Inhoud blog
  • Besluit
  • Inventaris van het archief van de Rijksweldadigheidsgestichten
  • SAMENVATTING DATA tijdens en na Wereldoorlog II
  • 1930. Beschrijving der gemeente Sint-Andries door Ridder Stanislas van Outryve d’Ydewalle, Burgemeester, ter gelegenheid van het Eeuwfeest van “België ’s Onafhankelijkheid”.
  • De Refuge gelijkgesteld als Centrum voor Illegalen
    Zoeken in blog

    Beoordeel dit blog
      Zeer goed
      Goed
      Voldoende
      Nog wat bijwerken
      Nog veel werk aan
     
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Categorieën
    De oude vrouwengevangenis te Sint-Andries Brugge
    Historie van de Refuge
    16-11-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Bedelaars en Landloopsters

    1.            Bedelaarsgesticht en toevluchtshuis

     Voorgeschiedenis (1805-1914)

     

    In 1805 werden te Brugge twee instellingen opgericht die tot doel hadden de landloperij en bedelarij te bestrijden. Bij departementaal besluit van 1 april bracht de prefect in het Sint-Niklaasgodshuis een maison de repression onder. Men plaatste er verschillende categorieën landlopers en bedelaars:
     a) alle landlopers en bedelaars die zich op het grondgebied van de stad Brugge bevonden en b) zij die op het grondgebied van het Leiedepartement bedelden en zwierven en waarvan de onderstandswoonst werd erkend door de stad Brugge.  

               Op dezelfde dag werd in het gebouw ‘ de Magdelena’ een public werkhuys geopend. In deze instelling werden zowel mannen als vrouwen opgenomen die inwoner waren van de stad Brugge en die van het bureel der weldadigheid of van de politiecommissaris een ‘armoedebewijs’ hadden ontvangen. Een maand later stelde men vast dat het aantal behoeftigen van de stad Brugge veel hoger lag dan men verwacht had.
    Om deze massa op te vangen besloot men meermaals de Magdalena uit te breiden


    . In 1822 besliste de gouverneur van West-Vlaanderen het Sint-Niklaasgodshuis om te vormen tot een ziekenzaal voor bedelaars en landlopers. 
    Deze instelling werd waarschijnlijk gesloten in 1828. Welke institutionele veranderingen het Sint-Niklaasgodshuis en de Magdalena in de periode 1820-1860 ondergingen blijft onduidelijk.

                Bij K.B. van 19 maart 1866 werd het bedelaarsgesticht (gevestigd in het gebouw de Magdalena’) aangeduid voor de detentie van landlopers en bedelaars ouder dan 18 jaar uit de provincies Oost- en West-Vlaanderen. Op 24 maart 1881 ging minister van Justitie Bara over tot de afschaffing van het bedelaarsgesticht te Brugge. Bijna één jaar later kregen de gebouwen een nieuwe bestemming. Daar de landbouwkolonies te Merksplas en Hoogstraten niet uitgerust waren voor de opvang van zwangere landloopsters en bedelaressen werden deze vrouwen naar het bedelaarsgesticht te Brugge overgebracht. Ook de opvang van de niet-zwangere vrouwen in de verschillende landbouwkolonies liet te wensen over.

    Hierop besliste de minister van Justitie dat alle vrouwelijke landloopsters en bedelaressen vanaf 14 september 1882 opgesloten zouden worden in de gebouwen van het bedelaarsgesticht te Brugge. In de praktijk werd deze richtlijn niet nageleefd. Om aan deze wantoestanden een einde te maken verstuurde de minister verschillende omzendbrieven.   

