Marc Houtzager, anders de minzaamheid zelve, viel gisteren eventjes uit z'n rol. Een beetje commentaar bij de verkoop van HBC Tamino aan stoeterij Sterrehof kon niet. Zodat we nu dus nog altijd niet weten of het voortaan HBC Tamino of Sterrehof's Tamino is... Houtzager verwees naar het persberecht waarover blijkbaar afspraken gemaakt waren tussen hemzelf, HBC en Sterrehof. Ook bij de laatste stoeterij verwees men droogjes naar het persbericht. Wat doet een mens dan die zich wat moeite wil getroosten en een wat andere invalshoek zoekt dan het persbericht dat de halve wereld rondgestuurd wordt? Een beetje rondbellen dus en dan komt een mens toch één en ander te weet. Zoals het feit dat het eigenlijk vooral Houtzager zelf was die mensen samen bracht en een deal voorstelde die hem voorlopig verlost van de schrik dat z'n topper straks vanonder het zadel verkocht wordt. Het is een doembeeld waarmee nogal wat ruiters rondlopen: goede resultaten zorgen automatisch voor forse belangstelling, zeker in de aanloop naar de grote kampioenschappen die er aan komen. De Europese Kampioenschappen in Madrid, de Olympische Spelen, Pan-Amercian Games tussendoor... Maar goed, wat kwamen we nog te weten? Dat soortgelijke deals in de maak zijn ook voor andere paarden. Kortom, onze noorderburen zijn zich aan het wapenen voor de toekomst. Iets wat in eigen land vooralsnog niet lukt en iets dat ook Chris Chugg nog niet lukte. Die heeft voor Vivant van de Heffinck een deal met Onyschenko....
hij had het niet hoeven doen. Maar hij deed het toch. Jos Lansink dus op de obligate persconferentie na de wereldbeker jumping in Mechelen. Terwijl wij van een glaasje champagne nipten zwaaide de voormalige wereldkampioen met een bedankje richting Wilm Vermeir. Het is inderdaad wat, met een achtjarige de snelste tijd neerzetten in de barrage van een wereldbekerwedstrijd. Zeker als je er daarbij rekening mee houdt dat Lansink amper één keertje op concours geweest was met Casper van Spieveld en de hengst ook nog maar goed 14 dagen onder het zadel heeft. "Dit paard is dan ook uitstekend opgeleid door een jonge Belgische ruiter, Wilm Vermeir. Zonder hem was dit onmogelijk geweest." Amen.
Nee, hij was niet tevreden.Onze bondscoach Philippe Guerdat. Vond dat de Belgen zich in de grote proeven iets te veel hadden laten wegdrummen. Enkele uren later kon er, na de grote prijs, al een glimlachkje af bij de Zwitser. En donderdagavond toverde de Zwitser zowaar zelfs een brede smile tevoorschijn. Ook al hadden de drie Belgen in de barrage van de wereldbeker zich laten aftroeven door de Ierse Jessica Kürten. Die liet met Myrtille tijdens de eerste ronde al een grootse indruk en zette ook de barrage probleemloos naar haar hand. Vreemd verhaal dat van Myrtille trouwens. Zou verkocht worden op de veiling NASH in Frankrijk maar dat ging uiteindelijk niet door omdat de merrie zich geblesseerd had. Werd uiteindelijk later dat jaar in Fences op de najaarsveiling aangeboden en verkaste voor om en bij de 20.000 euro naar lady Georgina die ze zou inzetten voor de fokkerij. "Tot ik een video van de merrie zag. Ik dacht, die is 'crazy'. Gek, maar goed, breng ze maar bij mij", vertelt Kürten die met Myrtille in Mechelen haar tweede wereldbeker reed en meteen naar winst sprong. "of het een goed paard is? Natuurlijk. Een top sportpaard, maar Libby blijft de allerbeste, voor mij het allerbeste springpaard ter wereld." Kürten liep met Libertina trouwens ook twee proefjes in de Nekker, 1.40 of 1.45. Heel rustig, foutloos rondje, zonder meer. "Ze heeft rust gehad en dit is hier haar eerste concours na die rustperiode. Gewoon een paar kleine proeven, verder niets". Ja, ze kent het klappen van de zweep, deze wat vreemde Ierse die bij haar Ierse collega's allesbehalve populair is en ook tegenover ons het ene moment de allercharmantste amazone ooit is, maar je enkele weken later als de Schelde Antwerpen voorbij loopt. 't Is een vreemde wereldje natuurlijk, een wereld waarin veel geld en dus ook grote belangen spelen en waarin de concurrentie ook moordend is. Zeker nu de top opnieuw wat breder lijkt. Favorieten naar voor schuiven voor de wereldbeker? Van de zowat 40 starters waren er pakweg 25 die konden winnen. En het waren uiteindelijk niet de voorin verwachte Belgen die een hoofdrol opeisten. Vreemd hoeft het niet te zijn, die drie Belgen bij de laatste vier. "Ach, voor ons Belgen is dit het concours. Voor de buitenlandse ruiters is het gewoon een concours. Het allerlaatste van het jaar. Ze zijn een beetje moe van Genéve en London terwijl wij pieken naar dit ene concours." Gelijk heeft hij Peter Postelmans.
