Ik ben Jan., en gebruik soms ook wel de schuilnaam Janja.
Ik ben een man en woon in DenHaag (Nederland.) en mijn beroep is ex- Clubhuiswerker..
Ik ben geboren op 08/08/1954 en ben nu dus 57 jaar jong.
Mijn hobby's zijn: Schrijven,Muziek,fotografie..
Als Ras Hagenees, alleen korte Haagse Verhalen op dit blog.....Latersssss
In eerste instantie is dit blog bedoeld voor de 50 plusser, maar ook de jongeren onder ons kunnen veel plezier beleven aan de verhalen op dit blog.Het zijn allemaal korte haagse verhalen uit de jaren `60 `70 en `80, the good old time. De personen die in de verhalen voorkomen staan niet vermeld onder hun eigen naam, dit in het kader van de privacy en anonimiteit.
Als hagenees houd hij van zijn stad, is in het hartje van de binnenstad geboren, en hebt ook best wel een verbondenheid met deze stad. Zo speelde hij in 1981 een hoofdrol in de haagse speelfilm ““ TUIG““, hij gaf de naam aan het haagse plantsoen ““ Jenny plantsoen““ (elders in een verhaal beschreven op dit blog) `` Een olifant in de tuin```. In 2008 werd er een gedicht van hem opgenomen in het boek ““ poezie op pootjes““ 507 pagina“s over een echt haags gevoel.
Ook is de fotografie een uit de hand gelopen hobby van hem, in 2008 werd er een foto van janja geselecteerd voor een foto tentoonstelling in het atrium van het stadhuis.Deze foto werd ook opgenomen in het boek, ““65 jaar denhaag en sinterklaas““ . In het verleden deed hij ook wel trouw reportage“s (incl album) portret fotografie en ook wel modellen. Verder duikt hij nog even op in twee jaarboeken van denhaag.
Songteksten,gedichten en het schrijven van verhalen is een hobby van hem, in alles wat hij in zijn leven hebt gedaan, is hij altijd blijven schrijven. In het verleden o.a. geschreven voor het jongeren magazine, ““promised magazine““. Alles bij elkaar, voor een ander mischien niet belangrijk, maar waar hij als ras hagenees.... TROTS op is.
Dit blog starte hij eigenlijk door mensen die bij hem thuis wel eens zo zijn verhalen doornamen en dan meestal reageerde van, dat je hier niets mee doet, straks ben je honderd en dan liggen die verhalen nog steeds ergens in een kast. Maar hij moet nu wel zeggen.......... Nu ik dit blog aangemaakt hebt ga ik het steeds leuker vinden om mijn verhalen teplaatsen, zeker door de vele reactie“s van mensen die zelf dingen in mijn verhalen herkennen, en dat is waar ik het voor doe.
Door gewoon door tescrollen komen de verhalen vanzelf voorbij, nogmaals, Veel lees plezier !!!
Niets van dit blog mag worden verveelvoudigd en / of openbaar gemaakt worden door middel van druk,fotokopie of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande toestemming van de (web)auteur
Lang leve de Sociale Dienst ! Heb ik wel eens zo hier en daar horen roepen, maar wie riep deze bijstands wet in het leven ? In de 2e wereld Oorlog was zij koerierster voor het verzet, dit omdat ze het tegevaarlijk werk vond voor mannen. In 1963 word de algemene bijstands wet aangenomen die twee jaar later in werking treedt. Marga Klompe noemt de wet een geweldige switch van genade naar recht. Het is de eerste Nederlandse wet die Nederlanders recht op bijstand geeft en ččn van de grote successen van Nederlands eerste vrouwelijke minister, Marga Klompe !!
KOOS.
Laten we even terug gaan naar 1975, toen zat de Sociale Dienst aan de Neherkade, toen al werd er in sommige gevallen misbruik gemaakt van deze wet, een soort gelijk geval heb ik in 1975 van dichtbij meegemaakt met een goede vriend van mij. laten we deze vriend voor het gemak even Koos noemen.
HERRIE AAN DE NEHERKADE .
Koos was door eigen schuld ontslagen bij zijn baas, dit omdat hij helemaal geen zin in werken had en liever met zijn vrienden op straat zat, om aan de kost tekomen liep Koos samen met een paar vrienden s`nachts intebreken. Maar, dacht hij, ik ga er toch een uitkering bij aanvragen. Deze uitkering werd twee keer afgewezen omdat Koos door eigen schuld ontslagen was, en Koos nul kreeg, Op een middag besluit Koos om toch nog een keer langs de Neherkade tegaan, daar zegt hij tegen de balie medewerker dat deze even zijn ambtenaar moet roepen omdat het belangrijk is. Als deze naar beneden komt gaat hij samen met Koos een spreekuur hok in om hem toch even tewoord testaan. Kijk zegt die ambtenaar, omdat je door je werkgever door toedoen van je eigen schuld ontslagen ben, ben je voor 26 weken uitgesloten, maar als je een moment hebt pak ik boven even je dossier erbij. Als Koos dan even moet wachten kijk hij een beetje in het rond, het hokje waar hij in zat tewachten had links en rechts ramen, netzo als de hokjes er naast, dus je kon zo door kijken en andere mensen in gesprek zien met hun ambtenaar. Plotseling hoort hij een onwijzen tering herrie drie hokjes naast hem, als hij dan kijkt ziet hij een grote vent tekeer gaan, deze man slaat met zijn vuisten hard op het bureau en wijs dreigend met zijn wijsvinger naar zijn ambtenaar, deze probeert zijn client tot bedaren tebrengen, wat ook snel lukt, kort daarop ziet hij ze alletwee lachend en handen schuddend afscheid nemen . Ooohh, denkt Koos, werkt dat zo hier. Daar is zijn ambtenaar weer met het dossier, kijk zegt deze, hier staat het, Meneer K. X, is voor 26 weken uitgesloten voor het recht op een Sociale Uitkering. Ja denkt Koos, nu moet ik iets doen, en in een flits geeft hij met z`n ogen dicht de ambtenaar een harde klap met zijn vlakke hand in het gezicht....... Waar mot ik dan van leven mongool, begint Koos teschreeuwen, maar hij is blij als er een paar bode`s het hokje binnen stormen om hem in bedwang tehouden, iets waar Koos natuurlijk ongezien graag aan mee werkt. Vervolgens word hij door de politie afgevoerd.
Dan komt er op het politie bureau een rechecheur zijn cel binnen, deze laat hem weten dat zijn ambtenaar ook op het bureau is en of Koos genegen is om met hem tepraten, waar hij natuurlijk op ingaat. Nou de ambtenaar laat Koos weten om geen aanklacht intedienen en of Koos bereid is om morgen op kantoor langs tekomen zodat deze ambtenaar de zaak nog eens kan bekijken.
Als Koos die ochtend daarop bij zijn ambtenaar op kantoor is vallen er weinig woorden, al bijna direct krijgt Koos van de man een briefje waar hij mee naar de kas kon voor een kas betaling, deze diende dan als voorschot. Sinds dien had Koos zijn uitkering en heeft daarna nog weinig last gehad van moeilijke ambtenaren. En zo ging dit vroeger, ambtenaren waren bang dus kreeg je bijna alleen een uitkering als je asociaal gedrag vertoonde. Er werden zelfs complete auto`s dwars door de deuren naar binnen van het gebouw gereden, hup en dan werd er weer een levens lange uitkering afgedwongen, zonder aangifte. En dat is nu allemaal achterhaald, ook worden de ambtenaars nu zwaar in bescherming genomen, čén tik staat nu onvoorwaardelijk zes maanden gevangenisstraf op, en er krijgen nu dan ook alleen mensen een uitkering die er ook echt recht op hebben.
Zo had dan ook de bijstands wet van marga Klompe zo zijn kinder ziektes, maar laten wij nu blij zijn met dit besluit van Marga Klompe, zeker voor de mensen die in deze crisis tijd ( 2010) zonder een uitkering geen kant uitkunnen, dus alle lof voor deze verzets vrouw, Marga Klompe !!!!
In 1962, `63 waren er nog maar weinig mensen die televisie hadden , en de mensen die er wel ččntje hadden kregen dan in ččn keer ook veel bezoek thuis, op de woensdag en op de zaterdag middag kindertjes, en s`avonds buren en familie. Oer lelijk waren deze tv`s , grote lelijke bruine kasten met een heel klein beeldbuisje. Ook moest er dan een antenne op het dak geplaatst worden door de man des huizes en die moest dan ook de goeie kant uitgedraaid worden, de vrouw hing dan uit het raam en gaf de instructie`s met de televisie aan, ja, ja, HO, Nee, nee, nee, JA, Ho, niks meer aan doen schreeuwde ze dan naar boven, en dan was het goed.
ALLEEN NED. 1.
Ook wij hadden nog geen televisie, het was naar de radio luisteren, plaatjes draaien ( 78 toeren ) en heel veel spelletjes. Zo`n televisie aanschaffen was best wel duur, dus bij ons in de straat waren er mischien drie of vier familie`s die er ččn hadden staan. Er waren nog maar weinig uitzendingen , op de woensdag en op de zaterdag middag een kinder programma, en dan iedere avond vanaf zeven uur tot een uur of tien half elf. En dan alleen Ned.1, later kwam Ned.2 erbij, maar daar moest je dan weer een extra antenne voor hebben die dan ook op het dak werd vast gemaakt aan de bestaande antenne met de zelfde instructie`s.
THUIS BIJ EEN VRIENDJE.
Bij een vriendje van mij hadden ze dan ook een televisie thuis, waar ik best wel een beetje jaloers op was. Maar op de woensdag middag mochten wij met nog een paar vriendjes uit de straat daar naar de televisie kijken, de hele huiskamer zat dan vol met van die gasjes, ( zie foto) een soort mini thuis bioscoop was het dan. Alleen op de zaterdag middag konden wij daar niet kijken, want dan stond er bij hun soep op het menu, en waren zijn ouders bang dat wij ook mee moesten eten, en tja..... daar was de pan niet groot genoeg voor. Op de woensdag keken wij dan naar Flip de tovenaars leerling, en Okkie trooy met zijn tover koffertje, als je het nu terug ziet dan denk je, wat is dit dan.... Alles werd gefilmd met ččn camera en heel eenvoudige decors die je zelf als kind zijnde zo zou kunnen namaken, maar het was nieuw, leuk, spannend en het bewoog. Niet alleen de televisie was zwart wit, maar eigenlijk was toen alles zwart wit.
OP DE REUTOL.
Het duurde dan ook niet lang meer of wij kregen ook een televisie. Deze werd gekocht op de reutol (afbetaling) bij de Firma Weltevreden ( in de volksmond, Weltevree ) aan de hobbemastraat. Dit hoorde mijn moeder dan weer van een vriendje zijn moeder dat dit daar makkelijk en mogelijk was. Dus sinds die tip waren ook wij thuis wel-tevreden met de nieuwe televisie van het merk, Erres !!!
Op 9 Oktober 1967 kregen voornamelijk de oudere Nederlanders de schrik van hun leven als zij s`avonds naar het televisie programma Hoepla zitten tekijken. De toen 21 jarige Haagse Phil Bloom leest in dit programma een artikel voor uit een dagblad dat met deze uitzending temaken had. Toen zij even daarna dit dagblad opvouwde en deze aan ččn naast haar zittende man geeft , kon een ieder zien dat zij geheel naakt was. (zie foto) Een minuut lang staarde Phil zonder iets tezeggen of zich tebewegen in de camera. Dit beeld schokte de meeste Nederlanders meer dan de wrede oorlogs beelden en het schijnende onrecht waar toen tal van demonstratie`s van waren
Hoepla was een programma van de VPRO speciaal bedoeld voor jongeren die vonden dat de burger maar eens moest worden wakker geschud., zoals dat toen heete. Velen grepen na deze uitzending dan ook massaal naar de pen, en dagelijks nam Phil stapels brieven in ontvangst, waarin zij met de dood en met lijfelijk geweld werd bedreigd. Sommige vonden het ook gepast om uitwerpselen per post toe tezenden. En geloof het of niet, maar dit programma leide zelfs tot vragen in de 2e kamer. Ook de VPRO kreeg een officiele berisping.
Hahahaha, hoe preuts waren de oudere toen nog joh,en onze ouders maar zeuren over die goeie ouwe tijd., De jeugd was in iedergeval klaar in de jaren `60 met deze ouderwetse Shit, en begonnen God Zij Dank aan een nieuw tijdperk. Nu kijkt men er niet raar meer van op als ze een potje liggen teketsen op de televisie, lekker belangrijk, en wil men het niet zien..... nou gewoon naar een andere zender, want ook daar zijn er nu zat van, maar de jongeren van toen vonden het een Super optreden van...... Phil Bloom.
De Zuid Hollandse Bierbrouwerij werd in 1881 opgericht door de Heer Louis Kirchmann en was gevestigd in Denhaag. Deze grote bierfabriek lag midden in een arbeiderswijk aan de haagse Noordstraat, Sirtemastraat en de Noordwal (ingang aan de Noordstraat) Aan de Noordwal waren wel meer grote bedrijven gevestigd zoals, aardappel handel Eigenhulp het Kolen bedrijf van de Gebr. Oosterveer en Trouw en Begravenis ondernemer van der Lans.
ZIEKENHUIS BIER.
Veel buurtbewoners waren ook werkzaam bij deze bierbrouwer, S“morgens vroeg was het daar een drukte van jawelste, grote vrachtwagen combenatie`s die door de smalle Noordstraat op en aan reden, en de horeca in Denhaag werd bevoorraad met paard en wagen. Prachtig vond ik dit als kind zijnde, grote Belse Knollen met prachtig koper tuig . Wij woonde in de Twentstraat, een paar tientallen meters vanaf de Noordstraat, en als dan zo`n paard en wagen met twee van die Belse Knollen voorbij kwam, dan trilde het oude huisje op zijn grondvesten, je rende dan vlug naar het raam toe om deze olifanten zonder slurf gaade teslaan, en iedere keer weer opnieuw was het een machtig gezicht omdat spul voorbij tezien komen. Keihard werken moesten deze koetsiers, het verzorgen van deze inmens grote paarden, in en uitspannen, koperpoetsen en dan nog de zware lading houten vaten bier, die ook weer gelost en geladen moesten worden. Ziekenhuis bier noemde wij het ZHB bier, of nog een kreet was, Zuip Heineken Bier, maar ik heb mijn vader ook wel eens horen zeggen dat ZHB bier hoofdpijn bier was, maar bij gebrek aan iets anders ging hij toch snel akkoord hoor.
DRONKEN KINDEREN.
Als jochie van een jaar of acht negen klommen wij s`avonds wel eens over de muur van de ZHB, en gingen dan een beetje lopen struinen wat natuurlijk altijd erg spannend was, ook deden wij ons dan tegoed aan de flesjes bier, dat vond je stoer, en de ččn wilde voor de ander niet onder doen. Je kwam dan echt aangeschoten thuis, en als je moeder het dan toevallig rook, nou dan zwaaide er wat, dagen moest je dan binnen blijven, wat voor ons soort straat jochie`s dus echt een straf was en je zodoende weer voor een tijdje genezen was.
ZHB HOVEN.
Rond 1970 viel de ZHB fabriek onder de sloophamer, om zodoende ruimte temaken voor nieuwbouw. In 1974 kon er begonnen worden met de bouw van deze huizen. Dit huizen complex kreeg dan ook de toepasselijke naam , `` ZHB HOVEN `` een zeer ingesloten gebeuren, je woont daar als het ware met je rug naar de wijk toe, er loopt een zeer smalle steeg dwars door de zhb hoven heen, die toegang geeft tot de huizen, s`avonds is het er luguber donker en stil. Ook is er veel jeugd criminaliteit, vreemde mensen lopen er s` avonds dan ook niet graag door heen. Dus de leus Ziekenhuisbier (ZHB) is toch een beetje waar, want deze buurt zit al jaren en jaren lang met een enorme Kater !!!!
Ooit heb ik hem zien spelen in een kroeg bij de Haagse Markt. Ik wist dat het Fransje Groenewold was, want een ieder kende hem, maar verder wist ik niets van deze man. Toch wilde ik een verhaal over deze ras hagenees schrijven op mijn blog, oudhaags. Dit omdat ik vindt dat Fransje Groenewold netzo als andere bekende hagenezen, niet vergeten mag worden. Op Google is niets over Frans tevinden ( dit gaat na het schrijven van dit verhaal anders worden, dit omdat alle titels van mijn verhalen terug tevinden zijn op Google, maar ook alleen al als je de naam van de persoon aanklikt ) Door de informatie die ik kreeg van zijn zoon en schoondochter , Hans en Hennie Groenewold, heb ik alsnog dit verhaal kunnen schrijven.
VAN 1912 TOT DE 2E WERELD OORLOG.
Fransje Groenewold is geboren op 12 Juli 1912 in Denhaag. Frans had al heel jong belangstelling voor de accordeon. Zijn broer had er ččn en als deze naar z`n werk was haalde Frans deze stiekem uit de kast. Tot grote verbazing van deze broer, want Fransje speelde binnen de kortste keren al de sterren uit de hemel. Op 18 jarige leeftijd kreeg hij zijn eerste accordeon, een 2e hands, maar wel een echte Hohner hoor, zoals hij dan altijd trots zei. Alleen deze accordeon kreeg hij niet voor zijn verjaardag, maar omdat Frans in de haagse dierentuin Haags Boks Kampioen was geworden. Na dit Kampioenschap bokste Frans nog enkele jaren als prof. Hij heeft zelfs nog in de Odeon in Rotterdam tegenover van Klaveren gestaan, deze van Klaveren was een stuk groter dan frans, maar dat was voor deze kleine Hagenees geen enkel probleem. Maar in de crisis jaren was er geen droogbrood teverdienen als prof.bokser.
In 1938 trouwde Frans , en zijn vrouw liet hem weten dat hij kon kiezen of delen, vandaar dat Frans de handdoek in de ring gooide . Frans stopte met boksen en koos voor zijn accordeon, die eigenlijk toch belangrijker voor hem was. Frans maakte van het accordeon spelen zijn beroep, zowel in cafe`s als op straat.
MEER DAN 54 JAAR ACCORDEONIST .
Na de Oorlog begon Frans weer met spelen, dit was in een muziek cafe in de Kettingstraat, en met daarnaast bruiloften en partijen kon Frans de kost aardig verdienen. Ook speelde Frans zo`n tien jaar in het cafe van Willem Koek in de Grote Marktstraat. Maar de mooiste tijd voor Frans was, cafe ``De Passe-partout`` van Piet Frauervelde aan de Hermancosterstraat, dit is ook het cafe waar hij het langst gespeeld hebt, als men zei van De Passe-partout, dan zei men ook Fransje Groenewold. Ruim 54 jaar bespeelde hij de accordeon, dit jubileum werdt gevierd in 1985 in cafe de Monopole in de Hermancosterstraat. Dit was ook het cafe waar frans vast op Markt dagen speelde, ruim 130 accordeons hingen als decoratie aan de wand van deze kroeg, Volgens Arie de Jong (toen eigenaar van dit cafe) een soort afwijking. Ook bezocht Frans samen met arie in die tijd nog regelmatig bokswedstrijden, want naast het accordeon spelen, is Frans toch altijd een Boksliefhebber gebleven hoor. Maarja, dat was zijn leven, Van Bokser tot Accordeonist........ Fransje Groenewold !!
Voor heel veel mensen waren de jaren ` 70 en de jaren `80 De Gouden Eeuw. Iedereen had geld zat en er waren maar weinig mensen die liepen teklagen. En hoe dit kwam weten we natuurlijk allemaal, nu kun je er makkelijk over terug praten, (het is inmiddels alweer zo`n 30 a 40 jaar geleden) wat b.v. in het cafe dan ook regelmatig het gesprek stof is. Maar toen, ja toen hield iedereen zijn kaken stevig dicht, want een hoop mensen waren jaloers, en het verraad sliep niet, men had toen alleen vermoedens. Maar, zeiden wij altijd, Raden en Gissen kan wel eens Missen. Ik hoef dan ook niet in details tetreden, maar ook dit hoort bij onze herinneringen van The Good Old Time, dus in grote lijnen dan.
Het gros van de mensen in volksbuurten hadden allemaal een uitkering, en ook scheiden was heel erg in, wat dan betekende, twee uitkeringen, want men bleef natuurlijk gewoon bij elkaar en die scheiding was voor de jen, nou en dan werd er een rooitje in de WEEK zwart bijverdiend, dus leven de lol. We hadden allemaal zat, en het geld kon niet op. Ieder had z`n eigen ding. Overal liep men tebeunen, in de bouw, in de autobranche, in de horeca en noem maar op joh. Maar de mensen gaven het geld ook uit, mooie auto` s ( zie foto) caravans, vakantie`s, kleding, horeca,sieraden, meubels en weet ik al niet waaraan.
En dan zondags het steunkaartje inleveren met een grote amerikaanse auto, en dan zag je de mensen elkaar aanstoten van , kijk dan, heb je er weer zo ččn, haha, het was ččn groot spel, want sommige leende wel eens zo`n auto van een vriend, om alleen maar tekunnen lachen. Ja het was echt De Gouden Eeuw. Voor een hoop mensen is het dan ook niet zo moeilijk om terug tevallen naar minder, omdat de meesten onderons toch ook armoe gekend hebben . Dus laten wij achteraf blij zijn dat wij deze tijd van de jaren `70 en `80 toch hebben meegemaakt, want ooit zal het wel weer beter worden, alleen maken wij dit niet meer mee, wat wij tegemoet gaan is blinde armoe, zeker als je kleine en schoolgaande kinderen hebt.
Alles is achterhaald in deze politie staat, en men kan geen kant meer op, sofi nr. indentiteitplicht, overal camera`s, en weet ik al wat niet meer, lang leve de computer. Maar ons kunnen ze die twintig jaar niet meer afnemen . En wees eerlijk, hoeveel jaar is er niet met de kinderbijslag gerommeld, en dat wist de overheid zogenaamd niet,...... ja me tokus....., en terwijl wij het allemaal wel wisten, dus niet zeuren he, .Laat ik het zo zeggen, wij hebben het geld van onze ouders een beetje opgemaakt, die zich jaren lang de tandjes hebben gewerkt en BETAALT, en daar hebben wij een beetje van terug genomen....... PROOST !!!!!!!!!!!
Half jaren `70 gingen veel jongeren altijd op de vrijdag en zaterdagavond op stap, en eigenlijk is dat nog steeds niet veranderd, alleen was het toen een andere tijd, maar ik weet zeker dat de jongeren van nu het ook naar hun zin hebben hoor, zo heeft iedere tijd wel z`n charme `s. Maar half `70 waren wij de jongeren van toen, zo ook wij gingen dus stappen in de weekenden.
HANS EN GRIETJE.
Nu was ik in die tijd niet zo`n disco ganger hoor, ik ging liever naar het cafe, de enige discotheek waar ik dan wel kwam was Hans en grietje ( voorheen de pampam ) op scheveningen. Dan gingen wij eerst in de vooravond een beetje voor drinken in het cafe, en dan later op de avond richting scheveningen naar hans en grietje.
Super naar mijn zin had ik het daar altijd, ze draaide daar altijd goeie muziek, en dan lekker met een joint erbij, want dat kon daar gewoon, nu had en heb ik nog steeds niet veel met drug hoor, maar daar hoorde het er gewoon bij, wat had je..... ja hasj, marrok en rode libanon, dus lekker dronken en stoned worden, en genieten van de muziek af en toe een grietje wegslepen ( zonder hans, haha ) en zomers s`nachts met zo.n grietje naar het strand om daar nog een lekker blowtje teroken ,en soms werd er wat meer gerookt ( als je begrijp wat ik bedoel ) Ja was altijd onwijs gezellig, veel leeftijd genoten kunnen zich hans en grietje vast nog wel herinneren. Eind `70 werd het jammer genoeg een totaal andere zaak, het werd een echt drughol, heroine, coke roken etc. dus voor ons was de room er toen snel af.
Eigenlijk was deze discotheek toen geen lang leven meer beschoren, en moest dan ook in 1980 zijn deuren sluiten, vanwegen de drug overlast. Maar wij hebben daar een paar leuke jaren gehad, eigenlijk was hans en grietje voor ons ook een soort sprookje, maar dan wel met een joint erbij !!!!!!!!!!!!!!!! Dus onze slagzin was dan ook,
Knibbel Knabbel Knuisje, met een joint in ons knuisje !!
