINDE

    toespraak 23 augustus 1963

    21-02-2007 om 19:08 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (6 Stemmen)
    >> Reageer (1)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.rijden in de VS
    Met ons huidige campertje reden we tot nu toe ongeveer 220 000km, de meeste miles en kms in noordelijk Amerika.
    De eerste dag in de VS wat aarzelend. Daarna was het: genieten. Gewoon aan het hectische verkeer en agressieve gedrag in ons landje was het ginder onvoorstelbaar rustig rijden, zelfs in NY en de Hways rond de steden in 't spitsuur.
    Het ligt vooral aan het gedisciplineerde rijgedrag, al of niet onder druk van de hoge boetes.
    Elk rijvak van een Hway wordt gebruikt, iedereen aan dezelfde niet al te hoge snelheid en er wordt slechts van rijvak gewisseld om de weg op of af te rijden. (een beetje zoals het blokrijden naar de kust hier in de zomer)
    Ritsen is hun 2e natuur. Ze rijden tot het einde van het invoegvak en kunnen gewoon inschuiven.
    Hier is dat steeds wringen om er zo vlug mogelijk tussen te komen. Niemand rijdt tot het einde van 't invoegvak omdat wie op de hoofdbaan rijdt er ook niet gemakkelijk iemand tussen laat met het gevolg dat over heel het oprijvak kleine files ontstaan en er rechts voorbijgestoken wordt.
    Het binnenste rijvak is voor carpoolers en steeds zo goed als leeg want de Amerikaan rijdt meestal alleen in zijn wagen tenzij hij ambtshalve een chauffeur heeft. Dus een stad inrijden op 't spitsuur geen probleem als ge weet welke uitrit nemen..
    Verloren rijden in een stad is bijna onmogelijk als men de windrichtingen kent - en de straten en avenues lopen steeds in dezelfde richting - hooguit eens een "blok" rondrijden... bij het uitleggen van een route doen ze dat dan ook aan de hand van bloks en niet aan 't zoveelse licht...2 blocks north and 1 block east ...
    Veel straten hebben een voorselectie die op het baanvak zelf is aangegeven en meestal niet via verkeersbord. Wij hebben dus de eerste dagen ettelijke verkeersovertredingen gedaan door onoplettendheid omdat we in een vak met volle witte lijn zaten. Geen probleem want ze zijn zeer elegant en laten u onmiddellijk inrijden.
    De verkeerslichten hangen ook steeds achter het kruispunt wat ook wat gewennen vraagt.
    Veel kruispunten waar geen lichten staan hebben het 4way verkeersbord - iets dat heel goed werkt in de VS maar wat ik hier niet zo zie functioneren... stoppen aan 't kruispunt; wie eerst komt mag eerst oversteken en daar wordt zeer gedisciplineerd aan gehouden.... niemand maar dan ook niemand rijdt voor zijn beurt.
    Speed. Boetes zijn hoog en maximum snelheid worden zelden overtreden. Aan scholen kan "speed" uw rijbewijs kosten voor 't leven, hetzelfde met een schoolbus voorbijsteken als de "stop"borden uitsteken en dat in beide richtingen.
    Regelmatig Miami vice toestanden gezien. Iemand rijdt een paar mls te hard, wordt gevolgd door een politiewagen met sirene, die roept zijn makkers op en tegen dat de auto aan de kant staat zijn er een 5tal andere politiewagens met sirene op om bijstand te verlenen. Zelf nooit uitstappen, wachten tot de politieman aan uw venster is en... deze komt niet voor er een andere politiewagen in de buurt is. Big show maar wel veilig voor hen. Aan de andere kant: hoed af voor de vriendelijkheid die wij van de politie mochten ervaren. De meesten zijn echte bodybuilders,  in short en met glimmende spierballen maar zeer behulpzaam...weg wijzen en zo nodig voorop rijden, onze kapotte band verwisselen, stoppen om een moeder met verschillende kinderen de baan te helpen oversteken enz..
    Verzekeringen zijn duur en buiten smijten de reactie op een ongeval zelfs als de tegenpartij in fout is. Kinderen mogen dus bijna nooit met de wagen van de ouders rijden en lenen reeds op 16 jaar om hun eigen bakske aan te schaffen.
    Verzekeringen zijn in veel staten niet verplicht maar de eisen bij ongeval heel hoog. Een verzekering tegen ongeval met onverzekerde wagen is dus bijna een must.
    Men kan ook alles apart laten verzekeringen ..tegen hagelinslag...tornado...botsing met beer.. al naargelang het risico al of niet groot is in de streek waar u woont voor ons was dus een full coverage aangewezen.
    Tanken: een belevenis op zich. De meeste stations zijn echte supermarkten en voor truckers hele plaza's. Langs de hways ook overal diesel te krijgen. In 't noorden en in dun bevolkte streken hebben ze wel nogal specialiteiten... wisten ooit niet welke brandstof te kiezen en achter de kassa een jong ding dat er helemaal niets van kende. We hadden de keuze tussen: diesel, red diesel, off road diesel, car diesel hway use only, coupon diesel ... en dan nog met bankkaart of voorafbetaling aan de kassa.
    Keuze te over... 'k laat jullie raden met wat wij daar hebben rondgereden...
    Dat vooraf betalen is ook zo'n systeem en eentje dat ze hier best ook kunnen gaan invoeren. Men schat hoeveel men wil tanken en betaald - dan krijgt men nummer van de pomp - tankt men minder: overschot terug. Ook met visakaart ofwel direct betalen aan de kassa ofwel kaart in depot geven tot er getankt is.

    21-02-2007 om 18:52 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De voorbereiding
    deel 1
    de voorbereiding

    Al lang spookte het idee door ons hoofd maar altijd werd het weer opgeborgen... de durf om de stap te zetten, hoe begin je daaraan, mijn ventje toen toch al 65j en weinig kennis van auto's en hun techniek...
    Seabridge in Duitsland verkocht paketten met alles in en regelde de papieren maar....peperduur
    Tot vrienden de stap waagden. We ontmoetten hen in Atlanta en ja... waarom wij niet?

    Het eerste dat we deden was zoeken naar een frighter .. Cobelfret leek ons OK
    We kregen een vragenlijst
    - welke haven hadden we gedacht? met een lijst van de havens die ze aandeden...wow zoveel
    We wilden het bij NY houden - waarom? zou ik nu niet meer weten
    - juiste afmetingen van de wagen - prijs wordt berekend per m3
    - de geschatte waarde
    - afmetingen
    aan de hand daarvan maakten ze een prijsofferte

    Ondertussen op zoek naar een verzekering voor de auto.  
    We namen contact met grote verzekeraars hier bij ons, in Nederland en Engeland - duur en onvolledig
    Vonden een paar adressen in de VS:
    Thum en American Internat. Underwriters
    Thum was voor ons het voordeligste - de afhandeling ongezien vlug
    Had een mailtje gestuurd en kreeg dezelfde avond telefoon met de vraag om te kunnen faxen
    10' later rolden hier de papieren van de band
    't Was even uitkijken want er waren zoveel mogelijkheden - uiteindelijk wilden we toch een volledige dekking.
    De dag erna even rondgebeld en in 't reisagentschap wat uitleg gevraagd
    Papieren ingevuld en teruggestuurd - vraag prijsofferte full coverage - voor 6 maand
    Dezelfde dag hadden we de berekening
    Bij een verzekering voor de VS is Canada systematisch inbegrepen
    Voor Mexico moet men een Mexicaanse verzekering nemen voor de BA maar de full coverage kregen we bij Thum er bij.
    Wie verder zuidwaarts wil kan bij AIO of AIU zich laten verzekeren voor Centraal en Zuid Amerika

    onderweg de verzekering nog eens voor 6m laten verlengen - afgehandeld in een telefoonbox per fax op ongeveer 15'



    Cobelfret terug gecontacteerd
    We zouden verschepen met Wallenius - welke datum was beschikbaar?? wanneer de aankomst in NY??

    We spreken een datum af - gaan een vlucht naar NY boeken in 't reisagentschap

    De kogel is door de kerk: we gaan ...

    De wagen klaarmaken
    Eerst naar een installateur van LPG om de gastank volledig leeg te maken en de leidingen door te spuiten - attest is nodig

    We wisten dat tijdens de boottocht nogal eens wat voorwerpen uit de auto gestolen werden - de sleutels blijven op de wagen steken voor de vlugge afhandeling en in geval van nood.
    Op zijdeur en achterdeur een slotje binnenin bijgeplaatst - het fietsrek(voor de rolstoel)  hebben we in de middengang gezet en vastgemaakt met ketting zodat de doorgang van de stuurkabine naar de leefruimte een beetje versperd was.
    Al ons gerief stopten we in de zitbanken en sloten af met slotje.... ook het bestek hebben we weggestoken want.... ze gebruiken het om slotjes open te breken.
    (ze zijn wel onderweg in de wagen geweest (vuile voetsporen op de kussens) maar er was niks weg en kapot.

    Ook reserveonderdelen meegenomen: oliefilter, luchtfilter, dieselpomp, riemen ...

    De auto moest een dag voor vertrek in Zeebrugge zijn. De aflevering geen heel vlot omdat alle papieren reeds klaar waren.
    Daar vertelde men ons dat men ook rechtstreeks via Wallenius (of andere) kan en de douaneformulieren op het havengebied zelf in orde worden gebracht.

    Uiteindelijk was het dus een fluitje van een cent.

    Het ging zo vlot dat we, toen we onderweg waren naar huis vaststelden dat we de wagen en sleutels achtergelaten hadden zonder daarvoor een ontvangstbewijs te hebben gekregen.....

    't Was dus bang afwachten

    Het zou een overtocht zijn van 8d maar we konden slechts de 10e dag de wagen ophalen (lees verder verslag)

    Wat ik zeker de volgende keer zou insteken: wat instantsoepjes, chocolade (als 't niet in de zomer is) en mijn konfituur....
    Het enige dat we ginder misten was een goeie degelijke boterham ipv toastbrood dat ge tot een paar cm kon samendrukken
    ....

    21-02-2007 om 16:57 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (6 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Van NY via de kust van New England naar Canada

    28 Mei 2001 - 1 juni 2002

                                       VS - Canada - Mexico - Guatemala - Belize
     

    deel 2

    Van NY via de oostkust (NewEngland) naar Canada 

    Het is de eerste keer dat we voor zo lange tijd vertrekken. Het afscheid nemen doet dan ook serieus raar.

    We vliegen met Air Lingus van Brussel naar Dublin. Hier moeten we een tijdje wachten op onze vlucht naar Newark, New Jersey. Nergens zien we op borden deze vlucht aangegeven. Op hetzelfde uur vertrekt er wel een binnenlandse vlucht naar Shannon. Blijkt dus onze vlucht te zijn. Nergens, zelfs niet op de tickets stond aangegeven dat er een tussenlanding was.
    In Shannon moet iedereen uitstappen. Ik blijf wachten tot ze me met de rolstoel komen halen maar dat zijn ze blijkbaar vergeten en wij blijven rustig zitten. Plots grote paniek dat wij nog daar zijn. We moeten hier naar de Amerikaanse immigratie. Wisten wij veel. Het is dan ook van vlug, vlug. Aan de balie gaat het tergend traag. De vlucht vertrekt dan ook met vertraging.

    Verenigde Staten

    In Newark landen we in block B.
    We halen onze bagage op en reppen ons naar de info balie. Hier valt weinig te rapen. Geen citymap- geen subway, trein of bus info. Alleen hotel en tour reservaties.
    Er is een andere desk: ground transport information, waar men ons wel alle uitleg kan geven maar ook hier hebben ze geen kaarten of timetables.
    Bijna alle hotels hebben een gratis shuttle dienst. Daarvoor moeten we met het monorail treintje naar station E.  (de andere haltes zijn: A,B en C voor de luchthaven blocks, D1, D2 en D3 voor de parkings)

    Wij hadden van thuis een kamer geboekt bij Econo Lodge, New Jersey voor 81$ taks in/kamer/ontbijt/senior
    Het is te laat om naar Wallenius te bellen. Gaan enkel nog naar de "7 eleven" om drank te kopen en een telefoonkaart. Douchen en naar bed.

    We zijn vroeg wakker en gaan uitgebreid ontbijten. Ik voel me niet zo best en heb keelpijn.
    We popelen om nieuws te horen van Wallenius want we zijn er toch niet zo gerust in. Hebben de auto in Zeebrugge afgegeven zonder bewijs te krijgen. En met al die berichten over diefstallen aan en in de wagens.
    De boot is er nog niet wegens slecht weer op zee. Ze verwachten hem deze avond laat. 

    We gaan dan maar NY bezoeken. We kunnen met de shuttle bus naar de luchthaven .
    Daar nemen we bus 62 naar Pennstation/Newark. 1$- voor senior/gehandicapten 0,45$ te betalen met gepast geld want ze hebben geen wisselgeld. Sommige bussen hebben faciliteiten voor rolstoelen (in de periferie niet alle) en voorbehouden plaatsen voor mindervaliden.
    NJtrein naar NY  1,75$  - 1,10$ senior/gehand.  Retour: dubbel. Speciale faciliteiten en plaatsen voor gehandicapten.
    We stappen uit in Pennsylvaniastation- centraal in Manhattan. Het is een enorm groot complex en men kan er rechtstreeks naar de metro.
    We foefelen een beetje met de automaten om aan onze Fun Card te geraken. Deze kost 4$/pp/24u met onbeperkt gebruik van subway en bus in het city center.
    Plan subway is gratis te bekomen aan sommige kiosks in het station. Busplannetjes bij elke buschauffeur.
    We vragen er dan ook ééntje bij de eerste bus die stopt en zien dat we zonder problemen heel de stad kunnen doorkruisen. En ALLE bussen hebben een rolstoellift en een speciale verankerplaats.
    Nooit zoveel gehandicapten zelfstandig met de bus zien reizen en nooit zo’n behulpzame chauffeurs gezien. Stoppen en stappen uit als er een sukkelaar aan de bushalte staat.

    HOED AF EN EEN DIKKE MERCI VOOR AL DEZE MENSEN.

    Wat ons ook opvalt is dat alle buschauffeurs kleurlingen zijn (afro) en bijna de helft zijn vrouwen.
    NY is aan de bussen en de taxi’s. Veel politiewagens, brandweer en vuilkarren, wat leveranciers met truck of cammionette, enkele privéwagens en heel veel voetgangers.
    Tijdens een busrit van Nord Harlem naar South Ferry krijgt men een overzicht van de inwoners; van de gekste figuren in Harlem tot omhooggevallen yuppies in het financieel district. Hoe gek men er ook bijloopt niemand lijkt er aanstoot aan te nemen. Er zijn ook veel daklozen maar we hebben niemand echt zien bedelen.
    In Central Parc zijn zoveel joggers en rollerbladers dat men rond het waterbassin éénrichtingsverkeer heeft ingesteld.
    We lopen over Broadway met zijn enorme reclameborden. Op Times square staan lange rijen aan te schuiven voor last-minute tickets voor de voorstellingen. De ene leest een boek, de andere werkt op zijn laptop, twee jongeren jongleren. De politie op de fiets, in short met blinkende gespierde benen, slaat hier en daar een praatje. Een drukte maar heel relaxt.
    We verkijken ons op al die hoge torens: Chrysler, Empire, Twin Towers enz. 
    Als we in het civic center zijn met de City Hall en de verschillende gerechtsgebouwen begint het ineens heel fel te regenen. Iedereen schuilt. Water gutst overal tussendoor. De straten staan in een minimum van tijd blank. En dan leren we een ander aspect van NY kennen: iedereen praat tegen iedereen, sjofel en chique, blank en zwart… De bui is over en ieder gaat weer zijns weegs.Een heel aparte ervaring.
    We lopen nog langs Woolworth Building en St Paul’s Chapel. Aan het WTC is een zelfbedieningsrestaurantje waar we gaan eten en een beetje bekomen van al het rijden en stappen. Men betaald er per gewicht dat men op zijn bord schept.
    Via Tobin Plaza naar de Twin Towers. Boven is er een uitkijkplatform
    Langs Little Italy en Chinatown naar het financieel district.
    Trinity Church en NY Stock Exchange brengen ons in Wall street waar ook de Chase Manhattan en JP Morgan hun zetel hebben en de Fed. Reserve Bank.
    We springen nog even op de bus naar Battery Park vanwaar de ferry naar Staten Island vertrekt.
    Doodmoe stappen we terug op bus, metro, trein en bus naar Newark. Het shuttle busje brengt ons terug naar ons motel.
    Hebben de ganse dag niet veel tijd gehad om aan de kampeerauto te denken. Hopelijk morgenvroeg goed nieuws.

    Terug een prachtweertje. Ben zo hees dat het bellen niet goed wil lukken. Vermoedelijk iets opgescharreld tijdens de vlucht van warm naar airco enz. Zal maar vlug starten met AB
    We laten dan maar een taxi bellen om naar de haven te rijden. De taximan spreekt moeilijk Engels en we verstaan hem slecht. Het is een latino uit Guatemala. Zelfs met een roadbook vind hij de lokatie niet
    Distributionstreet, 340, Port North/ Porth Newark
    Hij blijft maar rondrijden en we moeten hem aanporren om zich eens te bevragen.
    Blijkbaar waren we er al dicht bij geweest. Het is een afgerasterd terrein waar een paar houten keten op staan.
    Het zal vandaag niet meer lukken om de vracht vrij te geven. We laten ons terugbrengen naar het motel en rekenen af. Amaai een dure rit voor niks (46$) en het is slechts 5miles van de luchthaven voor langs de parkings.

    We boeken een nachtje bij. Dus gaan we nog een dagske NYen. We weten nu de weg.
    Er is nog zoveel te zien dat we goed moeten kiezen. Er zijn heel veel musea maar die trekken ons niet zo fel. Gaan vandaag stappen in Harlem en de Columbia University die aan de Hudson ligt. Kijken onze ogen uit maar houden onze creditcard goed opgeborgen als we door 5th Avenue lopen (poep chique winkels). Gaan naar de NY Public Library om te emailen. Er is een bericht van Els: ze hebben hun handen vol met het verwijderen van de virussen en rommel op mijn pc; de Kaya breekt verschillende keren uit (misschien wel op zoek naar ons ); ze heeft een huizeke gevonden.
    We kijken nog eens binnen in een paar kerken en nemen dan de bus naar Greenwich village.
    Om de dag af te ronden nemen we terug de bus naar Central Park en ontmoeten Belgen die reeds vele jaren hier wonen. Zitten wat op een bankje te genieten van de paardenkoetsen en een bus met Japanners die bijna in extase raken. Hier en daar hebben we een babbeltje. Kan me niet herinneren in Brussel ooit aangesproken te zijn geweest.
    We stappen terug langs de Av. of the Americas, vergapen ons aan de Radio City Music Hall en slepen ons doodmoe naar de metro. Hier nog even een grootwarenhuis in om wat drank en eten aan te kopen. In Pennstation gaan we onze eerste Mac kopen. Zullen dat niet te dikwijls doen denk ik.
    In ’t motel nog even de kranten doornemen en naar bed.

    Bij Wallenius hebben ze goed nieuws. We mogen de auto gaan ophalen.
    Aan de balie bellen ze een taxi. We rekenen af en moeten een supplement van 12$ betalen voor onze telefoontjes naar Wallenius. (slechts 25km af maar in een andere staat is voor hen dus internationaal...)
    We weten nu de weg en zijn op een tiental minuten daar.
    We krijgen papieren waarmee we naar de douane moeten in de Corbinstreet. Gelukkig hebben ze een plannetje zodat we het probleemloos vinden.
    Voor wie ooit wil debarqueren in NewArk: Vanaf de luchthaven Port volgen dan Portstreet, Corbinstreet, re Kellogstreet, li Marlinstr, re Distributionstr aan de rechterkant.
    Bij de douane vragen we of het niet mogelijk is de wagen langer in de VS te laten. No way- car illegal in the US will be confiscated.
    Stempel op de papieren en terug naar Wallenius. Pa krijgt een papier om wat verder op een parking de wagen te gaan ophalen. Gaat heel vlot.
    We rekenen vlug af met de taxi en betalen slechts 18$ deze keer.

    Ik schrik wel even als ik ons bakske zie. De linker kant glinstert van het zeezout.
    Als we de deur openen zien we dat ze er in geweest zijn. Over de zetels en de rolstoel gekropen. Er staan voetsporen op de kussens. Voor zover we kunnen zien is er niets weg.We hadden wel goed onze voorzorgen genomen: alles goed afgesloten, bestek weggestoken (dat hadden ze bij vrienden gebruikt om aan de kast te wringen)
    We plaatsen het fietsrek en de rolstoel er op. Zo goed als mogelijk vullen we de kasten.
    Het eerste dat we moeten doen is tanken en LPG indoen. LPG tank was leeggeblazen voor vertrek
    Diesel aan 1,379$/gallon  -1$=  ongeveer 39 à 40 bf   Propane zullen we verderop moeten zoeken en ook een carwash waar we in kunnen.
    Ik voel me nog steeds ziek maar dat zal vlug over zijn als we rijden….

    We zijn vertrokken

    We nemen de 1-9 noordwaarts. Ergens zijn we de grens NJ/NY overgestoken maar hebben er niets van gezien.
    Eerst is het een drukke Hway tot voorbij de Lincoln Tunnel. Daarna is het een verschrikkelijk slechte weg. Aan de linkerkant zien we propane. We moeten er vele mls voorbij rijden voor we kunnen draaien. Ze naaien er ons een oor aan. We betalen 3$/gallon en er zit ook geen overdrukbeveiliging op. Gelukkig is hij leeg en weten we hoeveel er in kan.
    We nemen de Palissade Interstate Parkway. Hier is het mooi rijden en er zijn heel mooie uitzichtpunten op de Hudson River, the Bronx en Manhattan.
    Stony Point Battlefield is gesloten. Hier hebben de engelsen in 1779 hun laatste slag in het noorden verloren. We parkeren op een grasplekje om wat te eten. Nog niet gewoon van te rijden met het rek achterop kust hij de boom die achter de auto staat. Alleen wat schade aan de hoek van het fetsrek.
    We rijden West Point binnen via de Stony Lonesome gate. Waren benieuwd na het zien van verschillende films over de opleidingen hier en de faam van de academy. Er is een wachthokje en we worden welkom geheten met een folder en een plannetje van het domein. We komen aan een grote rustige parking. Er staat nog een motorhome en we besluiten hier te stoppen en te overnachten. De eerste dag op de baan was zwaar genoeg. Slapen dus op het militaire domein...
    We worden vroeg wakker en horen de vogels fluiten in de bomen. Goed uitgerust willen we kriskras door het domein rijden.
    Het is een mooi park. Er zijn een paar vijvers en het terrein is golvend. We stoppen regelmatig om te genieten van een mooi uitzicht of een mooi gebouw (sommige reeds van de 18e eeuw – de meesten mooi gerestaureerd) Er zijn veel sportvelden die reeds druk gebruikt worden.
    Op het paradeplein is er ook reeds veel activiteit. Gelukkig is er op de parking voor gehandicapten nog een plaatske vrij en niet te ver van het podium. Het is nochtans nog maar 7u ’s morgens.
    Gedurende een hele week zijn er parades door en voor de gegradueerden. ’s Morgens worden oefeningen gehouden. De parades gaan meestal door rond de middag of in de namiddag. De familie van de gegradueerden komt massaal  om werkelijk alles te kunnen meemaken. Met stoeltjes, koelboxen en bloemen installeren ze zich rond het immense paradeplein en ze zijn heel fier. Om 10 u ziet het er al zwart van ’t volk. De grote podia zijn voorbehouden voor de hoge pieten en daar hebben ze hier geen gebrek aan te zien aan de lijsten van de genodigden die uithangen.
    Omdat het nog maar oefeningen zijn installeren wij ons op de banken. Heel discreet wordt ons gevraagd om straks plaats te ruimen. We zijn echter niet zinnens hier een ganse dag te blijven.
    Aan het North Dock aan de oever van de Hudson is een parking voor RV’s voorzien en er staan er een aantal met luifel uit en stoeltjes buiten.
    We verlaten het domein langs de Thayer Gate. Daar is ook het Visitor center en een museum

    Er zijn nog veel bezienswaardigheden hier in de omgeving: Storm King Art center, Boscobel mansion, Vassar college, de mansions van de Vanderbilt’s en de Roosevelts en Hyde park.
    We zijn echter 2 dagen langer in NY gebleven dan voorzien en willen verder noordwaarts. Voor we terug huiswaarts verschepen willen we hier nog wel wat rondrijden.
    We volgen verder de parkway tot Newburgh en nemen den Hwy 84 oost.
    Na veel vragen en rondrijden vinden we eindelijk een Foam carwash in Fisshill waar we met ons bakske binnen kunnen. Gelukkig is er een wisselautomaat want we hebben heel wat quarters nodig voor hij proper is. Eindelijk kunnen we weer rustig van de omgeving genieten in plaats van naar carwashes te zoeken.
    In de bib hier kunnen we ook gratis emailen. De kleinste dorpen hebben een public library en deze is meestal aangegeven door een bord met pictogram (vrouwenhoofd en boek in de hand)
    Ze krijgen hier niet veel toeristen over de vloer en zijn benieuwd van waar wij zijn. Belgium? It ’s in Brussels? Oeps een beetje les in aardrijkskunde dus..
    We gaan hier ook winkelen en deftig onze voorraad indoen.Het meeste brood hier is toastbrood en niet duur. De broden die wij gewoon zijn kosten driemaal zoveel. Groenten en fruit zijn ook prijzig en alles staat aangeduid in Lbs (pounds -1kg = 2,3lbs) Het is wel effe omrekenen.
    We rijden miles = 1,6 km en meten in inches=2,54 cm, feet=0,3Ocm, Yards=0,91m
    We tanken gallons = 3,79 liter
    Wegen doen we in ounces=28,35 gr, pounds= 0,45kg of 1kg=2,2 pounds (lbs),
    We betalen met $= 39,5 tot 40bf

    Connecticut
    Terhoogte van Danbury rijden we Connecticut binnen. In het visitor center krijgen we een kaart van de staat en wat uitleg over wat er te zien is via de scenic 7 road. We krijgen er ook een drankje aangeboden. Er is ook een 24u RVdump.
    We volgen een tijdje Lake Candlewood en af en toe stoppen we op een restarea met alles erop en eraan.
    In Bulls Bridge is er een overdekte brug over de Housatonic river en kruisen we de appalachian trail (een lange afstands trail 200mls van Maine naar Georgia) We volgen de Schachticoke road  door het Schahticoke indian reserve en rijden voorbij een oude indiaanse begraafplaats. In Kent wonen veel kunstenaars en dat is er aan te zien. Heel gezellig.
    Kent Falls state park is aangenaam om wat te stoppen en een stapke te doen.
    Ter hoogte van Cornwall bridge en Mohawk state park zijn er ook verschillende mooie rest area’s. In West Cornwall is er ook nog een mooie overdekte brug gebouwd in 1864. De namen van de stadjes getuigen van het pioniersverleden en laat vermoeden dat vooral veel Engelsen hier neerstreken.
    We hebben de indruk door een enorm groot park te rijden. Mooie banen met heel nette kortgemaaide wegbermen. Veel ruimte en groen rond de huizen en ook hier prachtige gazons.
    Even voorbij Canaan steken we de grens over naar Massachusetts.

    Massachusetts

    Hier geen visitor center en dus ook geen state map. De state visitor centers situeren zich bij ’t binnenrijden van elke staat via de Hway’s.
    Massachusetts was de eerste staat die in 1783 slavernij illegaal verklaarde.
    Bartholomew’s cobble: een mooie rotspartij met wandelweg aan de Housatonic.
    We komen hier in The Berkshires.
    Vanuit Great Barrington kan men de Tyringham valley volgen . Hier vestigden zich veel volgelingen van de Hancock quakers. Vooral kunstenaars waren tot deze vallei aangetrokken: schrijvers, schilders, acteurs en sculpteurs. Zoals Henry Kitson die voor zijn atelier een soort sprookjeshuis liet bouwen: the Gingerbread House= het peperkoekenhuisje.
    De wandeling naar de top van Monument Mountain is te moeilijk voor ons. Het was vroeger een arendsnest voor de indianen.
    Stockbridge is ook een aangenaam stadje en er is heel wat te beleven. Het Mission House werd door John Sergeant gesticht om the Mohicans te evangeliseren. Na zijn dood trokken ze echter weg richting Wisconcin omdat de nieuwe kolonialen hun hun vrijheid niet gunden
    In Tanglewood hebben we een uitzicht op de Stockbridge Bowl een meer dat in de zomer als decor dient voor grote symphonische concerten.
    Pittsfield is de hoofdstad van de Berkshires en heeft dus veel winkels. Van hieruit kan men het Hancock Shaker Village bezoeken. Deze quakers immigreerden van Manchester in Engeland. Ze onderscheidden zich van de anderen door de danspassen die ze deden tijdens de ceremonieen. Ann Lee, één van hun volgelingen had in de gevangenis een visioen over de dubbele natuur, man en vrouw, van Christus. Ze werd daarvoor in Europa achtervolgd en vluchtte naar de VS. Ze beslissen zich van de wereld terug te trekken om het rijk van God op aarde te verwezenlijken.
    Ze hebben vier grondregels:
    -gescheiden leven van de seculiere wereld
    -celibaatswens met scheiding maar gelijkheid der geslachten
    -collectieve eigendom
    -openbare biecht
    Ze namen regelmatig wezen op om als groep te kunnen overleven. Hun produkten worden overal geprezen voor de hoge kwaliteit en worden in catalogussen aangeboden.
    De laatsten zijn hier in 1960 vertrokken. Het is nu een museum. We staan spijtig genoeg voor een gesloten poort en moeten ons tevreden stellen met de brochures.
    Williamstown is vooral bekend als halteplaats op de Mohawk trail.

    Vermont

    We steken de grens over naar Vermont en vinden een grote parking voor de nacht rechts aan het Vermont Information center te Bennington.
    Het is beginnen regenen. Nu heeft onze pa last van keelpijn. Het zal toch zeker geen “ziekteverlof” worden?
    Het heeft de ganse nacht geregend en het regent nog. Niettegenstaande hebben we allebei goed geslapen.
    We zijn om 6u15’ opgestaan en om 7u rijden we. Geen state map wegens te vroeg en info nog gesloten.
    Het is weer een mooie route maar het zegt niet veel met de regen en de bewolking.
    In Manchester verlaten we de scenic 7 en rijden oostwaarts via de 100 langs Londonderry naar Bridgewater en daar de 4 richting White River Junction
    In Woodstock – neen niet dat van de psychedelic picnic, dat ligt in NYstate-  weten we niet goed wat we zien. Op het gazon voor de city hall staat een groepje mensen op een rij te oefenen met de zwiepengel. Vissen op ’t droge dus. Durf geen foto nemen. Zou iets voor Elie zijn.Het stadje gaat er prat op de eerste skilift te hebben geinstalleerd in 1934. Het was een kabel getrokken door een automotor op de hellingen van de Suicide Six.
    We steken de grens en de Connecticut river over naar New Hampshire richting Lebanon.

    New Hampshire

    Via de 10 noordwaarts. Ter hoogte van Hanover ontdekken we dat we een lek hebben aan het dakvenster van de badkamer. Pffffffff we zijn precies onder een slecht gesternte aan onze reis begonnen.
    We steken terug de rivier over en gaan in St Johnsbury op zoek naat tape en siliconen. Geprobeerd om het van binnenuit te fixen maar het lukt ons niet. De tape lost.
    In Monroe een tiental mls zuid zou er een RV repair zijn. We hebben hem vlug gevonden en ze herstellen het voor 20$ (drooggeblazen en coating op gedaan)
    Of het zal houden? Het is ondertussen gestopt met regenen. Hopen maar.
    Via Littleton nemen we de 202 en gaan met een bocht door de White Mountains rijden. Deze streek is beroemd voor haar Indian Summer. In het najaar kan men  dagelijks de vordering van het kleurenpalet volgen via internet of info vragen via telefoon.
    We hadden graag de 3 naar Lincoln genomen en dan west via de 112-Kancamagus hway maar er zouden slidings zijn door de overvloedige regenval van vorige dagen.
    We volgen de Bear Notch. Dit zou in de herfst het mooiste stukje zijn.
    Bretton Woods, het eerste plaatsje dat we aandoen is niet zozeer gekend voor zijn natuurschoon maar voor de monetaire akkoorden die hier door de Verenigde Naties afgesloten werden in 1944  en waarbij afspraken voor de internationale wisselmarkt gemaakt werden en de prijs van het goud vastgelegd op 35$/ounce.
    We rijden voorbij de Silver Cascade en stoppen even aan Willey House cafetaria om vast te stellen dat het uitzicht beperkt is en we geen bergen zien.
    Naar Arethusa Falls is het een 2u wandeling en zeker niet te doen met deze modder. We blazen en vragen ons af wat we hier komen doen.
    In Bartlett willen we niet verder zuid.
    We rijden naar Glen en vandaar noordwaarts naar Glen House en Mt Washington.
    We volgen de Ellis river en het water is heel wild. Het klotst over de brugskes. We rijden door een kloof. Glen Ellis Falls is spectaculair.
    In Glen House loopt het vol trekkers. Iedereen zit vast want alle trails zijn voorlopig gesloten. Er heerst wel een heel speciaal sfeertje. Vergelijk het met die aan de berghutten in zwitserland. Alleen het uitzicht ontbreekt.
    De route naar Mt Washington is een tolroad. Daar vertrekt de Cog Railway die de doorsteek naar Fabyan mogelijk maakt. Het was een hele toer in 1869 om hellingen tot 37% te overwinnen. Geen optie vandaag met al die mist in de bergen. We willen niet te lang op de parking blijven staan want als het nog een goeie geut doen kan ons bakske als bootje dienst doen.
    We rijden terug tot Glen en zoeken ons een plaatsje op de parking van Story Land. De parkwachter komt even horen of we blijven staan en het mag als we hier morgen een bezoekje brengen. (het is een sprookjesland voor kinderen!!!) Er zijn nog andere parkings maar hier staan we droog en niet onder de bomen.
    We ergeren ons al een paar dagen omdat de GSM geen ontvangst heeft. Tussen de bergen OK maar in de steden? Hadden betere ontvangst in de Westelijke Sahara dan hier.
    Het regent weer volle bak. Het loont niet hier in de bergen toertjes te rijden. De sprookjes laten we ook voor de kinderen. We vertrekken zoals vorige dagen reeds rond 7u
    Via North Conway en de 302  rijden we richting Portland in Maine.

    Maine

    Het is een heel mooie en aangename baan, lanen met majestueuze bomen, soms langs een meer. Het is ondertussen wat opgeklaard en het is aangenaam rijden. Af en toe zelfs een waterzonneke.
    Via de 77 rijden we door het cetrum van Portland naar de haven Voorbij de oude haven en via de Eastern promenade over één van de vele grote en mooie bruggen noordwaarts. Ook dit is een heel mooi stuk met regelmatig prachtige zichten op de kust.
    Bath is bekend voor de Bath Iron Works en de bouw van grote schepen. Ook een hele reeks  bekende zeilboten en windjammers.
    Even voorbij Brunswick slaan we af naar Boothbay harbor dat op één van de vele schiereilandjes ligt.
    Heel deze streek werd van de indianen gekocht voor 20 pelsen van CASTORS
    Het is een badstadje vooral geapprecieerd door zeilers wegens de wind en de heel vele inhammen en eilandjes. De straten zijn één winkeltje en restaurant. Het is zondag en heel druk. We vinden een parking aan een monument aan zee een beetje buiten het centrum. We genieten er van onze lunch en een uurtje platte rust.
    Camden ligt aan zee omgeven en beschut door heuvels. Achter de public library is een amfitheater met als decor de wilde kust. We willen hier absoluut ooit terugkeren. Het is wondermooi. We hebben ogen tekort.
    Het is wel terug beginnen regenen en er hangt een dikke mist boven de kuststrook.  Veel stoppen zit er niet in en we passeren het ene mooie plaatsje na het andere.
    In Bucksport zouden we naar Bleu Hill en Deer Isle gaan maar we zien met moeite waar we rijden. Niet dus.
    Ook Acadia NP zit in een erwtensoep. We rijden alleen tot Bar Harbor voor het visitor center.
    Ze geven voor de eerst volgende dagen hetzelfde weer dus loont het niet om hier rond te blijven hangen. We vinden het zonde maar onze pa wil zeker in Alaska geraken.
    We rijden door tot in Calais, aan de Canadese grens 
    Af en toe trekt de mist wat op en hebben we een mooi uitzicht. Zucht, zucht, zucht..
    Slapen op de parking van het visitor center aan ’t water.

    We hebben een heel rustige nacht gehad. Geen regen gehoord. Als we de rolluiken opdoen zien we zelfs het zonneke schijnen.
    We gaan naar het visitor center en doen onze voorraad kaartmateriaal in. Willen gaan emailen maar de Library is maandag voormiddag gesloten.
    Aangezien de diesel in Canada een stuk duurder is willen we onze bak hier nog volgooien. In Calais vinden we geen station dat diesel heeft maar onze pa had er onderweg eentje gezien. We rijden dus eerst terug. Hoeveel km.? Ik weet het niet juist maar ’t waren er veel. Hadden het beter niet gedaan...

     


     

    21-02-2007 om 15:34 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (4 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Canada Info

    Info Canada

    Info verschepen, verzekering, telefoneren enz. zie INFO VS
    klik hier



    gebruikte reisgidsen
    Lonely Planet Canada
    Lannoo


    Canadese ambassade  00 32 2 7410611

     


    www.gotocanada.nl

    www.travelcanada.ca

    www.canada300.nl                          luchtvaartmaatschappij

    www.ocanada.nl                              ambassade nl

    www.cic.gc.can                                immigratiedienst

    www.viarail.ca                                 trein    
    www.greyhound.ca                          bussen

    www.ccra-adrc-gc.ca/visitors          teruggave GST - taksen op gekochte goederen enz.
    www.weather.ec.gc.ca                     weer

    www.parkscanada.pch.gc.ca          nationale parken

    www.tourismvancouver.com          Vancouver

    www.tourismcalgary.com               Calgary

    www.tourism.ede.org                      Edmonton

    www.tourism-toronto.com              Toronto

    www.tourism-montreal.org             Montreal

    www.halifaxinfo.com                      Halifax

    www.bcferries.bc.ca                        BC ferries

    www.marine-atlantic.ca                  ferries atlantisch Canada

    www.aircanada.ca                           air Canada

    www.airtransat.com                        chartermaatschappij

    actp@tiapei.pc.ca                            Nederlandse  versie vragen

    http://exploreNS.com                      gratis exemplaar “Doer’s and dreamer’s complete guide to Nova Scotia

    www.ontariotravel.net                    Ontario

    www.tourismNBCanada.com         New Brunswick

    www.helloBC.com                           Britisch Columbia

    www.touryukon.com                       Yukon

    www.nunatour.nt.ca                       Northern terr.

    www.gov.nf.ca/tourism                   New foundland en Labrador

    www.bonjourquebec.com               Quebec

    www.travelmanitoba.com               Manitoba

    www.sasktourism.com                    Saskatchewan

    www.travelalberta.com                   Alberta

    info@tundra-buggy-tours.com       Churchill  -ijsberen zien

    Ingrid@frontiersnorth.com                  

     

    21-02-2007 om 11:41 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.allerlei info over reizen
    zowat van alles - lijst zal verder aangevuld worden



    www.diplobel.fgov.be
                           ambassades

    www.hruniverse.com/mc.htm            OPZOEKEN van alles en overal


    over luchthaven en vliegen

    www.oag.com                                   search en links alfab.lijst alle luchthavens
                                                             vluchtinformatie-reistijden-vertrek en aankomst                
                                                             WERELDWIJD ALLES OVER VLIEGEN

    www.brusselsairport.be
    www.3.sympatico.ca/donna.meshersy/airports.htm   slapen op luchthavens
    www.flightbrokers.nl/vliegen/

    Reisboeken
    www.elmar.nlwww.roughguides.com
    www.travel.roughguides.com/talk
    www.lonelyplanet.com
    www.marco-polo-reizen.com
    www.event.te.be

    Toeristische diensten
    pagina.nl

    Cyprus               cyprus@glo.be
    Denemarken      www.denemarken.dt.dk  denemarken@wxs.nl
    Duitsland          
    www.germany-tourism.de
    Finland
                  www.mek.fl www//virtual.finland.fl
    Frankrijk           www.maison-de-la-france.fr  
                                    maisondelafrance@pophost.eunet.be    www.franceguide.com
    Groot brittanie   www.bta.org.uk

    Guersney          
    www.tourism.guersney.net
     Ierland             www.ireland.travel.ie
    Israel                www.infotour.co.il www.travelnet.co.il
    Italie                 www.enit.it
    Jersey               www.jersey.gov.uk/tourism
    Luxemburg       www.etat.lu/tourism
    Malta                maltaams@worlonline.nl
    Nederland         www.nbt.nl/holland 
    Noorwegen        www.werelds.com/noorwegen
    Oostenrijk         oewbru@pophost.eunet.be 
    Sri Lanka         Srilanka@sebernet.co.uk.org/
    Zwitserland       www.switzerlandtourism.ch


    VS                    www.visitusa.org

    Zuid afrika       
    www.southafrica.co.za

    Europese veerdienstenxml:namespace prefix = o />

    www.colorline.com                    scandinavie

    www.dfo.de                               dui – scandin

    www.hhferries.se                      scand

    www.trabel.com/oostende/holymanferries.htm

    www.holyman-sally.com            oostende
    www.hoverspeed.co.uk

    www.irish-ferries.ie

    www.minoan.gr                        griekenl

    www.poef.com/poef                   zeebrugge

    www.ponsf.com/ponsf               north sea ferries

    www.greekislands.gr                 griekenl

    www.epirotiki.com                    griekenl

    www.scansea.com                     nederl scand

    www.silja.fl                              scan

    www.sncm.fr                           frankrijk ital  noord afr

    www.stenaline.se

    www.kair.gr/SFF/                   griek

    www.ttline.de                          scan

     

    internationale busiensten

     

    www.eurolines.com

    www.nationalexpress.co.uk

     

     

    autoverhuurbedrijven

     

    www.freeways.com                alamo? Of www.Alamo.com

    www.avis.com

    www.budget-rac.be

    www.europcar.com

    www.ecr.co.uk                      european car rental

    www.hertz.com

     

     

    van alles wat

    www.earthwisdom.com

    www.photogypsy.com                           mooie foto’s

    www.nativeweb.org                              oorspronkelijke bewoners

    www.passengerrights                           reizigersrechten

    www.fieldingtravel.com                       gevaarlijkste plekken ter wereld

    www.earthcam.com                             foto’s toeristische attracties

    www.webshots.com/photos/travel.html droomlandschappen

    www.africam.com                               wilde dieren

    www.ssanimation.com/site                   opslaan bewegende beelden re muisklik



    http://reis-start.be

    www.hostels.be


    www.voordeligrijden.nl

     

     


     

     

    21-02-2007 om 11:36 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Verenigde staten: INFO
     

    Info VS 


    www.usembassy.be

    www.usinfo.be

    www.visum.nv

     

    Belgisch ereconsulaat in Houston (voor US en Zamerika)

    2929 Allen parkway suite 2222, Houston

    tel 1713 5290775  fax  1713 224 1120


    Mexicaanse ambassade  00 32 2 6290747

                            Douane      00 32 2 6290777

     

    www.blm.gov   BLM  bureau of land management

    www.usps.com  POST  alle info: zipcodes-locations-openingsuren enz.

     

    www.greyhound.com  intercity bussen

     

     

    INFO PER STAD

    www.playvegas.com

     

    kaartmateriaal : roadbook heel goedkoop en goed 

    www.walmart.com

    Good sam club

     


    RV INFO

    SeaBridge, Tulpenweg, 36, D4023  Dusseldorf

    Tel 0211 2108083    fax  0211 2108097

     veel te duur -beter zelf organiseren - wel goed om info vast te krijgen over routes enz...



    veel info over staanplaatsen en routes
     

    www.boondockers.com

    www.escapees.com  tel 888 7572582  club.business@mail.escapees.com

    www.freecampgrounds.com 

     

     


    www.trailerlife.com

    www.bornfree.com

    www.roadtrek.com/FMC

    www.familymotorcoachassoc.com

    www.lazydaze.com  newsale@lazydaze.com

    www.lazydays.com  800 7800 ext 6000

    www.roadtrek.com

    www.chinookrv.com

    www.moturis.com       info@moturis.com

    www.rvworldinc.com     rvworldinc@aol.com

    www.earnhardtrv.com 1800 5308438

    www.stackmannrv.com  1800 282 0882

    www.pleasureway.com 1800 3640189

    www.dynamaxcorp.com  1888 295 7859

    www.holland-motorhomes.com  1800 2217197

    www.rvamerica.com

    www.carnivalcaravans.com

    http://joesrv.com

    www.casanovarent.com

    www.LSRVsales.com

    www.gulfstreamrv.com

    www.bates-rv.com

    www.riversrv.com

    www.rvworldinc.com

    www.recusa.com

    www.rvrent.com  

    www.canadian.motorhomeholidays.com

     

    kleine Motorhomes: Leisure Tinie RV’s  3898 W Colonial Drive, Orlando Fr 32808

    prijzen van 2°hands:www.nadaguides.com/values

                                     www.CL.com.transatlanticautomobile


    Nederlandse firma voor de VS (duur)
    www.transatlantic.nl

                                     Afdeling in Belgie: Molenweg,63  3770 Vlijtingen/Riemst  

                                      Tel 012 456385

      

     

    Elmonte

    Cruise America

    www.rvsearch.com/search

    Rvbuyers

    www.rv.org   (rates)

     

     

    Kopen rv in VS– opletten

    Totaal gewicht verchillend van totaal toegelaten max. gewicht - soms is er slechts een heel klein verschil

    Dieselmotoren: cummins en carterpillar

    Temporary licence om naar andere staat te rijden waar je wil laten registreren.

    Taxen verschillen fel in de verschillende staten     vb Texas goedkoop- Florida duur

     

    Camperwinkels – campeergerief/rv onderdelen enz

    www.campingworld.com    in Texas: Denton-Mission-New Braunfels

     

     

    rv clubs

    www.escapees.com

    club Fleedwood

    Good Sam Club  PO Box 11096  Desmoines IA  50380 1096

    www.clubtravel.com


    overnachten

    www.travelcoupons.com

    www.roomsaver.com

    www.freecampgrounds.com

     

     

    goedkope vluchten

    vooral in locale telefoonboeken naar locale maatschappijen kijken

    www.airtran.com

    www.proair.com

    www.yahoo’travel.yahoo.com

    www.sta.com

    www.funforlesstravel.com

    www.justfares.com

    www.jetblue.com   dearjetblue@jetblue 1800jetblue

    www.800fly-4-less.com  1800 3594537

    www.cheaptickets.com  888 802 2849 of 2649?

    www.lowestfare.com

    www.lowairfare.com

    www.bestfare’s.com

    www.faresonline.com  1877 295 5611

    www.airbrokers.com

    www.ticketplanet.com  800 799 8888

    www.travelcuts.com  1866 246 9762

    www.travelzoo.com

    www.digitalcity.com

    www.flycheap.com 1800 359 2432

    www.1travel.com

    www.sdtravelnet.com

    www.asaptickets.com   vlucht/hotel en auto

    www.travelworm.com

    www.lowerstairprice.com

    www.cheapair.com 1888 824 3274

    www.flyvanguard.com

     

     

    Telefoonkaartmaatschappij


    Primus pasport travel card

    1 641 4725000

    0800 17927  Belgie

    1800 17927 USA

    global access system invoice

     

    Net2phone  1800TRAVEL25

                        800TRAVEL25

            belgie   0800 872 83525

    www.123bestrates.com

     

     

    Verschepen

     

    KABC  voor carnet de passage voor Zuid Amerika

     

    Amsterdam   www.portofamsterdam.com

    Containers


    Standard 20 of 40feet

       20feet= L 5,79m   Br 2,25 m  H 2,32m

       40feet=  L 12m     Br 2,33m   H 2,32m

    highcube is hoger

    open top= zonder dak




    Pti – Peter Tiebos

    Prijs voor

    Durban (toen) 1500US$ + 100€

    VS Baltimore en Jacksonville

    1375US$ +100€  Hual

    1425US$ + 100€ Wallenius

     

    Patrick Brusseleers ( weet nu niet meer welke cy –opzoeken

    Jacksonv 54$/m3   BA 64$  Perth 85$  Walvisbaai 90$ Durban 54$ Mombassa 54$

     

    Eric.maurissen@walleniuswilhelmsen.com

    www.2wglobal.com

     

    www.azfreigth.com/azworld   voor alle vervoer – met vliegtuig of boot

     

     

    www.wwlamericas.com

    Wallenius  vooral roro

    Wallenius Wilhelmsen lines,

    188 Broadway, Woodcliff Lake NJ

    tel 201 307 1300  fax 201 307 9740

    ophalen

    340 Distributionstr, Porth North   8-11u45  13-15u45

    customs: Sealand building – 1210 Corbinstr 2°floor   Elisabeth NJ


    haven Newark –depot wallenius - douane

    Us customs in Corbinstr  vandaar naar wallenius:

    Re Kellogstr li Marlinstr re distributionstr 340


    Newark

    All shore forwarders LTD, attention Mr Brian Weiner

    25 commerce drive 3°floor, Cranford NJ 07016

    tel 908 497 1970   fax  908 497 1980

     

    Houston

    Cargo forwarding internat  3020 Greenroad   tel 281 765 0113

    Cargo express  15836 Leeroad    tel 281 441 3300

     

     

    Sims-Waters & associates INC                                            onze maatschappij voor terug naar huis

    444 Talleyrand av, 32202 Jacksonville  Florida USA

    tel 904 356 4455   fax 904 356 8811

    myra@sims-waters.com

    Jacksonville-Newark-Amsterdam-Antwerpen

     

    JohnSJames Co

    1739 East 11th street, Jacksonville FL 32202

    tel 904 356 9646   fax 904 356 0673

     2702 Azalea drive, Charleston Heights SC 29405

    tel 843 554 6400  fax 843 554 4270

    amy@johnsjames.com   Amy Weatherford

     

    www.azfreight.com/azworld   voor alle vervoer  per boot of vlieger

     

    www.sefco-export.com

     

    www.barwil-panama.com

    agent in Panama vooral roro

    www.hlcl.com

    Lapag-lloyd container line

    www.ponl.com

    p&o nedlloyd

    www.nordana.com

    Norwegian Danish containerline

    www.maersksealand.com

    grootste/niet goedkoopste


    V
    ERZEKERINGEN  US EN MEXICO ENZ

     

    Verenigde staten

    Enkele gebruikte afkortingen

    SSN  social security nr

    TIN tax identification nr

    IRS????????

     

    American National   1800 333286O

    Alamo  1877 2526612

    Unistar 1800 3217827

     

     

     

    Thum

    thum@msn.com

    National Interstate, Grand rapids, Michigan  1800 8660777

    Andrea Nelson  1800 9688486  po 563, Dryden NY 13053  USA

     

    AIO American International Underwriters

    North America incorporation –personal lines division

    505 Carr Road, R237A

    Wilmington De 19809 USA

     Tel 1800 3435761  of  1302 7613107

    Fax 1 302 7613110

    Lilian Martinez  1800 343 5761

    Jocelin Valentin 1 302 761 3120  zie op email adressen

    Fax  1 302 761 3302

     

     

    www.aaainsuranceagency.com

    www.affspartan.com

    www.alstate.com

    www.affordableins.com

     

     

    “michael Mandell inc” opzoeken op ’t web

     

    Mexico

    www.concordtexas.com   1800 7252525

     

    Mexico en centraal- en zuid-amerika

     

     

    www.sanborninsurance.com    

    mcallen@sunborninsurance.com

     

     

     

    zuid amerika

    www.amazonriver.com

    www.buzioturismo.com/casacolina    brazil

    www.amerispan.com/late/       argentina

    www.gorp.com/foxtour/              « 

    www.travellers.cl                     chili

    www.eco-nica.com                   nicaragua

     

     

     

    21-02-2007 om 11:33 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (1)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Onze eigen camper overseas
    Met onze eigen camper, een Fiat Ducato door de VS, Canada en Mexico

    We reden er dus rond met een ingerichte Fiat Ducato. Zo'n soort bestelwagens kennen ze ginder niet, zeker niet met een verhoogd dak. En dat ge zo'n klein autootje kunt inrichten als RV (recreational Vehicle) gaat dus helemaal hun petje te boven. Herhaaldelijk per dag werden we dus aangesproken met de bedoeling eens een kijkje te komen nemen (in Canada reed er ééntje meer dan een uur achter ons tot aan een parking!!!)
    Het merk FIAT is totaal onkekend in Noord Amerika - geen enkele garage heeft er ook maar iets van informatie over in hun dikke boeken met merknamen.. dus zeker geen wisselstukken..
    En al wat ze niet kennen is vermoedelijk "German"... Dat Lamborghini ook van Fiat is en dus ook Italiaans willen ze bijna niet geloven. Ook via die verkooppunten geen wisselstukken..nog geen schroef vast te krijgen..want die worden speciaal voor de amerikaanse markt gemaakt en milimeters kennen ze overseas dus niet.
    Op de zijkant vooraan de wagen staat 28 TDI cat en die "carterpillar engine" kennen ze niet en willen ze graag eens zien... catalisators kennen ze ten andere ook niet.
    Dat hier carterpillar geen gebruikelijke motor is voor wagens maar wel veel gebruikt in de landbouw krikt dan weer het imago van onze landbouw een paar stapjes hoger. Een blik op ons motorblok doet ons dan wel kilometers in hun achting dalen. Wat is dat? Hoeveel cilinders? Hoeveel kms kunt ge daar mee rijden? Kunt ge daarmee een helling op? Al 100 000 miles gereden? Het verbruik dat wordt even rekenen want 8 l/100km omzetten in gallons en miles .. en ze rekenen en herrekenen want dat kan toch niet - waar zit de vergissing . De kleinste kampeerauto ginder zit aan een verbruik van 28 tot 30l/100km en de grote met slide-outs 45 tot 50l diesel voor 100km. Hun wagens wegen dan ook enorm veel - weet het gewicht niet juist meer... ze slepen wel 120 gallons diesel en 150 gallons zuiver water mee en in hun afvalwatertank kan ook 150 gallons (x 3,79 voor liters) De meubels zijn van vol zwaar hout en een stel zware leren zetels..een volledige keukenuitrusting, wasvat en droogtrommel (meestal in 1 apparaat) minimum 2 grote TV's, generators enz.. tel dat gewicht maar eens op...normaal toch dat ze diesel zuipen.
    Gewoonlijk hebben ze er dan ook nog een auto of een boot achter aan hangen (in Alaska zelfs helikopters)
    We hebben ons dus een pamfletje ineengeknutseld om achteraan voor 't venster  te hangen....
    Fiat - Italian brand
    Belgian Licence
    Flamish people
    No Carter pilar engine
    NO GERMAN
    We can drive, climb and speed.
    No entrance fee.
    dat we aan het WC venstertje ook een pamfletje hadden met : room with a view vonden ze een beetje genant... Amerikanen lopen niet over van humor en nemen alles nogal letterlijk..
    Toen mijn ventje een TShirt droeg met de tekst: op mijn ouderdom heb ik alles gezien, alles gehoord, alles meegemaakt maar ben ik ook alles vergeten, werd hij herhaaldelijk aangesproken door senioren met de melding dat zij zich alles nog goed herinnerden. Hij werd er zo pissig van dat hij het ginder niet meer wilde aandoen..  Hier thuis reageerde er nooit iemand op.
    Maar terug naar de auto
    Diezelfde auto moest de grens over naar Mexico. Bij de douane moet ge daarvoor een papier halen dat ge bij 't verlaten van 't land terug moet aanbieden om thuis geen gepeperde rekening te krijgen bij het vermoeden dat ge de auto in Mexico illegaal verkocht hebt. Die papieren echter zijn standaardformulieren op hun pc waar alleen naam en nummerplaat enz. ingevuld worden... Laten ze nu toch geen papieren hebben voor een Fiat zeker. Uren heeft het geduurd om een oplossing te zoeken, over en weer telefoneren... wij drinken ondertussen op hun kosten een hele pot koffie leeg en van de zenuwen zakt ook het niveau in de koekskensdoos drastisch... we willen zuidwaarts.
    Uiteindelijk geven ze het op en vullen als merknaam "otros" in. Als dat later maar geen problemen geeft. We vragen hun dan ook er een begeleidend briefje bij te doen voor wantrouwige en overijverige ambtenaren onderweg. Gelukkig kunnen ze er zelf om lachen. We houden het afgestempelde papier nog steeds goed opgeborgen thuis in geval van...
    We reden probleemloos 85 000km door Noord en Centraal Amerika en vooral steeds op een zeer rustig tempo.

    Onderhoud:
    Ook dieselfilters doen ze niet graag daar de meeste wagens ginder op benzine rijden. Hebben ons dan doorverwezen naar een service point op de Hway... waar de trucks die wel op diesel rijden hun onderhoud doen.
    Namen dus ook oliefilters, luchtfilters, dieselfilter, riemen enz. mee - banden, ja, die waren wat te groot om mee te
    nemen en we moesten ons ginder dus behelpen met een maatje groter.
    Veel warenhuizen hebben een snelservice ...met een vaste prijs waar alles in berekend is...Doorgaans verloopt alles vlot zonder problemen maar...
    Eens waren ze de olie aan 't aflaten - we gaven de filter aan en ...ze stopten...ja, als ze onze filter moesten gebruiken konden ze de onderhoud niet doen want alles was in de prijs in... geen discussieren hielp- ze mochten de prijs laten als ze maar onze filter opzetten. Niks van...
    Bandenspanning: zij zetten de banden met veel minder druk en berekenen dat volgens de pli 
    x
    2. We reden er dus heel galant met platte banden over de gravelroads...340KPa= 3,5kgr/cm2
    Banden wissel: hoeveel kracht mag er op de vijzen gezet worden??? Wij vielen bijna achterover... daar hadden we nog nooit van gehoord en we kregen een gratis les over het gevaar van teveel kracht en vijzen die afbreken... 103Nm=10,5Kgrm
    Distributieriem: Fiat staat niet in hun boekjes en op sommige plaatsen wilden ze er niet aan beginnen - kwamen uiteindelijk wel terecht en betaalden een schijntje van wat het ons hier kost.

    Een hele boterham maar laat er u niet door afschrikken... alles komt uiteindelijk op zijn pootjes terecht.

    21-02-2007 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (7 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    05-02-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wat anderen over ons weten

    Als wij er op uit trekken lezen we vooraf over het land, de mensen, de cultuur.

    Dikwijls vraag ik mij af wat zij over ons weten. 

    Zelden worden vragen gesteld over ons leefmilieu, onze cultuur. Meestal gaan vragen over ons zelf…Where are you from? what’s your name? You’re married? Children? House? A good job? How much $/day? how many servants?


    Klik op de afbeelding om de link te volgen De vraag die ons op onze reizen wel het meest wordt gesteld is: Where are you from?
    Het antwoord ontlokt steeds de meest uiteenlopende reacties: Belgium in Germany? Belgium in Brussels?  In de VS kennen ze soms beter Vlaanderen al linken ze dat door de taal weer aan Nederland. In Azië krijgt ge 9 van de 10 keren als antwoord; I have a friend in Antwerp, Ploegsteert, Linter of wat ook... niet dat ze weten waar dat ligt - wel gekregen van onbesuisde toeristen die overal hun adres achterlaten en dan wel eens erg zouden kunnen verschieten als hun voormalige gids voor hun deur staat thuis of hun adres als referentie aan iemand heeft meegegeven. (uitzonderlijk maar het is al gebeurd). In Azië stopt het ook niet bij de vraag vanwaar ge komt maar zijn ze ook geïnteresseerd in uw job, uw loon, uw huis, uw kinderen, uw auto, uw huispersoneel...in 't begin voor ons nogal confronterend maar 't lijkt er allemaal heel normaal. Wij maken er doorgaans ginder een spelleke van als ze te opdringerig zijn en ons voor de zoveelste keer weer eens als Duitsers aanzien... wij komen van Iceland (kennen ze absoluut niet - leven in een iglo en jagen op ijsberen... gegarandeerd dat ze stilvallen want dat kennen ze helemaal niet... weer goed voor wat binnenpret..
    Wat weten ze van ons landje? En ge verschiet soms wat er dan boven komt.. vooral bij de Amerikanen...
    buiten belgian choclats, belgian beer, belgian andives (witloof), Brussels sprouts
    - FN - ze kunnen niet geloven dat wij ginder zonder wapen rondrijden en sommigen tonen ons hun speeltje.. made in Belgium
    - ons openbaar vervoer - ge geraakt zonder problemen en vlug overal met bus en trein - en ze rijden "on time" (heb ze maar in hun geloof gelaten) Ge zult Amerikanen hier zelden zien rondrijden met een wagen - ze rijden gegarandeerd verloren want kunnen geen kaart lezen en onze steden zijn voor hen ware doolhoven.
    - kant en Brugge maar tot onze verwondering ook de Brusselse kant
    - dat ge hier moet betalen om naar een WC te gaan
    - dat er lingeriewinkels zijn met uitstalraam aan 't straat waar zo maar alles tentoon gesteld is..
    - dat films op TV aangeboden worden in de originele taal en voor ons ondertiteld
    - ze verwonderen er zich ook over dat ze hier overal met engels terecht kunnen... volgens velen het enige land ter wereld waar de mensen nogal vlot verschillende talen spreken...
    - ons onderwijs: velen kennen Vlaamse leraren en professoren die in hun scholen les geven.. op de vraag of we ze niet kennen moeten we dan wel toegeven dat België klein is maar toch 11 miljoen inwoners telt die we absoluut niet allemaal kennen... zoveel mensen op een oppervlakte kleiner dan Maryland dat is iets dat ze ook absoluut niet kunnen snappen. En dat we dan nog niet allemaal in torengebouwen wonen...
    - over WO II weten ze meer details dan ik en de Flanders fields kennen ze allemaal - zo weten ze meer over Vlaanderen dan over België al hebben de meesten ook niet het minste idee waar het ligt. Honderden keren hebben we kaartmateriaal of onze opblaasbare wereldbol boven gehaald..
    - Dutrout en de dioxine krisis niet alleen in Amerika maar in alle continenten - op de vraag hoe het komt dat ze de Dutroux's van andere landen niet kennen en alle nieuwsjes uit ons landje wel, gaf mij ooit een diplomaat het volgende antwoord... Brussel telt na Washington het grootste aantal residerende journalisten  (meer dan NY zelfs) die geacht worden dagelijks copy te leveren... als onze parlementen en die van de EG in vakantie zijn is alles goed om hun kranten overseas te vullen (als ik me goed herinner kwamen die 2 feiten ook in die periode aan 't licht)

    In Canada weten ze dan weer heel veel over de vlaamse prijsduiven... onze taalstrijd (hebben ze in hun landje ook wat mee te maken) ... over onze baggermaatschappijen
    In India ontdekten we dat er in de ardennen zwarte marmer wordt gevonden die ze in Agra verwerken. De paleizen van de Maharadjas hangen vol met FN wapens, vlaamse oude tapijten, oud en nieuw kristal van Val St Lambert  (ginder ook gewoon Belgian glass genoemd) - glazen luchters en prachtige staanlampen, beschilderd glas of ingezet in lood, gewoon geslepen glas ... om uw ogen uit te kijken... stukken die ik in eigen land nog nooit heb gezien..
    Blijkbaar waren onze glaswerkers vroeger in de VS ook zeer gegeerd en zijn er nog een paar grote bedrijven met belgische roots... wist ik ook niet...

    En overal kennen ze Antwerpen als diamantstad.. Rond Banjarmarsin in Kalimantan zijn diamantmijnen en zelfs daar in de modder hadden we het over "'t stad" zoals die van 't stad zeggen.

    Ge ziet op reis kunt ge 't één en 't ander van uw eigen landje leren... een bezoekje aan een belgische ambassade en consulaat zo in 't voorbijgaan kan ook wel eens interessant zijn.. op sommige plaatsen weet het personeel zelfs niet waar Vlaanderen ligt...

    Wat mij het meest is bijgebleven: de Amerikanen zijn geïndoctrineerd over de rest van de wereld vooral door middel van pers en TV maar wij zijn dat niet minder over hen.. De manier waarop hier bericht wordt is ook heel dikwijls verre van ernstig... freedom of speech heeft voor ons een heel andere betekenis gekregen... die freedom wordt meestal misbruikt om te manipuleren...en meestal weten we het niet...


    zo dat was het weer voor vandaag...  volgende keer weer over iets anders zeker ... er is nog zoveel te vertellen wat niet in de reisboekjes staat ... en vooral hoe wij het hebben aangevoeld...

    05-02-2007 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (3 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    28-02-2005
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.THAILAND EN LAOS jan/feb 2005

    Thaïland en Laos


    ontwaken
    in
    Vangvieng

    Klik hier voor de diavoorstelling

    We boekten bij Connections een vlucht naar Bangkok met Turkish Airlines en betaalden 1488€. Via Parijs zijn de vluchten veel goedkoper maar met de trein naar Charles De Gaulle gaan met onze bagage en rolstoel is voor ons geen optie. Ook Biman Bangladesh heeft heel goedkope aanbiedingen maar dan zitten we 6u vast in Dakla en komen 's nachts aan.
    Via internet heb ik een kamer gereserveerd in Trang Hotel in Banglamphu area 54€/3nachten ontbijt buffet in. Zaterdag 29-01
     Peter moet niet werken en gaat ons naar de luchthaven brengen. Els en Tom komen ook nog langs om afscheid te nemen. Peter wil vlug terug thuis zijn want Mathiaske krijgt seffens zijn eerste fruitpapje.

    De vlucht naar Istanbul verloopt vlekkeloos. In Istanbul heeft de aansluiting vertraging. We zitten in de taxfree waar men alles voor de nacht begint op te ruimen en te kuisen. Een flesje water kost 2,500TLira - krijgen van 2$ 0,50Tl terug. We vertrekken uiteindelijk met iets meer dan 1 uur vertraging
    Ook deze vlucht is zeer rustig. We hebben zelfs een heel stuk geslapen dankzij een half slaappilleke.

    Zondag 30-01
     Bangkok. We gaan aan de info balie wat kaarten en info over Bangkok halen en wisselen 20€=988,80ThB dus 1ThB is ongeveer 0,80 oude BFr. Als we buitenkomen overvalt ons de hitte. We schuiven aan voor een taxi. Onderweg hebben we de indruk dat de stad wat opgepoetst is sinds ons vorig bezoek. Het verkeer is nog steeds druk al zien we veel minder tuktuks op de grote verbindingsbanen. De verkeerslichten hebben een aftelsysteem tegen dat het licht verspringt. Zouden ze bij ons ook moeten hebben zo weet ge tenminste wanneer het gaat verspringen. Nabij Banglamphu zien we weer meer tuktuks. Niettegenstaande de taxi een meter heeft vraagt hij 300ThB een surplus voor luchthaventaks en tolwegen. Het inchecken gaat vlot met de voucher die we thuis uitgeprint hadden. De lift is nipt maar het lukt. De kamer is ruim met een goede badkamer, airco en een koelkast waar 2 gratis flesjes water voorzien zijn. We houden platte rust.

    Tijd om op verkenning te gaan. Met een paar trappen geraken we aan het buitenrestaurant dat heel mooi gelegen is met waterpartijen en Kooivissen. Het zwembad ligt ingesloten tussen de gebouwen en het doet er wat benauwd aan. We trekken de straat op. Ik had dit hotel gekozen omdat het de indruk gaf aan een kleinere baan te liggen. Mis dus. Als we buiten komen staan we op een grote boulevard waarvan de rijrichtingen van mekaar gescheiden zijn door een afsluiting. Geen middel om er met de rolstoel door te geraken. We moeten dus helemaal rond.
    Het is een heel eind en we geraken zelfs niet tot Kaosanroad. Voor de brug keren we weer.
    Wat ons opvalt is dat het voor ons geen probleem is om op de drukke banen te rijden en zelfs een viervaks over te steken. Bussen, auto's en taxi's, tuktuks en brommers, iedereen stopt om ons te laten oversteken. Had nooit gedacht dat ik mij in Bangkok met de rolstoel zo gemakkkelijk in het verkeer zou kunnen wagen. Bedankt lieve Thaïse mensen.
    We gaan avondeten in het hotel. We houden ons maar bij bekende dingen en bestellen sweet and sour schrimps/chicken met plain rice. Het smaakt heerlijk. Door de planten en het water zitten er wat muggen maar een coil onder tafel doet wonderen. De volgende dagen er aan denken dat we ons insmeren. Pa gaat alleen nog eens op verkenning en komt kaalgeschoren terug. Voor 100ThB haar en baard geknipt en een uitgebreide massage van zijn gezicht.
    We gaan vandaag maar vroeg slapen. Willen zo vlug mogelijk aan 't uurverschil wennen

    Maandag 31-
    heel goed geslapen. Als we opstaan begint het reeds warm te worden. Het ontbijtbuffet is voldoende gevarieerd en we genieten vooral van het heerlijke verse fruit. De parkwachter houdt een tuktuk tegen en voor 40 ThB brengt hij ons naar Kaosanroad. Het is er nog redelijk rustig. Men is volop bezig de vele kraampjes op te zetten. Op de omrastering op de hoek aan het politiebureel hangen foto's van vermisten en overledenen van de Tsunami met bloemen en linten, teksten en gedichten. Even terug met onze voeten op de grond: het is niet overal zonneschijn. We stappen een reisagentschap binnen om ons vervoer naar Vientiane te regelen. We besluiten dan toch maar met de nachtbus te gaan 700ThB/pp en laten het aan hen over om voor ons visum te zorgen 1600ThB/pp en ze rekenen 3% kosten voor betalingen met Visa.
    De bus stopt aan de hoek en we zullen dus een oplossing moeten zoeken hoe we het gaan doen met onze bagage. We gaan een kijkje nemen bij D&D Inn. Goed gelegen, wat achterin en rustig met een buitenterrasje. Er zijn heel veel kamers en ze trekken met ons de hele bouw door om een kamer te tonen. Ze zijn netjes, niet al te groot maar met keiharde bedden. We doorkruisen nog een paar straatjes, kopen een kam voor meer dan 100ThB (weet niet meer waar ik de mijne opgeborgen heb) en muggenmelk. Op de middag gaan we iets eten bij Sawasdee. We nemen een taxi terug naar het hotel om tijdens de grootste hitte (38°C) platte rust te houden en wat te lezen.
    's Avonds gaat de rolstoel achter op een tuktuk en voor 40ThB zijn we weer op Kaosan. Het is er nu volle drukte. De straat is afgesloten voor auto's. Het is nog warm maar heel draaglijk. We hebben een babbel met jong en oud.
    Pa gaat nog wat geld wisselen. 20€=993,38BF = betere koers dan op de luchthaven daarom hadden we daar ook minimaal gewisseld. Er zijn om de 100m wisselkantoortjes. Er staan zelfs ATM's in camionnettes die hier en daar onbewaakt geparkeerd staan. We gaan nog wat eten en laten ons daarna terug naar het hotel tukken.We zijn blij dat we de beslissing genomen hebben naar hier te komen. Een heerlijke douche en 't bed in.

    Dinsdag 01-02

    Blijkbaar zijn we moe genoeg om een ganse nacht goed te slapen. We doen rustig aan. Genieten van ons ontbijt. Laten ons weer naar Kaosan rijden. We verkennen de andere straatjes. Wandelen tot aan New Merry V waar we vroeger logeerden. Aan een boom hangt een automotor omhooggetakeld om te herstellen.
    In een internetcafé betalen we 10ThB voor 30'. Intercontinentaal bellen kan voor 10ThB/' en 20ThB naar een mobiel dat zullen we deze namiddag eens uitproberen. We gaan terug middageten bij Sawasdee. We weten niet goed wat doen: tempels en paleis gaan bezoeken of lekker nietsdoen. We kiezen voor het laatste.
    In de namiddag probeer ik de kinderen te bellen. Kan geen van de drie bereiken. We lopen toch in de val van een vent die me gratis advies wil geven over alternatieve middelen om terug fatsoenlijk te kunnen stappen - achteraf komt hij aandraven met een rekeningnr om te storten voor zijn advies.......
    We springen het reisbureau binnen en spreken af dat we onze bagage morgenmiddag bij hen kunnen droppen; Hij zal voor iemand zorgen om ons naar de bus te brengen.
    's Avonds eten we langs de straat noodles, vegetable 15Thb en met ei 20Thb. Het smaakt. Aan een paar karretjes verkopen ze ook geroosterde insecten: sprinkhanen, wormen, schorpioenen enz. maar proeven is er voor ons niet bij, ik griezel nog als ik er aan denk. De dag vloog voorbij.
       
    Woensdag 02-02
     We slapen wat langer en nemen uitgebreid de tijd voor ons toilet. Het is nog niet te warm als we buiten zitten voor het ontbijt.
    We maken onze pakken en houden fleeces en truien apart want we hadden vroeger slechte ervaringen met de koude aircobussen. Rond de middag checken we uit. Een taxi vraagt 100ThB en dropt ons aan het reisbureau. 
    We zoeken de lommerrijke straatjes op. Kijken hier en daar rond naar GH's. Rambutti village lijkt ons rustig gelegen en vrij groot. Pa gaat een kijkje nemen naar de kamers en die zijn goed. Er is een lift dus een kamer op 't verdiep kan geen probleem zijn. Het zwembad is op 't dak en daarvoor moet men wel trappen doen.
    Gaan op een terrasje genieten van een gemengde fruitsap. Overal is er internet en we springen even binnen om te zien of er berichtjes zijn. Blij met het berichtje van Els.
    Overal staan stalletjes met vers fruit, zelfs durians en een paar ons onbekende vruchten die niet lekker smaken. Langs de straat eten we pannenkoekjes en ananas. Ik probeer nog eens naar de kinderen te bellen; zonder resultaat.
    Om 7u moeten we aan het reisbureau zijn. We krijgen onze passen met visum terug. Moeten nog een tijdje wachten tot er een jonge gast opduikt die met ons naar de bus zal gaan. Tegen zijn zin sleurt hij de bagage mee en forceert het handvat van het rolkarretje. Als we veel stoepen over moeten laat ik mijn stem horen en stopt hij toch even om te helpen. We moeten nog een heel stukje gaan door een smal achteraf straatje waar ook veel GH's zijn.
    Het kantoortje van de busmaatschappij is onooglijk klein maar we worden er zeer goed opgevangen.
    Vandaar moeten we weer een stuk tevoet tot de bus. Ze zijn hier zeer behulpzaam. We mogen eerst vertrekken en ze dragen onze bagage en helpen met de rolstoel. Deze gaat in de koffer van de bus. We hebben zitplaats 1 en 2 boven in de dubbeldekker met veel ruimte voor de benen en een 1e klas uitzicht. De bus heeft toilet en er zijn dekentjes voorzien. Onze buren zijn Canadese tweelingzusters uit Quebec.
    Het eerste stuk is het zeer druk. De bus rijdt goed door. Het blijft een goede autostrade. Iets na middernacht wordt er een sanitaire stop gehouden en hebben we de kans iets te eten te kopen.

