Een recent onderzoek, gepubliceerd door de PNAS, lijkt aan te tonen dat het bacteriële flagellum (dat 'staartje' waarmee een bacterie zich voortbeweegt) delen van de rotor kan vervangen terwijl hij draait, met een snelheid van enkele honderden tot duizenden omwentelingen per minuut. Deze moleculaire motor is een icoon geworden van de Intelligent Design beweging... [Lees verder]
Designed for life
Designed for life
Elk moment van de dag heb je water nodig. Het wordt in je lichaam gebruikt om belangrijke mineralen en zuurstof in op te lossen, maar ook om je lichaam te zuiveren van afvalstoffen of om voedingsstoffen naar alle plekken in je lichaam te vervoeren. Water is eigenlijk de enige substantie op aarde die de juiste eigenschappen heeft om al die taken goed uit te voeren. Maar, het heeft nog veel meer fascinerende‘trucs’ in petto. Water beschikt over eigenschappen die het wel heel erg aannemelijk maken dat deze vloeistof precies zo is ontworpen om leven op aarde mogelijk te maken. Lees verder
20-07-2010
Melanine: het zonnescherm in je huid
Melanine: het zonnescherm in je huid De zomer! Als het augustus is, hebben de meesten van ons al wel een bruin kleurtje. Maar naast de wens om lekker buiten te zijn, hebben velen ook vaak een sterke drang om juist uit de zon weg te blijven. Want Huidkanker is een niet te onderschatten gevaar. Lees verder
04-01-2010
Prokaryoten
De meest eenvoudige microbe is complexer dan gedacht De meest eenvoudige cellen worden prokaryoten genoemd. Dat zijn de bacteriën en de archaea, die geen kern hebben en meestal als 'primitief' gezien worden. Wetenschappers hebben echter ontdekt dat ze veel van dezelfde trucjes kennen als de complexere eukaryoten, die wel een kern hebben. Een verslag op de site PhysOrg informeert ons over het in kaart brengen van een Mycoplasmasoort, dat onder de kleinste onafhankelijk levende bacteriën valt en waarvan de onderzoekers nu moeten toegeven dat het complexer is dan ze hadden gedacht. Het in kaart brengen van deze cel gebeurde aan het Europees Moleculair Biologielaboratorium (EMBL) in Heidelberg. Er zijn nieuwe inzichten opgedaan, zoals de ontdekking dat prokaryoten meer op eukaryoten lijken dan men voorheen dacht. Men vond het ook opmerkelijk dat het gedeelte in de cel dat de genetische informatie uit het DNA vertaalt, veel meer lijkt op dat van de eukaryoten dan men dacht. Nog een verassing: hoewel het genoom (de complete informatie in de cel) in verhouding erg klein is, blijkt de cel toch "extreem flexibel" te zijn en kan het zich goed aanpassen aan grote veranderingen in zijn leefomgeving, zoals veranderingen in het beschikbare voedsel en stressfactoren, net als de complexere eukaryoten.
Er zijn zo'n 200 moleculaire machines gevonden in deze kleine microbe. Minstens 90% van de eiwitten zijn betrokken bij op z'n minst één eiwitcomplex. Dat is een zeer onverwachte complexiteit. Dit organisme is uitermate geschikt voor onderzoek naar wat een levend organisme minimaal nodig heeft om te kunnen voortbestaan. Het blijkt dat een organisme minimaal 689 genen moet hebben. Maar veel van de eiwitten die de cel produceert aan de hand van die genen, zijn multifunctioneel. Ze functioneren als spelers in een grotere hiërarchische structuur. Op Science Daily wordt nog een specifieke moleculaire machine besproken met de naam HdeA, die de E. coli bacterie beschermt tegen maagzuur. Het gebruikt een uniek mechanisme dat op een soort timer werkt wat ervoor zorgt dat zijn eiwitten niet gaan klonteren. Het onttrekt energie uit de omgeving als een soort windmolen of waterrad.
Al deze complexiteit in de eenvoudigste organismen die we kennen. Het heeft alleen het meest noodzakelijke om te overleven, maar bevat wel 200 moleculaire machines, 689 genen en een aantal mechanismen die strategisch en georganiseerd samenwerken. Het is heel waarschijnlijk dat een dergelijk organisme niet zo begonnen is, maar oorspronkelijk nog complexer was en gedegenereerd is tot zijn huidige parasitaire levensstijl. Het is in ieder geval niet aan het evolueren naar een complexere levensvorm. Merk op wanneer je de artikelen leest, hoe vaak de onderzoekers verbaasd waren. Waarom zijn ze toch steeds verbaasd? Omdat ze met evolutionistische ogen naar de feiten kijken. "Complexer dan gedacht", omdat men verwacht dat 'eenvoudige, primitieve organismen' minder ver geëvolueerd zijn dan 'hogere organismen'. Ze verwachten primitief, maar krijgen zeer hoogwaardige technologische complexiteit. Zelfs één gen dat één eiwit produceert is al bijzonder, maar 689 genen, die een eiwitcomplex produceren is heel erg indrukwekkend. Ze produceren meerder machines die samenwerken, zoals in onze door ingenieurs ontworpen fabrieken. Het woord 'multifunctioneel' is bewust gekozen en komt regelmatig in de onderzoeksrapporten voor. Zie het online boek "Evolutie: Mogelijk of Onmogelijk?", voor een uiteenzetting waarom het ontstaan van één enkel functioneel eiwit al onmogelijk is, laat staan een eiwitcomplex. Het moet ontworpen zijn door een hoogst intelligente Ontwerper. Het is de hoogste tijd dat wetenschappers bij hun onderzoek naar de dingen gaan kijken als ontworpen, dat is de enige manier waarop de feiten zinnig verklaard kunnen worden. Ere Wie ere toekomt.
Seattle Creation Conference, October 2009. Cell Biology provides many extraordinary examples of intelligent design.
Inside each and every organism reside biomechanical systems that Darwin and his contemporaries could never have imagined. Even today, much of what is happening inside cells is still not understood, and yet evolutionists hold fast to a belief that these remarkable constructs developed without God.These two contrasting views of the cell provide poignant illustration of how worldviews impact our interpretation of physical evidence. In his presentation, Chris Ashcraft will discuss the cell as it relates to these opposing views and describe some important cellular features, which offer testimony to the glory of the Creator.
Een mooi getuigenis van ID vinden we ook in het flagellum. Je weet wel, dat "kleine maar krachtige" staartachtige buitenboordmotortje waarmee bacteriën zichzelf voortbewegen
Het venusmandje dankt zijn amoureuze naam aan zijn gastvrijheid. De spons biedt een leven lang onderdak aan een garnalenpaartje. Elke spons biedt onderdak aan een paartje lichtgevende garnalen, die de cilinder zijn binnengezwommen toen ze nog klein genoeg waren om door de mazen te zwemmen. Eenmaal volwassen kunnen de geliefden hun Venusmandje nooit meer verlaten, maar beide partijen profiteren hiervan. De spons geleidt het licht dat de garnalen uitzenden en vormt zo een lichtgevend baken in de donkere diepzee. Dat trekt plankton aan, waar de waard en zijn gasten van leven.