Ik weet niet of het u opgevallen is? Mij in alle geval wel: het gaat er in de modale proef steeds sneller aan toe en het aantal deelnemers met een 'jong' paard neemt hand over hand toe. Jong vinden we in dit geval acht jaar. Acht, voor een grote prijs op 1.50 niveau. Ja, af en toe zien we het eens een Brit doen zoals Guy Williams met Ciske Van Overis in de Global Tour, of een verdwaalde Zwitser zoals Pius Schwizer die met de achtjarige Carlina in de Soers in Aken binnenreed. De Whitakers durven ook wel eens een hele oude of een hele jonge opzadelen voor het grote werk. Maar dezer dagen is het gemeen goed geworden; ook voor de Belgische ruiters. Rik Hemerijck zadelde de 8-jarige Challenge van de Begijnakker, Judy-Ann de ook al achtjarige As Cold As Ice Z, Pieter Devos de achtjarige Candy, Patrick Spits de achtjarige Cadjanine Z, een leeftijdsgenoot van Calimero van 't Roth van Jos Lansink. Nu is leeftijd niet alles, ook ervaring telt. Maar ook aan onervaren paarden geen gebrek gisterenavond in de Mechelse Nekker. Misschien moeten we onze Belgische bondscoach, door z'n ruiters liefkozend 'putain' genoemd, wel gelijk geven. België telt twintig, vijfentwintig ruiters die het talent en het vakmanschap hebben om mee te draaien op het hoogste niveau. Het kransje paarden dat kan meedraaien op dat niveau is evenwel beperkt. Tweede vaststelling: het gaat steeds harder, sneller, zo u wilt. Wat Ludo Philippaerts en Tauber gisterennamiddag uit de hoge hoed toverden hebben we nog niet zo vaak gezien. Het duo maakte al snelheid naar de laatste hindernis van het eerste deel van het parcours, een proef met ingesloten barrage, ging daarna vol door, bijna plat in de wendingen die overigens ultra kort gereden werden. En in de barrage van de grote prijs was het opnieuw van dat. Zelf hadden we, ik weet het, achteraf is het altijd makkelijk, maar toch, Leon Thijssen aangestipt. Thijssen heeft met Tyson een paard, met zoals hij het zelf stelt, gruwelijk veel kwaliteit. Thijssen en Tyson klokten dan wel niet de snelste tijd, ze waren wel de snelste foutloze en daar gaat het tenslotte om. De snelste tijd kwam op naam van de fréle Zwitserse Janika Sprunger die met meer geluk dan wijsheid heelhuids door de finish kwam. Overigens had Thijssen naar ons idee nog wel een seconde of zo sneller gekund. Maar de sympathieke Nederlander vertrouwde ons achteraf toe dat hij niet twee dagen naeen vol na mekaar wilde doorduwen. Waarbij de tweede dag dus vandaag is, wereldbekerdag.