Ook Charley verdiend een verhaal op deze haagse website, en hier hoef je nu niet speciaal een honden liefhebber voor tezijn . Speciaal ? ...... ja dat was charley wel. Charley was een Labrador Retriever, een hond als ik er nog nooit ččn hebt meegemaakt. Charley kon echt denken, en nu zul je zeggen, ach komop, een hond kan niet denken, een hond is een gewoonte dier, nou dat was Charley ook, MAAR hoe kwam hij tot zijn daden ? het was hem nooit geleerd, lees het volgende toch wel komische verhaal, en je zult het met mij eens zijn.
Alle mannen uit volksbuurten zijn over het algemeen jongens van de straat, vandaar dan ook voor hun de ere titel, Hagenees. Dit was het zelfde geval met Charley, Charley was geen straathond, maar wel een hond van de straat. Zijn baasje was automonteur, en werkte in een garage aan de elandstraat, iedere morgen als de beste man naar zijn werk ging nam hij zijn hond Charley mee, ččnmaal op het werk was het eerst koffie en dan aan de slag, dit gelde dan ook voor Charley, Charley liep altijd los, wist niet eens wat een riem was dus was zodoende zo vrij als een vogeltje.
IEDERE MORGEN NAM CHARLEY DE TRAM.
Als zijn baas dan aan het werk ging keek Carley deze eens aan of hij dan zeggen wou, nou tot vanmiddag en begon hij aan zijn dagelijkse ronde. Eerst naar de Pietheinstraat, de voor hem bekende winkels langs zoals de slager, voor een stukje worst, echt de hele buurt kon hem, Charley had een soort aantrekkings kracht, maar ook voor de teefjes, er was geen vrouwtje veilig bij hem, hij heeft in die tijd echt de halve buurt met jong gedouwd. Vervolgens ging hij dan lekker naar het scheveningse bos, om lekker een beetje teravotten, om daar tekomen nam hij de tram, hij liep dan naar de halte en wachte daar tot dat de tram er aankwam, als deze dan stopte glipte Charley via een open deur naar binnen, en in de buurt van het scheveningse bos stapte hij dan weer uit. Ook ik had in die tijd twee honden, en aangezien ook ik vlak bij het scheveningse bos woont, ging ik daar regelmatig met mijn honden naar toe, en natuurlijk kwamen wij daar Charley weleens tegen. Nu had ik gehoord dat er een zwerfhond huisde in dat bos, en dat deze ook een nestje met puppy`s had. En inderdaad was ik daar wel eens zo`n zwervertje tegen gekomen. Op een middag loop ik dus weer met mijn honden in dat bos als er een hond de bosjes uitkomt, hij was alleen en gromde niet echt aardig, aan zijn tepels kon ik zien dat hij jonge had, dus ik wist gelijk dat het hier om de bewuste zwerfhond ging, ik ben toen terug gelopen met mijn honden en ben verderop op een bankje gaan zitten om de boel eens afteleggen, en inderdaad op een gegeven moment kwamen er ook drie pups uit de bosjes tevoorschijn, die op een gegeven moment weer met hun moeder de bosjes indoken. Op weg naar huis kwamen wij Charley tegen, deze kwam dan naar ons toe omdat hij ons natuurlijk kon vanuit de buurt, zo Charley , ga je lekker naar je kroost zei ik na hem eerst een paar aaien over zijn kop tehebben gegeven, en inderdaad ging hij richting de bewuste bosjes. Eenmaal thuis heb ik hier melding van gemaakt voor wat betreft de zwerfhond en zijn pups, omdat ik dit gewoon zielig vond, ik heb ze ook nooit meer gezien nadien.
POLITIE TEWATER.
Charley was natuurlijk een Labrador Retriever, dus een echte waterhond, hij had dan ook zijn eigen zwembad, en dat was de Veenkade. Als Charley zin had om een partijtje tezwemmen dan dook hij halve wegen de Veenkade vanaf de kant zo het water in, hij zwom dan lekker een paar rondjes en zwom dan naar het demmetje bij de oude draaibrug, even voor het demmetje kon hij lopen dus sprong dan vanuit het water dat demmetje op en dan via dat demmetje sprong hij op de wal, even lekker uitslaan, en hup naar huis. Niemand in de buurt sloeg hier aandacht op als Charley een baantje trok, want een ieder kon hem. Op een middag had good old Charley weer zin in een zwempartijtje, ččnmaal in het water stopte er een politie wagen aan de kant, de agenten stapte uit en dachte dat de hond die ze zagen het water niet meer uit kon, de vrouwelijke agente sprong nu het water in en wilde de hond gaan redde, maar Charley dacht, heey leuk die komt lekker met mij in het water spelen, dus zwom richting demmetje, wat best nog wel een eind was, en de agente er roepend achter aan, nou bij het demmetje was het voor Charley het oude ritueel, uitslaan en naar huis, wat hij dus ook deed, inmiddels was er een politie wagen bij gekomen , dus zoals de meeste jongens uit de buurt, had nu ook Charley de politie achter zijn vodde aan. Ečn van die agenten liep Charley achterna en kwam zodoende aan zijn adres, nou hier was Charley zijn baas niet zo blij mee, want die kreeg een fikse bekeuring. Maar voor Charley veranderde er niets, de dag daarop was het weer als van ouds, rondje, bos, lekker even zwemmen en naar huis. ``Charley `` een hond als geen ččn !!!!!
Een type voor de politiek ben ik zeer zeker niet, dat vind ik alleen maar Volksverneukerij. Maar deze man mag niet op dit blog ontbreken, namelijk, de gevleugelde, Piet Vink !!! Rechts op de foto.
In 1964 nam hij plaats in de gemeenteraad voor de partij van de arbeid. Van 1970 tot en met 1986 was hij wethouder voor deze partij. In deze periode beheerde hij jeugd, sport en recreatie ( J.S.R. ) met tussentijds ook kunstzaken,wijkaangelegenheden,personeelzaken en volkshuisvesting. Vanaf 1978 was hij tevens logo burgemeester. In het bijzonder heeft hij zich ingezet voor de sport en het welzijnswerk in Denhaag. Ook is onder zijn leiding totstand gekomen het schaatscentrum De Uithof en de fusie van Ado en Hollandsport. Onder zijn verantwoordelijkheid ontstonden tal van nieuwe accommodaties zoals buurthuizen en jongerencentra. Piet Vink heeft een belangrijke aanzet gegeven voor wat betreft de sport, recreatie en jeugd in Denhaag. Na zijn politieke loopbaan werd hij in 1986 uitgeroepen tot ereburger van Denhaag,..... en Terecht.
Vanaf 1977 tot en met 1991 heb ik zelf in het kluphuis gebeuren gezeten en zodoende regelmatig temaken gehad met Piet vink. Voor onze jongens heeft hij ooit een prachtig jongerencentra gerealiseerd, wat wij natuurlijk door hem zelf hebben laten openen, wat hij dan ook graag en met alle plezier deed, voor veel jongens in Denhaag was hij echt een soort vader figuur, Piet Vink had nu eenmaal een zwak voor de probleemjeugd in onze stad. Of ik nu in het kinderwerk, tienerwerk of jongvolwassen werk zat, overal kwam ik Piet Vink tegen.
Piet Vink was niet voor niets ereburger van Denhaag , een echte hagenees met een groen geel hart. In alle rangen en standen werd hij door de haagse jeugd op handen en voeten gedragen, en op z`n haags gezegd dan ook een echte Toffe Peer !!! In 2002 overleed de oud wethouder Piet Vink. Piet Vink ........ Een Vader voor de Haagse Jeugd !!
NAWOORD.
Nu heeft men het over bezuinigen, nou eind jaren `70 begin `80 werd er ook al bezuinigd, maar niet op het welzijnswerk, deze post had Denhaag juist nodig, want overal in de stad ging de criminaliteit en het vandalisme met sprongen omlaag. Dus al die jaren dat Piet Vink zich voor de haagse jeugd heeft ingezet en wat hij voor deze groep bewerkstellig hebt, wordt nu door de overheid in ččnkeer onderuit geschopt en is eigenlijk voor niets geweest, zo gaat de gemeente Denhaag met zijn burgers om. Want nu in 2010 wordt er gewoon overal op bezuinigd, men kijkt niet meer naar prioriteiten, hup bevriezen die handel. Waarom denk je dat er nu opnieuw weer zoveel criminaliteit en vandalisme op de straat is, omdat we weer terug bij af zijn. Buurthuizen en jongerencentra`s worden aan de lopende band gesloten. Welzijns organisatie Zebra heeft nu het beheer over deze buurthuizen en jongerencentra`s , maar in feiten word deze organisatie gebruikt door de overheid om het welzijnswerk in Denhaag aftebouwen, dus Zebra is een mooie naam hiervoor, streep voor streep afbouwen die handel, vandaar dat ik dan ook een dikke wasseneus voor deze organisatie over heeft. Voor de mensen met een dik salaris zal er de komende jaren weinig veranderen, maar voor de gewone man gaan de komende jaren flink duurder worden. In 2005 werd er de toeslag voor kinderopvang in het leven geroepen zodat meer moeders zouden gaan werken. Nu 2010 zullen steeds meer ouders moeten beslissen dat ččn van de twee werkende ouders voortaan thuis blijft, omdat de opvang inmiddels teduur is geworden. Dus gemeente Denhaag, criminaliteit, vandalisme........... Eigen schuld Dikke bult !!!!
Het is eind jaren `70 als de kinderen van kluphuis het Anker op een voorjaarsmiddag aan het spelen zijn in de tuin van dit kluphuis. Op een gegeven moment komen er twee kinderen het kantoortje binnen lopen om een paar botten telaten zien aan de leiding die zij gevonden hadden in de tuin tijdens het kuiltje graven. Aangezien de botten op mensenlijke botten leken gaat deze kluphuisleiding een kijkje nemen in de tuin waar deze gevonden waren. Daar aangekomen waren de andere kinderen al flink door gegaan op deze plek om doortegraven, zij hadden een kompleet skelet van een mens bloot gelegd. De kinderen moesten naar binnen en de politie werd gebeld. In het kluphuis ging men er van uit dat het hier om een moord ging waarna het lijk begraven is in deze tuin. Ook de politie agenten die daar kwamen kijken vonden dit zeer verdacht, zij besloten een stuk van de tuin aftezetten met rood,wit lint en schakelde vervolgens de moordbrigade in. Deze gingen aan de slag met een uitgebreid onderzoek.
NOORDER-KERKHOF.
Na een paar dagen kwam de recherche met het volgende verhaal. Het ging hier gelukkig niet om moord, maar heel vroeger , zo eind 1800 was er op de noordwal een kerkhof gevestigd, deze liep van de noordwal naar de bakkerstraat, waar ook de tuin van het kluphuis op uitkwam, er werd ook nog gewezen op het oude kerkhof muurtje wat nog steeds in deze tuin staat, en die onder monumentenzorg valt net zoals de oude kastanjeboom die daar nog steeds heel trots staat. De breedte van het kerkhof was vanaf het cafe minus verheyen, dat vroeger dienst deed als lijkenhuisje tot het oude pand aan de andere kant van het kluphuis, waarin de beheerder van dit kerkhof woonde. Ook dit pand bestaat nog steeds. Op een gegeven moment is men daar een schoolgebouwtje gaan bouwen, wat dan weer veel later het kluphuis werd. Het Noorder-kerkhof hete deze begraafplaats, het was een begraafplaats waar de aller armste begraven werden. Nu bleek dat dit kerkhof nooit geruimd was, vandaar de vondst in de tuin. De kluphuisleiding vond dit zeer luguber en deed een verzoek bij de gemeente denhaag om als nog de tuin van het anker teruimen aangezien hier regelmatig kinderen speelde, nou dan gaat het de ambtelijke molen in, en gaat het een tijdje duren voordat het kluphuis hier uitsluitsel over krijgt. Tot die tijd mochten de kinderen niet meer in deze tuin spelen.
HET SPOOKT IN HUIS
Nu had het kluphuis op de donderavond ook een kleiclubje voor volwassen dames, deze deelnemers waren echt van die geitenwollen sokken, en deze club werd gedraaid door een vrijwilliger die in de buurt woonde. Laten we deze vrijwilliger even Koos noemen, nou Koos vertelde deze dames natuurlijk over de vondst in de tuin, sommige vonden dit eng, maar andere weer lieten koos weten dat zij best zo.n hoofd van zo.n skelet wilde hebben voor thuis als decoratie. Ja en Koos zag overal handel in, dus die ging de dagen erop vrolijk aan het graven in de tuin, en haalde een aantal van deze skelet hoofden naar boven, compleet met gebit en sommige met nog wat vlassig haar. Deze doodskoppen verkocht hij aan deze dames voor 20 gulden perstuk. Totdat er op een avond een dame van de kleiclub zo.n hoofd mee terug nam, zij was echt van slag en Koos moest dit hoofd terug nemen, die 20 gulden mocht hij houden, als hij hem maar terug nam, wat was nu het geval, volgens deze vrouw, sinds zij dit hoofd bij haar thuis had neergezet gebeurde er s“ nachts de meest vreemde dingen bij haar in huis, lichten die aan en uit gingen, deuren die dicht gegooid werden en nog een aantal vreemde zaken. Nou Koos nam het hoofd terug, en verkocht het opnieuw voor 20 gulden. Toen ik dit hoorde heb ik die koos hier op aangesproken, dat dit geen manier van doen was, buiten dat het zeer luguber was ging het hier om mensen die ooit in onze buurt hadden geleefd, dus blijf daar met je fikken vanaf liet ik hem duidelijk weten, waarna Koos zijn aktiviteiten stopte.
OUDE DAME BIDT AAN HET HEK.
Eindelijk kreeg het kluphuis uitsluitsel van de gemeente, de tuin zou als nog geruimd worden en er zou tevens gelijk een speeltuin voor de kinderen gerealiseerd worden, zo kregen de kindertjes uit de buurt er een leuke speelplek bij. Ikzelf was werkzaam in dit kluphuis, dus ik was s`middags wel eens met deze kids samen in de tuin, en wat mij zo af en toe opviel is dat er buiten het hek van de speeltuin heel af en toe een stok oude dame stond tebidden bij dat hek. Ik heb haar hier nooit over aangesproken, alleen al niet uit respect , wat ik nu achteraf toch jammer vind, deze vrouw had ons waarschijnlijk meer kunnen vertellen over het......... NOORDER- KERKHOF .
Wie kan het zich nu niet herinneren, zomers met je moeder naar de drievliet, en dat deden wij dan per plezierboot. Wij stapte dan op de boot bij de eerste aanleg plaats bij het ophaal bruggetje ( zie foto ) aan de Zoutkeetsingel, dit was voor ons dan het dichst bij zijnde, en je had dan als eerste ook altijd een goed plaatsje, bij mooi warm weer kon je lekker aan dek zitten. Onderweg stapte er dan nog meer ouders met kinderen op.
Heerlijk door de haagse grachten richting trekvliet, en dan nog die hele trekvliet af, voor ons als kind was dit toch een soort cruise, haha, nee dan. Onderweg gingen er dan ook veel bruggen open, en dan onder die gesloten bruggen die harde scheepstoeter, ččn groot jongens avontuur joh.
En dan kwam je op een gegeven moment bij de drievliet aan. Nu is de drievliet een groot pretpark die met hun tijd meegaan, maar in onze tijd was dit wel even anders, een simpele speeltuin, met toch voor die tijd wel een aantal speciaal speel apperatuur. Je kon er ook wel een flesje limonade en een zakje patat kopen, en dat was het, als ik het mij goed kan herinneren, kon je er ook nog ezeltje rijden ?? Nou en verder lekker de hele dag spelen, hollen en vliegen. En dan S“Middags rond een uurtje of vier weer de hele reis terug met de boot , want daar ging het tenslotten om, prachtig !!
S“avonds thuis lekker de teil in, en dan in een schone pyama nog even achter het open raam met een snoepie, waarna je dan in bed gestopt werd, en je lekker kon terug dromen over een zeer geslaagde dag. Dit waren toch o.a. de krenten in de pap die een kind uit een warm nest mee kreeg !!! ......... Helemaal Geweldig !!!
Cafe De Beer was een zeer kleine kroeg gelegen aan de Noordwal tegenover de oude draaibrug. De eigenaar Minus Verheyen ( begin 1900 ) was ook buiten het kastelein zijn een uitstekend gewichtheffer, ooit deed hij mee aan de olympische spelen, die uiteindelijk gewonnen werd door de hagenees, Bram Charitč . In die tijd sprak men over mensen met een mysterieuze kracht, oermensen waren het.
Later zouden de zoons van Minus ook de krachtsport ingaan, natuurlijk gewichtheffen, veel later zouden zij de kroeg van hun vader overnemen, en pal naast het cafetje starte zij ook een sportschool.
Maar laten we het hebben over dat kleine kroegje. Het was net een klein museumpje, oud met antiek, oude schilderijtjes aan de muur, en geen muziek. Echt een praathuisje. Achter de bar het buffet met daar tussen twee klapdeuren die toegang gaven tot de huiskamer, waar hun toen oude moeder altijd zat, we zitten nu al een beetje in de jaren `60. En de kroeg was allang overgenomen door de broers Jan en Leo Verheyen, Jan woonde nog thuis en Leo stond achter de bar, Jan (ome jan ) loste dan Leo zo nu en dan af. Hun vader Minus was al een tijdje overleden, en toch wisten veel mensen niet dat deze kroeg De Beer heten. Het is altijd tot sluiten in de jaren `70 toe, het cafe Minus Verheyen in de volksmond gebleven. Het pandje waar deze kroeg inzat was een klein klokgevel pandje, op de foto, het kleine pandje met de gele bovenkant gelegen voor het hoge pand. Ooit was dit pandje het lijkenhuisje van het toen oude arme kerkhof, het noorderkerkhof dat daar toen gelegen was. Nu staat dit pandje op monumentenzorg. De naam van de kroeg `` De Beer `` staat nog steeds op het raam van de deur.
VERBODEN TEVLOEKEN EN VROUWEN ALLEEN WERDEN NIET GETAPT.
In de jaren `60 kwamen er veel leden van de haagse voetbalclub ``Texas`` en al kwam je er nu 100 jaar binnen of 10 dagen, men werd nooit bij de voornaam genoemd, het was altijd Meneer jansen, om maar iets tezeggen, zo hielden de eigenaars toch een bepaalde afstand tussen hun zelf en de client. Vloeken was er ook verboden, wat in de buurt natuurlijk gewoon was, maar bij Verheyen binnen....... no way. En mocht men dan toch wel eens een vloekje laten vallen dan was het gelijk van, heren, heren, let even op uw taal gebruik en dan deed men dit ook , ja lochish, want de gebroeders Verheyen waren zoals de naam van de kroeg, berensterk tenoemen. Maar de Verheyens waren zelf ook altijd correct en ook echte heren hoor, en toch Haags. De barman Leo Verheyen, deed mij altijd denken aan de volkszanger Johnny Hoes, buiten dat hij op hem leek, had hij ook de zelfde stem als hij sprak, en drinken deden de gebroeders Verheyen niet. Als het nu op een zaterdag gezellig was, en dan moest het echt beren gezellig zijn om maar in deze termen teblijven, dan gingen de klapdeuren achter de bar open en werd er achter in de huiskamer zachtjes een plaatje van johnny jordaan gedraaid.
Mocht er nu een vrouw alleen binnenkomen dan werd er netjes gevraagd, wat kan ik voor u doen dame, nou doe mij maar een glaasje wijn zij zo`n vrouw dan, ach mevrouwtje werd er dan gezegd, gaat u lekker thuis uw sokken stoppen.............. nee vrouwen alleen werden niet getapt, en als men dan vroeg van , Ome Jan waarom dan niet, dan zei hij, vrouwen alleen in de kroeg dat geeft altijd rottegeit. Ik heb het mee gemaakt dat Ome Jan zelfs zijn eigen nicht weigerde, waarop ik zei, maar Ome jan het is uw eigen nicht, waarop hij dan weer zei, al was het de koninggin.
Verheyen had ook een slijters vergunning, dat hield in dat hij ook sterke drank buiten de deur mocht verkopen. Ik moest er als klein jongetje wel eens een paar maatjes jenever halen voor mijn vader, deze kreeg je dan mee in een 7 up flesje. Deze kroeg is echt een stukje Haagse Nostalgie. Mijn vader kwam er ook wel, maarja waar kwam die niet, haha. Ook ik zelf ben er toen ik nog jong was heel even klant geweest, zo tot eind `70, want toen waren de heren Verheyen ook al een stukje ouder, en ook zij wilde nog van hun oude dag genieten, vandaar dat zij hun deuren sloten van deze toch wel..... Zeer Unieke Kroeg .
In dit verhaal wil ik het hebben over het Leger des Heils aan de Molenstraat. In het begin van de jaren `60 waren er een aantal kinderen bij mij in de straat die daar zo nu en dan weleens kwamen. Er was door het Leger een lampionen optocht georganiseerd voor kinderen , nou daar wilden mijn broertjes en ik ook wel aan meedoen, zodoende kwamen wij daar voor het eerst binnen, de halve buurt deed hier aan mee, dus het was lachen, gieren, brullen. Na afloop kregen de kinderen limonade en de mensen van het Leger des Heils maakten het de kinderen extra naar hun zin. Ook rond de kerst gingen wij daar nu heen. Meestal was dit op een vrijdagavond , er werden dan kerstliederen gezongen en een aantal mensen speelden hierbij op hun gitaar, er hing daar dan zo `n echte kerstsfeer , en alle mensen waren even lief, dan kreeg je het kerstverhaal en daarna een film onder het genot van warme chocolade melk. Na afloop kreeg ieder kind dan ook nog een presentje mee , waar je eerlijk gezegd eigenlijk voor ging. Maar achteraf best leuke herinneringen aan deze tijd.
VAN KROEGJE NAAR KROEGJE.
Later weer kwam je deze mensen dan tegen in de kroeg. Zoals Jan Boezeroem ook bezong in zijn lied `` De Heilsoldaat `` In het weekend gingen de Heilsoldaten alle kroegen af in de haagse binnenstad, daar kwamen zij dan hun krantje aanbieden ( De Strijdkreet ) en tegelijkertijd collecteren. Iedereen gooide dan wat geld in het collectebusje, en het krantje hoefde men meestal niet tehebben. Nu in deze tijd zie je dit helemaal niet meer, ik denk dat deze mensen zich nu s`avonds op straat niet meer veilig voelen , nu is men zelfs nog instaat om deze mensen teberoven van hun collectebusje. Jammer eigenlijk, want weer is er een stukje haagse nostalgie verdwenen. ....Wilt u nog een `` Strijdkreet `` Meneer ? ? ? ?
Ook uit het haagse straatbeeld verdwenen is..... `` de hoefsmid`` vroeger zat er ččn aan het kortenbos. Toen had je natuurlijk nog zat bedrijven die hun handel dreven met paard en wagen. Denk aan van der Lans met zijn trouwkoetsjes aan de noordwal, waar wel meer paard en wagen bedrijven zaten, z.a. de aardappelhandel eigenhulp, en dan de z.h.b. met hun grote belse knollen, met prachtig koper tuig, en de schillenboeren die allemaal met een pony voor hun karretje reden.Al deze paarden werden beslagen bij de hoefsmid aan het kortenbos.
De hoefsmid uit het kortenbos was een grote grijze en door de zon gebrande kerel, die zijn spierballen niet aan een sportschool tedanken had, maar door keihard tewerken. Hij ging de paarden die hij moest beslaan zelf halen op de fiets, hij op de fiets en dan zo.n grote knol naast hem. Prachtig om tezien vond ik dit altijd. De buurt lag dan ook altijd vol met van die grote paarden vijgen, waar dan de mussen zich weer tegoed aan deden. En na school liep ik dan altijd bij die hoefsmid langs, waar ik dan vaak heel lang bleef kijken. Het rook er altijd heerlijk, en dan zag je die smid kleunen met een hamer op het ijzer in het bloedhete vuur, en dan zo.n ijzer roodgloeiend op de voetzool van zo.n paard waar dan veel rook afkwam, dat dan weer een zeer apparte geur gaf, en dan de nagels er in slaan, prachtig, ja ik wist toen wel wat ik later wilde worden...........
