Inhoud blog
  • Van Bourges tot Saint-Marcel: 4 dagen, 121km
  • Van Vezelay tot Bourges: 5 dagen, 143km
  • Van Troyes tot Vezelay: 4 dagen, 135km
  • Van Moussy tot Troyes: 5 dagen, 135,5km
  • Van Rocroi tot Moussy: 5 dagen 140,5km
    Zoeken in blog

    Beoordeel dit blog
      Zeer goed
      Goed
      Voldoende
      Nog wat bijwerken
      Nog veel werk aan
     
    Jens naar Santiago de Compostella
    Een reis om nooit te vergeten! Reacties zijn altijd welkom en voor mij heel leuk om te lezen!
    24-03-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Van Bourges tot Saint-Marcel: 4 dagen, 121km

    Dag 28: Bourges-Chârost: 30km

    Een vreselijke nacht achter de rug. Om de 2u wakker worden is echt hatelijk. Tegen 7.30 was ik dus ook enorm blij de wekker te horen. Het inladen van de zak stond als eerst op de planning van de dag. Ondertussen begon Jacqueline wederom zorgeloos het ontbijt klaar te maken. Za-lig! Spiegeleieren was juist hetgeen wat ik nodig had om de nacht achter mij te laten en de dag te beginnen. Tegen 8.30 begon de wandeling richting Chârost. Het was rustig aan het regenen en duurde wel even vooraleer ik Bourges goed en wel achter me had gelaten. Het kopen van een granenbaguette en het instellen van de stapstokken, wat me zeker 20 minuten duurde, zorgde een beetje voor de “vertraging". Niet dat ik in tijdnood ging zitten hoor. De eerste 8km van de dag waren maar saai. Heel de tijd door de buitensteden van Bourges en door de regen die wat beter zijn best begon te doen. Toch al redelijk nat kwam ik aan in La Chapelle-Saint-Ursin waar ik een eerste pauze pakte. In het bushokje voor de kerk (om te schuilen voor de regen) pakte ik mijn verse baguette en choco om wat calorieën op te nemen, maar bij het scheuren van het brood merkte ik dat er iets niet klopte. De binnenkant van het brood zag geel. Ik rook eraan en ja lap, net wat ik dacht. Was ik toch zo slim geweest om een baguette me currysmaak te kopen. Wie maakt dat zelfs en wie koopt dat zelfs (expres). Achja, ik ging het niet aan mijn hart laten komen en besloot het gewoon te proberen. Choco op het currybrood was een aangenamere verrassing als verwacht. Al gauw nam ik nog een stuk, maar begon de kou te voelen. Ik besloot dus snel verder te stappen om het wat warm te krijgen. Het warmde me wel op, maar dit was het verschrikkelijkste stuk van de tocht tot nu toe. In de gietende regen langs de grote baan tussen allemaal bedrijven en fabrieken. Dit zorgde dus ook voor een grote hoeveelheid vrachtwagens die een gigantisch hoeveelheid wateropspattingen en nevel veroorzaakte. Er was ook geen ruimte om verder in de groene berm te lopen want dan liep ik in de gracht en zou ik tot aan mijn schenen in het water staan. Ik probeerde dit stuk zo snel als ik kon af te werken. Het kleine stukje bos van 1km zorgde toch nog voor een beetje plezier. In Villeneuve-sur-Cher zocht ik het plaatselijke café op aan de kerk om te vragen of ik er mijn boterhammen mocht opeten. Geen probleem en ik was blij dat ik dat niet moest doen in de gigantisch harde regen. Respectvol als ik ben bestelde iets om te drinken om hier toch niet zo even rap-rap te eten en alles nat te maken. Een goedgevulde theekan, met thee weliswaar, zorgde dat ik me van binnen toch ook een beetje kon opwarmen. Tegen 13u kon ik dan het laatste stuk inzetten tot Chârost. Er waren 2 keuzes: ofwel langs de drukke D16 (10km) ofwel  een stuk langs de GR41 (14km). Ik koos voor het langere traject omdat ik echt geen zin had om 2u langs een drukke te wandelen. Dat betekende wel dat ik ongeveer een uur langer in de verschrikkelijke regen moest stappen, maar vond dat het wel waard. De eerste 2km waren wel gelijklopend over de drukke baan. Op dit stuk had ik weer een enorm unieke ontmoeting. Een groene Ford zoefde voorbij en stopte 20 meter voor me. Een dame stapte uit met een metalen koekendoos en gaf me een heleboel snoepjes, chocolaatjes en een Joker (van een boek kaarten, ze had er wel 50 in het doosje zitten). Het zou me geluk brengen als ik deze bij me zou hebben. Ze stond er ook op me iets te geven voor te drinken. Ze rende terug naar de auto, begon wat te rommelen en kwam met een drankje terug. Ze nam eerst zelf een slok om te laten zien dat het geen vergif was en gaf me het flesje. Het had een heel aparte smaak (ik vermoed iets met cocos en andere kruiden) maar als het mij zou doden, haar ook. Niet iets om in grote hoeveelheden van te drinken, maar door af en toe een slokje nemen viel het best mee. Toen ik haar wilde bedanken, onderbrak ze me, kuste mijn hand en zei: “Het ben ik die u moet bedanken”. Ik snapte niet goed waarom maar voor ik het wist was ze vertrokken. Ik zette mijn tocht verder en kwam uiteindelijk zeik, maar-dan-ook-echt zeiknat aan in Chârost waar ik bij het gemeentehuis de instructies kreeg voor de toegang tot de pelgrimsherberg. Een enorm mooie, propere en afgewerkte herberg boven een klein schooltje was de plek waar ik me eindelijk kon opwarmen. Alles rustig uitladen, een heerlijk warme douche nemen en de natte kleren wassen en drogen. Een tijd geleden had ik ook wat zoute chips gekocht en besloot me op deze manier even te verwennen. Thee en zoute chips, een aperitief als een ander. Tegen 19u begon ik dan wat te koken. Natuurlijk weer haute-cuisine. Spaghetti, en neen deze keer geen bolognese, maar carbonara uit een potteke. Met een zure mandarijn als dessert was het avondeten afgerond en moest iets zoeken om me bezig te houden want begon me te vervelen. Ik was aan het ijsberen door het klein appartementje, had wel 10 keer naar de grote kaart gekregen om te zien hoe ik al gewandeld had en nog moest wandelen en had al mijn spullen al geordend en klaargelegd voor morgen. Zolang ik bezig ben is het niets, maar het is vaak na het avondeten dat het besef telkens terug komt. Helemaal alleen, niemand om deze unieke ervaring te delen. Het is hard maar dat maakt denk ik de camino net zo mooi. Na een eenzame en stille avond kroop ik tegen 21u mijn bed in, in de hoop beter te slapen als afgelopen nacht.


    Dag 29: Chârost-Neuvy-Pailloux: 28km

    Wat een zalige nacht. 10u bijna non-stop geslapen. De temperatuur was perfect om op te staan en toen ik door het raam keek, werd mijn glimlach alleen maar groter. Geen wolkje aan de lucht, een helderblauwe hemel en stralende zon. De dag was dus goed begonnen. Ik maakte wat thee klaar en kon aan de ontbijttafel aanschuiven. Currybrood met choco aangevuld met 5 chocoladebroodjes en een mandarijn. Rustig op het gemakje de zak inladen en kon dan tegen 9.30 de volgende dag beginnen. Er heerste wel een fris briesje dus was blij mijn vest en sexy panties te hebben aangedaan, maar na een uur stappen was dit niet meer nodig. Vest en panties uit en laat die kleur maar komen. 1,5u wandelen tussen de velden in een zalig zonnetje zorgde ervoor dat het verschrikkelijke weer van gisteren al gauw werd vergeten. Tegen 12u kwam ik dan aan in Issoudun. Even langs de supermarkt voor wat fruit en brood en bij het buitenstappen zag ik iets in mijn ooghoek verschijnen. Ik wist niet goed of ik er naar toe moest gaan of niet. Ik besloot het gewoon te doen. Stilletjes sloop ik dichter bij en deed de deur open. Ik tikte een paar keer op een groot scherm en zette me neer. En daar kwam hij dan. De BigMac menu met extra baconburger van de McDOnald's. Ik weet dat het niet meteen het meest voedzame is, dat men dat geld aan andere (meer voedzame) dingen kan spenderen en dat ik hoogstwaarschijnlijk terug honger zou hebben over een uur. Maar dat kon me allemaal niet veel schelen want had er zin in en als je ergens zin in hebt, moet je het soms gewoon doen. Na een kwartiertje was dit heerlijke menuutje binnen gespeeld en vertrok ik richting centrum Issoudun. De kerk was gesloten, net zoals het bureau van toerisme en vele andere winkels. Ik ging dan maar op “Place du 10 juin” een terrasje zoeken om te kunnen genieten van het zonnetje. Dit keer bestelde ik pintje op gezondheid van onze Jo. Het was vandaag zijn verjaardag en ook daar mag op gedronken worden. Dus bij deze (mocht je het lezen): Schol, op u gezondheid en een gelukkige verjaardag! Voor ik het wist was het dan 14u, kon ik dan toch mijn stempel halen bij het bureau van toerisme en verder stappen richting Neuvy-Pailloux. De zon begon wat weg te trekken en wolken begonnen zich te vormen. Op een bepaalde moment zag ik het in de verte heel donker worden. Regenjas aan en me voorbereiden op het ergste. Ik kon ook nergens schuilen want zat tussen de graslanden. Er zat dus maar 1 ding op en dat was knallen door het onweer. Maar wonder boven wonder ontweek ik de regenbui en bleef zo goed als droog tot in Neuvy-Pailloux. Hier kwam ik aan om 17u, belde de vrouw op die me de instructies gaf om binnen te raken en na wat gesukkel kon ik me toch neerzetten. Een stukje cake en een pintje stonden me op te wachten en was een heerlijk welkom. Nog geen half uur later kwam Isabelle aan. Niet de mevrouw van het huis maar een andere pelgrim die van Compostella terug onderweg was naar Parijs. Het was de 5e en laatste etappe vooraleer ze terug thuis zou zijn. De eerste indruk was een beetje vaag. Dit kwam misschien omdat ze juist was aangekomen en ik haar vanalles begon te vragen óf misschien wou ze gewoon liever alleen zijn. Uiteindelijk vertrok zij als eerste naar boven voor een douche en kon ik rustig beneden mijn blog wat bijwerken. Na haar kon ik de douche dan gebruiken en babbelden we wat bij. Op het moment dat er een gênante stilte viel werden we gered door Monique die net binnen kwam. Een super sympathieke gepensioneerde vrouw die als politiecommandant werkte van de stad waar ze nu woont. Na een uitgebreide rondleiding van de kerk konden we eenmaal terug binnen aan het avondeten beginnen. Een groene soep en dan als hoofdgerecht een lokale specialiteit:aardappel, room, ui en peterselie in een krokant gebak (pâte du pomme de terre), heerlijk. Nog een uitgebreide kaastafel en een in rumbadend dessert zorgde voor de afsluiting van dit heerlijk avondmaal. De fles wijn was leeg, net zoals de vaatwasser dus laadde Isabelle en ik deze in en zochten we elks onze kamer op waar ik dan uiteindelijk tegen 22.30 in slaap viel.


    Dag 30: Neuvy-Pailloux-Châteauroux: 25km

    Na wederom een goede nacht, kon ik tegen 7.30 naar de ontbijttafel gaan. Het was Isabelle haar voorstel zo vroeg te eten omdat ze wat trager stapt en op die manier dat wat compenseert. Ik vond dat geen probleem en na wat geroosterd brood en pannenkoeken met confituur nam ik afscheid van Isabelle die helemaal gepakt en gezakt na het ontbijt vertrok. Ik nam rustig de tijd om mijn zak te maken en kon tegen 9u vertrekken richting Châteauroux. Het was wat bewolkt maar er zou al snel verandering in komen. Die gigantische regenbui die ik gisteren ontweken had kwam me al na 15 min stappen opzoeken. Het rest van de dag zou ik goed ingepakt en in de gietende regen stappen. Hierdoor had ik ook mijn kaart weggestoken en had besloten de signalering te volgen. Al gauw was ik van de route geraakt en vertrouwde ik op mijn oriëntatievermogen om verder te stappen, en hopla ineens terug een kaartje van de route. Het bleef ook niet bij die ene keer. Dit gebeurde me 5 keer vandaag. Maar zoals ze zeggen:”Alle wegen leiden naar Rome”, zullen alle wegen ook wel naar Compostella leiden zeker.. In Fourges zocht ik me een plekje om te zitten voor wat baguette met choco te eten.Tijdens het wandelen had ik wederom 2 unieke ontmoetingen. Het eerste was met een ree dat aan de kant van de weg dat zat te eten (voor het middageten in de buurt van Ablenay). Om een foto te kunnen trekken probeerde ik zo geruisloos mogelijk te naderen. Op een bepaalde moment keek het reetje op en bleef ik stokstijf stilstaan. Dit resulteerde in een 3 minuten durende staargevecht dat ik had gewonnen. Zij/hij was weg gesprongen maar had geen foto kunnen nemen. Door het schrijven van deze blog is het toch mogelijk de herinnering te bewaren. De tweede ontmoeting was iets minder positief. Het was de vierde keer dat ik van de route was geraakt en moest vervolgens door een louche en brakke woonwagenwijk wandelen vlak voor het binnenkomen van Déols. In de verte hoorde ik al wat honden blaffen maar besloot door te stappen. Op een bepaald moment stonden er 4 honden agressief te blaffen op de weg en besloot ik toch een kleine omweg te maken. Één of 2 honden zou nog gaan, maar als ze met 4 staan te blaffen op de weg en je hoort er in de verte nog, is het soms verstandiger de confrontatie te vermijden. Oké ja, ik zal het toegeven… ik was ook bang ja… Door om te lopen kwam ik wel terug terecht op de route. Uiteindelijk kwam ik tegen 13.30 aan in Châteauroux. In het bureau van toerisme haalde ik een kaartje en bezocht alle plekken die ze op het plan aanraadde:

    • Justitiepaleis

    • Chapelle des Rédemptoristes

    • Equinoxe: cinema en bibliotheek

    • Kerk Notre Dame

    • Poort van Saint-Martin (waar ik bijna werd overreden door ne zot in ne die door die kleine straatjes vlamde)

    • Kasteel Raoul

    • Huis van Père-Adam

    • Oude Hotel de Ville

    • Het enige grote flatgebouw in de de stad “Le Building”

    • Place Napoleon

    • La CCI

    • Een middeleeuws huis

    • Het museum Bertrand

    • Couvent des Cordeliers

    • Kerk Saint André.