We vrezen dat het haar nog lang zal achtervolgen. Haar is in dit geval Mariette Withages, voorzitster van de jury vandaag bij de kür op muziek in de Nekkerhal. Het, de uitspraak die ze na afloop deed op de persconferentie. "Niets beter dan een Belg zeker?" Tsja, een mens maakt wat mee, zo in de coulissen van een wereldbeker dressuur. Hans-Peter Minderhoudt, 'Happie' voor de vrienden, kon bepaald niet lachen met het feit dat de juryvoorzitster hem slechts met een vijfde plaats had bedacht en Jeroen Devroe op één had gezet. Dat bleek al toen Happie en partner Edward Gal rondjes stapten vlak voor de prijsuitreiking in wat Nederlanders zo mooi het 'voorterrein' noemen, al gaat het in dit geval om een tent. "Wissel jij volgend jaar maar weer eens met Mariëtte dan is het voor ons Nederlanders zoveel leuker", grapte Happie richting Jacques Van Daele wat bij die laatste een schaterlach ontlokte. Het zegt misschien één een ander over de verhoudingen tussen de bobo's in het Belgische dressuurlandschap. Maar goed, veel zal het niet uitgemaakt hebben want de uitslag was uiteindelijk wat iedereen vooraf kon voorspellen: 1/ Gal, 2/ Minderhoud, 3/ Salzgeber, 4/ Devroe. Happie kon ook op de persconferentie achteraf een sneer richting Withages niet inhouden en werd prompt bijgetreden door de in Mechelen altijd massaal aanwezige Nederlandse pers. Die bestookte Withages prompt met de logische vraag waarom zij Devroe op één staan had. Verder dan een wat warrige uitleg over de muziek en artistieke kwaliteit kwam Withages niet. En haar grappig bedoelde "Niets beter dan een Belg zeker?" zal haar ongetwijfeld nog lang achtervolgen. We herinneren ons de tijd dat de Belgische dressuurruiters steen en been kloegen over het gebrek aan waardering van de juryleden wat zich steevast vertaalde in die paar procentjes te weinig. Dezer dagen mogen ze bepaald niet mopperen, de paar procentjes te weinig zijn er misschien net een paar te veel geworden. Wat niet wegneemt dat de Belgische dressuursport groeiend is. Geen van de Belgische deelnemers in de Mechelse Nekker werd gedegradeerd tot een clowneske meeloper, integendeel. Er is kwaliteit maar de weg is nog lang en de toekomst zou wel eens bepaald worden door enkele niet voor de hand liggende namen...
Afgelopen weekend bleek nog maar eens dat niets beter is dan de coulissen van een concours om op de hoogte te blijven van de ins en uits van de springsport. Je zult ons er maar zelden op de tribune terug vinden, veeleer aan de rand van de piste of het voorterrein. Waar de emotie nog tussen de zweetparels mee druppelt. En tijdens een informele babbel nog wel eens veel meer gezegd wordt dan tijdens het haast obligate interview. De ontgoocheling in de blik van Jeroen Dubbeldam toen hij uit de ring kwam. Zich vertwijfeld afvragend waar en hoe hij in godsnaam een fout had kunnen maken. Om ons even later bij het uitstappen richting stallen nog haast verbaasd toe te fluisteren dat hij toch geweldig sprong z'n paard. Philippe Lejeune, zuchtend dat het hem allemaal een beetje te veel geworden is, de media-aandacht, de overrompeling. Blij dat hij straks op concours kan naar Genéve of Parijs waar hij weliswaar wereldkampioen zal zijn, maar verder gewoon vooral Philippe Lejeune. Albert Zoer die ons al voor de start wist te melden dat hij er totaal geen vertrouwen in had. Hoofdschuddend want duidelijk nog in een dipje. Op zoek naar zichzelf en een betere vorm. Een beetje back-ground over Kentucky van Dirk Demeersman, ambitie bij Manuel Anon...En vooral zien hoe Philippe Guerdat zich heen en weer repte, de Belgische ruiters volgend als een schaduw om nadien in de coulissen een beetje na te praten bij een stukje pizza met één van z'n ruiters. Ward MClain die zich om een koffie rept voor z'n groom... Het is allemaal geen stukje in de krant of een magazine waard, maar het leert veel meer over een ruiter dan een interview of de zoveelste uitslagentabel.
