Kies Keurig
Links
  • Uitleg bij sommige links
  • Winkel / Recensies
  • Preken
  • Mijn engelstalige website (uitgebreider)
  • Mijn kerk
  • Website van een christelijke geschiedkundige
    Zoeken in blog

    Inhoud blog
  • De Mens en zijn Zoektocht naar Voldoening en naar God
  • De Verkiezing in het Oude Testament
  • Persoonlijke Relatie met God in het Oude Testament
  • De Antichrist
  • Jeremia 11:11 uitgelegd
  • Onvoorwaardelijke Gehoorzaamheid
  • Zuiver van Hart
  • Waarin Geloven Pinksterchristenen?
  • Het Geloof in de Godheid van Christus is Noodzakelijk
  • Kladversie van "Het Geweten en de Gouvernementele Visie op het Zoenoffer in Relatie tot Evangelisatie"
  • Het Einde vanaf Het Begin
  • Dr. W.F. Dankbaar over Dwaalleraar Marcion
  • Dr. W.F. Dankbaar over De Gnostiek
  • Niet buigen
  • Jezus huilde
  • De 'Grote Toorn' over IsraŽl (2 Koningen 3:27)
  • God bezoekt 2 Prostituees - De Parabel van De 2 Prostituees
  • Advent - De Verwachting van De Wederkomst van Christus
  • Romeinen in Perspectief
  • Waarom Ik hou van Mijn Lokale Kerk
  • De Drie-Eenheid in Jesaja 48:12-13,16
  • Genesis 3:22 leert niet dat De Mens aan God Gelijk is geworden
  • Een Facebook Gesprek over De Gouvernementele Theorie van Het Zoenoffer
  • Volgens De Bijbel zou Jij Dood moeten zijn
  • Winkel / Recensies
  • William Booth over De Gaven van De Geest volgens Gordon Lindsay
  • John Wesley over Het Calvinisme volgens Gordon Lindsay
  • Leiders zijn niet gebaat bij Huldeblijken
  • Wat We in De Kerk nodig hebben
  • De Grenzen van Het Land van Belofte
  • Bijbels Verschil tussen Vreemdeling en Onbekende
  • Het Zondvloedverslag uit Het Gilgameö-Epos en Oudere Teksten versus Het Bijbelse Zondvloedverslag
  • Het Babylonische Scheppingsverhaal versus Het Bijbelse Scheppingsverhaal
  • Genesis 10 is geen Interpolatie
  • Tűledűt
  • …ťn Paar of Zeven Paar
  • Het Verschil tussen De Namen JahwŤ en Elohim
  • Het Bewijs van Onze Liefde voor Jezus
  • Losprijs Model van Het Zoenoffer
  • Uitleg over Links
  • 5 Redenen om De Sabbat te houden
    26-05-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De Mens en zijn Zoektocht naar Voldoening en naar God
    ďDe Heer ziet neer vanuit de hemel, Hij speurt de mensen af of er ergens een wijze is, iemand die zoekt naar GodĒ (Psalm 14:2, Willibrordvertaling).

    Een baby wordt geboren zonder kennis, is afhankelijk van zijn ouders, en heeft een natuurlijke drang tot zelfbevrediging. Dit is een natuurlijk instinct waar niets verkeerd mee is. Een kind heeft ook een godsbesef (Romeinen 1:21). Het is de bedoeling dat het kind later reageert op zijn onwetendheid/afhankelijkheid en zijn godsbesef en juist dŠŠrom God zoekt (Handelingen 17, Psalm 14:2). Zo zal hij leren om God boven al en zijn naaste als hemzelf te beminnen (Mattheus 22:37-39).


    De duivel en maatschappijen onder leiding van de duivel (2 Korinthe 4:4) spelen in op de natuurlijke drang tot zelfbevrediging en willen dat de mens een ďkortereĒ weg zoekt (Mattheus 4). Dit egoÔsme leidt niet tot een uiteindelijke bevrediging maar het leidt tot de dood (Romeinen 6:23, Jakobus 1:14-15).