Maar de tijden veranderen, nu hebben de mensen paarden voor hun hobby en plezier. Zo zijn er nog wel een paar prive stallen in de buurt, z.a. die van, toon spek, jaap verdonk en rooie ruud, paarden mensen in hart en nieren, zij zijn het die letterlijk zijn opgegroeid tussen de paarden, en die deze traditie dan ook voort zullen zetten, tot hun laatste snik. Volgens hun is paarden een verslaving. Zij zijn het die deze nostalgie nog een beetje levend houden. Deze paarden mensen hebben dan ook meestal een eigen hoefsmid die mobiel aan stal komt. Zelf heb ik familie uit de woonwagen van mijn vaders kant, zij hadden vroeger een woonwagen met een paard er voor, zo.n echte pipo de clown wagen, en onderweg op de reis lieten zij hun paarden beslaan in de dorpen die zij tegen kwamen, z.a . hieronder beschreven. Voor veel mensen verdween dan ook op een gegeven moment de hoefsmid uit het haagse straatbeeld.
Voor mij verdween de hoefsmid pas veel later, Twee keer perjaar gingen wij met clubhuis het anker op kamp in stroe (gelderland) Als kind zijnde ging ik al mee, en later als tiener, jongvolwassen en later weer als leider. In het dorp zat nog zo.n ouderwetse hoefsmid, waar de boeren uit de buurt hun paarden lieten beslaan. Ook bij deze hoefsmid was ik regelmatig tevinden tijdens deze kampen. Zodat ik als leider toen, de haagse bleekneusjes toch kennis kon laten maken met de hoefsmid, waarna ik dan later hun het verhaal vertelde van de hoefsmid uit hun buurt (kortenbos) , en van de velen bedrijven met paard en wagen die daar toen gevestigd waren. Zo kregen zij toch nog een beetje geschiedenis mee, over ........... De hoefsmid.
Ook een oud haags Cafč is, De Asplaag, aan het Kon.Emmaplein. Ečn van de stamgasten toen was, wijlen, ome Aad van der Ende.......... Ja inderdaad, de vader van de bekende haagse scheidsrechter. Ome Aad, dronk altijd witte wijn, onder het genot van een sigaar, zo`n echte bolknakker. Het enige nadeel van zijn sigaar was dan ook, als hij er ččn opstak. Hij nam er altijd een flinke haal aan, en als hij de rook dan uitblies, dan gooide hij een compleet rookgordijn over de bar heen, waar nu niet echt iedereen even blij mee was. Maar ome aad was best eigenwijs tenoemen, dus als iemand hier iets van zei, dan trok hij zich daar weinig of niets van aan.
Op een middag zit ik er aan de bar, en ome aad iets verder in zijn hoekje bij het raam, als de stamgast gally binnen komt lopen, gally neemt plaats tussen mij en ome aad in. Nu waren gally en ome aad niet echt vrienden van elkaar, dus ik dacht al van.....ojee. En ja hoor,ome aad steekt zijn bekende sigaar op om vervolgens een rookgordijn over de bar neerteleggen, waarop gally ome aad aankijkt en zegt.......... Ken je die rotzooi niet een anderekant uit blazen........... waarom ? vraagt ome aad dan,.....waarom zegt gally, ik ben longpatient, dus ik wordt hier niet zo vrolijk van, en dan, zegt gally,...... je kunt toch ook iets rustiger aan die drol trekken. Joh sodemieter op zegt ome aad,..... dan moet je niet in de kroeg komen. Nu kwam er ook een beetje rook uit de oren van gally. Als vijf minuten later ome aad zijn sigaar op een asbakje tussen hem en gally neerlegt, hoor ik plotseling......Psssssssssssssssstt, ik draai mij om en ziet dat gally een beetje bier uit zijn flesje over die sigaar heen gooit, zodat ik vreselijk in de lach schiet . Nou de sigaar was overleden, na een paar vloeken van ome aad richting gally, pakte deze zijn glas wijn ,en ging toch maar aan de andere kant van de bar zitten, dit ter opluchting van gally. Haha, dit zijn toch leuke gebeurtenissen, in zo`n oud bruin Cafč . ........ Het hoort er allemaal bij.
Ken je hem nog, de lorreboer of ook wel voddeman genoemd. Zij liepen dan naast hun bakfiets door de straten, en riepen dan constant zo hard als ze konden...... LORRUUUUH,....... WIE HEEFT ER OUWE ROMMEL !!!!!!!! Bij ons in de buurt liep er ččn , en die riep altijd achter elkaar , MIENHEBDEROMMEL, zodat het leek op , wie hebt er rommel, ja dat was er ččn met humor, ome Daan hete hij. En dan werden zij regelmatig geroepen door een bewoner uit zo`n straat, die dan wel het ččn en ander had, niets gooide men toen weg, zelfs de aardappelschillen werden ook aan huis opgehaald, door de schillenboer.
De lorreboer nam echt alles mee, wat ook maar iets waard was, van lorre,lompen tot alle soorten metalen. Als zo`n lorreboer zijn bakfiets dan aan de vracht was, dan werdt de opgehaalde handel meestal bij zijn eigen thuis voor de deur uitgezocht, de metalen die dan nog niet hoog genoeg stonden, werden dan appart gelegd, totdat zij wel hoog stonden, ook de kleding werd uitgezocht, de goeie kleding werdt appart verkocht, meestal aan de buren van zo`n lorreboer. De rest werdt aan het eind van de dag verkocht aan het lompen en metaal bedrijf.
Deze lorreboeren gingen s`morgens al heel vroeg op pad, vaak al om vijf uur, eerst gingen zij kijken of ze geen handel langs de weg konden vinden, rond de asbakkenplaatsen, sleuren noemde ze dat. En dan s`morgens rond een uur of negen , tien, dan gingen zij hun wijk in. Sommige van hun kwamen dan ook best aan de kost, en het was avontuurlijk, je wist immers nooit wat je tegen kwam. Iedere dag was anders. Ook zij hoorde toen zeer zeker tot het haagse straatbeeld............... De Lorreboer !!!!!!!!!!!!!!!
Denhaag telde toen tientallen amateur voetbal verenigingen, ESDO Was er ook zo ččn. ESDO werd in 1915 opgericht door de gebroeders Frans en Jacobus Bandsma. Door eerst met hun clubje op verschillende lokatie `s tehebben gezeten, kwamen zij in 1930 terecht op het Landgoed van Baronesse Van Brienen aan de Waalsdorperlaan.
Op verschillende internet site`s wordt uitgebreid over de geschiedenis van ESDO gesproken, vandaar dat ik dan ook een sprong wil maken naar het begin van de jaren `80, waar eigenlijk nog nooit iets over geschreven is. Van 1982 tot 1986 had ESDO inwoning van de voetbal vereniging WIT/BLAUW. De jeugd van deze verenigingen kwamen toen uit onder de naam ESDO-WIT/BLAUW ,en de senioren kwamen onder hun eigen naam uit. Een voorgestelde Fusie in 1983 met WIT/BLAUW ging niet door, dit omdat de ESDO leden tegen stemden.
KAMPIOEN !!!!!
Ik kan mij het seizoen 1983-1984 nog heel goed herinneren, zowel het eerste elftal als het pupillen elftal werden toen kampioen. In dat jaar had ESDO een geweldige selectie, RobbieVrolijk en Johnny Vroomans een super koppel, Robbie Boutier een super snelle voorstopper, Albert Dussen ( De Latere trainer van Hollandia) michael Lier, Bobby de Zeeuw, om er maar een paar tenoemen.
En dan de mensen die altijd voor ESDO klaar hebben gestaan, wat echte verenigings mensen waren, Tante Riet en Ome Piet Gordeau, Benny van Beek, ja eigenlijk teveel om op tenoemen. Ome Piet is gestopt met voetbal toen hij 74 jaar oud was,hahaha........ ja ongelooflijk, en toen was hij ook nog steeds straatmaker, dit waren mensen van de oude garde, die je in deze tijd niet zo makkelijk meer tegen komt.
In 1995 werdt ook ESDO tot een fusie gedwongen, samen met G.S.C. En moesten zij het vertrouwde ESDO Veld aan de Waalsdorperlaan verlaten, na 80 Jaar ESDO historie.
Al een aantal keren is deze kroeg terspraak gekomen op ``oud haags``, nu dan een verhaal over ččn van de oudste kroegen van denhaag, die al zo`n honderdjaar van vader op zoon gaat. De Centrumbar, beter bekend als Willem v/d Gaag aan de kettingstraat naast het stokoude Achterom. De gebeurtenissen in dit verhaal spelen zich allemaal af in de jaren `70 en `80. Willem v/d Gaag een oud bruin cafč, een echte pijpela met een behoorlijk grote en gezellige bar erin.
ER KWAM ECHT VAN ALLES,
Om Twaalf uur in de middag opende Willem dan zijn deuren, en gelijk liep het dan al vol, en dit ging dan door tot sluit, om ččn uur s `nachts (wat ook wel eens later werd) Het klanten bestand was erg breed tenoemen, er kwam echt van alles, Bouwvakkers, mensen uit de eerste en tweede kamer, die tussen de middag een borreltje deden. bikkers, meisjes van lichte zeden, mensen uit de horeca, homofielen, inbrekers, gemeenteraadsleden, BNNers zoals, Piet Bambergen, Koot en de Bie, de vader van Mini (mini en maxi) en nog wel een paar meer. En op de zaterdag middag kwamen daar altijd een aantal journalisten van de haagsche courant waaronder ook de bekende sportjournalist, Frans Hoekstra. En deze groep klanten wilde ik het in dit verhaal over hebben.
Het is haast wel zeker dat al deze mensen graag bij willem kwamen, vanwegen het persoontje Willem, zeker voor zijn komisch haags en zijn humor die altijd gepaard ging met mooie verhalen, verhalen die niet altijd waar waren, maar de mensen hingen aan zijn lip. Ook liep Willem de hele dag met een theedoek in zijn hand tepoetsen, kraakhelder was deze man, je kon er werkelijk van de grond eten. Maar ook wel van wat ze wel eens zeggen, het heerlijkste biertje van de stad, wat waarschijnlijk temaken had met een hele korte bierleiding, waardoor het bier vanuit het vat, rechtstreeks in het glas kwam.
VIEZE WILLEM,
Zoals eerder gezegd, de journalisten van de haagsche courant die daar dan zaterdags kwamen haalde altijd wel rottigheid met Willem uit. Zo plaatste een keer ččn van hun een artikel in de courant, met als kop ``Vieze Willem`` dit artikel ging er over dat willem eens iets schoner op zijn zaak zou moeten zijn. Als Willem dan om vier uur s`middags afgelost werd door zijn barkeeper martin en hij ging dan om vijf uur naar boven om tečten, dan moest hij altijd na het eten de haagsche courant lezen, en dat wisten die journalisten, vandaar dit artikel. Toen Willem dit artikel onder ogen kreeg, ..... toen ontplofte hij......... op hoge poten kwam hij naar beneden, en hij kon dan van die grote komische ogen opzetten, hij schold die journalist helemaal verrot, toen deze s“maandags pas een tegenartikel had geplaatst in de courant, ja, toen kon Willem er ook smakelijk om lachen, die dan ook nog eens het verhaal extra aandikte.
DAMMEN ,
Dammen was Willem enorm goed in, nooit had er ook maar ččn klant van hem gewonnen, toch wilde hij nog wel eens uitgedaagd worden, maar dat was onbegonnenwerk want Willem sloeg je finaal van het bord af. Ook onze journalisten probeerde het wel eens, maar, no way. Op een zaterdag middag zitten deze journalisten aan de tap als er ččn van hun zegt, willem, deze man hier, is een nieuw collega van ons, en hij schijnt goed in dammen tezijn. Ja nou effe niet, zegt Willem, je ziet hoe druk ik het hebt, ach joh Willem, bleven die gasten aanhouden, als jij nou een keer met hem gaat dammen , dan zijn wij van dat geouwehoer van hem af, met dat niemand kan van mij winnen. En dat laatste raakte een gevoelige plek bij Willem, Willem keek die man eens aan en zei, nou eentje dan, hahaha, die melkmuil sla ik in twee tellen van het bord, lachte Willem. Willem mocht beginnen, na een paar beurten maakt de tegen stander van Willem , tik,tik,tik, en nog eens tik,tik,tik, en Willem was zwaar verliezer, Willem keek die man met zijn bekende ogen aan, en zei, dit kan niet, dit is onmogelijk, hahaha, wat bleek nu achteraf , die zogenaamde collega van die journalisten bleek de wereldkampioen Harm Wiersma tezijn, die zij speciaal voor deze gelegenheid hadden meegenomen, en waar Harm de humor wel van inzag. Jaren lang is hier nog om gelachen.
PIET JUDO,
Willem was een grote vent, die best ook wel sterk was, maar waar verder geen kwaad inzat, hij kon nog geen muis kwaad doen, daar was hij zelfs bang voor. Maar in zijn verhalen was hij altijd hercules, dan was het b.v. ..... die gaf ik een klap..... dat tie gelijk twee straten verder lag, en dat deed hij dan ook voor, zodat een ieder weer dubbel lag van het lachen. Het was een groot lief kind. Al weken lang liepen de journalisten na zo`n verhaal van, Willem kijk nou uit, want vandaag of morgen nemen wij piet judo mee. Piet judo zei Willem dan, nou die ken ik niet, nee zeiden die journalisten dan, Harm Wiersma kon je ook niet. en dan moest Willem weer lachen, totdat deze journalisten op een keer binnen kwamen met een heel klein manneke bijzich, is dat de persoon, zei dit mannetje naar Willem wijzend, ja zeiden zij, dat is hem. Het mannetje trok zijn jasje uit, en liep richting opening bar, Willem werd hier een beetje zenuwachtig van, want hij dacht, dat moet natuurlijk die piet judo zijn, heeft u even zegt het mannetje tegen Willem, dus Willem dacht, nou ik maak gewoon een geintje met dat ventje, zo zegt Willem, dus jij bent piet judo, en Willem geeft dat mannetje een duwtje, waar door dat mannetje achterover slaat over een tafeltje heen en dan tussen een bank terecht komt, waarop dat mannetje opstaat zijn jasje aantrekt en tegen de journalisten zegt, mijne heren, deze man is mij testerk, en weg was hij. Wat bleek nu weer achteraf, die journalisten hadden dit mannetje voor vijf gulden meegenomen van uit de stad, waar zij die middag natuurlijk met zijn allen om hebben liggen gillen, en ook hierover is nog jarenlang nagelachen. Zo hadden deze journalisten dan iedere zaterdagmiddag wel iets.
Een kroeg vol humor, niet alleen de journalisten maar ook wel andere klanten die dit soort rottigheid met Willem uithaalde, ze hebben hem zelfs een keer de voetbaltoto laten winnen waar achteraf ook niets van waar was. Dit alles kwam natuurlijk omdat Willem zelf vreselijk veel humor had, want als er iets dergelijks gebeurd was, dan kon Willem hier weer weken lang over vertellen, en iederedag was het verhaal anders. Martin de barkeeper heeft daar 32 jaar achter de bar gestaan, maar toch kwam men voor Willem, en voor zijn vrouw Stien, die iedere avond rond tien uur naar beneden kwam, en dan weer klanten had die voor haar kwamen. Stien was een echte platte haagse , die afkomstig was uit een echte volksbuurt. Een prachtig stel samen. Ik weet zeker dat er heel veel hagenezen zijn die zo hun mooie herinneringen hebben aan het cafe ``Willem v/d gaag``.......... Ik in iedergeval wel............ GEWELDIG !!!!!!!!!
Willem Vink was bijna twee meter lang, en zo sterk als een beer. Vinkie ( zo als hij genoemd werdt ) leefde zijn leven, drank, drug en rock and roll , een ouderwetse hagenees. Vinkie heeft zo`n beetje alles in zijn leven gedaan, teveel om op tenoemen, alleen over hem zou je al een boek kunnen schrijven. Zo was hij ook nog een tijdje portier in de discotheek Sandokan en in het Paard van Troje. Vinkie kon heel hard zijn als het moest, maar de mensen die hem echt kende wisten ook dat hij een heel klein hartje had. Mijn gabber en ik hadden hem al lang niet meer gezien, totdat wij van een kennis hoorde dat hij in het ziekenhuis lag, en dat het erg slecht met hem ging. Deze kennis liet ons ook weten dat hij naar ons gevraagd had.
Wij zijn toen bij hem op bezoek gegaan, hij zag er erg slecht uit, we haalden nog wat oude verhalen op, waarbij ook nog gelachen werdt, en vinkie weer dat oude vuur in zijn ogen kreeg. Die oude gasten van vroeger wilde hij niet zien, ook wilde hij ze niet op bezoek hebben (op een paar na dan) Die gasten zijn druk en laten nog wel eens een vloekje vallen, zei hij, en dat kan ik hier niet hebben. En wij dan willem, vroegen wij weer, jullie zijn anders, luister jan, ging hij verder, die mensen die hier liggen, die liggen dood tegaan, en jullie kunnen je gewoon in iedere situatie aanpassen............... drink jij nog vroeg hij aan mij,...... ja je weet het he , m.n flesje bier......kijk je uit zei hij, ....want hier ligt het voorbeeld.
En nu Vink, vroeg mijn gabber, ach gewoon he, zei hij letterlijk..... wachten tot ik kapot ga. Ik gaf het gesprek nu een andere wending en zei, komop Vink , over twee dagen komen wij gewoon weer op bezoek hoor, maar aan het eind van het bezoek gaf hij ons een hand en zei........ Nou gabbers, dat was het dan. Tot donderdag Vink zeiden wij.
Toen wij donderdags weer op bezoek gingen , kwam zijn zusje ons huilend in de gang tegemoet. Zij liet ons weten dat hij sliep, hij had de hele nacht wakker gelegen, en was de hele nacht ook erg benauwd geweest. Laat hem maar slapen zei ik, wij komen later wel terug. Een paar uur daarna overleed hij.
Toen mijn gabber en ik naar zijn begravenis gingen zeiden wij tegen elkaar, nou dat kon wel eens behoorlijk druk worden. Maar toen wij eenmaal aan zijn graf stonden was er hooguit een handje vol mensen aanwezig. Ik was teleurgesteld en tegelijkertijd ook kwaad. Toen ččn van die gasten mij aankeek vroeg ik, nou waar zijn ze nou. Wie, vroeg hij. Wie zei ik, al die zogenaamde vrienden van hem, die hij altijd in bescherming nam en voor wie hij altijd heeft liggen knokken.
Als je denkt dat je in een soort gelijk milleu vrienden hebt,...... dan heb je ze net niet. Er zijn ook weinig mensen die het nog weleens over vinkie hebben, ja je weet het he, uit het oog, uit het hart, de wet van de straat. Jammer dat zo`n goeie gozer als Vinkie ( want dat was hij ) zijn laatste gevecht niet heeft kunnen winnen. Maar voor mij was hij een kampioen !!!!!!!!!
Ook dit mag niet meer in ``Neder``Land, neder tussen aanhalingstekens, omdat het woord neder centraal staat voor, buigen of knielen. Dit is ook wat de overheid wil in deze politiestaat . Dus ook met de oudjaarsviering zijn er nieuwe wetten. Vuurwerk afsteken alleen op oudjaarsdag zelf, vanaf een bepaalde tijd, en een vreugde vuur is helemaal van de baan. Tuurlijk was op een gegeven moment deze vreugde vuren uit de hand aan het lopen, maar samen met je kinderen een paar kerstbomen voor de deur verbranden................... Kom Op Zeg, ...zou toch mogelijk moeten zijn.
KERSTBOMEN JACHT,
Nou dat was in de jaren `70 nog wel even anders, toen was er nog een kerstbomenjacht, en iedere buurt had zijn eigen groep, buurten zoals de Zusterstraat, de Magneet, Moerwijk en de Zorgvlietstraat daar kon je als vreemde jongeren groep beter niet komen........... alleen op eigen risico. In dit verhaal wil ik het dan ook hebben over de toen zeer beruchte Zorgvlietstraat.
DE ZORVLIETSTRAAT,
In de Zorgvlietstraat stond toen in die jaren `70 alleen het kleine flatgebouwtje met drie etage`s, met op de begaandegrond bedrijfspandjes. Tegen over deze flat had je de Supermarkt van de Konmar, met de ingang van deze Supermarkt en een grote parkeerplaats. Later is de ingang van deze Supermarkt verhuisd naar de Elandstraat. Iets dat de oude bewoners van de Zorgvlietstraat nog steeds jammer vinden, maar ook daar wordt niet naar gevraagd.
De bewoners van de Zorgvlietstraat TOEN, was, One Big Family !! Zij kwamen met z`n allen uit het oude Kortenbos, dus iedereen kon iedereen. Toen de kids uit deze straat nog klein waren, vonden andere mensen uit de buurt deze jeugd zeer baldadig, maar toen zij eenmaal gingen tieneren en later weer, jongvolwassen werden, begon deze baldadigheid heel andere normen aan tenemen, zij maakte deze straat van berucht tot zeer berucht.
Rond de kersttijd lagen de fietsenkelders in deze straat bomvol met oudhout en autobanden, de kerstbomen lagen op het dak van de flat, en er was toen geen bewoner die de politie hier over tipte, men was naar de buitenwereld toe zeer gesloten, tot de wijkagent toe wist van niets. en iederjaar weer veranderde deze flat dan langzaam in een soort vesting.
Dan was het de oudjaarsdag, de heledag door vuurwerk in de straat, en zo rond de klok van vijf werden de straatlantaarns in de straat, en de buitenverlichting van de flat onklaar gemaakt, geen bewoner die zijn of haar auto op deze avond in de straat liet staan, en om acht uur al werd er begonnen met stapelen, alles op een bepaalde plek tegen een hek van de Konmar. Het toneel van deze straat was leguber tenoemen, ččn lange donkere straat met heel veel jeugd die hard aan het werk waren, in de huizen werdt oud en nieuw gevierd, en overal vanuit de huizen klonk muziek, herrie en feest, en af en toe ging er eens een vader kijken op de gallerij om vervolgens binnen temelden van...... het gaat goed. En dan............24.00 UUR........... de fik er in, altijd een onmens groot vuur, mensen die tegenover dit vuur woonde begonnen dan met het nat spuiten van hun ramen, daar werd verder niet moeilijk over gedaan. En dan om een uur of twee begonnen meestal de rellen, en bij sommige ging natuurlijk ook de drank een rol spelen, al was dit bij de meeste toch niet het geval. Zo moest een keer de Supermarkt eraan geloven, de hekken voor de ramen van de koffieshop werden gesloopt en de ramen gingen er uit, vervolgens ging de jeugd deze supermarkt in en sloegen aan het plunderen, waarbij de sigarettenshop en de fotoshop het zwaar moesten ontgelden. En dan was het op een gegeven moment rennen en wegwezen voor de Mobiele Eenheid, de jeugd ging dan massaal de gallerij`s op om vanaf daar stenen tegooien naar de ME, die zich dan meestal tijdelijk terugtrok, daarna bleef het dan altijd zeer rumoerig in de straat, waarna de ME over ging tot een charge, ook deze kwamen dan de gallerij`s op om deze schoon tevegen, iedereen vloog dan bij iedereen naar binnen, de buitendeuren gingen pas dicht als er geen bekende meer op de gallerij stond. En dan na een half uur reed er een ME bus door de straat die dan door hun mechafoons de bewoners een gelukkig nieuwjaar wenste, deze bus werdt dan vervolgens op nieuw van af de gallerij`s met stenen bekogeld waarna deze bus dan plankgas weer de straat uitreed, en het liet voor wat het was. Zij bleven wel in de buurt paraat, maar meestal keerde de rust dan snel terug. Iederjaar haalde de Zorgvlietstraat wel het acht uur journaal op Nieuwjaarsdag.
Zo was er iederjaar wel een reden om een rel teverzinnen, teveel om allemaal in ččn verhaal temelden, en of je nu in die tijd een ččnling of een tweeling was, hahaha (stille hint) iederjaar was er feest, branden en rellen.
Eind `70 en begin jaren `80 zat iedereen op de zondag avond aan de buis gekluisterd voor Koot en de Bie, zeker toen zij kwamen met de oer haagse typetjes `` Jacobse en van Es``. Twee Haagse beunhazuh, die zwart in allerlei soorten zaken zaten, en daar naast genoten van hun uitkering, zoals de meeste hagenezuh toen. De jaren `70 en `80 waren dan ook voor veel hagenezuh, de Gouden eeuw, alles kon, en een ieder had genoeg. Jacobse en van Es waren niet alleen populair bij de hagenees,..... NIKS..... heel nederland zat op de zondag bij de t.v. wat veel temaken had met het plattehaags van deze twee.
V/D GAAG,
Om het plattehaags weer een beetje optehalen bezochten Koot en Bie regelmatig het bruine haagse cafe, Willem v/d Gaag aan de kettingstraat (centrum) Daar werd het haags nog dagelijks gesproken, en zeker door de kastelein Willem, de mooiste kastelein die DenHaag ooit rijk geweest is. Binnenkort een verhaal op ``lekkah haags`` over deze haagse kroeg, waar de humor hoog boven in het vaandel stond.