Nog zo'n heel opmerkelijke vorm van symbiose vind je bij de de lampsilis mossel meer daarover kan je hier lezen: http://www.revolutietheorie.be/mossel.html (met filmpje)
Maar er is meer:
Deze spons deed de wetenschappers van Bell Labs, onderdeel van ICT-gigant Lucent Technologies, versteld staan. De spons, het Venusmandje, vormt een koker van zo’n twintig centimeter lang en twee tot vier centimeter doorsnede. De koker bestaat uit ragfijne glasvezels. “Het bijzondere aan deze vezels is dat ze ongelooflijk buigzaam zijn,” vertelt Bell Labs-onderzoekster dr. Joanna Aizenberg. “Kunstmatige glasvezels zijn bros en breken snel, maar in deze natuurlijke vezels kun je zonder problemen een knoop leggen.” Dat is interessant voor telefonie- en internettoepassingen. Daarbij zijn glasvezelkabels sterk in opkomst, maar de breekbaarheid is een groot probleem. “Het geheim van het Venusmandje,” vervolgt Aizenberger, “is dat de vezel is opgebouwd uit dunne laagjes siliciumoxide afgewisseld met laagjes organisch materiaal. Die laminaire opbouw zorgt ervoor dat kleine scheurtjes, als ze al voorkomen, zich niet verder uitbreiden.”
De wetenschappers proberen te ontrafelen hoe het kan dat het Venusmandje deze kraakheldere glasvezels kan maken bij normale temperaturen. De industrie kan dat alleen bij extreme hitte, wat duur en vervuilend is.
Het Venusmandje is niet alleen interessant voor de ICT. Ook bouwkundigen en architecten kijken er jaloers naar. Het skelet, zo ontdekte Aizenberg, is een schoolvoorbeeld van een ideale constructie. Het vertoont zeven niveaus van structurele hiërarchie, lopend van nanometer- naar centimeterschaal. Die niveaus vinden we stuk voor stuk terug in de bouwkunde, maar dan duizendmaal vergroot. De glasvezels, gebundeld in kabels van zo’n vijftig micrometer dik, vormen een gaaspatroon verstevigd met diagonale dwarsverbindingen. Die verbinden precies de helft van alle ruitjes. Zeer efficiënt, zo weten we uit de klassieke mechanica. Naarmate de spons verder groeit, verstevigt hij de kruispunten van de constructie met een soort cement en vormt hij een extra spiraalvormige versteviging aan de buitenkant. Die voorkomt dat de koker als een leeg blikje kan worden platgedrukt. “Dit is een prachtig voorbeeld van hoe je met een minimum aan materialen een maximale stevigheid kunt bereiken,” aldus Aizenberg.
Een sterk staaltje van biomateriaalkunde toonde onze schepper via deze spons. Nog zo'n knap voorbeeld vind je in de brokkelster: Meer daarover hier: http://www.revolutietheorie.be/brokkelster.html
Al deze schepselen die wijzen naar de schepper. Mensen moeten leren oog te hebben voor al deze bewijzen die God achterliet. Toeval veel tijd mutaties en natuurlijke selectie zijn geen ingenieurs. Het zijn geen systemen die kunnen ontwikkelen en de ontwikkelingen opnieuw reproduceren en aanmaken.
God vraagt het om ons verstand te gebruiken in deze zaken en als je dat doet dan komen we er zo achter dat God zich bewijst in tal van zaken en daardoor een overtuigende werkelijkheid is.
21-12-2009
Dolfijnen
Dolfijn
Er bestaan 36 varianten binnen de dolfijnensoort.
De kleinste dolfijn is de Heavisides dolfijn die ongeveer 1.2 meter lang is en de grootste is de orka met zijn 7 meter. De dolfijnen komen voor over de hele wereld in bijna alle warme en gematigde zeeën. Ook in Nederlandse en Belgische wateren wordt de gewone dolfijn af en toe waargenomen. Bron: http://www.revolutietheorie.be/dolfijn.html
Zwemmen
Dolfijnen kregen een gestroomlijnd lichaam dat uitermate geschikt is voor snel en behendig zwemmen. Ze kunnen ongeveer 40 km tot 50km per uur zwemmen. Met hun grote staartvin zorgen ze voor voldoende stuwkracht terwijl ze hun borstvinnen gebruiken voor het sturen. De meeste dolfijnen hebben ook een rugvin, die vb bij de orka wel 2 meter hoog kan zijn, welke zorgt voor stabiliteit.
De huid
In 2004 maakten Japanse onderzoekers bekend dat ze hadden ontdekt dat dolfijnen voortdurend roos hebben. Hun huid schilfert af, waarbij het zich elke twee uur ververst. Het is gebleken dat de loslatende huidschilfers de waterwrijving verminderen doordat de waterstroom rond het lichaam kalmeert. Hierdoor gaat er minder energie verloren aan het overwinnen van de waterweerstand en hoeft het dier minder energie te gebruiken voor het zwemmen. De huid is zacht en ze hebben een flinke onderhuidse vetreserve. Daardoor is het oppervlak een beetje veerkrachtig. Als ze snel zwemmen ontstaan er kleine golfjes in de huid, alsof die geribbeld is. Deze golfjes gaan turbulentie tegen.
Ademhaling
Dolfijnen hebben net als andere zoogdieren lucht nodig om te overleven. In tegenstelling tot vissen moeten dolfijnen telkens boven komen om adem te halen. Als ze onder water zijn houden ze hun adem in; en als ze weer willen ademhalen komen ze naar de oppervlakte om frisse lucht te scheppen.
Dolfijnen ademen door het zogeheten blaasgat dat boven op de kop ligt. Omdat het blaasgat boven op de kop ligt, hoeft er maar een klein deel van de kop boven water te komen om het innemen van lucht mogelijk te maken. De dolfijn begint al uit te ademen voordat hij het wateroppervlak bereikt en dit vermindert de tijd die nodig is voor het ademhalen aan de oppervlakte. Dolfijnen kunnen ongeveer vijf keer per minuut ademhalen voordat ze weer onderduiken, zonder dat ze hoeven te stoppen met zwemmen. Doorgaans haalt een dolfijn twee tot vier keer per minuut adem, wanneer hij vlak onder de oppervlakte zwemt. Als hij duikt, kan hij zijn adem zeven of meer minuten inhouden.
Het formaat van de dolfijnlongen bepaald niet hoeveel zuurstof kan worden opgeslagen en gebruikt. Hun longen bevatten heel veel longblaasjes. Dolfijnenlongen bestaan uit twee lagen capillair, en deze organisatie vergroot de efficiëntie van de gasuitwisseling. Het betekent dat de totale oppervlakte binnen in de longen sterk is vergroot en dat de gasuitwisseling daardoor sneller kan plaatsvinden. Het longweefsel zelf bevat een ruime hoeveelheid elastische vezels. De bronchiën zijn voorzien van spierweefsel. Kleine bronchiolen worden aangetroffen met kringspieren die de longblaasjes van de rest van de longen kan afsluiten. dolfijnen verversen per ademhaling wel 80 tot 90 procent van hun longvolume, zodat hun lichaam zo veel mogelijk zuurstof krijgt.