               Aangezien het K.B. van 19 maart 1866 geen adequate oplossing bood voor het landlopers- en bedelaarsprobleem werd op initiatief van minister Lejeune op 27 november 1891 een nieuwe wet betreffende deze materie gestemd. Deze wet voorzag in de scheiding van twee categorieën bedelaars en landlopers. Enerzijds erkende men een categorie die zich beroepshalve aan de bedelarij en landloperij overgaf. Zij weigerden op een ‘eerlijke’ wijze hun brood te verdienen. Deze groep werd voortaan ondergebracht in een bedelaarsgesticht. Anderzijds was er de categorie landlopers en bedelaars die door omstandigheden (ziekte, ouderdom en beroepsongeschiktheid) als toevallige landlopers en bedelaars werden aangeduid. Deze gedetineerden kregen een onderkomen in een toevluchtshuis. 

                In uitvoering van deze wet richtte men in de voorgebouwen van het bedelaarsgesticht te Brugge een toevluchtshuis op.  Van een strikte scheiding tussen de beide instellingen was echter geen sprake, wat tot meerdere incidenten leidde. Om aan deze toestand een einde te maken ging de overheid over tot de aankoop van een terrein van 17 ha., gelegen in Sint-Andries-Brugge.

    16-11-2018 om 09:24 geschreven door alidor  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Bedelaressen in de Werkhuis straat




    Keuken ( bovenaan ) en washuis (onderaan) in de Werkhuisstraat

    Op 28 december 1891 werd het werkhuis te Brugge nog enkel toegankelijk voor landloopsters en bedelaressen. Eind 19de eeuw wenste het Ministerie van Justitie te Sint – Andries Brugge,  “une maison de Refuge” te bouwen op de gronden van het bestuur van de Burgerlijke Godshuizen. 

    Deze organisatie was een voorloper van de vorige C.O.O. en de huidige O.C.M.W. Tijdens de zitting van dit Bestuur op 20 mei 1901 werd de verkoopakte door het Ministerie goedgekeurd.
    Aldus verwierf Justitie een terrein van 5ha 39a 96 ca, althans volgens de opmetingen van de gezworen landmeter Jules Verbrugghe.  Het terrein bestond uit twee delen enerzijds de gronden tussen de steenweg “ de Bruges a Nieuport” en de “Zandweg” anderzijds een perceel langs de “Zandweg”

    De prijs van de gronden bedroeg 59.561,5 Fr. Voor de gebouwen werd 7500 Fr betaald, voor de bomen en hagen en andere omheiningen werd 952 Fr betaald. Aan de landbouwers pachters Henri Vermeulen en Victor Nollet werd respectievelijk 300 en 800 Fr schadevergoeding uitbetaald. De landbouwgronden moesten ter beschikking zijn na de oogst en de weiden en gebouwen op 1 oktober 1901, de tuinbouwgronden pas op 25 december 1901. Het bestuur van de Godshuizen kreeg gratis toegang tot haar gronden, gelegen tussen de twee percelen. De Belgische staat bekwam een recht van optie gedurende 10 jaar gelegen naast de “ gravier” , die parallel liep met de spoorweg Brugge – Oostende.

    16-11-2018 om 14:57 geschreven door alidor  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    22-11-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Historische schets
     


    Een “bedelaarswerkhuis” kadert in de armenzorg van de centrale overheid in de 19e eeuw. Daarbij was er ook aandacht voor bepaalde categorieën van behoeftigen. Dit was het geval voor de bedelaars werkhuizen en de opvoedingshuizen voor jeugdige delinquenten. Het Magdalenagasthuis te Brugge begint in 1326 met de stichting van het passantenhuis “O.L.V.- van Nazareth” voor de opvang van pelgrims en daklozen.
    In 1617 wordt een aantal huizen omgebouwd tot een nieuw gasthuis, dat in 1739 gedeeltelijk ingericht wordt als rasphuis.

    Het “dépôt de mendicité” wordt opgericht in 1805 in het vroegere detentiehuis van de Magdalena. Hier zaten zowel veroordeelden wegens landloperij, als sukkelaars die door werkloosheid of lichaamsgebreken volledig verarmd waren en zich vrijwillig komen aanbieden. Zowel mannen, vrouwen als kinderen werden er aan het werk gezet in een goed uitgeruste kleer- en klompen makerij. Reeds vanaf 1822 dringt het bestuur van het werkhuis aan op uitbreiding van de gebouwen. In 1839 is er sprake van het oude klooster van Spermalie aan te kopen. Wegens financiële voordelen opteert men echter voor grond naast het werkhuis gelegen, en die toebehoort aan de Commissie der burgerlijke godshuizen.

