--De Ijzertoren --Lampernisse --Oeren met soldatenkerkhof --Alveringem --Brouwerij “De Snoek” --Fortem --Lovaart --Lo met stadsgezicht --Jules De Stroper (koekesfabrikant) --Kousse-Boom --Hazewind --Sint-Jacobskapelle --Diksmuide
Oeren is een plaats en deelgemeente van Alveringem en is gelegen in de Belgische provincie West-Vlaanderen. Oeren ligt in de Westhoek aan de Lovaart. Oeren was een zelfstandige gemeente tot in 1971 en werd toen aangehecht bij Alveringem. Het landbouwdorp heeft geen echte dorpskern, maar bestaat uit de voormalige parochiekerk en enkele verspreide hoeven. Het heeft een oppervlakte van 2,89 km² en telt rond de 50 inwoners
Oeren leed fel onder de Eerste Wereldoorlog. In de zomer van 1915 ontstond de militaire begraafplaats van Oeren als tijdelijke noodoplossing. De begraafplaats kreeg in 1917 een definitief karakter. In 1918 vond er een grootschalige grafschennis plaats waarbij 38 heldenhuldezerkjes besmeurd werden. Naar aanleiding van deze grafschennis vond hier in 1923 de vierde IJzerbedevaart plaats onder het thema "Eerherstel aan de geschonden graven".
In Oeren was er geen school en waren de kinderen voor onderwijs aangewezen op de school van Alveringem
Het Mout- & Brouwhuis De Snoek is een uniek museum die volgens het authentiek cascadesysteem is gebouwd. Van zolder tot kelder maken de bezoekers uitgebreid kennis met het volledig mout- en brouwproces begin 19de eeuw. Dit gebeurt aan de hand van het gerestaureerd authentiek materiaal zoals koperen brouwketels, een gietijzeren roerkuip, eeuwenoude gistingskuipen en -tonnen, een intact gebleven mouteest, een antieke gasmotor,...
De rondleiding eindigt in de gerestaureerde oude herberg "Het Brouwershof", waar de bezoeker het Snoekbier en andere Vlaamse bieren kan degusteren
Jules Destrooper is een Belgisch familiebedrijf dat koekjes maakt, vooral gekend om zijn typische boterwafeltjes, de lukken. Het bedrijf werd door Jules Destrooper opgericht in 1886, aanvankelijk in het West-Vlaamse stadje Lo. Het bedrijf won diverse prijzen en werd ook hofleverancier. Bij het begin van de 21e eeuw bakt men 20 ton koekjes per dag. Driekwart van de productie wordt uitgevoerd, naar 75 landen
In 2006 kreeg men het officieel keurmerk "streekproduct" uit de Westhoek van het Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing (VLAM) voor de traditionele lukken.
Start : Aan de abdij van Averbode Afstand : 40 km Bewegwijzering : Knooppunten Hageland GPS : N51 01.964 E4 58.603
DE ROUTE :
We starten op de parking van de drukkerij ,onderaan de abdij daarna;
18-25-58-32-33-34-38-93-59-57-56-18
Op de route :
--Averbode met Abdij --De Vijvers --Het Vossenhol --Geboortehuis Ernest Claes --Demerbekken in Zichem --Naast de treinrout tot in Diest --Diest station --Begijnhof Diest --Domein Halve Maan --Webbekomsbroek --Assent --Bekkevoort --Scherpenheuvel met Basiliek --Oude tramroute --Maagdentoren --Zichem --Testelt met Station --Fiesttunnel --Haneberg --Fietspad naar vertrek
In Averbode, met de abdij , passeer je door de ‘Likjesdreef’, genoemd naar de ijskramen die er zij aan zij staan opgesteld.
Begijnhof van Diest, één van de dertien Vlaamse begijnhoven die werden erkend door UNESCO als werelderfgoed.
In het provinciedomein Halve Maan staan sport en avontuur centraal: het prachtige openluchtzwembad, de tennisterreinen en de outdoorfitness, zijn maar enkel van de vele attracties van het domein.