Hij is milder. De toon in de reacties die terug te vinden zijn op diverse internetfora. Reacties op het nieuws dat Totilas straks gaat gereden worden door de jonge Matthias Rath. De speculaties vooraf waren eigenlijk overbodig, want insiders wisten het gewoon al. Een paar weken terug vroegen we ons al verbaasd af wat met de sportrechten waarvan zo vaak sprake in de berichtgeving bedoeld werd. Nu weten we het dus, stiefmama Linsehof heeft een deel van de hengst gekocht. Zeg maar het recht om hem op wedstrijd te rijden. Het is vreemd hoe de transfer van één paard de waardeverhoudingen in het dressuurlandschap compleet kan veranderen. We waren er bij eerder dit jaar in Aken en zagen de wanhoop en vertwijfeling in het Duitse kamp toen de Nederlanders onder aanvoering van Totilas en Edward Gal de tegenstand plat walsten. Wanhoop en vertwijfeling. Angst bijna. Die wanhoop en vertwijfeling maakten zich meester van Oranje toen de verkoop bekend werd. Ik vrees dat ze er nog een tijdje gaan blijven. Zeker, Oranje heeft Adelinde Cornelissen. Maar Sunrise van Imke Schellekens is al een dagje ouder, de Nadine van Edward Gal evenzeer. Sisther de Jeu, IPS Tango misschien of Anky die straks een come-back maakt met Painted Black. Ze zullen allemaal dansen in de schaduw van het nieuwe godenkind van de dressuur: een jonge Duitser. Stiefzoon van, berijder van... Exceptioneel is hij, Totilas. Dat zeker en de Duitsers daardoor misschien straks onklopbaar in Rotterdam of London. Maar veel boeiender dan dat is de vraag of de internationalisering van de dressuursport zich verder doorzet. Komt er een derde land dat straks de concurrentie met de nieuwe nummer twee, Nederland, aan kan? De Amerikanen for sure, de Britten misschien of dan toch maar de Denen of wie weet, de Zweden? Komen de Zwitsers terug en zet de opmars van de Belgische dressuursport zich door? Misschien moeten we het daar maar eens over hebben en hopen dat kampioenschappen straks meer zullen zijn dan een onderonsje van steeds maar dezelfde happy few.
Zij is een mooie jonge vrouw. Hij een wat triest aandoend figuur. De prinses en de prins. Gisteren gezien op de Audi Equestrian Masters. Claire en Laurent. Struinend langs de standjes, voorafgegaan door het kroost compleet met tricoloor vlaggetje en gevolgd door een boomlange iets van Rolex. We hadden een beetje medelijden met de prins. Of juist niet. Niemand die hem aansprak, niemand die kwam bedelen om met hem op de foto te kunnen of een handtekening te krijgen. Jaren terug hadden we hem al eens ontmoet. Op het PTI in Eeklo waar hij langs kwam in een klas en het middagmaal nuttigde met de leerlingen en waar wij als uitverkorenen van de lokale pers mee mochten aanschuiven. Wij waren er bijtijds, hij kwam een half uurtje te laat. Op het provinciaal technisch instituut kom je daar nog mee weg. Op de Audi Equestrian Masters niet. Prins of geen prins, om klokslag half vier reed de eerste combinatie de ring in terwijl de prins zijn plaatsje nog zocht. Vip-tafeltjes, rijen dik langs het parcours waar de Brusselse bourgeoisie bij het aantreden van elke Belg met tricolore vlaggetjes zat te zwaaien. Wat een verschil moet dat zijn, zondagnamiddag op Sporza. Veldrijden eerst in Gieten tussen stromen van ijswater en bier, zwoegende en zwetende renners onder een deken van Vlaamse leeuwenvlaggen. En dan daarna de Audi Equestrian Masters. Een piste badend in het licht, dames op hoge hakken, heren in kostuum, zwaaiend met een kleine papieren Belgische driekleur voor Philippe Lejeune, Rik Hemerijck of Dirk Demeersman. Het was mooi en toch een beetje triest. Net als de prins en zijn gezin. Een beetje eenzaam toch temidden de massa en terwijl zij vrolijk voortdrentelde hij een beetje schoorvoetend er achteraan. Als een veel te snel oud wordende jonge man. Nog een geluk dat er geen veterinaire keuring bestaat voor Belgische prinsen of hij haalde wellicht de start niet. De allersympathiekste van al onze prinsen...
