Inhoud blog
  • Vastentijd : tijd van beschouwing - deel 14
  • Vraag om verlichting van pijn
  • De zonde revisited
  • Bryan Melvin
  • Geen toeval: de 10 geboden
  • The Life of St Joseph - Maria Cecila Baij O.S.B.
  • The Life of St Joseph - Maria Cecila Baij O.S.B. - deel 2
  • Vastentijd : tijd van beschouwing - deel 13
  • Genaden verbonden aan de H. Mis
  • Vastentijd: tijd van beschouwing - deel 12
  • De verschillen tussen de Islam en het Christendom - 2/2
  • Luz de Maria 17/3
  • Luz de Maria 10/3
  • De verschillen tussen de Islam en het Christendom
  • Luz de Maria 4/3
  • Pastor Enoc 13/3
  • Vastentijd : tijd van beschouwing - deel 11
  • Vastentijd : tijd van beschouwing - deel 10
  • Vastentijd : tijd van beschouwing - deel 9
  • Hemels geluk
  • Vastentijd : tijd van beschouwing - deel 7
  • Intriest
  • Vastentijd : tijd van beschouwing - deel 8
  • Vastentijd : tijd van beschouwing - deel 6
  • Mars van het Jerichogebed - deel 4
  • Mars van het Jerichogebed - deel 3
  • Mars van het Jerichogebed - deel 2
  • Mars van het Jerichogebed - deel 1
  • Kinderen van de vernieuwing tot 2/3 - uitleg Amerikaanse partijen
  • De liturgie in het vroege christendom en erna - deel 28
  • De liturgie in het vroege christendom en erna - deel 27
  • De liturgie in het vroege christendom - deel 26
  • Een teken aan de wand
  • Vastentijd : tijd van beschouwing - deel 5
  • Vastentijd : tijd van beschouwing - deel 4
  • Linda Noskewicz 4/3
  • Linda Noskewicz 6/3
  • Pastor Enoc 4/3
  • Boodschap van Mario te Brindisi 5/3
  • Vastentijd : tijd van beschouwing - deel 3
  • Internationale vrouwendag, ook door God gewild
  • Vastentijd : tijd van beschouwing - deel 2
  • Vastentijd : tijd van beschouwing - deel 1
  • De liturgie in het vroege christendom - deel 25
  • Valeria Copponi tot 27/2
  • Boodschap van Ned Dougherty 2/3
  • De H. Familie in het Noorden van Egypte - deel 6
  • De H. Familie in het Noorden van Egypte - deel 5
  • Aswoensdag
  • De H. Familie in het Noorden van Egypte - deel 4
  • De H. Familie in het Noorden van Egypte - deel 3
  • De H. Familie in het Noorden van Egypte - deel 2
  • Ik hou van jullie
  • Linda Noskewicz 20/2
  • Luz de Maria 26/2
  • Pastor Enoc 26/2 en het Doopsel
  • De H. Familie in het Noorden van Egypte
  • Het Offer van Jezus : het Kruis
  • De liturgie in het vroege christendom - deel 23
  • Pastor Enoc 24/2 en de 10 geboden (Vassula Ryden)
  • De liturgie in het vroege Christendom - deel 24
  • Het Offer van Jezus : het Kruis
  • De Heilige Mantel van de H. Jozef : 30 dagen noveen
  • Gebed tot Maria
  • De Heilige mantel van de H. Jozef : 30 dagen noveen
  • Globale economie : Luz de Maria
  • Ultieme kroontje van het Kostbaar Bloed en toewijding
  • Algemene opkuis gevraagd in de Kerk
  • Luz de Maria 20/2
  • Gedachten
  • Valeria Copponi : tot 13/2
  • De liturgie in het vroege christendom - deel 22
  • De liturgie in het vroege christendom - deel 21
  • De liturgie in het vroege christendom - deel 20
  • De liturgie in het vroege christendom - deel 19
  • Wat is er zo erg aan abortus...
  • Luz de Maria 8/2
  • Hoe kun je blijven zondigen?
  • Barmhartigheid...
  • Luz de Maria 14/2
  • Linda Noskewicz 7/2
  • Linda Noskewicz 8/2
  • Linda Noskewicz 11/2
  • Linda Noskewicz 13/2
  • Korte lijst van wapenrusting van Pastor Enoc
  • Gebed ter bescherming van onze missie
  • Pastor Enoc 11/2
  • Visioenen die beklijven : kans om te vergeten: NIHIL
  • Luz de Maria : werken van barmhartigheid
  • Kinderen van de vernieuwing - 6/2/2019
  • Kinderen van de Vernieuwing - tot 11/2/2019
  • De liturgie in het vroege christendom - deel 18
  • Boodschap van Mario te Brindisi 5/2/2019
  • De Nashvilleverklaring
  • Een wereldreligie nabij - deel 2
  • Een wereldreligie nabij - deel 1
  • Vreedzame co-existentie
  • Luz de Maria 2/2
  • De antichrist - deel 6 - einde
  • Gebruik van de Hemelse remedies
  • De antichrist - deel 5
  • Pastor Enoc 4/2
  • Valeria Copponi 30/1 + toewijding aan Maria
  • Het ultieme kroontje
  • De antichrist - deel 4
  • Overweging over wat een bedevaart is
  • Abortus-pest
  • Boodschap van Ned Dougherty 1/2
  • De oplossing van het probleem
  • De antichrist - deel 3
  • De antichrist - deel 2
  • De antichrist volgens de boodschappen van Luz de Maria
  • Luz de Maria 24/1
  • Is de mens zot geworden? Abortus tot de laatste dag...
  • Luz de Maria 28/1
  • Pastor Enoc 28/1
  • De ziel - Luz de Maria (einde)
  • De ziel - Luz de Maria (deel 3)
  • Duivelse technologie van de Antichrist
  • De ziel - Luz de Maria (deel 2)
  • De ziel - Luz de Maria
  • Janet Klasson - deel 6
  • Janet Klasson - deel 5
  • Janet Klasson - deel 4
  • Janet Klasson - deel 3
  • Janet Klasson - deel 2
  • Een boeteling in Medjugorje 10/12 - Janet Klasson (deel 1)
  • Janet Klasson 17/12 Bergen moeten geslecht worden
  • Janet Klasson 8/1 Genade op genade
  • Linda Noskewicz 16/1
  • Linda Noskewicz 17/1
  • Linda Noskewicz 23/1
  • Linda Noskewicz 24/1
  • Valeria Copponi tot 23/1
  • Kinderen van de vernieuwing 1/1
  • Pastor Enoc 21/1
  • De liturgie in het vroege christendom - deel 18
  • Luz de Maria 14/1
  • Teleurgesteld?
  • Heiligen
  • Luz de Maria 16/1
  • Feestdagen in de Orthodoxe Kerk - deel 1
  • Pastor Enoc 14/1
  • Valeria Copponi 9/1
  • De liturgie in het vroege christendom - deel 17
  • Richard Wurmbrand : de Stem der Martelaren
  • We gaan de goede kant uit, maar we zijn er nog lang niet.
  • De liturgie in het vroege christendom - deel 16
  • Linda Noskewicz 3/1
  • Linda Noskewicz 10/1 - laatste deel
    Zoeken in blog

    ALLES GAAT VOORBIJ, BEHALVE GOD !
    agenda

    Belangrijke data in mijn agenda

    Levend geloof 9

    24-03-2019
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Vastentijd : tijd van beschouwing - deel 14

    Gebed

    O mijn Redder en mijn God, ik heb niets.

    O mijn Redder en mijn God, ik heb niets.

    Ik heb niets wat U aangenaam kan zijn.

    Ik kan niets, ik ben niets, maar ik heb een hart en dit is genoeg voor mij. Gezondheid, eer en het leven zelf mogen van mij weggenomen worden maar geen mens kan mijn hart beroven.

    Ik heb een hart en met dit hart kan ik U liefhebben, O mijn Redder Jezus, alle aanbidding waard! En in dit hart ligt de vastbeslotenheid om U lief te hebben, enkel U altijd lief te hebben. Amen.

    Pr John Croiset SJ

    Bijbelse Jezus versus de moderne visie over Jezus

    Geboren als de Almachtige God            Geboren als mens die tot Godheid werd verheven.

    als vleesgeworden mens.                     

    Waarschuwt voor zonde, oordeel                   Spreekt nooit over negatieve zaken.

    en Hel.                                                     

    Beveelt berouw over zonden.                Negeert berouw over zonden.

    Geeft je redding, hoop, vrede en          Geeft je gezondheid, rijkdom en een gevoel van geluk.

    vreugde.                                                  

    Gehaat en veracht door de wereld.      Geliefd en geaccepteerd door de wereld.                                                             

    Haat zonde en legt de waarheid           Ziet zonde door de vingers en corrigeert je nooit over je zonden.

    over zonde bloot.

    Beveelt ons met goddelijke autoriteit.   Geeft suggesties in plaats van Geboden.

    Ergert de wereld met de waarheid.       Haat het om je te ergeren, houdt van politieke correctheid.

    Brengt verdeeldheid wanneer nodig.   Promoot eenheid en verdraagzaamheid ten alle koste.

    Predikt Gods gerechtigheid.                  Predikt enkel over liefde.

    Verheft de wil van God de Vader.         Dient jouw wil, niet Gods wil.

    Waarschuwt voor valse tekenen en     Verheerlijkt tekenen, wonderen en mysticisme boven Gods woord.

    wonderen, verheerlijkt Gods Woord.

    Vraagt dat emotie, ervaring en opinie   Verheerlijkt emotie, ervaring en opinie boven de gezonde leer.

    overeenstemmen met de gezonde leer.

    Beveelt ons om zichzelf te ontkennen en Moedigt je aan om jezelf lief te hebben  en al je vleselijke hartstochten in te 

    Christus toe te laten te werken in jezelf. willigen.

    De Monstrans

    Afkomstig van het Latijnse woord “monstrare” wat betekent “tonen”. Een monstrans is een troon dat gebruikt wordt om Jezus plechtig uit te stallen voor aanbidding, onder de verschijning van brood.

    Monstransen kwamen in gebruik in de Middeleeuwen.

    De zonnekrans-stijl werd populair op het einde van de 17de eeuw, gedurende de heerschappij van Koning Louis XIV (de zonnekoning). De Franse bevolking maakte zeer duidelijk dat hun op zichzelf gerichte koning, die zich identificeerde met de zonnegod Apollo, het onderspit moest delven  tegen de zelfschenkende Zoon van God, hun ware koning en middelpunt van het Universum.

    Wanneer een Kruisteken maken, naast het rituele gebruik (je kunt er een Onze Vader of Wees gegroet aan toevoegen)

    ·        Bij het voorbij gaan van een kerk om het H. Sacrament te eren dat binnenin aanwezig is.

    ·        Bij het voorbij gaan van een begraafplaats (of wanneer iemand is gestorven) als een gebed voor de bevrijding van de H. Zielen uit het Vagevuur.

    ·        Wanneer je een sirene hoort van een ambulance om degenen te genezen die in stervensgevaar verkeren.

    ·        Wanneer je een sirene hoort van een brandweerwagen om de vuurzee te stoppen.

    ·        Wanneer je een accident ziet als bescherming voor degenen die in gevaar verkeren.

    Wie is Jezus Christus?

    Vele mensen denken dat Jezus Christus gewoon een groot leraar was. Maar Christenen geloven dat hij veel meer was dan enkel een mens. Zijn dood en verrijzenis veranderden ingrijpend de loop van de geschiedenis. Christus’ liefde laat mensen toe in een ware en betekenis volle relatie te treden met God de Vader.

    Jezus is:

    VOLLEDIG MENS

    Hij werd geboren als een menselijke baby

    Hij doorstond de pijn en de bekoringen van de mensheid

    Hij leed een fysieke en vernederende dood

    Marcus 1:12-13, Lucas 2:1-21, Fil 2:5-8

    VOLLEDIG GODDELIJK

    Hij is de Zoon van God

    Hij is de Mensgeworden God, het Woord dat vlees geworden is, die naar de aarde kwam om de mensheid te verlossen

    Johannes 1:1, 14, 20:31

    DE REDDER

    Door zondeloosheid, verkoos hij te sterven en de straf van de mensheid voor hun zonden te ontvangen, om hen te redden.

    Door Zijn Verrijzenis, overwon hij dood en zonde, Satan en de Hel

    Hij beloofde eeuwig leven aan degenen die in Hem geloven en Zijn liefdeswet navolgen

    Lucas 24:5-7, Joh 3:16,36, 5:24, 11:25, Hebr 9:14

    ZONDER ZONDEN

    Hij zondigde niet, zelfs niet wanneer hij op de proef werd gesteld

    Hij verdiende geen straf en niet de dood

    Matt 4:1-11, Hebr 4:15

    DE MESSIAS

    Hij is de Messias, de Gezalfde (Koning), die voorzegd werd in de profetieën uit het Oude Testament

    Zijn Koninkrijk is het koninkrijk van God, waar zijn volgelingen van alle naties verenigd zijn in liefde en vrede

    Hes 53, Micha 5:2, Marcus 14:61-62, Joh 4:25-42, 18:36

    DE LAATSTE ADAM

    Hij schenkt vergeving en nieuw leven, schaft zonde en dood af, die Adam over de mensheid bracht

    Gen 3, Rom 5:12-21, 1 Kor 15:21-22, 45-49

    DE HOGEPRIESTER

    Hij verbindt direct de mensen met God

    Hij was het perfecte, zondeloze, ultieme offer voor zonde; geen ander offer of priester is nodig om vergeven te worden door God

    Hebr 3:1, 4:14-15, 7:24-27

    De basisvormen van gebed

    1 Zegening en aanbidding

    In gebeden van aanbidding prijzen we God en erkennen onze afhankelijkheid van Hem

    Vb. het gloria en de akte van geloof

    Kleine doxologie uit het gloria : Eer aan de Vader en de Zoon en de H. Geest, zoals het was in het begin, nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen. Amen.

    Akte van geloof : Mijn Heer en mijn God, ik geloof vast al wat Gij geopenbaard hebt en door de H. Kerk mij voorhoudt te geloven, omdat Gij de opperste en onfeilbare Waarheid zijt. In dit geloof wil ik leven en sterven. Ik geloof in het bijzonder: dat er is één God; dat er zijn drie goddelijke Personen,
    God de Vader, God de Zoon, en God de heilige Geest; dat God de Zoon is mens geworden en ons door zijn dood heeft verlost; dat God de beloner is van het goede en de straffer van het kwaad.

    2 Smeekgebed of gebed om gunsten te verkrijgen

    In smeekgebeden vragen we God om zaken die we zowel geestelijk als fysiek nodig hebben

    Vb. het Onze Vader

    3 Voorspraak

    In gebeden op voorspraak verzoeken we God namens andere mensen

    Vb. Waak, O Heer met degenen die waken, of wenen vannacht, en geef Uw engelen en heiligen de opdracht over degene die slapen te waken. Zorg voor uw zieke mensen, O Heer Jezus Christus. Laat uw vermoeide mensen rusten. Zegen degenen die sterven. Verzacht uw lijdende mensen. Heb medelijden met uw gekwelde mensen. Bescherm uw vreugdevolle mensen, en verder allen omwille van Uw liefde. Amen. (St Augustinus)

    4 Dankzegging

    In gebeden van dankzegging danken we God voor de goede dingen

    Vb. gebed voor de maaltijden : Voor spijs en drank, voor dagelijks brood, wij danken U, O Heer.

    5 Lofprijzing

    In gebeden van lofprijzing drukken we onze liefde voor God uit, de bron van alle liefde

    Vb. akte van naastenliefde : Mijn Heer en mijn God, ik bemin U bovenal, uit geheel mijn hart, uit geheel mijn ziel en uit al mijn krachten, omdat Gij oneindig volmaakt en alle liefde waardig zijt. En ik bemin mijn naaste gelijk mijzelf, uit liefde tot U. In deze liefde wil ik leven en sterven.

    Kenmerken van deze Eindtijd en de tijd dat God zal ingrijpen door kastijding om de aandacht van de mens te trekken:

    Najagen van zijn eigen lusten

    Pornografie en homoseksualiteit – 2 Petr 3:3

    Volgen van duivelse leerstellingen

    Wicca, satanisme, valse profeten – 1 Tim 4:1

    Kennis zal toenemen

    Auto’s, internet, computers, vliegtuigen – Dan 12:4

    Natie van Israel wordt opnieuw geboren

    14 mei 1948, na meer dan 2000 jaar – Ezech 37:21

    Gaza verlaten, land verdeeld

    Oslo akkoorden en Palestijnen – Sef 2:4

    Vloedgolven en zeeën zullen zich roeren

    Orkanen en tsunamis – Lucas 21:25

    Oorlogen en oorlogsdreigingen

    VS met Rusland, IS, Noord-Korea – Marcus 13:7

    Hongersnood en ziekten

    aids, ebola, kankers – Matt 24:7

    Mens die de aarde vernietigd

    Ozonlaag, verspilzucht, HAARP, nucleaire wapens, ingrijpende veranderingen in de aardkern – Openb 11:18

    Haat tegen Christenen

    Heropleving van islam, satanisme, vrijmetselarij – Joh 17:14

    24-03-2019 om 02:19 geschreven door claudia  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Vraag om verlichting van pijn

    Vraag om verlichting van pijn

    O God, U bent bij mij, help mij. Au, het doet zo’n pijn. Laat mij afzien als het een verdienste brengt voor mij en voor anderen. Laat het niet nutteloos zijn.

    Laat mij dit verdragen met sereniteit en druk mij tegen U aan. Laat het water en bloed uit Uw zijde mijn pijn verzachten. Laat mijn pijn alsjeblieft  niet te lang duren, zodat ik op adem kan komen. Ik reken op U, want U  bent mijn Alles. Amen.

    24-03-2019 om 02:07 geschreven door claudia  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    23-03-2019
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De zonde revisited

    WAT IS ZONDE

    St Augustinus definieert zonde als een gedachte, woord of daad tegen Gods Wet. Zonde is in essentie een bewuste opstandigheid tegen Gods autoriteit waardoor we zelfverheerlijking verkiezen die tegen de gehoorzaamheid aan Gods Wet ingaat. Doodzonde berooft ons van Gods vriendschap en brengt een rechtvaardige straf met zich meer, ofwel hier op aarde of in het volgende leven of beide. In het sacrament van de biecht heeft God ons in zijn barmhartigheid ons voorzien van een middel tot verzoening en genezing, waardoor we kunnen hersteld worden in vriendschap met Hem.

    De zonde is zowel een doodzonde als een dagelijkse zonde en kan onderverdeeld worden in:

    Actuele of werkelijke zonde: een persoonlijke zonde.

    Zonde uit gewoonte: door een levensstaat in onberouwvolle zonde.

    Formele zonde: een bewuste en subjectieve aangerekende zonde.

    Materiële zonde: een objectieve zonde die weinig of niet aangerekend wordt.

    Het kwaad van elke zonde ligt erind at het een daad van de menselijke wil is die tegen de goddelijke wil ingaat als geϊnterpreteerd door ons geweten. Een verschrikkelijk vooruitzicht.

    DOODZONDE

    Het woord doodzonde is afgeleid van het Latijnse  woord ‘peccatum mortale’ en het is een ernstige of zware belediging of overtreding tegen Gods Wet. Deze zonde wordt doodzonde genoemd omdat het ons van al het bovennatuurlijke leven beroofd. Het betekent ook de volledige scheiding van God en eeuwige verdoemenis van de ziel van de zondaar in de Hel, indien hij geen berouw toont over deze zonde. Er zijn drie voorwaarden of criteria die nodig zijn om te spreken van een doodzonde en die de persoon schuldig maken.