De neusholten zijn complex en bochtig, en de larynx (het bovenste gedeelte van het ademhalingskanaal) komt hoger uit in de neusholte in plaats van in de keel. Krachtige spieren vormen een speciale stop in het blaasgat, die voorkomt dat water de longen binnendringt als de dolfijn zich onder water bevindt.
Zuurstof
Het zuurstof besparende systeem bij dolfijnen
Als de longen helemaal gevuld zijn met lucht, kan de dolfijn ongeveer vijftien minuten onder water blijven. De voornaamste reden waarom dolfijnen hun adem zo lang kunnen inhouden is vanwege het ontwerp in de bloedsomloop. Eén van de ingenieuze ontwerpen is te vinden in de hoeveelheid zuurstof die dolfijnenbloed en -spieren kan bevatten. Dolfijnen betrekken de meeste zuurstof uit het bloed en de spieren. Dolfijnen hebben heel veel rode bloedcellen, de voornaamste transporteurs van zuurstof.. Daar bovenop is de concentratie hemoglobine in de rode bloedcellen ook nog eens groter, hetgeen ervoor zorgt dat zuurstof makkelijker bindt en ook de hoeveelheid zuurstof dat het bloed kan transporteren belangrijk vergroot.
Om maximaal gebruik te maken van de beperkte hoeveelheid zuurstof, is een mogelijkheid om alleen zuurstof toe te dienen aan organen die dat het meest nodig hebben. Tijdens het duiken, wordt de bloedstroom zo verdeeld dat de vitale organen zoals de hersenen en het hart van bloed voorzien worden. Niet essentiële circulatie wordt teruggebracht, en kan zelfs helemaal gestopt worden. Organen als maag, darmen, nieren en spieren ontvangen maar heel weinig bloed, en in sommige gevallen helemaal geen bloed. Een andere methode die dolfijnen gekregen hebben om minder zuurstof te verbruiken is het verlagen van de hartslag. Een reflex actie van de hypofyse en de hypothalamus kan het hart aanzetten langzamer te gaan kloppen. Deze toestand wordt brachycardia genoemd. De verlaagde hartslag zal de bloedstroom van de aderen naar het hart verminderen. De verminderde bloedstroom spaart de zuurstofvoorraad in de longen. Na een bepaalde tijd onder water zal de rechterkant van het hart bijna stoppen met kloppen; want des te minder zuurstofarm bloed naar de longen gepompt wordt, des te meer zuurstof wordt er gespaard.
Sonar Het sonar systeem van de dolfijnen.
Dolfijnen hebben ook een sonar, dat wordt ook wel echolocatie genoemd.
Dolfijnen hebben geen stembanden, maar gebruiken luchtzakken in hun kop om fluitsignalen of sonarsignalen uit te sturen. Om met elkaar te communiceren gebruiken ze geluiden met een frequentie tussen 400 en 10.000 Hz. Dat kunnen wij mensen ook horen, bijvoorbeeld met een hydrofoon of een onderwater microfoon. Specialisten hebben deze geluiden ontleed en kwamen tot de slotsom dat elke dolfijn een eigen “vocale handtekening” heeft en dat hij zijn boodschap dus telkens begint met het bekend maken van zijn afstamming of verwantschap.
Om de omgeving te analyseren kregen dolfijnen een sonar: een systeem waarbij ze met de luchtzakjes in hun blaasgat bovenaan hun kop, klikkende geluiden maken. Die geluiden worden teruggekaatst door voorwerpen in hun omgeving zoals rotsen of vissen. Door de terugkaatsing weten dolfijnen hoe hun omgeving eruitziet of waar voorwerpen zich bevinden. Wij kunnen die sonarsignalen niet horen omdat ze te hoog zijn. Aan de zijkant van de kop hebben dolfijnen twee kleine gaatjes; dat zijn de ooropeningen. Ze luisteren niet alleen met hun oren: in hun onderkaak werd een systeem ingebouwd zodat ze de sonarsignalen op kunnen vangen en dit wordt dan weer doorgestuurd naar de hersenen.
Voortplanting
De Tuimelaar is op een leeftijd van 6 tot10 jaar geslachtsrijp. Op deze leeftijd krijgen de mannetjes en vrouwtjes belangstelling voor elkaar. Het dier paart onder water of aan de oppervlakte Dit kan gepaard gaan met enorme stoei- en knuffelpartijen. De paring kan het hele jaar door plaatsvinden. Een mannetje kan aan het water proeven of er een bronstig vrouwtje in de buurt is. Het vrouwtje vertoont ook duidelijk bronstig gedrag. De paring vindt onderwater plaats, buik tegen buik. De paring duurt hoogstens 15 seconden. Na ongeveer 9 maanden wordt één jong geboren. De geboorte vindt meestal plaats vanaf het midden van de winter tot de zomer.
Normaal komt bij de geboorte de staart en als laatste het hoofd (af en toe wordt een jonge dolfijn met het hoofd eerst geboren en ook dat kan goed gaan). De navelstreng breekt af tijdens het laatste gedeelte van de bevalling. In het begin is er bij de jonge dolfijn nog een bobbeltje te zien op de plaats waar de navelstreng gezeten heeft. Langzamerhand wordt dit een deukje (de navel). Dit is bij de volwassen dieren goed te zien. Als we het jong goed bekijken kunnen we de eerste paar weken een aantal strepen zien op het lichaam. Dit noemen we ook wel de geboortestrepen en deze verdwijnen vanzelf. De strepen worden gevormd omdat het jong opgevouwen ligt in de baarmoeder.
Tijdens het zogen legt het jong zijn tong om de tepel van de moeder. Het jong heeft geen zuigreflex, de moeder spuit de melk in de bek van het jong. Deze melk is vet, stroperig en voedzaam. Als het jong loslaat is vaak nog een wolk melk te zien. De tepels kun je vinden aan de buikzijde van de moederdolfijn, waar het witte gedeelte stopt. Tijdens een zoogperiode zijn de tepels opgezet en beter zichtbaar.
Slapen
Wetenschappers kwamen er achter dat dolfijnen een heel andere slaap methode ingewerkt kregen.
Dolfijnen kunnen vijf dagen en nachten lang waakzaam blijven, zonder dat hun concentratievermogen achteruit gaat. Ze slapen nooit helemaal, maar wel half. Om de beurt laten ze één van hun hersenhelften rusten, terwijl de andere helft waakzaam blijft.
Onderzoekers trainden twee tuimelaars op het herkennen van een toon van anderhalve seconde te midden van tonen van een halve seconde. Wanneer een dolfijn op het juiste moment op een knop drukte, kreeg hij een visje toegeworpen. Tot aan het eind van het experiment, na 120 uur, bleven beide dolfijnen prima presteren.
Na acht uur ’s avonds was het tijd voor een ingewikkelder taak: wanneer een rode verticale balk oplichtte moesten de dolfijnen drukken op een knop voor een fluitje; lichtte een horizontale groene balk op, dan moesten ze op de andere knop drukken en klonk er een zoemgeluid. Weer konden ze op een visje rekenen als ze het goed deden. Ook hier zagen de onderzoekers de prestaties niet achteruit gaan. Omdat afwisselend één oog van de dieren bedekt was, toonden de onderzoekers bovendien aan dat de actieve hersenhelft ook informatie verwerkt die aan de andere, ‘slapende’ kant binnenkomt.