Zo. Het concours in Verona zit er op. Leuke site hebben ze daar met zowaar zelfs videofilmpjes van de belangrijkse ritten. Het is één van die videobeelden die me ooit zuur is opgebroken.... Het is alweer een paar jaar geleden en we zetten voorzichtig onze eerste stapjes in de internationale paardensport. En we hadden het zowaar aangedurfd om op een site een stukje te zetten met verslag van de wereldbeker in Verona en link naar de ritten van ondermeer Jos Lansink en Judy-Ann Melchior. Veel herinner ik me er niet meer van, alleen dat Judy-Ann in Verona nogal ongelukkig ten val was gekomen. Niets vermoedend gingen we enkele dagen later naar Jumping Brussel waar we in de coulissen ondermeer de groom van Judy-Ann tegen het lijf liepen. Vriendelijke jongen trouwens, zo vriendelijk zelfs dat hij ons met spoed aanmaande om ons uit de voeten te maken toen mama Melchior met zevenmijlslaarzen kwam aangebeend. Bij een volgende ontmoeting volgde de uitleg. Ons berichtje met link naar de site waar ondermeer de beelden van de val van Judy-Ann te zien waren was klaarblijkelijk bij mama Melchior niet in goede aarde gevallen... Het zal er ongetwjfeld mee toe bijgedragen hebben dat we een tijdje amper 'on speaking terms' geweest zijn met Judy-Ann.Maar naarmate de tijd verstrijkt vervaagt klaarblijkelijk ook het ongenoegen en dus kunnen we het uitstekend stellen met de jonge Lanakense amazone. Haar moeder daarentegen hebben we sindsdien niet meer gesproken...
Na de vulkaanuitbarsting die de verkoop van Totilas teweeg bracht lijkt de asse eindelijk te gaan liggen. Zelfs de meest fanatieke Nederlandse dressuurliefhebbers lijken nu te beseffen dat de euro's van Paul Schockemöhle het duo Gal-Totilas voorgoed uit mekaar gespeeld hebben. Daar kan zelfs een facebook-groep niets meer aan veranderen. Totilas blijft ondertussen wel 'wereld'nieuws. In Duitsland, maar ook in Nederland. Eerst maar 's even naar Duitsland waar de aankomst van de godenzoon van de dressuur in de stallen van Schockemöhle groot nieuws was. In zoverre dat de Duitser zich genoodzaakt zag een persconferentie te geven. Schockemöhle gaat de hengst eerst wat rust gunnen, al houdt z'n stalamazone hem netjes in beweging. In januari wordt de Gribaldizoon gepresenteerd op de hengstenshow van Schockemöhle en zal ook duidelijk gemaakt worden wie de hengst te rijden krijgt. Zoals we al eerder schreven: laat er geen twijfel over bestaan, het zal een Duitse ruiter of amazone zijn. Tenzij Schockemöhle gevierendeeld wil worden natuurlijk. Ondertussen roepen ze in Nederland schande waarbij de ondertoon is dat het jammer is als je een land zo z'n medailles moet afpakken op toekomstige kampioenschappen en daar zelf opnieuw medailles moet zien te halen. Maar eigenlijk is het niet anders dan wat al decennia lang in het voetbal gebeurd waar kapitaalkrachtige clubs de betere spelers wegkopen bij de kleine broertjes. Goed, dat is ploegsport, geen landensport. Maar eigenlijk is het dichter bij de eigen stal in de springruiterij niet anders. Winningmood naar Diniz, Tomboy naar Alvaro de Miranda Neto, Goldex voor de Saoudi's en zovele andere paarden. Plot Blue, onder Marcus Ehning lid van het goud winnende landenteam werd goed anderhalf jaar terug nog gereden door Werner Muff. De zilveren Silvana met Kevin Staut: niet zo lang geleden nog onder het zadel van Jos Lansink en daarvoor Kristof Cleeren. Seldana, individueel zilver met Al Sharbatly werd eerder dit jaar nog gereden door Natale Chiaudani. We kunnen nog wel een tijdje doorgaan maar we hebben geen Italianen op de barricades gezien toen Seldana van stal verhuisde, of Belgen toen Silvana de stallen van Lansink verliet... Even over naar Nederland nu waar men zich eindelijk de vraag is gaan stellen die iedereen zich eigenlijk al voordien had moeten stellen. Hoe komt het in godsnaam dat men er in Nederland niet in slaagde om voldoende geld bijeen te brengen om een hengst als Totilas te behouden voor de Nederlandse fokkerij en sport. En dat nota bene in het enige land in Europa waar je aandelen kunt kopen om te beleggen in een springpaard, het zo geroemde sportpaardenfonds....