Inhoud blog
  • The JoBerg2c 2017! The Route Is King!!!! (Op weg & Day1)
  • JoBerg2c Day2 & 3
  • JoBerg2c Day 4 & 5
  • JoBerg2c Day 6 & 7
  • JoBerg2c Day 8 & 9
    Zoeken in blog

    Beoordeel dit blog
      Zeer goed
      Goed
      Voldoende
      Nog wat bijwerken
      Nog veel werk aan
     
    Crocodile Trophy 2014 (en andere uitdagingen)
    Van absurd idee naar uitdaging tot doel.
    De beslissing, de zware en lastige voorbereiding, de uitdaging om als 49 jarige Parkinson-patient de extreem zware mountainbike wedstrijd Crocodile Trophy in Australie en andere meerdaagse mtb-wedstrijden in het buitenland te rijden. Lees meer over de ziekte van Parkinson, ook mijn persoonlijke verhaal met deze aandoening op volgende link ; www.parkinsonliga.be --> Liga (2 knop links) --> Publicaties --> Lotgenoten aan het woord
    05-06-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.The JoBerg2c 2017! The Route Is King!!!! (Op weg & Day1)
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

     The JoBerg2c 2017 !!!! The Route Is King!!!!

    9 dagen - 900km – 13000htm

     

    Na mijn deelname vorig jaar heb ik in mijn naaste omgeving, en ook in de rest van de wereld verkondigt hoe fantastisch deze 9-daagse marathon is. Een vol jaar heb ik de dagen afgeteld om terug naar Johannesburg te reizen. Mijn achterbuurman Marc V. (de fietsende buurmannen in mijn straat heten allemaal Marc), is in de aftelperiode ook enthousiast geraakt door mijn verhalen. Met twee zijn we op dinsdag 18 april het vliegtuig op gestapt, naar de JoBerg2c.

    Aan de incheckbalie van Emirates stonden nog 2 Belgen met een fietskoffer uit Diest voor hun eerste deelname. Ik kon alweer mijn “vertellingen” doen van vorig jaar. En toen we na de lange vlucht in Johannesburg op 19 april uitstapten liep ik in de luchthaven de heren Vincent & Vincent tegen het lijf. Met deze 2 Walen heb ik vorig jaar een heerlijke week beleefd in Mongolie ( ja, die afschuwelijk slecht georganiseerde Mongolian Bike Challenge). Daar hebben ze de belofte gedaan dat we elkaar zouden terugzien in Zuid-Afrika, en ze zijn die nagekomen. Uiteindelijk stonden er enkele dagen later een 20-tal Belgen aan de start tussen de 800 deelnemers.

    Het was ook een zeer prettig weerzien met Ryan en zijn wederhelft die de buitenlandse deelnemers opvangen en begeleiden ( Game On Sports & Travel). Een absolute aanrader als je geen tijd wil spenderen aan hotel- en taxireserveringen etc.

    Op donderdag worden de fietsen in elkaar gezet en afgeleverd, moeten we naar de registratie en briefing. Daar kom ik ook enkele deelnemers van vorig jaar tegen , en ook enkel organisatoren kennen me nog, ook dit is een warm welkom. Na de briefing begint het allemaal wat te “spannen”. Ben ik wel goed, heb ik  genoeg getraind, maar die zenuwen hebben ook de andere Belgen, heerlijk toch… Mijn belangrijkste vraag is zoals steeds of Mr Parkinson mij veel parten zal spelen.

    Iedereen kruipt die avond vroeg in bed want morgen vrijdag vertrekt om 05.00 (u leest dit goed), om 05,00 uur ’s morgens  opgehaald door bussen om ons naar de vertrekplaats 80km buiten de stad te voeren. Deze plaats wordt genoemd naar één van de grootste sponsors van dit event, Karan Beef. Op dit leeg veld gaat die dag de JoBerg2c om 8.00 uur van start.

    Als we op dit machtige veld toekomen en uit de tientallen bussen stappen terwijl de zon majestieus opkomt, is iedereen blij. De sfeer is opperbest, de muziek is heerlijk, de speaker van dienst heeft geen moeite om iedereen dolenthousiast te krijgen, de tv-helicopters vliegen enkele keren over, de tv- motoren staan klaar, het is duidelijk feest. Elke avond wordt deze wedstrijd uitgezonden op tv, en vooraleer de Afrikaanse Vive Le Velo op tv wordt uitgezonden, krijgen wij de uitzending te zien rond 19.30 uur, in de eettent na het avonddiner. Ondertussen valt het me op dat de wachtrijen voor de wc’s behoorlijk lang zijn (de zenuwen weet je wel…….).

    Ik, Marc, Nic (een andere Belg uit Zemst)  en enkele andere Belgen staan ongeveer halverwege het peleton van 800 deelnemers. Vincent & Vincent zijn altijd zenuwachtig en wanen zich “echte coureurs”, ze staan helemaal vooraan en zullen dat alle volgende dagen blijven doen.

    Deze eerste etappe is een kennismaking met het Zuidafrikaanse land, en wordt gereden zonder tijdsopname, iedereen krijgt dezelfde tijd als de winnaar. Bijgevolg kan iedereen het rustig aandoen, wat ook iedereen “zegt” te doen. Zeggen hè….mon oeuil, ik ken het van vorig jaar, als het startschot valt…….En dan is het ineens 8.00 uur!!! Het startschot valt en alle 800 deelnemers stuiven als wildemannen weg.

     

    Day 1 ; Karan Beef to Frankfort 116km / 870htms

    We zijn vertrokken, de helicopter cirkelt boven het hele peleton en stof, stof stof…. Ik ben de Marc al kwijt na 100 m, is hij voor mij? Achter mij, de andere Belgen? Dat ik het ni weet. Wat ik wel weet is dat er na enkele kms een nijdige helling volgt, en dat we daarna een kilometerslange singletrack opmoeten. Ik zoek mijn tempo en tijdens de klim haal ik de Marc en de anderen die echt als een fuséé zijn gestart in. Ze zijn absoluut gestart  “oep ’t gemakske”, ik laat ze achter en gniffel.

    De volgende 40km haal ik alleen maar renners in, en na 50 km kom ik in de groep van de Vincents terecht. Die vertellen mij dat er nog een peleton voorrijdt. Ik blijf mijn tempo gestaag aanhouden en tijdens een volgende beklimming rij ik weg uit de groep Vincents. Enkele kms verder zie ik inderdaad voor mij uit een stofwolk. Ik heb het gevoel dat ik daar gezien mijn tempo makkelijk naar toe kan rijden. Ik zen goe!!! En zowaar kom ik na een 65 km in een kopgroep van 35 man terecht, en laat me hier gewoon meedrijven tot aan de derde bevoorrading.

    Het heeft veel geregend de afgelopen weken waardoor er vele rivieren en stuwmeren veel meer water bevatten dan gemiddeld. Daar is ook niemand kwaad voor, maar de organisatoren kunnen vanwege de hogere waterstand niet zomaar “floterende bruggen” bouwen. En waar vorig jaar mijn eerste kennismaking was met zo’n op het water zwevende brug, zijn er nu overzetboten voorzien vanwege de hoge waterstand in dit stuwmeer.

    In deze kopgroep zitten vele UCI-renners, die misschien niet 100% rijden maar toch niet willen onderdoen voor elkaar. Haantjesgedrag zeker, en ik doe graag mee… dus raprap door de tweede bevoorrading, afdalen en de boot op. Ik mag als allerlaatste dat bootje op, en sluit het hekken achter mij, de volgende mtbiker moet 10 meter verder naar boot 2.

    Aan de overzijde aangekomen moet ik als eerste van het bootje, wip op mijn bike en pedalleer na 90 km de bergflank op. Bovengekomen kijk ik om, en zie verbaasd niemand in mijn wiel. Ik ben alleen , rij 200 meter voor de kopgroep uit!!! Waar zit die fucking helicopter nu!!! Da kan toch ni, en ik leg me plat, rijden maar…. Maar enkele kms verder denk ik toch al anders, het is nog 25 km, en mijne hartslag is niet echt laag te noemen. Ik rij nog steeds enkele honderden meters voor op de kopgroep maar besluit toch wijselijk om mij terug te laten inlopen want dit zou wel eens slecht kunnen aflopen anders, het is nog 8 dagen koers.

    Terug in de kopgroep en met nog 15 km te gaan wordt het tempo echt verhoogd, ook vooral omdat het parcours naar het einde toe nog pittig wordt. De renners lossen één voor één de kopgroep, ook ik moet er aan geloven….en ik begin krampen te krijgen. Neen, deze keer helemaal niet van Mr Parkinson, maar krampen in mijn bovenbeen en kuit, van de inspanningen, echte coureurskrampen…….heerlijk eigenlijk. Beetje minderen en de krampen gaan over.

    De laatste 2 km zijn constant bergop naar Frankfort, en hoe korter je komt hoe meer volk er op straat staat te dansen, te zingen, te juichen en te supporteren. De klein mannen staan met uitgestoken hand naar je om “handjeklap” te doen, iets waar ik niet kan aan weerstaan. Net als vorig jaar is binnenrijden in Frankfort hemels, echte kermis, een sensationeel gevoel.

    Uiteindelijk eindig ik op de 20ste plek!!! Ik voel me fantastisch. Het tentendorp is net als in 2016 magnifiek, de bagage wordt voor jou gedragen, de fietsen worden voor jou gepoetst, superdouche’s, de beenmassage heerlijk. Enkele uren later is iedereen binnen, en zie je alleen maar contente mensen, ook mijn buurman Marc is blij hier te zijn. Wat later zitten  alle Belgen bij elkaar in de recovery-zone, eten, drinken, verhalen, lachen, het is plezant. Wat kan het leven mooi zijn.

    Over het avonddiner ga ik niet beginnen, vele hotels, restaurants kunnen hier nog veel komen leren. Fantastisch! En na het eten de dagfilm, de foto’s van de dag, briefing voor morgen etc etc. Twee uur ambiance in de tent, maar om negen uur is alles stil. Morgen begint de koers!


    Bijlagen:
    18058090_1452763764769068_922307099802313730_n.jpg (30.2 KB)   
    18118715_1456595927719185_273995661311723900_n.jpg (115.3 KB)   

    05-06-2017 om 14:23 geschreven door Jan Buelens  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.JoBerg2c Day2 & 3
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Day 2 ; Frankfort to Reitz 93km / 1001htms

    Het is nog donker en stil, zeer stil. En dan begint er stillekes ver weg een haan te kraaien, maar hij heeft precies een snotvalling, rauw en hees, maar het kraaien wordt luider, geweldiger, heviger, en dan heb je een hond die ver weg terugblaft, 5 seconden later lijkt het wel of je in een discotheek vol hanen en blaffende honden zit, je weet niet wat je overkomt. En dan AC/DC met Thunderstruck! gitaren gieren, snerpen, loeihard………THUNDERSTRUCK!!!! En het stopt niet meer, van het ene snoeiharde nummer naar het andere Sweet Caroline (Neil Diamond) andere meezingers, up-tempo nummers, anderhalf uur aan één stuk. Ziehier de wekdienst in de JoBerg2c, klokvast om 5.30 uur s’morgens begint de verkouden haan te kraaien. Vele deelnemers schrikken zich rot die eerste morgen, maar het zorgt onmiddellijk voor sfeer.

    In anderhalf uur moet je klaar zijn  om te starten want elke morgen om 7.00uu stipt worden we op gang geschoten. Terwijl ik gisteren geen moment aan Mr Parkinson heb gedacht laat hij me deze morgen duidelijk verstaan dat hij het nog steeds voor het zeggen heeft. 10 minuten voor de start krijg ik mijn gevreesde teenkrampen (oncontroleerbare bijwerkingen van de zware medicatie of dyskinesieen in het doktersjargon (ik begin ook die taal stillekesaan te kennen). Ik kan geen kant meer uit en sukkel naar de allerlaatste positie van het peleton. Daar tref ik de “bezemwagen” aan. Een man die op een trialmotor het hele parcours achter de laatste renner afbotst. En heel die tijd heeft hij een fufuzela bij zich waar hij regelmatig op blaast. Ge zult maar slecht zijn en de kracht ni meer hebben om die fufuzela van zijne nek te wringen en weg te smijten, om zot van te worden dus. Niettemin, het is een geweldige sympathieke kerel die ik vorig jaar ook heb leren kennen. Ik roep hem tot bij mij en leg hem uit wat er aan de hand is. De start wordt onder neutrale vlag gegeven de eerste 5 km, tot we het stadje Frankfort uit zijn. Na de echte start moeten die 800 man op een 2-sporen track, wat een hele opstopping teweeg brengt. Ook dat weet ik nog van vorig jaar. In overleg met de fufuzela-man rij ik eerst de startlijn over, stop onmiddellijk tot mijn teenklauwende krampen weg zijn. Dat duurt een klein halfuur, en om 07.15 kan ik als allerlaatste de weg op en sluit aan wanneer de laatste deelnemers de 2 sporentrack opgaan. Missie geslaagd, maar wel 800 man voor mij.

    Het is niet moeilijk wanneer ik mijn tempo gevonden heb om constant tragere rijders in te halen, voorbij te steken waar dat kan. Op sommige bredere stukken met tientallen tegelijk en zo schuif ik op. Na drie uur inhalen ben ik nog  geen enkele Belg tegengekomen, en zeker de Marc niet, die rijdt ook wel goed dan.  Heb ik ondertussen 300 man of 600 man ingehaald? Ik weet het echt niet, en dan……BAF! daar hangt mijn kopman weer aan mijn trui. Van het éné op het andere moment kan ik met de beste wil ter wereld geen omwentelingen meer maken, ik zit verstijfd op mijn fiets alleen maar in mijn stuur te nijpen, rij amper 15 km/uur. Bij een beetje bergop zakt dat naar 8 a 10 km/uur, en soms als het wat steiler wordt 3 tot 5 km/uur. Mijn hartslag gaat niet hoger dan 120.  Ik word door velen terug voorbij gereden en velen vragen of ik wel ok ben, omdat ik meer zwalp dan rechtdoor rij. Mijn antwoordt luidt steevast ; “no problem, i will get you back”. En dan ineens in ‘t Kampenhouts “alles ok Jan”? De  Marc samen met enkele andere Belgen. Ik roep terug ; “Jaja, Parkinson-momentje”. Vermits ik met Marc samen met enkele andere vrienden, elke week enkele uren mtbike, weet hij ondertussen wel dat het van voorbijgaande aard is en hij peddelt verder. Ik ben toch wel verbaasd dat ik hem veel vroeger heb ingehaald zonder daarvan iets te merken.

    Enkele kms verder is het bevoorrading en op het moment dat ik daartoe kom vertrekken enkele andere Belgen die bij de Marc zaten toen ze mij voorbijreden, maar Marc zie ik nergens meer. Ik neem alle tijd omdat ik na het nemen van mijn medicijnen niks anders kan doen dan wachten tot het motortje weer op on gaat. Na een kwartier vertrek ik , zeer rustig en wat later is alles weer even snel voorbij als het gekomen is en ik kan weer trappen. Ik haal de andere Belgen nog in op 10 km van de aankomst tijdens een single downhilltrack, daarna rijden we dwars door een wolvenkwekerij. Special gevoel toch als je door zo’n kennel rijdt waar bijna 100 van die dieren zitten.

    Na alle Parkinson ellende eindig ik nog vlak achter de groep van Marc op de 118e plek. De Marc is 109e , 20 sec voor mij. Ik ben content. Later die dag zal zoals alle volgende dagen, bij de Belgen in de recovery-zone veel plezier beleefd worden. Het eten en de ambiance in de eettent was ook niet mis, maar een avondgebed met zijn allen, en een preek er bovenop door één of andere pastoor mocht van mij wel achterwege blijven. Niettemin was de sfeer kort na dit gebeuzel terug opperbest.

     

    Day 3 Reitz to Sterkfontein Dam 130km / 1380htms

    5.30 uur daar is de haan met zijn “valling” weer,  vandaag beantwoord door wolvengehuil, angstwekkend en toepasselijk, gelet op de passage door de wolvenkennel gisteren. Maar net als de honden verdwijnen ze pijlsnel wanneer de vlijmscherpe gitaren van AC/DC beginnen te huilen.

    Van deze etappe weet ik dat het zwaartepunt in de laatste sectie ligt met de beklimming van Mont Paul. Door zijn unieke ligging heb je spectaculaire vergezichten, daarna een sublieme afdaling, om daarna 15 km “met uw smoel tegen een forse wind” naar de aankomst toe te stormen. Het tentendorp is opgeslagen aan de rand van een fantastisch meer ontstaan door de bouw van een stuwdam. Lastige etappe.