    Donderdag 03-02
     Niettegenstaande de komfortabele bus slapen we niet veel. Er is teveel te zien en de lichten flitsen. We hebben eigenlijk weinig last van de rit. Rond 6u stoppen we ergens op een verlaten parking. Niemand weet waarom. Als we verder rijden zijn we kort bij een restaurant aan de oever van de Mekong. Hier worden de passen en visums voor de grens nagekeken en betaald voor diegenen die nog geen visum hebben.
    Wat later aan de grens ontdekken we dat dat eigenlijk wat geldklopperij is want aan de grens zelf kan men zonder problemen een visum kopen. Aan de Thaise grens kan ik in de bus blijven zitten. Pa gaat met de passen en ze kijken gewoon even door hun venster. Even verder is er onduidelijkheid. Iedereen dacht dat de bus zou doorrijden naar Vientiane. Mispoes. We moeten tevoet door de grenspost en douane voor het oversteken van de grens. De helper van de bus draagt onze bagage naar de overkant. We betalen ook 20ThB entry fee. Na een tijdje komt een andere kleinere bus ons opladen. We rijden over de vriendschapsbrug Laos binnen en het duurt toch nog een tijdje voor we in Vientiane zijn.
    We worden in 't centrum gedropt. We nemen een songtaew om naar een hotel te gaan zoeken en moe van al het geleuter aan de grens vergeten we serieus te onderhandelen en betalen héél véél teveel: 100ThB. Hij rijdt met ons dan wel de hele stad door op zoek naar een goed bed. In het ene GH zijn de kamers te klein, teveel trappen, te ver van 't centrum...landen uiteindelijk in Inter Hotel- een oud koloniaal huis dat opgeknapt is en betalen 40$/nacht incl ontbijt. Eigenlijk is dat teveel voor Vientiane maar we willen een goed bed en aan de rivier. We hebben uitzicht op de Mekong, de eetstalletjes aan de rivieroever en een wirwar van electriciteitsdraden. De rolstoel parkeren we beneden naast de lift. Hij kan wel mee naar boven maar de ingang van de lift ligt op een verhoogske en boven zijn de gangen smal.
    We spoelen het stof af en gaan iets eten in het restaurant. Het is chique en rijkelijk gedecoreerd met oud koloniaal meubilair maar.......het is en blijft Azië...de onderleggers schuiven we demonstratief opzij. Onze platte rust wordt een serieuze dut. We gaan op verkenning. De inkomhal van het hotel heeft een houten vloer, donkerbruin bijna zwart geverfd (zelfs onze pa kan dat beter) dus elke voetstap laat sporen na. Ze hebben dan ook personeel dat de ganse dag met een droge floche staat te zwabberen. Voor mensen met grijze haren hebben ze veel respect en bij 't voorbijsteken buigen ze zo diep dat wij er ons niet zo goed bij voelen.
    Op 't straat slaat de hitte ons tegen. Dat is het probleem met die airco hotels. Zullen moeten opletten voor vallingen. Er zijn niet zoveel auto's maar wel ontelbare brommers. Anders dan in BKK stoppen ze hier niet als we de baan oversteken. Het is opletten geblazen vooral de jeugd rijdt roekeloos. Er loopt een "promenade" langs de rivier maar die is zo geaccidenteerd dat het beter rijden is op de baan. We vinden een goed terrasje waar ze lekkere fruitsappen en shakes hebben en onze pa geniet er van...a fresh coconut!! voor 5 000kip/elk. We kunnen hier overal wel betalen met ThB en $ maar we gaan toch wisselen. Voor 20€ krijgen we 267 400Kip dus 1 000Kip is ongeveer 3 oude BFr en aangezien 5 000 en 1 000 zowat de meest gankelijke coupures zijn krijgen we een stapel briefjes voor 20€. De binnenstraten zijn heel rustig. Overal internet voor 100kip/' of 18bfr/u en intercontinentaal bellen voor 2 500kip/'
    In een reisbureauke informeren we naar de prijs voor een bus naar Vang Vieng: 180ThB ongev.3u30 tot 4u vertrek om 9u. We bestellen het uiteindelijk in het hotel voor 160ThB met pick-up.
    Avondeten doen we in een klein restaurantje. De prijzen varieren van 6000Kip voor een grote kom soep met groenten en noodles tot 30 000K voor het duurste gerecht. Cola is er 5 000K. We blijven er wat hangen met andere trekkers. Het valt ons op dat de meesten voor langere tijd onderweg zijn. Een Nederlander van zowat onze ouderdom komt elke winter naar deze regio. Het is al laat voor ons doen als we terug naar ons hotel wandelen. Hopelijk een goede nacht.
    Vrijdag 04-02
    Na het ontbijt nemen we een tuktuk (10 000kip) naar de morningmarket. Deze markt is enorm groot en niet zo gemakkelijk om er binnendoor te rijden met een rolstoel. We houden ons dus bij de buitenkant. Ook hier zijn het brede lanen en brede stoepen. Het verkeer heel rustig. Vientiane lijkt wel een stoffig provinciestadje. We gaan op zoek naar het toeristisch bureau van Laos. Aan de politie vragen helpt ons niet veel verder en de gewone man in de straat spreekt helemaal geen woord engels. Zelfs de toeristen weten niet waar het is. Na wat verkeerd lopen zien we een GH waar we juiste informatie krijgen.
    We zitten
    weer terug nabij de market maar aan de zijkant. We krijgen een kaart van Vientiane en veel uitleg over de pracht van de natuur en de verschillende stammen. Krijgen ook een boekje mee met "do's & don'ts" in Laos. De tijd is weer vlug voorbijgevlogen. We laten ons terug afzetten in de nabijheid van de rivier en gaan een kleinigheid eten. Het is weer snikheet en hoogtijd voor wat rust. In de late namiddag gaan we weer op pad. Eerst nog wat binnenstraatjes verkennen en dan weer richting rivier. We gaan een kijkje nemen in het Lane Xang hotel en worden er met open armen en een heerlijk drankje verwelkomt. Het is een groot hotel. 's Avonds bij het avondeten treden er traditionele groepen op. De kamers zijn ruim en goed. Nemen hun kaartje mee om te reserveren bij de terugreis. Als we terugwandelen langs de rivier horen we luide muziek. Onder een groot afdak met podium staan honderden mensen (jong en wat ouder-maar slechts een paar toeristen) aerobics te doen aan een hels tempo en dat houden ze zomaar een uur vol. We gaan avondeten in ons restaurantje er tegenover en daar verteld men ons dat het er elke morgen en avond zo aan toegaat en dat er steeds heel veel mensen op af komen. Mijnen hoed af daarvoor. Voor ons avondeten betalen we alles in 28000Kip -(coca 3000kip) In het hotel lezen we nog even de krant en dan is het weer bedtijd.

    Zaterdag 05-02

    We checken uit en wachten op de bus. Om 9u30 is die er nog niet. Ze bellen en er zouden problemen zijn. Er komt een tuktuk ons ophalen en dropt ons een 300m verder waar nog reizigers met pak en zak staan te wachten. Er zijn problemen met de bus en we vertrekken later - niemand weet wanneer. Sorry, late en een brede glimlach. Als de bus er aankomt blijkt er nog een ander probleem te zijn...overboeking??? of hebben ze gewacht en de mensen voor de middagbus wat vroeger opgehaald? Er worden stoelen in de middengang gezet en de bagage steekt overal en doet ook dienst als zitplaats om de nog steeds ontbrekende zitplaatsen op te vangen. Mijn rolstoel wordt er als laatste vooraan in gezet. Gelukkig zijn het allemaal brave mensen want niemand reclameert. We rijden in 1 trek naar Vang Vieng. Half weg wordt de natuur heel mooi. De rivier maakt op veel plaatsen een soort delta en er zijn veel vissersbootjes. We worden ergens gedropt voor een hotelletje. Ik had van Lut de uitleg gekregen van Savanouk GH dat aan een voetgangersbrugske over de rivier ligt en dat sprak ons wel aan. En zoals steeds kost het om u ergens naartoe te voeren meer dan het dubbele dan om er weer te vertrekken. Ze weten dat ge hun nodig hebt en dus betalen we 20 000kip voor de tuktuk. In Savanouk moeten we veel woorden geven om toch aan een kamer te komen. De mooiste kamers zitten vol en er zijn slechts een paar kamers met 3 bedden heel achteraan. Er ligt losse grint en het wordt duwen voor de rolstoel maar geen probleem, hulp genoeg. Kamer en badkamer zijn eenvoudig maar netjes.
    Tussen de bergen hangen wolken en we zijn nog maar pas hier of er steekt een hevige wind op. Alles vliegt in het rond. Het begint te gieten en er vallen dikke hagelbollen, het dondert en bliksemt en al de electriciteit in het dorp valt uit. We zitten dus in 't donker op ons bed en vrezen dat de golfplaten van het dak zullen gerukt worden. Als de bui over is is het buiten een ravage. De Laoti hadden nog nooit hagel gezien en ze waren echt in paniek. Kinderen hadden er in rondgelopen en sommigen nogal geschrokken van de pijn die het had gedaan. Er ligt een hele witte laag en ze willen het allemaal proeven.
    Grote paniek in de chique 100$ bungalow tegenover ons. De pannen zijn van het dak gewaaid en de bedden zijn kletsnat. Het zijn fransen die hier in de regio werken die daar logeerden. Ze worden ondergebracht in de kamer naast ons. En weer verwonder ik mij dat dat zonder protesteren gaat van luxe naar zeer eenvoudig. Het restaurant staat volledig blank en de keuken is buiten gebruik. Drie mannen die wat verder logeren brengen voor ons eten mee uit 't dorp en een paar kaarsen en willen niet dat we daarvoor betalen. Veel smaak heeft het niet maar we zullen niet omkomen van de honger. In de late avond komt een deel van de electriciteit terug. De bedden zijn goed en droog en we hebben weer licht. Zonder zorgen kunnen we gaan slapen.

    zondag 06-02
     Ze hebben deze nacht nog hard gewerkt want keuken en restaurant kunnen weer iets op tafel toveren. Over de bediening mogen we niet stoeffen maar het uitzicht is prachtig. Onze pa gaat even kijken in het hotel aan de overkant van 't wegske en daar is het voor ons veel gemakkelijker. We besluiten hier dus uit te checken en betalen 15$ voor de kamer. Vraagprijs was 18$. Maar ze zijn enorm behulpzaam. Ze helpen ons zelfs verhuizen met hun handkarretje.
    In Nam Sok hotel hebben ze een rechthoekige blok met 16 kamers rug aan rug. Kamer is ruim genoeg en heel netjes met een zacht beddeke en vensters die open kunnen. De badkamer heeft ook continu warm water. We krijgen een kamer aan het terras dat overdekt is. Het is er zalig zitten met zicht op de rivier. Ze hebben er ook heel lekkere baguettes met bacon and cheese of kip of...
    In de late namiddag installeer ik mij met een boek en pa gaat wandelen aan de overkant van de rivier waar een dorpke is en grotten. In 't midden van nowhereheeft de hightec zijn intreden gedaan: er staan zonnepanelen!
    Mijn rust is vlug over als er een groep engelsen aankomt. Ik versta hun reisplan niet goed...doen veel op korte tijd maar vooral vliegen en rijden veel over en weer en blijkbaar is de tocht zwaar genoeg om tweedracht in de groep te krijgen. Het bier dat ze naar binnen kippen helpt niet om de sfeer te verbeteren.
    En dan plots steken er weer donkere wolken op. Louis is op juist op tijd binnen. Het begint weer te regenen en te hagelen. Al het personeel met de paraplu op het gazon om bolletjes te rapen die vandaag goddank maar kleintjes zijn en er is ook gene wind. Heel de zaak is weer wat opgefrist maar ook de electriciteit heeft het weer begeven. Het is deze avond dus weer behelpen.
    De kamers staan op generatoren en dus slaan ze een kamer aan om te toasten, de rest wordt op een open vuur gekookt. We willen het hun niet te moeilijk maken en houden het eenvoudig maar lekker. Pa bestelt soep en krijgt een grote waskom vol groenten en mie en hij moet serieus werken om ze binnen te krijgen. Ze hebben hier ook heerlijke fruitjus en vers fruit en daar doen we ons best aan. En neen, tot nu toe geen belly-belly problemen. We gaan slapen met de ramen wagewijd open. Goed muggengaas en tot nu toe geen last van beten.
    maandag 07-02  American BF op het terras met uitzicht. We kunnen het niet beter dromen. Ik installeer me met een boek en pa trekt naar het dorp dat blijkbaar een onooglijk gat is dat alleen leeft door de jonge toeristen. Sommige restaurantjes hebben ligkussens ipv stoelen en de TV en videofilmen staan reeds van 's morgens vroeg aan. Blijkbaar mis ik dus niets want de helling naar de mainstreet is niet mis.
    Onze pa heeft al moeite genoeg om alleen boven te komen en ik heb niet veel zin om me er steeds te laten op duwen. Geniet van mijn spannend boek en wat praten met de andere gasten: een SriLankese familie die in Vietnam woont. Fransen die in Hanoi werken enz. Onze pa heeft zowat rondgevraagd voor de verplaatsing naar Luang Prabang. We betalen 21$ en reserveren 3 plaatsen in het minibusje (normaal 8$/pp) 's Avonds gaan we eten in Savanouk en ergeren ons nog eens aan hun service: we bestellen soep met garlic brood - eerst krijgen we de broodjes en een half uur later de soep- vragen nog brood en we hebben de keus:wachten op het brood en onze soep koud eten!? Het lukt hun gewoon niet om 2 dingen samen te serveren. Onze buren krijgen een fruitschotel, dan rijst en een hele tijd later hun groenten en vlees.
    Ze lopen hier nochtans met genoeg volk rond.
    We ontmoeten hier ook 2 belgische koppels. Eén van de mannen is militair en zijn vriend werkt voor Dovo in Zuid Laos. Ze kregen de jeeps ter beschikking en mochten daarmee een maand rondrijden. Ter plaatse kregen ze overnachting en eten gratis, daar moesten ze toch van profiteren want dit jaar trekt dovo zich terug. Heb nogal op mijn tanden moeten bijten en maak mij de bedenking hoeveel profiteurs er gaan genieten van het verzamelde geld voor de Tsunami.
    Op ons terraske genieten we nog van een fruitshake en na een goed doucheke duiken we in bed.
    Heb van thuis mijn waterkoker en koffie, thee en melkpoeder meegebracht. Elke namiddag en ik ook 's avonds genieten we dus van een goei tas koffie. Pa verklaarde me gek toen ik hem inpakte maar is nu wel blij want in de koffie hier ligt veel dras en de smaak is ook niet alles - doorgekookt?.

    dinsdag 08-02
    Zalig is het om met open venster te kunnen slapen en geen airco te moeten opzetten. We ontbijten nog eens buiten en checken uit. Betalen 20$/2p/n/ABF inbegrepen en vinden dat een goede prijs. We moeten nog even op het busje wachten. We krijgen de voorste bank en kunnen onze benen goed uitstrekken maar onze voeten zijn te groot om recht op de vloer te zetten. De tweede bank is 2-1 en de achterbank is voor mij te moeilijk om in te kruipen. De rolstoel gaat boven op de pakken op het dak. Het wordt een lange rit met veel bochtenwerk. Het is een mooi berglandschap maar tegen 't einde van de rit wordt het wel vermoeiend en kunnen we er nog weinig van genieten. Half weg wordt een sanitaire stop ingelast. We smullen er van lekker sappige mango's 5000K/stuk. Luang Prabang is in zijn geheel opgenomen als werelderfgoed. Het busje stopt in een straat waar verschillende GH's en hotelletjes zijn. In de tempel is men de trom aan 't slaan. De GH's die wij voor ogen hadden zitten bomvol. Ook in de andere is er zonder reservatie geen plaats of zijn er veel trappen te doen. Het is ook al laat op de dag. Na er een paar gecheckt te hebben gaan ze bij Senesouk eens rondbellen. Bij Manephone hebben ze nog kamers gelijkvloers. De chauffeur van het minibusje is verdwenen en we nemen een tuktuk -20 000K wegens ver en veel bagage. De kamer valt zeer goed mee en ze vragen slechts 10$/n. Het hotelletje zelf ligt buiten het centrum maar op 10' zijn we in de hoofdstraat. Thongbay GH moet ook heel goed zijn en daar hebben ze een grote tuin aan de rivier maar dat ligt nog verder van het centrum en heeft nu ook maar voor 1 nacht een kamer vrij.
    Wij hadden er geen rekening mee gehouden maar het is Chinees nieuwjaar en heel Indochina en de rest van Azie is in verlof. Veel westerlingen die er werken voor de staat, bedrijven of ngo's gebruiken het verlof om de streek te verkennen. We ergeren ons een beetje aan de manier waarop ze het doen. We zien ze rondrijden in jeeps en moto's geschonken door de Europese Unie, AZG of Rode Kruis. Ze scheppen op dat ze zelfs de tankkaarten mogen gebruiken.
    Het restaurant dat verbonden is aan het hotel ligt wat verderop en ze vallen zowat uit de lucht als we er binnenstappen. Alleen restauratie 's morgens en 's avonds. We drinken iets en nemen terug een tuktuk naar 't centrum en zoals overal kan er nu onderhandeld worden over de prijs; betalen 10 000K en ook hier geen probleem om de rolstoel mee te nemen.
    Internetten doen we voor 5000K en zijn blij met al de berichtjes.
    We zoeken ons een restaurant uit waar we rustig buiten kunnen zitten in de schaduw. We worden bediend als prinsen en betalen 44 000kip alles in.
    Omdat het zo'n drukke periode is willen we onze verdere reis plannen. Men kan van Luang Prabang naar zowat overal. Waren van plan noordwaarts te trekken en daar kleine dorpjes te bezoeken. We vermoeden echter dat de reis wel eens te vermoeiend zou kunnen zijn en dat de dorpjes alleen tevoet te bereiken zullen zijn. Tot nu toe hebben we echt niets nieuws gezien in Laos en denken dat we de dorpjes kunnen vergelijken met die in Noord Thailand en Birma. Het wordt dus moeilijk kiezen: gaan we terug via Chiang Mai en Mae Hong Son of direct naar BKK en naar Pattaya. De beslissing wordt ons uit handen genomen. Alle vluchten voor de volgende dagen full. De prijzen zijn nochtans heel goed: 57$ Vientiane- 75$ Chiang Mai- BKK 90 -120$. Het zal dus over land moeten gebeuren.
    Pa wil wel nog eens terug naar Vang Vieng. We zullen er nog eens over nadenken. Tegen de avond wordt de hoofdstraat deels afgesloten en opent de avondmarkt. Mooi handwerk en houtsnijwerk valt er te bewonderen maar ook de kledij van de dames die van verschillende stammen komen.
    Het is leuk maar vermoeiend flaneren want de baan ligt rond en ik moet voortdurend de rolstoel tegenhouden en dan komen er ook nog volgeladen brommers en fietsen door de smalle baantjes. Tussen al hun uitgestalde waren wordt dan ook nog hun potje gekookt en baby's gezoogd. En de mensen zijn zo vriendelijk en niets opdringerig.
    De groenten, fruit en andere markt ligt er vlak naast maar is onbegonnen werk voor ons. De doorgangen zijn zo smal dat er tevoet zelfs moet doorgeschuifeld worden. Pa gaat een voorraadje fruit kopen en we nemen een tuktuk terug naar ons hotel.
    Terwijl we in de lobby gaan zitten zetten we de airco volle bak open. We duiken nog eens de douche onder (het is zo warm - sinds we landden in BKK tussen de 35 en 38°C - dat we aan een gemiddelde van 3 spoelbeurten per dag zitten) Het zijn goede bedden en een goede leeslamp wat kunnen we ons nog meer wensen?
    woensdag 09-02 Onze pa is opgestaan met keelpijn. Vermoedelijk gisteravond een kou gevat op de tuktuk. 's Avonds koelt het af en door de snelheid krijgt ge wel een koude wind op uw bezweet lijf. Hopen dat het vlug over gaat. We ontbijten op het terras van een klein restaurantje in de hoofdstraat. 't Zal varen thuis als we het weer moeten doen zonder al die verse vruchtensappen en vers fruit.
    We stappen een reisbureauke binnen en bestellen de bus voor Vang Vieng. De mevrouw raadt ons aan de grote bus te nemen omdat daar meer plaats is en meer lucht dan in de minibus en we slechts 2 plaatsen moeten reserveren aan 8$/pp. Daarna gaan we op stap om wat tempels te bezoeken. Onderweg stappen we nog een chic hotel binnen om eens te gaan informeren maar de prijs staat helemaal niet in verhouding. Zoals in Inter in Vientiane :veel personeel, veel buigen, mooie kamers maar ze bieden als comfort niet veel meer dan waar we nu slapen (allé ge hebt hier wel een haardroger en een groter flaconnetje shampoo en badschuim en de handdoek is wat groter) al vallen de prijzen in het restaurant nog mee. In de straat staan verschillende tempels.
     Aan de meesten is er helemaal geen beweging. We lopen er alleen rond. Aan één van de grotere zijn japanners foto's aan 't nemen en misschien kunt ge er u iets bij voorstellen. Ze zijn met de fiets en sleuren een massa apparatuur mee.
    We worden aangesproken door een paar monniken die echter weinig engels spreken. Het valt ons op dat niettegenstaande het toerisme zo bloeit er zo weinigen zijn die een woord engels verstaan laat staan spreken. Hier en daar wordt nog wel frans gesproken en dat is dikwijls de uitkomst voor ons. Het gesprek gaat beter vlotten als er 2 Thaïse monniken bijkomen die hier op een soort retraite zijn en die zich wel goed verstaanbaar kunnen maken. Wel engels met véél te véél l's. Ge weet wel: velly solly.
    Wat verder staat één van de mooiste en bekendste tempels van Luang. Hier lopen wel wat toeristen rond. De enige Laoti die we zien zitten achter een tafeltje om entry fee te innen. Dat is wat we in Laos zo missen...geen lokale mensen die naar de tempel trekken om te bidden of te offeren, geen monniken die tesamen bidden of zich met de gelovigen onderhouden, buiten de bedeltocht 's morgens ziet men ook aan de huizen of in de straten geen geloofsuitingen, geen offerandes, geen wierookstokjes, hetgeen we toch zo associeren met ZO Azie en dat Thailand, Birma, Indonesië enz. zo'n speciaal sfeertje geven. De mensen zijn heel vriendelijk maar 'k mis hier iets.......
    Na de tempels wandelen we terug langs de Nam Khan. In tegenstelling tot de Mekong oever is hier weinig beweging, heel plezant om met de rolstoel te wandelen maar we moeten zoeken voor we iets vinden waar we iets kunnen gaan drinken. Als we dan uiteindelijk toch een terrasje hebben gevonden en van een lekker mangosap en coconut genieten krijgen we wat gratis spektakel. Aan de overkant van 't straat zijn jongelui bezig hanen af te richten voor gevechten. Het gaat er nogal heftig aan toe. Als ik probeer foto's te maken pakken ze hun boeltje bij mekaar en vertrekken.
    Voor de hoofdstraat moeten we terug het bergske op en we kijken uit voor een niet te kapot wegdek om omhoog te duwen. Het lukt al heeft pa wel op zijn adem moeten trappen en ik voel me weer schuldig.
    Voor de watervallen vragen ze 5$ met tuktuk maar pa wil het rustig aan doen en voor een waterval niet zo ver rijden,hij zou er ook alleen moeten naartoe wandelen want met de rolstoel kan ik er niet geraken. We gaan in ons zelfde restaurantje eten en nemen dan een tuktuk om tijdens de grootste hitte wat te gaan rusten.
    We laten in Maniphone bellen naar Nam Sok in Vang Vieng om een kamer te reserveren voor een paar dagen. Helaas ook maar voor 1 nacht vrij. We zullen het ermee moeten doen.
    's Avonds laten we ons terug naar 't centrum voeren. Als we het ziekenhuis zien hopen we dat ons hier niks serieus overkomt.
    We doorkruisen nog wat straatjes. De huizen met balkonnetjes scheppen een echt koloniaal sfeertje. We vragen ons af wat een opknapbeurt als resultaat zou hebben? Misschien toch maar best niet doen...
    Op de avondmarkt is het weer te druk om rustig iets te kunnen bekijken en onderhandelen, erger me aan mijn rolstoel waarmee ik nergens korter bij kan en zonder kan ik het niet wagen want ze lopen mij van mijn sokken. Bij de bakker kopen we nog wat croissants voor morgenvroeg want anders moeten we nog naar 't stad voor dat de bus ons komt ophalen. Bij 't avondeten hebben we nog een gezellige babbel. We wachten niet tot het te fel afkoelt om terug te keren. We rommelen nog wat in onze bagage en gaan slapen.

    Donderdag 10-02
     Pa voelt zich minder goed, wat last van zijn adem en fluimen. Daar hij in januari en begin februari ziek was en herviel sta ik er op dat hij toch met AB start. Tegen zijne goesting om dikke pillen te slikken maar beter dan hier in de problemen te komen.
    De bus komt redelijk op tijd en er zit al redelijk volk op. Een australier wil voor ons verhuizen en we krijgen de stoelen op de 2e rij. De rolstoel wordt vooraan binnen gezet. We krijgen nu de meeste bochten in het begin en dat is minder vermoeiend lijkt het ons.
    We stoppen op dezelfde plaats en herinneren ons dat de mango's heel lekker waren.
    Dat hier op die baan niet meer ongelukken gebeuren verwonderd ons. Er zitten veel bussen en trucks op die aan een serieuze snelheid rijden. De huisjes staan vlak aan de baan en overal lopen kinderen en vee rond. Er wordt wel goed getoeterd.
    Langs de kanten ligt ook groen te drogen. Eerst dachten we dat het rijst was en op sommige plaatsen was het dat ook maar dat andere kennen we niet. Ze kloppen er de zaden uit en maken kleine bundels - voor de daken??? Komen het niet te weten want mijn gebarentaal is niet duidelijk genoeg en waar we stoppen ligt het natuurlijk juist niet.....Ook niemand op de bus weet het.
    In Vang Vieng wordt halt gehouden op de busstand. Een tuktuk brengt ons naar Nam Sok en we krijgen terug een kamer aan de voorkant. Ze hebben de volgende dagen echt geen kamers vrij en we willen morgen niet weer verhuizen. We vragen hen dan ook voor morgen vervoer te regelen naar Vientiane en een kamer te reserveren in Lane Xang Hotel in Vientiane.
    Opvallend; nergens in Laos vroegen ze ons om te betalen voor de telefoons voor reservaties van kamers.
    We maken een stevige tas koffie en duiken ons bed in voor een lange dut. Een frisse fruitshake kikkert ons op. Ik ga buiten wat zitten lezen en pa gaat een klein stapke doen. We doen maar rustig aan en genieten van het uitzicht en praten met andere gasten in 't frans of 't engels en neen....geen duits, die zijn hier opvallend afwezig. We vallen wel over de Canadezen en fransen.
    Voor 't avondeten wagen we ons nog eens naar Savanouk en het lukt hen de soep en de baguette samen te serveren. Pa lust de soep zo graag dat hij nog een tweede neemt. We blijven nog wat nagenieten op het terraske voor we in bed duiken.


    Vrijdag 11-02
    Onze bagage is vlug gemaakt. We hebben nog tijd zat om rustig te gaan ontbijten voor ze ons om 9u komen oppikken. Om 9u30 gaan we toch eens navragen of ze ons soms niet vergeten zijn. Neen, ze komen ons met een tuktuk halen om ons naar het busstation te brengen. Voor ons ook goed al was ons beloofd dat ze aan het hotel kwamen ophalen. Aan het busstation is er even verbijstering. Alle busjes zijn weg. We maken hun duidelijk met ons ticket in de hand dat de afspraak wel degelijk gemaakt werd. Ze doen ons teken dat we nog even moeten wachten en daar arriveert een minivan nog nat van de vlugge poetsbeurt en we krijgen het busje voor ons alleen. 'k Zou graag onderweg een paar foto's nemen maar pa vindt dat ik niet teveel van de gelegenheid moet profiteren en hem maar gewoon door moet laten rijden. Heb daar naderhand serieus spijt van gehad. De chauffeur en pa hadden ondertussen een piske kunnen doen en een klikske duurt toch niet zo lang.
    We rijden 3u30' voor we aan Lane Xang in Vientiane stoppen. We worden weer met grote sier ontvangen. Een lekker drankje en verfrissingsdoekje. We nemen een kamer aan de achterkant met zicht op zwembad (stel u van het uitzicht niet teveel voor) De kamer is prima en we hebben zelfs vers fruit in het kastje.
    We trekken er eerst op uit om iets te gaan drinken en eten een shake aan de rivier en eten in ons restaurantje aan de pepsi plaat. Een douche frist ons voldoende op om een rustig dutje te doen.
    We trekken terug de stad in om te internetten, proberen nog eens de kinderen te bellen zonder succes en gaan ons bevragen voor een terugvlucht of de andere mogelijkheden.
    We kunnen met de bus terug naar BKK of met de bus naar Udon Thani en vandaar voor 600ThB naar BKK vliegen. We willen niet in Udon Thani overnachten en zijn niet zeker of we de vlucht dezelfde dag halen.
    Iedereen zegt van wel maar we hebben ondertussen al wel andere beloftes zien de mist in gaan. Vluchten Vientiane naar BKK zitten de eerste dagen vol.
    De nachtbus was ons niet tegengevallen dus kiezen we daar maar voor. (680 ThB nu ipv 700) en ze komen aan 't hotel ophalen. We reserveren weer de zitten vooraan. Daarna nog wat paraderen door de rustige straatjes en wat valiezen keuren. Onze zak doekt het nog zijn dienst en we kopen niet. (bleek later niet zo verstandig)
    Bij het avondeten ontmoeten we een nederlander die hier al een tijdje rondhangt en elke winter deze richting uitkomt. Het wordt later dan gewoonlijk en hebben vandaag zelfs geen krant gelezen.
    Veel helpende handen bij het ontbijtbuffet. Eigenlijk zouden we ons aan wat exotischer stuff moeten wagen maar tot nu toe doen onze magen en de rest het goed en dat willen we zo houden. Zelfs voor ontbijt is er keuze uit Lao, Thai, Japans, Chinees en westers ontbijt. Suchi?
    Nee, het worden gewoon sapjes en fruit en heerlijke broodjes met bekende toespijs. Spijtig? Misschien ja maar wel veilig en niet pikant.
    Daarna zijn we weer op trot langs tempel en museum en door rustige straatje met lommerrijke bomen.
    Er is veel jeugd die samenkomt aan de Mekongoever. De parkings en straten staan vol brommers. Er is een WE marktje waar ze zowat alle prularia verkopen die ge u kunt inbeelden. Het dochtertje van de restauranthouder gaat er oorbelletjes kopen die ze daarna verder wil verkopen. Ze heeft bijna het hele WE plezier aan het schikken en herschikken van haar uitstalkastje met goedkope sierraden.
    Bij de gewone straatgeluiden klinkt er nu uit de luidsprekers ook "moderne" muziek. Abba is nog steeds in, ongelooflijk hoe populair die in deze landen blijven. We hoorden "dancing queen" zowat overal in de omringende landen gedurende de laatste 10 jaar en ze overleven het nog.
    Het is weer verschrikkelijk heet en ik laat me verleiden tot een pineaplle shake die me later wat opspeelt in de buik. Eigen schuld dikke bult ...'t kan niet altijd ongestraft ijskoud drinken in deze hitte en vermoedelijk niet alleen melk maar ook ijs ondergedraaid. Gelukkig is het maar éénmalig en ben ik na de platte rust weer fit. Onze pa, die geniet van zijn fresh coconuts. We zouden dat thuis ook moeten kunnen vinden dan zou hij tenminste altijd voldoende drinken. Elke noot bevat ongeveer 3/4liter aan 3 stuks per dag is dat niet mis hé.
    We gaan ons met een boek aan 't zwembad installeren. We zijn voorlopig de enigen, ze zetten de ligzetels onder de bomen en we leggen de matrasjes dubbel. Een drankske en een boek; meer moet dat niet zijn.
    Als de temperatuur weer wat draaglijker is zijn we weer de baan op; flaneren. Den hollander is ook weer van de partij en is in 't gezelschap van een gekke amerikaanse dame. Van gezellig wordt het vermoeiend en we kramen vroeger op.
    Het is nu wel wat meer opletten want blijkbaar zijn al de jongeren van 't stad hier op hun brommertjes aan 't paraderen en ze letten absoluut niet op. Mijn krukken doen dienst om wat ruimte te scheppen bij 't oversteken.
    De aircokilte overvalt ons in de lobby en we maken ons vlug onder de voet uit naar de kamer. Te moe om nog veel te lezen vallen we vroeg in slaap
    Na even wakker geweest te zijn deze nacht terug ingeslapen en we zijn laat opgestaan. We hebben tijd zat en willen het rustig aan doen. Na een uitgebreid ontbijt waar weer veel expats zitten gaan we onze pakken maken. We vertrekken maar deze avond maar we moeten uitchecken voor de middag.
    We trekken nog een laatste keer het stad in en gaan nog eens internetten. We mogen onze bagage in de lobby droppen.
    We betaalden hier 28$/n voor ons beiden voor zeer goede service en wat luxe. Pa wil nog eens van de lekkere soep gaan eten, ik hou me maar bij een belegde baguette. Mijn fruitshake vervang ik door cola want er ligt een lange busrit in 't verschiet.
    Terug in Lane Xang installeren we ons met een boek aan 't zwembad. Er komt meer volk vandaag. Een Lao/engelse familie komt er met hun zoontje zwemmen. Ze hebben aan de rand van de stad een nieuwe woning gebouwd (van de prijzen bij ons thuis bouwt ge hier een heel dorp) mijnheer (42j) leeft op zijn rente na enkele jaren voor een firma in ZO Azie te hebben gewerkt.
    Sommige mensen kunnen zich toch gemakkelijk los maken van hun vertrouwde milieu en familie en zich aanpassen in een heel andere cultuur. Ik zou het niet kunnen denk ik. Zo gaat de tijd vlug voorbij en moeten we ons reppen om nog wat te gaan eten voor de bus ons komt ophalen.

    Het is ondertussen Maandag 14-02.
    Rond 9u stopt er een minibusje dat al goed vol zit. Het wordt een probleem onze bagage en vooral de rolstoel er nog bij te krijgen. Pa gaat voorin zitten naast een zuurpruim en ik deel de bank met 3 jonge Israëliers. 't Is krap maar de afstand naar de grenspost niet ver.
    We hebben nu de formaliteiten in omgekeerde richting. Gelukkig is de helper van de grote bus dezelfde als bij de heenrit en hij neemt weer onze bagage over waarvoor pa hem goed beloond met de resterende Kip.
    Exit fee 20ThB/2pp- pascontrole enz. en aan de overkant staat de bus klaar. Jonge gasten hadden zich reeds op onze plaatsen geïnstalleerd en waren niet erg happig plaats te ruimen maar genummerde plaatsen zijn genummerde plaatsen.
    Aan de Thaise grens stapt pa alleen uit met de passen. Ik ga aan 't venster zitten zodat ze mij van in hun hokje kunnen zien maar voor pa aan de beurt is rijdt de bus naar de overkant Thaïland in. Ik voel mij er niet gerust in maar de mannen zeggen dat het geen probleem zal zijn. Ik voel me maar pas gerust als ik pa zie.
    We stoppen terug aan het restaurant aan de Mekong waar eten voorzien is. Ik voel er niks voor om uit te stappen en eet een stukje van de broodjes die we uit Vientiane meenamen.
    Ze stoppen zelfs nog even op de verlaten parking en niemand weet waarom. Naast ons zit een groepje jonge Zweden en ze presenteren ons een Valiummeke om te slapen...telkens als we terug vertrekken stopt hij er een paar in zijn mond. Hebben er zo onze bedenkingen bij en houden ons bij een gedeeld pilleke uit onze eigen voorraad.
    De bussen hebben zo hun vaste stopplaatsen en voor het ochtendgloren wordt er nog eens halt gehouden. Ik blijf zitten en pa is blij met de sanitaire stop.
    Rond 9u stoppen we midden in Kaosanroad. Bij 't uitladen ontdekken we dat onze zak gescheurd is. zal ermee terug moeten naar de Carrefour. Dat is nu de 2e zak van het setje die het laat afweten (de eerste een uur voor 't vertrek thuis). We willen naar een GH een paar honderd meter verder. De eerste tuktuk die we aanspreken vraagt 100ThB en zijn buurman ook. Ik vertel hun effe wat ik van hun schandalige houding denk en dat ze een schande zijn voor hun eerlijke collega's. Ze zijn er niet gelukkig mee vooral omdat ik er in 't plat vlaams nog wat aan toe voeg en heel duidelijk tourist police laat horen. Ze verdwijnen alletwee.
    We kunnen evengoed tevoet tot daar. Een taxichauffeur spreekt ons aan en voor een faire prijs rijdt hij ons tot daar (50ThB want als auto moet hij volledig rondrijden) We willen ons laten afzetten aan Sawasdee want de naam van het GH waar we naartoe willen zijn we vergeten maar is er juist naast. Wisten wij veel dat er in de omgeving verschillende Sawasdees zijn; het vraagt dus wat uitleg voor hij weet welke we bedoelen.
    In Rambutti Village is zo vroeg op de morgen nog geen kamer vrij. We schrijven toch in, laten de bagage en een pas achter als garantie en kunnen tegen 11u terugkomen. We gaan dan maar ontbijten in Sawasdee. Een franse dame zit er te wachten op een minibusje dat maar niet afkomt. Ze wil naar één van de eilanden om uit te rusten voor ze weer naar huis gaat na weken onderweg geweest te zijn. Als het minibusje komt zijn er problemen. Eén van de jongens heeft 2 stukken bagage bovenop gegooid maar geen supplement betaald voor het 2e stuk niettegenstaande het overal uithangt dat dat een surplus is. Hij moet bijbetalen of het busje uit. Hij wil niet en het wordt een patstelling. De andere reizigers ook lastig voor het tijdverlies. De chauffeur start maar zegt iets tegen zijn collega van "police" en die hebben hun kantoor op 't hoekske.. weet niet hoe het afgelopen is - ben nog altijd curieus - vond het gedrag van die gast voor een paar ThB ferm arrogant.
    De kamer die we krijgen in Rambutti is zonder veel problemen met de lift te bereiken. We doen bijna een stap achteruit als de deur opengaat door de groene kleur die ons overvalt. Als we binnen zijn valt het reuze mee. De weerkaatsing van de zon in een spiegel was oorzaak van het effect want de muren waren zacht licht groen. Een perfecte kamer met koelkast en perfect werkende Tv en een heel mooie badkamer. Zijn prijs 650ThB meer dan waard. Op het dak een zwembad maar slechts met trappen te bereiken.
    Het GH ligt heel centraal en een stukje achterin en dus heel rustig. We gaan 's middags op het pleintje in een restaurantje iets drinken. de prijzen liggen er redelijk hoog en voor 't middageten gaan we dus bij de buren in Sawasdee. We hebben daar zowat ons vast zitplaatske.
    Na de middag gaan we wat slapen want een nacht in een bus, ook al hebt ge geslapen, blijft vermoeiend.
    Daarna gaan we weer op stap. Nog maar eens proberen te bellen: noppes. Voor 5ThB onze mailbox bekijken en een berichtje zenden. We stappen hier en daar een reisbureauke binnen want morgen willen we toch naar Pattaya. Ben benieuwd wat dat gaat worden. Pa zou het toch eens graag zien en als het ons niet bevalt kunnen we nog door naar HuaHin.
    Een taxichauffeur biedt ons de reis aan voor 1200ThB wat verder wil ééntje het doen voor 1100. We spreken af dat hij ons 's morgens om 10u komt ophalen.
    Ik laat me verleiden door de geur van pannenkoekjes. Ze smaken lekker maar druipen wel van 't vet. Het fruitkarretje kunnen we zo ook niet voorbijlopen en onze pa ziet ge genieten van zijn ananas.
    We doen niets en toch is de dag zo vlug voorbij. Op Kaosanroad bestellen we nog een schoteltje noodles maar ze bevallen pa niet zo fel. Misschien geraakt zijn maag wel wat overhoop van die zware AB. Hij voelt zich wel beter maar heeft nog heel veel last van hoesten en fluimen. Al dat verschil van airco kou naar hitte doet er ook geen goed aan. Deze nacht kunnen we weer slapen met open raam.
    BR>Dinsdag 15-02 We zijn vroeg op en om 8u zitten we al aan ons ontbijt. De eerste taxichauffeur staat er en wil ons wegdoen voor 900Bath alles in. We zeggen OK en gaan onze bagage halen om uit te checken. Terwijl pa alles in orde brengt probeer ik alleen het stoepje achterwaarts af te rijden en ga glorieus met de benen de lucht in. Vermoedelijk heeft het gewicht van de handtas een beetje geholpen maar aan de andere kant was het ook een buffer zodat ik niet met mijn hoofd tegen de grond bonkte. Een heleboel volk om te helpen en ik verlegen. 't Zal me leren alles zelf te willen doen.
    De bagageruimte van de taxi's is maar klein door de LPG tank die er in ligt de rolstoel moet dus op de voorzit. Zonder voetstukken en wielen lukt het perfect. Het is een rit van meer dan 200km. We rijden langs de tolweg en hij vraagt ons te betalen omdat hij niet voldoende geld bijheeft. We maken hem wel duidelijk dat dat dan van de eindafrekening afgaat. Het blijft autostrade tot Pattaya en er is op de meeste plaatsen druk verkeer. We moeten 3x toll betalen en de prijzen hangen uit (30 tot 60ThB) De eerste indruk van Pattaya valt ons fel tegen. Drukte en nog eens drukte. En ge gelooft het of niet, het eerste grootwarenhuis dat we voorbijrijden is de Carrefour. Amaai een echt glazen paleis.
    De chauffeur kent een goed hotel en we laten hem doen misschien krijgt hij er iets voor. Het is echter full. De volgende ook. Wij hebben ook een adresje maar dat weet hij niet te vinden (zogezegd) We hadden gevraagd de airco af te zetten en het wordt te warm in de auto en we zijn moe. Na een deel hotels full of niet met de rolstoel te doen vinden we Sunbeam. Het is wel duur maar het kan ons niet schelen voor 1 nacht.
    We rekenen af en daar we op zijn meter zien dat hij er echt geen overschot aan heeft geven we hem een goeie fooi. Er is wel een serieuze helling om 't hotel binnen te komen maar ze schieten langs overal toe om te helpen. Onze pa vindt het gevaarlijk.
    Binnen is het grote chic. Ze vragen 1800ThB/dubbel met ontbijt. De kamers zijn mooi, zeer netjes en hebben een terrasje. Voor we op verkenning gaan willen we eerst wat bekomen van de rit en de douche is heerlijk. Ook hier kan ik het zwembad moeilijk bereiken. Ben wel eens 1x gaan kijken. Amaai met palmbomen op 't dak en bar in 't zwembad. In de late namiddag gaan we op verkenning.
    We zitten middenin de bars en drukte van Pattaya. Het geeft nog wat een verlaten indruk. En zo vol tegenstrijdigheden. Aan elke bar zijn er ook altaartjes voor Buddha en de offergaven zijn zeer gevarieerd: van water, rijst, fruit tot alcoholische dranken en sigaretten maar ook hele kippen en een varkenskop. Iedereen is even vriendelijk.
    We rijden richting zee. Het is wel wat hellend maar gemakkelijk te doen met rolstoel en de chauffeurs van de auto's heel attent. De zeeboulevard heeft een lange promenade maar helaas zijn ze hier en daar aan 't werken en ligt hij volledig onderbroken. Het tourist office heeft niet veel te betekenen. We krijgen er een folderke en dat is het. Nu hebben we wel een stadsplan en we gaan op zoek naar Sawasdee Sea Veuw hotel. We reserveren er een kamer voor de volgende dagen. Er zijn kamers vanaf 250ThB Wij nemen er eentje van 900ThB in de nieuwbouw omdat die te bereiken is met lift. Met 1 groot bed is het 100ThB goedkoper maar bij deze hitte hebben we liefst elk ons eigen nestje. De kamer is perfect. Het hotelletje ligt ook in een rustig straatje en daar zijn we blij om. We eten hier wat vooraleer we terugkeren naar ons hotel.
    Overal zijn de bars nu open. Een heel spektakel. Overal meisjes die roepen en groeten, heel vriendelijk. We kijken onze ogen uit. We hebben van 't hele verlof nog geen olifant gezien maar hier lopen ze nu met een jong dier rond en de toeristen betalen voor de bananen die hij eet. Wat verder loopt er ene met een dikke vette slang rond zijn nek. Griezel, griezel. Na al die drukte en lawaai duurt het even voor we tot rust komen op ons terrasje. Als een paar kamers verder teveel bloot gegeven wordt trekken we de gordijnen toe en gaan slapen.

    Woensdag 16-
    Niettegenstaande de muziek in de bars de ganse nacht door gaat hebben we toch redelijk goed geslapen. We doen weer rustig aan en 't is al na negenen als we gaan ontbijten. Er is een grote variatie aan verse broodjes, verschillende kazen en verse salades en heerlijk vers fruit. We proberen de eieren, spek en worstjes zoveel mogelijk te vermijden want die lagen de laatste week wat te dikwijls op ons bord.
    Onze pakken zijn heel vlug gemaakt. We checken uit en krijgen de 200ThB waarborg cash terug. De bellboy's zorgen voor een wat grotere tuktuk zodat wij en onze bagage wat meer ruimte hebben.
    In Sawasdee zijn ze zeer behulpzaam en het hellingske wordt zonder problemen genomen. De kamer is ruim met zachte bedden, mooi en netjes en we hebben uitzicht op zee.
    's Middags betalen we 45ThB voor een hamburgerbroodje met lekkere frietjes en een frisdrank. Daarna gaan we het bed uitproberen en we vinden BVN op TV. Raar naar VRT nieuws te kijken zo ver van ons vlaamse landje. Voor we weer op stap gaan gaat pa rechtover de was binnendoen - ze vragen 12ThB voor wassen en strijken van een lange broek en 10ThB voor bloes of Tshirt.
    We trekken terug naar de strandboulevard, wandelen 50m en zetten ons weer onder een palmboom om van het uitzicht en het flaneren te genieten. We proberen er achter te komen wie van de meisjes op zoek is naar een prooi. Ze lopen hier met tientallen maar zijn niet opdringerig maar vriendelijk en hebben blijkbaar veel plezier onder mekaar. Waar we bang voor waren om teveel plakkerij te zien of te jonge kinderen blijft ons bespaard. Slechts één maal twijfelden we of het meisje niet meer tot "de kinderen" moest gerekend worden. 't Was een beetje een opluchting voor mij want ik was niet erg scheutig om naar Pattaya te komen.
    Wat later gaan we nog eens internetten en als de temperatuur wat gedaald is gaan we weer wat op verkenning. Onderweg keuren we wat valiezen want onze zak zullen we niet veel meer moeten gebruiken. Het blijft bij keuren. De restaurantjes die we tegenkomen zijn meer bars dan eetgelegenheden en na ze overdag gezien te hebben spreken ze ons niet zo erg aan. Een beetje uit de drukte vinden we er toch eentje dat ons aanspreekt. We bestellen Noodles with mixed sea fruit. Het vruchtsap van de cocosnoot wordt heel lichtjes gesuikerd opgediend in een glas en smaakt overheerlijk. Ook de noodles smaken en zijn heel lekker gekruid. Pa vindt de stukken inktvis te taai en die krijg ik dan doorgeschoven maar de rest is zo overvloedig en lekker dat we hier zeker nog eens terug komen.
    Gelukkig kijk ik even de rekeningen na want die kloppen aan geen kanten - blijkbaar zat er nog een rekening bij van een vorige vrolijke klant die zich had tegoed gedaan aan een teveel aan coctails. Probleem wordt opgelost met veel verontschuldigingen. En neen, ik had niet het gevoel dat het opgezet spel was, eerder dat de man aan de kassa meegedeeld had in de coctails...
    We trekken nog eens door de drukte en verwonderen ons erover dat we er ons eigenlijk goed bij voelen. Vermoeden dat het komt door de vrolijke en zeer vriendelijke sfeer. Het is lijk lopen op een kermis. We zijn moe als we aankomen in Sawasdee en na een doucheke liggen we vlug in bed en geen van beiden heeft nog veel in zijn boek gelezen.

    Donderdag 17-
    Het ontbijtbuffet is sober maar goed. Daar we tussen de tafeltjes door moeten om een goed zitje te vinden gaat pa alleen het eten halen en krijgt spontaan hulp van één van de Thaïse meisjes.
    Naderhand zien we dat ze in het gezelschap is van een oude westerse man die heel moeilijk te been is. Ze zit met hem buiten in de schaduw op het terras, smeert zijn boterhammekens, haalt zijn krant, verplaatst de parasol, zit rustig naast hem te breien enz. De rest van de dag zagen we haar hem begeleiden naar het strand, zijn wasgoed afhalen enz. We zien nog meer van die koppels soms zelfs met een kind erbij.
    Eerst dachten we dat ze misschien getrouwd waren of samenwoonden of zoiets. Blijkt dat heel veel oudere westerlingen voor het seizoen naar hier komen en jaarlijks beroep doen op dezelfde meisjes. Die komen dikwijls uit dorpen in het noorden om hier op een 4tal maanden het geld samen te rapen voor de onderhoud van hun familie. Zo hebben sommige mannen er niets op tegen dat ze hun baby meebrengen, zolang ze ook maar voor hem zorg dragen. Het gaf ons nogal te denken en ik heb mijn idee over Pattaya toch wat moeten bijstellen. Pattaya= een betaalbaar privé rusthuis?
    Er zijn er natuurlijk ook anderen, meestal een stuk jongere mannen die alleen op seks uit zijn. Nu, zolang het om volwassenen gaan en ze op straat geen aanstoot geven moet ik daar niet over oordelen.
    We huren een strandzetel en genieten onder de parasols van het uitzicht en een zeebriesje. Er is veel beweging op het water maar slechts enkelen wagen zich erin om te zwemmen. Van lezen komt niet veel terecht maar we genieten wel van de lekkere tijgergarnalen met dipsausje. Op de middag valt het briesje en wordt het weer te warm voor ons.We trekken naar onze kamer en pa kijkt naar Blokken en het VRTnieuws. Ik kan niet stoppen met lezen in een spannend boek. We hebben de indruk dat de hitte blijft hangen.
    Nadat we uiteindelijk toch een nieuwe valies hebben gekocht houden we het voor gezien en keren we terug naar ons GH om daar iets te eten. Nog even de krant lezen voor we naar de kamer gaan. Voor de derde keer vandaag onder de douche, wat TV kijken en lezen. We zetten de ramen wagewijd open voor de nacht en zijn blij niet meer midden in de drukte te zitten.

    Vrijdag 18-02
     Deze dag verschilt niet veel van de vorige. Eten, wat stappen, luieren aan zee en genieten van een portie garnalen die ze nu zelfs voor mij pellen. We bestellen de taxi die ons morgen naar de luchthaven zal brengen en gaan 's avonds nog eens noodles en vis eten .

    Zaterdag 19-02
    We checken uit en droppen onze bagage achter de balie.

    We hebben niet veel zin om nog veel rond te lopen en spenderen onze tijd met lezen van kranten en een stukske eten in de zeteltjes op ’t terras.
    De taximan is goed op tijd daar en we rekenen af met de bediende van ’t kantoortje.
    Het gaat in een dolle vaart richting BKK. We vragen om snelheid te minderen, de airco af te zetten. No English… Aan de luchthaven vraagt hij ons dan wel in ’t engels mee uit te kijken naar de naam van de luchtvaartmaatschappij en die is vlug gevonden.
    Half zat stappen we uit, steken de rolstoel in mekaar en halen de bagage uit. De chauffeur vraagt drinkgeld en wij antwoorden no english.. niet met ons.. geen reden om te danken voor zo’n dolle rit.

    In ’t luchthavengebouw moeten we eerst met de bagage door de veiligheid waar die gesaeld wordt .. vlug dus onze dikke jassen er nog bij steken.
    Aan de balie reserveren we plaatsen waar ik mijn been kan uitsteken.
    Waren vergeten dat men hier exit-fee moet betalen. Gelukkig is MrCash open.
    Aan de douanecontrole slaan de bellen tilt.. het minste stukje metaal geeft alarm.. Broeksbanden en schoenen uit … alle mannen met hun broek in hun handen door ’t poortje. Ook ik en mijn rolstoel ondergaan een grondige controle.

    De vlucht heeft vertraging.. oei, dat wordt rennen in Istanbul
    Op ’t vliegtuig realiseren we ons dat rennen niet veel zal helpen.

    Istanbul: we mogen in de VIP lounge wachten, mogen ons van drank en knabbel voorzien en hebben een zetel waar we lui kunnen in liggen. Ik probeer Peter te bellen maar voor me dat lukt komen ze ons al ophalen voor een vlucht naar Munchen.
    ’t Zal bibberen worden want in Munchen ligt sneeuw en vriest het.
    Ook hier goede opvang en daar we 4u moeten wachten mogen we gaan slapen op een brits.Ze maken ons wakker als ’t tijd is en met een sneltreinvaart rijden ze ons in zo’n open karretje tot aan het vliegtuig op de tarmac. Biber bibber, als wij hier niet ziek van worden dan weet ik het niet … hadden we maar het Lufhthansadekentje meegenomen.

    Als we in Zaventem stoppen bel ik direct Peter op.
    We gaan de bagage ophalen en trekken vlug onze jassen aan.
    Doodmoe maar toch eerst nog langs Boutersem om de kleine Mathias te zien en te knuffelen.

    28-02-2005 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (2)
    01-04-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.TUNESIE -Sousse El Hana Beach hotel
    Tunesië
    Sousse






    Oeps nog maar pas terug van Tenerife en mijn ventje heeft een last-minute gevonden voor Tunesië. Hij voelt zich niet zo goed thuis met dat vochtig weer hier. We reserveren 14 dagen "niets doen" en aangezien stilzitten niet echt tot onze gewoonten behoort zal het wel weer een nieuwe ervaring worden zeker.

    De bagage is vlug gemaakt: een grote koffer vol met boeken en ééntje met toiletgerief en wat kleren.
    De buurvrouw kan er maar niet aan uit dat dat zo vlug gaat... We weten ondertussen wel in welke kleren we ons het best voelen en in geval van nood kan overal gewassen worden.
    Onze prioriteiten: onze medikatie, een waterkokertje en lectuur.
     Het waterkokertje: een goei tas koffie kan mijn dag goed maken en gewoonlijk is die moeilijk te vinden in hotels en café/restaurants in de Maghreb landen. Dus 250gr bagageruimte voor puur genot...

    De vlucht vertrekt wonderwel maar met 20 minuten vertraging.
    Over de service aan boord hoort ge ons nooit klagen daar onze verwachtingen jaren terug reeds bijgesteld werden.

    De opvang aan de luchthaven lijkt chaotisch maar verloopt perfect; ge moet het hen nageven dat ze dat goed onder de knie hebben. De hostes op de bus wil iedereen overtuigen van de noodzaak van de aanwezigheid op de ontmoetingsbijeenkomst (ze willen u zeer graag uitstappen verkopen voor ge de kans hebt in 't centrum uw licht op te steken en voor minder dan de helft van de prijs dezelfde trip te reserveren)  Aangezien we vroeger uitgebreid Tunesië bezochten willen wij deze dagen alleen maar luierikken.

    Hotel El Hanah Beach ligt aan de strandboulevard in Sousse - heeft slechts 3* maar is prima toegankelijk voor mij met de rolstoel. - voor de tuin moet ik wel door de kelderloopgraven en keuken maar ik kom er zonder hulp.
    De kamer is sober, netjes maar heeft een balkonnetje met een mooi uitzicht op tuin, boulevard en zee.
    Het eten is wat ge er van moogt verwachten: geen haute cuisine maar wie uit zijn doppen kijkt vindt wel iets naar zijn gading zonder belly belly te moeten oplopen.
    De tweede dag wist de ober dat we de soep (en ook de rest) "heet" wilden en daar desnoods ook wilden op wachten... we werden vanaf dan ook zeer goed verzorgd, zelfs in de watten gelegd.
    De animatie in 't hotel sprak ons niet aan maar was vermoedelijk wel op maat van de "iets" jongeren.
    Wij vonden vlug een bont en aangenaam gezelschap en het heeft ons 's avonds nooit aan gespreksonderwerpen ontbroken of verveeld. 
     
    De tuin had ideale hoekjes, deels achter glas, waar het heerlijk was om in dit tussenseizoen een boek te lezen of wat te soezen. Aan het zwemdok was het voor mij te fris en zelfs een klein briesje deed er de  gevoelstemperatuur te fel dalen.
    Aan de hoofdingang staan ook wat stoeltjes, goed uit de wind en fijn om de beweging op straat en aan de winkeltjes tegenover te becommentariëren.
    De venters met sigaretten passeren herhaaldelijk en hun prijs daalt zonder dat we er ook maar met één woord over onderhandelen. De verhalen over hun familie interesseren ons meer. Eigenlijk zijn het seizoenarbeiders in hun eigen land. Ze komen zelfs van Tabarka en Sbeitla, huren hier samen een kleine kamer en gaan af en toe naar huis. Vooral de periode van de Ramadan willen ze thuis zijn zogezegd om toezicht te houden op de kinderen of die zich wel aan hun plichten houden???Waar of niet???
    Heb er geen idee van, als niet roker, wat de kwaliteit is van die sigaretten maar uiteindelijk zou de prijs ongeveer 9€ bedragen voor een farde. Weet niet goed wat ik er allemaal moet van denken en wil me absoluut niet schuldig voelen omdat ik mij de luxe kan permitteren om hier te zijn. Besef wel wat een geluk we hebben in Vlaanderen te zijn opgegroeid.

    Met wat behendigheid kon ik met mijn rolstoel tot op de strandboulevard, die wel wat herstelwerkzaamheden zou kunnen verdragen. Op 't einde was er een cafeetje met tafeltjes achter 't glas waar ze heerlijke thee schonken en waar we steeds bekenden troffen.
    De haven lag ook in mijn bereik al had ik daarvoor hier en daar wel wat hulp nodig. In de haven liggen ook nog oude schoeners die voor tochtjes kunnen geboekt worden. De prijzen en de staat van de boten zijn echter veel beter in Port El Kantaoui.
    Het lossen van de vissersboten interesseert ons steeds. Volgens ons een nogal magere vangst maar blijkbaar worden ze voor de kleine visjes ook nog goed vergoed door de grote hotelketens die daar een soort vulsel voor paprika's van maken - het recept wordt in geuren en kleuren uitgelegd en als delicatesse beschreven - ik eet dus van nu af geen met "visprak" gevulde groenten meer - zie het al gebeuren: alles samen in een grote ketel en hier en daar zal er wel wat anders dan een visje tussen zitten zeker of gaan ze dat allemaal manueel uitsorteren?
    Voor Magrebijnen zijn ze wel zeer open en vrolijk en stoort mijn vrouwelijke aanwezigheid niet - ook weer iets nieuw. En allemaal zijn ze fier op hun talrijke kinderen en spreken een beetje neerbuigend over onze magere kroost. De vrouw niet gewillig genoeg vragen ze aan 't ventje. Ja wadde!
    De Medina had ik jaren terug al bezocht en is nogal moeilijk te doen op wielen. Mijn ventje ging er wel een paar maal kuieren en vond het enige verschil dat er nog meer winkeltjes met souvenirs waren. En de tapijten krijgt ge nog steeds voor un bon prix en very cheap.
    We namen het open treintje naar Port El Kantaoui. Kregen spontaan hulp bij het inladen van de rolstoel en een zetje voor mijzelf. Het rammelt nogal en is niet echt comfortabel maar voor mij wel de gemakkelijkste manier om er te geraken (buiten een taxi natuurlijk)
    Port El Kantaoui zelf is een toeristenparadijs geworden. Helemaal opgesmukt en met een overvloed aan accommodatie, restaurantjes en winkeltjes.
    De ingesloten haven is een streling voor het oog. Leuren met waren is uit het havengebied gebannen. En al was het vroeger veel origineler ik heb er nu toch ook echt van genoten - een tchai bestellen en een bord appelsienen als toegift krijgen, ge moet er maar opkomen en de thee was nog heerlijk ook.
    Andere uitstappen hebben we deze keer niet gedaan. We wilden luieren en van de zon genieten
    en dat is ons ook gelukt.
    We vonden een piepklein internetcafeetje. De eerste keer zijn we er 's avonds naartoe gegaan en hebben een paar lessen geleerd:
    - 's avonds zit het vol jeugd, niet erg als ze niet allemaal tegelijk het geluid van hun oorlogsspelletjes aan hebben
    - 's avonds wordt er veel electriciteit verbruikt en het net is daar niet op berekend met het gevolg dat, tegen dat ge uw bericht ingetypt hebt heel de boel stilvalt op ééntje na ... die op een generator staat. Dus de volgende dagen steeds op die gewerkt
    - klavier: blind kunnen typen is een groot voordeel want slechts enkele letters zijn nog leesbaar en uw handen wassen achteraf is een "must" - geen verdere omschrijving nodig zeker.
    Maar wat van belang was, we hadden contact met "de wereld" Zalig toch. Vlug een berichtje naar de VS en wat nieuws van vrienden in Z Afrika en de kinderen op het thuisfront.

    Zoals steeds met charters: het uur van vertrek is onzeker .. het wordt 's avonds voor vertrek uitgehangen. Ipv 's avonds te vertrekken vliegen we reeds vroeg in de morgen. Niets tegen in te brengen want in de brochures staat in kleine letters "dag van vertrek en terugkomst zijn geen verlofdagen maar reisdagen"

    Op de luchthaven wacht de zoon ons op. "Enne, hoe was 't? Waar zijde overal naartoe geweest?.."  Als hij ons verhaal hoort kan hij moeilijk geloven dat het ons bevallen is ..." in Sousse gebleven ja, veel gelezen en in 't zonneke gezeten en een paar zeer interessante mensen ontmoet"
    We stoppen onderweg bij de bakker want brood dat vinden we nergens zo lekker als thuis.

    01-04-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (4 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    01-03-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.TENERIFE feb 2004



    Last Minute
    Tenerife
    Praia Paraiso

    Klik hier voor de diavoorstelling

    Het heeft nogal wat voeten in de aarde gehad voor we weer eens konden vertrekken.
    Gewoonlijk trekken we in 't voorjaar zuidwaarts met de kampeerauto maar vorig jaar was het zo'n rotweer geweest met veel regen en vooral veel wind  zodat mijn ventje graag wat meer zekerheid zou willen voor 't weer. (alsof dat zomaar effe te bestellen is)
    Als hij thuiskomt van de markt heeft hij bij Jetair een goede aanbieding gezien voor Tenerife. We waren nog nooit in deze regio en volgens de buren valt er wel wat te zien.
    Het vertrek is over 3 dagen en ik bel dan maar onmiddellijk om te zien of de plaatsen nog beschikbaar zijn en de rolstoel mee kan. Om 15u is alles afgehandeld. Tickets moeten aan de balie op de luchthaven afgehaald worden. Het vertrek is gepland op zaterdag om 7u. Els kan ons naar de luchthaven brengen en neemt de zorg voor de hond op zich.
    Vrijdag voormiddag telefoon dat de vlucht later is en we slechts om 14u zullen vertrekken. We beslissen dan maar zelf naar de luchthaven te rijden met het wrak van Els.
    's Morgens komen ze de Kaya halen en wordt er van auto gewisseld. Aan de uitleg van Els te horen zullen we er wel geraken maar is 't niet zeker of hij volgende week wil starten. Dat zien we dan wel weer.
    Volgens de routeplanner kan er geen probleem zijn om Bierset te bereiken ttz als er geen wegenwerken zijn. Aan de luchthaven zelf zijn ze de parkings aan 't veranderen en tegelijkertijd ook de verbindingsroute met de autostrade.

    Mijn ventje zet mij af aan de vertrekhal en gaat daarna parkeren. 't Was blijkbaar niet gemakkelijk om op de parking te geraken.
    Voor we onze tickets aan de balie afhalen zien we al op de borden dat er een vertraging is aangekondigd. Het probleem met Bierset is dat het er heel klein is en alle tafeltjes en stoelen bezet. We zullen dus niet moeten kaarten om de tijd te verdrijven.  Gelukkig wordt het vertrekuur niet verder uitgesteld en is dat uurtje vlug voorbij.
    We vliegen uiteindelijk met Martinair en de service is naar Hollandse normen en OK. Onderweg is er een tussenstop in Las Palmas en iedereen moet het vliegtuig verlaten voor de veiligheid omdat er moet bijgetankt worden.
    Het is reeds laat als we op Aeropuerto Tenerife Sur landen.

    Wij moeten naar Hotel Club Paraïso en de voorlaatsten die moeten afstappen. We krijgen dus een sightseeing van de andere hotels. Wat we vooral opvalt is dat de meesten ver van een centrum liggen en er serieuze hellingen zijn. De hostes wil ons graag morgen ontmoeten in een nabijgelegen hotel blablabla
    Aan de balie is het een dringen van belang. Ze vallen bijna over hun eigen bagage. Bang dat ze geen bed gaan krijgen?  
    Voor de lift moet ik wel de voetsteunen van de rolstoel doen. Op 't gelijkvloers zou er morgen een kamer vrijkomen en zou ik kunnen ruilen. We zien wel.

    De kamer die we verwachtten is eigenlijk een klein appartementje met kookhoek en zitkamer en een ruim balkon. Op de eettafel staat een grote schotel met broodjes, koude schotel en veel fruit en heel fijn verzorgd. Dat ze zo maar verder doen...
    De verkenning houden we voor morgen en na een deugddoende douche duiken we met een boek in bed - vensters wagewijd open.
    't Is heerlijk wakker worden met een zonneke dat tussen de gordijnen piept. We hebben ook lang geslapen.
    We ontbijten buiten. Morgen moeten we ons een beetje beter organiseren want pa moet verschillende keren over en weer naar 't buffet. We zitten er niet lang als er een paar poezen langskomen om wat restjes te bedelen. En mijn ventje zorgt er voor dat ze morgen zeker weer op 't appel zullen zijn. De broodjes smaken lekker en... ze hebben lekkere koffie.
    Als we rondrijden komen we langs het zwembad maar verder is er geen tuin. Er is alleen een fel hellend vlak om terug binnen te geraken of terug via het restaurant. Zullen ons moeten bevragen hoe we het moeten doen als 't restaurant gesloten is.
    Vooraan het hotel is een grote afgesloten parking voor de auto's van de gasten. Eens op de doorgangsstraat zien we ons probleem; de straat loopt berg af naar het centrummeke. We rijden tot de eerste grote winkel, doen een voorraad drinkwater en wat andere prullen in en keren terug.
    Op 't hoekske is een spellenhal en ze hebben er ook een paar pecekes staan om te internetten. Aangenaam is anders want het lawaai doet pijn aan de oren.
    We hebben een paar verhuurbedrijfjes gezien voor auto's. Mijn ventje gaat op ontdekkingstocht en ik ga me met een boek aan 't zwemdok installeren. 'k Sta wel even voor een probleem want om er ook maar in de nabijheid te komen moet ik langs trappen of, door de bar. 'k Sta een beetje op mijn strepen en na wat gemor verzetten ze de bakken die het hellend vlak versperren ( ze rijden hun voorraad de helling op en laten alles ter plaatse staan). Ik vind een rustig plaatsje en een goede ligstoel. Het boek is spannend en de tijd vliegt.
    Mijn ventje heeft goed onderhandeld en komt terug met een paar aanbiedingen die hij tegenover mekaar kan uitspelen - 't is low saeson en dat schept mogelijkheden. We besluiten dat hij gaat proberen een groter model te versieren voor dezelfde prijs zodat we gemakkelijk de rolstoel kunnen inladen.
    Na een hapje gaat hij zijn kans wagen en 't is vlug beslist bij de overbuur.
    Voor de rest van de dag houden we het bij luieren en lezen en is de zondag vlug vervlogen tijd

    Heerlijk weer. We ontbijten en delen de restjes met de poezen. Terwijl 't ventje de auto gaat ophalen zorg ik voor de knapzak. Lekker zelfgemaakte thee, een paar broodjes en een grote zak fruit. We bekijken ook de vrijgekomen kamer op 't gelijkvloers. Die ligt aan de parking, heeft geen terras en voor 't venster staan hoge struiken. We blijven wel waar we zijn.
    Tenerife is niet groot en we willen een beetje plannen om niet teveel dezelfde routes te moeten nemen. We hebben ook nog geen idee hoeveel afstand men hier op één dag kan afleggen zonder zich te moeten haasten.
    Voor onze eerste trip kiezen we Masca als doel en we zien wel waar we uitkomen.
    Vanaf Armenime nemen we de kustroute. Er valt niet veel te beleven. Veel bananenplantages en beschermingsplastiek en weinig uitzichtpunten. De kleine badplaatsjes laten we links liggen, die verkennen we later wel als we wat zicht hebben op de te spenderen tijd.
    Vanaf Los Gigantes wordt de route interessanter. Er zijn verschillende uitzichtpunten en zien zelfs andere eilanden in de verte. Straks op een kaart eens nagaan welke dat zijn.
    Santiago del Teide, een stadje op een kruispunt en dus redelijk wat winkeltjes en aktiviteit. Er is zelfs een parking, ideaal om met een camper te staan (het zit in ons onderbewuste gebeiteld - elke parking wordt geëvalueerd in funktie van...)
    Van hier naar Masca is het avontuurlijk rijden. Het kustgebergte is zeer gevarieerd de route smal en bochtig. We stoppen regelmatig midden op de baan om eens goed te kunnen rondrijken- het verkeer is hier heel rustig.
    In Masca komen we in drukte terecht - de parking staat vol . Het wegske naar het dorpke is niks voor mijn rolstoel. Pa waagt zijn kans maar komt buiten adem terug. Het dorpke is aangenaam en er vertrekken verschillende wandelingen, sommige georganiseerde waar men op de kustlijn opgewacht wordt door bootjes die u terug naar Los Gigantes brengen. De klim terug naar de hoofdbaan heeft hij onderschat.
    De route verder naar Buenavista del Norte blijft afwisselend en mooi. Er is ondertussen wel meer verkeer. De afdaling vraagt wat stuurkunst maar dat is mijn ventje zijn lang leven. Ik trek af en toe mijn linkerbeen bij - een nutteloos reflex. De route naar Faro de Teno wordt afgeraden bij slecht weer. Bij dit stralend zonneke met de vensters wagewijd open is het er zalig rijden met uitzicht op de zee die de rotskust teistert.
    Aan de vuurtoren is het druk en we riskeren een platte band door over een scherp lavaveld te rijden om een goed staanplaatsje te vinden "met uitzicht" We nemen hier rustig de tijd om te eten en te gaan wandelen- er zijn aangelegde paden tussen het lava en er is zelfs ééntje die ik aankan. Voorzichtig verlaten we ons plekske. Niks loos met de banden? Oef - geluk gehad.
    Garachico me gusto mucho. Het is er druk. Alle parkeerplaatsjes bezet en de terraskes bomvol. Aan de haven is de gehandicaptenparking vrij. We duiken er vlug in. Op een bank genieten we lang van het uitzicht op het oude havengedeelte met zijn staketsels vol wier en mosselen - de meeuwen die rond de vissersboten hangen, het zonneke dat ons lijf opwarmt.
    In Icod de los Vinos staat in een parkje achter de kerk een beroemde boom, de "drago tree". We rijden er een paar maal voorbij want vanaf de parking is het een slechte kasseiweg en overal staan kriskras door mekaar auto's geparkeerd. We hebben "de boom" gezien en daar ge wegens afgesloten hekken er toch niet kan gaan onder zitten is dat voor ons voldoende.
    Ook hier alle wegwijzers naar de bezienswaardigheden maar het stadje verlaten doet men met de natte vinger en de windrichting. Met een omweg langs druivenvelden komen we toch terug op de hoofdbaan. Via de autopista rijden we nog tot Puerto de la Cruz. Vinden het een aangenaam stadje. We gaan een kijkje nemen aan het fort en het strand. Het centrum ligt op de helling en dus doen we een sightseeing met de auto. Wie goed te been is zal hier wel zijn gading vinden: leuke winkeltjes en rustige pleintjes met platanen.
    We nemen deels dezelfde weg terug. Rijden via Erjos, Santiago del Teide en Chio naar Guia de Isora dat ons ten zeerste kan bekoren. We snuffelen wat rond door de smalle straatjes om daarna in één trek naar ons hotel terug te keren. De verlichte palmboom op het hotel dient ons als gids door de veldwegskens.
    Het dinnerbuffet biedt ons een grote keuze aan verse groenten, vis en fruit en... mierzoete maar o zo lekkere toetjes.

    Weer veel plannen voor vandaag.
    El Teide.
    We gaan eerst het plaatselijke strand eens bezichtigen en geven het de kwotatie: noppes. Halfweg staan wel een tiental campers hoog boven de zee. Een Duitser toert reeds meer dan een maand over het eiland en heeft overal mooie plaatsjes gevonden. Het zet ons aan 't denken.
    Via de autopista del sur naar Los Cristianos waar we de afslag nemen richting Granadillo. Een rustige beklimming met uitzicht op de vallei of de kust. Na de afslag naar Vilaflor verandert de begroeiing, veel pijnbomen, weinig uitzichtpunten. Nabij het dorp staan de villa's van de gegoeden. Amaai, allemaal met een park als tuin. Het parkwachtershuis voorbij Vilaflor is gesloten. Er vertrekken verschillende wandelingen. Voor Boca de Tauce hebben we wel nog een paar wijdse uitzichten.
    Boca de Tauce, waaauw - moeilijk te beschrijven. Is zo voor het ganse park dus 'k ga het woord "mooi" niet teveel gebruiken. Lavavelden en formaties in verschillende kleuren met op de achtergrond de Teide. In de Parador de Canadas del Teide vinden we al de info die we nodig hebben om het park te bezoeken. Er vertrekken verschillende wandelpaden. Eéntje is zelfs met de rolstoel te doen. Aan de kabelbaan staan de auto's aan te schuiven tot aan de splitsing. We rijden tot boven om poolshoogte te nemen. De bakken liggen stil en niemand om uitleg te geven ( bevragen in 't hotel voor vertrek voor wie naar boven wil) We stoppen heel dikwijls onderweg en mijn ventje gaat regelmatig een stapke doen, de ene keer tussen zwarte massa's en op een andere plaats door licht geel zand. Aan het parkwachtershuis in El Portillo nemen we de tijd om te eten en binnen een kijkje te nemen. Ook hier zijn kleinere wandelingen te doen. Voor wie wil is er een grote trekking uitgestippeld die over de Teide loopt en langs de zuidzijde van het park.
    Daarna nemen we de Orotava vallei. Orotava zelf is een aangenaam toeristisch stadje en heeft gezellige terrasjes. De terugrit gaat via autopista del Norte en het westen.

    Normaal zijn wij niet zo voor parken en dierenshows maar over Loro Parque hadden we reeds veel goeds gehoord.
    Vroeg vertrokken en de snelle autopistas genomen. Aan de ingang kan men scooters huren maar volgens de dame aan de balie was er nergens een probleem voor mijn rolstoel. Ja wadde. Die dacht zeker dat wij atleten zijn. Op sommige plaatsen hebben ze mij met 2man de helling moeten op duwen.
    We bestuderen even het plannetje en proberen een parcours uit te stippelen dat we zoveel mogelijk voedertijden en optredens kunnen bijwonen. Het is een prachtig park om door te wandelen. Het onderkomen van de pinguins en de vissen kon ons ten zeerste bekoren. Er is een redelijke diversiteit en ze hebben een paar prachtexemplaren zowel bij de vogels , de katachtigen, de apen, de zeezoogdieren enz. Ook de flora was de moeite waard. We hebben onze tijd goed gebruikt, zowat alles rustig kunnen bezoeken en juist voor sluitingsuur het park verlaten. Voldaan maar doodmoe.
    Via de autopistadel Norte rijden we naar Los Gigantes. Aan de haven een piepklein gehandicaptenparkingske reeds half ingenomen door een dikke bak. Wij nemen de andere helft in beslag. De havenkom is gemakkelijk te doen met een rolstoel en vanop een terraske genieten we van de va et viens. Daarna doen we alle kleine playa's aan. De meesten zijn totaal verlaten. In Playa de San Juan gaan we nog een stukske wandelen voor we binnen rijden.
    Te moe om eerst naar de kamer te gaan schuiven we aan voor het buffet. Tut me thuis ook niet op voor 't avondeten. Genieten in ons hoekske van het lekkere eten en het komen en gaan van de gasten. Wie heeft vandaag te lang in de zon gelegen? Hoelang zou mevrouw aan haar opschik gewerkt hebben? Kan men van zijn eten genieten als de buurman veel te veel van de  "for men" heeft opgedaan? Plezant toch wat kommentaar geven... Tijdverdrijf als men te moe is om op te staan.... De cocospudding is heerlijk en we genieten van een dubbele portie. Uiteindelijk zijn we toch verplicht om op te staan.
    De rugzak zullen we morgen wel leegmaken. Nu een warme douche en duik het bed in.

    De katten hebben een vriendinnetje meegebracht - ze zijn met 5 nu.
    Wij vertrekken terug via Los Cristianos. In Cabo Blanco nemen we de binnenbaan naar Vilaflor. We rijden langs een paar grote boerderijen, vooral veeteelt. In Boca de Tauce stuift het lavazand over de baan. We genieten nogmaals vanuit de auto van al die pracht. In El Portillo rijden we richting  La Laguna. De route loopt ook nog deels door het park. Op het hoogste punt is een astronomisch observatorium. We zien van ver de satellietantennes maar we geraken er niet bij want de route is met een bareel afgesloten. Spijtig. Hebben in de VS de smaak van het hemeltje kijken te pakken gekregen en waren ook hier graag eens een kijkje gaan nemen.
    Het weer is toch niet zo goed als de vorige dagen. Af en toe krijgen we rukwinden en rollen er stenen van de zijkant. We worden attent want we zijn niet scheutig op slidings. Ook aan deze kant van het park zijn verschillende wandelingen uitgestippeld maar wij vinden het gezelliger in de auto. We rijden naar de uitzichtpunten maar tegen de flanken hangt een dichte mist.
    In La Laguna is 't weer van dat - veel éénrichtingsstraten en geen wegwijzers richting Las Mercedes. Na een paar keren rondtoeren zien we platen richting Santa Cruz. We zullen dus de toer door Anaga maar in tegengestelde richting doen. Who cares? De hoofdstad kan ons bekoren. Mooie lanen en goede richtingsaanwijzers. We toeren wat door de stad, nemen de strandboulevard en langs de haven richting San Andrès. De baan volgt kort de kustlijn en we vinden regelmatig een mooi plekje om wat te vertoeven. Er is hier ook veel minder wind. Door de bergen rijden we naar El Balladero. Steigen en draaien, wisselende uitzichten maar vooral heel verlaten. De afdaling naar Almacica is om van te snoepen. De wind waait aan deze kant van de bergen hard genoeg om de golven hoog op te zwiepen tussen de rotsen.
    Aan het keienstrand zijn een paar kleine visrestaurantjes met 2 tafeltjes en een paar stoelen. We rijden langs de mooie kustroute tot Playa de Santiago. Hier is alles verlaten. Deze strandjes zijn vooral geliefd bij de inheemse bervolking zelf. Er komen weinig toeristen van het vasteland. Wij vinden het hier charmant en ja...ook hier kan een camper rustig een tijdje staan.
    Nabij de houten pier staan een paar tentjes op de keien. Op hun vuurtje van wrakhout bakken ze visjes. Maak me een beetje zorgen dat ze met die wind niet hun hele zaak in de fik steken.
    De terugweeg loopt midden over de Montes de las Mercedes. Er zijn verschillende afslagskes naar uitzichtpunten maar na een paar houden we het voor bekeken. Aan de zuidkant kleeft een dikke mist en op die aan de noordkant waaien we omver. Aan een gezapig tempo rijden we terug. In La Laguna zien we de afslag voor de autopista del sur. Steken die over en nemen de route via Barranco Grande. Het is wel aangenaam rijden door piepkleine plaatsjes maar de baan is in slechte staat. In Candelaria nemen we weer de autopista. nadat we even door het centrummeke hebben gereden en de kerk bewonderd.
    Heb even mijn gordel uitgedaan om op de achterbank wat fruit te nemen. We mogen aan kant van de zwaantjes. Ze geven me een vriendelijke vermaning. Hasta la vista maar dan met gordel om.
    We zijn vroeg terug. De wind is nog meer opgestoken. Buiten vliegen tafels en stoelen over en weer. Ze worden met kettingen vastgelegd. De gasten worden verzocht alle buiten en binnendeuren gesloten te houden en de grendel op de vensters te doen.
    Boven huilt de wind rond het gebouw. Voor we uit de douche zijn komt de regen met bakken naar beneden.
    Na het avondeten ontmoeten we medereizigers die ons vertellen dat de hostes kwam vertellen dat het uur van vertrek zal wijzigen. Ze doen maar. Als we het maar tijdig weten.
    We hebben een dramatisch zicht op het tegenover liggend hotel. Het water stroomt als een gordijn van het plat dak over de verlichte voorgevel - beelden voor een film. Het gebulder van de wind is nog toegenomen.
    Voor we naar bed gaan kijken we nog even de ramen en terrasdeuren na.

