Maandag 10 november Welkomsmoment Nieuwe Inwoners
Categorieën
  • Agenda (1)
  • Allerlei (4)
  • Buurtcomitè (8)
  • Delle in de oorlogen (4)
  • Ik hou van Delle (3)
  • Ik hou van Delle - Activiteiten 2013 (3)
  • Ik hou van Delle - Activiteiten 2014 (3)
  • Ik hou van Delle - KERMIS 2014 (3)
  • Ik hou van Delle - KERMIS 2015 (1)
  • Jeugbeweging (2)
  • Jodam (3)
  • Jodam - Activiteiten 2011 - 2012 (4)
  • Jodam - Activiteiten 2013 (6)
  • Jodam - Activiteiten 2014 (1)
  • Kapelletjes-Gebouw (5)
  • Kerk en Parochie (8)
  • Onderwijs (2)
  • Parochiale Werken (8)
  • Pastoors (13)
  • Politiek (4)
  • Sport - Voetbal (5)
  • Sport - Wielrennen (5)
  • Talent uit Delle (4)
  • Vereniging *KVLV (4)
  • Vereniging *KVLV Activiteiten 2012 (3)
  • Vereniging *KVLV Activiteiten 2013 (1)
  • Vereniging - - KVLV Activiteiten 2014 (3)
  • Vereniging - -KVLV Activiteiten 2015 (1)
  • Vereniging -Landelijke Gilde Activiteiten 2011 en vroeger (4)
  • Vereniging- Landelijke Gilde Activiteiten 2012 (4)
  • Vereniging- Landelijke Gilde Activiteiten 2013 (13)
  • Vereniging- Landelijke Gilde Activiteiten 2014 (8)
  • Vereniging- Landelijke Gilde Activiteiten 2015 (2)
  • Vereniging- Landelijke Gilde Jaarlijkse Reis (8)
  • Vereniging- OKRA (3)
  • Vereniging- OKRA Activiteiten 2012 (7)
  • Vereniging- OKRA Activiteiten 2013 (6)
  • Vereniging- OKRA Activiteiten 2014 (1)
  • Vereniging-- OKRA Activiteiten 2015 (1)
  • Vereniging--WTC Delle (7)
  • Volksleven (5)
  • Wijngilde-Lipsevallei (6)
  • x Wijngilde Lipsevallei Activiteien 2013 (3)
  • Ziekenzorg (3)
  • ¨¨ Met dank voor de medewerking .. (1)
  • ° Websites (1)
  • DELLE - vroeger en nu

    14-12-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.E.H Jozef RAEYEN

    E.H. JOZEF  RAEYEN

    Na de vlucht voor de Duiters van E.H. Moons heeft E.H. Paulus Braeckmans, de onderpastoor van Tildonk, bijna drie jaar tijdens de oorlogsjaren de dienst in de parochie Delle waargenomen. Na de oorlog bleef Delle gelukkig niet lang zonder parochiepriester. Op 11 mei 1918 werd E.H. Jozef Raeyen aangesteld als tweede pastoor.                                                         

     

     

     

     

     

    E.H. Raeyen werd geboren te Diest op 28 april 1878 en was voor hij naar Delle kwam onderpastoor van de Sint-Jan Baptistparochie van Werchter.

    E.H Raeyen liet in 1922 op eigen kosten een pastorij bouwen naast het terrein dat voorzien was voor de bouw van de kerk. Een paar maanden later stelde hij de gemeente voor de pastorij over te nemen voor 41.350 frank. De gemeenteraad keurde dit voorstel echter af met 7 tegen 2 stemmen. De prijs was voor de gemeente veel te hoog. Op 27 september 1923 sloot de gemeente een akkoord met pastoor Raeyen en nam de pastorij over voor 30.000 frank.   

    Ondertussen bleven de werken aan de kerk steeds maar uit en dat was ook het bisdom niet ontgaan.                                                       

     

     

     

     

    Op 24 mei 1928 werd pastoor Raeyen, wegens gebrek aan inzet bij de verdere wederopbouw van de kerk overgeplaatst naar de Sint Quirinusparochie van Wersbeek, een deelgemeente van Molenbeek-Wersbeek.

    E.H. Raeyen overleed in Leuven op 3 oktober 1943.