    1 De zonde moet een ernstige of zware zaak (of gedachte in het geweten zijn om een ernstige of zware zaak te zijn.)

    2 De persoon moet ervan bewust zijn of de zonde op voorhand en voldoende overwegen

    3 Na voldoende of gepaste overweging moet de persoon bewust en in vrijheid de ernstige zonde gekozen hebben te plegen, of het nu door doen of laten is.

    Om te weten hoe we het onderscheid moeten maken of het een doodzonde is, moeten we de leer van de Kerk kennen door de Katechismus, de documenten van het Magisterium, de Kerkvaders en Leraars van de Kerk, theologen enz.

    DAGELIJKSE ZONDE

    De dagelijkse zonden is afgeleid van het Latijnse woord ‘venia’ wat vergeving betekent en het is een belediging of overtreding tegen God dat ons niet beroofd van Zijn vriendschap en heiligmakende genade maar ons verwond en onze relatie aantast met Hem.

    Dagelijkse zonde, hoewel ze licht in ernst, zou zeer erntig moeten genomen worden omdat het desondanks een belediging of overtreding is tegen God en Zijn goedheid. Het wordt ‘dagelijks’ genoemd omdat het veel gemakkelijker vergeven wordt dan doodzonde.

    Dagelijkse zonde heeft als effect de wil en ijver van onze naastenliefde te verminderen en als gevolg onze wil betreffende ons streven naar deugd te verzwakken. Bewuste en onberouwvolle dagelijkse zonde berooft ons van vele genaden en de toekomstige heerlijkheid en kan mogelijk leiden tot een doodzonde of de neiging ertoe. Dagelijkse zonde verdient tijdelijke straf en zal als gevolg ervan moeten uitgeboet worden door nederige offers, versterving en boetedoening in dit leven of verplicht worden  door God om verzoening te bieden voor deze zonde in het volgende leven in het Vagevuur.

    MORELE TEKORTKOMINGEN

    Hoewel het magisterium van de Katholieke Kerk niet direct het concept van morele tekortkoming uitlegt, zijn er vele theologen en Kerkleraars die een poging gedaan hebben door de eeuwen heen om de natuur van morele tekortkomingen uit te leggen en hoe ze zonde in het spirituele leven beinvloeden. De consencus onder de theologen bestaat erin dat een morele tekortkoming strikt gesproken geen zonde is, maar eerder een van de volgende twee zaken:

    1 De bewuste verwerping of het negeren van een geinspireerde goede daad dat we kunnen en zouden moeten doen, maar niet strikt genomen moeten doen zoals misschien een bijzondere goede daad of een werk van barmhartigheid.

    2 Het bewerkstelligen van een goede daad dat niet goed gedaan werd of niet zo goed uitgevoerd werd als we zouden kunnen en zouden moeten gedaan hebben zoals een goede daad die maar half werd uitgevoerd of een gebed dat niet goed werd gebeden.

    Tekortkomingen zijn duidelijk geen zonden omdat een goede daad niet ophoudt om een goede daad te zijn, zelfs wanneer het niet zo goed werd uitgevoerd zoals het zou moeten gedaan geweest zijn. In essentie is een morele tekortkoming een gebrek aan mildheid van onze kant tegenover de goede God die onze totale en absolute beminnelijkheid en ijver verdient. De H. Johannes van het Kruis en St Thomas van Aquino suggereerden beiden dat het falen om een vrijwillige habituele tekortkoming te erkennen de precieze reden is waarom velen van ons geen voortuitgang boeken in het geestelijk leven.

    UITPRAKEN VAN HEILIGEN OVER DE ZONDE

    Degene die niet de liefde van God verkrijgt zal nauwelijks standhouden in de genade van God, want het is zeer moeilijk om zich van zonde af te keren, en enkel zich af te keren uit vrees voor kastijding. – St Alfonsus van Liguori

    Ik kan niet begrijpen hoe iemand die zich bewust is van doodzonde kan lachen of blij zijn. – St Thomas van Aquino

    23-03-2019 om 06:49 geschreven door claudia  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Bryan Melvin

    Bryan Melvin was in de Hel

    In 1980 was ik een stoere kerel. Ik dronk veel en feestte veel. Ik was verhuisd naar Tuczon – Arizona en werkte op een werf in de buurt. Een van de mannen had water meegebracht uit Mexico en het was besmet. Ik dronk er per ongeluk van en werd heel ziek. Ik kreeg cholera, en lag ong 72 uur plat en raakte uitgedroogd. Toen verloor ik het bewustzijn. Ik ben bijziend en draag een bril, maar niettegenstaande ik mijn bril niet op had, kon ik duidelijke in de kamer kijken. Toen ik mijn hoofd omdraaide, bemerkte ik dat mijn lichaam niet bewoog. Ik was uit mijn lichaam getreden. Ik zweefde boven mijn lichaam. Het volgende ogenblik drong ik doorheen het plafond van de kamer. Ik werd in een zeer donkere leegte gevoerd. Ik kon iemand horen spreken tot mij, zoals op een telepathische manier en hij legde mij vele dingen uit die ik mij niet meer kan herinneren, maar het ging over de vele waarom’s in het leven: waarom was er kwaad in de wereld enz. Het ging over de vele vragen die mensen zich de hele tijd stellen. Deze werden beantwoord als je in de leven werd gebracht en je op de plaats kwam waar het licht was. Je wist wat er met je gebeurde, je wist wat er gaande was. Je wist wat er gebeurt als je sterft. Je weet dat je geoordeeld zal worden. Alles wat op je tocht krijgt te horen, wordt ze duidelijk voor je gemaakt dat wat er gebeurt perfect rechtvaardig voor je is.

    Ik ging door de duisternis en kwam bij het licht dat er aanwezig was. Ik bemerkte dat er een rots was en op deze rots was er een enorm grote troon dat zich te midden van deze duisternis bevond. Er was een persoon die op een troon zat. De persoon die erop zat straalde een zeer krachtig, helder licht uit. Er was veel liefde en ook barmhartigheid, maar ook een standvastigheid en redelijkheid die uitging van deze persoon. Ik ging naar hem. Er kwam een gedachte boven : ‘Kijk wat je gedaan hebt met Gods gave.’ Het was eigenlijk Jezus die tot mij sprak en zei: ’Als Ik je in de Hemel binnenlaat met wat je nu weet en Ik ben enkel perfect, dan zou je dat misbruiken en de zonde levend houden in de Hemel. Je kunt niet binnenkomen.’ Het werd mij verleend om een onbekend Land te zien, dat het best vergeten wordt, maar niet ongezien zal blijven.” Toen nam hij allemaal sleutels uit zijn gewaad. Toen Hij ze bovenhaalde kon je het litteken zien waar de nagels waren geweest, in de pols waar de botten werden opzij getrokken. Het ziet er traumatisch uit. De sleutels hadden eigenaardige vormen en afmetingen. Hij ging naar een plaats en stak zijn sleutel in een poort. Ze ging open en dan kwam er een gordijn van duisternis overheen. Het was opnieuw donker en Ik kon niet alles zien. Al wat ik kon zien was de Heer. Ik werd naar deze deur gevoerd en kwam in een leegte terecht. Het was in een tornadokolk en draaide maar rond. Het was een tunnel dat eindeloos ronddraaide. Het stonk er verschrikkelijk, ik hoorde het geschreeuw. Ik herinner mij het meest het lawaai van geslurp en geschreeuw.

    Ik kon de hitte voelen. Het volgende was dat ik door de lucht viel en op de grond viel. Ik had wat pijn en stond recht. ‘Waar ben ik?’ Ik zag al deze mensen uit de plaats rennen. Het leken mensen waarvan ik wist dat ze dood waren, maar er waren ook mensen waarvan ik wist dat ze niet dood waren. Ze kwamen rond mij staan en gaven mij klopjes op de rug. Ze waren ongelooflijk snel en kwamen van ver. Ze verwelkomden mij daar, maar er was precies iets niet pluis met hen, omdat ze er vreemd uitzagen. Ze hadden gele huid en hun ogen waren reptielachtig. Ik zag precies mijn beste vriend die veranderde in iemand anders. Ik zei hem: “Dit kun je niet doen, dit is niet wie je zegt dat je bent. Wie ben je?” Ik keek rond en ik zag dat al de mensen die rond mij stonden geen mensen waren. Ze veranderen in de lelijkste wezens dat ik ooit heb gezien. Net zoals sommige afschuwelijke rottende groenten, ze waren verwrongen en zagen er niet perfect uit. Het waren vuile stinkende wezens. Ze kwamen op mij af en ze wilden mij verscheuren. De ene probeerde mij vast te grijpen bij mijn borst, de andere bij mijn been. Terwijl ze mij verscheurden trokken ze zich terug en degene die op mijn beste vriend leek en liep naar verschillende mensen, kwam naar mij. Hij siste, hij leek op een halve dinosaurus. Het was een reptiliaans type van wezen dat naar mij siste en spuugde naar mij. Hij zei iets, maar sprak in een taal dat ik eerst niet begreep. Het sprak in gebroken Engels en zei om het wezen te volgen. Hij nam een paar stappen en plotseling bevonden we ons aan het einde van de horizon. Het lijkt geen steek te houden, maar we kwamen op wat de horizon leek. Hij kon niet verder dan daar, en ik begreep niet waarom. Ik kon een grote uitgestrekt veld zien. Het wezen stak zijn hand in de verloren horizon en scheurde het open zoals een gordijn. Hij stapte eruit en ging op een weg en zei mij te volgen. Voor ik het wist bevond ik mij op een brede stofferige effen weg. Ik kwam uit een cel, een kubus, het was ongeveer 9m2, het kon ook of 16m2 zijn. Er waren cellen naast en onder deze cel. Het was een soort hol. Er waren zo 6 cellen tot het plafond van deze plaats. In de muren bevonden zich mensen in cellen. Ik keek binnen deze cellen, sommigen waren leeg, in anderen bevonden zich mensen die aan het wachten waren tot er mensen kwamen.

    Ik kreeg telkens een andere persoon te zien die zich in zijn cel bevond, het was alsof ze delen van hun leven steeds opnieuw beleefden. Maar het was niet op een plezante manier, het was zoals een levende nachtmerrie. En toen we verder liepen besefte ik dat de hel een enorme grote plaats was. Er zijn vele andere delen in de hel dat ik niet gezien heb. Ik zag enkel de plaats, die de put wordt genoemd.

    Ik werd toegelaten om je dit te laten zien, hij zei :volg mij naar het midden van de weg. Er liepen demonen en wezens rond. En opeens bevonden al deze mensen zich in verschillende soorten van martelingen en sommige van deze demonische wezens die in deze cellen waren, gingen zo binnen en vielen mensen op verschillende manieren aan. Maar voor de mensen leken deze wezens zoals andere mensen op bepaalde momenten in hun leven en ze leken zoals demonen. De ergste nachtmerrie was dat ze leefden. We liepen naar een andere cel en keken binnen, en er was een mens binnen. Het deed mij denken aan een oud zeilschip. Deze man was een kapitein van een schip geweest en hij werd gegeseld. Dingen dat hij deed op zijn oude zeilschip, maar hij deed het uit plezier met deze mensen omdat het zijn schip was en hij vond er plezier in om zijn bemanning te terroriseren. Het kwam nu als een straf op hem gericht.

    Er was een wezen dat keek naar mij, die zich eerst in een cel bevond. Het was een groter wezen, en de persoon die ernaar keek was kreeg als vele gezichten te zien die rondkeken, maar het was een mooi purperen kleur, zoals een mooi wezen maar tegelijk afschuwelijk. Zijn gezichten draaiden rond op een zeer verleidelijke wijze, zeer vleiende wijze, zeer overtuigend. Het probeerde gedachten in je geest te planten. Het probeerde je te vertellen waarom zo’n goede God zou toelaten dat mensen zo lijden op die manier. Het probeerde mij aan te zetten om God te vervloeken.

    Ik weet niet wie de demonisch wezen was, maar het had grote macht en autoriteit. Het was ofwel de tweede in leiding, of satan zelf. Er was een draaikolk aan het draaien en er kwam een vrouw aan die juist was gestorven in een auto-ongeluk. Ze werd daar geplaatst. Ik zag toen ze aankwam en in haar cel zag ik een illusie van haar grootmoeders boerderij. Ze hield zo van de boerderij van haar grootouders toen ze opgroeide. Haar grootmoeder was onlangs overleden. Ze kwam terecht in de cel van haar grootmoeder en onmiddellijk dacht ze dat ze in de Hemel was, omdat daar haar grootmoeder was die daar wandelde. De grootmoeder was feitelijk een demon die de illusie gaf van haar grootmoeder. Ze zei: ‘Lievertje, je bent in de hemel geraakt, ik ben zo blij. Ze dacht echt dat ze in het Paradijs was. Maar er was een duistere kant aan haar. Ze wou haar kinderen maken zoals zij hen wilde zijn, haar kinderen wilden echter iets anders. Ze sloeg met de vuist, of het was verbaal misbruik als de kinderen niet deden wat ze wilde. Als ze neer zat was ik aan het kijken en de drie wezens grepen haar vast. Toen realiseerde ze zich dat ze niet in het Paradijs was. Toen we voorbij sommige cellen gingen, zaten er mensen aan de kant en ze waren gevangen in vlammen.

    Het was alsof hun huid nog intact was, maar toch brandde. Er was een persoon die biljart speelde. Hij was een seriemoordenaar die kinderen had gedood. Hij had in de ‘40iger jaren geleefd. Maar hij was in een zaal zijn biljartspel aan het spelen vooraleer de straffen opnieuw begonnen. Hij dacht dat hij een rustpauze had. De mensen in de cel kwelden hem, kwamen en gingen terug weg. Ze grepen hem vast, verscheurden hem. Uit de lucht kon ik een heel grote demon naar beneden zien komen. Hij deed mij denken aan een slang, hij slokte hem op en slikte hem in. Dan kwamen andere kleine demonen en zeiden: ‘Dat is niet eerlijk, we hebben onze kans met hem nog niet gekregen. Braak hem opnieuw uit.’ Hij was weer heel. Ik weet dat dit werkelijk vreemd klinkt, maar dit was wat gebeurde. Dan kwamen de andere kleine demonen, van ongeveer 1 m groot. Ze sprongen op hem en hij was machteloos. Ze sloegen, en gebruikten hun klauwen, en er was geen rust voor deze man. Het was een voortdurende marteling. Wat hij ooit had gedaan werd vergeld.

    Ik kwam bij een cel. Ik zal een vrouw die gekleed was in een fijn gewaad. Ze was eigenlijk een tempelprostituee geweest. Ze was iemand dat was gestorven omstreeks 69 n. Chr. In haar religie was er iets vreemds: wanneer je een pasgeboren zoon had, kon je hem offeren in een beeld met vlammen. Je moest de baby op het beeld leggen en zo werd de baby gekookt. Zo bevond ze zich in deze tempel waar ze onophoudelijk gemarteld werd. Het was alsof al de kleine baby’s die ze had verbrand  haar martelden. Ook anderen waren haar aan het kwellen, bespotten, hun klauwen in haar aan het zetten, haar verscheurden en ze schreeuwde. Ik moest terug verder.

    Er was een vrouw die zwarte magie beoefende. Ik wist dat ze een heks was, maar ze was vele, vele honderden jaren geleden gestorven. Ze zat gevangen in een doodskist en probeerde er al krabbend uit te geraken. Ze kon er niet uit, ze was al honderden jaren lang in die positie. Toen ze erin slaagde ze te openen kwamen al de demonen op haar met hun klauwen. We gingen naar een andere cel in de rij en keken erin. Er was een andere vrouw die geloofde dat Moeder Aarde haar kon redden en dan vereerde ze de bomen en de rotsen omdat ze in een natuurreligie was. Een deel van die praktijk bestond op de velden te lopen en te dansen rond een vuur met een groep andere mensen. De mensen waarvan ze dacht dat ze bij haar waren, waren demonen en kwamen naar haar en zeiden: ‘Je hebt dit gedaan’ en ze namen een steen en zeiden ‘denk je dat de steen je zal redden hier?’ en ze sloegen haar ermee. De demonen grepen haar vast en rukten haar tong uit haar mond. ‘Als je iets slechts zegt zullen de stenen je niet redden, niemand kan je redden.’ Dan namen ze haar huid en pelden de huis eraf. Het was traag en beangstigend, tot er niets anders over bleef dan beenderen, en dan namen ze de beenderen en braken de beenderen terwijl ze alles voelde. Dan kwam alles terug in haar lichaam, het vlees kwam terug tot een geheel, en dat begon alles opnieuw. Er gebeurde een verschillende scene.

    Sommige van de wreedste mensen op aarde waren daar. Ik vermeld niet graag namen van mensen, maar deze persoon is zeker daar en iedereen weet het. Het is Hitler. Hitler zat in een cel. Het was open en er waren brandende vlammen. Hij zat daar, brandend. Zijn huid brandde niet, maar hij had een afgrijselijke blik op zijn gezicht. Het was alsof hij brandde in het vlees en het rotte. Hij voelde elk stukje ervan. Het was alsof elke oven van de gaskamers van de concentratiekampen hem verbrandde, al de martelingen dat er gebeurd waren kwamen op hem terecht. Een intense vlammende, opgestookte withete hitte, die tegelijk zijn vlees deed wegrotten. Het verteerde hem tot as, en kwam terug om terug gemarteld te worden. Er was nog een vreemde blik in zijn ogen, dat woede, boosaardigheid…

    Bryan vertelt hoe hij voor een ogenblik dacht dat hij in de hel gevangen zat voor eeuwig.

    We wandelden in een ander deel van de Hel, tegen het achterste van de uitsparingen van de muur. Het was nog een deel van de diepe donkere put. We kwamen aan de put waar een openstaande cel was en daarin bevond zich een demon die probeerde mij in de cel te krijgen op wat leek als een tandartsstoel. Ik ben niet bang voor een tandartsstoel, maar met al deze afschuwelijke wezens erin die zeiden: ‘Hier ga je naartoe.’ Ze willen je in deze celen probeerden mij er in te krijgen. – Bryan heeft het moeilijk. ‘Dit deel is heel moeilijk voor mij, want je moet begrijpen dat je zo bang bent. De hele tijd ben je aan het zeggen: Jezus Christus. Ik was zoveel keer zijn naam aan het zeggen dat het allemaal wazig werd. De hele tijd voelde ik een verbinding met iemand van boven, de Heer en dan kon ik plotseling iets voelen komen rond mij. Ik was zo verschrikt dat ik niet kon uitmaken wat het was. Je kunt de voetstappen voelen die achter je lopen, de grond dondert, de kleren kon je horen ritselen. Ik was te bang om mij om te draaien om te zien wie het was. Ik wilde niet dat deze dingen mij zouden vastgrijpen. Ze kwamen plotseling op mij af en wanneer de aanwezigheid juist achter mij stond, vluchtten ze uiteen en het purperen grote demonisch wezen of vorstelijk type deinsde wat achteruit, boog en maakte zich uit de voeten, of beter gleed weg in de mist, in de duisternis van de hel. Het was Jezus die mij oppikte. Dit is het deel dat ik zo duidelijk herinner. Hij nam mij vast in zijn armen. Ik kon zien dat ze Hem hadden gekruisigd, ze hadden zijn beenderen uiteen getrokken. Hij droeg mij en we zweefden door de lucht, door het centrum van de bodemloze put. We gingen recht omhoog. Ik herinner mij flarden dat ik naar een ziekenhuis werd genomen en  wakker werd in een kamer in het ziekenhuis. Verpleegsters duwden eens om mij wakker te maken en ik probeerde te ademen door een machine. Ik greep de dokter vast en zei; ‘Ik ben niet in een cel’. Ze zeiden ; ‘Nee hoor, je bent in het ziekenhuis.’ Ik was niet langer atheïstisch, God bestaat, er is een Hemel en er is een Hel.