    Laatste dag dat we beschikken over de wagen.
    Het is opgehouden met regenen maar de wolken hangen laag en 't is grijs. We gaan er toch maar op uit. Aan de eerste bocht staan we reeds voor een probleem. De baan is ondergelopen en er staat reeds een auto in 't midden vastgelopen. We zullen proberen rond te rijden via kleine wegskens. Is het wel verstandig? Als het nu weer eens harder gaat regenen? We wagen het erop - de brandweer zal haar werk wel doen zeker.
    Ter hoogte van Guia is het wat tricky - modder en stenen komen naar beneden van de hoge wegkant. We nemen de westelijke toegang van El Teide maar zitten vlug in de mist en maken rechtsomkeer. Dan maar naar Playa de las Americas. Hotels, superetten, winkels en al wat de moderne toerist maar kan verlangen. Er zijn veel parkings en ook veel gehandicaptenparkings die vrij zijn. We halen de rolstoel uit en gaan flaneren op de km lange strandboulevard. Moet hier heerlijk zijn bij mooi weer. Gelukkig is mijn ventje even teruggelopen om de KW's te halen anders waren we nooit droog terug bij te auto gekomen. We eten een broodje en daar het weer over is wagen we een kans in tegengestelde richting. We doen nog wat aan sightseeing door het centrum en langs Los Cristianos. Rond 15u houden we het voor bekeken. De fut is er wat uit, niet veel nieuws meer te beleven, smosregen. We rijden rustig terug naar Paraïso via een omwegske. De baan is vrijgemaakt.
    We kruipen onder de wol met een boek en een goei tas koffie.
    We mogen niet klagen. De mensen snakten hier naar regen. Wij genoten van een deel mooie dagen.
    Op het informatiebord staan 2 vertrekuren.... 3u 's nachts en 7u 's morgens afhankelijk van de maatschappij die gaat vliegen. De hostes komt deze avond nog langs om te bevestigen wat het wordt.
    Als we 's nachts vertrekken moeten we dan gaan slapen? Duimen voor 7u en de mogelijkheid om nog een tas koffie te krijgen.
    Het wordt dus 7u, gelukkig.  De pakken zijn vlug gemaakt en we liggen vroeg in bed.

    Aan tafel, na 't ontbijt,  een paar broodjes meegenomen Mijn ventje schudt zijn hoofd maar ik doe het toch, ik betrouw die chartermaatschappijen niet zo goed en als ze gisteravond nog niet wisten met welke maatschappij we zouden vliegen??.
    En of ik gelijk had. Bij 't binnenkomen op de luchthaven hangt reeds een vertraging uit van 4u. Geen hostes te zien, geen uitleg. Van het timetable kijken wordt ge ook niet vrolijk - regelmatig wordt het uur bijgesteld... een beetje vroeger ... weer wat later. Sommige reizigers bellen hun reisagentschap, anderen rechtstreeks naar Jetair. Er zal iemand komen... Misschien vliegen we morgen pas. Ik blij met de meegenomen broodjes. De snackbar heeft veel te doen.
    Uiteindelijk moet er toch iemand geweest zijn want een paar mensen hebben een sorrybon gekregen en wisten te vertellen dat er een vliegtuig was maar dat dat nog de toelating moest krijgen om op Bierset te landen. Anders zouden ze ons naar Zaventem vliegen.........Mijn stekels gaan zo stilletjesaan rechtop staan.
    Waarom werd niet iedereen ingelicht? Zo groot is de hal hier toch niet.
    Uiteindelijk valt het vertrekuur nog mee: 13u20. In die tussentijd heb ik al wel een leuk briefje geschreven voor Jetair. We vliegen met Futura - nooit van gehoord - een maatschappij die 2 vliegtuigen in omloop heeft. De reddingsvesten liggen los op de grond. We landen weer in Las Palmas maar mogen blijven zitten.
    In Bierset staat ons wrak nog op zijn plaats en start zonder problemen.


    Thuis staan potten op 't aanrecht en is de koelkast volgestopt. 
    's Avonds draait de wasmachine op volle toeren en zien we op 't late nieuws dat er in de wereld niet veel veranderd is terwijl we weg waren.









    01-03-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (3 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    11-02-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.ZUID INDIA - de fotoalbums

    Fotoalbums - Zuid India 2003/2004

    11-02-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (16 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    10-02-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Zuid India - het vertrek
    Tweede Kerstdag 2003.
    Na de drukte van de feestdagen hou ik het vandaag rustig. Wat lezen en een beetje surfen.
    In mijn mailbox een bericht met lasr-minutes van Connection. Ik weet niet goed wat ik zie: aanbiedingen voor vluchten naar Goa Zuid India, Colombo in Sri Lanka en zanzibar Tanzania voor 199€/pp/retour. Ik kan het moeilijk geloven en bel de permanentie. Het is correct en er zijn verschillende vertrekdata.
    We overleggen. Sri Lanka was mooi maar liever een nieuwe ,  als we naar Zanzibar gaan willen we ook de rest van Tanzania en Kenia doen en is de periode te krap. Zuid India spreekt mijn ventje al lang van. de beslissing is vlug genomen. We bellen terug, reserveren voor de 28e dec en betalen met Visa. Tickets kunnen op de luchthaven afgehaald worden.
    We bellen de kinderen eerst nogal verontwaardigt doen omdat we dat gisteren niet gezegd hadden.... ja, toen was er van India nog geen sprake.
     Het www afstruinen op zoek naar een verhuurbedrijf voor auto met chauffeur. Via 't lezen van een verslag in de on line bib van Wegwijzer kom ik ook een rolstoeler tegen die daar tevoren was.Even een telefoontje en veel info.
    We kiezen voor een Toyata met airco, groot genoeg om achteraan ook de rolstoel in te steken. Als ze dat vernemen vragen ze of wij een klein pakje willen meenemen voor de chauffeur waarmee zij ginder rondtoerden. Voor ons geen probleem.

    De zoon doet ons naar de luchthaven. In 't luchthaven gebouw ontmoeten we die mensen en vallen bijna flauw bij 't zien van dat pakske ... een heel grote oude valies... ja,  is hun uitleg,  we hebben toch vervoer vanop de luchthaven... gelukkig hebben wij voor onszelf weinig gewicht bij. We zouden daar schoon gestaan hebben.

    Bij de heenvlucht een tussenstop in 't Midden Oosten - wie naar Colombo gaat stapt hier over en bij ons komen Duitsers die uit 't vliegtuig voor Colombo kwamen.... Nogal omslachtig en dus moesten we naar de transithal.... vertraging - drankjes en een broodje - speciaal sfeertje, heet en 't stinkt er.

    Landen in Goa. Er komen een paar magere ventjes aan boord en die gaan wij de trap af dragen... slik, slik...zouden zij zich ook geen vragen gesteld hebben bij mijn gewicht??
    Ik geraak met de schrik op 't lijf maar zonder kleerscheuren beneden. De rolstoel die ze daar staan hebben is kramakkig, van kinderformaat... ze gaan dan maar de mijne uit de bagage halen...Daar er werken zijn moeten we half de luchthaven door en 'k vraag mij af waar we toch aan begonnen zijn....
    Wisselkantoor: gebruiken een wisselkoers die boven alle logica gaat - niet voor ons dus want 'k heb geen kleine €briefjes bij dom - noteren voor volgende keer...De mannetjes helpen moij buiten en daar staat iemand met een bordje op ons te wachten....Gelijk vallen we hem op de nek om kleingeld te vragen om als fooi te geven... wat moet die gedacht hebben op dat moment.
    We lenen en vragen om zovlug mogelijk met ons naar een wisselkantoor te rijden en ergens te stoppen om flessen water te kopen want 't is verschrikkelijk warm en we zweten met liters.
    Hij koopt water en we gaan naar een ThomasCook wisselkantoor...We moeten hier ook het geld voor de huur van de auto wisselen en daar zijn ze niet op voorzien... wachten tot ze ergens anders geld gehaald hebben. We stappen er buiten met 2 plastiek zakken vol roepie briefjes max 1000rps waarde.
    Prakash stelt voor dat we vandaag nog een stuk gaan rijden om uit de drukte te zijn .. Voor ons geen probleem - dachten we. Het wordt een vermoeiende rit na een lange vlucht en dat hadden we beter niet gedaan. Slecht wegdek en volgens mijn kaart heb ik de indruk dat hij nogal een toer rond rijdt...
    We vinden uiteindelijk een bed in Hubli nabij de market. Niet zo'n beste plaats maar 't is genoeg geweest voor vandaag....

    de rest van het verhaal leest u onder de verschillende fotoalbums.

    10-02-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    09-02-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Badami
    Badami is de eerste site die we bezoeken. Een klein stadje gelegen tussen rode rotsen.
    Vroegere hoofdstad van het Chalukya imperium (4e tot 8e eeuw) Over de geschiedenis ga ik niet uitweiden daarover bestaat genoeg literatuur. Het dorp heeft een Fort met grote watertank, verschillende tempels maar is vooral bekend om zijn grottempels.
    De eerste tempel en de eerste obstructie voor mij.... trappen. 't Ventje gaat dan maar alleen op verkenning. Ik rij wat rond tot aan de watertank waar families de was aan 't doen zijn. De rotsen zitten vol apen. 'k Geniet ervan na de drukke reisdagen.
    Op de parking een fresh coconut drinken en .. en route
    Prakash houdt nogal van airco en we moeten pramen om die minder te zetten want voor 't ventje vooraan zit de kans op een valling er dik in.
    Ik heb me geïnstalleerd op de achterbank en 't rijden valt mee.
    We gaan naar Hospet om te overnachten.
    Het hotelletje dat we voor ogen hadden zit vol ...'t Is oudjaar en ook vele Indiërs zijn op verlof. Wat verder vinden we nog een mooie grote en nette kamer. Onder ons raam eetstalletjes. We begeven ons in de drukte, kijken onze ogen uit ..ja.. we zijn weer in India en gaan aan een straatstalletje iets eten.
    's Avonds in 't restaurant is het feestelijk maar ze kunnen er niet aan uit dat wij ons niet bezatten? Veel Indiërs die hier rindlopen hebben al wat diep in 't glas gekeken, komen toasten, lallen... Het spreekt ons niet aan en we trekken voor middernacht naar de kamer.
    We zijn zelfs boven ons boek in slaap gevallen. Om middernacht plak ik bijna tegen 't plafond van 't verschieten...dacht eerst dat er benenden een gasfles was ontploft tot het doordrong: ze schieten hier met grof geschut het nieuwe jaar in.

    09-02-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    08-02-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hampi
    Hampi: Een droomsite om de eerste dag van 't nieuwe jaar door te brengen. Rustig en vooral warm.
    Naast het kleine dorpje Hampi ligt Vijiayanagar - hoofdstad van één der grootste Hindu koninkrijken. Gesticht in 1336 en in 1565 verwoest in de strijd tegen de moslims.
    Het was een uitgestrekte site en om te bezoeken eenvoudiger in te delen in het Sacred Center ten noorden en Royal center ten zuiden.
    Het is een mooi site midden rotsformaties.
    Een bezoekske aan Virupaksha tempel -Virukapsha één van de gedaantes van Shiva
    Hemakuta Hill met uitzicht op Virupaksha en Hampi bazaar- waar verschillende tempels staan, velen Jaïn, een monoliet met afbeelding Ganesh, de leeuwen lan/god Narasimba en een Krishna tempel.
    Hampi bazaar = een 750m lange straat met aan beide kanten de resten van de huizen met arcades en balkonnetjes voor de pelgrims - in ééntje ervan staat de karos die gebruikt wordt bij festiviteiten. Aan 't eind van de laan een beeld van Nandi  de "bull" van Shiva
    Het Royal Center:  Even voorbij Queen's bath komen we aan de Royal enclosure area - omsloten door een lange wal.
    Het eerste dat opvalt zijn de watertanks en acquaducts .... we lopen langs de Olifanten stallen, bekijken een paar tempels en 't is genoeg voor vandaag.
    Terug naar Hospet voor een welverdiende rust.

    08-02-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    07-02-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Bangalore
    Via Chattradurga naar Bangalore. Onderweg gestopt om te gaan eten en even de benen te strekken. Een lange route en 't is donker als we in bangalore aankomen.
    Prakash zoekt met ons een goed hotelletje en het 3e is raak - mooi, ruim , vooral veel Indiërs hier maar rustig.
    Hij maakt een afspraak voor morgen op het verhuurbedrijf. Wij gelukkig dat we eindelijk van die volle zakken geld gaan verlost geraken.
    's Morgens lezen we de krant en verwonderen ons over de oproep aan de jeugd om Spaans te gaan leren... uitleg gevraagd..Call centers zoeken personeel dat Spaans spreekt.
    Bangalore heeft zich opgeworpen als silicon valley van India. Veel westerse maatschappijen (ook belgische banken) doen beroep op hen voor hun programmaties.
    Aan de andere kant stikt het er van de Callcenters van grote bedrijven van over de hele wereld. Citybank, Axa, Lloyds... Deze maatschappijen poten immense buildings neer, leiden personeel op om telefonisch contracten af te handelen, ze krijgen daarbij een westers klinkende naam, leren de tongval van het opdrachtgevende land, krijgen een goede verloning naar Indische normen enz.enz...Wij kwamen met dit systeem in contact toen we in de VS een verzekering afsloten voor onze auto die we hadden verscheept... dachten te praten met een oude bediende in Newark die niet met pc wou werken.. alle papieren opsturen naar een PB.. via telefoon en fax werd alles bliksemsnel geregeld. Een rondrit door de buitenwijken van de stad opent een onvermoede wereld van bedrijvigheid.
    Op 't kantoor van de verhuurmaatschappij, onooglijk klein en gelegen in een klein achterafstraatje en door ons alleen zeker niet te vinden, ontmoeten we ook de chauffeur van de andere Belgen die al verwittigd was dat er een "pakske" voor hem was. We rekenen af, nog een praatje en een drankse en we zijn weer op trot.
    Het is een heel drukke stad. Lalbagh Botanical garden en Cubbon parc zijn de groene longen. Studenten en nog eens studenten. Nijba Cubbon duiken we in de market... Bloemen, fruit, groenten en kruiden....
    Het Tipu Sultan's Palace spreekt ons erg aan. In de tuin een tempel die helemaal bedekt is met kleurrijke afbeeldingen van goden. Op Bugle Hill nemen we een kijkje bij de Nandi monoliet ... (Nandi Shiva's rijdier)
    Bangalore Palace een replica van Windsor Palace lijkt ons een beetje een misplaatste grap maar ja, wie rijk is ....
    Na een bezoekske aan 't postkantoor houden we Bangalore voor gezien.

    07-02-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    06-02-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Mamallapuram
    Het wordt weer een dagske reizen met hier en daar een halte aan een rijstveld, een tempel, een restaurantje.
    In Mamallapuram heel vlug een goed GH gevonden - gelijkvloers met tuintje en gezellig restaurant onder de bomen en ook nog in 't centrum.
     Zalig gewoon. Alles wat we nodig hebben. We bellen de kinderen. Struinen door de straten en lopen in en uit piepkleine winkeltjes.
    De tempelsites liggen ook zeer mooi.
    De Shore tempel is vooral mooi door zijn ligging. Deze zorgde er echter ook voor dat er veel erosie was door water en wind. Eens onder 
     bescherming  van de Unesco werd een grote rotswand gebouwd voor beschutting.
    Arjuna's Penance gekerfd in de rotsen.. ik vond vooral de olifanten mooi
    Ganesh Ratha - tempel gebouwd in de vorm van een karos. Nabij de zee de Five Rathas - 5 tempels in de vorm van karos.
    En nog een hele boel kleinere maar zeer mooie sites in die oker kleur.
    's Avonds gaan we naar de dansperfomances van het Pongal festival.
    Een drukke dag en eigenlijk zouden we hier veel langer willen blijven maar.... nog zoveel moois ligt op ons te wachten.

    06-02-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    05-02-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Pondicherry

    De stad Pondicherry, een voormalige Franse kolonie staat helemaal in 't teken van de Sri Aurobindo Ashram, gesticht door de mysticus Sri Aurobindo. Overal in de stad zijn er gebouwen en GH'ses gerelateerd aan de Ashram. The Marble Samadhi in de Ashram bevat het stoffelijk overschot van beide leiders.
    De stad doet Mediteraans aan met nette en groene boulevards. De straten heben Franse namen, De Indiase politieagenten dragen uniformen die heel Frans aandoen.
    Rond de tempel kan men zich door de tempelolifant laten zegenen
    Pondicherry ligt aan zee maar heeft zelf geen strand, daarvoor gaat men naar Auroville. Er is wel een aangename strandboulevard met restaurantjes en waar druk geflanneerd wordt.
    Ons beviel het hier wel.

    xml:namespace prefix = v ns = "urn:schemas-microsoft-com:vml" /> 

    05-02-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    04-02-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Auroville
    Noord van Pondicherry ligt Auroville, een kibboetsachtig dorp waar idealisten uit de hele wereld samenwerken voor een betere leefwereld.
    Het werd gesticht naar aanleiding van een droom van één van de volgelingen van Sri Aurobindo, een Française. Sri Aurobindo concentreerde zich op het geestelijke leven, zij nam de organisatie voor haar rekening. Ze werd bekend als "the Mother"
    Volgens haar zou er ergens op aarde een plek moeten zijn die aan geen enkele staat toebehoorde, waar men kan leven zonder staatsburger te zijn van een bepaald land, waarvan geen enkel ander land de eigendom zou kunnen opeisen. Een plek waar alle mensen van goede wil, oprecht in hun doelstelling, vrij als wereldburgers zouden kunnen leven. Een modelstad voor een ideale samenleving.
    India schonk het terrein en deed afstand van alle rechten.
    Bij de aanleg is aarde  uit 121 verschillende landen samengebracht in een heel grote urne.
    Het spirituele centrum is de Matrimandir, een imposant gebouw voor samenkomsten. Binnenin kan men een reusachtig kristal bewonderen.
    De huizen liggen verspreid op over het terrein. Iedereen betaalt, draagt bij naar eigen kunnen. Het centrum is zelfbedruipend. Er zijn ambachten, groententuin, school en ziekenhuis.
    Een proefperiode gaat de toetreding tot de gemeenschap vooral en ieder lid beslist mee over het al of niet aangenomen worden.
    Ons viel vooral de serene sfeer op en de rust.

    04-02-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    03-02-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Thanjavur - Tanjore
    De eerste stop vandaag en we gaan weer op tempelbezoek.
    Thanjavur was de hoofdstad van de Chola Koningen.
    Brihadishwara temple is in 1010 door Raja Raja gebouwd en behoort tot de mooiste van India - gewijd aan Shiva als Nataraja, koning van de kosmische dans. Meer dan 200 lingans staan in schrijnen op de omringende muren, de meeste afbeeldingen gaan over dansen , hett verhaal van het huwelijk van Shiva met Paravati en Shiva in de 108 houdingen van de Bharata Natyam.
    Een van de weinige Indische tempels die opgenomen zijn in de lijst van ons werelderfgoed.
    Heel mooie tempel maar voor ons vooral heel aangename plaats.

    03-02-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    02-02-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Tiruchirappalli - Trichy
    De geschiedenis van Trichy start voor onze jaartelling. Even viel ze ook ten prooi aan de Vijayanagar keizers van Hampi en bleef dat tot 1565.
    Rock Fort Temple staat 83m hoog op een rotsuitsteeksel. 437 ruw stenen trappen maken er een fise klim van. Onderweg komt men voor bij een Shiva tempel. Boven zijn kleine tempels uit de rots gehouwen.
    Sri Ranganathaswany temple is een heel groot complex en heeft verschillende toegangspoorten - rond de tempel een wirwar van straatjes.
    Vanop het dak van een nabijgelegen winkel heeft men een mooi uitzicht over de vele tempels en hun verschillende torens en daken.
    We hebben er zoveel mooi's gezien dat het achteraf heel moeilijk om alles nog geplaatst te krijgen - het ons nog te herinneren.
    De daken, de olifant, het Shiva schrijn en de vele mooie zuiken staan we nog goed voor de geest.
     Een goed bed is welkom en we hebben voorlopig genoeg tempels gezien.
    Prakash lacht er eens mee...

    02-02-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (4 Stemmen)
    >> Reageer (1)
    01-02-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Madurai

    Madurai werd in de 10e eeruw voor Chr ingenomen door de Chola's, gevolgd door de koningen van Hampi en daarna door de Nayaks tot in 1781 de stad overging in Britse handen

    Midden in het centrum ligt de Sri Meenakshi tempel - barokke iarchitectuur met torens vol kleurrijke afbeeldingen van de goden. Het terrein is 6Ha groot, de tempel heeft 12 mooie torens tussen de 45 en 50m hoog. Aan de ingang wordt men welkom geheten door de tempelolifant. Het museum huist in een hal met duizend pilaren allen om ter mooist. De mooiste tempel die we zagen??
    Hieronder een plannetje om een idee te geven.... geen beter gevonden.

     

    01-02-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    31-01-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Zuid India - the Backwaters
    Aleppey gelegen tussen de Arabische zee en het Vembanad meer lijkt wel het Venetië van India. Grachten doorkruisen de stad en zijn overwoekerd met waterhyacinten. Eénmaal per jaar worden hier kleurrijke roeiwedstrijden gehouden nu vooral ter ere van " de toerist"
    Samen met Quilon vormt ze het middelpunt van een waterrijk gebied: de backwaters. Quillon ligt aan het Ashtaludi meer. De grachten en kanalen die tot ver in het binnenland reiken zijn van een onvergelijkelijke schoonheid.
    De engelsen bouwden het stelsel van waterwegen uit, verboden grachten, kanalen en meren, om het te gebruiken voor vervoer van mensen en goederen.
    Met een woonboot kan men tochten maken op de backwaters van 1 dag tot 14 dagen. Per boot is er een schipper, kok en gids die wat engels praat. Het is onvergetelijk mooi, rustig en men kijkt zijn ogen uit.
    Wij hebben er enorm van genoten en willen het zeker nog eens over doen voor langere tijd.

    31-01-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    30-01-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Kochi - Cochin
    Vooral in Kochi zijn de opeenvolgende invloeden van Portugezen, Nederlanders en Engelsen nog goed voelbaar. Portugees aandoende huizen, Hollands kerkhof, het fort. De stad ligt op onderling met bruggen verbonden schiereilanden
    Wij struinden er door de Joodse wijk, langs de haven met zijn chinese visnetten. We bezochten 's avonds een performance van Kathakali dansen. Deze dansen worden alleen uitgevoerd door mannen en begeleidt mety tromgeroffel. Het schminken tevoren vergt veel tijd en als bezoeker kan men daar ook eens gaan kijken.
    De moeite waard al blijft het verhaal voor ons steeds moeilijk te volgen.
    De St Franciscus kerk in 1503 gebouwd
    De Santa Cruz Basiliek gebouwd laatst herbouwd in 1984 - de eerste kerk werd op deze plaats in de 16e eeuw door de Portugesen

    30-01-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (3 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    29-01-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Zuid India - naar Ooty
    Udhagamandalam zo heet het nu weer maar ik gebruik graag Ooty = een klein beetje gemakkelijker, ligt op 2240m hoogte..
    Vroeger was het de streek van de Toda wiens leven in 't teken stond van de buffel..In de 18e eeuw stichtten de Britten hier een hillstation om zich vooral in de zomermaanden terug te trekken. Het leek hoe langer hoe meer op Zuid Engeland en Australië met de lage stenen cottages en mooie tuintjes, de schaduwrijke rechte lanen en de ingevoerde eucalyptus bomen.
    Nu zijn het vooral toeristen die Ooty bezoeken en veel is verdwenen door wildgroei van hotels enz. maar wij zagen er nog de oude kerk, privé scholen, de Ooty Club, de botanische tuin.Er is ook het paleis van de Maharadja dat gerenoveerd werd.
    Wij reden er naartoe met het treintje. Een enige ervaring. Vooraan zijn grote ramen en men zit op een balkon. Rijden doet men langs Wellington Station, Bristol station enz. De trein wordt geacht te stoppen aan een overweg en autobussen te laten voor gaan. De stoomfluit verwittigt mens en dier om de sporen vrij te maken.
    Wij waren begin Januari daar en... het was er bitter koud. Van 35°C in Cochin naar vriestemperaturen 's nachts in Ooty. Ons hotelleke was er op voorzien ... geen verwarming maar we sliepen tussen de dons. 's Morgens ontbeten met al onze jassen aan en de botanische tuin graag aan ons laten voorbijgaan ... geen wandelweer en dat was een raadsel voor Prakash want wij kwamen toch uit een koud land!
    Het was mooi maar graag overdoen in een ander seizoen...

    29-01-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    28-01-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Nationale Parken
    Periyar Wildlife sanctuary
    Het park is 777km2 groot met een meer van 26km2.  VanWeinig kans dus omm één  de 35 tijgers en luipaarden die er te ontmoeten. Schuw als ze zijn hebben ze ruimte zat waar geen mens hen stoort.
    We deden een tochtje op het mooie meer en moesten vaststellen dat ook bisons en olifanten zich verscholen hielden. Antilopen, apen en heel veel fraaie vogelsoorten plezierden ons met hun aanwezigheid.
    Een mooie rustige dag maar niet echt wow...

    Bandipur NP
    Dit vond ik persoonlijk een heel aangenaam park om door te rijden .. vooral ook omdat het hier weer lekker warm was na de kou in Ooty. Een heel rustig smal baantje, geen te dichte bush zodat we gemakkelijk olifanten, gazellen, apen enz. konden spotten. Voor de apen moesten we niet veel moeite doen. Van 't ogenblik dat de auto stopte zaten ze
    tegen de voorvenster, op het dak....
    In het park is ook een olifantentrainingscentrum dat kan bezocht worden...


    Een stuk buiten het park op de weg naar Mysore een uitzichtpunt

    28-01-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    27-01-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Mysore
    In Mysore vinden we een overnachtingsplaats niet ver van Tipu Palace en hebben 's avonds een mooi zicht op de verlichte gebouwen, vooral vanop het terras van het restaurant van het naburige hotel. Een leuke plek om de avond door te brengen want ze serveren er heerlijke schotels. De mooie beplanting zorgt wel voor een overvloed aan muggen.
    We bezochten het prachtige paleis, bewonderden er Belgian glass, zilveren smeedwerk, geschilderde taferelen die de geschiedenis van het paleius vertellen.
    Chamundi Hill met de Sri Chamundeswari tempel ... pelgrims worden verondersteld de klim tevoet te doen wij rijden er met de auto naartoe en stoppen onderweg even bij Nandi.
    We wandelen door de markt die even kleurrijk is als die in Bangalore.
    Op een paar km van de stad ligt Lalitha Mahal Palace Hotel - vroeger een paleis van de Maharadja, nu een peperduur hotel. We kunnen het ons niet laten en vragen heel nederig of we er een kijkje mogen nemen en... ook hier Belgian glass en Belgian black marble...
    Een stad die ons kon bekoren.

    27-01-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    26-01-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Belur
    De route er naartoe loopt door zeer vruchtbaar gebied.
    Channekeshava tempel is gebouwd op een stenen plateau. Rondom versierd met friezen - 18 grote beelden van vrouwen in dansende of rituele houding. Binnenin even prachtig.

    26-01-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (3 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    25-01-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Halebid
    de zusterstad van Belur heeft 2 Hindu tempels en een Jain tempel en zoals in Belur staat de tempel op een stenen platform. Ook hier de buitenmiren vol rijen friezen
    Hoysaleswara tempel is men beginnen bouwen rond 1120 - gedurende meer dan 80 jaar aan gewerkt en nooit afgeraakt - nu nog tonene gidsen u de plaatsen waar de friezen ontbreken.
    We vonden beide tempels mooi, anders dan de andere maar..... we waren een beetje tempel ziek en vermoedelijk hebben we er niet van meegedragen wat er te rapen viel maar .... genoeg is genoeg.

    25-01-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 4/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    24-01-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.tempelfeest op de terugweg
    Na Belur en Halebid gazan we overnachten in Mangalore. Een chic hotel. 's Avonds loodst men ons naar het airco restaurant maar we kunne ze overtuigen om toch in dat met de fan en openstaande deuren een plaatsje te krijgen. We zitten weer tussen de Indiërs en genieten van de luxe die ons geboden wordt.
    Voor wie alleen rondtrekt is het zeker de moeite de echte Indische hotels eens na te kijken ipv die uit LP en alle andere gidsen. de prijs ligt er een schijntje hoger maar de service is onbetaalbaar. Morning tea en krant aan bed. Verwarmde handdoeken voor de douche enz..
    We rijden noordwaarts. Onderweg is er veel volk op de been en schalt er muziek uit de luidsprekers. Ik hoef het niet meer te zien maar mijn ventje bruist nog van energie en gaat op stap. Het zijn tempelfeesten en heel vlug betrekken ze hem bij 't gebeuren... Ik stuur Prakash er opuit om te gaan kijken waar hij blijft en ze komen beiden terug met een tika... 't was goed...

    24-01-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    23-01-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Naveen beach resort Murudeshwar beach
    Voor we naar huis gaan willen we weer wat bekomen. Prakash rijdt met ons naar Murudeshwar Beach het Naveen Beach resort.... buiten het bereik van de buitenlandse toeristenstroom en halfweg tussen Mangalore en Goa. Er is slechts één ander Indisch koppel en we hebben de tuin voor ons alleen. Heel even wordt het druk als er een hoge beambte langs komt om te eten en te vergaderen. Jawadde.... die heeft een heel leger personeel bij ... De bodygards  weten niet goed wat ze met ons moeten doen Het stoort hun blijkbaar dat we daar zitten maar op dat gebied zijn wij Oost Indisch doof. Eentje wil naar ons komen maar wordt door een andere teruggeroepen. 'k Wil gaan vragen wat ze van ons willen maar 't ventje houdt me tegen... moei er u niet mee ...
    We hebben er een fijne tijd ... kortbij strand, niet om te zonnen maar om de bedrijvigheid te volgen, dicht bij centrum om rond te struinen en ons tegoed te doen aan lekker fruit. 't Ventje wandelt tot boven op de heuvel waar een tempel en beeld van Shiva staat.

    In Colva Beach, binnen bereik van de luchthaven, houden we nog een paar dagen rust voor we terugvliegen.  Naam van hotel vergeten maar er zijn er heel veel en veel toeristen. Aan 't strand zijn er grote open restaurants en vermoedelijk heeft 't ventje daar toch iets gegeten dat hem later opbrak (wou gebakken aardappelen)
    We nemen in Goa afscheid van onze chauffeur.... zeer dankbaar voor de mooie en veilige trip

    Bij de tussenstop in  't Midden Oosten wordt mijn ventje plots onwel, moet overgeven ..hij dacht eerst dat het van de geuren in de luchthavenhal was maar ikhad andere vermoedens. De ganse terugvlucht is hij onpasselijk geweest.. Gelukkig had ik mijn medikatie in de handbagage.

    Thuis hadden de kinderen de verwarming aangezet en eten klaargemaakt: gelukkig geen rijst

    Niettegenstaande ik onderweg goed gegeten had en geen problemen staat rijst voor mij niet meer op 't menu....

    23-01-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    21-01-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.straatbeeld India
    De "straat" in India is chaos en het is "ondergaan" want gewoon worden zullen we het nooit. Meegaan in de stroom en niet gaan vergelijken van...bij ons...
    Men woont in een huis, als men dat al heeft, maar men leeft op straat.
    En de mens deelt die straat met al wat 2 of 4 poten heeft met al wat wielen heeft. Ieder doet zijn ding...op zijn eigen manier en volgens zijn eigen regels... De straat ligt vol koeiendrek, rot fruit, plassen doen vrouwen in 't midden op de stoep..even door de knieen en de rok wat opheffen...en uitlaatgassen mengen zich met de geuren van eetstalletjes .... stikkend heet. 't Verkeer heeft regels maar niemand die er zich aan houdt. Ze storen zich hier niet aan decibels. Mijn ogen hebben zoveel te zien dat mijn inprenting er door gestoord wordt ...kleur en kleur en nog eens kleur. Eigenlijk moet men het ondergaan om te weten wat het is.
    Men houdt van India of men verfoeit het. Kan me niet voorstellen dat er een tussenweg is want alle zintuigen staan hier werkelijk op scherp.
    Maar de Indiër, die leeft rustig voort ....zolang hij zich niet gemotoriseerd moet gaan verplaatsen. In hun auto's zijn ze "gek" Aan een bushalte wil iedereen het er eerst in maar ook als eerste uit ...vlug vlug om daarna gehurkt aan de straatkant te gaan zitten....
    Aanschuiven in een rij voor tickets is een aanslag op mijn privacy. Ze denken blijkbaar dat hoe korter de rij, hoe vlugger het gaat. Ze persen zich dan ook tegen mekaar aan en ik heb herhaaldelijk mijn stem in 't plat vlaams verheven en gesticulerend wat ruimte moeten scheppen.
    Goeroe's en sadou's moeten met respect bejegend worden al heb ik het niet zo gezien op die onverzorgde venten.
    De armoede en de daklozen een aanslag op ons hart maar ook niet te vatten met onze logica. Aan een "uitgemergeld graamte" geven we chapati's, hij kust onze voeten en geeft de chapati's aan de koe op straat.... waar moet ik dat plaatsen? boetedoening? offeren aan een hoger wezen?
    De straat in India is toutcourt een aanslag op ons westers voelen en denken....



    .

    21-01-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    20-01-2004
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.mensen in de tempels
    De tempel neemt een zeer grote plaats in in 't leven van de Indiër, zowel bij de Hindu als de Jaïn Het is er dan ook steeds druk. Elke tempel heeft zijn eigen monniken, goeroe's, sadou's en soms tempelolifanten - de meeste tempels zijn ook aan verschillende goden gewijd. De hiërarchie van en verbanden tussen die goden zijn voor mij te moeilijk. 'k Weet dat Brahma de schepper is, Vishnu de bewaarder en Shiva de vernietiger.
    Sommige heiligdommen zijn continu te bezoeken andere bevinden zich achter gesloten deuren en worden slechts op zeer bepaalde tijden aan 't publiek getoond met als gevolg: hysterisch dringen om er als eerste binnen te komen... niemand wordt ontzien en mensen vertrappelen hoort er bij.
    Meestal echter gaat het er zeer vredig aan toe. Mensen komen offeren, met mekaar praten, aan de watertank hun was doen - voor armen is er steeds eten in de tempel.
    Offergaven, vooral bloemen, bananen, rijst en water kan men op het terrein zelf kopen en worden dikwijls wat aan de toeristen opgedrongen... Ook een zegening van de olifant krijgt ge niet zo maar.
    De meeste tempels zijn juweeltjes. Men wordt geacht zijn schoenen uit te doen bij 't betreden uit eerbied maar.... Indiërs spuwen en overal liggen oranje klodders... wij dus oude sokken mee die we houden voor tempelbezoek.

    20-01-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.eten in India

    Nog meer dan in de rest van Azië is eten in India een ervaring.
    Als op de menu kaart "meal" staat verstaan ze daar gewoon Thali onder .. een schotel rijst opgediend met linzen (dahl) en sambars (allerlei sausjes met dahl, groentenpureetjes met tamarind, chutneys enz.)
    Soms opgediend op een grote schotel, hoop rijst in 't midden en katoris (potjes) met de sausjes errond - samen aan dezelfde schotel
    Soms opgediend op een bananenblad. De ober legt het bananenblad en rijkt u water aan om over het blad te smossen (om beter te schuiven? maakt het voor ons moeilijker ) daarna droppen ze daarop de rijst en in hoopjes errond de bijhorende sausjes.
    Men heeft vegetarische en andere met schaap, kip enz..
    De hoeveelheid is onbeperkt, van 't ogenblik dat ze zien dat iets opgeraakt wordt royaal bijgevuld... Maar gegarandeerd altijd spicy.
    In afgelegen streken is er ook voor de toerist 3x rijst per dag onder verschillende vormen - wij vonden de rijstkoekjes die we in gelei dopten wel eetbaar. Steamed rice met veel fruit onder gesneden..En nan....het platte, dunne brood dat we sopten in hete sausjes of bestrooieden met suiker, smeerden met confituur....al naargelang het uur van de dag ('s morgens rice/dahl???? niet voor onze magen)
    We vergingen niet van de honger maar zochten regelmatig onze toevlucht in restaurants waar ook westers te eten viel.

    Fruit is er in overvloed en lekker zoet.
    Koffie wordt geserveerd met het bezinksel - heel lekker en zoet. Daarom heb ik altijd een klein filterzeefje mee..een reserve tas en, laat ze maar lachen maar ik kan van mijn tas koffie genieten
    Thee zetten ze heel sterk en een kom kokend water wordt graag bijgebracht.
    Water staat er steeds op tafel, doorgaans wel vooraf gekookt maar we wagen er ons niet aan.
    Indiërs zijn snoepers en aan zoets en lekkere dessertjes geen gebrek.

    Uit eten gaan in een goed restaurant buiten de toeristische route is een ervaring.
    Rijke Indiërs laten zich verwennen. Tafel en bestek in ongeziene pracht (allé voor mij toch)  Met veel ceremonie en égards van het personeel maar.... ook van de andere gasten... Van dit diner met 5 gangen, kostprijs 420BFr/2 personen, genieten we nu nog na.
    Heb nog altijd spijt dat ik daar geen foto's heb kunnen/durven nemen maar 't zit diep in mijn hartje.

    20-01-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.markten
    Wat we overal ter wereld graag doen is langs de markten lopen. En aan markten geen gebrek in India.
    Op kleinere markten komen de omwoners gewoon hun eigen teelt of zelfgemaakte producten aanbieden, op andere is er een beestenmarkt met doorgaans graatmagere dieren die hier en daar een laagske verf kregen als versiering, 't zij de horens, 't zij de poten. De 2e handsspullen zijn bezienswaardigheden. En steeds een stand met felle gekleurde poeders.  De steden hebben grote overdekte markten en die van Bangalore is gekend voor zijn groot aanbod. Die overdekte markten zijn voor mij een probleemke om er binnen te komen. De toegangen zijn versmald met ijzeren of betonnen palen zodat de koeien er niet tussendoor kunnen om ravage aan te richten... .

    20-01-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.onze chauffeur
    Bij 't verlaten van de luchthaven leerden we onze chauffeur kennen die gedurende al die weken met ons door Zuid india zou rijden: Mr Prakash.
    Hij was verwittigd dat er een rolstoel meeging en voelde zich daar in 't begin wat onwennig bij.
    Het was dus wel even wennen de eerste dagen. Hij was vriendelijk gereserveerd. en voor mij de eerste keer ver weg met mijn charette. Na een paar dagen had hij wel door waar onze interesses lagen, zowel voor 't bezoeken van sites, het uit eten gaan als het zoeken van onderdak.
    Hij bracht ons veilig door het land al hebben we de eerste dagen wel af en toe de ogen gesloten.. Indian roads = no rules en ja, Indiërs hebben verschillende levens ... maar vlug duidelijk gemaakt dat wij er maan ééntje hebben.
    Af en toe kwam hij onderweg collega's tegen en was een avondje vrijaf welkom ..het was hem graag gegund.
    Een formule zeker voor verhaling vatbaaar.

    20-01-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.stenen kappen
    Eén van de opdrachten voor vrouwen bij de aanleg of onderhoud van wegen is stenen kappen - oud en jong zagen we aan de straatrand zitten om stukken rotsblok manueel in steeds kleinere stukjes te kloppen. Onder het motto: waarom het machinaal doen als er zoveel arbeidskrachten voor handen zijn .

    De Unesco heeft veel tempels onder haar bescherming en doet er alles aan om in stand te houden. Restaurateurs van overal ter wereld zijn hier werkzaam om dat fijne werk te doen. De vrouwen, die kloppen de stenen klein en vermalen ze tot gruis.

    20-01-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Zuid India - ambachten - van suikerriet tot suikerklomp

    Wij wonen in een streek waar veel suikerbieten worden geteelt, niet zo ver van Tienen. We hadden dan ook het geluk de suikerfabriek te hebben mogen bezoeken.
    Overal in India wordt men geconfronteerd met suikerriet.
    Het geperste sap wordt langs de straten verkocht, al dan niet met een fluokleurtje, en de Indiërs zijn er gek op.
    Op de markten en in winkels verkoopt men de suiker in donkerbruine klompen.
    Het persen is een hard en kleverig werk. Via plastiek slangen (die lekken) wordt het sap in een groot openvat aan de kook gebracht tot het een harde gecarameliseerde massa is.Eens afgekoeld wordt het in klompen gesneden en in oud krantenpapier verpakt en verkocht.

    20-01-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Zuid India - rijst
    Rijst is nog altijd één van de voornaamste oogsten in India.
    De kweekgoed uitplanten is een zeer zware en ongezonde taak die meestal door vrouwen wordt uitgevoerd. Gekromd in 't water staan onder een meestal brandende zon.

    Bij het dorsen is het verkeer een zeer welkome hulp. De halmen worden eerst opengelged om te drogen - daarna in hopen op de straat - wachten tot er een deel auto's langskomen en alles eens draaien....


    20-01-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Zuid India - ambachten - touw maken
    Van de cocospalm wordt alles gebruikt. De vezels van de stam worden geplukt, gedroogd en tot koorden getwist. Daarna vooral verkocht op markten.
    Heel de familie wordt erbij betrokken en iedereen heeft zowat zijn vaste taak.
    Zeer arbeidsintensief en het brengt niet veel op maar zelden zo'n gelukkige en tevreden mensen ontmoet.
    We hadden hier graag ons kampeerautootje bij gehad om een tijdje op hun erf te verblijven........

    20-01-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (1)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Zuid India - ambachten - stenen bakken
    Ik waande me soms in de streek rond Boom voor de wereldoorlog.
    De klei waarvan de stenen hier gemaakt worden komt uit de Krishna rivier.
    Het slib wordt in kleine bootjes geschept met een platte pan. Met ossekarren naar het erf gebracht.
    De ganse dag gebukt om de stenen te vormen.
    Laag per laag worden de gevormde stenen opgebouwd tot er met vereende krachten het dak kan over geschoven worden en het vuur er onder aangestoken.
    Tegen dat de stenen voldoende gebakken zijn is er verderop een nieuwe toren gemaakt.

    20-01-2004 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    31-12-2000
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.EGYPTE dec 2000


    We zijn dit jaar al heel wat onderweg geweest.
    Om 't jaar af te sluiten reserveerden we een last-minut Egypte boottocht op de Nijl vanaf Luxor en kleefden er een verblijf in Hurghada aan vast.
    Op de luchthaven in Luxor werden we opgewacht door een hostess. Ze wilde onze passen voor het verblijfsvisum ... dat doen we zelf wel en ... dat stond haar niet erg aan. Uiteindelijk betaalden wij voor die stempel 10€ minder
    Met de bus naar een parking nabij de ligplaatst van de boten. Onze bagage wordt naar de boot gebracht en wij mogen volgen. Ze stappen nogal ferm door en ik op mijn krukken kan met moeite volgen... de hostes erop attent maken helpt niet meer ....volg maar. We zien gelukkig waar ze opstappen maar.... er liggen een heel deel boten naast mekaar en we moeten van de ene op de andere .. de overstappen soms hoog .. gelukkig krijg ik hulp van de bemanning. Eindelijk op onze boot heb ik met haar wel een hartelijk woordje gewisseld.
    We krijgen wat uitleg en worden aan een lokale gids voorgesteld die ... Nederlands praat.

    Het verblijf op de boot is aangenaam. Het weer mooi en we genieten op het dek van het voorbijglijdende landschap.
    Over het eten aan boord viel niet te klagen, ook niet te stoeffen. Dranken zijn appart te betalen en duur.
    Waarwe konden deden we in de steden onze voorrad fruit en drank in.
    Op de boot wordt nogal gepusht om sieraden enz. te kopen - leuk maar niet waardevol.

    De meeste bezoeken heb ik mee kunnen afleggen en 't was wondermooi en met volle teugen genoten.
    Slechts één maal was het genoeg en heb ik me buiten op een bank onder een afdak geïnstalleerd terwijl mijn ventje nog wat graven ging bezichtigen.
    De tocht met de calèche in  erfud gaat te dwaas om er echt te kunnen van genieten.

    Met de bus naar Hurghada - lange rit - zogezegd in konvooi maar daar had ik mijn vragen bij

    Hurghada
    - een weekske rusten
    - ontdekt dat het verschrikkelijk kan waaien 
    - 's morgens en 's avonds frisjes

    Voor de uitleg over tempels klik
    hier


    31-12-2000 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (8 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    30-12-2000
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.bijlage verslag


    Luxor

    Tempel van Karnak
    "In het noorden van Luxor ligt de tempel van Karnak, die drie goden eert: Montu, een oude lokale strijdersgod; Amon, de belangrijkste god van Thebe; en de godin Mut, vrouw van Amon.

    De bouw van de tempel van Karnak begon in het Middenkoninkrijk en werd voltooid tijdens het Nieuwe Koninkrijk, zowat 1.600 later jaar. Elke opeenvolgende koning van deze era voegde iets aan de tempel toe, die twee hectaren land groot is.

    Een weg van sfinxes met de hoofden van krullend-gehoornde rammen leidt tot de ingang aan de eerste pyloon. . Tussen hun poten is een klein beeldje van Rameses II, die de beroemde Slag van Kadesj tegen Hittites in Syrië won (1274 v. Chr.)"

     

    Tempel van Luxor

    De tempel van Luxor ligt midden in de huidige stad. Het is een van de best bewaard gebleven tempelcomplexen uit de Egyptische oudheid. De tempel is gebouwd door Amenhotep III en Ramses II, en gewijd aan de Thebaanse drieëenheid Amon, Mout en Chons. De tempel diende voor de processie ter ere van Amon bij het begin van het Egyptische nieuwe jaar. Een indrukwekkende laan van sfinxen voert naar de toegangspoort. Vroeger verbond deze laan de tempel van Luxor met de tempel van Karnak. Er zijn plannen om deze processieweg weer geheel in de oude staat terug te brengen.

    Twee kolossen van Ramses II houden bij de ingang wacht. Vlakbij staat de uitzonderlijk fraaie roze granieten obelisk van Ramses II. Een tweede obelisk werd door Mohammed Ali in 1831 aan Frankrijk geschonken, en siert nu de Place de la Concorde in Parijs. De belangrijkste gebouwen van het enorme tempelcomplex zijn de tempel van Amon-Re, de tempel van Seti II gewijd aan Amon, Mout en Chons, de tempels van Ramses III, de befaamde grote hypostylenzaal met zijn enorme zuilen en het Amenhotep III-binnenplein. Het oudste gedeelte van het complex, de tempel van Amenhotep, is met zijn zuilen en kelkkapitelen zeker het fraaiste geweest.

     

    Het dal der koningen

    Het dal der koningen is in tegenstelling tot wat je vooraf denkt niet een lieflijk dal met veel groen bij de Nijl. Het wordt er in de loop van de dag heel heet en de witgrijze rotsbrokstukken weerkaatsen het licht.Voor de oude koninklijke Egyptenaren die hier zijn begraven had het dal de betekenis dat hier in het westen de zon onderging die de volgende dag telkens weer als herboren in het oosten opkwam. Zo zouden ook zij herrijzen uit hun graven. Het gebied wordt daarom in diverse oude geschriften 'het prachtige westen' genoemd.

    Na de periode van de pyramides zijn de oude Egyptenaren om nog steeds niet geheel duidelijke redenen overgegaan tot het begraven in graftombes in deze omvangrijke begraafplaats.Helaas mogen er nergens foto's worden gemaakt in de graftombes die te bezichtigen zijn, want die zijn voorzien van prachtige tekeningen,schilderingen and beautiful carvings. Dit is eigenlijk maar goed ook, dit belangrijke stukje historie moet wel zo veel mogelijk in takt worden gehouden.

    Via de paden kom je bij de graftombes. Voor een graftombe bevindt zich meestal een prattegrond met een beschrijving.

    In de graftombes gaat men natuurlijk een aantal meters onder de grond. In sommige bevindt zich nog een stenen sarcofaag, maar wat er te zien is, is met name aangebracht op de muren en de plafonds. Daarop wordt met name het oude Egyptische idee over het leven na de dood weergegeven en uitgelegd. Het gaat over de nachtelijke reis (12 uur corresponderend met twaalf kamers waarin deze zich afspeelt) van de zon en haar scarabee-achtige wedergeboorte in de ochtend.

    Hier kunt u tevens het graf van Toutanchamon vinden. Deze overigens blijkbaar maar kleine graftombe is zo beroemd geworden omdat haar ontdekking een indruk bood van de geweldige schatten die de doden in hun graven werden meegegeven. Veel van deze schatten uit deze tombe zijn te bewonderen in het Egyptisch Museum te Cairo en helaas mag ook daar niet worden gefotografeerd, maar wij kunnen u verzekeren dat het ongelofelijk veel en prachtig was. Toetanchamon was pas 18 jaar toen hij plotseling stierf. Omdat alles na duizenden jaren ongeschonden te voorschijn is gekomen, zijn we via deze tombe heel veel aan de weet gekomen.

    In het Dal der Koningen bevinden zich een dikke zestig graftombes, waarvan er 25 van koningen zijn en de overige (relatief eenvoudige) van hoge hoffunctionarissen.Het is heel merkwaardig en heeft iets mysterieus om in dit gebied rond te wandelen met zijn veelvuldig omgewoelde rotsblokken.

     

    Vallei der koninginnen

    Deze vallei bevindt zich in het uiterst zuidelijk gedeelte van de Thebaanse necropool. Hier werden vanaf de 18de dynastie de eerste prinsen en prinsessen van koninklijke bloede, maar ook andere belangrijke personen begraven. Ook werd hier vanaf de tijd rond van Ramses II, de koninginnen die de titel 'koninklijke gemalin", droegen begraven. En tijdens de 20ste dynastie veranderde Ramses III de traditie en liet hier graven voor enkele van zijn kinderen maken. De Wadi el-Melikat, zoals het Arabische bevolking de vallei noemt, dank zijn naam aan Champollion. Ook deze plaats was net als de Vallei der Koningen heilig. Volgens oude Egyptenaren was de grot symbolisch voor de buik of de baarmoeder van de goddelijk koe (Hathor) waaruit het water stroomde dat de aanstaande verrijzenis van de overledene voorspelde die op deze bevoorrechte plaats begraven was. De graven kunnen in twee groepen worden verdeeld. Tot de eerste groep behoren de grafschachten (meer dan zestig) die tot de 18de dynastie teruggaan en tot de tweede, de grote Ramessaanse graven van de 19de dynastie, die een complexe structuur vertonen en uit echte begrafenisvertrekken bestaan, deze laatste lijken veel op de graven in de Vallei der Koningen, alleen wat eenvoudiger. De eerste gemalin die hier werd begraven was Sat-Ra, echtgenote van Ramses I en moeder van Seti I. Na het einde van de Ramessaanse periode en de daaropvolgende systematische schending door grafrovers, werden de begrafenissen in de vallei hervat. Vanaf de 21ste dynastie en in de Derde tussenperiode werden graven een begraafplaats voor personen die niet van koninklijk bloed waren. In het begin van het Romeinse Rijk veranderde de vallei in een openbare begraafplaats tot halverwege de 4de eeuw v. Chr. toen de Kopten zich hier vestigden. Zij verbranden vernielde graven en verbranden het klooster, Deir Roemi, hiervan zijn de ruines nog te zien. Al tijdens het uithakken van de graven moet bekend zijn geweest dat deze rosten niet geschikt waren, zei moesten daarom maatregelen nemen, ze gebruikte muna, een speciale pleister die vaak hele wanden en plafonds van de graven bedekte. Soms was de kwaliteit zo slecht dat de architecten opdracht gaven op een nieuwe betere plaats opnieuw te beginnen, hierdoor zijn eer veel onvoltooide graven. De eerste archeoloog die hier systematische opgravingen verrichte was de Italiaan Ernesto Schiaparelli, die in de periode tussen 1902 en 1906 werkte, samen met een Egyptoloog Francesco Ballernini. Zij ontdekte de belangrijkste graven, zoals de kinderen van Ramses III "Setherchopsjef, Chaemwaset en Amonherchopsjef, maar ook het graf van Nefertari, de vooraanstaande koninklijke gemalin van Ramses II", een van de mooiste graven van alle Thebaanse graven. In 1970 ging een aantal projecten van start, die door het CNRS van Parijs, het Louvre en het CEDAE en door de Egyptische oudheiddienst werden uitgevoerd. De graven werden schoongemaakt en opnieuw bestudeerd, en er kwam een systematische analyse van alle gaven.

     

     

    Hatshepsut was de enige vrouwelijke farao die Egypte regeerde. Zij was getrouwd met Tuthmosis II, die stierf voordat zij een zoon had voortgebracht. Hatshepsut nam de zaken voor de nog zeer jonge troonopvolger Tuthmosis III waar. Toen Tuthmosis III oud genoeg was om zelf te regeren weigerde ze evenwel om de macht uit handen te geven.

    Ondanks de afwijkende vorm harmonieert de gedeeltelijk in rotsen gebouwde tempel van Hatshepsut met het landschap. In de tijd dat de tempel gebruikt werd stonder er bomen en bloemperken omheen, wat de tempel een heel ander aanzicht gaf. De toegangsweg naar de tempel was geflankeerd door sfinxen met het hoofd van de koningin. Hiervan is niets meer over, net zo min als van de eerste pyloon. De tempel begint daardoor bij het eerste terras. Vandaar gaan twee flauw hellende paden naar de bovenste twee van de drie verdiepingen tellende tempel. De zuilenrij van het eerste terras wordt in tweeën gedeeld door de hellingbaan, die door twee leeuwen bewaakt wordt, en bestaat uit twee keer elf zuilen. Achter de zuilen zijn mooie reliëfs verborgen; ze vertellen het verhaal van het vervoer van twee obelisken van Aswan naar Karnak, waar een van de twee nog steeds overeind staat.

    Via de hellingbaan wordt het tweede terras bereikt. Ook hier is de zuilenrij onderbroken. De geboortehal aan de rechterkant bevat veel reliëfs over de geboortelegende van Hatshepsut; de verwekking van de nieuwe koningin door de god Amun, die de gedaante van Tuthmosis I heeft aangenomen, het 'maken' van het lichaam van Hatshepsut op de pottenbakkersschijf door Heket, de godin van de verloskundigen (te herkennen aan de kikkerkop), de hoogzwangere moeder wordt door scheppergod Khnum en Heket naar de verloskamer begeleid, waar de goddelijke geboorte in een baarstoel plaatsvindt. De nieuw geborene wordt ten slotte aan de goden van Egypte voorgesteld.

    Hatshepsut wordt altijd voorgesteld als een man, met het bekende koningssikje onder de kin. Dat er weinig afbeeldingen van haar overgebleven zijn komt door Tuthmosis III, die na haar door de meeste afbeeldingen en cartouches weg liet halen. Tuthmosis III had namelijk een grondige hekel aan zijn stiefmoeder, die hem als regentes 22 jaar lang uit de koningszetel hield.

    Aan dezelfde kant als de geboortehal bevindt zich de Anubis-kapel, gewijd aan de dodengod en uitvinder van het beheerste mummificatieproces. Mooie reliëfs tonen verschillende offertafels. Tuthmosis III heeft de offerscène van Hatshepsut laten weghakken.

    Links van de hellingbaan is op de Punt-colonnade een gedetailleerd verslag te zien van het handelsexpeditie naar Punt. Via ruilhandel verkregen de Egyptenaren tal van exotische producten waar zij, gezien de uitbundige terugtocht en thuiskomst, erg blij mee waren.

    Aan de linkerkant van heet tweede terras staat ten slotte nog een kapelletje van Hathor, de godin die onder andere de dodensteden beschermde. De kapitelen van de zuilen zijn met haar hoofd versierd. De reliëfs zijn ook hier goed bewaard gebleven. Er is onder meer een processie te zien en een afbeelding van de koningin met een heilige koe. Opvallend is ook dat er beeltenissen van de architect Senenmut, in de nissen aan de achterzijde, in de rotskapel zijn aangebracht. Men vermoedt dat de architect, die een innige relatie met de koningin had, deze zonder toestemming heeft laten aanbrengen en dat hij uit de gratie is geraakt toen zij de reliëfs ontdekte.

    Een tweede hellingbaan komt uit op het derde terras. In het verlangde van de weg ligt tegen de rotsen het allerheiligste, waar de dodencultus bedreven werd. Men neemt aan dat het hele, nu kale, terras volgestaan heeft met zuilen. De zuilenrij is wel bewaard gebleven; ervoor staan kolossale standbeelden van Hatshepsut met koningsbaard. Er zijn twee cultusruimten: het heiligdom van Hatshepsut en het heiligdom van Re.

     

     

    Twee grote enorme stenen beelden stonden aan weerszijden van de deur aan de eerste pyloon van de dodentempel van Amenhotep III. De tempel is totaal vernield, maar werd gezien als een van de mooiste tempels van Thebe. Door de jaarlijkse overstromingen en het gebruik als steenhouwerij voor bouwmaterialen is het gesloopt. De twee kolossen ,die de goddelijke farao voorstellen zijn het beste bewijs voor dit mooie bouwwerk. De twee 16,6 meter hoge beelden gehouwen uit twee kwartsieten rotsblokken zijn van de steengroeve van Jebel el-ahmar nabij Cairo afkomstig. Tengevolge van een aardbeving in het jaar 27 v. chr. stortte de noordelijke kolos gedeeltelijk in. Sinds die tijd vond elke ochtend een buitengewoon fenomeen plaats; Tengevolge van de opwarming overdag door de zon na de vochtigheid van de nacht, maakte het beeld geluiden, die op het geluid van een citer leek. De oude Egyptenaren verklaarden dit als een legende van Homerus over Memnon, de zoon van Eos en Titon, die door Achilles werd gedood en in Thebe als beeld terugkwam en elke ochtend klaagde als hij zijn moeder in de hemel ontdekte. Dit fenomeen, dat in de oudheid zeer beroemd was en talloze bezoekers uit elke hoek van de regio aantrok verdween na de restauratie die keizer Septimius Serverus aan het einde van de 2de eeuw n. Chr. had bevolen.

     



    Esna

    Esna (Isna) ligt zowat 53 kilometer ten zuiden van Luxor bij Ad-Dair. Esna was lang het eindpunt van de karavaanroute en was altijd een drukke marktplaats. Begin deze eeuw werd het, na de bouw van de grote Nasserdam, een belangrijk landbouwgebied. Midden in de bazaarwijk staat negen meter in onder het niveau van de nieuwe straten de, overvloedig versierde, tempel van de godsram Chnum. De god van de schepping werd hier alleen vereerd tijdens hetNieuwe Rijk.
    De zuilenhal gaf toegang tot de overdekte tempel die in de 2de eeuw gebouwd werd door de Ptolemeus-dynastie. De zuilenhal werd aangelegd door de Romeinse keizers Claudius en Vespasianus, maar dat was 200 jaar later. Esna is een van de best bewaarde Grieks-Romeinse tempels van het land.
    Op de zuilen staan ook de namen gegrift van Romeinse keizers, die het heiligdom bezochten. Hun offeranden zijn afgebeeld op reliëfs. Het gebouw is ongewoon door de vormrijkdom van de bloemkapitelen van de vierentwintig zuilen en de vele religieuze hiërogliefen waarvan nog maar een deel is ontcijferd. Er zijn ram-hiërogliefen en krokodil-hiërogliefen. Vermoed wordt dat de hymnen aan Chnum gericht zijn.
    De tempel werd indertijd omringd door tuinen, lanen met sfinxen (dromod) en kanalen.

    Meer dan waarschijnlijk ligt nog een belangrijk tempelgedeelte achteraan onder grond en hedendaagse woningen verscholen.
    Omdat onteigenen te duur zou uitvallen, heeft de overheid nieuwbouw en restauratie verboden, in de hoop de omwonenden ooit tot verhuizen aan te zetten.
    Bepaalde zolderingen van de tempel zijn verkoold. Dat is een gevolg van de eerste christenvervolgingen. De betrokkenen verschansten zich hier en leidden een verborgen bestaan..

     





    Edfu

    Edfu (Idfu) ligt halverwege Luxor en Aswan en is een kleine provinciestad. Zij was een belangrijk handelscentrum onder de farao's. De pilonen van de tempel, gewijd aan de valkgod Horus, zijn vanop afstand zichtbaar. Men komt er via een brede Nijlbrug. Het gebouw is vrijwel onaangetast gebleven. Hij wordt door een granieten beeld van Horus. Na die van Karnak is dit de oudste bewaarde tempel van het land. De geschiedenis van Edfu dateert al van het Oude Rijk. De oude stad bestaat niet meer en ligt bedolven onder de nieuwe. De bouw van de 137 meter lange en 79 meter brede tempel begon in 237 voor onze jaartelling onder Ptolemeus Euergetes I en werd in 57 voor onze jaartelling voltooid onder Ptolemeus XII, de vader van Cleopatra: een penode van 180 jaar dus.
    Van de oudere gebouwen is alleen nog een poort te bewonderen uit de regeerperiode van Ramses II. Langs de weg naar het centrale heiligdom ligt een geboortetempel.
    Op reliëfs wordt hier de geboorte van Horus verheerlijkt en meteen ook de goddelijke afkomst van de farao, die zich met hem identificeert. Op de kapitelen van het zuilenportaal staan afbeeldingen van de dwerggod Bes, die ook aanbeden werd bij het baren.
    Op de eerste pyloon, die 79 meter hoog is en 36 meter breed, troont Ptolemeus XIItraditioneel de overwinnaar van de vijanden van Horus en Hathor (in het gebied van Edfu werd zij vereerd als echtgenote van Horus).
    Boven het portaal schittert een gevleugelde zon. Dat is ook één van de gedaanten, die Horus kon aannemen.
    Het eerste hof wordt omringd door een zuilenrij van 32 stuks. De kapitelen hebben de vorm van diverse planten en op muurschilderingen worden offeranden en rituelen getoond die bij de kroning van de farao horen. Op de linkerzijde draagt hij de kroon van Neder-Egypte en rechts die van Opper-Egypte.
    De bootprocessie verwijst naar de bruiloft van het godenpaar. Het beeld van Hathor reisde jaarlijks van Dendera naar Edfu voor een bezoek aan echtgenoot Horus Dat was een afstand van 160 kilometer via de Nijl. Twee weken lang werd er dan gefeest.
    Dat was ook het geval tijdens de jaarlijkse spelen van de Horuslegenden waarbij de overwinning van het goede op het kwade werd gevierd. Op de afbeelding wordt dit gesymboliseerd door Horus met de valkenkop die een harpoen werpt naar Seth, die de vorm aannam van een nijlpaard.
    In de grote zuilenhal troont het symbool van Edfu, de granieten valk met dubbele kroon, en in het allerheiligste wordt de mythische grens tussen hemel en aarde gesymboliseerd door een oplopende vloer en een steeds lager wordende zoldering.




    Aswan

    De stad ligt op de rechteroever niet ver van de grens van 500.000 inwoners de belangrijkste stad in Opper-Egypte. Gele zandduinen glijden hier in het blauwe Nijlwater, dat op sommige plekken langs granieten rotsmassa's vloeit. Het zijn grote afgeronde vormen., die de farao's aan olifanten deden denken. Zij noemden het met palmen bedekte eiland Abu, de olifantenstad. Nu is het Elefantina. Vroeger was het een commercieel centrum en de handelsmarkt tussen equatoriaal Afrika en Egypte. Het eiland Elefantina dankt zijn naam ook aan de handel in ivoor. Het moderne Aswan ligt hier vlak tegenover en zij is de zuidelijkste stad van het land. Etnisch bekeken is het een Nubische stad. Het Nubisch gebied reikt van de Dzjebel al-Silsila tot de Sudanese hoofdstad Khartoum.
    De donkerhuidige, rijzige Nubiërs zijn intussen volledig gearabiseerd, hoewel in sommige gebieden hun talen Kenouzi en Mahasi nog worden gesproken en ook tradities in ere worden gehouden, zoals de witte tulband of de kleurrijke gehaakte muts.
    Aswan telt meer dan een kwart miljoen bewoners. De economische bloei die met de bouw van de grote Aswandam (Sadd al-Ali) was aangekondigd, is minder groot uitgevallen dan voorspeld was. De stad zelf bestaat uit twee straten, met de zowat twee kilometer lange Nijlpromenade. In de vele winkeltjes vindt men ook de meest verse specerijen van het land, zoals de pinda's (ful sudani) en de robijnrode hibiscusthee (karkade).
    Aswan (toen ook Sunu en door de Grieken Syene genoemd) was nog slechts een kleine marktplaats. De Perzen maakten er in de 5de eeuw een belangrijk centrum van. Uit die tijd dateren de Elefantina-papyri waarop bittere vetes werden verteld tussen een joodse militaire kolonie en de Tempel van Chnum. De priesters waren door de joden geschokt toen die paaslammeren slachtten.
    Alle vondsten, zoals de granieten beelden van Sarenput II en de bijna levensechte beelden van gouverneur Hekajib, die op dit eiland werden verricht, prijken in het museum van de Nubische Cultuur.
    Belangrijk op Elefantina is de Nijlmeter, een rotstrap die de Nijl induikt en die negentig treden bevatte. De waterhoogten staan op de zijwanden gebeiteld. Aan de hand van de waterstand kon de omvang van de oogst worden bepaald en meteen de te betalen belasting.
    Boven de Nijlmeter staat de woning van Wellicocks, een Brits ingenieur die meewerkte aan de eerste stuwdam van Aswan. Het huis is nu een klein museum waarin de mummie van de heilige ram Chnum prijkt.


    Elefantina
    Abu
    of het Olifanteneiland (Elefantina) is 1,5 kilometer lang en is het grootste van de Nijl. Naast het heiligdom van Chnum bevindt zich een Nubisch dorp. Tempels, paleizen en woningen lagen hier in de schaduw van de palmen en van een grote vesting. Abu was een handelscentrum voor de karavanen die uit Nubië schatten aan goud, ivoor, ebbenhout en specerijen meebrachten.
    Eén van de belangrijkste blikvangers is de Nijlmeter. Hij is één van de drie die zin overgebleven. Hiermee werd het waterniveau stelselmatig gecontroleerd.
    Het eiland bevat de ruïnes van de tempels van Chnum en zijn echtgenote Satet. Zij dateren uit de regeringsperiode van Hatsjepsut (18de dynastie). Ook de Nubische godin Anqet kreeg hier een heiligdom.
    De Ptolemaïsche kapel ligt ten zuiden. Zij oogt prachtig vanop de Nijl.
    De tempels van Thutmosis III en Amenhotep III werden door de Ottomanen verwoest in de 19de eeuw.
    Het eiland bevat ook mooie tuinen en enkele gastvrije Nubische dorpjes met mooi beschilderde woningen. Tempel van Chnum De Tempel van Chnum ligt langs de kade op een groot terras. Hij ligt op het hoogste deel van de ruïneheuvel. De granieten poort geeft nog een idee hoe indrukwekkend het bouwwerk uit de 13de dynastie was.

    Tempel van Satet
    Ten noorden staat de Tempel van Satet, zijn gemalin. Hij dagtekent uit de tijd van Hatsjepsut en is in de oorspronkelijke afmetingen herbouwd op een betonplaat.
    De reliëfs werden in het nieuwe geheel ingepast en de ontbrekende stukken werden bijgetekend. De onvoltooide obelisk Bij de granietgroeven, zuidoostelijk van Aswan gelegen, rust "de onvoltooide obelisk" . Zij dagtekent uit de tijd van Hatsjepsut (15de eeuw).
    De liggende monoliet weegt 1168 ton en zou met zijn lengte van 42 meter en een basis van 4,2 op 4,2 meter de grootste obelisk van Egypte geworden zijn.
    Dat doel mislukte omdat de steen onverwacht barste toen men hem van de granietrotsen wou afscheiden. Voor archeologen was de onvoltooide obelisk vooral belangwekkend omdat in haar nabijheid ook alle werktuigen werden gevonden die toen gebruikt werden om zulke kunstwerken te vervaardigen.
    Nabij de obelisk bevindt zich ook een begraafplaats van de Fatimiden.

    Kitchener Island
    Het Bloemeneiland werd aangelegd door de Britse lord Herbert Horatio Kitchener, die einde vorige eeuw gouverneur van Sudan was. Kitchener Island was onder de Britse heerschappij het eigendom van de gelijknamige gouverneur-generaal.
    Zijn palmpark werd de basis voor een botanische tuin, die de Egyptische regering echter aanlegde en die nu het volledige eiland bestrijkt.
    Kitchener (1850 - 1916), een Ier van geboorte, onderscheidde zich in Palestina, Cyprus en Sudan. In dit Oostafrikaans land was hij gouverneur tot de Britse overheid hem in 1892 bombardeerde tot commandant van haar troepen in Egypte. Van hieruit bestookte hij succesvol de Sudanezen en versloeg hij het leger van de Arabische leider Abdullah et Taaisha, bijgenaamd de Kalief. Kitchener werd hiervoor benoemd tot generaal-majoor en baron van Khartoum.
    Nadien leidde hij nog de Britse koloniale troepen in India en behaalde de graag van veldmaarschalk. Hij werd vervolgens benoemd tot consul-generaal in Egypte. Tijdens Wereldoorlog II werd hij door zijn regering teruggeroepen en benoemd tot Staatssecretaris voor Oorlogszaken.
    Kitchener verdween in zee toen de kruiser Hampshire op een mijn botste.

    Mausoleum Aga Khan
    Op de westelijke over ligt het Mausoleum van de Aga Khan, Nur as-Salaam of "Licht van de Vrede" geheten. Het is volledig in wit marmer gebouwd en prijkt boven aan de geelachtige duinen. Mohammed Shah Aga Khan was 48ste imam, de geestelijke leider van vier miljoen Ismaïlieten. Hij genoot een opvoeding in Europa en volgde in 1885 zijn vader op. In 1957 stierf hij, 80 jaar oud.
    De man was steenrijk. In 1945 werd de Aga Khan, die een robuuste figuur was, op zijn verjaardag gewogen met diamanten die nadien onder zijn volgelingen werden uitgedeeld.
    Zijn zoon Karim Aga Khan volgde hem op.
    De volgelingen zijn vooral afkomstig uit India en Oost-Afrika en deze sekte beschouwt zich als afstammelingen van de Fatimiden. De leider rust in een sarcofaag, gemaakt van witte marmer uit Carrara. Nog elke dag wordt er een roos op gelegd. Al jaren doet het gerucht de ronde dat de rozen met een privé-jet in Parijs worden opgehaald wanneer er in Egypte geen te vinden zijn.
    De Ismaïlieten vormen een sekte die zich tussen de 10de en 12de eeuw afscheurde van de sjiïeten. Zij bestaan nu uit twee groepen, de Bohras in Bombay en de Khojas, de grootste groep, die geleid wordt door de Khan's. De aanhang van de Khojas zou twintig miljoen volgelingen bevatten.
    Het mausoleum is niet altijd bezoekbaar. De Begum, de weduwe van Aga Khan heeft een hekel aan de toeristische drukte. Is zij aanwezig, dan wordt niemand toegelaten. Wie de klim naar boven doet, kan van de bewakers meestal bekomen dat hij binnenin mag fotograferen 'door de kier van de deur'. Een kleine fooi volstaat.
    Voor een bezoek gelden dezelfde kledijvoorschriften als voor een moskee. Een mannequin en een filmster
    De Aga Khan III (1877 - 1957) werd geboren in Karachi als Aga Sultan Mahomed Shah. Samen met zijn Ismaïlieten steunde hij de geallieerden tijdens WO II. Hij huwde een Franse mannequin. Zijn zoon Karim Al Hussaini Shah werd geboren in 1936. Hij was een fanaat van renpaarden. Een andere zoon Ali Khan, huwde in 1949 de Amerikaanse filmdiva Rita Hayworth (Margarita Carmen Cansino).

    St. Simeon
    Op een twintigtal minuten wandelen staan de ruïnes van het St. Simeon - klooster waarin tot 1321 ruim 300 priesters woonden. Het klooster op de westelijke Nijloever is nu verlaten. Het was één van de grootste koptische kloosters van het land en het ontstond in de 6de eeuw. De volledige afwerking volgde pas in de 7de eeuw. Aanvankelijk was het klooster opgedragen aan Amba Hadra, een bisschop van Aswan in de 4de eeuw. In het lager gelegen gedeelte van het gebouw vallen nog koptische schilderingen te bewonderen. De verdiepingen bevatten de woonruimten van de monniken.
    De muren van het klooster waren oorspronkelijk tien meter hoog en zij huisvestten ook diverse wachttorens. In de 10de eeuw werd het klooster herbouwd, maar Saladin verwoestte het in 1173 omdat hij vreesde dat het zou worden ingepalmd door rondzwervende Nubische christenen.
    Echte opgravingswerken hebben nooit plaatsgehad.

    Old Cataract
    Old Cataract is het hotel waar de Britse detective-schrijfster Agatha Christie de sfeer kwam opsnuiven en waar zij vanop het terras een enig uitzicht had op de stroom. Het terras is ideaal om een (hygiënisch) ijsje te proeven - er is een ruime keuze - of van een theeuurtje te genieten volgens Britse traditie.
    Het oude hotelgedeelte dagtekent van 1899 en is in Victoriaanse stijl opgetrokken. Het dankt zijn naam aan het feit dat het water van de Nijl hier voor het eerst op de granieten rotsen, beukt. Zo ontstaat de 'eerste cataract'.
    Benevens Agatha Christie verbleven hier ook Winston Churchill, Aga Khan en diverse beroemdheden. In het nieuwe gebouw van dit hotel kan taksvrij worden aangekocht.





    Abu simbel


    Ook Abu Simbel moest voor het water wijken en werd, met steun van de Unesco, verplaatst tot op 280 kilometer van de Sudanese grens. Gewoon gigantisch. De 3.300 jaar oude tempel ligt, 700 kilometer ten zuiden van Cairo, langs de oevers van het Nassermeer en werd gebouwd ten tijde van Ramses II en zijn vorstin Nefertari (1304-1237 voor onze jaartelling).

    De tempel werd uit de bergen gehouwen. Ramses prijkt er met tussen zijn voeten een beeld van zijn moeder, koningin Touy, zijn vrouw en zijn zonen en dochters. De operatie kostte ongeveer € 300.000.
    De tempel ligt 270 kilometer ten zuiden van Aswan.
    De twee tempels werden in duizend stukken van liefst 30 ton gezaagd en bovendien herbouwd in dezelfde oostwest-ligging. Dat had een belangrijke reden. De beelden van de zittende Ramses II zijn 20 meter hoog en ook de staande vrouwen en kinderen zijn meer dan levensgroot.
    Bovenin toont een fries 22 bavianen, die met geheven armen de zon aanbidden.
    Omstreeks 20 februari en 20 oktober schijnen de zonnestralen recht in het 64 meter diep in het in de rots gelegen heiligdom. De zon verenigde zich daar met de beelden van de grote goden Amon, Re, Ptah en middenin de heer Ramses II persoonlijk. Hij verscheen al als een god onder de goden eer hij overleden was en vereert hij dus ook zichzelf in de afbeeldingen, boven het portaal, van zijn offeranden aan zonnegod en valk Re-Harachti.
    De Oude Egyptenaren hadden dit zeer mooi berekend.
    De zuilenhal in de tempel bevat acht 10 meter hoge beelden van de farao. Kleurenreliëfs hemelen zijn moed op. Hij verslaat Aziaten, Nubiërs, steekt Libiërs dood, bestormt Syrische vestingen enzoverder. In het allerheiligste staan de beelden van Ptah, Amon en Re-Harachti.
    De kleine tempel was opgedragen aan zijn geliefde Nefertari en de godin Hathor, met wie zij wordt vereenzelvigd. Aan de voorzijde tonen kolossen Nefertari als de elegante dame met de hoornkroon van een godin. Zij is omringd door beelden van haar echtgenoot. Het binnendeel is ingedeeld door zes pilaren, versierd met Hathor-hoofden en op de heel goed bewaarde reliëfs worden verhalen verteld over de offeranden, de kroning van de farao en ook de kroning van Nefertari door lsis en Hathor.