                                     

    14-12-2011 om 00:00 geschreven door Jozef  


    Categorie:Pastoors
    12-12-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.E.H. Felix-Hendrik MOONS

    E.H. Felix-Hendrik Moons

       

    Felix Moons werd geboren in Diest op 10 april 1869. 

    Zijn vader was  winkelier in wol en zaden  en  tevens barbier. Felix Moons was van 1876 tot 1885 leerling aan het college van de Kruisheren in Diest . Hij werd tot priester gewijd in Mechelen op  6 april 1896 en reeds op 8 april 1896 benoemd tot onderpastoor in de Heilige Michael en Jozefparochie in Wezembeek-Oppem.  In 1897 was er in Wezembeek-Oppem een  typhusepidemie en Felix  Moons hielp er pastoor  Jan Frans Struyf met de verzorging van de zieken.

     

     

    Op 14 september 1897 werd hij overgeplaatst als onderpastoor naar de Sint-Niklaasparochie in Perk.  E.H Moons  werd vanaf 25 juli 1900 door kardinaal Petrus-Lambertus Goossens, aartsbisschop van Mechelen, als eerste pastoor aangesteld in de nieuwe  Heilige Hartparochie van Delle.

    E.H. Moons ging in zijn nieuwe parochie dadelijk op zoek naar een plaats waar hij de misvieringen kon doen.  Hij vond samen met Zuster overste, Marie Ignace, van het klooster van Tildonk spoedig een oplossing. Het klooster van de Ursulinen had enkele jaren voordien het Hof ter Eycken of de Padoue gekocht en Zuster overste werd bereid gevonden om een deel van de picknickzaal tijdelijk te laten gebruiken als noodkerk.  E.H. Moons nam een gedeelte van het  oude hoevegebouw in gebruik als pastorie. Onder zijn impuls en in samenwerking met de zuster overste van het klooster van de Ursulinen van Tildonk startte in 1903 ook een katholieke meisjesschool in de Padoue. In een gedeelte van het gebouw werden toen twee klassen ingericht. Tot dan gingen de meeste meisjes van Delle naar de school van de zusters Annonciaden in Buken. Omdat de meisjes toen op jonge leeftijd de school verlieten, stichtte hij als naschoolse activiteit een lessenreeks om te leren kantklossen. Deze activiteit had spoedig veel succes, want ook meisjes uit de naburige parochies kwamen de lessen kantklossen volgen.

    Pastoor Moons lag ook aan de grondslag van de stichting van de Boerengilde afdeling Delle in 1908.

    E.H. Moons was een geliefd volkspastoor,die ook zoals veel van zijn parochianen duivenmelker was.

    E.H. Moons zette zich ook in voor de bouw van een parochiekerk  en slaagde erin na heel wat moeilijkheden, de vereiste som voor de bouw samen te krijgen (toen 82.847 Belgische frank). Hij schonk daarbij zelf 10.000 Belgische frank als persoonlijke gift, een bewijs dat hij niet onbemiddeld was.

    Het zou een kerk worden naar de plannen van 1912 van de bekende architect Pieter Langerock uit Leuven. Delle zou een grote neo-gotische kerk krijgen met een spitse toren van 46 meter hoog, een lang koor, twee zijbeuken en een sacristie. De werken begonnen in juni 1914, maar moesten worden stilgelegd bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in augustus 1914.

    Pastoor Moons was tijdens de Eerste Wereldoorlog actief in de Weerstand. Bij het begin van de oorlog zorgde hij ervoor dat jongeren van Delle en omgeving via Nederland naar het IJzerfront konden om er dienst te nemen. Hij hield zich ook bezig met een inlichtingendienst die het Belgische en Engelse leger informatie bezorgde over geheime dossiers en over troepenbewegingen. Hij vermomde zich daarbij als veekoopman, leurder of pachter en meldde zich met valse identiteitskaarten op de Duitse bureaus.

    Omdat hij door de Duitse geheime dienst gezocht werd, verliet pastoor Moons met medeweten van zijn kerkelijke oversten de parochie Delle op 19 augustus 1915. Hij dook onder in Brussel bij een zekere mevrouw Witvrouw, die zelf ook aan spionageactiviteiten deelnam.