    23-03-2019 om 05:29 geschreven door claudia  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Geen toeval: de 10 geboden

    Van 10lovecommandments.com van Gabriel Ansley Erb

    1) Waarom er 10 vingers zijn aan twee handen en 10 tenen aan twee voeten

    God schiep ons fysiek lichaam (als tempel van onze geest/ziel) met precies 10 vingers en 10 tenen zodat we ten allen tijde een permanente zichtbare herinnering zouden hebben aan zijn 10 Geboden.

    Later toen God de 10 Geboden op steen had gegrift, deed Hij het op 2 stenen tafelen om opnieuw de geestelijke/fysieke verbinding tussen Zijn Liefdeswet en de wijze waarop Hij ons menselijk lichaam had ontworpen onder onze aandacht te brengen – specifiek 10 vingers op 2 handen.

    Bemerk hoe je vijf vingers zelfs een natuurlijke boog vormen, net zoals de traditionele tafelen die we zien met de 10 geboden op tekeningen. Ook de twee voeten samen vormen een boog.

    Handen : Spreuken 7:1-3 Mijn zoon, blijf mijn woorden indachtig en bewaar mijn geboden zorgvuldig. Wees mijn geboden indachtig - dan zult gij leven - en behoed mijn lering als de appel van uw oog. Bind ze om uw vingers, schrijf ze op de tafel van uw hart.

    Voeten : Ps 119:59-60 Altijd sla ik acht op mijn wegen; ik keer steeds tot uw uitspraken terug. Ik haast mij, ik wil nimmer aarzelen om te handelen naar uw geboden. 

    Spreuken 4:26-27 Let op het pad dat uw voeten gaan en laat al uw wegen betrouwbaar zijn. Wijk niet af naar rechts en niet naar links en weerhoud uw voet van het kwade.

    Nadat Eva de verboden vrucht begeerde, wat gebruikte ze om het te plukken en op tee ten? Wat gebruikte ze om het aan haar man te geven? Wat gebruikte Kain om zijn broer Abel te doden? Wat deden de Romeinse soldaten om Jezus te beroven van Zijn kleren, om de gesel te gebruiken om Hem te slaan, om een doornenkroon op Zijn hoofd te plaatsen, om de hamer vast te houden om de nagels door zijn handen en voeten te drijven op het Kruis? Wat doe JIJ met je handen (2 tafelen met de 10 geboden)? Denk eraan… 

    Waarom vroeg God Mozes om zijn schoenen af te doen? Omdat hij op heilige grond stond. Waarom beval God Aaron en zijn zonen (en allen toekomstige priesters) om hun handen en voeten te wassen in water voor Hem te bedienen in het Tabernakel? Omdat ze anders zeker zouden sterven. 

    Jezus was een wandelende, pratende, levende, ademende belichaming van de 10 geboden, want Hij volgde ze ten allen tijde perfect na. Met andere woorden: Hij beminde altijd!  Dikwijls vallen mensen die Christus bedienen in aanbidding voor hem neer. Wat symboliseert dit? Waarom zalfde Maria Magdalena Jezus’ voeten met balsem, enkele dagen voor zijn dood? Waar voeren JOUW voeten je heen? Denk eraan…

    2) De 10 geboden gevonden in de DNA molecule

    bovenaanzicht van de twee strengen van het DNA

    God schiep de DNA molecule om het “instructieboek” te zijn om het fysiek leven op aarde te verkrijgen. Elke plant en elk dier heeft DNA in de nucleus van zijn cel. Het DNA bevat letterlijk de informatie dat alle fysieke leven voortbrengt.

    Zo schiep God ook de 10 geboden als “instructieboek” om geestelijk leven in de Hemel te verkrijgen. De hele mensheid kent de 10 geboden in hun hart. De 10 geboden bevatten letterlijk de informatie die alle geestelijk leven voortbrengt.

    Daarom verenigde God deze twee entiteiten – het DNA en de 10 geboden. Hij is de schepper van alle dingen! God ontwierp de DNA molecule om de vorm te hebben van een gedraaide ladder. De twee lange einden van de ladder zijn de twee strengen van DNA die deel uitmaken van de molecule, en de ringen zijn de basis paren.

    welke stoffen het DNA bevat, zijaanzicht van DNA

    De molecule bevat 10 basis paren per elke 360 graden draaiing, en laten toe om een 10-hoek te vormen in doorsnede, vijf punten door elke DNA streng, net zoals God Zijn 10 geboden schreef op 2 stenen tafelen!

    Ps 139:13 Gij zijt die mijn kern hebt gevormd, die mij weefde in de schoot mijner moeder, 

    Is het niet ironisch hoe het belangrijkste bewijs dat gebruikt wordt om iemand te veroordelen of vrij te spreken net dat DNA is? Met andere woorden, de molecule die God injecteerde met een beeld van Zijn 10 geboden. Het is zeer dikwijls dat de molecule, of fysiek bewijs uitmaakt of een persoon de geboden heeft gehouden of ze heeft overtreden. Zie je de ironie ervan in?

    Beeld je een forensische wetenschapper in die het DNA bewijs onderzoekt voor een moordzaak. De molecule dat hij test bevat een beeld van de 2 stenen tafelen waarop God de 10 geboden gegrift heeft, en die zeggen “Gij zult niet doden.” Uiteindelijk is het die molecule die uitmaakt of de persoon het heeft gedaan of niet. O wat een wonderbaarlijke ironie!

    3) Waarom stierf Jezus op het Kruis

    Er zijn verschillende manieren dat God kon toegelaten hebben om Jezus Christus, de Messias fysiek te laten sterven – door messteken, onthoofden enz. – en toch ons bevrijden van onze slavernij aan zonde en dood. Waarom wilde God het dan laten gebeuren op een kruis?” Was God ons iets aan het duidelijk maken door deze zichtbare, fysieke manier van sterven? Absoluut!

    In de Tuin van Eden werd zonde voorgesteld als fruit dat aan een boom hing. Eva at van het verboden fruit, die de vloed van de dood over zich bracht. God wilde dat Christus’  lichaam een zichtbare afbeelding zou zijn van deze oorspronkelijke “vloek van zonde” terwijl Hij stierf. Daarom hing Hij Hem als een vrucht aan een boom. Het enige verschil was dat Jezus nooit had gezondigd. Daarom werd zijn geestelijke dood de rechtvaardige dood waarbij we nu onze doodstraf (voor de gepleegde zonden) volledig betaalden door Hem. Zijn dood als vervanging voor onze dood. De rechtvaardige voor de onrechtvaardige! Prijs voor eeuwig Zijn naam!

    Bovendien werd door de doorboring van Christus’ 2 handen en 2 voeten op de ‘boom’ de boodschap van God duidelijk. Hij zei: ‘De dood van deze mens is een waardig offer, en heeft de kracht om te betalen voor ELKE ZONDE dat ELK heeft gepleegd!” In de H. Schrift zegt God dikwijls door hetzelfde twee keer te doen – Jozef’s twee dromen, Jakob die 2 keer zeven jaar werkt voor een bruid enz. –dat de zaak ZEKER is! Dat het zal gebeuren! Dat het niet kan veranderd worden! Als gevolg hebben we Gods bedoeling achter de 2 sets van de 10 geboden op stenen tafelen (handen en voeten)!  Ze werden allebei aan de boom (kruis) genageld. God zei hetzelfde, twee keer: ‘Mijn werk van redding is VOLTOOID!’

    Gal 3:13 Christus heeft ons bevrijd van de vloek der wet door zelf voor ons een vloek te worden, want er staat geschreven: Vervloekt al wie hangt aan het hout, 

    2 Kor 5:21 Hem die geen zonde heeft gekend, heeft God voor ons tot zonde gemaakt, opdat wij door Hem Gods eigen heiligheid zouden worden.

    1 Joh 1:7 Maar als wij wandelen in het licht  - zoals Hij zelf is in het licht - dan hebben wij gemeenschap met elkaar en het bloed van zijn Zoon Jezus reinigt ons van elke zonde. 

    Wanneer Mozes de twee stenen tafelen met de 10 geboden ontving van God op de berg Sinai werd de eerste set gebroken, en als gevolg daarvan moest God een tweede set maken. Waarom wilde God dit zo? Is het mogelijk dat God OPNIEUW de verbinding wildde maken met de berg Sinai tussen Zijn Liefdeswet en de manier waarop Hij onze fysiek lichamen heeft ontworpen door 2 sets van de stenen tafelen te maken, en onze twee handen en twee voeten te weerspiegelen?

    Sinds jouw fysiek lichaam 2 sets van de tafelen van de 10 geboden bezit, en sinds elke gedachte, woord en daad dat je in gedachten houdt, uitspreekt en doet in gehoorzaamheid of ongehoorzaamheid van de 10 geboden is, kan je geen gedachte, woord of daad hebben die buiten deze 10 geboden valt. En sinds je je handen en voeten gebruikt om deze werken uit te voeren, dan mag je er zeker van zijn dat je Dag des Oordeels een zeker en onveranderlijk oordeel zal met zich meebrengen.

    4) Wat is er speciaal met het getal 10

    Heb je je ooit afgevraagd hoeveel zaken in deze wereld God controle over heeft – vb. de opkomst en val van naties, talen, nummers enz.? Is het toevallig dat Engels de meest verspreide taal is in de wereld? Is het een toeval dat de letter i in het midden van de woorden Luc-i-fer, pr-i-de, en s-i-n staat, wanneer egoïsme gemanifesteerd door liefde voor geld de wortel is van alle kwaad? Denk er eens aan hoeveel dingen in de wereld onder Gods controle vallen?

    Heeft God doelbewust Zijn Liefdeswet in 10 geboden verdeeld zodat we zouden leren en weten? Zou Hij ooit de geschreven versie van de cijfers die het getal 10 uitmaken – een rechte lijn voor een 1 en een cirkel voor 0 – gepland hebben? Vooraleer je antwoordt, overweeg dit eens – er zijn twee karakteristieken die in de Bijbel worden gegeven om Gods 10 geboden te beschrijven: ze zijn zoals een zwaard (Ef 6:17) en ze zijn eeuwig (Matt 24:35).

    Kijk nu naar de afbeelding met het getal 10. Bemerk hoe een 1 gevormd is zoals een zwaard en een 0 zoals een lijn zonder einde. Is het toevallig? Kijk goed naar de effecten die gebruikt zijn in het 10 geboden logo nummer 10 bovenaan. Ze lijken op scherpe kanten van een zwaard. Toevallig?

    Hebr 4:12 Want het woord van God is levend en krachtig. Het is scherper dan een tweesnijdend zwaard en dringt door tot het raakpunt van ziel en geest, van gewrichten en merg. Het ontleedt de bedoelingen en gedachten van de mens. 

    Wat was hetgeen dat Stefanus zei voor de raad dat sneed tot het hart? Stefanus (Grieks sprekende Jood, naam betekent ‘kroon’ of ‘krans’) was één van de zeven mannen die in de gemeente van Jeruzalem werden gekozen om voor de rechtvaardige dagelijkse bediening van de weduwen te zorgen (Hand. 6:1-6). Hij was een man “vol van geloof en van H. Geest (Hand. 6:5), “vol genade en kracht” (Hand. 6:8). Hij “deed wonderen en grote tekenen onder het volk” (Hand. 6:8). Hij werd de eerste christelijke martelaar. 

    Hand 7 : In het Sanhedrin : de hogepriester vroeg nu: “Is dat werkelijk zo?” Hierop nam Stefanus het woord: “Mannen, broeders en vaders luistert! De God der heerlijkheid verscheen aan onze vader Abraham, toen deze in Mesopotamië woonde voor zijn komst naar Haran, en zei tot hem: Verlaat uw land en uw familie en kom naar het land dat Ik u tonen zal. Toen verliet hij het land der Chaldeeën en vestigde zich in Haran. Van daar deed God hem na de dood van zijn vader verhuizen naar dit land, waarin gij nu woont. Wel gaf Hij hem daarvan geen deel in eigendom, zelfs geen voetbreed, maar beloofde het in bezit te zullen geven aan hem en aan zijn nageslacht, hoewel hij geen kinderen had. God zei immers dat zijn geslacht als vreemdeling zou wonen in een vreemd land en dat men het in slavernij zou brengen en mishandelen, vierhonderd jaar lang. Maar Ik - aldus sprak God - zal over het volk, waarvan zij slaven zullen zijn, mijn vonnis vellen en daarna zullen zij wegtrekken en Mij eren op deze plaats. En Hij schonk aan Abraham het verbond der besnijdenis. Zo kreeg hij dan een zoon Isaak en besneed hem op de achtste dag; Isaak werd de vader van Jakob en Jakob van de twaalf aartsvaders. 

    Uit afgunst verkochten de aartsvaders Jozef naar Egypte; maar God was met hem, verloste hem uit al zijn ellende en maakte dat hij welgevallig en wijs was in de ogen van de Farao, de koning van Egypte. Deze stelde hem aan tot bestuurder over Egypte en over heel zijn huis. Er kwam een hongersnood over heel Egypte en Kanaän, een grote ellende, zodat onze vaderen geen voedsel meer vonden. Toen Jakob vernam, dat er in Egypte nog graanvoorraden waren, zond hij onze vaderen daarheen, dat was de eerste keer. Bij de tweede keer maakte Jozef zich aan zijn broers bekend en werd Farao ingelicht over de afkomst van Jozef. Nu liet Jozef zijn vader Jakob overkomen met heel zijn familie, vijfenzeventig personen. Jakob kwam naar Egypte en daar is hij gestorven, evenals onze vaderen. Zij werden overgebracht naar Sichem en bijgezet in het graf dat Abraham voor zilver gekocht had van de zonen van Hemor in Sichem. Naargelang de tijd van de belofte naderde, die God aan Abraham had gedaan, groeide in Egypte het volk aan en nam sterk toe, totdat een andere koning die Jozef niet meer kende in Egypte aan de regering kwam. 

    Met list onderdrukte deze ons volk, behandelde onze vaderen slecht en dwong hen zelfs zich van hun pasgeborenen te ontdoen, opdat ze niet in leven zouden blijven. In die tijd werd Mozes geboren, een bijzonder mooi kind. Drie maanden werd hij verzorgd in het huis van zijn vader. Nadat zijn ouders zich van hem ontdaan hadden, nam de dochter van de Farao hem op en liet hem grootbrengen als haar eigen zoon. Zo werd Mozes onderwezen in alle wijsheid der Egyptenaren en was machtig in woord en daad. Tegen de tijd dat hij veertig jaar werd, kwam het verlangen in hem op zich omtrent de toestand van zijn broeders, de Israëlieten, op de hoogte te stellen. Ziende dat iemand onrechtvaardig behandeld werd, nam hij het voor hem op en wreekte de afgebeulde man door de Egyptenaar neer te slaan. Hij meende dat zijn broeders zouden inzien, dat God hen door zijn bemiddeling zou verlossen. Maar zij begrepen het niet. De volgende dag stond hij ineens voor hen, terwijl zij met elkaar aan het vechten waren. Hij trachtte hen te verzoenen met vredelievende woorden: Mannen, ge zijt toch broeders.

    Waarom doet ge elkaar dan kwaad? Maar de man die zijn makker mishandelde, wees hem ruw af en zei: Wie heeft u tot leider en rechter over ons aangesteld? Wilt ge mij soms doden, zoals ge gisteren die Egyptenaar hebt gedaan? Om dat gezegde nam Mozes de vlucht en ging als vreemdeling leven in het land Midjan. Daar kreeg hij twee zonen. Na verloop van veertig jaar verscheen hem in de woestijn van het Sinaïgebergte een engel in de vuurgloed van een brandende doornstruik. Bij het zien van dit schouwspel stond Mozes verbaasd. Maar toen hij ernaartoe ging om het te onderzoeken, klonk de stem des Heren: Ik ben de God van uw vaderen, de God van Abraham, Isaak en Jakob. Bevend van schrik durfde Mozes het niet nader te onderzoeken. Toen sprak de Heer tot hem: Ontdoe u van uw schoeisel, want de plaats waar ge staat is heilige grond. Waarachtig, Ik heb de mishandeling van mijn volk in Egypte gezien en hun zuchten gehoord. Daarom ben Ik afgedaald om hen te bevrijden.

    Welnu dan, Ik wil u naar Egypte zenden. Die Mozes, die ze verloochend hadden met de woorden: Wie heeft u aangesteld tot leider en rechter, hem heeft God als leider en verlosser tot hen gezonden met de macht van de engel die hem in de doornstruik verschenen was. Hij was het die hen wegleidde onder het verrichten van wondertekenen in Egypte, in de Rode Zee en in de woestijn, veertig jaar lang. Die Mozes is het, die tot de Israëlieten gezegd heeft: Een profeet zoals ik zal God voor u uit uw broeders doen opstaan. Hij is het die voor de gemeente in de woestijn de middelaar was tussen de engel die tot hem sprak op de berg Sinaï, en onze vaderen; hij ontving woorden ten leven om ze aan u over te brengen.Maar onze vaderen wilden niet naar hem luisteren; neen, ze hebben hem afgewezen en hun verlangen ging uit naar Egypte. Ze zeiden tot Aaron: Maak ons goden, die voor ons uit zullen gaan. Die Mozes immers, die ons uit Egypte heeft weggeleid - wij weten niet wat er met hem gebeurd is. 

    Toen maakten zij een kalf, brachten een offer aan dat afgodsbeeld en verlustigden zich in hun eigen maaksel. Nu keerde God zich af en gaf hen prijs aan de eredienst van het hemels heir, zoals geschreven staat in het boek der profeten: Hebt gij Mij soms slachtoffers en brandoffers gebracht gedurende de veertig jaren in de woestijn, huis van Israël? Ja, hebt gij niet de tent van Moloch op de schouders gedragen, en de ster van de god Romfa, de beelden die gij gemaakt hebt om ervoor neer te knielen? Daarom zal Ik u verbannen nog verder dan Babylon. Onze vaderen bezaten in de woestijn de tent der getuigenis. Degene die tot Mozes sprak, had hem het bevel gegeven deze te maken naar het voorbeeld dat hem getoond was. Onze vaderen namen deze over en voerden ze onder Jozua in het land, bezet door de heidenen, die God voor onze vaderen uitdreef, zo bleef het tot aan David.

    Deze vond genade in Gods ogen en vroeg dat hij voor de God van Jakob een woontent zou mogen verkrijgen. Maar het was Salomo die Hem een huis bouwde. Toch woont de Allerhoogste niet in wat door mensenhanden gemaakt is, zoals de profeet zegt: De hemel is mij een troon, de aarde een voetbank voor mijn voeten. Wat voor een huis zult gij dan voor Mij bouwen, zegt de Heer, of wat zal mijn rustplaats zijn? Heeft mijn hand dat alles niet gemaakt? Hardnekkigen en onbesnedenen van hart en oor, nog altijd weerstreeft gij de heilige Geest, juist zoals uw vaderen deden. Wie van de profeten zijn door uw vaderen niet vervolgd? Gedood hebben ze hen die de komst aankondigden van de Rechtvaardige, wiens verraders en moordenaars gij nu geworden zijt, gij nog wel die de Wet hebt ontvangen door bemiddeling van de engelen; maar ge hebt ze niet onderhouden!” Toen ze dit hoorden, werden ze woedend en knarsetandden tegen hem. 