    De eerste 60 km zijn veelal op brede zanderige dirt  tracks, afgewisseld met nijdige beklimmingen op hotsende singletracks door  grasvlakten, leve de fully-mountainbike!

    Ik vertrek weer ergens halverwege, rij tijdens de beklimmingen van groep naar groep, en na 40 km kom ik zowaar de twee mannen uit Diest tegen. Deze twee jongere kerels gaan hard en staan ergens rond de 70ste plaats in het klassement. Ze denken dat ze in het eerste amateurpeleton zitten. Er zijn zowat 50 profs aan de start, en met die mannen kunnen amateurs echt niet mee, of toch zeer weinige. Ook de Waalse Vincents zitten in die groep. Het is een hele sliert en het valt mij op dat waaierrijden een probleem is voor vele bonkige robuuste Zuid-Afrikaanse kerels, terwijl de Vlamingen daar handig weten gebruik van te maken. Maar op een bepaald moment is er toch een split in dit grote peleton. Ik zit net als de Vincents in het tweede afgewaaierde deel. Maar wat later tijdens een singletrack-klim maak ik alleen toch terug de oversteek en kom in een groep van een 20tal renners terecht waaronder de Diest-boys.

    Na 70 km is er de tweede bevoorrading en de Diestse mannen zijn snel weg, ik maak dat ik kan aanpikken. Hun tempo is zo sterk dat ik wel kan volgen, maar van overnemen is geen sprake. Ik weet ook wat er nog komt en doe bewust niet te gek. Aan de voet van de 25 km lange beklimming van Mont Paul begint ook het lampje van Johan uit te gaan,  en zijn teammaat moet rekening houden met hem. Ik rij solo en moet naar niemand wachten, en mijn lampeke brandt nog zeer goed. Merci gasten om in het wiel te mogen hangen, ik betaal jullie straks een pint, maar den deze is weg, ik heb nog kracht op overschot. Ik haal nog wel wat renners in tijdens de klim, ook op het wind tegen stuk en eindig die dag 48ste. Ik klim in het algemene klassement naar de 68e plaats. Als dit maar blijft duren. Marc komt zowat 45 minuten later binnen op wat zijn plaats is , ergens tussen de 105e en de 125e stek. Ik schrik toch wel wat van de behoorlijke tijdsverschillen maar hoe verder je kijkt hoe kleiner ook de tijdsverschillen onderling.

    De Diestse mannen hun pint betaald, plezant gerecoverd wat ons vanaf die avond de bijnaam “Crazy Belgians” bij de organisatie oplevert. En elke avond komt er tijdens het avondvullend programma wel één of ander opmerking over de Crazy Belgian Riders.


    Bijlagen:
    2e418a21104d18d41f304b030e2ce939_DSC_7335.JPG (637.5 KB)   

    05-06-2017 om 14:21 geschreven door Jan Buelens  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.JoBerg2c Day 4 & 5
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Day4 ; Sterfontein Dam to Emseni 93km / 1162htm

    Vandaag wordt de start gegeven in groepen van 60 man naargelang de ranking. Dit omdat er spectaculaire mountainbiketracks, zowel uphill als downhill aankomen, en zo de tragere deelnemers, de rappe of behendiger mtbikers niet  gaan hinderen. Elke 5 minuten start er een groep, en vanwege mijn plaats mag ik starten in groep B. Groep A is voor de eerste 50 plaatsen + de leiders van de verschillende categorieën.

    Om 7.05 worden we op gang geschoten. In deze groep B vertoeven ook Les Vincents en de Diest-boys, en het gaat hard, zeer hard. Maar ik kan goed mee. Na 20 km haken er twee rijders voor mij in elkaar en samen met nog een andere mtbiker ga ik met een klap mee overkop. De klap komt aan want het tempo lag hoog. Ik heb wat schaafwonden op de rechterkant maar mijn fiets zit helemaal vast aan een andere, en er is wat gepruts nodig om ze uit elkaar te halen. Tijdens dit gepruts stuift er een kleine groep voorbij met de Diest-boys bij. Die lagen er dus al af, en ik doe teken dat alles in orde is.

    Uiteindelijk zijn de fietsen uit elkaar, maar mijn stuur en zadel staan goed scheef, ook mijn remhendels zijn helemaal verschoven. Ik wil dit allemaal snel verhelpen , klop wat recht, spring terug op mijn tuig maar niks staat zoals ik het wil. Joenge, stop ermee, doe dat rustig en degelijk want er komen nog kms technische stukken, en op je fiets moet je toch kunnen vertrouwen. Dit afstellen neemt allemaal wat tijd in beslag want ondertussen is groep C ( vertrokken 5 minuten na mijn groep B) ook al voorbij. Hierin zit Marc en ook hem roep ik toe dat alles ok is. Enkele minuten later kan ik terug weg op met een goede afgestelde fiets en ik sluit aan bij een 20-tal man, bij het opdraaien van de singletrack klim naar de spectaculaire rotsformatie “Great Wall My China”. Hier ligt de singletrack kilometerslang naast een ijzingwekkende diepe klif, wondermooi.

    Tijdens de beklimming passeer ik waar ik kan de tragere deelnemers voor mij, ik maak mij niet druk omdat ik soms lang moet wachten , maar toch……. Uiteindelijk ben ik ze alle 20 voorbij en rij tijdens de rest van de klim naar het volgende groepje toe. Ik sluit net aan op de top van de klim op een steil opkantje, wanneer de renner voor mij ineens stopt om een spectaculaire foto voor zijn nageslacht te maken. Door deze onverwachte stop van hem bots ik tegen zijn achterwiel en ga voor de tweede keer die dag ten gronde, deze keer op mijn linkerkant. De godverdoemmes komen langs alle kanten, en hij excuseert zich, zit ermee verveeld want hij had de hele klim als laatste gereden en had niet verwacht dat er iemand in zijn wiel zat.

    Allee vooruit, terug het hort op en verder op deze adembenemende singletrack. Ik stuif verder en rij van de ene deelnemer naar de andere en wordt nu wel gevolgd door de tv-helicopter.

    Na deze fantastische singletrack op dit plateau komt de spectaculaire downhill “Great Traverse”.  Tijdens deze downhill kom ik terug bij de Marc, en samen bereiken we de eerste bevoorrading. Bij elke bevoorrading is ook een dokter, en ik besluit toch maar om mijn rechterkant te ontsmetten en te beschermen, vooraleer verder te rijden. De Marc vraagt of hij moet wachten. Zot, rij maar verder, ik haal u straks wel weer in.

    Na het oplapwerk vertrek ik weer met een stevig tempo en begin weer aan de zoveelste inhaalrace, en net voor de tweede bevoorrading na 70 km aan de voet van een nijdige klim heb ik de Marc terug bij zijn nekvel. De Marc is ook een karaktermens en een keikop, en hij maakt dat hij wat sneller weg is bij de bevoorrading dan ik. Maar tijdens deze ambetante klim haal ik hem terug in en samen bereiken we de top, ik in zijn wiel.

    En dan volgt weer een waanzinnig stukje mountainbiken, bijna 20 km aangelegde downhill track “The Long Drop” , nadien nog 4 km vlak naar de finish. Plezier en fun gegarandeerd, ook voor ons twee. In zijn jonge jaren heeft de Marc (nu 58 jaar) motorcross gereden. Het is eraan te zien, het zot is er ondanks vele breuken nog altijd niet af, zijn verstand duidelijk af en toe wel…… Halverwege de Long Drop komen we achter enkele madammen terecht die vooraan staan in het damesklassement en bijgevolg in groep A mogen starten. Het is duidelijk dat ze technisch een pak  minder zijn dan deze twee ouwe rakkers, en noodgedwongen (en tegen de goesting) blijven we steeds remmend kilometers aan een stuk achter hen. Tot ineens het oud zot van mijn buurman opsteekt en hij in een hairpin een move doet en zo twee madammen “ineens” pakt ( da moet lang geleden zijn), en hij als een gek verder wegstuift. Even later zie ik een spoor waardoor ik de volgende hairpin kan afsnijden en de twee dames ook voorbij kan gaan zonder hen te shockeren. Ik vlieg achter de Marc aan die toch wel dik 100 meter voorligt. Nu mag er veel gebeuren maar diene kerel gaat er mij nu  niet afrijden en met alle kracht die mij rest sluit ik op 2 km van de meet terug aan. Het is te zeggen, ik blijf 20 meter achter hem , want ik weet dat ik er in één ruk naartoe kan. Marc kijkt geen moment achterom, is gefocust op de track voor hem en zal alle moeite doen om mij af te houden. Op 500 meter van de meet gaat hij naar links, ik volg hem blindelings ipv op mijn gps te kijken, en we moeten onmiddellijk al onze remkracht gebruiken om niet op een weidehek te botsen. Ezel dat ik ben, dat ik hem zomaar volg. We kijken hijgend naar mekaar, en dan lachen maar. Nu heeft spurten geen zin meer , de spanning is eraf en we rijden samen over de meet, hij 111e ik 112e.

    In het tentenkamp toegekomen is het douchen in de open lucht, zalig toch in dit klimaat. Nadien laat ik mijn wonden nog eens verzorgen bij de dokter. De Belgen namiddag is weer zeer snel voorbij, evenals de filmpjesavond. Maar velen zijn toch wat nerveus voor de volgende dagen. Het zwaartepunt van de JoBerg2c begint morgen, en duurt 4 dagen.

     

    Day5 ; Emseni to Cliffton 125km / 2010htm

    Ook vandaag vertrekken we in groepen voor deze loodzware rit,  zelfs een halfuur vroeger dan de andere dagen. Ik ben ondertussen wat gezakt in het klassement en sta 83ste maar vertrek nog steeds in groep B. Vandaag om 6.35 uur. De pees wordt er vanaf de start weer opgelegd maar ik weet wat er komt en ga me niet laten vangen, vandaag kan je veel tijd verliezen, maar ook winnen. Les Vincents daarentegen schieten weer weg als een kanonsbal, als daar maar geen vodden van komen.

    Ik kan ook niet wegschieten want daar hangt mijn kopman Parkinson terug aan mijn trui. Ik doe het zeer rustig en na een kwartiertje gaat het beter. Ongetwijfeld vanwege het halfuurtje vroeger starten waren mijn medicijnen nog niet “verteerd” bij de start. Maar zoals alle voorgaande dagen, als de motor op gang is, is er geen stoppen meer aan, en het achtervolgen en voorbijsteken is een dagelijks ritueel geworden.

    Hoe waanzinnig deze organisatoren het soms weten te brengen, vandaag rijden we enkele honderden meters op een spoorwegbedding waar de treinen worden gestopt wanneer er mtbikers aankomen. Het omgekeerde is voor ons logischer, in Zuid-Afrika daarentegen……..

    Van bij de start van de etappe is het constant vals plat omhoog op bobbelige singletracks door grasvlakten, het bolt voor geen meter, stoempen, stoempen, stoempen…. Maar hoogtemeters tellen zeer langzaam op de eerste 60 km. Onderweg sluit ik aan bij een groepje met de Diestse boys, en zit bij het doorrijden van een klein beekje, gevolgd door een opkant van anderhalve meter in het wiel van de jongste. Alle rijders voor hem rijden het opkantje op, maar hij slaagt er niet in en ik bots tegen zijn wiel, en daar lig ik voor de derde keer op mijn zij. Godverdoemme hoe ist mogelijk, en na zijn excuses begin ik te lachen en van dan af noem ik hem “den Diestse deggereir”. Wat later laat ik hen achter want De andere  Diestenaar Johan heeft zijn  dagje niet.

    Vlak voor de tweede bevoorrading na 61 km kom ik in het wiel terecht van Les Vincents, die overduidelijk teveel energie verbruikt hebben bij de eerste 60 “stoempkilometers”. Om hen wat moraal te geven vertel ik hen dat nu pas het echte werk begint , want de volgende 30 km is het echt wel bergop, brede dirt roads (zandwegen) kilometers steil aan een stuk, en dan zeer steil naar beneden zodat er weinig tijd om te recupereren is, om terug weer steil omhoog te gaan, dit een aantal keer na elkaar. Echt content zagen ze er niet uit na deze informatie.

    Nadat ik aan deze (en alle bevoorradingen zijn zo) uitgebreide bevoorrading mijn energiepotteke wat had bijgetankt vertrek ik met de Vincents in mijn wiel naar het zeer mooie reservaat “Zulu Waters”. Onmiddellijk bij  het binnenrijden beginnen de dertig kilometer sadomasochistisch klimplezier. Anders kan ik het niet noemen. Bij het klimmen halen wij drie gestaag ook weer rijders in die we direct achterlaten. Het is duidelijk dat deze bikers ook te voorvarend gestart zijn. De klimmen zijn hels maar de afdalingen nodigen uit tot waanzin. Als we in de zeer late Belgennamiddag onze gps en/of fietscomputerke vergelijken qua snelheid ben ik de King, liefst 84,2km/uur met een mtbike. Les Vincents staan op 2 met 82,6 en de traagste Belg haalt nog ruim de 70. Als ik er nu aan denk, brrrrr..

    Halverwege de klauterpartij is de naft op bij éné Vincent, en laten we hem ook achter. Of beter, ik laat ze alletwee achter want teamleden moeten bij elkaar blijven. Op het einde van deze track waar 75% van de dag-hoogtemeters inzitten slaag ik er in om voor het tweede jaar op rij goed in beeld te komen met de cameraman op de motor door wat te “spelen” met elkaar. Kortom, ik heb mijn krachten goed gedoseerd in deze etappe en eindig 48ste, met nog wat overschot.

    Ook deze locatie van ons tentendorp is weer subliem en er is teveel van het goede, teveel van alles.

    Tot laat die namiddag blijven er rijders binnensukkelen en om halfzes, 30 minuten voor “sluitingstijd” rijdt de laatste over de meet onder luide toejuichingen. Die rijder heeft die dag wel bijna 11 uur gefietst. Ook de Marc had het niet makkelijk, bijna een uur na mij spurt hij binnen op alweer min of meer zijn plaats. Maar enkele tientallen halen deze dag de finish niet.

     

     


    Bijlagen:
    18118715_1456595927719185_273995661311723900_n.jpg (115.3 KB)   

    05-06-2017 om 14:18 geschreven door Jan Buelens  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.JoBerg2c Day 6 & 7
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Day 6 ; Cliffton to Glencairn 123km / 1900htm

    Zeer zware rit met na 20km een 2km lange helling, recht omhoog, haast nooit onder de 16% de “Gumtree-klim”, waar je neus regelmatig tegen je stuur zal tikken, zo staat het in het briefingsboekje. Om af te sluiten zijn de laatste 200 meter minimum 20% zwaar, loodzwaar. En er  komt nog veel meer moois die dag. Persoonlijk vind ik dit de mooiste rit van de negen dagen, alhoewel het moeilijk kiezen is.

    Aan de start om 7.00 uur is het dringen, alsof ze allemaal niet snel genoeg aan de Gumtree-klim kunnen beginnen. Ik sta weer ergens halfweg in het pak dat ondertussen al met 150 rijders minder is. Opgevers, om verschillende redenen zoals één duidelijk niet getrainde Belg, een Waal met  teveel buikvet. Onder begeleiding van doedelzakspelers en amazones te paard verlaten we de Cliffton High School waar we bijzonder lekker hebben gegeten en geslapen.

    Na 2km wordt de etappe op gang geschoten, 20km licht dalend naar de voet van de gevreesde klim. Na 200 meter gebeurt het weer. Een echte Parkinson-blokkage, een on-periode. Bergop en bergaf moet ik iedereen laten voorbij rijden en na 15 km zie ik niemand meer achter me. Ik rijd op het vlakke dan ook amper 10 a 12 km/uur. De fufuzela bezemmotard zie ik nog niet achter mij, maar dat is omdat er enkele anderen ongelukkige bikers  al lek gereden zijn, en daar moet hij achter blijven. Maar ik weet met zekerheid dat er geen 20 meer achter mij rijden. Dat betekent dat er  voor mij een slordige 630 bikers fietsen!!!

