Falklandjes
Inhoud blog
  • ZUSTERS
  • AVONDVERHAALTJE
    Zoeken in blog

    Beoordeel dit blog
      Zeer goed
      Goed
      Voldoende
      Nog wat bijwerken
      Nog veel werk aan
     
    Samuel Falkland
    12-03-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.ZUSTERS

    Lentemorgen.
    Warm scheen de zon door de lovers.
    Het veld lag groen, luw-getint, met een stippeling
    van geel. Niets dan groen en gele hoofdjes van
    bloemen. Het zonlicht deinde er zachtjes over.
    In de verte, uitgebeten in de heldere lucht, de
    dorpstoren, priemend omhoog met de puntigheid
    van een naald.
    In de verte ook het vriendelijk lichten van zon,
    overal zon, warme zon.
    In lovers tjilpten vogels. Het was een geklink-
    klank van kleine, nazwevende geluidjes, een schel,
    warm voorjaarsfluiten, dat wegstierf boven de
    bomen, maar onder de kruinen bleef als een geur
    van jeugd.
    Over de grintweg gingen ze.
    Zwijgend.
    Het hel-wit zomerkleedje met de rode linten
    kleurde uitgelaten van levendigheid tegen het grijs
    van de weg, in de mulle schaduw van de bomen.
    Onder de brede stroohoed wuifde het haar,
    dansend op de lentewind.

    p.2

    Ze draaide een bloem in de handen. De stengel
    had ze stuk geknepen.
    Donker liep hij naast haar. Zijn rotting veerde
    aan tegen de grintsteentjes, die voortstoven als
    raketten.
    'Lize.'
    ,'Nee . Nee . Zeg niks meer.'
    ''k Wou .. .'
    ,'Nee, nee, Frans.'
    'Begrijp je dan niet.. .'
    'Ik bid je, hou op!'
    Hij zweeg.
    Stil gingen ze naast elkaar.
    De steentjes wreven en kraakten, eentonig, zange-
    rig-knarsend onder de voeten.
    Een zwerm vinken joelde lawaaiend in 't gras.
    Ze vochten om iets, om een worm.
    Anders stilte.
    Anders de gouden warme koestering van de
    zon op de dingen.
    In het dorp, flauwtjes, klepte de klok. Rustige
    galmpjes kwamen gedragen.
    'Lize ...'
    'Ja.'
    'Ik moet 't toch zeggen.'
    Vuurrood werd ze. De bloem in haar vingers
    verplette tot sap. Ze bleef staan.
    'Frans.'
    'Het mag gemeen zijn.'
    'Frans.'
    'Vervloekt ! Dan verbreek ik het engage-
    ment!

    p.3

    'Frans.'
    'Je maakt ons allebei ongelukkig, allebei,
    versta je!'
    'Luister nou nog eens, Frans. Voor het
    laatst . Ik wil die dingen niet horen . Hoe kun
    je zo zijn ! Denk je dan helemaal niet aan
    haar ? Heb je gister niet gezien, toen ze opzat,
    hoe bleek ze was, hoe blauw onder de ogen .
    Had je dan liever gehad dat ze dood was gegaan ?
    Als je 't engagement verbreekt, dan.. dan ..
    Durf jij de gevolgen .. Doe 't niet, Frans ! Ik
    bid het je ! Ik smeek het je!'
    Hij keek haar aan in extase.
    'Zeg me een ding, maar eerlijk . Nee je
    moet me in de ogen kijken .Zeg me. Je houd
    van mij ook, Lize !'
    'Nee.'
    'Da's niet waar !'
    'Ik heb nooit van je gehouen.'
    'Nooit ?'
    'Nee . En ik zal 't nooit doen.'
    Hij wist dat ze loog.
    Zij voelde dat-ie haar niet geloofde.
    Nauwer werd de weg, die door het bos kron-
    kelde.
    Telkens kroop een lijn van licht voor hun voeten,
    die door de blaren boorde en over de grond
    streepte.
    Ze liepen langzaam in de stilte, kijkend naar din-
    gen die zij niet zagen.
    Even door de nauwte van het pad raakten ze
    elkanders handen.
    Ze schrikten.
    Omdat 't zo stil was, zo eenzaam, zo vreemd,

    p.4

    zo drukkend, begon zij weer van angst.
    'Ben je boos, Frans ?'
    'Boos? Och.'
    Wat is 't hier stil.'
    'Ja.'
    'Vreselijk stil.'
    'Ja.'
    'Waarom zeg je niks ?'
    Weer raakten de handen.
    'God.. martel me niet.'