    Maar hij, vervuld van de heilige Geest, staarde naar de hemel en zag Gods heerlijkheid en Jezus staande aan Gods rechterhand; en hij riep uit: “Ik zie de hemel open en de Mensenzoon staande aan Gods rechterhand.” Maar zij begonnen luidkeels te schreeuwen, stopten hun oren toe en stormden als één man op hem af. Zij sleepten hem buiten de poort en stenigden hem. De getuigen legden hun mantels neer aan de voeten van een jongeman die Saulus heette. Terwijl zij Stefanus stenigden, bad hij: “Heer Jezus, ontvang mijn geest.” Toen viel hij op zijn knieën en riep met luider stem: “Heer, reken hun deze zonde niet aan.” Na deze woorden ontsliep hij. Saulus stemde in met de moord op deze man.

    Was het niet toen hij schreeuwde ‘Jullie hebben de wet ontvangen, maar ze niet gehouden!’? Wat Jezus bevestigde was de reden dat de mensen Hem haatten. Zij Hij niet: ‘De wereld haat mij OMDAT Ik getuigenis geef dat hun werken boosaardig zijn?’ Hoe dikwijls waren de Farizeeën beledigd door Jezus’ woorden? Waarom? Was het niet omdat Hij hem voortdurend beschuldigde van zonde?

    5) Jezus leerde enkel de 10 Geboden

    Rond 1300 v. Chr. sprak Mozes door profetie over een toekomstige profeet die zou komen. Deze profeet zou ZEER BIJZONDER zijn. Waarom? Omdat deze profeet de beloofde Messias zou zijn!

    Wanneer Jezus eindelijk op aarde kwam, werd hij dikwijls geconfronteerd met mensen die Hem vroegen of Hij DEZE profeet was. De reden dat ze dit wilden weten was omdat ze wisten dat Gods woorden over Hem geprofeteerd waren door Mozes. Wat was het? God zei: ‘Ik zal persoonlijk afrekenen die niet zal luisterne naar de boodschappen dat de profeet verkondigt namens Mij’!

    Vandaag willen we dat jullie begrijpen dat Jezus Christus die bijzondere profeet was, en DAT al Zijn instructies om te leven waren gebaseerd op de 10 geboden van liefde en leven! Deze waarheid is verbazingwekkend om te leren en begrijpen.

    Deut 18:18-19 Ik zal uit hun eigen broeders een profeet doen opstaan zoals gij dat zijt. Ik zal hem mijn woorden in de mond leggen en hij zal hun alles zeggen wat Ik hem opdraag. En van degene die geen gehoor geeft aan de woorden die hij in mijn naam spreekt, zal Ikzelf rekenschap vragen.

    23-03-2019 om 04:35 geschreven door claudia  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.The Life of St Joseph - Maria Cecila Baij O.S.B.

    Stukken uit ‘The Life of St Joseph – Maria Cecilia Baij, O. S.B.

    Aankomst in Egypte

    Na zoveel beproevingen te hebben doorstaan kwamen Jezus, Maria en Jozef uiteindelijk aan in hun bestemming te Egypte. Jozef was niet gelukkig met zijn komst in een Egyptische stad, alleen het vooruitzicht om definitief zich daar te vestigen met zijn bruid en het Goddelijk Kind deed hem aangenaam voor. Hij vreesde dat de mensen, die barbaars waren en afgoden dienden, hen zouden slecht behandelen. Hij keerde zich daarom in vurig smeekgebed tot God en sprak : “O, mijn God, verleen me de gunst dat Uw Eniggeboren Zoon en Zijn heilige Moeder nooit onderworpen worden aan zo’n wandaden. Kijk op mij neer, terwijl ik alles op mij neem, als ze maar gespaard blijven van zo’n tegenstand. O mijn God, laat niet toe dat Zij, die zo onschuldig zijn, zo buitengewoon deugdelijk, zo rijk aan verdiensten, mishandeld worden. Ik, onnuttig en ellendige dienaar, verdien elk ongeluk. Laat daar toe dat deze dingen enkel mij overkomen, en niet aan Hen.”

    Jozef stortte zijn Hart uit tot God op deze manier en nog meer. Hij drukte ook zijn vrees uit aan Maria, maar Ze kalmeerde hem door te zeggen: “Wees niet bang Jozef, want we hebben onze God bij ons en we moeten in Hem vertrouwen. Doordat Hij het is die ons naar hier gezonden heeft, zal Hij nu ook voor ons voorzien, net zoals Hij altijd getoond heeft in Zijn grote vrijgevigheid en bezorgdheid voor ons. We hebben zo dikwijls ontdekt hoezeer Hij bezorgd is om ons. Waarom zouden we bang zijn? Hij is voor ons: dat volstaat voor ons om in vrede te zijn in alle omstandigheden en in alle gevaren.”

    Deze woorden van zijn bruid gaven Jozef vernieuwde moed en ook Gods genade, zodat ze verder gingen in de stad. Toen ze binnen kwamen, donderden de afgoden die deze mensen verblindden om eer te brengen, naar beneden. Dit zorgde voor een aanzienlijke beroering onder de inwoners, omdat niemand enig idee had wat dit kon veroorzaken. Hoe konden ze weten dat het de waren God was die op die manier hun valse goden vernietigde toen ze de stad binnenkwamen?

    De duivel, die zo vastbesloten was om Jozef en zijn bruid te vervolgen, plande om de heilige pelgrims lastig te vallen als de stad naderden. Hij had zich reeds in de handen gewreven over het succes dat hij verwachte te boeken door zijn aanvallen, om zich plotseling in een situatie te bevinden dat door de uitgeoefende kracht die hij voelde zijn plannen werden verijdeld en dat hij volledig erdoor in wanhoop verkeerde toen de afgoden op de grond vielen. Hij was genoopt te vluchten. Hij knarsetandde in een gewelddadige razernij, en hij hitste vele mensen op tegen de heilige familie, maar hij slaagde er niet in hen veel kwaad te doen. De mensen konden gewoonweg niet geloven dat deze arme, nederige en teruggetrokken mensen de schuld hieraan hadden.

    Er waren bepaalde situaties waar een gebrek aan beleefdheid en misbruik aan de grondslag lag die Jozef troffen, maar er waren ook een talrijk aantal mensen die een milde instelling hadden, die sympathie toonden voor Maria en Jozef, en hen verdedigden. Ze vertelde het heilig paar dat het in orde was dat ze er verbleven, en zij verzekerden hen dat ze een middel zouden vinden om in hun levensonderhoud te voorzien. Ze deden uit hun grote sympathie voor Maria, nadat ze Haar zeldzame schoonheid, bevalligheid en bescheidenheid zagen en bijna iedereen benijdde Jozef voor de voldoening om Haar voortdurende aanwezigheid te hebben. Maar niemand onder de mannen aanzag Maria, in geen enkel opzicht om Haar van Jozef te scheiden, noch hadden ze ongepaste gedachten over Haar.  Ze hadden gewoon bewondering voor Haar en genoten van iemand te zien die zo wijs was, zo mooi, en zo charmant.

    Jozef verdroeg met geduld de ongepastheden hoe bepaalde schurken zich gedroegen, zoals hij ook de goede wil van degen accepteerde, die in overweging met de buitengewone voorrechten van zijn bruid, hen genegen waren. Wat verheugde hij bij het vallen van deze afgoden wanneer het Goddelijk Kind de stad binnengingen! Het gaf hem de hoop dat mettertijd dit ongelovig volk ook de ware God zou aanbidden. Maria bevestigde hem oordeelkundig in zijn overtuiging, en ze dankten tezamen God hiervoor.

    Ze wandelden een tijdje in de stad, niet goed wetend waar ze zouden gaan om te rusten. Ze wilden eigenlijk een meer afgelegen locatie waar ze meer tot rust konden komen, maar ze vonden niets gepast. Jozefs liefde voor het Kind Jezus en voor Maria deden Hem stelden hem niet op zijn gemak. Dit herinnerde hem eraan hoe ze geen toevluchtsoord vonden in Bethlehem, zelfs hoewel hij daar verwanten en vrienden had.

    Hij richtte zich tot God en smeekte Hem om hulp in zijn dringende nood. “O mijn God,” bad hij. “het is reeds voorgevallen dat ik geen toevluchtsoord vond in Bethlehem, zelfs niet onder familie en gelovigen. Wat kan ik dan verwachten van barbaren en ongelovigen? Ik het Uw bijstand nodig. O Heer, zorg voor voorziening voor Uw dienaar, zodat ik Uw Eniggeboren Zoon en Zijn Moeder, die U beiden onder mijn bescherming hebt geplaatst, naar een veilig oord kan brengen.”

    God gaf gehoor aan Jozefs smeebeden en beval dat een bepaalde man hen zou ontmoeten en die geraakt zou worden door de beminnelijkheid en zeldzame schoonheid van de Moeder Gods, dat zij in sympathie voor Haar, hen zou aanbieden een plaats te zoeken waar ze zouden kunnen verblijven. De man vond een klein huisje in een buitenwijk van de staat waar ze rustiger konden leven.

    Hoewel de mensen die er verbleven afgodendienaren waren, was de Heilige zeer ontvankelijk voor hun naastenliefde, en bad regelmatig dat God hen erom zou belonen. Nadat Jozef zich in het huis had gevestigd samen met de Allerheiligste Maagd en het Kind Jezus, rustten ze een tijdje uit en dankten God om hen naar deze plaats te brengen, en hen de leefplaatsen te voorzien gezien ze arm waren.

    Sinds de hele stad nog in beroering was over de vernietiging van de afgoeden, bleef de heilige familie in afzondering, en Jozef waagde zich zelfs niet om het huis de eerste nacht te verlaten om te bedelen om wat voedsel. Hij verklaarde aan zijn bruid: “Maria, wat gaan we doen om de nodige zaken te verkrijgen? Ik kan nauwelijks wagen om op straat te komen, terwijl de stad in zo’n beroering verkeert. Ik denk dat het beter is om in afzondering te blijven tot de rust is weergekeerd. Als ik mij nu zou laten zien, wie weet wat ze met mij zouden doen.”

    Maria bemoedigde hem opnieuw om met zachtaardigheid dit alles te accepteren uit liefde voor God, die zoveel zou moeten doorstaan voor de redding van de mensheid. Bij deze gedachte, raapte de Heilige de moed bijeen en omarmde blijgezind deze beproeving. Niettegenstaande hij zeer diep geraakt was wanneer hij de werkelijkheid ervan realiseerde, van de armoedige omstandigheden waarin de Zoon van God en Zijn Moeder moesten leven, en zijn onvermogen om hen te helpen. Kijkend naar hun huisje en zijn armzaligheid bemerkend zuchtte hij, maar zei toen tot zichzelf: “Ah ja, dit is nog niet zo slacht als de stal in Bethlehem. Hier zijn we tenminste volledig beschermd. En bovendien, sinds God wenst om het op die manier te doen, moet ik het ook zo wensen. Als de Zoon van God zich wil vernederen om op deze plaats te leven, dan zou ik ook niet onwillig mogen zijn om hier te verblijven. Voor zover het mij betreft, ben ik zeker tevreden zijn met wat God mij ook toebedeelt, maar de waarschijnlijkheid dat er meer lijden komt voor Jezus en Maria stoort mij. Toch moet ik tevreden zijn ermee, als God ter tevreden mee is.” Met die gedachte troostte Jozef zich.

    Voor het grootste deel, brachten Jozef en Maria de eerste nacht door God dank te zeggen en overwogen de schoonheid en charme van hun geliefde Jezus, die hen zoveel troost bood en zelfs slaagde om hun harten met vreugde te vervullen. Ze sliepen enkel voor een korte periode op de grond want ze hadden niets anders. Jozefs mantel diende opnieuw als bed voor het Goddelijk Kind.

    De volgende morgen, nadat ze de Goddelijke Lofprijzingen hadden afgerond, vatte Jozef de nodige moed om in de stad te trekken. Maria informeerde hem ook dat dit Jezus plezier deed. Toen ze hun kleine hut achterlichten, wandelde hij samen op straat en bedelde om voedsel. Hij verkreeg nogal gemakkelijk iets, want Hij vond er mensen die welwillend waren en die Hem gaven wat Hij nodig had. Dit was allemaal bekrachtigd door God als troost voor Zijn trouwe dienaar Jozef, en hoewel hij temidden van een heidens volk moest leven, vond Jozef er naastenliefde die hij niet had ondervonden onder zijn verwanten. Toen hij de nodige levensmiddelen had ontvangen, keerde hij terug naar huis en beschreef Maria al wat was voorgevallen. Ze was zeer opgelucht, en tezamen drukten ze hun dankbaarheid uit voor Gods voorzienigheid, die opnieuw zo genadevol hen te hulp was gekomen.

    “O mijn echtgenote,” sprak Jozef tot Maria, “ik geloof werkelijk dat we wel zullen varen in deze stad, zelfs al is ze heidens. Ik geloof dat we hier nog betere kansen zullen vinden voor ons onderhoud dan in Bethlehem.” De Moeder Gods nam van de gelegenheid gebruik om opnieuw de goedheid en vrijgevigheid  van God te prijzen, en ze antwoorde : “hier kan je het bewijs zien van Gods bijzondere aandacht voor ons. Hoewel we ons in een vreemd land bevinden, laat hij ons niet in de steek om ons te voorzien in alles wat we nodig hebben.”

    Ze spraken over de gelukkig staat waarin degenen die God als toevlucht in elke omstandigheid in hun leven zochten, zich bevonden. Hij laat niemand in de steek die vertrouwt op Hem. Ze overwogen het Kind Jezus, die in een zeer blij gemoed verkeerde. Jozef had al bemerkt dat Hij nog blijer was dan gewoonlijk wanner ze met grote ontbering werden geconfronteerd en compleet zonder voedsel waren. Het feit dat Jezus, terwijl Hij nog zo jong was, zo een grote vreugde tentoon spreidde in armoede, deed Jozef beseffen hoezeer Hij het liefhad, met gelijke intensiteit. Als gevolg vond hij ook vreugde temidden al deze ontberingen met betrekking tot materiële zaken.

    Jozef wsa altijd zeer bezorgd om de bekering van alle zondaars en smeekte met grote vurigheid in hun naam wanneer hij zo’n zielen vond in zijn onmiddellijke omgeving, gewoonlijk zelfs volhardend in zijn gebeden tot zijn gebed was verleend. Zo leefde hij onder deze ongelovigen, en streefde ernaar allen nog meer zijn liefde te tonen voor de medemens. Wat verlangde hij om iedereen tot erkenning te brengen van de ware God!

    De loutere gedachte dat hij temidden van een volk woonde dat onwetend was, betreffende God, was onder hen niet een die kennis had over de ware God,  en aanbaden Hem zoveel minder. Dit zorgde ervoor dat de tranen over Jozefs wangen rolden en dat zijn hart uiting gaf aan zijn gevoelens onder gezucht. Hij wijdde zich intens aan de taak om van God de bekering te verkrijgen van deze natie die niet tot verlichting was gekomen. Hij bad tezamen met de Moeder Gods, en als ze hun gezamenlijke oproepen deden tot de Hemel. Ze behielden een vastberaden hoop dat deze smeekbeden zouden gehoord worden. Regelmatig zei Jozef aan zijn echtgenote: “Maria, ik ben er diep van overtuigd dat God heel vrijgevig zal zijn in Zijn verdeling van genade aan dit volk. Wie weet voor hoelang het Kind Jezus hier zal blijven onder hen? Als Zijn loutere aankomst in de stad genoeg was om de afgoden op de grond te doen vallen, hoeveel groter zullen zijn verwachte zegeningen zijn omwille van Zijn permanente aanwezigheid! Deze hoop troost mij, en het moedigt mij aan om mijn smeekgebeden voort te zetten. Sinds God de meesten zeer mild wat alles wat gedaan wordt uit liefde voor Hem, zelfs de kleinste zaak, dat gedaan wordt, hoeveel meer zal Hij dan deze mensen belonen, die Hem een toevluchtsoord bieden. Er zijn hier vele mensen van goede wil, die ook vrijgevig zijn in hun aalmoezen, en die echte sympathie hebben voor ons in hun armoede.”

    De Moeder Gods luisterde gelukkig naar wat Jozef zei en antwoordde hem liefdevol en wijs, en bevestigde zijn mening. Dit gaf Jozef een grote voldoening. Hierdoor nog meer geanimeerd, sprak hij tot Haar: “Maria, nadat deze mensen onze manier van leven hebben geobserveerd en naar Jouw woorden luisteren, zullen ze niet in staat zijn Je te weerstaan en zullen ze Jou beminnen en wensen om bij Jou te zijn. Jouw buren moeten Je maar ontmoeten, en Jouw vele deugden zullen in de wijde omgeving toegejuicht worden. Ik twijfel er niet aan dat dit zal gebeuren, en dat Je tenminste de kans krijgt om vele mensen te verlichten die tot Jou komen in goed geloof, en dat deze op hun beurt anderen zullen informeren. Op deze manier zullen we in staat zijn om wat goeds te doen voor de zielen die God ons zal zenden, en Hij zal het tot stand brengen, dat ze verlicht worden en de kennis verkrijgen tot de ware God. Wat mijzelf betreft, ben ik inderdaad ellendig, en niet in staat het werkelijke goeds op mijn eigen raadgevingen of suggesties voort te brengen. Desondanks, hoop ik dat met tijd ik degenen waar ik in contact kom ook de ware God zullen erkennen en hun toevlucht tot Hem zullen nemen, want ik hoop dat God mij zal in staat stellen om dit te voltooien, en mij de kracht van het woord zal geven om de harten binnen te dringen.”

    De Moeder Gods verzekerde Jozef dat de goddelijke bijstand bij hem zou zijn in al wat hij ondernam, en dit maakt hem zeer blij. Bovendien zorgde dit voor een versterking van deze opvatting die hij in het begin van zijn tocht in Egypte koesterde. Zijn complete troost lag uiteindelijk in de grotere verspreiding van de kennis en liefde voor God. Zijn verlangen om de bekering van dit volk tot stand te brengen vermeerderde enorm. Dit verlangen was een natuurlijke groei van inzicht die God ook aan hem had gegeven betreffende de onmetelijke vrijgevigheid die Hij had gemanifesteerd aan de wereld, in het zenden van Zijn Eniggeboren Zoon om ze te verlossen.

    23-03-2019 om 04:02 geschreven door claudia  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (1)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.The Life of St Joseph - Maria Cecila Baij O.S.B. - deel 2

    Verblijf in Egypte

    Nadat Jozef zaken op orde had gebracht in hun kleine huisje, ging hij op zoek naar werk, omdat hij degene was die in het levensonderhoud voorzag van het Goddelijk Kind en Zijn Moeder. Hij riep eerst de raad in van Maria om Gods wil te kennen om te werken als zelfstandige, of om een ander werk te doen. Maria vertelde hem dat God wilde dat hij bleef werken in zijn zaak, en Jozef ging daarop op zoek om werktuig te lenen omdat hij zelf geen werktuig meer had. Soms slaagde hij erin, maar in bepaalde gevallen werd het hem bruut weg geweigerd.