    Heel veel dingen maar ik zou er geen speciaal verlof voor nemen. Dan zou ik eerder naar Troyes of Vézelay gaan. Ik had me wel 2u kunnen bezig houden en besloot dan nog even iets te gaan drinken in afwachting om te kunnen arriveren bij de mensen waar ik zou gaan slapen. Tegen 16.30 kwam ik aan bij Marie (die net als ik op 4/4 verjaard) en Jacques die al 7 keer te voet waren aangekomen in Compostella. Ik pakte snel een douche en ging beneden naar beneden om bij een pintje te luisteren naar hun indrukwekkende en prachtige verhalen. Voor het avondeten hielden we ons elks op eigen manier bezig en tegen 19.30 konden we dan aan tafel aanschuiven. Voor we konden beginnen eten zong Marie nog een zegening voor het eten en de pelgrim op het lied “ we will, we will rock you”. Ik en Jacques klopten mee op tafel op de beat en konden dan beginnen eten.Groentesoep, geroosterde groenten en aardappelen, varkenslapjes, kaas, brood, salade, cake en appelcompote zorgde ervoor dat mijn immense honger gestild werd. Na nog wat andere verhalen te delen bij een tas infusion (slaapthee) en het koken van mijn pasta voor de volgende dag kroop ik tegen 22u mijn bed in om op te laden voor de dag die morgen zou komen.


    Dag 31: Châteauroux-Saint-Marcel: 38km

    Lekker geslapen, om 7.30 aan de ontbijttafel voor warme chocomelk, cake, kaas, confituur en brood, en na het nemen van een foto, zetten van een stempel en een kleine donatie kon ik tegen 8.45 vertrekken richting Saint-Marcel. Over het wandelen kan ik eigenlijk niet veel zeggen. Heel veel tussen de velden gewandeld (maar afgeschermd van de wind door de bomen langs de kant van de weg), veel bochten en kleine hoogteverschillen,... allemaal kleine dingen die de weg wat leven gaf en het enorm aangenaam maakte om te wandelen. In de voormiddag was het weer zalig, bewolkt en een heel aangename temperatuur. Na 19km kwam ik aan in Velles waar ik het plaatselijk café binnenstapte om iets te drinken. Ik vroeg er ook meteen of ik mijn pot met pasta mocht opwarmen. Geen probleem en na een goede bak spaghetti bolognese en een cola kon ik terug de baan op voor de volgende 19km. Het was ondertussen beginnen regenen en deed dus mijn regenjas terug aan. Na een half uurtje stappen stopte het weer, dus regenjas uit. Even later begon het terug, dus regenjas aan. En dan even later terug van dat, regenjas uit. Voor de rest bleef het dan heel zacht druppelen dus besloot mijn regenjas uit te laten en zo verder te stappen. Tussen Velles en Saint-Marcel waren er heel wat mooie kastelen die toch de moeite waard waren om er even voor te stoppen, maar niet te lang natuurlijk. Toen ik de kerk van Saint-Marcel voor me zag, zag ik links van me een enorme regenbui naderen. Ik besloot door te stappen om ze voor te blijven maar tevergeefs. Regenjas dus terug aan en de slaapplek zoeken. Om 16.30 kwam ik in de Sint-Jacobsstraat (heel passend) terecht bij een gepensioneerde kunstenaar en zijn vrouw. Ik mocht meteen een douche nemen en mezelf omkleden. Erna naar beneden voor een tas thee en weer leuke babbel. Hij was (en is nog steeds) een kunstenaar die schilderijen, houtsculpturen en steensculpturen maakt. Zijn vrouw reist heel veel en maakt daar veel foto's en films die hij dan erna monteert in een soort aftermovie. Ze waren al naar overal geweest: Cambodja, Nepal, IJsland, Bali Kroatië, Peru,... Dit laatste sprak me natuurlijk heel erg aan omdat ik hier zelf 10 maanden had gewoond. Ze vroegen dus of ik de film wou zien en knikte ik dus  uitbundig JA. Dit zou ik me al gauw beklagen. Ze hadden van de 10 dagen dat ze in Cuzco, het Titicacameer en omstreken waren een film gemaakt van 3u. Het waren 3 dvd's maar hoe het gemaakt was, was nog veel erger. De kwaliteit leek alsof ze een camera hadden van 50 jaar oud en ze bespraken elk kleinste detail dat ze hadden gezien met historische achtergrond. Ik had gedacht dat het een filmpje ging zijn van 10 à 20 minuten max. Het was wel  leuk dat in veel plekken herkende, maar 3 uur vond ik er een beetje over. Alle geluk werd ondertussen het aperitief, Kronenburg NA, geserveerd en kon ik wachten op het eten. Radijsjes, currypasta, kip in currysaus, kaas, brood en een abrikozen dessert laadde mijn batterijen weer helemaal op. Na het filmfestival en diner ging ik dan naar boven voor de dagelijkse avondrituelen en kon dan tegen 22.30 in bed kruipen.

    24-03-2017 om 00:00 geschreven door Jens Willemse  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (1)
    20-03-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Van Vezelay tot Bourges: 5 dagen, 143km

    Dag 23: Vezelay-Mhers: 29km

    Toch een zaligheid om uw wekker te horen, naar uw klok te kijken en dan te merken dat er 6.40 weergegeven staat. Ik had er wel zelf voor gekozen dus moest maar niet zagen. Om 7u nam ik namelijk deel aan de mooie mis met wederom prachtige gezangen. Op het einde van de mis kreeg ik dan een zegening van de oudste priester. Om 7.45 besloot ik me te laten bevangen door de magie van Vezelay. Een gigantische mistbank die de stad op de heuvel omringde. Het was een prachtig schilderijtje. Enkel de koude speelde een rol. Ik ging mezelf dan maar opwarmen met een tas thee, wat boterhammen met confituur en ei. Ik smeerde er ook meteen wat voor de lunch in de hoop die van Trui te kunnen verslaan. Na het ontbijt de babbel met de dorpsgek, maakte ik dan mijn zak en besloot nog even te genieten van de prachtige stad en de mistbank die begon op te klaren. Op het grote plein voor de kathedraal maakte ik nog een praatje met de pelgrims die ik gisteren ontmoet had, en al gauw werd ik het middelpunt van de belangstelling. Een groep van Aziaten en Amerikanen vroegen of ze met mij op de foto mochten. Ik vroeg er natuurlijk wel iets voor, want my time is money e. Ik vroeg of ze me de foto's konden doormailen, niet dat ik geld of zo vroeg (zo erg ben ik niet). Om 10.30 kon ik dan eindelijk de magische stad verlaten en beginnen stappen. Het eerste stuk was zalig. De zon begon lekker warm op me neer te schijnen en ik moest door een zalig loofbos lopen. Alle bladeren lagen over het pad en waren nooit opgeruimd, weggewaaid of verplaatst door eender welk transportmiddel. Dit zorgde er natuurlijk wel voor dat het pad niet altijd even zichtbaar was, maar vond niet erg. Alles stond goed aangegeven en kon dus op de krakende bladeren onder mijn voeten verder stappen naar La Maison Dieu. Hier at ik mijn boterhammen dan op en kwam tot een verschrikkelijke ontdekking. Mijn bokes waren niet beter als die van Trui… misschien niet genoeg gewandeld, verkeerd weer,... wie weet. Op een zoektocht naar water kwam ik dan terecht bij een metaalsmid/kunstenaar die me ook enkele van zijn werken liet zien. Het waren unieke werken waar hij op levenloze objecten van de natuur, zoals stenen en hout, metalen armen en dergelijke plaatste en ze leven in blies. Ik vond het echt iets prachtig, zoek maar op BRUNO GOURY (http://bruno.goury.free.fr). Ik kreeg hier dan nieuw en fris water en een glaasje zelfgemaakte “Vin de Pine”, wat dat ook moge zijn. Iets van 18 graden en best lekker en merkte als snel dat niets toevallig was. Ik merkte op het weerstation op dat het buiten ook 18 graden was… wow. Het volgende stuk begon de zon weer goed te branden en kon ik nergens eens beschutting zoeken. Aan de 16de eeuwse kapel van Saligny at ik dan een stukje fruit en een koek en besloot even af te koelen achter de enige boom op het pleintje. Tegen 15u zette ik dan het laatste stuk in richting Cuncy-les-Varzy. In de enorme maar nog steeds aangename hitte kwam ik er dan om 17u aan. Ik belde de man waar ik zou slapen op en die kwam me 15 minuten later oppikken omdat in een gehucht verder woont, namelijk Mhers. Hij zou me morgen terug afzetten aan de kerk. Na een douche, toffe babbel, avondmaal (spaghetti, sla, kaas, brood en mandarijn) en het avondritueel kon ik tegen 22u gaan slapen. Het was een lange dag.


    Dag 24: Mhers-Arbourse: 30km

    Na een verschrikkelijk koude nacht, was ik blij om tegen 7.30 aan de ontbijttafel te zitten met een warme tas thee. Na goed ontbeten te hebben kon ik mijn zak inladen en ook vandaag kwam ik tot een lastige vaststelling. Omdat de man, Philippe, geen verwarming heeft waren nog niet al mijn kleren droog. De short viel mee, de T-shirt was nog wat klammig op sommige plekken maar als ik ze even zou aan doen zou ze meteen droog zijn, de onderbroek was droog en de sokken waren nog nat. Ik besloot na 24 dagen dan eens te stappen met een ander paar sokken omdat ik toch geen valling wou krijgen. Ik bond de sokken aan de rugzak om te drogen en Philippe zette me terug af aan de kerk waar ik om 8.45 dan kon vertrekken. Het stappen zelf vandaag was niet zo speciaal. Een lange weg rechtdoor door het bos, een bocht, terug een lange weg, dan terug een bocht, dan een lange weg tussen de velden, enzoverder (heel veel lange rechte wegen). Het weer hielp dan ook niet echt. Het was net iets te warm voor een jas, dus deed ik hem uit, had ik het te koud… hetzelfde met mijn handschoenen en met mijn muts. Verschrikkelijk. Er bestaan wel ergere dingen maar het was toch niet zo leuk. Vooral niet als het een hele dag zo is. In Varzy ging ik even naar de winkel, tussen Varzy en Champlemy bewonderde ik de 13e eeuwse kapel Saint-Lazare (het indrukwekkendste van de hele dag), in Champlemy at ik mijn bokes op en was enorm blij om tegen 15.30 aan te komen in de pelgrimsgite in Arbourse. Het duurde nog een half uurtje voor ik binnen mocht, maar toen ik binnen was, was ik aangenaam verrast. Een aantal bedden, warme douche, wc, een keuken met allemaal ingrediënten aan spotprijzen en een kleine wasmachine. Een rommelen tussen de ingrediënten en vanavond zou het spaghetti bolognese worden (ik denk dat ik dit nog veel ga eten deze reis -Dees, je hebt gelijk-). De kans om al mijn kleren te wassen greep ik met beide handen vast en waste al mijn kleren op 1 onderbroek na. Die had ik namelijk aan. Nu vooral hopen dat alles droog is morgen. Anders heb ik mijzelf goed gepest. Om 18.30 wat koken, de droge was wegleggen en natte was dichter bij de verwarming hangen. De rest van de avond hield ik me bezig met mijn gewoonlijke avondactiviteiten. Ik kroop dan tegen 20.30 mijn bed in want was steendood. Ik was blij dat deze saaie dag voorbij was.