    Ik geef toe dat ik  op dat moment zo niet dacht, want ik zou ter plekke gestopt zijn. Ik was vooral bezig met het moment af te wachten wanneer deze verdoemde blokkage over zou zijn. Een tweetal km voor de waanzinklim was het weer ineens voorbij. Tegen dat we haaks de Gumtree opdraaiden sloot ik bij de laatste rijders aan die onmiddellijk van de fiets stapten. Gelukkig is dit een “brede” klim, en geen singletrack. Hierdoor kon ik laverend, slingerend en roepend tot boven rijden. Twee keer heb ik voet aan de grond moeten zetten omdat er tussen de vele stappers op dat moment geen plaats meer was om voorbij te rijden. Boven gekomen was ik zeker dat ik meer dan de helft van alle vertrekkers die dag voorbij gereden ben, omdat tragere rijders op zo’n hels stuk automatisch in de achterste gelederen verzeilen. Aan de eerste bevoorrading na 35 km kwam ik Nic tegen, de Belg uit Zemst die alle dagen rond plaats 300 of verder binnenkwam. Dat bevestigde mijn vermoeden. De volgende 10 km reden we weer op een plateau met de wind vaak pal op de neus, en bijgevolg ideaal om weer plaatsen te pikken. En dan reden we de singletracks op, en dit haast voor de volgende 90km. Eerst was er een speciaal voor de JoBerg2c gemaakte downhill track ,  “Harrison’s Pass”, met meer dan 50 uiterst scherpe steile haarspeldbochten. Zeer technisch en prettig maar onmogelijk voorbij te steken. In enkel kms daal je haast 600htms om uit te komen pal in een Zoeloedorp. En ook daar is  het de hele dag kermis en feest, zingende, dansende kinderen, vrouwen en mannen. Bijzonder aangenaam maar als je erover nadenkt, wij westerlingen zullen daar eventjes passeren op onze 10.000€ kostende mtbike. Bedrag dat deze mensen nooit van hun leven gaan zien. Maar we hebben ze op zijn minst toch één dag plezier bezorgd.

    Na de passage door het dorp waar ik weer enkel rijders kan passeren, is het terug stevig klimmen, om de zone “Rock ’n Roll” in te rijden. 30 km op en neer en waar vooral de eerste 15 km zeer technisch zijn, op en over veel rollende ronde witte stenen en rotsblokken. Ook nadien gaat het nog verder met de singletrack, het woud in, waar inhalen soms mogelijk is.

    Op de witte stenen-zone gebeurt het volgende. Ik sluit aan bij een vrouwentrio die veel te traag voor mij rijden, maar noodgedwongen moet ik erachter blijven. Ze botsen en schodderen over elke steen en rijden enkele meters uit elkaar. Plots panikeert de eerste bij het zien van een “afsprongetje” van 20 a 25 cm, ik hoor ze roepen “owowowow”, en pats daar gaat ze over kop. De tweede heeft tijd zat om te stoppen, maar om één of andere duistere reden lukt dat niet of wil ze niet, en ze gaat collegiaal haar vriendin achterna. Ze tuimelt ook over kop , pats op haar vriendin. De derde……ja het is echt waar, doet krek hetzelfde, ik geloof niet wat ik zie. Het is net of ik in een scene van Comedy Capers of Laurel & Hardy zit. Ik moet zelfs niet remmen om te stoppen, mijn voet uit het klikpedaal en ik sta stil, stap af en begin de dames op te rapen om nadien hun fietsen uit elkaar te halen. De eerste had zich toch wel wat bezeerd maar mtbike madammen kunnen wel lomp zijn, maar  het zijn harde tantes. Van één fiets stond het stuur scheef, van een andere was de bidonhouder half afgebroken. Ik heb altijd wat materiaal mee, en met een kniptang en een strippeke lapte ik de bidonhouder op, met de juiste sleutel positioneerde ik de andere haar stuur. Ondertussen was er toch weer wat trager volk ons voorbij gereden en besefte ik dat mijn resultaat die dag niet schitterend zou zijn. Het was voor mij niet alleen een Parkinson-dag, maar ook vanwege het niet kunnen passeren ook een ParkinGson-dag!

    Na de beklimming volgde er weer een prachtige 3 km speciaal aangelegde singletrack door het woud, om zo de laatste 7 km vlak naar de finish te rijden. 244ste ben ik geëindigd, “slechts” drie kwartier na de Marc die alweer rond de 110e plaats was binnengereden, de regelmaat zelve.

    Het tentendorp was voor de zoveelste dag op rij op een schitterende plaats opgetrokken. Op één van de vele boerderijen van farmer Glenn, één van de drie organisatoren. Superlocatie!

     

     

    Day 7 ; Glencairn to McKenzie Club 87km / 1378htm

    Tijdens de briefing de avond voordien werd dit voorgesteld als een overgangsrit. Vooral omdat er meer daalmeters dan hoogtemeters zijn, maar dat wil niks zeggen.  Ik heb alle Belgen die ook s’avonds bij elkaar aan tafel zitten gezegd ; “Tétekeréire, geloof het maar niet”. Stevige rit, niet vergeten dat we al zes dagen weg zijn.

    Vanwege de vele singletracks terug in groepen vertrokken. Ondanks mijn triest presteren van gisteren , 244ste en daardoor gezakt tot de 122ste plaats in de ranking, mocht ik nog steeds in groep B vertrekken. Vertrekken toch, want ook vandaag zat ik 300 meter na de start alleen, iedereen uit groep B was weggedemareerd en ik bleef eenzaam zitten.  Vandaag waren het weer de afschuwelijke teenklauwen die me parten speelde. Het was zeer lichtjes bergaf de eerste 15 km, maar ik kon mijn voet onmogelijk in het klikpedaal zetten, en moest mij eerder lichtjes laten bollen omdat elke trapbeweging terug het teenklauwen veroorzaakte.  Tegen dat we na 15 km de singletrack opdraaiden hadden de koplopers van groep C me ingehaald, maar het moet zeer eigenaardig zijn voor hen, want op het moment dat ik ingehaald werd kon ik er terug los van weg rijden. De crisis was weer voorbij en “Sterke Jan” (aldus de Vincents) vond zijn kracht en pedaaltred terug. Tijdens de traditionele inhaaljacht kwam ik op een singletrack vast te zitten achter een groepje, waarbij de twee laatste forse potige lady’s waren. Tijdens de voorbije dagen en ook deze dag hadden we nog geen modder gezien, alleen stof. En plots duikt er op de track een modderpoel op van wel drie meter lang!!!! Je kon van veraf zien welk spoor de voorrijdende bikers genomen hadden, echt niks moeilijk om erdoor te bollen…..behalve voor forse manwijven. Ons groepje komt in eendenpas aangereden, niemand sukkelt, maar het eerste manwijf weigert te trappen, waardoor de tweede op haar botst en deze loemperik tegen de laatste tikt, en pardoes voor de vierde keer een pausenkus op Zuid-Afrikaanse bodem geeft. Plat in het slijk, ik had het zien aankomen eigenlijk, ezel dat ik ben. Manwijven “oep ne velo”, ge moet er voor opletten. Van wijven “oep ne velo” moet je ook geen sorry verwachten. Dat is dan ook de reden waarom het woord gentleMAN bestaat, en gentleVROUW allang uit  het groene boekje en andere woordenlijsten uit het ganse universum geschrapt is. Enfin, een goed vettig fietskostuumpje was het enige dat ik eraan over hield, en deels uit colere heb ik ook als een gentleWIJF die twee onmiddellijk voorbijgereden met ellebogenwerk.

    Aan het eerste waterpunt na 40 km sloot ik terug aan bij een groep van een 40-tal bikers uit groep B. Hier zaten de Johan en “den Diestse deggereir” bij, ook de twee Vincents. Door het voortdurend op en af, technische beklimmingen en afdalingen was dit zoals voorspeld geen overgangsrit, maar voor de derde dag opeenvolgend loodzwaar. In de laatste 10 km spat alles uit elkaar  en kom ik binnen als 82ste.  Ik klim terug wat plaatsen in de algemene rangschikking en kom uit op de 125ste plaats.

    Het onderwerp van de dag bij de Belgen, het overgangsritteke, manwijven “oep ne velo” modderbaden en “den Diestse deggereir”. Goed gelachen en ook veel leute aan tafel tijdens het lekkere diner.








    05-06-2017 om 14:16 geschreven door Jan Buelens  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.JoBerg2c Day 8 & 9
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Day  8 ; McKenzie Club to Jolivet 96km / 1800htms

    Alleen maar lachende gezichten om 7.00 uur aan de start die weer gegeven wordt in groepen met tussentijden van 5 minuten. Ik , Marc, De Vincents, en “den Distse deggereir” en zijn teammaat starten allemaal met de glimlach in groep B. Dat Happy feeling gevoel is te wijten aan het vooruitzicht van de eerste 40 km, alleen bergaf….wat daarna komt, daar weigert ons brein aan te denken. De start wordt gegeven en de eerste 7 km gebeuren in licht dalende lijn, en dan 20km bergaf voor mountainbikers. De zoveelste singletrack speciaal aangelegd voor mountainbikers, de onvergetelijke , wondermooie “Umko-Drop”. Je kan deze schoonheid niet  vertalen, niet beschrijven. Het is slingeren, draaien, keren, technisch, speedy-stukken, soms tricky, van een tafelberg langs de klif naar beneden, naar de Umko-vallei. Ondertussen komt de zon op, verdampen haar warme stralen de vochtigheid in de vallei, het is van een ongeziene schoonheid. Ik krijg nu nog kiekenvel als ik eraan denk, en besef toch weer eens wat een ongelooflijke gelukzakken wij zijn om daar voor ons plezier met ons fietske te kunnen rijden.

    Door welke mug de Marc die morgen gebeten is weet ik niet, maar de vele tassen koffie die hij ’s morgens binnenkapt maken hem zeker niet kalmer. Als een dolle hond stort hij zich naar beneden en schuwt geen risico’s. Ik roep hem enkele keren toe om toch niet als een dwaas andere bikers te passeren, maar hij blijft er  doof voor. En plots in een scherpe haarpin is hij verdwenen, onderuit gegaan. Als ik de bocht neem krabbelt hij terug recht, gelukkig is hij langs de klifkant gevallen en niet langs de valleikant. Enfin, hij was nadien plots wel iets rustiger. De kilometers vliegen erdoor en voor je het weet zijn de 20 km onder de wielen gegaan. Beneden fiets je nog enkele kms door de wonderschone Umko-vallei , langs de mistige rivier.

    Het gaat zeer snel en ik heb echt kracht op overschot. Mijn tempo ligt zo hoog dat ik van iedereen wegrij en de ene na de andere rijder inhaal en ook achterlaat. Als de mist is weggebrand komen we aan de eerste bevoorrading, waar een minuutje later ook de Marc met een smile tot achter zijn oren stopt. Iedereen heeft het over de fantastische Umko-drop. Maar het lachen zal na het bijtanken wel vergaan, ook voor ondergetekende.

    We moeten verder en het gaat na de bevoorradingspost onmiddellijk fors bergop en dat zal het ook de volgende 25km blijven doen. De eerste kms is het op een breed goed bereidbaar pad, maar dan gaat het rechtsaf. Het volgende uur is een steile klim , een singletrack met soms zeer technische stukken. En na enkele honderden meters , pats, het is ni waar hè, nu toch  niet…de Parkinson-blokkage. Mijn off-periode op het meest slechte moment. Ik kan niet meer peddelen en balanceer tegen 3 a 4 km/uur de berg op. Ik kan elk moment omvallen, maar ik weet dat dat niet gebeurt. Ik word langs alle kanten voorbijgereden (alhoewel voorbijgekropen een betere omschrijving is) door “snellere” bikers die wel op een klein verzet omwentelingen kunnen maken. Hun snelheid zal tussen de 8 a 10 km/uur liggen.

    Na een kwartier kruipen besluit ik toch te stoppen en een koekje te eten, wat te zitten wachten, tot deze off-periode voorbij is, want zo verder doen heeft echt geen zin. De klim is nog zeer lang.

    Er komen steeds meer rijders aan en mijn picknick inspireert sommige om dat ook te doen. Na 10 minuten zittijd (dat duurt lang) kruip ik terug mijn tuig op. Ik voel direct dat het nog niet voorbij is, mijn hartslag blijft zeer laag (max 120). Ik sukkel maar verder en op de technische stukken moet ik bij gebrek aan snelheid soms te voet verder. Ook kan ik zo aan de kant voor de tientallen die mij voorbijrijden. Hoe hoger ik fiets of wandel, hoe langer het duurt voor er weer bikers mij voorbijrijden. Soms ben ik minutenlang alleen. En als ik weer eens afstap op een technisch stuk komt er plots een blonde dame uit de bosjes gehuppeld (neen, ik lijd niet aan zinsverbijstering en neem geen drugs). Ze heeft ook een mtbike bij, draagt een fietsbroekske en heeft een JoBerg2c nummer aan haar stuur hangen.

    Ze vraagt of ik even kan helpen met haar kledij. Haar truitje is volledig opengeritst. Natuurlijk wil ik dat, ik ben geen gentleWIJF hè, wat moet ik doen? Wel zegt ze, je moet je hand tussen mijn benen steken en zo mijn broekzeem tegen mijn…… aandrukken. Ik weet niet wat ik hoor, denk dat mijn Engels tekort schiet om dit te verstaan en vraag nog eens wat ik moet doen. Weer zegt ze hetzelfde en doet ze  voor waar ik mijn hand moet leggen. Ze heeft een zitvlakprobleem (in het coureursjargon, “een joekel van een puist oep haar gat”) , en ze komt een hand te kort om een soort van desinfecterende sticker op de juiste plaats aan te brengen.  Ik vertel haar dat ik vanwege Parkinson toch wel wat “handshake”,…. Ze lacht en zegt ;  “ik ben wel wel meer gewend”. En ik doe mijn goede daad die dag. Het ene manwijf is de andere bosnimf niet hè. Je kan wat tegenkomen zomaar ergens in de broesse.

    Na het spelletje “broekske wrijven” (dat veel te snel voorbij was) moeten ik en zij weer verder, de steile col op. Uiteindelijk kom ik boven, en kan ik onmogelijk inschatten hoeveel tijd ik verloren heb. Veel, zeer veel, das een zekerheid. Maar eens ik terug enkele honderden meters heb gefietst is plots de power terug. Het is onbegrijpelijk en ongelooflijk, maar ik voel het niet aankomen dat ik in mijn off-periode val, ik voel het ook niet aankomen dat  mijn on-periode terug ingaat. Het is ineens weg, en het is ineens terug. En voor de zoveelste keer begin ik weer te poweren en in te halen. Er blijven nog zo’n 30 km te rijden met nog aardig wat klimwerk en een sterke tegenwind. En daardoor haal ik nog echt veel rijders in, maar ik heb geen enkel idee in welke positie ik rij.

    Bij de finish ben ik zeer verbaasd dat ik als 147e binnenrij, slechts 18 minuten na Marc, die wel lek gereden is, maar toch moet ik sterk gereden hebben die laatste 30 km. Het is ook te merken dat we 8 dagen aan het fietsen zijn, velen zitten op hun tandvlees. Ik daarentegen voel me kiplekker.

    Deze finish is eigenlijk het fictieve eindpunt. Hier wordt het eindklassement van de JoBerg2c opgemaakt.  Morgen, de laatste etappe, is een paraderit, de “Champagne Stage” zoals de organisatie het noemt, is er om te genieten. Er worden morgen geen tijdsopnames meer geregistreerd. Dat betekent dat ik 120e geëindigd ben in het totaal klassement,12e bij de Masters of de ouwe venten categorie,  ondanks alle Parkinson-ellende.  Regelmatige Marc  eindigt 110e en 11e bij de Masters. Het is wel indrukwekkend want van de 800 gestarte deelnemers worden er slechts 393 of de helft geklasseerd. De andere helft heeft om een of andere reden opgegeven, niet alle ritten gereden, is buiten tijd aangekomen etc. Hetzelfde fenomeen in de Master-categorie, 97 deelnemers aan de start en slechts 47 geklasseerd.

    De rest van de dag en de avond verloopt natuurlijk in een geweldige sfeer, omwille van het “broekske wrijf” –verhaal en alles wat daarvan gemaakt wordt, maar ook omdat het morgen een paraderit is. Toch waarschuw ik de Belgen dat er morgen toch ook behoorlijk venijnige beklimmingen inzitten, het is geen met 2 vingers in de neus etappe. s’Avonds tijdens de show en de briefing wordt er gezegd dat de start morgen naar keuze is tussen 07.00 en 08.00 uur. Dit wordt met gejuich onthaald. De plezante avond duurt een dik uur langer dan de voorbije en rond 21.30 begint de eetzaal leeg te lopen. Op de Crazy Belgian Table blijven behoorlijk wat lege flessen wijn achter.