    God liet toe zodat Zijn dienaar geduld zou moeten oefenen en berusting. Het was zelfs zo als iets wat hij wenste hem ontzegd werd, vernederde de heilige zich uitvoering en schreef het toe aan zijn onwaardigheid. Desondanks bleef hij in alle nederigheid en zachtaardigheid smeken tot hij ontving wat hij wilde. Hij bood zijn diensten aan allen aan die in hun goedheid hem iets leenden. Hij vertelde hen dat ze op hem beroep konden doen, voor zover het in zijn mogelijkheid lag. Hij was heel gewillig om hen ten dienste te staan. Door deze nederige en voorkomende manier, won Jozef de sympathie van velen.

    Daarna begon hij aan zijn werk. Hij had altijd veel op het programma staan omdat hij een goede werkman was, en omdat hij enkel de betaling aanvaardde wat hem vrijelijk werd aangeboden,  zonder ooit aanmerkingen te hebben. Wanneer hij minder werd betaald voor zijn werk dan het waard was, aanvaardde hij nog altijd de betaling in een geest van liefde, en dankte hen oprecht, zodat het voorkwam dat het een geschenk had ontvangen.

    Geleidelijk bouwde Jozef de nodige voorzieningen voor et Kind Jezus en voor Maria, evenals de dingen die hij nodig had in zijn werkzaamheid. Hij had heel weinig uit te geven aan voedsel, omdat hun zeer goede buren hen dikwijls iets brachten. Mara hiel zich bezig met handwerk dat zowel Jozef als de buren brachten. De vrouwen uit de buurt wedijverden in het brengen van zo’n werk aan Haar, niet zozeer omdat ze wilden dat dit werk werd gedaan, maar omdat ze Haar konden komen bezoeken en met Haar praten. Haar reputatie, Haar schoonheid en Haar deugd was wijd bekend. De mensen praatten van de beminnelijkheid en charme van Haar Kind. Ieder die Jezus zag was aangetrokken in liefde voor Hem, en tegelijk geneigd om de Moeder te benijden omdat ze zo’n Zoon had.

    Hoewel Maria deze bezoeken van Haar buren toeliet, bracht Ze maar een korte tijd met hen door en Haar woorden drongen door in de harten van de vrouwen. Ze verlieten Haar en waren getroost en vervuld van de geest van wroeging, en ze keken verlangend uit om spoedig terug te keren om zich te met Haar te onderhouden en om Haar liefdevolle Zoon te zien, wiens schoonheid en charme hen zo verwonderden. Zelfs al waren ze heidenen in hun hart, begonnen ze in hen open te bloeien, in de aanwezigheid van het Kind Jezus, met gevoelens van liefde en verering. Jong als Hij was, had Hij al iets in zich dat duidelijk niet in andere kinderen kon gevonden worden. Zelfs hoewel Jezus al de gelukkige en liefdevolle karaktertrekken van een kind had, was Zijn verschijning vol waardigheid en was er iets dat tot eerbied opriep.

    Hoewel Jozef zo zeer armoedig was, schonk hij aalmoezen aan de armen. De Moeder van God bad hem dit te doen, vooral wanneer hij iets had gekregen als betaling voor zijn arbeid. Maria, op haar beurt, gaf evengoed aan de armen, en schonk hen een deel van de compensatie die ze ontving voor Haar handwerk. Hoewel hij zich ijverig met het werk bezig hield, was Jozef stipt in zijn gebed, en in het prijzen van God, samen met zijn echtgenote.

    Soms was hij moe van zijn zware werk, en wanneer hij terug bij Maria was, wilde hij erover vertellen. Ze plaatste het Kind Jezus dan in zijn armen in overeenstemming met Jezus wens. De gelukkige Jozef ontving Hem in de diepste nederigheid, en omhelsde Hem. Hij kreeg nieuwe kracht, terwijl zijn ziel vervuld was met vreugde en troost. Hij ontving gestreel van het Goddelijk Kind en hij werd overweldigd door vreugde. Hij werd bewogen door de krachten van liefde en hij drukte de kleine Jezus tegen zich aan en lust Hem, eerst op Zijn kleine voetjes en dan op Zijn borst, terwijl het Goddelijk Kind van Zijn kant genoot door te lachten bij Jozefs vurige liefdesblijken.

    Soms gaf de heilige ineens terug aan Maria omwille van  de intensiteit van zijn liefde en de gelukzaligheid die hij ervoer binnen zijn hart. Op gelegenheden zoals deze, sprak hij tot het Kind: “O Jezus, geef mij een groter hart, waarin de volheid van Jouw troost en de grootheid van Jouw liefde gepaster kunnen ontvangen worden!”

    Soms gebeurde het wanneer Jozef de hut binnenkwam en Maria vond die het Goddelijke Kind streelde in Haar armen, dat Jezus een verlangen uitte om naar Jozef te gaan toen Hij Zijn ogen op hem richtte. Maria gaf dan onmiddellijk het Kind aan Haar echtgenoot. De heilige werd in zijn groot geluk in extase gevoerd en richtte zich tot het Kind: “O Jezus, mijn liefde! Waarom geef je zo’n immense gunsten aan een ellendige zoals ik? Het is al een grote gunst dat Je niet alleen naar mij wilt komen wanneer ik Je vraag dit te doen, maar dat je ook het verlangen te kennen geeft om Zelf naar mij te komen – O, dit is inderdaad teveel van het goede om te verwachten. En wat moet ik dan doen voor Jou, mijn kostbaarste Goed? Zie, ik wens ten minste om mij volledig aan Jou te geven. Doe met mij wat je goeddunkt, want ik ben helemaal de Jouwe.” Als Jozef dit zei, richtte het Goddelijk Kind Zijn liefdevolle blik op hem en lachte, duidelijk Zijn dankbaarheid uitend over deze betuigingen.

    Omdat er een klein bedje nodig was om het Goddelijk Kind een meer comfortabele rust te geven, bouwde Jozef er een. Wanneer Maria bezig was de maaltijden te voorzien, plaatste Ze het Kind erin om Hem bij Haar te hebben. Daar kon Zij Haar Goddelijk Kind zien en Hem overwegen terwijl ze aan het werk was. Wanner Jozef het Kind zal liggen, legde hij zich neer en aanbad Hem.

    Op een keer, toen hij het Kind Jezus in slaap vond, zeiden Jozef en Maria tot elkaar, als ze over Hem aan het nadenken waren: “Ja, inderdaad, dit Kind is werkelijk de Eniggeboren Zoon van de Hemelse Vader, de beloofde Messias, het Goddelijk Woord, de Heer van de hele Schepping! En toch, zien we Hem hier omgeven door een sterfelijk lichaam.” Jozef keerde zich naar zijn echtgenote en merkte op: “Maria, Jij bent de Bevoorrechtigde, om Degene te zijn die de Mensgeworden Zoon heeft bekleed met sterfelijk vlees. Door Jou, werd een God, die op Zich niet kon lijden, in de mogelijkheid gesteld te lijden. Door Jou werd het Oneindige in de mogelijkheid gesteld begrensd te zijn en werd het ontastbare tastbaar. O wat een vreugde! O wat een onvergelijkelijke waardigheid is het  om uitverkoren te zijn tot Gods Moeder!”

    Toen hij dit zei, werd Jezus wakker. Hij richtte Zijn liefdevolle blik eerst op Zijn lieve Moeder en dan op Jozef. Ze zagen in het Goddelijke Kind, al wat genadevol, liefdevol en subliem is, werd verenigd, en Maria en Jozef overwogen samen de Goddelijke Majesteit onder de zichtbare mantel van Zijn mensheid. Dan zongen ze samen een loflied aan hun Mensgeworden God, een loflied die uit de diepte van Maria’s wijsheid ontsprong.

    Soms waren ze aan het eten en hield Maria Haar Goddelijk Zoon in Haar armen, en werden Zij en Jozef van een buitengewone troost doordrongen als ze de onovertroffen schoonheid van hun Redder overwogen. Ze vergaten hun maaltijd en lieten zich enige tijd meevoeren in extase. Nadat de extase voorbij was, waren hun lichamen opgewekt alsof ze veel hadden gegeten. Deze gunst die God hen schonk, deed hen dank zeggen.

    Te midden van zo een grote troost, hadden Maria en Jozef vele miserie te verduren, omdat God wilde dat ze grote verdiensten verkregen, die enkel kunnen bereikt worden door lijden. Het was ook omwille van deze reden dat het Goddelijk Kind vroeg om te rusten in Zijn kleine nieuwe bedje, want Hij zocht om zich te de vreugde te ontzeggen van in de armen te liggen van Zijn heilige Moeder of deze van Jozef, zelfs hoewel het Hem intens deed huilen. Maria bemerkte hoe de tranen van Zijn rolden, maar innerlijk door Hem werd bevolen om Hem niet in Haar armen te nemen, en dan knielde Ze neer naast Hem en weende samen met Hem.

    Jozef was zo verontrust wanneer hij het Kind Jezus en zijn geliefde echtgenote zag in verdriet, hij zocht treurig de reden voor Hun tranen. Als antwoord verklaarde Maria dat het een offer was dat Jezus deed voor de zonden van de mensheid, omdat de Hemelse Vader zo zwaar werd beledigd door Zijn schepselen.

    Het was werkelijk een kwelling voor Jozef om de onschuldige Jezus te zien wenen, en hij werd ontroostbaar wanneer hij zijn eigen onwaardigheid zag. Hij wiep zich in tranen op de grond om te smeken om vergeving aan Zijn lieve Redder. Hij aanriep Hem zo genadevol om toe te laten dat hij alleen elke pijn zou lijden, en smeekte Hem om op te houden met wenen, omdat hij het niet kon aanzien. Hij riep herhaaldelijk: “O, mijn lieve Jezus! O mijn Goddelijke Redder. Stop Je geween, en draag al Je verdriet over aan mij, Je Jozef.”

    Dan offerde hij aan de Hemelse Vader al deze tranen van Jezus op als eerherstel voor de vele beledigingen die werden gepleegd tegen Hem in de wereld, in overeenstemming met de instructie die hij had ontvangen van Maria. Met tranen in de ogen richtte Jezus Zijn smekende blik naar Maria en Jozef, als wenste Hij om door hen getroost te worden. Jozef wenste om de angst van Zijn Redder te verlichten,  maar hij wist niet goed wat te doen, en daarom leek het erop dat zijn hart zou breken. Hij nam zijn toevlucht tot Maria en vroeg Haar om te weten te komen wat Jezus van Hem verlangde, of wat ze op zich konden doen om Hem te troosten.

    Maria, die alles begreep, herinnerde hem eraan dat Jezus in essentie verlangde om Zijn Hemelse Vader erkend te zien en geliefd door alle schepselen. Jozefs verlangen om iedereen tot liefde tot God te brengen, werd nog meer vermeerder, en omdat er niets was dat hij kon doen, verenigde hij zich met zijn echtgenote in het prijzen van God in naam van alle schepselen. Dit werd met grote tevredenheid aanvaard door het Goddelijk Kind. Hij werd stil en stopte met wenen.

    Jezus gaf Zijn Moeder te kennen dat Hij wenste om in Haar armen genomen te worden, en Maria tilde Hem op met grote liefde, drukte Hem tegen Haar borst. Jezus liet ook toe dat Hij aan Jozef werd gegeven, en Jozef omhelsde Hem en legde Hem dicht bij zijn Hart, terwijl de vreugdevolle tranen uit zijn ogen opwelden.

    Hij vertelde het Kind Jezus hoeveel hij van Hem hield en hoezeer hij meeleefde met Hem, en opnieuw smeekte Jozef Hem niet zo verdrietig te zijn, omdat hij het gewoon de aanblik niet kon verdragen. “Geef Je pijn en verdriet aan mij, mijn lieve Jezus,” sprak hij, “en laat Je niet toe nog te lijden op dit moment, anders zal ik zeker sterven van bezorgdheid.” Het Goddelijk Kind deed Jozef begrijpen hoe blij Hij was met deze ontboezemingen van zijn hart en hoe gelukkig Hij was om in zijn armen te zijn. Jezus sprak zo tot Jozefs hart en toonde ook Zijn grote liefde voor hem, en dit vormde al wat bitter was, in zoetheid voor de heilige Jozef.

    Soms was Jozef aanwezig wanneer Maria de luiers van het Goddelijk Kind verwisselde. Hij keek toe hoe op bepaalde gelegenheden het Kind Zijn armen uitstak in de vorm van een kruis, en tegelijk het blik gericht hield naar de Hemel, en dat hij dan bewegingsloos bleef voor enige tijd in die houding.

    Jozef voelde zich terneergeslagen als hij dit zag, en temidden van tranen van verdriet, vroeg Jozef zijn echtgenote uit te leggen waarom Jezus daar lag in zo’n houding. Maria die Zelf wat ontroostbaar hierover was, antwoordde hem dat het Goddelijk Kind Zich offerde aan Zijn Hemelse Vader, en volledig bereid was om zich aan alles over te geven dat Hij wilde van Hem voor de redding van de mensheid. Maria keek dan aandachtig naar het Kind op deze gelegenheden, en verenigde Zich met Hem in deze offerandes.

    Ze vertelde Jozef echter niet dat het Kind zich eigenlijk overgaf aan een kruisdood, omdat Ze niet wilde dat Jozef nog meer verdriet had. Jozef vermoedde in enige mate wat Jezus zou nog zou lijden gedurende Zijn leven, en dit overwegend weende Jozef intens. Maria troostte hem en bemoedigde hem om dit alles te offeren in geduld, omdat het de wil van de Hemelse Vader was. Haar woorden hadden een kalmerend effect op hem en hij verzoende zich met de goddelijke wil.

    Op deze gelegenheden, nadat hij Zijn offers en smeekbeden had aangeboden aan Zijn Hemelse Vader, keerde het Kind Jezus Zijn liefdevolle ogen naar Jozef en schudde Zijn kleine hoofdje, om hem uit te nodigen om dichter te komen. Jozef kwam met grote eerbied en nederigheid dichterbij en het Goddelijk Kind Zijn kleine hoofdje naar Jozef neigde naar Jozefs gezicht en hem streelde. Dit bood Jozef veel troost. Hij knielde neer in aanbidding voor de majesteit van het Goddelijk Kind. Jozef verheugde zich in Zijn tedere liefde. Hij kuste de kleine voetjes van zijn Jezus met vurige liefde. Het leek dat hij nooit hun schoonheid en aantrekkelijkheid genoeg kon bewonderen.

    Wanneer Jozef in extase verkeerde en bijzondere genaden verkreeg van Jezus, was zijn gezicht met licht overgoten, zoals het gezicht van een engel, en iedereen die hem dan zag ervaarde troost. Het zorgde ook voor bewondering onder de mensen, en in vele mensen werd eerbied voor hem opgewekt.

    God liet hen toe getuige te zijn van deze opmerkelijke manifestaties, zelfs al waren ze heidenen, zodat hun hart zou beroerd worden  en aangemoedigd worden om tot de heilige te komen en nauwer contact te zoeken met hem. Dan waren ze zeker verlicht door zijn woorden en tot erkenning gebracht van de ene, ware God.

    Sommigen reageerden op deze genade. Onder de indruk van Jozefs opmerkingen en door zijn welwillende houding, kwamen ze dikwijls naar hem en Jozef probeerde hen op een bijzondere wijze de waarheden van het geloof begrijpelijk te maken, in het bijzonder de waarheid van het bestaan van één God, die Schepper is en Heer van de hele wereld, en dat de goden waar zij in geloofden valse goden waren.

    Hij leerde deze mensen niet in het openbaar. Hij leerde ook vele anderen die hem goed gezind waren, en op deze manier de heilige Jozef in staat stelden, zolang hij daar verbleef, een aantal zielen tot erkenning van de ware God te brengen, hoewel dit niet algemeen geweten was in de stad. Ieder die door Jozef werd verlicht, verspreidde dan deze kennis van de ware God aan zijn vrienden.

    Vandaar dat de deugden die Jozef in praktijk bracht en de algemene heiligheid van zijn leven dienden als voorbeeld voor allen. Zijn woorden hadden een enorme indruk op de harten van degenen die tot hem spraken, want deze woorden waren niet alleen vervuld met de geest van God maar ook vergezeld van zijn vroomheid en deugden.

    23-03-2019 om 00:00 geschreven door claudia  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    21-03-2019
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Vastentijd : tijd van beschouwing - deel 13

    De zaligsprekingen in Mattheus 5

    1 Zalig de armen van geest, want aan hen behoort het Rijk der hemelen.

    Degenen die hun nood aan Christus erkennen, zullen verwelkomd worden in Zijn aanwezigheid.

    2 Zalig de treurenden, want zij zullen getroost worden.

    Degenen die treuren om hun zonden, zullen getroost worden door Christus’ vergeving.

    3 Zalig de zachtmoedigen, want zij zullen het land bezitten.

    Degenen die nederig zijn, zullen regeren met Christus in de eeuwigheid.

    4 Zalig die hongeren en dorsten naar de gerechtigheid, want zij zullen verzadigd worden.

    Degenen die Gods woord gehoorzamen, zullen in vrede zijn met God.

    5 Zalig de barmhartigen, want zij zullen barmhartigheid ondervinden.

    Degenen die barmhartig zijn met anderen, zullen Gods barmhartigheid ontvangen.

    6 Zalig de zuiveren van hart, want zij zullen God zien.

    Degenen die wedergeboren zijn in Christus, zullen God zien in de Hemel.

    7 Zalig die vrede brengen, want zij zullen kinderen van God genoemd worden.

    Degenen die voor allen het goede zoeken, zullen beschouwd worden als goddelijk.
    8 Zalig die vervolgd worden om de gerechtigheid, want hun behoort het Rijk der hemelen. Zalig zijt gij, wanneer men u beschimpt, vervolgt en lasterlijk van allerlei kwaad beticht om Mijnentwil: Verheugt u en juicht, want groot is uw loon in de hemel. Zo immers hebben ze de profeten vervolgd die voor u geleefd hebben.

    Degenen die vervolgd worden om hun geloof in Christus, zullen verheven worden in Zijn Koninkrijk.