Tijdens de experimenten vertoonden de dolfijnen wel tekenen van slaap: ze zwommen soms cirkeltjes en dreven aan het oppervlak. Maar kregen ze een signaal, dan waren ze direct bij de les.
Bij de mens uit zich slaaptekort in veranderde concentraties cortisol, epinefrine en dopamine in het bloed. Bij de dolfijnen bleven concentraties cortisol, epinefrine en dopamine constant. Ook het fenomeen ‘inhaalslapen’ trad nauwelijks op bij de twee geteste dieren. Na het experiment gingen ze gewoon weer over tot de orde van de dag, en nacht.
We zien ontwerpen die ingewerkt zijn in verschillende dier soorten. Dit zijn bevestigingen van gemeenschappelijke ontwerp ideeën die ingewerkt zijn in compleet andere type dieren. Dolfijnen zijn prachtige schepselen en een machtig getuigenis van de maker schuilt in het grafische ontwerp met alle ingenieuze ingebouwde systemen.
http://www.revolutietheorie.be/brokkelster.html Onze Noordzee bewoner de Brokkelster (Ophiothrix fragilis) heeft een duidelijke centrale schijf met vijf dunne armen. Deze zijn voorzien van een groot aantal stekels.
Kleur van centrale schijf en armen is bijzonder variabel. Armen hebben vaak banderingen in felle kleuren die kunnen verschillen van de kleur van de centrale schijf. De centrale schijf kan groeien tot 20 mm, armen 50 tot 100 mm, stekels 2-4 mm.
De dieren zijn vaak actief en beweeglijk. Staat soms op 3 armen met 2 armen in het vrije water. Dit om plankton uit het water te filteren. Speciale slijmklieren maken de armen kleverig, zodat voedseldeeltjes erop blijven plakken. Die worden dan door trilharen naar de mond geleid.
Ze komen langs de gehele Noordzeekust voor en worden ook in de Ooster- en Westerschelde regelmatig waargenomen.
De Brokkelster is bijzonder fragiel. Bij oppakken kan en arm afbreken. Als een rover zich in zo'n arm vastbijt zal deze meteen worden geamputeerd van het lichaam. Niet dat de brokkelster nu als een gehandicapte verder door het leven zal moeten gaan. De arm zal binnen korte tijd weer aangroeien.
Er zijn mannetjes en vrouwtjes brokkelsterren.
De voortplantings organen zitten op de onderkant van de centrale schijf, tussen de armen. De mannetjes en de vrouwtjes zetten hun sperma en eicellen gewoon in het water af. De bevruchting vind plaats in het water. Er worden dan speciale pluteuslarven opgebouwd, kunstwerkjes om te zien. De larven leven enige tijd vrij in het water voor ze zich op de bodem vestigen.
De Brokkelster is een optische kunstenaar. Aizenberg ontdekte dit en onderzocht hoe het kan dat de brokkelster, een verwant van de zeester, zonder ogen toch lichtgevoelig kan zijn Het bleek dat het hele lichaam van de brokkelster is bedekt met piepkleine lensjes van calciumfosfaat. Die bundelen het invallende licht zodanig dat het precies op bepaalde zenuwuiteinden valt. “Deze lensjes focusseren het licht zo’n twintig keer nauwkeuriger dan kunstmatige lenzen,” zegt Aizenberg. “We proberen nu uit te vinden hoe dat kan. Vervolgens willen we dergelijke microlensjes toepassen in optische instrumenten en camera’s, maar ook in de glasvezeloptica.”
Vandaag hadden we het nog over de rijkdom die terug te vinden is in de natuur. We hadden het er over hoe dom mensen kunnen zijn door te geloven dat er geen schepper achter deze schepping steekt.
Kortom verwondering over de kennis van God terug te vinden in Zijn schepping. We zien het hier ook door onderzoek van de brokkelster. God schreef zoveel getuigenis in Zijn natuur. Een natuur die niet meer is zoals hij ooit eens was in Eden. De natuur wacht op herstel en toch vinden we er nog zoveel van Gods scheppende getuigenis in terug.
Laten we daarom ere brenge aan wie ere toekomt. Als je dit wil doen dan moet je alles in twee kampen opsplitsen: Het goede en het slechte.
Het goede komt van God. Het slechte is er gekomen met toestemming van de mens door het niet geloven van Gods woorden en het ongehoorzaam zijn. Toch wil God doorheen de natuur ieders ogen openen. God is realiteit en wil ook in jouw leven geestelijke ogen openen. Daarvoor werd Hij een mens zoals wij in Jezus de zoon van God genoemd. Kunnen wij de schepper in Jezus herkennen? Ja, Jezus bewees wie Hij was en deed blinden zien, doven horen, lammen lopen, doden wekte Hij op en overwon zelf de dood door op de derde dag te verrijzen. Hij leverde het bewijs van wie God is. Lees er over in Zijn woord (de bijbel). Leer Uw schepper kennen. De brokkelster is een van de schepselen die wijst naar de schepper. Mensen moeten leren oog te hebben voor al deze bewijzen die God achteliet. Miljoenen jaren, mutatie en natuurlijke selectie zijn niet in staat een schepping te scheppen zoals we die nu kennen. God vraagt het om ons verstand te gebruiken in deze zaken en als je dat doet dan komen we er zo achter dat God zich bewijst in tal van zaken en daardoor een overtuigende werkelijkheid is.
Wist je dat de zee-egel een tand had? En het is niet zomaar een tand, maar een "opmerkelijk stuk maalgereedschap," aldus een internationaal team van wetenschappers. Mensen kunnen er voordeel uit halen door meer te leren over deze bijzondere bijtel.
Planten hebben genen voor tal van functies als groei, structuur, voortplanting, fotosynthese enz... Van de zandraket is de DNA-volgorde al enkele jaren bekend en er is veel onderzoek gedaan naar de functies van de genen. Opmerkelijk is dat het aantal genen van de zandraket en vele andere planten groter is dan bij de mens en andere zoogdieren. Zo heeft de zandraket bijna 26.000 genen, terwijl de mens er hooguit 23.000 heeft. Genen worden eerst vertaald in RNA en RNA weer in eiwit. Van een gen kunnen tientallen verschillende boodschapper-RNA's worden afgeschreven en vormen zich tientallen verschillende eiwitten, elk mogelijk met net weer een andere functie. Heel 'hot' zijn nu microRNA's. Dat zijn zeer korte RNA-moleculen die ook een rol blijken te spelen in het netwerk van genen en vorming van eiwitten. Dat doen ze door de activiteit van genen te blokkeren. Net als de langere boodschapper-RNA's die worden afgeschreven van de genen, zijn er plaatsen in het DNA van de plant waar code voor de microRNAs is vastgelegd.