    Dag 25: Arbourse-Bondonnat: 39km

    Wat een vage nacht. Om 4u begon het wc ineens door te spoelen en de kamer was mega vochtig. Waarschijnlijk van al het drogen van de was. Even prullen aan de wc-bak en even de was checken. Voor even speelde volgende gedachte door mijn hoofd: “Als ik me nu al zou klaar maken (want was toch al uit mijn bed), zou ik de volgende 39 kilometer heel rustig kunnen afronden”. Ik stapte al gauw van deze gedachte af en kroop snel terug mijn bed in. Drie uur later stond ik dan echt op, nam ik een stevig ontbijt, maakte alles wat proper en kon mijn zak inladen. Alle geluk waren al mijn kleren droog, dus kon ik met een volledige verse set kleren de baan op. Even kijken en voelen buiten hoe het weer was en besloot toch om mijn regenjas nog eens aan te doen. Om 8u vertrok ik dan richting La Charité-sur-Loire. De eerste twee uren waren zalig, mega veel regen, maar het was niet koud. Nog eens leuk door de bossen ploeteren en de druppeltjes op blaadjes horen vallen. Na Murlin had ik even een moment van “Oh My God” een weg van 15 kilometer, die lichtjes op en af ging maar praktisch heel de tijd rechtdoor met in de verte uitzicht op La Charité. Even een koek en banaan binnenspelen en gaan! De regen was ondertussen gestopt maar het ploeteren door de modder bleef. Tegen 12u had ik dan mijn eerste 20 km van de dag afgelegd. Wat inkopen doen in ”Den Aldi” -en nee, geen boecht uit een kartonnen doos- en de dan op weg naar de grote kerk van La Charité-sur-Loire. In de kerk ontmoette ik dan een klein oud mevrouwtje die vroeg of ik mee iets kwam eten. Ik besloot op het aanbod in te gaan maar zou al gauw de vele positieve en minibeetje negatieve kanten ondervinden. Onderweg naar haar huis was ze maar aan het praten en aan het praten dat ze er gewoon uitgeput van werd. Het was nu ook niet meteen de meest sportieve dame en het ging ook nog eens naar boven. Het was niet altijd even gemakkelijk om te verstaan wat ze bedoelde maar begreep de grote lijnen toch. Het was een Poolse die in Polen als inspecteur voor veiligheid, hygiëne en werk werkte. Een beetje wat ik later zou gaan doen. Bij haar thuis mocht ik me neerploffen in de zetel. Ze had me gevraagd om mee iets klein te komen eten maar voor ik het wist stond ze met al haar potten en pannen te kletteren in de keuken. Als voorgerecht paella en als hoofdgerecht de koudste en droogste kip die ik ooit heb gegeten met een soort aardappel-en- groenten gratin. Mijn buikje, allee buik, was weer goed gevuld maar voor ik kon vertrekken, moest ik nog naar van alles en nog  wat luisteren en kreeg ik nog van alles mee:  

    • Twee oude katholieke gazetten van 2000 om wat te lezen mocht ik me vervelen.

    • Een foto met gebed van Jezus.

    • Een ketting met kralen en een kruis (ben de naam even vergeten hoe doet precies noemt).

    • Een gigantische pot met eten.

    • Een appel.

    • Twee chocoladebroodjes.

    • Ze bood me ook nog een jas aan omdat ze vond dat mijn regenjas te dun was en ik het te koud zou hebben, maar deze heb ik toch vriendelijk geweigerd. Mijn jas is mega goed en koud heb ik het niet echt als ik stap.

    Echt super vriendelijk van haar maar er was al gauw een keerzijde aan het verhaal. Ik moest het allemaal meezeulen. Een super sympathiek verblijf en als ik het niet vergeet stuur ik haar een kaartje op als ik ben aangekomen in Compostella. Maar toen gebeurde het tweede en laatste “negatieve” ding van de ontmoeting. Ik keek op mijn klok en het was 14.30 wat ik dacht een klein uurtje wat bokes me confituur te eten was al snel veranderd in een gezellig en sympathiek 2,5u durende ontmoeting. Ik moest nog wel 18km stappen tot Bondonnat. Ik had namelijk gisteren gevraagd of ik bij een particulier zou kunnen blijven slapen dus had als het ware een reservatie open staan. Ik besloot dus een stapje rapper te gaan. Het was wat vechten met mezelf, maar kon ook altijd afbellen, of vragen of ze me ergens konden ophalen. Ik raapte mijn kl**** op en beet door. Maar natuurlijk had de dag nog een aangename verassing in petto. Een heel prettige bries die zorgde voor wat verfrissing. Was dat maar waar. Er was zoveel wind die in mijn zij blies dat ik soms opzij geslingerd werd. Wanneer ik dan terug duwde tegen de wind stopte ze en slingerde ik naar die kant. Verschrikkelijk gewoon. Ik riep elke scheldwoord vanuit mijn woordenboek in de hoop dat de wind misschien zou gaan liggen. Tevergeefs. Het gevecht eindigde om 17.40, toen ik na een goede 9,5u onderweg te zijn aankwam bij een lief alleenstaand mevrouwtje van 82 dat al 30/40 jaar pelgrims onderdak bood. Een zalige douche, even ontspannen en ik kon me beneden zetten voor de klassieke pelgrimsbabbel (wie ben je, wat doe je, wat drijft je,...). Na een goede slasoep, gebakken aardappelen, spek me egg, salade, augurken, kaas, brood en yoghurt met confituur was mijn maagje, allé maag, weer goed gevuld en kon ik na het avondritueel van blog, foto's enzoverder om 22.30 in bed kruipen.


    Dag 26: Bondonnat-Brécy: 23km

    Na een zalige nacht van 10u slaap kon ik volledig uitgerust opstaan om … (22.30 + 10u slaap e, alle ik zal helpen) 8.30. Ik voelde me helemaal herboren, en zag er zelfs fris uit (om dat ego toch wat te strelen hé). Het was ook zondag en na de lange en zware etappes van vorige week kon ik een rustige dag gebruiken. Ik kon om 8.45 aan de ontbijttafel aanschuiven voor wat toast met confituur en begon tegen 9.15 rustig mijn zak in te laden. Tegen 10u kon ik dan afscheid nemen van de gastvrije mevrouw Potier en begon ik met stappen. Het miezerde een beetje, maar zoals ze wel eens zeggen; “La pluie du matin, n’arrête pas le pèlerin!” en besloot op deze “rustdag” rustig aan te doen. Op het dooie gemakske kuieren ik tussen de velden en besloot om 12u in de boerderij Montifault, 2km voor Baugy, te vragen of iets mocht drinken. Geen probleem en mocht me installeren in de zetel. Bij het krijgen van een tas thee werd ik ook ineens uitgenodigd om mee iets te eten wanneer de man zou thuis komen. Net zoals gisteren ging ik hier maar al te graag op in met het enige verschil dat ik nog maar ongeveer 12 km (2u à 2,5u) zou moeten stappen en geen 18km. Ik hield me dan rustig bezig in de zetel in afwachting van het middagmaal. Toen iedereen dan thuis was konden we aan tafel aanschuiven en wat een feest. Eerst wat salade met eieren en dan iets waar ik ooh zo van hou: lamskoteletten (de eerste keer echt vlees vlees in 26 dagen). Het enige nadeel was het verschrikkelijk botte mes en dat niemand de kleinste stukjes sappig vlees van het bot peuzelde. Desalniettemin smaakte het enorm. Met wat aardappelen en wortelen had ik terug wat vitaminen binnen. Maar het feest was nog niet gedaan. Nog een kaasschotel en een gigantische bosvruchten crumble. Met het buikje helemaal vol kon ik tegen 15.15 de weg verder zetten richting Brécy. Ik was blij een zalige pauze te hebben gehad van 3 uur want de komende 12km waren verschrikkelijk saai. Grauw weer en heel de tijd langs de grote baan. In het kleine stukje bos dat ik door moest, dacht ik voor een fractie van een seconde of ik geen kamp zou bouwen en daarin te overnachten. Toen het dan wat begon te miezeren besloot ik toch maar door te stappen. Misschien dat ik dat wel eens doe als het goed weer is ‘s nachts, ik zou niet graag willen dat alles klets klets nat is. Tegen 17.30 kwam ik dan toch opgelucht in Brécy aan. Het plaatselijke café “Chez Claudette” opzoeken voor de sleutel te vragen van het pelgrimslokaal. Eenmaal daar kon ik me lekker ontspannen maar vond nergens een douche of wc. Na wat zoeken vond ik dan toch een papier dat ik met de sleutel van het lokaal ook toegang had tot de feestzaal beneden. Alles bijeen pakken om me te wassen en toen ik beneden kwam, wist ik het even niet goed. Er was een gigantisch feest bezig voor een 75-tal mensen, allemaal 65+. Wat ongemakkelijk ging ik naar binnen, vroeg waar ik naar de wc kon gaan en een douche nemen. Eenmaal opgefrist kon ik terug naar de kamer om iets te eten. Vanavond op het menu: bokes met choco. Niet meteen het meest voedzame, maar had geen keuken om iets klaar te maken en had teveel eten in mijn rugzak. Om mijn tas thee af te wassen moest ik dan terug naar beneden. Het feest was al afgerond maar het bleek dat de harde kern van de groep nog wat was blijven plakken om iets te eten. Ik werd al gauw uitgenodigd om mee iets te komen drinken. Ik zette me gezellig bij aan tafel en kreeg wat kaas, sla, taart en mandarijnen voor me gesmeten. Zo kreeg ik dan toch nog wat vitaminen binnen deze avond. Het viel me al snel op dat er met de 4 mannen van het gezelschap niet veel meer viel aan te vangen omdat de wijn al rijkelijk had gevloeid. De spontane lachbuien en komische niesbuien zorgde ervoor dat de sfeer er goed in bleef. Tegen 20.30 hielp ik dan nog even mee om alles op te ruimen en ging dan naar het café om er eentje te drinken op Dees zijn verjaardag. Bij deze (mocht je het lezen): schol en ne gelukkige verjaardag! Het is er wel maar bij eentje gebleven want er hing in het café een vrij onaangename geur. De geur van een oud urinoir dat al lang niet meer was gepoetst. De manier waarop het café ook uitgebaat werd, was ook vreemd. Niet zoals de grote broer me geleerd had. In een karaf wijn 2 verschillende wijnen gieten, een glas cava met 2 soorten cava, overal lege glazen, flesjes,... maar ik was blij met mijn pintje en kon dan uiteindelijk voldaan tegen 21.30 mijn bedje inkruipen.


    Dag 27: Brécy-Bourges: 22km

    Na wederom een zalige nacht te hebben gehad kon ik tegen 8u mijn bed uit kruipen, iets eten en me klaarmaken voor de komende dag. Toen ik tegen 9u beneden kwam, kwam ik de man van gisteren tegen die toen toch niet helemaal meer recht liep. Hij was aan het opruimen en zag dat hij een zware kop had. Nog een korte leuke babbel en kon voor de volgende 10 langs de macadam wandelen. En de verte zag ik de kathedraal van Bourges maar bij elke stap die ik zette, werd de kathedraal minder scherp. De wolken erboven kleurde donker grijs en voor ik het wist zat ik ook in de mistregen. Regenjas aan en doorgaan! Soms stopte het even, soms goot het weer even, maar stap per stap kwam ik dichter bij de kathedraal van Bourges. Het was ook de eerste keer dat ik luidkeels maar nog steeds muzikaal correct aan het zingen was. Ik voelde me dolgelukkig. Tegen 12.30 was ik dan aangekomen bij de kathedraal en bezocht hem uiteraard. Tot wel zeer imposant. Of hij imposanter is dan die van Antwerpen,... dat nooit. Voor de kerk tijdens wat orgelmuziek mijn bokes opeten en wachten op de vrouw bij wie ik kon slapen vanavond. Al gauw verscheen ze, en bleek dat ze nog in topvorm was op haar 65+. Ze had in 2001 de camino Frances afgelopen en huppelde vrolijk door de straten van Bourges. In haar gezellig appartementje kreeg ik dan een thee en wat plannen van Bourges en tegen 14u kon mijn toeristische toer beginnen. Na een bezoek aan het office de tourisme bleek al gauw dat er niet veel open was en besloot ik me ergens op café te te zetten met ne Grimbergen. Tegen 17.30 keerde ik dan terug naar het appartement voor een warme douche en wat te ontspannen in de zalige bompastoel. Ondertussen maakte Jacqueline zorgeloos het avondeten klaar. Het was een geweldig moment. Ik die rustig zat te schrijven in mijn schriftjes terwijl zij al zingend en fluitend in de potten stond te roeren a la “hakuna matata”.Op het menu, de geheimzinnige bokaal van Krystyna (La Charité-sur-Loire). Hopelijk was dat wat te eten want at er niet alleen van. Jacqueline had zelf nog wat rijst over en zou de aanvulling zijn bij de geheimzinnige bokaal. Het bleek een heerlijk stoofpotten te zijn met wortelen, olijven en kip. Echt heerlijk. Na een stukje kaas en fruit even het nieuws zien en dan tegen 20.30 gaan slapen.

