Foto
Foto
Foto
Foto
Foto
Photos by Werner De Jonge and Bart Van den Hove
website
  • Antwerpen-Matadi
  • Nieuwsblad(1)
  • Nieuwsblad(2)
  • De Standaard
  • Brussel News(1)
  • Brussel News(2)
  • Congoforum(1)
  • Congoforum(2)
  • Wereldcentrum VZW
  • Wikipedia
    documentary Antwerp-Matadi
    a film by Bart Van den Hove
    08-05-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Reisverslag (deel 5);
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Zondag, 8 april 2007.

    Omstreeks 10h00 deze ochtend kwamen de autoriteiten van Sao Tomé aan boord om alle nodige documenten in orde te brengen. Op het dek wemelt het al van de arbeiders die de lading containers van de Safmarine Onne zullen overbrengen op kleinere schepen. Tegen 11h00 mogen Werner en ik samen met de autoriteiten neerdalen in een kleine motorboot die ons naar het vaste land zal brengen.

    Het is paaszondag en deze namiddag bemerken we weinig activiteit in de kleine haven van Sao Tomé. Het schip zal tot morgenavond voor anker blijven en dus besluiten we om deze nacht op het eiland door te brengen. De hele dag gingen we op verkenning bij de lokale bevolking. Ik kan dit nauwelijks in woorden omschrijven maar zoveel armoede heb ik nog nooit gezien. Op het strand hebben we uren staan kijken naar de vissers die de vangst van vandaag binnenhaalden. De lokale specialiteit van Sao Tomé is de Blauwe Merlijn. Een grote blauwe vis van om en bij de 2 meter die vooral opvalt vanwege zijn 70cm. lange zwaardachtige neus.

    Het is 1h30 ’s nachts. Onder de indruk van wat we vandaag te zien kregen, besluiten we om een nachtwandeling bergopwaarts te maken. Een half uur later staan we buiten het centrum, in het pikkedonker, op een klein weggetje. Omringt door bomen, houten hutten en wegstervende klanken bedenken we dat het niet ons allerbeste idee was om alleen op stap te gaan. Unaniem beslissen we om terug te keren. Maar die unanimiteit verdwijnt al gauw wanneer we op de tast elk een andere kant willen uitgaan. Uiteindelijk geraken we dan toch terug op een hoofdweg waar we door de schamele verlichting opnieuw gerustgesteld zijn. Enkele meters verder worden we aangesproken door een jonge donkere schoonheid. Zonder schroom biedt ze ons haar lichaam aan. Met tactvolle bewegingen en enkele flarden Portugees proberen we duidelijk te maken dat we eigenlijk gewoon terug naar het centrum willen. De dame blijkt onze acrobatische codes te begrijpen en loodst ons in ruil voor een sigaret terug naar het marktplein. Nu we terug van de volle verlichting kunnen genieten valt het meteen op dat de donkere schoonheid een, in lompen gekleed, 16-jarig juffrouwtje is. Om onze behouden terugkomst te bezegelen, drinken we samen nog enkele glazen bier en besluiten dan om terug naar het hotel te gaan. De jonge dame prijst zichzelf opnieuw aan en blijkt nog lang geen afscheid te willen nemen. Na een reeks nieuwe pogingen om haar aanbod af te wimpelen, belanden we op een bankje voor de kust van Sao Tomé. In de verte krijgen we de schaars verlichte Safmarine Onne te zien. Ik wijs prompt in de richting van ons schip en haal mijn beste Spaans naar boven. “Mia casa”! Het meisje kijkt op en denkt nu dat we zeevaarders zijn. Opnieuw doet ze een voorstel. We menen te kunnen ontcijferen dat ze haar familie wil voorstellen. We verzekeren ons ervan dat het niet om andere bedoelingen gaat en besluiten ondanks het late uur om haar opnieuw te volgen. Een half uur later bevinden we ons terug in het donker, tussen de houten hutjes. Fluisterend gebaart ze dat we haar mogen vertrouwen en enkele passen verderop staan we voor een kleine houten paalwoning. Eenmaal binnen krijg ik prompt een krop in de keel. Een oppervlakte van 3m² met daarin een groot bed en een zetel. Een jonge man van rond de 20 verwelkomt ons in stilte. Naast hem staat een doodsbang, 6-jarig meisje. De jonge kerel biedt me een plaats in de zetel aan en haalt vervolgens een baby’tje uit het bed tevoorschijn. Het meisje dat ons hierheen bracht, neemt het kleintje op de arm en laat fier merken dat zij de moeder is. Ik kijk Werner geschrokken aan en tracht met een geïmproviseerde glimlach mijn emotie te verbergen. De jonge man keurt ons van top tot teen en lijkt vereerd met het bezoek van de twee blanke zeevaarders. In alle rust krijgt het baby’tje de borst toegediend. We hebben er nog een tijdje in stilte gezeten en keerden dan als een geslagen hond, vergezelt door de hele familie, terug naar het hotel. De nacht die volgde was kort maar het tafereel van het jonge moedertje zal me beslist nog lang bijblijven.