Hoe zat het ook al weer met DNA, RNA en eiwit? De eiwitcoderende gedeelten van het DNA worden afgelezen (transcriptie) tot een boodschapper RNA (= messenger RNA of mRNA) molecuul en dat mRNA daarna vertaald wordt (translatie) tot een eiwit molecuul. Naast mRNAs bestaan er ook nog andere soorten RNA moleculen, zoals het ribosomaal RNA (rRNA) en het transport RNA (transfer of tRNA), beiden nodig voor de vertaling van mRNA naar eiwit.
In 1998 ontdekten de Amerikanen Andrew Fire en Craig Mello dat er ook nog een klasse van kleine RNAs bestaat die niet coderen voor een eiwit. In plaats daarvan kunnen deze RNAs de activiteit van genen juist remmen door te binden aan mRNA met een passende nucleotiden volgorde, waardoor het mRNA niet in eiwit vertaald kan worden. Dit proces heet RNA interferentie (RNAi) en heeft de ontdekkers in 2006 de Nobelprijs opgeleverd. Het blijkt dat er twee soorten remmende RNAs zijn: ze kunnen van buitenaf in een cel worden gebracht en heten dan small interfering RNA (siRNA). Of ze worden afgelezen van microRNA-genen in het genoom van de cel zelf en heten dan microRNA, moleculen van slechts 20 tot 25 nucleotiden lang die een revolutie in ons denken over het regelen van functies in de cel teweeg hebben gebracht.
De nieuwste bevindingen binnen de genetica bevestigen dat DNA ook nog bestaat uit variatie- en speciatie-inducerende genetische elementen. De visionair en ontdekker van deze VIGEs is moleculair geneticus Dr Peter Borger, werkzaam in het universiteitshospitaal te Bazel. Zijn werk resulteerde in een complete nieuwe generale biologie GUTob!!
Opbouw en structuur zijn de woorden die we vinden binnnen het DNA-RNA en het microRNA systeem. Deze opbouw moet in een vooraf welbepaald tijdsschema plaatsvinden. Evolutie en evolutietmechanismen vinden we niet terug in DNA-RNA en microRNA zinnen. Daarnaast gaan de laatste nieuwe ontdekkingen steeds meer bewijs voering aandragen voor variatie en mee ingesloten beperkingen per soort. Evolutionisten gelovigen worden de laatste jaren steeds meer met de neus op de feiten gedrukt. Ze kunnen voor hen geloof nog enkel terecht bij toevalstreffers die over controle mechanismen met inclusief repair dienst heen moeten. Daarnaast moet ET door de steeds slechter wordende aardse omstandigheden ook nog eens over de steeds grotere degeneratie kloof heen Dit ET geloof lieve vrienden is een geloof tegen beter weten”schap” in.
De tijd van de onvoorwaardelijke evolutionaire aannames is jammer genoeg nog niet helemaal voorbij maar steeds meer wetenschappers ontdekken dat leven veel complexer en maximaal gestructureerd opgebouwd is dan voorheen bekent. Zo vergaat het ook binnen de studie van planten. Hoe dieper men gaat onderzoeken hoe meer men begint in te zien dat planten opgebouwd worden met zeer complex en gestructureerde info die wonderlijk doorgegeven worden in de verschillende gekende voortzettingmechanismen.Die voortzettingmechanismen steunen daarbij heel dikwijls niet alleen op de planten zelf maar ook in symbiose verhoudingen met het al even ingenieuze dierenrijk.
Onze God de Almachtige Schepper liet een machtig getuigenis van zijn ingenieurs capaciteiten in de natuur meer bepaald ook in planten. De vloek van de zondeval laat zich zien in ziekten en degeneratie van de natuur. We zien hier duidelijk in het filmpje hieronder (over het celdelings mechanisme - zie ook de volgende pagina fotosynthese) dat deze op geen enkele manier toevallig kunnen ontstaan. Het wordt hier steeds heel samengevat verteld, maar het maakt zo al duidelijk dat deze processen onherleidbaar complex zijn. Er is een overduidelijke planning, structuur, organisatie, design, het is duidelijk geschapen door een zeer intelligente schepper en geen breinloze toevals afgod.
Wonders of Creation Plants
15-09-2009
Fotosynthese
Fotosynthese is lang een 'zwarte doos' geweest. Nu er steeds meer mogelijkheden komen om op moleculaire schaal dingen te onderzoeken, wordt er ook steeds meer bekend over hoe het eigenlijk werkt. In een recente publicatie in Nature1 werd het PhotoSystem I complex (PSI) van planten op bijna atomair niveau beschreven. De volgende dag werden in een publicatie in Science2 de interacties tussen eiwitten beschreven die optreden wanneer planten licht in energie omzetten. Beide publicaties prezen de uitmuntende efficiëntie van "de meest efficiënte nano- fotochemische machine in de natuur." De processen werden in complexe technische termen beschreven, waarbij het woord efficiënt wel acht keer genoemd werd. De efficiëntie is zo groot dat bijna elke foton effectief gebruikt wordt. Er is dus nauwelijks verlies. Het licht wordt voor bijna 100% omgezet in bruikbare energie.Wie twintig jaar geleden biologie heeft gestudeerd en het daarna niet heeft opgehaald kan nu van harte zijn hart ophalen. De feiten die bijna dagelijks aan het licht komen zijn verbluffend, wonderbaarlijk en schitterend. Toen zagen we licht naar binnen gaan en aan de andere kant suikers ontstaan, maar we wisten niets van de magie van de interne processen.
We zien hier duidelijk dat de fotosynthese op geen enkel manier toevallig kan ontstaan. Het wordt hier heel samengevat verteld, maar het maakt zo al duidelijk dat dit proces onherleidbaar complex is. Aangezien dat er zonder fotosynthese geen leven mogelijk is, verwerpt dit op zich de evolutietheorie. Er is een overduidelijke planning, structuur, organisatie, design; het is duidelijk geschapen door een Alwetende Schepper.
Een van de belangrijkste stellingen van de evolutieleer is het idee dat dingen zich ontwikkelen door een (onbestuurde) reeks kleine veranderingen, veroorzaakt door mutaties, die “geselecteerd” worden opdat de “betere” veranderingen behouden worden, en dit over een erg lange tijdsperiode. Hoe zou nu de bekwaamheid om te reproduceren (voortplanting) kunnen evolueren zonder die bekwaamheid om te reproduceren? Kan u zich een theoretisch scenario ook maar enigszins inbeelden waardoor dit mogelijk wordt gemaakt? En waarom zou de evolutie twee seksen produceren, vele malen opnieuw? Aseksuele reproductie ligt toch veel meer voor de hand en lijkt efficiënter!
TERZIJDE: Door de vraag aangaande reproductie naar “abiogenesis” door te schuiven, zal het probleem beslist niet worden aangepakt.
Het oog is een buitengewoon fotoapparaat met een perfecte fotografische uitrusting. Het neemt zowel foto's van op afstand als van dichtbij. Alles wordt hierbij automatisch nauwkeurig geregeld. Een onbewuste natuur, absoluut geen idee hebbend van wat zien is, zou ontelbare atomen samen hebben gebracht tot levende fototoestellen in grote diversiteit: bij mens, bij landdieren, vogels en vissen, zelfs bij de kleinste insecten, aangepast aan hun omgeving?