    20-03-2017 om 00:00 geschreven door Jens Willemse  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (1)
    15-03-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Van Troyes tot Vezelay: 4 dagen, 135km

    Dag 19: Troyes-Forêt-Chenu: 27,5km

    Om 8u ging de wekker zodat ik samen met Fanchic en France-Odile kon ontbijten. Ik vond het al jammer dat dit mijn laatste ontbijt hier was… Na wat boterhammen met confituur, kon ik mijn zak maken en afscheid nemen van deze zalige mensen. Ik nam ook meteen afscheid van Martine die juist beneden was toen ik op punt stond te vertrekken. Met toch wel een beetje pijn in het hart stapte ik de zon tegemoet en wandelde het eerste half uur langs “Voie verte de Viennes” waar ik een ouder koppel leerde kennen die toch een half uur hebben meegestapt. Na het tweede afscheid van de dag kon ik dan in de blakke zon mijn tocht verder zetten. Tussen de velden deed ik al snel mijn vest uit om verder te wandelen in mijn T-shirt. Fluitend, zingend, met hippe zonnebril en genietend van de zon kwam ik tegen 12u aan in Laines-aux-Bois waar ik een plekje zocht om miijn gisteren klaargemaakte spaghetti op te warmen. Het eerste huis was meteen het goede. Corine, de gastvrouw schonk me een Leffe uit in afwachting van de opwarmprocedure van de spaghetti in de microgolfoven. Om 13u kon ik dan mijn tocht verder zetten. Na nog geen 5 minuten kreeg ik een lift aangeboden tot boven aan de heuvel. Ik vond het nogal “nen louchen type” en zou de zon en heuvel op eigen kracht overwinnen. Vooraleer ik de “forêts communale de laines aux boix et de bouilly” moest ik toch even genieten van het goede weer tijdens het eerste bostoilet van de tocht. Putje graven, boodschap doen, afdekken, steen en takken erover en klaar is kees. Een paar gram lichter kon ik het bos induiken voor de komende 10km. En wat voor een bos, och jongens wat een bos was dat, en in dat bos daar was veel mos, van dat prachtig mos dat alles bedekte. En op dat mos daar waren veel vlinders en vogels, och jongens wat een mooi en levendig bos was dat. De laatste 5km die ik dan moest afleggen was weer in de blakke zon en begon mijn rechter steunzool lastig te doen. Na een paar keer gestopt te hebben en proberen goed te steken kwam ik dan toch aan in Forêt-Chenu waar ik een klein eigen huisje kreeg toegewezen. Na een ijskoude douche (warm water werkte niet) besloot ik dan als een “klein en eenzaam” kind naar het huis te stappen om te vragen of ik misschien iets mocht drinken met hen omdat het maar saai was alleen in mijn klein huisje. Geen probleem natuurlijk en kreeg een lekker aperitiefje aangeboden. Na de groentesoep, aardappelomelet, kaas en yoghurt kon ik dan tegen 22u rustig mijn bed inkruipen en de rust verzorgen voor de volgende dag.


    Dag 20: Forêt-Chenu-Roffey: 32km

    Na een niet zo schitterende nacht stond ik om 8u op om iets te eten en klaar te maken voor de middag. Na het inladen van de zak, het afscheid nemen van de gastvrouw kon ik tegen 9.15 vertrekken. Het beloofde weer een speciale dag te worden. Na nog geen 5 minuten stappen sprongen er vrolijk 3 reeën over de weg (geen 10 meter van me vandaan). Na een uurtje gestapt te hebben begon ik het al aardig warm te krijgen en de zon deed daar ook geen goed aan. Softgel uitdoen en zalig in de T-shirt verder wandelen. Het was een enorm mooi en afwisselend parcours. Gewone bossen, bossen met een grastapijt en witte bloemen (geen mei-of sneeuwklokjes), weilanden, macadam, dorpen, stijgen, dalen, plat,... hielden het wandelen boeiend. Drie kilometer voor Ervy-le-Châtel stond ik oog in oog met een woest en wild dier. Een moordlustige wolf stond tussen mij en de weg, maar ik moest verder gaan. Veilig achter mijn stokken dreef ik de hond terug op zijn domein. Oké, ik heb misschien een beetje overdreven maar het was wel een vrij agressief blaffende Duitse Herder. Ik ben wel blij dat hij niet op me afkwam, maar had mijn stokken toch veilig voor me uitgestoken. Eerlijk gezegd had ik er wel wat bang van, maar niet doorvertellen hé! Aja, dit is een openbare blog… Aan iedereen dus: ik was wat bang op die moment. Een honderdtal meter erna besloot ik dan in een gite even uit te puffen en mezelf uit te nodigen. Een thee en 3 krokante grannykoekjes gaven me de energie om verder te gaan tot in Ervy-le-Châtel. Hier ging ik dan op zoek naar de supermarkt om zonnecreme en een stuk fruit te kopen. Eerst even een ¾ stokbrood met hesp en een chocoladebroodje binnenspelen en dan in de “Atac” supermarkt nog 2 ronde rozijnenkoffiekoeken en 2 bananen aankopen om mijn lunch te vervolledigen en maag te vullen. Ik moet wel eerlijk toegeven dat ik het een rare naam vind voor een supermarkt, maar ik zou al snel te weten komen waarom deze zo heet. Bij het verorberen van mijn koffiekoeken was ik “under attack”... Een wilde dingo had geroken dat ik aan het eten was en begon rond me heen te cirkelen. Hij was niet zo eng als de “wolf” van voorheen maar kon toch niet op mijn gemak eten. Ook hem, trouwens gewoon een middelgrote witte hond van kweetniwelkras, kon ik verdrijven met mijn stokken. Even ter zijde voor de hondenliefhebbers onder jullie. Ik heb de honden nooit aangeraakt of pijn gedaan. Ik heb op de grond voor hen liggen tikken zodat ze naar achter gingen. Eenmaal de hond verdreven was, kon ik me snel even insmeren met zonnecreme en terug de weg vervolgen naar Roffey. Wederom een heel afwisselend landschap en was blij af en toe tussen de bossen te lopen omdat de zon toch vrij fel aan het schijnen was. Wat hier wel enorm leuk was, was de aanwezigheid van de vele dieren. Kikkers die in de plassen. wegsprongen, spechten die de bomen als trommels gebruikten, vlinders die weer fladderend meezweefden maar het strafste bleven de 6 gigantische buizerds. Op het moment dat ik even moest toegeven aan mijn blaas, hoorde ik een krijs boven me. Ik keek naar de plek van het geluid en zag 6 buizerds als aasgieren boven me rondcirkelen. Ik was allegeluk nog springlevend dus aan mijn karkas konden ze nog niet beginnen.  Vlak voor La Chapelle Vieille Forêt was mijn derde ontmoeting met een duivelshond en dacht dat de buizerds misschien nu wel meer geluk zouden hebben. De hond sprong over zijn hek (en dat is geen mop) en probeerde me terug te drijven. Ik liep rond hem heen, probeerde het niet in mijn broek te doen en klopte met mijn stokken op de grond en had op deze manier de derde hindernis van de dag overwonnen. Nog een uurtje langs het kanaal wandelen en kon dan om 17u eindelijk aankomen in Roffey. Een zalige douche bracht me er weer helemaal bovenop en kwam ineens tot het besef dat geen van mijn schenen zeer deden of lastig hadden gedaan vandaag. Maar ik weet al te goed dat ik best kan afwachten tot morgen. Ik kreeg dan een tas soep (die niet super lekker was) voorgeschoteld en mocht daarna eindelijk mijn ravioli opeten. Ik had namelijk in Reims een pot van 800 gram gekocht en was zo blij deze eindelijk te kunnen opeten. Met een volle maag schreef ik dan rustig deze blog bij, ordende mijn foto's en ging om 21u slapen omdat het morgen weer een lange dag zou worden.


    Dag 21: Roffey-Cravant: 42,5km

    Pff, om 7u ging de wekker omdat ik een lange dag voor de boeg had. Ik hees mezelf uit bed om tegen 7.30 te kunnen ontbijten, wat me trouwens beter en beter lukt (3 chocoladebroodjes, een croissant, een banaan en een mandarin). Om 8.45 kon ik de mist trotseren om de eerste kilometers in te zetten. De voormiddag verliep moeizaam. Ik kon me niet goed oriënteren en al gauw liep het op de 21e dag mis(t). De eerste 6 kilometer werden er al rap 9 en na Vézannes juist vant zelfde. Een verkeerde weg ingeslagen en weer een kilometer erbij. Bunkerend dwars door de omgeploegde velden kwam ik dan terug op de route uit. Tegen 12u kwam ik dan aan in Chablis waar ik wat inkopen deed en mijn maag goed vulde met een megabroodje kaas ham. Hier begin ik ook al eens te kijken waar ik zou gaan slapen. De zon was erdoor gekomen en besloot daarom wat kilometers te maken. Nog ongeveer 20 kilometer tot in Cravant had ik me voorgenomen. Het eerste stuk zag er wel veelbelovend uit op de kaart. Heel veel bos was het verdict. Maar al gauw zou ik iets heel anders ondervinden. Het waren wijngaarden dus er was nergens beschutting voor de opkomende felle en brandende zon. Er toch van genieten en onderweg eens bellen naar het gemeentehuis van Cravant om eens te horen voor een slaapplek. Geen priester of parochie in de stad, geen particulieren maar wel een goedkoop hotelletje. Ik besloot dat dan maar vast te leggen. Na 42km te stappen mag ik mezelf al eens belonen. Tussen de wijngaarden, op en af in de blakke zon kwam ik in Saint-Cyr-Les-Colons aan waar ik me toch in de schaduw van de kerk zette om wat af te koelen en een koekje te eten. Om 15u kon ik mijn tocht dan verder zetten richting Cravant. De hitte was een beetje gaan liggen, maar het zonnetje deed nog steeds zijn werk. Uiteindelijk kwam ik dan toch tegen 16.45 aan in een verlaten hotel. Niemand aanwezig, alle deuren toe en alles zag er een beetje krakkemikkig uit. Na 45min  te liggen rondzoeken naar de eigenares of een gsm-nummer kwam er dan toch iemand aan en werd ik het precies vervallen hotel rondgeleid. Ik kreeg mijn toch wel chique kamer toegewezen waar zelfs de kleine zoon van de eigenares naar de wc wou gaan. Juist op tijd kon ze hem tegen houden en kon ik een douche nemen en al mijn kleren eens wassen. Rap een 2e groot broodje van de dag naar binnen spelen en wat skypen met het thuisfront. De blog wat bijwerken, foto's ordenen en dan tegen 23u bedje in. Even een kort intermezzo, vandaag voor de eerste keer in mijn leven een marathon gelopen/gewandeld. Ben er wel trots op en nog iets wat op mijn bucketlist kan schrappen. Nu nog skydiven, Mongolië, IJsland en Nieuw-Zeeland bezoeken.


    Dag 22: Cravant-Vezelay: 33km

    De dag begon voor mij om 8u met wederom dezelfde rituelen; wc, eten, zak inladen en mezelf het goede pad opsturen. Om 9.20 verliet ik het hotel en kon al gauw beginnen zweten. Recht de heuvel op, zonder enig bochtenwerk. Erna recht de heuvel af. Ik was blij dat dit maar een 4 kilometer was, anders zouden ze mij kunnen uitwringen. Het volgende stuk tot in Saint-Moré was prachtig. In een groot bos langs de rivier kronkelen over helling van de heuvel. In Saint-Moré at ik dan mijn koude pot ravioli op, allée, hetgeen wat er in zat (de pot gooide ik in de vuilbak). Een paar prinsenkoeken als dessert en kon vertrekken richting Vezelay. Gewoon wat door de bossen en tussen de velden, niets speciaal op zich, maar vanaf Les Herodats gebeurde er iets magisch. In de verte zag ik een kerk staan op een eenzame heuvel. Neen, het was niet Erebor of The Lonely Mountain, maar het was de kathedraal van Vezelay. Ik wist niet wat er gebeurde, ik liet mijn stembanden eens goed gaan en begon te juichen alsof mijn toch erop zat. Misschien komt dit omdat ik mijn tocht in 3 grote stukken had verdeeld (tot Vezelay, tot Saint-Jean-Pied-du-Port en tot Compostella). Het volgende stuk ging stijl naar beneden via een pad van veel losliggende keien, maar dat hield me niet tegen. Ik liep, of beter gezegd stortte me naar beneden met een gigantische glimlach op mijn gezicht. Eenmaal beneden bleef ik dan lopen tot ik opeens in de verte 2 rugzakken zag stappen. Ik besloot dan terug op staptempo verder te gaan en haalde ze al gauw in. Het waren 2 oude pelgrims die van Parijs naar Vezelay stapten. Ik had de indruk dat ze de laatste kilometers op zichzelf wilden stappen, dus na een korte babbel liet ik er achter me. Achter elke bocht, boom en huis werd de kathedraal van Vezelay groter en groter tot ik aan de voet van de heuvel stond en enkel het bospad kon zien dat richting de top leidde. Ik vloog, alle stapte heel snel,  als een razende naar de top en kwam om 15.30 aan op het plein voor de kathedraal. Er verscheen een glimlach op mijn gezicht en kon enkel vol bewondering naar de kathedraal kijken. Ik zette me op een bankje en al gauw kwam ik in contact met enkele toeristen. Even een kijkje nemen in de kathedraal en dan toch maar zoeken naar een slaapplek. Zo kwam ik dan terecht in nonnencentrum “Saint Madeleine”. Een grote slaapzaal, op het tweede verdiep met een ouderwetse draaitrap, met 11 bedden, 1 douche en 1 wc, helemaal voor mij alleen. Lekker ontspannen, douchen en kleren wassen en kon iets gaan zoeken om te eten. In het lokale supermarktje kocht ik wat groenten en andere spullen en zette deze af in het centrum. Voor ik om 18u zou deelnemen aan de liederen en mis zette ik me voor de kathedraal in de ondergaande zon om wat persoonlijke ervaringen neer te pennen. Maar toen… een paf van op het plein achter een auto en vlak voor mijn neus viel er een duif dood op de grond. Noch ik, noch de andere toeristen snapte wat er gebeurde maar al gauw werd het duidelijk dat hij van de ongediertebestreiding was en het recht had duiven neer te schieten die de kathedraal -sorry voor volgende woordkeuze- willen onderschijten. Tegen 18u ging ik dan naar de mis waar ik vanalles voelde dat ik amper kan beschrijven. Ik kan alleen maar zeggen dat ik tijdens de waanzinnig mooie liederen die de broeders en zusters zongen een paar tranen moest laten. De reden hiervoor weet ik niet, het waren geen tranen van geluk, geen tranen van verdriet, maar misschien tranen van onverklaarbare afkomst. Misschien wel de mooiste van allemaal. Na een mis van 1u15 kon ik dan toch beginnen koken. Pasta, eieren, 2 tomaten, een courgette en tonijn allemaal bijeen gekapt en smullen maar. Niet meteen “haute culinaire”, maar het vulde mijn maag. Tijdens het eten kwam er een oude man binnen, Jacques, een praatje slaan. Hij was al 4 keer naar Compostella gewandeld, een keer van Bretagne naar Istanbul, tochten in Korea, China en Japan en ging morgen beginnen aan een volgende tocht richting Lourdes. Chapeau! Tegen 21u besloot ik mijn kamer dan op te zoeken en na het avondritueel te gaan slapen. Hopelijk zou de nacht even magisch worden als de dag. 