    Pastoor Moons kon nog bijna twee jaar onvindbaar blijven voor de Duitse inlichtingendienst. Ondertussen leverde hij nuttig en gedurfd werk. De Duitsers die hem reeds lang zochten, konden hem op 4 augustus 1917 in Brussel aanhouden en brachten hem naar de gevangenis van de Begijnenstraat in Antwerpen. Volgens notulen van de Duitse Krijgsraad was pastoor Moons op dat ogenblik een van de gevaarlijkste spionnen die werden gezocht. Hij had het Duitse leger veel nadeel berokkend en voor de Duitsers was zijn aanhouding een opluchting. In de gevangenis werd pastoor Moons vijf maanden lang ondervraagd en mishandeld, maar hij bekende niets en bleef zwijgen. Zonder bekentenissen werd hij door de Duitse krijgsraad in maart 1918 samen met 5 andere lotgenoten ter dood veroordeeld.

    Op 16 maart 1918 werd hij  gefusilleerd in Fort V in  Edegem. Zijn laatste woorden waren een getuigenis van zijn diep christelijk geloof en fierheid, die van hem afstraalden:

    "Wat 'n genade de goede GOD mij schenkt, het stervensuur vooruit te kennen. Het is niet sterven dat ik doe, het is slechts overgaan van 't Aardse in 't Hemelse leven".

    Drie dagen voor zijn dood had hij aan zijn zuster deze laatste brief geschreven.

    "Gevangenis van Antwerpen, 13 Meert 1918.

    Beminde Zuster,

    De wil Gods is dus volkomen geschied in overeenstemming met mijn vurigste verlangens; mijn leven te mogen opofferen tot meerdere eer en glorie van den Hemelsche Vader, uit liefde tot Jesus voor ons uit liefde gestorven, tot eer van het Priesterschap en voor de vrijheid van mijn dierbaar Vaderland.

    Lieve Zuster, offer de overige dagen van uw leven zoals ik mijn leven en mijne dood op dit ogenblik opoffer, tot de meerdere eer en glorie van God, uit liefde van Jesus, voor ons uit liefde gestorven.

    Vaarwel, beminde Zuster, tot weerziens in het Hemelrijk, ons ware Vaderland, waar eeuwige vrede heerst".

    Pastoor Moons werd na de bevrijding plechtig begraven te Antwerpen, in aanwezigheid van eerste minister Léon Delacroix en minister Louis Franck.  Kardinaal Désiré-Joseph Mercier celebreerde de mis, generaal Hannotaux en commandant Delvaux vertegenwoordigden de Koning.  Zijn kist was bedekt met de Belgische en Engelse vlag, de vlaggen van de landen waarvoor hij gespioneerd had.

    Op 21 maart 1919 besliste het stadsbestuur van Diest onder voorzitterschap van burgemeester Edward Robeyns de straatnaam ‘Overstraat’ (de straat waar Felix Moons geboren was) te veranderen in ‘Felix Moonsstraat’, als eerbetoon voor zijn heldhaftige trouw aan het vaderland.                                                              

      

    Daarnaast staken enkele Diestenaars en oude schoolmakkers de koppen bij elkaar  om een fonds te stichten ter nagedachtenis van Pastoor Moons. Het fonds kreeg de naam "Felix MOONS vrienden”. De bijdragen die het fonds zou inzamelen door vrijwillige giften  zouden dienen voor een jaarlijkse kerkelijke dienst (jaargetijde) en voor het oprichten van een gedenksteen. Wekelijks verscheen in een plaatselijke krant, de Gazette van Diest, een lijst van vrijwillige bijdragen.  In  de eerste week  (de week van 15 maart 1919) kreeg het fonds reeds 230 Belgische frank binnen.  Op 27 mei 1919 kon de Gazette van Diest melden dat het fonds liefst 2.214,50 Belgische frank aan giften had ontvangen.

    De gedenksteen werd een arduinen grafzerk met groot kerkhofkruis. Wat het jaargetijde betreft, dit had plaats in de St.-Sulpitiuskerk tot even voor de 2de Wereldoorlog.

    Er werden ook stappen ondernomen om het stoffelijk overschot van pastoor Moons terug in Diest te krijgen  Op  zondag 18 mei 1919. rond 18.00 uur begonnen alle klokken van de kerken te luiden in Diest, ter ere van de terugkeer van het stoffelijk overschot van Pastoor Felix Moons. De kist was die dag per trein vanuit Antwerpen naar Diest overgebracht.