    De 5 Christelijke Kronen

    De Kroon van Gerechtigheid – 2 Tim 4:3

    De Kroon van Leven – Jak 1:12, Openb 2:10

    De Kroon van Glorie – 1 Petr 5:4

    De Onvergankelijke Kroon – 1 Kor 9:25

    De Kroon van Vreugde – 1 Tess 2:19

    Jezus

    Genesis : de Beloofde - Exodus : Het Paaslam - Leviticus : Ons Offer van Verzoening – Numeri : de Ster van Jacob – Deuteronomium : de Komende Profeet – Joshua : de Bevelhebber van Gods Leger – Rechters : de Ultieme Rechter en Bevrijder – Ruth : Onze Bloedverwant-Verlosser – 1 Samuel : de Gezalfde van de Heer – 2 Samuel : de Beloofde Koning van Israel – 1 Koningen : de Heer van de Tempel – 2 Koningen : de Stem van de Profeten – 1 Kronieken : de Zoon van David – 2 Kronieken : Vervuller van de Messiaanse Stamboom – Ezra : de Hersteller van de Natie – Nehemia : de Bouwer van Jeruzalem – Ester : de Beschermer van de Joden – Job : de Levende Verlosser – Psalmen : het Eeuwig Loflied – Spreuken : de Wijsheid en Kracht van God – Prediker : de Grote Leraar – Hooglied : de Minnaar van onze Zielen – Jesaja : de Prins van Vrede – Jeremia : de Rechtvaardige Tak – Klaagliederen : de Man van Smarten – Ezechiel : de Glorie van God – Daniel : de Gezalfde – Hosea : de Trouwe en Vergevende – Joel : de Hoop van Israel – Amos : de Hersteller van Israel – Obadja : de Trouwe Verlosser – Jonas : de Verrezene – Micha : de Herder van Bethlehem –Nahum : Onze Toevlucht in Moeilijke Tijden – Habakuk : Voorwerp van ons Geloof – Sefanja : de Verdediger van de Zachtmoedigen – Haggai : de Verlangde van alle Naties – Zacharias : de Komende Zegevierende Messias – Maleachi : de Boodschapper van het Verbond

    Mattheus : de Koning van de Joden – Marcus : de Dienaar van de Heer – Lucas : de Mensenzoon – Johannes : de Eeuwige Zoon van God – Handelingen : de Heer van Zijn Kerk – Romeinen : Onze Gerechtigheid – 1 Korintiers : de Kracht en Wijsheid van God – 2 Korintiers : de Voorziener van alle Troost – Galaten : de Grote Bevrijder – Efesiers : het Verheven Hoofd van de Kerk – Filippenzen : Onze Vreugde en Vrede – Kolossenzen : de Perfecte Afbeelding van God – 1 Tessalonicenzen : de Terugkerende Redder – 2 Tessalonicenzen : de Triomferende Redder – 1 Timoteus : Onze Perfecte Middelaar – 2 Timoteus : Onze Rechtvaardige Rechter – Titus : Onze Gezegende Hoop – Filemon : de Hersteller van Relaties – Hebreeen : Onze Grote Hogepriester – Jakobus : Onze Glorierijke Heer – 1 Petrus : de Belangrijkste Herder – 2 Petrus : de Glorierijke Morgenster – 1 Johannes : het Woord van Leven – 2 Johannes : de Zoon van de Vader – 3 Johannes : de Waarheid van God – Judas : Onze Enige Soevereine en Heer – Openbaring : het Zegevierende Lam van God, Koning der Koningen en Heer der Heren

    Overeenkomstige karakteristieken van God  in het Oude en Nieuwe Testament

    RECHTVAARDIG IN HET STRAFFEN VAN ZONDEN

    OT : Deut 32:35, Ps 145:20, Jes 59:18, Eze 18:20         NT : Rom 2:5-6, 12:19, 2 Tess 1:8, Openb 21:8

    VREDE-MINNEND

    OT : Num 6:26, Ps 91:1-2, 119:165, Spreu 16:7,            NT : Luc 24:36, Joh 14:27, Rom 15:13,

    Jes 26:3, 32:17                                                 Fil 4:7, 2 Kor 13:11

    BARMHARTIG EN VERGEVEND

    OT : Ex 34:7, Neh 9:17, Ps 89:14, 119:132, 145:9,        NT : Matt 6:14, Joh 8:11, Rom 2:4, 5:8, Ef 1:7,

    Jes 54:8, Micha 6:8                                          2 Pet 3:9, 1 Joh 1:9

    LIEFDEVOL

    OT : Lev 19:18, Deut 6:5, 7:7-9, 10:12-15, 33:3, Ps 92:2,      NT : Matt 5:43-44, 19:19, 22:37-39, Joh 3:16,

    Spreuk 3:12, 15:9, Jes 43:4, Eze 16:8                    11:5, 13:1 & 34, 15:9 & 17, Rom 5:8,

    1 Kor 13:4-8, 2 Tess 2:16, 2 Tim 1:7,

    1 Joh 2:5, 4:8, 10

    GOED EN BEMINNELIJK

    OT : Deut 10:18, 1 Kron 16:34, Ps 86:5, 117:2,              NT : Marc 1:40-42, 10:13-16, 2 Kor 1:3-4,

    146:7-9, Jes 40:11                                           Ef 2:7, Titus 3:4, Jak 3:17

    RECHTVAARDIG

    OT : Gen 18:25, Ps 9:4 & 16, 37:28, 98:9, Jes 61:8,      NT : Joh 16:8, Hand 37:31, Rom 2:2-3,

    Jer 9:24                                                             1 Petr 1:17, Openb 19:2 & 11

    EEUWIG EN ONVERANDERLIJK

    OT : Num 23:19-20, Ps 33:11, 90:2, 102:27,          NT : 2 Tim 2:13, Hebr 6:18, 13:8,

    103:17, 119:90, Jes 40:8, Mal 3:6                           Jak 1:17, 1 Joh 1:5, Openb 22:13

    IJVERIG IN HET BEVELEN VAN HET HOUDEN AAN DE WET

    OT : Ex 15:26, Lev 22:31, Deut 4:40, 1 Kon 8:58,          NT : Matt 5:17-19, 7:23, 19:17,

    Neh 1:9, Ps 119:60                                          Joh 14:15 & 21, 15:10, Rom 3:31,

                                                                      1 Joh 2:3-4, 5:2-3

    Wie is God :

    God overstijgt de hele schepping en hij bevindt zich apart van zijn zelf geinitieerde openbaring (= transcendentie). God is actief in deze wereld en in ons dagelijks leven (= immanentie). God zorgt voor elk aspect van ons bestaan en nodigt ons uit om zijn leiding, genade en liefde te verwelkomen. God bestaat op zichzelf en voorziet op zichzelf en hij heeft geen mens of de rest van de schepping nodig. God heeft geen grootte of vorm en is aanwezig op alle plaatsen met zijn hele wezen. Gods hele wezen bevat ten allen tijde al zijn eigenschappen. Deze eigenschappen zijn nooit met elkaar tegenstrijdig. God heeft altijd bestaan, hij heeft geen begin en geen einde, en hij ervaart geen opeenvolging van momenten. God kan niet veranderen in zijn wezen, perfectie, doel en beloften. De geschapen helderheid dat Gods openbaring omringt (= glorie of heerlijkheid). God is de bezitter en de som van al de gewenste kwaliteiten. God geniet volledig in zichzelf en in al wat zijn karakter weerspiegelt. God bezit volledig alle uitstekende kwaliteiten en het ontbreekt hem niet aan kwaliteiten die door hem gewenst zijn. God zoekt altijd om zijn eigen eer te beschermen. God is de uiteindelijke standaard van alle goeds, en al wat hij is en doet is goedkeuring waardig.

    God is in zijn wezen en handelingen afgescheiden van alle verwarring en chaos. God is afgescheiden van zonde en hij zoekt zijn eigen eer. God geeft eeuwig zichzelf aan anderen. God is goed voor degenen in ellende en lijden en hij is goed voor degenen die straf verdienen. God is de uiteindelijke standaard van wat juist is en hij handelt altijd in overeenstemming met wat juis is (= Gods gerechtigheid). God haat diepgaand alle zonde (= toorn). God is de ware God wiens kennis en woorden zowel waar zijn en de uiteindelijke standaard van waarheid. God kent volledig zichzelf en alle reële en mogelijke dingen. God kiest altijd de beste doelstellingen en de beste middelen tot die doelstelllingen (= wijsheid). God keurt elke noodzakelijke actie goed en bepaalt deze actie om het bestaan en activiteit van al wat bestaat tot stand te brengen (= wil). God doet wat hij goeddunkt (= vrijheid). God is in staat om heel zijn heilige wil te doen. God oefent volledige kracht uit over zijn schepping en heerst als soeverein (= almacht). Gods totale essentie, zijn hele wezen, zal nooit zichtbaar zijn voor ons. God is een wezen die niet uit materie bestaat en die niet kan opgemerkt worden door onze lichamelijke zintuigen.

    Waarom ik moet gedoopt worden (Luc 7:29-30, Joh 3:1-5, Rom 6)

    Waarom moet iemand beslissen om besprenkeld te worden?

    Het doopsel wordt naar voren geschoven als noodzakelijk en belangrijk.

    Allen zouden moeten Gods standpunt bestuderen om het doopsel te begrijpen.

    De geestelijke voordelen van het doopsel tonen aan dat het noodzakelijk s!

    Het doopsel redt – Hand 4:12, Mark 16:16, 1 Petr 3:21

    Het is noodzakelijk in gehoorzaamheid aan God – Matt 3:14-17

    Het doopsel wast de zonde weg – Hand 22:16, Openb 1:5

    ·        Men moet zoeken om gereinigd te worden – Hand 22:16

    ·        Door de weggenomen smet wordt men niet gestraft

    -         Men wordt gereinigd om de nodige zuiverheid te verkrijgen – 1 Kor 6:9-11

    -         Jezus’ Bloed is het reinigend middel – Openb 7:14, 12:11

    -         Zijn Bloed is de enige kracht om zonde weg te wassen

    Men moet gedoopt zijn om vergeven te kunnen worden – Hand 2:36-38

    Het doopsel is een begrafenis en verrijzenis

    ·        Dood voor zonde en verrezen tot nieuw leven – Rom 6:3-4

    ·        Het verwijst naa de afscheiding (dood) en verandering (omvorming).

    Het doopsel is het aanvaarden van God de Vader, God de Zoon en de H. Geest en Jezus Christus, Gods Zoon als de Heer en Verlosser  – Luc 6:46

    Wanneer is de beste tijd om Hem onze Heer te laten worden? – Fil 2:11

    Het doopsel is bekleed worden met Christus – Gal 3:27

    ·        Ik wil niet naakt gevonden worden voor God – 2 Kor 5:2-4

    ·        Ik besef dat alle geestelijke zegeningen in Christus liggen – Ef 1:3

    Het doopsel is de toegang tot Zijn Kerk – Joh 10:9

    Na het doopsel is er redding, vergeving, reiniging, kans op eeuwig leven.

    De spiraal tot de afgrond

    Let op je gedachten, want ze worden woorden.

    Let op je woorden, want ze worden daden.

    Let op je daden, want ze worden gewoonten,

    Let op je gewoonten, want ze worden karakter.

    Let op je karakter, want het wordt je lotsbestemming.

    Jij versus God

    Jij : Het is onmogelijk – God : Met mij zijn alle dingen mogelijk Lc 18:27

    Jij : Ik ben uitgeput – God : Wacht op mij, ik zal je kracht vernieuwen Jes 40:31

    Jij : Niemand houdt van mij – God : Ik heb je liefgehad met een eeuwigdurende liefde Jer 31:3

    Jij : Ik kan niet verder leven – God : Mijn genade is volstaat voor jou 2 Kor 12:9

    Jij : Ik weet niet wat te doen – God : Ik zal je leiden Spreuken 3:6

    Jij : Ik kan het niet – God : Je kunt alle dingen door mij Fil 4:13

    Jij : Het is het niet waard – God : Het is toch de moeite waard – je moet blijven volhouden Gal 6:9

    Jij : Ik kan mijzelf niet vergeven – God : Je kunt het toch – omdat ik je heb vergeven Ef 4:32

    Jij : Ik kan de eindjes niet aan elkaar knopen – God : Ik zal voorzien in al je noden Fil 4:19

    Jij : Ik ben bang – God : Ik heb je niet de geest van angst gegeven, maar van kracht 2 Tim 1:7

    Jij: Ik kan er niet mee omgaan – God : Geef het aan mij, ik draag het voor jou Ps 55:22

    Jij : Ik ben niet slim genoeg – God : Ik zal je wijsheid geven 1 Kor 1:30

    Jij : Ik ben alleen – God : Ik zal je nooit in de steek laten Hebr 13:5

    10 tekenen dat de verdrukking nabij is

    1 bedrog : velen zullen zeggen “Ik ben de Christus” Matt 24:5

    2 onenigheid : oorlogen Matt 24:6-7

    3 vernietiging : hongersnood Matt 24:7

    4 Ziekte : epidemieen (zoals pest) Matt 24:7

    5 Rampen : Aardbevingen Matt 24:7

    6 Dood : Haat omwille van mijn naam Matt 24:9

    7 Ontrouw : Verraad, haat onderling Matt 24:10

    8 Misleiding : Valse profeten Matt 24:11

    9 Afvalligheid : Zich afkeren van God en elkaar Matt 24:12

    10 Verkondiging : het Evangelie dat in de hele wereld wordt verkondigd Matt 24:14

    Verloop van de grote verdrukking in het Boek Openbaring (samenvatting)

    Zeven zegels hoofdstuk 6:

    1 Antichrist verschijnt, bedrog (= wit paard) 1-2

    Attributen : boog, kroon, verovering

    2 Anarchie en oorlog (= rood paard) 3-4

    Attributen : groot zwaard, neemt de vrede weg van de aarde

    3 Hongersnood (= zwart paard) 5-6

    Attribuut : weegschaal

    4 Een kwart van de mensheid wordt gedood door pest (= vaal of groen paard) 7-8

    5 Martelaren sterven voor het geloof en grote verdrukking 9-12

    6 Aardbevingen en Hemelse tekenen aan de hemelen (zon, maan, sterren, lucht) – Dag van Gods toorn 12-17

    7 Stilte in de Hemel : Zeven Trompetten/schalen hoofdstuk 8:1-6

                                1 Groen, gras en 1/3 van bomen verbrand 7

    2 1/3 van zee wordt bloed, 1/3 van schepen en zeewezens vernietigd 8-9

    3 1/3 van water wordt bitter wegens de wormwood-ster 10-11

                                4 1/3 van zon, maan en sterren schijnen niet 12

    5 “Sprinkhanen” (maken deel uit van de militaire macht van het Beest) terroriseren 5 maanden vanuit de bodemloze put hoofdstuk  9:1-12

    6 De ruiters van de cavalerie doden 1/3 van de mensheid, 4 engelen, 200 miljoen paarden 13-21

    Kleine boekrol wordt opgegeten en is bitterzoet 10:1-11

    Twee getuigen profeteren 1260 dagen, worden gedood en 3,5 dagen als lijken op straat gelegd, ze verrijzen en worden opgenomen

    7 Het Koninkrijk van God wordt uitgeroepen voor de rechtvaardigen, opname van de levenden en de doden + zeven schalen worden uitgestort als teken van Gods toorn voor degenen die God niet hebben aanvaard 11:15-19     

    1 Zweren treffen degenen die het merkteken van het beest hebben geaccepteerd hoofdstuk 16:2

    2 Zee verandert in bloed, alle zeewezens sterven 3

    3 Rivieren en drinkwater worden bloed 4-7

    4 Hitte van de zon verbrandt de mensheid, mensen lasteren God 8-9

    5 De zetel van regering van het Beest wordt getroffen. Duisternis op de troon van het Beest, kwelling. 10-11

    6 De Eufraat droogt op, de wereldlegers verzamelen zich voor de Slag te Armageddon 12-16

    7 De aarde wordt danig dooreen geschud in een grote aardbeving, Babylon en grote steden worden vernietigd. Enorme hagelstenen. 17-22

    Getal zeven in het Boek Openbaring

    7 geesten van God

    7 zegels van het Boek

    7 gouden kandelaars

    7 sterren in Christus’ Hand

    7 Engelen van de 7 Kerken

    7 ogen en 7 horens van het Lam

    7 bergen

    7 donders

    7 koningen

    7 Engelen met 7 trompetten

    7 Engelen met 7 schalen

    7 hoofden en 7 kronen van de Draak

    Openbaring hoofdstuk 13

    De Antichrist :

    Heeft 7 hoofden, 10 horens en 10 kronen (komt in Europa zetelen, hoofdzetel in Rome)

    Ziet eruit als een luipaard met de poten van een beer en de muil van een leeuw

    Krijgt de autoriteit en macht van de Draak (satan)

    Wordt door de wereld aanbeden

    Lastert God en degenen in de Hemel 42 maanden lang (3,5 jarige heerschappij)

    Voert oorlog tegen het Godsvolk (Christenen en Joden) en heerst over hen

    Valse profeet :

    Heeft 2 horens zoals een lam en een stem als een draak (wolf in schapenvacht)

    Zorgt ervoor dat de mensen de antichrist aanbidden

    Zorgt dat er vuur uit de hemel komt

    Dood degenen die het beeld van de antichrist niet aanbidden (aanbidding gebeurt via de computer)

    Dwingt mensen om het merkteken van het beest te ontvangen op de rechterhand of voorhoofd (de microchip)

    Zijn nummer is 666

    Mirakels van Jezus

    G =  genezing, N = natuurbeheersing, O = opwekking uit de dood, U = uitdrijving van geesten

     

    21-03-2019 om 07:56 geschreven door claudia  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    20-03-2019
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Genaden verbonden aan de H. Mis

    Genaden verbonden aan de H. Mis

    Heb je ooit het gevoel van een drukkende last gehad door je zonden en zwakheden?

    Wens je dat je een meer intieme relatie had met Christus?

    Wil je uiteindelijk de dingen overwinnen die je steeds doen vallen?

    God beloofde dat Hij ons nooit in de steek zou laten of verlaten (Heb 13:5), Jezus zei dat Hij ons niet zou achterlaten als wezen (Joh 14:18), en dat Hij al onze noden en meer zou tegemoet komen (Fil 4:19, 2 Petr 1:3) – de H. Mis is een van de sleutels dat Jezus toont om dit te verwezenlijken.

    Wist je dat de H. Mis ons bevrijdt van de kracht van de zonde?