Via de centrumverbinding passeer je langs Brouwerij Loterbol, die de Diestse brouwtraditie levendig houdt.
Ook langs de centrumverbinding, verstopt achter de Sint-Sulpitiuskerk op de Grote Markt, vind je het overheerlijke pareltje Biscuiterie Stuckens.
Tal van bezoekers zakken af naar bedevaartsoord Scherpenheuvel, sommigen om kaarsjes te branden in de indrukwekkende basiliek, anderen voor de Pepernoten of de Noppen, de plaatselijke lekkernijen.
In Zichem herinnert alles aan het leven van de schrijver van “De Witte”: de huizen op het marktplein, het standbeeld aan de kerk en het geboortehuis dat het Ernest Claesmuseum herbergt.
Brouwerij Loterbol, vroeger gekend als “De Brouwketel” en “Brouwerij Duysters”, bestaat uit een huisbrouwerij en een aparte brouwerij. Café Loterbol, waar je een ingemetste steen van 1706 kan terugvinden (vermoedelijk was er toen al brouwactiviteit), grenst aan huisbrouwerij Loterbol, opgestart in 1995 in het gerenoveerde gedeelte van de brouwerij uit de 18de eeuw. In 2002 gebeurde de opstart van de brouwzaal in het andere brouwerijgebouw van 1908. Vroeger maakte men in Diest tarwebieren en witbierené; denk maar aan de hele regio die er gekend voor wasé;; Aarschot - Leuven - Hoegaarden. Vanaf 1860 is men in Diest donkere bieren gaan brouwen, beter gekend als Diesters. Brouwerij Duysters was gekend voor zijn Royale, een donkerzwart type gildenbier en zijn bruine tafelbieren. Vandaag kan je kennismaken met de Loterbol van het vat, en als je liever bier van de fles hebté;;; Loterbol-Blond, Loterbol-Bruin en de Tuverbol, een mengeling van Loterbol-blond en lambik van Brouwerij 3 Fonteinen.
Lotenhulle is een dorp in de Belgische provincie Oost-Vlaanderen. Het is een deelgemeente van Aalter sinds de fusies van 1977. Het heeft een oppervlakte van 1766 ha, en ruim 2000 inwoners. De naam heeft een Frankische oorsprong. Lo komt van lauha, hetgeen klein bosrijk gebied betekent en hulle is afgeleid van hulja, hetgeen zanderige grond of helling betekent. Als onderscheiding met Lochristi, dat oorspronkelijk ook Lo heette, werd -ten-Hulle aan de naam toegevoegd. Plaatselijk wordt nog steeds van Lo of Lue gesproken.
Ten hulle of ta hulja (letterlijk: op den heuvel) verwijst naar een vegetatierijke heuvel, die overbleef na de Laatste IJstijd. De Romeinen bouwden daarop een heirbaan. Op deze plaats ligt nog steeds een straat, die de naam Heirstraat draagt (verwijzend naar de oorsprong ervan). Deze straat is een overblijfsel van de weg tussen Brugge en Oudenaarde.
De oudste verwijzing naar de naam van het dorp stamt uit 1206, wanneer de altaria de Poke et Loo (de altaren van Poeke en Lo) worden vermeld. Het woord altaar is hier een verwijzing naar de parochie.
Dankzij Jacob Lieven van Caneghem bleef de Kraenepoel één geheel en werd hij nooit verkaveld. In 1808 kocht hij de Kraenepoel, op dat moment eerder een nat stuk heide dan een echte vijver. Hij liet er een dijkje rond bouwen, waardoor het waterpeil steeg. Op die manier kon hij er vis in uitzetten. Na enkele jaren kweken, liet de eigenaar de vijver simpelweg leeglopen om de vis te vangen. Deze vistechniek werd tot aan de Tweede Wereldoorlog regelmatig gebruikt. Dat had een positief effect op de flora in de vijver. Doordat de voedselarme bodem af en toe droog lag, ontstond er daar bijzondere begroeiing. Toen men in 1994 de vijver opnieuw drooglegde, ontdekte men op de bodem onder andere de zeer zeldzame naaldwaterbies en de eivormige waterbies. Moerashertshooi komt zelfs nergens anders voor in Vlaanderen. Ook de vrij zeldzame gaspeldoorn groeit aan de oevers van de Kraenepoel.