    De mens moet zich niet lam laten maken door zijn eigen zonden of het bedrog van anderen (1 TimotheŁs 4:2) maar tot inkeer komen en tot God terugkeren (Handelingen 17:30) - terugkeren tot Christus, de Goede Herder die leven in overvloed, en zelfs Zijn eigen leven geeft (Johannes 10:10-11)! - AtheÔsme wordt in de Bijbel als een pure dwaze mening omschreven (Psalm 14:1). Het is het negeren van het natuurlijke godsbesef (Romeinen 1:21). De gevolgen zijn overduidelijk. Om er maar een paar te noemen: vervuld zijn van ongerechtigheid, boosheid, hebzucht, slechtheid, nijd, bloeddorst, ruzie, bedrog, kwaadaardigheid, roddel, laster, haat tegenoverstaande van God, vermetelheid, verwaandheid, protserigheid, vindingrijkheid in het kwaad, ongehoorzaamheid aan ouders, onverstandigheid, onbestendigheid, zonder liefde en zonder mededogen zijn (zie Romeinen 1:29-31). Daarom geeft de Bijbel ons het volgende, nuttige advies: ďVrees God en onderhoud zijn geboden; daar komt voor een mens alles op aanĒ (Prediker 12:13b, Willibrordvertaling). Een mens die God vreest, zoekt naar Hem vanuit onwetendheid en vindt Hem als zijn meest waardevolle Leraar en Vriend voor dit leven en voor het hiernamaals.


    28-03-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De Verkiezing in het Oude Testament

    'Redding en verkiezing. Lange tijd speelde het begrip verkiezing een belangrijke rol in de theologie van het Oude testament. Het was een begrip, waarmee men Gods werk met betrekking tot IsraŽl in zijn totaliteit typeren wilde. Er werd veelomvattend gesproken van de "verkiezingstradities" van IsraŽl" (zo bijvoorbeeld K. Galling), waarmee men het oog had op de geschiedenis van de aarsvaders, het exodusbericht en nog andere teksten. (Zie THAT I, 1971, S. 275-300; aldaar wordt de overige literatuur).

    Er moet echter op gewezen worden, dat in de aldus getypeerde teksten het werkwoord bhr (verkiezen) niet voorkomt. Wanneer het Oude Testament vertelt, wat er gebeurt is, gebruikt het dat woord nooit. Wordt het woord gebruikt, dan heeft het de funktie van een interpretatie achteraf. Uit de verte van een veel later tijd kijkt het terug naar wat er gebeurd is om er een duiding aan te geven. Niet door Gods verkiezing is IsraŽl tot zijn volk geworden, maar door een daad van redding in den beginne. Daarover naderhand reflekterend, verklaarde men Gods werk door te zeggen, dat Hij IsraŽl uitverkozen had. Men kan dat duidelijk merken aan de manier, waarop het woord in het Oude Testament gebruikt wordt (ik verwijs naar het artikel van H. Wildberger in THAT I, S. 275-300: "In het oudtestamentische onderzoek bestaat er bijna consensus over, dat er niet vůůr Deuteronomium expliciet over IsraŽls verkiezing gesproken is", S. 284). Men is het er ten volle over eens, dat het begrip verkiezing eerst in Deuteronomium deugdelijk gemunt werd. De locus classicus is Deuteronomium 7, 6-8:

    "U heeft Jahwe, uw God, uit alle volken
    op den aardbodem uitverkoren
    om zijn eigen volk te zijn.
    Niet omdat gij talrijker waart dan enig ander volk.
    Maar. omdat Jahwe u liefhad
    en den eed hield, dien Hij uw vaderen gezworen had,
    heeft Jahwe u met een sterke hand uitgeleid
    en u verlost uit het diesthuis..."

    Uit deze tekst blijkt duidelijk dat het begrip verkiezing een interpretatie is. De redding uit Egypte wordt achteraf zo uitgelegd, dat ze plaatsvond, omdat Jahwe IsraŽl "uit alle volken op den aardbodem" verkozen had om aan dit volk deze daad van redding te voltrekken. Deze verklaring is in Deuteronomium 7 in verband gebracht met het gebod tot rigoreuze afzondering van de Kanašnieten en hun religie. Inderdaad is de passus Deuteronomium 7, 6-8 de motivering van het gebod tot afzondering dat in Deuteronomium 7, 1-5, en vervolgens in vers 9-11 opnieuw - nu parenetische kontekst: in Deuteronomium is het van levensbelang, dat het eerste gebod ingeprent wordt met het oog op het gevaar van syncretisme. Dat impliceert echter ook, dat verkiezing verkeerd begrepen is, als men er pretenties uit afleidt. En wat er in Deuteronomium 7, 6-8 nog slechts impliciet gezegd wordt, staat er in Amos 3, 2 in alle scherpte ("U alleen heb ik gekend uit alle geslachten van het aardrijk; daarom zal Ik al uw ongerechtigheden aan u bezoeken"). Alleen in verband met de paranese krijgt verkiezing zin: vanwege het gevaar van afval wordt IsraŽl het eerste gebod voorgehouden. Op grond daarvan lijkt het niet raadzaam om het begrip verkiezing te generaliseren en dan abstract te spreken over het uitverkoren volk. Zulke abstracte generalisaties kunnen gemakkelijk aanleiding geven tot pretenties, die ten onrechte uit het begrip verkiezing afgeleid worden.