     

    Day 9 ; Jolivet to Scottburgh 83km / 970 htm

    Voor de laatste keer dit jaar in de JoBerg2c begint stipt om 05.30 uur de haan te kraaien. Het beest is nog altijd snipverkouden, kort daarna beantwoordt een fiere haan het eerste schorre gekraai,  waarop de honden ook weer wakker worden en beginnen blaffen en bassen, in verschillende toonaarden, kortbij en veraf,……………de mannen van AC/DC zijn er ook nog steeds met hun snerpende gitaren en Thunderstruck!!!

    Gisterenavond hebben de Belgen afgesproken om met zijn allen de laatste rit in groep te rijden, ook de Waal die opgegeven heeft rijdt mee, en we zouden vertrekken om 07.45 uur. Om halfacht rijden Marc en ik naar de start waar ze al allemaal klaarstaan, en op enkele bikers na is het hele peleton al vertrokken voor 07.10 uur. Het is niet te geloven, dus de Belgengroep vertrekt dan ook na beeldopnames voor de tv-uitzending die dag. Ik voel weer dat het een Parkinson-moeilijk begin voor me zal zijn, en zeg tegen de rest dat ze maar verder rijden zonder naar mij te kijken, ik haal hen wel terug in. Gelukkig duurt mijn ellende niet al te lang en na een dikke 20 km zit ik terug bij de Belgengroep die er een gezapig tempo op nahouden. Zoals eerder gezegd zitten er drie nijdige klimmen in, en even nadat ik terug aangesloten ben is er de “Out of Africa”-klim. Bovengekomen is het lang wachten eer de laatste Belg, de herstarte Waal samen met Nic, terug aansluiten. Halverwege de etappe die door onnoemelijk veel suikerrietvelden gaat, vooral in lichtjes dalende lijn is, komt de zoveelste steile moeilijke en technische helling van deze JoBerg-editie. Deze keer door een weide, en daardoor zie je een sliert van wandelende bikers naar de top klimmen. Tijdens onze beklimming moeten de betere Belgen, waar ik mezelf ook toereken, slalommen en balanceren tussen de rotsen en de wandelaars naar boven toe. En ook hier ga ik voor de vijfde keer dan tegen de vlakte door een domme beweging van een wandelende biker. Maar ach, een schaafplek meer kan de pret niet derven. Bovengekomen wachten we op de andere Belgen. Maar het duurt erg lang en we besluiten dan maar om verder te rijden tot de bevoorrading en daar elkaar op te wachten.

    Na de bevoorrading valt onze groep weer uit elkaar, alle Vlamingen zijn samen op Nic na (ook teveel buikvet) , onze Waalse vrienden Les Vincents zijn er ook bij. De andere Walen zitten in groep 2. Wat verder rijdt er één van de twee Vincents lek en besluiten ze dat ze op de andere Walen gaan wachten. Federalistisch Belgie rijdt ook in Zuid-Afrika mee.

    We krijgen nog een extra tv-opname van de “Crazy Belgians”, alhoewel Wallonie niet meer vertegenwoordigd is in onze groep, maar dat zeggen we niet. En ineens is het zo ver, de finish is in zicht, enkel nog de 300 meter lange op het water zwevende brug over de zee-arm over, en we zijn er. Maar er is geen water, daarvoor zijn we te laat binnen. Al het zeewater is weg vanwege het getij. Voor de tweede keer op rij kan ik niet over het zeewater rijden, nu omdat  het eb is, vorig jaar omdat de brug gesloten was vanwege teveel wind. Dus moet ik volgend jaar terugkomen.

    Marc en ik rijden al hand-shakend over de aankomstlijn en krijgen net als iedereen een fles champagne. Na de proficiats onder elkaar en tegen vele andere deelnemers die we tijdens dit avontuur leren kennen hebben, worden de flessen ontkurkt. Het smaakt afschuwelijk, maar daar maakt niemand een punt van. Het was wreed plezant!!!!

    Na een tijdje rijden we verder en zoeken onze gids Ryan op die staat te wachten met onze fietskoffers en bagage. Rond 14.00 uur is alles ingepakt en vertrekken we naar ons hotel in Durban met de bus. We kijken nog eens achterom en ik denk, wees maar zeker dat wanneer mijn lijf en gezondheid het enigszins toelaten  ik in 2018 terugkom, voor de derde keer in drie jaar tijd.

    Ik weet niet of dat gaat lukken. Ik heb me daar ook voorgenomen om vanaf heden zulke evenementen eerder op een rustige toeristische manier te beleven, ipv te koersen. Ik weet niet of ik daartoe in staat ben, maar ik ga het proberen. En dat zal nog dit jaar zijn, ook in Zuid-Afrika, in oktober tijdens de 7-daagse Cape Pioneer Trek.

    Wij zullen zien!

     

    Alle info ;  http://joberg2c.co.za/

    En ga zeker via deze  homepagina naar de knop “media”, en klik op “Youtube videos and images”. Neem iets om te drinken en te knabbelen, en geniet van de bijzonder mooie films/ foto’s van de dag, die wij elke dag tijdens het avonddiner mochten bekijken op groot scherm in de enorme eettenten, voor de tv-uitzending.

     


    Bijlagen:
    fa9cfcaa8c5ef23f2b7fa6c2e8b5c552_DSC_4484.JPG (2.7 MB)   

    05-06-2017 om 14:11 geschreven door Jan Buelens  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    16-03-2017
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Algarve Bike Challenge 2017
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Eind 2016 krijg ik een telefoontje van “de Luc” (de pechvogel in de derde etappe van de Crocodile Trophy 2016, aan wie ik ook mijn reservebinnenbandje gaf, met alle narigheden en ellende tot gevolg). Of ik geen zin heb om  met hem te vormen in de Algarve Bike Challenge 2016, in Tavira, van 3 tem 5 maart.

    Deze wedstrijd bestaat uit een avondproloog  van 2,5 km dwars door het pittoreske stadje , en twee ettape’s in het binnenland van de regio. Ik ben weer direct akkoord, als we maar weg zijn en de hort opkunnen. Mijn esposa Geja heeft nog gratis vliegtickets liggen van Brussels Airlines, dus kunnen we die daarvoor gebruiken, en met haar beslis ik om er ineens 7 dagen van te maken. Een weekje vakantie in een luxe-resort in d’Algarve, “echt iets voor ons”. Dat gaat wat geven.

    We proberen ons in te schrijven als Team Tettekerèire, maar dat lukt jammer genoeg niet. Ik had het de Portugezen graag horen uitspreken. Dus wordt het maar Team JanLuc, in de categorie 50+, de Grand Masters , alhoewel ik de “ouweventencategorie” leuker klinken vindt. Ik weet weer waarvoor ik mag trainen.

    Eind januari begeeft mijn achterdemper van mijn Specialized Epic het. Vermits het een onderdeel is van het gepatenteerd Brain Systeem van Specialized moet de herstelling gebeuren bij de verdeler. Minstens twee weken zonder fiets. Prachtig marketingsysteem ook vind ik. Ik koop dan maar een S-Works Epic kader en laat deze opbouwen identiek als mijn Specialized Epic. Levertijd 4 dagen, en ik kan verder  trainen.  Het vervolg van deze komedie, want zo gaat dat altijd bij mij, vertel ik later eens misschien.

    Op 28 februari nemen Geja en ik het vliegtuig naar Faro, vandaar verder met de huurwagen naar ons resort,  Vila-Gale Albacora in Tavira. Geweldige locatie, een omgebouwd oud visserdorp  en zeer rustig,  want bij aankomst zijn er maar een 10-tal kamers van de slordige 250 bezet. In het hoogseizoen zal dat wel anders zijn. Net als tijdens het raceweekend.

    Met een bang hartje haspel ik daar op woensdag (110 km en 2500htm) en donderdag (80km en 2200htm) twee ferme trainingsritten af. De twee tracks van de editie 2016 die ik gedownload heb op mijn gps. Ik kom onderweg regelmatig  en vooral op de zwaardere stukken markeringen en pijlen tegen voor de koers van dit jaar. Het zal duwen, stoempen , puffen en blazen worden, want dit is ook een UCI-wedstrijd.

    Donderdagavond begroet ik mijn teammaat Luc. Ik geef hem de hand en hij kan nog net op tijd ingrijpen wanneer ik hem een schouderklop wil geven.  Heeft hij toch wel twee weken voordien drie ribben gebroken bij een schuifpartij op het asfalt, in een mountainbikerace in Spanje!!! Maar zegt Luc, ik ga proberen de proloog te rijden, zaterdag te starten en wanneer de mtbikers het veld indraaien, rij ik rustig verder de weg op, dus Jan ge zult zonder mij moeten rijden. Luc is ook ingeschreven om de Cape Epic in Zuid Afrika te rijden, de derde week van maart, en hij wil na zijn val dit weekend terug beginnen bollen. Karaktervent of zou zot zijn echt geen zeer doen? Behalve met drie gebroken ribben dan!

    Het is altijd iets met ouwe mannen die  perse jong willen blijven. Petanque, schaken en dammen, de drie enige sporten die nog zouden mogen toegelaten worden eens je de 50 bent gepasseerd. Hoor wie het zegt. Het wordt er ook niet beter op wanneer we een groot aantal van de 400 twee-mansploegen, 800 deelnemers dus zien binnenvallen. Zelden zien we iemand die meer dan 65 kg weegt, laat staan de 80kg van mij, de 90 kg van de Luc. De koers wordt hier duidelijk bergop gereden en gewonnen.

    Op vrijdagavond 3 maart staan wij in het donker op het startpodium om 19.23 uur voor onze 2,5 km lange proloog. Heel het parcours bestaat uit kasseien, trappen op en trappen af, en op de koop toe regent het een beetje, de kasseien zijn spekglad. Ik kan het niet over mijn hart krijgen Luc achter te laten. Heel behoedzaam rij ik met hem de 2,5 km in meer dan 15 minuten, en samen rijden we over de finish. Hoeveel teams er ons voorbij zijn gereden tel ik niet, heeft ook geen belang, want als één rijder van een team opgeeft mag de andere wel verder rijden, maar wordt hij niet meer in de ranking opgenomen. Ondanks onze recordtijd zijn er nog 8 teams trager dan ons, die moeten lekgereden en/of gevallen zijn, dat kan niet anders. Maar we hebben ons toch geamuseerd en een terraske gedaan met de vrouwen. Het heeft wel iets , deze avondproloog in dat stadje , ondanks het gedruppel, leuke sfeer.

    Zaterdagmorgen 4 maart regent het pijpestelen en ouwe wijven tegelijk. Er blaast ook een zeer harde wind. De organisatoren besluiten wijselijk de start 2 uur te verlaten en de eerste etappe wordt ook ingekort met ongeveer 15 km. Om halftwaalf worden 798 smalle mannen en 2 wat oudere en dikkere heren, helemaal achteraan in het peleton, op gang geschoten. Enkele kms verder zwaait Luc mij uit, wenst me het  beste, en zegt rij maar. Ik maan hem aan tot voorzichtigheid op zijn wegritteke en duik het rode modderbad in vanwege de regen. Modder is het niet echt, eerder een rode waterige pap vanwege de hevige regenval. Het zal een proper ritteke worden, maar de zon is terug van de partij, en dat  geeft de burger moed.

    Ik vind snel mijn tempo en het verbaast mij dat ik constant smalle jongere gasten voorbij peddel, ook bergop. Als je in zo’n pak achteraan start kom je natuurlijk de traagste eerst tegen, en ook veel sukkelaars die niet veel kennis hebben in techniek. Niet dat ik zo’n kennis heb maar goed gelanceerd bergaf  rijden om de volgende helling op te stormen, dat ken ik. Tandje per tandje kleiner schakelen zodat je steeds een constant omwentelingsaantal draait tegen een behoorlijke snelheid is iets wat velen niet kennen. Zo rijd ik ze met tientallen voorbij. zij die aan de voet van een klim onmiddellijk van groot naar klein schakelen en zo direct stilstaan voor ze eigenlijk aan het klimmen gaan.

    Ik blijf constant inhalen maar hoe verder ik door het pak rij, hoe meer gaten er zijn die ik moet overbruggen vooraleer een volgend groepje tegen te komen, maar het gaat goed. Hier en daar staat ook Geja te supporteren die met de auto de punten heeft gezocht waar we de openbare weg oversteken. Prettig weerzien steeds.

    Na zowat 50 km rij ik al een tijdje in hetzelfde groepje en stop aan de tweede bevoorrading. Dit is zowat het hoogste punt van de rit, en nu gaat het vooral bergaf naar de kust met toch nog wel wat nijdige klimmen in. Ook Geja is hier en zegt dat ze de Luc op het vorige punt (waar ik al voorbij was) heeft gezien. Dieje zit IN DE KOERS!!! Straffe pee, ik kan het niet dikwijls genoeg zeggen. Ik besluit om op hem te wachten,  en sla ondertussen een babbel met een toevallige voorbijfietsende Belg op een koersfiets die stiekem een banaan kwam pikken. Een kwartier later reed hij verder en was Luc nog niet te zien. Was hij nog wel in koers? Ik besluit om toch maar verder te rijden. Geja gaat wachten en mij per sms berichten of hij daar nog passeert, en te vragen wat zijn plannen zijn. Ik vind mijn pedaaltred terug en haal weer rijders in,  om vlak voor  het binnenrijden van Tavira terug bij het groepje rijders te zitten die mij achterlieten bij de 2e bevoorrading.

    Als ik de finishboog zie staan stop ik in de zon op een brug om naar mijn telefoon te kijken. De Luc is nog steeds in koers en fietst met zijn 3 gebroken ribben en een hoop  pijnstillers op zijn tempo naar de aankomst. Ik wacht want ik wil diene kerel zien voor de aankomst om samen als team de meet over te rijden.

    Zo wacht ik ongeveer een half uur , honderden rijders zijn al gepasseerd en daar duikt hij op. Scheef op zijne fiets en met een van pijn verwrongen gezicht tovert hij een grijns op zijn vuile moddersmoel als hij mij ziet. Super man, ondanks dat ik vind dat je een idioot bent bewonder ik uw karakter, proficiat, geweldig. Ijzersterke  vent,  en samen bollen we net als de dag voordien over de meet. Ons klassement en de tijd? Wat kan ons dat schelen. Toffe rit (75 km en 2400htm) alhoewel het voor het éné teamlid wat plezanter zal geweest zijn dan de andere.

    S’Avonds aan tafel met de bende is het prettig toeven. Zeker  wanneer ik merk dat mijn solidariteit vanwege het wachten op  mijn halve team, beboet wordt met een STRAFTIJD van 3uur 55 minuten!!!!! Blijkt dat er onderweg enkele geheime controlepunten zijn. Het reglement zegt dat teams ten allen tijde bij elkaar moeten blijven , zoniet worden er vijf minuten straftijd toegekend per minuut dat een team uit elkaar rijdt. Deze straftijd geldt alleen voor de “wegrijder”. De “achterblijver” krijgt gewoon zijn gereden tijd. Zodoende heb ik door een halfuur te wachten op de brug vlak voor het laatste controlepunt, de finishlijn  150 minuten of 2uur 30 minuten “gewonnen” Merci Luc!!!!!!

    Zondag 5 maart derde etappe. Weerom staan we achteraan het pak en Luc gaat proberen om  na zijn volhardingstest gisteren deze rit ook uit te rijden. Ik blijf bij hem, ik ga deze keer geen extra straftijd riskeren. Maar mijn “solidariteits-achterstand” kan ik nooit goedmaken op hem als hij uitrijdt. En hij zal uitrijden, want nu heeft hij een reden meer natuurlijk. Na het startschot zijn we weg en kijk, ook nu halen we samen regelmatig anderen in. Ik wil ten allen tijde vermijden dat hij valt omdat hij mij probeert te volgen. Of ik rij achter hem of bij het klimmen zoek ik mijn tempo , en  laat hem  achter, maar zodra ik hem niet meer zie of op de top wacht ik hem op. Waar het kan neem  ik hem op sleeptouw en zo rijden we toch een aardig tempo. Ik zeg nog eens dat hij karakter heeft, botsen en schodderen met drie gebroken ribben, doe het maar.

     De laatste 20 km zijn vooral bergaf en vlak en daar geef ik er nog eens een lap op, en hij blijft goed in mijn wiel. Het team JanLuc zal als team uitrijden en aankomen. Op het einde zitten we op de asfaltweg en wordt Luc zowat euforisch en neemt hij zelfs de kop, ik moet begot krabben om in zijn wiel te blijven. Neeje, dat plezier om  mij eraf te rijden gun ik hem niet. In de laatste km jaagt de organisatie ons om één of andere reden door een ondergelopen fietstunneltje waar het water kniehoog staat, en moeten we nog van de fiets, ik ben daar niet kwaad voor. Even later rijden we blij en voldaan hand in hand de meet over waar onze vrouwen ons staan op te wachten.