    Nu rep ze voor hem.
    Naast elkaar gaan konden ze niet meer.
    In zinnelijke bewondering keek hij naar het meisje,
    naar 't nekje met krullende donsharen, naar de
    soepele lijnen van 't lichaam, naar de voetjes in
    de kleine schoentjes, met 't witte van de kous even-
    nog-te-zien.
    Hij had haar in z'n armen willen nemen, harts-
    tochtelijk.
    Ze waren hier alleen.
    Heel alleen.
    Maar ze keek om, angstig omdat hij zo stil
    was.
    Toen begon hij te praten, druk, opgewonden, over
    allerlei dingen, waarnaar zij niet luisterde.
    Zij antwoordde lachend zonder dat hij 't hoorde.
    Ze durfden niet ophouden.

    Bij de greppel werd het pad breder.
    Er stroomde water in, niet veel.
    Gister was ze nog droog.
    Aarzelend stond zij stil.

    p.5

    'Wil ik je dragen ?'
    'Nee.'
    'Wil je dan weer terug ?'
    'Nee.'
    In eens, zonder verder te vragen, tilde hij haar
    op, droeg haar hoog in de armen en stapte door 't
    water.
    Haar hoofd was dicht bij 't zijne.
    Zijn mond was dicht bij de hare. Ze zag zijn
    snorhaartjes, vlakbij.
    Ze voelden elkaars adem, kort, warm, snel.
    'Frans !'
    Ogen als van 'n aangeschoten hert keken 'm
    aan.
    Hij beefde.
    Hij zoende haar niet.
    Aan de overzij gleed zij uit z'n armen.
    Zwijgend gingen ze verder.
    Alleen in de stilte.
    Links lag het dorp met zijn dol-vrolijk gegloei
    van rode daken in het effen groen.
    Tamme rook-spiraaltjes verwasemden in de hel-
    dere lucht.
    De kerktoren was groter geworden.
    De haan op de toren stond te stralen als een
    gouden pauw.
    De dorpsstraat slingerde witjes, rustig, glad.

    Bij de huisdeur, in een rieten stoel, zat ze in 't
    zonnetje.
    Ze kleurde van genoegen.
    'Hebben jullie al zo vroeg gewandeld ?"
    'Ja."
    'Hebben julie ruzie gehad ?'
    'Nee.'

    p.6.

    'Welnee.'
    Lize zoende haar, ging het huis in.
    Op haar kamer gekomen, bleef ze wat drentelen
    voor het raam, keek door een kier van de neerhan-
    gende jaloezie en zag ze.
    Toen wierp zij haar parasol en haar handschoe-
    nen op 't bed, zakte er stil bij neer en begon te
    huilen.
    Beneden klonken de stemmen.
    Op haar knieen liggend, de vuist ballend, snikte
    ze schor, hard-op, hees:
    'Was je maar dood gegaan . Jij! Jij !'

    Samuel Flakland, Falklandjes

    12-03-2011, 11:09 Geschreven door Falklandjes  
    Reageren (0)

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    Categorie:Samuel Falkland Falklandjes
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.AVONDVERHAALTJE

    'Hen, pas toch op!'
    'Ja, Pop.'
    'Niet zo voorover buigen !'
    'Nee, maak je niet ongerust.'
    Ze hield hem toch maar stevig vast bij zijn bre-
    tels, terwijl ze angstig achterover leunde.
    Eindelijk was 't er.
    'Was dat 't laatste ?' riep Hen tot de kruier,
    die nog aan 't zoeken was in de wagen.
    'Ja, meneer.
    'Kom nou van 't raam weg, Hen!'' 
    'Ja kindje.'
    In zijn hemdsmouwen droeg hij de mand naar
    achter.
    Nu kwam de kruier binnen, die het raam weer
    in orde bracht. Pop was niet eerder gerust voor het
    ijzeren gewicht aan het koord hing.
    'Zo'n raam er uit, vind ik het verschrikkelijkst
    van een verhuizerij.'
    'Je bent een zottinnetje.'
    ''k Heb geen gerust ogenblik gehad toen jij er
    bij stond.'
    De kamer was vol met stoelen, pakken, kisten,
    schilderijen en rommel,