Mensen die in het gips zitten voelen zich nu misschien niet zo prettig, maar ze zouden dankbaar moeten zijn dat het zo moeilijk is om een bot te breken. Wetenschappers aan het Max Planck Institute hebben een "nieuw constructieprincipe" ontdekt "op nano-schaal, wat voorkomt dat botten breken onder bovenmatige belasting," wat ze "bijna onbreekbaar" maakt. Omdat de stijve onderdelen van het botweefsel op een bepaalde manier gerangschikt zijn, zijn de botten als geheel veel beter in staat om te vervormen en druk te absorberen dan de onderdelen op zich. Er werd in het persbericht niet over evolutie gesproken, maar wat wel genoemd werd was: "natuurlijke ontwerpprincipes." De wetenschappers waren van mening dat het ontwerp van botten ook kon worden gebruikt door constructeurs. Het persbericht is gebaseerd op een publicatie van PNAS, waar ook al niet over evolutie werd gesproken. Ze eindigen met de woorden "De hiërarchie van deformatiemechanismen die waargenomen zijn in het bot, kunnen ons misschien helpen bij het ontwerpen van een nieuwe, sterke nanocompositiematerialen. (mooi woord voor galgje of scrabble.)
Verschillende nieuwsberichten onthulden recente ontdekkingen op het gebied van de genetica. Er worden steeds diepere niveaus van complexiteit ontdekt. Een diepgang waar tien jaar geleden nog niet eens aan gedacht werd, maar die nu aan het licht komt. Toen men het aantal genen in het menselijk genoom vaststelde kwam men niet verder dan ongeveer 20.000-30.000 genen.
In het voorportaal van het raadselachtig leven, in de voor het oog onzichtbare wonderwereld van de kleine levenscel, bevinden wij ons in volle geheimenis. Wie heeft in het oneindig kleine de geweldige organisatie van de celstructuur samengesteld? Zou dit, voor het oog onzichtbare levensdingetje, - onvoorstelbaar complex en doelmatig - door een blind toeval ontstaan zijn als eerste levensbeginsel? Zouden dode stofdeeltjes zich toevallig in een onbegrijpelijke eenheid verenigd hebben en de eerste levende cel hebben gevormd? Zou uit zo'n toevallig gevormd celletje, na lange eeuwen van ontelbare miraculeuze toevalligheden, de prachtige levenswereld zijn opgerezen? In dat nietig dingetje, met zijn onpeilbare gronden, wordt ons een merkwaardige realiteit ontsloten: zinvolheid, ordening en doelgerichtheid. Dit zou ons tot het diepste nadenken moeten brengen. Lees het complete artikel: http://www.revolutietheorie.be/houvast/celstructuur.html
20-01-2009
Eiwitten bestaan uit lange ketens van bepaalde aminozuren.
Complexe realiteit
Eiwitten bestaan uit lange ketens van bepaalde aminozuren. Zeer lange complexe chemicaliën! Het is net als een computer programma: elk aminozuur moet in de juiste positie zijn.
Bij één verkeerde is het hele proteïne nutteloos net als in een computer programma.
De schepping zit knap in elkaar. Leven kan alleen bestaan omdat alle onderdelen op een perfecte wijze op elkaar zijn afgestemd.
08-05-2008
Linken naar websites.
Intelligent disign Nederlandstalige website. Leven is zo complex, zo ingewikkeld ontworpen. Het kan niet ontstaan zijn door natuurlijke processen. Leven komt van een Schepper. Hij heeft leven geschapen. We zien hoe complex alles is. Het is het bewijs van een Schepper! (Naar website)
Creaton Nederlandstalige website, gemaakt door natuurwetenschappers die op een duidelijke manier en heel diepgaand de onhoudbaarheid van evolutie uiteenzetten. (Naar website)
Real life Nederlandstalige website. Wij bestrijden evolutie op basis van absolute feiten. We nodigen je uit je ogen te openen voor deze feiten...(Naar website)
Degeneratie Nederlandstalige website, die aantoont dat er geen opklimming in de natuur waarneembaar is, maar juist het tegenovergestelde: aftakeling, ofwel degeneratie. (Naar website)
Revolutietheorie Nederlandstalige website, die op een eenvoudige manier bewijzen levert tegen de evolutietheorie en voor de schepping. (Naar website)
Schepping of evolutie? Nederlandstalige website, met boeiende artikelen, leuke cartoons en een ruime keuze aan boeken en films. (Naar website) Evollussie Nederlandstalige website. Mensen die van mensapen afstammen... Het spreekt tot de verbeelding. Maar de pre-historie zou er wel eens heel anders uitgezien kunnen hebben dan de meeste mensenkinderen op de schoolbanken geleerd hebben. Een update van het gevestigde wereldbeeld dient zich aan. (Naar website)
Er zijn sterke aanwijzingen voor intelligent ontwerp [The Independent] Interview door Nick Jackson,
Stuart Burgess is Professor in ontwerp en natuur op de afdeling werktuigbouw bij de Universiteit van Bristol. Hij argumenteert dat Intelligente Ontwerp een geldig wetenschappelijk concept is: De wetenschap zou altijd onbevooroordeeld moeten zijn.
"Newton, Kelvin, Faraday en Pascal hadden geen probleem met een schepper en met ontwerp. Er is geen reden waarom een moderne wetenschapper niet eenzelfde standpunt kan innemen als deze eminente wetenschappers. Driehonderd jaar geleden was er zo veel steun voor Intelligent Ontwerp dat het leven moeilijk kon zijn als je een atheïst was. Nu is het tegengestelde waar; het leven kan moeilijk zijn als je ook maar het kleinste beetje sympathie voor Intelligent Ontwerp toont."
"Evolutie kan niet als wetenschappelijk feit worden aangenomen, wegens de tweeslachtigheid van het bewijsmateriaal (dat bewijsmateriaal op meerdere manieren kan worden uitgelegd - red.) Het fossiele verslag kan bewijsmateriaal vóór en tégen evolutie zijn, vanwege de hiaten. Overeenkomsten in de code van het DNA kunnen net zo goed bewijsmateriaal voor een gemeenschappelijke ontwerper zijn, als voor evolutie. En bovendien zijn wetenschappers er in 60 jaar nog niet in geslaagd om de spontane generatie (vorming - red.) van het leven te reproduceren."
"Ik heb al meer dan 20 jaar systemen zoals ruimtevaartuigen ontworpen. Eén van de lessen die ik heb geleerd is dat er voor het ontwerpen van complexe systemen een immense hoeveelheid intelligentie vereist is. Ik heb heel wat onherleidbare complexiteit in techniek gezien. Ik heb ook organen in de natuur gezien die ogenschijnlijk onherleidbaar zijn. Een onherleidbaar complex orgaan is een orgaan waar verscheidene delen tegelijkertijd nodig zijn om het systeem nuttig te laten functioneren, dus het kan gewoon niet stukje bij beetje geëvolueerd zijn."