    Leuk evenement, goed georganiseerd en goede sfeer (zelfs met drie gebroken ribben).

    Algarve Bike Challenge is een absolute aanrader!


    Bijlagen:
    AlgBCh17.JPG (157.9 KB)   

    16-03-2017 om 13:55 geschreven door Jan Buelens  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    03-11-2016
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.The Sequel....Twee jaar later, november 2016
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    I DID IT!!!! YES,YES,YES!!!

    Ik heb “hem” gereden, helemaal uitgereden, van de eerste tot de laatste meter, “de Crocodile Trophy 2016”, ik heb “hem” gereden, ik heb “hem” gereden. Ik heb ook gewandeld en gekropen, letterlijk, over onbereidbare steile hellingen…., ik heb “hem” meer dan eens verwenst en vervloekt, ik heb gezucht, geblazen ,gevloekt, getwijfeld, ik heb liters zweet verloren, ben diep geweest, zeer diep, met momenten meer dan ik in mijn lijf had, uitgeput………Soms stonden de tranen in mijn ogen van ellende en uitputting, mezelf afvragend waarom ben ik hier aan begonnen. Ik heb willen opgeven, niet meer afzien. Op andere momenten stonden de tranen in mijn ogen van geluk, van contentement, opperste verrukking, was ik zeer blij dat ik hier toch nog aan begonnen ben. Zoveel emoties, zoveel gevoelens… ik kan het niet omschrijven.Overweldigend.

    Terug naar september 2014. Na twee operaties ben ik 3 maand later voorzichtig beginnen fietsen, zegge en schrijven begin december. Omdat ik moeilijk stilzitten kan ben ik tijdens mijn herstelperiode wat plannetjes gaan tekenen om onze badkamer wat op te frissen, om uiteindelijk uit te komen tot een grondige opfrisbeurt/halve verbouwing van onze woning, dit tot ergernis van mijn eega Geja….. die nadien wel tevreden was.

    Om die reden heb ik tijdens het voorjaar 2015 minder gefietst, heb hier en daar een toertocht in het weekend meegepikt,  maar ben vooral met verbouwingen aan onze woning bezig geweest. De Crocodile Trophy zat ergens diep in mijn achterhoofd verborgen.

    Na de renovatie en de jaarlijkse motorvakantie in de zomer van 2016, heb ik terug wat meer tijd gemaakt voor de mountainbike. Het krokodillebeestje kroop stillekesaan terug naar voor in ‘t koppeke. En tijdens de prachtige, droge  herfst van 2015 zat de Crocodile Trophy terug helemaal daar waar hij met een smak verdween in september 2014.

    In de voorbije twee jaar is  mijn dosis dopamine-inname noodzakelijkerwijs verhoogt, en kan ik geen 4 uur meer zonder, dat ontdek ik op de volgende manier;

    In het najaar en de winter van 2015/2016 stel ik vast dat Mr Parkinson, samen met de Crocodile Trophy, ook meer op het voorplan komt. Zowel tijdens de dagelijkse beslommeringen, maar tot vervelens toe ook tijdens het fietsen. Ik heb hem dan maar dik tegen mijn goesting opgenomen in mijn tweemansploeg, hem ineens benoemd tot kopman voor het leven. Hij profiteert alleen maar van me, haalt nooit drinken of eten, zet mij nooit even uit de wind. Integendeel, plots duikt hij op, hangt aan mijn zadel, erger nog, hij kruipt gewoon als ballast in de zakken van mijn fietstrui of kruipt gewoon op  mijn rugEvil or Very Mad .

    Vandaag de dag ,november 2016, is het zover gekomen dat kopman Parkinson tijdens elke rit één tot twee uur al mijn aandacht opeist. Dat uit zich tot het in kramp trekken van mijn tenen aan mijn rechtervoet. Of het ongecontroleerd wiebelen van mijn linkervoet, die dan soms uit mijn klikpedaal springt. Op die momenten, vooral wanneer mijn rechtertenen in klauwvorm komen te staan, zit er niks anders op dan te stoppen met pedaleren, af te stappen en te wandelen, zodat mijn klauwtenen terug ontspannen. Soms gaat het voorbij na één keer 100 meter wandelen, veeleer moet ik dit enkele keren herhalen en kan het soms een half uur duren eer mijn klauwtenen terug ontspannen zijn.

    Maar de wiebelende linkervoet, en de klauwende rechtervoet is nog het minst erge. Tijdens wat langere ritten, toertjes van 3 of meer uren krijg ik van de ene seconde op de andere periodes van “blokkage”. Om te fietsen breng je de kracht via je benen over naar de pedalen, dat doe je spontaan. Tijdens die “blokkage-periodes” doe ik alle moeite om dat te doen, maar dat lukt niet. Mijn kracht kruipt in mijn armen. Ik doe niks anders dan gewoon mijn armspieren opspannen tot deze 1000 kilo en meer “wegen”. Er komt niks van power meer op mijn pedalen.

    Op het vlakke, bergop, zelfs bergaf krijg ik amper de benen rond, mijn hartslag gaat tijdens deze periode ook nooit meer boven de 115/120 slagen/minuut, soms blijft hij onder de 100 . Doe ik toch alle moeite om mijn hartslag en omwentelingsaantal terug hoger te krijgen, door bijvoorbeeld een “spurtje” te trekken, en kom ik zo tot aan een “geweldige” hartslag van 130, dan betaal ik dat cash. Er rest mij niks anders dan op mijn zadel neer te ploffen als een bloemzak. Mijn hartslag valt  onmiddellijk terug tot maximum 115.

    Het rare eraan is ook dat ik tijdens die “blokkage-periode” ook de meest steile hellingen aankan, maar aan een extreem laag aantal omwentelingen, zodoende fiets ik dan amper 3 a 4km/uur. Op het vlakke kom ik niet harder dan 16 a 18 km/uur. Ook tijdens deze “periode van blokkering”  moet ik amper ademhalen, ik ben of voel me ook niet moe. Ik fiets gewoon rond met de hartslag van een mummie, draai een maximaal omwentelingsaantal van een 150-jarige.

    Ondertussen heb ik dat allemaal moeten aanvaarden, weet ik dat ik niks anders kan doen om te wachten tot wanneer de voetproblemen en blokkeringsperiode voorbij is. Dat gebeurt ook van de ene op de andere seconde, net zoals het opkomt. Ik voel dit niet aankomen, en voel ook niks meer nadat dit voorbij is. Tot op heden weet ik alleen dat het voorbijgaat. Soms snel na een tiental minuten, maar evengoed kan het anderhalf tot twee uur duren, zoals ik dezer dagen mocht meemaken in de tweede helft van de Crocodile Trophy. Vermoeidheid en overmatig zweten tijdens het fietsen is zeker een bepalende factor.

    Mijn neurologe heeft voor al deze dingen geen verklaring, bij gebrek aan naslagwerk of onderzoek van andere Parkinson-patiënten die zoals zei het zegt, extreem sporten.

    Ze zegt dat ik een boek of een naslagwerk moet schrijven. Om dan te overhandigen aan haar? Zodat ze weer 55 euro kan aanrekenen voor een bezoek? Téitekereire, ik fiets liever…………Wink

    Terug naar het najaar 2015;

    In oktober 2015 koop ik een nieuwe mountainbike, een full suspension (voor-en achteraan geveerd) Specialized Epic Expert Carbon 2016. En ook nieuwe schoenen.

    Ongelukkigerwijs start ik op advies van de neurologe in dezelfde periode met andere medicijnen om Prolopa-bijwerkingen tegen te gaan. Ik start met de inname van Stalevo die de Prolopa moet vervangen. Het opduiken van de problemen die ik ervaar wijt ik en mijn dokters helemaal aan de nieuwe fiets en de nieuwe schoenen.

    Na vele bezoeken bij dokters, neurologen die me verschillende test laten doen, die me van kop tot teen onderzoeken, bezoeken aan podologen die verschillende soorten en types steunzolen voor  me maken, komen vooral de klauwtenen frequenter voor. Ook wanneer ik helemaal niet fiets, bij dagelijkse handelingen. Het duurt ook veel langer eer mijn rechtervoet terug ontspannen is. Hetzelfde geldt voor de “blokkeringsperiode”.

    Begin februari heb ik al een drietal weken helemaal niet gefietst en ben ik moe, zeg maar uitgeput. Op een donderdagmorgen kom ik helemaal tot “stilstand”. Ik kan mijn broeksriem niet meer sluiten, en neen, ik ben niet dikker geworden.

    Ik zet mij neer, neem pen en papier, en begin op te schrijven wat er de voorbije maanden veranderd is, hoe het in godsnaam mogelijk is dat ik op goed drie maand 120 jaar geworden ben. Ik kom tot het besluit dat het niks te maken heeft met nieuwe fiets of schoenen, nog minder met al of niet speciale steunzolen. Het is de nieuwe medicatie.

    Ik doe alsof de laatste drie maand er niet zijn geweest en besluit op eigen houtje om terug een dosis oude “stopgezette” pillen in te nemen. Alle zes uur een half tabletje Prolopa250. Een kwartier later krijg ik een ongelooflijke boost. Het kan mij helemaal niet schelen wanneer één of andere specialist toen en nu zegt dat dit niet kan, en ik wil ook niemand ertoe aanzetten om zelf te gaan experimenteren, maar dit is wat er gebeurde die donderdagvoormiddag.

    Een half uur na inname van mijn pillen trek ik mijn “nief schoenen”, kruip ik niet meer, maar spring terug op  mijn “nieve velo” en doe een toerreke. Ik voel me herboren, kan mezelf terug afdrogen na het douchen en een broeksband sluiten is geen enkel probleem meer.

    Het weekend daarop maak ik twee keer een mountainbiketoer van meer dan vier uur met aardig wat hoogtemeters. Twee keer stel ik vast dat mijn klauwtenen opduiken vier uur later nadat ik mijn pillen heb geslikt.

    Mijn simpele  redenering luidt als volgt; mijn dopamine is mijn brandstof , mijn lichaam is de benzinetank, “de naftbak” Mijn armen en benen zijn de motor. En als je niet op tijd en stond naft in de naftbak kapt stopt de moteur met rijden.

    En dat is wat er is voorgevallen tijdens de herfst/winter 2015-’16. Elke 6 uur een half dopaminetabletje is niet meer voldoende om dit lijf te laten functioneren, laat staan fietsen zoals voorheen.

    Omdat ik elke dag, ondanks de waarschuwingen van lijf en leden, de klauwtenen en blokkage-problemen, de laatste restjes dopamine uit de reservetank heb genomen ben ik langzamerhand trager en trager gaan functioneren, om uiteindelijk helemaal stil te vallen op "broeksband-donderdag" in februari.

    Vanaf dat weekend neem ik ’s morgens (weer op eigen initiatief) om 6 uur ¾ tablet Prolopa250 en vul elke 4 uur aan met een ½ tablet. En kijk, het wonder is geschied, ik val niet meer stil en mijn klauwtenen zijn weg. Ik ben ook haast zeker dat de nieuwe pillen Stalevo ipv Prolopa ook wel zullen werken, alleen geldt voor de nieuwe pillen ook het “naftbak-principe”, en moet de dosis hoger zijn, of de toevloed frequenter. Maar omdat ik ondertussen weer met nieuwe moed aan de weg naar de Crocodile-Trophy begonnen ben, ga ik het overschakelen van Prolopa naar Stalevo, pas na de Croq doen (gisteren 2 november begonnen). Dat mijn neurologe zegt wat ze wilt, ik ben het die moet slikken.Cool

    Drie weken later heb ik een afspraak  met mijn neurologe. Opgewekt en blij vertel ik haar mijn verhaal zoals hier beschreven, zij luistert en noteert aandachtig. Na mijn verhaal zegt ze; “Allee, das goed, ik ben blij voor u, doe zo voort, het is 55 euro”.Rolling Eyes

    Drie weken na “broeksband-donderdag” haal ik al terug een behoorlijk fietsniveau en schrijf mij in voor een ander meerdaagse mountainbike-race, in Zuid-Afrika. De JoBerg2c (lees van “Johannesburg to Coast), een negendaagse race in lijn. Van Johannesburg tot Durban. 900 km, 14000 hoogtemeters, dwars door de wondermooie schoonheid van Zuid-Afrika, door Zoeloe-land, eindigend op de beach van Scottburgh, waar je eerst een door de golven bewegende 300 m lange brug vlak voor de finish moet overrijden. Ga, kijk en geniet;  www.JoBerg2c.co.za en schrijf u in.

    De overtreffende trap van fantastische beleving is niet genoeg voor dit heerlijk evenement. Elke deelnemer is daar een kampioen en wordt van de eerste tot de laatste minuut in de watten gelegd. Het enige wat je moet doen is fietsen, eten en naar het toilet gaan. Verder wordt je daar behandeld als koningen. Je bagage wordt  gedragen, je fiets wordt elke dag gepoetst en gesmeerd, bevoorradingen onderweg zijn buffetten die heerlijker zijn dan Romeinse schranspartijen ten tijde van Julius Cesar, om van de avonddiners nog maar te zwijgen. Dagelijkse filmreportages die niet moeten onderdoen voor de uitzendingen van de Tour de France, met filmploegen in helicopters, in de koers en broadcasting op de Zuid-Afrikaanse tv. Om duimen en vingers af te likken.Een unieke ervaring waar je natuurlijk wel voor moet getraind hebben, maar een absolute to do marathon voor de geoefende amateur-mountainbiker. Ik vond het alvast zo prachtig dat zolang mijn lijf  het toelaat ik elk jaar terugga, alvast in 2017.

    In het begin van de zomer merk ik terug dat mijn “naftbakske dopamine” alweer rapper leeg is, en slik ik noodgedwongen elke 3 ½ uur een ¾ tablet Prolopa250, zeker bij het fietsen. Desondanks komen de klauwtenen en blokkagemomenten meer en meer voor. Ik begin er rekening mee te houden dat het haast elke lange training of rit (meer dan 4 uur) wel het ene of het andere opduikt.

    Na mijn terugkeer uit Zuid-Afrika had was de goesting naar meer van dit events groot. Ik zocht en vond een ander avontuur. Een zesdaagse race in Mongolie eind augustus 2016, The Mongolia Bike Challenge.

    Het enorme lege landschap is overweldigend mooi. Mooie maar ook zware ritten vanwege de hoogtemeters, maar vooral vanwege de wind. Er is altijd en overal wind die blijkbaar altijd tegen staat. Heb je het geluk dat hij voluit op de rug blaast ga je natuurlijk wel vooruit, maar net vanwege deze snelheid is het dan ook vaak snel afgelopen, en is  het terug stoempen geblazen. Van een technisch parcours moet je zeker niet spreken, remmen heb je haast niet nodig, een geveerde fiets is ook geen must, singletracks zijn er totaal niet, maar nog eens, het is een overweldigend landschap.

    De sfeer onder de deelnemers was super. Ik heb me geamuseerd , tijdens de ritten, en zeker ook nadien. Het eten was ook best in orde, maar daarmee zijn alle goede punten van de organisatoren vermeld.

    Qua organisatie is het een zootje, een dikke nul en zwaar gebuisd. Alles wat er wordt beloofd op hun website is er niet. Amper gelegenheid tot douchen na de race, laat staan wat water om de  mountainbike wat op te poetsen. Als er al water is , is het alleen koud water of een groene rivier. Ondanks de vele uren zon komt de temperatuur overdag amper boven de 15 graden vanwege de hoogte en de wind. De overjaarse gps routes zijn al jaren niet ge-update, er is weinig of geen correcte bepijling. Deze twee factoren zorgen voor veel ellende bij de deelnemers en leidt tot nachtelijke zoektochten naar deelnemers. Zelf ben ik enkele uren aangehouden omdat ik onwetend op militair gebied aan het fietsen was. Slapen in tenten waar meer gaten dan zeildoek aanwezig was, en dit terwijl de organisatoren elke nacht in een hotel verblijven. Bevoorradingsposten hebben water en chips, met wat geluk is er ook nog cola en that’s it. Transport van de mtbikes gebeurt op open bouwtrucks, waar voor enkele honderduizenden euro’s aan fietsen op staat, zonder enige bescherming tussen de fietsen. Deze worden tegen elkaar getrokken door koorden alsof het oud ijzer is, en zo kan ik nog wel doorgaan.