    1 Het voorziet in de vergeving van dagelijkse zonden en scheidt ons van zonde

    De eucharistie is dus een offer, omdat zij het kruisoffer tegenwoordig stelt, omdat zij er de gedachtenis van is en er de vruchten van toepast:

    Jezus Christus, onze God en Heer, heeft zich eens voor altijd aan God de Vader opgedragen door voor ons te sterven op het altaar van het kruis, om voor hen [de mensen] eeuwige verlossing te bewerken. Daar echter zijn dood niet het einde van zijn priesterschap mocht betekenen (Heb. 7,24.27), wilde Hij tijdens het laatste avondmaal, “in de nacht waarin Hij werd overgeleverd” (1 Kor. 11,23), aan de kerk, zijn geliefde bruid, een zichtbaar (zoals de menselijke natuur het vereist) offer nalaten. Hierdoor wordt het bloedige offer, dat Hij eens en voor goed op het kruis moest brengen, tegenwoordig gesteld, blijft de gedachtenis ervan tot aan het einde van de tijden bewaard en wordt de heilzame werking ervan toegepast op de vergeving van de zonden, die wij dagelijks begaan. – Katechismus 1366

    De communie verwijdert ons van de zonde. Het lichaam van Christus dat wij in de communie ontvangen, werd “voor ons overgeleverd”, en het bloed dat wij drinken, werd “vergoten voor velen tot vergeving van de zonden”. Daarom kan de eucharistie ons niet met Christus verenigen zonder ons tegelijk ook te zuiveren van bedreven zonden en ons te behoeden voor toekomstige zonden:

    “Telkens wanneer wij Hem ontvangen, verkondigen wij de dood van de Heer” (1 Kor. 11,26). Wanneer wij de dood van de Heer verkondigen, verkondigen wij ook de vergeving van de zonden. Wanneer zijn bloed, telkens als het vergoten wordt, vergoten wordt voor de vergeving van de zonden, dan moet ik het altijd ontvangen, opdat mijn zonden altijd vergeven worden. Daar ik altijd zondig, moet ik altijd een redmiddel hebben. – Katechismus 1393

    2 Het behoedt ons van toekomstige zonden, waaronder doodzonden

    Door dezelfde liefde die zij in ons ontsteekt, behoedt de eucharistie ons voor doodzonden in de toekomst. Hoe meer wij deel hebben aan het leven van Christus en voortgang maken in onze vriendschap met Hem, hoe moeilijker het ons valt met Hem te breken door de doodzonde. De eucharistie is er niet op gericht doodzonden te vergeven. Dit is eigen aan het sacrament van de verzoening. Het is eigen aan de eucharistie het sacrament te zijn van hen die zich in volledige gemeenschap met de kerk bevinden. – Katechismus 1395

    De heilige communie van Christus’ lichaam en bloed verenigt degene die de heilige communie ontvangt nauwer met de Heer, ontslaat hem van dagelijkse zonden en behoedt hem voor zware zonden. Omdat de banden van liefde tussen degene die heeft gecommuniceerd en Christus versterkt worden, versterkt het ontvangen van dit sacrament de eenheid van de kerk, het mystiek lichaam van Christus. – Katechismus 1416

    3 Het veegt dagelijkse zonden weg en versterkt onze naastenliefde

    Zoals het lichamelijk voedsel de verloren krachten herstelt, zo versterkt de eucharistie de liefde die in het dagelijks leven de neiging heeft te verzwakken; deze tot leven gewekte liefde bevrijdt ons van dagelijkse zonden. Door zich aan ons te geven brengt Christus onze liefde tot nieuw leven en stelt Hij ons in staat te breken met onze ongeordende gehechtheden aan de geschapen wereld, om ons aan Hem te hechten: 

    Christus is uit liefde voor ons gestorven. Daarom vragen wij, telkens als we zijn dood gedenken in het offer, dat Hij ons zijn liefde schenkt door de komst van de heilige Geest. Met aandrang bidden wij dat door de liefde waarmee Christus zich voor ons heeft laten kruisigen, en door de genade van de heilige Geest, wij de wereld als gekruisigd mogen beschouwen voor ons, en onszelf laten kruisigen voor de wereld. (...) ‘Zo moeten ook wij een nieuw leven leiden’ en, nu wij de genade van de liefde ontvangen hebben, sterven voor de zonde en leven voor God. – Katechismus 1394

    Het stelt ons in staat om te groeien en om onze zwakheden te overwinnen:

    1 Het vult onze ziel met genade en met elke hemelse zegen

    Een oud gebed bezingt het mysterie van de eucharistie als volgt: “O heilig gastmaal, waar Christus ons voedsel is, waar de herinnering aan zijn lijden wordt opgewekt, waar de genade onze ziel vervult, waar ons het onderpand van het toekomstige leven gegeven wordt”. Als de eucharistie de gedachtenis van het paasmysterie van de Heer is, als wij door onze communie aan het altaar “met hemelse zegen en genade verzadigd worden,  dan is de eucharistie ook een vooruitlopen op de hemelse heerlijkheid. – Katechismus 1402

    2 Het stelt ons in staat om te breken met ongebreidelde gehechtheden

    Zoals het lichamelijk voedsel de verloren krachten herstelt, zo versterkt de eucharistie de liefde die in het dagelijks leven de neiging heeft te verzwakken; deze tot leven gewekte liefde bevrijdt ons van dagelijkse zonden. Door zich aan ons te geven brengt Christus onze liefde tot nieuw leven en stelt Hij ons in staat te breken met onze ongeordende gehechtheden aan de geschapen wereld, om ons aan Hem te hechten: 

    Christus is uit liefde voor ons gestorven. Daarom vragen wij, telkens als we zijn dood gedenken in het offer, dat Hij ons zijn liefde schenkt door de komst van de heilige Geest. Met aandrang bidden wij dat door de liefde waarmee Christus zich voor ons heeft laten kruisigen, en door de genade van de heilige Geest, wij de wereld als gekruisigd mogen beschouwen voor ons, en onszelf laten kruisigen voor de wereld. (...) ‘Zo moeten ook wij een nieuw leven leiden’ en, nu wij de genade van de liefde ontvangen hebben, sterven voor de zonde en leven voor God. – Katechismus 1394

    3 Het behoed ons voor zonde, vermeerdert, en vernieuwt ons leven met genade en groei in het Christelijk leven

    Wat het materiële voedsel voor ons lichamelijk leven betekent, verwezenlijkt de communie op wonderbare wijze in ons geestelijk leven. Het deelgenootschap aan het vlees van de verrezen Christus, “dat in de heilige Geest tot leven is gebracht en tot leven wekt”, bewaart het genadeleven dat in het doopsel ontvangen werd, doet het groeien en vernieuwt het. Deze groei van het christelijk leven moet gevoed worden door de eucharistische communie, brood voor onze pelgrimstocht, tot op het ogenblik van onze dood, wanneer zij ons als viaticum (teerspijze of reisvoedsel) gegeven zal worden. – Katechismus 1392

    4 Het vernieuwt, sterkt, en verdiept ons lidmaatschap in de Kerk

    De eenheid van het mystieke lichaam: de eucharistie brengt de kerk tot stand. Zij die de eucharistie ontvangen, worden nauwer met Christus verbonden. Hierdoor worden zij door Christus met alle gelovigen verenigd tot één enkel lichaam: de kerk. De communie vernieuwt, versterkt en verdiept deze inlijving in de kerk, reeds door het doopsel verwezenlijkt. In het doopsel werden wij geroepen één enkel lichaam te worden. De eucharistie verwezenlijkt deze oproep: “Geeft niet de beker der zegening die wij zegenen, gemeenschap met het bloed van Christus? Geeft niet het brood dat wij breken, gemeenschap met het lichaam van Christus? Omdat het brood één is, vormen wij allen tezamen één lichaam, want allen hebben wij deel aan het ene brood” (1 Kor. 10,16-17): 

    Als gij het lichaam en de ledematen van Christus zijt, is het uw sacrament dat op de tafel van de Heer ligt: gij ontvangt uw sacrament. Gij antwoordt “Amen” (“Ja, het is zo!”) op wat gij ontvangt, en door te antwoorden onderschrijft gij het. Gij hoort het woord: “Lichaam van Christus” en antwoordt: “Amen”. Weest dus een lidmaat van Christus opdat uw Amen waarachtig zij. – Katechismus 1396

    De heilige communie van Christus’ lichaam en bloed verenigt degene die de heilige communie ontvangt nauwer met de Heer, ontslaat hem van dagelijkse zonden en behoedt hem voor zware zonden. Omdat de banden van liefde tussen degene die heeft gecommuniceerd en Christus versterkt worden, versterkt het ontvangen van dit sacrament de eenheid van de kerk, het mystiek lichaam van Christus. – Katechismus 1416

    5 Het dient voor de perfectie van het geestelijk leven

    De wijze waarop Christus onder de eucharistische gedaanten aanwezig is, is uniek. Hierdoor wordt de eucharistie boven alle sacramenten uitgetild en wordt zij “als het ware de voltooiing van het geestelijk leven en het doel waarop alle sacramenten gericht zijn”. In het allerheiligste sacrament van de eucharistie zijn “het lichaam en bloed van onze Heer Jezus Christus samen met zijn ziel en zijn godheid, en bijgevolg de gehele Christus, waarachtig, werkelijk en wezenlijk tegenwoordig”. “Deze tegenwoordigheid wordt ‘werkelijk’ genoemd, niet bij wijze van uitsluiting, alsof de andere vormen van tegenwoordigheid niet ‘werkelijk’ waren, maar bij wijze van uitnemendheid, omdat zij wezenlijk is, en omdat door haar de gehele Christus, God en mens, tegenwoordig gesteld wordt”. – Katechismus 1374

    En het stelt ons ook in staat om een meer intieme relatie met Jezus te ontwikkelen:

    1 Het brengt ons dichter tot Christus en verenigt ons met Hem

    De eenheid van het mystieke lichaam: de eucharistie brengt de kerk tot stand. Zij die de eucharistie ontvangen, worden nauwer met Christus verbonden. Hierdoor worden zij door Christus met alle gelovigen verenigd tot één enkel lichaam: de kerk. De communie vernieuwt, versterkt en verdiept deze inlijving in de kerk, reeds door het doopsel verwezenlijkt. In het doopsel werden wij geroepen één enkel lichaam te worden. De eucharistie verwezenlijkt deze oproep: “Geeft niet de beker der zegening die wij zegenen, gemeenschap met het bloed van Christus? Geeft niet het brood dat wij breken, gemeenschap met het lichaam van Christus? Omdat het brood één is, vormen wij allen tezamen één lichaam, want allen hebben wij deel aan het ene brood” (1 Kor. 10,16-17): 

    Als gij het lichaam en de ledematen van Christus zijt, is het uw sacrament dat op de tafel van de Heer ligt: gij ontvangt uw sacrament. Gij antwoordt “Amen” (“Ja, het is zo!”) op wat gij ontvangt, en door te antwoorden onderschrijft gij het. Gij hoort het woord: “Lichaam van Christus” en antwoordt: “Amen”. Weest dus een lidmaat van Christus opdat uw Amen waarachtig zij. – Katechismus 1396

    2 En het brengt ons in een meer intieme eenheid met Hem

    De mis is tegelijk en onafscheidelijk de gedachtenis van het offer, waarin het kruisoffer vereeuwigd wordt, en van het heilig gastmaal dat bestaat in de gemeenschap met het lichaam en bloed van de Heer. De viering van het eucharistisch offer is echter volledig gericht op de intieme vereniging van de gelovigen met Christus door de communie. Door te communiceren ontvangt men Christus zelf die zich voor ons geofferd heeft. – Katechismus 1382

    De communie doet onze vereniging met Christus groeien. De voornaamste vrucht van het ontvangen van de eucharistie in de communie is de intieme vereniging met Christus Jezus. De Heer zegt inderdaad: “Wie mijn vlees eet en mijn bloed drinkt, blijft in Mij en Ik in hem” (Joh. 6,56). Het leven in Christus heeft zijn grondslag in het eucharistisch gastmaal: “Zoals Ik door de Vader die leeft, gezonden ben en leef door de Vader, zo zal ook hij die Mij eet, leven door Mij” (Joh. 6,57): 

    Wanneer de gelovigen tijdens de feesten van de Heer het lichaam van de Zoon ontvangen, verkondigen zij aan elkaar het goede nieuws dat het onderpand van het leven werd gegeven, zoals toen de engel tot Maria Magdalena zei: “Christus is verrezen!” Ook nu worden het leven en de verrijzenis gegeven aan wie Christus ontvangt. – Katechismus 1391

    De heilige communie van Christus’ lichaam en bloed verenigt degene die de heilige communie ontvangt nauwer met de Heer, ontslaat hem van dagelijkse zonden en behoedt hem voor zware zonden. Omdat de banden van liefde tussen degene die heeft gecommuniceerd en Christus versterkt worden, versterkt het ontvangen van dit sacrament de eenheid van de kerk, het mystiek lichaam van Christus. – Katechismus 1416

    Wie mijn vlees eet en mijn bloed drinkt, blijft in Mij en Ik in hem. Zoals Ik door de Vader die leeft, gezonden ben en leef door de Vader, zo zal ook hij die Mij eet, leven door Mij. - Joh 6:56-57

    Is het dan te verwonderen dat de Kerk de H. Mis erkent als “de bron en hoogtepunt” van ons Christelijk leven, en de gelovigen “sterk aanmoedigt om de H. Eucharistie te ontvangen, zelfs dagelijks”?

    De eucharistie is “de oorsprong en het hoogtepunt van heel het christelijk leven”. “De overige sacramenten, evenals alle kerkelijke ambten en apostolaatwerken, hangen samen met de heilige eucharistie en zijn erop gericht. Want in de heilige eucharistie ligt heel het geestelijk goed van de kerk vervat, namelijk Christus zelf, ons paaslam. – Katechismus 1324

    De kerk verplicht de gelovigen ertoe op “zon- en feestdagen de goddelijke liturgie mee te vieren” en ten minste eenmaal per jaar, indien mogelijk in de paastijd, de eucharistie te ontvangen, na zich door het sacrament van de verzoening te hebben voorbereid. De kerk beveelt echter de gelovigen ook ten zeerste aan op alle zon- en feestdagen de heilige eucharistie te ontvangen, of nog vaker, zelfs iedere dag. – Katechismus 1389

    De Geest en de bruid zeggen: 'Kom! Laat wie het hoort, zeggen: “Kom!”
    Wie dorst heeft kome. Wie wil, neme het water des levens, om niet.' -
    Openbaring 22:17

    20-03-2019 om 19:00 geschreven door claudia  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Vastentijd: tijd van beschouwing - deel 12

    De echte aanwezigheid van Jezus Christus in het H. Sacrament

    De Bijbel vermeldt hoe, voor de vernietiging van de Joodse Tempel in 70 n. Chr., de Joden op rituele wijze dieren opofferden voor de kwijtschelding van hun zonden. (Deut 12:10-11, Lev 4:27-31, Job 1:5).

    Het Joodse Pesach, waarvoor God de Joden instructies gaf om een lam te offeren en te eten (Ex 12:3-8, 46), was een  voorafschaduwing van het ultieme offer van Jezus Christus, het paaslam van God, voor de finale en complete kwijtschelding van alle menselijke zonden. (Joh 1:29, Joh 19:33-36, 1 Kor 5:7, Rom 6:23, Heb 10:8-14). Op dezelfde manier zoals God instructies gaf aan de Joden om hun Paaslam te eten, gaf Jezus (het Paaslam van God) instructies om Zijn Lichaam te eten en Zijn Bloed te drinken om eeuwig leven te bekomen (Joh 6:35-71). Hij legde de nadruk erop dat Hij letterlijk sprak, niet symbolisch (Joh 6:51-59), hoewel het Laatste Avondmaal een geestelijke realiteit betrof – geen kannibalisme (Joh 6:63).

    De Bijbel vertelt hoe Jezus eerst deze bijzondere maaltijd inrichtte op het Laatste Avondmaal (Matt 26:26-30, Mark 14:22-26, Lukas 22:14-20). De Bijbel beschrijft ook hoe de H. Paulus en de vroege Kerk begrepen dat Jezus letterlijk had gesproken, niet symbolisch (1 Kor 10:16, 1 Kor 11:27-29). Tweeduizend jaar later nemen de Katholieken nog steeds deel aan het Lichaam, Bloed, Ziel en Goddelijkheid van onze Heer Jezus Christus in elke H. Mis, net zoals Hij heeft opgedragen.

    Gebed na de H. Communie – St Johannes van Damascus

    God, mijn God, onblusbaar en onzichtbaar vuur, U doet Uw engelen ontvlammen van vuur. Uit Uw onuitsprekelijke liefde hebt U mij Uw goddelijk Vlees als voedsel gegeven, en door deze H. communie van Uw onbevlekt Lichaam en kostbaar Bloed ontving U mij als een deelnemer aan Uw goddelijkheid. Doordring mijn lichaam en ziel, mijn botten en vlees. Verteer mijn zonden in vuur. Verlicht mijn geest en ziel. Heilig mijn lichaam en vestig Uw woning in mij tezamen met Uw H. Vader en H. Geest, zodat ik altijd in U mag wonen, door de voorspraak van Uw onbevlekte Moeder en al Uw Heiligen. Amen.

    Gebed in de Vastenperiode

    O Heer, sta mij bij als ik in de woestijn van de Vastenperiode ga. Geef mij alsjeblieft de moed, oprechtheid en nederigheid die nodig zijn om mijn zonden te herkennen, en de kracht, tranen en vast voornemen om ze te overwinnen. Zuiver mijn hart, O Heer en vernieuw mij met een standvastige geest in mij. Zorg dat ik mij afkeer van zonde en trouw gelovig ben aan het Evangelie.

    Heer, ik offer elk klein offer van dit heilig seizoen voor de volgende intenties (noem ze op). Zorg dat ik in deze 40 dagen tijd elke kleinigheid dat ik opgeef uit liefde voor U, offer uit liefde voor het welzijn van anderen. Help mij door Uw genade, O Heer, te groeien in deugd en heiligheid. Zorg dat ik dieper in een leven van gebed, vasten en zorg voor de behoeftigen leef.

    O Christus, waar Brood van Leven, zorg dat ik honger naar U alleen. Wees mijn constante vreugde en genot als ik zoek om mijn appetijt voor deze wereld te laten varen en zoek om gevoed te worden van de Hemel met geloof, hoop en naastenliefde. Hee, leid mij door Uw smartelijke Lijdensweg en dood, zodat ik in Uw verrijzenis mijn vreugde kan vinden. Amen.

    Gebeden vόόr de H. Communie

    Een akte van berouw : Vergeef mij mijn zonden, O Heer, vergeef mij mijn jeugdzonden, zonden van mijn ziel, de zonden van mijn verraderlijk lichaam, de zonden die ik door zwakte en zondige neigingen heb gepleegd, mijn waarschijnlijke zonden, mijn zonden van ijdelheid, mijn zware, moedwillige en vrijwillige zonden, de zonden die ik ken, de zonden die ik niet ken, de zonden die ik verborgen gehouden heb voor anderen en die nu verborgen zijn voor mijn geheugen. Laat mij de absolutie verkrijgen voor AL mijn beledigingen, zonden, overtredingen en bevrijd worden van al hun kwaad, door het Leven, Dood en Lijden van mijn Heer en Redder Jezus Christus. Amen.

    Offerande van H. Communie als viaticum : Mijn God, als ik zou sterven vandaag, of plotseling, wens ik de H. Communie te ontvangen bij mijn Viaticum. Ik verlang dat mijn laatste voedsel het Lichaam en Bloed van mijn Redder en Verlosser moge zijn, mijn laatste woorden: Jezus, Maria en Jozef. Mijn  laatste teken van liefde: een akte van perfect berouw voor mijn zonden, mijn laatste troost: te sterven in Uw heilige genade en in Uw heilige liefde. Amen.

    Na de H. Communie

    Mijn H. Drie-eenheid: Vader, Zoon en H. Geest, ik aanbid u diepgaan, Ik offer U het kostbaarste Lichaam en Bloed, Ziel en Goddelijkheid van Onze Heer Jezus Christus, aanwezig in alle tabernakels van de wereld, als eerherstel voor al de heiligschennissen die ertegen worden gepleegd, en door de oneindige verdiensten van Zijn H. Hart, door de voorspraak van het Onbevlekte Har van Maria, bid ik voor de bekering van de arme zondaars.

    3 x Mijn God, ik geloof, ik aanbid, ik hoop, ik houd van U! Ik vraag vergeving voor degenen die U niet geloven, niet aanbidden, niet op U hopen, en U niet liefhebben.

    Lieve Heer, help mij om uit mijn gedachten elke gedachte en mening te verwijderen die U niet zou toestaan, elk gevoel van mijn hart die U niet zou goedkeuren, en verleen dat ik de uren van deze dag met plezier werk met U volgens Uw Wil. Help me vandaag en sta mij bij in de al de lange uren van het werk, dat ik niet afgemat raak of traag in U te dienen. Dat de gesprekken die ik voer, geen valstrikken zijn van gebrek aan naastenliefde. Dat ik geduldig ben met mezelf en degenen rond mij, in zorgen en teleurstellingen. Dat ik in momenten van moeheid of ziekte aan anderen denk in plaats van aan mezelf. Dat ik in bekoringen vrijgevig en loyaal ben zodat wanneer de dag voorbij is, ik het aan Uw voeten kan leggen, met zijn successen die allemaal de Uwe zijn, en al de mislukkingen die de mijne zijn, en dat ik voel dat het leven reëel, vredig en gezegend is wanneer het doorgebracht is met U als Gastheer van mijn ziel.