"Het kniegewricht van een zoogdier is een orgaan dat onherleidbaar lijkt te zijn. Iedereen heeft een verbinding met vier pezen in z'n knie. Ingenieurs weten dat alle vier de pezen nodig zijn om het te laten werken. Telkens als wij lopen, gebruiken wij onherleidbare mechanismen. Evolutionisten hebben niet kunnen verklaren hoe het kniegewricht stap voor stap geëvolueerd zou zijn. We kunnen niet bewijzen dát een intelligent wezen het heeft ontworpen, maar op dit moment kan ook niemand bewijzen dat het geëvolueerd is. "
"Ik kan begrijpen dat de implicaties van het bestaan van een schepper sommige mensen ongerust maakt, maar het is niet wetenschappelijk om iets uit te sluiten omdat je de implicaties niet leuk vindt."
The Incredible Creatures That Defy Evolution Series enters the fascinating world of animals to reveal sophisticated and complex designs that shake the traditional foundations of evolutionary theory.
This series features Dr. Jobe Martin, who for the past 20 years, has been exploring evolution vs. creation. His findings have been fascinating students around the world as he lectures on these remarkable animal designs that cannot be explained by traditional evolution.
Dr. Martin himself was a traditional evolutionist, but his medical and scientific training would go through an evolutionÉrather a revolution when he began to study animals that challenged the scientific assumptions of his education. This was the beginning of the evolution of a creationist.
- Are there really creatures that produce fire to defend themselves?
- How does a giraffe get a drink without causing lethal blood pressure to his brain?
- How can Geckos walk upside down, even on glass and not fall?
This program features:
Bombardier Beetle
Giraffe
Woodpecker
Australian Incubator Bird
The Chicken Egg
Platypus
Black & Yellow Garden Spider
Gecko & Chuckwalla Lizards
Human Eye & Ear Drum
07-05-2008
Bevers
Bevers.....heel interessant om deze dieren eens te bestuderen en je er bij af te vragen hoe komt het dat deze dieren zoveel kennis van zaken hebben....
Plantcontrolepunten: Wie heeft er als kind niet vol verwondering staan kijken hoe uit een zelf geplant zaadje zo'n bleek sprietje groeide? Binnen een paar uur werd het groen en de volgende dag begonnen er al blaadjes aan te komen. Een kind heeft geen idee wat daar allemaal gebeurt in dat kleine groene dingetje, niet totdat het kind een volwassen wetenschapper is geworden met speciale apparatuur.
De verandering in het plantje vereist een goed geregeld transport van belangrijke elementen door gespecialiseerde controlepunten, zo meldde een internationaal team in PNAS.1 Het plantje laat de lichtgevoelige cellen (die eigenlijk kleine fabriekjes zijn) pas ontwikkelen als de tijd er rijp voor is. De cellen worden ook niet zomaar aan het werk gezet. Voordat ze aan de slag kunnen, moeten ze eerst een groot aantal eiwitten importeren en dan moeten ze nog door een dubbel membraan heen. Speciale poortjes laten alleen geautoriseerde onderdelen door. Een bepaald lichtgevoelig onderdeel heeft zijn eigen unieke poortje.
Aldrovanda vesiculosa
Sommige planten hebben een val met een 'plettende' funcie. Je kan dit vergelijken met een 'Wolfsklem'. Prooien worden platgedrukt tussen twee bladhelften in een dichtklappende val.
Een klapval bestaat uit twee bladhelften die snel kunnen dichtklappen. Binnenin zitten per blad 3 tot 9 voelhaartjes. Als een haartje in korte tijd meerdere malen wordt aangeraakt, neemt het klapmechanisme aan dat er een dier tussen zit en klapt dicht. Regendruppels en windvlagen gaan te langzaam en "werken" dus niet. Tussen de dichtgeklapte bladeren komt een afscheiding vrij die het insect verteert. De enige planten die van dit principe gebruikmaken zijn de Venusvliegenvanger (Dionaea muscipula) en Aldrovanda vesiculosa.
Leven is zo complex, zo ingewikkeld ontworpen. Het kan niet ontstaan zijn door natuurlijke processen. Leven komt van een Schepper. Hij heeft leven geschapen. We zien hoe complex alles is. Het is het bewijs van een Schepper!
25-02-2008
Inktvisoog
Inktvisoog verslaat Zeiss lens Een inktvis, wiens wetenschappelijke naam "vampier uit de hel" betekent, heeft lenzen met super speciale specificaties. Elisabeth Pennisi schreef in Science1 over een lezing die gegeven werd op een wetenschapsconferentie in Arizona.
Het ging over de vampierinktvis, wiens "lenzen ontworpen zijn voor het zien van details, zelfs in bijna volledige duisternis." Onderzoekers die de inktvis bestuderen, vonden interessante optische eigenschappen in de lens van deze soort. "Om onder water scherp te kunnen zien is een speciale sferische lens nodig, met een hoge brekingsindex in het midden, maar een lagere index bij de rand," verklaarde Pennisi. In de vampierinktvis "wordt deze gradatie bereikt door steeds lager wordende concentraties, vanuit het midden naar de rand van de lens, van eiwitten met de naam cristallines." Hoe goed werkt dit ontwerp? "Na haar onderzoek is [Alison] Sweeney [Duke Universiteit] diep onder de indruk van het gezichtsvermogen van inktvissen. Inderdaad, merkte ze op, de tests op het schip toonden aan dat de lens van de vampierinktvis, die vroeg in de evolutionaire geschiedenis van de inktvissen verscheen, 'een visuele nauwkeurigheid heeft die beter is dan een state-of-the-art Zeiss stereomicroscoop.'" Pennisi verklaarde: "Voor het transparant zijn van de lens moeten de cristallines gevouwen en gelijkmatig verspreid blijven om een glasachtige staat te creëren." Een ontwikkelingsbioloog werd aangehaald met de opmerking: "Het is verbazingwekkend hoe fijn de lens van de inktvis afgesteld is voor zijn taak."
14-02-2008
Vleermuizen
Vleermuizen uniek en complex.
De Amerikanen Donald Griffin en George Washington Pierce ontdekten dat vleermuizen gebruik maken van ultrasone geluiden om aan echolocatie te doen. Een andere benaming voor echolocatie is sonar. Sonar is de afkorting van SOund Navigation And Ranging, wat zoveel betekent als navigatie en plaatsbepaling door middel van geluid. Het sonar-principe is eenvoudig; een uitgestoten geluid weerkaatst op voorwerpen en wordt weer opgevangen door de vleermuis. Afhankelijk van de richting en de tijdsduur tussen het uitstoten en het opnieuw ontvangen van het geluid, bepalen ze de plaats en de afstand van het voorwerp. Natuurlijk is het in de praktijk niet zo makkelijk als in theorie. Zo zijn de prooien (insecten) van "onze" vleermuizen erg klein in omvang en is de echo dus navenant. De duur van het geluid moet heel kort zijn om het op tijd weer te kunnen opvangen. Ten derde beweegt niet enkel de vleermuis zelf, maar ook de prooi. Bijgevolg moet de vleermuis dus een goed idee hebben van de snelheid, richting én de eigenschappen van de prooi.