    Mijn persoonlijk advies (maar ik ben er natuurlijk wel geweest); Wegblijven!  De vertrekplaats Ulaanbataar, tevens hoofdstad, is een echte hel voor fietsers, fietsen is levensgevaarlijk. Maar een avontuur is het zeker wel.

    En dan nu het hoofdstuk waar ik deze blog voor heb gemaakt. De Crocodile Trophy (niet 2014) maar de 22ste editie in 2016. Jaren van gedroomd en nu werkelijkheid.

    Na mijn hoofdstuk Mongolie merk ik dat de conditie niet opperbest meer is. Ik heb in september de kaap van 10.000 kms op mijn mtbike overschreden, en weer krijg ik sneller, klauwtenen, wiebelvoeten of blokkage. De duurtijd om erover te komen duurt vaak ook langer. Maar ik weiger nu pertinent om nog meer dopamine te slikken, of de inname tijd nog te verkorten.

    Gesteund en aangemoedigd doorop de eerste plaats mijn eega Geja, mijn drie beste jeugdmaten den Toinkes, den Biste, en de Fluppe, alsook hun respectievelijke wederhelften, vertrek ik op 17 oktober met een klein hartje en “dikke peurre” met mijne kopman Parkinson richting Cairns. Confused

    Mijn doelstellingen zijn in twee jaar wel veranderd, in eerste plaats vanwege mijn aandoening, in tweede plaats vanwege mijn val. Ik wil uitrijden, overleven, aankomen en heb op 51-jarige leeftijd niet meer de gedachte, wat een ander kan, kan ik ook.

    Aan de ellenlange vlucht lijkt geen einde te komen. Uiteindelijk land ik toch op het kleine vliegveld in Cairns, waar de shuttle mij staat op te wachten om mij naar het luxueuze Paradise Palm Resort te brengen. Daar aangekomen ontmoet ik alvast andere enthousiaste deelnemers die net als ik den bibber hebben. Neen, niet van Parkinson, maar van de uitdaging. Op vrijdagnamiddag worden alle deelnemers per shuttle overgebracht naar de briefingplaats in een mooi park in het centrum van Cairns. Daar krijgen we ons rugnummer en info. Onmiddellijk valt op dat de Crocodile Trophy organisatie toch ook wel een beetje leuke chaos kent, en een beetje wanorde troef is. Dit zal tijdens de race ook blijken. Tijdens deze briefing leer ik de andere deelnemers kennen, Belgen, Neder-en andere buitenlanders die ik regelmatig lees in uitslagen. Ik ontmoet ook enkele Australische kerels die ik heb leren kennen in Mongolie. Het is een blij weerzien in dat kleine wereldje.

    Na drie dagen losfietsen gaat op zaterdag 22oktober de eerste etappe van start op het technisch uitgetekende World-Cup parcours in Smithfield.  Vier rondjes van bijna 8 km, nadien in lijn naar de finish die voor de deur van het Paradise Palm Resort ligt. Op dat parcours is er geen 10 meter rechtdoor. Draaien, keren, slingeren, omhoog en omlaag door het tropisch woud, 95% singletrack. Geweldig.

    Het startsein wordt gegeven omstreeks 12.30 uur. Onmiddellijk wordt er gespurt naar de eerste meter singletrack. Ik doe het zeer rustig en draai als voorlaatste van de 99 starters het parcours op. Gestaag haal ik in, en ik amuseer me rot. In de derde ronde kom ik zowaar een kameleon op  mijn weg tegen. Het beestje duikt weg als hij mij ziet, komt op zijn beslissing weer, en duikt recht onder mijn voorwiel. Ik kan niet stoppen en rij helemaal op zijn langse zijde over dat mooie dier zijn gladde rug. Mijn achterwiel doet net hetzelfde en zowel de kameleon als ik belanden in het decor. Het beestje schiet vervolgens de jungle in en ik kruip terug op mijn fiets, met spijt dat ik over dat dier ben gereden.Embarassed

    Na 4 ronden draaien we af naar de finish, maar daarvoor moeten we een 2 km lange muur over. Of hoe noem je een helling die van zeeniveau klimt naar 450 meter hoogte in 2 km? Das gemiddeld meer dan 20%. Enkele echte elite-renners raken boven, de anderen moeten net zoals ik het overgrote deel van de klim wandelen. En tijdens dat wandelen roept mijne kopman Parkinson mij. Hij kruipt op mijne rug en ik wandel trager en trager. Het wordt zo erg dat ik op een bepaald moment mijn voeten niet meer vooruitkrijg, en ik moet gaan zitten om alzo zittend opnieuw te “leren” stappen. Een blokkage tijdens het stappen, het was weer een nieuwe ervaring. Uiteindelijk raak ik boven, 20 andere deelnemers (ik tel ze om aan iets anders te denken) zijn mij ondertussen voorbijgewandeld. Tijdens de levensgevaarlijke extreem technische afdaling wordt ik nog door enkelen voorbij gereden, omdat ik hier en daar afstap. Uiteindelijk kom ik op de 60ste plek in de rangschikking. Maar ik ben best tevreden over mijn prestatie als ik over de meet rij. Iedereen heeft het nadien over de zwaarte van die “wandelklim”.

    ’s Anderendaags moeten we gepakt en gezakt om 8.00 uur in het hotel klaarstaan in koerstenue. Onze bagage moet deels naar het tentenkamp in Atherton worden gebracht. Atherton is de aankomstplaats van de volgende drie ritten. De fietskoffers en bagagespullen die we niet gebruiken tijdens de koersdagen moeten speciaal gelabeld zijn en worden naar de eindstreep in Port Douglas gebracht. Maar de trucks die dit moeten brengen zijn  te laat, en wanneer ze uiteindelijk toekomen ook niet groot genoeg. Zo blijven alle valiezen en koffers in de receptie van het hotel terwijl een deel van de groep al per shuttle overgebracht wordt naar de start van de tweede etappe. Enkelen moeten nog wat wachten want er blijken ook te weinig shuttlebussen te zijn. Heerlijke chaos dus.

    Uiteindelijk raakt iedereen aan de startplaats in het centrum van Cairns, waar de start noodgedwongen met een uur is uitgesteld. Tweede etappe gaat van Cairns naar Atherton over 130 km inclusief de neutralisatie en 3200 hoogtemeters.

    Na de eigenlijk start 14 km buiten Cairns beginnen we onmiddellijk met zijn allen aan een “wandelklim”. Iedereen moet uiteindelijk te voet naar boven klefferen, alhoewel de elite renners langer in het zadel kunnen blijven, vooraleer ook zij moeten wandelen net als de amateur-deelnemers zoals ik.

    Om 12.00 uur heb ik 28 km op mijn teller staan, het wordt een loodzware lange dag.

    Vanwege de chaos aan de start en de vroege inval van de nacht (om 18.30 uur is het pikdonker), besluit de organisatie en de UCI commissarissen om de koers voor de tragere deelnemers om 16.00 uur, aan de laatste bevoorradingspost op 15 km van de finish met nog een zeer zware klim, stop te zetten en hen een berekende tijd mee te geven in de rangschikking. Ze worden niet uit de wedstrijd gezet omdat de fout niet bij de rijders ligt waarom de koers zo laat van start is kunnen gaan.

    Ik ben de eerste die gestopt wordt om 16.02 uur en zie voor mij in de verte een andere renner die wel mag doorrijden omdat hij net voor 16.00 uur is gepasseerd. Dit gebeurd op de volgende manier nadat een UCI commissaris mij dit heeft meegedeeld;

    Ik;  Look man, i’m here to ride the full Crocodile, and that’s what i’m going to do, I won’t stop.Evil or Very Mad

    UCI;   You must stop, we decide to stop you.

    Ik; Fuck man, to stop me , you must shoot me, I’m going.

    UCI; We gonna give you an extra time penalty!!!Twisted Evil

    Ik; You can disqualify me, but I ride the whole tour!!!

    UCI; It’s you’re descission and responsibility!!!!!

    Ik; Yeah, yeah, ciao! En weg was ik.Very Happy

    Ik was netjes voor de donkerte binnen om 17.40uur en heb nog drie rijders ingehaald. Ik krijg niet mijn effectieve tijd, maar de berekende tijd zoals diegenen die na 16.00 uur aan de bevoorrading braaf zijn gestopt, maar ook een  extra time penalty van bijna 30 minuten vanwege het niet opvolgen van het bevel van een UCI commissaris. Het kan me niet schelen, ik heb de rit uitgereden.Very Happy

    En dan was er plots chaosConfused . Na het overschrijden van de meet zocht ik mijn bagage. Die was er niet, evenmin die van een andere deelnemer. Ik moet mijn bagage hebben, ook vanwege mijn spullen, maar vooral voor mijn medicatie. Na de melding en de daaropvolgende discussie ging men een auto opsturen om in Port Douglas onze spullen op te halen, over en weer meer dan 400km. Maar alle voertuigen waren weg naar de laatste bevoorrading om de gestopte rijders en hun fietsen op te halen. Rond 18.45 uur vertrok de wagen. Ik reed mee want zo won ik enkele uren om mijn pillen sneller te kunnen slikken. Mijn  laatste dopamine-inname gebeurde rond 15.30 uur. Aangekomen in Port Douglas zat ik helemaal geblokkeerd en nam ik zo snel  mogelijk mijn pillen.

    Omstreeks 23.40 uur kwamen we terug toe in het tentenkamp waar alle rijders al vredig enkele uren sliepen. Voor mij stond er nog wat koude pasta onder een zilverpapier. Ik kreeg vanwege Regina Schneider en Gerhard Schonbacher ter compensatie een hotelkamer aangeboden om het leed wat te verzachten. Iets wat ik in dank aanvaarde. Tot bleek dat het 45 minuten duurde eer ik in mijn hotelkamer was omdat geen van beide organisatoren de weg naar het hotel wist. Uiteindelijk lag ik na een snelle douche om 01.15 uur in bed. Om 5.15 uur moest ik er weer uit omdat ze mij om 5.45 uur kwamen ophalen om naar het tentenkamp terug te keren. Ik was niet echt uitgerust en fris die ochtend.

    Derde etappe Atherton-Atherton 65 km waarvan twee rondjes van 25 km op alweer een zeer technisch WorldCup circuit, 1700 hoogtemeters. Een zeer mooie etappe bood zich aan.

    En dat was het ook, op en af , slingeren tussen bomen rotspartijen, rotsblokken, draaien en keren, geen tien meter rechtdoor en geen meter vlak. Er was een bevoorrading bij het opdraaien van ronde twee en daar vroeg een Belg of er iemand een reserve binnenbandje teveel bij had, omdat hij het zijne had weggegeven aan een dame die lek gereden was.

    Ik heb er altijd twee bij en gaf er dus ééntje aan hem. Ook omdat ik nog een wiekenset voor herstelling van tubeless-banden bijheb en ook enkele “rustinnekes” of bandenplakkers. Ook allerlei gereedschap en tools sleur ik mee, want wanneer ik pech heb ben ik niet zo handig meer met mijn Parkinson vingertjes. Ik stop in de tweede ronde bij een pechvogel wiens ketting tussen de pion en de spaken geklemd zat. Met vier handen en geholpen door een nijptang die ik bijheb, lukte het ons om de ketting los te krijgen. Thank you en weer verder op dit heerlijke circuit.

    15 km voor het einde , plat achteraan, stoppen en herstellen , het steken van een binnenbandje duurt altijd een half uur of langer vanwege mijn vingertjes. Uiteindelijk is de taak volbracht en kan ik terug de singletrack op. Drie km verder in een heerlijke curp-stone bocht tijdens de afdaling ontploft mijn voorband, de latex spat uit het gat. Mijn fiets is onbestuurbaar en ik vlieg over de curpstone voor de tweede keer in drie dagen het decor in. Zonder erg, wat krassen en blutsen op het vege lijf, maar dat hoort nu eenmaal bij het mountainbiken. Erger is dat ik geen binnenband meer heb. Ik probeer het gat in mijn voorband met een wiek te dichten, maar ook dat duurt altijd lang. Uiteindelijk lukt dat ook. Natuurlijk ben ik teleurgesteld door het vele tijdverlies, maar er is weinig aan te doen. Op 5 km van de finish wacht weer een ellenlange zeer steile wandelklim waar geen enkele renner al rijdend bovenkomt, ook geen enkele van de elite renners. Iedereen vraagt zich af wat de meerwaarde is van dit soort beklimmingen. Ook ik kruip naar boven om nadien de even steile afdaling aan te vatten. In deze afdaling krijg ik terug een klapband, nu achteraan met nog 3 km te gaan. De moed zakt in mijn schoenen en de wanhoop is nabij. Het gat is veel te groot om een wiek in te steken maar ik heb geen binnenband meer, dus twee wieken in het gat en pompen maar. Weer enorm tijdverlies en ik  moet nog vier keer stoppen om bij te pompen vooraleer ik volledig pissed off over de meet rij. Ik ben zo kwaad dat ik mijn fiets weggooi en mij wegtrek om mijn woede te verwerkenTwisted Evil . Ik wil niemand zien of horen. Maar uiteindelijk moet ik na een douche mijne velo terug gaan ophalen en herstellen wil ik de volgende dag starten. Ondertussen verneem ik dat de Luc aan wie ik mijn tweede reservebandje heb gegeven overkop gegaan is en een AC luxatie heeft opgelopen. Tiens, waar ken ik dat van. Nog erger is dat deze man in 2014 aan de start stond voor zijn eerste Crocodile Trophy. Hij is toen in de eerste rit zwaar gevallen en heeft toen ook moeten  opgeven. Nu opgave in rit drie. Ze bestaan dus nog, grotere pechvogels dan ik.

    Ik moet terug beroep doen op een wagen van de organisatie om in het stadje Atherton twee nieuwe tubeless banden te kopen. Omstreeks 19.30 uur is mijn fiets terug in orde en proper voor de volgende etappe en kan ik naar de eettent voor mijn diner. Alle andere renners hebben hun avondmaal dan  allang achter de kiezen. Rond halftien kruip ik in mijn slaapzak. Moe en toch nog wat gefrustreerd.

    Rit 4 Atherton - Atherton; 78 km, loodzwaar met 2700 hoogtemeters.

    Onmiddellijk na de start volgt een 12 km lange lastige klim, met een gemiddelde stijgingspercentage van net geen 8% , maar wel op een goed berijdbare bosweg. Dan afdalen tot aan de eerste bevoorrading, gevolgd door een 45 km lange lus door een natuurpark, en weerom dezelfde beginklim maar dan in de andere richting. Ook deze dag is het broeierig warm met temperaturen van +40 graden, gelukkig rijden we veel in de schaduw door de jungle.

    De hellingen in het natuurpark zijn nooit extreem lang, maar waanzinnig steil, met als toppunt een 300 meter lange beklimming op een gladde rots met stukken die gaan tot 41%. Wie verzint zoiets, wie kan daar nu op fietsen. Dat is bergbeklimmen met een mountainbike in je hand of op je rug. Rijders moeten elkaar helpen om boven te geraken. Uiteindelijk lukt dat toch. De ene steile beklimming volgt op de andere, dan de tweede bevoorrading om vervolgens de zeer lastige beginklim in de andere richting aan te vatten. Bovengekomen dalen we af op een zeer technisch stuk van het WorldCup circuit van de  etappe gisteren, heerlijk geconcentreerd mtbiken is dat, en daardoor vergeet ik haast alle ellendige klauterpartijen van deze dag. Beneden consternatie alom want ook nu jaagt de organisatie ons nog eens over die laatste onberijdbare wandelklim van gisteren. Waarom toch? Bovengekomen op dit stuk ellende denk ik aan mijn derde lekke band van gisteren en kies  bewust voor een andere track. Ik zoef naar beneden en zie op de plek waar ik gisteren mijn band hersteld heb een Crocodile wegwijzerpijl hangen. Das mijn souvenir, ik stop en plooi deze in mijn camelbag. Ik zet mij terug in het zadel en stel vast dat ik OPNIEUW PLAT sta achteraan. Dit is erover, dit kan niet, dit is Guantanamo in de hel. Straft "de Heer" onmiddellijk voor het “stelen” van een plastieken pijltje. Mijn gevloek en getier doet alle kangeroes, krokodillen en andere beesten die me gadeslaan wegkruipenTwisted Evil Twisted Evil Twisted Evil . Moest dit in Belgie zijn, ik liet alles achter en kwam te voet terug naar huis. Maar hier kan ik niet anders dan opnieuw herstellen. De twee rijders die mij voorbijrijden stoppen gelukkig niet, maar zeggen beiden en zonder enig leedvermaak; “Oh no Jan, not again, on the same spot”. Morgen kunnen zij het zijn. De harde wet van het mountainbiken, pech en tegenslag rijden altijd mee.