    Het was hoog tijd dat men uitbreidde. In 1840 was de totale bevolking, dus al de personen die er tijdelijk of gans het jaar verbleven, 703 (gemiddeld 470), wanneer het in 1841 reeds 802 (gemiddeld 475) is!

    Het plan werd getekend door Pieter Buyck, architect van de provincie.

    Begin 1845 geraakte de binnen afwerking van de nieuwe ge­bouwen op zijn einde.
    Een aalmoezenier wordt aangesteld, E.H. F. Robbe, onder­pastoor van de H. Magdalena.

    De totale bevolking bedroeg  2.243 (gemiddeld 776), waarvan 1.441 uit West-Vlaanderen, en 802 uit Oost-Vlaan­deren. Vanaf 1850 kwam er een daling van de bevolking, en dit niet alleen omdat de economische toestand in Vlaanderen een lichte verbetering kende, maar ook omdat de Staat te Ruiselede in een oude suikerfabriek een hervormingsgesticht voor jonge bedelaars onder de 18 jaar had opgericht.

    Even vóór de eerste wereldoorlog verhuisde de refuge van de Magdalena naar nieuwe gebouwen te Sint-Andries. Door de oorlog kon het bedelaarswerkhuis pas in 1920 verhui­zen en werd dan Rijksweldadigheidsgesticht genoemd. Het werd in 1948 afgeschaft.

    Het bedelaarswerkhuis bevond zich in de gebouwen aan de Werkhuisstraat, de Nieuwe Gentweg en de Jacobinessenstraat.

    Bronnen:

    M. Van Hoonacker, Uitbreiding van het bedelaarswerkhuis te Brugge (22 juli 1842) in Biekorf, 1993, p. 189-194. 
    J. Buyck, De refuge te Sint-Andries Brugge: van bedelaarsgesticht tot centrum voor illegalen in Handelingen van het Genootschap voor Geschiedenis (A.S.E.B.), Brugge, (138) 2001, blz. 109-124.

    22-11-2018 om 11:39 geschreven door alidor  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    23-11-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Verkoop van gronden aan het Ministerie van Justitie
    Goedkeuring voor verkoop met document, opgemaakt 20 mei 1901








    Bron: Archief OCMW Brugge

    23-11-2018 om 00:00 geschreven door alidor  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 4/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    26-11-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De refuge tijdens WO 1

    De Eerste Wereldoorlog is de voorbije jaren dichterbij dan ooit. Meer dan 100 jaar geleden werd ons kleine land onder de voet gelopen door de Duitsers en geraakte het in een vier jaar durende strijd verwikkeld die wereldwijd veel leed veroorzaakte. De oorlog speelde zich niet enkel af aan het Ijzerfront in de Westhoek, maar ook in de bezette gebieden achter het front. Daar moest men leren te overleven samen met de bezetter.

    Onze stad Brugge was zo’n bezette stad. Op 14 oktober 1914 marcheerden de Duitse soldaten door de Gentpoort onze stad binnen om er vier jaar te blijven tot 17 – 18 oktober 1918. Brugge werd de hoofdplaats van het Marinegebied en werd uitgebouwd als duikboothaven voor de oorlogsvoering op de Noordzee.

    De batterij bij De Refuge in Sint-Andries - in de buurt van de huidige gevangenis – was bijvoorbeeld gericht tegen aanvallen op La Brugeoise en de Brugse haven.