DE TEGENPARTIJ,
Ook hadden Jacobse en van Es hun eigen`` politieke televisie partij`` deze gaven zij in de Jacobse en van Es serie`s de naam ``De Tegenpartij`` Hun vaste leus was dan ook,..... ``Geen Gezeik Iedereen Rijk`` Dit alles kwam allemaal zo echt over, dat sommige mensen er dan ook echt in gingen geloven, stel dat dit serieus een partij had geweest, dan hadden zij nog enorm veel stemmen gehad .
TEDJE VAN ES, MOL,
Door dat De Tegenpartij zo populair begon teworden besloten zij testoppen met de typetjes, Jacobse en van Es. Dit deden zij in hun laatse televisie uitzending. In deze laatste uitzending zag je hoe zij in een chevrolet camaro naar het binnenhof reden om vervolgens het binnenhof tebezetten. Op de televisie zag je hun camaro op het binnenhof staan met de deuren nog open, en zij schenen ergens binnen in het gebouw tezitten. Ook hoorde je het, over vliegen van helicopters. en het afgaan van een machine geweer, waarna tedje van es op een brancard door de gg en gd op een gegeven moment afgevoerd werd, over zijn hoofd een laken, je herkende hem aan zijn laarzen die onder het laken uitstaken, het kwam allemaal heel realistich over, Veel mensen gingen die avond dan ook richting binnenhof om hun steun tebetuigen, zij geloofde werkelijk dat dit gaande was. Maar zo kwam er een eind aan de heren Jacobse en van Es.
Koot en Bie, zeer zeker twee giganten, mensen die hun tijd ver en ver vooruit waren, tientallen typetjes beelden zij uit. Deze typetjes waren allemaal een mix van humor en waarheid, heel knap ! Nu zelfs nog in 2009 kunnen deze afleveringen van toen, nog steeds zeer realistich genoemd worden. Alleen het uitzenden er van zou iets moeilijker gaan, ik denk dat zij nu in deze tijd, rechtzaak na rechtzaak aan hun broek zouden hebben, of dat het zelfs verboden zou worden door hogere hand. Toen kon er nog vrije televisie gemaakt worden, iets dat nu absoluut niet meer kan......... godver de godver...... kreigu zu nah helemaal du vinkutering !!!!
DVD,
Maar gelukkig is er wel een DVD in de handel " Samen Voor Ons Eigen " met alle afleveringen van Jacobse en van Es. Een DVD die bij de echte Hagenees niet mag ontbreken.
De Koffietent is echt helemaal haags, geen stad in Nederland waar deze staan, alleen in Denhaag. Vandaar dat een stuk als deze ook niet mag ontbreken op deze site, mischien geen leuk of spannend verhaal, maar wel een echt Haags verhaal.
De koffietent is eigenlijk een klein vierkant hok van meestal vier bij vijf meter groot. Deze tentjes vind je door de hele stad op straten, grachten en pleinen. Binnen is het er erg klein, meestal links en rechts een soort lange plank die als tafels dienst doen, en dan aan beiden kanten van de ramen een lange bank waar men kan zitten, met aan de andere kant van deze planken meestal kleine krukjes. de koffiebaas heeft meestal een heel klein hoekje voor zichzelf, en de kratjes met frisdranken staan meestal buiten ergens tegen het tentje aan. Om zes uur s`morgens al gaan de meeste koffietenten open, en sommige al om vijf uur, tot meestal s`middags een uur of twee.
Ečn van de bekenste haagse koffietenten is wel, koffiehuis louis aan het statenplein, deze is al een wat grotere koffietent dan de gemiddelde. Eigenlijk is de koffietent een schaftkeet voor werkmensen, allerlei soorten mensen komen er, van vertegenwoordigers , bouwvakkers, tot de beroepschauffeur. Het enige dat je er aan eten kunt krijgen is meestal een balletje gehakt of een bakkie soep. Vandaar dat deze werkmensen dan ook meestal zelf hun pakkie brood van moeder de vrouw bij zich hebben, die zij daar dan opeten met een bak koffie of een bakkie soep.
Al heel vroeg zitten deze tentjes tjokvol, en dit gaat dan meestal door tot na de lunch. En als je toevallig in het midden zit van zo`n bank en je wilt weggaan dan is het wringen, je buurman kan meestal niet voor je opstaan, anders kom je er echt niet uit, dus is het meestal half zittend en lopend over de voeten van andere mensen richting uitgang. Met het nodige commentaar. De koffietentbaas heeft eigenlijk een kleine huiskamer met veel visite.
En dan de verhalen he. S`maandags s`morgens gaat het altijd over het voetbal en over de lotto, en de rest van de week komische verhalen van op het werk , of over bepaalde stukjes die in de courant staan, verder natuurlijk over politiek, vrouwen, sex, en dan op de vrijdag weer over het komende weekend zoals b.v. de camping en het stappen. De koffietent is dan eigenlijk ook een echte mannen wereld, zelden of nooit komt daar een vrouw. De enige koffietentjes waar vrouwen weleens komen zijn de tentjes die zomers twee of drie tafeltjes voor hun deur hebben staan als terras, waar dan wel eens een vrouw een bakkie wil doen. Komt er dan toch een vrouw in zo`n koffietent, dan zijn de opmerkingen meestal niet van de lucht. Ook dit is dan weer echt haags. Dus als hagenees zijn wij trots,............ op onze koffietenten !!!!!!!!
Laten we deze haagse opperman even voor het gemak, Gajes noemen, dit om dat dit heel veel op zijn eigen naam lijkt. Gajes was nog jong en leerling straatmaker bij een bekende haagse stratenmakersbaas. Dus ook hij begon als oppermannetje. Een opperman is de hulp van de straatmaker, deze zorgt ervoor dat er stenen en zand bij de straatmaker ligt, en een goeie opperman is dan ook de rechterhand van de straatmaker. Gajes had altijd een radio bij zich op het werk, dat was gezellig, en er kon dan ook wel eens een deuntje meegezongen worden.
Het kwam ook regelmatig voor dat zijn straatmaker begon tekankeren , of het ook een paar tandjes zachter kon, die plurres herrie. Bij warm weer kwam het ook wel eens voor dat er dan tussen de middag inplaats van een boterham, een koud flesje bier gedronken werd, zo ook op deze middag, het was warm, en de koude biertjes van de melkboer gleden er als koekjes in, wat ook later op de middag bij Gajes zou blijken. Gajes en zijn straatmaker hadden vandaag alleen maar een kleine reparatieklus dus een makkelijk dagje. Dit waren dan ook de klusjes dat hij het het beste kon leren, Gajes was druk bezig het zand teverspreiden en hij mocht dan ook het kleine stukje straat zelf dicht straten. De klus was geklaard, en de straatmaker was dik tevreden. Zo Gajes zei deze, hebben we lekker een vroegertje. Toen zij naar de auto wilde lopen om naar huis tegaan zei Gajes, wacht even m`n radio. Er was geen radio tebekennen, tot dat de sraatmaker zei, het lijkt wel of er muziek uit de grond komt, hahaha,..... wat bleek nu, Gajes had zijn radio ingestraat,...... en nu ?? vroeg Gajes............ nah lekker zo laten, zei zijn straatmaker, ik vind het best, en de batterijen gaan van zelf leeg. Dus werd de klus zo gelaten, en had men voor ččn dag een muzikaal straatwerk in de straat. Dit is lang geleden, maar nog steeds wordt er in de straatmakers branche over gesproken en gelachen.
In het begin van de jaren `70 kreeg denhaag temaken met haar bioscoop branden. De ččn na de andere bioscoop ging in vlammen op. Om er een paar tenoemen, City, Corso, Passage, en de Rex. Allemaal gingen zij in vlammen op. Het leek wel een soort van, in de brand , uit de brand spelletje. Het ging slecht met de haagse theaters, de video recorder zat er aan tekomen , en zou nu ook voor de gewone man tebereiken zijn, wat de doodsteek voor de bioscopen betekende. Met deze video recorders begonnen de mensen al meer thuis teblijven, filmpje huren bij de videotheek, ook deze schoten op een gegeven moment als paddestoelen uit de grond .
Ik zelf was in die tijd werkzaam in de bioscoop Rex, als portier. Jammer dat deze theaters verdwenen, met het oude Polygoon-journaal en de bekende stem van Phllip Bloemendal. Lekker op de donderdag avond of op de zondag middag een bioscoopje pakken, en dan daarna lekker een biertje in de stad halen. Toen hadden de mannen nog bioscoopbroeken, hahaha, ( een bioscoopbroek was een broek waar geen zakken in zaten) was dan makkelijk als je met je meisje naar de bios ging, haha. Ik zelf heeft er nooit ččn gehad, maar dit hoorde ik wel eens van die oudere kerels in de kroeg , en ik zag dit dan al helemaal voor me.... ja lachen toch. Maar normaal gesproken was de bioscoop toen nog een avondje uit, al moet ik wel zeggen dat pathč ( de oude cineac ) op het buitenhof er nu wel werk van maakt. Zij hebben nu een Grand-Cafe in het theater gerealiseerd, en dat gaat dan wel weer richting een avondje uit, ziet er heel gezellig en sfeervol uit, dus wie weet ? Kunnen we de oude bioscooptijden nog eens herbeleven !!!!
In de 18e eeuw, was het stadje lourdes onaanzienlijk, en voor de wereld nog onbekend Maar wat er de 11e februari 1858 gebeurde, geloofde de bewoners voor geen cent. Het toen 14 jarige plattelands meisje, Bernadette ging die dag een grot binnen En in die grot beleefde zij iets dat zij nooit heeft kunnen verzinnen. Een belevenis als geen ččn Het was de heilige maagd Maria die in die grot aan Bernadette verscheen. In totaal verscheen de Heilge Maagd Maria 18 keer aan Bernadette Juist aan dit arme boeren meisje, wat altijd ziek was,leed aan astma, en op haar lichaam,geen graantje vet Maria liet Bernadette weten dat zij op deze wereld nooit gelukkig zou worden Maar dat zij dit wel werd, in die andere wereld, waar zij later aan toe zou behoren. In Lourdes geloofde men Bernadette niet Ach, het is niet waar wat dat kind allemaal ziet.
Zij moest zelfs de hogerehand beloven dat zij niet meer naar die grot toe zou gaan Maar...... achter deze belofte..... nee.... daar kon Berenadette niet achter staan. Meneer pastoor kon echter de mensen van de wet overhalen En Bernadette mocht weer naar de grot afdalen. Deze meneer pastoor vroeg aan Bernadette of zij de volgende keer de verschijning naar haar naam wilde vragen En Bernadette ging opweg naar de grot zodra de dag weer ging dagen. Toen Maria wederom aan Bernadette verscheen, vroeg zij Maria wat nu eigenlijk haar echte naam is Pas toen zij het voor de 5e keer vroeg Zij Maria, Ik ben de Onbevlekte Ontvangenis. Verder zei Maria, dat er in het stadje Lourdes een kapel gebouwd moest worden Dat was de boodschap die Bernadette die dag hoorde. Een meisje als Bernadette had nog nooit van de Onbevlekte Ontvangenis gehoord, en zoiets kon ze gewoonweg niet uit haar duim zuigen Dus toen meneer pastoor de naam en de boodschap ten oren kreeg hoefde zij hem en de bevolking van Lourdes, niet langer te overtuigen. Want alleen De Heilige Maagd Maria mocht zich De Onbevlekte Ontvangenis noemen Men kon het dan ook niet langer voor de wereld verbloemen.
De reis naar Lourdes word dan ook tot in deze tijd, door miljoenen mensen onderno- men Sommige vinden er genezing, andere weer zijn er alleen maar geweest, en zullen er nog lang over nadromen. Maar Bernadette mocht al in 1879 de reis maken naar die zo bijzondere Wereld waar Maria het destijds met haar over had Eindelijk na een leven van ziekte, pijn en smart, was Bernadette nu op weg naar haar thuishaven , naar het door haar zo begeerde en veilige pad.
1973 was het toen de auto loze zondag werd ingevoerd. Dit om het verbruik van de olie tebeperken. Het Midden Oosten wilde namelijk geen olie meer leveren aan ons Land.
Veel Hagenezuh vonden het nog niet eens zo verkeerd zo`n auto loze zondag. De kinderen konden lekker op straat spelen, rolschaatsen, leren fietsen en voetballen op de openbareweg . en wat was het op zo`n zondag stil op straat he. Alleen het openbaar vervoer reed. Dus die deden samen met de taxi branche goede zaken. En er kon op zo`n zondag ook lekker met de bromfiets gescheurd worden, want die mochten gewoon rijden.
Het was de tijd van Joop den Uyl (zie foto) wat ook nog een mooie carnavals hit opleverde `` den Uyl is in de Olie`` Als ik het me goed kan herinneren begon deze politicus zijn betoog altijd met,.... Twee dingen goed begrijpen, haha, ja ook een man appart hoor, met zijn P.V.D.A, dat is ook de erfenis die hij aan ons nagelaten heeft. maar oke, op deze site GEEN politiek. De auto loze zondag was even leuk, maar werd al snel weer terug gedraaid, zodat de zondag weer net als de andere dagen van de week een normale dag werd.
Rond mijn pubertijd en tienertijd zat ik eigenlijk nooit zoveel in mijn eigen buurt (zeehelden en kortenbos) Dit had temaken met de vrienden van school, die vaak toch uit andere buurten kwamen. De meesten kinderen uit mijn buurt zaten op de koninggin Emma kade op school. Zo rond mijn pubertijd (13 jaar) had ik veel vriendjes in de rossebuurt zoals je kunt lezen in het verhaal ``wijk 7`` en in mijn tienertijd ( 15,16 jaar) kreeg ik weer vrienden in het schilderswijk wat je weer kunt lezen in het verhaal ``van de wal in de sloot``.
Nu had je aan de nieuwstraat (zijstraat van de flamingstraat) een clubhuis waar over het algemeen kinderen kwamen uit het centrum en uit de rossebuurt, mensen uit deze buurten kunnen zich dit clubhuis vast nog wel herinneren. Het was tegenover het biljart paleis. Dit clubhuis was een paarkeer in de week s`avonds open en zondag s `morgens een paar uurtjes, door de week was er gewoon soos en op de zondagochtend een soort zondagschooldienst, maar daar gingen we dan wel heen, was altijd leuk onderelkaar met koffie, cola en broodjes, en aan het eind van zo`n zondag ochtend kreeg je allemaal een sigaretje die je buiten op moest roken, haha, mooi he , pubers die sigaretten krijgen van zo`n beweging, dus fuck het rokersbeleid, haha. Op dit clubhuis kreeg ik ook mijn eerste vriendinnetje, Gerda.
EERSTE VRIENDINNETJE.
Gerda was een leuk grietje, maar niet echt mijn eerste grote liefde, deze zou ik pas later tegenkomen. Ach je weet hoe dit gaat he in die pubertijd, s`avonds in een poortje een beetje scharrelen, ik maakte het dan ook soms drie keer in de week uit, omdat ik dan toch liever met die gasjes een beetje keet wilde trappen, en had je dan weer zin in een beetje scharrelen, dan maakte je het weer even aan, nu in deze tijd zouden ze zeggen........ je weet toch. haha.
MARIAHOEVEN
Waar wij ook wel veel kwamen was ergens in de buurt van mariahoeven , volgens mij was dat in de buurt van het isabellaland ?? Je had daar een groot grasveld met een groot rondwater waar van die rotsblokken in lagen, daar gingen wij dan zomers veel heen, balletje trappen of zwemmen, ook was dit een soort spijbelveldje. Door het voorbeeldig leren van mij, kwam ik na de lagereschool in de ferdinandbolstraat terecht V.G.L.O. haha, was natuurlijk twee keer niks, maar je was leerplichtig, ččn jaar moest ik daar heen voordat ik definitief van school mocht. Dus gebeurde het wel eens dat ik met een paar medestudenten, een paar dagen spijbelde, en dan moest je je niet in de buurt laten zien, dus was het lol trappen in mariahoeven. Zelf schreef je dan een briefje voor school, wat die leraar natuurlijk ook wel wist, maar what ever, dan kon hij zich ook weer verantwoorden tegen over zijn baas. Achteraf best een leuk jaar in die ferdinandbolstraat, daar zaten gasjes die nogmaals, leerplichtig waren en zoet gehouden moesten worden, maar waar men eigenlijk geen raad mee wist............ mischien waren zij al tevolwassen, voor hun leeftijd. Er zijn nu eenmaal kinderen van 12, 13 jaar die eigenlijk al heel veel meegemaakt hebben waardoor zij snel de neiging krijgen volwassen tegaan denken en teoordelen, maar wat toen nog niet altijd door de school gesignaleerd werd, dat is nu gelukkig anders. Nou en dat soort gasjes zaten in de ferdinandbol. Maar al met al........... een leuke tijd om op terug tekijken.
Voor de mensen die toevallig ook in die ferdinandbolstraat gezeten hebben, ik zat bij meester Duif, een indo,..... een echte toffe peer !!
Veel oudere hagenezuh hebben hem gekend, de Haagse Volks Zanger ``Cees Draaier`` Bekend van de nummers, Bloemen Beppie, Kleine Angela, Wie past er nu vanavond op de baby, Kerstmis in denhaag, en nog vele andere nummers. Deze Haagse tegelzetter hield van gezelligheid en kon deze ook brengen, op tal van feesten was hij van de partij, Kroegen, voetbalkantine`s, campings, buurthuizen, etc.
Cees Draaier had zeker ook landelijk door gebroken als hij op een receptie in amsterdam geen ruzie had gehad met johnny jordaan en willy alberti, hij maakte deze twee volkszangers uit voor homofiel, na dit incident kon hij het landelijk schudden. Maar in denhaag waren wij blij met hem.
Cees was de zoon van een kastelein, zijn vader had ooit een cafe aan de hoefkade. (jan Dreyer) een man die zo sterk was als een paard. Zelf had Cees ook ooit zijn eigen kroeg ( begin jaren `70) Cafe Het Jagertje, aan de Rijswijkseweg. Zelf heb ik ooit twee keer met Cees mogen optreden, dat was voor een haagse illegale televisie zender, en in Cafe Monopole aan de Hermancosterstraat.
FC DenHaag was zijn kluppie, en bij de amateurs was dat Esdo. Zijn muziek word nog regelmatig gedraaid in de oude bruine buurtkroegen. Jammer genoeg ging Cees veel tevroeg van ons heen......................... Wie Past Er Nu Vanavond Op De Baby ????????
Eind `69 begin `70 had ik wat vrienden in de pauluspotterstraat. Je had daar een onwijs grote speeltuin in het midden van de straat, via een poort kon je daar komen, deze speeltuin liep naar de rembrandstraat, vanwaar je ook via een poort deze speeltuin kon bereiken. Voor de pubers in die tijd was het hun verzamelplek. aan het eind van deze speeltuin lag een groot sportveld van asphalt, zomers speelde daar regelmatig bandjes, en was het dansen en de grietjes achterna zitten, er werd dan voor zo`n avond een kleine entree prijs aan het hek gerekend om binnen tekunnen komen.
Zondags s`morgens werd er met de brommers verzameld aan de poort in de paulus. Ik was net 15 en had al een brommer, die ik in een dronken bui van mijn vader had gehad. Bij mooi weer gingen wij altijd op zo`n zondag met een hele groep naar hoek van holland, waar we een vast tentje hadden, en altijd een tijdje bleven zitten, patatje eten, colatje, beetje dollen met de grietjes waarvan er ook altijd wel een paar met ons mee gingen.
Zo ook op deze zondag morgen, het was mooi weer en we stonden al met een behoorlijke groep aan de poort, er werd besloten om naar de hoek tegaan, ( hoek van holland) Ook deze keer gingen er weer een paar grietjes mee, die vonden het prachtig om achterop een brommer tekunnen zitten. Willem had altijd het leukste grietje achterop, hij had namelijk de mooiste kreidler, dus hoe mooier je brommer was, des teleuker was het grietje dat achterop zat. Theotje had zo`n italiaans race monstertje met zo`n race kuipie voorop, nou anneke wilde dan wel bij theo achterop. Ik vond mary uit de poort wel leuk, maar die had dan altijd eerst ruzie met haar moeder of ze wel mee mocht, wat uiteindelijk dan toch altijd wel goed gevonden werd. John reed altijd alleen op een oude politie dkw, achterop z`n bagagerek een gereedschap kist die vast zat met snelbinders, want john kreeg nog wel eens pech onder weg, zodat hij hem zelf onderweg kon repareren, zodat wij dan even een shaggy konden roken. Eenmaal opweg naar de hoek hadden wij de gang er goed inzitten, op een gegeven moment wilde theotje john inhalen, maar bleef net even met zijn racekuip achter de gereedschapkist van john haken, gelijk schoot hij weer los, waar door theo de macht over het stuur verloor, Via het gras veld dat naast het fietspad lag belande theo, met zijn brommer en anneke in de sloot. Zijn brommer lag er half in, dus die deed het gewoon nog,De hele groep lag nu dubbel van het lachen , waardoor theo zich helemaal afreageerde op anneke, Hij wilde haar ook niet meer achterop hebben, en als het aan hem had gelegen, had hij haar daar laten staan. Een jongen uit de groep die ook alleen reed vond dit lullig, en nam anneke verder achterop. Door waternat waren theo en anneke , dus werd er besloten om terug naar de paulus tegaan. Zo maakte wij zondags altijd wel iets geks mee.
Dus niet alleen nu heb je hangplekken, waar in deze tijd nog al moeilijk over gedaan wordt, hangplekken zijn er altijd geweest, het waren de plekken waar je elkaar tegen kwam, en van waaruit dingen werden ondernomen, of je bleef gewoon de hele middag of avond op zo`n plek hangen. Nou en een ieder die zo`n hangplek hebt meegemaakt weet dan wel waar het zo`n beetje over ging in zo`n groep. Wat dat betreft is er weinig veranderd, toen had je door heel denhaag hangplekken, en zo is dit nu nog steeds, het enige verschil nu is, het is allemaal veel harder geworden, met ook weinig respect naar elkaar toe. De wet van de straat nu is........... Overleven.
Als ik s`avonds zo rond een uur of tien een biertje zit tedrinken in mijn stamkroeg, komt er een oudere man binnen lopen met een klein hondje. Hij neemt naast mij plaats en al gauw raak ik in gesprek met de oude baas . Ome Arie was zijn naam, en zijn hondje hete bobbie. Al snel gaat het gesprek over zijn vrouw ,Toos.
Ja, begint hij, een tijdje geleden ging mijn toos nog mee een borreltje drinken, maar dat kan niet meer joh, ze word vervelend en begon de laatste tijd ook de hele rotzooi onder tekotsen, en dan gaat ze op de nastoot nog een beetje bonje lopen maken. Als vroeger een kroegbaas tegen mij zei van, ik tap jou niet meer, was dit geen probleem, ik zei altijd, jij hebt ččn kroeg en ik heb er vijfhonderd,.... maar met toos blijven er niet zoveel kroegen over. Tja.... en daar was ik niet zo blij mee, want ze besloot dat we in het vervolg maar lekker thuis bleven. Ik prakkieseerde me rot joh, want ik vond het altijd gezellig, zo s`avonds even een paar biertjes halen voor het slapen gaan, tot ik op het idee kwam......... we nemen een hondje.
Haha, ja toen ik voor het eerst met bobbie thuis kwam, was toos gelijk helemaal weg van hem. Ik zeg ja schat, maar hij moet drie keer perdag uitgelaten worden, dus doe jij het s`morgens, s`middags, en dan doe ik het s`avonds. Nou zegt ze, dan kan ik hem s` avonds ook net zo goed uitlaten, dus ik gelijk van,... neeee, nee, met al dat gajus s`avonds op straat...... en dan,..... zei ik haar,..... ik word ook zwaarder,... ik heb zelf ook meer beweging nodig. Waar ga je dan heen met die hond, vroeg ze. Oooooh......naar scheveningen of zo, loog ik..... ja toos,... is goed voor het lijf. Dus ik de eerste avond,...... ging ome arie verder,..........toos ik ga met bobbie effuuuuh......wiebelen, en wij weg. Nou nog geen vijftig meter verderop wij de kroeg in, ik aan het bier, en bobbie aan de worst. Haha, moet je maar eens opletten, lacht ome arie, .....zo s`avonds rond een uur of tien, dan zie je wel vaker mannen in de kroeg zitten met een hondje, die hebben allemaal een soort toos thuis.