    30-12-2000 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (3 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    20-11-2000
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.VS ATLANTA Oct nov 2000
    Veiling vluchten op internet

    Oktober 2000 en de grauwe dagen rijgen zich aaneen. We willen weg.
    Lufthansa doet een veiling op internet. We zijn nog maar bleukes op dat gebied maar ik schrijf me toch in om mee te doen. Ik kijk eerst de kat uit de boom en ontdek dat sommige vluchten de deur uit gaan voor een habbekrats minder dan die ge in 't reisbureau kan reserveren maar dat er andere zijn waarvoor zo goed als geen interesse is.
    We zoeken er een paar voor ons interessante bestemmingen uit qua bestemming maar ook de reisduur.. naar Hongkong of Taïpe voor 5 dagen zien we helemaal niet zitten.
    Joburg: de prijs schiet de hoogte in ...andere evenzeer. We wagen onze kans voor Atlanta en een paar minuten voor 't afsluiten staat het nog op 2100BFr (taksen inclusief) ..2150- 2200- 2250 Mijn ventje spoort mij aan er nog 50 bovenop te doen.... proficiat u heeft een vlucht geboekt naar Atlanta voor de prijs van 2300BF met vertrek op 28/10/2000 retour 12/11/2000 te gek.
    Onmiddellijk ook maar een mailtje gestuurd naar onze vrienden die ergens in Zuid Virginia toerden op dat ogenblik. Misschien kunnen we ergens afspreken.
    De kinderen zijn ondertussen al wel gewoon aan onze plotse reisoprispingen maar Atlanta? wat gaat ge daar nu doen?
    Een auto huren en heel veel gaan zien en genieten van 't zonneke....
    Diezelfde avond ligt een provisoir reisplan klaar....  Wat er ginder allemaal te zien en te beleven is leest u in een volgend bericht.


    Het verhaal

    Landen op de grootste luchthaven van de VS is weer eens wat anders. Gelukkig hebben we "assitance" en mogen we met de rolstoel via een binnenweg langs immigratie en douane.
    Dat we niet weten waar we deze nacht gaan slapen is voor de afwisseling weer eens een probleem bij dr immigratie.... Zeg dan maar vlug dat ik het ben vergeten in te vullen en we naar de Day's Inn gaan... elke stad heeft er minstens ééntje dus hopelijk ook Atlanta.
    Voor 't afhalen van de bagage mogen we de trein op en krijgen we een sightseeïng om U tegen te zeggen. Wauw zo groot... In de folder met plannetje van de luchthaven komen we dan ook te weten dat het de grootste is.
    We moeten effe op de bagage wachten en weten niet wat we zien als daar plots Jos en Germaine staan. Wat een weerzien. Ze hebben hun MH op de parking van de metro gezet.
     Wij moeten nog ergens een wagen gaan huren en prijzen vergelijken wat niet alles is met hun verschillende verzekeringen en dekkingen.
    Eerst nog wat bijpraten  en wat info vergaren over de stad. Volgens hen heel gemakkelijk te bezoeken. We spreken een dag af om mekaar in Charleston te ontmoeten - zullen onderweg contact houden per email.



    De bagage de auto in en weg zijn wij richting noord.
    Willen de eerste dag buiten de stad slapen. Eens op de baan zijn we direct "in the mood"
    In mijn couponbook staat een goed motel in Cassville en 't is al lang donker als we er aankomen. Normaal rijden we nooit zo laat. Gelukkig nog een bed vrij. Het enige dat we vandaag nog doen is bij 7/11 onze voorraad gaan indoen.

    Via toeristische baantjes rijden we door het Chattahoochee Nat.Forest de uitloper van de Bleu Ridge.
    Door het Cherokee Forest rijden we Tennessee in en volgen er een tijdje de rivier. Het Great Smokey Mountains National Park ligt in de uitloper van de Appalachians Mts  (de appalachian trail vertrekt van hier 2000 mls- 3200km noord) Het is nog steeds één van onze favoriete parken, zeker in de herfst.
    We rijden het park binnen langs de noordkant via Pigeon Forge waar we geconfronteerd worden met Dolly Parton die hier geboren is.
    Eén van de mooiste plekjes in het park vind ik persoonlijk Cades Cove met een paar verlaten homesteads en schuren en een mooi kerkje; heel pastoraal... en er huizen beren in de omtrek. We genieten van de "indian summer"
    We rijden North Carolina in. Cherokee is een stadje dat nog volledig door de Cherokee wordt gerund. Er is een heel interessant museum en goede accommodatie.
    Een paar miles buiten het stadje begint de Bleu Rigde Parkway die over de kam van het appalachian gebergte loopt en heel mooi is om te rijden maar niet voor nu dus want ze zou ons teveel noordwaarts brengen. We doen enkel het zuidelijkste stuk
    Asheville is een modest stadje met als festiviteit van het jaar het Blue grass folkfestival. Het voornaamste gebouw is de Vanderbilt Estate het grootste privé huis van de VS en een copy van één van de kastelen van de Loire (naam ontsnapt me voor 't moment)  In Asheville overnachten we in een Cabin op de camping.. weer eens iets anders maar heel speciaal ... de cabins zijn echte loghuts en staan apart in een stukje bos, met een houten veranda en rocking chair. Er is een gezamelijke kookplaats onder een afdak. Gezellig om een paar dagen te genieten.
    We verlaten de Bleu Ridge in Spruce en verkijken ons onderweg op de piepkleine dorpjes waar zowat alles in teken staat van halloween. 
    Lake Norman op de Catawba river is een vissersparadijs en de oevers zijn verbonden door verschillende heel grote bruggen. Het is warm weer en we stoppen bijna in elke inham van de bruggen om te genieten van 't uitzicht en 't heerlijk weertje. Laten ons inwijden in 't visserslatijn en vertrekken met een plastiek zak vol "avondeten"
    Nabij Charlotte rijden we South Carolina in. Een bezoek aan het visitor center levert ons kaartmateriaal en een goed overnachtingsadres, we werden er verwelkomt met drankjes en koekskes.
    We slapen met terras op Lake Wylie 
    Voorbij Lancaster rijden we door de cottonfields. De pluk is bezig en langs de baan staan immense balen en overal ligt het bestrooit met katoenvlokken.  
    Florence heeft ons buiten een bed niet veel te bieden.
    In Nixons crossroads komen we aan de Atlantische Oceaan en de stranden. We zoeken een bed in North Myrtle beach met terras op zee en installeren ons voor de rest van de dag aan 't strand. We halen de vis uit de koelbox en steken de bbq aan.
    Tussen hier en Myrtle Beach centrum is er aan sommige gebouwen veel schade door een orkaan en windhozen die hier passeerden. Overal zijn ook wegwijzers voor Huricane escape roads en op verschillende plaatsen goed aangegeven shelters. We stoppen regelmatig en genieten volop van zon en strand ... op verschillende picknickplaatsen hangt een briefke met reservatie voor 't WE voor een familiebbq. We geraken nog tot in Georgetown.
    Georgetown heeft een mooi historic center...In het visitor center kan men een straatplannetje bekomen waar wat uitleg staat over de mooie oude huizen. Er is een rijstmuseum en in de omgeving kan men verschillende plantagehuizen bezoeken. Eéntje heeft zelfs nog een bijna intacte slavenstraat met de houten shacks en een kerkske.
    De streek is dan ook "black area". Langs de baan worden groenten uit eigen tuin en met grassen geweven manden verkocht.
    Shagging, dansen op r'n'b muziek is zowat de traditionele dans hier. Ingevoerd door de zwarten en door de blanken afgedaan als immoreel tot een voorzitter van een culturele organisatie het ging promoten. Men kan er op verschillende lokaties leren shaggen en de inwoners gaan er prat op de juiste bewegingen te kunnen demonstreren aan wie er zich aan interesseert.
    Charleston: een heel mooi en aangenaam stadje met een rijke geschiedenis. Gesticht in 1670 door een groepje engelse aristocraten. Door de rijst en katoenplantages won de haven aan belang. Fransen, Duitsers, Italianen enz. stroomden toe. Minstens 1/3 van de afrikaanse slaven kwamen hier aan land en werden hier op de slavenmarkt verkocht. Er leefde ook een grote groep vrije zwarten in de stad en zelden waren er onlusten.na die ene oprisping in 1823 waarna de citadel en de militaire school gebouwd werden.
    In 1861 begon hier de Civil War in Fort Summer. Ook WO II had veel invloed op het stadje. De haven werd heraangelegd voor wapen en troepentransport. Ze is nu nog altijd één van de belangrijkste zuidelijke havens van West VS
    Veel is in ere gehouden en gerestaureerd. Er valt dus heel wat te zien en zullen er gerust een paar dagen kunnen doorbrengen.
    We hebben met Jos en Germaine afgesproken aan de camping omdat ze hier ook cabins hebben. (met dank aan de public library's en hun pecekes die gratis ter beschikking stonden) Deze vallen echter tegen in comfort, onderhoud en prijs en we rijden naar een motel waar zij zich met hun MH op de parking installeren. Een hele avond om te semmelen....
    's Morgens is het weer afscheid nemen tot December als zij voor een paar weken naar huis komen.
    We rijden de volgende dagen nog wat zuidwaarts. Rockville en Beaufort vinden we zalig. De plaatsjes zelf, de natuur maar vooral de mensen. We genieten met volle teugen.
    Het wordt stilaan tijd richting atlanta te rijden. We zetten een paar dagen de zware voet op het pedaal. Van de routetussen Augusta en Elberton hadden we meer verwacht. Er zijn slechts een paar plaatsen waar men tot bij de Savannah river kan. Wel weer een paar mooie bruggen gezien.
    Athens een gezellig universiteitsstadje met veel bookshops, platenwinkels  en restaurantjes en cafés met terrasjes. Thuishaven van REM en B52 zijn er nogal wat (rivaliserende) muziek clubs elk met zijn eigen publiek. De ander attractie is een canon dat na de Civil War hier is blijven staan.
    Stone Mountain State Park In de rotsen is het reliëf uitgebijteld van de helden van de Confederatie: Jefferson Davies, Robert E.Lee en Stonewall Jackson. Men kan met kabelspoor tot boven op de rots en heeft onderweg een mooi zicht op de beelden.
    Atlanta. Werd slechts belangrijk door de Civil War en de wapen industrie. Sherman liet de stad platbranden en op deze feiten is het boek (en film) Gone with the Wind gebaseerd. Na de heropbouw bleef het een industrieel centrum dat bankiers en alle rand ondersteuning meebracht. Meest bekend voor ons zijn Coca Cola en CNN die beiden te bezichtigen zijn. CNN viel wat tegen omdat men slechts vanop een omloopplatform zicht heeft op de werking en men nu niet zoveel info krijgt. Coca Cola neemt u mee terug in de tijd met veel oud documentatie materiaal.
    Maynard Jackson werd de eerste zwarte burgemeester en zorgde samen met Ted Turner (CNN) dat de olympische spelen naar Atlanta kwamen al was de inbreng van Coca Cola ook niet te versmaden.
    Atlanta heeft ook een zeer grote zwarte gemeenschap; meestal in de gegoede klasse.
    Het geboortehuis van M.L King werd gerestaureerd en er is een museum aan de jonge geestelijke gewijd. De Ebenezer Baptist Church waar hij pastor was ontvangt graag bezoekers.
    Het Peachtree centrum is een groot ondergronds centrum met winkels en amusement en al wat ne mens in een stad gaat zoeken... zeer gebruiksvriendelijk en aangenaam.
    Sweet Auburn, het zwarte district, de public library en nog veel andere dingen zijn het bezichtigen waard maar onze tijd zit er op...

    Atlanta... wat valt daar te beleven vroegen de kinderen ons..... heel veel dus

    visitor center:
    -elk fatsoenlijk dorp/stad heeft een bezoekerscentrum waar u steeds vriendelijk ontvangen word
    - de grote die op de Interstates aan de grens liggen verstrekken gratis kaartmateriaal (en meestal een verfrissing of versnapering
    - de centra van de parken hebben kaartmateriaal over de parken en meestal dia/film over hun park - parkpasses voor al de nationale parken kunnen overal in die centra of de ingang van 't park gekocht worden - 50€/wagen voor een gans jaar voor alle NP, Nmonuments enz.
     
    frigo box 
    in een soort isomo zijn te koop in warenhuizen en benzinestations voor een paar $ - ijs is overal te krijgen in grote packs

    bbq en picknickplaatsen
    op alle toeristische plaatsen - kunnen gereserveerd worden voor een privéfeestje

    campings
    sommige hebben cabins opgetrokken in hout- varierend van basic tot luxueus - buiten seizoen niet nodig vooraf te reserveren

    coupon books
    Op de straathoeken in de steden, op de plaza's en aan warenhyuizen en soms ook in de visitor centra zijn gratis boekjes ter beschikking waar reductiecoupons in staan voor motels/hotels
    Men kan ze nu ook online afprinten:
    www.roomsaver.com/
    www.travelcoupons.com

    voor fotoalbum klik hier.

    .



     

    20-11-2000 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    30-09-2000
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.MALLORCA sept 2000
    . Last Minute
    Mallorca




    Last minute genomen bij Sunair.
    Hotel OK - wel geen avondanimatie want de hostessen enz. doen geen klop meer daar het de laatste reizen zijn die Sunair organiseert.
    auto gehuurd - eiland afgedweild - niet aan 't strand geweest - natuur is er prachtig
    5 dagen voldoende om hele eiland te zien.
    Bij de terugvlucht veel problemen omdat ze geen vliegtuig en crew meer hadden.
    Fijne week gehad voor welgeteld 3600BFr/pp 3* HP -

    geen verder verhaal


     

    30-09-2000 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (4 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    31-05-2000
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.GRIEKENLAND kreta mei 2000
    Last minute
    Griekenland
    Kreta


    Last minute geboekt bij Sunair 8000Bfr/pp 2 weken 3+sterren HP in Agios Nikolaos.  Carl en Mimi hebben ook nog een paar plaatsen kunnen bemachtigen.
    De eerste paar dagen gebruikt om het stadje en de nabije omgeving te verkennen
    Daarna 7 dagen auto gehuurd

    Hebben zowat het hele eiland gedaan op de uiterste oostpunt na en het is ons zeer goed bevallen. Fijne mensen, fijne sfeer en mooie natuur. Vooral de sfeer in de kleine achteraf dorpjes zal ons zeker bij blijven.
    Om naar het oosten te rijden hadden we lunchpakket meegenomen en zijn we een dagske onderweg blijven slapen zodat we wat ruimer in de tijd zaten.
    Daar mijn benen niet meer mee willen zijn we niet gaan wandelen in de kloven. Alleen telkens zover gereden als het mogelijk was
    Zagen hier ook een paar kampeerauto's rondrijden. Spreekt ons wel aan.


    Klik hier voor de diavoorstelling

    31-05-2000 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (4 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    28-02-2000
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.DOMINIKAANSE REPUBLIEK jan/feb 2000
    Last-minute
    Dominikaanse Republiek
    Puerto Plata



    Klik hier voor de diavoorstelling

    Een reis anders dan anders.
    Last minute aanbieding op VTMtext bij Dexia: 15d/14n 3* all inclusif 22890bf/pp  Ook mogelijk vlucht alleen te boeken: 12490bf 
    Zelfde dag te boeken/betalen wegens dagelijks schommelende prijzen afhankelijk van vraag en aanbod
    Tel. Onderhoud: bestemming van de vlucht is Puerto Plata‑   Naam hotel wordt bij aankomst daar medegedeeld‑ vlucht met Air Belgium ‑ tickets worden opgestuurd of kunnen bij vertrek op de luchthaven opgehaald worden (naargelang de tijdspanne tussen het boeken en vertrek)
    Tickets waren uitgeschreven door Sunair. We vlogen uiteindelijk met Citybird (technische problemen bij Air Belgium) ongeveer 1 1/2u vertraging.
    Service:  berg‑ en beenruimte: OK. Bier, wijnen enz. te betalen –frisdranken vrij.

    Aankomst in Puerto Plata: Bagageclaim: chaotisch‑ niettegenstaande verschillende transportbanden wordt de bagage van opeenvolgende vluchten op 1 band gegooid, op en over mekaar met gevolg dat er veel afvalt en beschadigd wordt.
    Opvang door Sunair crew: gewoon goed. Hebben naamlijsten met toegewezen hotel en nummer van bus die er u naartoe brengt. Zowat iedereen wil zich over uw bagage ontfermen om een paar pesos te verdienen‑
    Om zeker te zijn dat uw bagage samen met u in het hotel aankomt kunt ge ze best zelf tot de bus brengen (max. 50m) of zeer kordaat 1 persoon aanduiden die dan wel zal zorgen dat alles op zijn plaats komt.
    Op de bus de eerste info met de nadruk op de vele mogelijkheden om iets van het eiland te zien en uw tijd zo aangenaam en duur mogelijk door te brengen‑ alles kan geboekt worden - ­de afgevaardigde van Sunair komt de eerste dag langs het hotel voor verdere info.
    Na een busrit van een 20tal minuten komen we aan in het Playa Dorado complex. Een immens groot domein met 13 hotels en bijna 5000 bedden.
    Op het domein: winkelcentrum, banken, casino's, disco's, golfterrein, tennisvelden, fietsen, paarden, alle watersporten en al wat ge maar bedenken kunt zodat ge niet van het domein af moet want, buiten het domein kunnen ze zogezegd uw veiligheid niet waarborgen ..................
    Wij werden ondergebracht in hotel Heavens; één van de kleinere hotels.
    Iedereen kreeg een gekleurd plastiek bandje rond de pols zodat men u in en rond het hotel als gast herkent (hetzelfde soort bandje dat verwarde patienten in ziekenhuizen omgedaan wordt) Voor hen heel efficient maar over het hele eiland herkent men u van ver als toerist en gast van dat bepaald hotel. (men zoekt inventieve geesten die een betere oplossing vinden daar dit systeem van toepassing is in de meeste all inclusif resorts en het door de meeste gasten als onaangenaam wordt ervaren ... Waag uw kans!)

    Niet gewoon van in grote hotels ons verlof door te brengen hadden we geen vergelijkingsmogelijkheid wat de kwaliteit van de kamer betrof. Ruim, proper, groot en goed bed, badkamer ok, ander meubilair dringend aan vervanging toe (goed voor een aanbieding maar zouden daar zeker geen volle pot voor willen betalen ‑ normaal 35000 tot 40000bf) Kluis te betalen ( ongeveer 500 bf/week)
    Het uitzicht is niet fameus: de kamers van de andere blok en de pinnekensdraad van de omheining. De ganse nacht 1awaai van vertrekkende auto's en brommers en tierende mensen.
    Het eerste dat we de volgende dag doen is dan ook aan de balie gaan informeren voor een rustigere kamer. Door de hoge bezettingsgraad vraagt men ons te wachten tot de namiddag. Voor ons geen probleem.
    De andere Belgen die samen met ons aankwamen hadden dezelfde problemen ( het grootste deel van het hotel heeft overlast van de disco die in het hotel zelf is ondergebracht en die openstaat voor iedereen‑ alleen de kamers aan de binnenkant van het complex hebben er geen of weinig last van)
    Wij kregen onze rustige en evenwaardige kamer zonder opleg. Een kamer met terras of een grotere kamer was na een paar dagen beschikbaar tegen bijbetaling van 10 US$/pp. Wij waren blij met onze rustige kamer die tevens ook wat beter was dan de vorige.
     
    Eten en drinken: Ontbijt‑, lunch en dinnerbuffet: gewoon goed ‑ westers ‑ weinig local food ‑ grote vleeseters zullen misschien wat ontgoocheld zijn - hadden wel meer variatie van tropisch fruit verwacht.
    Door het grote aanbod vanaf de eerste dag hadden sommigen na een tiental dagen de indruk dat het steeds hetzelfde was (gewoon een luxeprobleem)
    Koffie‑thee‑melk en fruitsappen bijna de ganse dag beschikbaar Alcoholische dranken: vanaf 10u tot middernacht. ‘s Namiddag: snacks en 's avonds laat voor de discogangers: hamburgers, pizza enz...
    Op het strand: bar van 10 tot 16u Salade bar ‑kip‑ pizza‑hamburger enz. van 12 tot 16u;

    Watersporten en animatie:
    Handdoeken voor zwembad en strand gratis ter beschikking
    Ligzetels aan zwembad en strand gratis ter beschikking.
    Veel animatie aan en in het zwembad ‑ aerobics‑ spelen‑ voor wie wil een gratis duikles
    's Voormiddags mogelijkheid om aan te sluiten voor een fietstocht door het domein.
    Voor gratis paardrijden u richten tot het animatieteam.
    Op het strand: aerobics en volleybal Trampoline - snorkelen‑ surfen‑ windsurfen‑ zeilen‑ zeekayak : gratis Gemotoriseerde sporten mogelijk tegen betaling: jetski‑ parasailing‑ bananaboat enz.
    Andere sporten:
    Tennis: volgens de sunairgids: gratis Sommigen betaalden: 125bf/u voor het veld en 125bf/racket Golf.‑ een heel mooi golfterrein ‑ prijs???

    Ook als het bewolkt is gevaar voor huidverbranding! Zagen opvallend veel open brandwonden

    Aangeboden tours:
    Namen er zelf niet aan deel maar willen u wel de indrukken van onze reisgezellen meedelen:
    Tocht naar Samana en whale watching: 3 1/2u rijden‑ op de palmbomen en af en toe uitzicht op zee na niet veel te zien‑ het zogezegde Bountyeiland is heel klein met palmbomen en mooi wit zand en heel, heel veel toeristen en souvenirverkopers. Men zag verschillende walvissen ‑ toeristenboten mogen er niet kort bij komen ‑ (kleine lokale vissersboten doen het wel en blijven langer op zee) prijs 85 US$
    Jeepsafari : was meegevallen maar vonden ze veel te duur voor wat ze kregen. De tocht met de jeep er naartoe en terug was zeer onaangenaam door de te hoge snelheid. Het avontuur beperkte zich tot éénmaal door een ondiepe rivier rijden en het beklimmen en afdalen over de gladde stenen van de waterval. Ze kwamen terug met schaafwonden opgelopen bij het uitglijden of springen‑ het werd door de omstanders en gids als "spannend‑gevaarlijk‑gedurfd” beschouwd maar niemand had iets van ontsmettingsmiddel bij
    Catamaran: vond men aangenaam‑ vooral het liggen in de zijnetten met een tropisch drankje had zijn charme‑ vooral voor bootliefhebbers‑ het snorkelen was mooi maar er was niet veel meer te zien dan dat men al zwemmend vanaf de kustlijn kan gaan bewonderen –
    Rafting: was goed ‑ tot cat.5‑ zijn prijs waard.
    Rancho montana paardrijden: tocht door de suikerrietvelden was mooi. Dorstig door de hitte en het rijden in de zon werd er een 4tal keren gestopt aan padstalletjes om wat te drinken: ­1 biertje in plastiek beker: 120bf Ze betaalden 45US$ voor de trip + drankjes + fooi voor de gids en vonden het puur geldklopperij.
    Santo Domingo: 55US$. Werden de avond tevoren door de barman verwittigd dat de trip niet doorging wegens te weinig interesse... Wij probeerden onze zaakjes zelf te regelen ... Wisselden een paar dollars in de bank van het shoppingcenter IUS$ = 16 $ (pesos) Koers in het hotel iets lager.Voor bf een heel slechte koers 30% verschil In de bank in Puerto Plata IUS$= 16.20$.

    Lokaal vervoer. Van de uitgang van de luchthaven is het 250 tot 300m naar de baan. Daar passeren voortdurend kleine busjes (guagua-wordt als wawa uitgesproken) zonder vaste halteplaats die als ze plaats hebben spontaan of bij een klein teken stoppen - laden tot 20personen‑‑overvol maar spotgoedkoop vb luchthaven‑Playa Dorado 3$ ‑ Pto Plata 5$‑ Sosua 3$ Playa Dorado‑ Pto Plata 3$ ‑ Sosua 5$ ‑ Cabarete 10$ Grotere lokale bussen rijden minder frekwent ‑ zijn even kramakkel maar bieden meer ruimte voor dezelfde prijs Nooit prijs vragen ‑ gepast geld geven en doen of ge zeker zijt van de prijs‑ is het niet voldoende dan vragen ze het verschil wel ‑ kunnen niet weergeven op grote bedragen.
    Voor langere afstanden: 2 maatschappijen: Metro en Caribe tours. Vertrekken van een vaste standplaats rechtstreeks naar de bestemming‑ niet mogelijk om onderweg op te stappen‑ als ge het lief vraagt laten ze er u wel vroeger uit.
    Voor het Metro busstation kunt ge u laten afzetten door de guagua of bus, die rijden er voorbij of op een tiental meter langs. Caribe is een tiental minuten tevoet vanaf parque central‑juist voorbij de supermarket. Naar Santiago 40$ ongev. 1 1/2u Santa Domingo 85$ ong, 3 1/2 u Samana 80 $ ong. 3 1/2u
    Deze bussen zijn heel comfortabel maar meestal ook heel koud door de airco die continu op volle toeren draait en blijkbaar niet kan afgezet worden!
    In de steden rijden commun taxi's ‑gedeelde taxi's‑ die meestal een bepaalde route hebben van Z naar N of O naar W en terug‑ 3$/pp zolang men dezelfde richting volgt. Men herkent ze aan het bordje taxi en de bestuurder die meestal met zijn hand door het open venster rondjes maakt‑stoppen ook spontaan als ze volk zien staan. Let wel op voor de gewone taxi's (die er doorgaans een tikkeltje beter uitzien) die er u als toerist uithalen (zeker als ge zo'n prachtig bandje rond uw pols hebt) Zeg gewoon derecho‑derecho (rechtdoor) als ze vragen waar ge naartoe wilt dan weten ze dat ge een commun wil. Een goed stadsplannetje is natuurlijk een goede hulp maar spijtig genoeg niet overal te vinden.
    Voor wie het aandurft zijn er ook zowat overal de motoconcho's ‑ lichte moto's die als taxi gebruikt worden en die liefst 2 passagiers meenemen voor ongeveer dezelfde prijs.
    Opgelet: na 19u valt het lokale openbare vervoer stil ‑ motoconcho's en gewone taxi's rijden dag en nacht. In de guagua is er weinig plaats voor bagage‑ een paar $ doen ook hier wonderen.

    Daar wij vastzaten op 1 plaats was het moeilijk om naar kleinere plaatsen in het binnenland te gaan‑ we moesten steeds terug.
    Wie het eiland rond wil door steeds verder te trekken heeft geen vervoersproblemen.
    Auto huren is zeer duur ‑ minimun 5OUS$d voor een kleine wagen indien minimum voor l week gehuurd.
    Auto met chauffeur: gewone taxi's kennen alleen de nabije omgeving van hun standplaats‑ de meeste kunnen geen kaart lezen. Vonden via‑via toch iemand die het zou kunnen maar die ook wist dat er zo goed als niemand anders was. Gevolg: bedragen om van achterover te vallen. Besloten dan maar de bussen te nemen.

    Santo Domingo: busrit door het binnenland: heel mooi ‑ bergachtig‑ rijstvelden - ­suikerrietvelden‑vele kleine en kleurrijke dorpjes. Metrobusstation # kin van het koloniale centrum‑ commun taxi op av.Winston Churchil tot kruispunt av. independentia ‑ 3$‑ vandaar commun taxi via Independentia tot centrum. Vonden het heel aangenaam en mooi –prachtige gebouwen en een paar leuke musea Houtsnijwerk enz. veel goedkoper dan in Puerto Plata. Samana: uitgestapt in Sanchez. Met guagua naar Las Terrenas. Kinderen nemen u voor een paar $ mee naar uitzichtpunten vanwaar u de walvissen kunt zien. Sanchez zelf heeft wel wat sfeer en is niet toeristisch. Met bus naar Samana. Samana zelf niet veel bijzonders -wel mogelijk om met lokale vissers in het bootje te stappen om de walvissen te gaan zien. Vroegen 15 US$ -­kan allicht voor minder maar we hebben er niet op geboden omdat we niets zinnens waren hier nog eens naar walvissen te gaan zien .
    Sosua‑ heel toeristisch‑ wel veel aanbod om te gaan duiken en veel goedkoper dan het aanbod in het hotel. Accommodatie aan zee vanaf 20 US$. Veel restaurantjes en reisbureautjes.
    Cabarete‑ heel toeristisch ‑ strand kleiner maar toch gezellig. Minder duikaanbod. Slapen‑ eten en drinken‑ toeraanbod: idem als Sosua In Puerto Plata lopen ook heel veel toeristen rond‑ niet zo speciaal‑ wel veel couleur locale als men een beetje van de toeristische straatjes wegtrekt.
    Wij hadden er heel wat gezellige kontakten . In 't centrum een paar eenvoudige maar nette hostels ‑goedkoop met fan ‑ veel te duur met airco (kamer had speciaal geurtje van de koeling)
    Bevolking: van licht getint tot pik zwart Gewone bevolking meestal vriendelijk ‑ goedlachs ‑ behulpzaam – discreet - ­houden van keiharde merengue muziek
    Huizen: buiten rommelig en vervallen. Binnen meestal heel netjes en gezellig. Kleurrijk geverfd.
    Schoolgaande jeugd droomt van een toekomst en werkt er ook voor‑ zelden jongeren zo ijverig zien studeren. Personeel in de toeristische sector: gaf me een heel ongemakkelijk gevoel. Waren enorm vriendelijk en behulpzaam (te…) Maar ik had de indruk dat al die toeristen ferm hun strot uitkwamen en dat ze bang waren eens vergeten te lachen als de baas het zag. Probeerden ook op een verdoken manier wat te schooien. Het moet wel moeilijk zijn voor een hongerloon mensen te bedienen die hopen eten versmossen en zich dagelijks lazarus drinken omdat het inbegrepen is en u dan met een knipvinger roepen om hun rommel op te ruimen.

    Gezondheid: kraantjeswater is niet veilig‑ malaria alleen in het westen nabij de grens met Haiti‑ bij vochtig weer wel veel muggen en andere stekende insekten‑ problemen door hitte en blootstelling aan de zon.
    Over maag‑ en darmproblemen hoorden we niet veel wel over een houten kop.
    Volgens de gids in het hotel was het momenteel niet mogelijk naar Haiti te reizen daar er discussies waren over de visumprijzen ‑ waren ineens verdrievoudigd volgens hen ‑ hebben dit zelf niet kunnen checken‑ niemand kon er ons over inlichten.
    Onafhankelijke toeristische info is zo goed als niet te krijgen ter plaatse ‑ zelf in Santa Domingo was het kantoor voor onbepaalde tijd (altijd?) gesloten ‑ best dus hier opvragen en meenemen.

    Terug naar huis. Op de luchthaven zelf in de bus moeten kruipen om er onze bagage uit te halen. Niettegenstaande de gids verwittigde voor de chaos met de dragers waren zij het die de bagage uit de bus haalden en stond het sunair personeel een paar meter verder met de rug er naartoe. Vlogen terug met Airtours (werkt samen met Air Belgium) Service: men bekomt een zakje met vliegtuigsokken en tandenborstel enz.. Maar dat is het dan.
    Voor elk drankje moet men betalen vb 40bf voor een kleine cola. Gewoon water wordt met duidelijke tegenzin gegeven.
    Bergruimte OK ‑ zitcomfort beneden alles‑ eten: gewoon goed.
    Oorsetje voor muziek moet betaald worden: 200bf
    Bij vertrek onverklaarde vertraging van bijna 3u Enorme chaos bij boarding.

    Besluit: Was voor ons een anders dan anders verlof wegens omstandigheden.
    Geen verlof om over te jubelen‑ geen andere wereld ontdekt‑ gewoon voor één keer een rustige en toch betaalbare vakantie.
    De formule perfect voor wie van zon en zeevakantie houdt‑ te duur voor wie in groep iets van het eiland wil zien. Voor trotters: last minute vluchten aan 12500vbf zijn regelmatig te bekomen. Op eigen houtje rondreizen: geen probleem.
    Prijzen voor overnachten en eten‑ volgens ons iets te duur voor wat men krijgt.
    Snorkelen goed ‑ duiken duur.
    Mooi en aangenaam eiland met een goede temperatuur in februari ‑ overdag van 25 tot 30oC ‑'s nacht koel 's avonds en 's nachts serieuze buien .
    Postkaarten naar Belgie: 10P in de post (correos) van Puerto Plata Tussen parque Central en strandboulevard Gidsen vragen 25P/kaart (42.5 bf) om er zogezegd voor te zorgen dat uw post tijdig aankomt – op de Plaza vragen ze 15P/kaart Wij gaven onze kaarten gewoon af in de post- betaalden 10 p/stuk en ze waren na 1 week thuis
    Opgelet bij de aankoop van CD’s en casettes: gewoon slechte copy’s ook in zogezegd erkende winkels. Telefoonkaarten met inbelnr: 25P voor 1 min naar Belgie 45P 2min15sec 90P 5min

    Het kopje onder gaan van Sunair en 11 sept. joegen de prijzen wel de lucht in.

    28-02-2000 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    31-12-1999
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.1 CHILI tot Vuurland

    Gelukkig dat ik Greetje nog gebeld had voor een vroegere vlucht want Lufthansa had bijna 2 uur vertraging.
    In Frankfurt hebben we ons nog serieus mogen haasten.
     Hadden plaatsen re vooraan in het kompartiment en dat viel wat tegen met de beenruimte. Bom vol, dus ook geen mogelijkheid om te wisselen. Het is al bij al nog meegevallen.
    In Buenos Aires een tussenstop van l u. Juist tijd genoeg om te gaan informeren  naar de tel. tarieven en een voorafbetaalde kaart te kopen via een gratis inbelnummer. De prijzen van de kaarten zijn dezelfde als die van de Argentijnse Telecom maar het aantal minuten dat men naar Europa kan bellen verschilt enorm ( telefoneren in Argentina is zeer duur   goedkoopste met munten of telecom card: 3.15$ tot 4.29$ per minuut  een fax naar Chile: 5$) Met de andere kaart: 1,5$ per minuut.
    De vlucht boven de Andes was spectaculair. Zou dat zwarte lintje daar onder ons de verbindingsweg zijn van Los Andes naar Mendoza?

    Chili

    Santiago de Chilé
     In het luchthavengebouw, nabij de bagageband, is een info stand. Veel hebben ze er niet zeker geen info over huur van campers  wel een brochure van Santiago en info over ander vervoer en overnachtingen in de stad.
     We wisselen: 1 U$ = 525pesos (in de stad 539)
    Busticket TUR Express 1OOOP/pp tot Alameda busterminal (1 1/2u) waar we onze aansluiting moeten nemen naar Villaricca.
    Vanop de luchthaven vertrekken verschillende bussen naar de verschillende busterminals (ze rijden niet van de ene naar de andere terminal) elke maatschappij heeft haar eigen terminal.
    200m links buiten het luchthavengebouw vertrekken ook goedkopere lokale bussen goed als men  spaans spreekt en een duidelijk stadsplan heeft.
    Alameda terminal (blijkbaar de andere ook) is zeer goed uitgerust: info balies  loketten voor tickets (credit card mogelijk) bagage depot (nogal prijzig berekend per stuk en  grootte)- metro halte toiletten/douches afdeling telecom met telefoonboxen en verkoop voorafbetaalde kaarten  diverse shops en snackbars.
    Metro ticket naar centrum: 200p.
    Er zijn verschillende soorten lange afstandsbussen: commun, ejecutivo en salon cama.
    Commun: is een gewone bus
    Ejecutivo: heeft meer beenruimte en zetels die in ligstand kunnen. Aan beide kanten van de gang 2 zetels
    Salon Cama: nog iets comfortabeler met aan I kant 2 zetels en de andere kant slechts 1, zodat er tussen de zitten zelf meer plaats is.
    De prijzen zijn afhankelijk van het geboden comfort (meestal ook eten voorzien), van de periode en vraag en aanbod. Steeds vragen of er geen reduktie tarief is. Wij betaalden voor ejecutivo ongeveer 0,90bf per km. in november en iets minder dan l bf/km eind december (Kerstverlof).
    In Chile rijden enorm veel bussen   Turbus en nog een paar andere maatschappijen bestrijken het hele land.
    Tussen kleine steden en dorpen rijden lokale bussen of gedeelde taxi's.
    In de steden lijnbussen en in de kleinere steden en dorpen gedeelde taxi's die meestal een bepaald traject afleggen. Als lange afstandsbussen binnen komen zijn er steeds lokale gedeelde taxi's aanwezig.
     We kennen geen enkel ander land waar het openbaar vervoer zo goed geregeld is. Alleen een paar verlaten stranden en enkele afgelegen nationale parken zijn niet met openbaar vervoer te bereiken.
    De meeste lange afstandsbussen vertrekken 's avonds tussen 21 en 23u. De ene na de andere bijna op de minuut op 10min. zijn de bagage en reizigers  ingeladen op laatkomers wordt niet gewacht.


    Wij spendeerden onze namiddag met een bezoekje aan het centrum van Santiago en vonden het een aangename en levendige stad. (behalve de grote blvd waar bussen in ononderbroken stromen de lucht verpesten)
     Het was mooi weer   wandelstraten met rustbanken   het stadstheater gaf straatvoorstellingen  orkestjes en dans in de straten  mooie gebouwen  auto's die met plakband aaneenhangen  geldtransporten rijden met open zijdeuren  politie met 2 op 1 brommer  aardbeien in novernber  opvallend veel loslopende verwilderde honden.
    Onze eerste indrukken van Chile: zuid europees sfeertje maar toch heel anders in de details  veel bruisender. We voelden ons prima.
    Als om 2 l u de zon verdwenen is koelt het vlug af en is het hoog tijd om terug te keren naar het busstation.

    Tien minuten voor vertrek is de bus daar, en samen met onze bus een 20tal andere.
    Geen paniek; alles is heel goed aangegeven   bagage wordt gelabeld en met heel veel zorg ingeladen.
     Wij reden middenklasse en hadden heel goede zitplaatsen met heel veel beenruimte en zetels die ver achterover kunnen.
     Als de bus vertrekt krijgen we bingokaarten toegestopt. We moeten nogal onnozel gekeken hebben. Prompt kregen we een uitleg van hier tot ginder in het Spaans waarvan we met moeite enkele woorden verstonden. We knikten heel overtuigend dat we het begrepen..bingo speelden we met de kinderen ... en Spaans ... wie verstaat dat nu niet???wij  dus! Als troost omdat we geen petje wonnen van Turbus kregen we een lunchpakket.
     Uiteindelijk vrij goed geslapen op de bus.
    ‘s Morgens is de eerste halte Temuco. Het is er vreselijk druk (spitsuur)   de buurt is grauw en het weer nog grauwer.
     We rijden door een mooi groen landschap naar Villarrica.

    Villarica: Herr Bernard, de verhuurder van de camper, stond ons aan de bushalte op te wachten. Onze vreugde bij het ontmoeten duurde niet lang. Hij deelde ons met een smoesje mee dat de wagen nog niet klaar was. Hij zou ons op zijn kosten naar een hotelletje bregen waar we op zijn kosten konden ontbijten en wat rusten. In de namiddag zou de wagen klaar zijn. Wij zijn echter niet zinnens voor een paar uur een ganse dag te betalen. Na wat onderhandelen zouden we de wagen de volgende dag ophalen en een dag langer mogen gebruiken  de kosten van overnachting enz. voor hem.
    We maken er een rustige dag van. We verkennen de stad. De vulkaan en een groot deel van het meer zitten onder de wolken. Nemen een uitgebreide middagpauze en worden wakker van de plensende regen. Onze papa voelde er zich niet zo best bij.
    Ons eerste bezoek aan een warenhuis leert ons dat we zeker geen honger  moeten lijden maar dat de prijzen heel Europees zijn.
    Betalen met crediteard mogelijk.
    Frisdranken, melk, conserven: duurder
    Groenten en fruit: even duur
    Vlees en vis: goedkoper
    's Avonds doen we de verwarming aan op de kamer  waar zijn we aan begonnen?

    5 November
    Echt herfstweer. Het is hier nochtans lente.
     Bernard komt ons ophalen met de camper. We regelen de paperassen en krijgen een notariele akte met een deel copies waarvan we er, telkens we Chile verlaten, er eentje zullen moeten inleveren.
    Vanbuitenuit ziet het er prima uit maar we verschieten wel een beetje (veel) als we de camper vanbinnen zien.
    De inrichting is OK maar heel oud... We voelen ons een beetje bekocht.
    De auto zelf was perfect in orde en de opbouw leek onderweg ook mee te vallen  er was veel bergruimte   het bed is goed en met het keukentje kunnen we ons redden.
    Alleen, zoals in Australie en Nieuw Zeeland, kent men hier ook geen verwarming op gas. Daar we zinnens zijn vrij te overnachten kan een elektrisch blazertje ons niet helpen. Er zijn echter voldoende slaapzakken en reserve dekens voorzien.
    De achterdeur sluit niet zo goed en we kregen op de vele ripio's nogal wat stof binnen.
     De wagen zelf, een Ranger pic up was heel goed in orde met nieuwe banden  schokdempers  lucht  en oliefilter.Achterop 4 jerrycans wat ons eerst wat overdreven leek maar waar we later heel blij mee waren.
     Het duurde niet lang voor we ons in ons bakske thuis voelden.

    Ontmoetten later Duitsers en Zwitsers die bij een andere maatschappij gehuurd hadden. Hun opbouw zag er op het eerste zicht nieuwer uit en was ruimer. Hadden echter met dezelfde problemen af te rekenen. Wat erger was: de auto zelf leek bij allen nogal wat mankementen te vertonen  allen waren al bij een garage langsgeweest en een paar hadden zelfs heel wat dagen stilgestaan. Ook de prijs lag heel wat hoger van ongeveer 3400bf/dag tot 4000bf/dag 
      
    Besluit: een auto of camper huren in Chile of Argentina is en blijft voorlopig een avontuur. De prijs tussen beide ligt niet ver uiteen Camper komt voordeliger als men vrij overnacht.
    Maken nog een paar afspraken met Bernard en vertrekken met een wat raar gevoel.

    Eindelijk de baan op.
    Het is ondertussen serieus beginnen regenen.
    Na onze aankopen wagen we ons in het verkeer.
    Het is wel uitkijken met de éénrichtingsstraten. Er staan geen verbodsplaten wel pijltjes op de straatnaamborden/op de muur of op de stoep.
    Door de regen beslissen we niet onmiddellijk de Andes over te rijden via de Tromenpas maar rond te rijden langs Osorno.
    's Middags stoppen we op de parking van een benzinestation. Die zijn er zo te zien voldoende. De meeste hebben  een shop/snackbar/toiletten/telefoons; de Copec stations hebben aparte sanitaire blokken met toiletten/douches en een ATM om geld op te vragen met creditcard.
    Als we willen vertrekken krijgt papa de wagen niet aan de praat. We vragen hulp aan één van de pompbedienden, die zonder problemen start en ons het truukje toont.
    De routa 5 is een heel drukke baan  veel trucks en bussen en heel veel wegenwerken. Het landschap is ook niet het van het.
    Als we van Osorno richting Tres Lagos rijden verandert het plots. Een heel rustige baan en heel veel groen.
    Met af en toe een klein dorpje en heel veel verkiezingspropaganda: Viva Lagos   El cambio con
    Lavin
    .... Het is de aanloop naar de verkiezingen op 12 december
    In Tres Lagos wil ik de kinderen bellen. Na enig zoeken een telefoonkot met kaartlezer: kapot... De volgende: kapot...
    Even verpozen aan het meer. Nog wat onwennig proberen we een paar woorden te wisselen met een visser. Hij toont ons zijn vangst en we zijn verwonderd over de vele vissen. We leren dat de vis goed bijt als het regent; ttz.we vermoeden dat dat zo ongeveer is wat hij ons wil vertellen ... onze Spaanse woordenschat behelst geen visserslatijn.
    Aan een klein benzinestation vullen we onze tank: 275p/1  ik bel met munten: 500p/min.=hetzelfde als met de telefoonkaart. Ik geniet van het wonder der telecommunicatie en hoor mijn zoon vertellen dat thuis de zon schijnt. Ik verzwijg maar dat hier de wolken in de toppen van de bomen hangen.
    We rijden verder door het Puychue nat.park. Mooi en rustig rijden, een stroomversnelling, een rustig picnic plaatsje, een mooi uitzichtpunt. Een mooi wandelgebied met korte en meerdaagse wandelingen.
    Zijn benieuwd hoe het gaat verlopen aan de grensovergang.
    Voor een bareel stoppen we, dos??si!! en krijgen een papiertje met een paar krabbels op.
    De bareel gaat open. Rijden maar. Een paar honderd meter verder staat het douanegebouw van Chile.
    We volgen de anderen naar binnen. We wenden ons tot een loket   grote heibel – we moeten eerst een andere stempel hebben  en een papier invullen – maar we hebben geen papier  weer terug.
    Aan de slagboom richting Argentina: weer terug  er ontbreekt nog een stempel op het kleine papiertje.
    We zweten. Als dat aan elke grensovergang zo'n gepalaver wordt...
     Blijkbaar hadden ze hier wat last van het slechte weer want aan alle andere grensovergangen, en we deden er heel wat, verliep alles zonder problemen.
    We weten het nu wel. Eerst stoppen bij de lokale politie aan bareel of binnen in douanegebouw  niet doorrijden voor ge van hen een papiertje krijgt waar soms alleen een cijfer voor het aantal personen in de wagen op staat maar soms ook een volledig afschrift van pas en autopapieren.
    Dan met dat briefje naar de internationale politie die het afstempeld en passen en autopapieren kontroleert.
    Dan naar de douane waar men een notariele akte moet afgeven en een papier moet invullen om de wagen uit te voeren (er zijn vier vakken: uitvoer land origine invoer ander land  uitvoer ander land  invoer land van orrigine)
    en dat men bij terugkomst moet inleveren .
    Bij ‘t verlaten van het land informeert men u dat het niet mogelijk is verswaren mee de grens over te nemen  bij betreden van een land moet men papier tekenen dat men niets invoert  op sommige plaatsen is daarop geen kontrole maar aan andere grensovergangen wordt alles afgezocht.
    Uiteindelijk moet men aan de lokale politie (binnen of aan de bareel ) het papierije inleveren dat men eerst kreeg. Het is aan elke grenspost hetzelfde: lokale politie   internat. politie   douane  lokale politie.
    We rijden nu door niemandsland over de pashoogte. Verder over een gravelroad, hier en daar wel erg smal/steil en fel uitgespoeld. Amaai de camions die hier over moeten. (veel vrachtvervoer, zelfs met aanhangers het is één van de twee grote verbindingswegen tussen Chile en Argentina) Niettegenstaande we af en toe de wagen voelen schuiven raken we toch zonder problemen aan de Argentijnse grenspost.
    Hier dezelfde formaliteiten . Oppervlakkige controle of we geen verswaren vervoeren. Alles verloopt heel vlot.
     
    Argentina here we are

    Het begint te schemeren. De baan is terug geasfalteerd en loopt heel mooi langs het meer.
    We vinden een overnachtingsplaatsje met een 5* uitzicht. De wind is opgestoken en we parkeren de wagen achter de bomen.

    6 november
    Niettegenstaande de wind, die op de zijkant van de wagen stond en ons af en toe het gevoel gaf dat we te diep in het glas hadden gekeken, en de zeer lage temperaturen (blijkbaar goede slaapzakken) toch goed geslapen.
    Het ziet er buiten stralend uit. De zon op de pas besneeuwde bergen! Het meer met de vele kleine eilandjes!
    De broodjes smaken.
    Om 8u Zijn we al startensklaar. We volgen verder het meer.
    Villa La Angostura is het eerste Argentijnse dorpje dat we tegenkomen. Het lijkt ons heel toeristisch maar zowel de toeristische dienst als het kantoor van het Nat.Park Nahuel Huapi zijn nog gesloten.
    Het zonnetje schijnt maar het blijft fris. We rijden verder langs het immense meer richting Bariloche. (De afslag naar St.Martin de los Andes via de zeven meren route laten we links liggen en hopen die op de terugweg te doen - het ziet er een vrij fatsoenlijke ripio uit)
    De routa 40 is vrij druk   het is zaterdag. Bij het binnen rijden van Bariloche moeten we stoppen aan de politiepost. Dondé va? Licencia ? Buen viaje! Zolang het bij losse woorden blijft verstaan we ze wel.
    In Bariloche vinden we een parkeerplaats aan de oever van het meer nabij de toeristiche dienst. Brrr.. Die wind.
    Veel documentatie valt er niet te rapen. Dom genoeg vragen we waar we een superemercado kunnen vinden. En daar staan we weer met onze mond vol tanden .... een niet te stuiten woordenstroom: tres quartos ... un quarto ... derecha ... izquierdo ... we knikken maar. We vragen toch maar om ons op een stadsplannetje de beste route aan te duiden. De stad ligt op een helling met vele smalle straatjes en het warenhuis midden in het centrum.
    We stoppen voor het warenhuis op de rijbaan. Zien nergens verkeerstekens dat we er al of niet mogen staan.
     Het warenhuis is stampvol. Op een zaterdag winkelen in Argentinie is zoiets als bij ons tijdens de solden.
    We kopen het hoogst noodzakelijke. Zoals in Villarrica Chile kunnen we ook hier met Visa betalen (alleen nummer van paspoort noteren,  de pas zelf echter bekijken ze niet eens)
    Blij dat we geen bekeuring hebben (zien toch geen briefje onder de ruitenwisser en de politieman op 't hoekje steekt vriendelijk zijn hand op) proberen we uit deze wirwar van smalle eenrichtingsstraten te komen, richting El Bolson.
    De voorstad waar we doorrijden ziet er zeer arm uit met veel zwerfvuil. (lijkt op een townships in Zuid Afrika) De streek noemt niet voor niets het merendistrict. We rijden langs lago Gutierrez, Lago Mascardi, Lago Guillelmo, één groot recreatie gebied met vakantiechalets en campings. Op de achtergrond de besneeuwde toppen van de Andes.   El Bolson: een aardig en gezellig stadje met een artisanale markt. We hebben geen Argentijnse Pesos en de banken zijn gesloten. Op het infokantoortje geeft men ons de raad te proberen US$ te wisselen in El Anoninia  (een warenhuisketen) We kopen een lekkere kaastaart en betalen zonder problemen met een US$ biljet en krijgen A$ terug.( de wisselkoers van de argentijnse peso is gelijk aan de U$ en U$ worden zonder problemen in de meeste winkels, warenhuizen en benzinestations aangenomen) Op het marktje laten we ons verleiden door artisanale marmelade. We zitten hier midden de fruitstreek van Argentinie maar zien er weinig van.
    In de warenhuizen is het fruit naar onze normen zelfs redelijk duur  appelsienen, mandarijntjes en de kleine rode appeltjes gaan nog- de rest peperduur. We tanken aan 0,7$/1 bij een ACA benzinepomp (automobiel club van Arg.) en vragen een lijst met telefoons in geval van pech ( we hebben hier nog geen echt idee van de desolate gebieden) We nemen de afslag naar Nationaal Park Los Alerces. Onze eerste serieuse gravelroad. Het lijkt wel mee te vallen. We laten wel een serieuse stofwolk achter. De tegenliggers knipperen en iedereen mindert vaart. Het eerste stuk is er weinig te zien; vrij dor en verlaten. Nemen de afslag naar Cholila waar Butch Cassidy, de Sundance Kid en Etta Place ooit verbleven tussen 1901 en 1905.
    Na nog een heel deel km verandert het landschap. Immense bossen (met aleces Fitzroya Cupressoides een beschermde boomsoort  nergens een vertaling van gevonden  het lijken ons een soort cypressen)
    De hut aan de ingang van het park is verlaten. Vermoedelijk vragen ze in het seizoen toegangsgeld.
    Er zijn verschillende meren. We rijden lang langs Lago Rivadavia, daarna Lago Verde en lago Futalaufquen.
    Er zijn een paar hostels, ingerichte campings en vrije campings.
    Wij zetten ons bakske neer op een vrije camping aan de meeroever. Er staan reeds verschillende families met tentjes diep verscholen onder de struiken. Wij zoeken ook een plaatsje een beetje beschut voor de wind.
    Een paar jongeren komen ons een fles drinkwater vragen. Uiteindelijk komt het er op neer dat ze ook honger hebben. Ze zijn op een achtdaagse trektocht en hebben alleen nog poedermelk, zakjes soep en een restje aardappelvlokken. De Argentijnse jeugd gaat graag op trekking maar alle geconserveerde voeding ligt ver boven hun budget. Het kortsbije bevoorradingspunt ligt op ongeveer 60km.
    Na een eenvoudig maar lekker avondetentje spelen we nog een partijtje yatse.

    7 november
    Het weer ziet er wat somber uit. Papa heeft nog steeds problemen met het starten, dus doe ik dat maar. Men moet nogal precies tegelijkertijd de sleutel en de onderliggende schijf draaien.
    We rijden verder langs het meer. Hier en daar zien we nog tentjes en vissers. Er zijn verschillende wandelpaden uitgezet voor wie goed te been is.
    We willen richting Esquel. Onderweg zien we alleen schapen en paarden en welgeteld 1 tegenligger. Problemen dus aan een kruising waar ooit wegwijzers gestaan hebben maar die nu tegen de vlakte liggen. We puzzelen en hopen dat we in de goede richting zitten. De weg wordt smal, bochtig en heel steil, mooi ook. We hopen echter dat het de goede richting is want de baan zelf heeft veel weg van een omgeploegd patattenveld.
    Na een uurtje komen we aan een splitsing, de asfaltbaan Trevelin Esquel. We hebben genoeg gehobbeld en kiezen de omweg via Esquel. (Trevelin  Tecka: kleine ripio)
    Esquel: modern town in a fertile valley. Geen wegwijzers bij het binnenrijden van de stad. We volgen de asfalt die na een tiental meter eindigt   zoeken en vinden het centrum  moeten ons herhaaldelijk bevragen om het enige benzinestation van de stad te vinden (0,55$/1) dat op de baan richting Bariloche/Tecka ligt. De besneeuwde bergtoppen van de Andes liggen achter ons (we zouden achteruit moeten rijden voor het zicht) de pampa ligt voor ons.
    Gelukkig hebben we in Esquel getankt want Tecka zijn we door zonder dat we het goed beseft hebben. Uitkijken als we volgende keer doorkomen. We nemen de afslag naar Trelew (routa 25) Rechts en links pampa; af en toe een benzinestation aan een kruising van wegen. Hoe meer naar het zuiden hoe goedkoper de benzine. Ook hier in de afgelegen streken betaald men rond de halve$/l. Tot nu toe betaalden we steeds met ereditcard. Hier aanvaarden ze wel US$ cash maar geen dreditcard. Er is ook steeds een ACA dienst, een klein restaurant en een openbare telefoon die meestal met cash werkt en niet met een kaart tenzij men natuurlijk een voorafbetaalde telefoonkaart heeft met gratis inbelnummer).
    Tussen Los Altares en Dolovan is de natuur prachtig met de Chubut rivier en felgekleurde en geerodeerde rotsen. In Gaiman gaan we op zoek naar de oude Capilla's. Het is een heel ander sfeertje dan de vorige dagen  ge voelt dat ge in een mijnstreek zit.
    Trelew lijkt ons bijzonder druk en nodigt ons niet uit tot een uitgebreide verkenning.
    We rijden door via Puerto Madryn naar het Peninsula Valdes.
    Dit schiereiland is door een smalle landengte met het vasteland verbonden.
    Bij het binnenrijden van het park heeft men een Visitor Centre waar men ook inkomgeld betaalt  (5$/auto)  maar het is gesloten wegens werken. De uitkijktoren is wel toegankelijk en de moeite waard om naar boven te klauteren (vergeet je verrekijker niet)
    Het is al duister als we in Puerto Piramides aankomen. We vinden een overnachtingsplaatsje achter de camping.
    Er zijn veel kantoortjes waar men trips over het schiereiland en whalewatching tours kan boeken.
    Door de felle wind zijn alle walvistochten voor morgenvoormiddag geannuleerd   met een beetje geluk kan er ‘s namiddags misschien wel uitgevaren worden.

    9 november
    7u30  We worden wakker van de tourbussen die aan en afrijden. (tours vanuit Trelew en Puerto Madryn  opletten bij reservatie; sommigen met all inn prijzen garanderen geen terugbetaling als de boottocht wegens weersomstandigheden niet kan doorgaan  wat blijkbaar nogal regelmatig gebeurd)
    Heel de rit over vrij goede gravel. In het midden van het schiereiland een groot zoutmeer. Vanop afstand lijkt het wel roze. Er zitten heel veel vogelsoorten waaronder de roze flamingo. Er grazen heel veel schapen en Guanaco's. Schrale plantengroei.
    Op Punta Delgade in het zuiden zagen we heel veel zeeolifanten en werden we gezandstraald door de wind. Onze wandeling over de rotsen duurde dus niet zo lang. (er is een hotellrestaurant op 1 1/2km)
    Ter hoogte van Caleta Valdes vinden we de kuststrook heel mooi. Er is ook wat infrastructuur: info  snack/restaurant enz zodat hier wel wat volk rondloopt.
    De paar Magelhaan pinguins die hier nesten trekken zich daar weinig van aan. Hier zijn ook zeeolifanten van zeer kortbij te zien; de mannetjes zijn kolossale beesten; de vrouwtjes iets eleganter.
    Punta Norte was een belevenis door de geboorte van een zeeleeuwtje binnen ons gezichtsveld. Hier zijn naast de grote kolonie zeeolifanten ook zeeleeuwen en zeehonden te zien.
    In de golf van San José ligt een eilandje waar heel veel vogelsoorten hun thuishaven hebben. Men mag er niet naartoe maar er staan goede vaste telescopen opgesteld om ze te bewonderen.
    In de late namiddag zijn we terug in Puerto Piramides en worden overspoeld met foldertjes voor de boottocht.
    Er is toelating gegeven om uit te varen en daar de meeste bussen al vertrokken zijn worden loslopende toeristen een begeerde prooi. We betalen 20U$/pp  krijgen een grote plastieken cape en lifejackets omgegord. Door de dikke jas die we er onder dragen zien we er uit als Michelinmannetjes. Het is een belevenis. We bleven ongeveer 1 1/2u op 't water en waren meer dan een uur in de onmiddellijke omgeving van de walvissen. "Amazing"
    Een cape is geen overbodige luxe. We kregen heel wat water over onze kop. mouwen en broekspijpen waren doordrenkt met zeewater....
    Voor wie niet op de boot wil: er is een heel mooi uitzichtpunt ongeveer 1 a 2 km rechtsaf voor men in Puerto Piramides dorp is ( zicht op dorp en baai  vanop het hoogste punt zicht op de spelende walvissen).
    Zetten ons voor de nacht met de kop in de wind en zicht op zee...

    10 november
    De zon schijnt , een helblauwe lucht. We rijden nog eens naar het uitzichtpunt en genieten van de staartvinnenshow. Op naar Puerto Madryn. Het stadje bevalt ons.
    Met het Spaans gaat het ook al wat beter. Op de toeristische dienst demonstreren we weer eens wat een voordeel het is Vlaming te zijn in de europese lappendeken en spelen tolk tussen Fransen, Nieuw Zeelanders en de bediende. Hier maakt men ook lekkere snoepjes: marsepein; chocola; nougat....
    In de vissershaven zien we de allergekste weekdieren en rare vissen. In ons Spaans Prisma woordenboek vinden we de meeste namen niet terug .... volgende keer een woordenboek kopen van een Zuid Amerikaanse uitgever! In de haven zwemmen zeeleeuwen tussen de vissersboten en de duikende kinderen.
    De gravelroad van Puerto Madryn naar Rawson is in erbarmelijke staat en totaal verlaten.
    Rawson is de hoofdstad van de provincie Chubut. Op ons maakt ze weinig indruk.
    Het enige dat we er beleefden: we geraakten de stad niet uit in de richting die we wilden nl. Punta Lomo. Na wat rondrijden zien we het politiekantoor en gaan daar ons licht opsteken. Met de kaart in de hand en het nummer van de baan die we willen volgen blijft het moeilijk, het groepje politiemannen groeit aan, ze trakteren op een tas maté en discutieren geanimeerd - ik kan niet meer volgen ... staan ze ons hier voor de gek te houden??? Nee hoor, na een telefoontje komt de oplossing. De baan die op de kaart staat is jaren geleden gepland maar men is nog niet met de aanleg begonnen ze vermoeden zelfs dat ze er nooit zal komen. (nieuwe wegenkaart  gedrukt 5/98) Ontdekken later dat er in Argentina nog zo'n paar wegen bestaan/niet bestaan. Na wat schouderklopjes en handenschudden en een getekend plannetje zitten we vlug in de goede richting. Alleen op de wereld. (tourbussen volgen eerst een stuk de grote baan)
    Aan de ingang van het natuurpark treffen we vriendelijke natuurwetenschappers met veel tijd die ons heel wat vertellen over Patagonie  de mensen nu en vroeger  planten en dieren en over hun project: de pinguins (Magelhaanse en andere) Hier in het park zitten er meer dan 200 000. In deze periode zijn de meeste mannetjes nog bezig hun nest mooi te maken. Sommige vrouwtjes zijn al aangekomen. Het is een spektakel.
    Wat zuidelijker nabij Cabo San Jorge is er nog een reservaat waar veel pinguins zitten en ook zeeleeuwen en zeeolifanten  waar weinig toeristen komen en de parkwachters u op hun terrein een tentje laten opslaan of overnachten in de camper. De baan er naartoe zou echter heel verlaten zijn en in zeer slechte staat wegens werken. Voor ons van het goede teveel.
    Nog eens nagevraagd hoe we het best terug op routa 3 geraakten en weg waren we richting Comodoro Rivadavia. Nabij het eerste benzinestation dat we tegenkomen zoeken we een rustig plaatsje voor de nacht.

    11 november
    Het slaapplaatsje was heel rustig maar rond 5u stak de wind weer op   zijwind  We waren dus vroeg uit de veren. Maar de zon schijnt en het is redelijk warm. We tanken en vullen ook onze reserve jerrycans. Verder door de pampa. We hebben de wind schuin op kop en de wagen zuipt benzine. Halen soms max. 40km/u. Hebben één benzinestation overgeslagen omdat ze alleen super hadden en moeten nu uit onze bussen bijvullen.
    Onderweg valt er niet veel te beleven en we hebben nog niet de echte rust te pakken. Links en rechts: pampa met hier en daar schapen. De baan zelf is een goede tweevaks en matig druk  grotendeels vrachtvervoer met zeer attente chauffeurs (kunnen onze agressievelingen een lesje leren)
    Comodoro Rivadavia is een grote stad. In de omgeving was vroeger veel mijnbouw en oliewinning nu hier en daar nog  sommige mijnen kan men bezoeken. Iets noordwaarts is ook een museum van de Oliewinningen. De toeristische dienst heeft kaartjes en routebeschrijvingen.
    We touren wat door de stad   laten ons uitwaaien op de strandboulevard (stel er u niet teveel van voor) en sukkelen de stad uit (wegwijzers ??)
    Puerto Deseado laten we links liggen ( magelhaan pinguins, aalscholvers, Commerson dolfijnen komen hier broeden maar het is nu niet het goede seizoen) Ook het nationaal park van de bosques petrificados (versteend bos) 15 km re van routa 3 via gravelroad kan ons niet bekoren (misschien wel de moeite als men het fenomeen nooit eerder zag of fel geinteresseerd is in fossielen enz..)
    Puerto San Julian is heel rustig en we treuzelen niet om ons hier te installeren. Hier werd de eerste Eucharistieviering in Argentinie gehouden nadat Magelhaan een van zijn scheepsjongens had gedood vertelde ons de priester in de kleine maar mooie parochiekerk.
    Het is te winderig om te gaan genieten van de mooie stranden van Cabo Curiosa en de ruines van Florida Blanca een nederzetting uit 1870 (blijkbaar niet de moeite waard).
    Voor Estancia La Maria moeten we 300km om rijden. Er is een zeer grote archeologische site in een canyon met 25 grotten met muurschilderingen van guanacos die tussen de 4000 en 12000 jaar oud zijn: voor wie goed te been is.

    Beseffen nu al dat we veel tijd gaan tekort komen.

    12 november
    Wij vervolgen onze route zuidwaarts. Routa 3 biedt ons hetzelfde als gisteren met nu af en toe wat zicht op zee en wegwijzers naar Estancia's.
    Rio Gallegos is een grote stad  we rijden er kriskras door. Ze kan ons niet inspireren en we zitten vlug weer op ... routa 3.
    Verder zuid richting Punta Delgada in Chili aan de straat van Magelhaan.

    Weer in Chili

    De grensovergang gaat vlot. De baan tot de ferry is onlangs geasfalteerd (soms 1 rijvak)
    We moeten ongeveer een uurtje aanschuiven voor de boot en betalen I5 U$. Cash te betalen op de boot met U$ of A$
    De overtocht duurt ongeveer 3/4u  vrij woelig.
    We overnachten aan het zeer primitieve benzinnestation/restaurant van Cerro Sorubreno

    31-12-1999 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (3 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    30-12-1999
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.2 Vuurland en noord tot Villarica
    13 november
    Zon, warm weer, weinig wind; meer moet dat niet zijn. We rijden weer op
    gravelroads en slikken veel stof.
    De natuur op Vuurland is toch anders dan Patagonie  meer gras  mooie estancia's, veel schapen en loslopende kudden paarden. Guanaco's  gordeldieren  mara's ( ziet er uit als een uit de kluiten gewassen konijn op hoge poten met hondenoren ... ) en heel veel soorten
    eenden en ganzen.
    Ook veel oliewinningen die het uitzicht wat ontsieren.
    Ook de grensformaliteiten in San Sebastian verlopen vlot.
     
    Terug in Argentina

    We stoppen aan het benzinestation/winkeltje juist over de grens om te tanken. Dit lijkt wel uit een ander tijdperk te stammen. Na wat rondkijken vinden we iemand om de pomp te bedienen en ja, men kan hier met Visakaart betalen ... loop maar even mee naar de winkel aan de andere kant van de straat... Het leven lijkt hier zo eenvoudig  de mensen eenvoudig en vriendelijk  we voelen ons goed  we willen hier blijven rondhangen. Eindelijk het goede gevoel. We hebben de laatste dagen teveel gereden, deels door de lange afstanden. We hadden te weinig kontakt met de mensen. Het druilerige weer van de eerste dagen en de steeds strakke wind hielden ons binnen. We besluiten verder rustig aan te doen; ons niet meer druk te maken over datum, dag en uur of de nog af te leggen weg... We zien wel waar we komen.

    Een deel km voor Rio Grande zien we rechts van de baan een oude kerk en mooie oude houten gebouwen. Een vroeger infokantoortje is gesloten maar in het grote gebouw verderop is heel wat beweging. We steken onze neus binnen en zien een klein winkeltje. We zijn terechtgekomen in een tuinbouwschool. Eén van de secretaressen spreekt engels en wordt ons als gids toegewezen. De school is zeer modern uitgerust en is ondergebracht in de gebouwen van de eerste missiepost op Vuurland gesticht door de Salesianen. Er woont nog steeds een oude dame die afstamt van de oorspronkelijke inwoners. De school huisvest ook een heel mooi museum met uitleg over de verschillende stammen die ofwel op bootjes op zee leefden ofwel als jagers op het land  de komst van de blanken en de missionarissen  de fauna (opgezette condors, zeeleeuwen, enz ... ) en flora en een meteorologisch station waar men ook de windsnelheden kan aflezen (momenteel 68km/u en wij die dachten dat het vandaag niet  waaide) De jeugd wil graag een praatje maken; in 't spaans natuurlijk. Ze krijgen wel engelse les maar zoals we reeds veel ondervonden vinden ze dat niet echt nodig  buiten Brasil spreekt toch heel Midden- en Zuid Amerika spaans. Ze tonen hun akkers en bloemenserres en spelen gids in het prachtige kerkje. In het winkeltje doen we onze voorraad natuurprodukten in (vette worst, lekkere kaas en youghourt, eendeeieren want kippen hebben ze hier niet -die worden voor warenhuizen en restaurants ingevoerd per boot uit de Falklands wat goedkoper is dan over de weg uit het noorden van Argentina leerden ze ons) We verlaten La Candelaria (zo heet de missiepost) ergens in de late namiddag.
    Rio Grande is de grootste stad op Vuurland en dient als centrum voor de schapenindustrie. Er is een heel grote stal voor het scheren van schapen waar, in tegenstelling tot andere landen, de boeren hun schapen naar de scheerders brengen in plaats dat de scheerders naar de estancia gaan. Er is ook een grote diepvriesfabriek voor schapenvlees die men kan bezoeken.
    Het stadje tracht een modern uitzicht te verwerven en heeft langs de strandblvd en andere grote lanen versieringen aangebracht met grote felgekleurde ijzeren buizen  speciaal is het wel. De warenhuizen bieden alles wat je maar dromen kan en vooral lekker streekbrood.
    Van Rio Grande tot Kaiken is de baan weer deels geasfalteerd. We rijden ook naar het Andesgebergte toe en het decor verandert. Eerst golvend, dan bergachtig met prachtige meren. Het is hier ook toeristischer. Vooral Chilenen en Argentijnen komen hier hun verlof doorbrengen om te vissen.
    Na Kaiken komen we weer op een zeer stoffige gravelbaan. Er is redelijk veel verkeer en veel trucks van de wegenwerken verderop. Bij het kruisen duurt het een poosje voor men door de stofwolk weer de baan ziet; niet echt veilig.
    We steken nu het Andesgebergte over want Ushuaia is de enige Argentijnse stad die aan de oostkant van de Andes ligt. De weg is slecht maar de natuur prachtig.
    Voor we Ushaia inrijden nog een politie kontrole (wat ze hier onder kontrole verstaan: dondé viene- donde va??Waar we naartoe gaan?? De weg loopt dood een deel km voorbij Ushuaia dus die vraag verstaan we niet zo best.
    Ze tonen ons op een plannetje waar de toeristische dienst is, waar we goed kunnen parkeren  waar een gratis camping is enz ... de politie uw vriend!
    Het stadje ligt heel mooi op de helling aan het Beagle kanaal met rondom besneeuwde toppen. Het is er redelijk druk en in de straten geen parkeerplaatsje vrij. We vinden een plaatsje aan de haven en gaan tevoet op verkenning.
    Op de toeristische dienst is men zeer vriendelijk en ze beschikken over goede praktische informatie wat betreft vervoer te land, water en lucht  accomodatie   aanbod van tours enz.. Er is zelfs iemand die wat Engels praat.
    Verder zuidelijk kan men niet meer over land.
    Wie naar Puerto Williams wil, de meest zuidelijke nederzetting van Amerika of zelfs naar Antarctica kan zich hier informeren. Het eerste prijzig maar betaalbaar( afhankelijk van seizoen en bezettingsgraad) en wordt nogal eens gekoppeld aan een bezoek aan de Harberton Estanza.
    Er is een groot aanbod van souvenirshops en restaurantjes prijzen iets aan de hoge kant.
    Postkaarten 0,5 tot I U$   postzegel voor kaart naar Belgie: 1 1/2U$  zeer weinig kaartjes van hieruit verstuurd. Promenade 's avonds heel gezellig. Veel mooie houten huizen.
    Parque Nacional Tierra del Fuego: Bij het verlaten van het centrum aan de li kant aan sportterreinen: gratis camping in mooie setting. In seizoen is er een parkwachter. Nu: water afgesloten  sanitair vies.
    Gratis warme douches aan YPF benzinestation op hoofdbaan nabij centrum.
    El tren del fin del mundo: stoomtreintje dat van even buiten het park tot in het park rijdt. 22U$ enkel  25U$ retour + 5U$ inkomgeld park. Mooi maar doet slechts 7,5km. Halte aan eerste kruispunt in het park. Een deel van het parcours kan men gewoon wandelen.
    Inkom 5U$/pp   gratis campings zonder faciliteiten: camping Rio Pipo aan de rivieroever heel mooi ; richting waterval Rio Pipo (eigenlijk meer een stroomversnelling dan een waterval) en camping La Ensenada nabij Bahia Lapataia, beschut tussen de bomen. Er zijn nog een paar andere gratis campings en een betalende met alle comfort. Tijdens het WE veel jonge Argentijnen die gaan kamperen om vuurije te stoken en de ganse nacht bier te drinken. Het is een heel mooi park met vele meren lagune's zeldzame vegetatie en veel en kleurrijke vogels  diverse soorten eenden. Op de campgrounds regelmatig vossen.
    Er zijn veel wandelpaden uitgezet van verschillende lengte en met verschillende thema. Er zijn beverdammen en moerasgronden.
    Voor de liefhebbers zijn er kayaks of tochtjes op het Beagle kanaal dat hier wel bijzonder mooi is.
    Van La Ensenada kan men met een Zodiac naar Lapataya of omgekeerd (geen grote afstand )
    Met de auto door het park is ook een avontuur  over wankele bruggen en smalle wegskens.
    Vonden dit een heel mooi en rustig park. Onvoorstelbaar als men door Patagonie en Vuurland reed om hier zo'n brok natuur te vinden.
    Zuidelijker kunnen we niet meer met de camper. Vanaf nu is het dus: al norte.
    Na een paar dagen terug naar Ushuaia. De benzine is hier heel goedkoop dus tanken we alles vol(ook onze jerrycans)
    Het regent wat vandaag. Het zicht op de bergen is beperkt maar het zicht op de baan is verbeterd   geen stof= niet blind rijden. Na een paar uur breekt de zon door maar ze komt niet alleen  het begint terug te waaien.

    Terug in Chili
    De grensovergang is hier eigenlijk een formaliteitje
    Onze vriend van het benzinestation bij San Sebastian verwittigd ons dat de ferry naar Punta Arenas stil ligt wegens de storm. We moeten dus terug via Cerro Sombrero.
    Er komen zo'n zwarte drijgende wolken opzetten dat we een beschut stopplaatsje zoeken achter het benzinestation. Na een korte maar hevige bui zijn de wolken verdreven door de wind. Het zonnetje schijnt weer maar de wind blijft. Een heel speciaal en ruw klimaat hier  het weer verandert plots: wolken, regen, wind en zon het is alsof ze om het uur lotje trekken wie de voorrang heeft.
    Ondertussen hebben we nog maar weinig of geen tegenverkeer gezien. We fronsen het voorhoofd. En na een paar km staan we in de file (klinkt wat raar ",file" hier op 't eind van de wereld) We gaan tevoet op verkening. Veel volk en veel gepalaver in het restaurant/office. Te veel wind, te gevaarlijk! Vermoedelijk valt de wind wat als de zon onder is zeker is men niet  geduld is de boodschap. In sommige auto's installeert men zich al om te slapen. Wat verder staat nog een camper met Argentijnse verlofgangers die huiswaarts keren. Met het uitwisselen van informatie gaat de tijd snel voorbij. 2l u Plots is er beroering. Aan de overkant wordt de boot geladen en kan de Straat van Magelhaan weer overgestoken worden. Nu gaat het heel vlug. Men probeert zovlug en zoveel mogelijk auto's over te krijgen. Eerst bussen, dan wagens en daarna vrachtvervoer. Rond middernacht kan de ferry, die anders 's nachts niet vaart, stoppen. Alles wordt heel vlug stil rond de haven en wij hebben hier een kort maar rustig nachtje.
    We rijden nu langs de straat van Magelhaan over een éénbaansbeton naar Punta Arenas.
    Wat door het stadje gereden. Het zegt ons niets. De mooie laan die naar het stadje voert was nochtans hoopgevend. De ferry naar Vuurland ligt nog steeds stil. Naar Puerto Natales ligt er nu een betonbaan deels enkel, deels dubbelvaks. Onderweg zien we veel emu's. Eentje met zeker 10 jongen die opschrikt van het lawaai van de motor en zelfs nadat we stopten niet wist welke richting uit hij (of zij,) zijn jongen zou sturen. Heel veel vossen, mara's, gordeldieren , guanaco's, flamingo's en allerlei soorten wilde eenden.
    Langs deze baan treffen we ook kleine dorpjes  heel gezellig. Al rijden we hier ook door de pampa het is meer afwisselend dan routa 3.
    Puerto Natales ligt mooi aan het water, omringd door sneeuwtoppen. Het is ook heel toeristisch maar minder blasé dan Ushuaia. Vinden de mensen hier ook heel vriendelijk.
    De toeristische dienst heeft veel mondelinge informatie maar weinig kaartmateriaal. Nochtans hier wandelkaarten  voor Torres del Paine kopen daar ze er geen hebben in het park (wel wandkaarten)
    Veel reisbureautjes, heel vriendelijk en helemaal niet opdringerig.
    Wisselkoersen heel goed. Kregen 540 Chileense $ voor I U$. Nog zo'n stadje waar we wat langer zouden willen blijven.
    Door de wind weer veel benzineverbruik. Voorbij Villa Castilla onze benzineblikken overgegoten. Iedere wagen die voorbijkwam stopte om te zien of we problemen hadden.
    Ook hier is de politie opvallend vriendelijk voor ons. Vragen de papieren om hun lijst in te vullen maar geven ondertussen toeristische tips, vertellen over hun land. De meesten kennen Belgie niet maar hebben al veel gehoord van Brussel en wie zegt het wel te kennen komt met verhalen over kinderverkrachters, corruptie (we zijn nochtans in Chili) en vergif in de voeding. Proberen hun te vertellen dat het enige grote probleem dat wij in Brussel hebben een teveel aan internationale journalisten is die dagelijks copy nodig hebben voor hun colums in kranten over de hele wereld en dat Belgie nog zo slecht niet is om te leven maar te klein om dagelijks veel wereldschokkend nieuws te leveren.