    Het Marinekorps Flandern heeft bestaan zo lang de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) duurde. Het korps was onderdeel van het Duitse keizerlijke strijdkrachten en was gelegerd aan de Vlaamse kust, van de Nederlandse grens tot aan de rivier de IJzer. Soldaten van Marinekorps Flandern vochten niet alleen ter zee, maar ook te land en in de lucht.

    Het plan om een marine-afdeling naar de Vlaamse kust in België te sturen, kwam van de Duitse staatssecretaris Von Tirpitz. Het ging merendeels om ‘overgebleven’ manschappen, zoals reservisten. Hij had de afdeling een defensieve rol toebedacht, geen offensieve.
    De oprichting gebeurde op 23 augustus 1914. De leiding kwam in handen van admiraal Ludwig von Schröder, een 60-jarige veteraan die eigenlijk met pensioen was gegaan. Von Schröder had zijn eigen ideeën over de rol van de marine in Vlaanderen en ging voortvarend aan de slag. Hij claimde onmiddellijk de steden Brugge en Zeebrugge als uitvalsbases.

    Het Marinekorps Flandern was verantwoordelijk voor een circa 60-kilometer lange kuststrook vanaf de Nederlandse grens tot aan de monding van de IJzer. Ongeveer in het midden daarvan lag 12 kilometer landinwaarts de stad Brugge. Brugge is met kanalen verbonden met Zeebrugge en Oostende aan de Noordzee. In Brugge kwam het commandocentrum en vanaf het voorjaar 1917 ook de belangrijkste werf.
    De ligging was van strategisch belang; dichtbij het Kanaal en Groot-Brittannië en de monding van de Thames.

    Bronnen:
    Het Zeeuws Archief
    Blumenfeld, E., ‘Spiegelbeeld’ (De Harmonie 1980), p.241




    De refuge werd op 14 oktober 1914 ingenomen door reservetroepen van het Duitse Vierde Leger.  Het 46 ste reservedivisie van het 215 Reserve Infanterie Regiment van het 91ste Reserve Infanterie Brigade ( Marinekorps Kanalkuste ), lag ingekwartierd in de gebouwen van de Refuge.

    De gebouwen werden ontruimd, en de vrouwen die in de refuge opgesloten waren, werd getransfereerd naar Rekkem.

    De bezetter verwees vrouwen en meisjes die aan een geslachtsziekte leden, door naar een zogenaamd hospitaal in de gebouwen van

     de Refuge.





    Meisjes die teveel leute maken vliegen naar Brugge ( 1914 -1918) 

    De bezetting was nog maar pas een feit of vrouwen in Brugge, Oostende, Roeselare en andere garnizoenssteden, begonnen met Duitse soldaten aan te pappen.
    Na een tijdje kenden de garnizoenssteden zelfs officiële Duitse Legerbordelen.  De vrouwen die officieel als prostituee geregistreerd werden, moesten zich geregeld laten onderzoeken. De Duitse militaire overheid wilde de manschappen immers zoveel mogelijk voor geslachtsziekten behoeden. Een besmette soldaat of officier was al vlug vier, vijf weken buiten strijd.

    Vanaf 1915 liet de bezetter de “ oorlogshoeren “ in de Refuge onderzoeken op venerische ziekten. De vrouwen bij wie een “ bijzondere ziekte “ werd vastgesteld, werden in het bedelaarswerkhuis in de Oude Gentweg behandeld.

    In de Refuge kwamen vrouwen van lichte zeden uit geheel bezet West Vlaanderen toe om zich door Duitse artsen te laten onderzoeken of behandelen. In Oostende zag Charles Castelein, die al vastgesteld had dat vele vrouwen met de soldaten als met hun beste vrienden sliepen, dat de “lichtekooien die krank zijn”  einde december 1914 naar Brugge gestuurd werden. Daar gingen ze niet uit vrije wil naartoe. 
    De Izegemse dokter Jules Gits  zag op 20 januari 1915 hoe de Duitsers vier vrouwen ’s morgens vroeg uit hun huis haalden en vervolgens met de trein naar Brugge brachten. Toen Gits naar het waarom vroeg, kreeg hij als antwoord “ te veel leute, te veel leute “  Een verordening van het Opperbevel van het Duitse 4de leger bepaalde dat de bewuste dames zich moesten inschrijven. In Roeselare stelde Alfons Denys vast dat de politie al de namen noteerde van de vrouwen die in herbergen van de stad verbleven. Op 3 maart telde de lijst al 42 namen. “ De Duitsers” noteerde Denys, “ hebben hier iets binnengebracht dat niet meer zo gemakkelijk zal verdwijnen.”