    Uiteindelijk sukkel ik weerom over de meet, zoek nog maar eens voor de derde dag op rij een wagen met chauffeur. Weer om een nieuwe achterband te kopen. Als dat geregeld is krijg ik bijstand van andere Belgische deelnemers die met mij te doen hebben. Merci Bart, bedankt Michel, deze superkerels gaan voor mij naar de winkel, vervangen mijn band, en poetsen mijn fiets. Nochtans staan zij hoog in de algemene rangschikking, ze winnen alletwee ook enkele etappes in hun categorie. Maar ze weten ook wat het betekent om door pech en ellende achtervolgd te worden. Door de hulp van deze gasten  kan ik voor de eerste keer in drie dagen toch nog een beetje extra rusten in de late namiddag na drie loodzware dagen. En met nog meer zware etappes de volgende dagen is deze extra rust welgekomen. Ik kan ook voor de eerste keer in drie dagen samen het avondeten nuttigen met de andere deelnemers. Gasten nog eens bedankt!

    Mijn cijfers van deze vierde etappe; net geen 80 km, die ik in 5 uur 56 min heb afgelegd, of een gemiddelde “snelheid” van 13,5km/uur. 2800 hoogtemeters over 29 km geeft een gemiddelde stijgingspercentage van 8% !!! aan, en aan deze klimpartijen heb ik 3 uur 42min “plezier” beleefd. Mijn benen doen terug pijn als ik dit lees.

    Vijfde etappe Atherton-Skyburry, 141 km en alweer venijnig met 2800 hoogtemeters en iets over halfkoers dertig km waanzin.

    Vanwege de lastigheid moet ongeveer de helft van de nog 80 in koers zijnde deelnemers , de tragere rijders (ik dus ook) een uur vroeger starten. Om 7.00 uur ipv  om 8.00 uur. Dat komt me prima uit, ik ben toch steeds vroeg wakker, en zo rijden we toch een uur minder in de broeierige hitte fietsen.

    Onmiddellijk na de start terug die lastige beginklim van gisteren. Tot nu toe heeft elke racedag mijne kopman Parkinson aan mijn zadel gehangen tijdens mijn “blokkage-uurtje", maar nu wordt ik na enkele klimkilometers geconfronteerd met klauwtenen. Noodgedwongen moet ik wel een tiental keer van mijn fiets om te wandelen en zo mijn voet te ontspannen. Maar omdat het altijd maar weer onmiddellijk duwen is nadat ik terug in het zadel zit keren de klauwtenen vanwege de druk op mijn pedalen snel terug. Ik kom als allerlaatste van de vroegstarters boven op deze lange lastige klim. Nadien tijdens de heerlijke afdaling komt mijn voet tot rust, en voor we aan de eerste bevoorrading zijn heb ik er al terug enkele ingehaald. Na de bevoorrading is het 30 km golvend, op en af en het gaat prima. Regelmatig haal ik rijders bij en laat ze ter plaatse. Halfweg deze rit beginnen de elite-rijders die op de reguliere starttijd, 8.00 uur gestart zijn ook mij voorbij te rijden. En dan duiken we de 30 km lange waanzin in. Extreem steile hellingen en afdalingen over niets anders dan losse rotsblokken, rond en zo groot als een  voetbal. Het lijkt wel of de Griekse Goden hier hun knikkers hebben uitgestrooid, je rolt en bolt van links naar rechts, schokt van boven naar onder, allemaal in een poging om een goede track te vinden en vooral om recht te blijven.

    Mick Jagger heeft hier zijn naam uitgevonden van zijn muziekbandje, dat kan niet andersWink .

    Ook liggen tussen deze rotsblokken metersdiepe putten en sleuven, het is waanzinnig en blijft duren. Uiteindelijk ben ik voorbij de rotspartij en komen we onmiddellijk in helwit losliggend zand terecht. Dit doet gewoon pijn aan de ogen, ondanks de goede zonnebril, stoempen, zweten, hijgen en puffen, het stopt niet, ik vervloek alles en iedereen, en vind mezelf de grootste onnozelaar, de grootste ezel en dommerik dat ik hieraan begonnen ben. Het lijden wordt een beetje verzacht wanneer er af en toe een elite renner mij voorbij kruipt, ook traag en onderworpen aan dezelfde ellendige lijdensweg. Aan alle miserie komt een einde, dus uiteindelijk hier ook, maar wat verder onderga ik de wet van mijn kopman Parkinson en blokkeer ik. Deze keer duurt het lang, zeer lang, de vermoeidheid, het vele zweetverlies, het zal zeker meespelen. Maar na anderhalf uur tergend traag fietsen, met benen die weinig omwentelingen aankunnen en een lage hartslag  max.115 gaat het plots weer beter. Ineens heb ik terug power in de benen. Ik drink net als die andere lange etappe op dag twee bijna meer dan 10 liter zoutaanvullende energiedrank, eet meer dan genoeg energiebars en gellekes onderweg, en aangevuld met heerlijke ananas, bananen, meloen en watermeloen tijdens de bevoorradingen, zit ik die dag 8 ½ uur op mijn zadel om 141 km af te leggen en de 2800 hoogtemeters te overbruggen. In het programmaboekje worden slechts 1700 hoogtemeters vermeld. Drukfoutje.Shocked  Ook deze dag worden net als alle andere dagen rijders die uitgedroogd zijn afgevoerd naar een medische post of klein hospitaal.

    Tijdens deze lijdensweg kom ik tot het besluit dat dit echt niet meer voor mij is, dit is te lastig, te zwaar. Ik begin wel te beseffen dat ik het einde ga halen als er mij geen ongelukken overkomen. Die wetenschap beurt me dan weer op. Maar ik ben moe, zeer moe als ik die dag over de finish rij. Dat geldt ook voor de anderen, iedereen is precies 10 jaar ouder geworden tijdens deze etappe. De heerlijke campingplaats op een koffieplantage maakt die avond veel goed. De sfeer onder de rijders is heerlijk. Er wordt veel plezier gemaakt maar om 21.00 uur slaapt iedereen.

    Stage zes lijkt een feestdag, slechts 54 km en amper 400 hoogtemeters. Voor mij en sommige tragere rijders die niks om hun klassement geven is het dat wel. Voor de elite renners en rensters, en de amateurs die er echt voor gaan is het anders. Het gaat waanzinnig hard tegen onzacht onder hen in deze stoffige etappe.

    Eerst is er een kleine neutralisatie en worden we pas echt van start geschoten na het kruisen van een lokale highway. Ik voel onmiddellijk na enkele meters dat mijne kopman Parkinson aan mijn zadel hangt en kom geen meter vooruit. Op een stuk asfaltweg “vals plat” naar beneden toe kan ik niemand volgen. Ik rij niet harder dan 18km/u en weer met een hartslag van een mummie. Het lijkt of het hele peleton wegdemmareert en ik alleen blijf zitten. De met de wagen volgende UCI-commissarissen komen zelfs vragen of er niks mis is, vragen mijn naam, waar ik ben en wat ik aan het doen ben. Ik verzeker hen dat alles in orde is.

    Na een tiental km heb ik anderhalve minuut achterstand. Daar draaien we van de asfaltweg een park in waar we twee rondjes rond een meer moeten rijden. Het is stoempen vanwege het losse zand, rotsblokken liggen er amper. Ik vind onmiddellijk op dat zand mijn tempo terug, mijne kopman afgegooid en hij kan mijn kloten kussen, ik ben weg en begin aan een hoog tempo mijn pedalen rond te draaien. Ik zie ook enkele Walibi’s en één echte kangoeroe rondhuppelen die verdwaasd staan te kijken, en lees hun gedachten, daar zijn ze weer, de gekken op hunne velo met hun onnozel kostumeke, de wielerterroristenCool .

    Na één ronde heb ik al enkele rijders bijgehaald en achtergelaten. Ik rij tijdens ronde twee nog een 15-tal rijders voorbij en rij met een goed gevoel over de aankomst, waar nog steeds enkele elite-renners liggen uit te hijgen van hun hoge snelheidskoers. Het is duidelijk te zien dat het voor hen geen plezierritje was. Ook die avond is het prettig toeven op de terrassen van de koffieplantage met een fantastisch uitzicht op de outback.

    Etappe zeven; Skyburry – Weatherby Station 115 km en 1500 hoogtemeters

    De trage rijders mogen weer een uur vroeger op pad. Deze groep is ondertussen aangegroeid tot meer dan de helft van het deelnemersveld. Het zegt genoeg over de lastigheidsgraad door de opeenvolging van de helletochten. De etappe lijkt gemakkelijker, maar we geloven allang Gerhard en Regina niet meer tijdens de briefingSmile . Onder de rijders wordt dikwijls gelachen met de dagelijkse kleine chaos over alles en nog wat en het gezegde ontstaat ; “Het gemakkelijkste aan de Crocodile zijn de etappes”,…… heerlijk toch.

    Dit is ook weer aan de orde bij deze start. Vertrek om 7.00 uur voor de tragere rijders, maar om 6.50 uur wordt het peleton 10 minuten te vroeg op gang geschoten. Ikzelf en nog enkele anderen missen daardoor de start en zijn onmiddellijk op achtervolgen aangewezen. Maar mijn benen zijn goed na een pijnlijke maar deugddoende massage de dag voordien door Bompa Lawijt , een levende legende/verzorger in het profpeleton (Daf-trucks, PDM etc ). Ik heb power op overschot, en samen met enkele anderen die de te vroege start hebben gemist slagen we vrij snel om de grote groep in te halen. We gaan erop en erover omdat we ons tempo aanhouden. Tot km 75 is het heerlijk rijden over het golvende parcours met een snelheid die nooit onder de 35km/uur gaat op het vlakke. Er is op dat moment nog geen enkele elite renner die ons heeft ingehaald. Maar dan moet ik ineens weer mijn kopman dienen, de profiteur. Ik moet mijn groepje laten gaan. Vervolgens wordt ik regelmatig voorbijgereden door andere groepjes, want ik rij weer bijzonder traag en mijn hartslag gaat alweer niet hoger dan anders tijdens dit "kopmanuurtje". Tijdens deze periode komen er ook langere en steilere beklimmingen in het parcours, maar dat geeft geen probleem. Ik kan ze allemaal aan zonder moeite, maar oh zo traag. Ondertussen sjeesen ook de eerste elite-renners voorbij. Ergens hoop ik dat ze te laat komen om de eerste tragere rijders in te halen, dat zou wat zijn. Maar dat gebeurt niet. De tragere rijders vallen één voor één dood, vanwege het naar het einde toe steeds lastiger wordende parcours. Mijn kopman mag een goed uur op mijn rug zitten, maar dan gooi ik hem in een fractie van een seconde weer af en kan ik mijn trapfreqwentie gevoelig verhogen, en ook mijn hart bonkt weer. Het is een dagelijks ritueel geworden, helaas onvoorspelbaar. De laatste dertig km gaan goed, en in gedachten weet ik dat ik het einde van de Crocodile Trophy zal halen. Morgen, de laatste etappe, 35 km tijdrijden waarvan de laatste 20 km bergaf door het tropisch regenwoud, de laatste 5 kms vlak tot de finish in Port Douglas. Het geeft een heerlijk gevoel, ik ga hem uitrijden, deze ellendige vervloekte extreme mountainbiketocht, maar ook o zo jammer,  het is zo rap gegaan, dit heerlijk avontuur, zo intens beleefd, zo mooi, het is raar. Deze bedenkingen vloeien door elkaar in ’t koppeke. Maar in de Crocodile Trophy ligt er overal gevaar, en in een flauwe bocht licht bergaf schrik ik me rot, het angstzweet breekt mij uit. Daar ligt hij dan, een echte krokodil, op  mijn gekozen traject, moeder GodsShocked. Hij schrikt zo hard van mij als ik van hem en kruipt vliegensvlug weg en zo zie ik dat ik het mis heb. Dit is een varaan, een reuzenvaraan, wat een machtig dier. Hij kruipt snel een boom in en geschrokken als ik ben doe ik bijna hetzelfde, langs de andere kant van het bospad, maar ik kan de boom nog net ontwijken. Joengejoenge… en ik begin te lachen, hard te lachen. Ik weet weer wat te vertellen thuis en tegen dat ik wat later over de aankomst rij herzie ik mijn gedachte en belofte van eergisteren. Ik kom terug, volgend jaar. Dat zeg ik ook die avond aan mijn eega, Geja. Ze klinkt niet echt verbaasd, ondanks alle klaagzang en ellende die ze via ons dagelijks telefoontje de voorbije dagen heeft moet aanhoren. Maar morgen is er nog de tijdrit. Wel jammer dat ik later die dag nog het moment heb gemist toen een meterslange Python zonder kloppen de massageruimte binnensloopCool .

    Day 8 Final Stage;

    35 km, 400 hoogtemeters in de eerste 8kms

    Elke 30 seconden start er een rijder. De laatst gerangschikte als eerste om 10.00 uur, ikzelf om 10.16 uur. Iedereen is vroeg uit de veren, want de keuken van het camp wordt afgebroken om 7.30 uur.  De tijd na het ontbijt tot de start duurt lang, veel te lang. Iedereen suft maar wat rond, ikzelf val nog in slaap op mijn campingbedje.

    En dan is het ineens 10.00 uur, daar start de eerste dame, plots is het 10.16 uur en dan start ik, Jan Buelens, wie had dit nu gedacht. Ik ben de eerste kms weer geblokt en op het tweede hellingkje van de dag, amper twee km na de start, zijn er al 4 rijders mij voorbijgereden. Maar het maakt  mij niks uit. Enkele kms verder is mijn Parkinson moment over en kom ik definitief op gang. Ik pak enkele rijders terug en begin aan de heerlijk slingerende afdaling via een singletrack door het tropisch regenwoud. Kilometer na kilometer dalen van een hoogte van 450 meter naar zeeniveau. Toch altijd geconcentreerd blijven. En ineens kom ik uit het regenwoud, dwars door een parkje in Port Douglas, en plots fiets ik op de eindeloze stranden van Queensland. Links van mij de laatste bomen van het regenwoud, voor en achter mij eindeloos ver, alleen maar wit zand, rechts van mij het koraalrif, het fantastisch blauwe zeewater van de Stille Oceaan, het grote barrièrerif.

    Dit alles ligt er heel even voor mij alleen, geen mens te bespeuren, een waanzinnig moment, alsof het regenwoud mij uitwuift recht naar de aankomst. Ik schreeuw terug naar het regenwoud, merci, merc, merci…. Mijn ogen schieten vol, muziek van Creedence Clearwater Revival klinkt in mijn oren……..Vier kilometer nog met mijn mountainbike te fietsen over naar wat heet “de mooiste beach ter wereld”. Plots kom ik tot het besef dat ik veel te hard fiets, ik stop deze keer bewust met trappen, ik moet hiervan genieten, zo lang mogelijk, wat kan  het mij nu schelen dat ik nog twintig minuten langer in dit decor kan rijden. Niet mijn rijtijd is van belang, maar het intens plezier dat ik daar, op dat  moment beleef, dat telt…….

    Ik schreeuw en roep naar elke andere held die mij voorbij rijdt met de fiets, go,go,go,go…. Supergevoel, en elke omwenteling brengt mij korter bij de finishlijn….. daar komt er weer één aan, go,go,go,go,go….. en ik kijk rond, kijk om me heen, adem, geniet en beleef... ik haal het einde.

    En dan rij  ik over de finishlijn, mijn naam schalt door de speakers op zijn Australisch, Dzjaan Buèleeeeeeens from Belgiuuuuuum!!! Iedereen klapt, joelt en roept….iedereen feliciteert iedereen, er wordt gehandshake’t, geschouderklopt, of het nu de eerste, de twintigste of de laatste in de ranking is, dat telt daar niet, we zijn allemaal winnaars, allemaal blij, voor onszelf, voor elkaar…  

    Ik heb het gehaald , na twintig jaar twijfelen en talmen, omdat ik dat ook eens graag zou willen doen.En wat ik gisteren dacht, bevestig ik daar ter plekke, ik kom terug. Elke inspanning, elke druppel zweet, elke training, hoe lastig en zwaar ook, het is het allemaal waard, alleen al voor die laatste vier kilometer. Ik heb nu al een “gentleman’s agreement” met Regina, dat ik pas begin oktober 2017 moet betalen als ik terugkom, omdat niemand weet hoe mijn aandoening evolueert. Het zal zeker niet beter worden dan wat het op dit eigenste moment is. Maar mijne kopman, Mr Parkinson zal straf uit de hoek moeten komen wil hij mij thuishouden.