    15-03-2017 om 22:29 geschreven door Jens Willemse  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (3)
    11-03-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Van Moussy tot Troyes: 5 dagen, 135,5km

    Dag 14: Moussy-Baye: 29km

    Om 7.45 ging de wekker en voelde me wonderbaarlijk goed. Helemaal in form begaf ik me naar de buffetontbijttafel waar ik me bewonderenswaardig goed kon volsteken. Chocoladebroodjes, fruit, yoghurt, sandwiches, kaas, hesp, choco maar ook natuurlijk veel confituur. Nam, nam, nam, lunchpakket maken en hop naar de kamer om alles bijeen te rapen want ik kon niet vlug genoeg vertrekken. Om 9.45 kon ik dan de baan op na afgerekend te hebben. De voormiddag was zalig. Een frisse bries, veel zon, prachtige uitzichten over de wijngaarden, geen macadam en ook niet super veel last meer van de schenen. Onderweg kwam de spoorwegen in mij toch ook weer naar boven. Gisterenavond had ik namelijk het facebookprofiel van Martine ontdekt en begon in de modder verse voetsporen en wandelstokafdrukken terug te vinden. Één van de dagen… wacht maar af! Aan het meer of vijver  “Grande Folie” at ik mijn lunchpakket op en voor ik het goed en wel besefte was ik om 13.30 al aangekomen in Montmort . Ik besloot dus een pintje te drinken in het plaatselijk café en even te bellen naar het thuisfront. Om 14.30 zette ik dan de laatste 12km in tot in Baye. De zon scheen -ik heb zelfs voor de eerste keer mijn zonnebril aangehad-, ik was aan het zingen en fluiten en voelde me helemaal nieuw. Maar pech is niet veraf. Dagen in de regen stappen en altijd droge voeten en nu de zon scheen … uitgeschoven en met een stuk van mijn rechtervoet in een plas beland. Alle geluk niet helemaal ondergedompeld en kon dus de tocht verder zetten. Tussen de velden en smalle bossen kwam ik dan aan in Baye en ging op zoektocht naar een slaapplek. Het kon dan toch niet continu goed weer blijven en dus lieten de weergoden het nog even drashen. Maar bij het eerste huis, bam, direct prijs. Het was namelijk een kasteel waar een christelijke gemeenschap leeft die pelgrims een bed en voedsel aanbieden. Achteraf gezien stond het adres ook in de stapgids. Maar ik was ergens aangekomen en kon mezelf en de kleren een schrobbeurt geven. Om 18u nam ik dan deel aan een kleine mis voor het avondmaal. Het begon met een klein lied gevolgd door 45 minuten stilte. Dan begint u brein toch in werking te treden en ga je toch over vanalles en nog wat beginnen denken. Erna volgende nog 5 minuten gezang en konden we om 19u aanschuiven aan tafel. Witloof, brood, pizza, aspergesoep, kaas, yoghurt,... alles werd gewoon op tafel gezet en alles werd door iedereen door elkaar gegeten. De gesprekken waren nog vager. Iedereen was tegen elkaar bezig en ik moest maar luisteren naar iedereen tegelijk, maar tevergeefs. Ik wou gewoon wat eten en besloot dus in sommige gevallen te lachen, knikken en reageren zoals de andere dat deden. Na dit toch wel ongemakkelijk avondmaal hielp ik nog mee in de keuken en kroop tegen 21u mijn bedje in.


    Dag 15: Baye-Vindey: 25,5km

    Na een lange maar zalige nacht moest ik toch weeral om 7.45 opstaan. Ik werd namelijk om 8u aan de ontbijttafel verwacht. Kaas, fruit, brood maar weeral confituur in overvloed. Buikje vol eten, nog een laatste babbel slaan en zak inladen. Om 9.30 kon ik dan terug de baan op en ik had geluk. Het weer was zo zonnig als gisteren… Haha NOT. Het was zo een leuke koude kletsnatte mieserende mistregen die ik in de voormiddag moest trotseren. In Soizy-aux-Bois besloot ik mezelf dan wat op te warmen met wat koekjes in het bushokje. Tevergeefs… ik had wel terug energie om verder te gaan en de koud te trotseren. Op het stuk tot aan Lachy begon ik dan pelgrimssporen te ontdekken (als het effectief van een pelgrim zou zijn). Om dan toch met iets anders bezig te zijn dan met de regen begon ik me allerlei scenario's in te beelden voor mijn eerst ontmoeting met een andere pelgrim. Zou gewoon de coole mezelf blijven, overenthousiast worden of gewoon voorbij stappen. Dat laatste waarschijnlijk niet maar ik ben toch benieuwd. Ik hoop het over een paar dagen te weten. Toen het in de namiddag wat begon op te klaren besloot ik om een kilometer buiten Lachy mijn lunchpakket van brood, kaas en water op te eten. Een geweldig uitzicht over de velden en pure rust, zalig! Met nieuwe energie kon ik dan verder stappen tot in Sezanne waar bij een pelgrimswoning langs ging voor een tas thee. Echt deugd dat dat deed. Alleen vond ik het jammer dat het geen thee was. Ook geen warm water en ook niet binnen. Niemand had namelijk opengedaan dus moest ik maar water drinken uit mijn kamelenzak. Ik kon dan voldoende gehydrateerd de laatste 5km inzetten tot in Vindey. Bij het binnenkomen van het kleine dorpje was het dan zo ver. Ik ontmoette mijn eerste medepelgrims! Alleen hadden ze geen zin meer om te stappen. Het waren namelijk artistieke metaalgeplooide pelgrims. Met pijn in het hart vond ik bij een gepensioneerd koppel onderdak en spijs. Een cakeje en thee in combinatie met een warme douche en snelle handwash van de kleren zorgde ervoor dat ik nieuwe energie kreeg. Na een warm bord wortelsoep, een ¾ quiche en een lekker plattekaasdessert met koekjes en vers fruit kon ik me naar de kamer begeven en na het avondritueel in slaap vallen.


    Dag 16: Vindey-Méry-sur-Seine: 31km

    Na misschien wel de beste nacht te hebben gehad tot nu toe, door het zalige zachte lichtverende nieuwe bed kon ik om 8u aanschuiven aan de niet zo mega rijkelijk gedekte tafel. 2 boterhammen met confituur en een klein gebakje vulden de maag voor een stuk dus besloot ik bij mijn vertrek om 9.30 nog een energiebar en stuk fruit naar binnen te spelen. Vandaag zag de dag er weer simpel uit. De oude sporen  (die spekglad waren) volgen tot in Anglure om dan langs het kanaal verder te stappen. Het was ideaal weer om te vertrekken, een koel briesje en de zon die lichtjes probeerde te schijnen tussen de wolken maar toen ik aankwam bij Barbonne-Fayel zag ik over de heuvel een enorme mistbank naderen en voor ik het wist zat ik weer in een regenbui dit tot 13u zou duren. Onder een boom at ik mijn lunch op en besloot al snel verder te stappen. Al gauw begon het weer op te klaren en in Anglure werd ik dan uitgenodigd om een thee te komen drinken en hier maakte ik de ontdekking van de dag. Martine zou vanavond bij deze vrouw slapen. Ik had ze dus ergens gepasseerd, misschien met een rustdag in Troyes zou ik ze tegenkomen. Ik zette de laatste kilometers dan in richting Mery-sur-Seine waar ik bij de Marianistengemeenschap onderdak en voedsel kreeg. De 2 inwonenden moesten naar een vergadering en vertrouwde me hun huis toe. Na een douche, kledijwasserij en het eten van een zalige hutsepot, kon ik voldaan in mijn nest kruipen en toeleven naar de volgende dag.


    Dag 17: Mery-sur-Seine-Troyes: 30km

    Na een korte ochtendmis met de 2 marianisten, konden we samen iets eten. Vers brood, confituur, choco en appelcompote. Na nog wat administratief en materieel gerommel kon ik tegen 9.30 vertrekken richting Troyes. Vanaf het begin had ik het gevoel alsof ik op mijn tweede dag was (Hofstade-Heverlee). Eerst 5 minuten stappen naar het kanaal en dat blijven volgen tot de voorsteden van Troyes. Er waren echter wel enkele verschillen. Ik moest niet op de macadam lopen maar op een leuk lopend graspad. Het weer in de voormiddag was bewolkt maar na het middagmaal begon het op te klaren en moest ik in T-shirt en zonnebril verder. Echt een zaligheid. Op bepaalde stukken dwarrelden zelfs de vlinders rondom me en ritselden de salamanders tussen de verdorde afgevallen bladeren bij het aankomen van mij imposante gestalte -kuch kuch-. Om de voorsteden van Troyes te betreden moest ik nog wel eerst een stuk weg overwinnen dat ondergelopen was door de regen van de afgelopen dagen. Voorzichtig baadde ik me een weg door het water en voor ik het wist was ik in Troyes. Een enorm leuke en gezellige stad met een heel middeleeuwse uitstraling. Het bezoeken waard! Ergens in een steegje mijn lange strakke sexy thermische broek uitdoen omdat het gewoonweg te warm was en kon de "Running 3" winkel zoeken om een steunzool te kopen die me zou helpen met mijn scheenbeen. Whu knows… Nog snel wat energiebars in de rugzak laden, een stempel en bezoek brengen aan de kathedraal en mezelf aan den toog zetten met een halve liter bier… gewoon perfect. Het weer was goed, ik had niet meer zoveel last van mijn scheenbeen maar kon wel pas om 18u binnen bij mijn adresje. Maar de tijd doodde ik graag met een Affligem au fut. Om 18 dan aankomen bij France-Odiel en haar man waar ik een tas thee en koekjes aangeboden kreeg en plots was er nog een tweede bezoeker. Iemand van de bloemenwinkel die aan de hand van het interieur, lichtinval, … de ideale kamerplant wou verkopen voor op een kast. Anfin, na dit vage bezoek een snelle douche, was spinaziesoep en linzen eten en hop het bed in voor de usual stuff.


    Dag 18: Troyes-Troyes: 10-20km

    Om 8u ging de wekker op mijn eerste rustdag. Vandaag zou ik “den toerist” uithangen in Troyes. Maar dat kon niet zonder een stevig ontbijt. Maar toen gebeurde er iets uniek. Er belde niemand anders dan Martine. Zij wou vanavond bij dezelfde mensen slapen. Ik kreeg ze dan aan de lijn om alles wat uit te leggen omdat de communicatie wat moeilijk was tussen de Franse gastvrouw en de Nederlandse pelgrim. Ik kreeg ook ineens te horen dat ze liever alleen wou stappen en ze had ook andere plannen voor de komende dagen dus zou ik op zoek moeten gaan naar een andere meewandelende pelgrim. Het stadscentrum van Troyes kan ingedeeld worden in 2 delen: de kop van de champagnekurk en het lichaam van de kurk (je moet maar eens met Google maps fzo kijken om de vorm te zien, dan snap je het wel). Ik begon met een een bezoekje aan de markt “Les Halles” waar ze vanalles en nog wat verkochten. Vervolgens zette ik mijn toeristische tour met bijhorende foto's verder. In de voormiddag stonden volgende zaken op het programma:

    • Kathedraal

    • La Cité du Vitrail: een museum met kerkglaswerken

    • De decadent dure hotels La Maison de Rhodes(209-349 per nacht) en Le Champ des Oiseaux (199-389 per nacht). Beide een heel mooie middeleeuwse buitengevel. Maar voor mij het geld niet waard.

    • Museum van Moderne kunsten

    • Musée de Saint-Loup: het mooiste en leukste museum van de dag. Veel opgezette dieren, archeologie van de streek en het oude Egypte.