    p.2
    .
    Pop zat op een kist, wind aanblazend met haar
    voorschoot. Hen lag moe met een paar vuile vegen
    op z'n gezicht in den enige vrije leunstoel.
    'Goddank, we zijn over.'
    'Goddank."
    'Als 't een beetje had tegengelopen, hadden we
    op straat gestaan.'
    'Jouw schuld.'
    'Maar Hen!'
    'Jouw schuld. Als je zwart op wit genomen
    had.'
    'Nee, begin nou niet nog eens !'
    Ze waren elkander al aan 't afzoenen.
    'Laat me nou los, anders kunnen we vannacht
    op de grond slapen !'
    'Binnen !'
    Het was de bewoner van het benedenhuis.
    'Ben u helemaal klaar, meneer ?'
    'Ja, 't laatste stuk dat gehesen moest worden
    is binnen.'
    'Dan zal ik mijn spion weer uitsteken.'
    'Doe u 't gerust. U wordt vriendelijk bedankt.'
    'Slaapt u hier vannacht ?'
    'Mij n vrouw hoopt met de alkoof klaar te zijn
    tegen de avond.'
    'Zo, zo ! Anders in lang niet bewoond geweest.'
    'Da's treurig,' zei Hen, met een opkomen van
    z'n oude spot tegenover het babbelziek manneke.
    Pop kneep hem zenuwachtig in z'n arm. Als Hen
    zo begon, wist ze dat ze zou gaan proesten, met
    van die benauwde piepgilletjes.
    'U is zeker niet bang uitgevallen ?'
    'Bang?'
    Pop kneep hem in z'n arm.
    'Bijgelovig bedoel ik. Niemand wou deze etazie
    betrekken.'

    p.3

    'Och kom ! Spoken?'
    'Nee 'n moord !'
    'God, Hen, hoor je dat ?'
    'Als je nu denkt, meneer, mij een plezier te doen
    door mijn vrouw bang te maken met malle praatjes.'
    'Malle praatjes, meneer ? Malle praatjes ? Zie je
    me voor een praatjesmaker aan ? Kijk dan maar eens
    op de vloer van de alkoof , daar moet je het
    bloed nog .. .'
    'Meneer ik verzoek je heen te gaan of je mond
    te houden !'
    'Bonjour meneer !' zei de buurman, nijdig.
    Pop zat bleek op de kist.
    'Geloof die onzin toch niet, Pop!'
    'Hij heeft me zo zenuwachtig gemaakt.'
    'Malligheid! Kom, ga aan het werk, kindje!'
    'Kijk dan eerst in de alkoof.'
    'Daar dan.'
    Hij trok de alkoofdeuren open. Er was niets te
    zien in het donker. Een voor een lichtte hij de
    stoffige planken op, waarop het springveren matras
    zou komen te rusten.
    'O God .. Hen!'
    ,'Wat zegt dat nou, een vlek ?'
    'Je kunt zien dat het bloed geweest is!'
    'Kan de verver niet een pot verf hebben laten
    vallen ?'
    'Nee Hen, nee!... 't Is bloed ! 0 God, Hen,
    ik ga nooit slapen in die alkoof !'
    'Wees toch verstandig ! Hoe kun je zo kinder-
    achtig zijn ! Probeer eerst of het er niet uit to boe-
    nen is.'
    'Dat durf ik niet.'
    'Geef mij dan een emmer met water.'
    Ze ging naar de keuken, kwam terug met water,
    soda, zeep en een borstel.

    p.4

    Hen begon geweldig in de alkoof te schrobben.
    'Hier heb je nog wat.
    'Mosterd?'
    'O, Hen, da's prachtig tegen vlekken.'
    'Onzin !'
    'Gebruik het nou ! Toe!'
    Een kwartier lang boende hij met soda, zeep en
    mosterd. Hij zweette ervan.
    'Nou ?'
    'Ja 't is weg.'
    'Zie je nou wel dat 't geen bloed is, dat 't bang-
    makerij was ?'
    'Maar als er nou toch 'n moord .. 0, wat wind
    ik 't hier eng.'
    'Help nou maar uitpakken.'
    'Zul je heus de eerste week 's avonds niet
    uitgaan ?'
    'Nee, heus niet.'
    Ze boende de stoffige alkoofplanken, die Hen een
    voor een er weer in lei. De beschotten zeemde en
    zeepte ze af. Hen sjouwde met het grote spring-
    veren matras, dat precies moest passen, omdat hij
    de maat had genomen met een touwtje, toen hij de
    woning gezien had.
    Het bed zakte nauwkeurig in de opening. Pop
    maakte het op, terwijl Hen z'n handen waste in
    de keuken.
    'Pop ben je klaar ?'
    'Ja !'
    'Vooruit dan ! Ik heb honger.'
    Ze deed haar mantel om. Ze zouden voor een of
    twee dagen in een restaurant eten tot de boel klaar
    was.
    ''k Ben blij dat we zover op orde zijn.'
    'Ik ook.'
    'Als jij nou het zeil spijkert en de gordijnen