Ja knul, en als ik dan thuis komt om uur of ččn en ik sta thuis in het halletje, dan roep ik aan de trap...... ben je nog wakker, en dan hoor ik boven een schore rokers stem ........ ach vent barst............. ik weet dat toos het is.....ach vent barst, maar als je het niet zou weten.... dan zou je zweren dat joe cocker in je nest lag. haha...... afijn ik ga dan nog even in de huiskamer een afzakkertje nemen, en dan gaat bobbie lekker z`n mandje in.
Vroeger was het een kanjer hoor, ging ome arie door, jaaaah, tina turner kon nog een puntje aan toos zuigen, maarja dat was in de tijd dat er nog een mercedes sport naar haar toeterden,...... maar als er nu naar haar getoeterd wordt is het de vuilniswagen. ja..... ik heb nog een tijdje lopen denken om er van af tegaan, maar ach....ze is nu 64......, zeg dat ze 70 wordt...... ja of ze moet ziek worden..... dat kan toch..... nou ik moet er niet aandenken, dan kan ik me eigen eten klaar maken......hahaha, nee gekheid hoor knul.... ach ja, we zijn door die paar dagen oorlog heen gekomen, dus die paar dagen vrede komen we ook wel door. Vroeger was ik horeca pianist, en ik speelde in verschillende zaken als muzikant............haha, onderlaats heb ik nog een lied gemaakt over toos. Goh wat leuk, kon ik nu eindelijk zeggen, nou ome arie, er staat hier een piano, dus ik ben reuze benieuwd naar dat lied. Meen je dat knul, zei ome arie......... nou dan moet je wel m`n hondje even vast houden.... tuurlijk ome arie, en ome arie nam plaats achter de piano, en speelde en zong zijn lied,
``MIJN TOOS``
Een pondje meer of minder, zo werkt dat bij mijn toos, en altijd heb ik wel wat, het is eigenlijk gewoon een schat.
De kroeg is niet echt nodig we blijven lekker thuis, met een chipy en een pinda, en lekker bij de buis.
Ze kan koken als de beste, wat je vraagt dat maakt ze klaar, je vreet je vingers op, nog nooit ge,evenaar
Ze is dan wel wat ouwer, en geen brigit bardoo die mag je van mij houwe, die geef ik je kado
Ome arie krijgt applaus, na dit leuke haagse lied, rekent zijn bonnetje af, en gaat met zijn hondje richting huis,.......... naar...............`` Zijn Toos``
Al honderd jaar een begrip in denhaag zijn zeer zeker de broodjes zaken van de Fa. Dopmeijer. Ooit waren er vier zaken van in denhaag. Van Ostadestraat, Stationsweg, Rijswijkseweg (zie foto) en aan het Slijkeinde. De enige die nu (2009) jammer genoeg nog over is, is de zaak aan de rijswijkseweg. In dit verhaal wil ik het graag hebben over de dopmeijer die aan het Slijkeinde zat, dit omdat ik deze zaak het best gekend hebt.
GERARD DOPMEIJER.
Gerard Dopmeijer, ččn van de vier gebroeders dopmeijer, zat aan het slijkeinde. Deze vreethut was zeer bekend in de buurt en in het centrum, Gerard was net als de andere Dopmeijers, een geboren broodjesboer. Maakten zijn eigen slaatjes, kroketten, mayonaise, etc. En wat tedenken van zijn overheerlijke uierbord ( koeientiet). Na sluitingstijd van de cafe`s bleef gerard nog een half uur open, wat ook wel eens uitliep hoor. Na een avondje stappen nog even lekker een broodje gebakkenlever, of what ever eten bij doppie ( zo werd hij ook wel genoemd in de volksmond) Als kind zijnde werd ik iedere zondagmorgen wakker met een koud broodje kroket in mijn bed, die mijn vader dan s`nachts voor me meebracht na een avondje stappen, en waar ik dan na ččn hap weer mee inslaap viel. Dus dopmeijer werd er bij ons thuis al met de paplepel ingegoten . En dan had gerard zo`n mooie lichtbak in zijn zaak hangen met de leus ``Het bier is weer best, maar onze erwtensoep is beter`` en zo was het ook.
De bekende (wijlen) kastelein Willem van de Gaag uit de kettingstraat was pas getrouwd, toen zijn vrouw op een dag tegen hem zei, willem, .. morgen eten wij lekker erwtensoep. Kan jij dat maken dan vroeg willem aan zijn jonge vrouw. Tuurlijk zei Stien, van mijn moeder geleerd. Willem vrat s`avonds zijn vingers erbij op, dus in het vervolg iedere week in de winter erwtensoep. Totdat willem op een gegeven moment de legen soepbekers van dopmeijer in de vuilnisbak tegen kwam............. stien bleek in het geheel niet tekunnen koken,.... ja van woede,haha.
Het pandje van gerard Dopmeijer aan het slijkeinde bestaat nog steeds, maar zijn kinderen hadden er geen trek in om de broodjeszaak voort tezetten........... Jammer !!!!!! .
Op de foto bij dit verhaal zie je een gewone vrouw op een solex rijden, niks mis mee. Maar zo rond 1967 reed er bij ons in denhaag een arabier op een solex rond, mischien dat je hem nog kan herinneren, het was een solex zonder motortje, hij gebruiikte hem dan ook als fiets. Deze arabier scheen een gewone hagenees tezijn, alleen hij droeg een tulband, een hollandse schippers jas, een rare broek, en had verder een lange onverzorgde baard. Hij werd door een iedereen `` De arabier`` genoemd.
Overal in de stad kwam je hem tegen, met tassen aan zijn stuur, en nog meer oude rotzooi achterop zijn solex, Alle asbakken ging hij langs, en lag er iets bruikbaars, dan nam hij dit mee, deze man leed waarschijnlijk aan een soort verzamel woede. Verder had hij een hekel aan kinderen, deze peste hem nog al eens ( wel op afstand) want hij kon dan vreselijk uit zijn panty gaan, en schold de kinderen dan in goed verstaanbaar haags de huid vol met verschillende leyenburg afdelingen.
Niemand die ``De arabier`` verder kon, of wist waar hij woonde, hij was er gewoon. Wel gingen er geruchten rond dat hij uit de buurt van wassenaar kwam en schatrijk moest zijn, maar nogmaals dit waren geruchten. Maar van de een op de andere dag was hij uit het haagse straatbeeld verdwenen, niemand die hem ooit nog gezien heeft. Maar zo zijn er door de loop der jaren wel meer, laten we maar even zeggen, stadstypetjes geweest, z.a. de mond harmonicanist voor V & D, arie de cafe venter, toon de marskramer, om er maar even een paar tenoemen. Jarenlang kom je ze tegen en dan opeens zie je ze niet meer. Vaak zijn dit mensen die helemaal alleen zijn, verder geen familie hebben, of zich niet met de familie ophouden of andersom. Vaak worden zij dan op een bepaalde leeftijd ziek, worden dan vervolgens ergens opgenomen, en verdwijnen dan zo uit het haagse straatbeeld. Toch vind ik dit mooie mensen, achter ieder typetje gaat wel een verhaal schuil, vandaar dat ik ooit twee songteksten over dit soort mensen schreef,....... ``Dakloos``.... en.... `` Zwerver``. Deze houden jullie nog van mij tegoed.
In de gouwestraat zat de gemeenteschoolkindervoeding, daar werd het warm eten bereid voor kindertjes die tussen de middag op school warm bleven eten, en voor kleuterscholen die zomers naar de duinen gingen, ook werd daar de warme maaltijden bereid voor bejaarden bij wie dit eten s`middags thuis bezorgd werd, dit werd dan weer `` tafeltje dekje`` genoemd. Het eten dat in de gouwestraat bereid werd was niets mis mee, en dat kan ik weten, omdat mijn vader daar als voorman-kok werkzaam was.
1961
Ik zou haast zes jaar oud worden toen mijn een jaar oudere broertje kwam teoverlijden, hij was ook degene die mij de naam, Janja gaf. Kort daarop moest ik naar de lagere school, en ik had weer de mazzel dat ik in die eerste klas een juffrouw kreeg die het niet begreep dat een kind van zes ook een groot verdriet met zich mee kon dragen. Op een gegeven moment liep dit op stront uit met deze juffrouw, dus deed ik mijzelf de belofte dat ik de leerkrachten zes jaarlang het leven zuur zou maken, iets dat mij aardig gelukt is.
Het was 1961 toen ik in de 2e klas lagere school zat aan de zusterstraat . In die tijd wisselde ik nog aleens van school, wat temaken had met de eerder beschreven belofte, dus deze school was mijn derde school al, de meesters en juffrouws zagen mij dan ook graag, zolang ik de schooldeur maar aan de buitenkant dicht deed. Op deze school werd tussen de middag door sommige kinderen ook warm gegeten. Dit project werd in de volksmond, de voeding genoemd.
DICKENS.
Deze Prof. Poelie school grensde aan de zusterstraat, van damstraat en de groenesteinstraat. Het voedinglokaal was gelegen aan de groenesteinstraat, vanaf de straat kon je door een deur gelijk het voedinglokaal binnen lopen, deze buitendeur stond meestal open, zodat je er naar binnen kon kijken als je er tussen de middag langs liep om naar huis tegaan. Ik vond het een onguur donker lokaal met van die lange blanke oude houten tafels met lange banken ervoor, en van dat ongezellige gele licht , het was ččn grote tering herrie van schreeuwende kinderen, als ik er nu aan terug denkt dan doet dit mij denken aan een of andere scenne uit een film van Dickens (zie foto) Ook zaten er een paar vriendjes van mij op deze voeding, dus dat wilde ik ook wel, maar ik kon thuis lullen als brugman, ik moest thuis mijn boterham komen eten. Maar dit voeding gebeuren was voor mij van korte duur, omdat de tijd alweer aangebroken was voor een andere school. Deze keer werd het de meesterschaberg school aan het westeinde, waar geen voeding werd gegeven. Deze school mocht ik met een stevige hand van de bovenmeester dan al voor het eind van de 6e klas verlaten, haha,......... ja ik was een mooi studentje.
`` GEZINSKAMPEN ANNO 1966 MET CLUBHUIS HET ANKER``
In de zomer van 1966 gingen wij voor het eerst op gezinskamp met clubhuis het Anker,toen gelegen aan de noordwal 61. Het zou onze eerste vakantie worden, erg spannend allemaal. Het Ankerhuis, zo als ze het toen noemde, had een prachtig buiten verblijf in het dorpje stroe, gem. barneveld, in gelderland. Het was de tijd van meester zorge, meester van asten en theo klein. Het ankerhuis was tevergelijken met clubhuis de mussen aan de hoefkade met hun bekende meester de bruin, zij hadden hun buiten verblijf in otterlo, vlak bij stroe.
SPAARZEGELTJES.
Het ankerhuis had een spaarsysteem in de vorm van spaarzegeltjes. Iedere zaterdag kwam er dan een clubhuiswerker bij je thuis om deze zegeltjes teverkopen, zo kon je dan voor zo`n kamp sparen en had je aan het eind van de rit zelfs nog iets over, dus dan hoefde je ouders nog alleen maar voor het zakgeld tezorgen, en daar gebruikte ze dan het vakantiegeld voor. Zo`n clubhuiswerker deed dan ook op deze zaterdag morgen een bakkie mee bij de mensen thuis, en er werd ook wel eens zaken door gesproken als er een kind van dat gezin zich niet zo gedroeg op de club zoals het moest, of zij hielpen de mensen met b.v. het invullen van formulieren van bepaalde gemeentestukken. Deze mensen deden dit dan op hun vrije zaterdag, maar kregen zodoende wel een zeer hechte band met de buurt.
COMPLETE VOLKSVERHUIZING.
Veertiendagen voor vertrek kon men spullen zoals huisraad op een bepaalde avond inleveren bij het clubhuis aan de noordwal. Daar stond dan een vrachtwagen combenatie klaar die deze spullen al vast naar stroe bracht. Complete volks verhuizingen waren dat, de mensen leverde de gekste dingen in, b.v. eettafels met stoelen die ze dan voor hun tent neer konden zetten, zakken vol met potten en pannen, eigen dekens, kussens, fietsen , campingstoelen, etc.
VERTREK.
En eindelijk was het dan zover, De meeste gezinnen gingen met de touringcar vanaf het anker, en andere weer die zelf een auto hadden gingen dan met hun eigen auto. Wij gingen met de bus, en dat was al een heel feest, lachen, verhalen en zingen over het bekende potje met vet. Het was eigenlijk een grote familie die gezamelijk twee weken op vakantie gingen naar de veluwe.
DE FAMILIE`S.
Er hebben door de loop der jaren heel wat familie`s gebruikt gemaakt van deze gezinskampen, maar de familie`s die er in mijn tijd stonden waren o.a. de familie, Schaap, Dobbelaar, Lans, zuidam, denhoed,ettinger,wiezer, de Nokker. Gordeau, kaffa, van Driel, den Hartog, de Haas, nog een fam schaap (menzo) van de Berg en Tetteroo
OP DE PLAATS VAN BESTEMMING.
Nou en na zo`n anderhalf uur rijden was het zooitje dan op de plaats van bestemming. Ieder gezin kreeg een tent toegewezen, het waren van die legertenten, maar sommige hadden een eigentent bij zich, wij hadden dan het eerste jaar zo`n legertent waar alleen maar matrassen in lagen en waar de koffers stonden, eettafel voor de tent. De keukens waren grote tafels met een markies erop gemonteerd, daar stonden dan twee butogas gasstelletjes, voor twee gezinnen, en als de kinderen aan het voetballen waren en de moeders aan het koken, dan vloog er wel eens een bal door zo`n keuken, en dan moest je die wijfen horen, (zie foto van zo`n keuken, met toevallig mijn moeder ervoor) Water moest je halen bij de waterpomp, op ieder veldje stond zo`n pomp, er waren drie gemeenschappelijke douches waar ook twee ouderwetse wasmachine`s stonden zodat er ook gewassen kon worden, en drie buiten wc`s. Melk kon je s`avonds halen bij de boer aan de overkant ( boer bruinekreeft) je ging dan met een emmertje daar heen, dan kon je tijdens het melken, melk kopen. Het was allemaal zeer primitief, maar het waren de mooiste vakantie`s uit mijn kinderjaren.
LOOFLES.
Het was een verschrikkelijk mooie omgeving, ging je links af dan ging je richting het dorp, en ging je rechtsaf dan kon je lopen tot de middle off no where. Ook was er een heel mooi natuurbad midden in de bossen met een strand er om heen, loofles heten dat, een bloedeind lopen was het, richting harskamp. En het Texas gebergte, waar de beruchte leipe loe rond zwierf. uitgestrekte heidevelden, herten, zwijnen, vossen, konijnen. valken een grote flora en fauna !
HET DORP.
Iedere buurtbewoner bij ons vindt dan ook het liedje `` Ons Dorp`` van Wim Sonneveld, een pracht nummer, dit doet je denken aan stroe, een klein dorp, met een bakkertje, souvenirs winkeltje, een soort kleine spar, waar de haagse jeugd nog al eens iets achterover drukte, een hoefsmid, en natuurlijk een dorpskroeg ``de rotterdammer`` waar de vaders regelmatig een pintje gingen halen. Stroe is door de loop der jaren voor ons een echte bedevaartplaats geworden, ben je in de buurt van utrecht, dan rij je er toch altijd even heen omtekijken.
Als ik echt alles zou moeten beschrijven wat er al zo in Stroe gebeurd is, dan zou het een onmens lang verhalen worden, dit zijn slechts de hoogtepunten. Dit buiten verblijf is ooit geschonken aan het anker door de centrale verzekerings bank. Jaren later zou ik zelf clubhuiswerker worden in dit zelfde clubhuis en kon zodoende nog veel oude traditie`s voortzetten, mede dankzij Theo Klein waar ik veel van geleerd hebt en die daar toen nog steeds werkzaam was, wie kent het lied niet `` Het ankerhuis gaat nooit verloren`` maar het liep even anders, na 60 jaar moest het anker van de gemeente denhaag haar deuren sluiten.......Hoe dit kan ?????
Ja jongens, wie heeft de hagenees Harry Touw niet gekend ? Een schilderswijker in hart en nieren. In eerste instantie werd harry touw bekend door het televisie programma, `` waldolala`` samen met fred hache en sjef van oekel, die ook met dit programma hun debuut maakte. Harry Touw was de eerste haagse moppentapper op de grammafoonplaat, ``Bakken aan de bar`` heten deze L.P.`s. En deze L.P.`s zijn momenteel handel, op verschillende site`s zie ik ze tekoop staan, z.a. marktplaats, dus er is waarschijnlijk vraag naar.
Wat ik mij zelf afvraagt is, zou harry touw ook familie zijn van de bekende haagse slagers familie, Piet van der Touw ?? Mischien dat iemand van jullie dit weet. Een van Harry`s leukste moppen vind ik , ``Het zuiderpark``
““ HET ZUIDERPARK““
Meneer pastoor loopt op het hobbemaplein en vraagt, ......zeg jantje, weet jij mischien waar het zuiderpark is. Ja dat weet ik wel, zegt jantje, maar ik zeg het lekker niet. Jij bent heel stout jantje, jij bent heel ondeugend , jij komt niet in de hemel zegt meneer pastoor dan tegen jantje, Nah, dat weet ik ook wel, roept jantje dan brutaal terug..... en jij niet in het zuiderpark.
Ja Harry kon zijn moppen smakelijk vertellen, hij greep de mensen met zijn moppen, een echte haagse komiek, gelukkig dat mensen zoals harry en sjef van oekel toch nog op wat latere leeftijd ontdekt zijn, want zij hebben zeker hun steentje bijgedragen aan de haagse Humor. ........... nog eentje dan,haha.
JANSEN 2 HOOG, EN JANSEN 1 HOOG.
Jansen 2 hoog zijn fiets is gestolen, en jansen 1 hoog zijn vrouw is overleden. Meneer pastoor belt perongeluk bij jansen 2 hoog aan,.......WIE DAAAAAR !! schreeuwt jansen 2 hoog naar beneden. Ik..... meneer pastoor, ik zou graag mijn deelneming betuigen, waarop jansen 2 hoog terug roept,.....aaaaaaaahhhhhh wat maakt ut uit meneer pastoor, het was toch een oud kreng, en de hele buurt heeft er opgezeten...........haha, ja mooi he.
Ja mensen, mischien wel tijd voor een museum van bekende hagenezuh, zou mooi zijn voor de haagse muziek, cultuur, en zeker vor de haagse Humor. Wie weet ooit nog eens..............IDEE ?????????????
Tegenwoordig heeft men volgens mij geen speciale wasdag meer, heb je een wasje liggen dan is het hup de automaat in en klaar is kees . Iedereen heeft tegenwoordig wel een wasautomaat, droger, etc. Maar dit was vroeger wel even anders.
Toen ik nog een kind was, was het bij ons thuis s“maandags wasdag , en dit is volgens mij, mijn jeugd trauma, haha, want ik vond de maandag een verschikkelijk ongezellige KUT dag. In het begin werd de was uitgekookt in grote ketels water, en je moeder maar boenen en schrobben, had je iets meer geld, dan had je een waswringer. Het hele huis lag op de maandag vol met wasgoed dat gewassen moest worden, en dan had je moeder weinig tijd voor je, zo druk had ze het dan. En de strontluiers van je jongere broertje, die werden de hele week door uitgekookt en gewassen, ridderen noemden ze dat.
Later konden de mensen wasmachine“s huren voor een dag, dit waren levensgevaarlijke machine`s, van die ronde witte tonnen met een waswringer erop, en niets was er geaard. Mijn moeder huurde dus later op de maandag samen met de buurvrouw, wat ook haar bloedvriendin was, zo`n wasmachine. En de ene week deden ze samen de was bij ons thuis, en de andere week werdt er bij de buurvrouw gewassen, dus had je als kind zijnde nog maar een keer in de veertiendagen een kut dag. De verhuurder bracht deze wasmachine`s in zo`n fiatje 600 multipla rond, een grappig wagentje vond ik dat (zie foto) de deuren van zo`n fiatje hadden ook een komische naam, kloeke-deuren werden deze genoemd, het was echt een autotje uit een stripverhaal vond ik altijd.
En de was drogen was ook een ramp, alles werd buiten aan een waslijn gedroogd. En zeker op de winterdag, ja toen hadden we ook nog winters, er stond dan een houten droogrek om de kolenhaard en de rest werd buiten aan de waslijn gehangen. En was deze buitenwas s`avonds dan nog niet droog, dan bleef hij s`nachts nog even buiten hangen, maar had het s`nachts gevroren, wat toen regelmatig gebeurde, dan haalde je moeder s`morgens een paar harnassen binnen, alle shirts, hemden en broeken waren dan stijf-bevroren, deze moesten dan binnen weer ontdooid worden, nee, deze vrouwen hadden het toen verre van makkelijk, en nu hoor ik ze nog wel eens klagen als ze de wasautomaat alleen maar aan moeten zetten,...... hoe verpest zijn we..... Maar what ever, die kut maandag willen we nooooooit meer terug..............MAANDAG,......... DAG, DAG !!!!
In 1974 schreef ik, Janja, het Haags Gebed. De wijlen Haagse kunstenaar Pieter Goldsword liet hier honderden afdrukken van maken, wat hij hier ooit meegedaan heeft, weet niemand ?? `` HAAGS GEBED““..................................
``HET ONZE KLANT““
Onze klant die aan de bar zit, Uw dorst worde Geheiligd, Uw vrienden mogen ook komen, Uw wil geschiede, Gelijk aan de bar, Zo ook aan onze tafels, Geeft ons heden ons dagelijks werk, En vergeef ons onze schulden, Gelijk ook wij vergeven onze rekening makers, Maar verlos ons van de verplichte sluitings tijden, Want van U is het cafe leven, En de drank, En de gezelligheid, tot in de eeuwigheid,
Op de hoek van de haagse Vleerstraat en de zuilingstraat ( centrum-kortenbos) zat een sigaren annex tijdschriften en boekenwinkel. Al een paarkeer had ik op weg naar school een prachtig boekwerk in de etalage zien liggen, het boek was een of ander western-verhaal, niet dat ik in die tijd nu zo`n lezer was hoor, maar aan de buitenkant zag dit boek er al erg spannend uit, er stonden twee cowboy`s op, die op het punt stonden van een revolver-duel, twee cowboy`s met van die mooie laarzen aan, en machtige holsters om, en grote hoeden. Iedere middag ging ik dan even voor die etalage staan kijken naar dat boek, en dan kon ik er zo lekker bij dagdromen, daar had ik in die tijd nog al eens last van, wat menig schoolmeester zich vast nog wel kan herinneren. Het boek kosten iets van vier gulden, daar moest mijn moeder bijna een halvedag voor werken, kun je nagaan hoeveel geld dit toen was, maar thuis bleef ik maar door zeuren, iedere keer weer opnieuw...... mam, mag ik dat boek nu halen, mischien met je verjaardag zei mijn moeder dan....... ja maar dat duurt nog zolang, en dan is het er vast niet meer, ik bleef net zolang door zeuren totdat mijn moeder er ondertussen niet goed van werd.
KREIG NAH WAT.
Het was 1962, en het was winter, een hele strenge winter, het was zo verschikkelijk koud, dat de zee zelfs bevroren was, ( zie foto in linker kolom) Er zat een elfstedentocht aantekomen, en de kinderen hadden ijsvrij van school. Nu zat er verderop bij ons in de twentstraat de kolenwinkel paalvast, en mijn moeder vroeg mij op een middag.......... jantje, ga jij even een zakje kolen halen bij paalvast, en ik kreeg gepast losgeld mee, dus ik naar paalvast zodat mijn moeder bij de baby kon blijven die een beetje verkouden was. De kolenvrouw paalvast was een grote zware vrouw, en ook echt een kakelkutje (klessebes) ik liep de winkel binnen en mevrouw paalvast was zoals gewoon diep in gesprek met een klant, bla,bla,bla, en ze bleef dan kwekken he, ik dacht... mens schiet alsjeblieft op, wat ik wel ondertussen had gezien was dat er een briefje van 25 gulden op de toonbank lag......... en eindelijk was het...... zo jantje, zeg het maar..... een zakje antreciet vroeg ik, aha.... en zij pakte eerst het briefje van 25, haalde wisselgeld uit de kassa en zei.......... zo stopt dit eerst maar eens goed weg voor dat je het verliest, en zij stopte het wisselgeld goed in mijn broekzakje............. KREIG NAH WAT...........dacht ik, zij weet door dat gekakel niet meer dat dat briefje van 25 van die klant was. En ik met het zakje kolen op mijn nek door de hoge sneeuw met een noodgang naar huis. Ik was zo opgewonden dat ik dacht dat ik de voetbaltoto had gewonnen. Eenmaal thuis begon ik beneden aan de trap al van, mama, mama...... rustig riep mijn moeder, wat is er gebeurd................. mama, mama, dat kolenwijf heeft mij van 25 gulden terug gegeven, ach pik zei mijn moeder....... wat ben je toch ook een eerlijk gozertje he....... haha..... ze zei niet van, breng dat geld even terug, nee, inplaats van dat zei ze........ morgen ga jij dat boek halen en mama neemt morgen ochtend met die kou lekker vrij, en dan hield ze nog denk ik zo`n 15 gulden over in deze barretijd. Hier zei ze tegen mijn vader, hier heb jij een oud knakie, en zij gaf hem een briefje van 2 guldenvijftig, dan kan jij lekker even een flesje bier halen in het cafe, ( een flesje bier koste toen 0,50 cent) en hup, weg was hij. En ik had die dag erop mijn boek, ik heb het nooit gelezen, maar het ging mij om de foto op de voorkant, waarbij ik iedere keer weer opnieuw kon dagdromen als ik het thuis tegen kwam.