    Geregeld bezochten Duitse artsen de bordelen, ofwel bestemd voor militairen ofwel voor officieren, op zoek naar geïnfecteerde vrouwen. Toen een transport naar de Refuge werd ingelegd, keek de goegemeente natuurlijk hun ogen uit. “ In de vroege morgen werden drie personen van het schoon geslacht naar de statie gedaan en met de trein naar Brugge weggevoerd”, getuigde de Izegemse dokter Gits op 20 oktober 1916. “ En dat weer om te veel leute gemaakt te hebben”. Het statieplein wemelde van nieuwsgierigen. “ De 31ste maart 1917 worden in de dertig wijven weg gedaan naar Brugge “, zag Charles Castelein in Oostende. “ Het zijn al van die soldatenmeisjes”.

    De onderzoeken van de “ soldatenmeisjes” en de behandelingen van hun venerische ziekten kwamen de West Vlaamse steden duur te staan.

    Dokter Gits was verbijsterd toen hij vernam hoe hoog de rekening voor de gemeente Izegem opliep. 

    “ Maandag 3 juli 1916 heeft de stad Izegem de rekening ontvangen van wat zij schuldig is aan de hospitalen van Brugge, Gent en andere steden, waar de personen van het schoon geslacht die te “veel leute” maakten verzorgt werden. De som beloopt 8480 frank!

    Dat is gerekend aan 1,95  frank per dag en per persoon. Voor de brave vrouwen die eerlijk en deftig zijn, die hun eed van getrouwheid aan de afwezige man stipt naleven, voor de jonge dochters die spuwen op de lafaards die met geld hun eer en reputatie willen roven, heeft de stad 35 centiemen daags. En voor de lage schepsels die met de vijand heulen, die voor ’t genot van de vijand eer en plicht onder de voeten treden, moet de stad 1,95 frank betalen.

     

    Bron: Boek Brugge in de grote oorlog – Siegfried Debaeke – 1914-1918

     Bron foto's: Geneanet ( met toelating) 

    26-11-2018 om 00:00 geschreven door alidor  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    08-12-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Bouwplannen getekend voor het Ministerie van Justitie



    Plan uit 1913 - Centrale verwarming


    Plan van de kloostermuren  ( de zijde langs de huidige expresweg)


    Bron: Uit het archief van het Penitentiair Complex te Sint-Andries brugge




    08-12-2018 om 00:00 geschreven door alidor  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Gronden van het Bestuur der Burgerlijke Godshuizen




    Bron: Archief OCMW Brugge

    08-12-2018 om 10:18 geschreven door alidor  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    10-12-2018
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Beschrijving van de refuge




    links de directeurswoning














    10-12-2018 om 00:00 geschreven door alidor  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Brieven van de Senaat


     




    zie nr 66  - Bouwen van een toevluchtshuis voor vrouwen te Brugge

    Bron:  Senaat / staat / omzendbrieven

    10-12-2018 om 08:39 geschreven door alidor  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De refuge gedurende de tweede wereldoorlog






    De Refuge onder Canadese en Britse bezetting 1944 – 1945.

    1944 – Na de bevrijding van Sint – Andries werd de refuge ingericht als hospitaal door de  Canadezen.  Zij vestigden er het 12de Canadian Hospital. Op de gronden naast de Refuge ( waar nu de expresweg ligt)  werd er een hospitaal opgebouwd met tenten met 1200 bedden.
    De Refuge werd eerder een Casual Clearing station genoemd,( gekwetsten werden onderzocht, en de zware gevallen werden na een eerste verzorging naar hospitalen gestuurd in Engeland).