    Om dan de voormiddag af te sluiten ging ik nog even langs de Fnac om een schrijfschriftje te kopen. Ook nog even naar de Carrefour om wat inkopen te doen voor de volgende dagen en deze middag waar ik wederom een vreselijke ontdekking deed. Ik wou wat kaas kopen voor op mijn baguette en het eerste pak kaas dat ik vast pakte was helemaal beschimmeld… ik besloot dan maar wat droge worst te kopen om mogelijk dodelijke maaginfecties te ontlopen. In het verblijf ging ik dan snel middageten om mijn toeristische tour in Troyes af te ronden. In de namiddag stonden volgende zaken op het programma:

    • Rue Paillote de Montabert, Ruelle des Chats, Cour du Mortier d’Or en rue Émile Zola. Allemaal kleine gezellige middeleeuwse straten.

    • Kerk Saint Pantaleon waar ik een kaarsje brandde voor het goed verloop van de tocht.

    • Musée de Vauluisant waar er vanalles te zien was over het lokale stoffenweven. Hier vervulde ik weer een goede daad door een oude vrouw van de scheve trap te helpen. Wat een held ben ik toch.

    Tegen 15.30 kwam ik dan terug aan Hôtel de Volle waar ik genoot van een “goei Chouffke”. Het was namelijk zalig weer en dan ben je wel verplicht er ene te drinken op het terras. Tot aan het avondeten ging ik dan nog wat genieten van het straatfeest met Country, Afrohouse, R&B, Hip-Hop, Soul en Salsa muziek+dans en een Zuid-Amerikaanse cocktail Horchata om de Peruaanse herinneringen wat op te halen. Mijn dag kon echt niet meer stuk. Zo blij dat ik een dag pauze heb genomen. Tegen 17.30 kwam ik dan aan in mijn verblijf, nam een douche en leerde al gauw Martine in levende lijve kennen. Een sympathieke dame die net als iedereen op de Camino haar eigen verhaal heeft. Na een langdurend avondmaal met bloemkoolsoep, salade, yoghurt en ijs (met koffiesmaak, dus dat was een aangename verassing… Not) nam ik afscheid van Martine omdat zij morgen zou uitslapen kon ik dan toch tegen 23u mijn bed inkruipen. 

    11-03-2017 om 23:53 geschreven door Jens Willemse  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (4 Stemmen)
    >> Reageer (1)
    06-03-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Van Rocroi tot Moussy: 5 dagen 140,5km

    Dag 9: Rocroi-Signy-l’Abbaye: 30km

    Om 7.45 ging de wekker, kon ik me omkleden en werd ik verwacht aan de ontbijttafel. Het enige probleem was dat mijn scheenbeen terug enorm veel pijn deed. Na een sober ontbijt met enkel confituur en brood (wat ook de lunch was) besloot ik dan nog even te liggen om mijn been laatste rust te gunnen voor ik ging stappen. Toch ook ineens de ideale moment om mijn guilty pleasure te bekijken online (temptation island). Na nog eens goed gelachen te hebben kon ik dan tegen 10u toch vertrekken richting Signy-l’Abbaye. De voormiddag was vrij zwaar. Veel wind en de pijn in het been zorgde ervoor dat het lastig stappen was. Het was kop naar beneden, niet nadenken en gewoon gaan. Onderweg hiernaartoe merkte ik al gauw dat die adventure en decathlon winkels me hadden beetgenomen en voorgelogen. Ik mij goed ingepakt in mijn windstopper, maar tevergeefs, de wind was niet gestopt…(haha). In L’Échelle besloot ik dan mijn boterhammen met confituur en confituur te benuttigen, uit de wind en in de zon uiteraard. Wonder boven wonder hadden al die confituurbokes een mirakel verricht na de middag. Ik kon ineens het prachtig glooiende landschap met opgeheven hoofd overvliegen en begon zelfs een nieuwe route te volgen -niet omdat ik het oorspronkelijke pad kwijt was hoor (kuch kuch)-. Uiteindelijk kwam ik dan aan de boerderij Faleul uit. Hier besloot ik dan aan te kloppen en mezelf vriendelijk uit te nodigen om iets te drinken. Al gauw besefte hoe klein de wereld eigenlijk is. De eigenaar was van Antwerpen en zijn kinderen waren op bezoek. Zij waren ,zoals ze bij ons zeggen, “van achter den hoek”, namelijk van Deurne. Met een warme thee in de maag zette ik dan de laatste 7km in. Ik had zoveel energie en voelde me zo goed dat ik letterlijk bijna over de heuvel liep. Aangekomen in Signy-l’Abbaye ging ik een stempel zoeken voor in mijn stempelboekje en een plaats om te slapen. Al gauw kwam ik bij de B&B uit van madame Créquy. Hier nam ik dan een douche, waste ik mijn kleren en liep naar de winkel om te kunnen beginnen koken. Massa's wortelpuree, 2 spiegeleieren, 2 kalkoenschnitzels, een avocado, yoghurt en 2 croissants. Met een zeker voldane maag trok ik me terug in de kamer voor mijn vast avondritueel. Wat lezen in de stapgidsen, wat schrijven in mijn blog, iets laten weten aan het thuisfront, foto's selecteren en in juiste albums zetten, tandjes poetsen en slapen.


    Dag 10: Signy-l’Abbaye-Château-Porcien: 30km

    Om 7.40 ging de wekker, rustig opstaan en om 8.15 stond de ontbijttafel netjes gedekt. Rarara met brood en confituur, wat ook het middageten zou worden. Ik begin de indruk te krijgen dat ze in Frankrijk veel confituur en brood eten. Het wandelen vandaag was niet echt spectaculair. Gewoon wat op en af, geen zon en geen regen. Tussen velden en bossen en dat was het eigenlijk. Hetgene wat me wel opviel is dat in elk dorpje waar ik passeerde een dode en stille sfeer hing. Geen kat die op straat liep, geen auto die over de baan reed en huizen waarvan je je afvraagt of ze bewoonbaar zijn of niet. Best raar. In Wasigny at ik mijn boterhammen met confituur op en kon ik verder stappen tot in Château-Porcien. Tegen Hauteville begon ik het wat moeilijk te krijgen. De pijn die ik voorheen had aan mijn rechterscheen had zich verplaatst naar de linkerkant. Misschien iets wat mijn twee schenen moeten doormaken om Compostella te bereiken. Het was toen nog maar 14u en besloot dus nog verder te stappen. Op de tanden bijten en geregeld vloeken zorgde ervoor dat ik de laatste 8km kon afronden tegen 15.30. Ik zocht naar het café dat mij de code gaf van de pelgrimskamer wat verderop. Een verschrikkelijk vuile en slechtliggende matras en vuile douche. Zeker weten, de slechtste verblijfplaats tot nu toe. MAAR ik was er aangekomenen waar het warm was en was een tevreden mens. Ik nam een douche, waste mijn kledij en besloot iets te gaan drinken in het café waar ik vanavond ineens zou gaan eten. De beleefdheid en vriendelijkheid dat de mensen hier hebben is niet zoals we bij ons kennen. Bij het binnenkomen geeft men iedereen een hand alsof men elkaar al jaren kent. Eén van die gekke dingen die je kan ontdekken op de camino. Na een lekker driegangenmenu:

    • Wortelsalade, half ei en gebak met kaassaus en hesp

    • Koeientong met pasta

    • Banaan, American cookies, chocoladesaus en slagroom

    Was mijn maag lekker vol en kon ik tegen 20.30 gaan slapen.


    Dag 11: Château-Porcien-Pomacle: 28km


    Na een wazige nacht van dromen:

    • Denken dat er een hond aan het blaffen is voor de deur en dat er iemand binnen wil komen en kei hard beginnen roepen (ben blij dat ik dus alleen in de kamer was);

    • Denken dat de politie de kamer binnenvalt;

    • Denken dat je nog helemaal niet op tocht bent naar Compostella;

    besloot ik om 8.15 uit mijn bedje te kruipen, mijn zak in te laden en iets te eten. Ik was blij zelf eten te hebben voorzien want had niet veel zin in boterhammen met confituur. Op het menu, chocoladebroodjes, mmm… Voor het vertrek nog rap iets schrijven in het gastenboek en daar deed ik een opmerkelijke ontdekking. De hollandse die ook in de B&B had geslapen in Rocroi, was gisterenochtend hier vertrokken. Dat wilde dus zeggen dat ik dichter en dichter in de buurt kwam van Martine Bakker. Nog een dag of 2 denk ik. Tegen 9.20 vertrok ik dan met mijn hebben en houwen richting Pomacle. De voormiddag was zalig. Niet te warm, wel wat regen, en enorm veel dieren gezien. Vogeltjes die vrolijk in het rond floten, tientallen reeën die over de weg en door de velden liepen, twee vossen die net hetzelfde deden en massa’s konijnen deelde die mening van de vossen en reeën. Onderweg dacht ik ook dat elke andere voetstap die ik tegenkwam of ze van Martine zou zijn of niet. Als een ware spoorzoeker kwam ik dan aan in L’Ecaille waar ik mijn overige chocoladebroodjes op at en stapte verder richting Bazancourt. Het weer begon wat op te klaren maar begon me te ergeren aan iets. Niet mijn schenen, niet mijn voeten, niet mijn rugzak, ook niet het weer, ook niet de temperatuur, MAAR de vogels. Voor twee uur lang waren er piepkleine vogels die een verschrikkelijk “tshirpend” geluid maakte. De eerste tien minuten is dit allemaal leuk en dan maakte ik er een spel van om de juiste “tshirp” bij de juiste vogel te plaatsen. Maar ze waren soms zo klein dat ik geen vogel zag en continu “getshirp” hoorde. Op een bepaald moment dacht ik zelf dat ik zot werd omdat ik geen vogels zag maar wel massa’s “getshirp”. Na dus twee uur in het “getshirp”, “tshirp”, “tshirp”, “tshirp”, “tshirp”, “tshirp”, “tshirp”, “tshirp”, … (je hebt het misschien wel door hoe lastig dit nu was) te hebben gewandeld kwam ik aan in Bazancourt waar ik in de supermarkt een banaan, cola en nog chocoladebroodjes ging halen. Ik tankte dus een beetje bij voor de laatste 6 km en net toen ik vertrok begon het gigantisch hard te regenen en te waaien, maar die uitdaging ging ik met alle plezier aan. Om het natuurlijk nog wat harder te maken was de grond tussen de velden zo plakkerig geworden dat er denk ik aan elke schoen twee kilo was bij gekomen en dus ook compleet mijn grip verloor. Al “schaatsend” bereikte ik toch het kleine Pomacle waar ik vriendelijk ontvangen werd bij Joël, die zijn huis helemaal zelf gebouwd had. Na een theetje en een warme douche kon ik nog een beetje ontspannen. Tegen 18.30 kwam Patrice (vrouw) en twee kinderen thuis (Thibaut 6, Caroline 8). Tussen de drukte van de kinderen konden we met 3 toch goed aperitieven met een glas echte champagne van de streek. Het avondeten was als voorgerecht wortelsoep en als hoofdgerecht een lokaal gerecht (gemarineerd gehakt in bladerdeeg). Met een lekker glaasje wijn erbij en een goed intiem en open gesprek kroop iedereen tegen 23u -misschien een beetje licht beschonken- zijn eigen bedje in. Joël en Patricia, jullie zijn absoluut twee toppers en zal jullie niet snel vergeten!!!


    Dag 12: Pomacle-Rilly-la-Montagne: 26,5km

    Om 8u rustig wakker worden om dan tegen 8.30 rustig aan te schuiven aan de ontbijttafel. Boterhammen (eens geen rare baguette) met choco en confituur. Nog snel een foto met de kids en kon dan in mijn proper gewassen kleren om 10u de dag inzetten. De voormiddag was weer wat ploeteren door de klei maar al gauw begon ik in de verte de kathedraal van Reims zien. Nu ik mijn doel (voor de middag) in zicht was op het einde van een lange rechte weg werd het tempo wat verhoogt. Maar met een verhoging van tempo begon het ook meer te regenen. Toen ik de voorsteden bereikte van Reims was het gigantische hard aan het gieten. Met ijskoude handen probeerde ik de regen en verschrikkelijk koude wind te trotseren en had al spijt dat ik geen warmtezakjes had meegenomen. Nog voor Reims kwam ik en pannenkoekenkraam tegen waar ik me even ging opwarmen met een nutellapannenkoek en warme thee. Dat gaf me de energie om de laatste 4km naar de kathedraal te volbrengen. Bijna daar aangekomen stopte er ineens een auto voor mij die vanalles zei met “Compostella” en “sécher” en voor ik het wist was ik ingestapt en aangekomen in een klein maar gezellig appartementje dat op 200m van de route lag. Mijn spullen werden te drogen gelegd enkreeg een warme thee. Ik werd mee uitgenodigd om iets te eten met Mathias, Stephanie en de 2 kinderen. Na de kirr als apéritif mocht ik dan aan de tafel plaatsnemen. Respectvol als ik was wachtte ik met eten tot iedereen voedsel op zijn bord had en voor ik wist begonnen ze samen een eetgebed te zingen. Na dit muzikaal intermezzo kon ik dan in de sla, pasta, hertengebraad en platteland met framboos vliegen. Wat was me dat smullen. Ook hier snel wat contactgegevens uitwisselen, een foto trekken en kon dan om 15u het laatste stuk van de dag inzetten, en het was gestopt met regenen. Nog een stempel halen in de kathedraal en na 10minuten stappen had ik weer prijs. Het begon weer te regenen en deden beide schenen weer pijn. En om het dan nog wat erger te maken, begon het een half uur voor ik Rilly-La-Montagne bereikte te gieten. Het zicht dat zich eerst kilometers ver uitstrekte was nu maar een 100tal meter geworden. Zeiknat en ijskoud kwam ik dan bij de champagnemakers aan waar ik niet zo geweldig werd ontvangen door de vrouw des huizes. Ik was nat dus mocht niet binnen (de slaapplek was ergens anders in het dorp), en moest zelf vragen of ik in de garage mocht staan om toch even uit de koude te kunnen zijn. Uiteindelijk kwam ze dan toch zelf met de vraag of ik iets van thee of zo wou. Uiteraard! Maar dan moest ik snel de thee opdrinken omdat de man (die wel sympathiek overkwam) was aangekomen en ons met de auto een paar honderd meter verder afzette omdat zij niet door de regen wou stappen. In het huisje kreeg ik dan een snelle rondleiding en werden er concrete regels opgelegd.