In november 1981 werdt de haagse film `` tuig`` uitgezonden door de V.P.R.O. Het thema van deze film was, klassejustitie. Maar wat ging er allemaal aan vooraf voor dat de opname`s van deze video produktie kon beginnen.
DE FILM IN HET KORT.
Vijf haagse jongens roven een landhuis in wassenaar leeg, het loopt uit de hand en zij draaien de bak in. Een van de vijf is de zoon van een advocaat, en krijgt een aanzienlijk lagere straf dan de andere vier vrienden. De opname`s van deze film vonden plaats op verschillende lokatie:s in denhaag, scheveningen en driebergen. De speeltijd van deze film is 80 minuten.
WAT GING HIER AAN VOORAF.
De vijf hoofdrol spelers van de film, ron bruiniuys, jan den hoed , sjon smit, ton kops, en wally ettinger, waren vaste bezoekers van jongeren centrum het anker aan de noordwal (kortenbos- centrum) Op een middag (half 1980) kwamen zij met een soort gelijk verhaal , dat zij hadden meegemaakt bij hun jongerenwerker. Kunnen we hier geen film over maken, zodat die klassejustitie een keer naar buiten gebracht wordt. Ja een film wil iedereen wel maken, liet deze jongerenwerker weten, maar de vijf hielden vol, en er werdt een verhaaltje op een a 4 tje gezet. De jongerenwerker (sjaak weijers) legde contact met de video werkgroep `meatball` aan het noordeinde. De vijf en de jongerenwerker werden door `meatball`uitgenodigd voor een gesprek. De regiseur ,martin uitvlucht, vond het geen verkeerd thema, na een kort gesprek verlieten zij het kantoor van `meatball`en zij zouden er nog van horen. Een maand of twee bleef het stil, tot dat zij een telefoontje kregen van meatball dat zij de film wilde gaan maken, meatball maakte een draaiboek samen met de jongens, en iedere week volgde er een film vergadering waarin het draaiboek werdt uitgewerkt. De film zou ongeveer 250.000 gulden gaan kosten, hiervoor werdt subsidie aangevraagd bij C.R.M. Deze gaf dan ook een subsidie van twee ton, dus kwamen zij nog 50.000 gulden tekort, deze wilde de V.P.R.O. wel betalen, met recht op eerste uitzending, waar natuurlijk akkoord mee gegaan werdt. Politie denhaag gaf voledig medewerking aan deze film, alleen liet justitie het afweten, zij wilde wel meewerken als het verhaal veranderd werd, dus inplaats van een advocaten zoon , een zoon van een dokter............ toch klassejustitie ?? Nou daar was geen haar op het hoofd van de vijf die dat ook maar wilde, dus het bleef de zoon van een advocaat. Justitie werkte dan ook niet mee. Voor de rechtzaak werd er een rechtzaal gebouwd in de trouwzaal aan de javastraat, en de rechters werden gespeeld door advocaten.
In mei 1981 begonnen de opname`s van deze film, deze opname.s zouden ongeveer drie maanden duren. De muziek van deze film werd gemaakt door ``Gruppo sportivo`` en de zanger van deze groep, hans van den burg speelde de rol van butler in de film. Tachtig uur film moest nu gemonteerd worden waarvan 80 min. moest over blijven, dit werd s`nachts gedaan in een studio van meatball aan het noordeinde, waar de vijf hoofdrol spelers regelmatig bij aanwezig waren.
VERSCHILLENDE PREMIERE`S.
De grote premiere vond plaats in de houtzagerij aan de hobbemastraat, die bomvol zat, de vijf werden in een rolls voorgereden met veel fotograven er om heen. toen volgde er nog een premiere op het noordeinde voor de haagse media, en tenslot een premiere in de studio van de V.P.R.O. in hilversum, deze was voor de landelijke media en voor de landelijke tijdschriften. Dus de vijf hadden het na het maken van de film nog heel erg druk. Ook heeft K.R.O. s nachtspiegel hier nog een uitzending aangewijd, wat betekende, een dag gevolgd worden door een journalist van de K.R.O. en in november 1981 werd ``TUIG`` uitgezonden door de V.P.R.O.
Verder heeft TUIG ook nog gedraaid op video festivals in los angeles en italie. De vijf jongens hebben zelf geen piek verdiend aan deze film, wel kregen zij na afloop 1000 gulden de man, voor de aardigheid, maar een film mogen maken is al een ervaring opzich, dat komt ook maar een keer in je leven voor, en enorm leuk om tedoen, zeker toen de film op tv geweest was, je werd door een ieder herkend, wat best grappig is, en wat na een tijdje (gelukkig) weer overwaaid.
Het enige negatieve commentaar op deze film kwam van de kant van justitie..... hahaha........ dus toch!! De titel ``TUIG`` slaat dan ook niet op de vijf jongens, maar op de justitie zelf........““ T U I G ““
In een ander verhaal op dit blog `` Sinterklaas zakt door podium `` heb ik het al over de sint gehad, maar dit was meer een komisch maar waar gebeurd verhaal. Toch wilde ik hier nog een verhaal aan wijden, omdat het sinterklaasfeest steeds minder aan het worden is. Het is nog het enige eigen cultuur feestje dat wij nog hebben, dus laten we het dan ook blijven vieren met gezin en kids. Op mijn hyves heb ik altijd rond sinterklaas een sinterklaas achtergrond , dit om een ieder aan dit feest teherinneren.
VROEGAH .
Wat was het vroeger niet gezellig, straten met van links naar rechts feest verlichting, en met je ouders s`avonds in de stad etalage`s kijken, vooral bij V & D , en de Bijenkorf was al een feest op zich. Je schoen zetten bij de kolenhaard, en dan de pakjes avond, schitterend toch.En iederjaar kreeg je dan de zelfde soort kado`s zoals, pim,pam,pet , electro,hoedje wip, en dat gekke vissen spelletje met van die magneetjes er aan, het werdt dan thuis extra gezellig gemaakt met warme chocolade melk, ja toen was het voor de kids , het feest van het jaar.
Nu hebben we in nederland zoveel feesten , dat het haast niet meer bijtehouden is, maar wij hoeven er eigenlijk maar ččn tevieren..... SINTERKLAAS,................... WIE KENT HEM NIET !!!!!!!!!!!!
Zo rond 1960 hadden wij in het oude kortenbos nog geen douche. Je werdt dan door je moeder gewassen in een grote zinken teil. Deze teil werdt dan in de huiskamer neergezet, s.winters voor de kolenhaard en zomers lekker met de schruiframen open. Vervolgens werdt er in zo.n teil heet water gegooid, die in een grote ketel eerst werdt gekookt op het kleine gasstelletje, het werdt gemixt met koud water. Je werdt dan meestal gewassen door je moeder en vaders droogde je dan af, terwijl er dan gelijk weer een broertje of zusje de teil in kon. Zo waren zij snel klaar. Eenmaal afgedroogd lekker je pyama aan en dan nog een uurje zomers bij het openraam zitten met een stukje snoep of iets dergelijks.
“HET BADHUIS
Įls je dan iets ouder werdt dan mocht je met je vader of moeder mee naar het badhuis in de torenstraat ( zie foto ) . De eerste keer deed je moeder (in badpak) het dan voor, hoe alles precies in zijn werk ging, zoals de heet en koud waterkraan, en hoe de sproeier werkte. Als je dan klaar was dan ging je moeder douchen terwijl je dan in de gang op haar moest wachten, tot zij klaar was, en als je dan daar zo in het rond keek, dan zag je veel stoom en ik vond het er altijd een beetje stinken. Ik was dan ook blij dat wij kort daarop een ander huis kregen met douche. Maar in die tijd had je in alle haagse wijken wel een badhuis . Nu zelfs in deze tijd ( 2009 ) zie je dat er weer badhuizen geopend worden, dit zijn dan meestal cinezen of turkse badhuizen, maar ik kies toch liever voor mijn eigen badkamer.................. Lekkah thuis !!
In 2008 verscheen er weer een boekwerk van ``poezie op pootjes`` dit keer 507 pagina`s over een echt haags gevoel. Een van mijn gedichten, `` Die oude veenkade`` werdt in dit boekwerk opgenomen, pag. 162. Dit boek is tekoop in de boekhandel. ( Het Gedicht beschrijft de jaren `70 en `80 rond de veenkade )
``DIE OUDE VEENKADE``
de zon schijnt over de haagse veenkade. gezelligheid viert daar nog feest. ik hecht aan die veenkade enorm veel waarde maar daarvoor ben ik hagunees. de mensen die leven daar zomers nog buiten ze zitten dan daar voor hun huis. Je ziet kinderen spelen, je hoort vogels fluiten, op die kade voel ik mij thuis. de snackbar gaat open, die tent gaat weer lopen de kastelein staat voor zijn deur, jongeren die gaan weer opweg naar hun clubhuis, alles draait daar in geur en in kleur. de melkboer doet in zijn brikkie z.n ronde z.n uitlaat die geeft soms een knal ik wil dit niet missen geen ene seconde en woonboten sieren de wal. de oudere vissen,de jongeren gissen dat is het menu van de tijd zo heeft ieder persoontje z`n eigen herinnering dat is toch zeer zeker een feit. de enige die alle eeuwen meemaakten dat is daar de oude draaibrug draaien zou hij niet meer doen nee hij is met pensioen vier lantaarns staan trots op zijn rug. daar op die oude kimme veenkade het is de plek waar eens mijn wiegje stond daar op die oude kimme veenkade een stukje mokum, maar wel op Haagse grond.
Ja wie heeft hem niet gekend, dat kleine cinezuh mannetje met zijn koffertje snoepgoed op de boekenmarkt. (zie foto) Jaren lang heeft hij daar gestaan, hij hoorde bij het straatbeeld van de boekenmarkt, vanuit zijn koffertje verkocht hij snoep aan de kindertjes, dat koffertje stond dan voor hem, en als er iemand voorbij liep, dan riep hij, pinda, pinda, lehka, lehka. En zondags kocht je van je zakcentjes snoep bij hem.
Pinda,pinda, lehka,lehka was de tijd van de televisie programma`s, Rawhide, de verrekijker ( een soort jeugdjournaal) en natuurlijk okkie trooy ,De wrekers,etc.
Ik denk dat die cinees met zijn dubbeltjes handel best wel de kost verdiende, want het ging natuurlijk de hele dag door. Maar ook deze kleine cinees verdween uit het haagse straatbeeld, net zo als de oude haagse boekenmarkt
De ijssalon annex koffiehuis florencia is al eerder genoemd, in het verhaal ``scanner-rijden ``. Ik ben vlak bij florencia geboren, en ik weet niet beter of dat het bestaat. Vroeger met je moeder lekker ijsjes eten, en dan stonden er binnen altijd van die groepjes oudere mannen die elkaar daar ontmoeten om gezellig een bakkie tedoen en ff wat bijtekletsen. Nu zoveel jaar later behoor ik zelf tot een van die oudere mannen, hahaha, die daar regelmatig een bakkie doet.
Ook was het vroeger de verzamelplek van haagse motorrijders, de meest mooie motors stonden daar dan voor de deur tepronken . Toen kon je nog voor de deur parkeren, maar ik moet zeggen dat het er nu een stuk gezelliger is voor wat voor de deur betreft, zomers staat daar een groot terras waar het heerlijk vertoeven is, en natuurlijk de koffie, gewoon een eurotje, en de lekkerste koffie van denhaag. Maar het is niet alleen meer koffie en ijs, ook kun je er van alles eten, div.broodjes, soep, gebak, en ik weet al niet meer.
Florencia is net als de haagse markt, mensen die je heel lang niet gezien hebt, kom je daar tegen, altijd zie je er wel bekende , en voor wat de prijzen betreft, heel goed betaalbaar voor de hagunees .Vandaar dat florencia dan ook....... puur haags is, een zaak met een brede Geschiedenis.
Pietje, Harm en jan waren drie vrienden die zaterdags s`avonds (1970) altijd bij harm thuis gezellig een biertje dronken met een beetje muziek erbij. Halverwege van de avond gingen de drie vrienden dan altijd nog even een biertje halen in de buurt, bij harm (bezuidenhout). De vrouwen bleven dan thuis, en als de drie dan weer thuis kwamen werdt er broodjes en koffie gemaakt, en als dit dan weer achterover geslagen was keerde iedereen weer huiswaarts, meestal was dit dan laat in de nacht.
Zo ook op deze zaterdagavond was dit ook weer het geval, zij gingen nog even in de buurt iets drinken, tot dat er een met het verhaal kwam dat er op de herengracht een striptease tent moest zijn, nou daar wilde zij wel eens gaan kijken, dus reden zij in pietjes auto naar de herengracht.
ALEXANDRA.
Alexandra Was de naam van de striptease tent. Maar zij werden niet toegelaten door de portier omdat zij geen stropdas droegen. Nou dan moeten we een paar stropdassen versieren, maar hoe ?? Geen probleem zei pietje, we rijden naar mijn huis om een paar stropdassen optehalen, pietje woonde in, transvaal. Eenmaal daar aangekomen kwam pietje er achter dat zijn huissleutel in de tas zat van zijn vrouw..... Oei. Ook geen probleem, pietje was glazenwasser dus haalde hij een ladder van zijn aanhanger af, en klom half dronken omhoog richting raam. Jan en Harm hielden de ladder stevig vast. Net was het carnavals nummer uit van ``pietje dat kan je niet maken`` Dus jan en harm onder aan de ladder zingen van `` pietje dat kan je niet maken, pietje dat kan je niet doen, pietje,pietje,pietje, hou je Fatsoen`` Waardoor een paar buren riepen van, heey, kan dit niet zachter. Maar oke, pietje kwam terug met drie stropdassen, en zij weer naar de herengracht, ja en nu mochten zij wel binnen. Achteraf was er natuurlijk niets aan, een dame die stond testrippen (eigenlijk heel netjes) supper hoge consumptie prijzen, en een langzame bediening, dus een uur later gingen de drie richting harms huis voor de broodjes en de koffie. Wat zijn jullie laat, vonden de vrouwen, ja ach, er was een of ander raar wijf daar die dronken een beetje gek ging dansen, dus we hebben nog even gelachen. O, zei pietjes vrouw nog, dus net nog geen striptease, hahahaha, lachten de drie in koor........ nee natuurlijk niet, anders hadden wij allaaang thuis geweest. Oke jongens, was het bij het afscheid................ Wel thuis !!!!!!!!!!!
Als hagenees ben je natuurlijk voor Ado DenHaag, althans dat is bij mij het geval, ook vind ik dat Ado in het zuiderpark thuis hoort, maar oke, dat is een andere theorie.
Als kind zijnde, zo in het begin van de zestiger jaren had ik het het meest naar mijn zin bij Ado, althans leuke herinneringen aan die tijd. De ene week ging je met je vader naar Ado, en de andere week naar hollandsport, want om de week speelde zij thuis, maar bij Ado vond ik het altijd het gezelligst, mischien wel het verschil tussen een hagenaar en een hagenees. En vanaf een jaar of tien ging je daar met je vriendjes heen, o.a. lege flesjes zoeken op de tribune, die je dan inleverde, en het geld daarvan opspaarde voor een paar voetbalschoenen. Ja toen dronk je nog uit een flesje, en geen hekken voor het veld, je kon er zo op, maar men deed het niet. Ook liep er altijd een man op de tribune (ome jan) met een wit jasje aan, en een soort dienblad voor zijn buik die met een riem vast om zijn nek zat, daar vanaf verkocht ome jan, chocoprinsen, koek en pinda`s. Het was de tijd van harry heijnen (het blinde paard) Theo van de burg en Lex schoenmaker, als je naar Ado ging, dan had je zo`n echt haags gevoel over je.
SWIEBERTJE.
En een keer perjaar speelde er een sterren elftal tegen Ado, dat was een spektakel, een enorm feest voor de kids, er speelde dan artiesten tegen Ado, zoals, Ben cramer, swiebertje, dorus en weet ik al niet meer, en in plaats van een politie agent langs de lijn, liep daar bromsnor, geweldig was dit toch. Nee ,Ado is Haags....... puur Haags, vandaar dat het ook zo jammer is dat zij het zuiderpark hebben moeten verlaten, Ado die het zuiderpark een naam gaf, zei je zuiderpark, dan zei en dacht je aan Ado.
Voor wat de horeca betreft in deze tijd, is de overheid zo.n beetje alles aan het verkankeren voor deze sector. Neem o.a. het rookbeleid en het hoog en laag drempel gedoe.
In de jaren zestig en zeventig was het voor de kroegtijgers een eldorado, dag en nacht konden zij door gaan als zij dit wilde. Als de kroegen rond 1 uur dicht gingen, dan gingen er zat nachtkroegen weer open.
Een van deze kroegen was cafe de sportwereld (ome jan) op de brouwersgracht, (zie foto) ome jan had niet officieel een nachtvergunning, maar je liep dan het zij straatje in, gaf een paar bepaalde tikjes op het raam, en je werdt binnengelaten. Toen was dogen heel normaal, (ook bij de gewone zaakjes gingen de gordijnen wel eens dicht en bleef men een aantal uurtjes nazitten.) In de sportwereld kwamen o.a. veel taxi chauffeurs, en er werdt onzettend gegokt, het grote biljart aan het eind van de zaak lag altijd bezaaid met briefjes van vijf. Ome jan.Str. is ook ooit de bokstrainer van mijn vader geweest.
Verder had je natuurlijk ook de kleine poort in de raam straat, een gezellige nacht kroeg, tuurlijk gebeurde er wel eens wat, het waren tenslotten geen kerken, maar over het algemeen viel dit reuzen mee. en als de kleine poort dan dicht ging om 4 of 5 uur, dan ging je naar daantje, want die ging dan weer open.
Ook jan klein aan de torenstraat was zo.n nachtkroeg, ook daar werdt stevig gegokt, en jan klein deed zijn naam geen eer aan, hij was over de twee meter. En al deze kroegen hadden dan een portier aan de deur staan, maar dat is nu nog steeds, in sommige zaken. Maar er zijn niet veel van dit soort knijpjes over, ik zelf ken er nog een, de prinsenhof in de prinsenstraat, er zullen er vast nog wel wat meer zijn , maar de prinsenhof heeft nog een beetje de sfeer van toen.
En werd er toen drug gebruikt.......... ja dat werdt er, alleen geen coke, of tenminste weinig, coke was teduur, dus veel gasten zaten in die tijd aan de speed.
Maar na deze tijd kwamen er nog meer, zo rond eind `70 begin `80, ik weet niet precies of ik de namen goed schrijft, maar een hagenees begrijpt dit vast wel. De cruisseder, pepper en soult (heerlijke sate s`nachts) milord, veronica, de key, art the triomf (pino) Yoog visser (prommenade bar) kippe dik (voor kip met zijn speciale saus) en niet tevergeten de broodjes karbonade tegen over het hollandspoor met zijn over heerlijke katjang saus. Maar langzaam begon dit soort horeca teverdwijnen....... JAMMER !!!
Ik hoor wel eens dat de kroegtijgers van vandaag, s.nachts veel naar rotterdam gaan, daar schijnt s.nachts toch meer open tezijn, maar in denhaag is het een beetje over, echt jammer........ toen kon je alles in denhaag nog tevoet doen, voor zover het ging dan, haha. Maar oke, we kunnen er met plezier op terug kijken........ op....... `` het oude nachtleven``
Rond de jaren zestig waren alle haagse wijken eigenlijk allemaal kleine dorpjes.Laagbouw en alle voordeuren naast elkaar op de begaande grond, en achter iedere voordeur woonde een gezin,iedereen kende elkaar. Maar dit verandere snel toen de stadsanering er aankwam, de leuke oude huisjes moesten plaats maken voor ongezellige flatgebouwen met wel 90 of 130 huisdeuren naast en boven elkaar, niemand kon niemand meer, en ook de sociale controle verdween , de mensen gingen zomers niet meer voor hun deur zitten met een kratje bier en een spelletje kaart, terwijl de kindertjes lekker in hun pyama voor de deur aan het spelen waren. Nu is het voor je deur zitten zelfs verboden.
Ook had iedereen in de jaren zestig de zelfde huissleutel, een loper werd zo.n sleutel genoemd, en zo.n loper paste op alle huisdeuren. Ieder kind had wel 100 tante.s en 100 ooms in de straat, want iedere buur werd tante of oom genoemd, en als je moeder niet thuis was belde je bij de buurvrouw aan, en was het, ach tante nel mag ik even uw loper, want mama is niet thuis, en dan kon je naar binnen. Ik moet er niet aan denken dat men nu allemaal de zelfde huissleutel zou hebben, hahahaha, zie je het voor je. En dan zegt men, Nederland is vol, maar dit is zachtjes uitgedrukt, want alle WIJKEN in Nederland zijn OVER VOL !! En dat maakt het er niet echt gezelliger op.
Toen lette iedereen op elkaars kind, en ook de twee of drie auto.s die in de straat stonden werd opgelet, nu proberen ze van je kind een dealer temaken, of ze lopen met een spijker langs je auto, om maar iets tenoemen. Er was blinde armoe, maar beslist geen schijnweelde, iedereen had te eten, ook al had je het niet, dan hadden de buren het wel, want eigenlijk hadden we allemaal het zelfde......... niets. Poffen bij de melkboer of de slager was de gewoonste zaak van de wereld. De melkboer schreef alles in een boekje wat je zelf bij je mocht houden, meestal lag dit boekje op het meterkastje. Ik heb ooit eens een buurvrouw tegen mijn moeder horen zeggen, ach, ach, buuv, ik weet niet hoe ik de melkboer moet betalen, waarop mijn moeder zei, joh dat is geen probleem, je scheurt gewoon een paar blaadjes uit je pofboekje, dat doe ik ook iedere maand......... tja, en dan viel het weer mee........ haha. De ziekenfonds bode kwam ook aan de deur, ome tinus, ach en dat koste niets, wat kost het nu....... O, weet je het ook. Maar wij hebben het in iedergeval meegemaakt, de gezellige............ Loper tijd.
Niemand heeft het tegenwoordig nog over wijk 7. Wijk 7 was de rosebuurt van denhaag, het was best een groot wijk, waarvan alles gebeurde, en s.avonds was het daar altijd een drukte van belang. De hoerenstraten waren de zijstraten van de paviljoensgracht,maar ook de bierkade, groenewegje, poeldijkse en naaldwijksestraat, en op het oranjeplein liepen ze tetippelen. De bikkers (pooiers) van deze hoeren herkende je zo, zij reden in grote amerikaanse auto.s rond, een soort status symbool, en hoe mooier de auto des termeer geld kwam er dan bij zo.n bikker binnen. Overdag zaten deze bikkers veel bij de american-bar in de wagenstraat, zij zaten dan achter de open schuiframen de gebradenhaan uittehangen. En als ze niet in hun auto rond reden dan herkende je zo.n bikker ook,zij zaten onder het goud, ringen, pinkringen, kettingen en de meest dure klokjes.
Halverwegen jaren 60 had ik veel vriendjes in deze buurt,een aantal van hun woonde in het oog in het zeil straatje, een zijstraat van de paviljoensgracht. Het oog in het zeilstraatje werdt door ons het oogie genoemd. Een paar vriendjes woonde daar gewoon, maar een van die gasjes werdt door een tante groot gebracht die daar een hoerenkast had. Het oogie was dan ook onze verzamelplaats, of we speelden daar dan een partijtje voetbal,of gewoon een beetje hangen. Ook zaten wij bij slechtweer veel tekaarten in die hoerenkast van die tante, en als er dan een inval gedaan werdt door de zedenpolitie (want dit gebeurde wel eens) dan gingen wij met een rotgang via de zolder de dakgoot in en bleven daar dan liggen totdat deze mensen weer weg waren.