    Tegen het einde van oktober waren de  1200 bedden in No 12 Canadian General Hospital (CGH), gevestigd in een voormalige Duitse faciliteit in een buitenwijk van Brugge, ( Sint-Andries) vol met patiënten.
    Daar hebben zij 1860 operaties verricht vooral voor de gekwetsten van de slag om Moerbrugge en het Schelde offencief.


    Op een Canadese site over de Tweede Wereldoorlog is volgend relaas gevonden.

    Canadian Forces in Belgium WWII.
    The 15th Field ambulance, part of the Canadian 4th Armoured Division ans especially were that de 15th Field Ambulance was located in September 1944. The Canadians ware involved then in the liberation of the city of Bruges at the area N-W of Belgium.
    The base or post, the Canadian Army was at the Saint Andrew’s Abbey
    ( Monastry) in Bruges ( Belgium).
     

    The 12th Canadian General Hospital, located at the end of September 1944, at the “ Refuge” in Bruges Saint Andrew ( St Andries-Brugge.)
    According to the War diary : 12 september: “ Fine and cool. Casualities light. Bruges fell this morning to the 2 Cdn.inf.division.

    Een verpleegster Lois Jean Cooper ( geboren MacDonald) uit Ottawa, Ontario, verteld op de volgende  site over haar ervaringen vanaf de landing tot het einde van de oorlog.
    Het waren in feite brieven die ze schreef aan haar ouders.

    Eén van haar brieven bevatte volgende tekst.


    It was here in Bruges on 27 september 1944, The NO 12 Canadian Hospital arrived and set up, and quicly realised that we were operating as a Casualty Clearing Station rather than a general hospital.

    Patients flooded in directly from the battlefields. Our first patients were from the Leopold Canal an then from the Scheldt Estaury. They were both batlles. We were a 1200 bed hospital and were soon filled to overflowing with cots in the hall. We all worked 12 hour shifts, seven days a week.

    And this taxing schedule went on for weeks. Everywone just kept going.
    The matron asked for one of us Red Cross Group in assist in the OR ( operating room) doing clerical work. We sent Mary, expecting to get her back in a week or so, but she became so valuable to them that she was there until the end of the war. So, needles to say, Sheila and Laura and I carried on doing the work of four.
                                            

    See, life goes on as usual. This is November the thirteenth. And I said,, again, we’r still a casualty clearing station with the batlle wounded coming straight to our hospital, caked in mud and blood. Convoys continue to come in with the wounded. Admitting keep sus posted as to when a new group is due so  can have one of us there, day or night, to greet them with whatever goodies we could muster. Other groups leave, either headed back to England to hospitals there, or if recovered, back to join the regiment. Some of the men are terribly  injured and are in a special ward. It’s sad to see them so severely hurt. They are usually sent off to England as soon as they are strong enough to travel………..

    Later werd ze tewerkgesteld in de Ardennen, tijdens de Battle of the Bulge.

    De slag om de Schelde en de gevechten bij Moerbrugge hadden veel Canadese slachtoffers gemaakt..


    Bron:


    LIBERATION  (2) by Dr. Bill McAndrew,
    - Bibliotheek Universiteit Gent

    10-12-2018 om 08:54 geschreven door alidor  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)


    Startpagina !

    Archief per week
  • 07/01-13/01 2019
  • 31/12-06/01 2019
  • 24/12-30/12 2018
  • 10/12-16/12 2018
  • 03/12-09/12 2018
  • 26/11-02/12 2018
  • 19/11-25/11 2018
  • 12/11-18/11 2018

    E-mail mij

    Indien u vragen heeft over de juistheid van de berichten kan u mij altijd mailen. Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Blog als favoriet !

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto


    Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op https://www.bloggen.be - Bloggen.be, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!