    O Allerheiligste Hart van Jezus, stort overvloedig Uw zegeningen op Uw Kerk, op de Paus, op de hele geestelijkheid en religieuzen, op al de gezinnen, al de levenden en doden. Geef doorzettingsvermogen aan de rechtvaardigen, bekeer zondaars, verlicht ongelovigen, help stervenden, bevrijd de zielen uit het Vagevuur vooral Uw geliefden en degenen die het meest in de steek zijn gelaten, en verspreid over alle harten het zoete rijk van Uw Liefde. Amen. (100 dagen aflaat – 1 keer per dag)

    Gebed tot de H. Geest – bid dit gebed 3 dagen of 3 uren achtereen

    H. Geest, U doet mij alles inzien en toont mij de weg om tot U te komen, U die mij de goddelijke gave gaf om het kwaad te vergeven en te vergeten wat mij werd aangedaan en U die in alle ogenblikken van mijn leven bij mij bent, dank ik om alles en bevestig nogmaals dat ik nooit van U wil gescheiden worden, ongeacht hoe groot het materiele verlangen moge zijn. Ik wil bij U zijn en met mijn geliefden in Uw altijddurende heerlijkheid. Amen. In Jezus Christus, Uw Zoons naam, vraag ik dat U mij de volgende gave verleent (noem het verzoek).

    Terwijl je dit verzoek doet moet je beloven dit gebed te publiceren of de verkregen gunst kenbaar te maken.

    Gebed voor de zieken

    Vader van goedheid en liefde, luister naar onze gebeden voor de zieke leden van ons gezin of gemeenschap en allen die in nood verkeren. Mogen zij temidden van mentaal en fysiek lijden, troost vinden in uw genezende aanwezigheid. Toon Uw barmhartigheid als U de wonden sluit, ziekten geneest, gebroken lichamen heel maakt en slechte geesten uitdrijft. Moge deze mensen een blijvende genezing en bevrijding ervaren, en zich bij ons voegen in dankzegging tot U voor al Uw gaven. We vragen dit door de Heer Jezus, die degene genas die geloofden. Amen.

    10 manieren waarop God spreekt

    1 Door Zijn Woord – 2 Tim 3:16-17

    2 Door een fluistering doorheen een stille innerlijke stem – 1 Kon 19, 1 Joh 14:26

    3 Roept doorheen omstandigheden – Hand 16:6-10

    4 Door mensen die jou vinden – 2 Sam 12:7-15, Hand 9:10-18

    5 Wijze raad door mensen die je vindt – Spreuken 19:20-21

    6 Gedachten – Amos 4:13, Matt 19-21

    7 Dromen en visioenen – Hand 2:17

    8 Schepping doorheen de natuur – Rom 1:18-20, Joh 12:27-30

    9 Bovennatuurlijk – Brandende braamstruik Ex 3, Pratende ezel Num 22

    10 Vrede – Kol 3:15

    Wie is God voor jou?

    Hij is mijn Genezer – Ps 103:3

    Hij is mijn Verlosser – Jes 59:20

    Hij is mijn Bevrijder – Ps 70:5

    Hij is mijn Kracht – Ps 43:2

    Hij is mijn Beschutting – Joel 3:16

    Hij is mijn Vriend – Joh 15:15

    Hij is mijn Advocaat – 1 Joh 2:1

    Hij is mijn Hersteller – Ps 23:3

    Hij is mijn Eeuwige Vader – Jes 9:6

    Hij is Liefde – 1 Joh 4:16

    Hij is mijn Middelaar – 1 Tim 2:5-6

    Hij is mijn Burcht – Nahum 1:7

    Hij is het Brood des Levens – Joh 6:35

    Hij is mijn Toevlucht – Ps 32:7

    Hij is het Eeuwige Licht – Jes 60:20

    Hij is een Sterke Toren – Spreuken 18:10

    Hij is mijn Rustplaats – Jer 50:6

    Hij is de Geest van Waarheid – Joh 16:13

    Hij is mijn Toevluchtsoord tegen de storm – Jes 25:4

    Hij is Eeuwig Leven – 1 Joh 5:20

    Hij is de Heer die voorziet – Gen 22:14

    Hij is de Heer van Vrede – 2 Tess 3:16

    Hij is het Levende Water – Joh 4:10

    Hij is mijn Schild – Ps 144:2

    Hij is mijn Echtgenoot – Jes 54:5

    Hij is mijn Helper – Hebr 13:6

    Hij is mijn Wonderlijke Raadsman – Jes 9:6

    Hij is de Heer die geneest – Ex 15:26

    Hij is mijn Hoop – Ps 71:5

    Hij is de God van Troost – Rom 15:5

    4 manieren waarop God onze gebeden beantwoordt:

    1 God kan ons gebed verhoren met een klinkend JA!

    We vragen en God doet het. We bidden en we zien onmiddellijk resultaat.

    2 God beantwoordt ons gebed met een zeer definitief Nee!

    Hij aarzelt niet of stelt het niet uit. De Heer sluit de deur. Het kan zelfs zijn dat ze voor onze neus dichtvalt.

    3 God verhoort ons gebed met Wacht!

    Dit is geen negatief of positief antwoord, maar God stelt het uit en doet ons wachten. Dit is niet hetzelfde als Nee. Dikwijls vraagt Hij ons om de moed erin te houden en het wat tijd te geven. Hij zegt: Verlies de moed niet, Ik werk eraan, en je zult het spoedig ontvangen.

    4 God beantwoordt soms onze gebeden met een stilte.

    Er zijn periodes in het leven wanneer we het aanvoelen alsof God ver weg is en niet reageert. Wanneer je de stilte van de Hemel voelt, is het een perfecte tijd om dichter tot de Heer te naderen, dan je ooit voordien hebt gedaan.

    Johannes hoofdstukken 6-5 :

    1 IK BEN het Brood des Levens – 6:35,48

    2 IK BEN het Licht van de Wereld – 8:12, 9:5

    3 IK BEN de Poort – 10:7

    4 IK BEN de Goede Herder – 10:11,14

    5 IK BEN de Verrijzenis en het Leven – 11:25

    6 IK BEN de Weg, de Waarheid en het Leven – 14:6

    7 IK BEN de Ware Wijnstok – 15:1,5

    Gods eigenschappen

    Op zichzelf bestaand (Rom 1:19-20, Hand 17:23-29, Heb 11:3)

    Genoeg hebbend aan zichzelf (Jes 66:1-2, Hand 17:24-25)

    Trouw (Ps 36:5-6, 85:11, 89:8-12, 119:90, Klaagl 3:21-23)

    Alwetend en overal aanwezig (Job 38-42, Ps 139)

    Rechtvaardig (Ps 50:3-6, 85:10-13, Ps 97, 111)

    Almachtig (Ps 145:10-13, Hab 3, Rom 1:19-20)

    Goed (Ps 65, 67, 85, 103, 104, Hand 14:15-17)

    Barmhartig (Ps 145:8-10, Ps 113)

    Heilig (Exo 15:11, Job 22:12-16, 25:4-6)

    Geduldig (Matt 5:45, 2 Petr 3:5-9)

    Rechter (Gen 3:17-19, Job 9, Ps 96)

    Waarheidsgetrouw (Ps 57:9-11, 85:10-13, 108:4, 2 Petr 3:3-7)

    Drie-eenheid (Spreuken 8:22-31, 30:4, Heb 1:1-3)

    Genadig (Gen 9:8-17, Ps 121, Matt 6:25-34)

    Glorierijk (Ps 19, Jes 6:3)

    Toorn (Gen 6-9, 11 Petr 3:3-13)

    Kennis (Ps 19:2, Jes 40:12-26, 55:9)

    Majesteit (Ps 8:1-4, 111:1-4, 113, Neh 9:6, Openb 14:7)

    Soeverein (Ps 46, 74, 104, 135, Job 38-42, Jes 55:10-11)

    Wijs (Ps 104, Spreuken 3:19-20)

    Eeuwig en onveranderlijk (Ps 90:1-6, 102:25-27, Spreuken 8:22-31)

    Wetgever (Job 38:31-33, Ps 33:6-9, 135, 147)

    Goedertieren (Ps 33:4-7, 119:64, 136)

    De Katholieke Kerk is de Ware Kerk dat Christus heeft opgericht en dit kan op vele manieren worden aangetoond:

    1 Door de H. Schrift:

    Jezus Christus beloofde dat Hij elke dag bij Zijn Kerk zou  zijn in elke eeuw tot het einde van de tijden en zonder tussenpauzen. Matt 28:20

    Jezus Christus is de Redder van Zijn Mystieke Lichaam, de Kerk. Ef 5:23

    De H. Geest zal voor eeuwig in Zijn Kerk vertoeven. Joh 14:16-17

    Zijn Kerk spreekt voor Hem. Lukas 10:16

    Zijn Kerk heeft de laatste en uiteindelijke autoriteit. De sleutels = autoriteit. Matt 16:15-19 en Matt 18:15-18

    2 Door Apostolische Opvolging:

    Er is een zeer goed gedocumenteerde lijn van Pausen vanaf St Petrus doorheen elke eeuw tot de huidige Paus.

    In de tijd beeindigde St Johannes het Boek Openbaring, in 100 n. Chr. had de Katholieke Kerk reeds zijn 5de Paus:

    1 Petrus 30-87 n. Chr.

    2 Linus 67-76

    3 Cletus 76-88

    4 Clement 88-97

    5 Evaristus 97-105

    Er is geen andere kerk in de wereld die kan bogen op de Apostolische Opvolging dan de Katholieke Kerk en de Oosters Orthodoxe Kerken.

    3 Door de Kerkvaders

    Er zijn honderden authentieke historische documenten over bepaalde thema’s  die geschreven werden door vroege schrijvers uit de eerste eeuw, en in elke eeuw daarna, kunnen ze gevonden en gelezen worden door iedereen.

    Hier is een kleine voorbeeld van vroege schrijvers van de Kerk, die allen de Katholieke Kerk vermelden:

    ·        St Ignatius van Antiochie 35-107, die schreef over de Katholieke Kerk bij naam in 107 n. Chr. in zijn brief tot de inwoners van Smyrna.

    ·        St Clement van Alexandrie 150-2016, hoofd van de catechetenschool te Alexandrie en een van zijn werken is Stromateis.

    ·        St Cyprianus 251, eenheid van de Katholieke Kerk.

    ·        St Athanasius 295-350, brief aan het Concilie van Nicea.

    ·        St Augustinus 354-430, in al zijn geschriften vermelde hij de Katholieke Kerk bij naam, meer dan 300 keer.

    4 Door gezond verstand en rede

    Jezus Christus zei dat Hij 1 Kerk zou stichten en dat de poorten van de hel haar niet zouden overweldigen. Matt 16:18 Als de poorten van de hel zouden gezegevierd hebben, en dat Zijn Kerk afvallig was zoals sommigen beweren, dan zou Hij liegen? 1 Joh 5:10

    Er zijn nu ongeveer 37000 niet-Katholieke sekten in de wereld, waarvan er geen een gesticht werd door Jezus Christus. Ze werden allen gesticht door mensen, die geen goddelijke natuur hadden. Er is geen enkel vers in de H. Schrift dat autoriteit geeft aan iemand om een andere kerk te stichten, dan deze die Jezus heeft gesticht. Er zijn verzen die zeggen dat niemand een Kerk kan stichten behalve GOD. Ps 127:1 en 1 Kor 3:11

    Vier redenen waarom God mens werd

    1 Om ons te redden van zonde en dood en ons eeuwig leven te schenken

     

    Het Woord is vlees geworden om ons te redden door ons met God te verzoenen: “God heeft ons liefgehad en Hij heeft zijn Zoon gezonden om door het offer van zijn leven onze zonden uit te wissen” (1 Joh. 4,10). “De Vader heeft zijn Zoon gezonden om de Heiland van de wereld te zijn” (1 Joh. 4,14). “Christus is verschenen om de zonden weg te nemen” (1 Joh. 3,5)

     

    Onze natuur was ziek en had behoefte aan iemand die haar genas. De gevallen mens had behoefte aan iemand die hem oprichtte. Hij die het leven verloren had, had behoefte aan iemand die ten leven leidde. Hij die zich verwijderd had van de gemeenschap met het goede, had behoefte aan iemand die hem tot het goede terugbracht. Hij die in duisternis opgesloten was, had de aanwezigheid van het licht nodig. De krijgsgevangene zocht een verlosser, de geboeide een helper, hij die onder het juk van de slavernij gebukt ging, een bevrijder. Waren die redenen onbelangrijk of waren zij niet eerder van die aard dat ze God murwden om af te dalen en de menselijke natuur te bezoeken, daar de mensheid er zo jammerlijk en ongelukkig aan toe was? - Katechismus van de Kath. Kerk 457

     

    2 Om volledig Gods Liefde voelbaar te maken

    Het Woord is vlees geworden, opdat wij zo Gods liefde leren kennen. “Hierin heeft de liefde die God is, zich aan ons geopenbaard: God heeft zijn enige Zoon in de wereld gezonden om ons het leven te brengen” (1 Joh. 4,9). “Zozeer immers heeft God de wereld liefgehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon heeft gegeven, opdat alwie in Hem gelooft, niet verloren zal gaan, maar eeuwig leven zal hebben” (Joh. 3,16). - KKK 458

    3 Om ons overeenkomstig Zijn Heilig Beeld te maken

    Het Woord is vleesgeworden om voor ons voorbeeld van heiligheid te zijn: “Neemt mijn juk op uw schouders en leert van mij” (Mt. 11,29). “Ik ben de weg, de waarheid en het leven; niemand komt tot de Vader tenzij door Mij” (Joh. 14,6). En de Vader geeft op de berg van de gedaanteverandering de opdracht: “Luistert naar Hem” (Mc. 9,7).cit. Hij is immers het voorbeeld van de zaligsprekingen en de norm van de nieuwe Wet: “Hebt elkaar lief, zoals Ik u heb liefgehad” (Joh. 15,12). Deze liefde houdt in dat men daadwerkelijk zichzelf geeft om Hem te volgen. – KKK 459

    4 Om ons te vergoddelijken door de genade van adoptie, om zo kinderen van God te worden

     

    Het Woord is vlees geworden om ons “deel te laten krijgen aan Gods eigen wezen” (2 Petr. 1,4). “Het Woord van God is mens geworden en Hij die Gods Zoon is, werd de Mensenzoon, opdat de mens zoon van God wordt door het Woord in zich te dragen en het kindschap te ontvangen”. “Want Gods Zoon is mens geworden om ons tot God te maken”. “De eniggeboren Zoon van God nam, omdat Hij ons in zijn goddelijkheid wilde laten delen, onze natuur aan, opdat Hij, mens geworden, de mensen tot goden zou maken”. – KKK 460

    Gebed om bescherming

    Het Licht van God omgeeft mij.

    De Liefde van God omhult mij.

    De Kracht van God beschermt mij.

    De Aanwezigheid van God waakt over mij.

    De Geest van God begeleidt mij.

    Het Leven van God stroomt door mij.

    De Wetten van God leiden mij.

    De Kracht van God woont in mij.

    De vreugde van God tilt mij op.

    De Kracht van God vernieuwt mij.

    De Schoonheid van God inspireert mij.

    Waar ik ook ben, daar is God!

    -      Geschreven door James Freeman voor alle soldaten gedurende de 2de WO. Het is nog even krachtig als toen.

    De Bergrede – Mattheus 5:21 – 7:23

    Gebruikelijke wijsheid                         Jezus’ wijsheid

    Dood niet                                        Wees niet boos op anderen 5:21-22

    Pleeg geen overspel                     Wees niet wellustig 5:27-28

    Een man die zijn vrouw scheidt moet haar 

    een scheidingsbrief geven

     Echtbreuk is enkel geldig in gevallen van seksuele immoraliteit – 5:31-32

    Breek geen eed                             Leg geen eed af, ja of nee volstaat - 5:33-37

    Oog om oog, tand om tand          Weersta geen boosaardig persoon, keer hem de andere wang toe (zoek

     geen vergelding voor wat iemand je heeft aangedaan) –  5:38-42

    Bemin je naaste en haat je vijand         Bemin je vijand – 5:43-47

    Geef aan de behoeftigen in het openbaar          

     Geef aan de behoeftigen in het verborgene – 6:1-4    

    Bid langdradige gebeden om

    de aandacht te vestigen     

                                                            Bid nederig, in het verborgene – 6:5-8

    Vast in het openbaar                     Vast in het verborgene – 6:16-18

    Verzamel schatten op aarde                 Verzamel (geestelijke) schatten in de Hemel – 6:19-21

    Maak je zorgen om problemen op te lossen      

                                                            Maak je geen zorgen, zoek eerst Gods Koninkrijk (de rest is bijzaak en word

     je erbovenop gegeven) – 6:25-34

    Richt je de zonden van anderen  Richt je op je eigen zonden vooraleer je te richten op zonden van anderen

                                                            (maar je moet degenen die zondigen er wel liefdevol op wijzen dat ze

                verkeerd bezig zijn) – 7:1-5

    De meerderheid heeft altijd gelijk De meerderheid zal niet in de Hemel geraken – 7:13-14, 21-23

    Geloof en leer wat je wil zolang je God maar bemint

                                                            Kijk uit voor valse profeten en gehoorzaam God – 7:15-23

    60 seconden evangelie

    God houdt van jou, (Jer 31:3, 1 Joh 4:8-10)

    maar God haat zonde. (Ps 5:5, Spreuken 6:16-19)

    Zelfs als je een goed persoon bent (Spreuken 21:2)

    heb je geen perfect leven geleid (1 Joh 1:8)

    noch iemand anders. (Rom 3:23)

    Jouw zonde heeft je afgescheiden van God (Jes 59:2)

    en je straf voor zonde is de dood en de Hel. (Rom 6:23)

    Maar er is goed nieuws. (Luc 2:10-11, 1 Tim 1:15)

    Een perfecte vervanging kan je straf innemen (1 Joh 3:5)

    en God houd zoveel van jou (Joh 3:16, 1 Joh 4:10)

    dat Hij Jezus als jouw vervanging heeft gegeven (2 Kor 5:21)

    en door Zijn dood (Rom 4:25, 1 Petr 3:18)

    kan je eeuwig leven verkrijgen (Joh 17:3, 1 Joh 5:11)

    en door Zijn Verrijzenis is de dood verslagen. (joh 11:25)

    Deze gave is gratis. (Ef 2:8, Rom 3:24)

    Je zou het nooit kunnen verdienen (Gal 2:16)

    maar enkel door deze gave te accepteren (Rom 10:13)

    en Gods Wil te gehoorzamen (Joh 12:50)

    zullen je zonden vergeven en vergeten worden. (Ps 103:12)

    Je zal verzoend worden met God. (2 Kor 5:18)

    en bij Hem leven voor altijd in de Hemel. (Joh 17:24)

    20-03-2019 om 18:07 geschreven door claudia  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (0)


    Archief per maand
  • 03-2019
  • 02-2019
  • 01-2019
  • 12-2018
  • 11-2018
  • 10-2018
  • 09-2018
  • 08-2018
  • 07-2018
  • 06-2018
  • 05-2018
  • 04-2018
  • 03-2018
  • 02-2018
  • 01-2018
  • 12-2017
  • 11-2017
  • 10-2017
  • 09-2017
  • 08-2017
  • 07-2017
  • 06-2017
  • 05-2017
  • 04-2017
  • 03-2017
  • 02-2017
  • 01-2017
  • 12-2016
  • 11-2016
  • 10-2016
  • 09-2016
  • 08-2016
  • 07-2016
  • 06-2016
  • 05-2016
  • 04-2016

    Blog als favoriet !

    Mijn favorieten
  • levend geloof 8
  • levend geloof 7
  • godzoeker
  • legioen
  • heilig hart van jezus


  • Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op https://www.bloggen.be - Bloggen.be, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!