    • Voor ik vertrek poetsen.

    • Stempelboekje afgeven in ruil voor de sleutel.

    • Morgen zeker voor 9u de sleutel afgeven.

    • Niet aan de verwarming komen.

    Ik was wel blij weer binnen te zijn en voor ditmaal een badje te kunnen pakken. Lekker wat ravioli opwarmen en hop om 21u bedje in want de regen had me serieus moe gemaakt. Ook wilde ik mijn lichaam voldoende rust geven, met die stomme schenen van me.


    Dag 13: Rilly-La-Montagne-Moussy: 26km

    Om 7.30 ging de wekker al omdat ik op tijd de sleutel moest brengen. Zak inladen, een beetje oprommelen en de nieuwe dag op mij laten afkomen. Ik had eerst  besloten om maar 12 km te stappen tot in Champillon en daar een slaapplek te zoeken. Om 8.45 kon ik de goed en wel op een rustig tempo vertrekken. Het enige wat ik kan zeggen van de voormiddag is dat ik heel hard genoot van de geur van omgezaagde en geschilde dennenbomen. In Champillon zocht ik dan het adres waar ik zou kunnen overnachten. Niemand thuis en ook nergens iemand in de buurt. Ik besloot dus om wat verder te stappen op een heel rustig tempo verder te stappen. Tussen de wijngaarden die allemaal op eenzelfde manier georiënteerd waren, zette ik mijn tocht verder. Het had wel iets speciaal. De champagneboeren die hun struiken zorgvuldig bijknipten en overige takken verbrandde zorgde ervoor dat je in de hele omgeving kleine rookpluimpjes zag en de geur van brand in het dal bleef hangen -Mmm kampgeur-. Maar losstaand van die paar dingen lukte het toch heel moeilijk om te genieten. Ik moest me focussen om rustig te stappen en de twijfel of ik het allemaal wel zou kunnen begon ook weer op te spelen. Maar ik hield me voor het dag per dag te bezien en energie te halen uit mijn overnachting. Uiteindelijk kwam ik dan aan in Moussy waar ik dan in het hotel een douche kon pakken en even te ontspannen. Tegen 19u kon ik dan moederziel alleen de menu van de dag verorberen: risotto, lasagne en taart. Met het buikje vol en het avondritueel afgerond kon ik als gelukkig mens gaan slapen.

    06-03-2017 om 21:16 geschreven door Jens Willemse  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (7 Stemmen)
    >> Reageer (1)
    01-03-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Van Namen tot Rocroi: 4 dagen 107km

    Dag 5: Namen-Dinant: 28km

    Na een zalige nacht te hebben gehad deed ik om 8u de gordijnen open, genoot van het uitzicht en pakte mijn zak bijeen. De ontbijttafel stond rijkelijk bedekt met brood, kazen en zelfgemaakte confituur.Heerlijk om de dag zo te beginnen. Boterhammen smeren voor de lunch en afscheid nemen van de geweldige gastvrouw Annemarie. Deze keer zou ik me niet laten vangen door de koude, dus kleedde me zeer stijlvol aan, een thermische strakke zwarte “pantie”, een korte groene broek erover en de sokken over de pantie getrokken. Jani, zou er niet mee kunnen lachen, maar ik zou de koude bestrijden. Eenmaal op weg was het simpel, gewoon de Maas volgen tot in Dinant. Het tempo zat er goed in en voor ik het wist zat ik na 2u al in Profondeville. Boterhammen opeten en verder stappen. Even verderop kon ik dan mijn goede daad van de dag als scout en pelgrim volbrengen. De ketting van iemands fiets er weer opleggen. Wat een helden toch die pelgrims. Stap, stap stap, brug over en hop ik was al om 14.30 in Dinant. Snel de abdij zoeken mezelf installeren, douchen en even genieten van een chocolaatje en fruitthé. Voor de mis besloot ik dan nog wel een café te vinden om een leffe te drinken. Dat moet toch gebeuren als je in de abdij van Leffe mag slapen. Om 18.30 nam ik dan deel aan de mis (vêpres). Wederom een magisch moment. De lage stemmen van de 7 priesters galmden door de kerk en raakte elk haartje in mijn lichaam dat vervolgens rechtsprong. Echt een kiekenvelmoment. Op een bepaald moment heerste er ongeveer een minuut stilte die doorbroken werd door de typische geluiden van de orgel. Een bekend en mooi lied (waarvan de naam me tot op heden nog onbekend blijft) maakte me ook van binnen helemaal stil. Na de mis kon ik dan aanschuiven aan mijn eenzame tafel in de pelgrimskamer. Ik wist niet waar eerst te kijken:

    • Brood, sandwiches en pistolets

    • 4 soorten kaas

    • 4 soorten vlees

    • Een grote kom soep

    • Een ovenschotel met aardappelen en gehakt

    • Koud slaatje

    • Ananas

    • Chocolade

    • Yoghurt

    • Pudding

    • Fruit

    Het was gewoon teveel om op te eten. Met een foodcoma besloot ik me dan terug te trekken in de kamer, even op bed te gaan liggen en voor ik het wist waren mijn oogleden toe gevallen en was ik in dromenwereld.


    Dag 6: Dinant-Givet: 24km

    Heerlijk geslapen. Maar iets baarde me zorgen. Een trekkende pijn aan mijn rechter onderscheen maar er was niets te zien dus ging ik als een flinke jongen om 8u naar de ontbijttafel. In mijn eenzame kamer lag er brood en beleg om te verorberen en om te smeren als lunch. Ik dacht ook eens een tasje koffie te drinken maar tevergeefs. Ik kreeg het niet binnen. Ik probeerde verschillende manier door aan te lengen met suiker en melk, maar niets hielp. Gewoon een glas water dan maar en naar de kamer om alles klaar te nemen voor de 6e dag. Die zag er heel rustig uit, 24km langs de Maas wandelen. Eenmaal Dinant uit was het prachtig. Vlak langs het water op een klein smal bospad deed me al mijn zorgen vergeten en begon al te denken: Dit pad kan ik wel kilometers volgen zonder het beu te zijn. Ik passeerde een aantal rotswanden die ongetwijfeld bij warmer weer beklommen zouden worden. Aan de overkant van Waulsort at ik mijn lunch op maar wou al gauw verder stappen. Maar eenmaal Hastière uit begon mijn stemming wat om te slaan. Het was allemaal niet meer zo mooi als de kikkers ervoor en de pijn aan mijn voet begon terug op te spelen. Ik werd er kwaad van op mezelf. Die massa's kilometer zouden voor een andere keer zijn. Aan een slenterend tempo ging ik dan de laatste 6 in. Om het kwartier toch even zitten of uitrusten en zo kwam ik dan toch in Givet. Ik heb gevloekt op mezelf, mezelf moed ingepraat en was blij eindelijk te zijn aangekomen. Ik moest dan nog een klein uurtje wachten tot ik ergens warm kon binnen zitten. Uiteindelijk kon ik dan om 15.45 toch binnen en rusten. Toch nog snel even naar de Carrefour om iets te halen om te eten en ik kon na een warme lange douche met de benen omhoog even ontspannen. En dan begon de eerste mentale krakjes zich te vormen. Bang hebben dat je fysiek je in de steek zal laten… Een telefoontje naar het huisfront gaf me terug wat energie. Een beetje proberen eten en in bed gaan liggen met een boekje en wat verkoelende middelen op de voet. Dan om 20u alle lichten uit en wat proberen slapen. Laat het maar snel morgen zijn.


    Dag 7: Givet-Olloy-sur-Viroin: 29km

    Na een uitputtende 6e dag stond ik om 8u op met nieuwe energie. Rap 2 yoghurtjes binnenwerken, zak inladen, me weer stijlvol kleden en kon dan om 9u de weg verder zetten naar Compostella. Die nieuwe energie waar ik mee opstond werd in de voormiddag alleen maar bevestigd en vergroot. Na de afgelopen 6 dagen bijna alleen maar macadam gezien te hebben, was ik blij eindelijk op gras of bospaden te wandelen. Eenmaal Hierges voorbij begon ik dan helemaal op te fleuren. Een heuvel over via een modderig bospad. De Ardennen waar ik zo van hou. Eenmaal boven speelde ik wat met de Frans-Belgische grens en kon ik genieten van het zalige uitzichten. In Mazée besloot ik dan ergens een microgolf te zoeken voor mijn resterende pasta van gisteren op te warmen. Zo kwam ik terecht bij een alleenstaande man van 35 waar ik nog een knapperig gebakken boerenworst voorgeschoteld kreeg en een koekje meekreeg. Vol energie zette ik dan de laatste kilometers in naar Olloy-sur-Viroin. Na een half uurtje stappen begon het te regenen en dat zou de komende 2,5u niet veranderen. Maar al dat nats kon me weinig doen want was zo blij met het wandelen in de bossen dat ik de regen zelfs niet merkte. Tegen 15.15 kwam ik dan toch kletsnat aan in Olloy-sur-Viroin waar ik nog 1,5u moest wachten om het Europees centrum in te mogen. Tegen 17u kon ik me dan zoals de afgelopen 6dagen installeren en ging ik met een mislukt bord zelfgemaakte  spaghetti met pepersaus -wat uiteindelijk wel smaakte- voor de tv zitten om het nieuws en dergelijke te zien. Ik besloot ook iedereen nog eens op te bellen vooraleer ik morgen de Franse grens zou oversteken. Na wat te bellen, wat tv, een chips en een cola kon ik dan tegen 22u in mijn bedje kruipen. Au revoir Belgique!


    Dag 8: Olloy-sur-Viroin-Rocroi: 26km

    Om 7.45 opstaan, wat zaken regelen met telefonie Enzo en kon mijn zak inladen. Om 9.15 was ik dan de baan op en kon de eerste kilometers inzetten richting Oignies-en-Thiérache. De route was prachtig. Door de modder en onder water gelopen paden en dankzij de constante regen werd dit ook alleen maar erger, maar dat maakte het zelfs zo leuk dat ik met bokkesprongen en bijna al lopend op sommige stukken mezelf voortbewoog. Zalig gewoon. Het was ook de eerste keer dat ik de natuur niet zag maar hem beleefde. De heldergroene kleuren van het mos kleurde de bodem tussen de bomen, de gegroepeerde meiklokjes die helderwit afschenen op het groene tapijt. En de kleurrijke elfenhuisjes die op de berkenstammen waren vastgegroeid. Het had echt iets magisch. Eenmaal het sprookjesbos uit moest ik wederom op zoek gaan naar een microgolfoven om mijn pasta op te warmen en iets te eten. Bij het eerste huis waar ik aanbelde kon ik meteen binnen en kreeg ik er nog een cola bij. Vol energie kon ik dan het volgende bosstuk volgen tot in Rocroi. Maar net zoals het vorige bos merkte ik de kleinste dingen op. Dit keer geen kleuren maar een verscheidenheid aan dieren. Mierenhopen van een meter hoog, buizerds die over de weilanden geruisloos rond zweefden op zoek naar een prooi, een babyree en moeder die verschoten kleinste geluid dat ik onbewust maakte, de everzwijnenpoelen die een hun typische geur verspreidde maar het mooiste van al bleven de wel bijna honderd -en dan overdrijf ik niet- koolmeesjes die bij mijn aankomst opstegen en vrolijk in de buurt bleven ronddwarrelen. Dit geweldig stukje bos liep dan uit op de eerste bewoning dat zou aanhouden tot in Rocroi. Nog even langs de Carrefour passeren, de stapgidsen en ander materiaal dat ik niet meer nodig had opsturen naar huis met een begeleidende brief en kon dan tegen 16u aankomen bij mijn chambre d’hôte Pernelet-Jaschinski. Een uniek stukje gezelligheid. Een aanrader maar je moet er wel voor zijn! In de veranda waar alles een beetje schots en scheef stond en versierd met allerlei kaarten, maskers, doeken en andere unieke zaken, kreeg ik dan een lekkere muntthe die me al gauw deed opwarmen. Het had namelijk van 9u tot het slapengaan gegoten. Ik kreeg dan mijn kamer toegewezen die eenzelfde rustieke unieke sfeer uitstraalde. Ik kon me dan gaan douchen in de badkamer waar honderden lege potjes parfum uitgestald waren en die de geur, in combinatie met het oude interieur, van de kamer bepaalde. Het was een te unieke ervaring om te kunnen beschrijven. Je zou hier zelf eens een nacht moeten verblijven. Tegen 18u ging ik dan naar beneden om wat te praten en al gauw kwam ik te weten dat er een pelgrim een paar dagen geleden hier had overnacht die richting Vezelay ging. Dus met wat geluk zou ik ze kunnen inhalen en zou ik niet alleen zijn op de route. On vera! Na wat quiche, bloemkool met sla en patatten, kaastafel, pudding en een banaan ging ik dan naar boven om nog wat te lezen en te ontspannen om dan tegen 23u in slaap te vallen. Laat Frankrijk maar komen!!! Je suis prêt.