    Maandag, 9 april 2007.

    De hele dag hebben we in de haven staan filmen tot een agent van Safmarine omstreeks 18h00 het vertrek van het schip komt aankondigen. Enige tijd later staan we terug aan boord en rond 22h kijken we naar het mooie Sao Tomé, dat langzaam verdwijnt in de tropische nacht. Ik zal dit eiland wellicht nooit vergeten. De menslievendheid van de bewoners dat ondanks hun enorme armoede onvoorwaardelijke stand houdt, was voor mij een nooit geziene ervaring. Velen van ons kunnen er maar beter een voorbeeld aan nemen.

    (…)


    >> Reageer (0)
    07-05-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Reisverslag (deel 6);
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Dinsdag, 10 april 2007.

    01h00, enkele uren geleden verlieten we de eilandengroep Sao Tomé e Principe. We hadden gehoopt om na het vele werk vroeg te kunnen gaan slapen. Al vlug komt het besef we dat deze nacht de evenaar zullen kruisen. De 2de officier trakteert ons in afwachting op een kopje koffie en terwijl we rustig naar zijn melancholische verhalen luisteren, tellen we af.

    In de vele dagboeken geschreven tijdens de reizen van de villeboten stonden indrukwekkende passage over de evenaarsdopen. Het was toen een ware traditie om bij het kruisen van de evenaar festiviteiten te organiseren. Neptunus “de koning der zeeën” mocht in geen geval gebruuskeerd worden en werd geacht zijn toestemming te geven bij het oversteken van de evenaar.

    Vandaag, 10 april, omstreeks 01h29 waagt ook de Safmarine Onne zich aan de oversteek. Zovele jaren na de villeboten zijn alle tradities verdwenen. Geconcentreerd richt ik me op de radar die terug naar 00°00’00” springt. Noord slaat om in Zuid en Zuid wordt Noord. De teller herbegint gedwee en het schip houdt rustig de koers aan. We bevinden ons nu aan de andere kant van de wereldbol. Alsof we toch één of andere verschijning van Neptunus verwacht hadden, keren we teleurgesteld terug naar onze cabines. Slapen hebben we nu wel verdiend want binnen enkele uren zullen we “Port Gentil” binnenvaren te Gabon.

    Na het ontbijt staan we al vroeg op het dek. In de verte lijkt de horizon bezaait met olieplatformen. Tegen 09h00 meren we aan in Gabon. Port Gentil is een, naar Afrikaanse normen, grote haven die heel wat export kent. Bij het lossen van de vracht zien we hele ladingen stalen buizen die bedoelt zijn voor de petroleumindustrie. Ook uranium blijkt tot één van de rijkdommen van Gabon te behoren. Voor het eerst stel ik me vragen bij de economische situatie van Afrika. Het merendeel van deze rijkdommen zijn bestemd voor het rijke westen en toch blijft armoede hier troef. Het beeld van de honderden, zelfs duizenden, olieplatformen aan de horizon kleeft op mijn netvlies alsof ik onbewust op zoek wil gaan naar verantwoording. Dit alles blijft op zijn minst gezegd merkwaardig. Dat landen met een dergelijke capaciteit aan exportproducten er niet in slagen om een economisch evenwicht te bereiken roept vragen op.

    Het is de eerste maal dat we moeten wachten op toestemming om te kunnen filmen. Morgen hebben we een afspraak met de havendirecteur die ons in principe van de nodige documenten zal voorzien. Vandaag dus geen opnames en daarom besluiten we hier en daar een praatje te gaan maken met de havenarbeiders. Allen luisteren ze nieuwsgierig naar onze vooropgestelde plannen. Het moet gezegd dat het een enorme genoegdoening is om hier in Afrika zoveel gehoor te vinden. Na een vuurpeloton van kritische vragen, krijgen we uitsluitend aanmoedigingen om door te gaan met ons project. We beloven plechtig dat we er alles zullen aan doen om het resultaat van de film ook in Afrika te verspreiden, al zal dat waarschijnlijk een utopische gedachte blijven.

    Woensdag, 11 april 2007.

    Rond 8h00 staat er plots, zonder aankondiging, een boom van een kerel in de deuropening van mijn kajuit. “ Hallo, aangenaam. Ik ben Alexandre van Getma.” Een blanke man, na zoveel honderden kilometers zuidwaarts, was op zijn minst gezegd het laatste wat ik verwacht had. Geschrokken wrijf ik mezelf in de ogen en kijk opnieuw naar de deuropening. Alexandre lacht en verontschuldigt zich voor het onaangekondigde bezoek. Na een gezellige babbel nodigt hij ons uit om deze middag samen te gaan lunchen. Vereerd aanvaarden we het aanbod en beloven om later die dag opnieuw contact op te nemen.