    Op maandag 19 mei 1919 heerste er een drukte van belang op en rond de Grote Markt. Aan alle openbare gebouwen en huizen hing de Belgische driekleur halfstok als teken van rouw. Talrijke maatschappijen en verenigingen met omfloerste vaandels. troepten samen op de Grote Markt.

    Om negen uur verlieten de burgerlijke, geestelijke en militaire overheden het stadhuis. De stoet zette zich in beweging naar het Stationsplein, waar de lijkkist van de overledene stond opgebaard. Een dubbele rij soldaten vormde de erehaag en de kist was bedekt met de Belgische en de Engelse vlag. Verder lag op de lijkkist een koorhemd, de stool en de bonnet. Na de nodige eerbewijzen begon de terugtocht naar de Grote Markt, langs de Antwerpse, de Schaffense en de Koning Albertstraat. Op de Grote Markt werd een zieledienst opgedragen door Kardinaal Mercier. Voor het stadhuis was een altaar opgetrokken onder een prachtig baldakijn. Duizenden toeschouwers woonden deze plechtigheid bij en heel wat mensen volgden de plechtigheid vanuit de ramen. De uitvaartmis werd opgeluisterd door een koor gevormd door zijn vroegere schoolmakkers.

    Na de uitvaartmis trok de stoet langs de St.-Jan Berchmansstraat, de Botermarkt, de Wolvenstraat en de Graanmarkt (nu Verstappenplein) naar het kerkhof, gelegen op het St.-Jansveld, waar pastoor Moons werd begraven. In verscheidene grafredes werd het leven en de moed van de overledene onderstreept.

    Op het kerkhof van zijn parochie Delle werd op 19 oktober 1919 een gedenkzuil onthuld. Hierin staat gegrift: ‘Delle, hulde aan onze gesneuvelde soldaten en burgers 1914-18’.

    In oktober 1968, meer dan 50 jaar na de feiten, had er een dodenhulde plaats in Fort V in Edegem, ingericht door de Bond der Antwerpse Politieke Gevangenen van de oorlog 1914-1918.

    In 1970 werd het oude kerkhof op het St.-Jansveld opgeruimd, de grafzerken en -kruisen werden verwijderd en het geheel werd geëffend om plaats te maken voor een verbindingsweg met de Parklaan. Wat gebeurde er met de stoffelijke resten van de overledenen? Ze bleven doodeenvoudig in de grond steken, ook dat van onze voormalige held, Pastoor Felix Moons.

    Toch bleef er iets bewaard van zijn nagedachtenis, met name een straatnaam in Diest,  de Felix MOONSSTRAAT. Felix Moons werd geboren in de Overstraat nr. 4 (de huidige Felix Moonsstraat), Zijn geboortehuis stond waar vroeger het A.S.L.K.-kantoor  was gevestigd, de hoek gevormd door de Felix Moons- en de Schotelstraat. Vroeger droeg dit grote hoekhuis als uithangbord een prachtige gebeeldhouwde draak, die nu in een privéverzameling is terechtgekomen.

      

    De Felix Moonsstraat is nu een moderne winkelwandelstraat geworden. Het was zelfs de eerste winkelwandelstraat in Diest. De straat is gelegen in het centrum van de stad, nabij de Grote Markt.

     

     

      

    FORT V TE EDEGEM

    Op 11 november herdenkt de gemeente Edegem jaarlijks wapenstilstand, in samenwerking met de oud-strijdersvereniging KNSB, met een eucharistieviering in de basiliek Onze-Lieve-Vrouw-van-Lourdes. Daarna worden, onder begeleiding van fanfare Sint-Rosalia en met de hulp van de brandweer van Edegem, kransen neergelegd bij de monumenten. Aansluitend is er een kleine plechtigheid aan het monument van de gefusilleerden van 1914-1918 op Fort V

    In Fort V te Edegem staat een mooi herdenkingsmonument met op de herdenkingsplaat de namen van 16 weerstanders uit de Eerste Wereldoorlog. 

     

     

      

    Op 16 maart 1918 werd E.H.Moons terechtgesteld met 5 lotgenoten.