    03-11-2016 om 00:00 geschreven door Jan Buelens  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (3 Stemmen)
    >> Reageer (1)
    15-09-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.DRAMA!
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    DRAMA!

     

    Het is gebeurd. Pech zit in een klein hoekje, of in mijn geval, in een diepe put tijdens een afdaling in de buurt van Ciney, afgelopen zaterdag de DERTIENDE september. De Crocodile Trophy 2014 gaat van start met minstens één deelnemer uit Belgie minder. Me, myself and i , of ikke Jan Buelens.

    Nadat ik vorige week mijn voorbereiding had hervat met twee mtb-trainingen in de streek van Bertem, ben ik zaterdagmorgen vol vertrouwen naar de tweedaagse toertocht “de Transcondroz” vertrokken. Onmiddellijk na de start van de eerste 115 km lange etappe had ik benen vol power. Na enkele kms reed ik helemaal alleen, iedereen achterlatend. Het ging zo goed dat ik de eerste (verplaatste) controle na 40km niet eens had gemerkt, en dat men mij telefonisch op de hoogte bracht dat ik er voorbij was. Ook omdat de controlestand nog niet volledig in orde was.

    Aan km 85, tweede controleblad, voorsprong meer dan 20 minuten. Rustig voorraad eten en drinken aangevuld, en verder. Tien km later hopeloos de gps-track kwijtgeraakt aan de oever van een rivier. Toen ik uiteindelijk doorhad dat we de rivier moesten oversteken via een (niet meer in gebruik zijnde) spoorwegbrug, was ik zo goed als alle voorsprong kwijt. Aan de overkant gekomen vond ik onmiddellijk mijn tempo terug en reed weer alleen verder.

    En dan km 101. Een steile afdaling in een bos, vol rotsblokken. Geconcentreerd slingerend tussen putten en rotsen. Bijna beneden, uit het bos, zie ik het onmiddellijk. Ik zit in het verkeerde spoor. Twee diepe putten vlak na elkaar, remmen is onmogelijk vanwege de hellingsgraad. Ik voel dat het zeer gaat doen, de eerste put lukt wonderwel, de tweede is er teveel aan. Een keiharde smak overkop op de rotsgrond. Hoofdpijn, groggy en duizelig, ik moet bijna braken, mijn rechterschouder!

    Er komen nog deelnemers aan. Die kunnen mij niet zien vanwege het bos dat daar eindigt. Mijn fiets en ikzelf moeten hier weg, en  ik moet ze verwittigen om nog meer tuimelpartijen te voorkomen. Ik slaag in mijn opzet net op het moment dat ik drie mtbikers hoor afkomen, en begin te roepen dat ze moeten stoppen. Daarna wordt ik door hen geholpen (nadien nog door vele anderen), waarvoor oprechte dank. Zij zien wat ik niet kan zien, mijn sleutelbeen steekt 5 cm hoger. Omdat ik nog steeds wat groggy en misselijk ben en vooral barstende hoofdpijn heb, voel ik niet echt schouderpijn. Maar wel dat ik mijn arm niet kan tillen.

    Nadat mijn helpers gsm verbinding hebben gevonden, ben ik al wat van de slag bekomen en wandel ik mijn rechterarm steunend in mijn linker, rustig het bos uit. Tijdens die wandeling van een half uur vraagt iedere deelnemer die mij voorbij rijdt of ze kunnen helpen. Ik bedank hen, maar wil eigenlijk even mijn teleurstelling alleen verwerken want ik besef dat mijn jaar voorbereiding voor niks is geweest. In de laatste rechte lijn naar de start ben ik Murphy tegengekomen. Pech, tegenslag, niks aan te doen. Geen Crocodile Trophy 2014 voor mij. Ik wordt met de wagen opgehaald, en besluit om thuis naar het hospitaal te gaan ipv in Dinant.

    Nadat ik Geja heb verwittigd om me op te halen, wordt ik langs alle kanten geholpen door collega-mtbikers. De hulp bij de warme douche na de ijskoude (teleurstelling) deed deugd, veel deugd.

    Om halfnegen s’ avonds toegekomen op de Spoed in het St-Maarten ziekenhuis in Mechelen. Wat later de chirurg met de conclusie, maar ik had eerst een vraag voor hem. Kan ik binnen vier weken starten in Australie? Het antwoord was kort, krachtig en duidelijk. NEEN!

    Geen botbreuk, wel gescheurde pezen en spieren of in hun taaltje “AC-luxatie  graad 3 rechterschouder”. Een botbreuk was simpeler geweest. Donderdag 18/9 eerste operatie, zes weken later een tweede.

    Er zijn ergere dingen in het leven.

    THE END (of komt er een sequel in 2015?)

     

     


    15-09-2014 om 12:09 geschreven door Jan Buelens  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (3 Stemmen)
    >> Reageer (1)
    10-09-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Training hervat.

    16 dagen niet gefietst. Na mijn doktersbezoek ivm met mijn overbelaste rechterenkel, verplichte rust, en aansluitend “9 days with on the road in Europe”. Met vrouw, pak en zak op onze Harley’s deze keer. Het is nu de hoogste tijd om de trainingen te hervatten. Het is ook van 27 juli geleden dat ik nog op de mountainbike heb gezeten.

    Gisteren dinsdag 9 september ben ik met de mtb, op mijn vertrouwd trainingsparcours in de “Bertemse bossen en bergen”, en een bang hart mijn enkel en conditie gaan testen. 75 km en 900 hoogtemeters. Awel, het ging beter dan verhoopt. Voorlopig denk ik dat mijn enkelprobleem is opgelost, en de conditie is nog goed. Misschien is de 2 kilo aanwinst in gewicht de voorbije veertien dagen dan toch spiervolume ipv van vet.  Spiervolume gekweekt door gas te geven op de Harley, dat zou pas wat zijn.Very Happy

    Morgen donderdag staat er een rit van 110 km en dik 1500 htm op het programma. Maar pas na het weekend zal ik weten hoe het zit. Dan rij ik de Transcondroz, 2-daagse, dik 200 km en ongeveer 5000 hoogtemeters.

    Nog één maand vooraleer ik het vliegtuig opstap naar het grote avontuur.


    10-09-2014 om 08:06 geschreven door Jan Buelens  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    24-08-2014
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Verloren van de Alpen of toch niet?
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Mijn 3 weken Alpen-avontuur zitten erop. En het heeft pijn gedaan, moeite gekost om me naar het einde te slepen. 20 dagen in de bergen vertoeft, waarvan 16 dagen gefietst. Ik heb mijn “onhaalbaar” programma wat moeten aanpassen door enerzijds enkele regendagen, waardoor ik drie keer een aangepaste of halve etappe heb gefietst, anderzijds door de vele verplaatsingen. Tent opzetten, tent afbreken en de verplaatsing over cols met een camionette neemt ook wel wat tijd in beslag. In totaal heb ik 41 bekende en minder bekende cols beklommen, (Franse bergjes of zogenaamde cote’s tel ik niet mee). De laatste vijf ritten heb ik gereden met een verband rond mijn rechterenkel/scheenbeen. Overbelast en ontstoken. Net zoals enkele maanden terug (tijdens de LCMT) heb ik mijn rechterbeen overbelast, toen mijn knie, nu mijn voet. Ik leg ook nu de oorzaak van dit euvel bij mijn Parkinson-aandoening. Want maar al te vaak merk ik tijdens het fietsen dat ik veel minder of amper kracht zet op mijn linkerbeen. Ook bij het stappen “sleep” ik regelmatig mijn linkerbeen mee. Ik moet daar echt beter opletten, soms lukt dat, vaak ook niet.

    Op 16/08 heb ik de Izoard (vanuit Guillestre) beklommen, en had een echte off-day. Tijdens de beklimming ben ik volgens mijn gevoel door 1000 andere fietsers voorbijgereden. Ik kon me niet echt oppeppen omdat ik toch nog 2 dames en 3 oudere (volgens mij waren het zelfs 90-plussers) heren ben “voorbijgesneld” tijdens de klim. Een echte baaldag was het, tong tussen mijn wielen, flanellen benen, en niks kracht. Als toemaatje kreeg ik, toen ik eindelijk na 95 km terug aan de tent was gesukkeld, nog behoorlijk op mijn donder van mijn wederhelft Geja.Shocked  Bleek dat ik haar in het afdalen van de mont Dauphin gekruist heb, terwijl zij deze aan het beklimmen was. Ze had me zien afkomen, begon te zwaaien en te roepen, maar pieredood als ik was heb ik daar niks van gemerkt. Ik heb al mijn overredingskracht moeten gebruiken, samen met het harde cijfermateriaal van mijn fietscomputertje dat ik stikkapot zat, of ik had die dag zelf mijn potje moeten koken. Uiteindelijk heb ik de gemoederen kunnen sussen door te trakteren op een etentje, maar ik heb toch in een apart bed moeten slapen. Net als alle anderen dagen trouwens want om te wennen aan het slapen op een veldbedje in een tent tijdens de Crocodile Trophy heb ik mij zo’n beddeke aangeschaft. En dat lukt wel, zeker als je zo moe bent dat je amper je tent nog kan openritsen.

    s’Anderendaags  opgestaan en direct gevoeld dat het  met mijn rechterpoot niet in orde was. En vermits ik mijn wijnzuiperij fors heb verminderd kan het niet van de alcohol (het pootje) zijn, zelfs niet van het wijnvertier tijdens het “goedmaaketentje”. Ondanks de licht gezwollen enkel en de pijn in mijn rechterscheenbeen toch maar de col de Vars langs twee zijden beklommen. 85 km en goed voor 2300 hoogtemeters. Zomaar opgeven doe ik niet. Een dag later was het rustdag omwille van de verplaatsing vanuit Guillestre naar Bourge d’Oisans.

    Het gevolg na deze rit was dat de pijn en de zwelling toenam. Dus tijdens de “rustdag” toch maar gestopt bij de apotheek om ontstekingsremmers, gel en een verstevigingsverband te kopen. Ideaal is dat niet want rusten zou veel beter zijn. Maar zoals ik net zei, zomaar opgeven doe ik niet. Een levende mens moet af en toe wat afzien. En omdat ik toch al gewend ben aan het slikken van mijn dagelijkse dosis bibberpillen kan er een pilletje meer ook wel bij.

    In Bourge d’Oisans goot het water de 18e augustus, vroeg op de morgen. Daardoor heb ik mijn langste en zwaarste rit opgedeeld in twee etappes, verdeeld over evenveel dagen. En daardoor zou ik mogelijk mijn enkel iets minder belasten. Na de extra tweede fietsdag (ritje van 47 km en 2300 htms, met beklimming van het geitepad col de Sarenne)  hebben we opgekraamd en ons tentje tegen de avond aan rechtgezet in St Jean de Maurienne voor de laatste twee zware Alpentochten.

    Dat was toch het plan, maar de Alpen hebben gewonnen van mij. Ik heb de eerste rit aangevat met de col du Mollard. Boven gekomen voelde ik echt dat mijn 132 km lange geplande rit teveel van het goede zou zijn. Ik ben gestopt, heb mijn enkelverband harder aangespannen om toch nog de col de la Croix de Fer te beklimmen en zo enigszins nog wat hoogtemeters (2200 in totaal) op het conto te hebben. Voor de afdaling en de beklimming van de col du Glandon heb ik gepast.

    Mijn “esposa” Geja daarentegen werd beter met de dag want zij heeft haar eerste echte grens van 1000 hoogtemeters op één col diezelfde dag doorbroken. Ook zij is de col du Mollard opgefietst, waarvoor proficiat. Dat kost mij dan weer een etentje, want een Hollander trakteert niet als hij iets te vieren heeft, den Belg draait ervoor op.

    Dat de Alpen mij pijn gedaan hebben, zeker weten, of ze mij overwonnen hebben, dat oordeel laat ik aan anderen over, want mijn 16e en laatste etappe over de Galibier heb ik toch niet geschrapt. Hoewel ik lang getwijfeld heb, zelfs tot vlak voor aanvang van mijn laatste rit, heeft mijn koppige aard het toch maar gedaan. Vanuit onze camping (waar alles in het teken van de fiets staat, straatjes hebben namen van befaamde cols etc, echt een aanrader!!!), is het klimmen van de eerste meter tot op de top van de Galibier ofte 49 km aan één stuk met een totaal op de Galibiertop van 2300 hoogtemeters. Een kado is het niet als je nog moet vertrekken. Maar mijn wilskracht heeft mijn ontstoken enkel overwonnen, en het deed enorm deugd toen ik toekwam op de top van de Galibier na meer dan 3,5 uur klimmen, gestaag tot steil, stoempend en beukend tegen de wind op een hoogte van meer dan 2600 meter. En dan 49 km bergaf!!!

    Mijn 3 weken fietsavontuur is voorbij gevlogen. Mijn lichaam is eventjes aan rust toe, maar ik denk dat ik hiervan binnen enkele weken in Australie de vruchten pluk. Dat hoop ik toch. En zoniet was dit toch een prettige ervaring. Zeker voor herhaling vatbaar.

    Mijn talloze uren klimmen op mijn Tacx hebben hun nut bewezen. Maar mijne heren Tacx, ondanks jullie verwoede pogingen (die zeker een proficiat verdienen), staat jullie rollensysteem nog ver verwijderd van de beleving in het echt. Klimmen in de bergen is veel lastiger en zwaarder dan eender welke simulatie, maar vooral zoveel mooier.

    De cijfers volgens mijn fietscomputer Sigma Rox 8.0 van deze Alpenfietsvakantie;

    16 ritten voor een totaal van 1598 km of net geen 100 km/rit. De kortste afstand was 50 km, de langste 140. Bijna 81 uur in het zadel gezeten en dat geeft een gemiddelde snelheid van 19,73 km/uur over de hele afstand, een gemiddelde omwentelingscadans van 69/min aan een hartslag van 131 gemiddeld. Kalorieverbruik 46463 eenheden.

    Van de 1598 km waren 656 km bergop met een totaal aan hoogtemeters verdeeld over de 41 cols van 39467 hoogtemeters of 2467 htm/rit. 52 uur geklommen aan een gemiddelde snelheid van 12,14 km/uur en een gemiddeld stijgingspercentage van 5,25% over die 656 klimkilometers.

    O ja, thuisgekomen en onmiddellijk op de weegschaal gaan staan + 2,5 kilo!!!!!!Shocked  U leest dat goed, 2,5 kilo bijgekomen. Mijn buikvolume is sterk verminderd, mijn beenspieren voelen aan als beton en zijn fors verdikt. Het is dus waar, spiermassa is zwaarder dan vet, of zou ik dan toch weer teveel gellekes en energiebars gegeten hebben? Embarassed

    Wat wel duidelijk is als ik voor de spiegel sta, is dat ik mijn rechterbeen veel meer gebruik dan mijn linkerpoot. De omtrek van mijn dijbeen is rechts bijna 5 cm dikker dan links, de kuit + 3 cm.

    En nu rust, ontsteking verzorgen, fietsconditie onderhouden en de eerste week van september “met den toeffer” naar Faakersee!!!


    24-08-2014 om 09:04 geschreven door Jan Buelens  

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (2 Stemmen)
    >> Reageer (0)


    Jan Buelens heet u welkom op zijn blog. Hopelijk hebt u er iets aan. Graag uw reactie.
    Archief per week
  • 05/06-11/06 2017
  • 13/03-19/03 2017
  • 31/10-06/11 2016
  • 15/09-21/09 2014
  • 08/09-14/09 2014
  • 18/08-24/08 2014
  • 11/08-17/08 2014
  • 28/07-03/08 2014
  • 14/07-20/07 2014
  • 30/06-06/07 2014
  • 23/06-29/06 2014
  • 02/06-08/06 2014
  • 19/05-25/05 2014
  • 05/05-11/05 2014
  • 28/04-04/05 2014
  • 21/04-27/04 2014
  • 14/04-20/04 2014
  • 31/03-06/04 2014
  • 24/03-30/03 2014
  • 03/03-09/03 2014
  • 24/02-02/03 2014
  • 17/02-23/02 2014
  • 03/02-09/02 2014
  • 27/01-02/02 2014
  • 20/01-26/01 2014

    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    Gastenboek

    Druk op onderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Blog als favoriet !

    Zoeken met Google



    Forum

    Druk op onderstaande knop om te reageren in mijn forum



    Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op https://www.bloggen.be - Bloggen.be, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!