    11h00, Na een kort interview met de directeur van de haven, krijgen we uiteindelijk toestemming om te filmen en kunnen we aan de slag. De containers zijn intussen grotendeels geladen en naast enkele mooie plaatjes valt er nog weinig te beleven. In de late namiddag hebben we, zoals afgesproken, lunch met Alexandre. Geloof me vrij, na zoveel avontuur kan lekker uit eten gaan ongelofelijk goed doen. Bedankt Alexandre!

    Tegen 17h00 wordt alles in paraatheid gebracht om van wal te gaan. Een kleine 40 minuten later komt de piloot aan boord die ons de haven van Gabon zal uitloodsen. Van op het dek wuiven we de arbeiders uit en vol verwachting zetten we koers naar Point Noire te Congo.

    (…)


    >> Reageer (0)
    06-05-2007
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Reisverslag (deel 7);
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Donderdag, 12 april 2007.

    Het exotische blauwe water heeft sinds we Gabon naderden, plaats gemaakt voor een opvallende groene kleur. Na het ontbijt sta ik voor het raampje van mijn kajuit naar het wateroppervlak te staren. Het valt meteen op dat het zeewater na de groene schijn te Gabon nu ondoordringbaar bruin geworden is. Een angstaanjagende mengeling van troebele kleuren voorspelt weinig goeds. Even later staan we op de boeg te kijken naar de steeds talrijker wordende boorplatformen die het ongerepte uitzicht op zee danig verknoeien. Ik had nooit gedacht dat ik hierbij stil zou staan. Volgens de zeemannen ligt de troebele kleur niet aan de olieontginning maar is dit het water afkomstig uit het Afrikaanse binnenland dat via de Congostroom in zee terecht komt. Het lijkt me zeer onwaarschijnlijk dat het boren naar olie hier amper een rol zou in spelen maar daar ik geen expert ben, laat ik mijn theorieën voor wat ze zijn. Ons plan om vandaag opnieuw een poging te wagen en dolfijnen te filmen, bergen we bij het zien van de bizarre kleuren meteen weer op. Het zou een wonder wezen, mochten we hier nog dolfijnen aantreffen.

    Nu we dicht langs de Afrikaanse kustlijn varen zien we af en toe in de verte het vaste land. De kapitein meldt ons dat we zonder oponthoud rond 19h00 zullen aanmeren te Point Noire. Congo zal onze laatste haven zijn alvorens we de befaamde “fleuve Congo” opvaren. Meteen bedenk ik dat ons doel om Matadi te bereiken nu wel erg nabij is.

    18h00, het wordt stilaan donker en aan de horizon verschijnen enkele lichtgevende stippen. Dit zou Point Noire moeten zijn. We maken ons enigszins zorgen omdat er nog geen officiële toelating is om in de haven te filmen. We proberen elkaar te overtuigen dat we met al onze goede bedoelingen naar hier zijn gekomen en dat we kost wat kost de aankomst moeten filmen. Rond 19h00 begeven we ons in het donker naar de “bridge” en zoeken een verdoken plaatsje om alsnog het gebeuren te kunnen registreren. Een uurtje later ligt de Safmarine Onne te rusten aan de kaai en kunnen we opgelucht ademhalen. De haven van Congo is nog groter dan die van Gabon. Een agent van Safmarine meldt ons dat we morgen kennis zullen maken met de port commander en dat we in afwachting maar beter aan boord blijven. Maar zoals het echte avonturiers betaamt, glippen we stiekem van boord en stappen we nieuwsgierig een nachtje Congo tegemoet. Aan de uitgang van de haven maken we kennis met een havenarbeider die net huiswaarts keert. Wanneer ik fier enkele zinnen Lingala uitbreng, kijkt de kerel verwondert op. Ah Bo lobaka Lingala? ( U spreekt Lingala?) Beh, oui, na lobaka Lingala moké moké.( Ik spreek een heel klein beetje Lingala). De man maakte een vreugdedansje en gelooft zijn oren niet. Ah, awa na mondèlé a lobaka Lingala!( De blanke spreekt Lingala!) Na een gezellige babbel besluiten we samen naar het centrum te gaan. Door al die vreugde en opgewektheid wist ik terug waarom ik zo verknocht ben aan Afrika. Afrika na lingi yo mingi! (Afrika, ik hou van jou!)

    (…)


    >> Reageer (1)


    Met dank aan Safmarine, Port of Antwerp, Stad Geraardsbergen, CMB, Onatra, Algeier Benelux, Sony, Sabam en Ehb Rits
    Contact & Info

    Vragen, wensen en reacties zijn altijd welkom.


    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Met dank aan PORT OF ANTWERP, SAFMARINE, STAD GERAARDSBERGEN, CMB, ONATRA, ALGEIER BENELUX, SONY, SABAM en EHB RITS

    Blog tegen de wet? Klik hier.
    Gratis blog op https://www.bloggen.be - Bloggen.be, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!