    Deze vijf waren:

    Hendrik van Bergen, hij zetelde in de legatieraad te Leuven, geboren te Koekelberg op 27 juli 1875 en werd terechgesteld te Edegem op 16 maart 1918.

    August Naelaerts was een goudsmid te Antwerpen, en was er ook geboren op 10 juni 1886. Hij was tijdens zijn aanhouding in het bezit van belangrijke documenten over Fort VI en werd terechtgesteld te Edegem op 16 maart 1918.

    Arthur Wattiez was een ingenieur te 's Gravenbrakel, geboren te Beelers (Henegouwen) op 29 april 1872  en werd terechtgesteld te Edegem op 16 maart 1918.

    Hendrik Jozef Jespers was een scheepsbevrachter te Antwerpen, geboren te Zoersel op 21 januari 1878 , aangehouden door verklikking op 4 augustus 1917 en werd  terechtgesteld te Edegem op 16 maart 1918.

    Jacob Jozef Leroy was een brigadier incasseerder bij de Nationale Bank te Antwerpen, geboren te Céroux-Mousty op 14 maart 1871 en werd aangehouden op verdenking  van spionage op 12 november 1917 en werd terechtgesteld te Edegem op 16 maart 1918.

     

     

     

     

     

    12-12-2011 om 00:00 geschreven door Jozef  


    Categorie:Pastoors
    10-12-2011
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Kerk en Parochie


    WELKOM

     
                       



     

     

    “ WINKSELE-DELLE  

     

    De naam ‘Delle’ duidt op landerijen in een dal.

     

    De naam 'Winksele' kan waarschijnlijk verklaard worden als de samenstelling van 'Winiko', een Germaanse persoonsnaam, en 'sele', een Germaans woord dat staat voor ‘een woning die uit één ruimte bestaat’. De oudste bekende schrijfwijze ‘Wenekensele’ dateert van het jaar 1133.

     




    Delle: het ontstaan van parochie en kerk

     

      

    Reeds in 1891 wenste E.H. Joannes Franciscus Celis, pastoor van Buken, zijn parochie te vergroten met Delle en Beneden-Veltem. In 1897 slaagde hij erin Beneden-Veltem parochiaal bij de Sint-Antoniusparochie van Buken te voegen. Ook Tildonk poogde Delle parochiaal te annexeren. De drassige veldwegen maakten het de inwoners van Delle dikwijls moeilijk om de vieringen in de kerk van Winksele bij te wonen.

    Op 3 november 1899 vroeg het grootste gedeelte van de inwoners van Delle de oprichting van een eigen parochie aan. Hieraan werd gevolg gegeven en vanaf 2 juli 1900 was de zelfstandige parochie van Delle een feit. Het oprichtings-document werd op 25 juli 1900 getekend door kardinaal Petrus-Lambertus Goossens en het koninklijk besluit dat de oprichting wettigde droeg dezelfde datum. Het bisdom Mechelen had vanaf nu één parochie meer: de parochie ‘Heilig Hart van Jezus’ in Delle. 
                                                                              

     

     

    Felix Moons werd als eerste pastoor aangesteld en ging in zijn nieuwe parochie dadelijk op zoek naar een plaats waar hij de misvieringen kon doen.  Samen met de Zuster-overste, Marie Ignace,  van het klooster van Tildonk vonden zij spoedig een oplossing. Het klooster van de Ursulinen had enkele jaren voordien het Hof ter Eycken of de Padoue gekocht en Zuster-overste was bereid gevonden om een deel van de picknickzaal tijdelijk te laten gebruiken als noodkerk.  Pastoor Moons nam een gedeelte van het oude hoevegebouw in gebruik als pastorie. De zusters Ursulinen waren de nieuwe parochie Delle zeer genegen, want zij schonken niet alleen een groot kruisbeeld met stervende Christus, maar ook een beeld van Sint-Antonius van Padua, een beeld van de Heilige Theresia van Avila, een Heilig Hartbeeld, een beeld van Sint-Jozef en een kruisweg.  Deze beelden en kruisweg zijn nog steeds aanwezig in de kerk van Delle en zijn waarschijnlijk nu meer dan 150 jaar oud.

    Pastoor Moons zette zich samen met de kerkfabriek in voor de bouw van een parochiekerk. Er waren echter twee grote problemen: er was geld nodig en een stuk grond voor de bouw van de kerk.