    N.P Torres del Paine. Zou ik eigenlijk met hoofdletters moeten schrijven, zo mooi
    Inkomgeld: 6500$lpp. Te betalen in het rangerstation aan de slagboom. Weer heel vriendelijke mensen  heel veel mondelinge info  plan van het park met wandelroutes en overnachtingsmogelijkheden hangt aan de muur  hebben en verkopen geen planneijes om mee te nemen.
    Het is een prachtig park en we hebben reuze geluk. Het is wel wat bewolkt maar we hebben een goed zicht op de Torres. We nemen vlug wat foto's want men vertelde ons dat men ze meestal niet te zien krijgt omdat ze in de wolken zitten.
    De meren, de bergen; het overweldigt ons. De wegen zijn heel avontuurlijk om te rijden: smal geen uitzicht  heel scherpe heuvelruggen. We verkneukelen ons reeds voor de komende dagen en zoeken een overnachtingsplekje op de P. van het hotel aan lago Grey. Krijgen er het gezelschap van een andere camper met een Duits koppel. Zij kwamen van het noorden en konden ons dus goede praktische info geven. Ze wilden niet verder zuidwaarts   hadden genoeg van de vele km gravelroad en hadden al heel veel problemen gehad met de wagen. De camper zag er nochtans veel nieuwer en mooier uit dan de onze maar de wagen zelf was blijkbaar niet goed onderhouden. De opbouwcel was ruimer  oogde nieuwer maar heel wat zaken (zoals waterpomp enz) functioneerden niet. Hadden wel niet zoveel last van indringend stof. Betaalden ongeveer 1000bf/dag meer.

    's Morgens vertrekken we voor een wandeling naar de Grey gletsjer via de achterkant van het hotel vanwaar men een prachtig zicht op de gletsjer heeft. Wat een flater. Kwamen vast te zitten aan een diepe geul smeltwater en moesten een hele toer om. Het was wel heel mooi door heel speciale vegetatie maar mijn benen begaven het zowat.
    De afgebroken ijsschotsen bedekken bijna het hele meer. Aan de oostoever kan men via een smal wandelpaadje omhoog en heeft men een prachtig uitzicht over heel de gletsjertong.
    Plots steekt de wind weer op, de temperatuur daalt drastisch. Wandelen wordt worstelen en we zijn doodmoe als we terug aan de wagen komen. Na een hete tas soep houden we platte rust.
    We rijden terug tot lago Pehoe waar we een prachtig uitzicht hebben . De wolken jagen over de pieken. We kruipen in onze slaapzakken met zicht op de bergen. In de late naniiddag valt de wind. Er zijn geen wolken meer te bespeuren. We geraken niet uitgekeken.
    Een Parijs koppeltje op huwelijksreis vraagt om mee te mogen rijden tot aan de administratie. Ze hadden op een smal bergpad moeten schuilen voor de wind en hun pic up afspraak gemist.
    Onderweg zien we Condors. Ze vliegen zo snel dat het moeilijk is om ze met de verrekijker te volgen.
    Op de administratie zijn ze blij met ons vrachtje ... hadden hun al op het lijsije gezet (bij het betreden van het park moet iedereen zich inschrijven, zijn bestemming opgeven en wanneer men het park wil verlaten  wandelaars die zich niet tijdig uitschrijven worden na 24u opgespoord)
    Wij rijden naar lago Azul. Over het bruggeije rijden is millimeterwerk. We zien een paar mooie watervallen en stroomversnellingen en heel veel dieren. Lago Azul is een vogelparadijs. Het is er heel rustig   weinig toeristen wagen zich over de slechte weg  het ligt wel op één van de wandelroutes. De zeer eenvoudige camping vinden we veel te duur (10 000$ ) We vinden ergens anders een rustig plaatsje.
    Voor de grensoversteek naar Argentina moeten we terug via Cerro Castilla. Volgens de kaart moet er hier een benzinestation zijn. We hebben al een paar maal de 4 straten waaruit het plaatsje bestaat doorgereden en niets gevonden. Er is een museum met tourist info en gaan daar informeren. Niet te verwonderen dat we het niet vonden. Er staan 2 benzinepompen in een soort gesloten bushokje. Als men toetert komt er wel iemand om u te helpen. De motor wordt ingeschakelt en de leiding door het venster gestoken. Een mechanisch tellertje houdt de hoeveelheid bij. Betalen hier 330$/1.
    Tussen de houten schuren vinden we een beschut plaatsje voor de nacht.
     
    De grenspost is gevestigd in een klein huis en zeer uitzonderlijk slechts door 2 personen bemand. Ook de Argentijnse grenspost in Cancha Carrera is heel eenvoudig maar zeer efficient.
     
    Terug in Argentina

    Het grenshoppen zijn we nu gewoon.
    Ontmoeten hier een zestal Canadezen die een busje met chauffeur hadden gehuurd en er onder weg een gratis cursus autopechverhelping hadden bijgekregen. We bevragen ons over de route en men verzekert ons dat de cortado vanaf Tapi Aike naar El Cerrito geen problemen oplevert en dat het niet nodig is langs La Esperanza rond te rijden.
    Het is werkelijk een goede gravel, op sommige plaatsen heel smal, maar aangezien er zo goed als geen verkeer is ( 2 auto's over het hele traject) helemaal geen probleem.
    Vanaf El Cerrito asfalt tot El Calafata.
    El Calafata is een klein stadje waar meer toeristen rondlopen dan er inwoners zijn en dat laat zich zelfs voelen aan de prijs van het brood om van de rest niet te spreken.
    Het toeristisch bureau is in het busstation. Men krijgt er heel wat goede mondelinge informatie en ze beschikken over goed documentatiemateriaal.
    We gaan informeren voor een boottocht op Lago Argentina naar de Upsala gletsjer.
    Er zijn verschillende mogelijkheden. Er zijn 2 verschillende dagtrips die afwisselend om de andere dag gaan; de ene 9SUS$ de andere 107US$. Buiten het seizoen is er geen probleem de tickets 's morgens te kopen in Punta Bandera waar de boten vertrekken. In het hoogseizoen reserveren aangeraden.
    Wij rijden naar de Perito Moreno gletsjer ( te zien in elke folder en elke documentaire van Argentina) Op de weg er natoe zijn hier en daar uitzichtpunten. De gletsjer zelf is ongeveer 60m hoog  hij kraakt zonder ophouden  regelmatig breken er stukken ijs af. Via plankiers en wandelterrassen kan men tot heel kort bij de gletsjer komen. Adembenemend.Er zitten wel veel zeer kleine maar zeer agressieve muggen.
    Zouden graag hier op de parking blijven overnachten maar er staat een verbodsplaat  jammer!
    We rijden terug en gaan overnachten in Punta Bandera aan de aanlegsteiger. Als het morgen klaar weer is willen we wel de boot op. Droom er reeds lang van om tussen ijsschotsen te varen.
     
    We betalen 85U$/pp last minute ... misschien mogelijk door onderhandelen er nog iets af te pitsen maar we waren zo begeesterd dat we er niet aan dachten. Middagmaal kan men op voorhand bestellen. Snacks en drank in de bar te koop. Er zijn hier en daar vensters die openschuiven...goed plaatsje voor fotografen. Eens de boot uit de haven is mag men op het dek.
    We hebben geluk. Het is stralend weer. Het werd een onvergetelijke tocht door een sprookjeswereld van ijs. Konden niet tot aan de voet van de Upsala daar de vaargeul afgesloten was door immense ijsbergen- gingen wel naar Onelli en Spegazzini. Een dag om nooit te vergeten en zeker zijn geld waard.
    We zoeken ons een rustig plaatsje achteraan op de parking nabij het busstation en deden geen oog dicht door het lawaai van immense generatoren ergens aan de overkant...
    Via routa 40 verder al norte! We rijden km rond Lago Argentino en zelfs aan het eind waar het meer uitmondt in Rio Sta Cruz en Rio Leona liggen nog grote ijsblokken.
    Aan de noordkant van het meer slaat een gravelroad af naar de andere kant van de Upsala gletsjer en een ander wandelgebied in het Pque Nac. Los Glaciares.
    Vanaf Paso Rio La Leona loopt een gravel langs lago Viedma naar Estancia Helsingfors vanwaar men Cerro Norte kan verkennen.
    Via de noordoever van Lago Viedma komt men in El Chalten. Een nog jong en eenvoudig toeristisch dorp toegespits op trekkings naar de Fitz Roy. Gezellig.
    Tres Lagos: een kruispunt van wegen met een benzinestation en enkele huizen. Treffen hier een koppeltje rugzaktoeristen die hier reeds een paar dagen op vervoer wachten.
    De noordkant van het park is heel mooi maar er is weinig openbaar vervoer. Georganiseerde trekkings nemen zelden lifters mee.
    Verder naar Perito Moreno. Onderweg zijn er een paar mogelijkheden om af te slaan naar Pque Nac. Perito Moreno. Dit park is een van de meest verlaten oorden van Argentina  schijnt wel heel mooi te zijn met veel meren  voor ervaren wandelaars dus niet voor ons.
    Routa 40 vanaf El Calafate noordwaarts: eerst ruwe bergen  dan pampa  dan fel gekleurde rotsen  soms heel mooi en soms eentonig  veel paarden en gaucho's  vossen en schapen en heel veel meren en rivieren.
    De "dorpjes" onderweg: een paar huizen en soms een benzinestation met winkeltje.
    De gravelroad is soms goed, soms slecht en soms heel heel slecht (dansende auto=geen grip meer op de baan) Honderden km, één korte rechte lijn afgewisseld met honderden km bochten en bergop en bergaf
    Langs de baankant veel kapelletjes en kleine indianenheiligdommen met offers in plastieken flessen en andere... Veel uitleg konden we er niet over loskrijgen. " De Argentijnen en Chilenen zijn zeer godsdienstig en aanbidden veel heiligen... De Indiaanse bevolking heeft haar eigen rituelen" vertellen de "blanken". De Indianen zelf reageren niet erg op onze blijken van interesse. Misschien als we een weekje zouden kunnen blijven rondhangen dat er dan wel wat meer vertrouwen zou kunnen groeien –maar op een uurtje?? Een grote familie op uitstap nodigde ons echter uit op de maté ( de nationale drank in Argentina  een soort thee die gedronken word uit een peervormige, verharde vrucht) Zij waren hier gestopt om drank te offeren voor een behouden reis , de halfvolle fles hoestsiroop van hun zoontje dat dank zij San Pedro genezen was en een versleten sportschoen van een andere zoon die hoopt een goede voetballer te worden. Ze werken op een grote Estanza en mochten met een vrachtwagen van het bedrijf hun uitstap maken naar een feest bij vrienden en onderweg maakten ze van de gelegenheid gebruik om de heiligen te danken. Zouden onderweg nog bij een ander heiligenbeeld stoppen voor de goede afloop van de zwangerschap van één van de vrouwen. Voelden ons een beetje voyeur maar het kontakt was eigenlijk vrij spontaan. Met veel animo en geposeer werden een paar foto's genomen die we hun zeker zullen opsturen. Een ontmoeting midden in nowhere!
    In Perito Moreno, een klein ingeslapen stadje, laten we de wagen eens goed nakijken: luchtfilter uitblazen, olie vervangen, water nakijken. Blijkbaar is de luchtfilter ver aan vervanging toe maar nergens het juiste model te vinden...
    Een argentijns koppel die ook op rondreis zijn met een camper komen een praatje slaan. Ze drukken ons op het hart steeds voldoende water en eten mee te nemen. Daar waren we wel op voorzien.
    In het benzinestation wachtte een amerikaanse motorrijder op een lift zuidwaarts. Hadden bandenpech. Hij had zijn vriendin in de tent onderweg achtergelaten en was gisteren al liftend naar hier gekomen voor nieuwe banden. Wij hadden onderweg geen tent gezien. Volgens Jack stond ze wel een stukje van de weg af. Als men onderweg pech heeft kan het een tijdje duren voor men geholpen is. Er zijn geen telefoons en men moet hopen dat er een estanciero langs komt die thuis radioverbinding heeft (de meesten weten wel weg met pech maar hebben geen onderdelen) Ik moet er even aan denken hoe naief we waren met ons vertrouwen in de bijstandsverzekering ... de afstanden zijn hier zo enorm, de wegen zo slecht... Gelukkig, moesten wij pech krijgen, we zitten niet met een strak schema en hebben genoeg mondvoorraad.
    Een beetje ten zuiden van Perito Moreno ligt lago El Cisne. Bekend bij vogelliethebbers voor de vele soorten vogels, eenden, veel flamingo's en witte zwanen met zwarte nek. Er zijn een paar uitzichttorens opgesteld.
    Van Perito Moteno kan men via verschillende wegen de Andes over naar Chile om dan via de caretera Austral naar Puerto Montt te rijden. Wij hebben voor 't ogenblik een beetje genoeg van de gravel en verkiezen de routa 40 verder te volgen.
    Rio Mayo is niet veel meer dan een kruispunt van wegen naar Comodoro Rivadavia aan de oostkust en naar Puerto Aisen in Chili. Er is geen benzinestation.
    Onderweg horen we een getik onder de motorkap. We hopen heelhuids in Gobernador Costa te geraken.
    Gobernador is een vrij groot centrum. Voor het geluidje onder de motorkap stuurt men ons naar een mecanic. Vermoedelijk de alternator. Er wordt met vereende krachten (heel de buurt staat er rond) wat aan gewerkt en siliconen ingespoten. Het is voorlopig verholpen maar men kan ons niet verzekeren dat we er lang mee verder kunnen. Van betalen willen ze niet horen. Dat wordt dan maar trakteren.
    Het is Vrijdagavond en ik probeer Herr Bernard te bellen. Niemand thuis. Dan maar naar YPFbenzinestation waar ze een fax hebben. Hopen op antwoord.
    Het zoeken van een overnachtingsplaats is een gemeenschapsgebeuren. Men wijst ons een mooi plaatsje op de camping municipal (die zeer eenvoudig is) maar de mekanieker heeft graag dat we bij hem op zijn eigendom staan. De zaterdag besteden we aan het opkuisen van de wagen, het bijwerken van ons dagboek en wat leuteren met de bevolking. Iedereen weet van het probleem en iedereen wil eens naar de motor kijken. Kijken mag maar aankomen liefst niet.
    Wat ons deze weken opviel is dat de Argentijnen zeer joviaal zijn en zelf heel gemakkelijk kontakt zoeken. Zijn ook zeer opgewekt en houden van muziek en dansen. Onze Spaanse woordenschat wordt dagelijks bijgewerkt.
    Bij onze inkopen in een klein winkeltje worden we door een groepje vrouwen bijgestaan. “Dat”  moeten we proberen en iets anders kunnen we beter in de rekken laten staan. Aan appelsienen en appelen moeten we eerst goed ruiken. Ze hebben heel lekkere artisanale marmelade. Wij beseffen maar weer eens hoe onze rijkdom ons afstompt en hoe ondoordacht wij thuis onze aankopen doen. Ik zie me in de GB al aan appelen staan ruiken.

    Zondag.
    Nog steeds geen antwoord uit Chili.
    De klokken luiden. De halve gemeenschap trekt naar de kerk. Het is een mooi, modern kerkje, met veel lichtinval.
    Het is heel rustig op straat Alles lijkt stilgevallen. Bakker en winkels openen slechts na de zondagsdienst.
    We brengen onze zondag door al lezend en met een paar spelletjes.
    Maandagmorgen. Nog steeds geen antwoord. We beslissen maar op ons geluk te rekenen en in Villarrica binnen te rijden voor we naar het noorden gaan.
    We rijden nu door een prachtig stuk natuur. Meren, zicht op de besneeuwde bergtoppen. Overal staan brem en lupinen in bloei.
    Achter een rij bomen zien we Tecka liggen en rijden het centrum in. Verstaan niet hoe we hier bij de heenrit zijn kunnen voorbij rijden. Vinden zonder problemen het kleine benzinestation. We betalen al 25% meer /1 dan in 't zuiden.
    We besluiten vanaf Tecka de asfalt te nemen via El Bolson naar Bariloche. De route via El Maiten is gravel en we willen de wagen wat sparen.
    Deze route hebben we ook gereden bij het vertrek maar het verwonderd ons toch hoe verschillend het uitzicht is. We hebben de Andes voor ons. Het zonnetje schijnt en alles staat in bloei.
    We verspelen niet veel tijd in El Bolson of Bariloche.
    We overnachten aan de oude bibliotheek in Villa La Angostura. Na al die eenvoudige dorpjes lijkt het stadje wel een toeristenparadijs en we weten niet goed hoe we ons daarbij voelen. Het is mooi maar druk.
    We steken de grens over door het Nahuel Huapi NP. Alle formaliteiten verlopen heel vlot.

    Terug in Chili
    Aan de Chileense kant probeer ik nog maar eens naar Herr Bernard te bellen. " Dit nummer heeft geen aansluiting” Nogrnaals gecontroleerd. Het juiste nummer. Wat gebeurt er??? Hopelijk vinden we straks iemand thuis.
    Osorno, Rio Bueno, Loncoche. We ervaren de baan als zeer druk. Veel vrachtwagens en bussen. Veel wegenwerken. We trachten al terug naar onze gravelroads.
    We zijn gelukkig als we in Villarrica aankomen en de deur van het kantoor open vinden. Blijkbaar hebben we de antwoordfax gemist??? De telefoon is nog steeds aangesloten en heeft nog steeds hetzelfde nummer maar blijkbaar heeft Telefonica Nac.de Chile wat last met efficientie.
    We bespreken de problemen en de wagen gaat voor nazicht naar de garage. Wij profiteren van de gelegenheid om het meer en de vulkaan te bewonderen onder een stralend zonnetje.
    Na een paar uur staat de wagen weer klaar We hadden een paar sterretjes van de steenslag in de ruit maar blijkbaar is dat geen reden voor aanslag op onze borgsom. Hopelijk herinnert hij zich dat ook bij de afrekening. Herr Bernard komt ons wel fair over.

    30-12-1999 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    29-12-1999
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.3 Villarica noord naar Antofagasta
    We herzien onze routing en besluiten via routa 5 door Chile naar boven te rijden. Om te overnachten rijden we van de grote baan af naar Lautaro en slapen naast een park in een doodlopende straat. En zoals meer het geval is verwekt dat een kleine volkstoeloop. We zijn welkom. We hebben er een rustig nachtje.
    Dit stuk van routa 5, (ook panamericano genoemd omdat het de enige weg is die van het noorden tot het zuiden loopt) deden we 's nachts met de bus bij de heenreis en heerlijk gezegd hebben we toen niets gemist. Het blijft druk met veel bus  en vrachtverkeer en heel veel wegenwerken.
    Het is niet te schatten hoeveel mensen hier aan de banen werken; het moeten er vele duizenden zijn.
    Regelmatig moet men ook tol betalen tussen de 1300 en 1900$ wat bij een gemiddeld loon van 100000$/m toch aantikt.
    Rond Curico komen we volop in de fruitstreek. We stoppen en kopen aardbeien 2kg voor 500pesos bij plukkers langs de weg. We proeven er mispele  volgens het woordenboek mispels, maar het zijn echt niet de mispels die we hier kennen. Er zijn nog verschillende vruchten die we niet kennen en waarvan ik ook geen vertaling in het woordenboek vind.
    Na San Fernando volgen we dan ook de fruitroute richting San Antonio. Onderweg stoppen we om onze voorraad in te doen: 10 kg appelsienen voor 1 000pesos -kersen 500p/kg. We rijden langs verschillende gezellige dorpjes. Smalle straatjes, mooie kerkjes. De enige open ruimte die niet beplant is met groenten of fruit is de speelplaats van het dorpsschooltje.
    Regelmatig moeten we de ons bevragen voor de weg. De grote verbindingsweg gaat in de meeste dorpjes over in een wirwar van kleine straatjes.
    We vinden een overnachtingsplaatsje achter een benzinestation en ook hier gaat dat niet ongezien voorbij. Anders dan in Argentinie hebben de gezellige praatjes wel een bijbedoeling. De kok van een restaurant een honderdtal meter verder komt wat klagen over het gebrek aan klandizie en zijn lage inkomen. Een vrouw wat verder in de straat heeft een logeerkamer vrij.

    Als we 's anderendaags de heuvels achter ons laten en de kust naderen wordt het mistig.
    In Llolleo vinden we een mooie parking aan het strand. Niettegenstaande het in de omgeving vol staat met vakantiehuizen is het hier totaal verlaten. Bij zonneschijn een zalig plaatsje. Nu wat kil om buiten te zitten. We houden onze siesta met een boek onder een slaapzak.
    Als we in de namiddag richting Valparaiso rijden klaart het uit en is de zon weer stralend van de partij. Vanop afstand hebben we een mooi zicht op de stad die tegen de heuvelflank plakt. Als we het centrum naderen wordt het heel druk en met de rijstijl van de Chilenen is het helemaal geen pretje. Per auto de stad verkennen zien we niet zo zitten en daar mijn knie het niet zo goed doet om te gaan wandelen rijden we via de ring rond de stad.
    In Vina Del Mar dat ook vrij druk is maar minder chaotisch vinden we een parkeerplaatsje aan de strandboulevard. Parkeerwachters komen aangelopen met een zonnescherm voor de voorruit. Ze zijn verwonderd dat wij verkiezen te genieten van de warmte en de zon. Het valt ons steeds meer op dat mensen die wonen in zonnige streken, waar ook ter wereld de schaduw verkiezen.
    Het is een mooie en gezellige strandboulevard. Louis gaat wat wandelen en ik installeer me op de ligweide.
    Het is een heel rotsachtige kuststrook en ze blijft heel mooi verder noordwaarts. Het is ook heel aangenaam rijden: een redelijk goede asfalt, niet teveel verkeer en mooie uitzichtpunten.
    We vinden verschillende mooie overnachtingsplaatsen, sommige 's nachts wet eens bezocht door vrijende koppeltjes. In Concon zijn er op het middaguur reddingsoefeningen. Een hele voorbereiding: de marine is aanwezig in groot ornaat   er wordt nogal wat gesalueerd, een rode kruiswagen (uit het jaar stillekens) met een twintigtal witschorten (moeilijk te zien of het dokters of verplegenden zijn, ze dragen allen een stetoscoop rond de hals) vrijwilligers die als slachtoffer zullen fungeren; een groot marineschip ligt een stuk uit de kust en helicopters vliegen over, er wordt druk gepraat via communicatielijnen en mobiele telefoons. Aan publiek geen gebrek. Er zijn verschillende schoolklassen (kleuters  lagere en middelbare school studenten) De kleine visrestauranijes zitten vol. We zijn benieuwd. Ongeveer 2u telaat starten ze. Er worden 3 slachtoffers uit het water gehaald: 1 per helicopter; 1 met een zodiac en 1 door de redders op het strand. Na welgeteld ½ uur is iedereen gered en afgevoerd en alle volk vertrokken.... Efficiente oefening of show? We weten het niet..
    De route die we vanaf Zapallar volgen moeten we later terug doen. We beslissen ons tempo wat op te drijven. Op de terugweg zien we dan wel hoeveel tijd ons nog rest.
    Zolang we zo langs de kust rijden is het 's morgens af en toe wat overtrokken maar ééns 10 u schijnt de zon weer volop. Het blijft mooi rijden. We hebben prachtige uitzichten op de kust. Het binnenland wordt droger en desolater. We wijken af van de panamericano om naar Tongoy te rijden. Volgens Lannoo een populaire en zonnige badplaats. Het deel van het centrum dat op de helling ligt is moeilijk te bereiken door wegenwerken. De straatjes zijn smal en steil. De uitzichtpunten kunnen we niet bereiken. Het stadje heeft aan beide zijden mooie stranden. Langs de zuidkant is er een haventje waar de vis ook rechtstreeks verkocht wordt. We zien er vooral veel soorten schelpdieren; loco (wat eigenlijk gek betekend) een soort slak in een schelp met het uitzicht van een steen;  piure heeft een kleinere schelp, ziet er rood/oranje uit en wordt rauw gegeten   een soort oesters ook en dan ook heel veel pulpa (inktvis) verpakt in heel grote, doorschijnende plastiek zakken( alleen al het kwabbelende uitzicht beneemt me alle eetlust) Op het strand is heel wat bedrijvigheid. Vissersboten worden met vereende krachten op het droge gesleurd. Oude boten met veel zorg en primitieve werktuigen hersteld.
    Zeewier wordt aan land gebracht en uitgeschud tot alle blaadjes en vuil er afgevallen zijn en dan in grote zakken verzameld voor de cosmetische industrie. Bijna elk gezin doet er aan mee hetzij als bestaansmiddel, hetzij als bijverdienste. Iedereen helpt mee, zowel de grootouders als de kinderen, zelfs tijdens de middagpauze. Het is een vrij zware job. Diegenen die het wier verzamelen staan voortdurend tot kniehoogte in het zeewater. Voor het proper maken staat men steeds gebukt. De opbrengst is miniem: ongeveer 500pesos Zeewier wordt aan land gebracht en uitgeschud tot alle blaadjes en vuil er afgevallen zijn en dan in grote zakken verzameld voor de cosmetische industrie. Bijna elk gezin doet er aan mee hetzij als bestaansmiddel, hetzij als bijverdienste. Iedereen helpt mee, zowel de grootouders als de kinderen, zelfs tijdens de middagpauze. Het is een vrij zware job. Diegenen die het wier verzamelen staan voortdurend tot kniehoogte in het zeewater. Voor het proper maken staat men steeds gebukt. De opbrengst is miniem: ongeveer 500pesos voor een grote zak als hij goed gevuld is.
    Wat verderop zijn een paar grote maar momenteel totaal verlaten campings. Wij vinden een rustig overnachtingsplaatsje aan het noordelijke strand nabij tennisvelden en een groot verlaten hotel. Er staan een paar stalletjes overladen met souvenirs voor toeristen. Wij vragen ons af waar die mensen de moed halen om hier elke dag te staan. Wij hebben de ganse dag geen enkele andere toerist gezien. Ze vertellen ons dat binnen een paar weken het seizoen start en dat ze dan toch een grote omzet hebben. Souvenirs spreken ons niet aan maar ze kunnen ons morgen wel verse vis verkopen. Afgesproken dus.
    Half nacht, ongeveer 3u, schrik ik wakker van luide stemmen. Ik loer even door het raampje. Het zijn vissers die naar de haven stappen. Gerustgesteld leg ik me weer neer.
    's Morgens is het weer wat mistig. We kopen 2 grote vissen (vraag me de naam niet maar ze waren heel lekker) en betalen graag 1000pesos. Ze worden zelfs gekuist en gefileerd. Tegen dat onze casilla (camper) opgeruimd is, is ook de zon terug van de partij.
    We rijden verder naar het volgende stadje Guanaqueros. We stoppen even op de grote parking aan de vissershaven en telefoneren de kinderen. Het centrum zelf is niets speciaal
    We rijden door Coquimbo en La Serena. Ook Valle del Elqui, de druivenvallei, slaan we over. We zien wel op de terugweg of er tijd over is. Wijnstreken buiten Europa hebben ons tot nu toe niet echt kunnen begeesteren (tenzij Zuid Afrika waar we vooral de mooie huizen bewonderden)
    De panamericano trekt meer het binnenland in en de omgeving krijgt meer woestijnallures. Atacama woestijn = droogste woestijn ter wereld. De baan slingert zich door de bergen en het uitzicht is prachtig. Er zijn nog wel regelmatig wegenwerken maar door het minder drukke verkeer ook niet zo storend.
    Minder druk wil wel niet zeggen dat er geen beweging is. Er rijden nog steeds veel trucs maar vooral ook veel autobussen.
    De enkele dorpjes die we tegenkomen zijn piepklein. Tussen de dorpjes hier en daar een restaurantje/hostal/mecanie. Het eten is er meestal eenvoudig, goed en goedkoop.
    Drinkwater alleen in flessen. Hun drinkwater wordt bezorgd met tankwagens  ander water pompen ze op met generatoren, is wel veilig maar heeft een brakke smaak en vieze geur. Wij deden onze bevoorrading van water steeds aan de benzinestations (soms met de brandslang)
    De pompbedienden zijn doorgaans zeer vriendelijk en behulpzaam. Ruiten kuisen en vloeistoffen nakijken behoort tot de routineservice. De Copec stations hebben alle faciliteiten en men kan er steeds met creditcard betalen wat in de meeste andere stations niet steeds mogelijk is.
    Cachhiyuyo el pueblo de 230 amigos, ligt aan een oude spoorweghalte. Er is nog een oude waterput. Op het pleintje speelt de jeugd voetbal. Vragen ons af hoe ze tussen die stofwolken de bal nog kunnen zien.
    De cactussen staan in bloei met witte, gele en rode bloemen. De grote kandelaars doen ons denken aan de Mojavewoestijn in Arizona.(waar ze wet veel groter zijn)
    Vallenar bevalt ons wel. Het lijkt op dit middaguur wel een ingeslapen stadje. We genieten op een bank in het parkje. Vrouwen zijn de kerk aan het poetsen en dragen bloemen aan. Een km buiten het centrum, nabij sportcentrum en park, is er een bedevaartsoord met een wenende madonna dat we zeker moeten bezoeken. Ze willen ons bloemen meegeven om bij het beeld te zetten. We doen maar of we het niet begrijpen... Wenende madonna's zijn een beetje teveel van het goede. We stappen nog even binnen in een paar winkeltjes om ons proviand aan te vullen en rijden verder al norte.
    In Copiapo zijn er wegenwerken en omleidingen. Veel te druk voor ons. We rijden weer richting kust en verlaten de panamericano naar Bahia Inglesa. Het is een toeristisch stadje dat op deze weekdag zo goed als verlaten is. De straten zijn smal en allen eenrichtingsverkeer. We parkeren eerst op een kleine parking in de bocht aan het einde van het strand. Het lijkt wel de vergaderplaats van de jeugd en daar die in Chile tot lang na middernacht buiten rondhangen, niet zo'n goed idee voor een rustige nacht. We verhuizen naar de grote parking. Genieten van een mooie zonsondergang.
    Caldera is een aangenaam stadje. We parkeren rechtover het zeerestaurant. Louis doet zijn wandelingetje en komt terug met verse vis   haai aan 1 500pesos/kg. Op de terugweg willen we hier wat meer tijd spenderen.
    Terug op de 5 vallen ons vooral de vele kleine en grote sanctuaria op zoals gewoonlijk omringd met plastiek flessen en berichtjes en gebeden op stukken doek en papier (geen andere voorwerpen zoals we in zuid Argentina zagen)
    Er zijn ook veel graven en kleine kerkhofjes versierd met plastiek bloemen en kledij over een houten kruis. (komen de betekenis hiervan niet te weten)
    De baan blijft de kust volgen en regelmatig hebben we prachtig uitzicht op de kuststrook.
    Chanaral stond ons aan maar daar ik zeer onregelmatig mijn nota's bijhoud kan ik er mij nu niet veel meer bij voorstellen. Alleen met sterretjes genoteerd op de wegenkaart.
    We rijden nu terug het binnenland in door de woestijn. De eerste tientallen km zijn heel mooi  het laatste stuk voor Antofagasta heel desolaat. Er staan zelfs geen cactussen meer. De woestijn overhoop gehaald door de oude mijnsites. Steenwoestijn. Uren niets. Zelfs de Andes is slechts een ver silhouet. We rijden, drinken, eten, lezen. Hebben zelfs de indruk dat er heel wat minder verkeer is. Wegenwerken worden zelfs een afleiding. Herhaaldelijk worden we door de seingevers (meestal vrouwen) aangesproken om hun flessen drinkwater te vullen of geven ze boodschappen mee voor de mensen aan de andere kant van de werken. Sommige van die vrouwen heben zelfs hun kleine kinderen bij die onder een beschutting aan de kant van de weg zitten te spelen. De afdaling naar Antofagasta is dan weer heel mooi.

    29-12-1999 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (6 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    28-12-1999
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.4 Antofagasta naar San Pedro en terug tot ChiuChiu
    Antofagasta
    We stoppen op de parking van een klein kerkje met uitzicht op zee. Er is veel bedrijvigheid. Vrouwen zijn de kerk aan 't versieren voor een trouwplechtigheid. Buiten is de vader van de bruid zijn auto aan 't kuisen. De plechtigheid is om 2 lu en de vader nodigt ons uit. Het is een zeer geanimeeerde dienst. Iedereen zingt mee en heel wat mensen richten een woordje tot het jonge paar. Bij het buitenkomen worden ze bestookt met bloemblaadjes en zakken rijst. De stoet vertrekt met hels getoeter. Wij bedanken en kruipen in ons bed.
    Middernacht. Er wordt op de deur gebonkt en door de gordijnen zien we een fel licht. Militairen met het geweer in aanslag. Als we de deur openen verschieten ze wel even dat we toeristen zijn en geen Chilenen en ze verontschuldigen zich herhaaldelijk voor het storen. Blijkbaar staan we op militair domein( gendarmerie is er juist naast). Om deze nacht niet weer gestoord te worden (hun dienst zit er bijna op) vragen ze ons de wagen te verplaatsen. Ze tonen ons een parking waar het zeker zo rustig is, wensen ons goede nacht en verontschuldigen zich nochmaals. Gelukkig zijn we geen Chilenen want ik vermoed dat hun optreden dan wel wat anders zou zijn.
    Het is een grote stad. Teveel voor mij om tevoet te bezichtigen. We rijden dan maar kriskras door de stad om er toch een idee van te hebben. De strandboulevard is wel netjes. De binnenstad nogal onverzorgd en vele straten om de één of andere reden afgesloten. Het wordt dan ook weer wat rondrijden voor we weer in de goede richting zitten; nl Calama.
    Het is heet vandaag. De wind maakt pirouettes in het zand. Rechts en links resten van verlaten mijnen. Hier en daar een huisje met wat geiten. Op vele plaatsen langs de panamericano verkopen ze hun kaas of gedroogd vlees aan truckers en toeristen.
    Badequeno is een oud mijnstadje. Op de terrasjes van de bar liggen alleen een paar luie zwerfhonden. (Over honden gesproken. In geen enkel land ter wereld zagen we zovele zwerfhonden midden in de wandelstraten van grote steden maar evenzeer op de meest verlaten plaatsen in de woestijn. Als men stopt duurt het niet lang voor een paar uitgemergelde honden rond de wagen hangen) De weinige mensen die hier nog wonen verdienen hun kost door het onderhoud van de wegen, met een winkeltje/restaurant/bar en een paar geiten. Toeristen stoppen hier nogal eens voor het oude treinstation en het kerkhof en om resten te zien van één van Pinochet's concentratiekampen.
    Zondag in Calama. Al de groene plekken in de stad zijn ingenomen door piknikkende familie's. Rond het zwembad van het sportcomplex kan men op de koppen lopen.
    Wij tanken bij Copec maar kunnen hier niet met creditcard betalen en ook de watervoorraad van de camper bijvullen is niet mogelijk. Ruiten van de wagen kuisen hoort niet meer bij de service   ze gunnen het werkloze mannen om een centje bij te verdienen  Vrouwen verkopen ijsjes uit een koelbox (vertrouwen de koeling niet erg) maar een koud blikje frisdrank kunnen ze aan ons wel kwijt. Giechelend proberen ze een kijkje te nemen in de casilla. De jeugd komt een praatje slaan. ( steeds dezelfde vragen: vanwaar kom je  heb je kinderen  hou je van Chile  wat is je beroep  verdien je daar veer geld mee )
    Aan de kruising naar San Pedro de Atacama staat een oorlogsmonument en aan de overzijde een kerkhof. Ook hier is het enorm druk. Bloemenverkopers (meestal plastiek) doen hier gouden zaken. De kerkhoven liggen er meestal vervallen bij maar aan bloemen ontbreekt het niet.
    Even voorbij Calama wordt het uitzicht weer wondermooi. We hebben uitzicht op de Andes en proberen te ontdekken welke berg de uitgedoofde Licancabur is. De toppen zijn witbesneeuwd en de flanken zijn felgekleurd. Aan de voet van de bergen lijkt het zand bijna zo wit als de sneeuw erop. We stijgen voortdurend. Het zonlicht is heel fel. Op de hoogte zijn de rotsen felgeerodeerd. In de verte zien we de schittering van de zoutwoestijn.
    We dalen nu af door de Cordillera de la Sel   de zoutbergen  heel speciaal van vorm en kleur, van licht geel tot lichtbruin.
    In de verte zien we het groen van San Pedro (in de woestijn ziet men steeds van ver of er huizen staan  rond elk huis staan minstens een paar bomen)
    San Pedro de Atacarna ligt op 2438m hoogte. Het is een heel klein dorp met lemen huizen en smalle stoffige straatjes. We vinden een parking aan een van de irrigatiekanalen waar een paar verkoopstalletjes staan.
    Het dorpje heeft iets. Vooral het parkje met rustbanken overschaduwd door peperbomen charmeert ons. Vooral de stilte valt op.
    Er lopen nochtans wat toeristen rond hier. San Pedro ligt op een van de favoriete overgangswegen voor rugzaktoeristen van en naar Argentina. Maar ook het georganiseerde toerisme heeft de weg naar hier gevonden. Gek genoeg, waar deze laatsten meestal in wat betere hotels verblijven lijkt het hier deels omgekeerd. Veel rugzaktoeristen gaan even bekomen in het komfortabele hotel na dagen bus en woestijn, sommige bustoeristen proeven hier van de eenvoud van de Residencias. Aan logiesmogelijkheden is er voor 't ogenblik geen gebrek maar of dat zo blijft? Het dorp floreert door het toerisme. Er zijn verschillende redelijk grote winkels waar men alles kan vinden wat een reiziger onderweg nodig heeft. Natuurlijk ook veel souvenirshop, restaurantjes. Maar vooral veel reisagentschapjes waar men zowat alles kan boeken ( de meeste in handen van Europeanen vooral Duitsers en Hollanders) Ze zijn er wel zeer behulpzaam en helemaal niet opdringerig. Hebben veel goed kaartrnateriaal van de streek - ruilen lektuur. Georganiseerde trips met paard, fiets of jeep. Waar je ook naartoe wil: ze kunnen het voor je regelen.
    Het archeologisch museum vonden we zeer interessant. Ook een bezoek aan het postkantoor mag men niet overslaan. Het is werkelijk het centrale verbindingspunt met de buitenwereld. Zelfs schapenvellen met een koord samengebonden worden hier afgestempeld en verstuurd.
    De openbare telefooncellen onder de zuilengalerij verbinden me probleemloos met de kinderen. (ook hier heeft men een kantoortje met telefoonboxen  die vind men tot in het kleinste dorp in Chile en Argentina  vragen een kleine toeslag voor de service maar zijn heel efficient en hebben doorgaans ook fax faciliteiten)
    Even buiten San Pedro is de douanepost. Wie naar de salar rijdt mag door. De anderen worden verzocht de formaliteiten te vervullen. Controle is meestal vrij streng.
    Rond San Pedro zijn er verschillende oases ontstaan door het degelijke irrigatie systeem. Redelijk wat groenten  en fruitteelt maar vooral schapen, geiten en lama's. Communicatie bemoeilijkt door de taal  meesten spreken geen Spaans.
    We stoppen even in Toconao om het oude kerkje van nabij te bezichtigen. Indien gesloten: sleutel hangt naast de deur. Men sluit hier niet uit angst voor dieven maar om de loslopende honden buiten te houden vertelde men ons. Vanaf hier is er een heel slechte gravelroad en daar er links en rechts bitterweinig te zien is geeft het de indruk dat er geen einde aan komt. Ze zijn wel heel hard aan de weg aan 't werken. Men vertelde ons dat ze gaan asfalteren daar er zoveel toeristen komen, wat we dan ook weer van het goede teveel vinden.
    Het zoutmeer zelf vonden we wat overroepen.(in vergelijking met andere) Er zijn slechts een paar plaatsen waar men het mag bezoeken. Er zaten wel een paar tientallen Chileense flamingo's, maar wij zijn niet zo gespecialiseerd in vogels dat we absoluut de verschillen willen opsporen met de andere flamingo's die we in het zuiden met massa's zagen. De parkwachters zijn anders wel heel toeschietelijk eens ge uw ingangsticket betaald hebt. Het zout glinstert fel  lijkt soms zelfs roze het is een stukje bizarre natuur maar naar de mooie zoutstructuren moet ge wel met vergrootglas zoeken.
    Wat we wel heel mooi vonden is de Valle de la Luna. Het is een echt kleuren en licht spectakel. Alle kleuren van licht geel tot oker. Mooi geerodeerde rotsformaties en echte zandduinen. In plaats van terug te rijden via de baan kan men beter omdraaien en het in de andere richting over doen  geeft een heel ander zicht. Als men zelf rijdt moet men wel oppassen niet vast te rijden in het mulle zand. Als er een beetje wind is is er van het spoor op sommige plaatsen niet veel meer te zien. Op sommige plaatsen is het baantje wel heel smal en vooral in de late namiddag is er wel wat verkeer. Om niet teveel tegenverkeer te hebben: de meeste tours vertrekken via Calle Caracoles en komen langs de grote baan terug.
    De tocht naar de geiseres del Tatio hebben wij niet gedaan. We veronderstellen dat het heel mooi moet zijn. Het stijgingspercentage ligt voor ons te hoog  in 90 km (2u rijden) van 2500m naar 4500m hoogte lijkt ons nu niet verstandig. (komende van N.Argentina of Bolivia is de overgang veel geleidelijker) We willen er ook geen meerdere dagen voor uittrekken, Het is een moeilijke beslissing.
    Wat doen we dan met Lauca NP?? Daar zullen we dan met hetzelfde probleem zitten. Na een nachtje geslapen te hebben (achter het museum vonden we een prachtig overnachtingsplaatsje) hakken we de knoop door.
    Zowel Tatio als Lauca zullen we later combineren met Peru en Chile en dan zoals onze eerste planning via de Braziliaanse laagvlakte starten en langzaamaan hoogte winnen en aanpassen.
    Onderweg terug naar Calama stoppen we nog herhaaldelijk om van de mooie uitzichten te genieten.
    We zijn juist op tijd in Chuquicamata om de mijn te gaan bezichtigen (vertrek om 10 u) Het bureel waar men moet inschrijven bevindt zich op de hoek van Av JM Carrera en Tocopilla. De begeleide tour is gratis maar men vraagt een kleine gift voor het kinderziekenhuis. Er is eerst een montage met uitleg in Spaans en moeilijk te verstaan engels. Vragen om langzamer te praten helpt. Daarna rijdt men per bus naar de mijn. Het is de grootste bovengrondse kopermijn ter wereld. Er werken iets minder dan 10000 mensen die zeer goed betaald worden en met zeer goede sociale voorzieningen. Navertellen heeft geen zin; het is zo gigantisch dat men het moet gezien hebben om zich een idee te kunnen vonnen. De afmetingen van de trucks  de banden  de diepte van de put waar trucks als mieren tegen de wanden opkruipen. Eén op 10 trucks sproeit water over de wegen om het opstuiven van stof te verminderen. We waren serieus onder de indruk.
    Van deze bedrijvigheid rijden we naar het schattige dorpje Chiu Chiu. En daar is het weer dat gevoel van te willen blijven. We parkeren onder de bomen aan de plaza rechtover de school (steeds goed voor een babbeltje). Het dorp bestaat uit één lange mooie hoofdstraat met een paar zijweggetjes. Een paar kleine winkeltjes, zelfs een souvenirwinkeltje met prachtige wandtapijten, één enkele geparkeerde auto aan de post, zelfs een hotelletje, maar zo ver we kunnen zien geen andere toeristen. Het mooie kerkje is gesloten. De vrouw die de sleutel heeft is op doktersvisite naar Calama. We wachten wel. We hebben tijd. Wat lezen en schrijven; de bedrijvigheid aan de school in 't oog houden. De schooldeur is altijd open. De kinderen komen er na de schooluren spelen of hun werk maken (geen opvang door volwassenen) Iets voor 20u horen we het klokje kleppen en zien we dat de deur openstaat. Ik vind het kerkje nog mooier dan dat van San Pedro. Een paar vrouwen en een achttal kinderen bidden een rozenhoedje. Daarna is er een discutie. Onze blijken van interesse lopen uit op de geijkte vragenlijst. Alleen vraagt men ons hier ook of wij katholiek zijn of communist  met rechtstreekse vragen heeft men hier geen probleem.
    Het valt ons hoe langer hoe meer op. Argentijnen spreken u spontaan aan en vertellen over van alles en nog wat; Chilenen moet ge eerst zelf aanspreken en starten dan met een reeks vragen over uw persoonlijk leven maar over het hunne zijn ze zeer terughoudend, vertellen alleen dat ze arm zijn en met hard werken zeer weinig verdienen wat je steeds een nogal ongemakkelijk gevoel bezorgt.
    De dag was heel warm maar nu daalt de temperatuur heel snel. Blijkbaar kan het hier 's nachts heel koud worden; veel kouder dan in San Pedro dat nochtans op dezelfde hoogte ligt. We leggen dan maar direkt een slaapzak bij.
    Om 6u30 schijnt de zon reeds door de gordijnen. Het is nog erg fris buiten. Voor we verderrijden gaan we toch nog maar eens zien voor een wandtapijt.. ik vind ze heel mooi en trakteer mezelf.

    28-12-1999 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    27-12-1999
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.5 terug zuidwaarts, nog 2x de Andes over en naar huis
    Terug zuidwaarts
    Als we niet naar Lauca gaan vinden we het ook niet erg zinvol om meer noordwaarts te rijden. We rijden recht naar Tocopilla. Hier en daar verlaten mijnsites en een mijnstadje. Veel electriciteitsleidingen en een spoorweg. Veel vrachtvervoer. Weinig inspirerend.
    De afdaling naar de stad is dan wel mooi. Tocopilla is een nette stad. Spijtig dat de strandboulevard opengebroken ligt.
    We ontdekken dat er een dikke vijs in de groef van de band steekt. Durven ze er zelf niet uittrekken, bang voor een perforatie. In het centrum naar een vulcanisation. Ze trekken de vijs eruit en checken of ze er door zat: geen probleem. (hebben tot nu toe geluk gehad  nog geen bandenpech wat gezien de toestand van de wegen en de afgelegde afstand een wonder mag heten. Men ziet dan ook heel veel "vulcanisationes" zelfs in de meest verlaten oorden)
    We vinden een rustig plaatsje op de rotskust. Er zijn een paar zwempoelen afgebakend, een picnic plaats, restaurantjes.. We zitten tot heel laat buiten. Hier aan de kust zakt de temperatuur ’s avonds niet zo veel.
    Op een paar honderd meter is er een bakker voor morgenvroeg. Jongeren halen al duikend "loco's" boven en komen ze ons te koop aanbieden. Ze begrijpen niet dat ik er geen zin in heb alleen het uitzicht brr.
    We volgen de kustweg naar Mejillones. Een mooie rotskust met hier en daar diepe insnijdingen (soort calanques) en heel mooie plaatsjes om uit te rusten en te genieten. Méjillones is een rustig en mooi stadje. Aan de strandblvd is er een mooie parkeerplaats. Men is er bezig een nieuw Shellstation te bouwen. Een paar mannen moeten het hele zaakje bewaken en wij zijn verzekerd van goed gezelschap. Werk, economie en verkiezingen; het zijn de gespreksonderwerpen waar we niet onderuit kunnen. Ze kunnen maar niet verstaan dat wij ook in andere zaken dan het strand geinteresseerd zijn.
    De telefooncellen doen het weer niet   slikken alleen maar geld. Dan maar naar Entel waar ze 700p/min vragen. Goed nieuws thuis  wij blij. We zitten buiten tot na middernacht. De mannen wisselen van ploeg en wij duiken in bed.
    Bij het wakker worden schijnt de zon  fel door de gordijnen. Om 8u is het reeds goed warm.
    Voor we aan onze lange rit door de woestijn beginnen rijden we tot aan de portada. Een geerodeerde rots in zee noord van Antofagasta, lijkt wel een brug en uitgeroepen tot nationaal monument.
    We nemen de strandboulevard door de stad en stoppen alleen om wat mondvoorraad in te doen voor we het grote "niets" inrijden.
    De zon brandt op de hoogvlakte. De omgeving spreekt ons niet erg aan en Louis zet stevig de voet op het gaspedaal. Rechts van de weg zien we een vreemdsoortig kunstwerk. Een enorm grote hand vol graffiti. We stoppen en verwonderen ons dat we dit op de heenweg niet gezien hebben. Hadden we zo ons verstand op nul gezet?? Waren we zo versuft door de warmte en eentonigheid van de weg??
    We kopen een bol kaas van een paar jongeren. Verjagen een paar opdringenge verwilderde honden. Houden een lange middagpauze. Zijn blij als we na meer dan 400km weer wat bomen zien in Taltal.
    We vinden een rustig plaatsje achter de vismijn. Het stadje is klein. Er is niet veel te zien maar toch voelen we ons prima.
    Een paar vissers zijn een bootje aan ‘t repareren. Of het nog zeewaardig wordt lijkt mij niet erg waarschijnlijk. Ze wijzen op de naam "Titanic" en vragen of we geen zin hebben om te gaan vissen. Zou me eerder visvoer dan visser voelen vertel ik hun.
    Op de pier is men volop boten aan 't lossen. Hele zakken inktvis, loco's en piure (vraag me geen vertaling ik weet het nog steeds niet). Vrouwen sorteren de inktvis naar grootte  ze meten de lengte van de "armen"  het resultaat en gewicht wordt per visser in een dik, vies bekladderd schrift bijgehouden.
    Als we op een bank in de zon tegen de muur van de vismijn gaan zitten duurt het niet lang voor we gezelschap hebben.
    We willen wat vis gaan kopen maar er zijn alleen maar van die soorten slakken in schelpen en ze kunnen me echt niet bekoren. Men probeert ons te overtuigen dat het heel lekker is. Na een tijdje is het zo ver dat ze het ons willen demonstreren. Ze halen de beesten uit hun schelp en spoelen ze af onder de kraan. Ze willen ze voor ons frituren in de kampeerauto. Een pan   een béétje olie (de olie staat l cm hoog in de pan!!!) waar ze de stukgesneden slakken ingooien  kruiden (als ze tussen onze kruiden niet vinden wat ze nodig hebben gaan ze met de pan naar het restaurant er tegenover om er kruiden op te doen  daar er geen volk in het restaurant is komt de kok ook mee) Met 6 in de auto en 10 man errond. De olie spat in 't rond   straks steken ze ons boeltje nog in de fik. Druipend worden de stukken uit de pan gehaald en verdeelt over al de borden en bordjes die we hebben. Iedereen wacht op ons om te proeven. Het lukt me om een stukje in mijn mond te steken maar vraag me niet naar de smaak Het was zo fel gekruid dat ik van het beestje niet veel heb geproefd (misschien best zo   slakken, wormen en maden, slangen en krokodillen ik slaag er maar niet in mijn weerzin te overwinnen) Alle anderen vonden het muy rico. We betaalden met plezier een extra portie voor hen. Ze zullen deze avond thuis aan 't vrouwtje weer wat kunnen vertellen.
    Ze nemen Louis mee achter in hun pic-up om onze gaflessen te gaan vullen.
    Louis had tijdens het kookexperiment wat snoepjes uitgedeeld aan de kinderen. Nu komen ze voortdurend naar hem vragen. Begin me ook wat ongerust te voelen als hij te lang wegblijft. Hij mocht onderweg overal op visite   drongen zo erg aan dat hij niet durfde weigeren en daar hij bij de ene mee naar binnen ging moest dat ook bij de anderen.
     's Avonds willen we buiten nog wat lezen. Daar komt niet veel van terecht. Caballero, una pastilla por favor! Wie kan dat nu weigeren. Ze komen hun werkjes laten zien die ze op school gemaakt hebben  ééntje ging haar schooluniform en schoenen aandoen... We gaan dan maar binnen verder lezen. Lang nadat wij onder de wol kropen hoorden we ze nog spelen rond de auto. Zelfs kleuters spelen hier tot ver na middernacht op straat.
     's Nachts hebben we allebei last van buikkrampen en diarree:  te vettige slakken?

    Geen van beide voelt zich fit vandaag. We maken er dan maar een slenterdag van.
    Rond de middag stoppen we ergens in de woestijn. De buik nog steeds niet in orde. Een paar tassen thee volstaan. We ruimen de wagen wat op en doen onze was. Een trucker komt ook zijn middagdutje doen en wij maken van de gelegenheid gebruik om onze wasdraad tussen de twee wagens te spannen. Zon en wind. Na eer uurtje is onze was droog.
    We rijden nog wat verder en vinden een prachtplaatsje. De kust is heel grillig en rotsachtig met veel prachtige stranden. Het enige teken van bewoning zijn een paar verlaten vakantiehuisjes een paar km verder.
    We installeren ons in de schaduw van de wagen. Zelfs na het vallen van de avond blijft het warm zodat we nog lang van de sterrenhemel genieten.
    Als we al een tijdje in bed liggen hoor ik stemmen. Onze papa zegt dat ik te lang in de zon heb gelegen of begin te hallucineren door die slakken van gisteren. Hij kijkt eens buiten maar het is zo pikkedonker dat hij toch niets kan zien.
    Om 3u30 schiet ik wakker en hoor gitaar spelen. Ik zie geflikker. Als ik onder de gordijnen kijk zie ik op een tiental meter van ons een kampvuur. We realiseren ons dat het vrijdag is - het WE begint en de jeugd is op stap.
    Kilometers ver is er open ruimte en naast ons hebben ze hun tentjes opgeslagen.
    Als wij 's morgens opstaan is alles stil. Wat verderop zijn wat families neergestreken. 's Middags staan ook onze buren op en maken we kennis. Nadat ze uitgebreid hebben geeten breken ze hun boeltje op en vertrekken. Ook de andere families zijn vertrokken. Om 14u hebben we het land weer voor ons alleen.
    In de late namiddag gaan we nog een stukje rijden. Even voorbij het centrum van Caldera, is er ook veel parking maar we herinnerden ons Bahia Inglesa ook als een leuke overnachtingsplaats. Het is al donker als we op ons plaatsje aankomen. Het duurt niet lang voor we in bed liggen na 2 onrustige nachten.
    Om 5u stopt er een bus naast ons. Hebben allicht de ganse nacht gereden en willen nu een plasje doen en hun benen strekken. Onze papa hoort er niets van; ik draai me ook om en slaap verder. De bakker is toch niet open voor 9u.
    Ergens halfweg tussen Copiapo en Vallenar houden we onze middagpauze. We hebben tijd genoeg, we zijn terug in het woestijnritme, de desolaatheid van het landschap stoort ons niet.
    Huasco gaan we eerst even met de wagen verkennen. Zoals alle stadjes is ook hier het opvallendste gebouw de kerk. Door de hoofdstraat komen we aan de vissershaven. Er is weinig parkeerplaats. Van hieruit hebben we zicht op de oude overslaghaven. We rijden het bergske af en rijden langs de kust terug. Hier zijn wel een paar mooie overnachtingsplaatsen. Goed voor straks. We rijden door en moeten wat slalommen tussen afgebroken barelen en slechte beton. Als we op 't eind over een smal bruggetje, zonder zijbescherming, rijden komen we op het strand. Er is vrij veel volk. We zwieren onze stoelen buiten en gaan luieren. Een man komt ons vis aanbieden; 10 vissen voor 1000pesos. Ok als hij ze voor ons wil kuisen. Het zijn geen al te grote vissen en allicht heeft hij ze gekregen van een schipper als vergoeding voor het opknappen van een werkje. Zagen in verschillende vissershavens dat helpers bij het lossen en versjouwen naar de vismijn in natura betaald werden.
    Als de avond valt zoeken we ons plaatsje op op de parking boven op de rots. Een paar mannen werpen er hun lijn, een gewone visdraad met lood en haak, uit. De vangst is redelijk goed. Een van de vissers zat vroeger op de lange vaart en deed heel veel wereldhavens aan. Hij is fier engels te kunnen praten maar ook hij weet geen andere benaming voor loco en piure.
    Van Huasco naar La Serena rijden we weer door een prachtig stuk natuur. Bergachtig. Mooie uitzichten. Weinig trucs maar wel heel veel families onderweg.
    La Serena heeft een aangename strandboulevard maar het is er vandaag heel druk en dat zijn we niet meer gewoon. We gaan naar "Lider" een enorm shoppingcentrum onze voorraad aanvullen. Louis heeft van het veel in de zon zitten de laatste dagen nogal een rode kleur gekregen. In de cosmetica afdeling veroorzaken we wat commotie als we twee flacons Nivea (beschermer en after sun)mee naar de kassa nemen. Men toont ons de producten die zij gebruiken   ze zijn veel goedkoper en even goed ge hoeft geen twee flacons te nemen  en nog veel uitleg waar we, daar ze allemaal dooreen ratelen niet veel van verstaan. We bedanken voor hun hulp maar kopen een tijdje later toch maar vlug onze nivea. Aan de fruitafdeling zijn de plastiekhandschoenen om het fruit op te pakken op  iedereen wacht geduldig tot ze weer aangevuld zijn  niemand haalt het in zijn hoofd met de blote hand fruit of groenten aan te raken. We hebben de indruk weer meer in de fruitstreek te komen. Er is een grote keuze en voor een warenhuis zelfs vrij goedkoop. Ook hier krijgen we weer hulp bij het uitzoeken van papaya's en andere vruchten die we willen proberen. De dame die het fruit moet afwegen gaat zelfs ongevraagd voor ons op zoek naar een paar streekspecialiteiten om te proeven. Winkelen is hier steeds weer een belevenis. Gaat ge naar de bakker dan moet ge proeven van hun zelf gebakken koekjes ; in een klein groenten en fruitwinkeltje zoeken ze u de beste stukken uit of geven je tussendoor een receptje mee  in de vissershavens fileren ze uw vis, moet ge piure proeven of komen ze slakken bakken;  in warenhuizen krijgt ge van zowat iedereen raad als ze vinden dat ge u als een onwetende buitenlander gedraagt. Als we na een paar uur terug buiten staan is de drukte nog toegenomen.
    Aan de Faro monumental is het zelfs file rijden. We volgen de kustweg richting Coquimbo. Nabij de campings gaat de asfalt over in grintweg. Het is één grote parkeerplaats maar daar het zondagavond is vermoeden we dat het druk zal worden met op en af rijden van koppeltjes. We beslissen door te rijden tot Tongoy en gaan weer overnachten aan
    het voetgangersbrugje.
    Ook hier doen de openbare telefooncellen het niet. Slikken alleen maar geld of je krijgt een operator aan de lijn die geen engels spreekt en in snelvaarttempo een uitleg afvuurt. Ik ga dan maar naar Entel. Ook daar lukt het vandaag niet. Misschien morgen wel vertelt de juffrouw. Ik dacht dat ze dat alleen zij om zich wat te verontschuldigen maar nee hoor; de dag erna werkte alles weer perfect en lag Belgie weer aan de andere kant van de lijn...
    Vandaag blijven we de ganse dag aan Playa Grande. We zien dezelfde families wier uit zee halen.
    De herstellingswerken aan de boot van Manuel zijn heel goed gevorderd hij is al aan 't opschilderen.
    We willen wat lezen maar er is zo veel te zien dat het bij een paar blz blijft.
    We helpen wat bootjes op 't droge slepen. Al de vissersbootjes worden hier met mankracht aan land gesleept   een paar ronde balken en een lier zouden hun werk wel kunnen verlichten  maar ja, wie ben ik om hun manier van werken te willen corrigeren!
    Wat verder op de hoek heeft een jong gezin een restaurantje geopend. Wachten vol verwachting op het begin van 't seizoen. Het is hun eerste zaak en ze hebben er alles ingestoken. Wij zijn hun eerste echte klanten. We bestellen het dagmenu: casuela en vis met groenten 1800pesos. Als ze de soep brengen schrikken we wel even: soep met een groot stuk kip, een halve maiskolf  rijst  boontjes en twee aardappelen. Normaal is dat voor ons zelfs teveel voor een ganse maaltijd. We proberen wat pauze in te lassen door een babbeltje te slaan. Daarna serveert men de visschotel: een hele, grote vis en een apart bord met groenten en een schotel rijst. Doorgaans is uiteten gaan hier steeds wel copieus maar dit is werkelijk van het goede teveel. De dagschotels en locale keuken is ook spotgoedkoop. Het gebeurt dat men voor een cola en een kleine koffie na meer betaald dan voor het ganse menu.
    De vissers verzekeren ons dat de zee in dit seizoen niet verder opkomt en dat we de nacht rustig op het strand kunnen doorbrengen.

    Als wij wakker worden zijn de mensen reeds druk bezig met algenverzamelen. We voelen ons wat verlegen met onze manier van leven en relatieve rijkdom en benijden hun langs de andere kant voor de rustige en gemoedelijke manier waarop hier gewerkt wordt. Hoog in het dorp zien we een andere camper rijden. Voor we 's middags willen opbreken komen ze ons gezelschap houden aan het strand. Het zijn Argentijnen uit Toledo. Zij trekken noordwaarts. We delen onze ervaringen, wisselen adressen uit en hopen hun binnen een paar jaar in Europa terug te ontmoeten. We zitten weer op de peaje richting Los Villos. Onderweg geen mogelijkheid om te stoppen door de wegenwerken. Ze hebben over ettelijke km één baanvak volledig uitgegraven.
    Los Villos. Op de kustbaan is heel wat parking maar ofwel te kort bij de draai waar de bussen en trucs optrekken of juist naast de rijweg. We blijven buitenzitten tot de zon ondergaat.
    Bij de heenrit waren we hier reeds gestopt aan het vissershaventje met restaurant. Toen we hun vangst van nabij gingen bekijken waren ze daar niet zo mee gediend. Nu kunnen we zelfs niet meer gaan kijken want er is een afsluiting geplaatst rond de haven.
    We zetten ons op de parkeerstrook naast een paar gesloten houten hokjes. Als papa, in 't donker, tussen de rotsstenen een plasje gaat doen kijkt hij plots in het schijnsel van een sterke pillamp. Het is één van de wachters rond de vissershaven. Weet niet wie het hardst geschrokken is : onze pa of de wachter.
    Om te overnachten gaan we toch maar op de grote parking achter het busstation staan. Het is er heel rustig en er schijnen geen grote lampen van de haven door de gordijnen.
    's Morgens is het busstation open en is het er gedurende hooguit een half uurtje een komen en gaan van bussen en locale collectieve taxi's. Daarna wordt alles weer gesloten tot 's avonds.
    Terug op de baan zien we weer veel fruitstallen staan met een heel gevarieerd aanbod, alles locale teelt: kersen, aardbeien, appelen, appelsienen, mandarinnen, pomelo's, citroenen, abrikozen, perziken, nectarinen, pruimen, papaya's, mango's, shirrymoya's, meloen en watermeloen, cactusvruchten, mispels , noten en een heel deel die we zelfs niet kennen. We kunnen aan een spotprijs onze voorraad indoen. We schaffen ons ook een paar bokalen aan met ingelegde papaya's (heel lekker) en een notenpasta.
    Pichidangui is onze volgende halte. We voelen dat we korter bij Santiago komen. Er staan hier al veel mooie vakantiehuizen. Ook het vissershaventje heeft zijn soevenirwinkeltjes en de omgeving is heel netjes aangelegd met parkjes en rustbanken. De frisdrankstalletjes op het strand zijn wel nog geslotenen en dienen alleen als schuilplaats voor de alom aanwezige zwerthonden.
    We rijden verder door het stadje langs de zeer mooie rotskust en houden halt aan het kerkje. Een pareltje. Ligt op de rotspunt. Binnen zijn de zijwanden van glas en kijkt men langs beide kanten op de rotsen en klotsende zee. Het is een moderne kerk die er zeker nog niet lang staat   toch steken er boomkruinen door de muren  allicht rond de bomen gebouwd  konden het door de rotsen niet van kortbij bezien. Het geheel charmeert ons enorm  er straalt zo'n rust uit van dit plekske.
    Los Molles kunnen we niet in. We rijden steeds dood op wegenwerken. Spijtig want het lijkt ons een leuk stadje. Aan de kruising met de hoofdbaan wippen we binnen in een kunstatelier. De man is zeer vaardig met leer en hout  heeft verschillende kunstwerkjes hangen gemaakt van allerlei nieuwe en oude materialen. Zelden een man gezien die zo fier was over zijn werk en met zoveel overtuiging kan praten over de materialen waarmee hij werkt. Zijn leerbewerking is heel mooi (heeft een paar heel mooi bewerkte koffers staan).
    Papuda vinden we mooi en gezellig. We zien een schitterend parkeerplaatsje maar spijtig  no casas rodantes... Het is de eerste en enige plaats waar we dit in Europa zo goed gekende verkeersbord tegenkwamen.
    We parkeren aan de strandboulevard. Aan 't uiteinde van 't strand houdt de Chileense vrouwengilde een piknik. Chilenen houden van zoet, Aan een kioskje laten we ons helpen bij het uitkiezen van wat eigengemaakte snoep.
    Ze vinden dat we hier in Papuda een paar dagen moeten blijven. Als we hun wijzen op het bordje tonen ze ons een parking aan 't strand aan de noordkant. We moeten zeker niet op de Camping communal gaan want daar vragen ze zelfs geld om te piknikken (10 000pesos) zelfs van de lokale bevolking  de burgemeester deugd niet  (gemeentepolitiek in Chile verschilt niet zoveel van die hier bij ons ondervinden we   ook hier kent men zijn vriendjes)
    Papuda is wel de moeite om eens rond te wandelen  heeft nog een deel heel oude koloniale gebouwen die mooi opgefrist zijn.
    Naar Zapallar loopt de weg heel hoog over de rotsen. Op de heenweg waren we even de steile helling naar het dorp ingereden maar het leek ons nogal smal met de camper. Vandaag proberen we het toch. Langs een smal kronkelend baantje komen we aan het strand. We rijden voorbij aan prachtige villa's. Een dorpscentrum hebben we niet gezien en wegwijzers zijn ook hier onbestaande. Iedereen die hier woont kent de weg wel en de anderen ja, die blijven weg of zoeken het maar uit. Beneden is er een mooie parking aan een prachtig zandstrand. In het park aan de achterzijde is een piknikplaats. Langs de kust, over de rotsen en aan de voet van prachtig aangelegde tuinen, loopt een mooie wandelweg met zeer oude bomen. Er is wel wat volk op het strand, vooral jongeren die komen sporten. Een paar bezoekers voor het chique restaurant een beetje verderop. Het is hier heel mooi maar we missen toch wat het sfeertje. Het is te fel opgepoetst. We hebben een prachtige zonsondergang en het wordt heel rustig. De verlichting op de parking belet dat we tenvolle van de sterrenhemel en de heldere maan kunnen genieten. We moeten zelfs onze verlichting niet aan doen om ons bakske klaar te maken voor de nacht.

    Het is al laat als we wakker worden. Buiten is er geen mens te zien. We hebben het strand en de zee , de hele wereld  voor ons alleen. We doen rustig aan. Op de piknik plaats nemen we water om onze container bij te vullen. Een gemeentearbeider ruimt blikjes en papiertjes op het strand. We proberen een andere baan om omhoog te rijden en komen uiteindelijk toch in het centrum. Er is heel wat aktiviteit. Er zijn zelfs veel handelszaken en opvallend veel banken ook. We moeten even de richting vragen om terug op de panamericano te geraken. Langs deze kant is de baan tot onze opluchting niet zo smal.
    La Laguna. We verkennen eerst het stadje aan de noordkant van de lagune. Hier veel gewone vakantiehuisjes. Aan een garage bevragen we ons waar we olie kunnen laten wisselen daar we nergens een plaats zien waar het hoog genoeg is om met de camper binnen te rijden boven de put. Hij weet het niet. De meeste transportfirma's doen hun onderhoud zelf. Misschien kunnen we het bij hen vragen... We zullen wel zien. Hebben geen zin om in een stad te gaan zoeken naar transportfirma's.
    We rijden in Puchuncavi nog wat verder zuidwaarts langs de kust tot in Las Ventanas.
    Hadden gehoopt hier nog een rustige dag aan zee door te brengen. Het valt tegen. Voor het stadje is het één grote werf en het stadje zelf is heel oud.
    De baan naar Horcon loopt door het binnenland brengt dus ook geen soelaas. We keren, rijden door een heel smal straatje naar de vissershaven. Voor de laatste maal doen we een verse portie vis in. Kunnen niet wisselen en moeten al ons kleingeld bijeen rapen  juist genoeg voor de vis en een fooi voor het kuisen.
    We rijden terug tot Puchuncavi en nemen de baan naar Nogales. Deze keer betalen we tol voor een baan die er werkelijk bij ligt als een biljarttafel.
    Van Nogales naar San Felipe. Nogmaals een tolbaan maar deze keer eentje met enorme gaten
    Het laatste stuk voor San Felipe is daarbij nogeens zeer druk. Het is de aanloop naar de voornaamste grensovergang tussen Chile en Argentina.
    Onderweg is er weer heel veel aanbod van fruit. We laten ons weer verleiden met kilo's shirymoya's (in Europa alleen te vinden tussen Motril en Granada in Spanje  maart en april) We vergeten dat we ze niet mee over de grens mogen nemen.
    In San Felipe in het Shell station kunnen we de wagen laten nakijken. Vervangen olie- nieuwe oliefilter luchtfilter uitblazen  andere vloeistoffen checken en bijvullen enz,. En betalen daarvoor nog geen 1 000bf
    Er zijn verschillende goede overnachtingsplaatsen hier. Het is echter nog vroeg en we denken in Los Andes ook wel een goed plaatsje te vinden.

    Los Andes is een typische grensstad. Veel drukte  veel vrachtverkeer veel bussen en zo goed als geen parkeerplaatsen. Het is een echte mierennest. We rijden kriskras door de stad maar de drulte werkt me op de zenuwen  ik wil hier zo vlug mogelijk weg.
    Wegwijzers???ja, richting Santiago maar daar moeten we helemaal niet naar toe. Ons richtingsgevoel zet ons op het verkeerde spoor. Vragen maar. We hebben al zo dikwijls de weg moeten vragen dat onze woordenschat op dat gebied wel goed bijgewerkt is.
    Na Los Andes zijn er hier en daar wel een paar kleine parkings maar die staan vol trucs. We rijden nog wat verder en vinden uiteindelijk een redelijk ruime plek. We zijn ondertussen al wat geklommen en het is serieus fris buiten. Een paar kinderen met schapen steken de baan over en roepen ons wat toe. Het is te koud om lang op te blijven en we zijn moe van al die drukte in Los Andes. Van het gerij op de baan hebben we geen last. Het duurt niet lang voor we slapen. Onze papa is me natuurlijk weer voor en snurkt de pannen van het dak.
    Rond 1 u volle ambiance. We hadden het kunnen weten. Onder zullen de parkings vol zijn en wij krijgen gezelschap van een achttal carnions. Ze kennen mekaar. Een van de mannen heeft zo te zien problemen met zijn wagen. Met vereende krachten en veel getier wordt het probleem opgelost. Een koelwagen houdt zijn motor draaiend. Het is me het nachtje weer. Bij de eerste klaarte om 5u30 vertrekken ze weer. Wij kunnen ons gelukkig nog eens omdraaien. Wij moeten niet leveren, niemand wacht op ons. En we slapen tot 9u30!
    De zon schijnt op de wagen en heeft hem al wat opgewarmd. Buiten is het fris. Maar de lucht is blauw geen wolkje aan de lucht. Zalig weer om door de bergen te rijden.
    De baan heeft een serieus stijgingspereentage en zit vol korte haarspeldbochten. Camions hebben het heel moeilijk. We zien er zelfs een paar stilstaan op de baan. Wij doen het rustig aan en ons bakske doet het zonder problemen. Het is een prachtige brok natuur. Wat ons opvalt aan de Andes zijn de vele kleuren: van beige tot donkerbruin  wit,grijs tot zwart  geel tot oker  bordeaux en alle tinten groen. Er zijn niet veel uitwijkmogelijkheden maar af en toe hebben we toch de kans om te stoppen en te genieten. Het is zalig.
    De voornaamste grenspost van Chile en dat zal men weten: groot gebouw, veel personeel en heel veel tralala (weet niet in hoeveel boeken we ingeschreven werden en aan hoeveel personen de papieren werden doorgegeven  het nam in alle geval veel tijd in beslag  lopen zeker niet over van vriendelijkheid vooral niet tegenover hun eigen volk)
    We betalen 1900 pesos tol voor Llaylay tunnel.
    Voor we aan de bareel van de Chileense Nat.politie zijn stoppen we om te lunchen. We hebben nog wat ajuin, tomaten en fruit en zijn niet zinnens ons daarmee problemen op de nek te halen. Blijkbaar vertrouwen ze niet dat we daar stoppen we moeten eerst over de bareel en onze afgestempelde papiertjes afgeven (waren ze bang dat we illegaal Chile terug inreden???) Vanwaar we hier zitten hebben we een prachtig zicht op de Aconcagua. ( met 6959m hoogste berg van Zuid Amerika) Niettegenstaande we op 3 100m hoogte zitten duidt de termometer 26oc aan.
    In de late namiddag breken we op. We moeten nog een heel stuk bergop tot Argentina.
    Aan de Argentijnse grenspost gaat het heel vlot. Men rijdt onder een galerij en boven een put en terwijl de ene de papieren in orde maakt wordt onderaan de wagen nagekeken (op verstopte smokkelwaar of op personen?). Eens terug buiten moeten we bij de douane de camper opendoen. Wat een ravage. Blijkbaar had ik de deur van de keukenkast niet goed gesloten. Door de vele haarspeldbochten is mijn pot met notengelei op de grond kapotgevallen en in alle richtingen over en weer gerold. Heel de vloer is één kleverige boel met stukken glas. De douaniers helpen ons zelfs opruimen en halen emmers water aan om te dweilen.

    Terug in Argentina

    De afdaling richting Mendoza gaat heel geleidelijk. De baan is goed  mooi kleurenpalet  uitzicht op Aconcagua en andere zesduizenders.
    Puente del Inca. Uitvalspunt voor bergbeklimmers en bergwandelaars. Ook het mountainbiken heeft hier zijn aanhangers. Georganiseerde tochten te paard. (als wij aan Argentina denken, denken wij automatisch aan paarden   zoveel hebben we er gezien)
    Er is een grote natuurlijke brug over de Rio Mendoza, geel oranje door het afzetten van de warme solferbronnen. Aan de voet van de brug zijn nog resten van thermale baden waar men kan pootje baden. Er zijn wat stalletjes met locale artisanale produkten en veel prullaria maar het sfeertje is er leuk. Niet opdringerig, geen bedekte opmerkingen over rijke toeristen en arme bevolking zoals in Chile nogal eens het geval is;  een paar mannen dansen op Salsa muziek. Als we interesse tonen voor de muziek krijgen we uitleg over de verschillende soorten muziek in de verschillende regio en noteren ze voor ons de naam van zanger en titel cd die we zeker in één of andere stad moeten kopen (niettegenstaande ze zelfs cd's verkopen)
    Een oudere gaucho komt er ook bijzitten en heeft ook zijn verhalen. Voor we het beseffen zakt de zon achter de bergen en daalt de temperatuur drastisch. Tijd om op te krassen. We willen nog afdalen naar Uspallata. We vermoeden dat het daar deze nacht niet zo koud zal worden. In Puente del Inca daalt de temperatuur 's nachts nog tot onder het vriespunt.
    We rijden wat door het stadje. Uspalata heeft de allure van een grensstadje maar is toch heel rustig. Er zijn verschillende mooie parkings nabij de verbindingswegen maar we vrezen er 's nachts het gezelschap te krijgen van het vrachtvervoer. We dalen af richting Mendoza en vinden een geschikt plaatsje op een heel grote parking achter een benzinestation. Het sanitair is er picco bello en de warme douches gratis (men mag achteraan op de parking ook gratis een tentje opzetten) Onze watercontainers vullen we met de brandslang.