    p.5

    ophangt, als we thuiskomen, staan we morgen niet
    in zo'n rommel op.'
    'Goed, Pop.'
    Tegen acht uur kwamen ze terug, vrolijk en
    lachend. Het was zo mal geweest om een
    fles wijn te bestellen. 't Was een vreselijke
    uitgaaf, maar ze vond het dolgezellig, net een
    diner bij rijkelui.
    De lamp brandde. Hen lag als een behanger op
    den grond om het zeil te spijkeren.
    'Gooi mijn papieren vooral niet door de war.'
    'Wat zeg je?'
    'Gooi mijn .. .'
    'Maar Hen ben je nou gek ! Neem die spijkers
    uit je mond, als je er een inslikt is het te laat.'
    'De behangers doen het ook.'
    'Praat nou niet ! Praat nou niet ! Toe doe ze er uit !'
    Hij legde het natte hoopje spijkers naast zich en
    gilde van het lachen toen ze met haar stoffige wijs-
    vinger in z'n mond voelde om to zien of hij ze er
    allemaal uit gedaan had.
    Zingend, opgewekt hing ze een paar portretten
    op, pakte de kist met boeken uit, speldde prenten
    tegen het behangsel en hing een snoezige baby
    van vloeipapier aan de lamp.
    't Begon er gezellig uit te zien. Toen ze geen
    kleinigheden meer uit te pakken vond, ging ze
    naast hem op de grond zitten om hem de spijker-
    tjes aan te geven.
    'Klop toch zo hard niet, Hen. Je slaat al de
    koppen door het zeil heen.'
    'Dat doe ik met opzet.
    'Waarom ?'
    'Dan valt de kalk van het plafond, beneden.'
    'He, jazzus, nou doe je me weer aan die moord
    denken !'

    p.6

    'Zo snuitje !'
    'Nee, schei uit met dat zoenen, akeligheid !'
    Het zeil was klaar. Nu stond hij op een keu-
    kenstoel en hing de gordijnen op.
    'Ze zijn te kort, Hen.
    'Da's niks. Dat kun je van buiten niet zien.
    'Wat een gezellige kamer, als-ie aangekleed is, he?'
    'Zo, nou doe ik niks meer.'
    Ze zaten samen bij de tafel. Pop had koffie gezet.
    Hen las de krant, die hij aan een kiosk gekocht
    had.
    Doodmoe leunde ze tegen hem aan. Van 's mor-
    gens zes uur waren ze in de weer geweest. Maar
    ze wou hem niet storen. De hele krant las hij uit.
    Soms las hij iets voor en luisterde ze slaperig.
    'Hen !'
    'Ja.'
    'Hen!'
    'Ja, kind.'
    ,Ik val om.'
    'Ja, snoetje.'
    Hij wond z'n horloge op. Dat was het signaal. '
    'Heb je de deur goed gesloten, Hen?'
    'Ja.'
    'Op bet nachtslot?'
    'Nee. Bij ons breken ze niet in.'
    'Toe, doe het, Hen. 't Is hier nog zo vreemd."
    Hij ging. Ze hoorde hem beneden. Zou ze nou ?
    Eventjes? Eventjes maar? Nee, Hen zou kwaad
    worden. Nou, maar eventjes.
    Ze trok de alkoofdeuren open, streek zenuwach-
    tig-snel 'n lucifer af, lichtte onder bet bed. De lucifer
    ging uit. Nog een, gauw.
    '0 God!'
    'Wat kijk je daar ? Pop, je bent werkelijk
    kinderachtig.'

    p.7

    'Ze is weer opgekomen ! Ze is d'r weer ! 't
    Is bloed, bloed !'
    'Kom, wees nou kalm.'
    'Nee, nee, nee! Voor geen goud slaap ik daar.'
    'Ik ben toch bij je!'
    'Voor geen goud ! '
    ''k Zal zelf is kijken.'
    Hij bukte, keek met de lamp onder het bed.
    'Je hebt gelijk.'
    En zij keken elkander aan, zonder spreken, met 't
    gevoel dat ze niet meer alleen in de kamer waren.

    Samuel Falkland, Falklandjes

    12-03-2011, 11:02 Geschreven door Falklandjes  
    Reageren (0)

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    Categorie:Samuel Falkland Falklandjes
    Archief per week
  • 07/03-13/03 2011

    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Blog als favoriet !


    Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op https://www.bloggen.be - Bloggen.be, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!