    Wat de grond betreft: die werd geschonken door Mevrouw Adelaide Quirini, weduwe van baron Alfons de Smet de Nayer die in Gent woonde. Zij was de dochter van de Leuvense Professor Ignace Quirini.  De parochie kon kiezen tussen een stuk grond gelegen op de hoek van de Oude Hoevestraat en de Potestraat (lange tijd de weide van Raymond Tobback) of het stuk grond waarop de kerk nu is gebouwd, aan de Mechelsesteenweg. De gemeenteraad gaf op 28 februari 1908 de veldwachter de opdracht om met lijsten rond te gaan in Delle. Het werd dus een soort referendum dat onder toezicht stond van provinciaal bouwkundige Trappeniers en waarop 66 Delse gezinshoofden konden kiezen waar de nieuwe kerk zou komen. 

    Na het referendum bleek het stuk grond aan de Mechelsesteenweg (39 are 12ca)  "te voldoen aan de wens van het grootste gedeelte van de bevolking van Delle". De kerkfabriek volgde het voorstel en op 12 november 1908 stemde ook de gemeenteraad vóór (met 5 stemmen tegen 3 en 1 onthouding).

    Wat het geld betreft: in 1905 schatte men de bouwprijs van de kerk op 75.000 frank. De bouwplannen van de kerk van Delle vormden zelfs de inzet van de gemeenteraadsverkiezingen in 1911. Pastoor Moons slaagde er uiteindelijk in de vereiste som voor de bouw samen te krijgen. De kerkfabriek kon 25.000 frank inbrengen. De staat en provincie gaf ook een subsidie van 25.000 frank. De gemeente tenslotte droeg 15.000 frank bij. Pastoor Moons schonk daarbij zelf 10.000 frank als persoonlijkegift, een bewijs dat hij niet onbemiddeld was.

    Op 9 maart 1914 volgde de aanbesteding door de gemeente.  De werken werden toegekend aan de gebroeders Theophiel en Nestor Peeters uit Waver voor 82.847 frank. Het zou een kerk worden naar de plannen van de bekende architect Pierre Langerock uit Leuven.  Delle zou een grote neogotische kerk krijgen met een spitse toren van zesenveertig meter hoog, een lang koor, twee zijbeuken en een sacristie. De werken begonnen in juni 1914, maar moesten worden stilgelegd bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in augustus 1914.

                                                                                      
                                                                                 
                                                                                               



                                                                                           

     

    Pastoor Moons was tijdens de Eerste Wereldoorlog actief in de Weerstand en moest op 19 augustus 1915  Delle ontvluchten  omdat de Duitsers hem zochten. Op 4 augustus 1917 zou hij in Brussel aangehouden worden en nadien door de Duitse Krijgsraad ter dood veroordeeld worden.  Op 16 maart 1918 werd hij gefusilleerd in het Fort V in Edegem.  Tijdens deze turbulente oorlogsperiode ging al het geld verloren dat Felix Moons had bijeengehaald voor de nieuwe kerk. Na de oorlog stond het kerkgebouw er nog steeds zoals bij de inval van de Duitsers: er waren de grondvesten en enkele beginnende pilaren, maar langzamerhand begon de bouw te verkommeren tot een ruïne.  

    Delle bleef gelukkig niet lang zonder parochiepriester. Op 11 mei 1918 werd E.H. Jozef Raeyen aangesteld als tweede pastoor. Hij liet in 1922 op eigen kosten een pastorij bouwen naast het terrein dat voorzien was voor de bouw van de kerk. Een paar maanden later stelde hij de gemeente voor de pastorij over te nemen voor 41.350 frank. De gemeenteraad keurde dit voorstel echter af met 7 tegen 2 stemmen. De prijs was voor de gemeente veel te hoog. Op 27 september 1923 sloot de gemeente een akkoord met pastoor Raeyen en nam de pastorij over voor 30.000 frank. Ondertussen bleven de werken aan de kerk steeds maar uit en dat was ook het bisdom niet ontgaan.  Op 18 juni 1928 werd pastoor Raeyen, wegens gebrek aan inzet bij de verdere bouw, vervangen door E.H. August Van Eyck,  die een speciale opdracht mee kreeg van de bisschop: de voltooiing van de kerk.