HOERUH TRANUH.
Tante Dien was ook zo.n vrouw die in die hoerenkast van die jongen zijn tante werkte. Op een middag vroeg zij aan mij en lexie (een jongen uit die straat) ach jongens, zouden jullie deze anvelop even naar ome X op de marktweg willen brengen, zeg maar van tante dien, dan weet hij het wel. Tuurlijk tante dien zeiden wij, en wij op weg naar de marktweg.Maar toen wij in de hobbemastraat liepen vroegen wij ons toch af wat er nu precies in die anvelop zou zitten, nou wij hem een beetje tegen het licht in gehouden, en het leek en voelde naar geld, ff open maken zij lexie, er zat 500 gulden in. Vijf meier zei lexie....... nah tantu dien ken lekker de plurrus krijgu, maar die vijf flappen zijn mooi van ons, wat zeggen we dan vroeg ik, nah zei lexie, dat we hem velorruh zijn. Dus wij terug naar het oogie. Tante dien, begon lexie, wij mottu u iets errags zeggu, wij zijn die kut envelop verlorruh. Oooooh, dat meen je niet lexie, en tante dien begon vreselijk tehuilen, ik begon het echt erg tevinden, pssssst riep lexie tijdens het vreselijk huilen van tante dien, niet op reageruh, dat benne hoeruh tranuh, wij wisten ook niet precies de relatie van tante dien en ome X, maar s.avonds stond tante dien weer op de hoek van het oogie en de paviljoensgracht tepezen, en als dan een van die gasjes vroeg, tante dien hebbie ff een sigaretje voor me, dan zei ze, tuurlijk pik, pak maar op de trap, dus het leed was snel geleden bij tante dien.
Ja dit waren zoals men het noemde, ouderwetse temeijers, die heb je niet meer, en in heel wijk 7 heb je nog maar twee hoerenstraten, waar veelal zuidamerikaanse meisjes werken of junkie.s. En de pooiers van weleer, wat toch ook wel de penose was, bestaan ook niet meer, nu zijn het de loverboys, die meisjes ronselen, een tijd die never nooit tevergelijken is. De legubere rooie lampjes, de velen kroegen, rijen auto.s die s.avonds op en af door de straatjes reden zijn samen met deze temeijers en bikkers verdwenen uit..................WIJK 7.
Het was begin jaren zestig toen Rick dertien jaar oud was.Al heel jong was hij gek van muziek,en net zoals zoveel jongens in die tijd wilde hij dolgraag op gitaarles. Hij kreeg van zijn ouders een studiegitaartje en nam gitaarles bij de muziekhandel, Bas van der Rest in het westeinde.
Het gitaarspelen zat Rick in de vingers en hij ging dan ook in snel tempo vooruit.Ook leerde hij veel van vrienden die al gitaar speelde.Binnenkort zou hij veertienjaar worden en hij wilde dolgraag een elektrische- gitaar voor zijn verjaardag. Hij had bij Henk Suiker op de vailantlaan een hele mooie rode-egmond gitaar zien staan in de etalage,zo een met een witteslagplaat een beetje shadow- achtig,en hij koste maar 50 piek.
De egmond-gitaar was in die tijd de goedkoopste elektrische-gitaar,heel veel beginners kochten dan ook zo.n egmond.Nu geven verzamelaars grof geld voor zo.n egmond.
En waarachtig,Rick kreeg op zijn veertiende verjaardag zijn rode egmond,plus een klein versterkertje,zijn mooiste verjaardags kado ooit. Al waren de buren van Rick hier niet zo blij mee.Hij richte met een paar jongens uit de buurt een band op `` Yellow Green`` en in hun clubhuis vonden zij een oefenruimte,dus nu kon het grotewerk beginnen.Oefenen,oefenen en nog eens oefenen,het hele jarenzestig repertoire bestond uit vier akkoorden, / G/ C/ D/ F/ . Een klein jaar later waren zij klaar voor hun eerste optredens.Deze optredens vonden plaats in klein-house aan de apeldoornselaan, en bij peter van velzen op de beestenmarkt.Het favoriete nummer van Rick was, Apache van The Shadows.Het was voor de haagse bandjes uit die tijd moeilijk om aan de bak tekomen,omdat ieder bandje zo.n 2000 concurenten had.Maar het lukte ``Yellow Green`` goed.
Op zijn 18e kocht Rick bij Servaas dan ook zijn eerste Amerikaanse Fender Strato- Caster.Een jongens droom kwam uit.Rick groeide uit tot een briljant gitarist,en was op zijn 23e al gitaarleraar.Hij moet nog dikwijls aan die tijd terug denken. En zeker als hij het nummer `` Music whas my first love`` hoort. ........Muziek was dan ook Ricks eerste grote liefde.
Ook waren er in de jaren `70 de eerste gijzelingen in denhaag en in nederland,de twee haagse vrienden,Daan.D en Jan B zouden hiermee geschiedenis schrijven,zij waren de eerste gijzelnemers van nederland.
JANUARI 1973, DEIL.
Boerenfamilie wordt gegijzeld door twee haagse bankrovers,Daan.D en Jan.B,na 26 uur is de gijzeling teneinde.De gijzelnemers mogen vertrekken in gezelschap van de moeder van Daan,een advocaat en een ongewapend rechercheur als chauffeur.Zij rijden naar de ouderlijke woning van Daan in het centrum van denhaag.De politie gooit traangasgranaten door de ramen van deze woning.En de gijzelnemers/overvallers worden opgepakt.
AUGUSTUS 1974,WASSENAAR.
Het gezin van de indonesische- ambassadeur wordt door 33 zuidmolukkers gegijzeld.Een agent komt hierbij om het leven.De gijzeling wordt na bemiddeling opgeheven.
SEPTEMBER 1974, DENHAAG
Gijzeling van de franse- ambassadeur en andere aanwezigen in de franse ambasade.De eis van de gijzelnemers, vrijlating van leden van het japanse rode leger.De eis wordt ingewilligd.
SEPTEMBER 1974 SCHEVENINGEN.
Gijzeling in de scheveningse strafgevangenis door criminelen.Het blijkt wederom om de haagse crimineel Daan.D tegaan,een handlanger en een palestijn.De terroristen worden door mariniers opgepakt.
Dick Bos is een particuliere detective die de misdaad op harde manier bestrijdt.Dick Bos was in het begin van de jaren zestig een enorme (strip) held.De man achter Dick Bos is,Alfred Mazure,onder de schuilnaam Maz.De stripboekjes waren iets groter dan een pakje sigaretten en ook net zo dik als een pakje sigaretten,en je kocht ze bij de sigarenboer of in de snoepwinkel.
VERBODEN OP SCHOOL.
Ook was Dick Bos een expert in het jiu-jitsi,veel beelden van deze zelfverdedigingskunst werden in deze strips afgebeeld,dus kinderen gingen deze jiu-jitsi-grepen op school nadoen,waarbij het vaak op vechten uitliep,vandaar dat je deze stripboekjes niet meer bij je mocht hebben op school,deed je dit toch dan werden ze inbeslag genomen.Dus in het vervolg kocht je zo.n boekje tussen de middag om 12 uur,en leesde je hem thuis tijdens de boterham.Zo.n Dick Bos boekje gooide je in de winter gewoon in de kachel als je hem uit had,hij koste slechts 0,50 cent.Maar......... had ze maar in de kast gelegen,want verzamelaars betalen nu kapitalen voor de oude Dick Bos boekjes.Verder is Dick Bos tevergelijken met de latere James Bond,wat weer een film-held werdt.Mischien hebben deze filmmakers het idee Dick Bos wel gepikt van Maz,want hij leek verdacht veel op........DICK-BOS!!!!!!!!
Begin jaren `60 werdt DenHaag uitgeroepen tot Beatstad n.r.1. DenHaag ook wel het Liverpool van nederland genoemd,wat ook de titel is van een mooi boekwerk van ton van steen en bert bossink.Wie hadden we allemaal in DenHaag............ de jumping jewels,rene and hiss alligators,livin blues,the golden earring,groep 1850,the motions,Q65,sandy coast,shoking blue,the shoes,Teeset en nog velen en velen meer.Later kwam natuurlijk ook de bekende indorock in opmars.Midden jaren zestig telde DenHaag zo.n tweeduizend popbandjes.En natuurlijk de over bekende muziekhandel Servaas in de schoolstraat waar deze bands hun gitaren en versterkers kochten.Onze grammafoonplaatjes kochten we bij de bekende haagse platenzaak Muzam in de boekhorststraat.
DE PUCH.
Ook de puch de favorieten brommer van de jeugd maakt begin jaren zestig zijn entree.De eerste 600 puchies werden van uit oosterijk naar nederland geimporteerd,waarvan er 500 naar DenHaag gingen.Ook had DenHaag zijn bekende jeugdbendes zoals,de plu,de kikkers en de beruchte newtonboys, en al deze nozems reden op zo.n stoere puch.Het hoorde er allemaal bij,een vetkuif,kauwgom,een puch en natuurlijk goeie beatmuziek.En tot op de dag van vandaag (2009) mag DenHaag zich nog steeds Beatstad n.r. 1 noemen.
Toen ik een jaar of acht was had ik een vriendje die op de padvinderij zat.Iedere keer opnieuw probeerde hij mij over tehalen om ook bij de padvinderij tegaan,maar daar zag ik niets in,padvinders werden bij ons in de buurt,padluizen genoemd,dus ik zou onmiddelijk mijn gezicht verliezen.Maar eigenlijk was ik best wel jaloers,zeg nu zelf,welk ventje van acht,negen jaar vind een uniform niet spannend.Een korte bruine broek,kaki hemd een dasje, kwastjes aan de sokken en een groene pet die op een halve voetbal leek.Volgens mij hadden de padvinders hun clubhuis in de bosjes van poot....... ja de duinpan was de naam van dit clubhuis.
KLUSJES.
Een keer per jaar was er dan het heitje voor een karweitje.Dan gingen zij de boer op en belde bij de mensen aan of deze een klusje voor hun hadden,en daar moesten die mensen dan een kwartje (heitje) voor betalen.Zij kregen dan de meest verschillende klusjes,zoals het straatje schoonmaken,de bel poetsen,of gewoon wat boodschappen doen.Dus als het heitje voor een karweitje er dan was,dan ging ik samen met dat vriendje op pad om ook wat klusjes tedoen.Aan het eind van de dag werd het geld dan geteld,en moest dan vervolgens afgedragen worden aan de padvinderij.Maar daar was ik het niet echt mee eens.Dus ik zou waarschijnlijk toch geen goede padvinder geweest zijn,omdat ik het geld dat ik verdiend had in mijn eigen zak stopte.Met als gevolg dat dit vriendje niet meer met mij mocht omgaan.En als je dan iets ouder wordt dan merk je vanzelf dat hagenaars en hagenezuh niet samen gaan.Daar zit wel degelijk verschil in.Maar toch alle lof aan de padvindertjes van weleer,ikzelf heb ze nog nooit aan de deur gezien,want ik heb nog wel een paar klusjes,alleen zal dit geen heitje voor een karweitje meer heten,maar waarschijnlijk..............Voor een joet zit je goed.
In de jaren `70 was er de haagse Meester Kraker,Aage.M. In Amerika had je eens,de schrik van het Wilde Westen,wij hadden onze Meester Kraker,Aage.M. de schrik van alle banken.Met zijn specialiteit,de thermische lans,maakte hij alle kluizen open. (een thermishe lans is een withete ijzeren staaf die door het dikste staal heen brandt).Deze staaf bracht Aage.M. Miljoenen op.Aage was een vakman op zijn gebied en gelijk ook een gentleman inbreker,een soort moderne robin hood.Nooit maakte hij slachtoffers,als hij bij een inbraak ontdekte dat er mensen in het gebouw aanwezig waren dan liet hij de klus voor wat het was,en verliet het gebouw net zo stil als dat hij daar binnen gekomen was.
LEEUWARDER GEVANGENIS.
Na ooit gearresteerd tezijn breekt hij op spectaculaire wijze uit,uit de Leeuwarder gevangenis.Hij is dan 31 jaar oud.Bij deze ontsnapping krijgt Aage hulp van buitenaf en weet zodoende in het bezit tekomen van een snijbrander waarmee hij de tralies door zaagt en de benen neemt......Ach die capaciteit heb ik nu eenmaal,zei Aage eens in een interview.Na deze ontsnapping vind hij een onderduik adres bij de politieagente Helma.V.Waar hij ook een relatie mee had.Internationaal werdt hij nu door justitie gezocht,terwijl hij bij de politie zat ondergedoken,over stunts gesproken.Toch zou hij na enigetijd weer opgepakt worden.
“ MIJN NACHTEN MET DE THERMISCHE LANS“
Als bekende nederlander zo ondertussen, schrijft Aage.Meinesz (dit was zijn echte naam) tijdens zijn detentie het boek ``Mijn nachten met de thermische lans`` Een boek dat later door justitie niet meer verkocht mocht worden.Dit boek koste toen 7.95 (guldens) Nu ben ik het al verschillende keren op marktplaats tegen gekomen voor de somma van 50.00 euro.
HET EINDE VAN EEN VOLKS-HELD.
Aage wilde niet meer inbreken,niet meer uitbreken,maar gewoon breken met het milleu.Op de een of andere manier lukt hem dit niet.Hij begint een sexhuis in zeeland,en is verslaafd aan het gokken,deze verslaving kost hem zijn hele vermogen.Hij raakt nog een aantal keren gedetineerd,en sterft dan tenslotte als hij pas 43 jaar oud is aan darmkanker.....Zijn vrienden en kennissen betalen zijn begravenis.
Dik van der Mark was een oude bruine kroeg in het centrum van denhaag.Deze kroeg liep over van nostalgie,zo moesten de heren nog buiten op het plaatsje naar het toilet,en de dames mochten dan bij hoge nood in het woonhuis dat aan de zaak grensde.Er stond een onverwarmd biljart,en de rekening werd nog op een lei geschreven met een griffel.De grammafoon platen zijn altijd de eerste gebleven die ooit in de jukebox gestopt waren.Twee januari 1977 sloot deze zaak zijn deuren,omdat het pand gesloopt ging worden,en de kastelein en zijn vrouw waren te oud om nog een nieuwe zaak testarten.
JOHN EN RINUS.
John en rinus waren twee vrienden die meestal op de zaterdagmiddag een biljartje gingen leggen bij dik van der Mark.Zo ook was brammetje een van de stamgasten.Brammetje dronk altijd wel een stevige borrel,iedere keer opnieuw had hij wel een paar pleisters op zijn voorhoofd van het vallen,ik denk dat brammetje voor zo.n tien gulden pleisters in de week nodig had.Tijdens het biljarten hadden john en rinus iets opgevangen dat brammetje z.n televisie kapot was,ik ben niet veel thuis dus als ik een tweedehandsje kan kopen....... liet brammetje de kastelein weten.Na het biljarten namen john en rinus plaats aan de bar,en zegt john tegen rinus....ik heb nog een oude zwartwit t.v. thuis staan voor in mijn slaapkamer,ik heb dat ding ooit een keer van iemand gehad,,maar ik krijg alleen maar ned.1....als ik de knop door draait,dan heb ik gewoon weer ned.1.Mischien kan ik hem wel aan brammetje verkopen,ging john verder...en jij hebt een auto,dus kunnen we hem met z.n tweeen naar hem toebrengen,dan vraag ik een meiertje,hebben we de man 50 piek.Ja maar hoe wou je dat dan doen,vraagt rinus,je hebt alleen ned.1.Nou dat is toch simpel zegt john,dan zorgen we dat we een paar minuten over acht bij hem zijn,en dan is het journaal bezig,op ned.1 en op ned.2.Hahahaha,ja zegt rinus nu lachent,als je het voor elkaar kan krijgen. .....Tuurlijk zegt john.
NED.1 EN NED.2.
John draait zich nu naar brammetje die aan een tafeltje zit,en zegt met uitgestreken gezicht,Brammetje ik heb nog een goeie zwartwit televisie staan,dus als je wilt kun je die zo voor weinig van mij overnemen.O....en is het nog een goeie dan john,Hu wat heet bram,gewoon een nette televisie,maar ik zeg er eerlijk bij,er zit alleen maar ned.1 en ned.2 op. Ach dat vind ik nou niet zo erg,zegt brammetje....wat moet je er voor hebben dan knul.Uhhhhh ff denken hoor,....ach weet je wat je doet bram,geef mij maar een meiertje en dan kom ik hem nog thuis brengen ook.Nou dat is verkocht john,en wanneer kom je hem dan brengen.Vanavond rond een uurtje of acht kan ik wel even.Nou dat is goed john,dan zie ik je vanavond.Rinus rijdt even met mij mee om mij tehelpen.Nou dat vind ik reuze aardig zegt brammetje nog.
Rond een uur of acht die avond zijn john en rinus bij Brammetje.Brammetje had het financieel niet echt slecht en bewoonde een mooi huis in het statenkwartier.Kijk zegt john,toen hij de t.v. had aangesloten,zo staat hij op ned.1 en als je dan aan deze knop draait...hup...dan staat hij op ned.2.Nou Brammetje probeerde het ook nog een keer en zei halfdronken......helemaal geweldig kerel,en hij geeft nog mooi beeld ook.Hij wist niet dat hij twee keer naar ned.1 gekeken had.Psssssssst riep rinus naar john,en seinde met zijn ogen naar de klok,het journaal was bijna afgelopen.Willen jullie nog een biertje vroeg brammetje.Nee zei john, wij moeten snel weg,dus gaf brammetje een briefje van honderd aan john en bedankten de vrienden nog eens vriendelijk.Nou zei rinus in de auto tegen john....kunnen we nog wel even een biljartje gaan leggen,.......en was het bij hun eerste biertje.........``Proost Brammetje.``
Iedereen kan zich het lekkere kingcornbrood van Hus nog wel herinneren,of de reclame leus ``Ik ga bij japie wonen``De broodfabriek van Hus was gevestigd in de jacobcatsstraat,vanuit deze fabriek werd er zes dagen perweek de honderden Huswinkels bevoorraad.S.morgens vroeg was het dan ook al een drukte van jawelste in de jacobcatsstraat,daar werden dan al vroeg de vrachtwagens geladen,deze vrachtwagens reden dan vervolgens de hele dag op en aan in deze straat.De expeditiechefs waren de heer Bos en de heer Kamp,de heer Bos hield zich meer met de export bezig,Hus reed namelijk ook met een paar scania.s op duitsland en frankrijk om daar de legerplaatsen tebevoorraden.Verder had Hus nog vestigingen in morgenstond,de zorgvlietstraat (Lensvelt Nicolaas) en in de spaansepolder in Rotterdam.
NELIS.
De rijswijksestraat liep paralel met de jacobcatsstraat,en daar was de gebaksafdeling,de chef van deze afdeling was Nelis.Niet alleen het personeel maar ook veel buurtbewoners (schilderswijk) konden Nelis,een echte hagenees.De chauffeurs en bijrijders met wie Nelis het goed kon vinden kregen iedere zaterdag van hem als zij de laatste gebakskratjes kwamen terug brengen een doosje gebak van hem,voor thuis.
De krenten en rozijnen die in deze fabriek verwerkt werden kwamen uit een fabriekje gelegen in de waldorpstraat.Iedere maandagmiddag werdt daar een vrachtwagen voor ingezet,en de chauffeur en bijrijder die deze klus dan kregen waren hier dan ook nooit zo blij mee,omdat dit best een zwaar karwei was.Deze krenten en rozijnen zaten verpakt in 50 kilo baaltjes waarvan er iedere maandagmiddag honderden van aangevoerd moest worden.
SLACHTHUIS.
Er waren mensen die in augustus al smulden van een banketlettter of een kerststol,deze werden in deze maand al gebakken om vervolgens vervoerd teworden naar de vriescellen die gelegen waren op het complex van het slachthuis aan de slachthuiskade.En ....tja....die appelen vaart die appelen eet,dus er werden weleens wat banketletters en kerststollen achter over gedrukt,die dan weer op het slachthuis geruild werden voor vlees.
BEVROREN.
Nu we het toch over bevriezen hebben,wat ook een vertrouwd beeld was in de jacobcatsstraat op de vroege wintermorgen waren de oranje zwaailichten van de landrover uit de garage van Hus,deze reed dan smorgens op en neer door de straat om de vrachtwagens aanteslepen,aangezien deze op gas liepen bevroren deze gastanken s.nachts bij nachtvorst.
Kortom een stukje nostalgie,de broodfabriek, de Huswinkeltjes, de vrachtwagens en de broodkarretjes hoorden toen bij het straatbeeld van denhaag.
Op de hoek van de boekhorststraat en de prinsegracht,waarnu een cinees inzit had je het grote muziekcafe `Wuck Taverne`` Iedere zaterdagavond speelde daar een indo- rock-bandje z.a. The Tielmanbrothers.Samen met een neefje van mij (die een aantal jaren daarna, daar zelf zou optreden als gastdrummer in een band) gingen wij daar dan voor de open deur staan kijken naar zo.n band,prachtig vonden we dat,de portier stond dan al telachen als wij aankwamen en zei dan altijd...zo,zijn jullie er weer.Maar als het dan later en ook drukker werdt,stuurde hij ons weg.
Een keer perjaar ging je daar dan op woensdagmiddag met je moeder naar toe.Dan zaten sinterklaas en pieterman daar,en was het een sinterklaasmiddag voor de kinderen.Je ging dan ook op de foto met sint en piet,en kreeg dan een presentje.
Veel hagenezuh zullen zich dit muziekcafe nog herinneren,``Wuck Taverne`` was toch wel een begrip in denhaag,mischien wel leuk om teweten,dat de eigenaar van dit cafe de vaste acordeonist was van Johnny jordaan.Toen Wuck Taverne ophield tebestaan,begon deze eigenaar het gezellige cafe,archipel in de bankastraat.
Vandaar dat ik toch een klein stukje wilde wijden aan dit oer haagse muziekcafe ““WUCK TAVERNE““
Ook bij de haagse voetbalvereniging kranenburg werdt er iederjaar rond sinterklaas op de deur geklopt.Dit waren altijd leuke sinterklaasfeesten met mooie kadotjes voor de jeugd.Voor het bestuur was het iederjaar weer,vragen en vragen aan mensen wie er voor sinterklaas wilde spelen,of dat zij mischien een goede sinterklaas kenden.Huren kon natuurlijk ook,maar als dit op vrijwillige basis kon,dan bleef er weer wat meer geld over voor de feestmiddag zelf.En met een vrijwillige sinterklaas zat je ook niet zo aan tijd gebonden plus dat deze de kinderen ook meestal wel kende.Dit jaar zou er een vader van een van de welpjes voor sinterklaas spelen,het was een,je kunt wel zeggen, stevig gebouwde buschauffeur van de htm.Deze had hier evaring mee,omdat hij ook iederjaar sinterklaas was bij clubhuis het Anker wat bij hem in de buurt gelegen was.
PODIUM STORT IN.
Op deze bewuste sinterklaasmiddag zijn er al vroeg veel kindertjes in de sportkantine,door de zenuwen zijn zij erg druk en uitgelaten,en de ouders hadden zoiets van,waar blijft die sinterklaas nu,dan worden ze wat rustiger.Eindelijk kon dan het lied `` Sinterklaasje komt maar binnen met je knecht`` gezongen worden.Met rode kleuren op hun gezichtjes zongen de allerkleinste dan ook uit volleborst.Op het moment dat de goedheiligman plaats wilde nemen in zijn stoel,stort het hele podium in,ook sinterklaas valt hierbij achterover en roept van schrik in plat haags, kreig du peskankah . Gelukkig raakte niemand gewond,maar waar de kinderen eigenlijk het meest van geschrokken waren,was wel van de vloek die sinterklaas uitschreeuwde toen hij achterover viel.Met veel gehijs werdt sinterklaas weer overeind getrokken en van het kapotte podium afgeholpen om dan maar ergens anders in de kantine plaats tenemen.Ondanks het voorval werdt het toch nog een leuke middag.al bleven er nu toch wel een hoop kindertjes twijfelen aan sinterklaas,want een vloekende sinterklaas,....tja.........dat moet een hageneez zijn.