    Er rest ons nog maar een weekje en we zitten nog ver van Villaricca. We rijden door Tupungata (vrij groot) en Tunuyan (vrij druk) en via Pareditas (een paar huizen) naar San Rafael.
    Er zijn veel uitstapmogelijkheden van hieruit maar wegens  tijdgebrek raadt men ons op het tour info aan zeker Valle Grande te doen. Bij het verlaten van San Rafacl doen we aan een straatstalletje onze voorraad fluit in en proeven er van hun zelfgemaakte brood.
    We rijden tot Rincon del Atuel  een mooi stadje. Van hieruit volgen we de Rio Atuel naar Valle Grande (heel aangenaam) Er zijn heel veel parkings  piknikplaatsen, campings en cabanas. Het is zondag, mooi weer en daar genieten ook de argentijnen van. Overal hebben ze de BBQ aan. Ook op de kleine rivier is het druk. Ze stroomt vrij snel en heeft verschillende serieuze stroomversnellingen; ideaal dus voor kayak. We vinden eenmooi plaatsje nabij zo'n stroomversnelling en genieten van de ambiance. Argentijnen zijn luidruchtige supporters en ook hier staan de beste stuurlui aan wal..
    De bestijging naar de afdammmg is heel steil  gravel met diepe putten en hoe hoger we komen hoe smaller de weg. Als we uit een smal, donker tunneletje van een paar honderd meter komen is het even paniek. Een scherpe, steile bocht naar links, politie, een sliding. Ze staan te molenwieken dat we snel moeten doorrijden maar wij hebben geen zicht op wat er achter ligt. Al schuivend raken we erdoor.
    Van uitblazen is geen sprake want het wegske kronkelt verder en er is geen uitwijkplaats voor tegenkomend verkeer. Boven aan de barrage hebben we een prachtig zicht op het meer en de vallei. De weinige parkeerplaatsen zijn zoals steeds overvol. We moeten goed uitkijken om te ontdekken waar de weg verder loopt. Van even op de kaart kijken is geen sprake. Als we even een klein hoekje zien bevragen we ons daar de weg die we zien er verschrikkelijk slecht uitziet. Het is ofwel terugkeren via de sliding of verder rijden richting El Nihuel. Alleen de eerste 5 km zou heel slecht zijn  men is er ook aan de weg aan ’t werken- de andere 45 km is een goede gravel vertelt men ons.
    We wagen het erop. De weg is verschrikkelijk slecht. We vrezen even dat we er niet heelhuids uitkomen. Wat doen we? Verder of terug? Misschien wordt het toch beter. We sukkelen van de ene put in de andere tegen 10km/u. En ja, na een deel km wordt de baan beter en naderen we de canyon.
    Het is prachtig, diepe kloven, prachtige rotsformaties. We stoppen voortdurend om het uitzicht te bewonderen. Plots gaat de weg heel steil en heel smal langs de bergwand met heel scherpe haarspeldbochten. Ik hou mijn adem soms wel even in. Eens boven weer een prachtig uitzicht. Bij de afdaling wordt de weg weer breder. Af en toe moeten we door "banderas" en "dips", afwateringsgeulen waar nog water in staat   soms een paar cm maar soms redelijk diep, Soms voelen we de wagen slippen. We komen aan de eerste elektriciteitscentrale. Plots stopt de weg. Gelukkig zijn er een paar mannen waar we ons kunnen bevragen en we geloven onze oren niet als ze ons vertellen midden door de centrale te rijden. De natuur blijft onvoorstelbaar mooi maar we vorderen langzaam.
    We hopen voor het donker wordt door de kloof te zijn. We zien onderweg geen uitwijkplaatsen om te overnachten  De weg is werkelijk uit de rotsen gekapt.
    Bij de tweede centrale moeten we gewoon door de overloop van het afkoelingswater rijden. Hebben ze hier geen last van vandalisme vragen we ons af Zien dat in Belgie nog niet gebeuren.
    We rijden nu al 3u door de kloof Het blijft even mooi. Hebben geen idee hoe ver we nog van de bewoonde wereld zijn. Zijn onderweg goedgeteld 1 wagen tegengekomen. Als we de derde centrale zien liggen weten we dat we nog ongeveer 8 km kloof tegoed hebben.
    Na de kloof rijden we nog even over een plateau en zien voor ons het meer van El Nihuel. We vinden een rustig plaatsje aan 't einde van de woonkern.
    Het was een prachtige dag   mooie natuur, zowel de vallei als de kloof
    Moe van het inspannend rijden, maar overgelukkig met deze heerlijke dag, kruipen we vroeg in onze slaapzak. Door de opwinding van het avontuur blijven we nog lang napraten en raken we moeilijk in slaap. We trekken de gordijnen open en met zicht op een heldere sterrenhemel komt uiteindelijk ook de rust. Om 8u worden we wakker door het gehinnik en getrappel van paarden. Door de duisternis hadden we gisteravond de drinkbakken niet gezien die op een 5tal meter van de camper staan. Een paar gaucho's begroeten ons. Ze gaan met de paarden (een dertigtal prachtige dieren) naar de markt in San Rafael.
    Onze pa is nog moe. Hij heeft in zijn droom de ganse nacht door lavavelden gereden en naar water gezocht... Als hij zegt dat bij graag de kloof in tegengestelde richting wil rijden omdat het uitzicht wel heel anders zal zijn heb ik heel mijn overredingskracht nodig om hem op andere gedachten te brengen. Er resten ons slechts 5 dagen en er valt nog heel wat te zien.
    We rijden richting El Sosneado. Niettegenstaande we ongeveer 140km van de Andes verwijderd zijn zien we in een zoutmeer de toppen van de bergen weerspiegeld. (navraag leert ons dat dat komt omdat de lucht hier zeer zuiver is) Van El Sosneado loopt een baan de Andes in naar Puerto de Azufre, de plaats waar op 4000m het vliegtuig neerstortte met de Paraguaanse basketballers en waar later de film Alive werd gedraaid. Er ligt nog teveel sneeuw en de weg is afgesloten.
    Wat zuidelijker nemen we de route naar Las Lenas; het duurste skioord van Argentinie. Een mooie baan, prachtig berglandschap, een wilde rivier (veel rafting) 2 kratermeren. In het centrum is er niet veel te zien  alle hotels zijn gesloten.
    Onderweg in Los Molles zijn er thermaalbaden maar ook die zijn gesloten.
    Terug op de routa 40 is er regelmatig politiecontrole. Auto's moeten hun koffers openen, wij de deur van de opbouw en steeds is er de vraag "dondé  va" We vermoeden dat er kontrole is op personensmokkel, er zijn in de omgeving verschillende kleine grensovergangen.
    Malague. Een heel aangenaam stadje met een zeer efficient informatiekantoor en een museum met een prachtige tuin en amfitheater.
    In een kleine muziekwinkel halen we het briefje van Puerta del Inca boven. We hebben geluk. De dame kent de zanger die in Mendoza woont persoonlijk en heeft de CD in voorraad. We kopen er ook nog een opname van een groepje dat lokale traditionele muziek brengt en krijgen in de winkel een gratis dansles. Argentijnen leven met hun muziek...
    Bij de kapper gaat Maradonna over de tong. Hij heeft er zijn voor en tegenstanders maar ze zijn het er allemaal over eens dat het een schande is dat hij naar Cuba gaat voor verzorging. In Argentinie zou men veel beter voor hem zorgen maar hij prefereert de omarming van Castro.
    Een uitgebreide knipbeurt met wassen, knippen, massage, parfum   bijwerken van de baard enz duurde meer dan een uur en kostte 5$
    We overnachten op de parking van Esso   een heel grote parking met piknik plaatsen en bbq,
    Van Malague naar Chos Malal.
    Routa 40 is en blijft een route met verrassingen. Onderweg moeten we herhaaldelijk door het water maar de natuur is prachtig: bergen in alle mogelijke kleuren, gaucho's met enorme kudden paarden (honderden), koeien, geiten en schapen, kleine eenvoudige huisjes, brede rivieren door de dalen die zich soms door smalle kloven persen.
    De gravel is soms goed, soms slecht; km vlak afgewisseld met berg op en berg af en scherpe haarspeldbochten. We komen zelfs Australische fietsers tegen die deze weg verkiezen boven de panamericano door Chile die wel geasfalteerd is maar waar enorm veel verkeer op zit. Ze zetten meestal hun tentje neer nabij een huisje langs de baan en wisten heel wat te vertellen over echte kluizenaars maar ook grote families die hier hun bestaan hadden. Zij hadden ook de indruk veel vlugger kontakt te hebben met de Argentijnen dan de Chilenen. Ze waren al uitgenodigd om mee paarden te gaan opdrijven, aten samen met de familie..
    Op dit stuk route komt men wel heel weinig toeristen tegen. Er is zeer weinig openbaar vervoer en er rijden slechts af en toe pic ups voorbij. De kinderen gaan zelfs te paard naar school. Ook burenbezoek gebeurt meestal te paard. Er wordt wel hard aan de baan gewerkt. Sommige stukken zijn al geasfaiteerd.
    In Chos Malal slapen we beneden aan de Neuquenrivier. Er is een grote open ruimte die gebruikt wordt als ligweide, autowasplaats, graasplaats voor de geiten en schapen, markt enz. We vonden Chos Malal centrum heel gezellig met een mooie plaza en een statige kerk. Er zijn een paar heel mooie oude hotels. Onderweg, op een slecht stuk ripio, ontmoeten we een jong Zwitsers koppeltje met een 4WD camper van Latino  120$/dag voor 3maand. Hadden alles samen al 12 dagen stil gestaan met pech (1 week wachten op stukken in Iguazu  2x problemen met dieselpomp) Wij hopen dat we zonder stukken teruggeraken  de weg is nog lang....
    We komen weer op een baan in aanleg  het laatste stuk is lijk een biljarttafel. We weten niet wat ons overkomt..geen gebonk meer .. geen opvliegende steentjes geen stof.
    Aan de grens van Neuquen provincie worden de banden van de wagen ontsmet ( zeer oppervlakkig) voor 2$ en we krijgen er zowaar een afgestempeld en zeer officieel bewijsje van.
    Via Las Ujas en Zapalar langs een zeer goede baan  minder bergachtig  meer bewoond  veel gaucho's met paarden. In Zapalar gaan we winkelen. Alles is hier redelijk duur: benzine  winkelen in La Anonima -telefoneren vanuit een telefooncel (4$19 minimum bedrag   mijn kaart is op en hier alleen in de post te verkrijgen die al gesloten is)
    Naar Junin de los Andes. De baan en omgeving blijven mooi. Junin is zeer toeristisch maar toch aangenaam om rond te kuieren.
    Bij Entel wil ik nog eens proberen om te bellen. Via hun openbaar telefoontoestel krijg ik geen verbinding. Zij kunnen ook geen verbinding maken daar de electriciteit afgesloten is tot een stuk in de namiddag en hun computers niet werken. Ik vraag hoeveel hun verbinding kost per minuut: 5$. Zal maar wachten tot we weer in Chile zijn om ons Els te bellen  eer dat ze alles verteld heeft over haar honden en katten en vrienden ben ik een fortuin kwijt.
    De twee laatste dagen hadden we weer redelijk wat wind gehad maar steeds een strak blauwe lucht. Vandaag komen er wolken aanzetten en we vermoeden dat het niet lang duurt voor we regen krijgen.
    Bij Avis gaan we nog wat informatie over huurauto's halen (zie bijlage) en we rijden verder richting San Martin de los Andes.
    Was Junin toeristisch, hier is het nog drukker. Er is veel accommodatie en vrij druk verkeer. San Martin ligt heel mooi aan het meer en biedt alle mogelijke sportfaciliteiten. Niettegenstaande de drukte is het toch gezellig.
    Van Zapalar via Junin tot hier hebben we ook de prijzen trapsgewijs zien stijgen. Zelfs telefoneren kost hier 0,5$ meer per minuut. Fruit staat per stuk geprijsd.
    Van hieruit willen we de 7meren route doen. Het is heel mooi maar de wolken hangen te laag om een goed uitzicht te hebben. Als we goed op weg zijn begint het ook nog te regenen. Het eerste stuk is geasfalteerd tot aan de afslag van routa 63 maar daarna zijn ze aan de weg aan 't werken en het laatste stuk is ripio. Door de regen is het in de modder van de werken heel moeilijk en onaangenaam rijden. Door de regen hebben we ook weinig uitzicht Van Lago Hermoso en lago Falkner hebben we niets gezien. We vermoeden dat ook lago Traful in de mist zal liggen. We moeten ons serieus beraden. Rijden we door dan kunnen we de Andes over via Bariloche naar Osorno. Die baan hebben we echter al 2x gedaan en heeft ook een slecht stuk ripio op de pashoogte. Rijden we terug dan kunnen we via de Tromenpass die niet te doen is na veel regen of via de routa 40 rondrijden naar Bariloche.
    We besluiten in San Martin te gaan overnachten en morgen te zien hoe de toestand van de wegen is. Misschien stopt het met regenen. Nu door de modder blijven rijden kan ons alleen maar in problemen brengen. We rijden terug en vinden een plaatsje aan het meer voor San Martin.
     's Avonds komen jonge fietsers ons weer om water vragen. Als ik 's nachts wakker wordt hoor ik het niet meer regenen. Hopen maar.
    In San Martin gaan we ons bevragen voor de Tromenpass. Blijkbaar heeft het die kant uit bijna niet geregend en kunnen we het erop wagen. In Junin blijkt het ook niet geregend te hebben.
    De aanloop naar de Tromen langs de Argentijnse kant is een vrij goede ripio. Aan de grenspost hebben we onze eerste heel grote kontrole. Heel de wagen wordt binnen en buiten nagekeken  we moeten door ontsmettingsstof rijden. Kontrole van passen en papieren gaat heel vlot.

    De laatste grensoversteek en weer in Chili

    Ik bel naar de kinderen en hoor dat ze de kerstboom hebben gezet. Aan Kerstmis hebben we nog niet veel gedacht. Alleen in Junin en San Martin zagen we wat kerstversiering en de zonnige dagen deden ons de winter vergeten.
    Het begint weer stilaan te regenen. We nemen een koppel Australiers mee die een trekking in Nahuel Nat.P hadden gedaan. We verwittigen hen dat het in de camper achteraan wel eens schudden kan worden bij de afdaling.
    Voor hen geen probleem  voor ons ook niet.
    De afdaling aan de Chileense kant is vrij steil, bochtig en smal  het is redelijk glibberig. We hopen dat onze gasten achterin niet teveel blutsen oplopen.
    In Curarrehue stoppen we. Van hieruit nemen zij de bus naar Villarrica. Wij stoppen even voorbij het centrum aan de rio Pucon. Door niet verder te rijden langs de meren hebben we een dag meer. We leggen de kaarten op tafel en stippelen een route uit.In de late namiddag rijden we verder naar Pucon. We vinden een rustig plaatsje aan het meer.
    Ook Pucon is heel toeristisch. Het ligt ook zeer mooi aan het lago Villarrica.
     De prijzen zijn hier wel veel schappelijker dan aan de andere kant van de berg. Men ziet dat de kerstvakantie is begonnen. Veel groepen en scholen trekken van hier de bergen en het nationale park in. Niettegenstaande veel toeristen is ook Pucon een aangenaam stadje gebleven.
    We rijden even binnen bij Herr Bernard om na te gaan of de busreservatie in orde is en een uur af te spreken om de wagen binnen te brengen.
    We nemen de baan naar Lican Ray een klein stadje aan het lago Calafquen. Rustig - eenvoudige accommodatie en veel campings.
    Er wonen nog redelijk veel Mapuche in deze streek. Men ziet heel oude paardenkarren en ossenkarren.Eenvoudige maar mooie houten huizen en de tuintjes afgeboord met houten vlechtwerk en hagen.
    We volgen de meeroever tot Conaripe, een heel eenvoudig en rustig stadje. Hier stopt het asfalt en krijgen we weer ripio. Aangezien we midden de vulkanen zitten is ook de wegbedekking heel hard met puntige stenen. Niet echt vriendelijk voor de banden. Het wegske is smal en de takken van de bomen zwiepen tegen de wagen. Het  heeft een beetje weg van een tropisch woud.
    Wat verder komen we aan de thermas  een eenvoudig kuuroord midden in de bergen. We volgen de wegwijzers en rijden een smal wegske in dat doodloopt. Om te draaien moeten we even de poort van een erf openmaken. Als we terugrijden zien we de waterpoelen dampen. Het is er totaal verlaten.
    Langs de weg zien we een paar maal de houten menspoppen van de Mapuche staan om hun eigendom te beschermen. Deze zijn fel gekleurd en staan met een achttal bijeen.
    Soms zijn er prachtige uitzichtpunten maar de weg is zo smal en kronkelig dat we er niet ten volle van kunnen genieten. Aan de kruising moeten we onze kaarten boven halen. De namen op de borden komen helemaal niet overeen met die op onze kaarten.
    Gelukkig stopt er een wagen. Een taxi nogwel! Uit de taxi stapt een jongeman die vraagt of hij met ons verder mag naar Neltume. Volgens de chauffeur zitten we op de goede weg. David (North Carolina) zet zijn rugzak achterin en komt bij in de cabine zitten. Het is wel smalletjes maar met wat goede wil lukt het.
    Lago Neltume vinden we wondermooi . Aan de brug stoppen we om wat te eten en houden een babbeltje met een man met zijn twee zoontjes.
    David is al maanden onderweg door zuid Amerika en spreekt vlot Spaans. De man vertelt dat vorige dagen een brug een beetje verderop onderbroken was. Hij weet niet of dat nog zo is of ze al hersteld is. We wagen het erop. Na ongeveer 1 km komen we een auto tegen die ons teken doet om te stoppen. Het zijn jonge toeristen die voor de brug stonden en moesten omkeren. Er is geen mogelijkheid om over de brug te komen. Dat is een serieuze streep door onze rekening. Nu moeten we heel de weg terug tot Conaripe. David beslist met ons mee om te rijden.
    Even voor Conaripe nemen we de 201 naar Panguipulli langs lago Pullingue. We nemen nog even de tijd om wat te eten en genieten van het uitzicht en de rust. Dit stukje Chile is werkelijk prachtig, men rijdt van het ene meer naar het andere en het is er heel rustig. Slechts sporadisch ontmoet men andere toeristen. Overal staan ook prachtige kleine houten kerkjes. We denken hier herhaaldelijk aan Nieuw Zeeland.

    Aan de kruising voorbij Pullingue stapt David uit. Hij wil proberen per autostop of met openbaar vervoer via de noordkant van lago Panguipulli naar Neltume te geraken om daar de boot te nemen over lago Pirehueieo en vandaaruit verder naar San Martin de los Andes. We voorzien hem nog van water en fruit en hopen dat hij niet te lang moet wachten.
    Wij rijden verder naar Panguipulli en vinden het een allesbehalve aangename stad, Van hier rijden we naar Los Lagos. Daar is het even zoeken om de weg richting Valdivia te vinden. We willen de gravel nemen die de rivier volgt omdat volgens de Lonely Planet men van hieruit prachtige zichten heeft. Volgens de lokale bevolking is het een zeer goede gravel; volgens ons: slechte baan, dikke keien, sporadisch een zicht op de rivier. Waar ge een uitzicht
    hebt is het dan wel bijzonder mooi.
    In een klein dorpje is Santa Claus op bezoek. Het hele dorpsplein is overrompeld met kinderen uit de weide omtrek.
    Het is al laat en we zoeken een ovemachtingsplaats. We zien een beetje van de baan af een pleintje met speeltuigen. Het gebouw is een school. Bij navraag of het geen probleem is dat we daar parkeren vertelt men ons dat het gebouw het internaat is van de regio. Kunnen het ons moeilijk voorstellen. Het lijkt meer een verzameling barakken of oude jeugdlokalen. Het personeel is bezig de stoelen op te laden want er is voor hen een feestje in het dorp. Ze tonen ons de weg naar een strandje aan de rivier waar men kan baden. Louis gaat op verkenning en is heel vlug terug. Het dorpje is heel vies en het strand en de rivier de stortplaats. We vragen ons af waarom juist hier een internaat staat.
    We slapen rustig en worden 's morgens wakker met een pony naast de deur.
    Als we Valdivia binnenrijden moeten we de weg vragen. De gravelbaan eindigde in het industriegebied en na wat rondtoeren op zoek naar het centrum zijn we volledig de richting kwijt.
    De stad ligt aan de samenvloeiing van de Rio Calle Calle en de Rio Cau Cau en tevens aan de oceaan. Het is een mooie stad omringd door water, heel aangenaam om rond te wandelen. De costanera is lommerrijk en er is veel beweging op zee, vissersboten en plezierboten.
    Aan het einde van de strandboulevard onderaan de brug is er een markt waar vooral zeevruchten worden verkocht. Overal hangen ook grote algenslierten waarvan men soep maakt.
    We willen voor onze laatste dag nog wat genieten van zee en strand en rijden naar Nubla. De route volgt heel mooi de rivier. Op de rivier veel plezierboten en zelfs vrij grote jachten. Het geeft de indruk het vakantieverblijf te zijn voor de beter gegoede klasse. In Nubla ook nog één van de forten die moesten helpen Valdivia tegen invallen te beschermen. Het stadje is klein maar gezellig.
    We volgen nog een beetje de kust tot Los Molinos en vinden een mooi plekje aan het strand.
    Het is zondag en prachtig weer. Veel gezinnen komen van het strand genieten. Aan de vismijn doet men gouden zaken met de verkoop van schaaldieren. We laten ons verleiden tot het proeven van een soort oesters. Onze papa vindt het lekker  voor mij is het veel te glibberig.
    Op het strand is men bedrijvig met het verkopen van zelfgebakken koeken. Ze zijn lekker en we doen onze voorraad op voor onderweg naar huis.
     In de late namiddag is het dan zover. De baan naar San José de la Mariquina is heel mooi en heel aangenaam., Vandaar nemen we de 5 richting Loncoche. We tanken de wagen vol en proberen de buitenkant wat op te poetsen. We hebben veel beziens.
    De rest van de namiddag brengen we door in Villarrica aan het meer. Van rusten komt niet veel terecht.
    Om 20u rijden we binnen, rekenen af en nemen afscheid.

    Voor de bus terug betalen we 10000pesos/persoon.
    Herr Bernard brengt ons naar het busstation. We moeten nog een kwartiertje wachten.
    De busrit verloopt prima.Het doet raar niet meer zelf te rijden. We kunnen zelfs redelijk goed slapen.
    Op het busstation hebben we vlug aansluiting naar de luchthaven.
    De vlucht terug was heel onrustig. Eerst dachten we dat het turbulentie was boven de Andes en het beter zou zijn verderop maar de wind bleef ons volgen boven Argentinie, boven de Oceaan....
    In Frankfurt moesten we 3u wachten voor de aansluiting naar Brussel en daar overviel ons de moeheid als een loden blok. We voelen de kou in onze knoken. De kerstmuziek staat veel te luid. We zitten verloren tussen een massa mensen. We trachten naar thuis, de kinderen en ons bed. Zoals steeds als we zo kort bij huis zijn is dat laatste vluchtje er teveel aan. Het verlof zit erop... Het is goed geweest....

    Thuis is het lekker warm. De kinderen hebben ons verwend: de huiskamer is eenvoudig maar mooi versierd, de tafel gedekt ....midden op tafel een nieuwe wereldbol, een boekenbon van Nomade en een leeg fotoalbum...Het zijn schatten. Overgelukkig genieten we van het moment. Morgen en overmorgen en nog heel lang zullen we vertellen over onze ontmoetingen onderweg en de zo mooie natuur... en 't zit er dik in dat we daarna weer plannen gaan maken

    27-12-1999 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    26-11-1999
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.gletsjers

     

     



    Parque Nacional de los Glaciares - El Calafata
    De gemakkelijkst bereikbare gletsjer is de Perito Moreno die nog steeds aangroeit. Regelmatig blokkert hij de Brazo Rico (arm) van Lago Argentino en vormt hij een brug met het land.
    Om de 4 à 5 jaar kan hij de druk van het water niet meer weerstaan en breekt af en kan dan weer beginnen aan de opbouw.



    Hij vormt een muur van 60m hoog en door de druk van het achterliggend ijs breken er regelmatig grote brokken ijs af die met veel kracht en lawaai in het water terecht komen en een mooi spektakel leveren.

     

    Met bootjes kan men tot aan de wand wat soms tricky kan zijn als er onverwacht een groot stuk afbreekt...

    26-11-1999 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    30-06-1999
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.NIEUW ZEELAND zuideiland
    Praktisch

    Oorspronkelijke planning:
    RWT ticket: Brussel – Los Angeles(Usa)- Honolulu(Hawaii Usa) – Nandi (Fiji) – Christchurch (NZ)- overland naar Auckland- Brisbane (Australie) – overland naar Cairns- Singapore – Brussel
    41 790bf geboekt bij Connections  4 maart tot 10 juni

    Wegens omstandigheden slechts kunnen vertrekken op 2 april en de volledige routing moeten herschikken
    Uiteindelijk gevlogen met Air NZ via Frankfurt-LA-Auckland-Christchurch-overland naar Auckland-Brisbane en via Auckland-LA-Frankfurt terug
    39 500BF   +25000miles op mileage account van Star Alliance
    41u onderweg – 28u zonder donker worden- 21u vlucht (tegen 950 tot 1150km/u)

    NZ: Economic campervan geboekt via internet bij United  40NZ$/dag
    Australie: economic campervan geboekt bij NQ  rentals 25A$/dag
    Verzekering afzonderlijk te betalen
    Vrijstelling is zeer hoog: van 48 000 tot 120 000 ( sommige visa gold cards dekken deze franchise-  in belgie niet gevonden – wel in Frankrijk)
    Wagens al verschillende jaren oud en veel km op de teller, maar OK
    United geeft een lijst mee van garages waarmee ze samenwerken
    NQ is aangesloten bij de Australische automobielclub
    De uitrusting was heel volledig bij United maar heel juist berekend bij NQ. Deze laatste had wel een porta potti (niet gebruikt)
    Verwarming op LPG kent men niet, wel op electriciteit. Kregen op beide plaatsen zonder problemen meer slaapzakken mee
    Ook koelkast werkt enkel op 12V en elektriciteit
    Bij beide wagens waren stoelen en tafel voorzien om buiten te zitten


    Nieuw Zeeland

    04 04 99 tot 03 05 99

    Al voor het landen in Auckland werd ons uitdrukkelijk meegedeeld dat er absoluut geen fruit, planten enz mochten ingevoerd worden. Er wordt aan de bagagebanden en verspreid over de aankomsthal met snuffelhonden gezocht en verdachte bagage wordt grondig nagekeken.(de honden rieken zelfs de appel die een paar dagen tevoren in je rugzak stak)
    Boetes starten bij 10 000NZ$
    Niet tegenstaande men aan de andere kant van de aardbol zit heeft men niet de indruk zo ver van huis te zijn. Het enige verschil met andere luchthavens is dat het een kleine overzichtelijke en vooral rustige luchthaven is en dat iedereen er zeer nonchalant bijloopt (short-Tshirt en teenslippers niet tegenstaande het vandaag Pasen is)
    Aan de incheckbalie voor de vlucht naar Christchurch verwonderen we er ons over dat iedereen hier met zo ’n massa’s bagage rond zeult. Surfplanken, kayaks…van sportievelingen van alle windstreken. Koffers, dozen, kledingzakken…Wij voelen ons een beetje als landlopers met onze twee kleine rugzakken. Aan de balie stelt men ons gerust. Vele NZers verhuizen zo vaak en ze zijn zo weinig gehecht aan meubels enz dat ze hun hele hebben en houden gewoon als bagage kunnen mee nemen. Velen huren een gemeubeld appartement/huisje en laten dat zonder heimwee even vlug terug achter. Ze verstaan onze gehechtheid aan een eigen huis helemaal niet.
    Aan de info balies alle info over YHI en backpackers- huur auto en camper- lange afstandsbussen- accommodatie enz. Ook telefoonkaarten te koop.
    We moeten een shuttle bus nemen van de international naar domestic airport
    We krijgen zelfs een zitje op een vroegere vlucht
    De vlucht naar Christchurch is heel mooi. Men vliegt laag en heeft een zicht op de vulkanen, meren en eilanden


    Zuideiland


    Ook op deze luchthaven een zeer relaxt gevoel.
    We bellen naar United. Paniek daar ze nog bezig zijn met een groep Franse toeristen. We verzekeren hun van ons geduld en nemen een taxi naar het verhuurbedrijf (14NZ$ deze kosten worden terugbetaald)
    De Fransen hebben het druk en geraken maar niet weg. We spelen een beetje voor tolk en krijgen van de baas direct een werkaanbieding die we heel vriendelijk weigeren. We genieten teveel van ons brugpensioen.
    Van die Fransen vernemen we ook de voordelen van een Visa Gold card- die in Frankrijk meer voordelen biedt dan in Belgie.
    Nu is het onze beurt om ons wagentje in ontvangst te nemen. Mevrouw is nog druk bezig met de laatste poetsbeurt. Wij ronselen een paar extra slaapzakken- wat stoeltjes en een mat om onze voeten te vegen (nog zo ’n voorwerp dat down-under als overbodig wordt beschouwd- ze hebben er geen – een soort dweil en een paar vodden zullen ons uit de nood helpen)
    Onze eerste stop is aan de lokale dairy (24u winkel) om proviand in te slaan.
    Niet tegenstaande we down zijn na 41u onderweg willen we toch de stad uit. We zitten aan de westkant van de stad en zijn op een paar minuten op de SH73 richting Arthur’s pass
     De eerste pick-nick plaats die we tegenkomen op de Porters pass is dan ook de onze. Het is ondertussen middag. Er staan nog een paar oude campers die een groot BBQvuur aanhebben (nationale sport) en zoeken een plaatsje uit de wind. Zijn te moe om contact te zoeken en maken heel vlug ons bed op.                                             .
    Niet tegenstaande heel comfortabel word het toch maar een hazenslaapje. Te moe? Te gespannen? Te warm? Wie zal het zeggen?
    Er zijn nog verschillende pick-nick plaatsen. We rijden ook over onze eerste “one-lane bridge” Meestal smalle, houten bruggen.
    Rond 16u rijden we rustig verder richting pashoogte. Er is zeer weinig verkeer op de baan. Iedereen rijdt wel de max. toegestane snelheid.
    De camper heeft 219 000km op de teller staan maar trekt heel goed. Alleen aan de kreunende geluidjes van de vering zullen we moeten wennen.
    Het is hier enorm groen en het licht van de zon heel sterk (zonnebril absoluut nodig) En is het een gedacht? De kleuren lijken ons ook heel fel.
    Op de pashoogte is er een visitor center met vriendelijk personeel dat ons voorziet van de nodige info en documentatie. Verder zijn er een paar hotelletjes en een hostel (ontdekken later dat de meeste hostels hier op de mooiste plekjes gelegen zijn- heel net en heel gezellig)
    Het is hier echt tropisch groen met metershoge varenbomen. We zien dat ze die stammen veel gebruiken om te tuin te omheinen. Veel mossen, veel planten en bloemen die we niet kennen.
    Er zijn grote wegenwerken en daarom houden we maar even halt op de pashoogte en aan de kloof. Wandelen zit er vandaag niet in.
    Wat verder in Jacksons slaan we rechtsaf naar Mitchells via Lake Brunner en maken kennis met het secundaire wegennet: gravel – smal - alleen op de wereld.
    Het wordt duister en we vinden een overnachtingsplaatsje aan een creek ( één van de duizenden)
    We slapen lijk russen en worden wakker van het getrippel van vogels op het dak.
    We willen het vandaag nog wat rustig aan doen niet tegenstaande alle jetlag verdwenen is.
    In Kumara komen we weer op de SH73 en nemen de N6 zuidwaarts. We stoppen op een
    parking aan het strand in Hokitika, beroemd om zijn “greenstone” Er zijn nog 77 diggers In Ross ligt de grootste goudklomp die in de streek is gevonden: 13kg
    Er zijn verschillende jadefabriekjes en winkeltjes met een grote keuze aan nuggets en sieraden.
    Het is een klein, gezellig stadje. In het visitor centre, waar men blijkbaar weinig Belgen ziet (zochten het op in het gastenboek) trakteerde men ons op een kop koffie en stuurden wij ons eerste mailtje naar huis (het was nieuw voor ons maar ’t lukte toch heel goed- moest wel heel vlug gaan want men kan niet off-line werken- 2NZ$/15’
    Wat meer zuidwaarts aan de kust stoppen we op een pick-nickplaats en maken binnen de kortste keren kennis met de sandflies. Een NZse familie komt ons te hulp met spray’s en zalfjes. We eten onze boterhammekens dan ook maar liefst binnen op.
    De meeste pick-nickplaatsen zijn uitgerust met tafels en banken, bbq’s, soms ook drinkwater en toiletten. Praktisch alle dorpen, hoe klein ook, heben openbare toiletten die meestal heel netjes zijn en ook voorzien van toiletpapier.
    De kuststrook is heel mooi. Weinig huizen en ongerept strand. Zo ongerept dat overal het drijfhout ligt opgehoopt aan de vloedlijn.
    Wandelaars komen aan hun trekken want regelmatig zijn er walkway’s aangegeven van een paar km tot meerdaagse trekkings.
    We verlaten de kustlijn en komen weer terecht in een tropische begroeiing met metershoge varens. Boven dit tropische woud zien we plots de Franz Joseph getsjer uitsteken. Een heel mooi maar raar zicht: besneeuwde toppen tussen tropisch woud.
    Op de parking, waar de wandeling naar de voet van de gletsjer start, zien we de eerste klikklakketjes… busladingen Japanners
    Terwijl onze papa gaat wandelen vergaap ik mij aan de Kea’s die zeer agressief zijn. Ruitenwissers en andere gummi aan de wagen moeten er aan geloven met hun scherpe bekken. Ze pikken zelfs aan de schoenen van de mensen die gaan zitten.
    We gaan ook nog eens kijken naar de Foxgletsjer
    In deze dorpjes is het wel heel druk. Er worden ook scenic-flights aangeboden.
    In plaats van te vliegen rijden wij naar Lake Matheson, beroemd voor zijn weerspiegelingen.            
    Er is een grote P aan de start van de zeer mooie wandelingen. (grote en kleine) Wij doen een wandeling van 1 1/2u- het maximum voor mij. Het water van de beekjes en kleine meertjes is van oranje tot rood-bruin door de mineralen en planten.  De wandeling is heel mooi en rustig. Zagen veel planten en bloemen waar we het raden naar hadden. Het meer zelf is ook heel mooi al viel de weerspiegling ons wat tegen.
    De pic-nic plaats in Bruce Bay is onze volgende overnachtingsplaats. Kamer met zicht op zee. Men heeft hier ook verschillende kleine camping/pic-nic plaatsjes met honesty box- meestal 2NZ$/pp.
    Het weer blijft uitzonderlijk mooi. De nachten fris en heel vochtig.
    De brug over de Haast rivier is de langste brug met 1 rijbaan van NZ. (Er zijn er heel veel- de meeste goed onderhouden, andere op afgelegen wegen zeer kwakkel – over sommigen delen  de auto’s de baan met de trein)   
    In Haast gaan we tanken, onze voorraad aanvullen en op jacht naar een goed middel tegen die lieve sandflies, die zelfs door de kleinste kieren binnengeraken.
    Het is hier precies een dorp op het einde van de wereld. Er zijn een paar hotelletjes en een gezellig hostel.
    Via de Haastpass komen we in een heel mooi merengebied. Het is alsof we door een fotoalbum rijden.
    Aan Lake Hawea stoppen we op een zalig plaatsje, smeren ons van kop tot teen in en nestelen ons in onze zeteltjes met zicht op meer en bergen. We moeten ons forceren om verder te rijden.
    We overnachten aan het meer in Wanaka. Dit is een rustig, mooi gelegen stadje
    We lezen heel goed ons huurcontract na en vinden geen beperkingen voor Crown Terrace.
    Dit wordt dan ook onze route richting Queenstown.
    Het eerste stuk is volledig geasfalteerd. We stoppen aan Hotel Cardrona dat nog uit de tijd van de gouddelvers stamt. Er waren toen niet minder dan 4 hotels en een post. Nu nog eentje  en  een benzinepomp.
    Het hotel heeft een zeer oude gelagzaal waar men in vergeelde albums foto’s van vroeger kan bekijken. Het heeft een gezellige tuin met banken en er staan een paar zeer oude chevrolets. Men kan er nu ook nog overnachten.
    Van daar krijgen we een gravel baan in een redelijk goede staat. Het laatste stuk is wel heel smal, bochtig en steil naar beneden. We doen het rustig aan en zonder problemen.
    Beneden slaan we links af naar de Karawan gorge- heel goed gekend bij de avonturiers voor het benjispringen. We bewonderen de moed van de springers die beneden al of niet een duik in de rivier nemen. Hebben heel de installatie eens goed van kortbij bekeken en ’t leek wel veilig maar niet voor ons hahaha
    We rijden naar Arrowtown, een oud mijnwerkersstadje. Rustig en aangenaam door de straatjes wandelen. We slapen beneden aan het water.
    Van hier naar huis gebeld. Bij Peter alles ok. Els zoals zo dikwijls niet kunnen bereiken. Hadden ook een stommiteit gedaan – onze GSM stond af en we betaalden meer dan 100BF om ons antwoordapparaat te beluisteren.
    Via Coronet peak en Arthur’s point rijden we naar de shotover river. Ook zo’n avontuur. Met jetboats en cano’s gaat men door de waterversnellingen in een smalle kloof. Men heeft een goed zicht van bovenop de brug over de kloof. Waar de boten vertrekken en aanmeren is er een uitzichtterras. Ook deze activiteit is niets voor ons.
      Queenstown, het stadje van NZ voor wie zijn grenzen wil verleggen. Het stikt hier van de toeristen, vooral jongeren die hier een uitdaging willen aangaan.
    Dus veel boekingskantoortjes, hostels en restaurantjes in de mainstreet.Het is een gezellige drukte.
    We gaan voor 6NZ$  internetten en genieten van deze uitvinding om met kinderen en vrienden in contact te blijven.      
    We slapen aan de oever van Lake Hayes.  We volgen het Lake Wakatipu naar Glenorchy. Hadden er meer van verwacht. Via Kingston, Five fingers, Mossbrun, naar Te Anau.In Te Anau ook mogelijk om scenic boottochten te ondernemen op het meer.
    Vanaf hier veel DOC picknick/campings. Onderweg ook startpunt van verschillende tracks.
    Het landschap wordt groen/golvend met hier en daar een meer en héél véél schapen.
    We rijden richting Milford Sound.
    Het blijft redelijk vlak- veel weiland
    Chams- miror lakes. Een kleine wandeling naar een waterval die de grote stenen fel geerodeerd heeft en kleine heldere meertjes vormt. De boardwalk is heel mooi aangelegd.
    Het kustgebergte komt in zicht. We rijden door een smalle donkere tunnel. Op de kleine parking voorbij de tunnel worden we belaagd door verschillende kea’s die het weer op de rubbers van de auto gemunt hebben.
    Het begint een beetje te regenen - een grijze druilregen.
    Dan wordt het weer heel mooi rijden. Door de engte tussen de bergen met veel watervallen en wat verder redelijk bochtig en steil naar beneden.
    Tegen dat we op de parking van Milford sound komen is het serieus beginnen regenen.
    We zien een jong koppel Nederlanders dat voor een jaar op reis is en een Toyota huurden met een uitvouwtentje. Ze staan ten minste droog om hun potje te koken.
    We hebben niet veel zin om door de regen te lopen en kruipen vroeg in onze slaapzak.    
    We nemen de boottocht van 9u – voor dat de grote sloef toeristen aankomt.42NZ$/pp om 13 en 15u   47NZ$  en 55NZ$ met onderwaterobservatorium.
    Gelukkig regent het niet meer. Het is wel bewolkt en de mist die over het water hangt maakt het sprookjesachtig. De watervallen zijn door de regen goed gevoed en komen langs alle kanten van de steile rotsen naar beneden. Tussen de bergen is het water rustig. Eens in open zee is er nogal golfslag. We zien geen dolfijnen of wat ook. Wel veel vogels horen fluiten en heel veel kleine eekhoorns. Blij dat we het gedaan hebben – was mooi –één van de “must see”  we terug zijn doen we nog een wandeling naar de grote waterval via een prachtige bordwalk tussen metershoge varens.  Om te tanken moet men eerst in het restaurant gaan betalen –heel duur 1,20$/liter (in Te Anau 0,859$)
    Terug via Te Anau en Manapouri richting zuid.
    In Clifden is een 100jaar oude hangbrug. Het wegske er naartoe is te glibberig voor mij.
    Tuatapere: op het tourist info krijgen we een heleboel uitleg. Moeten herhaaldelijk vragen om langzaam te praten want we hebben het moeilijk om het NZbrabbeltaaltje te verstaan. Krijgen veel kaartmateriaal over de southern scenicroads .
    Te Waewae bay- gemstone beach-Mac Craders Rest: mooi zonnetje maar het waait hier verschrikkelijk.
     We hebben een plekske met een duizend sterren uitzicht op het geweld van de golven op de rotsen. Dolfijnen zijn er niet te zien.
    Verder via Pahia naar Riverton. Heel veel mooie plaatsjes aan de kust. We willen overal stoppen. We rijden weer door een fotoalbum. Ge kunt het u zo gek niet voorstellen.
    Omdat het hier daardoor zo druk is rijden we door naar Bluff om te overnachten. Bluff is het zuidelijkste punt en men vindt er dan ook de typische km paal met afstanden naar bekende steden in alle continenten. Verder is het hier niet zo bijzonder.
    Van Fortrose nemen we de scenic byway en rijden vast in de modder op weg naar Waipapa point. Er staat veel water op de zandweg en we betrouwen het niet verder - we draaien de oprit van een boerderij in –helaas bergaf op gras en bij het draaien gaan we patineren. We zoeken wat rommelhout om voor de wielen te leggen en ik ga duwen. We raken er uit maar ik zie er niet uit; onder de modder. Na wat grommelen op onze pa rijden we verder via Slope point en curio bay. Hier kunnen we een stapke doen –’t is echt de moeite waard. We zoeken maar weer de grote baan op. Het is weer beginnen regenen, gieten. Te slecht dus om op zoek te gaan naar de watervallen en caves. Hier in de Catlins zijn heel veel korte en langere tracks naar diverse uitzichtpunten. Er lopen hier ook miljoenen schapen op de groene hellingen. De Catlins zijn een erg golvend landschap.  We zitten helemaal onder de modder.
    In Owaka overnacht aan watertje met eenden. Heel mooi en rustig.
    De asfalt gaat over in een slechte gravelbaan met scherpe stenen. Onderweg ontdekken we dat we een lek hebben aan een luik in ’t dak.
    Matras weggetrokken en potjes gezet. In Balclutha op het tourist office bellen we naar United. We spreken af dat we voor de nachten een kamer of zo gaan huren in een hotel of op een camping. Het wordt dus een camping en we betalen 20NZ$ voor een cabin. Heel eenvoudig maar netjes en alles voorhanden. Er is zelfs een heel grote keuken met verschillende vuren, microgolf ovens, waterkokers, afwasbakken, koelkasten, diepvriezers enz. Een eethoek en een grote zithoek met TV. Wat is er te zien? Rugby!
    Dunedin: een mooi typisch engels stadje. Vooral de universiteitsgebouwen. Dunedin castle bezoeken we niet.
    Op tourist office gaan we onze email lezen. Els nog steeds niet te bereiken op haar GSM.
    We rijden weer door een fotoalbum door Otago Peninsula. De natuur is onbeschrijfelijk mooi.
    We bezoeken de Yellow eyed penguins kolonie (23$/pp) naar boven rijden voor de Albatroskolonie 7,5$. Aangezien er slechts een paar nestten zijn we niet tot daar gereden. We zagen ze van op de klippen vliegen. Onderaan op het strand nog zeehonden en penguins.
    Hierboven heel mooie plaatsjes om te staan maar zeer veel wind.
    We rijden rond naar Port Chalmers waar we in de luwte staan.
    In Moeraki gaan we op zoek naar de beruchte Moeraki boulders. Vanop de parking van het hotel/restaurant vertrekt er een wandelwegske naar het strand. Onverklaarbaar hoe die dikke bollen daar in het zand liggen. Volgens geologen zouden ze gevormd zijn in de rotsen en van naar naar beneden gekomen.
    Oamaru is een mooi stadje dat ook zeer engels oogt                             .
    Zuidelijk van het stadje ook een kolonie geeloog pinguins die men gratis kan bezoeken.    
    De uren dat ze aan land komen hangen uit. Er zijn uitkijkposten en men kan ook tot beneden gaan. We zagen er welgeteld 3 en vertrokken er bevroren van de kou.
    Aan de noordkant zijn er ook blauwe pinguins – 8$/pp –hebben we niet gedaan want we konden ons maar niet opwarmen
    Overnacht in een cabin op de camping 32$/cabin - eetgerief in cabin – verder een volledige keuken- wasvat droogkast  en strijkplaats- tv salon – mooie badruimte met warme douches (die ons fel deugd deden na al die koude wind enz.
    We rijden terug het binnenland in langs de Waitaki river. Zacht glooiend landschap met weiden en schapen en zicht in de verte op de besneeuwde toppen van Mt Cook
    Terug veel prachtige meren. Vanaf Lake Pukaki heeft men heel mooi zicht op de berg. We rijden een stukje langs het meer en keren dan weer terug om af te slaan naar Lake Tekapo. Hier staat de Church of the Good Shepherd- gebouwd in 1935 met rots en eik. Er staat ook een beeld van een Collie- de schaapsherder bij uitstek.
    We staan er heel rustig tot we worden opgeschrikt door rescue helicopters die af en aan vliegen.
    We rijden verder tot Fairlie waar we weer in een cabin slapen (30$- geen kookgerei)
    Geraldine richting Mt Hutt. Vooral de route van Mt Hutt naar Christchurch spreekt ons fel aan.
    We rijden binnen om van auto te wisselen. Moeten weer even wachten om hem klaar te maken. Wij maken ondertussen gebruik om de stad te bezoeken.
    Het is er heel aangenaam en …we zien de Nederlanders weer. Ze staan te koken aan de rand van het park en hebben veel beziens. We installeren ons op een bankje in het centrum en onze ogen vallen bijna uit onze kop als we een deftige heer uit een chique slee zien stappen- gekleed in short en hemd met korte mouwen en een deftige das, een dikke leren map onder de arm en….barrevoets. Zo stapt hij de bank binnen.
    De schooljeugd heeft ook mooie echt engelse uniformen met hoedjes en petjes maar blootvoets is in zelfs op de schoolbus
    We gaan op zoek naar een verwarmingstoestelletje op gas maar vinden het niet. Blauw campinggas is hier ook niet te vinden, wel Coleman gasbusjes.
    We rijden naar Akaroa op het Banks Peninsula.
    Verder noordwaarts richting Kaikoura. Dit is een landbouwgbied en onderweg passeren we veel groenten- en fruitkramen. Kiwi’s zijn hier duurder dan thuis.
    In Kaikoura is alles gericht op het verkopen van tours. Walvis spotten, zwemmen met dolfijnen en zeehonden, vluchten om walvissen te spotten enz. De zee is fel onrustig en we betrouwen onze magen niet.
     Er zou ook minder kans zijn om walvissen te zien – ge krijgt dan wel 80% van het betaalde bedrag terug.  We reden er veel km’s voor om maar besluiten toch het niet te wagen. We zien in een baai wel een hele groep toeristen die met zeehonden aan ’t zwemmen waren. Als ge een wetsuit bij hebt kunt ge het dus ook op eigen houtje doen.
    We nemen de Amuri range. De 70 tot Culverden en dan de 7 oostwaarts.
    Weer door dichte begroeiing. De baan bochtig en steeds berg op en berg af. We hebben de indruk dan in heel NZ geen enkele baan 500m rechtdoor gaat.
    Hier zien we veel beginpunten en knooppunten van de verschillende lange afstandswandelingen.
    Naar Hammer springs en Amuri ski area. Er is niet veel te beleven hier. We rijden terug
    Down hill en slapen beneden aan de rivier.
    Verder via de Lewis pass en Mt Haast naar Westport. We keren en draaien, doen af en toe een stapke langs een korte track, genieten van de prachtige natuur onderweg. Het is weer wat bewolkt. Hopelijk blijft het over.
    We rijden naar cape Foulwind. Het is er prachtig wandelen maar de wind blijft onaangenaam. Aan de vuurtoren kan men niet blijven staan. Beneden op de rotsen ligt een robben familie. Er is ook nog een kolenmuseum dat op dit uur al gesloten is.
    We willen deze nacht niet gewiegd worden en rijden terug naar Westport. Komen er aan in de donker maar vinden toch nog een mooi plaatsje in het centrum.
    We boeken hier onze ferry en ontdekken dat ze zeer verschillende prijzen hanteren.
    De kustroute naar Karamea is niet veel bijzonders en halfwege keren we weer.
    Voor we definitief noordwaarts gaan rijden we tot Punakaika waar de pannenkoeken rotsen zijn en grote blowholes. Er hangen verschillende regenbogen rond en op sommige plaatsen hebt ge de indruk dat het water omhoog de rotsen over geduwd wordt- heel raar het is alsof het water bergop stroomt.
    Terug richting Wesport en via Buller gorge naar Inangahua landing. Geslapen op een parking langs de baan. Geen verkeer wel kwakende vogels, veel regen en wind.
    Via Murchinson, Kawatiri over de Hope saddle naar Motueka ook weer via een heel mooie route. We slapen in Motueka aan de haven.
    We zullen zien wat we kunnen doen in Abel Tasman.  
    Kaiteriteri vinden we wondermooi- prachtig fijn geel strand met rotsen en holen – aan de p een verbodsplaat en een hele boel barakjes waar men toers verkoopt, boten verhuurt enz. voor trekkings in het park. We rijden ook nog even verder tot Marahau langs een smal bergbaantje, al even mooi.
    We proberen met de auto één van de baaien te bereiken via Tanaka en Pohara.. Van hier wordt het een gravel baan. We hebben een prachtig uitzicht op Wainui Bay. We willen naar Totaranui. Het stuk regenwoud wordt dichter, het baantje smaller en af en toe moeten we door een beekje. We hopen dat het niet gaat regenen en dat we nog terug kunnen. Op een gegeven moment ligt het beekje diep in een gleuf en is de weg redelijk steil. Als we aan de overkant slippen bij het naar boven rijden vinden we het toch wat gewaagd om verder te rijden. Als hier nog een paar auto’s doorrijden wordt het spiegelglad en we hebben geen 4x4hé. We slaan een zucht van verlichting als we terug op een betere en bredere baan zitten. In Takaka slaan we af naar het mijnstadje Collingwood. Pupu springs zijn we vergeten te doen.
    Maar terug gaan overnachten in Motueka. Daar wordt ons door NZers getoond waar we mosselen en kokkels kunnen gaan plukken. Het zijn er enorm grote, zo lang als de palm van onze pa zijn hand. We zijn er niet echt gerust op of ze wel goed zijn.  
    Ruby bay: mooi, Rabbit island: mooi, Tahunanui strand van Nelson, heel druk, goed georganiseerd, kermisachtig.
    We zijn Nelson langs alle kanten eens rondgereden.
    Het is zondag en iedereen is op de loop en alle terrasjes zitten vol.
    We volgen de zeer mooie kust naar Cable bay.
    Hier staat op een parking een NZer met een zelfgemaakte camper.  Hij heeft zijn plantjes buiten staan en daar middenin een zonnepaneel. Zijn TV staat op het terrasje achteraan zijn auto.
    We luieren en genieten.
    Van hieruit werd een telefoonkabel naar Engeland gelegd 15 000miles
    Havelock is het mosselcentrum van NZ ( zij zeggen :van de wereld) Overal liggen grote vrachtschepen vol zakken met  mussels. Als we ons geinteresseerd tonen geven ze ons de uitleg over de plaatsen waar ze gekweekt worden en hoe men ze moet eten. We krijgen 2 volle plastiek zakken mosselen mee. Een heel werk vooraleer ze allemaal gekookt geraken in onze kleine casserollekens. Maar ze smaken overheerlijk zonder dat er iets moet aan toegevoegd worden. Na ’t eten moet onze pa plat- dikgegeten van die lekkernij.
    We doen een omwegske naar Portage maar dat valt tegen: fel bochtig, zon in de ogen, door oerwoud dus geen uitzicht. Hier op de parking grote was gehouden. Terugrit met toch wat meer uitzicht.
    We installeren ons op P The Grove met zicht op de baai en de visservloot en de ferryboten.
    We eten de rest van de mosselen.
    Richting Picton voor de ferry. Even het stadje verkent en ons laten bekoren in een groot ijssalon. Als we buiten komen zien we de Nederlanders weer die dezelfde boot nemen.
    ’s Avonds laat nemen we de ferry. 
       

    30-06-1999 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    29-06-1999
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.NZ Noordeiland
       Noordeiland 

    We hebben overnacht op de parking nabij het rangeerstation van het goederentransport onmiddellijk re bij het verlaten van de haven.
    We bezoeken Wellington met de auto; rijden kriskras door de stad. 
    In de bovenstad parkeren we aan het eindstation van de lower cable car terminal die door heel veel forenzen wordt gebruikt. Van hieruit en van de botanische tuin hebben we een mooi zicht over de stad en de baai. Het is een mooie stad. Spijtig te groot voor mij om rond te lopen
    Een weetje: als men van hieruit loodrecht door de aarde gaat komt men in Rijsel uit. Dus werkelijk aan de andere kant van de wereld.
    Langs de N2 gaan we richting Hastings. De eerste km is het heel druk op een soort autostrade.
    Maar langzaam aan wordt het rustiger en zijn het vooral loggingtrucks die we tegenkomen. De baan is goed en door een sterk golvend landschap. Hebben de indruk hier veel minder schapen te zien dan op het zuideiland. De benzine is hier ook veel goedkoper 0,793$/l Af en toe ziet ge uitingen van de NZse kijk op “wonen” 
    Hastings is een gezellig stadje. De trein rijdt midden door de hoofstraat en heeft een halte midden op het plein met een fontein.
    Veel huizen zijn in art-deco en “spanish mission” stijl. De aardbeving van 1931 heeft wel de meeste huizen platgelegd. Die er nu zijn werden daarna terug heropgebouwd in dezelfde stijl. (hetzelfde in Napier) Heerlijk om te winkelen.
    We rijden op naar Te Mata Peak 399m boven zee. Het is een serieuze beklimming. De baan wordt vrij smal met scherpe bochten. Heel mooi rijden is het. Overal zijn ook wandelpaden.
    Van boven heeft men uitzicht over de plains en de mooie kuststrook. 
    Tegen de avond wordt het er druk. De jeugd heeft van de baan een racecircuit gemaakt. Op het sein van een lichtflits in het dal (pillamp?) racen ze met hun auto’s naar beneden. Het vertrek gaat gepaard met veel lawaai. We gaan een praatje slaan om voorzichtig een beetje poolshoogte te nemen zogezegd naar de snelheid maar vooral om te weten te komen of ze de ganse nacht gaan racen. Rond 23u is het weer rustig. Alleen een paar koppeltjes genieten ook van het uitzicht.
    Napier is ook een gezellig stadje, meer georganiseerd dan Hastings en ook veel art-deco gebouwen.
    Er zijn mooie parkings aan de strandboulevard. Er is ook een groot gebouw met wc’s en douches waar we gretig gebruik van maken en ook lockers voor de bagage.
    In het tourist office gaan we emailen en naar Peter bellen
    We genieten van het wandelen door het stadje.
    Via de Gentle Annie road rijden we terug weg van de kust. Maar de zogezegde bezienswaardigheden vinden we niet.
    De zon schijnt maar het is koud. We willen een overnachtingsplaatsje vinden voor we de bergen in rijden. We slapen in Waiouru op de parking van het Army museum. Het is een typisch legerstadje met veel betonnen huisjes.
    Als we ‘s morgens wakker worden zijn de ruiten aan de binnenkant bevroren. We zetten vlug de waterketel op om thee te maken en ook zo de auto wat op te warmen en trekken vlug onze hele kleerkast aan. We verplaatsen de auto in ’t zonneke. Nadat we geeten hebben is het al wat opgewarmd.
    We trekken naar het Tongariro National Park. We nemen eerst de Ohakune mountain road  (benzine is duur) mooie route tussen de bossen met uitzichtpunten op de besneeuwde toppen. Boven is het een skiarea. Er is een grote parking maar niet veel te beleven.
    We rijden via de 4 en de 47 naar de ingang van het park via de Bruce road. Er zijn ver schillende watervallen langs mooie tracks. Boven komen we aan Whakapapa village. In het infocentrum weet men ons te vertellen dat daar de nachttemperatuur niet onder de 7°C was geweest en dat Waiouru de koudste plaats van NZ is.
    Mt Ruapehu is de hoogste vulkaan 2797m en nog steeds aktief. Met verschillende kratermeren. Er loopt een wandelweg helemaal rond.
    Er zijn verschillende parkings vanwaar kleine en lange wandelingen vertrekken. We doen de 15’ nature track. We rijden verder door de lava tot aan de stoeltjeslift. 15$/pp.  nu gesloten
    Het opvallendste gebouw is het Grand Chateau Hotel.
    Via Tarungo rijden we naar Lake Taupo. In een van de eerste dorpjes aan het meer staan we langs de visrivier. Heel rustig.
    In Taupo gaan we eerst een paar bezienswaardigheden doen.
    Het Wairakei Geothermal Visitor Centre is voor ons uiterst interessant en heel duidelijk in uitleg via makettes, film enz. We rijden daarna tussen de stomende wolken naar de Borefield Lookout waar men een overzicht heeft van een deel van de installatie.     
    We wandelen door de Craters of the Moon wat ons doet denken aan Yellowstone in ’t klein.  De overzichtwandeling boven over de rand doen we niet want de beklimming is te steil
    Op de Waikato river heeft men een afdamming gebouwd. Dit had veel invloed op de Aratiatia rapids en na veel protest worden nu om 10 en 14u30 de gates geopend voor de toeristen. Het is een overweldigend zicht de massa’s water die zich door zo ’n smalle kloof wringen.
    We genieten ook van de Huka falls en vinden ze alle 3 de moeite waard.
    ’s Avonds gaan we naar de parking van de haven van Taupo om te overnachten.
    Van hieruit vertrekken ook de boottochten op het meer waarbij men de oude Maori rotstekening kan zien
    Bij Pic’n Safe gaan we onze voorraad aanvullen.
    Om te ontbijten stoppen we aan een plaats waar men aan benji springen doet. Het ligt aan een eilandje in de rivier. Door de ochtendnevel is het hier feeëriek mooi. Er zitten grote zwanen. Via een voetbrugske kan men op het eiland.
     We stoppen in Whakarewarewa (kort Whaka, de grootste en best gekende thermale zone rond Roturua. Er is een groot cultureel centrum 30$/pp een soort Bokrijk –we leren er heel wat over de levenswijze en cultuur - zien een begroetingsceremonieel en dansen- We wandelen tussen de borrelende en pruttelende tuinen.
    En daar schapen centraal staan in NZ bezoeken we ook het Agredome. Het is een aktieve boerderij waar men exhebitie bij heeft genomen. Kunnen er kennis maken met verschillende schapenrassen en er zijn er bij die echte wolfabrieken zijn amaai zo ’n zware vacht  We zien het scheren en het africhten van herdershonden.
    We nemen de toer met de huifkar over het landgoed dat naar onze normen fabuleuze afmetingen heeft. Ze gebruik van de toers om onderweg de dieren te voeren. Men heeft hier verschillende koeien rassen (Belgian bleu-nooit gezien bij ons thuis) en een mooie paardenstal waar ook echte Brabanders staan. In de Kiwi kwekerij laten ze ons proeven van wijn en jam.
    Het begint te regenen wat ons de goesting ontneemt om hier nog veel rond te lopen.  We overnachten in Rotorua op een parking nabij het kerkje aan het meer. De St Faith anglican church heeft heel mooi Maori houtsnijwerk, geweven tapijten, schilderwerk en ingelegd glas. Er is een Christusfiguur gebrandschildert en het geeft de indruk dat hij over het water van het meer loopt.(lijk in Gallilea)
    Rotorua is heel speciaal. Onder de straten en huizen zit het vol geotermische activiteit. Tussen de straatstenen komt de stoom naar buiten. In de tuinen hebben de bewoners een naturelle bbq. Warm water is overal voorhanden. Maar: het stinkt naar rotte eieren. En zoals een roker gewoon is aan de geur van sigaretten hebben de mensen hier ook geen last meer van die geur.
    In een zaaltje is een koor aan het repeteren. Wij gaan een kijkje nemen in het meeting house (marae) waar regelmatig Maori concerten worden gehouden.
    Langs het lakefront staat ook een clocktower en in een parkt het Bathhouse dat nu een museum is. En ook daar een bowlingbaan.
    In Rotorua zijn ook Thermal pools en kuurhotels. Er is hier in de streek nog heel veel te doen maar we zullen moeten kiezen.
    We nemen de Tarawera rd naar Buried Village en de meren. Meren in verschillende kleuren. Het dorp bedolven onder lava na uitbarsting Mt Tarawera.
    Terug naar de kust richting Bay of plenty. We willen de oostkaap doen.
    Van Whakatane via Ohope en Cheddar valley naar Opotiki. Er is hier weer veel landbouw en we zien weer veel schapen. Het weer is zeer wisselvallig met een waterzonneke en af en toe een bui.
    Eerst hebben we dorpjes met mooie stranden, daarna rijden we hoog boven op de rotsen vlak op de kust. Er is alleen de natuur; geen dorp, geen auto, geen mensen tot in Te Kaha. Dit is een echte Maori gemeenschap. Overal staan platen dat het Maori ground is en men toelating moet vragen om wat ook te doen. In het benzinestation naast de zeer mooie marae vertelt men ons dat het een uiting is van zelfwaarde en dat de blanke NZers daar maar eens respect voor moeten gaan tonen. We zijn echter welkom om waar ook te parkeren.
    Op de stranden ligt veel drijfhout en overal wordt met de auto over het strand en zelfs tot vooraan in de zee gereden. Het regent dus vissen ze vanuit de auto!
    Ook in de volgende stadjes zijn de meeste bewoners Maori met hier en daar een paar vakantiehuizen van blanken. Het is een heel apart sfeertje.
    Boven Hicks bay stoppen we op een verlaten parking. Het regent nu continu en het wordt vroeg donker en de weg is redelijk spectaculair. Hopen op beter weer voor morgen.
    Hadden gisteravond nog een paar km verder moeten rijden. In Te Araroa is een zeer mooie parking. 
    Het is zondag en veel volk op de baan. Veel Maori trekken met heel de familie en mooi opgetut naar de kerk. Aan de bakkerijen staan ze in rijen aan te schuiven. Wij doen mee en genieten van de lekkere broodjes en gebakjes. Maori zijn zoetekauwen.
    In Tikitiki is er een traditioneeel huwelijk.
    Heel de oostkust tot Gisborne treft ons hetzelfde sfeertje.
    We nemen de 2 via Te Karaka en Matawai terug tot
    Opotiki.
    Volgen de Bay of Plenty westwaarts en overnachten in Pukehina beach op ’t einde van de landstrook aan de strip voor de boten.
    Via Te Puke, Kiwi hoofdstad. In Kiwi fruit country kan men met wagentjes door de plantage rijden en in hun winkeltje koopt men kiwithee, kiwi snoepjes/honing/jam en ijs.
    Verder naar Mt Maunganui waar we gaan emailen en winkelen.
    Het is hier één fruitstreek en er zijn veel seizoenarbeiders.
    Tauranga, Katikati, een open kunststad met veel muurschilderingen- op visitor centre een plannetje vragen
    Waihi beach, waar de Martha mine en Martha hill zijn en waar we weer een pracht plaatske vinden.
    We hebben al zoveel gelezen over de wondermooie natuur op Coromandel peninsula dat we dat zeker niet willen overslaan. Het weer laat ons echter weer in de steek. We volgen gewoon de baan noordwaarts zonder veel af te slaan . In Whenuakite riskeren we het toch naar Hot water beach en Hahei.
    Het is er mooi maar verlaten. Ferry landing laten we maar opzij liggen.
    In Whitianga is het heel mooi staan aan de ferryboten.
    Vanaf Te Renanga moeten we het eiland oversteken want hier kan men niet verder noord.
    We krijgen 11km “gravel-narrow-steep-winding” en houden regelmatig ons hart vast. De vele regen heeft ook zijn duit in het zakje gedaan.
    De afdaling naar Coromandel town is onvergetelijk mooi. Duizenden eilandjes liggen in de baai en als de zon even doorbreekt en er lichte mist over de baai hangt houden we de adem in. Daarvoor doen we het. Vergeten de spanning van de slechte weg Overal staan platen dat er op het schiereiland niet wild mag gekampeerd worden.. We stoppen hier en daar op een mooi plekje en vinden toch een overnachtingsplaatsje op een parking achter een bocht van de baan boven de zee.
    We rijden tot Colville.
    Terug zuidwaarts. Deze kustroute is wondermooi met voort durend zichten op de eilanden en de kuststrook. Het zonneke schijnt weer. We moeten weer dikwijls stoppen om alles goed in ons te kunnen opnemen. We zijn heel blij dit stuk gedaan te hebben.
    Thames, stad van de eerste goudkoorts in NZ. Men kan de Golden Crown mine batterij bezoeken- de langste mijngangen ter wereld en dus niet voor ons. De laatste nog werkende stamper batterij is van buitenaf te zien.
    In het Brian Born hotel houdt men 2/maand
    Agatha Christie WE’s.
    Pipiroa, Waitakaruru.
    We besluiten niet rechtstreeks naar Auckland te rijden maar via Miranda, Kaiauwa en Orere point langs Hunua regional park. Veel lagunes en shoreland met heel veel vogels..
    Langs de Great South Road rijden we Auckland binnen. Het is heel druk. Wegwijzers verwijzen alleen naar de deelgemeenten en die hadden we tevoren nu niet zo goed bekeken.
    We rijden naar United waar men ons afrekent voor de overnachtingskosten die we onderweg hadden. We leggen hun ook de problemen uit die we hadden met de telefoonkaarten.(belwaarde die zo maar van onze kaart verdween) Ze bellen voor ons en we mogen naar de post gaan om nieuwe te halen. 
    We rijden door Auckland en via de 1 naar de East coast bay’s. Het is er erg chique en de bewegwijzering is niet fameus.
    In Warkworth rijden we nog een richting kust In Sandspit staan platen verboden te overnachten. Op Snells Beach vinden we een plekje op een doodlopend pleintje.
    We doen deze morgen heel rustig aan. Het is weer prachtig weer. We genieten van de route.
    In Ruakaka slaan we af naar Marsden Point en bezoeken het NZ Refining oil Refinery visitor centre. Het is heel imposant. Binnen staat een heel grote maquette en bij de uitleg kan men door de lampjes heel het proces volgen. Wisten niet dat er zoveel producten gemaakt worden uit ruwe olie.
    In Whangarei bezoeken we alleen de Whangarei falls.
    The Old Russell road mogen we van de verhuurmaatschappij niet doen en ze zou momenteel ook veel te slecht zijn. We rijden dan maar door naar Opua en nemen daar de ferry naar Russell (16$/camper)
    Russell is een mooi stadje met wat winkels en mooie gebouwen. De grootste troef is echter zijn ligging in de Bay of Islands. De ferry trip is al meer maar de uitzichten vanaf de stranden zijn onvergetelijk zeker met de ondergaande zon. Hier mogen we niet blijven staan. Boven zou er wel een mooie parking zijn maar enkel te bereiken via een smal, steil baantje.We besluiten dan maar te gaan overnachten aan de kleine aanlegplaatsen vooraan in het dorp.
    Hier staan vooral de auto’s van mensen die op de kleine eilanden wonen en naar hier komen voor bevoorrading. Amaai wat ze allemaal in zo ’n bootje stouwen.
    Een deel van de parking staat onder water door de onophoudelijke regens van de vorige dagen. We zetten ons onder de bomen aan de kant van de weg en hebben er een rustig nachtje.
    Deze morgen nog eens rond gereden en eens gaan kijken naar de Old Russell road en zijn blij de ferry genomen te hebben
    We varen terug en trekken verder via Pahia en Waitangi voor de Haruru falls. De watervallen zelf niet zo bijzonder maar wel een prachtparking.
    Verder noord ook nog wat mooie plaatsjes om te staan.
    Kerikeri. Hier staat het oudste stenen huis van NZ en ook het oudste huis (hout). Genieten van de rust hier en de gezellige mensen. Rewa’s village, aan de andere kant van de haven,  is een reconstructie van een maori dorp met een mooi klein museum.
     In deze streek zijn nog verschillende oude huizen te bezoeken zoals een mission house enz. maar we willen ze niet allemaal bezoeken.
    Ter hoogte van Matauri bay ligt het wrak van de
    Rainbow warrior
    Even verder ligt nog een beroemd wrak. Daar hebben de maori een houttransportboot laten in de lucht vliegen omdat een van de Maori bemanningsleden onderweg zou mishandeld zijn.
    Een lange tijd had deze streek dan ook een kwade reputatie.
    Van hier werden heel veel Kauribomen vervoerd. Het land werd volledig leeggeroofd met erosie tot gevolg. De  resterende Kauribomen worden nu zorgvuldig beschermd
    Mangonui aan de Doubtless bay. Ook zo ’n bekende plaats. Hier zou in 925 Kupe, de oervader van de Maori’s aan land zijn gekomen. Jaren later deed Cook hetzelfde.Ongetwijfeld was dit een baai dacht hij, vandaar de naam.  
    In een viswinkeltje verkopen ze lekkere langoesten. Om mee te nemen pakken ze die in in ijs en krantenpapier.
    In Awanui slaan we af richting Cape Reninga.
    Eerst rijden we door een soort poldergebied maar daarna heuvels met steile hellingen.
    We stoppen in een dorp aan een druk vissershaventje. De winkeltjes onderweg zijn echte rommelwinkels, men kan er alles vinden.
    Langs de weg staat een bord: winterless, jobless, roadless, pennyless. Een ander wijst de weg: cemetery road, no exit.
    Aan alles ziet ge dat ge ver van alle af zijt. Alles is hier “het noordelijkst..” het noordelijkste café, restaurant, haven enz. 
    De laatste 24 km naar de kaap is in niet zo’n beste staat. Het is privégrond. Men rijdt door een poort  met cattle grid.
    Op Cape Reninga hebt ge dan ook het meest noordelijke postkantoor waar ge speciale omslagen en postzegels kunt kopen. Uiteindelijk is de vuurtoren het meest noordelijke gebouw.
    Het waait hier verschrikkelijk hard. Op de wc is het zeer fris aan de billen.
    Het is een korte wandeling tot aan de vuurtoren. Van bovenaf kan men in de verte de duinen aan de 90mile beach zien.
    We rijden terug en gaan naar Spirits bay. De DOCcamping vraagt 6$/pp veel te veel voor een primitieve camping met enkel een wc. We stoppen aan het haventje.
    Het heeft heel de nacht geregend.
    In Waipapakauri rijden we naar de beach. Het is een beetje tricky want ge moogt wel op het strand rijden maar het zand ligt heel mul. We riskeren ons niet tever.
    Als we terug op de 1 zitten staan we plots aan slidings. De politie is er en de onderhoudsdiensten van de banen. Na efkens mogen we verder maar we zien onderweg regelmatig kleine slidings. We rijden niet zo gerust. In Mangamuke bridge staat de baan volledig onder water. Ze zijn volop aan ’t pompen en doen ons teken toch maar rustig door te komen. Hopelijk vallen we middenin die plas niet stil. Het lukt ons toch. We bevragen ons over de verdere weg. Tot nu toe zouden er verderop geen problemen zijn.
    Onderweg stoppen we toch nog even om naar de Kauribomen te kijken die niet ver van de hoofdbaan staan.
    Het begint terug te regenen. Het valt met bakken naar beneden. We willen zo vlug mogelijk stoppen.
    In Ohaeawai rijden we recht de parking op aan het gemeentehuis.Dit staat wat op een heuveltje. De straten staan al blank. We installeren ons met een boek en een tas koffie maar houden toch de parking rond ons in ’t oog. De benedenkant staat onder water. De brandweer is met man en macht bezig water weg te pompen, duikers vrij te maken.. Het is gelukkig gestopt met regenen. We zullen hier maar blijven staan. Ik sukkel wat in slaap maar schiet wakker van een geronk naast de auto. Ik geloof mijn ogen niet als ik een gemeentearbeider zie die het gras aan ’t maaien is en een andere de kanten aan ‘t bijwerken. Waren vermoedelijk moeten stoppen voor de bui en gingen nu gewoon verder doen. Dit moet ik zeker aan Peter vertellen die thuis steeds maar als uitvlucht gebruikt dat het gras ’s voormiddags nog te nat is om te maaien. Hier heeft het juist gestortregend! De helft van het parkje staat zelfs nog onder water.
    In Kaihoke ziet onze pa politie een gebouw binnengaan. Hij er achter om zich te bevragen over de toestand van de wegen verderop. Ze doen nogal raar tot hij ontdekt dat dat gebouw de lokale gevangenis is.
    Als we in Opononi aan de Hokianga harbour komen krijgen we plots een pracht zicht op rood- gelige duinen aan de overkant. Het zand is prachtig en voelt heel fijn aan. Ze strekken zich uit tot voorbij Omapere. Een 50tal jaren geleden zwom hier een dolfijn die heel vriendschappelijk omging met een jongetje.
    Verder rijden we door het Waipoua forest. Zien terug majestueuse Kauri bomen .
    De "Tane Manhuta” of “god van het woud” is de grootste in NZ, 51,51m hoog,  en de " Te Matua Ngahere" de "vader van het woud" heeft de grootste omtrek nl 16,5 m.
    We gaan slapen aan
    Kaiiwi lakes.
    In Dargaville slaan we af naar Bayly’s beach. Er is echter alleen parking op ’t strand en we vrezen dat we daarop niet gaan gedraaid geraken zonder vast te rijden. Maar niet doen dus
    Matakohe heeft een interessant Kauri museum                        
    In Ruawai rijden we richting Tinopai. Een klein plaatsje , een speeltuintje en parking aan ’t water. Het is prachtig weer en we installeren ons buiten om te genieten van de laatste dagen.
    Via Helensville naar Shelly beach waar we aan het gezellige haventje slapen                                     
    Vandaag moeten we de auto inleveren. We maken dus eerst onze pakken voor we richting Auckland rijden. Daar is zeer weinig parking. We vinden een plaats aan het station en aan ‘t water. Schuin tegen over  is een Aziatische winkel waar we nog een klein fleske melk kopen. Het is blijkbaar een soort sojamelk en echt niet onze smaak. We doen rustig aan en in de namiddag rijden we de auto binnen. Alles is OK
    We hadden nog een taxirit tegoed. Ze bellen voor ons een taxi en brengen ons naar Skyway lodge niet ver van de luchthaven en met gratis shuttle.
    Airport Skyway lodge, 30 Kirkbride rd, Mangere Auckland 
    ph 09 2754443 fax 09 2755012        
    45$/dubbel  18$/bunk 
    Alles pico bello + zwembad enz…veel info – gemakkelijk naar stad met openbaar vervoer.
    Morgen vliegen we naar Brisbane
     

    29-06-1999 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    28-06-1999
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.NZ Rotorua - geothermiek en Maori
    .

     


    Rotorua ligt midden in het geotermisch gebied van Nieuw Zeeland en dat zal men geweten hebben als men het stadje bezoekt. Rookt krinkelt ussen de straatstenen en alle voegen en het stinkt er naar rotte eieren dank zij de zwavelgeuren en, niet zo een klein beetje.
    Het meest imposante gebouw hier is het bathhouse met zijn thermale baden, zijn perfect onderhouden gazons en...de cricketspeler. Ge waant u even in vervlogen tijdenin Engeland.
    Er is een permanente tentoonstelling over Maori cultuur en de werking van het badhuis en rondom het gebouw zijn verschillende heilzame bronnen met elk een andere werking.
    Er zijn een dertigtal badhuizen momenteel waar men zich lekker kan laten verwennen.
    De oevers van het meer zijn aangenaam om te vertoeven en we vinden er een rustig plaatsje om ons huisje te stallen voor de nacht.
    Rond Rotorua zijn parken en een geothermische centrale om een beetje een indruk te krijgen van wat al dat gebroebbel onder onze voeten voorstelt en produceert.
    In Rotorua staat ook alles in het teken van de Maori. In 't centrum is er een marae waar traditionele hangi = feestmalen worden gehouden en demonstraties van ceremonies en dansen. Eieren kookt men er in een warmwaterbronneke een overkapping dient als haard en in het warme vijverwater doet men de was.
    In de nabijheid is ook een Maori vesting gereproduceert waar men traditionele bouwen en de manier van leven van nabij kan bezichten - het ligt ook midden pruttelende potten en geisers en rookpluimen.
    De aktiviteit van de geisers is verminderd de laatste jaren omdat alle huishouding, hotels en de centrale gretig warm water tappen.
    In de nabijheid is ook de Agrodome een nog steeds functionerend uit de kluiten gewassen boerenbedrijf dat zijn deuren voor de toeristen heeft opengezet... nooit geweten dat er zoveel verschillende soorten schapen waren en...ze hebben er echte brabantse trekpaarden.
    De St Faith's Anglican Church is een pareltje. Christelijke en Moari symbolen zijn er door mekaar geweven.. een heiligenbeeld met een Maori mantel enz. We hadden het geluk dat het lokale koor aan 't oefenen was en we kregen de toelating om er mee van te genieten.
    Ze hebben er een trucje uitgehaald: het christus beeld, ook met maori mantel lijkt wel over het Rotoruameer te lopen, een knipoog naar het meer van Genesaret.
    Na 2 dagen zijn we zelfs aan de stank gewoon en doen we van hieruit verschilde rondritten.