                                                                                      

     

     

    Pastoor Van Eyck vatte vol vuur zijn opdracht aan en begon gelden in te zamelen. Na zes jaar had hij voldoende geld bij elkaar voor de bouw die ondertussen geschat werd op 315.000 frank. De verdeling der gelden zag er als volgt uit: de Staat 63.000 frank, de gemeente 30.000 frank, de kerkfabriek 25.000 frank, materialen nog ter plaatse 76.287 frank, giften 55.000 frank. Voor de ontbrekende 65.000 frank stelt Pastoor Van Eyck zich persoonlijk borg.

    De werken werden opnieuw aanbesteed op 29 augustus 1935 en deze keer toegewezen aan bouwonderneming Georges Vandekerckhove uit Ingelmunster voor een bedrag van 305.289 frank. Men hield in deze prijs wel rekening met de reeds gebouwde delen en de nog beschikbare bouwmaterialen. De parochianen, en daarbij vooral de gebroeders Vandergeeten, hadden in 1914 stenen gebakken voor de bouw van de kerk. Dit was in de streek gebruikelijk, aangezien de ondergrond voldoende leem bevatte. De kerk werd gebouwd met kareelsteen, gemaakt met de leem die uit de grond werd gehaald achter de kerk.  Op de plaats waar de leem werd uitgegraven ontstond een put, die we nog altijd vinden als een vijver in de tuin van Maria Dewit (weduwe van August Pardon) achter de parking aan de Ketelstraat.


    In 1936 word met de bouw kerk opnieuw begonnen naar de oorspronkelijke plannen uit 1912, maar die waren om financiële redenen sterk gewijzigd. Zo werd o.a. de geplande toren van zesenveertig meter hoog weggelaten, zodat Delle nu een kerk heeft met een toren die lager is dan de hoofdbeuk. De kerk werd voltooid in 1936 en plechtig ingezegend op 20 december 1936 door Monseigneur Jean Van Cauwenbergh, vicaris-generaal van het bisdom.  De kruisweg en de beelden verhuisden voor het grootste deel van 'de noodkerk De Padoue' naar de nieuwe kerk. Het hoofdaltaar kwam uit een Brussels klooster en de preekstoel met een mooi Magdalenabeeldje uit de Brusselse Magdalenakerk. Bij nazicht van alle rekeningen bleek dat de bouw van de kerk, inclusief  bijwerken, 333.594 frank zou kosten.

    De kerk van Delle doorstond de Tweede Wereldoorlog vrijwel ongeschonden, maar pastoor Van Eyck vond na de oorlog slechts moeizaam fondsen om de bouw van de kerk verder af te betalen. In die jaren kon hij niet rekenen op een actieve kerkfabriek die mee die lasten opnam. Wellicht is dit ook de reden waarom het kerkgebouw tot 1966 niet werd geschilderd en weinig of niet werd verwarmd. De oudere generatie zal zich ongetwijfeld nog het koude kerkgebouw herinneren en de rokende kolenkachel.

    Op 1 oktober 1966 werd E.H. Zephirin de nieuwe pastoor van Delle.  Hij zorgde geleidelijk voor heel wat vernieuwingen in de kerk.  Er kwamen gasradiatoren voor de verwarming en met de schilderwerken kreeg de kerk een mooie opknapbeurt. Pastoor Zephirin gaf ook de aanzet voor de bouw van de kleine parochiezaal en liet in 1972 tegen het koor aan een weekkapel bouwen.

    Op 21 december 1986 vierde de parochie het 50-jarig jubileum van de kerkwijding.  In het jubeljaar 2000 werd op 2 juni het 100-jarig bestaan van de parochie gevierd met een feestmis, waarin kardinaal Godfried Danneels voorging.

                                                                                                  

     



                                                                                                   

     

     

     

     

     

     

     

       

    10-12-2011 om 00:00 geschreven door Jozef  


    Categorie:Kerk en Parochie



    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.



    Blog als favoriet !

    Inhoud blog
  • KERSTMIS 2015
  • OKRA 2015
  • KERMIS IN DELLE 2015
  • Lessenreeks Keramiek van KVLV te Boortmeerbeek
  • Winterwandeling + Ontbijt (spek met eieren)

    Zoeken in blog




    Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op https://www.bloggen.be - Bloggen.be, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!