De sloophamer ging nu ook door de oude Hemsterhuistraat,dus ook het oude schoolmuseum moest gesloopt worden om plaats temaken voor nieuwbouw.Op de hoogte van dit oude schoolmuseum zou een buurtpark gerealiseerd worden,dat dan zou komen teliggen tussen de hemsterhuisstraat en de zorgvlietstraat.Tijdens het aanleggen van dit buurtpark was er plotseling een bouwstop.Er waren wat linten gespannen terhoogten van wat eens de tuin van het schoolmuseum was.Voorzichtig werd daar nu de grond afgegraven.
ZE ZOEKEN EEN OLIFANT.
Vanaf een afstandje stond Jan zo naar deze afgraving tekijken en vroeg zich af waar voor dit gedaan werdt.Daar kwam Trien aan,Trien een liefhebster van een flesje bier,bleef ook even staan,toen Jan aan haar vroeg of zij mischien de reden wist van deze afgraving.Ze zoeken een olifant liet Trien weten.Nu begon Jan zich toch zorgen temaken om Trien,hij dacht dat de drank Trien naar het hoofd was gestegen. Maar inderdaad,het bleek waar tezijn,er werdt gezocht naar het skelet van een olifant,dat begraven bleek teliggen in de tuin van het schoolmuseum.Maar helaas,er werdt op de verkeerde plek gezocht,de olifant bleek twintig meter verderop teliggen,maar door de hoge kosten die deze bouwstop met zich meebracht,werdt besloten om de olifant maar telaten liggen en verder tegaan met de nieuwbouw.
TONI BOLTINI.
Even voor de tweede wereld oorlog kwam er in het circus,toni boltini de olifant jenny teoverlijden.Het schoolmuseum kocht dit kadaver van het circus met de bedoeling om ooit het skelet van jenny optezetten in het museum.Om dit tekunnen realiseren liet het museum het kadaver eerst rotten in een water van het zuiderpark,toen dit proces achter de rug was brak de oorlog uit.Men besloot toen om het skelet van de olifant tebegraven in de tuin van het museum om het zodoende na de oorlog tekunnen opzetten in het museum.Dit is echter nooit gebeurdt,en is de tuin van het museum de laatste rustplaats gebleven van de olifant jenny.
Een opmerkelijk verhaal van een olifant die begraven ligt in een volksbuurt van een grote stad.Het nieuwe buurtpark kreeg dan ook de toepasselijk naam ``Jenny Plantsoen``
De Bullterrier is een toppertje onder de hondenrassen,hij is komisch,houd van uitslapen,is eerlijk,kan met iedere hond opschieten,maar laat zich niet bijten,laat je nooit steunen,is liever lui dan moe,is erg sociaal,is ook een koekjesmonster,maar lust verder dan ook alles,kan slecht luisteren,heeft zeker een eigen wil en is een gabber voor het leven.Kortom de hageneez onder de honden.
OCKENBURG.
Jan was de eigenaar van zo.n bullterrier,sara was haar naam,maar in de buurt noemde iedereen haar saartje.Iedere dag maakte jan wel een stevige wandeling met haar,waarna bij thuiskomst sara voor de rest van de dag in een diepe slaap viel.Vandaag zouden jan en sara samen met twee vrienden en hun honden naar het landgoed ockenburg gaan,de twee vrienden hadden een herder en een bouvier.Met de auto werdt er dan naar ockenburg gereden waarna je bij aankomst lekker kon wandelen over het landgoed,heerlijk vonden de honden dit.
PITBULL.
Verder was er ook een groot theehuis gevestigd op ockenburg,dus na een tijdje met de honden gelopen tehebben gingen de vrienden lekker even op het terras van dit theehuis zitten.Maar dit theehuis verkocht ook lekker koudbier en het was lekker warm weer,dus de keus was snel gemaakt..........drie bier a.u.b. Na een tijdje op het terras gezeten tehebben kwam er ineens een serveerstertje in paniek het restaurant uitrennen en vroeg aan de mensen op het terras...........wie heeft er een pitbull,want daar werden de bulletjes nog al eens voor aangezien in die tijd.Jan keek onder zijn stoel en zag dat sara weg was (altijd op zoek naar eten) o,u bedoeld een bullterrier vroeg jan nu aan de serveerster.......ja dat kan ook...antwoorde zij zenuwachtig,...ja die is van mij,hoezo? wilt u hem alstublieft de keuken uithalen.Jan moest lachen en liep met de serveerster mee het restaurant binnen richting keuken..Daar aangekomen kwam er weer een kelner in paniek hun tegemoet.........vlug,vlug, zei deze.....hij is nu het restaurant in,dus jan het restaurant in.Nu zag jan dat er een receptie in het restaurant aan de gang was,met mensen in smoking en in het lang,je kent dat wel.Iedereen zat doodstil aan hun tafeltje en gaven geen kik,je zag aan hun gezichten dat ze zich zwaar bedreigd voelde,jan keek de ruimte eens door en riep twee keer hard en op strenge toon.....SARA,.....,waar door de aanwezigen nog eens extra schrokken,maar dat moest wel,anders kwam ze gewoon niet.En jahoor daar kwam saartje in een drafje aan,met links uit haar bek een broodje kaas en rechts uit haar bek een broodje ham,die had ze gewoon van een van de schalen gehaald,logisch,niemand zei er immers iets van.Jan moest hier dan ook smakelijk om lachen en zei tegen die kelner dat hij de broodjes op de rekening kon zetten,maar deze zei dat ze van het huis waren als jan sara buiten maar stevig aan de riem wilde houden,wat hij dan ook deed.Na nog een biertje genomen tehebben vertrokken de vrienden weer huiswaarts.
Als je moeder het over ,vroeger had, toen jezelf klein was,dan zei je wel eens......ja joh mens....met je vroeger,en dan zei je moeder.......dalijk zal ik je mens.En voor dat je het weet heb je het zelf over vroeger.Maar gelukkig staan de jongeren hier niet bij stil,dat deden wij ook niet.Vandaar dat het zo nu en dan ook leuk is om aan die tijd,zonder zorgen, terug tedenken................Vroeger!!
DE BOEKHORSTSTRAAT.
In de boekhorststraat brand het licht tot s.avonds laat,zong de haagse zanger Cees Draaier,in zijn lied ``Kerstmis in Denhaag``,en zo was het ook.De boekhorststraat was de straat van alle haagse tieners.Een smalle lange winkelstraat met aan twee kanten de tram er door heen,lijn 10,een en al winkels,cafetaria.s,kroegen en drie beruchte bioscopen,Roxy,Hollywood en Thalia.Vanaf je twaalfde jaar ging je er al zo.n beetje heen,zondags naar de bioscoop,roy rogers,spartacus of eddie constatini.En als je dan al werdt toegelaten bij een film van boven de veertien terwijl je pas twaalf was dan liep je naast je schoenen,en als je dan weer veertien was en je kwam binnen bij een film van boven de zestien,nou dan hoorde je er helemaal bij he.Dan liep je met je runner sigaretje als een koning door de straat,en je keek natuurlijk tegen die gasten van zestien op,want die reden met hun mooie puchs door de straat heen en weer,vetkuiven en nozems werden zij genoemd,ja dat vond je stoer,en wat duurde het toch lang voor dat je zelf zestien was.
LIMBURGS- PATAT -HUIS.
En ja de lekkerste patat kocht je natuurlijk in het limburgs patat huis,waar ook altijd de jukbox lekker hard aan stond.Toch had je ook mensen die de patat daar minder vonden,en die kochten het dan verderop in de straat.Achter in de straat tegen over de bioscoop roxy had je dan zo.n tentje,het was een vies en smerig tentje,de eigenaar was een klein vienijnig joodje,alles was daar vet,behalve het eten.Zo ging ik een keer met een patatje van limburg in mijn hand met een vriendje daar naar binnen,omdat hij daar een patatje wilde halen,maar wat ik niet wist was,dat dat joodje er niet tegen kon als er iemand met iets van limburg bij hem binnen kwam,hij stierde achter zijn toonbankje vandaan,pakte mij bij mijn arm,en smeet me zo de boekhorststraat in.Ik dacht,wat een kankah vent joh,ik keek nog even naar mijn limburgspatatje en zei tegen het zakje,ja dan moet je er toch maar aan geloven,ik drukte het zakje tegen de winkelruit van het joodje en smeerde het helemaal in met de vette friet en mayonaise,.......toen ontplofte die gast achter zijn toonbank,met stoom uit zijn oren heeft hij mij toen nagezeten tot aan de prinsegracht,gelukkig heeft hij mij niet tepakken gekregen,anders had hij mij opzeker vermoord.
Zo zijn er heel veel hagenezuh die zo hun herinneringen aan de boekhorststraat hebben,ik had het in iedergeval niet willen missen.
Ben en Hannes waren twee autohandelaren die hun garage in het centrum van denhaag hadden.Gerrit was een collega autohandelaar bij hun uit de buurt.Gerrit ging iedere morgen een bakkie koffie drinken bij Ben en Hannes,dit omdat Gerrit moeilijk van een piek af kon en gek was op gebak,en even verderop in de straat van Ben en Hannes zat een lekkere banketbakker die bijzonder lekker gebak verkocht.En iedere morgen als Gerrit bij de twee in de garage kwam en een bakkie kreeg dan was het van.............is er geen gebak bij........joooooh haal even een paar gebakjes verderop man.En Ben die het niet aan zijn hart gebakken zat ging dan ook meestal een paar gebakjes halen,om van het geouwehoer af tezijn.
LAMPIE.
Tot op een ochtend Gerrit weer voor een bakkie kwam,en weer begon tezeiken over een gebakkie.Wanneer haal jij een keer een paar gebakkies,vuile keel zij Ben nu tegen hem,Ben werdt er doodziek van iedere morgen dat geouwehoer over dat gebak.Nou ik ga wel een paar gebakkies halen zei Ben, maar morgen ben jij een keer aan de beurt.Ben haalde drie morkoppen,maar had ook een autolampje in zijn zak gestoken voor dat hij naar de bakker ging,en dat lampje was voor Gerrit z.n gebakkie.Onderweg maakte Ben de gebaksdoos open en draaide aan de onderkant van een morkop het lampje het gebakje in, zo zei Ben in zichzelf,die is voor ome Gerrit.Eenmaal terug in de garage deelde Ben de gebakjes uit......O.lekker zei gerrit nog......die morkoppen zijn daar zo lekker joh.Bij de eerste grote hap die Gerrit nam was er nog niets aan de hand,maar bij zijn tweede grote hap hoorde ze een afgrijselijk gekraak in Gerrit zijn mond,Bij een hoop geproest kwam het autolampje bij Gerrit uit z.n mond en het andere stuk gebak gooide hij kwaad een hoek in.Bij een hoop gekanker en gekrijs dat dit geen geintjes meer waren verliet Gerrit de garage.Hij is ook nooit meer op de koffie geweest,en tot op de dag van vandaag heeft hij bij een hoop haagse auto handelaren een bijnaam overgehouden............Lampie.
Het is zaterdagmiddag als joop met zijn zoontje ricardo van dertien in zijn stamkroegje ``de brasem`` aan de veenkade zit.Even lekker een paar koude kletsers en zijn zoontje een colatje.De Brasem is een echt buurtcafe waar nog echt van die oude jongens krentenbrood komen.Iedereen kent iedereen.
TANTE RIET
Joop zit een beetje gezellig te ouwehoeren aan de bar met wat andere stamgasten als tante riet binnenkomt lopen met haar boodschappen wagentje.Nou wat ik nou mee maakt,begint tante riet gelijk,.....dat is niet normaal meer...het is gewoon verschrikkelijk.Wat is er gebeurt tante riet,vragen de mensen nieuwsgierig aan de bar.Sta ik net aan de kassa bij de konmar in de elandstraat begint tante riet,staat er zo.n wijf voor me,en die zegt ineens tegen dat meisje achter de kassa.......ach kijk is wat ik hier nu vind,een briefje van honderd,dus dat meisje roept die mevrouw van de hoofdkassa er bij,en die zegt....o,dan moet u een formulier invullen,en als het binnen veertiendagen niet is opgehaald,dan is het van u.......zou die even gek zijn,gaat tante riet verder,dat stop je normaal toch lekker in je zak.Wat wil je drinken tante riet,vraagt aad de barkeeper nu.Nou geef mij maar een koud flesje bier van de schrik.
MET EEN GERUST HART NAAR HUIS.
Pap,zegt ricardo tegen zijn vader,ik ga even naar buiten hoor,ik ben zo terug....blijf je in de buurt,zegt joop dan tegen z.n zoon.......jaaaaa, en weg is ricardo.Iedereen zit nog even wat na tepraten met tante riet over dat briefje van honderd als ricardo na een kwartiertje weer binnen komt lopen.Ome aad,roept ricardo naar de kastelein.....wilt u iedereen een drankje van mij geven.Heb je zoveel geld dan,vraagt de kastelein aan de jongen.Ja hoor,en ricardo laat een briefje van honderd zien.Hoe kom jij daar aan,vraagt zijn vader nu verbaasd.Van de konmar,zegt ricardo nu.Van de konmar vraagt zijn vader,maar hoe dan??
Kijk zegt ricardo,ik ben naar de konmar gegaan en ben gelijk naar de hoofdkassa gelopen,toen vroeg die mevrouw die daar zat wat zij voor mij kon doen.En ik zeg,ach mevrouw ik moest van mijn moeder boodschappen doen omdat zijzelf ziek is,en daarna moest ik ook nog naar de stomerij,maar nu ben ik honderd gulden verloren en durf ik eigenlijk niet naar huis,vandaar dat ik even komt vragen of het mischien hier gevonden is.Nou loop maar even mee,zei die mevrouw toen heel vriendelijk,zij ging een lade in en gaf mij het briefje van honderd......hier knul zei ze,je kunt met een gerust hart naar huis.Nu lag iedereen dubbel van het lachen,een rondje van ricardo riep de kastelein.Dus ricardo had een leuke dag,en tante riet kon wel huilen,haar hele weekend was verziekt.
Vlak nabij het westeinde heb je de gezellige oude haagse straat Het Slijkeinde.Het Slijkeinde lag vroeger midden in een volksbuurt,nu staat er wat nieuwbouw omheen,maar het oude Slijkeinde bestaat nog.Dit is ook de straat waar de bekende hagenees Dolf Brouwers het grootste gedeelte van zijn leven heeft gewoond.Dolf Brouwers,beter bekend als Sjef van Oekel was een leuke en gezellige buurtgenoot,wij hagenezuh noemen zo.n iemand,een toffe brochem.De kindertjes uit de straat noemde hem Ome Dolf.Dolf had niets van capsones,en had voor een ieder een praatje.........lekker gewoon.Velen bekende nederlanders behoorden tot zijn vriendenkring waaronder ook Prins Willem Alexander die dolf van tijd tot tijd nog wel eens opzocht.Dit soort visite.s waren in de volksstraat dan ook gewoon geworden,niemand keek hier nog raar van op.
VERKEERDE PORTIEK.
Dolf en zijn vrouw waren al aardig op leeftijd,en zijn greetje zag het ook allemaal niet zo helder meer.Op een middag kwamen zij met de auto thuis van het boodschappen doen.Greetje stapte met een boodschappentas uit en ging vast richting portiek,terwijl Dolf de auto opslot deed.Aan de overkant van de straat stonden een paar werkmensen voor hun garage tepraten,zij zien greetje een verkeerde portiek in lopen,terwijl Dolf nog met zijn auto bezig was en dit dus verder ook niet zag.Dolf......roepen nu de werkmensen vanaf de overkant.......Dolf...je vrouw gaat de verkeerde portiek in......Ach........zegt Dolf,en ook hij liep die portiek in om vervolgens met greetje er weer uit tekomen,arm in arm liepen zij nu richting hun portiek,waarop Dolf lachend naar de overkant roept........ als ik dit 50 jaar geleden had geweten,dan had ik ter nooit getrouwd.Waarop iedereen smakelijk kon lachen.Dolf Brouwers was een echte hagenees,met het hart op de goede plek........UJA WEL !!!!!!!!
Robbie en Hansje waren twee haagse gasjes van een jaar of twaalf en woonde in het kortenbos in het hartje van de binnenstad.Altijd waren deze twee wel op straat tevinden,waar zij ook regelmatig rottigheid uithaalde.Zo ook deze keer toen zij op een zondag avond rond zeven uur in de torenstraat liepen.Terhoogte van de hoeden en pettenwinkel bleven zij staan,zij stonden een beetje door de etalage naar binnen tekijken toen robbie een klein raampje onder de etalage zag,zullen we hier door naar binnen gaan zei robbie nu tegen hansje.......jaaaaa riep hansje.....je weet nooit wat er binnen leg.
Met twee korte schopjes schopte robbie het raampje er uit waar door de twee naar binnen kropen,zij kropen iets verder door dan eigenlijk nodig was,totdat robbie tegen een soort draad aankroop,plotseling hoorde ze een soort gesuis boven hun hoofd dat gevolgd werdt door een harde knal.De eigenaar van de winkel had een draad boven de vloer gespannen die gekoppeld was aan een kruisboog.Alarm had je nog niet echt in 1966 en een hoop winkeliers verzonnen zelf antiekraak methodes.Gelukkig dat de twee waren blijven kruipen,anders had opzeker een van de twee jongens dodelijk gewond geraakt.Door het voorval waren zij enorm geschrokken maar zij besloten toch verder tekijken,want voor een paar hoeden en petten span je niet zo.n gevaarlijk draad.
Achter in de winkel vonden zij dan ook twee behoorlijke kistjes,eerst werd de een open gemaakt,deze zat vol bankbiljetten waaronder ook briefjes van duizend en honderd gulden,zulke briefjes hadden zij nog nooit gezien.En het andere kistje zat vol met munten,knaken,guldens,dubbeltjes en kwartjes,zij vonden het beter om hun zakken vol tedouwen met muntgeld en het papiergeld telaten liggen........Maar nu staan wel onze vingerafdrukken op het papiergeld zei hansje nu.Geen probleem,zei robbie,hij piste over het papiergeld heen en zei....hup, en weg zijn de vingerafdrukken,maar robbie kon het toch niet laten om stiekem snel een briefje van tien in zijn zak testeken.Zo en nu vlug terug naar de straat om het muntgeld tetellen wat nog een aanzienlijk bedrag bleek tezijn.
Die woensdag erop besloten robbie en hansje om lekker naar scheveningen tegaan,zij hadden nu toch geld zat.De afgelopen dagen hadden zij zich tegoed gedaan aan snoep,patat en bioscopen,waar de andere vriendjes uit de buurt ook van meegenoten.Eenmaal in scheveningen gingen zij een bezoekje brengen aan de pier.Toen robbie met het briefje van tien wilde betalen bij de botsautotjes vertrouwde de kassier het niet zo,tja,de twee zagen er echt uit als een paar schoffie.s,en een briefje van tien was in 1966 best wel geld. De kassier nam het briefje van tien aan en vroeg of zij even wilde wachten,hij belde de politie.En ja hoor,twee grote agenten verschenen op de pier.Toen robbie en hansje geen verklaring konden geven hoe zij aan het briefje van tien kwamen moesten zij mee naar het politiebureau.Daar kwamen zij met het verhaal van de inbraak op de proppen,met alle gevolgen van dien.
Niet echt een zaak voor Peter R de Vries,maar wel een spannend jongensavontuur van twee volksbuurt kwajongens uit die tijd.
In het begin van de jaren `70 werdt er door een groep haagse jongeren veel aan scannerrijden gedaan.Scanner rijden is de politieband afluisteren via een scanner vanuit de auto.Deze groep bestond uit minimaal tien auto.s met ongeveer drie inzittende per auto,dus al snel zo.n dertig man.Deze groep was dan ook een doorn in het oog van de haagse politie,zij vonden hun maar een sta in de weg.In deze tijd zou zoiets niet meer gaan,dan heet dit samenscholing en is verboden,maar daar had men toen nog nooit van gehoord. Wettelijk was hier niets aan tedoen,want scannerrijden was niet verboden.Ook werden deze scannerrijders wel meeluisteraars genoemd.De auto.s van deze meeluisteraars varieerde van sloopauto.s tot dikke mercedessen of amerikanen.De meeste meeluisteraars waren werkeloos.Het scannerrijden gebeurde dan ook laat in de avond en in de nacht.De verzamelplek van deze groep was bij florencia (ijssalon annex koffiehuis) waar je toen nog voor de deur kon parkeren of bij het kleine tankstation wat toen nog bij florencia voor de deur gelegen was.Vanaf deze plek reed men uit,om dan na ieder bericht hier weer terug tekeren.
DE AANSLAG.
Bij rustige nachten kwamen de meeluisteraars zelf in aktie.Zo besloot men een keer op een rustige nacht om een aanslag teplegen op de politieauto.s die bij het politiebureau voor de deur geparkeerd stonden.Dit was het oude politiebureau naast de nutsspaarbank aan de janhendrikstraat.Voor deze aanslag moest er eerst naar de Menken Melk Fabriek aan de marktweg gereden worden,waar vervolgens tientallen pakken vla werdt gestolen.Met deze pakken vla werdt er terug gereden naar de janhendrikstraat,langzaam reed men nu voorbij het politiebureau om deze pakken vla vanuit de rijdende auto.s met kracht tegen de politiewagens tegooien.Een politieauto die niet geraakt was zette de achtervolging in.De meeluisteraars gaven vol gas en schoten ieder een kant op,zodat er maar een auto gepakt kon worden.Het was het oude opel kadettje van tatoo hans wat klem gereden werdt,en natuurlijk moest hans samen met zijn drie mede passagiers mee naar het bureau.
Na een kwartier was het weer iets rustiger en besloot de groep om weer langzaam langs het politiebureau terijden,daar aangekomen was het lachen,gieren en schreeuwen,want daar stond tatoo hans en zijn vrienden met een emmertje sop de politiewagens schoontemaken die helemaal onder de gele vla zaten.Met een lang gezicht keken zij de groep meeluisteraars na.
STEEKPARTIJ BINNENHOF.
Ook de politie ging nu op rustige nachten dingen verzinnen om de meeluisteraars een loer tedraaien.Het werdt een soort kat en muis spelletje.Zo kwam er op een nacht het bericht over de scanner dat er een steekpartij plaats vond voor het binnenhof.De motoren werden gestart en men reed met hoge snelheid over de groenmarkt richting binnenhof.Aan het eind van de groenmarkt stond een politievuik de meeluisteraars op tewachten,die allemaal een procesverbaal kregen,omdat er op de groenmarkt niet met de auto gereden mocht worden,en dat van die steekpartij bleek niets van waar.Zo werdt er ook niet meer op inbraken gereden,de meeluisteraars waren er dan eerder dan de politie zodat zij de inbrekers konden waarschuwen,en als dan de politie terplaatsen kwam was de vogel gevlogen.Vandaar dat de politie bij een inbraak over ging tot het arresteren van meeluisteraars,die dan verdacht werden van inbraak.De politie wist ook wel dat zij de daders niet waren,maar dan waren ze voor deze nacht weer een paar meeluisteraars kwijt.
HUMOR.
Tatoo hans waar ik het net over had was ook degene die altijd voor lol zorgde.Het was een klein dik ventje met een beetje lang peenhaar een dikke bril op en helemaal onder de tatoo.s.Hij werdt ook wel tweetie genoemd,een van zijn favoriete tatoo.s.Hans was zeer komisch.Zo stonden deze meeluisteraars op een nacht tekijken bij een sloopauto die in de brand stond,ook tatoo hans stond tekijken en het leek wel of hij met zijn pik uit zijn broek stond,waarop een vrouwelijk agent zegt,..... hallo doe dat even naar binnen.... hoezo zegt hans.....hij hangt mij niet in de weg,waarop de agente een beetje pissig werdt en nu snauwde van...... en nu doe je dat ding naar binnen anders bent u aangehouden,waarop hans zei... okay,hij pakte het ding en deed het in zijn jaszak,het bleek een neplul tezijn,waarop iedereen in een deuk lag,behalve de agente.
Het is wel zeker dat deze groep meeluisteraars er aan bijgedragen hebben,dat je op een gegeven moment niet meer de politieband kon afluisteren.Toen dit inderdaad niet meer kon stopte het scannerrijden.Natuurlijk is deze groep ook een stuk ouder geworden,maar zij komen nog steeds bij florencia als klant,en nog regelmatig worden er oude verhalen opgehaald waar dan ook nog vreselijk om gelachen wordt.En zeg nu eerlijk...zo crimineel was dit toch niet,al vond de politie van wel.Wat zouden de nachtjongeren van nu doen? .......daar kun je natuurlijk van alles bij verzinnen.Nachtjongeren zullen er altijd zijn,en een ieder in zijn of haar tijd.