    28-06-1999 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 3/5 - (6 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    27-06-1999
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De Maori
    .
    Nieuw Zeeland kende geen oerbewoners.
    De Maori zijn de eerste immigranten hier. Ze kwamen van andere polynesische eilanden en vestigden zich op het nieuwe land dat ze vermoedelijk bij toeval ontdekten.
    Vermoedelijk werden ze tot emigratie gedwongen door overbevolking maar nergens on men tot nu toe daar iets van natrekken.
    Verwarrend is dat ze de zoete aardappel kenden die van Zuid Amerika komt en niet van Azië.
    Er heerst dan ook mystiek rond hun oorsprong wat een goede voedingsbodem is voor allerlei verhalen.
    Bewezen is dat het niet één volk is.
    De verschillende groepen leefden niet zo minzaam naast mekaar en er waren nogal bloedige ontmoetingen.
    De "pa" hun omheiningen konden hen beschermen bij aanvallen. Met bevriende stammen hielden ze grote feesten.  Hun welkomstritueel stamt uit die tijd. De bezoekers werden steeds aan de tand gevoeld. Een speer werd voor hun voeten in de grond geworpen. Werd de peer uit de grond getrokken dan was dat een teken van vredelievende bedoelingen. Bezoekers werden ontvangen in de marae, het gezelschapshuis.
    Het waren kannibalen die de getatoueerde hoofden van hun overwonnen tegenstaanders graag tentoonstelden bij de ingang van de pa.
    Toen kwamen de blanken.
    Nog meer Maori sneuvelden niet alleen door geweld maar ook door infectieziekten die ze meebrachten.
    De gebruiken van de Maori raakten op de achtergrond.
    Momenteel wordt er heel veel gedaan, vooral onder druk van de Maori, om heel veel terug in ere te herstellen en oude gebruiken worden massaal terug aangeleerd en getoond bij feestelijkheden of voor de toeristen.
    Ook de staat doet zijn duit in 't zakske om het cultureel erfgoed van de Maori te behouden en  zo ook een stuk bij te dragen aan hun zelfbewustzijn.
    Momenteel kan men in Nieuw Zeeland trost zijn om Maori te zijn en men kan alleen Maoritanga (afstammelin van de immigranten) noemen als het bewezen is dat men Maori-bloed door zijn aderen heeft stromen.
    En neuze-neuzen om mekaar te begroeten ziet men regelmatig en volgens hun zeggen hoe langer hoe meer en niemand schaamt zich nog het ook buiten de familiekring te doen.
    Maori dansen stralen nog steeds daadkracht uit... echte krijgsdansen met fel beschilderde (naar de vroegere tatouages) gezichten.
    Wij vonden de Maori vooral fiere mensen en met veel daadkracht ... het was dan ook een grote ontgoocheling later in Australië kennis te maken met de aborriginals.

    27-06-1999 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 1/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    26-06-1999
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.rijden in Nieuw Zeeland



    Rijden in Nieuw Zeeland, vooral op het Zuid Eiland is niks voor mensen die vlug wagenziek zijn. Veel berg op en berg af maar vooral heel zelden een kilometer recht door.
    Eénvaksbanen zijn schering en inslag.
    Uitgezonderd in Auckland is het ook heel rustig en relaxt rijden.
    Maar vooral, het is alsof men voortdurend door een fotoalbum rijdt .. zo mooi.
    De lucht is heel zuiver en het licht scherp. Een zonnebril bewees goede diensten.
    Wij hebben genoten van het rijden maar mijn ventje is dan ook geboren met een stuur in de handen en ik kan heel goed tegen shacken in welke richting dan ook.

    26-06-1999 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 4/5 - (3 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    25-06-1999
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.AUSTRALIE Brisbane zuid tot Warnambool
    Australie

    3 O5 99 – 10 06 99


    Landen in Australie is weer iets anders
    Al in het vliegtuig wordt er rondgegaan met spuitbussen. Vooral de bagagevakken moeten het ontgelden. Wij zijn ook goed ontsmet. Het pakt serieus op de adem.
    Ook aan de bagageband wordt fel gecontroleerd. Wij moeten per 20 op een dubbele rij gaan staan met de handbagage in ’t midden. Honden speuren ons en de bagage na.
    We nemen een taxi naar NQ in Brisbane waar onze camper klaar staat. De kussens van het bovenbed laten we daar en we vragen extra slaapzakken.
    De auto heeft ongeveer dezelfde indeling als in NZ. De km teller staat dik over de 400 000 km
    Ze tonen ons waar we water moeten bijvullen. De batterij ziet er niet zo best meer uit.

    We vertrekken richting zuid.
    Met een goed plan raken we vlug door Brisbane dat we de laatste dagen van ons verlof zullen bezoeken. We rijden over een heel grote brug en zien in ’t midden van de stad een strand aan de rivier. We stoppen aan een klein warenhuis om onze eerste voorraad in te doen.                        
    De Gold coast is op zondag redelijk druk maar in verhouding met onze kust is er hier nog veel parking beschikbaar. Overal grote attracties. En alles op de maat van de VS: big.
    We wandelen wat rond, snuiven de sfeer op en gaan eten bij de Chinees.
    We zien wel mooie plaatsjes waar we deze avond kunnen overnachten maar besluiten uiteindelijk toch naar een camping te gaan. We doen onze was want dat was er in NZ niet meer van gekomen.
    ’s Morgens beloven we onszelf dat we niet veel op camping zullen staan.
    We rijden Queensland in.
    In Tweed Head gaan we naar het visitor center en krijgen kaartjes van de scenic byway’s en een kaart met restareas.
    We zien het Capt Cook Memorial op Point Danger waar Cook aan land kwam. Vooral het uitzicht is er de moeite waard.
    Op de hway is het druk met veel vrachtvervoer en er zijn ook veel wegenwerken.. We stoppen aan een restarea en krijgen er gratis koffie aangeboden
    We nemen de scenic tweed coastway langs Kingscliff en Boganger beach. Rijden langs bananen- en suikerrietplantages en verschillende surfspots.
    Hier is het heel rustig rijden.
    Cape Byron is dan weer veel drukker. Het is er wel erg gezellig. We rijden naar de vuurtoren. Daar kan men een rondwandeling doen va een 4tal km met start aan Cp Cook look-out.
    ’t Is eind Mei en nog een paar weken te vroeg om de humpback whales te kunnen waarnemen
    Heel mooie stranden, meer dan 50km ononderbroken.
    Ballina is dan weer veel rustiger. Aan de rivier zitten overal vissers aan de oever of in bootjes op ’t water.
    We rijden tot Evans Head maar laten het Broadwater NP(gratis-shoreland) links liggen. Komen terug op de 1 om na  25km terug af te slaan naar Lluka. De baan er naartoe is prachtig evenals het plaatsje zelf. Het ligt in de delta van de Clarence river. Overal bootjes en vissers. Er is een kleine ferry naar Yamba. Er zouden hier Koala’s zitten maar we zien er geen enkele.
    Aan het vissershaventje staan overal lange tafels met wasbakken om de vis te kuisen. Het zit er vol meeuwen en pelikanen.
    Terug op de Pacific Hway volgen we de rivier. Er zijn verschillende rustplaatsen.
    Grafton is een oud stadje met een paar merkwaardige gebouwen en mooie laantjes met jacaranda’s (moet hier in de lente heel mooi zijn met al die blauwe bloemen)
    Yuraygir NP is een echt wandelpark met hier en daar strandjes. Ge kunt er mooi met de camper op kleine zandparkingskes staan. Minnie Water is heel rustig.
    Terug de 1 op en weer wegenwerken.
    Coff’s Harbour . We rijden eens rond door het stadje en langs het strand.
    We parkeren aan de jachthaven en wandelen tot Muttonbird island. Er zitten maar een honderdtal vogels meer. De rest is al een tijdje vertrokken.
    In het stadje is ook the Coffs creek walk die mooi de creek volgt tot in het stadje
    Nabij Urunga nemen we de mooie route bergop richting Dorrigo NP met onderweg de Dangar Falls in een echt tropische setting.
    Als we terug richting kust rijden stoppen we nog even in Bellingen aan de Never Never river in het zo genoemde Promised land. Zalig voor wie hier wil plonsen. Een paar heel gezellige winkeltjes
    Terug op de pacific hway  verder zuid. We slaan terug richting kust en South West Rocks en Trial Bay Gaol waar een oude gevangenis is van de late 19°eeuw. Tijdens de 1°wereldoorlog werden er Duitsers vastgehouden.
    Hat Head is rustig en de Smoky cape lighthouse kunnen we bezichtigen.                                          
    Port Macquarie  heeft een mooie haven. Er is ook een Koala kliniek en andere plaatsen waar men Koala’s kan bezichtigenen ook Kingfishers. Ook hier weer de bowlingclub
    We vinden nabij de haven een rustig overnachtingsplaatsje.
    Voor we verder rijden doorkruisen we het stadje nog eens in alle richtingen en genieten van de gezellige sfeer.
    We rijden verder zuid via Lake Cathie terug naar de Hway en blijven die een hele tijd volgen.
    We rijden voorbij verschillende NP langs de kust maar hebben niet de tijd om ze allemaal te doen. Effe links van de baan staat wel de grootste boom van NSW
    We rijden naar Port Stephens want daar zouden we dolphijnen en koala’s kunnen zien
    Het is er gezellig rijden. We zien ofwel rechts de oceaan ofwel links de lagune. Overal kleine vissershaventjes. Voelen ons hier prima. Willen hier ook overnachten om morgen de dolfijnen te zien die hier de baai komen ingezwommen om wat vis te krijgen…met bedenkingen van mij er bij maar allé. We gaan ook al eens op zoek naar de Koala’s. Volgens een paar inwoners hangen er wel een tiental in de omgeving rond maar zij zien ze ook niet. Een jong koppeltje heeft heel het bos doorgewandeld maar ook niets gezien.
    Geslapen op een rustig plaatsje aan het warenhuis om morgen voormiddag onze inkopen te doen.
    Goed uitgeslapen en met een lekker vers broodje in de hand vertrekken we naar de ontmoetingsplaats met de dolfijnen.
    Men kan er visjes kopen om de dolfijnen te voederen. Uiteindelijk komen er een paar oudere exemplaren opduiken. Iedereen vooraan op een rijtje in’t water. Ze eten en laten zich even strelen en zijn dan weer weg.
    Via een scenic byway langs Yengo NP rijden we naar Sydney en komen er iets voor het middaguur aan. Geweldig druk dus.
    We rijden via de Harbour bridge de stad in. Ohweh wegenwerken en omleidingen. We sukkelen terug de brug over en langs de heel andere kant van de stad via deftige wijken en vele bruggen komen we terug uit aan de Darling Harbour. Vinden toch een plaatsje om te parkeren en lopen er wat rond. Daarna doorkruisen we het centrum met de auto. Sommige straten smal maar éénrichting verkeer. Op sommige plaatsen rijdt het monorail treintje boven ons hoofd.
    Via Hyder park en The domains naar de botanische tuin. We rijden de lus naar Mrs Macquaries point vanwaar men een mooi zicht heeft op het bekende Opera House. Als we terug rijden vinden we een parkeerplaatsje nabij de Art galery.
    Daarna rijden we nog wat rond tot onder de Harbour bridge en terug langs de haven, door Kings Cross en verlaten de stad via de 1- de M7 en de M2 richting Blue Mountains.
    Het is heel druk bij het verlaten van de stad. Overal aanschuiven aan de lichten . Op de
     M2 blijft het ook nog redelijk druk tot Riverstone. Eens Windsor voorbij kunnen we de wagens weer op onze vingers tellen. Bij een ingeweken Italiaan doen we onze voorraad fruit in. Een hele bak heel lekkere appelen, bananen en een ananas.
    Als we goed op de Bells line off road zijn begint het te druilregenen.Op Panorama point look-out stoppen we even om wat te eten maar veel is er niet te zien nu. Het is mooi rijden tussen de bossen. Wel heel bochtig en veel berg op en berg af. Mt Tomah botanic.gardens trekt ons niet aan.
    Bell is een gezellig winkelstadje. We gaan kijken naar het zig zag treintje en vinden er een mooi plaatsje
    De zon schijnt weer. In Lihgow volgen we de Great Western Hway  met links en rechts verschillende lookout’s. Sommige liggen wel een heel stukje van de hoofdweg en de gravel is niet overal even goed. Aan elk uitzichtpunt zijn ook kleine walks uitgezet.
    Katoomba is heel toeristich. Er is een waterval en een scenic skyway en een scenic railway. En er zijn heel veel mooie wandelingen, vb naar Leura cascade en Katoomba’s echo point en onderweg veel lookout’s.
    In Leura hadden we het adres van een meisje die we in Angkor Wat in Cambodja ontmoetten.
    Spijtig genoeg niemand thuis.
    Leura is een klein stadje met veel oude houten huizen en leuke winkeltjes.
    In Wenworth Falls stoppen we nog eens voor het zicht op de bekende Jamison Valley.
    Via Camden , de Hume Hwy en de Federal Hwy naar Canberra.
    Een beetje ter zijde van de Northbourne avenue vinden we een rustig overnachtingsplaatske. Niet ver van warenhuizen waar we weer eens onze voorraad aanvullen.
    Het is een koude nacht en we geraken moeilijk uit bed.
    In de late voormiddag gaan we op verkenning.  Wat vooral opvalt is dat het een cleane stad is maar wij voelen er ons wel goed. Er is in verhouding weing verkeer, veel water en veel groen. De Australian Nat. University ligt in een groot park. We rijden langs de rivier, daarna Australian War memorial  om vervolgens via Commonwealth Avenue  Capital Hill op te rijden. We doen het in twee richtingen eerst over de buitenste State circle en daarna over de Capitol circle.
    Aan de National Library vinden we een parking om te eten en wat te rusten voor we langs de High Court, galery of art enz onze wandeling verder zetten.
    Via Monaro Hwy zuidwaarts. Een licht golvend landbouwlandschap.Rond Cooma vinden we weer een rustig overnachtingsplaatsje.
    Maar het wordt weer koud. We zitten hier aan de rand van de Snowy mountains: de hoogste en koudste van Australie. Hier in de bergen ontspringt ook de Murray river, de enige rivier in Australie die nergens droog staat.
    Verder zuid rijden we vooral door eucalyptus bossen.
    We steken de grens over naar Victoria (geen quarantaine control gezien)
    In Cann river nemen we de Princess Hwy en in Cape Conran zijn we weer aan de kust. Het is heel mooi rijden langs de kilometer lange stranden. Er loopt een zandweg kort op de kust.
    Er zijn verschillende mooie plaatsjes om wat uit te rusten. We zitten volop in Gippsland.
    In Orbost steken we de “snowy river” over, in Australie nogal eens bezongen.
    Er zitten hier veel vogels waar onder pelikanen, eenden en ook zwarte zwanen op de rivier.
    Als ik me niet vergis hebben we in Lakes Entrance aan de haven overnacht. ’s Avonds daalt de temperatuur drastisch.                                             
    ’s Morgens is het wat mistig maar de zon probeert door te breken. Er staat wel een strakke wind.
    Tussen Lakes Entrance en Bairnsdale heeft men mooie zichten op de 90 mile beach.
    In Bairnsdale stoppen we aan de St Mary’s church met zijn vele beschilderingen gemaakt door een Italiaanse inwijkeling.
    We rijden terug meer inlands tussen weiden en duizenden schapen. In Welshpool maken we nog een bochtje naar Agnes Falls en in Leongatha nemen we de Bass hwy naar Philip island.
    Ge ziet onmiddellijk dat hier veel toeristen komen. Veel winkeltjes en in de haven ook veel mooie jachten. We zien hier ook een plaatske waar we deze avond kunnen overnachten want het zal donker zijn als we terugkomen van de Pinguin parade.
    We rijden naar Cowes en verder kriskras over het eiland. Het is een echt vogelparadijs. De roze kaketoe’s maken schetterend geluid.
    We gaan onze tickets kopen en informeren om welk uur we daar moeten zijn.
    We hebben nog voldoende tijd en rijden tot Point grand. Er tegenover liggen rotsen in zee The Nobbies en leeft er een kolonie zeehonden op een eilandje voor de kust. Rond de jaarwisseling kan die groep aangroeien  tot meer dan 5000stuks.
    Over de pinguins nu; de reden waarom we tot hier zijn gereden.
    ’s Avonds komen aan Summerland beach honderden little fairy pinguins aan land gewaggeld (goed 30cm groot) Juist buiten de vloedlijn wachten ze op elkaar om in groepjes aan land te komen. Het broedseizoen is juist voorbij en in elk nest zijn er jongen die ze komen voeden. Het vrouwtje maakt een hels lawaai zodat hun partner zonder problemen het nest terug vindt.
    Er is een heel interessant visitor center en via een boardwalk kan men tot aan het strand waar een podium is opgericht. Grote lichten zijn op het strand gericht en de pinguins schijnen er zich niet erg aan te storen. Men kan er pinguins van nabij zien vanop de walk waar ze onderdoor lopen. Een heel speciale belevenis die ik zeker niet had willen missen.
    Gelukkig wisten we naar naartoe om te overnachten want het is pikkedonker als we hier wegrijden.
    Via de South Gippsland hwy rijden we naar Melbourne.
    Met de kaart in de hand storten we ons in het drukke verkeer en doorkruisen zonder problemen het centrum. Daarna geraken we wel effe het noorden kwijt en vraagt het wat zoekwerk om weer in de juiste richting te geraken.
    In Geelong trokken we eerst naar het visitor center en kregen een hoop detailkaartjes van de kuststreek mee en werden getracteerd op een lekkere tas koffie met koekjes
    Het is een mooie stad met veel kunstwerkskes langs de strandboulevard. Aan de pier zit het vol vissers en is er een mooi restaurant. De haven ligt vol boten en ze verkopen er lekkere garnalen.                                            
    Geelong was bij de eerste immigratie een centrum voor de landbouw en visvangst. Na het vinden van goud in het achterland was dit de grootste bron van inkomen. Momenteel is het een grote industriestad maar toch heel aangenaam.
    In Torquay zijn er aan de stranden hoger gelegen parkings met verrekijkers. Overal staan ook jongeren met de verrekijker in de hand te kijken naar hun passie: the surf. Zien dat later nog op verschillende plaatsen. Er staat een sterke wind en er zijn heel grote golven. Met honderden zijn ze aan ’t surfen en horen gelukkig het commentaar niet dat niet altijd even mals is.
    En alle winkels dragen surfing/surfworld in hun vaandel. De surfpatrol van de surf live saving club is dagelijks van dienst van zonsop- tot zonsondergang.
    Wat verder is een familiestrand met picnic, bbq en speeltuin.
    De Surf Coast Walk is een wandelingske van minimum 11u van Jan Juc naar Aireys inlet. Wij deden er een klein stukske van.
    In Anglesea gaan we op zoek naar onze eerste kangoeroe’s die lustig rondspringen op het golfterrein. De eerste momenten durven we er niet zo kort bij te komen. De golfballen die over het terrein vliegen storen hun blijkbaar niet.
    Aan het clubhuis wordt les gegeven- de bbq staat er naast te roken.
    Golfen is hier een van de nationale sporten en er wordt nog steeds gespeeld in een witte uitrusting. Bowlen is ook zo één van die sporten. Ze hebben mooie clubhuizen en iedereen houdt zich hier aan de dresscode ( waar die zowat overal elders aan de laars gelapt wordt)
    In Aireys inlet buigen we even af naar de Spit point lighthouse.
    Vandaar langs een paar kleine dorpjes naar Lorne. Een heel trendy stadje met restaurantjes en terrasjes
    In Geelong had men ons gezegd dat er hier achter de camping Koala’s zouden zitten. Aan een klein winkeltje bevragen we ons. Het is de goede afslag en we rijden het baantje bergop.Na wat zoeken zien we ze. Ze hangen onopvallend te slapen hoog in de bomen. Hoe verder we rijden hoe meer we er zien. Vermoedelijk omdat we er in ’t begin over keken, zo moeilijk zijn ze te spotten.
    Terug aan het winkeltje doen we nog wat aankopen, versterken de inwendige mens voor we weer de baan op gaan. We moeten verder anders raken we nooit rond. Er is zoveel te zien en we zouden op elk mooi picnicplaatsje willen stoppen. 
     Vanaf hier wordt het een spectaculaire rit langs de great ocean road. Een smalle baan met aan ene kant de rotsen van de Otway ranges en aan de andere de kliffen en woeste kust. Er liggen blijkbaar veel scheepswrakken. Wondermooi.
    Apollo bay is ietsje rustiger maar zeker zo mooi als Lorne. Even verder aan Mariners look-out doet men aan paragliding. Onderaan zijn mooie strandjes. Het uitzicht blijft spectaculair.
    We rijden terug meer het binnenland in door het Otway NP met vele rustplaatsen en tracks.
    Een mooie is de Maits rest Rainforest boardwalk- een verhoogde boardwalk in een stuk regenwoud. Rechts is er een afslag naar een paar watervallen via een slechte gravelbaan.
    In Moonlight Head start de shipwreck trail.
    In Princetown zijn we terug aan de kust en komen we aan het Port Campbell NP een dramatisch mooie kuststrook met bizarre rotsformaties . De meest bekende zijn de 12apostelen en Loch Ard Gorge. Overal zijn mooie parkings en zijn er tracks uitgezet. Mooi, mooi, mooi maar de wind staat te strak om er gezellig rond te lopen of te piknikken.
    We hebben ons dik ingeduffeld en wandelen er toch een paar uurtjes rond.
    Warnambool. Voor de walvissen zijn we nog wat vroeg. Verder hebben we hier niets verloren

    25-06-1999 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 4/5 - (3 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    24-06-1999
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.AU Warnambool via Stewart Hway naar Darwin

    Strijd tegen de fruitvlieg met beveiligde area's
    controleposten met vuilbakken om verboden fruit en groenten in te gooien
    vindt men aan staatsgrenzen


    Hier trekken we weer het binnenland in. Het is hier heel aangenaam rijden.
    Naar Ballarat via Camperdown en Lismore.
    De eerste vondsten werden gedaan in 1851 en op het hoogtepunt verbleven er 60 000mensen in de stad. Er kwam een einde aan door de Eureka stockade, de opstand van de mijnwerkers tegen de woekerprijzen van de vergunningen. De laatste mijn wer in 1918 gesloten waarna veel van de goudzoekers naar de oorlog vertrokken. Er is de av of Honour waar bijna 4 000 bomen staan met namen van hen die van hieruit ten oorlog trokken.
    Men kan niet naast de herinneringen uit de tijd van de goldrush kijken. Er is Sovereign Hill waar men op de oude mijngronden het stadje heeft weer heeft opgebouwd. Met saloons, winkels, hotels, en bediening door ladies in kledij uit die periode enz. Men kan er ook goudwassen enz.
    Verder in Ballarat getuigen de statige huizen van de vroegere welstand.
    Via de Av of Honour verlaten we Ballarat richting
    Grampians.
    We rijden door Ararat en Stawell ook twee voormalige goudstadjes die echter nooit aan Ballarat konden tippen.
    De Grampians, in de achtertuin van Melbourne, zijn een populaire vakantiebestemming. Er zijn dan ook heel mooie picknick plaatsen en campings. Er zijn talrijke wandelwegen en de mogelijkheid tot bootje varen op de meren.
     Hall’s gap is een slordig samenraapsel van GHses, caravans, hotels en restaurantjes.
    In het visitor center gaan we ons licht opsteken wat er voor ons te doen valt.
    Juist achter het visitor center is er het Brambuk Living Cultural Center gezamenlijk gerund door 5 Koori gemeenschappen over hun leefwijze van voor de settlers tijd en hoe ze reageerden op de immigratie van de blanken. Vonden we heel interessant.
    We rijden wat rond in het park, doen een paar lookouts, de Wonderland Range met aangename wandelingen tussen rotsformaties,
    McKenzie Falls
    Van hier naar Zumstein. Als we op een P stoppen komen er
    kangoeroes eten bedelen.
    Om in Swan Hill te geraken moeten we onze ogen goed de kost geven zowel op de wegenkaart als op de richtingwijzers. Het is rustig rijden langs mooie weiden.
    De Murray river is de grootste attractie hier met de zwarte zwanen en de vele vogels. Voor de toeristen vaart er nog een mooie stoomboot, de Paddle steamer Pyap.
    Deze vertrekt aan het Pioneer settlement. Heel mooi opgevat en ook hier iedereen in klederdracht. We installeren ons aan de rivieroever tussen de snaterende zwanen. Bij het avondeten een concert van kwetterende vogels,
    lorrekieten en kaketoes.
    Echuca is de grootste binnenhaven van Australie. Een van de meest besproken inwoners was
    Harry Hopwood. Eerst dwangarbeider, daarna politieman en veerman en uitbater van een kroeg dat later een hotel werd.
    Ook hier weer bowlingclubs en dames en heren in picco bello wit uniform
    Bij de ontdekking van een doorgaansroute van zuid naar noord kwamen Burke en Wills hier ook voorbij.
    De Murray Valley Hwy volgt slechts op afstand de rivier. Het is hier landbouwgebied al is er niet zoveel water te vinden in dit overgangsgebied naar de outback. Er is veel irrigatie.
    We rijden niet om naar Hattah Kulkey NP dat vooral een wandelgebied is en meren om te kayakken. De meren vullen zich na zware onweders als de Murray overstroomt.
    Onderweg komen we langs de grootste tractor van Australie de Big Lizzy in Red Ciffs. Een stadje dat ontstaan is toen na de Eerste Wereldoorlog er zich 700 ex soldaten kwamen vestigen.
    Mildura aan de Murray wordt als de stad met de meeste uren zonneschijn aanzien. Sunraysia  is de
    grootste producent ter wereld van gedroogd fruit.
    Maar de rivier is uiteindelijk “de” attractie met veel vis en boottochten tot in Melbourne.
    We rijden terug NSW in en zien geen controle aan de grens.
    Via de Silver city hwy naar Broken Hill. Wij hoorden van het stadje via de TV serie over de Flying Doctors. Op het visitor center is men heel vriendelijk en weet men heel wat te vertellen over de stad. 
    We moeten onze klok een half uur later zetten want ze volgen hier de central time omdat ze veel meer te doen hebben met Adelaide en SA dan met Sydney.
    Het is  een mijnstad, een oase  aan de rand van de outback. De mijn bezit een van de grootste rijkdommen aan zilver, lood en zink en is tot op de dag van vandaag aktief en er zijn nog grote reserves. Momenteel zijn er 2 mijnen aktief. Door de moderne technologie zijn er wel minder mijnwerkers nodig maar velen zijn overgeschakeld op “art” In de stad ziet men veel kunstwerken en er zijn bekende ateliers.
    Vroeger was de stad eigendom van de mijn. Het heeft heel lang geduurd voor er, na een staking van meer dan 18m, een zogezegd onafhankelijk stadsbestuur kwam
    We bezoeken de basis van de dokters aan de luchthaven dat volop in actie is. Via de radio worden behandelingen doorgegeven. Er is een klein museum over de groei en de werking van het centrum. Met een knipoog ook naar de serie om wat fondsen te verzamelen.
    Aan de andere kant van het stadje is “the school of the air”. Willen we nog iets zien moeten we ons haasten want binnen een paar uur sluiten de lessen. Er is ook een gewone school aan verbonden. Blijkbaar zijn de resultaten van de kinderen die zelfstandig leren percentsgewijze beter dan van diegenen die naar de klas komen. Het grote probleem is om zich aan te passen als ze later naar de highschool gaan en lang van huis moeten blijven. Al is dat de laatste tijd veel verbeterd omdat steeds meer farmers een klein vliegtuig hebben.
    Er is ook een afghaanse moskee. De afghanen hadden er in 1891 een kamelen camp en hielpen de outback te openen.
    Op een heuvel een paar km buiten de stad is het Sculpture Symposium.            
    Het is het resultaat van het werk van 12 kunstenaars uit verschillende landen die hier beelden uit zandsteen maakten.
    Een 25km verder noordwaarts langs een goede gravelroad ligt
    Silverton, een ghost stadje.
     In 1885 bereikte dit mijnstadje zijn hoogtepunt met 3000 bewoners. De mijn sloot in 1889 en de meeste bewoners verhuisden naar Broken Hil. Het stadje fungeerde herhaaldelijk als filmdecor  (Mad Max II en A town like Alice)  Een paar gebouwen staan er nog. Het Silverton Hotel is nog steeds in gebruik. De muren hangen vol oude foto’s en foto’s van de film. De drankjes zijn er zelfs koud en het eten lekker.
    De baan verder noordwaarts wordt heel vlug volledig verlaten. Een 5tal km verder kan men zich vanop een uitkijkpunt een idee vormen hoe het verder in de outback is.
    We rijden terug via Brooken Hill en via de Barrier hwy westwaarts.
    In Cockburn aan de grens van NSW met South Australia is er quarantaine control. Er staan al een paar km tevoren waarschuwingsborden maar aangezien we tot nu toe aan geen enkele staatsgrens gecontroleerd werden geven we er hier ook weinig aandacht aan: fout dus.
    Er staan hoge boetes op. Eitjes koken, peren en bananen stoven en appelmoes maken.  De groenten interesseren hun niet (aan elke grensovergang zijn er andere regels – boekje met voorschriften kan men bekomen op de luchthaven) Men is zo vriendelijk ons een boekje mee te geven voor de volgende grenzen.
    We rijden op een grote 2 vaksbaan met veel roadtrains. Aan een paar omheiningen staan of hangen borden met de tekst “stay out of my property” en hier en daar ziet men de gevolgen van het vervoer dat door de omheiningen reed.
    Peterbourough ligt aan een groot kruispunt en we zien een immense parking. Hier worden roadtrains samengesteld. Rond de steden en in druk bevolkte streken mogen die lange gevaarten niet rijden.
    Zuid van hier ligt de Barossa valley, een wijnstreek met sterk Duitse invloed. Spreekt ons niet aan en we rijden rechtdoor naar
    Port Augusta.
    Dit is een grote haven- een industriestad.
    In het grootwarenhuis gaan we inkopen doen voor de start door de outback. Ik heb de indruk dat ik heel wat voorraad heb ingedaan maar dat verbleekt bij de manier waarop ze hier winkelen. Ze passeren de kassa met 3 of 4 grote winkelkarren. Ook hier weer veel volk barrevoets.
    Als we willen vertrekken start de motor niet. Oeps we zijn nogal lang binnen geweest en vergeten de koelkast van de batterij te halen. In het warenhuis mogen we niet bellen. We moeten naar het centrum een heel stuk verderop. Pa blijft bij de auto. Ik bel naar NQ en daarna naar de AA Er is wat discussie wie gaat komen want het is zaterdag en WE dienst.. Tegen dat ik terug aan de auto ben is de assistance er al. Hij start ons en we volgen hem naar de garage. De batterij is totaal op en om zonder problemen de Stuart Hwy op te rijden plaats hij een nieuwe (in samenspraak met NQ) Wij betalen met Visakaart (kregen het later integraal terug)
    Klaar voor de grote trek noordwaarts nemen we de Stuart Hwy die sinds 1987 volledig geasfalteerd is. In 1860 vertrok John McDonald Stuart voor de eerste maal te paard in de hoop de beloning van 2000pounds te innen voor diegene die het continent van doortrekt. Hij werkte voor de zuid australische veeboeren om nieuwe veeteelt gebieden te ontsluiten. Tijdens zijn 3e expeditie stootte hij op 24 juli 1862 door naar de Timorzee op 100km het huidige Darwin.
    De andere routes worden na Lyndhurst stoffige gravelbanen voor 4x4’s.
    Van Adelaide is de Stuart Hwy 3024 km tot Darwin en hij deelt Australie in 2 zowat gelijke delen
    Het is heet vandaag. Het landschap dor. Schapen grazen aan verdroogde grassprieten.De rechte baan lijkt oneindig. De verkeersborden (in ’t engels, duits en japans!!!!) vragen ons op te letten voor vee en kangoeroe’s.
    Waar een paar bomen staan zitten ook heel veel vogels die enorm veel lawaai maken.
    Woomera is sinds 1947 een Britse raketbasis. Blijkbaar liggen hier overal nog veel raketresten maar het gebied is goed afgesloten.                                       
    Het is een stoffig stadje. In ’t centrum staan verschillende raketten tentoongesteld. Het museumke is gesloten op zaterdag. Op de parking aan het evenementencomplex vinden we een rustig plekje. Ouders komen hun jeugd afzetten om naar de cinema te gaan terwijl zij zelf gaan sporten of een danske doen in “de bar” Vragen ons af wat de jeugd hier verder kan doen zo ver van alles af. Kunnen ons niet voorstellen hoe onze kinderen zouden opgegroeid zijn en wat er van hen zou zijn geworden als we hier hadden gewoond.
    Zondag lijkt het hier wel uitgestorven.
    Uit voorzorg tanken we vol voor we weer de baan op gaan..    
    We vinden de outback hier heel mooi. Aan weerszijde zoutmeren maar vooral het glanzend witte Lake Hart en Lake Gardiner vinden we mooi.
    Op de kadavers van de kangoeroes, in alle staten van ontbinding, zitten roofvogels (wedgetailed aigles) die slechts op het laatste moment op vliegen.  Aan de zijkanten van de baan stikt het van de krekels die een oorverdovend geluid maken (dacht eerst dat er iets aan de auto scheelde) .
    Als we in de verte grote “molshopen” zien vermoeden we dat we Coober Pedy naderen.
    Op ’t eerste zicht een stoffig, onooglijk gehucht met opvallend veel oud verroest ijzer en werktuigen en overal gele, bruine afgeknotte mijnsteenkegels.
     In 1914 kwam Jim Hutchison hier toe met zijn mannen. Ze waren in Hergott springs vertrokken met 6 kamelen en 636 liter water om hier goud te komen zoeken. Ze vonden geen goud maar opaal. 80% van al het opaal op aarde wordt hier gedolven.
    Claims werden afgebakend en ’t zoeken begon. Gebrek aan water en de grote hitte deden alle aktiviteiten vlug stilvallen tot in 1917 door de bouw van de spoorlijn Sydney-Perth er weer leven in de brouwerij kwam. In 1940 leefden er nog maar een 30tal doorzetters. In de zestigerjaren steeg de vraag naar opaal vooral in China, Amerika en Duitsland.
    Tegenwoordig wonen er rond de 4000mensen, van 45 vershillende nationaliteiten, maar dat valt niet zo direct op omdat de meesten in prachtige kamers ondergronds wonen (voor de hitte) en bovenop ligt de voorraad mijnstenen.
    Men kan nog al  een concessie kopen, 50m op 50m, gedurende 1 jaar, voor ongeveer 30$
    Men kan ook vrij tussen de opaalvelden lopen maar er zijn ook interessante tours met bezoek aan de mijnen. Wij beperken ons tot de Big Winch Lookout, een supergroot model van een schachtkooi, vanwaar men een overzicht heeft over stadje en heel de omgeving.
    Als laatste gaan we nog wat afkoeling zoeken in het onderaardse kerkje.
    Voltanken voor we vertrekken.
    Na even zien we rechts de beruchte dingo fence die 9600km lang is. Voor de schapenfokkers is de enige goede dingo een dode dingo. Met de slogan van de vleesindustrie: “eet meer lamsvlees –honderdduizend dingo’s kunnen zich niet vergissen” kunnen ze niet echt lachen zeggen ze in de Lannoo.
    Nog wat verder zien we een lange trein rijden. Achteraf leek het de “Ghan” te zijn.
     Afghan Express naar de karavanen met Afghaanse kameeldrijvers die hielpen om dit gigantische werk te verwezenlijken. Het verhaal over de aanleg en de eerste jaren van deze spoorweg is imponerend met ontberingen, vertragingen, overstromingen...
    We stoppen aan het roadhouse van Marla. Op een tak nabij de parking zit een arend. Het is bloedheet vandaag, 38° wijst de termometer aan. De grote fan’s binnen doen deugd. Het eten, kangoeroesteak met spicy saus, smaakt heerlijk. Als we buiten komen zit de arend op het dak van de camper. Ik pak mijn fototoestel en laat de cabinedeur openstaan. Even later zit hij op de deurrand. Blijkbaar is het een dagelijkse bezoeker en tam. Ik durf het niet aan om mijn arm uit te steken maar de uitbater haalt hem er zonder problemen af. Een prachtdier.
     Hier is ook het kruispunt li naar Mintable – een aboriginal mijnstadje- en re de Ootnadatta track. Wij gaan echter rechtdoor. Steken de gens over naar de Northern Territory en zien nergens iets van quarantaine control. Nog 1780 km naar de hoofdstad Darwin.
    Onderweg passeren we hier en daar een boorwatercontainer met drinkwater. Alleen in geval van uiterste nood te drinken want het smaakt verschrikkelijk slecht door de mineralen.
    Wat verder zien we tussen de desertoaks in de bush campers staan en dat wordt dan ook ons overnachtingsplaatsje.
    ’s Avonds steken ze een groot vuur aan voor de bbq maar vooral om de muggen en vliegen op afstand te houden. Ze halen hun waterketeltjes boven voor koffie en thee en bakken belly broodjes. En achteraf vloeit de wijn en het bier. De gitaar wordt bovengehaald samen met een repertoire Australische volksliedjes. En….vissers verhalen. Sommige zijn op weg om te gaan vissen aan de golf van Carpentaria, anderen gaan naar de Daly river. Sommige zijn jaren op de baan en volgen de zon. De inhoud van hun kleerkast is miniem: 1 goed hemd, 1 goede broek en een paar sokken en schoenen; verder een paar shorts, Tshirts en een paar slippers. Als ze op afgelegen plekken gaan vissen doen ze hun voorraad in van thee, koffie, poedermelk, meel, pasta voor op het brood, aardappelen en in de koelkast vlees, eieren en bier.Hun voorraad vis vangen ze zelf want zonder uitzondering hebben ze een bootje achteraan hangen.
    ’s Morgens worden we wakker van het gekwetter van de vogels, vooral veel wit/roze kaketoes en een soort vinken.
    Kulgera is een roadhouse toutcourt. Veel meer is er niet te zien. Aboriginals hangen te drinken aan een zijvenster.
    In Erldunda slaan we af naar Ayers rock. Bush en wat grasland, rode grond en zandbergen, tot we plots the rock zien. Nee, we vergissen ons, het is Mt Conner. Maar wat verder zien we ze, de heilige plaats van de aboriginals, Uluru=Ayers rock (genoemd naar premier Sir Henry Ayers) Eigenlijk is het geen monoliet maar de afgesleten en gladgeschuurde top van een oeroude berg.
    Op ’t eerste zicht een zeer kunstmatig gedoe. Ayers Rock Resort en alles wat er bij hoort van hotel, supermarkt, post, restaurant, shops.
    We bezoeken het park ranger station met alle uitleg die men over de streek en zijn originele bewoners kan wensen. Het hele gebied is teruggegeven aan de aboriginals maar wordt voor 99 jaar verpacht aan de Australische NP service voor 75000% en 20% van de entreegelden.
    Achter de infodesk staan blanken. Als we naar de film gaan kijken over de geschiedenis, cultuur en huidige leefwijze van de aboriginals liggen er een paar onverzorgde kinderen met veel lawaai op het tapijt te spelen; het is hier hun thuis. Er loopt ook een enquete over het al of niet beklimmen van de rots. Het nagebouwde aboriginal dorp is meer een verzameling toeristische boetiekjes.
    Allemaal interessant maar zeker geen waaaaaauw gevoel. Dat krijgen we wel als we rond de rots rijden, hier en daar eens stoppen en een wandelingetje doen.
    We rijden naar de Olga’s. Aan de afslag naar Docker River, een aboriginalnederzetting staat een bord “220 km-no water
    Wij vinden de Olga’s prachtig. Mooier zelfs dan Ayers rock. We rijden eerst naar Sunset viewing. Daarna gaat pa een beetje wandelen in de kloof maar het is echt te warm om veel prestaties te leveren.
    We rijden terug het park uit en zoeken een rustig plaatsje voor de nacht.
    Door de hitte hebben we weinig zin om over een gravelbaan te gaan hotsen naar Kingscanyon omdat wandelen daar er toch niet in zit. En de Henbury Meteorite Crater kan ons ook niet verleiden om een omweg te maken. Dus maar direct richting Alice.
    Camel outback safari: wij houden het bij ons vertrouwde camperke.
    Bij het zoeken naar een traject voor de telegraafverbinding naar Port Darwin  stopte landmeter Mills in 1871 aan de bron van een droogstaande rivier. De rivier noemde hij naar zijn baas Todd en de bron naar diens vrouw Alice, vandaar
    Alice Spring
    Voor we in Alice komen krijgen we een zicht op de donkere MacDonnel range.
    Alice zelf heeft een frisse look. Het visitor center ligt aan een mooi groen park dat vooral gebruikt wordt door aboriginals om rond te hangen en te drinken (90%werkloosheid onder de aborigines. (We vergelijken steeds meer met de Maori in NZ die volgens ons veel meer fierheid hebben en meer drijfkracht om zelf iets op te zetten)
    In het centrum zijn hotelletjes, GH’s, restaurantjes en winkeltjes. Nikske stoffig hier.
    We gaan emailen in een GH voor 0,50$ en hebben nogal veel bekijks. Men komt vragen of we geen hulp nodig hebben. Blijkbaar zitten hier niet veel grijze mannekens achter een pc.
    Voor we verder rijden bezoeken we het
    Telegraph station historical reserve..
    We rijden een stukje richting Hermansburg om de Simpsons Gap en de Standley chasm te bezoeken, twee kloven door de eeuwen heen door het water uitgehold. Voor de rondrit kunnen we geen 2 dagen uittrekken vooral omdat stappen niet voor ons is weggelegd.
    We rijden verder richting
    Tennant Creek.
    Een beetje voorbij Alice passeren we de steenbokskeerkring. Onze eerste stop is in Ryans Well aan de verlaten Glen Maggies Homestead. De regering had de opdracht gegeven hier een bron aan te boren om het vee te drenken op de lange route naar het noorden. Nu vervoeren de roadtrains het vee en duurt het slechts een paar dagen ipv maanden.Het roadhous is vervallen.
    Ook in Ti Tree (van Tea tree well) werd een bron aangeboord. Nu is het een kleine enclave midden de door de aborigines beheerde Ti Tree Cattle station. Aan het Barrow Creek Roadhouse, hotel, pub en tankstation, stoppen we even. Het hangt vol met gesigneerde petjes en dollarbriefjes. Er hangt ook een Belgisch 20 frank briefje tussen.
    Hier is ook nog een telegraph station.                                                                                
    Wat verder komen we aan de Devils Marbles.            
    Ket lijken reuzengrote knikkers zoals de naam doet vermoeden. Er is een prachtige picnicplaats en we vinden gelukkig een plaatsje onder een grote boom. We doen vlug onze “hoeden met muggengaas” op want het stikt hier van de vervelende vliegen en de australian wave is niet uit de lucht. De camping is betalend maar er is plaats genoeg om vrij te staan.
    De Nobles Nob Mine juist naast Tennant Creek is te bezoeken.
    We rijden tot aan de Mary Ann Dam. We nemen een kijkje aan het old telegraph station
    De Devill’s pebbles lijken wat op de Devils Marbles.          
    Aan de afslag naar Townsville in NQ staat het Three Ways Roadhouse  waar we een kijkje nemen naar de
    muurschildering van een roadtrain.
    In Attack Creek werd John McDouall Stuart in 1860 aangevallen door aborigines en moest hij zijn ontdekkingstocht onderbreken.
    Renner Springs wordt aanzien als de scheidingslijn tussen het kurkdroge zuiden en het natte noorden.
    Elliott de cattle town.
    Daly Waters historical center. De pub hier zou de oudste van de territories zijn. Maar de streek hier is bij de niet-australiers beter gekend door het boek “We of the Never Never” geschreven door Jeannie Gunn, een vrouw uit het zuiden die hier op de Elsey rundveefokkerij kwam leven. Later trok ze hier weg in tegenspraak met de never-never lijfspreuk van de noorderlingen: wie hier woont verlaat dit nooit.
    Mataranka is het best gekend voor de Mataranka Thermal Pool. Het is snik heet en we zijn blij een plaatsje voor de auto te vinden onder de bomen.
    De oude Mataranka Homestead ziet er nu een gezellig hotel uit. Op het terras is het in alle geval heerlijk genieten van een koel drankje.
    Achter de homestead ligt een replica van het Elsey farmhouse, hier gebouwd als decor bij de verfilming van We of the never never en omvat een klein museumke over het leven op de farm en in de outback, the great Northern railway en WWII
    Het is een klein wandelingetje door tropisch groen naar de waterpool die een constante temperatuur van 34° heeft- heerlijk fris dus nu. Er is weinig volk en het enige dat de rust verstoort is het gekwetter van de vogels die hier in een paradijs leven.
    In het Elsey NP wandelen we nog een beetje langs de
    Waterhouse river.
    We rijden Katherine en de bezienswaardigheden voorbij omdat we hier weer voorbij komen en dan nog iets willen te doen hebben om de afstanden te overbruggen
    Links zien we plots een bord voor een recreation dam. We slaan af en komen na een stuk gravel op een gratis camping aan een waterpool. Er staat redelijk veel volk. Ook een Duitser met een grote nieuwe kampeerauto die ze verscheept hebben naar NZ en dan naar Australie. Aan hun verhalen te horen leek het niet zo’n goed idee om zo’n nieuwe bak over te zetten. (papierwerk- wisselstukken enz.)
    Toiletten zijn zeer primitief. Elke dag wordt er water uit de pool gepompt en gefilterd voor de was en de plas.
    Als we ’s morgens willen vertrekken hebben we problemen. De auto start niet en dat midden in de bush. Er is echter veel hulp en men ontdekt vlug dat er een leiding van het gaspedaal los is. De verantwoordelijke van de camping, die in een barakske woont, neemt me mee de bush in naar een mijn waar iemand van de AA zou wonen. We horen eerst een mijn in werking en komen dan aan een paar oude stacaravans met een heel hoge verbindingsmast. Er komt een halfbloed vrouw buiten met in haar bloes een drietal poezenkittens. John is in de mijn. Als ze een paar maal hard geroepen heeft komt de man er aan. Hij haalt zijn register en laat mij de formulieren invullen. Wij gaan tevoet terug en hij komt achterna met zijn “auto” (wrak) Het probleem is vlug verholpen maar hij zegt ons toch om voor de zekerheid in Katherine bij de garage langs te gaan om hem eens op de brug te zetten en nog een na te kijken. Hij verwittigt hen via de radio.
    Zo doen we dus. Het blijkt OK te zijn. Als we terugkomen nog eens stoppen.
    In Adelaide river zien we de resten van de landingsstrips van WWII.
    Hier kan men links naar Daly river. Vele avonden hebben we aan het kampvuur de verhalen gehoord over het vissen op die rivier. Men kan er dinghy’s huren om de rivier op te gaan. Blijkbaar is het heel mooi staan op de sandy riverbanks. Het is aborinialland maar men hoeft hier geen permit. Men mag echter geen drank meenemen (of de aussies zich daaraan houden?)
    Een beetje verder slaan we links ad naar Bachelor en Litchfield Npin de Table Top Range. Wat ons het eerst op valt zijn de enorme termietenheuvels/                                     
     Er zijn in totaal vier watervallen te bezoeken en in twee ervan is het heerlijk om te zwemmen .We doen Florence Falls, Tolmer Falls met zijn grotten en Wangi Falls. Sandy Creek falls ligt te ver van de hoofdbaan. In Wangi pools mag voorlopig niet gezwommen worden want na de laatste regens en overstromingen heeft er zich een crocodil genesteld. Aan de oever van de kleine beekjes kan men heerlijk picnikken en pootje baden. The Lost city – de vergeten stad is een formatie van figuren, torens en grotten die zich door erosie door de eeuwen heen gevormd hebben. We willen het park langs de noordkant verlaten. Het is zo te zien een mooie gravelroad. Na een deel km zijn er aan weerszijden bosbranden                                                                                                                                                           We vernemen later dat dat gecontroleerde branden zijn en dat die aangestoken worden om het kleinhout op te ruimen en zo bij grote bosbranden te vermijden. We voelen ons niet erg veilig. We voelen de warmte tot in de auto. Liever de hele weg terug dan iets te riskeren.
    Als we een stuk terug op de Stuart Hwy zijn zien we daar ook branden. Vermoedelijk een beetje uit de hand gelopen want de brandweer staat er bij. Zien later hoe die aangestoken worden. Vanin de laadbak van een picup wordt benzine over de zijbermen gegoten. Een tijdje later volgt een tweede wagen die een soort fakkel met lange arm bijheeft. We vinden het toch allemaal maar riskant vuurtje stoken over zoveel km ineens. Voor hen is het blijkbaar gewoon.
    Door de omweg en het oponthoud aan de brandhaarden zijn we wat laat op de baan. Willen eerst op een grote p langs de Stuart staan maar verderop is er een zoo die reeds gesloten is. We overnachten langs de lanen.
    We rijden de stad in via een heel grote boulevard. Aan weerszijden truck stops, road train depots, super mechanic enz. Veel autoverhuurbedrijven.
    Darwin vinden we op ’t eerste zicht een kleine stad. Heeft ook maar 85 000 inwoners maar wel van een 50tal verschillende nationaliteiten.
    Het centrum is zeer overzichtelijk en het heeft een mooie strandboulevard met een paar prachtige parkings. We doorkruisen het stadje in alle richtingen, wat shoppen, naar de post, emailen enz. Gezellig op een bankje op de winkelpromenade. Er staan nog redelijk veel oude gebouwen niet tegenstaande een tyfoon een groot deel van de stad heeft platgelegd. Met een goed kaartje gaan we verder op verkenning. Op stokes hill warf is er een goed visrestaurant De Arcade. Aan de vismijn kunnen we verse vis kopen. We verkennen ook de ander kant van de stad. Heel mooi rijden en mooie stranden naar East Point Reserve waar ook veel kangoeroe’s zitten, Nightcliff, Les point. Het is hier prachtig en zo rustig.
    In het Casuarina shoppingcenter gaan we inkopen doen. Moeten wel uitkijken want het is enorm groot en vooral de aanleg van de parkings lijkt ons nogal onoverzichtelijk. We vinden uiteindelijk toch een rustig plaatsje niet ver van een ingang. We zitten hier ook in de residentiele wijken en waar we eerst dachten dat Darwin klein was moeten we onze mening serieus bijstellen .
    Naast de zeepromenade is er de Aquascene. Hier kan men ook gaan kijken naar het voederen van de vissen. Zelfs manta’s komen hier op de afspraak en dat willen we niet missen. We overnachten hier ook op de parking.

    24-06-1999 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    23-06-1999
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.AU van Darwin via Cairns naar Brisbane en thuis
    Terug zuidwaarts.
    In Noonamah nemen we de Arnhem Hwy naar Kakadu. The crocodile farm en de Reptile world spreken ons niet aan. We bezoeken wel de Fog dam die helemaal wit ziet van de bloemen.
    Er kruipt een reuzegrote salamander over de baan. Er fladderen duizenden vogels rond. Wat verder zien we een zoutwater crocodile liggen. Weten niet goed wat we zien. Verwachtten die grote beesten hier niet. Komen blijkbaar van de Van Diemen golf via de Adelaide River. Aan de Adelaide river crossing kan men een bootje nemen om een tour en croco watching te doen.
    Onze volgende stop is het Window on the Wetlands visitor center dan een mooi uitkijkplatform heeft over de wetlands die helemaal in bloem staan Binnenin interessante uitleg over het eco-systeem, het leven van de aboriginals enz. Het is ook het hoofdkwartier van het Mary River NP.
    We rijden verder met af en toe een bebloemde billabong; mooi, mooi, mooi. Wat verder komen we aan de Mary river crossing. Ook over dit plaatsje hadden we aan het kampvuur veel verhalen gehoord over enorme barramundi’s die ze hier vangen. We vinden een klein parkingske en hebben een rustige nacht.
    Vroeg de baan op richting Kakadu. De gate is nog niet bemand en we KUNNEN dus niet betalen.
    Als we de Wildman river over rijden zien we beneden een groepke kleine krokodillen liggen. We mogen echter op de brug niet stoppen en men mag niet blijven staan op de brug. We rijden rechtstreeks naar het visitor center.
    Goed geinformeerd over klimaat, eco systeem en al wat ge maar wil weten over de vroegere en hedendaagse bewoners. Op onze vraag waarom men op de brug niet mag staan geven ze een uitleg dat het te gevaarlijk is voor het verkeer (er rijden hier amper auto’s) en dat men croc’s kan zien on a tour. Ja, dag Jan. We rijden wat rond in het dorp en gaan piknikken aan een meertje.
    We rijden verder tot aan de east alligator river en Ubirr. De muurschilderingen hier kan ik me nu niet precies meer voor ogen halen. We hebben niet veel zin verder Arnhem land in te rijden en keren terug.
    In Nourlangie en Cooinda doen we nog een paar kleine wandelingen langs de billabongs van JimJim en Yellow water. De rotstekeningen van Nourlangie rock nemen we er wel graag bij. De riviertrip laten we aan ons voorbij gaan.
    We rijden terug het park uit en overnachten nabij Mary river roadhouse.
    We rijden terug richting Katherine. We slaan af naar Edith Falls, parkeren onder de bomen en doen een stapke naar de waterval waar ook kan gezwommen worden. Hier zitten soms ook croc’s maar geen zoutwater dus zogezegd harmless (moeten we dat geloven?)
    In Katherine laten we nog eens naar de auto kijken. We hebben geen problemen meer gehad maar we moeten nog heel veel km doen. We gaan piknikken in het Katherine low level NP aan de oever van de Katherine river.
    Daarna Springvale homestead en “the school of the air” Op naar Karherine Gorge in het Nitmiluk NP. Eerst een bezoekje aan het visitor center en dan weer de wandelschoenen aan. Er zijn een paar tourbussen aangekomen die allen de boot op gaan- wij moeten passen wegens “besproken” We slapen deze avond nog eens aan onze recreation dam.
    Rechtaan, rechttoe naar Threeways (N v Tennant Creek) waar we de Barkly Hwy nemen richting east.
    Het was vroeger de Cob & Co coach run die in verschillende films werd opgevoerd.
    Het is een lange weg naar Mt Isa. Een paar benzinestations met de nodige voorraad en een bed om te slapen. De baan is op veel plaatsen éénvaks al zitten er ook veel roadtrains op.
    Camooweal is het laatste plaatsje voor de grens met Queensland. Het is het service centrum voor de rundveehouderijen van de Barkly tablelands. Er is een grote, heel oude, general store en een oud roadhouse.
    Mt Isa is een mijnstad waar vooral koper, zilver, lood en zink gewonnen word. Men ziet van heel ver de schouw van de loodsmelterij. We hadden daarna spijt niet naar de mijn te zijn gereden voor het John Middling Mining display en visitor centre. We waren het totaal vergeten. Vermoedelijk een beetje murw van de lange hete rit.
    We vonden een overnachtingsplaatsje buiten het centrum op een grote grasparking met waterkraantjes en ontmoetten er een Tasmaans koppel dat al meer dan 4 jaar door het mainland aan ’t rijden was. Veel verhalen natuurlijk. Krijgen het adres van hun homestay en mogen daar gratis gaan overnachten wanneer we maar ooit in Scottsdale komen. De sleutel hangt naast de deur van de garagebox…………de dochter woont er op het naastgelegen domein.
    Langs de baan naar Charters Towers over de Flinders Hwy is niet veel te beleven. Rijden, rijden…af en toe een waterpomp waarvan het rad langzaam draait; we komen aan wegenwerken en rijden gewoon door de afwateringsgracht.
    Nabij Cloncurry rijden we over een éénspoorbrug die zo versleten is dat we inkijk hebben in de gracht er onder ( hier moeten dus ook die …tonners over)
    Julia Creek en Richmond kleine stadjes maar leuk als afwisseling en om eens te stoppen. Dit is ook een koper stadje. Hier werd de Royal Flying Dr service geboren. Het museum hier heeft daarover dan ook alles te vertellen, maar ook over de Burke en Will’s expedition die hier door kwam en de School of the air enz.
     Hughenden is een gezellig stadje aan de oevers van de Flinders river. Home of the beauty and the beast. Het beest is een skelet van de Muttaburrasaurus het grootste en meest volledige gevonden in Australie. The beauty is het Porcupine Gorge NP dat voor ons niet te bereiken is door de slechte toestand van de weg. We overnachten hier in een zijstraatje aan een haag.
    En dan komen we weer in de bewoonde wereld: Charters Towers. Een goudstadje. De rush kwam op gang nadat een aboriginal riep:”Gold…boss…gold” In het stadje zijn nog veel mooie oude gebouwen overgebleven zoals het stadhuis waar het visitor center is. Wij vinden het er aangenaam toeven.
    Hier rijden we noordwaarts richting Atherton Tablelands. Het is een smalle eenzame baan met alleen roadtrains als tegenligger.
    In Mt Garnet zien we een heel grote p. waar roadtrains worden samengesteld. We gaan ons achteraan plaatsen maar verhuizen als er zo’n grote naast ons komt staan met draaiende motor. Volgens onze pa naar een parking met gras hogerop boven de weg. Ik herinner het me niet meer.
    Verder via Ravenshoe naar Palmerston NP. Millaa Millaa een klein gezellig stadje. Kopen er een tshirt met roadtrain. Gaan de watervallen bezichtigen.
    Via Malanda, Ungaburra en Gordonvale rijden we naar Cairns.
    We rijden onmiddellijk naar NQ dat langs de grote doorgaansweg ligt niet ver van de luchthaven. Ondertussen hadden we ook een raar tokkend geluid en zaten we nog met de voorlopig gefixte kabel. Ze zien niet onmiddellijk wat het is en stellen ons voor om van voertuig te wisselen. Achteraan staan een deel oudere campers en we kiezen er eentje uit met dezelfde indeling waaraan we nu goed gewend zijn. Ze zullen hem tegen morgen opkuisen en nazien en dan kunnen we ons gerief overhevelen.
    We rijden wat door het compacte centrum, wandelen langs de mall, de zeepromenade en The pier market place. Nabij het centrum vinden we nog een shoppingcenter om onze voorraad aan te vullen.
    We slapen aan de Yarabah Aboriginal Community. We bezoeken het centrum dat in verschillende delen is opgesplits. Het Creation Theatre over de legendes en het geloof. Een nagemaakt dorp waar demonstraties zijn van speer- en boomerangwerpen. Ze tonen ons welk voedsel ze in de natuur vinden. Er is een danstheater en de opvoering is perfect. We zien ze de didgeridoo bespelen en ze tonen ons hoe ze gemaakt worden. In de winkel die er aan verbonden is zijn prachtige zaken te koop. We praten een beetje met een jongere die hier in opleiding is en nog maar korte tijd bij zijn familie weg is. Het is een hele grote stap want er is weinig waardering voor hem. Voor de blanken zijn ze nog steeds een beetje (veel) tweederangsburgers. Voor hun familie verraders en alleen nog aanvaard om geld naar huis te brengen. Het was een hele ervaring en weer hebben we dat vervelende gevoel en vergelijken met de Maori in NZ die met veel meer fierheid over zichzelf praten.
    We gaan terug naar NQ. De wagen staat klaar en we laden al onze rommel over. Het vergt heel wat uitleg om hun aan het verstand te brengen dat de kussens van het bovenbed naar de andere camper moeten omdat we de onze in Brisbane lieten en niet onderweg gedumpt hadden.
    We bezoeken Kuranda. Rijden met de camper tot boven aan de parking. Via een boardwalk door het regenwoud komen we aan de Barron river met de falls. Daar stopt ook het treintje. Verderop bereiken we nog een andere waterval. Het is hier prachtig. De hitte is hier ook veel zwaarder en we zweten een stukske af.
    We vinden ’s avonds een mooie parking haaks op het strand in Palm Cove. Het is een mooi strand in een chique buurt. Op het strand liggen grote schelpen en er wordt nogal wat afgejogd. We slapen rustig met alle ramen open en worden ’s morgens wakker van het vogelgekwetter. We blijven hier nog wat rondhangen.
    Daarna zoeken we hogerop hier en daar nog een strandje op. Rijden verder en maken een omwegske naar Port Douglas langs een mooie door palmbomen omzoomde laan. In 1911 bijna volledig van de kaart geveegd door een wervelstorm is het nu een echt toeristisch centrum. Vanaf hier rijden we echt door vochtig tropisch landschap met bomen met lianen, grote bloemen en veel mos.
    In Mossman komen we aan de Daintree river waar men met een veerpont over moet. Er is hier heel veel drukte. Men kan de rivier op met een soort rupsboten. Overal verwittigingsborden voor krokodillen. Binnen een afsluiting zijn er een hele hoop grote exemplaren te bewonderen.
    Verder noordwaarts ligt Cape Tribulation. Een zeer verlaten streek. Alleen Cooktown is nog van enige betekenis en daar zouden we nog wel geraken met onze auto. Hier zette die eerste bekende Europese toerist voet aan wal in 1770. Verder noord is onbegonnen werk daar men door rivieren moet rijden en de gravelbaan in zeer bedenkelijke staat. Het is alleen voor de avonturiers. In Daintree NF doen we een mooie wandeling langs een glibberig boardwalk. Onderweg terug naar Cairns stoppen we aan de Crocodile farm. Deze is echter al gesloten alleen de wc blok is open en we houden daar dan ook een grote wasbeurt. Willen op de parking overnachten maar men komt ons vragen te vertrekken daar we op privé terrein staan. Ze tonen ons wel de weg naar een mooi strandje: terug de brug over en re de zandweg in.
    Het is een zalig plaatsje. Het bord met verboden kamperen ligt ergens tussen de struiken. Later komt er ook nog een jong koppeltje Australiers aan die dit plekje zeker kenden. Overal staan verwittigingsborden voor krokodillen en stingers. Aan het verwittigingsbord is ook een fles met azijn die men moet gebruiken om de stinger te laten loslaten. We zagen die flessen ook op al de andere stranden (zouden die bij ons ook blijven liggen?)
    Via Kurunda rijden we richting Mareeba en onderweg doen we de Davies Creek Falls. Via Mareeba naar Tolgo. Van daar gaan we naar Lake Tinaroo en de Cathedral Fig een enorme boom. In Uyngaburra staat de Curtain Fig. Een boom waarvan de luchtwortels een echt gordijn vormen.
    We slapen in Malanda in een picnikparkje. Terug naar Millaa Millaa voor de waterfall circuit road. Aan enkele watervallen kan gezwommen worden in een prachtige natuur.
    Verder via de Palmerston hwy en nog een mooie waterval terug richting kust. Onderweg zien we de aankondiging: grootste suikerriet plantage van Australie.
    Innisfail is een leuk stadje. Er is een museum van het suikerriet. We nemen een scenic road langs de suikerriet dorpjes Silkwood en Mena Creek. Suikerriet zover we kunnen zien en ook hier zijn ze vuurtje aan ’t stoken om het vuil en het meeste loof te verbranden maar vooral om het ongedierte (waaronder giftige slangen) te verjagen voor men de oogst begint. Met grote machines wordt het riet afgereden. Tussen de velden liggen sporen met wagentjes die men vult en naderhand naar een groot en lang spoor brengt waar ze aan elkaar gekoppeld worden en zo een lange trein vormen om naar de suikerfabrieken te brengen. Zijn een beetje geschrokken van de primitieve installaties hier (Tienen is er een paleis tegen) Alleen de geur komt ons zeer bekend voor.
    Onderweg staan regelmatig stalletjes met fruit, vooral bananen en ananas. De prijs staat er op en er is een busje om uw geld in te steken ( wordt hier niet gestolen?).
    In El Arish rijden we richting Mission Beach. Het is een aaneenrijging van kleine plaatsjes met mooie stranden. Van hieruit kan men naar de Dunk Islands en het Barrier reef. Daar wij niet duiken of snorkelen is het niets voor ons.
    Tully is het natste plekske in Australie. Hier valt meer dan 4000mm/jaar. De rivier is een beruchte rafting plaats. We overnachten in Tully heads.
    Cardwell is een van de oudste stadjes en is ook het enige tussen Cairns en Brisbane waar de baan de kust raakt. Het is eigenlijk maar één lange straat met winkeltjes. Langs de 1 komen we nu ook restarea’s tegen waar men een kop koffie kan krijgen en overnachten. Overal staan ook verwittigingsborden om tijdig te rusten.
    Ingham is het grootste suikercentrum van de streek en een paar km inland staat ook de grootste suikermolen. We overnachten een stukje voor Townsville.
    Townsville is een grote stad. We willen hier vooral 2 dingen doen: de MHshow en het aquarium. Met een goed plannetje in de hand gaan we op zoek naar de fairgrounds. We vinden een parking langs de straatkant in de nabijheid van een “gate”. Als we daar zijn blijkt er alleen ingang te zijn voor personeel en moeten we helemaal de blok om. Het grootste deel van de grounds wordt ingenomen door een camping waar zowat elke Australische MH club zijn plek heeft. Er worden volksspelen enzo gedaan. Op de show zelf is niet echt zoveel te beleven. Er zijn een tiental nieuwe modellen met allen zowat dezelfde inrichting. We maken kennis met een deel leden van de Brisbane Mhclub. Veel van hun leden hebben er eentje ingevoerd van overseas=Engeland daar deze verwarming en koelkast hebben op LPG Daarna rijden we kriskras door de stad. Wandelen langs de Flinders st mall en de rest van het compacte centrum. Via The strand, een aangename zeeboulevard rijden we naar East Flinders street waar het Greet Barrier reef Wonderland is met museum, omnimax theather en het aquarium. Vooral dit laatste vonden we enorm mooi met de koralen, de soorten gevaarlijke vissen en de stinger (wat een lange armen….)
    Hier overnachten we op een parking/picnikplaats langs de 1. Het was er onverwacht rustig.
    Bowen is het fruit en tuinbouwcentrum van de streek. Er strijken hier dan ook veel seizoenarbeiders neer en de meeste hostels zijn op hun ingesteld. Op het visitor center kan men alle info krijgen over een job. Wij vinden een paar mooie plaatsjes aan het strand. ’s Avonds staan we op een betonparking aan de zijkant van een hotel. We krijgen bezoek van de politie die ons vraagt naar de camping te gaan omdat het hier op vrijdagavond niet echt veilig is. Hadden ons ook al vragen gesteld toen we aan een telefoonkot een chaos zagen en een leeggeschudde portefuille die er lag. We gaan dus naar de camping en betalen 12$ Doen hier dan ook maar onze was en nemen een zalig lange douche.
    Van Bowen naar Airlie Beach. Een aangenaam toeristisch stadje. Alles staat hier in het teken van het duiken. Van hieruit kan men ook naar de eilanden.
    In Dryander en Conway NP zijn er verschillende wandelingen uitgezet met goedbeschutte parkings aan kleine strandjes. We rijden naar boven tot op Mt Rooper Lookout en naar Mandalay point.
    Terug naar de Hwy en voor Mackay slaan we af naar Seaforth. Hier is een parking aan het strand en op het pleintje. Het is er nogal druk. We rijden nog wat verder tot Cape Hillsborough NP. Nabij het rangerstation is er een parking en picnickplaats. Voor het strand moet men lang een steil padje naar beneden. Als we buitenzitten komen de kangoeroes tot aan onze voeten om te bedelen. Er zitten blijkbaar ook koala’s maar we zien er geen. Het was hier rustig slapen
    We vertrekken naar Eungella NP Tijdens de aanloop zien we vooral tuinbouw. Dan wordt het klimmen. Onderweg moeten we door het water rijden. Aan het visitor center is er een picnick en parking. We stoppen om ons te informeren en zien opgezette platypuses = vogelbekdier(een soort otter met een platte bek zoals eenden-in ’t groot dan) We gaan aan de rivier kijken, er is een uitkijkplatform gemaakt dat een stuk over het water uitsteekt, maar we zien ze niet zo direct. Zullen morgen heel vroeg nog eens moeten komen kijken. We rijden verder bergop. Onderweg aan de rivier veel startplaatsen voor kayak en nog andere rustige plekjes. We rijden tot heel boven aan de kloof waar een waterreservoir is. Onderweg ook mooie plaatsjes om in ’t water te plodderen daar waar het riviertje breed is en aan de kanten zeer rustig. We overnachten op de camping van het NP Ook deze morgen geen platypusses te zien Onderweg naar Mackay zien we weer veel treinsporen voor het suikerriet. In dit stadje is ook de grootste “sugar-loading terminal” en het is er erg druk. Het stadje rijden we rond. Het heeft wat oude gebouwen maar dat is het dan ook.
    Rockhampton Richting Yeppoon en van daar naar Emu park. Over heel deze kuststrook zijn er mooie strandjes. Onderweg doen we Double Head, Bluff point en Pinnacle point, 3 mooie uitzichtpunten. In Emu park staat er een monument ter ere van Cp Cook-the singing ship- het zijn pijpen waar de wind door blaast.
    Gladstone heeft een heel grote haven. Even zuidelijker in Agnes Waters is een gratis camping. Er staan een paar campers en een paar tentjes. Het toiletblock is nog nieuw. Jonge Australiers die met hun fiets rondtrekken zijn bijna opgepeuzeld door de muggen. ’s Avonds wandelen we naar het centrum, kopen in het enige oude winkeltje een ijsje. De afstand viel wat tegen, we willen een stuk afsnijden maar lopen vast op de spoorweg. Het is al goed donker als we thuiskomen.
    Bundaberg is onze volgende stop. Vinden het een leuk stadje en vinden een mooie overnachtingsplaats op een mooie betegelde parking aan het strand. Er staat nog een Australische camper die hier elk jaar een paar maanden staat. Er zijn nette openbare toiletten. We blijven hier een paar dagen rondhangen.
    Childers is een schilderachtigstadje en heeft een paar leuke winkeltjes. In Torbanlea slaan we af naar Hervey Bay (Torqay, Urangan enz.) Het is hier een echte toeristische stopover vooral naar Fraser Island. Voor ’t ogenblik zijn er geen walvissen in de buurt dus liggen de boten werkloos aan de pier. Wij slapen aan de boatlanding. Overal aan de pub’s hangen de winnende vangsten uit (grootte/gewicht) We eten er een fisch and chips en krijgen een portie voor een hele week.
    Maryborough doorkruisen we in alle richtingen. Het heeft mooie lanen en heel mooie oude huizen.
    Tin Can Bay. Ook hier komen dolfijnen ’s morgens vroeg naar het strand om gevoed te worden.
    Eerst gaan we naar Rainbow beach en rijden door het mooie Great Sandy NP. Vanop de parking kan men het grote duin beklimmen en heeft men een prachtig uitzicht. Terug in TinCanBay rijden we helemaal de kuststrook zo ver we kunnen. Er zijn mooie picnickplaatsen en we vinden een mooi plaatsje aan het strand om te luieren. ’s Avonds gaan we achter een warenhuis overnachten. ’s Morgens is het nog heel fris als we al op uitkijk staan. Er worden emmertjes met vis verkocht om de dolfijnen te voeren. Onze papa beleeft er veel plezier aan.
    In Gympie nemen we de O15 en nabij Imbil rijden we naar de Borumba dam. Het is mooi rijden en boven aan de dam is een mooie picknickplaats. Kenilworth naar Maleny en terug noordwaarts via de mooie route naar Mapleton langs het mooie Kondalilla NP, een mooi stukje regenwoud.
    We rijden ook door het zeer toeristische Montville. In Nambour kan men er niet neven zien dat men in de ananasstreek is. Er staat langs de baan een exemplaar in fiberglas van 15m hoog.
    We rijden naar de sunshine coast. Van Colum beach naar Maroochydore door het deltagebied van de Maroochy river. Er is een mooie strandboulevard en aan de wharf is het heel aangenaam. Er staat redelijk wat wind en er zijn veel surfers.
    Van hier tot Caloundra is er weer veel bebouwing. Het staat ons hier wel erg aan. Naar Landsborough en Beerwah waar we de Glass House Mnts inrijden. Er rijden nogal wat tourbussen hier. Veel mooie winkeltjes en gezellige restaurantjes. Een heel mooie route om te rijden. Het gebergte heeft een bizar uitzicht: een hoge heuvel met overal bergkegels op.
    Nabij Strathpine vinden we een rustig plaatsje op een soort restarea met picknick enz. We kiezen deze plaats omdat we van hieruit niet ver van Brisbane zijn.
    Vandaag gaan we Brisbane verkennen met de auto. Daarna staat het Lone Pine Koala sanctuary op het programma. Het is een mooi groot park. Buiten koala’s zijn er ook nog kangoeroes, de tasmaanse duivel, kazuari's en andere inheemse dieren te zien. Het is een rustige afsluiting van onze reis.
    We gaan terug naar Strathpine en rekenen morgen op een goed uurtje om naar NQ te rijden. We ruimen zoveel mogelijk op en maken onze bagage klaar
    Na een niet zo goede nacht ( bang om ons te overslapen?) rijden we binnen. De afrekening valt zeer goed mee. Krijgen alle kosten terugbetaald en nog wat meer omdat ze zich misrekend hadden ( kon niet vinden waar maar als het voor hun OK is voor ons ook natuurlijk.) Ze bellen een taxi en het doet raar weer in een gewone auto te zitten. Het wordt een lange reis: Van Brisbane via Auckland, LA, Frankfurt (waar we meer dan 6u moesten wachten) naar Brussel

    23-06-1999 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (11 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Platypus
    Platupys
    geen eigen foto
    er slechts ééntje van ver weg gezien




                                                                   vogelbekdier in 't water, op 't droge en een beetje getruckeerde foto

    Het vogelbekdier is een uniek Australisch dier. Het heeft de kenmerken van drie andere bekende diersoorten: de snavel van een eend, het lijf van een mol en de staart van een bever. Toch is het vogelbekdier een heel ander dier dan één van deze drie dieren. Samen met de miereneter behoort het vogelbekdier tot de monotremen. Monotremen zijn de meest primitieve zoogdieren, ze zogen hun jongen hoewel ze eieren leggen en niet levend baren zoals alle andere zoogdieren. Het woord monotreem komt uit het Grieks en betekent één gat. Ze hebben namelijk maar één uitgang die meerdere functies heeft: paren, eieren leggen en uitwerpselen. Monotremen komen van nature alleen in Australië voor. 



             

    23-06-1999 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    31-12-1998
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.ZUID AFRIKA BOTSWANA NAMIB najaar 1998



    Na Zimbabwe hadden we serieus de smaak van Afrika te pakken. Toch viel de beslissing om naar Zuid Afrika te trekken nogal onverwacht.
    Regelmatig trokken we naar Brugge om bij Wegwijzer te snuffelen in reisverhalen en reisgidsen. Mijn ventje kan niet zolang stilzitten en was 't stad ingetrokken maar kwam heel vlug terug. In het uitstalraam van 't VAB/VTB kantoor hing een aanbieding ... iemand verkocht zijn tickets aan 16000bfr/pp... datum vrij te kiezen....
    Wie of wat houdt er ons tegen? Niemand - niks. De beslissing is heel vlug genomen en een uurtje later komt hij terug met tickets en een autoreservatie...
    De rest van de dag duiken we in allerlei gidsen en lezen verslagen.
    's Avonds bellen we de kinderen dat we volgende week naar Zuidelijk Afrika vertrekken.


    Reispassen en vaccinaties zijn nog OK - reischeques hebben we nog voldoende...
    Aangezien we een auto ter beschikking hebben moeten we niet zo op een stuk bagage kijken. We willen nog voor ene keer met de tent gaan. Die van ons is wat aan de krappe kant maar de tunneltent van Els is perfekt want de kampeerbedjes passen er ruim in. Matrasjes, slaapzakken, ons colemanneke en een paar potten, pillamp en koplampen... Het is omvangrijk maar we blijven ruim onder de toegestane 40kg  en na jaren ervaring kan ik me bedwingen om de laatste momenten er nog 't één en 't ander te willen bijfoeffelen.


    We hebben een nachtvlucht met Sabena en landen rond 9u30 op Jan Smuts in Joburg.
    Gelukkig want er staat een lange rij aan 't wisselkantoor en 't lijkt niet vlug vooruit te gaan - veel gediscussier over rekeningen die niet kloppen...ook wij moeten hun vragen het nog eens na te tellen want er is wat te kort...ekskuses, jaja, dat kennen we.
    Aan de balie van Avis staan slechts 2 klanten voor ons maar ze hebben er blijkbaar niet veel zin om er tegenaan te gaan. Omdat we de auto ook meenemen naar Zimbabwe, Botswana en Namibie moeten er extra papieren ingevuld worden en ja... op 't middaguur is dat niet zo evident... Het gekste.. we moeten na 30dagen ergens een Avis kantoor binnenrijden om de verhuring te verlengen.want ze verhuren slechts per periodes van 1 maand. Dat we in 't bezit zijn van formulieren voor 45d. hindert hun niet... binnenrijden moeten we anders kunnen ze het voertuig laten opsporen wegens "ontvreemding" Ja wadde...
    Met een trolleybusje worden we tot bij ons autootje gereden. Even nakijken waar alle knopjes staan en we zijn er mee weg. Tanken en de hway op richting Pretoria. Joburg zullen we later wel doen als we het verkeer wat gewoon zijn aan 't verkeer.

    Links rijden is weer even wennen en het neemt zo onze aandacht in beslag dat we de afrit voor Doornkloof en het Smuts'house gemist hebben waar we op de camping wilden. We nemen dan maar de volgende.Rondrijden heeft niet veel zin want binnen een paar uurtjes valt de duisternis en daartegen willen we toch ons tentje recht hebben (de eerste keer steeds weer wat wennen) en vroeg naar bed na een nacht in de lucht.