    Tegen een algemeen gebruik van het begrip verkiezing pleit ook het feit, dat het woord verkiezing niet voorkomt in de formering va  tradities aangaande Gods reddende daad in den beginne, maar ook niet in de lange ketting van overgeleverde woorden, die daaraan herinneren (zie boven). Het is dan ook geen toeval, dat de profeten vůůr de ballingschap het begrip verkiezing Gods bijna geheel vermijden.* Daarom kan men niet zeggen, dat het begrip verkiezing de sleutel is, waarmee het hele Oude Testament ontsloten kan worden; gebruikt men het dan moet men in het oog houden, dat zijn betekenis begrensd is.'

    bron: Claus Westermann, Hoofdlijnen van een Theologie van het Oude Testament (1981), 45-46.

    voetnoot:

    * Amos 3, 2: "U alleen heb Ik gekend (jada'ti) uit alle geslachten van het aardrijk; daarom zal Ik al uw ongerechtigheden aan u bezoeken". Jada'ti moet niet vertaald worden met 'verkozen' (L. KŲhler had zich al daartegen gekeerd); dit 'gekend' immers moet men verstaan in de zin van kennis-making in de ontmoeting.


    15-03-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Persoonlijke Relatie met God in het Oude Testament

    "In de geschiedenis van het heilswoord stuiten wij op het feit, dat de enkeling ongeveer even vaak aangesproken wordt als het volk. Hieruit blijkt, dat Gods werk zich per se niet beperkt tot het Godsvolk, tot IsraŽl, maar integendeel met dezelfde intensiteit op de enkele mens gericht is. En dan niet slechts op de enkeling in zoverre hij deel uitmaakt van het volk Gods, maar ook op de enkeling eenvoudigweg als mens. Dat wordt duidelijk uit het verhaal van de schepping van de mens, in het boek Job, in de wijsheid; in het bijzonder geven de psalmen er uitdrukking aan, waarin niet alleen leed en vreugde van het Godsvolk, maar ook van de enkele mens onder woorden gebracht worden. De persoonlijke relatie met God heeft in het Oude Testament naast IsraŽls verhouding met God een belangrijke plaats. Beide zijn niet gladweg identiek met elkaar en het zou een ontoelaatbare verkorting zijn van wat het Oude Testament over God zegt, wanneer men daar geen acht op slaat. Een kort overzicht kan dat duidelijk maken: De oergeschiedenis (Genesis 1-11) gaat over de mens, voordat de mensheid uiteengevallen was in volken en godsdiensten; met zijn mogelijkheden en grenzen is de mens een schepsel, dat voor zijn Schepper staat. In de geschiedenis van de aartsvaders (Genesis 12-50) wordt aan de enkele mens in de kring van zijn familie fundamentele betekenis toegemeten, ook met het oog op de latere geschiedenis van het Godsvolk. In de volksgeschiedenis blijkt steeds weer, dat de persoonlijke Godsrelatie van de enkeling in de kring van zijn familie een noodzakelijk element van die historie is. Men hoeft slechts te denken aan Davids familiegeschiedenis of aan de klaagliederen van Jeremia. De Godsrelatie van de enkeling in zijn persoonlijk leven maakt evenzeer deel uit van IsraŽls eredienst als die van het volk in zijn geschiedenis. Dat blijkt vooral uit de grote betekenis van de individuele psalmen in het Psalter. Tijdens de ballingschap worden familie en enkeling opnieuw de dragende factoren van IsraŽls religie en in de diaspora blijft dat zo. Het boek Job legt er getuigenis van af, dat het lot van een enkeling, van iemand die lijdt voor Gods aangezicht, het Godsvolk iets te zeggen heeft van beslissende betekenis, ook wanneer het geen IsraŽliet is, die lijdt. Ten slotte moet men denken aan de sterke humane trek, die door het hele Oude Testament in de universalistische tendens, die veel van de profetieŽn over de volkeren eigen is. Wezenlijk voor dat wat het Oude Testament over God zegt, is, dat naast de geschiedenis van God en zijn volk ook de enkele mens in zijn persoonlijk leven, in de kring van zijn familie, gewaardeerd wordt als Gods tegenspeler, juist in zijn simpele mens-zijn."