In 1957 werd de Kraenepoel een beschermd landschap.[2] In 1997 kocht het gemeentebestuur er een gedeelte van aan en sedert 2002 zijn de gemeente Aalter en de Vlaamse Gemeenschap gelijkwaardige eigenaars van het zuidelijke deel van de vijver
Het kanaal tussen Brugge en Gent ontstond toen een bovenloop van de Reie, namelijk de Brugse Leie of Zuidleie, werd verbonden met een bovenloop van de Durme (ook wel Hoge Kale genoemd) door een heuvelrug tussen Beernem en Sint-Joris door te graven. De oorspronkelijke opzet hiervan was om Brugge van meer water te voorzien, zowel voor drinkwater als om de Zwingeul te spuien.
Bassevelde is een dorp in de Belgische provincie Oost-Vlaanderen en een deelgemeente van Assenede. Bassevelde maakt deel uit van het Meetjesland. Het was een zelfstandige gemeente tot eind 1976. Het heeft een oppervlakte van 21,94 km² en telde op 1 april 2006 2972 inwoners. Ten noordwesten van het centrum ligt het gehucht Landsdijk.
De inwoners van Bassevelde "ezels" genoemd worden omdat de Basseveldse boeren vroeger hun graan met ezels naar de molenaar brachten en die zei: "Daar zijn de Basseveldse ezels weer..."
Bassevelde zijn eigen bier heeft: Het is een Tripel met een volume van 9%. Smaak en Geur: hoppig en vol van smaak, zacht in de mond, met een uitstekende zoet-bitter balans, een aangename geur en een mooie schuimkraag. En tenslotte een lange nasmaak om ten volle van na te genieten.
Nergens in het Meetjesland is de invloed van de zee zo tastbaar aanwezig als in het Krekengebied. Vanaf de 12de eeuw drong de zee hier regelmatig binnen. Daarbij werden telkens nieuwe lagen marien en vruchtbare klei afgezet en werden geulen uitgeschuurd in het landschap. Het bewijs hiervan zie je nog altijd aan de talrijke kreken die meestal gevuld zijn met zilt (zout) water.
Vandaag is het krekengebied vooral een landbouwgebied. Er zijn echter ook nog heel wat waardevolle stukjes natuur. In de rietlanden rond de kreken broeden typische vogels als rietzanger, blauwborst en bruine kiekendief. Veel van de graslanden zijn zilt en herbergen een typische fauna met zouttolerante plantensoorten als zeekraal, schorrezoutgras, zilte rus en zilte schijnspurrie. Vogels die in deze natte graslanden broeden zijn ondermeer grutto, tureluur, kluut en gele kwik. De kalkrijke dijken herbergen speciale plantensoorten als wilde marjolein, donderkruid, fijne ooievaarsbek, agrimonie en kattedoorn
Bouchauterhaven is een buurtschap in de Nederlandse gemeente Terneuzen. De buurtschap ligt ten noorden van Boekhoute. Bouchauterhaven is gelegen aan het "Olmendijkje", dichtbij de Nederlandse-Belgische grens. De buurtschap bestaat uit een dertigtal huizen.
Bouchauterhaven had vroeger een haven die via een kanaal met het Isabellakanaal en de Isabellahaven verbonden was. Tegenwoordig is er niets meer van de haven over. Het kanaal is niet langer meer in gebruik, en door de loop der jaren ook zeer versmald. Vroeger had de buurtschap ook een fortje tegen de Belgen.
Bouchauterhaven betekent haven van Boekhoute" (vroeger Bochaut geheten), een dorpje net over de grens in België. Bochaut betekent beukenbos