    Pretoria: administratieve hoofdstad van Zuid Afrika en hoofdstad van Transvaal. We zijn er op 't goeie moment om de stad in al haar pracht te zien. De duizenden jacaranda's staan in bloei en we rijden door weelderige blauwe lanen. We rijden kriskras door de stad en stoppen om wat mondvoorraad in te doen.
    Een bezoekje aan Fort Klapperkop en het Voortrekkersmonument mag niet ontbreken.
    Ik persoonlijk vind het Voortrekkersmonument zelf vooral groot maar niet echt mooi. Binnenin worden de heldhaftige verhalen verteld van de trek van de boeren die met ossewagens vanuit Kaapstad door het ruige landschap noordwaarts trokken. De kring van wagens, laager =een taktiek die ze tijdens hun tochten toepastten om zich te verdedigen,  rond het monument vond ik wel indrukwekkend. Het verhaal van hoe boeren, Hollanders, tegen hun verleden aankijken. Het vertelt dus enkel de blanke kant van de Zuid Afrikaanse geschiedenis en de boeren zijn er enorm fier op.
    "Ons vir jou, Suid Afrika" 
    Terug naar Pretoria en we moeten wat zoeken naar een oprit voor de Hway. We vragen de weg aan een paar stadsarbeiders en oeps daar is het al... blanke vrouw spreekt zwarte man aan op straat....not done blijkbaar maar ze wijzen ons wel de goede richting.
    Een mooie en nieuwe autostrade. Onderweg houden we halt aan een rusplaas. Een heel modern benzinestation, resautrant, winkels en zelf sanitaire instellingen met douches. Alle heel net. We doen wat proviand in en zijn weer de baan op.  In Machadodorp verlaten we de grote baan en rijden door de Schoemanskloof
    In Witrivier vinden we een hotel met camping. We zetten onze tent op begluurd door een stel kraanvogels.
    Van hieruit verkennen we de Drakensbergen. Via Sabie, LongTom pas, Lydenburg, Pilgrim's rest (oud mijnstadje nu een gezellig toeristenoord) Grasko, Blydenberg canyon met pinacle, God's window en Bourkes'luch holes, Strijdom tunnel en Erasmus pas en terug via Hazyview
    De volgende rit gaat zuidwaarts naar Barberton en omgeving. Swaziland willen we later doen. Onderweg komen we langs fruitstalletjes met bananen, mangoo (5R de emmer) lychees (10R de grote plastiek zak.) We smullen.
    Kruger NP. Na Zimlbabwe hebben we dieren spotten hoog op ons programma staan. We rijden het park binnen via de zuidingang Malelane. Week pas gekocht, overnachtingsplaatsen vastgelegd en goed geluisterd naar alkle do's and not done's . Onze eerste overnachtingsplek wordt Pretoriuskop.
    We slapen in een kleine rondavel met bed, koelkast, klein klerenrek en..aircon. Outside bathroom en kitchen.
    We vertrekken 's morgens vroeg, houden 's middags platte rust en in de late namiddag weer op bol. De eerste uren vallen we een beetje terug op de anderen om de plaatsjes te vinden waar iets te zien is maar na een tijdje lukt het ook ons om goed tussen de struiken te kijken. Genieten, rustig wachten aan een waterpool en ondertussen smikkelen van 't fruit.
    In het visitor center alle info te bekomen, rangers staan her en der met standjes en geven ook uitleg .. Vlaams? Kennen jullie Helmut Lotti? ni te geloven.
    In 't park zijn picknick area waar men mag uitstappen - een winkeltje en BBQ's -
    Het lukt me niet met mijn wegwerpfototoestelletje een fatsoenlijk beeld te nemen van de dieren ...
    Ons volgende camp wordt Balula - inschrijven in Olifantskamp want geen bureel in Balula, alleen en wachter die de gate open en toe doet.
    Een basic camp maar een droomplekske. De avond valt als we ons tentje nog moeten opzetten - eten klaarmaken met de pillamp op een gasvuurtje, eten aan een stenen tafeltje met koplamp op. Ik hoor iets, hef mijn hoofd op en mijn lamp schijnt in de ogen van een dier nog geen 3m van mij, achter de rug van mijn ventje maar ook acher de fence goddank.... een hyena. 's Avonds in de tent nog liggen luisteren naar de geluiden en raden wie er achter dat stukje zeildoek langskwam.
    Onze week hier zit er vlug op. We deden geen nightsafari of voettocht die in de grote camps georganiseerd worden. Zo spannend genoeg voor ons.
    Via Magoebaskloof en Louis Trichardt noordwaarts naar Messina.
    Hier zouden we de grens oversteken naar Zimbabwe en moesten we ons bij Avis melden.
    Blijkbaar onze papieren niet in orde - zouden nog veel moeten bijbetalen voor zekering en day tax. plus, diegene die ons aan de grens zou begeleiden door de administratie en mafiose toestanden is niet aanwezig. de dame is heel voorkomend. Wij willen niet nog meer gaan betalen en wachten op iemand die er niet is. Voor ons hoeft het niet meer. Na een paar telefoontjes kan zij ons de reeds betaalde som terugbetalen met een litanie aan het adres van die domme zwartjes die ze in dienst nemen. Ik krijg een stevige por in mijn zij van 't ventje..bang dat ik daarop zou reageren?
    Een beetje pissig om het gemiste Zimbabwe en de verloren tijd vertrekken we richting Botswana. Via Alldays, Maasstroom, Swartwater naar Tom Burke. Botswana binnen via de Groblersbrug over de Limpopo rivier.
    Kleine grenspost, vriendelijke mensen, wat over en weer geloop met papiertjes, hier en daar een stempel. Als uitwuif vertellen ze ons dat de baan 100km opgebroken is en dat we de zijslopen moeten nemen. Met ons city golfke? Geen probleem, volk genoeg langs de baan.
    De slopen die ze provisoir gegraven heben zijn diep, smal en zanderig. Wat als we een tegenligger krijgen... 't zal zich wel oplossen zeker. We rijden, schuiven en vooral aan de oversteken van de rechter naar de linkerkant van de baan moeten we opletten dat we niet vastgeraken. Onze eerste tegenligger komen we tegen als we op een paar kms van Palapye weer op de asfalt rijden. en dat volk onderweg???

    In Botswana is een encounter met olifanten op de grote verbindingsbaan Francistown - Livingstone geen uitzondering. Het is de grote verbindingswag tussen Zuid Afrika en Zambia en dus vrij veel vrachtvervoer. Dat ze regelmatig in de remmen moeten gaan voor olifanten is te zien aan de wrakken langs de baan.
    Op de meeste plaatsen is het struikgewas een paar meter langs beide kanten van de weg verwijderd en toch... we waren verwittigd maar 't was toch schrikken toen ze plots voor onze wielen de baan overstaken..
    Ik vond altijd dat Botswana een speciaal sfeertje heeft en vraag me niet waarom.... omdat we zo weinig blanken zagen? Veel couleur locale? Op de kleine campings onderweg zagen we enkel Zuid Afrikaanse toeristen en was er een echt safarisfeertje.
    Chobe NP ligt grenst in 't noorden aan de Zambesi. In het maincamp wel veel groepen met toeristen... vooral bussen met volledige slaapgelegenheid of een rijdende camping;..We hadden vroeg de tent opgezet maar na een paar uur stonden we ingesloten tussen groepen die blijkbaar een wedstrijd hielden in "om 't hardst lawaai maken" Effe aan de receptie gaan vragen en doorgereden naar een kleinere plek. Zalig... we vinden een mooie plek zonder hoog gras (remerber snakes) tussen de rivieroever en onder een heel hoge boom. De tent stond op 1 - 2 - 3 recht maar was nog vlugger terug afgebroken toen de parkranger kwam melden dat we op het pad stonden dat de nijlpaarden 's nachts gebruikten.... daarom was het ook zo mooi vlak...
    Hebben die avond heel lang naar de geluiden buiten liggen luisteren. Hoorden we een hyana? was dat getril het stappen van olifanten of..een nijlpaard? Uiteindelijk toch in 't slaap gesukkeld... we vertrouwen op de ranger. (de eerste kerten dat we in Zimbabwe op een open camping verbleven hebben we wel de nacht doorgebracht in de tent maar de eerste twee heel weinig geslapen... zelfs onze eigen ademhaling hoorden we...)
    Een telefoonkaart gaan kopen en de kinderen gebeld. door een paar winkeltjes gelopen.
    We doen een boottocht op de Zambesi tussen de croco's en de hippo's, niet zo spectaculair dan ik verwacht had maar wondermooi.
    De Okavonga delta spreekt ons niet aan. Met kleine bootjes in een waterrijk gebied waar vermoedelijk heel veel muggen zitten. We kiezen om door de caprivi te rijden. Tot de grens en een stuk er voorbij een zeer slechte weg.
    Aan de grenspost doen ze "belangrijk" Alle papieren van de auto en van ons ... een resem documenten invullen en... tonen waar het nrplaatje van de auto zit...
    We nemen een Noorse backpacker mee die hier al sinds gisteren op vervoer zit te wachten. Het is snikheet. We rijden op een mooie asfalt door dichte bush. Veel dieren zien we niet, vermoedelijk veel te heet. Hier en daar een kleine nederzetting met meestal mooi opgeveegde erfjes. 't Is zondag en de mensen trekken mooi opgedirkt en geschminkt naar de kerk.
    We stoppen af en toe om iets te drinken en te eten en de Noor maakt een diep gat in onze voorraden.
    In Rundu vinden we een hotelletje met camping. Onze lifter kan er een kamer vinden en wij zetten ons tentje op in de tuin. 's Avonds eten we er een lekker potjie van gemsbok.
    Etosha rijden we in via de Van Lindquist gate (yep  vroegere Duitse kolonie) We gaan even op verkenning.
    Etosha heeft 3 camps ééntje hier, halfweg Halali en aan de andere kant van 't park Okaukeujo.
    't Is nog te vroeg om hier al halt te houden. we rijden dus verder en stoppen regelmatig om wat rond te kijken - hier en daar via eeen rondweg. Het is hier heel anders dan de andere wildparken: heel open, zoutpannen. De zon brandt en de dieren vermoedelijk ergens slapend onder de struiken.
    Halali vinden we niets voor ons en dus zetten we ons tentje op in Okaukeujo. Dit camp heeft zowat alles wat we kunnen dromen.. goed info - zwempool waar we uiteindelijk geen gebruik van maken - een mpooi hotel - maar wij hadden het meest plezier aan de verlichte waterpool. Uren hebben we daar doorgebracht op een bankje. De va et viens van de dieren in 't oog gehouden - de lange nekken van de giraffen tegen de ondergaande zon, de machtsstrijd tussen neushoorn met jong en olifantenventje met zijn aanhang... briesen, blazen...trompetten maar uiteindelijk moet de olifantenfamilie de baan ruimen. Genoten en nog eens genoten.
    Koakaland en de Himba is niet te doen met ons autootje. In Outjo zien we wel Himba op de markt.
    Waterberg Plateau park kan ons niet zo aanspreken - vermoedelijk ook wat te moe en we rusten er gewoon uit.
    Via Karibib naar Swakopmund. Teveel wind om ons tentje op 't strand neer te zetten zoeken we onderdak in een klein GH. Ook hier in de stad veel traliewerk voor ralmen en deuren van vensters en afgesloten parkings.
    Van hieruit doen we verschillende tripjes:
    Noordwaarts langs de kustbaan. Nogal mistig 's voormliddags en vooral drukbezocht door vissers - auto's met 5 tot 6 grote vislijnen vooraan op de bumper - gek zicht.
    Rössing mine, 's werelds grootste uranium mijn.
    Welwitschia area. Deze plant komnt nergezns anders ter wereld voor; Voor 't eerst ontdekt in 1959 zijn ze er tot nu toe nog niet uit bij welke plantenfamilie ze het meest aanleunt. De plant is beschermd en zonder permit mag men niet het gebied in.
    Langs stranden en hoge duinen naar Walvis bay waar we een leuk visrestaurantje ontdekken en de patron een wachter bij onze auto plaats. Nog even tot de lagune en de zoutpannen waar 't krioel van de vogels.
    De volgende dagen staat er voor mij weer een hoogtepunt op 't prograam - hopen foto's had ik gezien van de Namib Naukluft
    En we gaan er naartoe met ons city golfke. We doen wel een fameuse voorraad water in.. ge weet maar nooit. Kilometers rijden op een brede gravel die dezelfde kleur heeft als de gravelwoestijn rechts en links van ons....
    Welgeteld één tegenligger komen we tegen. Ter hoogte van Kuisebbridge vind ik persoonlijk het heel mooi. De rievier is een zandbedding en heeft slechts een paar weken per jaar water dat dan nog niet eens tot aan de zee geraakt
    Nabij de camping in Homeb kan men een kijkje nemen in de grot waar de geoloog Henno Martin met zijn collega 3 jaren onderdoken tijdens WO II ( boek The sheltering desert)
    Een deel kms voor Sesriem komen we langs een farm die camping aanbiedt. Er zijn ook mooie kamers maar we verkiezen ons tentje neer te zetten onder een schaduwrijke boom. Het eten (potjies) is er lekker.
    Van hieruit is het wel nog een stukje rijden naar sesriem. sesriem een benzinedorp en een paar krotten.
    We zijn blij dat we niet gekozen hebben voor de camping van 't park want 't zit er stikvol met groepen die veel lawaai bij hebben.
    Sossusvlei. We rijden zover we mogen met 2WD en stappen daar over op een 4x4 - onvergetelijk mooi.
    De volgende dag kwamen we hier nog eens terug.... mijn borstkas was een paar maatjes te klein om al die emoties te torsen.
    Voor wie denkt in Sesriem zijn voorraad te kunnen opslaan ... een benzinepomp en een verfrommeld winkeltje...Doorgaans omdat de meeste toeristen hier georganiseerd komen.
    Wij verder zuidwaarts naar Aus en vinder er onderdak in de Arendslodge bij een farmer.  De lodge ligt nog 4 km van het hoofdgebouw via een smal zanderig wegske. Rij maar zegt de boer - ik volg - ik rij toch vlugger dan zie ik als jullie vastrijden. Bij mij gaan de alarmbellen rinkelen maar het lukt ons. De lodge kan groepen tot 10 man herbergen. Is gebouwd uit rotssteen en tegen de rotswand aangeplakt. Achteraan een BBQ plaats, hout en een aansteker (hahaha) Binnen petroleumlampen. Water uit een watertoren. Back to basics - we feel good.
    We bestellen producten van de farm - gaan heel zijn installaties eens bekijken. Hij woont hier samen met zijn broer en runnen de zaak onder hun beidjes. Voor bank en andere aankopen moeten ze 284km ver rijden...
    Wij bezoeken van hieruit Luderitz... deels verdwenen onder de duinen. We hebben het gezien maar hebben er zeker ons hart niet verloren. Vooral een toeristen gedoe.
    Voor vertrek vers fruitsap ingedaan en op de gas moeten trappen om tijdig in Keetmanshoop te geraken om geld te wisselen.
    En weer moeten we beslissen: Fishers Canyon of de Kalahari.
    Het eerste is vlug afgeschreven: in deze periode mag men de canyon niet in wegens te grote hitte (er zijn touroperators die het toch aanbieden ...een paar dagen geleden is een Nederlands meisje hier omgekomen door uitdroging en niet tijdig geëvacueerd te kunnen worden) De Kalahari is dan ook weer een naam die als muziek in mijn oren klinkt.
    Het enig dat van hier tot de grens te zien is zijn de Kookerbomen...quiver trees ...
    Aroab nabij de grens en het enige dorp onderweg heeft niets te bieden. Zelfs het benzinestation is gesloten.
    De grensovergang in Rietfontein: een houten kot aan de straatkant en een ijzeren bareel die opgehaald wordt met de koord. Vriendelijke mensen, leuke babeel en we zijn weer in ZA
    We rijden richting Bokspits. Dit stadje ligt weer op Botswana. Voor 't centrum slaan we links af en volgen de Nossob river naar Kalahari Gemsbok NP. ( bij zware regenval zorgt deze rivier ervoor dat we weg helemaal komt onder te staan) Geen regen nu maar wel een stoffige gravelbaan.

    Kalahari gemsbok NP
    Eén van de parken waar wij zeer goede herinnereingen aan overhouden is het Kalahari Gemsbok NP - in het NO Van Zuid Afrika geprangd tussen Namibië en Botswana. Er is geen parkgrens tussen deze landen en de dieren hebben dus een enorm gebied. Voor ons zijn slechts 3 banen uitgezet lans de Nossob rivier en de Aoub rivier en een verbindingsbaan tussen beide. Het is eigenlijk een half woestijn en er valt een 200mm regen per jaar. Tussen beide rivieren ligt een rood/bruin duinengebied. Wij waren er in December en het was er snikheet - ook 's nachts koelt het niet af. In de rondavels, restaurant en toiletblok is airconditioning.
    Het grootste kamp is Twee rivieren waar ook nog een winkel is maar vlees, groenten of brood is er niet te vinden. Profiand meenemen dus.
    De kortsbije stad ligt op 4 à 5 u rijden via een stoffige zandweg. 
    De camping is leeg, plaats zat dus om ons tentje neer te zetten. 's Avonds komt er een zwitserse familie bij die rondrijden in een jeep met tent boven op het dak - het is een jong koppeltje met de moeder van het meisje.
    Veel toeristen denken dat, van zodra ze achter de omheining zijn hen niets meer kan overkomen en worden nonchalant. Zo ook deze familie. Ze hebben hun tafeltje en stoelen in de schaduw onder een boom gezet. BBQ aan en lekker smullen. Plots slaakt het meisje een verschrikkelijke schreeuw. Ze krijgt niks gezegd maar wijst naar de boom. Achter de rug van de moeder, in de vork van 2 vakken, richt zich een groen slang op. Iedereen achteruit. De moeder naar de auto.... De slang kiest het hazenpad. De wachter is op het geschreeuw afgekomen. Ze vertellen hun belevenissen en hij zegt dat het een cape cobra was... de giftigste slang van Afrika.
    Voilà, terug een beetje met twee voeten op de grond... we zijn in Afrika... in de wildernis...en velen vergeten dat nogal eens en denken in "hun" wereld te vertoeven maar 't is echt die van de beestjes..
    De moeder hebben wij niet meer gezien en niettegenstaande ze hier een 4tal dagen dachten te blijven waren ze 's middags verdwenen..
    Wij controleerden 's avonds de tent ook extra en zorgden er voor dat de rits goed dicht was....  lawaai maken is 't beste om die lieve beestjes op afstand te houden.

    Het is weer een hete dag. We rijden vandaag naar Nossob kamp. Voor we vertrekken moeten we doorgeven waar we naartoe willen. Als we ginder niet opdagen....gaan ze zoeken.
    We volgen de Nossob rivier....gewoon een droge bedding. Gelukkig hebben we koude thee meegenomen. Tegen de middag is de wind die door 't open raam blaast zo heet dat we natte handdoeken op onze schouders leggen om wat af te koelen - de thee is warm maar daar hadden we op gerekend...Cola of limonade zou niet te drinken zijn..
    We ontmoeten een jong koppel uit Nassogne die met een heringerichte oude marktwagen op ronde zijn. Ze staan ook aan wat eens een waterpool was en nu nog slechts wat opgewoelde modder. Zij hebben airco in de auto ... goed rondkijken en vlug oversteken... al zijn de dieren bij zo'n hitte ook loom... we spreken af voor straks op de camping. We zien vandaag veel Gemsbokken - prachtige dieren die vooral hier in overvloed voorkomen. Gieren genieten van een maal maar we kunnen niet onderscheiden wat het is...
    Na het aanmelden op de camping en het geruststellende telefoontje naar Twee Rivieren zetten we onze tent op. Hier redelijk veel volk - vooral zuid Afrikaners... Ze hebbben het nogal op onze tent gemunt en zouden ze graag overkopen ... We hebben er echter zelf te lang moeten naar zoeken. Is er ééntje waar we recht in kunnen staan en ook met de slaapbedjes ons nog bewegingsruimte geeft.
    We sleuren de bedjes buiten onder de (goednagekeken) boom en ik leg natte badhanddoeken over mij.... na een paar minuten zit de handdoek vol vlinders die op het water afkomen... Ben blijkbaar ingeslapen en wakker geworden van de kou.... Natte handdoeken is een goede methode om af te koelen maar blijkbaar het temperatuurverschil een beetje te drastisch...
    Die nacht daalt de temperatuur van 42 naar 39°C - in de verte dondert het en het is verschrikkelijk beklemmend. 's Morgens is alles kletsnat...
    We beslissen hier geen tweede nacht te blijven want we hebben serieus last met ademen.
    We rijden niet naar Mata Mara maar nemen de verbindingsweg.
    In de hoge en mooi gekleurde duinen zien we nog een paar cape cobra's kronkelen..overal liggen grote vruchten ...woestijnmeloenen .. met grote gaten in door het pikken van de vogels.
    In Twee Rivieren nemen we een bungalow met airco voor de volgende nacht. Ben zo dom geweest ook wat kleren te wassen en buiten te hangen.... kan ze 's anderendaagsmorgens terug uitwringen... nog natter dan toen ik zo ophing. Leg alles dan maar achteraan voor 't venster. Nogal een tentoonstelling van ondergoed maar...daar droogt het tenminste.
    Vond de Kalahari heel mooi - zeker om eens terug te komen als 't niet zo heet is.


    Via Upington naar Springbok. Augrabies laten we rechts liggen want 't is hier nog veel te heet om te gaan wandelen. Over de Burkes's Pas naar Kamieskroon. Deze streek, Namaqualand,  is heel bekend voor zijn bloemenpracht na de eerste regenval.

    . Die periode is het moeilijk nog een plaatske te vinden op camping of een bed in een hotel want zowat van overal komt men naar hier om die prachtige bloementapijten te bewonderen. Nu dus geen probleem want ’t is krikkeldroog.

    Via Garies, Vanrhynsdorp en Klawer naae Clanwilliam, een heel gezellig stadje. Een bezoek aan ’t toeristenbureauke levert ons een campingadresje midden in de Sederberge. Een camping midden de natuur, eenvoudige maar heel mooie site en we staan er alleen.

    Van hieruit doen we een toertje rond via Pakhuispas, Batterkloof, Calvinia, Loeriesfontein, Nieuwoudtville waterval, Vanrhyns pas. Op sommige plaatsen heel mooi, soms heel slechte baan. Het ontneemt ons de zin om hier nog veel met de auto door de bergen te rijden.

    Later ontdekken we dat een 15/20 kms meer zuidelijker nog een camping is van ’t park – heel mooi gelegen in een vallei aan een riviertje. ’t Is aanlokkelijk maar we willen nog heel wat zien de volgende dagen.

    In Citrusdal nemen we de R303 via Middelbrergpas en Gydopas naar Ceres. Onderweg stoppen we aan een fruitstalletje en weer moeten we voor de grote hoeveelheid gaan… per kg verkopen ze niet. We vertrekken hier dus met een grote kartonnendos vars perskes en een andere doos appelkosen .. de achterbank staat weer goed  vol.

    In Tulbagh gaan we naar de historische huizen kijken en rijden verder via Malmesbury en Wellington. We rijden nog even verder door de Bainskloof daar hadden we het adres van een mooie camping. Deze blijkt echter vol te zitten met groepen. Maar terug en naar de camping die we juist buiten Wellington zagen.

    ’t Is WE en de camping zit vol WEers. Leren er wat mensen kennen en volgen met aandacht de werkzaamheden bij de uren die juist toekwamen… ze installeren zich professioneel met lampen in de bomen en boven de picnic tafel… spijtig dat de autobatterij niet zo akkoord was. We lenen ze onze pillampen…

    Vandaag een rondrit door wijnland. We zien weer opvallend veel jacaranda’s in de stadjes. We rijden  langs Paarl en door Worcester,  over de Hex River pas,door  de Matroosbergtunnel, over de Rooihoogtepas en de Burgers pass naar Montagu waar we een ruzie over onbetaalde rekeningen meemaken in een terminologie die ik in deze tijd niet meer mogelijk achtte. Kogmanskloof brengt ons naar Robertson en terug in Worcester.

     Met de wijnroute langs Franschhoek en Stellenbosch en een paar proeverijen sluiten we de dag af.In Ome Samie se winkel neuzen we rond tussen de dure snuisterijen .. gezellige kitch.

    Met een omweg via Melkbosstrand en Kreeftebaai naar Kaapstad. Onderweg gestopt bij een kolonie Jan Van Genten. Amai wat een lawaai en vooral, wat een stank…maar mooi, dat wel.

    We rijden door Kaapstad naar kommetjie en zetten daar midden de erfdieren onze tent neer. Van hieruit zullen we de kaap bezoeken.

    We reden er kriskras door de verschillende stadswijken, brachten een bezoek aan ’t office van de  NP, gingen kuieren op de visserswerf.

    De tafelberg stond op ’t programma. Met de kabel naar boven. En zoals met veel van die must do’s lag de verwachting veel te hoog. Wij vonden Signal Hill veel interessanter qua geschiedenis en uitzicht. Geen spijt dat we het deden maar zeker niet voor herhaling vatbaar.

    We gingen rijden en wandelen in het Kaap de Goede Hoop natuurreservaat en pinguins kijken.

    Ons volgende nachtje slapen we ergens nabij West Sommerset op ’t strand naast de gesloten camping.

    We volgen de kustroute oostwaarts. In Hermanus houden we halt, gaan er verse vis kopen, 6R voor een grote haaifillet,  voor de BBQ en een wandeling maken langs de kust. Van walvisspotten komt er in dit seizoen niks terecht.

    Kaap Agulhas en zijn scheepswrakken, Molshoop met oude vissershuisjes, Arniston ook oude huisjes en een mooie camping door hoge hagen beschermd voor de wind en ieder plaas heeft eigen sanitair. Nabij Swellendam komen we weer op de hoofdbaan en droppen we op de camping van Bontebok NP al vonden we dat één van de mindere parken (of al teveel gezien?)

    Weer noordwaarts via Tradouwspas naar Ladismith. De Seweweekspoort en Bosluiskloof brengen ons aan Gamkapoortdam waar we zelf onze rooibos plukken. Huiswierpas, Calitzdorp Swartbergpas naar Prince Albert. Een rustig dorp en gezellig om een terrasje te doen.Via Schoemanspoort naar Oudtshoorn waar we nog juist bij tijd zijn om de laatste struisvogelshow mee te maken…Neen, wij hebben er niet op gezeten.

    ’t Wordt laat en we rijden in één trek door naar Wilderness NP.

    Hier blijven we zeker een paar dagen staan. Mooi terrein, mooie omgeving, mooie wandelingen.

    We rijden naar George airport om de volgende huurperiode te laten noteren. De auto heeft veel kms gedaan en we lispelen het vermoeden dat hij aan onderhoud toe is. Ze stellen ons een vervangwagen voor en wij accepteren graag want in de andere kraakt alles naar ’t zand. De rode wordt vervangen door een blauwe en we zijn weer op weg Outeniekwapas, Robinson pas naar Mosselbay en Gouritsmond.

    Een ander tochtje naar Krysna  Prince Alfredspas, Uniondale, de rust en Meiringepoort … We doorkruisen zowat het ganse hinterland met zijn vele passen en kloven.

    Tsisikama NP is onze volgende halte. Wandelen en met de auto de omgeving verkennen en de dagen zijn weer te vlug voorbij.

    Al lang geleden dat we nog olifanten zagen… wij dus op naar Addo elephant park één van de kleinere parken maar wel met veel dikhuiden. Op één van de rondritten voelden we weer ons hart wat sneller slaan toen we achter een kudde olifanten op een smal wegske reden maar ook achter ons een kudde volgde… reden we hun niet voor de voet???

    Om wat vlugger vooruit te komen nemen we de N2 tot Kokstad en daar gaat het weer noordwaart naar de Drakensberge via een smalle baan, deels gravel. We houden halt in een stadje waar camping staat aangegeven ( en ‘k kan mij met de beste wil de naam van het oord niet meer herinneren) We volgen de pijlen en staan voor een gesloten poort. Er hangt wel een vermelding met telefoonnummer maar om te bellen moeten we terug naar ’t centrum. We stoppen aan een telefooncel aan ’t gemeentehuis.waar juist mannen buiten komen. We vragen hen of er in de omgeving nog een andere camping is.. ze verwijzen ons naar die dat gesloten is…Als we vertellen dat we voor een gesloten poort stonden worden we binnen genodigd en de campinguitbater opgebeld. Die bevindt zich kms van hier en ’t zou nog uren duren voor hij terug is; Geen probleem, ze roepen iemand op om ons binnen te laten. Wij terug naar de camping en daar komt iemand aan die met een grote tang gewoon het slot openbreekt en ook dat van de sanitaire ruimte… we verslikken ons even… geen probleem want ’t is maar een slot..’s Morgens hebben we bezoek van de burgemeester die zijn excuses komt aanbieden met een korf met ontbijt … wij verlegen … en nog erger als ze later geen standgeld willen aannemen…Eigenlijk hebben we heel veel van die anekdotes waar mensen zo spontaan helpen en zo vriendelijk zijn voor ons.

    We nemen de afslag naar SaniPas Hotel. Een mooie route. Keren waar de route doodloopt

    Nog een paar anderedoodlopende  dalen in gereden maar ze lijken een beetje op mekaar

    Cathedral Peak een heel mooie camping, heel gezellig maar voor ons zijn er slechts een paar korte wandelingen. Er vertrekken op de camping veel echte bergwandelingen maar daarvoor zijn we een beetje te oud en te stram. Zijn al blij dat we hier in deze mooie omgeving een dag kunnen doorbrengen.

    Golden Gate Highlands NP met Parkoffice, hotel en grote camping. Bij ’t opzetten van de tent komen ze hulp aanbieden maar uit ondervinding weten we dat we dat best onder ons beidjes toen anders wordt het een gevecht met tentstokken...Ze komen ons dan maar verwennen met een frisdrank en wat fruit. Het ene gezin is een dominees familie uit Witbank, de andere  zijn farmers in hetN/O. We kunnen er nog steeds niet van over wat een vleeseters die Afrikaners toch zijn…voor 3p heel de grote braairooster vol met worsten, beef, halve kippen…

    Een paar kleine wandelingen liggen binnen ons bereik. De rest rijden we rond met de auto en gaan zelfs eens kijken aan het “gierenrestaurant”niet ver van de kraal. Er worden karkassen in de diepte gegooid waar deze op af komen… is het restafval of doen ze het voor de toeristen? Daar hebben we het raden aan en we willen het ook niet vragen. In de omgeving liggen ook een paar mooie dorpjes.. gezellig winkeltjes lopen en door de parken wandelen.

    Harrismith, Ladysmith naar bloedrivier waar als herdenking aan het bloedbad, aangericht tijdens de Grote trek tussen de voortrekkers en de zulu,  als herdenking een museum is opgericht.


    Voor verhalen over de geschiedenis van ZA, de Grote Trek en Bloedrivier
    Voor wie zich aan de geschiedenis van Zuid Afrika interessert:
    de geschiedenis
    http://nl.wikipedia.org/wiki/Geschiedenis_van_Zuid-Afrika
    de grote trek

    http://www.groottrek.za.cx/index.htm
    de slag bij Bloedrivier
    http://af.wikipedia.org/wiki/Slag_van_Bloedrivier

     


    Via Vryheid en Piet Relief naar Barberton. ’t Wordt vlug donker en we droppen op de eerste de beste camping .. een beetje een speciale … wat rommelig maar met gezellige mensen. De rest van de sites zijn verlaten … buitenlandse toeristen komen hier zelden overnachten. Ons potje koken en vroeg naar bed.

    En we trekken weer naar Kruger. Onderweg doen we weer onze voorrad fruit in vooral mango en vars perskes en appelen.

    We rijden kruger weer in via Malelane. Op ’t bureel lachen ze eens als we smeken of er nog ergens nog een plaatske is voor ons tentje… ze doen de verhalen van ’t office in Kaapstad af als fabeltjes..op de campings is er altijd wel plaats. Wij voor de eerste nacht naar Malelanecamp op een paar kms van de hoofdingang…. En … we zijn de enigen in heel het camp. Niemand in de rondavels en geen enkele tent. We worden hartelijk welkom geheten door de campranger en de mannen die instaan voor het onderhoud. Zetten onze tent op en zijn blij met de mooie sanitaire blok en de grote keuken, een grote ruimte binnen met alles erop en eraan en zelfs een grote diepvriezer en buiten onder een afdak ook nog eens kookgelegenheid en een leuke eetplaats…Hier eten doet men wel niet alleen.. we zitten nog maar pas of we worden omringd door kleine aapjes die uit zijn op elk kruimeltje.

    Ons eerste toertje gaat naar Pretoriuskop. Onderweg wat ambiance want een oude, zieke olifant loopt snuivend over de baan… achter hem auto’s en een hele colonne waar hij op afstapt.. wij in deze colonne. Auto’s beginnen achteruit te rijden en dat is om problemen vragen.. een aanhangwagentje gaat in de verkeerde richting staan..moet afgekoppeld worden..nerveus gedoe.. na een hele tijd besluit dikhuid toch maar de bush in te wandelen. Vermoedelijk zou hij dat al eerder gedaan hebben was iedereen blijven staan.. maar ja, wie weet wat de olifant denkt..nabij Pretorius zien we een jonge luipaard in een boom…we blijven rustig aan de kant staazn, eten wat fruit en..daar zijn de impala’s oeioeioei als dat maar goed afloopt… de luipaard neemt zijn sprong en…weg is iedereen..We rijden maar tijdig terug want stel dat mister elephant het verkeer weer wat regelt komen we niet tijdig binnen…hem niet meer gezien.

    Het heeft hier de vorige weken nogal veel geregend en onderweg moeten we regelmatig door beekjes die anders droogstaan. En het begint weer… op een gegeven moment is aan ’t kruispunt de route die we willen nemen versperd wegens flood.. we nemen dan maar de andere iets langere weg. Plots staan we weer voor een rivier…het water gust van de bergkant en ’t water nogal bruisend maar de bodem voor zover we kunnen zien verhard. Maar aan de overkant moeten we de helling op die nogal uitgeslepen is door ’t water. Wat nu.. ’t ventje wil het er op wagen want de alternatieven: terug helemaal rondrijden dan komen we hier niet uit voor het donker en is de gate gesloten… blijven staan hahaha in Kruger weten ze niet waar ge naartoe rijdt en komt niemand zoeken (behalve de beestjes misschien) We wagen het erop.. voldoende gas geven om tegen de heuvel op te kunnen.. het lukt met een slipke tussenin maar pa lost het gaspedaal niet. Oef, oef wat hebben wij toch een sterk hart..’t bonst wel lijk de wilde beesten en we zien allebei een beetje bleek rond de neus maar kicking and alive.. Als we terug aan de grote doorgangsweg komen zien we dat in de tegengestelde richting ook een versperring stond.. moesten ze versleuren om er uit te geraken en… heel goed rondgekeken of er niks beweging in de struiken was. Terug in ’t camp vroegen we of ze die paden niet eerst controleerden of er niemand opzat voor ze die afsloten… En dat dus met ons city golfke…alles behalve een 4x4

    En nog is ’t avontuur niet gedaan. In de nacht wordt ik wakker van de wind en het onweer. Het doet verdorie lelijk. De tent gaat aan één kant plat. We moeten met beide handen stokken en tentzeil vasthouden…we proberen ons zo vlug mogelijk wat aan te kleden in geval van… Het begint bovenaan en aan de zijkanten ook door te sijpelen.. we schuiven alles naar ’t midden en maken een noodplan. Als we ’t niet meer kunnen houden alleen de kleine rugzak en onze matrasjes mee naar de keuken… De tent houdt het .. rond 4u valt de storm..we kruipen weer in bed maar van slapen komt niet veel meer in huis. ’s Morgens nemen we de ravage op…2 tentstokken hebben het begeven, bovenaan de afsekklep losgescheurd en verschillende spanrekkers zijn kapot.

    We breken de zaak af.. bagage in de auto en de tent op de wasdraad om in ’t zonneke te drogen. We rijden naar ’t office om te kijken of ze ons voor de volgende nacht een onderdak kunnen aanbieden.

    In Crocodilebridge zijn nog safaritenten.. we reserveren.

    Tent is zo goed als droog als we ze inpakken..zullen binnen een paar dagen thuis wel bekijken en op die tijd zal ze wel niet gaan stinken zeker.

    ’t Is onze voorlaatste dag in ZA en we rijden langs de hoofdbaan naar Lower Sabie waar we ’s middags picknickken… hier staan sommige tenten werkelijk in 10cm diep water.. onderweg moeten we stoppen voor een grote troep gnoe’s die noordwaarts trekken..over de asfalt die verdwijnt onder de poep. In de bomen enorme gieren die de troep volgen.. Als ’t begint te regenen schuiven we meer over de baan dan rijden.

    Juist binnen in ’t office van Crocodilebrug als de hemelsluizen helemaal open gaan. We schrijven in, krijgen de sleutel en installeren ons om te wachten tot het wat minder wordt. We zien buiten alles onderlopen en ’t water stijgt nog – geen nood zegt de ranger, de stoep is hoog genoeg.

    Er komt meer volk binnen – tenten lopen onder en iedereen op zoek naar iets anders voor de nacht. Wij blij dat we al gereserveerd hadden. Als ’t water na een paar uurtjes meer zakt is het al donker – we gaan eerst tevoet, schoenen en kousen uit, onze tent opzoeken. Ze staat op een houten verhoog – grote ruimte met alles erop en eraan – onder ’t afdak buiten koelkast en kookinstallatie. We riskeren het om met de auto tot hier te rijden…Voor we de kans hebben uit te pakken komt iemand van de rangers langs om de tenten na te kijken. Bij ons loopt onderaan het zeil wat water binnen maar we kan ons eigenlijk niet deren. Toch dringen ze er op aan om naar een rondavel te verhuizen want stel dat het midden in de nacht problemen zouden zijn. Wij willen wel maar willen er ook geen fortuin voor betalen.

    De rondavel is “luxe” met een groot zacht bed en een luxe badkamer. Op het terras een grote moderne ingerichte keuken en een zithoek. ’s Avonds worden buiten de lichten aangestoken richting fence zodat men van in de lodge de langskomende dieren kan bewonderen.

    ’s Morgens schijnt het zonneke weer. Wel een probleem: de uitgang over crocodillebrug is versperd voor alle verkeer wegens overstroming. We moeten dus weer helemaal rond naar Malelane en deze avond om 20u30 vertrekt onze vlucht.

    Als we onderweg nog eens in een file terechtkomen wegens een ongeval slaat de paniek toe. Ik zoek het telefoonnummer van Sabena al op en we zullen onderweg bellen als we denken het niet te halen. De rest van de weg over autostrades met de voet ferm op de gas en een redelijk overdreven snelheid.

    Nog even tanken voor we de auto inleveren. Alles OK zeggen ze.

    We komen thuis met ons hoofd en ons hart vol… weken zullen we vertellen

     

    Heb hier met opzet niet telkens vermeld welke dieren we allemaal zagen want dan zou dit verslag nooit eindigen.

    We zagen er heel veel van de kleine mestkever tot de grote mastodonten. We vroegen en kregen uitleg van de rangers.

    Blijven met het gevoel dat we dat graag eens zouden over doen.

    Veel toeristen die georganiseerd naar Kruger gaan klagen dat ze zo weinig wilde dieren zagen. ’t Ja ‘r is geen dierentuin waar ze op u staan te wachten. Meestal rijden de bussen midden in de dag het park in bij volle hitte, als alle dieren schuilen en ’t zelfde als ze ’s anderendaags weer vertrekken. Gevolg dat iedereen heel graag een nachtsafari meemaakt om toch iets te zien…

    Wij zagen Cheetah en luipaard op nog geen km van de ingang van ’t park…de kms die men aflegt hebben niet zo veel belang wel het tijdstip en de manier waarop men rustig en aandachtig tussen de struiken leert kijken en dat vraagt toch wat tijd.


    We reden regelmatig bij vergissing een township in. Voor ons een openbaring... veel volk, arme maar meestal netjes opgeveegd naast hun platen/vodden behuizing. Voelden er ons onwennig en maakten dat we wegkwamen niet zozeer uit onveilkigheidsgevoel maar we voelden ons voyeurs.
    Voor ons blijft Zuid Afrika een topper – de mensen en de natuur.

     

    klik hier voor diavoorstelling




    31-12-1998 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    31-03-1996
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.THAILAND MYANMAR CAMBODJA VIETNAM voorjaar 1996
    Thaïland, Myanmar, Cambodja, vietnam, Thaïland

    diavoorstelling: klik hier


    Vlucht naar Bangkok
    ter plaatse alle verdere vluchten georganiseerd
    Planning was: Thaïland, myanmar, Zuid-China, Vietnam, Cambodja, Thaïland

    Zoals heel dikwijls tijdens onze reizen is het verloop nogal verschillend van de planning.
    We vlogen met de Turken naar Bangkok. Op KaoSan road kochten we een ticket voor Rangoon en zorgden we voor een visum voor Myanmar.

    Myanmar het vroegere Birma

    Op de luchthaven konden we toen niet ontkomen aan de verplichte wissel  1$=7 Kyatts officieel - black market: 100 tot 120Kyatts - nogal een enorm verschil.
    Wij lieten ons niet overtuigen om dat land te boycotten. Het is niet omdat er een dictatoriaal regime is dat de bevolking daar de gevolgen moet van dragen. Dat al het geld dat toeristen binnenbrengen naar de overheid gaat is ook een fabeltje. Het is heel goed mogelijk de bevolking een graantje te laten meepikken.
    Wij namen geen trein waar toeristen een forse prijs mogen betalen maar charterden een auto met chauffeur..TumTum die we heel toevallig ontmoetten op een terrasje.
    De eerste dag reed hij met ons door Rangoon van de ene ambassade naar de andere. We wilden hier zowel ons Chinees als Vietnamees visum kopen en dat is ons perfect gelukt op 1 dag.
    Aziaten zijn wat onwennig als vrouwen het grote woord voeren. Ik dus mijn beste beentje voorgezet en 't lukte.
    Hebben voor beide visums voor 2p nog geen 20$ uitgegeven. In Brussel vroegen ze voor Vietnam voor 1p al meer.
    We gingen ook een vlucht reserveren voor Kunming in Zuid-China, een route die onlangs werd geopend.
    De overige tijd besteedden we aan het bezoek van de stad  en de tempels, TumTum's familie en een voorouderverering.
    TumTum bracht ons overal waar we het vroegen en onderhandelde voor ons voor tickets van boten enz. Het was voor hem de eerste keer dat hij zoiets deed maar wij wisten goed wat we wilden en hij leerde een heleboel voor volgende trips...
    Heb vooral heel mooie herinneringen aan Inle Lake (waar ze roeien met de benen - vrouwen sigaren roken en we varen tussen de drijvende eilanden), Mandalay, Bagan met zijn honderden tempels en de zo vriendelijke mensen met witte wangen. Wel een dégout gekregen van een groep mannelijke chinese toeristen... brutaal, ongemanierd en werkelijk vies... hun in 't plat vlaams verteld wat ik van hen dacht en nooit zo'n grote ogen gezien van verwondering...
    Terug in Rangoon vertelt men ons dat de vlucht naar Kunming is geannuleerd wegens te weinig passagiers en de volgende vlucht gaat maar eerst binnen 14 dagen... zouden er dan genoeg passagiers zijn? Wat doen we 14d in Rangoon? In 't zuiden zijn nog vele plaatsen gesloten voor toeristen ...
    We beslissen dan maar ons ticket in te leveren en vliegen terug naar BKK.

    terug in Bangkok

    In 't reisbureauke zijn ze verwonderd ons reeds terug te zien en ze doen hun uiterste best voor een andere routing... Kopen een ticket BKK naar Ho Chi Ming , Vietnam met een stop-over in Phnom Penh, Cambodja en een vlucht Hanoi-Vientiane, Laos. Vandaar zouden we overland weer naar BKK terugkeren. Ze moesten ook ons visum voor Vietnam laten veranderen want toen moest men nog correct de datum en plaats van binnenkomst in 't land en de juiste datum en grensovergang bij vertrek bij 't visum plaatsen.
    We kregen het zonder meerkost.

    Cambodja het vroegere Kampuchea

    Phnom Penh airport is zeer goed georganiseerd -na de bagage komt men bij de immigratie: een heel lange tafel waar een tiental ambtenaren zitten met stempels en nietjesmachines en...Gewoon pas afgeven aan de eerste en verder de file volgen en aan 't einde betalen en pas recupereren. Ze zorgen blijkbaar voor werkgelegenheid.
    PP lijkt een provinciestad in verhouding met andere Aziatische steden.. heeft een prachtig Koninklijk paleis, nationaal museum en een paar mooie tempels. De stad zelf oogt redelijk Frans. Een bezoek aan de school waar de rode Khmer hun gevangenen opsloten, maar zeker ook 't bezoek aan de Killing Fields, gaat me in de kleren zitten. Hoe is het mogelijk dat mensen dat andere mensen aandoen?
    In Cambodja verplaatsten we ons naar 't noorden met de speedboot (5 à 6u) over het Sonlé sap lake. Er kan ook op Siem reap gevlogen worden, wat slechts het dubbele kostte. Bussen waren nog verboden voor toeristen. Wij kozen de boot omdat we iets wilden zien en een beetje van de boottocht op zich genieten. Ja wadde. De boot hotst en botst uren achtereen over 't water. Tempo wordt hoog gehouden uit angst voor overvallen. Op dek en dak is het snikheet en in de boot zelf ijskoud door de tocht daar er bijna geen ramen met glas zijn..Zouden ze reddingsvesten hebben?? Van een aangename boottocht was geen sprake.
    Siem Reap daarentegen was een onooglijk klein maar lief dorp met wat hotelletjes en GHses ('t schijnt er nu over druk te zijn) Vriendelijke mensen. Geen bedelende kinderen. Wel trucks met soldaten die 's avonds met veel lawaai door 't dorp razen.
    We huurden een auto met chauffeur voor verschillende dagen want de site is enorm groot en fietsen daar beginnen we in deze hitte niet aan.
    Angkor Wat zelf is onvoorstelbaar mooi en op veel plaatsen door de jungle overwoekerd. 'k Vergeet nooit Tha Prom en Bayon, het mooiste dat ik ooit zag. We hebben er uren doorgebracht met als enig gezelschap onze chauffeur en de venter met warme frisdrank! (Blijkbaar zijt ge er nu nooit meer alleen zoveel bezoekers zijn er nu)
    In ons GH leerden we een alleenreizende Japanse fotograaf kennen die ziek was. Ons een paar dagen over hem ontfermd want de post van AZG lag er verlaten bij en wij hadden voldoende chimique bij. Zijn dank was groot en hij kon onze chauffeur overtuigen hem mee te nemen daar hij een toegangslicentie had voor plaatsen die anders voor ons ontoegankelijk bleven. 'k Kreeg daarna een deel foto's die ik met zijn toestemming in mijn diavoorstelling heb verwerkt.

    Vietnam

    We vliegen naar HCM, Vietnam en komen op de luchthaven in één grote chaos terecht. Geen mens die weet waar hij welk papiertje moet halen of waar laten afstempelen. Zijn al blij dat we onze bagage konden bemachtigen. We zijn zo moe dat we de eerste de beste taximan aanspreken om ons naar 't centrum te brengen. Van andere reizigers kregen we een goed adres maar 't had heel wat voeten in de aarde voor hij ons naar dat plaatsje wilde brengen..is te duur, is te vuil, is gesloten.... niks van, hij kreeg daar vermoedelijk geen percentje want 't was er pico bello.
    De stad zelf is druk .. duizenden brommers en fietsers en daartussen een sliert auto's. Een straat over steken is een kunst (en wij die dachten dat dat in BKK erg was) Gewoon verstand op nul, schuin oversteken en zeker niet stoppen... we hebben het overleefd. Een ander fenomeen is de handel... in de toeristische buurt zetten handelaars winkelwaar en terrasjes buiten. Als ergens politie gesignaleerd wordt verdwijnt alles in een mum van tijd. Rekken vouwen samen, iedereen neemt zijn bord op en de tafels verhuizen naar binnen waar men dan bijna op mekaars schoot zit.
    Voor onze uitstap naar de Mekong Delta en onze trip naar 't noorden kopen we tickets in Sing Café -het zuiden is een 3daagse uitstap - van zuid naar noord koopt men een totaalticket voor de bus en men kan afstappen op elke halte en daarna vandaar weer verder. Een heel goed systeem al zitten de busjes soms wel vol en gaan zelfs fietsen mee in het middenpad. Het was ook het enige vervoer dat nog serieus werkte de rest lag plat wegens TET, het Chinese nieuwjaar.
    Wij vonden Vietnam heel mooi. De geoogstte rijst wordt gewoon op de weg gelegd zodat auto's enz. er over kunnen rijden - daarna halen ze de lege halmen weg en vegen de rijst bij mekaar. Heb sindsdien niet echt meer smakelijk rijst gegeten...Danang was veel fruit en een mooi meer waarop geroeid wordt met de voeten. Na Thrang een kustplaatsje waar we op 't strand vers gebakken vis of garnalen aten. Na 2 dagen werd de prijs van onze kamer verdrievoudigd. TET - het Chinese nieuwjaar. In 't hotel was in de namiddag een drink en 's avond een feestje maar op straat was helemaal niks te zien. De mensen vieren het thuis en de kinderen gaan op bezoek bij familie om een centje te krijgen. Overdag worden er wel offers naar de tempels gebracht en is het daar een grote drukte. We kregen regelmatig nootjes en zoetigheden toegestopt en staan vermoedelijk op honderden foto's van die dag... Mijn grijze korte haren zijn ook hier een bezienswaardigheid en zelfs voor mijn sproeten krijg ik flaconnetjes met........ in.
    Hoi An: heel speciaal sfeertje ..veel mooie chinese villa's, huizen in franse stijl en een beetje dorpssfeer. We liepen er 2 dagen rond in de gietende regen en toch kon 't ons bekoren.
    In Hue kwamen we toe in de regen en de kou die het echt onaangenaam maakte. 'k Was de eerste bij Vietnam airlines om een ticket te bemachtigen naar Hanoi want wegens TET heel druk en heel weinig vluchten en 'k had enorm geluk want we konden de volgende avond vliegen. We bezochten het fort en de perfume river dan ook in een record tempo.
    Hanoi. We vinden een net hotelletje niet zo ver van 't centrum. Het is er koud en de kamer heeft ramen met klepglaasjes. Al de reten met WCpapier proberen te dichten. 's Morgens worden we wakker en weten niet wat we horen: gekeel van varkens en andere dieren. Voor de deur van 't GH is 't markt en de dieren worden ter plaatse geslacht. Mijn eetlust foetsie en die was al niet meer zo de laatste dagen...'t wordt dus "baguette met  la vache qui rit"
    Niettegenstaande de kou en de wind vonden we Hanoi aangenaam.  We verkennen de stad kriskras en niet echt doelgericht. Komen zo uit bij de meest onwaarschijnlijke tafereeltjes. Willen iets kopen en vragen de prijs.. als we willen afdingen verhogen ze plots de prijs...we verstaan er niks van.
    Onze tocht naar de Laotiaanse ambassade was er eentje om niet te vergeten. Eerst verdwalen we door de kleine straatjes. Op de ambassade zelf zitten 2 mannen achter een tafel maar zijn niet bereid een visum voor Laos te geven - 't is TET en als we er eentje willen zullen we er moeten voor betalen.. 50$ each en 5 dagen wachten  (ipv toen 5$/pp)...ja salut, aan dat spelleke doen we niet mee. We wisten ondertussen dat ook in Laos het weer slecht was anders hadden we het er op gewaagd en gehoopt bij 't binnenkomen op de luchthaven desnoods een tijdelijke permit te kunnen bemachtigen.
    Wij dus naar Vietnam airlines om te proberen ons ticket voor Vientiane te ruilen voor ééntje naar BKK en ze deden dat zonder problemen en zonder 1 cent meerkost. Chapeau voor de service (kregen er zelfs een tas thee bovenop)
    Zo ziet ge - geen China en geen Laos...maar wel

    terug naar Thaïland

    Even terug in KaoSanRoad en vervoer met de bus georganiseerd naar HuaHin
    Stralend weer en een mooi GH met terras boven zee waar ze lekkere visschotels serveren. 's Avonds ergeren we ons blauw aan een groep aangeschoten Duitsers. Een flirt uitdagend met een serveerster - bij de afrekening geeft hij haar een (vermoedelijk dikke) fooi met de luide opdracht dat het voor haar alleen is en ze tegen de andere diensters niks moet zeggen.... het jong ding zit er duidelijk verveeld mee...  voilà wij Duitsers kunnen de wereld en iedereen kopen..wees ons dankbaar... Na een paar dagen houden we het voor gezien en trekken met de bus naar Phuket.
    Het hotel waar we onze eerste nacht doorbrachten was blijkbaar ook ééntje waar de meisjes van plezier zich thuisvoelden... we zijn dan 's morgens maar vlug op zoek gegaan naar iets anders en kwamen in een klein resort terecht..  We doen het rustig aan, wandelen wat langs de stranden, genieten in de visrestaurantjes.
    We reserveren plaatsen op de boot naar Kho PhiPhi en Krabi.
    Het eiland PhiPhi is eigenland slechts een smalle zandstraat midden het koraalrif. Op sommige plaatsen kan men tegelijk de stranden aan de noord en zuidkant zien, zo smal. Het stikt er van de GH's, restaurantjes en winkeltjes. De voornaamste bezigheid hier: zonnen, snorkelen en duiken
    Van hier gaan we met de boot naar Krabi.
    We voelen dat het tegen 't einde van 't verlof loopt - denken veel aan de kinderen - de fut is er wat uit.
    Nog één tochtje komt op de planning: Phang Nha met zijn speciale rotsen en het moslim vissersdorp.

    Met een minibusje terug naar Phuket waar we een vlucht nemen naar BKK

    Mooi verlof - veel plannen gewijzigd - ontdekt dat het in Noord Vietnam ferm koud kan zijn en men er zich dus best kan op voorzien qua kledij


    31-03-1996 om 00:00 geschreven door ribbe  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 4/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    31-10-1995
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.PAKISTAN najaar 1995

    Pakistan

    diavoorstelling: klik hier

    Na het zien van een diareeks op de reismarkt ging het kriebelen. Toen we Helga ontmoetten die met Bashir is getrouwd zagen we het helemaal zitten en gingen aan het plannen. Volgens haar zou het interessant zijn de tent mee te nemen omdat op sommige lange afstanden slechts zeer basic accommodatie voorhanden is.
    We maakten een reisplan en vroegen een prijsofferte voor het transport met jeep en chauffeur omdat we nogal routes wilden doen waar zo goed als geen openbaar vervoer was.
    Reserveerden bij Connections een vlucht met Turkisch Airlines via Istanbul naar Karachi. Ter plaatse zullen we proberen een binnenlandse vlucht naar Islamabad te nemen.

    Het pakken van de rugzakken vergt wat discipline aangezien de limiet per persoon op 20kg ligt en we de tent en luchtmatrassen meenemen. We besteden wat meer aandacht dan anders aan het samenstellen van de apotheek en kunnen het niet laten wat zakjes suiker en een pot choco mee te nemen. Op 't laatst steken we er ook nog wat vuurblokjes bij...ge weet maar nooit.

    4 september 1995

    We voelen ons toch wat nerveuzer dan anders.
    De vlucht verloopt zonder problemen. De luchthaven van Karachi is "adembenemend" door de hitte, de rook en een mengeling van oosterse geuren. Er lopen opvallend weinig westerse reizigers rond.
    De vlucht van PIA naar Islamabad zit vol en we reserveren op de volgende met Air Asia.
    "De" maatschappij om uw adrenaline naar ongekende hoogten te brengen.
    Buiten mij zitten er slechts 2 andere vrouwen in het vliegtuig. Rijke dames met prachtige gewaden. Tegelijk met het starten van de motoren worden de gelovigen opgeroepen voor het gebed. Allah is groot maar ik voel me heel kleintjes. Geen van beide geluiden is geruststellend. De startbaan heeft veel weg van de kasseien in een vlaamse wielerklassieker. Het intrekken van de wielen doet het vliegtuig schudden. Is hetuit angst dat Allah zo aanroepen wordt? Het wordt de engste vlucht die ik ooit meemaakte en 'k durf slechts terug diep ademen als de motoren in Islamabad gestopt worden. No more Air Asia...
    In Islamabad zien we niemand die op ons staat te wachten. We maken zelf een bordje met onze namen op. We worden nogal begaapt tot ik plots besef dat ik best wat discreter kan zijn en stop vlug het bordje in mijn ventje zijn handen. Niemand reageert. We hebben een telefoonnummer en na veel uitleg krijgen we Bashir aan de lijn. Hij vraagt ons met een taxi tot het New Kamran Hotel in de Kashmir Road in Rawalpindi te komen. Het begint al goed.
    Op het opgegeven adres is het eerst effe slikken. Waar zijn we hier terecht gekomen? De kamer zelf is wel OK.
    Bashir heeft een hele uitleg over Helga die in Belgie bevallen is van zijn dochter en hij moet bij de telefoon blijven en kan ons niet rondrijden enz. enz. Hij heeft wel een andere chauffeur, Karim, een jong ventje. We beraden ons. Er zit niet veel anders op dan het erop te wagen. We beslissen een voorschot te geven en de rest in stukken te betalen als we tevreden zijn over het verloop.
    We willen eerst wat rusten en spreken af om daarna Pindi te gaan verkennen.
    Rawalpindi is een satelliet stad van Islamabad waar vooral rijken en diplomaten verblijven. Voor de rest geeft de stad een vervallen indruk. Gelijkvloers piepkleine winkeltjes en de verdieping vervallen.
    We gaan naar de grote bazar om ons een shalwar qamiz te laten maken - vooral omdat het zo praktisch en gemakkelijk is om dragen. Eigenlijk is de halve stad één grote bazar tussen 2 grote boulevards. We kiezen lichte stof en laten maten nemen (zie er het nut niet van in want de broek is een olifantsgedoe en het bovenstuk heeft ook niet veel model)
    In de fruitbazar doen we onze voorraad in: bananen-altijd goed, lekkere druiven.
    Het avondeten kan ons niet echt bekoren - we zijn ook te moe en niettegenstaande duurt het lang voor we de slaap kunnen vatten.

    Islamabad via babusar naar Gilgit

    Om 5u worden we gewekt voor het gebed. Wij ongelovigen kunnen nog een paar uurtjes blijven liggen.
    Het ontbijt, thee met chapatis en een pikant sausje. Haha maar ik heb suiker en choco bij...
    Karim zit op de bumper van de jeep op ons te wachten. Het wagentje ziet er fatsoenlijk uit met voldoende beenruimte. We bespreken de route: Murree, Abbottabad, Mansehra, Balakot.
    Eerst echter terug naar de bazar om onze kleren op te halen.Het zicht in de spiegel werkt op onze lachspieren.
    We verkijken ons op de fel gekleurde en versierde busjes en trucks. De cabinedeuren lijken op overdadige kastdeuren met een kijkgat ter grootte van de zijspiegel die er juist voor hangt. Boven de cabine op een piepklein balkonnetje zitten zelfs passagiers.
    Murree is een toeristisch centrum in de Gali's dat vroeger als zomerresidentie diende voor de engelsen. - de verschillende Gali dorpjes liggen tussen de 2200 en 2500m in pijnbossen en vooral gekend voor de pistachenoten. We laten ons een zakje nootjes roosteren. De baantjes zijn smal en het lokale transport gebeurd per paard. In Ayubia National Park nemen we de stoeltjeslift. We zien de toppen van de Nanga Parbat 8125m hoog en nog 175 km hier vandaan. We wandelen met een familie pakistaanse toeristen terug naar de parking. Ze praten goed engels en zijn zo benieuwd naar onze leefwijze als wij naar de hunne.
    In Abbottabad weet Karim een goed restaurant en we krijgen lekkere soep (??) en een grote rijstschotel met groenten en een pikante bonensaus (dahl).
    Mansehra is een marktstadje op de kruising van de Karakorum Highway en de route naar Kashmir via Muzaffarabad. Tea-time dus in één van de vele roadside kotjes.
    Halfweg Muzaffarabad begint de Kaghan Valey. Deze route over de 4173m hoge Babusar pass was de enige verbinding met het noorden voor men in 1960 met de KKH begon. De route is slechts open van juli tot en met september.
    Balakot ligt aan het begin van de route. Karim brengt ons naar Park Hotel dat mooie kamers heeft. en warme douches. Het avondeten: rice and dahl.

    We worden wakker van belgerinkel na een zeer goeie nacht en staan vroeg op want het wordt een lange rit. Bij het ontbijt is de thee heerlijk en de koffie niet om drinken. Karim stelt ons voor alle bagage in grote plastiek zakken te steken tegen ’t stof dat we onderweg zullen te slikken krijgen.
    Aan de brug over de rivier is 't veemarkt. Er komen nog steeds schapen en geiten met belletjes uit de bergen. Aan de overkant van de rivier is een nomadenkamp.In de verte komt nog een kleine karavaan aan. Het doet me denken aan de prentjes over de vlucht naar Egypte. Karim vertelt dat het hier nog druk gaat worden daar de herders naar het dal komen voor de wintermaanden.
    De route is smal maar voorlopig nog geasfalteerd. 24 km verder in Kawai nemen we een jeep track naar Shogran. Karim zet pinnen vooraan op de motorkap. Eentje in 't midden en eentje links vooraan.Holala dat hij nu maar naar de baan kijkt ipv naar boven! Hij legt uit dat hij de helling in 't oog houdt voor rollende stenen en dat hij door de pinnen op de cm kan rijden. En "die" uitleg zou me dus moeten geruststellen.
    Voorbij het chique Pine Park Resort komen we op Siripia. Het is een plateau met prachtige bloemen en uitzicht op de 5290m hoge Malika Parbat. en heel veel wandelmogelijkheden. Wij doen rustig aan. De benen en de longen moeten nog aanpassen.
    Bij de afdaling moeten sommige bochten in 2x genomen worden.
    Shinu, Jared, Mahandri, het zijn plaatsnamen op de kaart met wat winkeltjes en restaurantjes en de NWFP die hier een paar guesthouses en viskwekerijen op de Kunhar rivier heeft.
    Kaghan is alleen van belang omdat het ook in de winter te bereiken is.
    Van hieruit wordt de baan zeer smal. We schrikken effe als we een muilezel zien met een mand aan de zijkant waar een baby in ligt. Achter de bocht volgt de rest van de familie met heel hun hebben en houden.
    Naran, op 2400m is het zomerparadijs. Van hieruit worden tochten georganiseerd tevoet, te paard of per jeep. Het aanbod in de restaurantjes is zoals overal; rice and dahl.
    We slaan af naar Lake Saifal Muluk Het baantje is nog smaller en meer geaccidenteerd dan dat naar Sapipia. Het is prachtig. Het water van 't meer is melkgroen en er ligt sneeuw op de toppen van de bergen. Er staan een paar verlaten maar nette stenen gebouwtjes en een open restaurantje waar een paar herders huizen. Karim gaat onderhandelen en we mogen voor een paar roepies onze tent opstellen. We zitten op 3200m en we trappen op onze adem als we de luchtmatrassen gaan opblazen. Karim steekt een handje toe. Het is nog warm en mijn ventje legt zich in 't zonneke op zo'n soort bed/ligbank met brede gevlochten banden. Niet erg comfortabel want hij houdt het geen 10' uit.We steken een vuurblokje aan voor soep en daarna thee en worden geconfronteerd met de wetten der natuur en moeten lang wachten voor het water kookt. Koude groentenschotel met versgebakken chapati's , grote fruitschotel. We genieten van een prachtige zonsondergang gehuld in onze slaapzakken want 't wordt verdorie koud. We slapen lijk marmotten.

    Karim komt ons wekken met een pot gloeiend hete thee. Hij leert ons slurpen...genoeg koude lucht meenemen zodat ge uw tong niet verbrandt.
    We lopen nog wat rond in Naran bazar. Bewonderen het zelfgemaakte speelgoed van de kinderen. Doen een bod op een karretje van ijzerdraad en plastiek dat spijtig genoeg de reis niet heeft overleefd.
    Vanaf nu is het voor Karim het serieuze werk. Niks asfalt meer, heel smal en af en toe over het puin van een sliding. Water stroomt over de weg en brengt stenen mee van de helling. Midden van nowhere is een nis in de rotswand met een raar beeld (dier of mens zonder hoofd? een bepaald voorwerp?), een offerkistje en vlaggetjes. Karim steekt er centen in maar doet of hij oost-indisch doof is als we vragen welk beeld het is - for safety...daar moeten we het mee doen. Aan een houten brugske zitten een paar mannen te wachten op materiaal om het te herstellen. Karim krijgt een bestelling mee om af te geven in Babusar village (werken zullen dus nog een tijdje stil liggen) In de verte zien we een grote stofwolk. Hopelijk geen nieuwe verschuiving. Uiteindelijk is het een kudde geiten en schapen. Ze worden de helling opgedreven om de wagen door te laten.
    In Oburai stoppen we aan de tea shop (er is geen enkel ander gebouw te zien)- een kot met wanden van stukken rots en een dak van een soort patattenzakken/karton/golfplaat. De glaasjes worden in kokend water gespoeld voor ze er de thee in gieten. Er staat nog een jeep met een Pakistaanse heer en dame. Zij rijden nog tot Lake Lulusar en gaan dan weer naar Naran. De baan wordt nog moeilijker maar het uitzicht is adembenemend.
    Lake Lulusar is het grootste natuurlijk meer van de regio Hazara en de bron van de Kunhar rivier die we reeds van in Balakot volgen. We zien een paar kampementen van Gujar nomaden maar volgens Karim zijn ze nogal op zichzelf en 'k durf geen foto's nemen omdat de vrouwen nu al de benen nemen.
    In Gittidas is er een checkpoint. Het is het zuidelijkste plaatsje van Kohistani. We moeten naam, pasnummer enz. invullen maar vooral vanwaar we komen en waar we naartoe gaan. Gekke vragen want er is maar één baan (als ge dat al baan kunt noemen)
    Op de pashoogte 4145m is het koud, winderig en de lucht ijl. We dalen af naar Babusar village waar Karim de bestelling gaat doen bij het NAPWD Northern Areas Public Works Department. Wij stappen op aanraden van Karim niet uit. De bevolking lijkt hier ook niet zo vriendelijk te zijn.
    De route wordt weer beter en de afdaling gaat vlot. Als we in Thok zijn begint de duisternis te vallen en we komen in het pikdonker in Chilas aan.Karim gaat nog vlug tanken. Volgens hem zijn in Pakistan steeds 3 zaken dag en nacht geopend: fuel shop, tea shop, gun shop.
    De naam van het hotel waar we verbleven ben ik vergeten. Deed ons denken aan die in 't oostblok. Ver van gezellig maar de kamer proper en de douches kapot. Rice and dahl is onze avondkost

    Het stadje oogt niet vriendelijk. We rijden langs het fort dat de Engelsen hier bouwden om de Babusar pass te beschermen , is nu politiekantoor. Voor de petroglifs moeten we te ver om en eigenlijk interesseren ze ons niet zo erg. Blijkbaar zijn er overal langs de KKH stenen en rotsen met inscripties van namen, gebeden voor een goede reis of jacht, namen van diegenen die het leven lieten onderweg enz.
    Van hieruit gaan we de Karakorum Highway noordwaarts volgen. Aan deze route werd in 1960 begonnen en ze was af in 1980. Ze is 1200km lang van Havelian tot Kashgar in China. Een leger van arbeiders is dagelijks bezig met het openhouden van de baan. Gelegen op de breuklijn van een paar aardplaten is het er zeer beving gevoelig en er gaat geen dag voorbij zonder slidings of modderstromen of stukken baan die de diepte in duiken.
    We rijden naast de Indus die hier een brede modderige stroom vormt - geen modder maar grijs van het bergpuin. In Raikot bridge steken we de Indus over. Een paar km verder is de plaats waar in 1841 een hele rotsmuur naar beneden kwam en de Indus afdamde. Toen die dam het begaf waren er vloedgolven die heel de vallei van de kaart veegden en een heel legerbataljon dat op 500 km van de plaats gestationeerd was.
    We krijgen meer en meer zicht op de Nanga Parbat ook de Killer Mountain genoemd omdat heel veel trekkers het leven op de steile wanden lieten. Hij is omgeven door verschillende andere majestueuze toppen (waarvan ik de Rakaposhi 7790m en heel scherp, de mooiste vind) en 6 zeer lange gletsjertongen. We zouden graag de Astore valey doen maar daar zouden we minstens 3 dagen voor moeten uittrekken en we beseffen dat we echt niet alles kunnen doen.
    Aan de afslag naar Skardu mogen we nog eens door het checkpoint en 't boek invullen. In Gilgit brengt Karim ons naar Mountain Refuge GH. Even toeteren en de poort gaat open. Na wat onderhandelen mogen we voor 10 rps onze tent op het gazon plaatsen. We hebben veel beziens bij het opzetten. Er logeren leerlingen van de verpleegstersschool en binnen de kortste keren zitten ze aan onze voordeur. Als mijn ventje weg is laten ze hun nieuwsgierigheid de vrije loop en zitten binnen de kortste keren binnen in de tent alles te keuren. ‘k Moet mijn ogen goed openhouden want blijkbaar vinden ze alles fantastisch en kunnen ze alles gebruiken zelfs mijn waterketeltje. Na even zet ik ze resoluut aan de deur- show is over. Dialoog is spijtig een probleem want ze spreken Pashtun en niks anders.
    In de late namiddag wordt er weer getoeterd en als de poort open gaat geloven we onze ogen niet Jokke en Lut uit Korbeek-lo komen uit de jeep gesprongen. Ze hadden aan de checkpoints onze namen zien staan en de richting waarin we gingen. Hun chauffeur Uncle John was langs een paar andere GH's gereden maar vermoedde toch dat we hier waren.
    Ze zetten hun tentje naast de onze.

    Karim gaat zijn moeder opzoeken en neemt de was mee.
    In het GH zijn douches die we tegen een kleine vergoeding mogen gebruiken. Voor avondmaal zal men yak klaarmaken. De elektriciteit valt uit, pillampen en kaarsen worden boven gehaald. We zien niet wat we eten maar het smaakt heerlijk. We blijven nog lang buiten zitten en luisteren naar de verhalen van diegenen die uit China komen, een Zwitserse fietser die al maanden alleen onderweg is door het Midden-Oosten en via China, Vietnam enz. verder door Azië wil trekken. We bestellen samen nog een grote kom pudding, brokkelen er koek en fruit in. De “patron” bekijkt ons met een scheef oog maar 't is lekker smullen onder een heldere sterrenhemel.

    Een groepje mannen zit tussen de scheringlijnen van de tent en ze maken geen aanstalten om te vertrekken als wij willen gaan slapen . Lut en ik proesten het uit als onze mannen hun aan ’t verstand proberen te brengen (in ’t plat Vlaams) dat het verboden is naar ons te staren. Uncle John komt er bij en werpt zich op als onze beschermer. Mannen!!!!!!!!

    Een strak blauwe lucht en fel zonlicht. De kleuren zijn hier veel heller dan thuis en een zonnebril is geen luxe. Als ontbijt kiezen we voor een kom porridge met suiker. En ‘k heb weer veel bekijks van de Pakistani als ik er een bord vers fruit onder meng.

    Vermoedelijk vertelt Karim hun nog meer over onze vreemde gewoonten want als we de tent gaan opbreken komt hij er aan met de patron om onze luchtmatrassen te tonen en testen en hem te laten proeven van onze witte choco.

    We nemen afscheid van Jokke en Lut die noordwaarts de KKH op rijden en naar Kashgar in China willen. Onderweg willen ze ook een paar trekkings doen.

    Voor we vertrekken wil ik nog naar de post om naar de kinderen te bellen en geld te wisselen. Er is onderweg zoveel te zien dat we de richting kwijt zijn. Heel beleefd vraag ik in ’t Engels aan een politieagent hoe we aan de post geraken. Verbijstering alom. Ik denk eerst dat ze mij niet verstaan tot mijne frank valt dat ik de verschrikkelijke fout maakte als vrouw een man aan te spreken. Verontschuldig mij zo goed als mogelijk met de uitvlucht dat mijn ventje geen andere talen spreekt. Er kan een flauwe glimlach af – oef . In de post beheers ik mij en laat Louis het woord voeren. Voor ’t geld wisselen geen probleem. Telefoneren is dan weer wat anders. Ze kunnen geen verbinding maken met Islamabad en rechtstreeks gaat het niet van hieruit. Op de terugweg naar ’t GH zien we onze verpleegstertjes. Ze tronen ons mee om te tonen waar ze werken en wat ze allemaal al mogen doen. Zij kwebbelen er lustig op los maar die taferelen zullen me nooit meer loslaten en ‘k maak het voornemen de verdere reis heel voorzichtig te zijn.

    Op een sportplein zijn ze een partijtje polo aan ’t spelen. We blijven even kijken en ’t gaat er nogal hevig aan toe. Ze zijn aan ’t oefenen voor de nationale kampioenschappen die volgende week op de Shandur pass worden gehouden vertelt ons een jonge man. Hij mocht in Augustus meehelpen bij het bezoek van prins Charles die met de engelse ploeg deelnam aan de wereldkampioenschappen, ook op de Shandur. Hij vertelt dat het verschil daar in zit dat zij met trucks hun paarden vervoeren en dat die van de buitenlandse ploegen ingevlogen worden.

    ’t Is al middag. We eten vlug een kleinigheid en vertrekken richting Skardu. We moeten eerst terug via de KKH en het ritueel herhaalt zich aan de controlepost. We steken de brug van de Indus over en staan voor de volgende controlepost. Leg maar eens uit waar we naar toegaan! Zo ver mogelijk…waar is dat?

    Door de Induskloof kolkt het grijze water. De skarduroad is een smalle asfalt. We komen langs borden “slide area begins/ends” Wat verderop staan we in de file: een truck en een bus voor ons en mannen die de baan aan ’t ruimen zijn. Karim kan er, na veel gemanoeuvreer, aan de bergkant over rijden en ik hou me aan de carosserie vast alsof dat helpt om de wagen in ’t gareel te houden….. Hier en daar zien we aan de overkant smalle paadjes. Daar er geen bruggen zijn steekt men de rivier over, hand over hand aan een kabel waaraan een soort klimkram hangt. Op één enkele plaats zagen we een bakje met een kabel die over een katrol liep en ergens anders mannen die al peddelend de rivier overstaken op een vlot van hout op opgeblazen varkensblazen. Op een andere plaats is een stuk van de weg de diepte ingedoken en probeert men met stukken rots de weg te stabiliseren. Na een dik uur rijden zien we op de bergflanken op de onmogelijkste plaatsen aanplantingen mogelijk gemaakt door zeer inventief aangelegde irrigatiekanalen.

    Thowar is de district hoofdplaats en niet veel meer dan een paar huizen. Aan de overkant van de rivier ligt het oude koninkrijk Rondu tussen een défilé van bergtoppen. We naderen Skardu en de vallei opent zich als een groen lappendeken. Er worden volop groenten en fruit geteeld. Waar ze op ’t veld aan ’t werken zijn stoppen we en onderhandelen over tomaten, wortelen, meloen , druiven en abrikozen. Karim wikkelt alles in vochtige doeken. Blijkbaar is de lucht hier zo droog dat alles op zeer korte tijd uitdroogt.

    De Indus stroomt hier traag door de 40km lange en 10 km brede vallei. De rivierboden lijkt op een immens keienveld hier en daar afgewisseld met zand duinen. En ook hier is het licht zeer intens en de natuur lijkt als bevroren – de lage zandbanken lijken op ijsschotsen, geen mensen, geen bomen, geen vogels…op de achtergrond bruine bergen, de achterliggende sneeuwtoppen kunnen we alleen vermoeden… heel speciaal.

    Deze streek wordt ook wel klein Tibet genoemd omdat er niet minder dan 60 toppen zijn die boven de 7000m steken.

    We rijden Skardu bazar binnen en zitten onmiddellijk in de drukte. Koeien grazen aan de straatkant. Volgeladen trucks en karren en veel mensen op straat want ’t was marktdag. Karim brengt ons naar het PTDC K2 motel. Hij gaat onderhandelen en we mogen onze tent gratis opstellen in hun tuin.

    We gaan vlug aan ’t werk want de avond gaat vallen en ’t wordt fris. Het avondeten is deliceous in verhouding met wat we de laatste dagen aten. Vermoedelijk hebben we dit geluk te danken aan een Nederlandse K2 (8611m) expeditie die hier is neergestreken. Ze hebben hun poging moeten staken door grondverschuivingen op de aanlooproute naar Concordia en daarna te groot lawinegevaar door de hoge temperaturen. Wat ons verwonderd is dat die mannen zoveel rommel achter laten. Overal staan lege, verhakkelde metalen kisten. Blijkbaar is het de gewoonte dat ze ook een deel van de kleding uitrusting achter laten. Karim heeft zich voor een appel en een ei een paar fleece jassen en oranje sous-pulls gekocht op de oude markt.

    We lopen wat rond door de zalen en genieten van de vele foto’s en de geschiedenis van de mountainiering. We luisteren naar de verhalen van een paar ontgoochelde klimmers. We vertellen dat we via de Hushe valley zo ver mogelijk willen geraken naar de voet van de MasherbrunnK1 (7821m). Ook ons zal dat niet lukken daar de baan afgesloten is door een enorme sliding. Te voet verder is voor ons onbegonnen werk maar de vallei lijkt wel de moeite waard te zijn.

    Mijn ventje gaat ons toiletgerief halen in de tent want er zijn hier heerlijk warme douches. Hij komt terug met ‘t nieuws dat er een bewaker van ’t hotel op een stoel naast de tent zit. Als we terug gaan worden we getrakteerd op thee en “iets” zoets dat het midden houdt tussen cake en pudding en druipt van de honing (baklava achtig). Een paar vrouwen komen er op de achtergrond bijzitten. De vrouwen zijn hier in Kashmir volgens Karim minder terughoudend dan in de rest van ’t land.

    Ze fluisteren en giechelen achter hun sluier.

    Doodmoe en boordevol van al dat mooie dat we gezien hebben kruipen we in onze slaapzak.

    We vertrekken vroeg na een degelijk ontbijt en…lekkere koffie.