    bron: Claus Westermann, Hoofdlijnen van een theologie van het Oude Testament (1981), 70. Westermann verwijst naar R. Albertz, PersŲnliche FrŲmmigkeit und offizielle Religion (1978).


    14-12-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De Antichrist
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    De apostel Johannes vertelde ons dat in de dagen waarin hij leefde, er al vele antichristenen waren in de wereld en hij spreekt over de geest van de antichrist (1 Johannes 4:3). Een antichrist en een misleider is iemand die ontkent dat Christus in het vlees gekomen is (2 Johannes 1:7). Dit was typisch voor het gnosticisme ten dage van Johannes. Gnostici geloofden dat het vlees slecht is en de geest goed is. Daarom was de gnostische versie van Christus een soort van spookgestalte, die niet geboren was uit de maagd Maria (tegen MattheŁs 1:20, 23). De vroege kerk schreef hevig tegen deze ideeŽn en vele christenen denken dat de schrijvers van de vroege kerk wonnen tegen deze groepen maar, mijn mening is dat, spijtig genoeg, deze ideeŽn gewoon, stap voor stap, de kerk zijn binnengeslopen onder Ambrosiaster, Origenes, Ambrosius, Hieronymus, Augustinus,Ö Je merkt het vandaag de dag nog in spreekwoorden zoals: ďWe zijn allen geboren in een zondige natuur/zondig vlees, we kunnen niet zonder elke dag te zondigen omdat we zonde overerven van Adam maar Jezus zondigde niet omdat Hij een ander soort vlees heeft.Ē Dit is een geest van wetteloosheid die zonde herdefinieerd en er een onvermijdelijk ding van maakt, in plaats van een daad die komt vanuit de wil (zie 1 Johannes 3:4 en volgende). Door her herdefiniŽren van kernleringen (tegen Judas 1:3), creŽert dit een ďexcuusĒ voor religieuze zondaars (tegen MattheŁs 7:17-23). Ik gelood dat deze dingen u duidelijk zullen worden indien u 1 & 2 Johannes en de geschriften van de vroege christenen bestudeerd.

    Ik denk dat goedbedoelende katholieken en orthodoxen geloven dat de antichrist was vernietigd, toen Gnosticisme zogezegd verslagen was en protestanten denken dat het gaat om een soort van toekomstige leider, terwijl de duivel de kerk probeert te corrumperen van binnenuit.

    ďHieraan moet gij den Geest Gods kennen: iedere geest, die belijdt, dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, die is van God; en iedere geest, die niet belijdt, dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, die is niet van God; en dit is de geest van den antichrist, van welken gij gehoord hebt, dat hij komen zal, en hij is nu alreeds in de wereld.Ē  Ė 1 Johannes 4:2-3 (Luther vertaling)


    14-07-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Jeremia 11:11 uitgelegd

    "Daaromí, zo spreekt de heer, Ďbreng Ik rampen over hen, waaraan ze niet kunnen ontkomen. Hoe ze Mij ook aanroepen om hulp, Ik zal niet naar hen luisteren."
    - Jeremia 11:11 (Willibrordvertaling)

    Waarom aanhoort God hen niet?

    Reden: omdat hun harten ver van Hem zijn. Ze zijn niet waarlijk gefocust op Hem.

    Bewijs: ze aanroepen direct hierna andere Goden:

    "Dan zullen de steden van Juda en de inwoners van Jeruzalem henengaan, en roepen tot de goden, dien zij gerookt hebben; maar zij zullen hen gans niet kunnen verlossen ten tijde huns kwaads."
    - Jeremia 11:12 (Statenvertaling)


    >

    Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op https://www.bloggen.be - Bloggen.be, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!