    01-03-2017 om 21:54 geschreven door Jens Willemse  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (5 Stemmen)
    >> Reageer (2)
    25-02-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Van Deurne tot Namen: 4 dagen, 120 km

    Dag 1: Deurne-Hofstade: 29km

    Om 7.30 eindelijk was het zover. Gordijnen open het eerste wat opvalt: nat nat nat maar toch kijk ik hier al 2 jaar naar uit en de toch kan eindelijk beginnen. Ontbijten ging nog wel wat moeizaam, maar zal dit gaandeweg wel leren. Yannick, Faya, Sam, Lenderd, Ralph, Dirk, Pat en mama stonden klaar voor een laatste knuffel of kus. Samen met Lenderd kon ik dan de eerste kilometers inzetten. Door het mieserende weer kwamen we aan de vlieghaven van Deurne de eerste persoon die riep “Buen Camino!”. Met een glimlach op ons gezicht volgde we de fietsostrade van Mortsel tot in Duffel. Een eerste foto bij de eerste kapel, en voor we het wisten waren we in Duffel. Hier ontmoette we dan Julie en wandelden we samen met haar tot aan het Fort van Duffel waar ik getrakteerd werd op een zalige kip met frieten en appelmoes, echte boerenkost. Hierna trokken Lenderd en ik vrolijk verder richting Mechelen. Aan het Compostellagenootschap nam ik afscheid van Lenderd en kreeg ik mijn eerste stempel. Ik werd ook voor de eerste keer uitgenodigd om iets te komen drinken bij het genootschap. Alle geluk ging ik op dit aanbod in want het zou me een goede slaapplek voor de volgende dag bieden (aangeboden door Dees van het genootschap). Hierna was het nog een uurtje doorbijten tot in Hofstade waar bij de zus Trui een warme douche, bed en pastagehaktovenschotel op mij stonden te wachten. Nog snel even de guilty pleasure Temptation Island meegepikt voor het slapen en kroop tegen 23u mijn bedje in (wat eens deugd deed omdat ik de laatste nacht maar 4u geslapen had). Een leuke en geslaagde eerste dag.


    Dag 2: Hofstade-Heverlee: 28km

    Verdomme, geslapen tot 16u… althans dat dacht ik toch want dromenwereld had me wederom eens beetgenomen. Toch om 7.30 al uit bed gekropen om de zak in te laden en proberen te ontbijten. Ondertussen maakte Trui voor mij een lunchpakketje klaar, bokes met ei. Om 8.45 poseerde ik nog snel voor een foto en kon terug vertrekken. De dag zag er heel simpel uit. Zolang ik aan het kanaal (Dijle) bleef zou ik in Leuven uitkomen. Ik zette me in de buurt van Tildonk even op de grond om rond 11.30 mijn lunch te verorberen. Allegeluk had ik goed gekeken want was bijna in de hondenpoep gaan zitten… (mensen zouden dit echt wat beter moeten opruimen). Losstaand van dit iets of wat wansmakelijk feit moet ik wel zeggen dat dit misschien wel de beste bokes met ei waren die ik ooit had gegeten -merci Trui-. Het enige wat tussen Tildonk en Leuven een “probleem” vormde was de continu draaiende wind die me af en toe wel eens van mijn wandellijn blies. Bij het binnenkomen van Leuven moesten de weergoden me nog even plagen door eens goed met de wind te draaien terwijl het goed doorgoot. Even de weg vinden in Leuven en kon even uitpuffen in de Sint Pieterskerk. Om 15u zette ik mijn laatste trek door tot in Heverlee waar ik bij het Don Bosco huis de nacht zou spenderen. Hier werd ik ontvangen door de directeur van het huis en kreeg door Dees (die al 2 keer in Compostella was geweest met de fiets) mijn kamer toegewezen. Even installeren, douchen, kleren wassen en drogen en voor het avondmaal nog een praatje slaan met Dees. Samen met hem dekten we de tafel voor de 6 andere broeders, waaronder 4 internationalen (vooral Azië). Ik mocht me hier goed laten gaan en had na een boterham met kipcurry, 2 tassen soep, 2 borden spaghetti, 2 pannenkoeken, een zoetje en een peer toch voldoende gegeten. Samen afruimen en afwassen en werd dan uitgenodigd om het avondgebed bij te wonen. De liederen en toonaard van de samen opgezegde gebeden straalde iets rustiek uit waar ik toch van kon genieten. Erna werd er dan gekeken naar het nieuws van 19u en deelde Dees en ik nog wat verhalen en ervaringen bij het eerste pintje van de tocht. Erna trok ik me terug in mijn kamer om de route voor morgen voor te bereiden en kon ik gerust mijn oogjes toe doen. Dag 2 was ook een succes (als het zo blijft gaan, zullen de komende weken voorbij vliegen, maar ik zal hier maar niet vanuit gaan).


    Dag 3: Heverlee-Gérompont: 36km

    Om 7u ging de wekker na een zalige nachtrust te hebben gehad in het huis van Don Bosco te Heverlee. Ik “moest” -het was uiteraard een eigen keuze- namelijk om 7.30 deelnemen aan de ochtendmis waar ik een pelgrimszegen ontving. Het deed wel iets met me, 10 mensen die samen voor mij aan het bidden waren. Erna konden we meteen aanschuiven aan de ontbijttafel waar de charcuterie en “spek me egg” rijkelijk aanwezig waren. Nog een beetje bijbabbelen, lunchpakket maken en de zak inladen. Nadat Dees me dan de weg had gewezen naar de Compostellasticker namen we afscheid en kon om 9.30 de tocht richting “geplande” Jodoigne ingezet worden. De zon straalde, ik had tonnen energie en was al tegen mezelf bezig dat ik de wereld aankon. Tussen de velden en beboste hoge bermen kwam ik dan aan in Meldert waar ik aan de kerk mijn bokes opat. Na een half uur gezeten te hebben sprong ik recht en zette ik de tocht verder naar Jodoigne. Eenmaal Hoegaarden gepasseerd kon ik de Ravel helemaal volgen tot in Jodoigne. Een ideale route om toch een een tijdritje te houden. 47 minuten voor 5 km, een goede 6,5 km/h. Om 14.30 kwam ik dan aan in Jodoigne en besloot dan toch nog wat verder te stappen omdat ik het te vroeg vond om een slaapplek te zoeken. Hop de Ravel terug op en na een half uur stappen begon de vermoeidheid toch in de benen te kruipen. Terugkeren ging niet want de broer had gezegd “nooit terugkeren, altijd vooruit gaan”. Na dan nog 1,5u gestapt te hebben besloot ik dan toch een slaapplek te zoeken. Verder ging echt niet meer. Het eerste “geschenk van de camino” -quote Dees- was toegekomen. Tis niet dat je je goed voelt dat niet onvermoeibaar bent. In Gérompont besloot ik dan everzwijnentochtstyle een slaapplek te vinden. Snel naar de kerk, even uitpuffen en dan elke deur afgaan. Deur 1, geen optie tot slapen of eten, deur 2 optie tot slapen en eten maar ze vertrok om 18u op reis, deur 3 deden niet open, deur 4 verwees me door naar iemand die de gsm nummer van de priester had. Dus hop naar deur 5 waar niemand open deed. Ik belde nog eens en plots riep er iemand aan de overkant van straat die vroeg wat ik nodig had. Ik heel mijn uitleg gedaan van slapen en eten en hij nam me mee naar deur 6. De man die me verder hielp bracht me dan terug naar deur 5, ging met zijn sleutel binnen en stelde me voor aan de ouders die blijkbaar net waren aangekomen. Ik kreeg echter wel geen nummer van de priester maar wel een warm bed, douche, toilet, drinken, taart en patatten met erwtjes/wortelen/bonen en 2 in sappig spek gewikkelde hamburgers. Ik werd hier op een enorme gastvrije vriendelijke maar toch wel luide manier ontvangen, uniek! Die avond keek ik wat tv met de man des huizes terwijl de vrouw naar de mis ging. We praatte wat over hoe technologie onze wereld overneemt en dat we niet genoeg met elkaar meer praten maar constant op de gsm of tablet bezig zijn en dat de mensen wat meer gewoon samen moeten komen. Het vreemste was wel het programma op La Une waar ze de duurste restaurants en hotels van de wereld lieten zien. Duurste hotel: New York, $75.000/nacht en duurste restaurant: Ibiza, 12 plaatsen, gemiddeld €1.750/pp. Swat toen de vrouw des huizes terug kwam, kookte ze wat voor mij, mocht ik nog even naar het thuisfront bellen en ging ik na een laatste babbel naar boven om de volgende dag voor te bereiden en te slapen. Ik wil nog wel snel zeggen dat ik ondervonden heb dat mensen je rap toch wel persoonlijke dingen meedelen zoals familiale situaties en dergelijke. Dag 3 was hard maar we leven nog.


    Dag 4: Gérompont-Namen: 27km

    “I sing a little prayer om 7.30 dat je rustig wakker maakt, heerlijk gewoon. Wel geen goede super nacht gehad, maar dat vrolijkte me wel op. Om 8u kwam ik dan aan de ontbijttafel en kreeg meteen een warme chocolademelk voorgeschoteld. Snel wat half oud dik wit brood met smeerkaas en confituur eten en een lunchpakket maken. Op mijn tupperwarepot kreeg ik nog wat fruit gelegd en uit klungeligheid en hoeveelheid liet ik de appel toch wel vallen zeker. Nog even een foto en kon dan om 9u mijn tocht inzetten richting Namen. De weg was simpel, 25 km langs de Ravel. Een betonnen fiets/wandelweg. Gewoon macadam knallen. Het had vannacht gevroren want de plassen waren bedekt met een flinterdun laagje ijs, de omgewoelde velden waren steenhard en de zon schitterde op de bevroren dauw op de weilanden. De koude zou zeker een rol gaan spelen vandaag, dat merkte ik maar al te snel. Buff over de oren en kin, pet over de oren, kap over de pet en rits helemaal toe. Aan mijn hoofd kon niets meer aankomen. Enkel de loopneus die werd veroorzaakt door die snedige wind. Maar scouts als ik ben kon het dan toch niet laten om in korte broek te wandelen. De ijskoude wind gierde langs mijn benen en knieën en voelde het kleinste haartje recht op staan. Bijna bevroren, maar telkens de volle zon op me scheen ontdooide ze wat. Stoppen zat er voorlopig niet in. Onderweg kwamen de eerste succeswensingen van fietsers als wandelaars als joggers. Toen de wind wat was gaan liggen besloot ik snel op een bankje in de zon wat boterhammen te eten maar van zodra de wind terug wat kwam opsteken ging de rugzak op de rug en ging ik in één trek door tot in Namen. Ik kwam er dan al aan om 13.30 en kon pas bij mijn gastvrouw binnen om 16u. Ik besloot dan maar en stempel te halen in de kerk, even te bezinnen in de kathedraal en besloot dan om even te gaan schuilen van de schrille koude en mezelf te trakteren op een 2e hot chocolat van de dag. Om 15.30 vertrok ik dan naar mijn pelgrimshuis. Onderweg naar boven zag ik op de richel een huis staan en dacht bij mezelf “hoe graaf zou da ni zijn als ge daar zou wonen”. En wonder boven wonder, dat huis was het huis waar ik zou eten en slapen. Annemarie deed de deur open, kreeg meteen een koek en warme thee voorgeschoteld en werd vervolgens naar mijn kamer en privébadkamer gewezen. Kleren wassen, mezelf wassen en eens goed genieten van het uitzicht, prachtig. Tegen 19 u begonnen de 3 gangen menu:

    • Pompoensoep

    • Spek met bonen en puree à la Annemarie (dit recept zet ik op het einde van deze dag omdat ik dit echt wel goed vond)

    • Pudding

    • The

    Samen de tafel afruimen en hop bedje in om nog even te skypen met het vriendinnetje en den broer. Tandjes poetsen en slapekes doen.


    Recept puree à la Annemarie:

    • ⅓ pompoen

    • ⅓ aardappel

    • ⅓ wortel

    • Dit alles samen koken (mag niet te plat zijn!)

    • Alles kruiden en samen pureren met paar eieren en mogelijk room

    • Kaas erover en nog even in de oven zetten 

    25-02-2017 om 00:00 geschreven door Jens Willemse  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 4/5 - (8 Stemmen)
    >> Reageer (1)

    Archief per week
  • 20/03-26/03 2017
  • 13/03-19/03 2017
  • 06/03-12/03 2017
  • 27/02-05/03 2017
  • 20/02-26/02 2017

    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Blog als favoriet !


    Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op http://www.bloggen.be - Bloggen.be, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!