Het gefladder van vleermuizen in de avondschemering lijkt misschien een beetje knullig, maar volgens een persbericht van Brown University (mooie plaatjes en filmpjes in deze link) zijn hun flexibele vleugels beter geschikt voor het vliegen dan die van vogels en insecten, die hun vleugels alleen maar kunnen vouwen en roteren. Ze geven het beestje een veel betere opwaartse druk en ze kunnen beter manoeuvreren. De onderzoekers bestuderen het verschil tussen vleermuisvleugels en die van insecten en vogels. Ze hebben ontdekt dat vleermuizen "unieke vermogens bezitten" en dat er "een nieuw soort mechanisme aan het werk is die de 'lift' genereert". Die unieke vermogens zijn onder andere: ver uitstekende botten, meer dan 24 verschillende gewrichten en flexibele membranen. Door videobeelden van vleermuizen te bekijken die door een soort mist vliegen, konden de wetenschappers de mechanismen bestuderen. Het oppervlak van de vleugels kan veel meer buigen dan bij vogels, waardoor ze bij de neergaande slag meer opwaartse druk kunnen genereren. Wanneer ze hun vleugels omhoog bewegen, houden ze hun vleugels veel dichter tegen hun lichaam dan andere vliegende dieren, waardoor ze veel minder weerstand hebben. Door de buitengewone flexibiliteit van de vleugels kunnen ze 180 graden draaien binnen een straal van een halve spanwijdte.
Leven is zo complex, zo ingewikkeld ontworpen. Leven komt van een Schepper. Hij heeft leven geschapen. We zien hoe complex alles is. Het is het bewijs van een Schepper!
13-02-2008
Specht
Kop van specht heeft schokbrekers
Twaalfduizend keer per dag met je hoofd tegen een boom rammen is een goed excuus voor hoofdpijn. Echter niet voor de specht, die doet het voor z'n werk; en je zult hem niet horen klagen. Hoe doet hij dat? Corey Binns interviewde Ivan Schwab (UC Davis) voor Live Science. Schwab vertelde over speciale aanpassingen in de kop van de specht: dikke spieren, verende botten, een derde ooglid, een bot in de schedel dat ingedrukt kan worden, een stevige laag om de oogbal en een taaie hersenmassa zonder hersenvocht. Hij zei dat de manier waarop de vogel tegen de boom slaat, hem voor hoofdletsel beschermt, "het lichaam van de vogel is ontworpen om de slag te absorberen." De hele vogel doet mee in de handeling. Het derde ooglid sluit zich bijvoorbeeld een milliseconde voordat de snavel (20x per seconde) de boom raakt en werkt als een soort veiligheidsgordel, waardoor voorkomen wordt dat de oogbal eruit schiet. Gespecialiseerde klauwen houden de vogel in een verticale positie en met zijn staartveren zet hij zich schrap tegen de stam. Schwab legde uit dat de specht zonder deze aanpassingen niet zou blijven voortbestaan. "Nee schat, nu niet, ik heb hoofdpijn," zou snel een einde maken aan zijn nalatenschap. Dus óf de specht heeft een goed middeltje gevonden tegen hoofdpijn, óf zijn systemen werken zoals ze "ontworpen" zijn.
De specht wordt bestudeerd door chirurgen die meer willen leren over dat hersentrauma bij mensen. De vogel heeft een stuk kraakbeen dat fungeert als schokbreker, en een extra lange tong (over zijn hoofd heen) die ver in de boom kan reiken om er zijn maaltijd mee te vissen. Hij bezit ook een ‘lijmfabriek’ die maakt dat zijn prooien erin vastplakken tot ze in zijn keel zijn, alwaar een secretie de lijm oplost zodat hij kan doorslikken.
De specht een duidelijk bewijs van intelligent ontwerp.
12-02-2008
Vogels
Vogels een schitterend ontwerp.
Superieure mogelijkheden van vogels vergeleken met vliegtuigen. EurekAlert en Science Daily komen met een aantal geweldig indrukwekkende feiten die vogels boven vliegtuigen stellen: Een 'Blackbird' straaljager die ruim 3000 km/u vliegt, legt ongeveer 32 keer zijn lengte per seconde af.
Een gewone duif (die kleiner is en natuurlijk langzamer vliegt), legt evenwel 75 keer zijn lengte per seconde af. Een 'A-4 Skyhawk' draait 2 keer per seconde om zijn as, terwijl een boerenzwaluw bijna 14 keer per seconde haalt. Bepaalde militaire vliegtuigen kunnen krachten van 8 tot 10 keer de zwaartekracht verdragen (10 G). Veel vogels ervaren regelmatig meer dan 10 G, tot zelfs 14 G. Het is daarom bijna lachwekkend dat mensen hun vliegmachines naar vogels vernoemen.
Wat vliegbeheersing betreft blijven vliegtuigen in verhouding tot Gods creaties nog beschamend ver achter. Vliegtuigontwerpers kijken al heel lang naar vogels en proberen al die trucjes af te kijken. Er is al heel wat gelukt, maar het grote probleem zit hem in het feit dat vogels hun lijf en vleugels van vorm kunnen veranderen en kunnen bewegen tijdens de vlucht, waardoor ze stabiel blijven tijdens allerlei extreme omstandigheden, zoals storm, regen en sneeuw. Als die bewegelijkheid in onze vliegtuigen zou kunnen worden toegepast, zouden we misschien dichter bij dezelfde prestaties kunnen komen. De vraag is alleen of eventuele menselijke passagiers de nieuwe mogelijkheden zouden kunnen waarderen of zelfs overleven. In de artikelen wordt ook de verbazing geuit over het vermogen van libellen om recht te blijven vliegen in de wind. Het beestje reproduceert zichzelf en verbruikt ook nog eens milieuvriendelijke brandstof.
De veren van vogels zijn een sterk staaltje techniek. Voor de vogel zijn ze niet alleen van betekenis voor het vliegen, maar ook voor isolatie, beschutting tegen regen en sneeuw, esthetiek en zelfs communicatie. Het is dus niet verwonderlijk dat we bij het nauwkeurig bestuderen van het verenpak van de vogels moeten concluderen dat een weldoordacht ontwerp aan de basis ervan ligt.
Creationisme en Intelligent ontwerp zijn niet in botsing met elkaar. Integendeel!!
Intelligent ontwerp wijst op creaties. Intelligent ontwerp bewijst juist een creationist die zegt dat hij naar het beeld van God gemaakt is.
07-02-2008
Intelligent ontwerp.
De mens is het enige schepsel hier op aarde die de natuur kan doorgronden. Als je de natuur bestudeert dan kom je heel snel tot de ontdekking dat deze intelligent ontworpen moet zijn.
06-02-2008
Bewijs Voor Intelligent Design
Bewijs Voor Intelligent Design - Fenomenale ontdekkingen hebben in de afgelopen decennia onomstotelijk aangetoond dat op het diepste, moleculaire niveau levende systemen machines zijn.
Want sinds de schepping van de wereld zijn de onzichtbare dingen van God, Zijn eeuwige kracht en Zijn goddelijkheid, duidelijk zichtbaar, ze worden begrepen door de dingen die gemaakt zijn, zodat zij (mensen) geen excuus hebben.
Sir Arthur Keith, een beroemd Brits evolutionair antropoloog en anatoom, verklaart: "Evolutie is onbewezen en onbewijsbaar. We geloven het alleen omdat het enige alternatief speciale schepping is, en dat is ondenkbaar"